Afrikaans
Akan
Albanian
Amharic
Armenian
Azerbaijani
Basque
Belarusian
Bemba
Bengali
Bihari
Bosnian
Breton
Bulgarian
Cambodian
Catalan
Cebuano
Cherokee
Chichewa
Chinese (Simplified)
Corsican
Croatian
Czech
Danish
Dutch
Esperanto
Estonian
Ewe
Faroese
Filipino
Finnish
Frisian
Ga
Galician
Georgian
German
Greek
Guarani
Gujarati
Haitian Creole
Hausa
Hawaiian
Hebrew
Hindi
Hmong
Hungarian
Icelandic
Igbo
Indonesian
Interlingua
Irish
Italian
Japanese
Javanese
Kannada
Kazakh
Kinyarwanda
Kirundi
Kongo
Korean
Krio (Sierra Leone)
Kurdish
Kurdish (Soranî)
Kyrgyz
Laothian
Latin
Latvian
Lingala
Lithuanian
Lozi
Luganda
Luo
Luxembourgish
Macedonian
Malagasy
Malay
Malayalam
Maltese
Maori
Marathi
Mauritian Creole
Moldavian
Mongolian
Myanmar (Burmese)
Montenegrin
Nepali
Nigerian Pidgin
Northern Sotho
Norwegian
Norwegian (Nynorsk)
Occitan
Oriya
Oromo
Pashto
Persian
Polish
Portuguese (Brazil)
Punjabi
Quechua
Romanian
Romansh
Runyakitara
Russian
Samoan
Scots Gaelic
Serbian
Serbo-Croatian
Sesotho
Setswana
Seychellois Creole
Shona
Sindhi
Sinhalese
Slovak
Slovenian
Somali
Spanish (Latin American)
Sundanese
Swahili
Swedish
Tajik
Tamil
Tatar
Telugu
Thai
Tigrinya
Tonga
Tshiluba
Tumbuka
Turkish
Turkmen
Twi
Uighur
Ukrainian
Urdu
Uzbek
Vietnamese
Welsh
Wolof
Xhosa
Yiddish
Yoruba
Zulu
DEZE FILM KAN MOEILIJK ZIJN VOOR MENSEN MET DEPRESSIE EN ANGSTEN
HOE JE (HEEL HOOG) MOET KLIMMEN
Na het ontbijt ga ik opruimen.
Dan ga ik nog even aan het werk.
Daarna komt je nichtje Ellie langs.
Zeg eens 'Ellie'.
Ellie.
Waar moet het volgende boek over gaan, bink?
Vind je die kleur mooi?
Pinky Tinkerbink vindt haar moed.
Lijkt dat je wat?
Mama kan geen goede cirkels tekenen. Dat kan ze niet.
Perziken zul je heerlijk vinden.
Je vader is er dol op, maar is allergisch voor de schil.
Hopelijk ben jij niet allergisch. En anders pel ik ze.
Oké, dat is een makkie.
Hé, jongens.
Goedemorgen. -Hoi, schat.
Heb je iets voor me? -Ja, ik wil je iets laten zien.
Geweldig. Hoi, vriendje.
Oké, ze vroegen me een poster te ontwerpen voor m'n lezing.
Toen heb ik het hele raam ontworpen. -Natuurlijk.
Pinky zit midden in een regenboog en het is heel fel.
Ze gooit allemaal 3D-hartjes de lucht in.
En kijk, elk kind krijgt zo'n ding mee.
Een magische pinkring.
Je luistert niet eens naar me. -Wel, ik luister altijd.
Nee, je kijkt naar me met die blik.
Ik kijk in je ogen. Ze heeft mooie ogen.
Je moeder heeft mooie ogen. Net als jij.
Ik weet niet wat je probeert te vinden.
Jou.
Ik ben hier.
Verdorie.
Ik moet gaan. Dag, maatje. Ik hou van je.
Dag, mama.
Ik zie je buiten op de hoek. 34th en 7th, 19.00 uur.
Kom niet te laat. Ik wil de wedstrijd zien.
Wie is dat?
Hola, Teddy. -Buenas días, Hector.
Mag ik met je mee? -Natuurlijk.
Dag. -We houden van je.
Dag, papa.
Met je voeten erin?
Zitten je voeten erin?
Voelt het goed?
Voelt dat goed, Teddy?
Brave jongen.
Dat voelt lekker, hè?
Ja, dat is heel warm.
Dat is heel warm.
Schatje.
Binnenkort ga je lopen.
Als je gaat lopen, ga je struikelen en je knie schaven.
Je hoofd stoten tegen de salontafel.
Maar je gaat door.
Want dat doen kampioenen. Toch, bink?
Ze gaan door.
Wie is er een brave jongen?
Zie je al die bloemen?
Mooie bloemen.
Kijk die maan eens.
Is hij niet mooi?
Zou je er niet eens naartoe willen?
Nou, ik wel.
ik ga graag eens een keer naar de maan
ook al is het een eind uit de buurt
ik ga graag een keer naar de maan
maar dan wel als het niet te lang duurt
al is het natuurlijk een prachtavontuur
Voicemail. Julie, neem op. We weten dat je er bent.
We hebben geparkeerd. Heb je iets nodig?
Starbucks?
Ellie, straks trek je al m'n haar eruit.
We zijn er over tien minuten. Dag.
om de vissen te zien van dichtbij
ik duik graag voor een keer diep in zee
maar te lang zou niets wezen voor mij
Ellie komt er zo aan.
je hoort alleen blub en daar blijft het dan bij
zolang het maar is voor een dagje of twee
duik ik graag voor een keer in de zee
ik wil best naar een oerwoud vol leeuwen gaan
of heel dicht bij de rand van een afgrond staan
ik wil best naar een plek toe een eind uit de buurt
maar niet als het veel te lang duurt
ik weet niet of ik werkelijk zou gaan
naar een maan of een ster in de buurt
de post komt geloof ik nooit aan
als er al iemand iets aan je stuurt
al blijft het natuurlijk een leuk avontuur
ik denk toch dat je iedereen mist op den duur
een uurtje of zo zou geloof ik wel gaan
ik blijf niet graag lang op de maan
nee, ik blijf niet graag lang
op de maan
Waar kijk je naar? Zie je je ballon?
Zie je de ballon? Die is voor jou.
Bijna thuis, bink. We zijn er bijna.
Hoi, jongens.
Hoe is het met m'n favoriete kleinzoon?
Daar ben je.
Ben je klaar voor een flesje?
Kom hier, schat. Kom maar. Ik heb je.
Wie is er een mooie jongen?
Hoi. Hallo, daar. Hoi.
Ik neem 'm wel.
Hallo? -Hoi.
Hoe gaat het? -Geweldig.
We waren in de schoenenwinkel.
En ons mannetje met die mollige kleine voetjes heeft maat 19.
Om op te lopen. Breed.
Luister.
Ik maak het niet laat vanavond.
Ik zie ze na m'n werk en kom in de rust naar huis. Goed?
Ik wilde vanavond eigenlijk met je meegaan.
M'n moeder heeft de was gedaan en de kussens opgeschud.
Ze geeft Teddy nu de fles.
Omdat zij nu toch al de wacht houdt, moeten we daarvan profiteren.
Jule, het is maar tijdelijk.
Tot je sterk genoeg bent om alleen voor Teddy te zorgen.
O, shit. Voor altijd, dus?
Wil je Lucy echt zien?
Ja, dat wil ik.
Ik moet gaan.
Dan zie ik je buiten. -Oké, tot straks.
Ik hou van je.
Ik hou van jou. Dag.
Ik laat m'n gezicht doen.
Niet waar. Dat is belachelijk, mam.
Er was een opening op Teddy's verjaardag.
De gelukkigste dag van het jaar.
Maar misschien heb je me wel nodig voor z'n feestje.
Feestje? Welk feestje?
Hij heeft geen vrienden. Wie nodigen we uit?
Maar jij wel. Kom op, dat is een goede reset.
Nodig mensen uit, laat weten dat het goed gaat.
Dan kan je vader ook makkelijker terugkomen.
Je weet dat hij veel van je houdt.
Mam, ik hou van je, maar sta niet zo bij de douche.
Hallo, Ms Davis. Ik ben dr. Sylvester.
Ik ben psychiater in het ziekenhuis. -Is m'n zoon in orde?
Ja, hij maakt het goed.
Schattig mannetje. Hij wacht thuis op je met je man.
M'n schoonzus maakt me af. -Nee, hoor.
Ze willen je graag zien.
Het leek me een goed idee om eerst even te praten.
Is dat goed? -Ja.
Wat is er gebeurd?
Is dit de eerste keer dat je zelfmoord wilde plegen?
Ja.
Ben je er ooit dichtbij geweest? Heb je erover nagedacht?
Ik denk er constant aan.
Hoe ver gaat dat terug?
Af en toe, sinds groep drie.
Toen begonnen dingen te veranderen.
Op welke manier?
Alles was wazig.
M'n geheugen is wazig. Ik kan het niet anders uitleggen.
Zit geestesziekte in je familie? -Nee.
Dat is niet waar.
M'n moeder zou zeggen dat m'n vader geestesziek is.
M'n man zou zeggen...
dat m'n vaders geestesziekte erg lijkt op het zijn van een klootzak.
En recenter?
Hoe ging het toen je zwanger was?
Dat ging wel.
En na de bevalling?
Het was eigenlijk hetzelfde als wat ik m'n hele leven al meemaak.
Ik voelde me verwend en te zwak.
Alsof elke andere vrouw beter voor Teddy zou kunnen zorgen.
Voor hen allebei.
Ja.
Ik weet niet of je dit nog weet, maar in de jaren 70...
ging het gerucht dat hier spinneneitjes in zaten.
Mensen kauwden er niet meer op.
Ik dacht dat ook een tijdje.
Zelfs na hun advertentie in de New York Times.
Ik wist dat het niet waar was, maar kon er niet op kauwen.
Grappig hoe dat gebeurt. Je gaat geruchten geloven.
Je ontdekt dat 't niet waar is, maar toch krijg je die kauwgom niet in je mond.
En onlangs...
zei ik tegen m'n dochter dat ze snoep mocht uitkiezen.
En natuurlijk koos ze deze uit.
Roze, ligt op ooghoogte. Logisch.
Maar dan wordt dit m'n gedachtenproces:
wacht even, ze is te jong voor kauwgom. Straks stikt ze nog.
Toen dacht ik: je bent dokter. Je weet dat ze niet stikt. Dat is gestoord.
Toen wist ik het.
Het was m'n irrationele angst voor spinneneitjes.
Na al die jaren.
We moeten allemaal leren waar de spinneneitjes eigenlijk zijn.
En misschien nog wel belangrijker, waar ze niet zijn.
Wie heeft er honger?
Wat kun je goed eten.
Alsjeblieft.
Mam, kun je me verbinden? Alsjeblieft.
Natuurlijk.
Deze lukt niet.
Ik moet je haar knippen.
We kunnen naar de kapper. -Vertrouw je me niet met een schaar?
Nee, ik ben bang dat het lelijk wordt.
Welnee. -Zo.
Dat is goed. Alles is bedekt.
Ik had alleen wat kralen nodig.
Hé, schatje.
Kijk eens. -Lieve jongen.
Kijk eens.
O, god.
Zo zal m'n gezicht eruitzien.
Ze schaven het kraakbeen af.
Je neus wordt boller als je ouder wordt.
En tanden verschuiven.
Ooit, als ik er niet meer ben, moet je op je neus en je tanden letten.
Die verraden je. Snap je?
Wil je hem voeren?
Het is niet erg, een andere keer.
Je wilt niet te laat komen. -Ja.
Veel plezier met je man.
Geen paniek. Ik ben er.
Ja, neem nog maar een hapje.
Ja. -Sorry. Je bent zo mooi, mam.
Geen facelifts, goed?
Dan ben je net een alien. Ik hou zo veel van je.
Dan lijk ik tien jaar jonger. -Ik hou van je.
Veel plezier.
Oké, ik ga al.
Hé, Jule?
Ja?
Is hij wel in orde?
Je denkt toch niet dat hem iets is overkomen?
Pap? Nee, ik maak me geen zorgen om hem.
Want ik heb hem altijd kunnen bereiken. Ik kan hem nu niet bereiken.
Misschien wil hij niet gevonden worden.
Wil je nog een hapje? -Ik hou van je.
als je een meisje kust met een ukelele
en je belooft haar trouw te zijn
Ik doe de deur op slot.
als ze je met een ander meisje met een ukelele ziet vozen
misschien huilt ze dan wel
misschien zucht ze dan
misschien vindt ze wel...
Jezus. Hou vol. Hou vol.
Je bent er.
Gaat het?
Ja, dit lukt wel.
Gaat dit lukken? -Ja.
Hoi. -Hoi, kijk jou eens.
Goed je te zien. -Ja.
Hoi, goed je te zien.
Wat denk je? Gaat onze man winnen?
Gegarandeerd. -Moet je je man nou horen.
De eeuwige optimist. -Dat hoef je mij niet te vertellen.
Kom, we gaan zitten. Lucy is er.
Hoi, zus. -Hoi.
Oké, wil je iets drinken?
Ja. -Bier, hè?
Wat mag het zijn? -Hoi, mag ik vier Corona met limoen?
Wil je... Met extra limoen. Bedankt.
Klinkt goed. -Ja.
Ik heb al eten besteld.
Van die piepkleine hotdogs en nacho's.
Goed. Lekker. -Bedankt.
Bedankt.
Kennen jullie Shel Silverstein? Hij schreef The Giving Tree.
Natuurlijk. -Hij is een van m'n helden.
Net als Schulz, Seuss, Sendak, Hans Christian Anderson.
Daar gaat het niet om. Hoe dan ook, voordat hij beroemd werd...
verkocht hij hotdogs voor de White Sox en Chicago Cubs.
Dat is alsof je voor de Mets en de Yankees werkt.
Ja, toen hij beroemd was...
vroeg een interviewer hem wat hij geleerd had.
Hij zei dat iedereen van ketchup houdt.
Iedereen houdt van mosterd. Daar houdt iedereen van.
Ja, dat was het. Dat had hij geleerd.
Mosterd.
Ben je klaar met dat verhaal?
Mag ik even iets anders zeggen?
Ik vraag me af... -Hou op.
Ga je gang. Laat haar haar zegje doen.
Heb je er ooit aan gedacht hoe het voor ons zou zijn?
Ellie dacht dat ze een speelafspraakje had.
Oké, hou op. -Oké.
Hoe was het huis?
Vond je het huis mooi? Mooi, hè?
Nee. -Wat?
Wat?
Ik heb een huis bekeken bij hen in de straat dat te koop staat.
Erg mooi. Een grote tuin. Zeer betaalbaar.
Er staat een basket. Dan kun je Teddy zien spelen vanuit de keuken.
Huizen maken me bang.
En ik ben dol op ons appartement. Daar ben ik gelukkig.
Ik ben daar heel gelukkig. -Nu weet ik het niet meer.
Sorry, zeg je dat je daar gelukkig bent?
Oké, jongens. -Ik ben echt zo in de war.
Sorry, maar het draait altijd alleen maar om jou, Julie.
Het draait nooit om hem.
Heb je ooit gevraagd hoe het voor hem was?
Vraag hem wat hij elke avond deed toen jij in het ziekenhuis lag.
Vertel wat je gedaan hebt.
Een verhuizing zou goed zijn voor ons.
Hij kwam thuis na z'n werk en nadat hij jou had bezocht...
en nadat hij jouw zoon had ingestopt, en weet je wat hij dan deed?
Hij poetste het tapijt.
Dat heb je met bloed. Dat komt niet uit het tapijt.
Waar ga je heen? -Ik moet plassen.
Ben je nou blij? -Echt?
Laat mij maar.
Jule?
BLOEMEN TE KOOP
Ja, ben je klaar?
Dat is geweldig. -Klaar?
Eén, twee...
Hoi, met Ron. Spreek iets in en ik bel je terug...
Waarom ben je bang voor huizen?
Ze zijn geweldig. Iedereen houdt van huizen.
Stel dat jij aan een kant van het huis bent en ik aan de andere kant.
Ik roep je naam en je hoort me niet. Wat dan?
Dan kopen we walkietalkies.
Stel dat het onweert, jij in de stad bent en Teddy en ik daar alleen zijn?
Dan rijd ik naar huis. -En als je verongelukt?
Dan strompel ik naar een trein en loop de rest van de weg.
Wat als we verhuizen en je niet meer van me houdt?
Nou...
Daar kun je het huis niet de schuld van geven.
Jule?
Ik zal altijd van je houden.
Wat nou als ik beloof dat ik op het dak van ons huis...
stiekem sigaretten met je wil roken?
Je zou de sterren weer kunnen zien.
Ze genezen al.
Moet je kijken.
Ik heb een jarige job die graag z'n mama wil zien.
Gefeliciteerd, lieverd.
Hoi, bink.
Gefeliciteerd. Vind je je bord mooi?
Er staat: 'Gefeliciteerd, Teddybeer.' Dat bord heeft mama gemaakt.
Ze heeft het net af.
Wil je je cadeautje zien? Wil je dat zien?
Goed. Wat hebben we hier? -Wat is dit?
Zelfgemaakte verrassing?
Te veel? -Nee.
Hij vindt het mooi. -Jazeker.
Ja?
Heel schattig.
Ik ben niet jarig. -Maak open.
Het volgende Pinky-boek gaat over hoop.
Dank je.
We hebben een jaar gehaald.
Wat zeg je daarvan?
We hebben een jaar gehaald.
Sorry dat ik zo harig ben.
Ik zie er 50 per dag.
Hij zou moeten bijten als een schildpad voor ik het opmerk.
Klaar. Ga maar rechtop zitten.
Teddy is jarig vandaag. -Gaan jullie het vieren?
Hij krijgt vanavond z'n eerste chocoladetaart.
Die ga ik voor hem bakken. -Geweldig.
Ik vraag nu aan nieuwe moeders hoe het met ze gaat.
Niet alleen fysiek, maar hoe het echt met ze gaat.
Dat komt door jou.
Dat is heel goed.
Hoe werken de antidepressiva?
Wel goed.
Ik liep door een wereld die zwart-wit was.
Nu begin ik weer kleuren te zien.
Goed. -Ja.
Hoe is je ongesteldheid? Nog steeds vreselijk?
Weet u wat het voordeel is?
Ik ben al twee maanden niet meer ongesteld geweest.
Misschien door al het bloedverlies.
Klinkt logisch.
Oké, goed. Ik laat Barbara bloed afnemen.
Je moet in een potje plassen. Je kent het wel.
Ik ben zo terug.
Wanneer?
Oktober.
Oktober is al bijna.
Paneermeel.
Wat zijn er veel soorten.
Is dat niet hetzelfde?
Ik neem deze wel. Nee, deze.
En vanille-extract.
Alleen nog sodawater en dan zijn we klaar.
Ik ga water halen voor papa.
Hij is dol op bruisend water. Je mag me helpen.
Hier zijn ook al zo veel opties.
Zo moeilijk is het niet.
De winkel gaat zo sluiten.
Zo moeilijk is het niet.
Mevrouw?
Mevrouw?
Mevrouw?
Mevrouw, u hebt nog niet betaald.
Mevrouw, u moet betalen.
Laat de citroen los.
Kom op. Brave jongen.
Die hebben we niet betaald.
We komen voor dokter Sylvester. Julie Davis. Ik ben Ethan Davis.
Ik begrijp wat je zegt, maar ik kan het niet.
Ik dronk geen wijn of cola light...
toen ik zwanger was van Teddy. Geen koffie of sigaretten.
Als je diabeet was, zou je dan stoppen met medicatie?
Dat is niet hetzelfde.
Dit voelt als een gesprek, maar dat is het niet.
Oké? Je moet de antidepressiva slikken.
Als je niets slikt, beschermen je zwangerschapshormonen je misschien.
Daarna werken de pillen misschien niet meer.
Of het duurt te lang voor ze werken. Dat risico wil je toch niet nemen?
Je bent een sterke vrouw. Ik weet dat je wilt dat dat genoeg is.
Je kunt zo sterk zijn als Hercules zelf...
maar als je niet kunt zwemmen, dan verdrink je.
Ik kan zwemmen.
Toen ik studeerde, zag ik mezelf als dichter.
In m'n derde jaar ging ik met een dichter.
We lazen elke avond gedichten voor. Voor het slapengaan.
Op een avond las m'n vriendin me...
dit gedicht voor.
Dat heeft veel indruk op me gemaakt.
je broertje laat z'n ballon piepen als een kat
hij lijkt een grappige, roze wereld te zien die hij wil opeten
hij bijt en leunt dan achterover
dikke kruik
denkend aan een wereld die zo helder is als water
een rood stukje in z'n kleine vuist
Al bleef ik het de rest van m'n leven proberen...
ik zou nooit zo'n goede tekst schrijven.
Dat is een van de laatste gedichten van Sylvia Plath.
Voor ze zelfmoord pleegde.
Ik weet nog dat ik dacht:
hoe kan iemand die zo veel leven en hoop ziet in een ballon...
gewoon koekjes bakken en dan haar hoofd in de oven stoppen?
Hoe kan dat?
Omdat ze wist wat voor schoonheid ze achterliet.
Toch was de pijn zo erg dat de dood haar enige optie werd.
Laten we wachten.
Wachten?
Laten we wachten.
Totdat Teddy uit de luiers is. Niemand zal je ervoor veroordelen.
Niemand zal het ooit weten. -Ik zal het weten.
Jule, luister naar hem.
De vorige keer hadden we geluk.
Je mag best boos op me zijn.
Ik haat het als je toestemming geeft om boos op je te zijn.
Ik word boos als ik dat wil.
Je mag ook boos op mij zijn. -Nee, dat kan ik niet.
Ik mag niet boos op je worden. Daar liet je geen ruimte voor.
Daar heb jij voor gezorgd.
Dat is niet eerlijk.
Eerlijk? Echt?
Wil je het over eerlijkheid hebben?
Dat dacht ik al.
Kom op.
Kom op.
Goed.
Goed?
Goed.
HET GOEDE OVERWINT
Hoi, een man van de supermarkt kwam dit brengen.
Dank je.
Fijn dat je er weer bent.
Hé, Hector?
Het is goed.
Het komt goed.
We krijgen nog een kind. En net als met Teddy...
zullen we ons de wereld zonder hem niet meer herinneren.
Of haar.
Dat is iets goeds. -Ja.
Het is goed.
Het is goed.
En nog twee.
Hé, maat.
O, jee. Echt?
Oké. Hoe gaat het met haar?
Geweldig. Ik ga er nu heen. Ik heb alles waar ze om vroeg.
Ja, dat ook.
Oké. Tot snel. Bel me als er nieuws is.
Oké. Ik hou van je. Dag.
Vind je dit leuk?
Bomen? Ja.
Het zal stil zijn.
Je went er wel aan.
Waren de mensen die hier woonden gelukkig?
Waarschijnlijk wel.
Zouden wij hier gelukkig zijn?
Ik denk het wel.
We worden hier heel gelukkig.
Dat denk ik ook.
Dat denk ik ook.
De longen ontwikkelen goed.
Hartactiviteit is uitstekend. Tien vingers, tien tenen. En...
tot slot... Kom op, kleine boef.
Daar is het al. Ja.
Wil je het geslacht weten?
Ja. -Nee.
Zal ik het anders opschrijven?
Dan kun je kijken als je er klaar voor bent.
Of niet.
Voor het plakboek.
Ik zie jullie over een maand.
Je doet het geweldig.
Ze doet het goed.
Bedankt, dokter. -Bedankt.
Tien vingers, tien tenen. -Tien vingers, tien tenen.
Hallo. -Hoi.
Twee keer aardbei? -Ja.
Twee aardbeienijsjes.
Bedankt.
En dat is voor jou. Bedankt.
Ja.
Laat haar niet vallen. -Waarom zou ik?
Dat klopt. Dat is het. M'n grote en sterke wat?
M'n sterke benen.
Kijk me eens aanspannen.
Welk woord zoeken we? Bedankt. Aanspannen.
Bedankt. Aanspannen... Wat?
Klaar? Hé, kom op. Hier.
Hé, kijk.
Wat doet ze?
ONTMOET JULIE DAVIS
'De wereld was donker en grijs en Pinky was bang.
Maar ze was ook heel dapper.
Pinky klom stukje bij beetje naar de top van de toren.
Ze stak haar vinger in het sleutelgat en draaide hem toen om.
De bel begon te luiden en trillen.
De draaimolen begon te draaien.
Plotseling kwam er een enorme regenboog uit.
De lucht werd blauw, het gras werd groen.
De bloemen waren roze, paars, geel en rood.
De wereld was helder van kleur.
En Pinky was niet meer bang.'
Steek je hand op als je bang bent in het donker.
Ik. -Bang in het donker?
Ja. -Waarom?
Monsters. -Monsters.
Wat doe je?
M'n mama zegt dat iedereen monsters in z'n hoofd heeft.
Als m'n monster 's nachts tevoorschijn komt...
moet ik gewoon m'n ogen sluiten en zeggen dat hij weg moet gaan.
Werkt het?
Soms. -Soms.
Weet je, toen ik jouw leeftijd had, was ik ook heel bang voor monsters.
Voor het slapengaan keek ik naar de sterren...
en koos ik een ster om een wens te doen.
Ik wenste een beste vriendin.
Ik wilde dat een beste vriendin me steunde en bij me bleef.
Ik wilde iemand om geheimen mee te delen.
Iemand die me zou helpen de monsters te doden.
Het heeft lang geduurd voor ik een beste vriendin had...
omdat ze niet bestond.
Ik heb haar verzonnen.
En nu is ze...
altijd bij me.
Ik heb een idee.
Zullen we allemaal onze eigen monsterdoder tekenen?
Wat vinden jullie?
Toen ik klein was, dacht ik dat er een elfje in elke klok leefde.
Het was aan hem om de tijd te laten bewegen.
Echt? -Ik maakte me vaak zorgen.
'Stel dat hij in slaap valt.' Dus bleef ik zo laat mogelijk op...
om te zorgen dat de elf wakker bleef en de tijd bewoog.
Een grote verantwoordelijkheid voor een elfje.
Ja. Ik was een grappig kind.
Wat krijgen we?
Weet je het zeker? -Ja.
Ja. -Ik mocht het je niet vertellen.
Zeg het me als het een jongen is, en niet als het een meisje is.
Een meisje? -Ja.
Een klein meisje? -Ja.
Hallo, meisje. -Een meisje.
Het wordt een meisje.
Ik kan geen dochter krijgen.
Ik kan geen dochter krijgen. Wat als ze me niet mag?
Ze zal dol op je zijn. -Wat als ze m'n haar niet mooi vindt?
Ze zal het prachtig vinden. -Wat als ze m'n stem niet mooi vindt?
Wat als ze moet huilen van m'n stem? O, god.
Julie, haal even diep adem.
Ik... -Hé, kijk me aan.
Dit is prachtig. Dit is geweldig.
Julie, het is goed.
Het is goed. Kijk me aan. Het komt goed.
Het is goed. Diep ademhalen.
Goed? Het is goed. Het komt goed.
Het komt goed.
Vertel hem wat er vandaag in het park is gebeurd.
Ik weet niet... -Zeg het, Julie.
Hij maakt het groter dan het is.
Voor mij is het makkelijk, hè? Ik vraag me constant af of het goed gaat.
Ik heb geen idee, want ze kan goed doen alsof.
Maar vandaag zag ik het heel even.
Ze kon niet doen alsof. Ik weet dat het niet gaat.
Het gaat niet. -Ik...
ben emotioneel omdat ik zwanger ben. Dat lijkt me vrij normaal.
Zeg dat niet. Lieg niet.
Pardon?
Ik ben hier niet de leugenaar.
Wat betekent dat? Hoezo lieg ik?
Hoezo lieg ik?
Waarom hou je van me?
Waarom hou je van me?
Kijk me aan.
Je wilt me altijd alleen maar in de ogen kijken...
en nu kijk je weg?
Omdat het eng is, hè?
Ik heb het je gezegd.
Ik zei dat je zou wegkijken. Ik heb hem gewaarschuwd.
Dat als hij echt zou zien hoe lelijk ik ben...
dat hij dan wel weg moest kijken.
En ik had gelijk.
Dus jij bent de leugenaar.
Vertel eens wat er die dag gebeurd is.
'Dag, treinen.'
Klaar? Zeg op drie: 'Dag, treinen.'
Steeds als ik alleen ben, ben ik bang dat Teddy iets overkomt.
Zeg maar: 'Dag, keuken.'
Ik ben bang dat hij stikt als ik hem eten geef.
Bedankt. Ja.
Als ik iemand zie met thee of warm water...
ben ik bang dat het op hem valt.
Dat hij gewond raakt, omdat ik hem niet beschermde.
Alles ingepakt? Klaar om te gaan?
Ik heb even nodig.
We zijn beneden.
Telkens als ik hem in bad doe, denk ik: wat als hij verdrinkt?
Wat gebeurt er als ik even wegkijk en hij verdrinkt?
Als ik bedenk dat hij naar me opkijkt...
met die moedige, betrouwbare ogen...
hoor ik steeds:
je zult falen.
Je kunt niet anders dan falen.
En de gedachte dat ik hem in de steek laat.
Dan denk ik: we falen allemaal.
Hoe dan ook.
We gaan allemaal dood.
Dus die ochtend wist ik dat je zus zou komen.
Ik dacht: doe het gewoon.
Lucy komt langs. Zij zal voor hem zorgen.
Doe het nu, voor je je bedenkt.
Want hij is veiliger in de wereld zonder jou.
Alleen jij kunt verbranden door een therapielamp.
Heb je even?
Echt, alweer?
Alsjeblieft. -Ik...
heb niets meer te zeggen. -Heel even maar.
O, mijn god. -Oké.
Ik weet het niet. Gloria Steinem had haar dochters kamer niet roze geverfd.
Gloria Steinem had geen kinderen.
Wat als roze te veel van haar vraagt?
Misschien is ze een tomboy en geeft roze haar een slecht gevoel.
Alsof ze niet roze genoeg is.
Dan heb je haar leven verpest. -Ik meen het. Dit is ernstig.
Het is heel belangrijk. Ik geloof niet in de kleur roze.
Bestaat dat? In roze geloven?
Ethan? -Ik neem dit heel serieus, oké?
Ik neem het elke keer weer serieus.
Zo vaak was het niet. -Het was erg vaak.
Weet je wat? Bedankt voor je geduld.
Wat dacht je hiervan? Ik heb een idee.
Ogen dicht, strek je uit en wijs naar een kleur.
Toe maar. Wijzen.
Wijs naar één. -Oké.
Wat is het? Bloemroze. -Bloemroze.
Bloemroze.
Geweldig. Ik ga zes liter bloemroze halen.
En anders schilder ik het over. Goed? -Ja.
We moeten Teddy aankleden en gaan.
Zie ik er normaal uit?
Dat nou ook weer niet.
Uitslover.
Jongens, dit is zo schattig. Bedankt.
Graag gedaan.
Geen zorgen, Ellie is zo goed met hem.
Ik weet het.
Ik weet het.
Oké, zeg.
Bedankt. Kijk naar de bal.
IJsthee?
Ja, graag.
Nee, dank je.
Hoezo niet? Er gebeurt niets.
Cafeïne kan goed zijn voor je.
Ik ben jaloers. -Ja.
Nick en ik willen er geen meer en dat heeft veel positieve kanten.
Geen luiers.
Maar ik mis het hebben van een baby.
Ik mis dat gevoel van borstvoeding.
O god, dat is geweldig.
Ga je borstvoeding geven?
Is dat veilig? Kan dat? Kun je borstvoeding geven?
Weet je het zeker?
Ik oordeel niet. -Als hij...
Ik oordeel niet.
Ben je gek geworden? Ik zeg...
Ja. Absoluut. -Dat weet ik.
Teddy?
Sorry. Sorry, kun je voorzichtig doen?
Kom maar hier.
Het is al goed.
Hé, gaat het?
Ja, we moeten gaan.
Goed. -Kom op.
Sorry, schat.
Neem me niet kwalijk. Kom op, jongen.
Ik weet dat ik ziek ben en medicijnen nodig heb.
Het voelt alsof ik haar teleurstel.
Veel mensen kregen flesvoeding en die houden ook van hun moeder.
Snap je? Je wordt hoe dan ook een geweldige moeder.
Of je haar nu borstvoeding geeft of niet. Goed?
Ik weet niet hoe ik moet zorgen dat zij zich verbonden voelt.
Hoe zorg ik dat ze zich veilig voelt?
Hoe vaak moet ze boeten omdat ik haar moeder ben?
Soms sluit ik m'n ogen en zie ik haar voor me.
Rennend door een bloemenveld in een witte jurk.
Met haar armen open en dan denk ik: dat wil ik haar ook geven.
Ik wil dat ze kan lachen zonder angst.
Dan denk ik:
hoe moet ik haar dat leren...
als ik niet weet hoe dat moet?
Ik weet niet meer hoe het was...
om zo te lachen.
Hallo, vriend. Dat is lang geleden. Mijn hemel.
ALS JE ME VINDT, STUUR ME DAN TERUG NAAR JULIE
LAAT ME WETEN HOE VER JE VLOOG
Kun je een slaapliedje voor me zingen?
'Nachtbloem', toch?
Kom hier.
Mag ik dan een wens doen?
Natuurlijk.
Wat heb je gewenst?
Dat je altijd van me houdt.
Lieverd.
Daar hoef je geen wens aan te verspillen.
Ik zal altijd van je houden.
Hoi, Rosie. We gaan naar bed.
Rosie.
Hoi, Rosie.
Mag ik dan een wens doen?
Is er een reden dat je dat hebt gedaan? Is daar een reden voor?
Kijk me aan. Denk je dat dat pijn deed?
Je moet iets eten.
Kom. -Ligt hij in bed?
Ja. -Goed.
Hij ligt in bed. Ik heb voor je gekookt.
Ik heb alles gedaan.
Kun je me er iets van vertellen?
Wat je tot nu toe hebt.
Ik heb wel een maanpicknick gemaakt. Toe, ik heb een verhaaltje nodig.
Dit doe ik het liefst.
Je pannenkoeken zijn heel lekker.
Bedankt. Ik ben er trots op.
Goed, het verhaal heet Pinky Tinkerbink redt de sterren.
Heel mooi.
Ja? -Ja.
Er was eens een sterrenmonster.
Hij haalde de sterren een voor een uit de lucht.
Elke keer als hij er een pakt, legt hij die tegen z'n borst.
Ze gaan z'n lichaam in en gloeien dan heel helder vanuit z'n buik.
En onze heldin, een kleine meid genaamd Pinky Tinkerbink...
Tinkerbink.
...is heel verdrietig.
Waarom is ze verdrietig?
Omdat het sterrenmonster alle sterren uit de lucht haalt.
Hoe kan ze nu nog iets wensen?
Ze probeert te bedenken hoe ze alle sterren weer in de lucht kan krijgen.
Ze denkt:
oké, lampjes gloeien net als de sterren.
Dus schroeft ze alle lampen uit haar huis.
Ze gooit ze een voor een de lucht in en ze vallen allemaal neer.
Ze blijft maar nadenken...
en beseft dat diamanten net zo schitteren als de sterren.
Dus ze haalt alle diamanten uit haar tiara.
Ze pakt haar katapult...
en schiet ze een voor een de lucht in.
Ze vliegen veel verder dan de gloeilampen.
Maar ze komen niet ver genoeg.
Ze regenen allemaal op haar neer.
Pinky denkt nog verder na.
Dan denkt ze: citroenen. Die zijn net zo geel als de sterren.
Maar citroenen zijn zwaar.
Dus...
vindt ze een bladblazer onder een stapel oude bladeren.
Ze doet de citroenen in haar bladblazer.
Ze vuurt citroenen uit haar bladblazer, want die is enorm krachtig.
De citroenen vliegen omhoog en gaan verder dan de diamanten.
Verder dan de gloeilampen. Maar ze gaan niet ver genoeg.
En dan storten ze neer op Pinky.
Ze wist niet wat ze moest doen.
Er was niets om te wensen, niet alleen voor haar...
maar voor alle kleine kinderen op de wereld. En voor alle grote kinderen.
Zonder sterren zou de wereld een duistere, hopeloze plek zijn.
Wat heeft ze gewenst?
Julie, als je er klaar voor bent, moet je nog één keer hard persen.
Oké. -Persen.
Ga door.
Alles wat je hebt.
Harder. Ga door. Blijf persen. -Goed zo, lieverd.
Ga door. -Persen.
Wat?
Je hebt een goeie gemaakt. -Is ze in orde?
Ze is in orde. Het is goed.
Dat viel best mee, toch?
Ze is perfect.
Ze is prachtig.
Ze is perfect.
Ze is zo perfect.
Het is voorbij.
Mama doet dit voor je.
Ja.
Die mag je hebben.
Weet je, er is niets mis met een fles.
Baby's.
Ze komen op deze wereld als vertrouwende, kleine wezens.
Ik weet nog dat jij geboren werd.
Je keek me aan...
en geloofde dat ik alle antwoorden had.
Ik weet nog hoe dapper ik je vond...
om dat te geloven.
Jule?
Het spijt me dat ik niet alle antwoorden had.
Ik weet het, mam.
Maar jij wel. Dat heb je altijd gedaan.
Dat was m'n fout.
Jou om antwoorden vragen.
Maar je kunt dit, Jule.
Je kunt het.
Het komt goed met haar.
Het komt goed met jou.
Zelfs ik red het wel.
Denk eens aan al die weduwnaars die dolgraag willen hertrouwen.
Ik hou van je, mam.
Je bent m'n baby.
Ik heb een grote broer die z'n kleine zusje graag wil ontmoeten.
Dit is je kleine zusje.
Jij moet haar beschermen, grote broer.
Gaat dat lukken?
Natuurlijk wel.
Wil je haar aanraken?
Wil je de baby aanraken? -Kom hier.
Zeg maar hallo.
Kom hier. -Daar is ze.
Ja. Ik heb een ballon voor je. -Wie is dat?
Dit moet gefilmd worden.
Vandaag is het 9 oktober 1995.
We hebben net een nieuw lid in onze familie verwelkomd.
Dit is Rachel.
Ze is blij om hier te zijn. -Hé, schat.
Ze woog 3430 gram. -3400 gram.
3400 gram. -Ze komt er wel.
Geboren om 21.48 uur. -21.48 uur.
Zeg eens 'Hoi, Rachel'. -Sorry dat ik stoor.
Het is badtijd.
Badtijd. -Teddy, laten we naar het bad kijken.
Laten we naar het bad kijken. -Ja, ga met oma mee.
Ik doe haar er wel in.
Ze slaapt. -Het komt wel goed.
Ze slaapt. -Kijk die baby eens. Zie je haar?
Zie je haar? -Lekker in bad, lieverd.
Dat is je zusje.
Is ze niet fantastisch?
Bedankt. -Bedankt.
We zijn zo terug. -Oké.
Heb je je medicatie genomen?
Nee, die zit in m'n weekendtas.
Maar ik ga ze niet nemen.
Zes weken, meer heb ik niet nodig.
Ik heb het negen maanden gedaan, dus wat maakt zes weken nog uit?
Ik beloof dat ik ze neem. -Jule?
Dat doe ik echt.
Ik weet dat ik eerst mezelf moet helpen. Dat snap ik.
Als ik het gevoel krijg dat ik doordraai, zijn ze daar.
Dan neem ik ze gelijk.
Beloofd. Ik weet dat het niet slim is, maar is het goed?
Nee, dat is het niet.
Ik doe dit niet nog een keer.
Je belofte betekent niets.
Je liet ons kind verdomme alleen achter in een loopstoel.
Begin je daar nu over? -Doe niet alsof ik de klootzak ben.
Het afgelopen jaar loop ik op eieren bij jou.
Want ik hou me aan de afspraak.
Het is niet eerlijk dat je er nu over begint.
Praat niet over eerlijkheid. Dit gaat niet om jou.
Het gaat niet om jou. Het gaat om hen.
Ja.
Ben je nu blij?
Ik ga naar ze toe.
Ethan?
Ik kan het niet innemen.
Dat kan ik niet.
Als je het mis ziet gaan, is het klaar.
Dat beloof ik.
Dan mag je onder m'n tong kijken. Ik kan het nu niet.
Heb je nog een ander krijtje? Mag ik die?
Dat is heel goed.
Mooi gekleurd.
En deze kleur? Wil je deze?
Ik kan je deze geven. Ik vind het niet erg.
Waar is m'n grote jongen?
Hoi. -Hoi, vriendje.
Ze slaapt. -Ja.
Dit ziet er prachtig uit.
Zijn dit de nieuwe dingen? -Sommige wel.
Nog een hemelbed? -Ja.
Is dat het sterrenmonster? -Zie je dat?
Wat eng. -Slechterik.
Geen sterren.
Geen sterren. Maar ik werk nu aan iets vrolijks.
Laat die eens zien. -Nee, nog niet. Een verrassing.
Voor later.
Ik moet gaan. -Weet ik.
Dag.
Dag, maatje.
Fijne dag op je werk. -Dag.
Alles is in orde.
Goed?
Goed. -Geen zorgen.
Oké, dag.
Maak je geen zorgen. -Oké.
Fijne dag op je werk. -Dag.
Dag, papa.
Volgens mij zie ik oma aankomen.
Is dat oma?
Is dat oma? Oma is er.
Kom op.
Ik kom, mam.
Rustig aan.
Mam, ik kom eraan.
Goed zo.
Hoi, Teddy. Hallo, m'n kleine jongen.
Zeg je geen hallo tegen oma?
Hij wilde thuiskomen.
Je hebt toch niet toegezegd? Zei je ja?
Ik zei geen nee.
Lief zijn, Jule.
Hij is je enige vader. -Ja.
Hé, kijk. Kom hier, schat.
Hier is je opa.
Mama zegt dat je een schilder zoekt.
Dit is net als het uitzicht vanuit je oude kamer.
Ken je deze nog?
Ja, natuurlijk.
Bij jou zaten ze ook naar binnen.
De verfdampen zijn vast niet goed voor haar.
Het is latex, geen zorgen.
Hé, ma? -We zijn in Teddy's kamer. Wacht.
We zijn nog niet klaar. -O, oké.
Oké. Het is een vogel. Het is een vliegtuig.
Het is Superman.
Kijk jou eens.
Ik hou van je. Je ziet er zo goed uit. -Fantastisch.
Je ziet er zo goed uit.
Kom hier. -Mama was altijd dol op Halloween.
We gaan ons even omkleden. -Wat is er, schat?
Ze moet verschoond worden. -Wil je me helpen?
Ik help pap met schilderen. -Oké, goed.
Hallo, schatje. Hallo, meisje.
Ja, ik hou van je. Ga je me helpen?
Mijn hemel.
Mooie kleur.
Ik hoop het.
Ik help je wel even.
Je moet dit gebruiken.
Houd het zo vast.
Oké, doe ik.
Kijk, zo.
De man van de verfwinkel zei dat dit pluizenvrije rollers waren...
maar rollers zijn nooit pluizenvrij.
We willen geen pluisjes op de muur.
Pak deze. Geef maar.
En nu zoals ik het je heb geleerd.
Gewoon...
Vorm.
Uitsmeren.
En dan verspreiden.
Goed.
Elke keer perfect.
Dat is het.
Goed zo.
Het spijt me zo, bloempje.
Het spijt me.
Het spijt me zo.
Die is voor jou.
Plop.
Wauw, zo groot.
Er is niets meer over.
Mama moet meer halen. Mama moet meer gaan halen.
Het is al goed. Oké, kom op.
Wil je melk?
Oké, goed. Je hebt m'n haar vast.
Oké, schatje.
Kom op, wat heb je nodig?
Wat heb je nodig? Wat wil je?
Ja, ik weet het. Ik doe m'n best. Ik probeer het.
Het is goed.
We pakken je fles.
Teddy, ik ben hier.
Het komt er al aan.
Het komt eraan. Het is goed.
Wat doe ik verkeerd?
Teddy, ik ben hier.
Kom op, nou.
Meisje, alsjeblieft, stop met huilen.
Je hebt alle stenen al gegooid.
Ze zijn al beneden.
Ga ze maar halen.
Toe maar.
Dag, jongens. -Hoi.
Daar is papa. Daar is hij.
Wat ben je vroeg thuis. Daar is hij.
Hoe gaat het? -Goed.
Goed. -Ja.
Haar kamer ziet er goed uit. -Geweldig.
We hebben een goede kleur gekozen. Het is zo mooi.
Die zal ze mooi vinden. -Goed.
Oké, deze man en ik hebben belangrijke zaken af te handelen.
Ga je mee? We kunnen pizza halen.
Nee, neem wat jongenstijd. Wij hebben wat meisjestijd.
Goed. -Ja. Veel plezier.
Goed, we zijn over een uur terug. -Prima.
Dag, jongens.
We houden van je.
Pinky Tinkerbink en haar mama waren beste vrienden.
Ze gingen samen naar het park.
Ze bakten samen.
Ze verkleedden zich samen.
Op een dag werd Pinky's mama ziek.
Ze konden niet meer samen spelen.
Elke avond wenste Pinky met een ster dat haar moeder weer beter werd.
Maar stukje bij beetje verdwenen de sterren uit de lucht.
Haar moeder werd niet beter.
Op een avond keek Pinky uit het raam.
Alle sterren waren verdwenen.
Ze had niets meer om te wensen.
Deze?
Of deze?
Pinky's magische vinger begon te tintelen.
Ze dacht na, dacht na en dacht na.
'Ik moet de sterren weer laten schijnen', zei Pinky tegen mama.
'Maar ik weet niet hoe.'
Dit is de winnaar.
Wat denk je?
We beginnen hiermee. -Ik ben zo terug.
...twee en 15/16e.
En glijden.
Achterstevoren?
Mama houdt van je, lieverd.
Niets is leuker dan iets vies maken, hè?
Dank je. Ik had wat vuil nodig.
BREEKBAAR
Dus Pinky verslaat het sterrenmonster en brengt alle sterren terug in de lucht.
Dan kunnen alle kinderen op de wereld weer dingen wensen.
Klopt dat?
Het is een goed einde.
Echt? -Ja.
Wat wenst Pinky?
Pinky?
Ja.
Dit.
Dit is alles wat ze wilde.
Hoi, ik ben hier voor Rachel Davis Nathan.
Pap. -Ze is net bevallen.
Wacht tot je haar ziet.
Kijk eens wie ik gevonden heb.
Gefeliciteerd, opa. -Jij gefeliciteerd.
Geef dit aan je zus.
Wacht even.
Hoe voel je je?
Het is goed.
Hallo.
Hallo. -Ze wil je graag ontmoeten.
En ik jou ook.
Ik weet het.
Kom maar.
Dank je.
PINKY TINKERBINK REDT DE STERREN
VOOR RACHEL, TEDDY EN ETHAN
Soms zitten de sterren verstopt achter de wolken.
Soms worden ze overschaduwd door de zon.
Soms verstoppen ze zich achter de maan.
Ook al zie je ze niet, ze zijn er altijd.
Net als ik.
Ook al zie je me niet...
m'n liefde is altijd bij je.
In 1995 werd postnatale depressie zelden besproken of gediagnosticeerd.
Eén op de vijf nieuwe moeders lijdt aan postnatale depressie.
Velen schamen zich te veel om iemand te vertellen hoe ze zich voelen.
Als je een van die vrouwen bent, ben je geen slechte moeder. Je bent niet alleen.
Een postnatale depressie is behandelbaar. Vraag om hulp en word beter.
Julie heeft zo veel gemist.
VOOR BRIAN, SAMMY EN ANNA
Ondertiteling Vertaald door: Annemarieke Schaap
Can't find what you're looking for?
Get subtitles in any language from opensubtitles.com, and translate them here.