Afrikaans
Akan
Albanian
Amharic
Arabic
Armenian
Azerbaijani
Basque
Belarusian
Bemba
Bengali
Bihari
Bosnian
Breton
Bulgarian
Cambodian
Catalan
Cebuano
Cherokee
Chichewa
Chinese (Simplified)
Chinese (Traditional)
Corsican
Danish
Dutch
Esperanto
Estonian
Ewe
Faroese
Filipino
Finnish
French
Frisian
Ga
Galician
Georgian
German
Greek
Guarani
Gujarati
Haitian Creole
Hausa
Hawaiian
Hebrew
Hindi
Hmong
Hungarian
Icelandic
Igbo
Indonesian
Interlingua
Irish
Italian
Japanese
Javanese
Kannada
Kazakh
Kinyarwanda
Kirundi
Kongo
Korean
Krio (Sierra Leone)
Kurdish
Kurdish (Soranî)
Kyrgyz
Laothian
Latin
Latvian
Lingala
Lithuanian
Lozi
Luganda
Luo
Luxembourgish
Macedonian
Malagasy
Malay
Malayalam
Maltese
Maori
Marathi
Mauritian Creole
Moldavian
Mongolian
Myanmar (Burmese)
Montenegrin
Nepali
Nigerian Pidgin
Northern Sotho
Norwegian
Norwegian (Nynorsk)
Occitan
Oriya
Oromo
Pashto
Persian
Polish
Portuguese (Brazil)
Portuguese (Portugal)
Punjabi
Quechua
Romansh
Runyakitara
Russian
Samoan
Scots Gaelic
Serbian
Serbo-Croatian
Sesotho
Setswana
Seychellois Creole
Shona
Sindhi
Sinhalese
Slovak
Slovenian
Somali
Spanish
Spanish (Latin American)
Sundanese
Swahili
Swedish
Tajik
Tamil
Tatar
Telugu
Thai
Tigrinya
Tonga
Tshiluba
Tumbuka
Turkish
Turkmen
Twi
Uighur
Ukrainian
Urdu
Uzbek
Vietnamese
Welsh
Wolof
Xhosa
Yiddish
Yoruba
Zulu
elke gelijkenis tussen het personage en een bestaande Marseillaan...
berust op volkomen toevalligheid
Marseille... Kent u Marseille?
De indrukwekkendste en financieel zwaarst belaste stad.
Stad van knoflook en bouillabaisse.
De Canebi�re, waar men al gesticulerend altijd overdrijft.
De vissers.
De pastis.
De partijtjes jeu de boules.
En natuurlijk het werk.
Hoort dat niet bij de geneugten? Jawel.
Want bij ons is werken een genoegen.
En genoegens smaken is hard werken.
want in de Midi zoals ik het zie
is men eerder zorgeloos dan rusteloos
daar kreeg men het idee echt een droomidee
om zich in te spannen maar moeheid te verbannen
laat naar bed en vroeg weer op 100 kilo sjouwen dat is nop
graven en dan de zaak weer voegen een waar genoegen
in het water kringen laten komen
op een bootje zachtjes liggen dromen
zonder het roer ook maar op te merken
da's pas werken
de handen uit de mouwen steken
met valhamers de boel doorbreken
zagen schaven schilderen ploegen
een waar genoegen
maar achter een pastis gezeten
met indiscrete blikken laten weten
dat er borsten zijn die staan als kerken
da's pas werken
van Marseille naar Parijs gaan lopen
in plaats van een treinkaartje te kopen
een nacht doorhalen in de kroegen
een waar genoegen
maar om 's zondags lui op je lurven
de vliegen op het plafond te turven
of te zonnebaden in rozenperken
da's pas werken
ik ben een casanova lopen brallen
zodat alle vrouwen voor je vallen
en dan je naar hun kleinste wensen voegen
een waar genoegen
maar als je in alle openheid
je liefde voor iemand belijdt
je die tot in de kleinste details laat merken
da's pas werken
u denk dat ik dit overdrijf want ik kom uit de Midi
maar zelfs als het gelogen is ze geloven om het even wie
Mr Honor�, alstublieft. -Die is naar z'n werk.
Maar ik ben z'n vrouw.
Mooi. Dan kunt u me zeggen waar hij is.
Ik kreeg uw adres van de conci�rge van het Bristol. Kent u hem?
lk dacht het wel. Het is m'n neef.
Hij beval Mr Honor� aan voor m'n onderzoek.
Bent u van de politie?
Als ik van de politie was, had ik dat wel gezegd.
Nee, ik maak een reportage voor 'Moderne Etnologie'.
Ik ben etnoloog. -Wat?
lk hou me bezig met een wetenschap...
die bepaalde samenlevingen en culturen beschrijft.
Begrijpt u dat? -O ja.
Ik wil uw man graag interviewen.
Ach, u wilt hem graag inter... -Interviewen, ja.
Maar dan moet hij er wel zijn. -Natuurlijk.
Voor een stuk over Karel de Grote put ik uit m'n historische kennis.
Maar wat betreft Mr Honor� heb ik meer gegevens nodig.
U kunt hem vinden op de kade van La Joliette...
of in de soci�teit La Boule Joyeuse.
Een aardige verwijzing naar de Zuid-Franse vrolijkheid.
Dan rest mij u te bedanken. Mag ik nog even?
Even m'n haar doen. -Niet nodig.
Het gaat me om uw persoonlijkheid. Zo naturel mogelijk.
Niet bewegen.
Even glimlachen.
De flitslamp doet het niet meer.
Mislukt. -Evengoed bedankt.
Begrepen? Bij muziek gaat het allereerst om het ritme.
Dat snap ik, Honor�, maar hoe speel ik dit?
Hoe je dat speelt?
Zoals het geschreven staat. -Het staat vol fouten.
Een goede muzikant moet dat zelf kunnen corrigeren.
Dat noemt zich nou instrumentalist.
Victor. -Voorzitter.
Mr Garrigues. u vertoont zich hier maar weinig.
Ik heb te veel zorgen. -De administratie?
Nee, de administratie loopt als een trein.
Het is de boot. De naden moesten gedicht, hij moest geschilderd.
Het ging maar door. Maar nu is het klaar.
Mooi. Een pastis voor Mr Garrigues.
Nee, dank je. Ik heb haast.
Past�que, kijk de motor na. Volgens mij stottert hij.
O ja? Dan is hij vastgelopen. -Denk je?
Na de winter die we hadden... Ik heb een advies voor u.
Geef hem een grog en bedek hem met een warme deken.
Voor dat soort dingen vertrouw ik op hem.
Bedankt, Mr Garrigues. U bent een echte vriend.
Ben ik dat soms niet? -Zo bedoelde ik het niet.
Vergeet niet dat we morgen een eilandentrip maken, Honor�.
Ai, m'n zwakke plekken.
Ik weet het. Vissen en overspel plegen.
Stil. Als m'n vrouw dat hoort...
Is ze jaloers? -Achterdochtig.
Geluksvogel.
Ze wil je gewoon niet kwijt. -Moet je hem horen.
Dit keer is het 't dienstmeisje. Maar ik moet gaan.
Ik bedoelde het helemaal niet zo. -Je hebt me gewoon beledigd.
Geneer je vooral niet. Hoe moet ik er nu langs?
Weet ik veel, ik ben aan het werk. -En wat denk je dat ik doe?
Denk ook eens aan m'n cli�nt.
Wat is er aan de hand? -We zitten vast en u bent er bijna.
Hoezo bijna? -Nog tien meter lopen.
Dat is geen ramp.
Hier. Laat maar zitten. -100 franc?
Erg gul, maar er staat 140 franc op de meter.
Neem me niet kwalijk. Nog 50 franc. -Wacht u op het wisselgeld?
Wie gierig is, kan beter de bus nemen.
Onbeschofte vlerk. Lomperik.
Neem me niet kwalijk. -Kunt u niet uitkijken?
Wilde u een zeeduivel? -Nee, ik wilde...
Een poon? Een schorpioenvis?
Zijn ze niet vers genoeg? -Dat heb ik niet gezegd.
Nee, maar ik zag u kijken.
Zo kijk ik anders altijd.
Dat zal ik dan maar geloven, rampentoerist.
Omdat u zo vriendelijk aandringt, neem ik de zeebrasem.
Zo mag ik het horen. Deze kost 700 franc. Ik pak hem even in.
Mag ik u om een inlichting vragen? -Eentje maar? Wel twee.
Ik wil Mr Honor� graag spreken. -Die zit in die bistro daar.
Victor, iemand wil Honor� spreken.
Heel erg bedankt. -Laat maar zitten.
Mooie verse vis vandaag. Mooie sardines voor een weggeefprijs.
Wilt u Honor� spreken? Dat zal moeilijk worden.
Hij heeft het erg druk. Hebt u een afspraak?
Nee, waarom? -U moet een afspraak maken.
Honor� ontvangt niet iedereen. -Ik ben journalist.
Ik wil een stuk over hem schrijven. -Komt het in de krant?
Gaat u mij ook noemen? -Maar natuurlijk.
Dan is het een ander verhaal. Gaat u toch zitten.
Ik zal u wat inschenken. -Wat aardig van u.
Ik zal even kijken of hij tijd voor u heeft.
Een journalist wil je spreken.
Zeg dat hij geduld moet hebben. Ik ben even in gesprek.
Alsjeblieft.
Het spijt me dat ik moet ophouden, maar de pers wacht.
Ik ben etnoloog. -En ik Honor�.
Een hele eer. -Zo heet ik.
Fijn om kennis met u te maken.
Ik zei dat ik etnoloog was. -Ja, en ik ben Honor�.
Dat is geen naam, maar een beroep.
En met wie heb ik de eer? -Bob Patrick, 'Moderne Etnologie'.
Moderne Elo...gie.
Een Engelse naam. -Een pseudoniem.
Een seuniem.
Zo'n naam geeft je een weidse blik.
Bij wijze van spreken. -Pardon?
Nee, niets.
U bent een vlotte grappenmaker.
Niet boos worden. Vertel liever waarvoor u komt.
Op uw gezondheid. -Precies. Pardon
lk heb begrepen dat uw stamboom Grieks-Romeinse wortels heeft...
dus wie kan me beter inlichten over de gebruiken van uw medeburgers?
Daarom vraag ik u om u volledig bloot te geven.
Wie denkt u dat u voor u hebt?
Dat bedoel ik natuurlijk figuurlijk.
Ik wil het ware verhaal achter uw stad horen.
O, ik schrok al.
Die pastis ruikt vreemd, vindt u niet?
Hij ruikt naar anijs. -Naar anijs? Dat vind ik niet.
Wat is dat? -M'n vis. Hij ruikt naar de zee.
U zit tegenover een specialist.
Een goede raad: u moet hem niet opeten, maar laten opzetten.
Dan hebt u een mooi schoorsteengarnituur.
Bent u een kenner? -Een echte zoon van de zee.
Wat is er? -Heel opmerkelijk.
U bent heel anders dan ik me had voorgesteld.
Uw neef... -M'n neef?
heeft een rijke verbeelding.
Hij vertelde me over uw voorouders.
Nu vraag ik me af of het waar was.
Noemt u hem een leugenaar? -Dat is overdreven.
Want alles wat hij vertelt, heeft hij van mij gehoord.
Ik heb de stad geboren zien worden. -U? Nou, nou...
En met ik bedoel ik...
600 jaar v.C. voer een galei met Marseillanen...
statig een kreek binnen die men nu de oude haven noemt.
Ze werden ontvangen door een stam Liguri�rs die het land bezetten.
De leider van de Marseillanen...
man van de vrede, edelmoedig en uitgehongerd...
gaf bevel om aan deze herbergzame kust aan land te gaan...
om de inwendige mens wat te versterken.
Het geluk was met hen...
want de koning van de Liguri�rs had net z'n onderdanen verzamelt...
om een man uit te zoeken voor z'n dochter, de mooie Gyptis.
Moge gij in vrede komen, nobele vreemdeling. Ik heet u welkom.
Doet u ons de eer aan een maaltijd met ons te delen.
Een maaltijd? Met alle plezier. De zee wekt de eetlust op.
Kom.
Een mooi meisje. Wie is het?
Dat is m'n dochter Gyptis. -Gyptis. O, pardon.
Vrienden, het is zover.
Zoon van de zee, nobele en schone vreemdeling, licht van m'n ogen...
wilt ge u laven aan deze zoete nectar?
Heel graag zelfs...
dochter van de aarde, ster van mijn nachten.
Ik begon net dorst te krijgen.
Smaakt goed. Een landwijntje?
Kom in m'n armen, zoon. -Wat?
Wat is dit? Wat gebeurt er?
Jazeker, wat de vrouw wil...
Dat was de gewoonte. Het was een soort bezegelende kus.
Ze trouwden. Dat was de geboorte van Massilia, de wieg van de beschaving.
En dat mooie, Griekse profiel dank ik dus aan m'n voorvader.
En Marseille werd geboren omdat hij dorst had.
Mooi, maar het verklaart niet hoe Marseille aan z'n reputatie kwam.
Wie heeft de stad bevolkt met kleine Honor�'s en C�sars, u?
Die pretentie heb ik niet.
Dat moest er nog bijkomen ook.
Honor�, we wachten op je. -Ik kom al. Victor...
De rekening, graag. Voor meneer. -Maar...
En bedankt.
Dat is dan precies 200 franc.
Dat zijn geen goede ballen. Wil je me vleugellam maken?
Dat ging zeker per ongeluk? Voor wie zie je me aan?
Excuseer, maar u hebt m'n laatste vraag niet beantwoord.
Ik schijn niet makkelijk van u af te kunnen komen.
Het is zo dat ik de geschiedenis goed genoeg ken...
om te weten dat het niet zo ging als u zegt. Er waren ook nederlagen.
Welke nederlagen? Die zijn allemaal omgezet in overwinningen. En hoe.
Nu aarzel ik toch even. -Waarom?
U gaat vast weer denken dat ik overdrijf.
Goed dan.
Zeven eeuwen later moest Honoris, afstammeling van die familie...
zich uitspreken over twee Romeinse generaals, Cesar en Pompejus.
Hij gokte op Pompejus, een psychologische en strategische fout.
Voor hem waren de kansen nu gekeerd.
Honoris en z'n mannen werden zes maanden belegerd door Cesar...
en verveelden zich dood.
Maar een opwindend voorval zou hun bestaan veranderen, want die dag...
En ziedaar, onze favoriete sport, p�tanque, was geboren.
Heren...
Het punt is voor mij. -Je nam er wel de tijd voor.
Je meet anders wel raar en die bal telt niet.
Hij telt niet en toch wel. Het is maar hoe je het bekijkt.
Ik bekijk het zo: Je wilt ons van de wijs brengen.
Die bal is van mij en dus hebben wij gewonnen.
Waarom word ik nu niet woest? -Vanwege je kwade trouw.
Je slaapt slecht.
Ik slaap tien uur per nacht zonder te snurken.
Kan je meisje niet zeggen. -Welk meisje?
Heb je er dan meerdere? De vrouw van de slager.
Met die zwart omrande ogen. -Nu hou je op.
En daar ga jij voor zorgen? Probeer het maar eens.
Moeten jullie daar nu ruzie om maken?
Ruziemaken? Wij amuseren ons.
Want hier neemt zelfs de kleinste discussie enorme proporties aan.
Trouwens, het gaat u niet aan. -Zo is dat. Hou u erbuiten.
Mijn vriendinnetje is zoals ze is. -Daar verandert u niks aan.
Meng u niet in andermans zaken en zeker niet in Marseille.
Dat is de charme van ons leven.
Wat doet u eigenlijk?
lk vermaak m'n medeburgers. -U hebt toch wel een beroep?
Een beroep? Wel 10, 20, 30. Ik doe wat ik leuk vind.
Ik heb 25 eeuwen historie achter me. -Marseillaanse historie.
Hoe kan ik u nu serieus nemen? Neem Marius en Olive.
Praat me niet van hen. -Kent u ze?
Ze bestaan niet.
Terwijl ik het verleden, het heden en de toekomst vertegenwoordig.
Doet u dan niks anders dan p�tanque spelen en vissen?
Waarom zou ik gaan werken?
Deden de afstammelingen van Louis XIV dat? Nee.
Toch was hun adeldom niets vergeleken met de mijne.
Wat stellen drie eeuwen voor naast 2500 jaren van nationale glorie?
Nou, nationale glorie...
Ja, nationale glorie. Ik ben een personage uit de Oudheid.
Als de republiek haar onderdanen zou kennen...
zou ze me tot historisch monument benoemen.
Waarom blijft u dan in Marseille wonen? U stompt af in dit gat.
In dit gat, zegt hij.
Wij kunnen overdrijven, maar hij slaat alles.
Wat hebt u op school geleerd?
Kent u meer steden waar kinderen namen van Romeinse keizers dragen?
Ja. Minstens een. -Welke stad?
Rome.
Rome, alleen Rome. De uitzondering. Maar genoeg over Rome.
Kijk naar Marseille. De zon, de zee, de blauwe lucht...
de aanstormende trams, de mensen die werken.
En de mensen die toekijken hoe ze werken.
Ik zie echt niet... -Nee, maar u bent toch niet doof?
als in de oude haven de ochtend wordt geboren
zie ik door m'n raam de nieuwe dag weer gloren
meneer de bakker en de poelier
zijn al aan het werk zoals iedereen hier
wees niet ongerust ik ben geen kaper op de kust
ik hecht te veel aan beddenrust
dat alles is Marseille
dat wonderbaarlijke Marseille
de blauwe zee de zalige zon
en mooie meisjes op haast elk balkon
en dan is er muziek uit elk huis klinkt ritmiek
en wij genieten allen echt � la Proven�ale
en we gesticuleren als Italiaanse heren
en als het klokje twaalf slaat
dan slaan we door zoals dat gaat
dat alles is dan de Midi
uitbundig en blij van gemoed
is er weinig wat ons klagen doet
maar als we soms in woede ontsteken
doen onze woorden het doelwit verbleken
en als iets hem niet zint is hij net een dwars kind
dan gaat hij echt door het lint
dat alles is Marseille
dat wonderbaarlijke Marseille
zo'n moeder kunnen we alleen maar eren
wat kan ons verder nou nog deren
dan is er ook nog een detail dat vreemd accent van ai ai ai
zuurpruimen zul je zelden zien in het land van de sardien
en ze vragen je op straat hoe het nou toch met je gaat
luister dus naar deze raad
kom eens kijken hoe het gaat
waar? waar de zon aan de hemel staat
want hier in Marseille
dat wonderbaarlijke Marseille
is het weer net zoals wij even maar en het is voorbij
de mistral is een kornuit
als hij blaast dan is het uit
dat alles is de Midi
Ben jij dat, Honor�? -Nee, de postbode.
Flauw, hoor.
Morgen zie je wat vissen inhoudt. -Hoezo? Mag ik mee?
Geen mannen onder elkaar? -Welnee.
Vrouwen van vrienden zijn onze vriendinnen.
Je begrijpt het weer eens verkeerd.
Nee, morgen wil ik dat je me bijstaat bij m'n triomf.
Kijk.
Ik moet je iets laten zien.
Een grondbeug, fijne vishaken.
Wat een kleintjes. -Voor de bodemvissen.
Maar met deze nylon lijn nr. 35 kan ik een vis van wel 15 kilo vangen.
Ben je dan niet bang? - Bang waarvoor? Dat zou mooi zijn.
Ik ben voor niks of niemand bang. Geef me de kalot eens.
Prachtig gereedschap, haken, lokaas.
En geen rotzooi, maar goed spul, dat zie je zo.
Een, twee, drie, vier, vijf, zes... Vreselijk.
zeven, acht, negen, tien, elf... Elf.
Hij heeft me genept. Er ontbreekt er een.
Ik ga er niet meer heen. -Hij kan zich vergist hebben.
Geef hem maar gelijk. Maar hij vergist zich nooit in z'n nadeel.
Nooit 13 in plaats van een dozijn.
Je moet naar z'n handen kijken, niet naar z'n haren. O nee, hij is kaal.
H�, jij daar. Die was ervandoor gegaan.
Zie je wel, je zat je voor niks op te winden. En nu gaan we eten.
En dan slaapje doen. Morgen om vier uur op.
Om vier uur? -Ja, om vier uur.
Wat een kanjer. Wat een knaap. Ja, en nog eentje.
Overal vissen, overal.
Ze springen zo in de boot.
Veel te veel vissen. Veel te veel. Ze zullen me verstikken.
En daar nog eentje. Wat een enorme joekel. Maar ik heb hem.
Ik ben in zee gevallen.
Wat is er aan de hand? -Ik verdrink.
Je droomt, Honor�. -Waar ben je?
Je bent uit het bed gevallen.
Jammer, ik had een mooie gevangen. En hij trok me toch.
Een tandbaars met zo'n kop. Net Garrigues.
Altijd hetzelfde met dat vissen. Geen moment rustig slapen.
Kom terug, jij.
Je moet opstaan. -Maar ik ben nog moe.
Dat verbaast me niks. Je windt je veel te veel op.
Ik wil slapen. Ik ga vandaag niet werken.
Je hoeft niet te werken. Het is zondag.
O, is het zondag? Nou en? -Mr Garrigues wacht op je.
Wat? Voel je je niet goed?
Nee, ik schrok. Ik dacht dat ik m'n geest zag.
Ik ga die kast verplaatsen.
Waarheen? Naar de overloop?
Je hebt je nieuwe korset aan.
We gaan niet naar het bal.
Toen we verkering hadden, deden we dat wel.
Toen was je ook veel galanter.
En jij had nog geen korset nodig. -Nee, jij bent slank gebleven.
Om jullie te behagen, moeten wij kosten nog moeite sparen.
Maak je niet druk. Geef me m'n koffie.
Laat maar, meid. Pak liever de hengels en het aas.
Waar is het aas? -In de koelkast.
Bij het gebraden kalfsvlees? Bah.
Vergeet het vlees niet mee te nemen. En de olijven en de rode kaas.
Is dat alles? -Ik ga echt smullen.
Ga je aankleden. Zo komen we nog te laat.
Als we te laat komen, wiens schuld is dat dan?
Je moet je arme man gewoon niet zo opjagen.
Ga je nou aankleden. -Ik ga al.
Je weet dat Garrigues niet graag wacht.
Waar blijven ze nou toch?
Gaat u uit vissen? -Meteen raak. Hier, ik haal de rest.
U hebt een mooie dag uitgekozen.
Bel je nog een keer?
lk wacht tot meneer hier verhuisd is.
Ja hoor, druk me maar plat.
Die lui hebben altijd haast bij wijze van spreken.
U hebt mooi weer tot de wind draait. -Waarom zou hij?
Geen idee. Soms...
Laat ook maar. Kom, geef mij de tas en de hengels.
Wacht even.
Kom, we gaan.
Past�que. -Hallo, zoon van de zee.
Goedemorgen, Mr Garrigues.
Kon je niet uit je bed komen?
Het komt door Toinette. Het aankleden duurde eeuwig.
Ze moest en zou haar nieuwe korset aan.
Je hoeft je toch niet te kleden om te gaan vissen?
Had ik soms naakt moeten komen?
Kom, ga mee.
Doe eens wat, Past�que.
Wat wilt u dat ik doe? lk zit te wachten.
In dit tempo zijn we om twaalf uur nog hier.
Daar zijn ze al.
Goedemorgen, Mme Honor�.
Neem ons niet kwalijk dat we zo laat zijn. We wonen nogal afgelegen.
Maar nu zijn jullie er. -Voorzichtig daarmee.
Hier, vangen.
De zee lijkt nogal ruw. -Ruw? Ze is zo glad als wat.
Pak aan, Past�que.
Snuif die zeelucht eens op. Dat wordt genieten.
Geef me uw hand maar, madame. -Vooruit, de boot in.
Ziezo. Wat een vrachtje. -Zeg maar gewoon dat ik dik ben.
Je bent niet dik, maar pas op.
Door magere types zoals jij slaan boten vaak om.
Stap maar naar beneden, meid. Voorzichtig. Kom, we vertrekken.
Daar gaan we dan.
Wat een wiebelige bedoening.
Ik weet niet of je het weet, maar de zee is vloeibaar.
Maar die boot wiebelt wel erg. Alles ligt door elkaar.
Gelukkig heb jij je korset aan.
We gaan naar de eilanden van Frioul. Wat zit daar voor vis?
Vorige week zagen we er een tonijn. -Een tonijn? Echt waar?
Ja, een tonijn. Een hele dikke. Zoiets als je vrouw.
Je bent vandaag scheutig met complimentjes.
Zo bedoelde ik het niet, madame.
Welnee, hij bedoelde dat je korset hem doet denken aan baleinen.
Doe je dat expres?
Dat ik nou wat ben aangekomen... -Altijd bescheiden.
Als ik niet midden op zee zat, ging ik naar huis.
Geniet ervan. -Klier.
We zijn er. Kijk, de ankerplaats. -Klier, klier.
Geef me die grondbeuk eens. Ik ben vandaag goed in vorm.
De zeelucht bekomt me altijd goed.
Ik heb levend aas, de slangen van de zee.
Waar vis jij op? Op heremietkreeft?
Praat toch gewoon zoals iedereen.
Ik pak de lunch uit. Ik heb honger.
Dat heb je altijd. Het zou me niks verbazen...
Begin je weer? lk zal je het tegendeel bewijzen.
Mag ik een iets kleiner haakje?
Met alle plezier, Toinette.
En nu wordt er niet meer gepraat, anders bega ik een ongeluk.
Het is hier niet moeilijk. Je hebt zowat elke keer beet.
Voelt u al iets, Mr Garrigues? lk voel niks.
Vreemd, ik ook niet.
Terwijl het vorige week zo goed ging.
Volgens mij is het water te koud.
Kijk nou, ik heb beet. -Inhalen, anders ben je hem kwijt.
Laat eens zien. -Wat een joekel.
Voorzichtig, straks rukt hij zich los.
M'n complimenten. Niet slecht. -Hij weegt minstens 23 gram.
Laat me niet lachen. -Jij hebt anders nog niks gevangen.
Nee, maar zulke visjes hoef ik niet. Ik zou me doodschamen.
Ik mik op grote vissen, dus die kunnen beter maar uitkijken.
Het water is te koud. -Misschien, maar u zult wel zien.
Kijk nou, ik heb er weer eentje. -Dat kan niet. Waar dan?
Dit is een mooie. -Ze heeft de beste plaats.
Je bent jaloers. -Echt niet.
Neem mijn plaats maar, anders blijf ik het horen.
Misschien zit er nog meer.
Zei ik het niet? Een prachtbodem.
Rotsachtig met wat algen.
En de derde. -Wie biedt meer?
Geloof mij nou maar. Het water is te koud.
Ja hoor, het water is te koud. Altijd dezelfde smoes.
Te koud, te warm of een te sterke stroom.
Maar als je goed kunt vissen, vang je altijd wat.
Ik heb er een. Hij heeft losgelaten.
Je had hem aan de haak. -U doet me verdriet, Mr Garrigues.
Ik, Honor�? -U twijfelt aan m'n kunnen.
Het was een grote vis. Een grote, dikke vis. Zo dik als...
Hij heeft alles opgegeten. -Die zal in z'n vuistje lachen.
Ik heb liever dat hij openlijk lacht.
M'n vrouw had gelijk, Mr Garrigues. Uw boot wiebelt wel heel erg.
Hij is braaf en volgt gewoon de beweging van de golven.
Gelukkig heb ik zeebenen.
Misschien wel, maar je gezicht ziet grauw.
Het is vast de koffie van vanmorgen. -Eet iets, dan is het zo over.
Hij heeft gelijk. Wil je wat hoofdkaas in gelei?
lk heb pens meegebracht. Wil je dat met wat brood?
Pens. Het zweet breekt me uit.
Je ziet helemaal groen. -Ik ga over tot ontbinding.
M'n hart is net water. Het stijgt, het daalt en stijgt dan weer.
We zetten je aan land. -Doe dat maar, als u wilt.
Voel je je niet goed, Honor�? -Nee, ik voel me...ik moet...
Wacht, ik wil niet dat de boot op de rotsen slaat en we water maken.
Welja, dat ontbrak er nog maar aan.
Past�que, gaat het? -We zetten je zo aan land.
Schiet op, ik voel me niet goed.
Rust hier maar even uit. -Het is zo weer over.
Over twee dagen ben je weer fit.
Laten jullie me hier nog lang alleen zitten?
We komen er aan. -Mooi zo.
Denk niet dat ik zeeziek ben...
want ik ben niet bang voor de zee.
Waar ik bang voor ben...
is de boot.
Gelukkig ving u vis voor de bouillabaisse. Zo hebben we nog wat.
Ik hoor ze niet meer praten. Ga eens kijken wat ze doen.
Net nu hij u eens even met rust laat. Ik snap u niet.
En? We waanden jullie dood.
Mr Garrigues is net bezig een fond te maken.
Lach maar, maar dit recept is nog van de overgrootmoeder van m'n oma.
Mijn voorouders maakten dit al 700 jaar v.C. Ze vonden het uit.
Net als p�tanque? -Precies.
En jij zegt dat zee-egelbiefstuk... -Dat heb ik zelf bedacht.
Zee-egelbiefstuk in de bouillabaisse...
maakt dat u het beste van de zee op uw bordje krijgt.
Ik ben benieuw of het verschil maakt. Proef eens.
Proef.
Niet slecht, maar het zegt me niks. Bouillabaisse is het beslist niet.
Dat is me nog nooit gezegd.
Past�que, jij bent scheidsrechter. Proef dit eens even.
Hij kan nog geen hazenpeper van schaapsragout onderscheiden.
Ook al woont hij in een oven. -Je overdrijft.
Luister niet naar hem, proef. -Ja, maar zeg niet dat 't lekker is.
Tja, ik vind het niet zo... -Niet zo wat?
Wat heb ik u gezegd? Maar gelukkig is er de knoflooksaus met pepers.
Die heb ik gemaakt en die zal veel goedmaken. Waar of niet?
Komt die bouillabaisse nog? -Hij is klaar.
Het eten is opgediend.
Op jullie gezondheid. -En de uwe.
En de mijne. Van niets anders krijg je zo'n dorst.
Vooral door die Spaanse pepers van jou.
Gaat u me nu verwijten dat ik uw soep heb opgepept?
We verwijten je niks. -Je hebt wel drie keer opgeschept.
Ik wilde u versteld doen staan, Mr Garrigues.
Er belt iemand aan. -Ik ga kijken wie het is.
Mr Saturnin, kom binnen. Honor� zal blij zijn u te zien.
Altijd als we met vrienden onder elkaar zijn, komt iemand ons last...
Saturnin, wat een aangename verrassing.
Het doet me genoegen je te zien. -Hallo, Saturnin.
Ga lekker zitten. -Ik wilde niet storen.
U stoort niet. Een glas wijn? -Nee, dank u. De lever.
Je knapt er juist van op. -Ik dacht dat je ziek was.
Hij is zo gezond als een vis.
Ik heb hem al 6 maanden niet gezien. -Wat bedoel je, 6 maanden?
Zondag was ik nog bij de repetitie in de Boule Joyeuse.
Hij gaat er om de 14 dagen heen.
De pastis heeft je geheugen aangetast.
Ik drink nooit pastis.
Hou je niet in vanwege haar en m'n vrienden.
Zes weken geleden heb ik de laatste tram gemist toen ik je thuisbracht.
Ik was zelf pas om drie uur 's nachts thuis.
Weet je het zeker?
Misschien weet u het niet meer. U was nogal ver heen.
Hou op, Toinette. Je brengt hem in verlegenheid.
Wat vind je van ons strandhuis? -Het is groter dan ik dacht.
Maar het haalt het niet bij het uwe. Een paleisje, zei Honor�.
Ik vertelde haar van de veranda, de badkamer en de pick-up.
O ja, de pick-up.
Die 20.000 franc die Honor� u heeft geleend? Daar is geen haast bij.
20.000 franc? Wanneer heb ik die dan van je geleend, Honor�?
Ander onderwerp. Nu denkt hij dat we het geld meteen terug willen.
U had uw vrouw mee moeten brengen. -M'n vrouw? lk ben niet getrouwd.
Dat vergat ik te vertellen.
Saturnin leeft samen met een vrouw, maar is ongetrouwd.
Maar dat zal niet lang meer duren. Toch, Saturnin?
Nee, dat zal niet lang meer duren.
Ze moet heel koket zijn. Ik wed dat ze zich parfumeert met Chypre.
Met Chypre?
Dat is heel goed mogelijk. Hoezo?
Dat vertelde Honor� me.
Toen hij eens bij u was geweest, hing er een wolk Chypre om hem heen.
Dat weet je toch nog wel?
Chypre is een hardnekkige geur. -Ja, dat kun je wel zeggen.
Vind je ook niet, Saturnin? Chypre is een hardnekkige geur.
Wat heb je toch, Honor�? Je trekt aldoor gekke bekken.
Alsof je een tic hebt. -Onnozele.
Ik heb gewoon een vuiltje in m'n oog.
En wat moet Toinette denken, als je aldoor doet of je nergens van weet?
lk heb niks gezegd.
Inderdaad, zij heeft niks gezegd.
Nee, maar ze denkt er het hare van.
Ik denk wat ik wil. Toch, Mr Saturnin?
Ach, ik... -Ik loop met je mee.
Misschien weet ik het dan weer. -Dat frist vast uw geheugen op.
Honor� snapt het heel goed. -Wat snap ik? Wat bedoel je?
Dat jouw Boule Joyeuse een mooie dekmantel is.
Als je naar Chypre ruikt en om 3 uur thuiskomt, weet ik nu waar je was.
Doe niet zo kinderachtig. Het is echt niet belangrijk.
Een slet die naar Chypre ruikt? lk wil er niet aan denken. Ik ga...
Wat ga je doen?
De afwas.
Ik wilde je alleen maar verrassen. -Dat heb je zeker gedaan.
Waarschuw me voortaan eerst even.
Anders kan ik het wel vergeten zonder m'n vrouw uit te gaan.
Des te beter.
Door al dat poetsen, verslijt die naamplaat op den duur.
Waarom 'meester-kleermaker'? -Omdat mijn man een kunstenaar is.
Niet dat het veel klanten trekt. -We hebben het anders heel druk.
We hebben anders geen klanten gezien.
Pardon, dames. Is Honor� er?
Mr Saturnin, voor goede klanten is Honor� er altijd. Kom binnen.
Alweer een klant.
Honor�, Mr Saturnin is er.
Kom je me weer eens verrassen? -Hoezo? lk kom voor m'n pak.
Dat is nog niet klaar. -Ik kon het ophalen.
Tja, wat wil je. Het werk, de boekhouding, het schilderwerk...
Ach, je houdt je ook bezig met de schilderkunst.
Ik ben de keuken aan het schilderen, dus...
Ik heb dat pak zaterdag beslist nodig.
Zaterdag. Beslist. En waarom?
Dan heb je het zaterdag. Pas het nog maar een keer.
Maar dat is de vijfde keer.
Het kan niet vaak genoeg gepast worden. Een pak moet volmaakt zijn.
Je hebt volkomen gelijk.
Ik besteed zorg aan m'n cli�nten. Ik adviseer en transformeer ze.
Dat is bij jou ook wel nodig.
Prachtig. Even in de spiegel bekijken.
Is de broek niet wat lang, Honor�?
Dat is de mode. Je moet hem hoog ophijsen en dan bretels dragen.
Maar ik draag altijd een riem. -Bretels zijn veel moderner.
Een elegante man draagt bretels. Kijk naar Gary Cooper. Ken je die?
Maar natuurlijk. -Nou, Gary Cooper draagt bretels.
Toch is hij chic, Gary Cooper.
Kijk, als je hem optrekt, valt de broek al minder lang.
Au, je knijpt in m'n buik. -Niet zo kleinzerig zijn.
De vouw strijk ik er wel in.
De knopen zitten niet tegenover de knoopsgaten. Hier nog een rukje.
Ziedaar. En nu het jasje.
Storen al die ruitjes je niet?
Helemaal niet. Ik vind ze feodaal.
Jij met je uitdrukkingen. -Ik ben op de hoogte van de mode.
Dit pak gaat opzien baren. Probeer de mouw eens.
Vertrouw op mij. Dit is echte Engelse pied-de-poule.
Je zult er uitzien als de hertog van Windsor. Niemand herkent je.
Dat beangstigt me juist. De schouders vallen wat ruim.
Dat flatteert wat. -Ben ik niet goed gebouwd?
Je bent helemaal bebop...
met die schouders als een kapstok. Echt sensationeel.
Meen je dat? -Anders zeg ik het toch niet?
H�, dat is gek. Zo kijkt hij. Want uitgekleed is hij mager als een lat.
Ik heb toch nog wat aanmerkingen.
Ik vind het jasje te kort. -Dat maakt de lange broek goed.
Trek het van achteren naar beneden en buig je dan wat naar voren.
Dan zit het perfect. -Maar moet ik dan...
Ja, dat moet. Bekijk jezelf eens.
Toch heeft het een vreemde snit.
De snit is prima. Ik heb die cursus destijds in twee maanden gehaald.
Een natuurtalent. Ik maakte als kind al pakken voor pa.
Die mouw is wat te lang.
Ik pak even een speld. Sta stil. -Je prikte me.
Je bent wel kleinzerig vandaag, beste vriend.
Alles valt wel ruim.
Zo kun je aankomen. Ik neem de maten niet te strak op.
Ik laat de cli�nt profiteren van de stof, snap je?
Gary Cooper?
Hoeveel pakken heb je gemaakt sinds je meester-kleermaker bent?
Met dit erbij twee. Voor Fran�ois, toen z'n dochter haar communie deed.
Was hij tevreden? -ledereen keek naar hem.
Hij zag er 20 jaar jonger uit. Men riep:
'ls dat pak wel betaald? Mocht je weg van je moeder?
Wanneer doe je die tour de chant in het Alcazar?'
Dat stelt me gerust. -Het was een ware triomf.
Ik ben best tevreden, maar je moet er nog zakken opzetten.
En de revers en zo.
Maak je niet druk, het zal je passen als een handschoen.
Liever als een pak.
Als je er net zoals iedereen uit wilt zien...
Marseille is niet altijd zonovergoten.
De tijd verstrijkt. Nu zijn de daken bedekt met rijp.
De platanen aan de grote lanen hebben hun bladeren verloren.
En thuis bereidt men zich voor op Kerstmis, het grote kinderfeest.
Josette, die dingen zijn breekbaar.
Je moet die kleine ook altijd hebben.
Kom van die trap af en laat me er langs.
Jij neemt alle plaats in. Straks heb je een schoenlepel nodig.
Jij loopt altijd in de weg, niet ik.
Je hebt dunne billen en dikke, zoals de jouwe.
Wil je dat ik me kwaad maak? -Op een avond als deze mag dat niet.
Hou dan op met die flauwe grapjes en laat me er langs.
Als je het me eerst lief vraagt.
Geef me het engelenhaar eens aan.
Die zilveren draden die blinken.
Heel zoet van je.
Wie belt daar nou aan? -Dat is vast mama.
Ik ga wel even. -Goed.
Wat wordt hij mooi. -Ja, h�?
Geef me eens wat van de gekleurde ballen aan. Braaf zo.
Stoor ik? -Helemaal niet, Mr Marchetti.
Scusi, Honor�. -Wat is er aan de hand, Pasquale?
De kleine spijkerde een la vast en nu gaat hij niet meer open.
Vreemde capriolen. -Hij wil meubelmaker worden.
Dus als je een nijptang hebt, kan ik er misschien bij.
Bij de kleine? -Nee, bij de buffetla.
Ik heb wel iets. Hou even vast.
Ik zie dat je de boom versiert. -Jij ziet ook alles.
Is er iets? -Ik zou hem daar hebben gezet.
Daar? Waarom?
Dan zie je hem meteen als je binnenkomt.
Daar zit wat in. -Maar hoe maak ik er plaats voor?
Verschuif de tafel. -Een heidens karwei.
Heidens spreekt me wel aan.
Pak aan. Het is een klus van niks.
Jij gaat daar staan en madame geeft me de stoel aan.
Kom eens hier, meisje.
Let op. Ik tel tot drie en dan trek jij en wij duwen.
Goed, ik duw en jullie trekken.
Let op. Avanti, uno, due, tre.
Een prima idee. Heb je ook nog een idee hoe ik hier wegkom?
Ja, Honor�. Heel makkelijk.
Alsjeblieft. Zie je wel? -Ik zie het. En nu?
Nu alleen nog de boom verplaatsen. -O, m'n kerstballen.
Scusi, ik geef je wat Venetiaanse lantaarns.
En zeker ook nog wat gondels. Kijk toch uit wat je doet.
Va bene, va bene. Help me even.
M'n nieuwe servies. -De soepterrine is nog heel.
Wie heeft die stoel hier neergezet? -Jij.
Je hebt je toch geen pijn gedaan? Kan ik iets voor je doen?
lk zou wel een aperitiefje lusten.
Luister, Pasquale. Je kwam m'n nijptang lenen. Prima.
Je vond dat m'n boom niet goed stond. Al minder.
Je zet me vast tussen de tafel en de muur. Foute boel.
En dan, nadat je m'n servies breekt...
durf je om een aperitiefje te vragen. Dat gaat te ver.
Maar het was mijn schuld niet. -Hij wou alleen maar helpen.
Mme Marchetti. U zoekt uw man? Hij is hier.
Ik zie dat je je amuseert. -We amuseren ons dolletjes.
Terwijl de spaghetti doorkookt. -Mama mia, de spaghetti. Scusi.
Ik hou je niet tegen. De spaghetti gaat altijd voor.
Voor de boom kom ik straks terug. -Niet nodig. Die staat zo goed.
Pasquale. -Ja?
Je vergeet de nijptang. -Grazie, Honor�. Grazie.
Gelukkig kerstfeest.
Na de winter brengt de lente weer vreugde in de natuur en de harten.
In de zon van de Midi barst ze los als het koperwerk van een fanfare.
Ken je de muziek, Honor�? -Ik niet, maar zij wel.
Beste Honor�, bedankt voor de opening van de festiviteiten.
Je deed het met gloed en voortvarendheid.
Ook moet gezegd... -Ja?
Het woord is aan onze secretaris.
Ik heb maar ��n ding te zeggen, ��n enkel woord. Bravo.
Voorzitter, secretaris, beste vrienden.
M'n bescheidenheid wordt zwaar op de proef gesteld.
In m'n spontane dankbetuiging...
zal ik u de essentie vertellen van wat mij drijft.
Drie eieren, een blik doperwtjes, twee kilo tomaten.
Dat is het boodschappenlijstje.
Ik zei dus dat de essentie, de essentie...
De nota voor het fornuis. De rest ligt nog thuis.
Aangezien de minst lange toespraken het kortst zijn, ��n woord. Bedankt.
Geweldig. Jammer van die dissonant. -Dissonant?
Van het boodschappenbriefje. -O, ik dacht in de muziek.
U mag de schoonheidswedstrijd van uw man niet missen, madame.
Een schoonheidswedstrijd? Wie denk je wel dat je bent?
De draagster van de titel Miss Flots Bleus, nummer 4.
Waar ga je heen? -Een bezoekje afleggen.
En hier is haar concurrente, nummer 5.
Hallo, meisjes. Dat blijft goed zitten.
Van de zon geprofiteerd. Nog altijd even mooi.
Mr Baccala. -Beste Honor�.
Het spijt me dat ik stoor bij deze manifestatie.
Ik kom u om een dienst vragen. -U kan ik niets weigeren.
Behalve geld natuurlijk.
Ik zit in een moeilijke situatie. Ik ben nu 56...
Dat zou je niet zeggen.
Toch ben ik het. -Dat is zo.
En ik ben verliefd.
Verrekte Baccala. Pardon. -Laat maar.
Ik ben stapelverliefd op een meisje van 20.
Slecht voor de bloeddruk. -Nee, niks aan de hand.
Het is Marit�, m'n secretaresse. -Uw secretaresse.
Ze wilde per se hieraan meedoen...
zeker van haar charmes en van mijn bescherming.
Ze droomt ervan om Miss Flots Bleus te worden.
Dat zal niet meevallen. Er zijn hier veel mooie meisjes.
Honor�. M'n beste Honor�.
Uit naam van onze vriendschap: Gun haar die titel.
Maar ik... -Het gaat om mijn geluk.
Ze zeurt er al de hele morgen over.
Het gaat hier wel om een bokaal.
Als ze hem wint, geeft ze zich aan mij.
Zo niet, dan vertrekt ze met de kantoorklerk.
Met de kantoorklerk? In dat geval...
Regel je het? Je hebt geen nee gezegd. Bedankt.
En dan nu kandidate nummer 7.
Dat ben ik niet.
Zoals ik al zei, de levenslustige, piepjonge kandidate nummer 7.
De verleidelijke mademoiselle... -Marit�, 20 jaar.
Ga toch weg, kleuter.
Is die bikini van jou?
Wat doe je voor de kost? -Ik ben secretaresse.
En wat zou je willen zijn? -Filmster. Ik ben ervoor geknipt.
En daarna gekrompen in de was.
Ga je maar aan het publiek vertonen.
Dat scheve hoofdje komt door een geplombeerde kies.
Ik vind haar heel goed. Ze heeft iets pikants.
Jij bent makkelijk. Toen ik zo oud was, was het andere koek.
Er zitten hier wel mensen, hoor.
Die kleine moet door. Niet verder vertellen.
Zij moet door. Hou voor je.
M'n complimenten. -Waarvoor?
Ja, waarvoor? Hij weet het niet.
Het woord is aan de jury. Moge de mooiste winnen.
De resultaten van het concours om de titel Miss Flots Bleus.
Marit�.
Raymonde.
Denise.
Bij meerderheid van stemmen: Marit� is verkozen tot Miss Flots Bleus.
Dat is bluf. -Een provocatie.
Wat een lef, zeg. -Het water in.
De duik, de duik, de duik.
Omdat u het zo vriendelijk vraagt, zal Miss Flots Bleus een duik nemen.
Nee, niet doen. Niet doen.
En, hebben jullie al eens eerder een Miss onder water zien zwemmen?
Ze komt niet boven. Doe iets. -Ik ga al.
Maar je kunt niet zwemmen. -Dat was ik even vergeten.
Kijk, Toinette. -Het is me wat moois.
Wat is er? Wat bezielt je?
lk heb zin om in zee te springen. -Waarom zou je, Toinette?
Niks geen Toinette.
Op jouw leeftijd zo'n spektakel maken om een snotgriet van 15.
Denk je dat je Don Juan bent?
Het is een misverstand. -Een misverstand?
Die andere rook naar Chypre. En waar ruikt deze naar?
Geen idee. Het was een vriendendienst.
Ik snapte heus wel wat Saturnin bedoelde met 'm'n complimenten'.
Tegen wie zei hij dat? -Dat weet ik niet.
En ik maar kussens opschudden, zodat je goed slaapt.
Je laat me niks zeggen. -Ga je gang. Zeg wat.
Nou?
Nou, het volgende.
Het is een geheim, Toinette. Ken je Mr Baccala van de oliefabriek?
Wat heeft hij ermee te maken? -Hij niks. Z'n secretaresse.
En verder? -Verder...
begrijp het nou eens een keer.
Die secretaresse van hem is wel heel erg priv�.
Grote genade, dus hij is degene... -Hij is degene, ja.
Of anders de kantoorklerk. -Je zat in een lastig parket.
Ik heb gewoon een te groot hart. -Had ik er maar een stukje van.
Een stukje? Je weet best dat het helemaal van jou is.
En dat is niet niks.
Leg haar maar neer. -Kunstmatige ademhaling toepassen.
Honor�, het is een ramp. -Alweer een? Gaat dat zo door?
lk kreeg net een telegram van de zanger. Hij krabbelt terug.
Krabt z'n rug? -Hij komt niet.
Dat is geen ramp. Wat doen we nu?
Honor� de Marseille ik ben er heel tevreden mee
en het moet me toch wel vleien als men roept:
al die lieve mensen
zijn met mijn bestaan tevree
wat kan ik me nog beter wensen
want men roept:
Wat een aardige vent hij zegt altijd: present
voor al die mensen met hun wensen
Honor� de Marseille
het zou gek zijn als dat me niets deed
mijn faam kan alleen nog maar gedijen
als men roept:
iedereen kent zowat Cyrano van Rostand
zijn neus was erg groot en mijn tanden dan?
de vrouwen raken van mij van slag
ik ben met recht de grootste verleider van de dag
Honor� de Marseille
ik ben er echt gelukkig mee
als zij zich naast me neer willen vlijen
en dan zeggen:
dan volgt altijd dezelfde procedure
mijn hart doet van hupsakee
er branden Bengaalse vuren
als ze roepen: O, o, o, Honor�.
altijd aardig en attent zeg ik dan weer: present
als ik ze zie denken: wat een vent al die dames
Honor� de Marseille
het maakt me heel tevree
en het moet me toch wel vleien
als men roept:
Honor�.
Alsjeblieft. Nee, dank je wel.
het leven is slechts een doortocht wees wijs
onderga het lachend en tart het noodlot niet
Fr�d�ric Mistral
Can't find what you're looking for?
Get subtitles in any language from opensubtitles.com, and translate them here.