All language subtitles for Maigret.1991.S01E09.DVDRip.Dutch-WWW.MY-SUBS.CO

af Afrikaans
ak Akan
sq Albanian
am Amharic
ar Arabic
hy Armenian
az Azerbaijani
eu Basque
be Belarusian
bem Bemba
bn Bengali
bh Bihari
bs Bosnian
br Breton
bg Bulgarian
km Cambodian
ca Catalan
ceb Cebuano
chr Cherokee
ny Chichewa
zh-CN Chinese (Simplified)
zh-TW Chinese (Traditional)
co Corsican
hr Croatian
cs Czech
da Danish
nl Dutch
en English Download
eo Esperanto
et Estonian
ee Ewe
fo Faroese
tl Filipino
fi Finnish
fr French
fy Frisian
gaa Ga
gl Galician
ka Georgian
de German
gn Guarani
gu Gujarati
ht Haitian Creole
ha Hausa
haw Hawaiian
iw Hebrew
hi Hindi
hmn Hmong
hu Hungarian
is Icelandic
ig Igbo
id Indonesian
ia Interlingua
ga Irish
it Italian
ja Japanese
jw Javanese
kn Kannada
kk Kazakh
rw Kinyarwanda
rn Kirundi
kg Kongo
ko Korean
kri Krio (Sierra Leone)
ku Kurdish
ckb Kurdish (Soranî)
ky Kyrgyz
lo Laothian
la Latin
lv Latvian
ln Lingala
lt Lithuanian
loz Lozi
lg Luganda
ach Luo
lb Luxembourgish
mk Macedonian
mg Malagasy
ms Malay
ml Malayalam
mt Maltese
mi Maori
mr Marathi
mfe Mauritian Creole
mo Moldavian
mn Mongolian
my Myanmar (Burmese)
sr-ME Montenegrin
ne Nepali
pcm Nigerian Pidgin
nso Northern Sotho
no Norwegian
nn Norwegian (Nynorsk)
oc Occitan
or Oriya
om Oromo
ps Pashto
fa Persian
pl Polish
pt-BR Portuguese (Brazil)
pt Portuguese (Portugal)
pa Punjabi
qu Quechua
ro Romanian
rm Romansh
nyn Runyakitara
ru Russian
sm Samoan
gd Scots Gaelic
sr Serbian
sh Serbo-Croatian
st Sesotho
tn Setswana
crs Seychellois Creole
sn Shona
sd Sindhi
si Sinhalese
sk Slovak
sl Slovenian
so Somali
es Spanish
es-419 Spanish (Latin American)
su Sundanese
sw Swahili
sv Swedish
tg Tajik
ta Tamil
tt Tatar
te Telugu
th Thai
ti Tigrinya
to Tonga
lua Tshiluba
tum Tumbuka
tr Turkish
tk Turkmen
tw Twi
ug Uighur
uk Ukrainian
ur Urdu
uz Uzbek
vi Vietnamese
cy Welsh
wo Wolof
xh Xhosa
yi Yiddish
yo Yoruba
zu Zulu

Original subtitles

WWW.MY-SUBS.CO

Hé, Kanunnik. Wat doe jij hier?

Als ze mijn mening gevraagd hadden...

Doe dat af. Waar moet hij heen?

Hebt u 'n sigaretje voor me?

Nee, 't spijt me.

Heb jij soms vuur?

Ik had drie gouden aanstekers.

Maar bij het fouilleren, begrijpt u...

We hebben 'm al te pakken. - Ik heb 't gezien.

Is er 'n probleem? - Nee. Alles gaat goed, commissaris.

Heeft iemand soms vuur?

Heeft de Kanunnik bekend?

Het is 'n taaie. - Heeft hij niet bekend?

Nee, nog niet.

Ga 'm halen.

Ga zitten.

Wij kennen elkaar al 'n hele tijd, he?

Ruim 30 jaar.

Al 30 jaar ga je op dezelfde manier te werk.

Je ziet 'n lege flat.

En daar trek je in tot de ijskast leeg is en de drank op.

Ik moet wat, commissaris. Maar dit keer hebben ze 't mis.

Ik werk niet met 'n koevoet.

En ik heb altijd meteen bekend, als u me arresteerde. Ja toch?

Een jonge vent heeft zich vast te goed gedaan.

Een jonge vent?

Soms moet je verder kijken dan je neus lang is.

Commissaris Maigret.

Lachaume, zegt u?

Ik heb 't genoteerd. Ik kom meteen.

Er is 'n man doodgeschoten.

Destour, bel 't parket. Janvier, Torrence, kom mee.

En ik, commissaris?

Wat moet ik?

Jij gaat naar 't huis van bewaring. Dan heb je onderdak en eten.

Denk aan wat ik u gezegd heb.

O ja, van die neus. - Precies.

Leerlooierij Zuber.

Wat 'n stank, he?

Leerlooierijen ruiken niet naar rozen.

Kunt u 't raampje dichtdoen?

Deze kant op, commissaris.

Hier is 't, commissaris.

Meneer? - Dokter Bertin, de huisarts.

Helaas kwam ik te laat.

Arme meneer Léonard.

Ik hoop dat u niets hebt aangeraakt.

Ik heb alleen het overlijden vastgesteld.

Waar is de familie? - Iedereen is op z'n kamer.

Ze hebben niks gezien of gehoord. - Wie heeft u gebeld?

Armand Lachaume, de jongste broer.

Hoeveel mensen wonen hier?

Lachaume senior en z'n vrouw. Ze zijn al heel oud.

Armand en z'n vrouw, Solange. Léonard en z'n zoontje, Jean-Paul.

En Catherine. - De vrouw van Léonard?

Nee, hij was weduwnaar. Z'n vrouw stierf aan pleuritis.

Ook toen kon ik alleen 't overlijden vaststellen.

Catherine is de hulp.

Wanneer is de dood ingetreden?

Dat durf ik niet te zeggen. Ik behandel angina pectoris, maar dit...

Dat is alles. Dank u, dokter.

U zult 't zo wel zien. - Wat?

De familie.

Ik ga beneden rondkijken.

Patron, kom 's kijken.

Gek, meestal staat de familie te huilen aan 't bed van de overledene.

Hier niemand.

Het is doodstil.

Ja, drukkend.

Ik wou de hulp, Catherine, uithoren.

Maar ze werkt hier al 50 jaar en doet of ze de kasteelvrouwe zelf is.

Léonard zou door 'n inbreker vermoord zijn, die er met de lonen vandoor ging.

Daar is 't.

Ze is bang dat ze haar tafelzilver pikken. - Wat ervan over is.

U denkt wat ik denk: Te mooi om waar te zijn.

Armand Lachaume, he?

Ik verwachtte u. - Dat zou je niet zeggen.

Vertel eens wat u weet. - Ik weet niks.

Wie heeft de leiding van de Biscuiterie Lachaume?

Mijn broer, Léonard, is vader opgevolgd.

Een familiebedrijf, uit 1817. - Twee jaar na Waterloo.

Wat doet u precies in het bedrijf?

Magazijnbeheer en expeditie.

Dan heeft u nog wel wat vrije tijd, he?

Uw broer was weduwnaar.

Had hij relaties?

We hebben altijd hier gewoond.

Maar buiten dit huis had hij toch ook z'n privéleven?

Wat heeft dat met die inbraak te maken?

Over die inbraak gesproken.

Catherine zei dat het loon van de arbeiders was gestolen. Klopt dat?

Waarom had uw broer dat geld op z'n kamer en was 't niet in de kluis?

Hij zou 't aan de boekhouder geven.

Uw broer kreeg 'n pistoolschot in de borst. En u hebt niets gehoord?

Hoeveel mensen werken er in 't bedrijf?

Twintig, maar we hebben wel 150 man gehad.

Is er niemand die u verdenkt?

Ik zou niet weten wie.

U denkt dat de dief en moordenaar van buiten kwam...

en dat uw broer vermoord werd omdat hij 'm betrapte?

We willen dat u de moordenaar van m'n broer opspoort. Een inbreker.

Wat weet u daarvan?

Dag, Moers. Alles naar wens? - Gaat wel.

Niet warm in die fabriek, he? Waar is de dode?

In z'n kamer.

Heb je soms 'n vuurtje?

M'n aansteker ligt in de auto.

Commissaris Maigret. Prettig kennis te maken.

Agnelot, rechter van instructie. - En Coméliau?

Die is ziek. Ik val in. - Hopelijk is 't niet ernstig.

Hoe ver bent u? Hebt u 't wapen al gevonden?

Nog niet.

Daar is 't, he?

De kogel is blijven steken.

Klein kaliber.

Dit duurt wel even.

Ik heb alle tijd, commissaris.

Wilt u nergens aankomen?

Hoe laat is de misdaad gepleegd? - Dat weet ik niet.

U hebt toch alle getuigen verhoord? - Alleen de broer van 't slachtoffer.

Ik ben er net.

Het was maar 'n vraag.

Ik weet alleen dat 'n man door 'n inbreker vermoord zou zijn...

en dat niemand iets heeft gehoord.

Niet veel, ja.

Neem me niet kwalijk. Ik wil graag meer weten over uw befaamde methode.

Ik werk niet volgens 'n methode en ik weet niks.

Hé, kijk

Dit duidt op inbraak.

Wat vindt u ervan? - Misschien.

Hebt u 'n aansteker of lucifers? - Ik rook niet.

Mag ik u 'n paar vragen stellen?

Mevrouw Lachaume?

Kan ik u spreken?

Op 'n rustiger plek.

Komt u mee.

Neem ons niet kwalijk.

Gaat u maar.

U wou me toch spreken? - Nee.

Dat dacht ik.

Wat doet 'n vrouw als u in dit huis? - Pardon?

Gaat u niet zitten?

Ik blijf liever staan.

Wanneer hebt u uw zwager voor 't laatst gezien?

In leven?

Gisteravond.

Tegen twaalven.

Waar, als ik niet indiscreet ben? - We kwamen elkaar op de gang tegen.

Wachtte hij u op? - Dat weet ik niet.

Hoe was de verhouding met uw zwager? - Zoals in alle families.

Intiem? - Wat bedoelt u?

Commissaris.

Mooie geborduurde lakens. Is die S van Solange?

Zo kom je in de kamer van uw man, he? - Ja.

Mijn man is nogal ziekelijk.

Zo erg dat u de deur op slot doet? - Dat wou ik niet zeggen.

Sinds wanneer slaapt u apart?

Vanaf 't begin.

Ik ben geschokt door uw methode.

Wilt u mijn vrouw niet langer lastig vallen?

Solange, ga naar de salon.

Je vergist je.

De commissaris doet z'n werk.

Hij stelt vragen en zoekt naar de waarheid.

Wil je onze advocaat erbij hebben? Zullen we 'm bellen?

Het is niet de gewoonte

maar als u 't wenst, kan ik er niets tegen inbrengen.

Moers, kom 's kijken.

Heb je iets om dit in te pakken? - 'n Momentje.

Vergeet u wel vaker zo'n ding op de kamer van mevrouw?

Die heeft meneer Armand gebruikt.

De verwarming deed 't niet. Hij heeft 'm gerepareerd.

Die is hij vergeten.

En nu?

Wat nu?

Wat gaat u nu doen?

Niks.

De ladder en de kapotte ruit spreken voor zich. Zo is de inbreker binnengekomen.

De scherven op de muur zijn kapotgemaakt.

Interessant voor de rechter.

De inbreker heeft 'n doorgang gemaakt. Alles klopt.

Waarom makkelijk als 't ook moeilijk kan?

Na u, meneer de rechter.

Als u niet uit 'n ander vaatje tapt, gaan we staken.

Wat wil je van me? Ik maak geen bankbiljetten.

Vraag 't aan mevrouw Solange. - Doe 't zelf.

Commissaris Maigret.

Marc Agnelot, rechter van instructie. - Justin Brême, boekhouder.

U weet zeker wat er vannacht is gebeurd?

Ik was er vanmorgen om 9 uur, zoals altijd.

Ik zag de politie en ik heb gehoord dat Léonard is vermoord.

Werkt u allang bij Lachaume?

Meer dan 30 jaar.

30 jaar zegt u?

Dan hebt u Léonard als kind gekend.

Vreemd.

Alleen u en Catherine zijn er rouwig om.

Deze firma is mijn leven. De directie vertrouwt me volkomen.

Eerst Félix, daarna Léonard.

Nu hij dood is, zal de ander niet...

Bedoelt u dat die andere broer, Armand...

het bedrijf geen leiding kan geven?

Ik weet al hoe 't zal aflopen. - Hoe dan?

Faillissement, sluiting, werkloosheid. Op mijn leeftijd vind je geen werk meer.

We kunnen de verwarmingsmonteur niet eens betalen.

Dus niemand van 't personeel zou hebben willen inbreken in 't huis?

Ik begrijp iets niet.

De zaak zit al maanden in 't slop en de kas is leeg.

Wie betaalt 't loon dan? - Dat is elke keer 'n wonder.

Wonderen bestaan niet.

Waarom bent u zo in dat geld geïnteresseerd? 't Gaat om moord.

Zonder motief vind ik de moordenaar niet.

Ze komen er toch achter als ze de boeken napluizen of via de bank.

Meestal haalt mevrouw Solange geld van haar rekening.

Dat gaf ze dan aan haar zwager.

We zijn er.

Hier is 't.

Wat 'n dure auto. - Is ie wel van haar?

Voor zo ver ik weet. Ze zijn uitgekookt in die familie.

Ik heb toch volmacht? - U hoeft u niet te verdedigen.

Als u klaar bent met rondsnuffelen...

Er wordt in de salon op de commissaris gewacht.

Nee maar.

Hoe is 't met je, beste Arnaud? - Prima.

De heer Radel is advocaat.

We hebben samen rechten gestudeerd.

Als u wilt dat Félix 't benauwd krijgt, ga dan door.

Ik ben hier meer als vriend dan als advocaat.

Om misverstanden te voorkomen, wijs ik erop dat Armand ziekelijk is.

De dood van z'n broer heeft 'm diep geschokt.

Hij kent de methodes van de politie niet zo...

en verzet zich misschien tegen sommige vragen.

Ik zal daarom aanwezig zijn bij uw verhoren.

Maar ik wil niet dat de familie door mij in de verdediging wordt gedrongen.

Wie wilt u ondervragen?

U, meneer Radel.

Ik luister. - Hoe lang bent u al hun advocaat?

Ik kan me achter m'n beroepsgeheim verschuilen.

Ja, maar daar bent u veel te slim voor.

Ik herhaal m'n vraag dus. - Twee weken.

Waarover werd u geraadpleegd?

Bent u ergens bang voor, mevrouw Lachaume?

Misschien mag ik u iets vragen van uw advocaat?

Wat deed u op de avond van de misdaad?

Moet ik antwoorden? - Dat raad ik u aan.

Al gaat 't over uw privéleven.

Ik heb in Parijs gedineerd.

Waar? - In de Closerie des Lilas.

Alleen?

Dat is mijn zaak.

Wat is uw meisjesnaam? - Zuber.

Zuber, Leer en Huiden? - Ja, de dochter van Frédéric Zuberski.

M'n vader is onlangs gestorven.

En u hebt geërfd. - Ik protesteer.

Ik weet dat de koekfabriek failliet is. Dat vertelde de boekhouder.

Ik weet niet waar u heen wilt. - Ik ook niet.

In het begin tast je altijd in 't duister.

Hoe groot is uw vermogen? - Ik protesteer.

Solange beschikt over de financiën...

en de koekfabriek soupeert de erfenis op.

Hebt u uw zwager de avond voor de misdaad geld gegeven?

Dus er viel niets te halen voor de inbreker.

Waarom wilt u per se dat die fabriek blijft bestaan, mevrouw?

Waar wilt u heen?

Waarom zou ik iemand zoeken die inbreekt...

in 'n huis waar geen geld is...

die 'n zware ladder meezeult en nodeloos 'n ruit inslaat?

En dat alles om 'n man dood te schieten met 'n luide knal die niemand hoort...

terwijl er vijf volwassenen en 'n kind in huis slapen.

Waar is uw neefje Jean-Paul trouwens?

Die is hier niet. - Waar is hij dan?

Ik heb hem naar school gebracht. Hij weet niks.

Waarom is z'n kamer zo netjes, alsof hij met vakantie is?

Hij heeft nu 'n kamer op de tweede verdieping.

Dat vond m'n zwager rustiger. - Solange, hou je mond.

Ik maak voorbehoud bij de rechter...

voor de gevolgen van uw tendentieuze vragen.

Ik ben toch klaar voor 't moment. Een vraagje nog.

Wie is dat meisje daar tussen al die familieportretten?

Véronique.

Dat was m'n oudste zus.

Ze is al ruim 20 jaar dood.

Ik ben klaar op de kamer van de dode. Te veel vingerafdrukken.

Ik ga door.

Heel goed, Moers.

Waarom heb je niet naar me geluisterd? Nu ben je dood.

Waarom, jongetje? Waarom?

Je hebt nooit naar je lieve oude min willen luisteren.

Was ik maar doodgegaan en niet jij.

Raak me niet aan. Blijf met uw vuile poten van me af.

Denkt u dat u hier nog terugkomt?

Nee, voorlopig niet.

Voortaan eis ik dat 't verhoor plaatsvindt bij 't parket, op mijn kantoor.

Zal ik u naar 't bureau brengen? - Nee, ik ga hier nog 'n stukje lopen.

Mijn mensen brengen me wel thuis.

Blijft hij achter ons aanzitten?

Geen leuk onderzoek, he?

Informeer welke schepen vannacht hebben afgemeerd.

Doe ik.

Wilt u wat van me drinken?

Wat neemt u? - 'n Droge witte wijn.

Twee witte wijn.

De waardin was heel gul met informatie. Ze haat de Lachaumes.

Je hoeft maar op 'n knopje te drukken en ze vertelt alles wat ze weet.

En?

Een mooie jongen neemt 't schoonzusje mee uit rijden in z'n cabriolet.

Merk? - Een rode Triumph.

Wat is 't menu? - Cassoulet.

Lijkt dat je wat?

Kunnen we hier eten? - Ja, natuurlijk.

Irritant, die rechter en die advocaat bij die koekenbakkers van Lachaume.

Ik snap niet hoe u 't volhoudt.

Twee cassoulets en rode wijn. - Goed, meneer.

Zal ik 's wat zeggen? Dat vrouwtje is te mooi om te verpieteren.

Arme Solange. Ze komt thuis vast niet aan d'r trekken met zo'n sukkel.

Als Armand wat meer vent was, was 't niet zo ver gekomen.

We lachen, maar straks staan we op straat.

We kunnen alleen hopen dat de dode opstaat en dat zij de zaak overneemt.

Maak daar werk van. - Nu?

Nee.

Eet maar.

Meneer?

Is meneer Hirschfeld er? - Wat wilt u van 'm?

Commissaris Maigret. - Vanwege de dood van Lachaume.

Ik ben David Hirschfeld.

Hebt u meneer Zuber gekend? - Of ik die heb gekend?

Ik heb tien jaar met hem gewerkt. Ik had de leiding.

Het was 'n beste vent.

Hij heeft de zaak vanaf de grond opgebouwd.

Kende u z'n dochter, Solange? - Tuurlijk.

Sinds ze met 'n Lachaume is getrouwd, komt ze zelden.

Was zij haar vaders erfgename? - Dat denk ik wel.

Ik heb 't bedrijf gekocht. Zuber wist dat hij was opgegeven.

Hij had het aan zijn dochter geschonken om successierechten te ontlopen.

Het ging om 300 miljoen.

300 miljoen?

Een flink bedrag, he?

Het is geen aangenaam werk, maar 't verdient goed.

Ik heb deels contant betaald en de rest in tien termijnen.

Op naam van mevrouw Lachaume? - Precies.

De heer Barbarin heeft de nalatenschap geregeld.

Hij staat wel in 't telefoonboek.

Dank u, meneer Hirschfeld.

Als ik er niet ben, dan vraagt u maar naar m'n zoon.

Wat mag ik u inschenken? - Een biertje.

Hebt u 'n telefoonboek? - Ja.

Is de beroepengids ook goed? - Prima.

Uw cassoulet was overheerlijk. - Ik kom niet voor niets uit Toulouse.

Bent u niet commissaris Maigret?

Mijn assistent zei dat u Solange met 'n man in 'n rode Triumph zag. Klopt dat?

Die wacht 'r bijna elke avond op de hoek op.

Gisteravond ook? - Ja.

Hij was nerveus, omdat ze laat was.

Er gebeuren trouwens al de hele week vreemde dingen.

Ze ging met haar minnaar weg...

en die slungel van 'n Lachaume, die nu dood is...

pakte z'n Pontiac en reed dezelfde kant uit.

Vindt u dat niet gek?

Zou u die minnaar herkennen? - Ik kan 'm uittekenen.

Maar ik kan niet tekenen. Soms nam hij 'n opkikkertje, als ze niet kwam opdagen.

Hoe ziet hij er uit? - Heel netjes en goed gekleed.

En altijd geld op zak.

U hebt nogal verstand van auto's. Weet u 't nummer van die Triumph?

Dan bent u verkeerd.

Het is niet m'n gewoonte mensen te bespioneren.

Moment.

Voor u, commissaris.

Hallo. O, ben jij 't, Torrence.

Wat? Ja, die cassoulet was heerlijk. Janvier heeft gesmuld.

Is dat alles wat je me te vertellen hebt?

Goed, ik kom.

Nog nieuws, commissaris?

Er zit schot in. - U vertelt 't me toch wel, he?

Het is die boot daar.

Hij is niet makkelijk.

Wat nu weer? Ik heb alles al verteld. - Wilt u 't ook aan mij vertellen?

Laat me met rust. Ik heb koppijn.

Hij heeft schoten gehoord.

Hebt u schoten gehoord? - Ja. Twee.

Maar ik was...hoe zeg je dat? Bezopen.

Ik was straalbezopen.

Ik had 'n feestje op de boot met m'n vrienden.

Ik stond te pissen bij de fabriek en hoorde: pang, pang.

Twee keer.

En daarna?

Daarna dronk ik verder met m'n vrienden aan boord.

Ik dacht dat 't een nachtmerrie was...

die vrouw, die ik hoorde gillen.

En toen, pang, pang.

De trein die voorbijkwam. Het denderde in m'n hoofd.

Dat licht ineens overal.

Hoorde u die vrouw gillen voor er geschoten werd...

en ging daarna overal 't licht aan?

Hoe vaak moet ik dat nog herhalen?

Bedankt. Heel vriendelijk van u. - Graag gedaan.

Het licht ging aan. Ze waren allemaal wakker.

Hij is geen bruikbare getuige. - Die anderen wel soms?

Maar hij was ladderzat. Twee schoten. Hij zag dubbel.

Dan had Moers die tweede kogel wel gevonden.

Behalve als de misdaad ergens anders is gepleegd.

Ik ben zo terug.

U wenst? - De heer Radel.

Hij ontvangt alleen op afspraak.

Commissaris Maigret wil hem spreken.

Ik heb heel weinig tijd, commissaris. M'n diner wacht.

Ik zal kort zijn.

Een paar vragen maar.

Hoe zijn Solange en Armand getrouwd? - Op huwelijksvoorwaarden.

Is dat alles?

Mevrouw laat alles na aan haar kinderen.

Als die er niet zijn? - Aan de langstlevende.

Het gaat toch om een bedrag van over de 300 miljoen?

Juffrouw, er ligt nog wat post om op te ruimen.

Dat is wat overdreven, maar zo ongeveer klopt 't wel. 300 miljoen.

En verder?

Dat is alles. Dank u.

Nog een ding.

Toen Solange twee weken geleden bij u kwam...

was dat toch voor haar scheiding?

Daar mag ik niet op antwoorden. - Dat wou ik weten.

Wat is er? - U laat me schrikken.

Waarom zei u: Behalve als de misdaad ergens anders is gepleegd?

Je sterft niet altijd in bed.

Ik heb nog 'n bezoekje vlakbij. Wacht je hier?

Meneer Barbarin? Commissaris Maigret.

U weet vast niet dat een van uw cliënten vannacht vermoord is.

Ik ben 'n halfjaar, twee weken, en 'n dag met pensioen.

Ik weet nergens meer van.

Wie is er dood? - De oudste van Lachaume.

Véronique?

Nee. Léonard.

Een kogel dwars door z'n borstkas.

Ik vraag u niet om 't beroepsgeheim te schenden...

maar ik wil meer weten over die familie.

Familiekwesties zijn nooit simpel.

De Lachaumes hebben hun levenswijze zien veranderen zonder 't te begrijpen.

Je vraagt je af hoe ze de koekjesfabriek hebben kunnen redden.

Volgens Armand is z'n zus dood. Dat klopt niet, he?

Ja en nee.

Hoezo?

Toen ze meerderjarig werd en het huis verliet...

schrapte de oude Félix haar op aanraden van z'n vrouw als erfgename.

Iets anders. Hebt u 't huwelijkscontract opgesteld...

tussen Solange en Armand?

De oude Zuber was trots dat z'n dochter met 'n Lachaume trouwde...

maar hij was voorzichtig.

Hebt u de vrouw van Léonard Lachaume gekend?

Ik heb hun huwelijkscontract ook opgesteld. Ze waren bijna hetzelfde.

Ze had vast 'n behoorlijke bruidsschat.

Je kunt zeggen dat beide broers 'n goede partij hebben getroffen.

Ja, zo noemen ze dat in sommige families.

Is er iets, patron?

Véronique Lachaume, die 20 jaar geleden door haar familie begraven werd, leeft.

Zorg dat je haar vindt.

Zo, Kanunnik, aan de wandel?

Leuk, hoor.

Ik zit liever te vissen. - Dat geloof ik graag.

En ik ben nooit geweest, waar zij zeggen.

Ik heb altijd pech.

Op m'n veertigste kreeg ik de bof.

Hebt u nog steeds geen sigaretten?

Het liefst zware.

Commissaris, Solange is er vandoor. Ze vertrok om 7 uur 30 met 'n koffer.

Bij de Porte d'lvry konden we die Amerikaan van haar niet bijhouden.

Ik heb alle stations en vliegvelden gewaarschuwd. Ze kan niet ver komen.

Ik heb u de hele avond gezocht. Ik had u bij mij verwacht.

U moet me op de hoogte houden. Hoe ver bent u?

Hallo...ja.

Waar?

Wacht op me. Ik kom eraan.

Mag ik weten... - Solange is terecht.

Was ze verdwenen? - Destour, kom mee.

Even uit de sleur.

Stop hier maar.

Treinen en vliegtuigen kunnen vertrek- ken. Mevrouw moest naar de bakker.

Als je de trein of 'n vliegtuig neemt, pak je de metro of 'n taxi.

Niet je auto.

Of je hebt besloten om met de auto te gaan. In dat geval...

Al ben je jong, daarom mag je nog wel nadenken.

Wegwezen.

Dacht u dat ik er vandoor ging? - Hoezo? Hebt u dat overwogen?

Twee weken geleden wel. - Toen u bij de heer Radel was?

Heeft uw minnaar u zo ver gekregen dat u wilt scheiden?

Dat kan ik zelf wel beslissen.

Hoe heet uw minnaar?

Dat kan ik u niet zeggen.

Dat is uw neefje, he?

Ik zie Jean-Paul haast als 'n zoon.

Hij is nogal in de war door de dood van z'n vader. Ik help 'm.

Betaalt u 't? - Ja.

Ik hoop dat u niet van plan bent...

Waarom zou ik die jongen verhoren?

Hij heeft natuurlijk ook niets gehoord.

Ik moet naar huis.

Ha, commissaris...

ik dacht al dat u nooit terug zou komen.

Ik werk, meneer de rechter.

Nog nieuws?

Solange heeft haar neefje op kostschool gedaan.

Interessant.

Wanneer wilt u 'm verhoren? - Wie?

Die jongen. Wie weet heeft hij 't schot gehoord.

Dat is geen nieuws. - Misschien heeft hij de inbreker gezien.

Hij slaapt op de tweede verdieping tussen z'n grootouders en Catherine.

En?

Zou die inbreker 'm hebben ingestopt, nadat hij z'n vader had vermoord?

Ik wil absoluut dat u hem verhoort.

In dat geval moet u niet op mij rekenen.

Dit heeft geen zin.

Ik denk dat er is ingebroken...

omdat niets erop wijst dat ik me zou vergissen.

U vindt dat ik niet verder kom? - Dat zeg ik niet.

Maar nogmaals, u moet me alles vertellen wat u weet.

Het is 'n laag-bij-de-grondse misdaad...

in 'n keurige familie die haast failliet is...

waar rijke eega's vol hoop naar binnen komen en in 'n kist naar buiten.

Dat begrijp ik niet. Solange leeft toch nog?

Dag, Moers. Wat heb je voor nieuws?

De dode heeft de Engelse sleutel 't laatst gebruikt.

En hij hield niet van bordeaux. Hij heeft heel wat flessen gebroken.

Kunt u niet wat duidelijker zijn?

Op de sleutel zitten dezelfde scherven als op de muur.

Geen afdrukken op 't raam of op de ladder.

Heb je maar een kogel gevonden op Léonards kamer?

Eentje maar. Van dichtbij geschoten met 'n 6.35.

Dank je, Moers.

Het spijt me, ik zie hier geen bewijs in...

dat er niet is ingebroken.

Als 'n inbreker over 'n muur met glasscherven klimt...

gaat hij die niet kapotslaan.

Hij neemt 'n in vieren gevouwen jutezak.

Daarmee voorkomt hij dat hij zich openhaalt.

En 't wapen... - Wou ik net zeggen...

Het wapen is 'n automatische 6.35...

'n klein kaliber voor mensen die bang zijn voor inbrekers.

Geen enkele beroeps zou zo'n ding gebruiken.

En ik heb 't over misdadigers, niet over inbrekers. Die zijn niet gewapend.

Nooit.

Ze weten dat de straf verdubbeld wordt, als ze gepakt worden.

Dat zijn de grondbeginselen van 't vak.

Waar?

Is ze niet weggegaan? - Een slaapkop.

Ze heeft de hele dag de gordijnen dicht gehad.

Ze heeft ze net 'n uur open.

Ze ging bij 't raam zitten en voelde met haar hand hoe 't weer buiten was.

Heb je de conciërge gezien? - Ja.

Haar man was bij de politie. Hij kent u nog heel goed.

Heb je naar de zus van Lachaume gevraagd?

Ik wou 't alleen doorgeven.

De dode leidt 'n geregeld leven. Ze werkt 's nachts.

Ze is ongetrouwd. Verder heb ik niks.

Dat is ze.

Zal ik snel achter haar aan gaan? - Ik ga wel. Net als in de goeie oude tijd.

We zijn gesloten.

Kan ik Véronique Lachaume spreken? - Lachaume?

Ze is net naar binnen gegaan.

Véro.

Véronique Lachaume?

Er is vast iets ergs gebeurd, dat ze 't zwarte schaap opzoeken.

Niemand kent me onder die naam. - Uw broer Léonard is vermoord.

Jammer voor het bedrijf. Het had beter de ander kunnen zijn.

U lijkt er niet erg ondersteboven van te zijn.

Luister 's, meneer... - Maigret.

Commissaris Maigret.

Ik heb genoeg ellende gekend.

En de Lachaumes zijn 't niet waard.

Ze leiden 'n burgerlijk bestaan.

Alles draait om hun stamboom.

Zonder 't te beseffen kwijnen ze langzaam weg.

Als je zo ongelukkig bent om te willen leven...

dan ben je niet van deze wereld.

Wat wilt u drinken? - Hetzelfde als u.

Wat vieren we?

Bent u hier niet al 's geweest, commissaris?

Het is of ik u eerder heb gezien. - Dat dacht ik ook, toen ik u zag.

Wie heeft m'n broer vermoord? - Wilt u dat weten?

Ik zie m'n beide broers nog.

Ik schold m'n moeder de huid vol en smeet de deur achter me dicht.

Die twee arme jongens gingen gebukt onder dat mens.

Ze terroriseerde ze.

Hun leven moet 'n nachtmerrie geweest zijn.

Kent u Solange Lachaume? - Solange?

Dat was 'n jeugdvriendin van me.

Ze zat bij me op school.

Ze was 'n zielig meisje.

Ze kwam 's bij me thuis voor m'n plechtige communie, en toen...

En toen?

Ik mocht haar niet meer uitnodigen. - Waarom niet?

Omdat ze stonk. Naar ingewanden en koeienmest.

Dat was natuurlijk niet waar.

Maar iedereen had er lol in en zei 't na:

Je stinkt.

Je wast je in varkensbloed, net als je vader. Kinderen zijn hard.

Uw ouders waren geen kinderen meer.

Nee, 't waren Lachaumes.

Praktiserende katholieken.

En zij...

een Zuberski, 'n joodse.

Daarom stonk ze, commissaris.

Dat begreep ik veel later.

Uw ouders hebben haar later toch als schoondochter geaccepteerd.

Geld stinkt niet.

Verder moet u me niets vragen.

Ik was niet op 't huwelijk. Ook niet bij Léonard en bij de doop van m'n neefje.

Alles goed, Véro?

Hier zal ik m'n sprookjesprins niet tegenkomen.

Zeg niet dat u geen relaties hebt.

Relaties is een ding.

Maar de ware liefde...

Ik heb nu 'n knappe vent. Hij kan goddelijk de tango dansen.

Maar of 't de man van m'n leven is... Moeilijk om de juiste man te vinden.

Danst u, commissaris?

Toen ik twintig was.

Oud worden is geen lolletje, he?

Ik haal 'n achterstand in.

Dat is beter dan niks.

Op 't leven, commissaris.

Gaat u nu al? - Helaas.

Dan mist u m'n vrijer. Die komt zo.

Tot 'n volgende keer. - Ja. Wie weet.

Hallo, Janvier?

Ja, ik weet 't, het is laat.

Goed, luister.

Pik Torrence op en haal die kokkin van de cassoulet op.

Zeg maar dat 't is om ons te helpen. En laat 'r opschieten.

Neem haar mee naar de Amazone.

Ja, in de Rue Chabanais.

Er staat 'n rode Triumph voor de deur.

Biedt u me iets te drinken aan? - Graag. Geef haar iets te drinken.

Goed dat u er weer bent. Vanavond is 't gezellig.

Dit is Jacques Sainval, m'n vriend.

Commissaris Maigret.

De wereld is 'n komedie voor wie denkt en 'n tragedie voor wie weet.

Op ons.

Kan ik u even spreken?

Hoe lang kent u Solange Lachaume al? - Wie zegt u?

Ik ken geen Solange.

Komt u nooit op de Quai de la Gare bij 't huis van Lachaume?

Nee. Ik weet 't niet. Ik begrijp 't niet.

Waar was u eergisteravond? - Eergisteren?

Dat weet ik niet meer. Thuis, denk ik.

Ze hebben heel vaak gezien, dat u Solange Lachaume opwachtte.

Is dit 'n grap? - Lach ik soms?

Onzin. Ik ken die vrouw niet. - Tuurlijk ken je haar.

Ik ben 't vergeten.

Quai de la Gare, zei u?

Eergisteren?

Nee, dat is onmogelijk.

Eergisteravond waren we samen, Véronique en ik.

Vertel 't hem nou, Véro. - Wat?

Dat je liegt?

Dat je altijd hebt gelogen?

Weet u wat u doet? - En jij? Je buit vrouwen uit.

We hebben ons gehaast.

Hier had ik u niet verwacht.

Schande. Moet ik daarvoor heel Parijs door?

Herkent u deze man? - Ja.

Dat is de man van die rode Triumph.

Maar nu wil ik meteen terug.

Meteen.

Je gaat toch geen gekke dingen uithalen?

Nog eens.

Ik heb alles al verteld. - Ik wil 't nog 's horen.

Hoe heet je? - Jacques Sainval.

Hoe vaak nog? - Je echte naam.

Jacques Cuvelard. - Gewoontjes.

Is Torrence soms mooi? - Hou je commentaar voor je.

Wat doe je voor de kost? - Waar wilt u heen?

Ik ben bij de film. - Je speelt komedie.

Je bent een gigolo. - Is dat 'n misdaad?

Zelfs geen overtreding.

Hoe lang ben je Solanges minnaar?

Ongeveer 'n halfjaar. 'n Verliefd hart telt niet.

Wat zou ze van hem vinden? - Vraag 't haar zelf.

Dit verhoor is naar aanleiding van een misdaad.

Niet zo stoer doen, dus.

Nogmaals, ik heb er niks mee te maken.

Om zes uur ging je met haar uit eten. Waar?

In de Closerie des Lilas. - Goede keuken?

Wat deden jullie daarna? - Daarna gingen we naar haar kamer.

Ze wilde verder praten. Ik heb al gezegd dat ze bang was.

Waar was ze bang voor?

Dat haar familie wist dat ze wou scheiden.

Hoe lang dacht ze dat al?

Een week ongeveer. Ik weet 't niet meer.

Ze moest 't aan iemand kwijt.

Een week. Wat is er daarna gebeurd?

Een brief van d'r advocaat was zoek. - Van Radel?

Die had ik haar aangeraden. - Kende je hem?

Hij heeft me 's uit 'n netelige situatie gered.

Schuldbekentenissen die opgeëist werden.

Vergok je 't met races, met pokeren?

Iedereen heeft zo z'n gebreken. - Ja.

Maar jij grossiert erin.

Het is al laat. Wat doen we met die danser?

Frisse lucht. Smijt 'm eruit.

Laten jullie me echt weer gaan?

Om 'n hengst te houden, moet je haver in huis hebben.

Kunnen we nu gaan slapen?

Ik zit op u te wachten.

Het spijt me.

Ik moest hem verhoren.

Ik heb 'm vrijgelaten. Ik had geen bezwarende feiten.

U niet.

Maak u geen zorgen. Ik kom er wel bovenop.

Het is vaker slecht afgelopen.

Dit was toch niet interessant.

De onbeantwoorde liefde van 'n vrouw is keukenmeidenlectuur. Het boeit niet.

Je geeft iets van je gevoel prijs.

Je put je uit om te blijven leven, om te blijven dromen.

De toekomst lacht niet iedereen toe.

Dat is toch jammer.

Hebt u kinderen, commissaris?

Dat is 't enige, waar ik eigenlijk spijt van heb.

Als m'n vader me op m'n achttiende...

had laten trouwen met de man die van me hield, was ik beter af geweest.

Dan had ik niet al die jaren hersenschimmen nagejaagd.

Pech gehad.

Misschien 'n andere keer, in 'n ander leven.

Ik ben blij dat ik u heb leren kennen.

Praat niet over mij met de familie.

Ze hebben aan één dode wel genoeg.

Is de Kanunnik er niet?

Bent u uitgerust? - Ja, prima.

Ja, ik zal 't tegen hem zeggen.

Gaat u lunchen? Op welk nummer?

Balzac-1940.

Ja, ik zal 't doorgeven.

Ja, afgesproken, meneer de rechter.

Dat is de zoveelste keer dat de rechter belt. Wat moet ik toch tegen 'm zeggen?

Hij wil rapport uitbrengen. - Dan heeft hij wat te doen.

Nog nieuws, Torrence?

Ik ben bij de Closerie des Lilas geweest. Ze komt om de avond.

Altijd chic gekleed en met d'r Casanova.

Ze betaalt de rekeningen ongezien. Gisteravond wachtte ze 'm op. Terecht.

En de avond van de misdaad? - Ze was inderdaad bij die ander.

Ze hebben niet verteld dat 'n vent van 40 onder hun duiven wilde schieten.

Hij vroeg aan de bar naar mevrouw Lachaume.

Ineens ontstond er ruzie. Het ging er nogal hard aan toe.

Heeft iemand 'm herkend?

De portier is 'n kenner en zag hem in 'n zwarte Pontiac stappen.

Zo...

Léonard Lachaume.

De zwanenzang van Léonard voor ze 'm om zeep helpen.

Hebt u goed geslapen?

Janvier. Kom mee.

Help me met 'n probleempje over lakens.

Wat zeg ik tegen de rechter als hij belt? - Doe 'm de groeten.

Maar meneer... - Het is alleen voor 'n afspraak.

Commissaris... - Ik wil maar een ding weten.

Een detail over borduurwerk.

Over borduurwerk?

Wilt u meekomen naar de Lachaumes? - Ik heb meer te doen.

Ze betalen u toch voor uw hulp.

Ze vertrouwen op u.

Wat doet u hier? Begrijpt u nou nooit iets? Ga weg.

Kom mee, hier vandaan.

Nu? - Ja, nu.

Wacht hier op me.

Hebben anderen ook 'n geborduurde S op de lakens?

Is Sainval alleen 'n tussendoortje voor u?

Hebt u nooit van hem gehouden?

Dus u wilde niet om hem scheiden?

Natuurlijk niet.

Wist Armand van dat scheiden, omdat hij 'n brief van uw advocaat onderschepte?

Ja.

Hoe reageerde hij?

Hij reageerde niet.

En de familie? - Niks. Met geen woord.

Toen werd u bang, he?

Waarom bent u met Armand Lachaume getrouwd?

Als man is hij niet...

zo aantrekkelijk.

Dat kunt u niet begrijpen, commissaris.

Ik heb m'n hele jeugd tussen dode beesten gezeten.

Open ingewanden en uitwerpselen. Die stank...

Het was of heel m'n lichaam ernaar rook.

M'n kleren, m'n haar.

De geur van kadavers. Als ik sliep, rook ik er nog naar.

Ik zag die dieren...

hangend aan hun poten...

met opengesneden buik en 't warme bloed dat eruit droop.

's Winters rokende goten en 's zomers stank. Kunt u dat begrijpen?

Zodra ik ergens kwam, durfde ik me niet meer te bewegen...

uit angst dat 'n ander die geur zou ruiken.

Ik verroerde me niet en leefde in angst.

Jongens ontliep ik. Mij moesten ze toch niet.

De eerste keer dat 'n man me kuste, rende ik weg.

Steeds hoorde ik die woorden, die 'n obsessie werden: Je stinkt.

Je stinkt.

Door met Armand Lachaume te trouwen...

ontvluchtte ik die kadavers van m'n jeugd.

Als ik 't geweten had...

Op de eerste avond van ons huwelijk...

kreeg hij 'n aanval van epilepsie.

Ik heb u vanochtend niet gezien.

Hier. - Bedankt.

Ik moet jou bedanken. Je had gelijk.

Ik moest verder kijken dan m'n neus lang is.

Destour, bel Agnelot.

De rechter? - Ja.

Laat ie direct naar 't huis van Lachaume komen.

Commissaris, uw methode is schandalig.

U hoort mijn cliënte uit.

Doe geen moeite.

Laat de commissaris. De waarheid moet 's gehoord worden.

Ik wil nu tot 'n kleine reconstructie overgaan.

Deze kamer leent zich er niet voor. Wilt u dus meekomen?

Mijn ouders ook? - Ja.

De avond van de misdaad komt Solange om 12 uur bij haar minnaar vandaan.

Léonard wacht haar op.

Hij heeft haar tot bij de Closerie des Lilas achtervolgd en bedreigde haar...

want Solange wilde weggaan.

Ze nam 'n advocaat, die zich vooral met echtscheidingen bezighield.

Zo is 't toch?

Het is uitgepraat. Solange komt niet op haar besluit terug.

Léonard weet dat.

Als hij haar 's avonds op de gang kruist...

wil hij weten of z'n schoonzus gaat slapen.

In huis wacht iedereen al 'n week op dat moment.

Iedereen is medeplichtig.

Behalve Jean-Paul, die nu in alle onschuld boven slaapt.

Léonard is waarschijnlijk ook degene die de glasscherven gebroken heeft...

op de buitenmuur...

en 't ruitje bij de salon om het op 'n inbraak te laten lijken.

Middenin de nacht steekt Léonard de gang over...

die hem scheidt van de kamer van zijn schoonzus.

U hoort de vloer kraken.

Misschien passeert er op dat moment 'n trein die 't geluid overstemt.

Maar Solange slaapt niet.

Ze is bang.

Ze bezit zelfs 'n automatische 6.35...

ongetwijfeld geleverd door Jacques Sainval.

Vergis ik me, mevrouw Lachaume?

Léonard opent voorzichtig de deur.

De kamer is pikdonker.

Hij loopt verder.

Kom, blijf daar niet zo in de gang staan.

Solange ligt in bed.

Ze voelt de adem van de man in haar nek.

Hij pakt de Engelse sleutel, wil slaan.

Ze richt en schiet twee keer.

De eerste kogel mist.

De tweede treft Léonard middenin de borst.

Zwijg. U maakt ons kapot.

Laat me los. Lachaume is 'n naam. Dat kunt u niet begrijpen.

Die Jodin wou er met z'n geld vandoor. Dat wou iedereen voorkomen.

Ik wou 't opknappen, toen Léonard dood was.

Als Armand me niet had tegengehouden, had ik 't gedaan.

Je stinkt. Laat me los.

U kreeg 'n regelrechte bekentenis.

Dat verhaal van inbraak met moord is op niks uitgelopen.

Het is allemaal verzonnen door dat getikte ouwe mens.

Kom, zullen we ze voor de korte tijd dat ze nog te leven hebben...

verder maar met rust laten?

Nu ben ik vrij.

U zit niet lang in de cel.

U vindt wel 'n goede advocaat die u wegens noodweer vrijspreekt.

Can't find what you're looking for?
Get subtitles in any language from opensubtitles.com, and translate them here.