Afrikaans
Akan
Albanian
Amharic
Arabic
Armenian
Azerbaijani
Basque
Belarusian
Bemba
Bengali
Bihari
Bosnian
Breton
Bulgarian
Cambodian
Catalan
Cebuano
Cherokee
Chichewa
Chinese (Simplified)
Chinese (Traditional)
Corsican
Croatian
Czech
Danish
Dutch
English
Esperanto
Estonian
Ewe
Faroese
Filipino
Finnish
French
Frisian
Ga
Galician
Georgian
German
Greek
Guarani
Gujarati
Haitian Creole
Hausa
Hawaiian
Hebrew
Hindi
Hmong
Hungarian
Icelandic
Igbo
Indonesian
Interlingua
Irish
Italian
Javanese
Kannada
Kazakh
Kinyarwanda
Kirundi
Kongo
Korean
Krio (Sierra Leone)
Kurdish
Kurdish (Soranî)
Kyrgyz
Laothian
Latin
Latvian
Lingala
Lithuanian
Lozi
Luganda
Luo
Luxembourgish
Macedonian
Malagasy
Malay
Malayalam
Maltese
Maori
Marathi
Mauritian Creole
Moldavian
Mongolian
Myanmar (Burmese)
Montenegrin
Nepali
Nigerian Pidgin
Northern Sotho
Norwegian
Norwegian (Nynorsk)
Occitan
Oriya
Oromo
Pashto
Persian
Polish
Portuguese (Brazil)
Portuguese (Portugal)
Punjabi
Quechua
Romanian
Romansh
Runyakitara
Russian
Samoan
Scots Gaelic
Serbian
Serbo-Croatian
Sesotho
Setswana
Seychellois Creole
Shona
Sindhi
Sinhalese
Slovak
Slovenian
Somali
Spanish
Spanish (Latin American)
Sundanese
Swahili
Tajik
Tamil
Tatar
Telugu
Thai
Tigrinya
Tonga
Tshiluba
Tumbuka
Turkmen
Twi
Uighur
Ukrainian
Urdu
Uzbek
Vietnamese
Welsh
Wolof
Xhosa
Yiddish
Yoruba
Zulu
Alstublieft!
Help me!
Help.
Help!
Help me!
Wat is er gebeurd?
Ik heb haar zo in het bos gevonden.
Ze is uitgedroogd. - Help haar, alstublieft.
Heeft u haar vingers? - Wat?
Haar vingers. - Nee, die heb ik niet.
We nemen haar mee.
Meneer?
Hoe heet uw vriendin?
Laurène. Laurène Weiss.
En u? - Bertrand Steiner.
Verdorie!
Verdomme!
Hij is amper een week oud.
Zijn ademhaling is normaal.
Hij reageert goed. Geen onderkoeling.
Bloed op de doos.
Niet van de baby. Hij is prima gezond.
Maar we moeten hem snel opwarmen.
Kom op.
Een baby in een doos, dat overkomt alleen jou.
Gelukkig deed die wolf hem niets.
Welke wolf?
Er stond een wolf bij hem.
Hij gromde om hem te verdedigen. Ik dacht dat hij me aan zou vallen.
De veehouders hadden de laatste toch jaren terug gedood?
Het was vast een grote hond.
Nee, het was een wolf.
Wat? - Niets.
Duitse romantisme, geloof ik.
Ik ken er niets van, maar het riep Villefranche in me op.
Interessant.
En onheilspellend.
Kwam je kunst bespreken, papa?
Nee.
Nu de houtzagerij voorbij is,
breekt de volgende stap aan.
Ik regel dat wel.
We moeten de mensen...
wat tijd geven.
Die hebben we niet.
Spoedig krijgen we toestemming van de prefect.
Iemand heeft zijn chequeboek weer gebruikt.
Léa,
doe voor een keer eens alsof je blij bent me te zien.
Geen zorgen, Gérald.
Ik laat jullie samen konkelen.
Waarom zit ze hier?
Het gaat haar slecht.
Met ons werken, leidt haar wat af.
Ik weet niet wat te doen.
Nog geen nieuws van Marion?
Nee.
Ik denk vaak aan jullie.
Aan haar.
Jullie hebben een nieuwe procureur?
Daar zorg ik wel voor.
We mogen geen fouten maken.
Ik zorg ervoor, zei ik.
Het zal net zo gaan als met de anderen.
Ik heb Villefranche gemist.
Dank u wel.
De wiegenkamer zit vol.
Hij blijft hier tot het plaatsingsbesluit van de procureur.
Tja, wat wil je?
Wat doe je nu? Ik weet niet hoe...
Hij heeft net gegeten, hij zal wel bedaren.
Dit gaat toch niet de hele dag zo door?
Alle brigades zijn verwittigd.
En de ziekenhuizen? - Ach, nee.
Ik bel ze meteen. Hier, pak aan. - Nee!
Laat de sociale diensten zich haasten!
Met de gendarmerie van Villefranche...
Jij mag kinderen toch?
Als ze slapen, ja.
Of op foto's. Ik heb...
Verdorie, telefoon. Hier.
Hermann.
Ziezo. Ja, ja.
Nee, maar... Hè?
Ja, je pyjama is vreselijk lelijk.
Goed, dank u wel.
De radarpatrouille flitste een donkergroene Range Rover...
die gisteravond de stad in raasde.
De nummerplaat is onleesbaar.
En Range Rovers zijn er veel.
In de stad is er maar één groene.
Men begint het als een grap te zien.
De klanten zijn ook geen lichten.
Ze zullen gelijk hebben.
Waar hoopte ik op?
Verlies de moed niet, Cora.
Al zes maanden niets.
Ze is niet zomaar weggelopen.
Ze zou me wel gebeld hebben. Er is iets gebeurd.
Wat denk jij? Zou ze daar zijn?
Het woud neemt wat ze wil, wanneer ze het wil.
Maar ze geeft ook terug. Zoals met je moeder.
Mama was drie dagen zoek. En ze werd er niet bepaald beter van.
Wees niet zo hard met haar.
Als ze normaal was, had mijn vader ons niet verlaten.
VERMIST
Laurène?
Hoi, Emma.
Wat is er?
Zeg ik binnen wel.
Sorry voor de rommel. Ik ging douchen.
Ben je onlangs nog het bos in geweest?
Nee. Waarover heb je het?
Dat weet je best.
Anders was je wel bezorgd om je man.
Is hij weer op reis?
Ja. De hele week.
En dus kun jij lekker je zin doen.
Net als op school.
Jij gaat me de les niet lezen.
Als ik het me goed herinner... - Al goed, dit is serieus.
Je avontuurtjes boeien me niet.
Ik wil alleen weten of je gisteravond in het bos iets zag of hoorde.
Ik was met een vriend. Rond tien uur...
zijn we gestopt om rust te hebben.
Plots dook een vrouw op.
Hoe zag ze eruit?
Ik zat de andere kant op.
Nou ja, ik zat bovenop, snap je?
Nu niet, graag.
Ze kwam aanrennen met een doos in haar armen,
legde hem neer en rende verder.
Het duurde misschien vijf seconden.
We zijn meteen vertrokken.
Zonder te kijken wat erin zat?
We hoorden schoten en werden bang.
Werd er geschoten?
Ja. Ik weet niet waar het vandaan kwam.
Geluiden dragen daar ver.
Ik moet gaan.
Komen jij en die vriend van je...
straks een verklaring afleggen.
Emma, de volgende keer dat er iemand beschoten wordt,
trek je je onderbroekje op en bel je me. Goed?
Wat zat er in die doos?
Met de gendarmerie van Villefranche.
Ik wilde vragen of er bij u...
een baby vermist was?
Ja, een baby.
Nee, ik kan niet luider praten.
Ik kom namens de sociale dienst voor jongeren.
Daar heb je het!
Verdomme!
De burgemeester vroeg me u het beste te tonen.
Met de bepleistering en een omheining...
zal het er fraai uitzien.
U bent een vriend van de burgemeester,
dus de huur kunnen we bespreken.
Vanzelfsprekend.
En het is splinternieuw.
Dus is er nog niemand in vermoord.
Uw sleutels. - Dank u.
Met genoegen.
Ziet er knus uit.
Komt u hier wonen?
Ik denk er nog even over na.
Zijn de ouders van de baby gevonden?
Nog niet. Hij is naar de sociale dienst.
Men zag een vrouw hem in het woud leggen.
Ze werd beschoten.
Zou het zijn moeder zijn?
Dat kan. Misschien wilde ze hem beschermen.
Camille aan de majoor.
Ja, Camille?
Het ziekenhuis belde.
De baby werd gisteravond bij hen gestolen.
Help me!
Alstublieft!
Haar vingers!
De sociale dienst breng uw zoon zo snel mogelijk hier.
Alles is in orde.
Wat is er gebeurd?
Hij moest naar de wiegenkamer.
De vrouw die u gisteren zag,
was geen verpleegster.
Ze zei dat het alleen vannacht was.
Ik kon niet weigeren, ik was uitgeput.
Ik wist het niet.
Had u die vrouw nooit gezien?
Nee, nooit.
Zulke ontvoeringen dienen vaak om de aandacht te trekken.
Deze kamer, vlakbij de ingang,
liep het meeste risico.
Ik moet nu gaan.
Niemand herkent haar.
Iedereen loopt hier ook zomaar binnen.
Denk je dat ze nog leeft?
Je kunt dagen overleven in het woud,
zelfs gewond.
Hier stond de doos.
Op deze plek.
Ze kon alle kanten heen.
Geen zorgen,
hij zal haar spoor zeker vinden.
Toch? Wie gaat haar vinden?
Mijn lieve hondje!
Mijn Rocky! Bloed ruikt hij als de beste!
Hou hem bij mij maar weg.
Luister niet naar hem.
Wat is er?
Wat ruik je? Vooruit, zoek!
Wat is dat?
Een vriend van me is dierenarts.
Je gelooft toch in mijn wolf.
De milieubeschermers doen moeilijk genoeg. Als er hier echt...
nog een wolf zit, sparen we hem beter.
Hij heeft iets gevonden.
Kijk, Rudy.
Waar lijkt dit op?
Weet ik veel,
misschien een hand,
of een inktvis.
Het lijkt nergens op. - Jawel.
Ik ken dat teken.
Kom kijken.
Kom op.
Mijn laatste foto van haar,
een week voor haar verdwijning.
Kijk hier.
Hetzelfde teken.
Een soort A van takken.
Vind je niet? - Met veel verbeelding, ja.
Je denkt te veel na.
Laat Marion je koud, Rudy?
Helemaal niet.
Maar dat gekrabbel stelt niets voor.
Denk aan iets anders.
Je weet best dat je pacemaker hier hapert.
Dat zal me niet beletten terug te komen.
Alles goed, Sabine?
Het gaat wel.
Mijn hart klopt uit zijn eigen.
En de zaken?
We staan in het rood.
Maar dat weet je best, het is jouw bar.
Ik kon die stamkroeg toch niet laten sluiten?
Wat doe je hier, Gérald?
Hoe ver je ook reist,
je komt altijd terug bij het begin.
Goed zo, jongen. Goed zo.
Isabelle Larrieux.
Nu kennen we haar naam.
Wat heeft hij?
Rustig. Rustig.
Laat dat mormel stil zijn. - Al goed!
Doe niet zo tegen hem!
Wat heeft hij toch?
Rustig. Bedaar.
Wat was dat?
Geen idee.
Verdomme, verdomme!
Rocky! Shit!
Mama.
Mijn schatje.
We hebben je drie dagen gezocht.
Je zult je hand nog kunnen gebruiken.
Wat is er gebeurd, lieverd?
Ik weet het niet.
Ik weet niets meer.
Laurène?
Laurène?
Gaat het?
Je bent al een uur aan het dromen.
Mijn hoofd tolt.
Dat is het kalmeringsmiddel.
Het is niet gevaarlijk voor mensen,
maar je zult een poosje afzien.
Prachtig schot in de roos, Teddy!
Iedereen hoeft het niet te weten.
Het is niet erg. - Nee, maar...
Het spijt me echt.
Vooruit. - Rustig aan.
Verdorie. - Gaat het?
Ja.
En de lijkschouwing?
Terwijl jij Doornroosje uithing, heb ik gewerkt.
Een enkele wond.
Een kogel doorboorde de schouder en een slagader.
Ze is doodgebloed.
Wat weten we over haar?
Gescheiden, drie kinderen, werkt halftime bij een benzinestation.
Geen type die blindelings kinderen ontvoert.
Deze mevrouw wenst u te spreken.
Ik ben de maatschappelijk werkster.
Ik werd aangevallen en...
De baby werd ontvoerd.
De baby werd ontvoerd.
Eén man met een groene parka. Ze kon zijn gezicht niet zien.
Hoe vond hij haar?
Hij volgde haar vanaf de gendarmerie.
Hij was echt op de kleine Verne uit.
Zou hij op Isabelle Larrieux geschoten hebben?
Misschien, maar dat verklaart de ontvoering nog niet.
Teddy overhoort haar zus,
hopelijk weet zij meer.
Burgemeester.
Ik vertelde de Vernes net dat hun baby ontvoerd werd.
Voor de tweede maal.
Hoever zijn jullie?
Er komt een opsporingsbericht op tv. De Onderzoeksdienst is onderweg.
Da's mooi.
Dat heeft mijn dochter goed geholpen.
U bent geen gendarme, burgemeester. - Maar wel de burgemeester.
Wat er in mijn stad omgaat, gaat mij aan.
Zoals dat huis dat u mij schonk.
Wat wilt u in ruil ervoor? - Bevalt het u niet?
Ik wil alleen dat u zich hier thuis voelt.
Dat zal wel.
Wel,
mooi dat jullie het samen goed kunnen vinden. Sorry.
Sorry.
Als het even kan,
wil ik graag dat kind vinden.
Heeft uw zus het nooit over de Vernes gehad?
Dat weet ik zeker, ja. - Goed.
Ik moest alleen twee dagen op de kinderen passen.
Ik wist niet wat ze van plan was.
En al die deurwaarderbrieven? - Ze heeft al lang geldproblemen.
Drie kinderen grootbrengen met een half loon is gewoon niet te doen.
Hielp de vader niet? - Die betaalt al jaren geen cent meer.
Hij is verhuisd.
Zijn naam en adres, alstublieft.
Ik had het moeten weten.
Toen ze zei dat ze een oplossing had gevonden...
Al het speelgoed waar ze mee aankwam.
Ze weten nog niet dat ze dood is.
Er werd een kind ontvoerd.
Dit is een opsporingsbericht van het Ministerie van Justitie.
Handel niet alleen.
Als u over informatie beschikt die ons kan helpen het kind te vinden,
bel dan het nummer hieronder.
Hij is twee keer ontvoerd!
Mr Verne, het spijt ons zeer.
Tieren helpt niet.
Moet ik u dan loven?
Luister, die mevrouw had geldproblemen. Ze wilde vast losgeld vragen.
Dat is positief.
Is dat positief?
Maakt u een grap?
Het betekent dat uw zoon niets riskeert. Misschien zullen ze contact met u opnemen.
En hoe betalen we?
Een psycholoog en een ambtenaar.
Dat lossen we wel op.
Iedereen beschuldigen is zinloos.
Hou je erbuiten.
Jij gaf onze zoon weg!
Wat doen we nu?
Wachten.
Dit is de voicemail van Cora.
Spreek een boodschap in en ik bel u terug... misschien!
Met mij.
Ik zal vanavond niet thuis zijn.
Ik weet niet waar je zit, maar hopelijk gaat het je goed.
Gaat het?
Nog altijd even handig.
Ja.
Dit is het enige dat me ontspant. Jagen.
Proost.
Stak je geen kaarsje aan voor de baby? - Voor Marion deed niemand het.
Dit is heel anders.
Klopt.
Als je voor haar gezorgd had, was ze er nog.
Wat is er?
Niets.
Alles in orde?
Ja, het gaat wel. - Ok.
Laurène.
LEG 100.000 EURO IN DE VUILNISBAK...
IN HET RUSTELLEPARK ALS UW ZOON U LIEF IS
100.000 euro. Om twaalf uur.
Dat is waanzin. Zoveel hebben we niet!
Kent u de plaats?
Op tien kilometer van hier, bij de waterval.
Veel tijd hebben we niet.
Maar hij moet toch weten dat u niet kunt betalen?
Tenzij u geld verbergt.
Wat bazelt u?
Wie denkt u wel... - Vat het niet zo op.
We moeten alles overwegen.
Zo snel 100.000 euro vinden, zal moeilijk zijn.
Ik heb ze.
Goedemorgen. Bedankt voor je oproep, majoor.
Hier.
Het is voor de kleine, niet om u om te kopen.
Zo werkt dat niet, Mr Steiner.
Nou, hier dus wel.
Dus neem dat geld en ga uw werk doen.
Breng dat kind terug.
Ik zou graag een losgeldbrief ontvangen...
om mijn dochter terug te vinden.
Moed, mevrouw.
Zoek verder naar Isabelle Larrieux's medeplichtige.
We zien vast iets over het hoofd.
Er is niks, Laurène.
Haar ex heeft een alibi,
en ik kijk al twee uur haar telefoonrekening in.
En haar creditcard?
Die heeft ze niet.
Die was geblokkeerd. En geen chequeboek.
Gaat het, Laurène?
Het gaat al beter. - Weet u het zeker?
Ja.
Vind iets, Hermann.
De baby...
Er zal iets nieuws zijn. - Denk je dat het goed nieuws is?
Geen idee.
Wacht eens.
Is dit nog steeds niks?
Gewoon een graffiti-ontwerp?
Welnee, Rudy. Dit zijn bomen.
Gaat het?
Ja.
Het geld zit in de vuilnisbak.
Wilt u de verrekijker? - Nee.
Nu alleen afwachten.
Waarom koos hij deze plek? Hij kan het geld nooit ongemerkt ophalen.
Het is zeker geen vakman.
Of hij neemt ons beet.
Zie je wat, Teddy?
Nee, maar laat hem opschieten, ik bevries hier.
Hermann aan Laurène.
Ik luister.
Het speelgoed van de kinderen van Larrieux...
komen van de hypermarkt maar werden betaald...
met een creditcard op naam van Maxime Pierrat.
Pierrat? Weet je dat zeker? - Ik zeg het toch?
Wie is dat?
Hij verloor zijn vrouw en baby drie jaar terug. Iedereen was verbijsterd.
Een band met Isabelle Larrieux?
Niet dat ik weet. - Ik ken hem.
Zijn vrouw was mijn patiënte na haar bevalling.
Wat? - Ze was gestrest.
Ik dacht dat het een gewone baby blues was.
Een baby blues?
Ik had het veel te druk.
Ik voorzag niet dat ze met de baby uit het raam zou springen.
En wat zei haar man?
Ik heb hem nooit ontmoet.
Alles is mijn schuld.
Het losgeld kan Pierrat niet schelen.
Hij wil wraak nemen.
En met getuigen.
Dat weten we niet. Geen risico's.
Er is iemand! - U bent er niet toe in staat!
Daarboven!
Majoor!
Laurène? Laurène, blijf hier! Laurène, verdorie!
Pierrat, doe dat niet!
Wacht! Wacht!
Ik hoop dat die psycholoog het goed kan zien!
Wat bent u van plan? Wees redelijk!
Redelijk?
Weet hij hoe het voelt...
om thuis te komen en de brandweer aan te treffen...
die je vrouw proberen te redden?
Pierrat!
En twee meter verderop, onder een laken,
mijn dochtertje...
Mijn lieve Élise...
Luister naar me!
Niemand had iets aan uw vrouw gemerkt! Hou op!
Wat wil je doen? Denk na!
Dan zijn jullie allen verantwoordelijk!
Hou op! Hou op!
Wacht, doe dat niet! Nee!
U hoeft het niet te doen! Wacht! Wacht!
Hou op! Nee!
Stop nu!
Nee!
Je geheugenverlies ligt aan de shock.
Door de wond en de angst.
Misschien komen sommige herinneringen nog terug.
Dit ongeluk is mijn schuld. Ik moest je niet laten gaan.
Het was geen ongeluk.
Je zei dat je je niets herinnerde. - Ja, maar...
Ik geloof dat er iemand bij was.
Laurène.
Je hebt je vast verwond aan een steen,
een door de bliksem getroffen boom of prikkeldraad.
We bespreken het nog.
Maar je moet sterk zijn,
en er met niemand over praten.
Maar... - Dat is belangrijk.
Vooral voor je moeder.
Haar uitslagen zijn slecht, ik wil haar niet verontrusten.
Nu moet je uitrusten.
Je bent terug, dat is het belangrijkste.
Begrepen.
Het team staat klaar.
De brandweer doorzoekt de rivier,
maar het lijkje kan kilometers zijn meegesleurd.
Het is te licht.
Het is jouw schuld niet, Laurène.
Niemand kon dit voorzien.
Hij had zijn huur al opgezegd, hij was voorbereid.
De versperringen zijn nutteloos als hij door het bos loopt.
En er lopen hier ontelbare trekpaden.
Laten we het zoekplan opnieuw bestuderen.
We laten hem onder geen beding ontsnappen.
Komt u, majoor?
Ik moet alleen zijn.
Moet ze niet naar een dokter?
Laat maar.
Wat wil je nu weer?
Is het nog niet genoeg?
Scheer je weg!
Ga terug je woud in!
Hoor je me?
Denk je dat het woud zomaar kan nemen wat het wil?
Hoepel nu op!
Weg!
Wat is er hier te zien?
Wat doen we hier?
Dus...
We hebben hier en hier versperringen aangelegd.
Iedereen heeft zijn signalement.
Dank u, Laugier.
Hallo. - De baby leeft nog!
Majoor Weiss? - Hoort u me?
De baby leeft nog!
Wat?
Ik vond sporen van melkpoeder.
Waar zit u? Ik hoor u slecht.
Aan de oostzijde.
De Couvet-bergpas, denk ik.
Hij viel niet in het water, hij heeft hem vast...
in zijn rugzak. Ik heb voetsporen gevonden.
Ik hoor u slecht.
Ik versta u niet. - Ik heb voetsporen.
Hij leeft, dat bedoelde de wolf. Hoort u me?
Hallo? - Hallo?
Verbroken. - Wel?
De baby leeft.
Ze had het over een wolf en de Couvert-bergpas.
De Couvet-bergpas... Hier!
Daar loopt geen enkele weg. - Klopt.
Is er daar geen schuilplaats?
Jawel. Het staat er vol met jachthutten.
Waar zou hij...
de baby kunnen verstoppen, als hij nog leeft?
Eén hut heet Élise.
Handen omhoog!
Waar is hij?
Waar is hij?
Vooruit, lopen!
Lopen!
Op je knieën! Nu meteen!
Verroer je niet!
Waar is hij?
Waar is hij?
Waar is hij?
Ik kon het niet.
Het is voorbij.
Hij is weer bij zijn ouders.
Mooi zo.
Wacht even.
De procureur gaf deze sleutels voor u.
U zou het wel begrijpen.
Ik zal vanavond laat thuis zijn.
Natuurlijk.
Tot later. - Ik hou van je.
Is er iets?
Nee, niets aan de hand.
Wat vind je aan dat doek?
Die man in het bos boeit me.
Wat denk je?
Maakt hij een avondwandeling?
Of is hij bang...
omdat hij verdwaald is...
en de nacht valt?
Voelt hij dat het echte gevaar...
tussen de bomen loert?
Can't find what you're looking for?
Get subtitles in any language from opensubtitles.com, and translate them here.