Afrikaans
Akan
Albanian
Amharic
Arabic
Armenian
Azerbaijani
Basque
Belarusian
Bemba
Bengali
Bihari
Bosnian
Breton
Bulgarian
Cambodian
Catalan
Cebuano
Cherokee
Chichewa
Chinese (Simplified)
Chinese (Traditional)
Corsican
Croatian
Czech
Danish
Dutch
Esperanto
Estonian
Ewe
Faroese
Filipino
Finnish
Frisian
Ga
Galician
Georgian
Greek
Guarani
Gujarati
Haitian Creole
Hausa
Hawaiian
Hebrew
Hindi
Hmong
Hungarian
Icelandic
Igbo
Indonesian
Interlingua
Irish
Italian
Japanese
Javanese
Kannada
Kazakh
Kinyarwanda
Kirundi
Kongo
Krio (Sierra Leone)
Kurdish
Kurdish (Soranî)
Kyrgyz
Laothian
Latin
Latvian
Lingala
Lithuanian
Lozi
Luganda
Luo
Luxembourgish
Macedonian
Malagasy
Malay
Malayalam
Maltese
Maori
Marathi
Mauritian Creole
Moldavian
Mongolian
Myanmar (Burmese)
Montenegrin
Nepali
Nigerian Pidgin
Northern Sotho
Norwegian
Norwegian (Nynorsk)
Occitan
Oriya
Oromo
Pashto
Persian
Polish
Portuguese (Brazil)
Portuguese (Portugal)
Punjabi
Quechua
Romanian
Romansh
Runyakitara
Russian
Samoan
Scots Gaelic
Serbian
Serbo-Croatian
Sesotho
Setswana
Seychellois Creole
Shona
Sindhi
Sinhalese
Slovak
Slovenian
Somali
Spanish
Sundanese
Swahili
Swedish
Tajik
Tamil
Tatar
Telugu
Thai
Tigrinya
Tonga
Tshiluba
Tumbuka
Turkmen
Twi
Uighur
Ukrainian
Urdu
Uzbek
Vietnamese
Welsh
Wolof
Xhosa
Yiddish
Yoruba
Zulu
Ze blaffen omdat ze nerveus zijn.
Niet alleen honden, alle dieren zijn bang.
Zelfs onze voorouders waren bang voor zonsverduisteringen.
Zij dachten dat als de zon verdween, dat dat het einde van de wereld was.
Wat is er, schat?
Je bent vergeten... -Sorry.
Zie je wel? Jij maakt me gek.
Zal ik een taxi bellen? -Nee, dank je, Carlo.
Rustig.
O, god. Wat is er gebeurd?
Bel de politie.
Moordzaken. Commissaris Aleardi.
Was zij een hotelgast?
Nee, ze kwam alleen op bezoek.
Ze ging naar de kamer van een gast van ons.
Een callgirl?
Is die gast nog in zijn kamer? -Ja.
Laat hem naar beneden komen. We willen hem spreken.
Hebt u iets opgemerkt dat zo'n vreselijke moord kan verklaren?
Commissaris, ik zag wel...
...een busje dat de parkeerplaats af scheurde.
Als een gek. Hij knalde zelfs op een andere auto.
Zag u wie erin zat?
Nee, het was donker.
Misschien kunnen de camerabeelden ons meer vertellen.
Juist.
Ze zijn vast niet met het blote oog te zien, maar er moeten verfsporen zijn.
Haal de TR en dan kijken we wat het lab zegt.
Intussen nemen we de auto in beslag voor onderzoek.
Diana, zet je je bril niet af?
Nee, schat, mijn ogen zijn geïrriteerd door de zonsverduistering.
Heb jij die gezien? -Ja, maar ik had bescherming.
'Noch de zon, noch de dood kan aangestaard worden.'
Een Franse schrijver zei dat eens. Ik weet zijn naam niet meer.
Zet die bril af.
Maak je niet druk, ik vind je grote oude klokkenspel toch wel.
Je bent duur, maar je bent het waard.
Je verdient het. -Dank je, schat.
Diana, je bent beeldschoon, sterk, onafhankelijk.
Ik zou zo verliefd op je kunnen worden. -Niet doen. Dan is het niet leuk meer.
Je vindt me leuk zoals ik ben, jouw eigen Diana.
Dank je.
Je weet waar je me kunt vinden wanneer dan ook.
Kun je terugspoelen? -Ja.
Verdomme, het beeld is wazig.
De man die naar de bus loopt, lijkt wel een geest.
Helaas is dat alles wat we hebben.
We weten in elk geval dat de verdachte een zwarte bus heeft.
Dat is niet alles, kijk naar het kenteken.
Dat moeten we checken. Maar hij is vast gestolen.
Check het toch maar.
Ben jij Diana? -Ja.
Ik ben de man van de chat, Matteo.
Kom binnen.
Wat ruik ik? Je stinkt.
Shit. Ik zweet. Ik kom van mijn werk, ik fok honden.
Prima, maar ga eerst douchen. Anders gaat het niet door.
Duidelijk?
Nou? Wat deed je al die tijd?
Ik stonk toch?
De groeten, slet.
Laat me je bekijken. Ik denk dat jij overal wel voor in bent.
Nee.
Als ik nou wil fistfucken... -Sorry, dat soort dingen doe ik niet.
Kijk.
Ik weet wat fistfucking is, maar die smeerlapperij doe ik niet.
Hoezo niet? Ik zorg dat je klaarkomt.
Ik wil niet klaarkomen en zeker niet bij jou. Oké?
Excuus, maar ik betaal je vorstelijk.
Het gaat niet om geld. Dat soort smerigheid doe ik niet.
Dan regel ik het zelf wel.
Wat krijgen we nou, verdomme? Kutwijf.
Klootzak. Krijg de tering.
Klootzak.
Smeerlap.
Wie ben jij, verdomme? Donder op.
Hij leeft. -We bellen een ambulance.
Diana, hoe voel je je?
Het is helemaal donker, ik zie niks. Het lijkt wel nacht.
Herinner je je het ongeluk nog? -Vaag.
Luister, het klinische beeld is niet sluitend.
Maar je hebt 'n flinke klap in je nek gehad die een bloeding heeft veroorzaakt...
...in de visuele cortex, ook wel het Brodmann-gebied genaamd.
Daarom kun je niks zien.
Betekent dat dat ik nooit meer kan zien?
Je moet sterk zijn.
Zelfs als de bloeding geresorbeerd wordt...
...is de kans dat je je zicht terugkrijgt heel klein.
Het belangrijkste is dat je bij bewustzijn bent.
Het is een wonder dat je nog leeft.
Alleen de tijd zal het leren. Je mag over een paar dagen weg.
Tot ziens.
Zag u de man die u belaagde?
Nee, hij had een capuchon op en het was nacht, donker.
Probeer het, we staan aan uw kant. Wat herinnert u zich nog?
Ik herinner me niks.
U werd gevolgd door een auto.
Geen auto, een witte bus.
Wit? Dat weet u zeker? -Ja.
Hij moet 'm hebben laten overspuiten. Dat kan een spoor zijn.
Of hij spoot hem zelf over, dan hebben we niks.
Wat had hij tegen u?
Geen idee. Misschien had hij de verkeerde.
Het zal met uw beroep te maken hebben, laten we zeggen...
Hoe bedoelt u? Nou?
Ik bedoel dat we alles weten, juffrouw.
U bent de vierde.
Er waren al drie slachtoffers voor u. Allemaal prostituees.
Wat is er met de mensen in de andere auto gebeurd?
Zij waren met zijn drieën, een Chinees gezin.
De vader overleed ter plekke, de moeder ligt in coma.
De enige die het gered heeft is hun 7-jarige zoon. Hij wordt nu opgevangen.
De straf van God.
Ik kan je horen, hè.
Waar ben je?
Val dood.
Maak dat je wegkomt. M'n huis uit.
Hoe ga je het dan redden? -Ik red me prima, zoals altijd.
Wegwezen.
Moeder Gods, ik zal voor je bidden.
Ga maar bidden.
God heeft geen tijd voor iemand als ik.
Wie is dit? -Ik ben Rita, je instructeur.
De Vereniging voor Blinden en Slechtzienden heeft me gestuurd.
Hallo. Mag ik? -Kom binnen.
Aangenaam.
Pak mijn arm onder de elleboog, dan leid ik je.
Hierheen? -Ja.
Waar zullen we gaan zitten? -Buiten.
Kom.
Zoals ik al zei aan de telefoon, je kunt op me rekenen.
Als mobiliteits- en oriëntatie-instructeurs...
...werken we met mensen met hetzelfde probleem als jij.
Samen helpen we je om je aan te passen aan je nieuwe omstandigheden.
Daardoor kun je onafhankelijk worden.
Hoelang duurt dat? -Dat verschilt van mens tot mens.
En het hangt af van je toewijding en wilskracht.
Diana, was je ordelijk voor het ongeluk? -Wat heeft dat ermee te maken?
Je moet nu extra ordelijk worden.
Je kunt hier thuis je gang gaan...
....maar je hebt referentiepunten nodig om je te bewegen in een ruimte.
Kun je de voordeur aanwijzen?
Mooi, dat is een goede start.
Ik heb wat noodzakelijke hulpmiddelen meegenomen.
Hier heb je bijvoorbeeld je witte stok.
Hiermee kun je leren hoe je je binnens- en buitenshuis kunt bewegen.
En een mobiele telefoon, toegankelijk voor blinden.
Je kunt sms'en en gewoon bellen.
Als je je vinger over 't scherm beweegt, zeg ik wat je aanraakt.
Als mensen je bellen, wordt hun naam genoemd.
Oké, dank je wel.
Hoor je het verkeer? Gebruik dat als gids om te bepalen waar je loopt.
De stoep eindigt hier.
Goed zo. Na verloop van tijd zul je een beter richtingsgevoel krijgen.
Geef me je hand. Hieronder zit een knop.
Als je erop drukt, gaat ie na een paar tellen van rood naar groen.
Een geluidssignaal vertelt je hoelang je hebt om over te steken.
Zullen we het doen? Druk maar.
Zal ik lopen? -Ja.
Heel goed.
Hoor je dat het verkeer stil is?
Het signaal gaat nu sneller.
Maar haast je niet, ben voorzichtig.
Heel goed.
Rita, hoe ziet de lucht eruit?
Vandaag is het bewolkt, we kunnen eindelijk ademhalen.
Wat zie je?
Een man met een baard die zijn hond uitlaat.
Een meisje dat hardloopt, met een koptelefoon op.
Een geparkeerd wit busje. -Wat?
Een wit bestelbusje. -Wie zit erin?
Een man, denk ik. -Zie je zijn gezicht?
Nee, vanwege de ruit.
Zie je zijn gezicht? -Nee.
Hij vertrekt, misschien was hij aan het laden.
Kom, we gaan. -Wat is er aan de hand?
Misschien is 't die gek van het ongeluk. -Welke gek?
Alsjeblieft, breng me naar huis. -Lieverd, je kunt niet in angst leven.
Ik weet wat je nodig hebt, kom.
Zit. Plaats. Voet.
Ze heet Nerea. Ze is blijkbaar heel beschermend.
Val aan.
Ze viel de trainer aan.
Dit tuigje om te leiden houd je aan de linkerkant.
De riem houd je met een vaste hand rechts naast je lichaam.
Langzaam.
Jullie leren elkaar kennen en zullen dol op elkaar worden.
Geef haar altijd zelf te eten. Alleen jij.
En aai haar vaak. -Brave meid, Nerea. Braaf.
Aai haar.
Je bent in goede handen, Diana.
Chin?
Chin.
Deze is voor jou, je mag 'm houden.
Je kent me niet, maar ik zat in de auto die tegen jullie aan botste die avond.
Maar ik kon er niks aan doen.
Ik werd er ook in meegesleept. Een auto reed me aan.
En daardoor ben ik nu blind.
Kun je Italiaans verstaan?
Hij verstaat het prima.
Maar hij is moeilijk, hij kan niet overweg met de anderen, wil niet eten.
We worden wanhopig van hem.
Arm joch, na alles wat hij heeft meegemaakt.
De rechters hebben hem op de overdrachtslijst gezet.
Hij gaat naar een pleeggezin. -Dat wil ik niet.
En dit wil ik ook niet.
Ga weg, het is allemaal jouw schuld. -Doe nou niet zo.
Wat zei ik?
Laten we maar gaan.
Laten we hopen dat zijn moeder beter wordt, zodat hij niet...
Zuster, hier is mijn visitekaartje met mijn nummer en adres.
U kunt me altijd bellen. Houd me op de hoogte, alstublieft.
Natuurlijk. -Dank u.
Die is van mij. -Nee, rot op. Je gooide 'm weg.
Van mij, geef terug. -Nee, lik m'n reet.
Deze is nu van ons. Hè, jongens?
Ja, van ons. Van ons.
Nee, van mij. Geef hier.
Van mij, geef terug. -Van ons.
Klaar. Hou op.
Geef 'm onmiddellijk terug aan hem of ik sla jullie koppen tegen elkaar. Oké?
Braaf.
Kom, Nerea.
Bedankt. -Dag, Chin.
Dank je.
Wie is dit? -Ik ben het.
Chin, hoe heb je me gevonden?
Je visitekaartje. -Heb je 't gestolen van de zuster?
Stuur me niet weg, alsjeblieft.
Je bent blind, ik kan je helpen.
Ik wacht liever bij jou op mijn moeder.
Oké, kom op.
Nerea likt aan mijn hand.
Ja, ik wil graag de directrice spreken.
Het is dringend.
Het gaat over dat Chinese jongetje dat weggelopen is.
Verbind me door met de directrice.
Chin, ben jij dat?
Chin? Alles oké?
Ja, ik belde om... -Nee, hang op.
Of ik maak mezelf van kant. Ik heb een mes op mijn keel.
Ik maak mezelf van kant.
Wilde je jezelf van kant maken met een pen?
Je weet wel hoe je mensen moet manipuleren, hè?
Ik wil niet terug.
Idioot.
Je liet me schrikken.
Het is al goed, Chin. We gaan even rusten, een dutje doen.
Diana.
Ik heb geld nodig. Voor de huur, de boodschappen.
Ik moet weer aan het werk.
Wie weet nu ik blind ben... -Wat voor werk doe je?
Meneer Pardi.
Public relations, psychologische gesprekken. Dat soort dingen.
Vind je het niet erg dat ik blind ben?
Ik vind het eigenlijk wel opwindend dat je me niet kunt zien.
Ik heb mezelf altijd lelijk gevonden. Een monster.
Nee, degene die me dit heeft aangedaan is een monster.
500, ik leg het op de kast.
Alles ligt er, vertrouw me. -Ik weet dat je een heer bent.
Je hebt 't goed georganiseerd en ook nog een hond.
Ja, mijn beschermengel.
Toch, Nerea?
Goed zo.
Dag. -Laten we snel weer afspreken.
Weet je wat jij nodig hebt voor je werk?
Welk werk? -Wat jij doet.
Public psycho... Hoe heet het ook weer?
Toen ik met oma in Hongkong was, deed mijn nicht dat en ze had veel geld.
En een pistool.
Je bent een slimmerik.
Maar ik zie niks, dus hoe zou ik moeten schieten?
Ja.
Ik begrijp het. Dank u.
Wat zei de dokter? Hoe is het met mama?
Mama...
Er is geen nieuws, ze is nog hetzelfde. We moeten afwachten.
Wie is dat? ik verwacht niemand.
Hallo, rechercheur Gemma Bajani.
We zijn op zoek naar een kind, hij is Chinees en hij heet Chin.
We denken dat hij naar u ging. Laat ons binnen, alstublieft.
Ik kan sinds kort niet meer zien, ik kan niet...
Heel even maar. -Er is hier geen Chinees kind. Ga weg.
U hebt dit kind in het weeshuis bezocht.
De directrice werd gebeld door een vrouw die het over dit kind had.
Niet door mij.
Kinderontvoering is een misdrijf waar gevangenisstraf op staat.
Stel u eens voor wat de gevangenis voor iemand als u zou zijn.
Wat is dit? Politie-intimidatie? Wat willen jullie van me?
Dus u hebt de directrice niet gebeld? -Nee. Dat zei ik toch.
Hij is binnen. Nerea. Nerea.
Roep die hond terug.
Roep hem. -Nerea, hier.
Rustig. Rustig.
Waar was jij mee bezig, verdomme?
Je hebt misbruik gemaakt van mijn handicap. Schaam je.
Schaam je. Wegwezen.
Oké, we gaan.
Maar als u hoort van die jongen of zich iets herinnert, bel me dan. Alstublieft.
Hier. Dit is mijn nummer.
Ik waarschuw u, we komen vanavond terug met een huiszoekingsbevel.
Besef je wat je gedaan hebt?
Je wist dat ze blind was. -Ja, oké. Hou maar op.
Dat is echt iets voor jou. -Ik heb het geprobeerd.
Chin, waar ben je? -Hier.
Die agente gaf je haar kaartje.
Ga je haar bellen? -Nee.
Je kunt hier niet blijven.
Want ze komen terug. Dan ga je naar een tehuis en heb je echt 'n probleem.
Kun je ergens naartoe?
Ons huis.
Wie is er in jullie huis? -Niemand.
Dat is perfect.
We zijn er bijna. Kom.
Ik had Nerea graag willen meenemen. -Het is al goed, we zien haar morgen.
Het was makkelijker om zonder haar te gaan.
Hier is het.
Hier? -Ja.
Ik heb geen sleutels.
Is dit glas? -Ja.
Verdomme, ze reageert niet.
Misschien is ze weg.
Of ze verschuilt zich binnen. -Verschuilen?
Alles is donker binnen. -Jerry, ze is blind.
Of misschien is het allemaal nep. Wat doen we nu?
Ik bel Aleardi.
Aleardi, met mij.
Ik ben bij het huis van die jonge vrouw, maar ze is er niet.
Wat doen we nu?
Bajani. De witte bus.
Ja, ik blijf hier. -Het is de bus waar we naar zochten.
Jerry.
Deze meneer zag een bus wegscheuren.
Zag u welk model het was? -Geen idee. Hij was wit.
Zag u verder nog iets? -Nee, sorry.
Dank u wel. Dat was het.
Maar waar zijn die vrouw en dat Chinese jongetje?
We gaan naar het huis van die jongen.
De politie. We moeten rennen. -Wegwezen. Snel.
Kom.
Niet zo rennen.
Oprotten. Wegwezen.
Chin, waar is mijn bril?
Ik zie 'm niet. -We gaan.
Waar zijn we? -Weet ik niet. Niet bang zijn.
Ben jij dat?
Daar is een uitgang, we zijn gered. -Godzijdank.
Snel, opschieten.
Eindpunt.
Waar zijn we? -Weet ik niet.
Daar is een kraampje met brillen.
Waar? -Daar.
Kom, dan koop ik een nieuwe.
Opschieten. -Ja.
Is het nog ver weg? -Nee, vlakbij.
We zijn er.
Hier? -Ja.
Koop je 'n mooie zonnebril voor me? -Oké.
Deze.
Hoe staat ie? -Mooi.
We nemen hem. -Dat is dan 25 euro.
We gaan, Chin.
Wie bel je?
Heb ik het goed begrepen?
Twee kilometer na kampeerboerderij Casa Linda aan de rechterkant?
Ja, inderdaad. Dank u wel.
Kom, we zijn er.
Goedenavond. Hallo, welkom.
Hier ben ik. Pak mijn arm.
Hallo, Chin. Hoe gaat het? -Goed.
Dank je, Rita, je bent een echte vriendin. Ik wist dat ik op je kon rekenen.
Waar is de hond? -Die is thuis, ze wacht thuis op me.
Heb je het niet gehoord? -Nee, wat is er dan?
Niks, laat maar. We gaan naar binnen. Deze kant op.
Hier ben ik opgegroeid bij mijn vader.
Chin, we gaan slapen.
Ik heb een bed voor je opgemaakt. Kom maar.
Droom maar fijn. -Ja.
Welterusten.
Wat wilde je me vertellen? -Niks.
Kom, pak mijn arm.
Ik kon niks zeggen, ik wilde de jongen niet bangmaken.
Vertel.
Een paar uur geleden zijn in Rome...
...twee agenten vermoord voor jouw huis.
Voor mijn huis? -Ja.
Hij was het. Er waren getuigen.
Ze zagen een witte bus wegrijden, het was op het nieuws.
Je moet de politie bellen. Hoor je me? Alleen de politie kan je beschermen.
En je moet het vooral voor hem doen.
Dat kan ik niet. -Wat?
Als ik de jongen overdraag aan de politie...
...gaat hij naar een pleeggezin of nog erger, een tehuis.
Dat kan ik hem niet aandoen na wat er gebeurd is. Het was mijn schuld.
Maar daardoor breng je hem in gevaar.
Diana, bel de politie. Alsjeblieft.
Het was niet jouw schuld. -Jawel.
Nee, het was de schuld van die gek.
Hoe kom je erin?
GEMMA BAJANI POLITIERECHERCHEUR
Ik zal erover nadenken. -Beloof het me.
Bent u rechercheur Bajani?
Ik ben een collega, maar je kunt ook met mij praten.
Ik ben Chin, de jongen die jullie zoeken.
Ik ben bij Diana, de blinde vrouw.
En waar ben je precies?
In Formello, in een huis vlak bij Casa Linda. Twee km aan de rechterkant.
Kom alstublieft.
Weet zij dat je belt? -Nee.
Oké. Vertel haar niks. Bajani en ik zijn zo bij je.
Oké. -Blijf daar.
Ik ben als herboren.
Herboren.
Nou? Kom, dan help ik je.
Heb je erover nagedacht?
Ga je de politie bellen? -Ja. Je hebt me overtuigd.
Maar ik wil eerst met Chin praten. Ik wil het niet achter zijn rug doen.
Hij zal het begrijpen, dat zul je zien. -Dat weet ik nog zo net niet.
Excuus.
Hallo?
Wie is dit?
Wanneer is het gebeurd?
Ja, ik ben er zo. Vijf minuten.
Wie was dat? -Een man voor wie ik werk.
Hij woont vlakbij. Hij is gevallen, ik moet hem gaan helpen.
Ik ben zo terug. Oké? Hier is je stok.
Je bent toch zo terug, hè? -Ja, zo terug.
Hallo? -Hij komt eraan. Vlucht.
Chin. -Ik ben hier.
Snel, pak je jas. We moeten hier weg.
Mijn schoenen.
Opschieten.
Wacht.
Wat zie je aan die kant? -De weg.
En daar? -Een bos, daar kunnen we heen.
Hoe dan? -Er is een pad.
In het bos? -Ja.
Help. Help.
Help.
Hoorde jij dat ook? -Ja. Kom, snel.
Wacht.
Wat is er? -Mijn telefoon.
Verdomme. Mijn telefoon.
Die ligt nog thuis. -Maakt niet uit.
Ik vergat hem mee te nemen. -Kom op.
Wacht, alsjeblieft. Even op adem komen.
Wacht. Alsjeblieft.
Diana, blijf staan.
Waarom?
Daar ligt iemand.
Chin.
Wat gebeurt er? -Het is Rita.
Waar? -Op de grond, ze beweegt niet.
Wat?
Kom en help me. Chin?
Waar ben je?
Rita.
Rita.
Mama. Ik wil naar mijn mama.
Chin.
Ik moet je iets vertellen. -Wat?
Je moeder...
Je moeder is dood.
Nee, dat kan niet.
Dat is gelogen, ik geloof het niet.
Je bent gemeen.
Mama is niet dood.
Dat zei de dokter toen ik het ziekenhuis belde.
Sorry, ik had het je eerder moeten vertellen.
Maar je moet het zo bekijken...
...het is net een nachtmerrie.
En als je wakker wordt, weet je dat het niet echt is.
Dat het niet zo is.
Kom eens hier.
Rustig maar, ik ben bij je.
Ik zie water.
Kom, zo kan hij ons niet vinden.
Diana, verderop staat riet.
Veel riet? Dik? -Ja.
Dan verstoppen we ons daar.
Neem me mee daarheen.
Er is hier iets. -Wat?
Wat dan?
Een slang. -Waterslangen.
Ik ben gebeten. Een slangennest.
Ik ben ook gebeten.
Ik heb 'm. Hier is ie.
Wegwezen hier, rennen. We moeten ons verstoppen.
Leid me. -Kom. Kom mee.
Daar is licht, daar is een auto.
Dat is de weg. -Ja.
Daar gaan we heen. -Kom op.
Als je een wit busje ziet, zeg het me. -Ja.
Ik hoor iets, Chin.
Koplichten, er komt een auto aan.
Het is geen witte bus? -Nee.
Wat voor kleur is ie? -Donker.
Stop. Stop.
We hadden jullie bijna aangereden.
Help ons alsjeblieft. Ik ben blind.
Er zit een gestoorde crimineel achter ons aan.
Wat is er gebeurd? -We zijn op de vlucht. Help ons.
Jullie zijn helemaal nat. Ik heb dekens in de bus.
We brengen jullie naar de stad, wees niet bang.
We gaan naar de politie.
Ik heb een thermoskan warme koffie in de auto. Wil je wat?
Ja, graag.
Mijn been. -De witte bus.
Er ligt een geweer op de grond. -Geef hier.
Deze kant op. Zo.
Leid me. Zo? -Ja.
Wat wil je van me?
Heb ik 'm geraakt? -Nee.
Goed richten. Schieten.
Heb ik hem geraakt? -Nee.
Donder op.
Ze slaan elkaar in elkaar.
Klootzak.
Waar gaan we naartoe? -Het bos in.
Waarheen? -Hierheen.
Hoor je de rivier?
Ik ga kijken waar die heen leidt.
Chin?
Chin, geef antwoord.
Chin?
Waar ben je?
Chin, waar ben je?
Chin?
Waar ben je?
Help.
Help.
Is daar iemand?
Chin?
Is er iemand?
Is er iemand?
Wie is daar?
Wie is daar?
Ik ben het, Chin.
Chin? -Ja, ik ben het.
Diana, ik was zo bang dat ik je niet meer kon vinden.
Waar was je?
Ik was gevallen bij de rivier.
Heb je jezelf pijn gedaan? -Een beetje.
Chin, waar zijn we?
Er staan hier wat rare apparaten. Ik weet het niet.
Chin, wat zie je?
Er staat wat geschreven op de muur.
'Dammen'.
Dit moet het huis van de opzichter zijn.
Ik hoor voetstappen. -Ik ook.
De opzichter.
Hoezo? Zie je hem? -Nee.
Waarom zegt hij niks?
Waarom zegt hij niks? -Weet ik niet.
Ik ken dit luchtje.
Het is Matteo, die hondenfokker. Rennen.
Ga weg. -Kom hier.
Heel goed, Diana. Ik ben het, die stinkerd.
Laat me los.
Laat me los.
Help. Help.
Je bent gestoord. Psychopaat.
Wat wil je van me? Laat de jongen met rust.
Ik ben bang. Wat wil hij van ons?
Chin, sorry, het is mijn schuld.
Mijn schuld, vergeef me.
Vergeef me.
Hoe was de rit?
Er is hier niemand. Schreeuwen heeft geen zin.
Wat heb ik jou misdaan?
Wat heb ik jou misdaan?
Wat?
Je stinkt.
Lelijke teef.
Je wilde me vernederen, hè? Ik stonk toch?
Nu ga jij douchen. -Je bent gestoord.
Zeg dat nou niet.
Gestoord. -Kutwijf.
Help. -Stop.
Help.
Laat ons met rust.
Help.
Help.
Nerea is hier.
Is Nerea hier echt?
Ja, Nerea is er. -Blijf.
Ik heb haar uit je huis gehaald, dit soort geleidehonden zijn een hoop geld waard.
Nerea, kom hier.
Blijf. Braaf.
Nerea, ben jij dat? -Zie je hoe honden zijn?
En jij gaat hetzelfde doen. En dan vermoord ik je.
Nerea. -Nerea.
Het is goed zo. -Val aan.
Hou je bek. -Val aan.
Slet. -Verscheur hem.
Zit. -Val aan.
Val aan. Vermoord hem.
Vermoord hem. Nu. Nerea, val aan.
Brave meid, Nerea. Braaf.
Niet kijken.
Het is vreselijk. -Ze redt ons.
Klaar.
Diana, ik heb een mes gevonden. -Een mes.
We zijn gered.
Het is voorbij.
Stop. Kun je die openritsen?
Een smerige crimineel.
Maar om zo aan flarden gescheurd te worden... Wat een verschrikkelijke dood.
Doe maar dicht.
Daar is mijn nicht, die van de relations.
Public? De psycholoog? -Ja, en het pistool.
Dus je bent in goede handen.
Dit is Diana. -Hallo.
Hallo.
Dank u.
De papieren voor de voogdij zijn in orde.
Goede reis. -Dank u wel.
Dag, Nerea.
Dag, Diana.
Ik zal je missen.
We moeten gaan, Chin.
Het is tijd.
Dag, Diana. -Doe Hongkong de groeten van me.
Ik wacht op je. Kom je me opzoeken? -Ik beloof het.
We kunnen u een lift geven.
Nee, bedankt.
Zeker weten? -Ja, dank u wel.
Tot ziens.
Nerea, jij bent de enige vriend die ik nog heb.
Can't find what you're looking for?
Get subtitles in any language from opensubtitles.com, and translate them here.