Afrikaans
Akan
Albanian
Amharic
Armenian
Azerbaijani
Basque
Belarusian
Bemba
Bengali
Bihari
Bosnian
Breton
Cambodian
Catalan
Cebuano
Cherokee
Chichewa
Chinese (Simplified)
Chinese (Traditional)
Corsican
Croatian
Danish
Dutch
Esperanto
Estonian
Ewe
Faroese
Filipino
Finnish
Frisian
Ga
Galician
Georgian
German
Greek
Guarani
Gujarati
Haitian Creole
Hausa
Hawaiian
Hebrew
Hindi
Hmong
Hungarian
Icelandic
Igbo
Interlingua
Irish
Italian
Japanese
Javanese
Kannada
Kazakh
Kinyarwanda
Kirundi
Kongo
Korean
Krio (Sierra Leone)
Kurdish
Kurdish (Soranî)
Kyrgyz
Laothian
Latin
Latvian
Lingala
Lithuanian
Lozi
Luganda
Luo
Luxembourgish
Macedonian
Malagasy
Malay
Malayalam
Maltese
Maori
Marathi
Mauritian Creole
Moldavian
Mongolian
Myanmar (Burmese)
Montenegrin
Nepali
Nigerian Pidgin
Northern Sotho
Norwegian
Norwegian (Nynorsk)
Occitan
Oriya
Oromo
Pashto
Persian
Polish
Portuguese (Brazil)
Punjabi
Quechua
Romanian
Romansh
Runyakitara
Russian
Samoan
Scots Gaelic
Serbian
Serbo-Croatian
Sesotho
Setswana
Seychellois Creole
Shona
Sindhi
Sinhalese
Slovenian
Somali
Spanish
Spanish (Latin American)
Sundanese
Swahili
Tajik
Tamil
Tatar
Telugu
Thai
Tigrinya
Tonga
Tshiluba
Tumbuka
Turkish
Turkmen
Twi
Uighur
Ukrainian
Urdu
Uzbek
Vietnamese
Welsh
Wolof
Xhosa
Yiddish
Yoruba
Zulu
Toch, Vrijheid, wappert uw vlag, gescheurd maar fier
net als de onweersbui tegen de wind in
Deze serie is gebaseerd op feiten. Sommige namen zijn fictief.
Hoever is het nog? - Zo'n vier kilometer.
Hoe zal de ontvangst zijn? - Zet u maar schrap.
Ze zullen naar ons happen als uitgehongerde honden.
Ze zijn van zichzelf al vrij nors.
Maar als ze echt kwaad willen, zit ik liever in een berenkuil.
Dus we krijgen problemen. - Dat denk ik wel. En zo niet...
dan zorgen we er zelf voor.
Het enige wat je kunt doen tegen die opstandelingen, is ze opjagen.
Als ze tevoorschijn komen, heb je een doelwit.
Kan het zonder bloedvergieten? - Als we hun leiders vinden.
En afdoende bewijs tegen hen. - Dat lijkt me overbodig.
Slaan tot ze bekennen en dan ophangen.
En als ze onschuldig zijn? - Met een pak slaag houd je ze zo.
Hang daar een biljet op. - Tot uw orders. Soldaat.
Daar.
Afkondiging van de noodtoestand
God behoede de koning
Mary.
Wat een haast. - Michael Connor komt eraan.
Het was nog niet opgevouwen. - Het is om aan te trekken.
M'n gezicht. - Daar mankeert niks aan.
Het zou fijn als je je niet zo vreselijk druk maakte.
God zegene uw werk. - En het jouwe, wat het ook zijn mag.
Goeiedag, Elly.
Dag, Mary.
Ik wou aanmaakhout gaan sprokkelen. U kunt vast ook wel wat gebruiken.
Mag Mary mee om het te dragen? - Dat is heel aardig van je.
Maar Mary moet de melk nog afromen.
Het kan allebei nog wel vóór het eten. - Ik kan het ook best doen.
Je gaat toch niet zonder schoenen de deur uit?
Geen enkel meisje draagt schoenen. - Jij bent Mary Mulvane.
Moeder. - Wees blij dat je ze hebt.
Het wordt gauw winter. Nu kan het nog.
Ik kan best de melk afromen. - Mary doet het.
Ze moet afgeremd worden.
Maar je vader gaat elke dag de heuvels in, dus wie moet het doen?
Gewoon doorlopen.
Waarom pleit u bij voorbaat al voor een harde aanpak hier?
Geloof me, in elk graafschap zijn ze hetzelfde: onmogelijk.
Neem nu die twee daar.
Blijf staan. Hoever nog naar Rathcurran?
Langs welke weg? - Deze weg.
U kunt door de vallei of over de heuvel. - Wat is het kortst?
Door de vallei. - Hoe ver?
Ruim drie kilometer.
Zei ik het niet? - Maar er staat te veel water.
Luister goed naar me, Ierse sukkel. Denk eens even na.
Hoe ver is het naar Rathcurran? - Hooguit vijf kilometer.
Waarom zei je dat niet meteen? - Woon je in het dorp?
Waar dan? - Achter de heuvel, bij de bron.
Hoe heet je?
En wat ga je doen? - Aanmaakhout sprokkelen.
Wil je trouw zweren aan zijne majesteit?
Ik begrijp u niet. - Natuurlijk wel.
Ach, hij heeft vast geen school gehad. - Of een hageschool.
Die zijn illegaal: achter hagen, in greppels.
Met paapse rebellen vermomd als onderwijzers.
Ze spelden de kinderen allerlei verraderlijke onzin op de mouw.
Hagescholen zijn kweekvijvers voor rebellen.
Dan zullen we ze uitroeien.
Lees dit of laat het je voorlezen.
Kom op, pak aan.
Schoften.
Snel naar vaders hageschool. - Wacht tot ze weg zijn.
Het zijn inderdaad herrieschoppers. Ik zal voortaan op u vertrouwen.
De Tuatha Dé Danaan, de stammen van de godin Dana, waren een mooi volk.
Ze ontdekten magie in hun wereld:
In de zon, de maan, de stenen, de bomen...
Ze maakten dit land tot het hunne.
De eeuwen verstreken en de Kelten kwamen.
Zij waren grote jagers en strijders en grote dichters.
Ze probeerden het Dana-volk te verdrijven naar grotten en holen...
en lieten hen alleen de kleur groen dragen.
Zo werden ze nederig, als het gras.
Dat was in de oudheid.
Nu stroomt het bloed van het Dana-volk én de Kelten in onze aderen.
Maar we zijn nog niet echt één volk. Pas als...
Daar komt uw Mary aan met Michael Connor.
Er zijn hier roodjassen. - Op zoek naar hagescholen.
Noodtoestand in het graafschap. - Wat betekent dat?
Dat de roodjassen vrij spel hebben.
We stoppen voor nu. Jullie ouders zijn vast bezorgd.
Ga elk apart naar huis. We zien elkaar maandag weer.
Momentje nog.
Denk eens terug aan ons oude volk.
Zij moesten onderduiken en droegen de nederigste kleur, de kleur van gras.
Zij maakten daar de trots van Ierland van. Onthoud dat goed.
God zij met jullie.
Je moet gaan. Fijn dat je Mary hebt gebracht.
U gaat toch niet door met de school? Dat is gekkenwerk.
Misschien wel.
Kom Seamus, we gaan naar huis.
Jij haalt geen water maar knoeit wel het hele huis onder.
De roodjassen zijn in Rathcurran. - Wat erg.
In alle dorpen hier.
Ze gaan scherp op ons letten en vanaf volgende week geldt er een avondklok.
God sta ons bij.
De familie O'Harron is uit huis gezet. Buchanan wou er z'n veevoer opslaan.
Wat een held, die Buchanan: hielenlikker van de Engelsen.
Dit mag niet. - Van die roodjassen wel.
Van de White Boys niet. - Pas toch op. Straks kost het je je leven.
De White Boys zijn de enigen die optreden.
Die roodjassen zijn hier omdat jullie Buchanan z'n hooi hebben verbrand.
We houden nu niet op.
Wat zal Mr Mulvane hiervan zeggen?
Dat kan ik wel raden. Ik ken hem lang genoeg.
Woorden, dromen. Katholieken en protestanten zij aan zij.
Praatjes. - Waar wijze mannen naar luisteren.
En waar ze groot respect voor tonen.
Mulvane was van stand. Wie heeft er meer verloren en geleden dan hij?
Dat weet ik ook wel. Maar nu riskeert hij alles.
Misschien zelfs z'n leven.
Maar waarvoor?
Overal worden de mensen uitgeperst, uit hun huis gegooid, vertrapt.
Dan helpt poëzie niet.
We moeten terugslaan en ze verdrijven.
En dan kunnen we leren.
Het Halloween-feest is maandag.
Wanneer gaat de avondklok in? - Op de eerste: dinsdag.
Dan kan het dus doorgaan.
We kunnen het nog echt vieren.
En iedereen kan eraan terugdenken.
Als u die soldaat zelf had gehoord over de hageschool...
zou u stoppen. - We houden erover op.
Ik mag me toch niet laten leiden door angst?
Ik zag de wreedheid in hun ogen.
Het worden zware tijden, dus we moeten de moed erin houden bij ons volk.
Poëzie is de kiem van het vuur. Daar zijn de Engelsen bang voor.
Ook voor de White Boys. - Welnee.
De Engelsen horen hier niet.
Maar die jongens die soldaten bekogelen of vee doden, bereiken niets.
En ze geven de Engelsen wel 'n excuus voor onderdrukking en plundering.
Dat is niet de goeie aanpak. We moeten iets aan de wetten doen.
Nu is het genoeg. Je vader zei toch dat we erover ophouden?
Hij gelooft in z'n onderricht en hij gaat ermee door...
wat anderen er ook over zeggen.
De noodtoestand gaat dinsdag in, dus meteen na 12 uur op maandagavond.
Dan moeten we niet te lang doorfeesten.
Gaan we erheen?
Misschien is het voorlopig wel de laatste keer.
De huisbaas komt eraan.
Hier komen, jongen.
Het is hier buiten een smeerboel.
Zeg meisje, maak m'n laarzen eens schoon.
U bent drie dagen te vroeg voor de huur.
Ik kom alleen zeggen dat de huur is verhoogd met twee shilling per maand.
Acht shilling? Zes is al nauwelijks op te brengen.
Dan moet je harder werken. Of iets anders bedenken.
Als je de twee shilling niet kunt betalen, moet je hier weg.
Niemand kan zoveel betalen.
Dan gaat dit huis om en komt er grasland.
En verwacht maar geen hulp van de White Boys. Het gezag is nu hersteld.
Ik kom dinsdag terug voor het geld.
Stil.
Moet je haar zien.
Hoelang laten we ons nog bevuilen?
Je zag toch dat hij ons wilde provoceren?
Het land is vol Buchanans. Als je er een treft, speel je de anderen in de kaart.
Dan treffen we ze allemaal.
Zover kan het pas komen als alle Ieren verenigd zijn.
Dan heeft niemand meer een dak boven z'n hoofd.
Dan zitten we buiten, net als de hageschool.
Met ons hoofd vol poëzie en dromen.
U noemt het de kiem van het vuur.
Maar het zijn maar dromen.
Misschien heb je gelijk. Misschien maakt Buchanan ons straks dakloos.
Maar niemand kan onze dromen vernietigen, behalve wijzelf.
U praat over dromen, maar de roodjassen bezetten ons land.
Wij willen speren en geweren. - Zulke praat wil ik hier niet horen.
Dan ga ik wel weg.
Hoe kunt u zo tegen Michael praten? Hij is kwaad voor ú.
Ik heb genoeg woede van mezelf.
Weet je hoe dat voelt?
Ik moet aanzien hoe die vreselijke Buchanan je met z'n laarzen bevuilt.
Het is maar een schort.
Laat haar maar.
Die jongen kan gelijk hebben.
Als je niet aanpakt, komen we met lege handen op het feest.
Het vuur blijft niet eeuwig heet.
Ik dacht aan papa en het feest.
Ik dacht wel dat je aan Connor dacht, aan een van hen.
Ik meen het. Ik weet niet wat papa van Michael vindt of van het feest.
Hij wil er graag heen en heeft niets tegen Michael.
Maar u wel.
Wat zou ik tegen hem hebben? We zijn allebei op onze hoede.
Hij is koppig. En hij spreekt je aan, omdat jullie jong zijn.
Dat heeft er niks mee te maken.
Jullie begrijpen het niet. - We begrijpen meer dan je denkt.
Hoe kunt u weten wat ik voel? - Er verandert niet zo heel veel.
Ook vroeger gaven jongens je het idee dat je vader in het verleden leefde.
Toen ik een meisje was, was er een jongen met een stralend gezicht.
Hij sprak over vrijheid.
Hij heette Francis Mulvane.
Mary Mulvane.
Roodjassen.
Weet u wel waar we heen gaan? - Recht een moeras in.
Zo worden m'n laarzen nooit droog. - Zo is het genoeg.
We gaan terug.
Met die roodjassen is het gekkenwerk. - Het risico is te groot.
Ben je bang? Ga dan maar snel naar bed.
Ik ga verder.
Wat heb jij? Kom op.
Wat een prima feest. - Iedereen heeft het naar z'n zin.
Ze moeten wel om middernacht thuis zijn.
Dat was ik vergeten: de noodtoestand. - Konden we die maar vergeten.
Pak wat aanmaakhout.
Handen omhoog.
We wilden de familie O'Harron verrassen.
Ik ken jullie verrassingen. Wachters, hier zijn White Boys.
Handen omhoog, stel honden.
Michael, opschieten.
Goedenacht, Mrs Connor. Bedankt. - Goedenacht.
Het was hartverwarmend, Mrs Connor.
Graag gedaan. Fijn dat u haverkoeken had gebakken.
Mr Mulvane, dit is voor u.
24 pence.
Michael zei dat Buchanan de huur had verhoogd. Schandelijk.
We hebben allemaal wat bijgedragen.
Maar Mrs Connor... - Twee shilling.
Niet veel vergeleken bij wat u voor ons heeft gedaan.
Dank jullie wel.
God zegene jullie.
Goedenacht.
Opendoen, in naam van de koning.
Jij gaat mee. - Waarom?
En u houdt u erbuiten.
Als ik meega, wil ik weten waarom. - Kijk nou.
Onze vriend van langs de weg, die domme jongen.
Te dom om iets te weten van een schuur van Mr Buchanan die is afgebrand?
Wie is dat? - Inrekenen.
Hij was de hele avond thuis. - Deze zwijnenstal uit en naar het dorp.
Het hele bedrag: acht shilling.
Uw man had dus niet zo tekeer hoeven gaan.
Al hebben die White Boys m'n graan verbrand, ik houd voet bij stuk.
Als de soldaten klaar zijn met hun werk, piepen die jongens wel anders.
Van nu af aan zal het recht hier zegevieren.
En het rapaille krijgt wat ze verdienen.
Vertel dat de heer des huizes maar namens mij.
Dat zal ik doen. Daar kunt u van op aan.
Was dat alles wat hij zei? - De schuur van Mr Buchanan...
is afgebrand. - Vol met graan.
Vast O'Harron. - Hoe weten ze dat Michael het was?
Ze weten dat het jongens waren. Die pakken ze nu overal op.
White Boys, maar ook anderen. - Ze kunnen niets bewijzen, niets.
Goeie genade. Wat hebben ze met je gedaan?
Mary mag het niet zien.
Flink zijn. Ik haal warm water.
Niemand heeft iets gezegd. - Laat het dan nu afgelopen zijn.
God heeft je gespaard. De roodjassen geven je geen tweede kans.
Je moet ermee stoppen. - Dan ben ik net zo lief dood.
Ze zullen ons blijven opjagen.
Je kust de grond voor hun voeten...
en ze schoppen je in je gezicht.
Wie zichzelf Ier durft te noemen, wil niet als slaaf leven.
En geen enkele Ierse mag dat verlangen.
Niemand heeft iets losgelaten, of ze nu White Boys waren of niet.
Michael was er trots op.
Op moed mag je trots zijn. Jammer dat er zoveel van verspild wordt.
Hoezo verspild?
Pijn en bloed voor een paar zakken graan en een afgebrand huis.
Zo houd je ze niet tegen.
Die lui hebben een leger laten komen.
Nu hebben ze een excuus om te doen wat ze willen.
Hadden ze een excuus nodig?
Mrs Mulvane?
Mijn naam is Craddock. Ik kom namens Mr Prentice.
Het is u wellicht ontgaan, maar hij is de nieuwe dominee.
En u bent z'n tiendgaarder. We verwachtten u al.
Is uw man niet thuis?
Boeken.
Is uw man een geleerde? - Hij kan lezen.
Ik vind het soms triest...
dat een boer z'n simpele leven compliceert met kennis.
Maar goed...
Uw bijdrage aan de onkosten van Mr Prentice...
en het onderhoud van de kerk...
bedraagt 48 shilling voor dit jaar.
Zoveel kunnen we niet betalen.
Waarom zouden we betalen voor andermans kerk?
Dat is de wet. Je moeder weet dat wel.
Een wet van schurken om dieven te helpen.
Ik deel uw mening niet. U bent me 48 shilling schuldig, contant of in natura.
Zoveel kan niemand hier betalen. - Dat beweren ze allemaal.
Gelukkig voor Mr Prentice en de kerk is die beslissing niet aan u.
Met het totaal van uw inboedel...
kunt u uw schuld niet inlossen, maar...
ik zag wel een koe. - Daar blijft u af.
Als ik die genereus taxeer, is ze misschien 48 shilling waard.
Zeker het dubbele. Ze geeft meer boter en melk dan we op kunnen.
Ik laat er beslag op leggen tot de taxatie.
Hopelijk is die taxatie genereus. Anders moeten we nog een bijdrage vorderen.
Mogen ze allemaal naar de verdoemenis gaan.
Met hun dikke dieven van dominees.
Vervloekt is hun verderfelijke kerk.
Spliterwten en havervlokken: Is dat het enige wat we krijgen?
Niet eens meer een scheut melk of een klontje boter?
Waar moet dat heen?
Hoe moet ik het je vader vertellen? Het is te erg.
Michael, kom binnen.
Je bent lang niet geweest. - Moeder had me steeds nodig.
Het ging hier even mis.
Ik zag ze met de koe, de tiendgaarder en z'n makkers.
Ze stelen nog van de doden. - Dat is geen taal voor een dame.
Goede manieren helpen ons nu niet. - Het gaat om waardigheid.
Mary heeft gelijk. Het gaat overal zo. Denkt u dat het hierbij blijft?
Wat kunnen ze nog meer afnemen? - Alles. Uw pannen, uw kleren.
En roodjassen ingekwartierd.
Mr Mulvane blijft lesgeven totdat er niks meer over is.
Met poëzie krijgt u uw koe niet terug. - Hoe wel?
De White Boys.
Dat zou Mr Mulvane nooit toelaten.
En ik ook niet.
Wil je soms nog een pak slaag?
Of erger?
Daar willen wij niets mee te maken hebben.
Laat mij maar. Doe jij het vuur.
Ik ga de koe terughalen.
Je hebt moeder toch gehoord?
Niet met de White Boys. Alleen ik.
Niet alleen. Ik ga met je mee. - Geen sprake van.
Het is onze koe en ik ga mee.
Het is een lastig beest, maar mij kent ze.
Je komt niet weg. - Dat is mijn zorg.
Goed. Bij de brug, als de maan opkomt.
We hebben het vroeger ook zonder koe gesteld, dus dat kan best weer.
Anderen verliezen veel meer.
Patrick McCormack is opgehangen, zonder behoorlijk proces.
Hij zwoer trouw aan 'n verenigd Ierland. - Is hij daarom opgehangen?
Ik heb het ook gedaan en zal het weer doen.
Kon ik dat Michael Connor maar doen inzien.
De droom van een verenigd Ierland.
Mensen van elk geloof tegen de Engelsen.
Dat is het waard om je leven voor te wagen.
Dat gaat het eigenbelang, en zelfs Ierland, te boven.
Daar zijn de Engelsen bang voor, niet voor een stel raddraaiers.
Dus we moeten ons zonder melk redden.
Wij hebben eieren over, anderen misschien melk en boter.
Ik ga nog wat hout halen.
Dat kan Seamus wel doen. Elly en jij wassen af.
Rustig aan. Straks breekt er iets. - Ik wil snel klaar zijn.
Je hebt met Michael afgesproken. - Houd je mond.
Ik ga de emmer leeggooien.
Ik hoopte dat je thuis zou blijven.
Waar is Mary?
Met de emmer naar buiten.
Waar ging Mary heen?
Ze had met Michael afgesproken.
Dat kan toch geen kwaad?
Daar zijn we, arme ziel.
Zorg dat ze hierheen komt.
Jij daar. - Liggen.
Blijf staan.
Dit hof verklaart dat Mary Kathleen Mulvane...
uit Rathcurran, graafschap Cork...
werkloze dienstbode...
op 10 november...
in het 36e regeringsjaar van George III, koning van Groot-Brittannië en Ierland...
samen met een of meer anderen en met geweld...
tot het depot van Rathcurran wilde doordringen...
om daar wederrechtelijk tot zich te nemen...
één koe...
waarop beslag was gelegd door dominee Prentice van de gemeente Rathcurran...
in strijd met de openbare orde en de waardigheid van de koning.
Ze is hierbij schuldig bevonden...
en ze zal naar een overzees gebied worden verscheept...
voor zeven jaar.
God behoede de koning. Voer haar af.
Zeven jaar. Ze wordt voor zeven jaar verbannen.
Waarheen? - Een strafkolonie in New South Wales.
Er was geen jury, geen behoorlijk proces. Alleen twee magistraten.
Ik mocht haar niet spreken.
Ze blijft gevangen in Cork tot ze verscheept wordt.
Ze heeft niet eens schone kleren bij zich.
Die moeten we haar brengen.
Ze is al weggebracht.
Ik wou de zoom van haar rok nog verstellen.
Nu moet ze het zelf doen, en al het andere ook.
Er is geen tijd meer.
Zeven jaar? Zien we haar ooit nog terug?
We gaan naar Cork. Dan mogen we wel bij haar.
Een hoge prijs voor een droom.
Zij vonden dat ík dit had moeten doen. Had ik het mis?
Als ze hadden geluisterd, leefde Michael nog en was Mary nog hier.
Maar al die jaren die ik heb volgepraat: de kiem van het vuur...
waren voor de toekomst.
Maar komt er wel een toekomst als we niets doen?
Hun eisen voor nu waren terecht. Die gouden eeuw komt misschien nooit.
Melk en boter op tafel, daar hebben jullie recht op.
Misschien is nu de tijd wel gekomen voor wapens...
en voor opstand in elk graafschap tegen de Engelsen.
Zo komt Mary niet terug.
Mary Mulvane.
Je ziet er goed uit. - We mogen niet lang blijven.
Dit is voor jou. - Dat moet ik controleren.
Hoe is het in de gevangenis?
Niet zo erg.
Je hebt vuile handen. - Hoe lang houden ze je hier?
Dat weet ik niet.
Het schip ligt al in de haven.
Stil maar, Elly. Je maakt ons allemaal van streek.
Je zus gaat niet voor altíjd weg.
Een nieuw seizoen breekt aan en ze gaat naar een ver land.
Net als de wilde ganzen.
Ooit werden er Ierse kinderen verbannen.
Onze voorouders noemden hen de wilde ganzen:
Na Géanna Fiáine.
Alsof ze de hele natuur afzochten naar het mooiste van haar wezens...
om hun verdriet en hoopte bezingen.
Want bij de wisseling der seizoenen...
als het weer winter wordt, keren de wilde ganzen weer terug.
Net als jij.
U mag haar dit wel geven. En daarna moet u weg.
Opschieten.
Na Géanna Fiáine.
Goed, wegwezen.
Can't find what you're looking for?
Get subtitles in any language from opensubtitles.com, and translate them here.