All language subtitles for Old Men in New Cars (2002)

af Afrikaans
ak Akan
sq Albanian
am Amharic
ar Arabic
hy Armenian
az Azerbaijani
eu Basque
be Belarusian
bem Bemba
bn Bengali
bh Bihari
bs Bosnian
br Breton
bg Bulgarian
km Cambodian
ca Catalan
ceb Cebuano
chr Cherokee
ny Chichewa
zh-CN Chinese (Simplified)
zh-TW Chinese (Traditional)
co Corsican
hr Croatian
cs Czech
eo Esperanto
et Estonian
ee Ewe
fo Faroese
tl Filipino
fi Finnish
fr French
fy Frisian
gaa Ga
gl Galician
ka Georgian
de German
el Greek
gn Guarani
gu Gujarati
ht Haitian Creole
ha Hausa
haw Hawaiian
iw Hebrew
hi Hindi
hmn Hmong
hu Hungarian
is Icelandic
ig Igbo
id Indonesian
ia Interlingua
ga Irish
it Italian
ja Japanese
jw Javanese
kn Kannada
kk Kazakh
rw Kinyarwanda
rn Kirundi
kg Kongo
ko Korean
kri Krio (Sierra Leone)
ku Kurdish
ckb Kurdish (Soranรฎ)
ky Kyrgyz
lo Laothian
la Latin
lv Latvian
ln Lingala
lt Lithuanian
loz Lozi
lg Luganda
ach Luo
lb Luxembourgish
mk Macedonian
mg Malagasy
ms Malay
ml Malayalam
mt Maltese
mi Maori
mr Marathi
mfe Mauritian Creole
mo Moldavian
mn Mongolian
my Myanmar (Burmese)
sr-ME Montenegrin
ne Nepali
pcm Nigerian Pidgin
nso Northern Sotho
no Norwegian
nn Norwegian (Nynorsk)
oc Occitan
or Oriya
om Oromo
ps Pashto
fa Persian
pl Polish
pt-BR Portuguese (Brazil)
pt Portuguese (Portugal)
pa Punjabi
qu Quechua
ro Romanian
rm Romansh
nyn Runyakitara
ru Russian
sm Samoan
gd Scots Gaelic
sr Serbian
sh Serbo-Croatian
st Sesotho
tn Setswana
crs Seychellois Creole
sn Shona
sd Sindhi
si Sinhalese
sk Slovak
sl Slovenian
so Somali
es Spanish
es-419 Spanish (Latin American) Download
su Sundanese
sw Swahili
sv Swedish
tg Tajik
ta Tamil
tt Tatar
te Telugu
th Thai
ti Tigrinya
to Tonga
lua Tshiluba
tum Tumbuka
tr Turkish
tk Turkmen
tw Twi
ug Uighur
uk Ukrainian
ur Urdu
uz Uzbek
vi Vietnamese
cy Welsh
wo Wolof
xh Xhosa
yi Yiddish
yo Yoruba
zu Zulu

Original subtitles

Watch Online Movies and Series for FREE www.osdb.link/lm

Oude Mannen In Nieuwe Auto's

Verdomme.

Harald.

Hoe gaat het? Alles kits? - Prima.

Wil je een lift? - Nee, ik word zo opgehaald.

Ik pas er toch niet bij. Waarom zit jouw auto altijd zo vol?

Dat is goed voor het milieu.

Luister eens, ik wil m'n geld.

Mag ik eerst even de gevangenis uit?

Ik wil gewoon m'n geld.

Ik heb minstens 'n week nodig.

Dat kan, maar dan komt er wel drieรซnhalf bij.

Jij moet natuurlijk je rente vangen.

Maandag, Harald. Niet vergeten.

Jij nog eentje?

Vuk? Wil jij nog wat drinken?

Citroen. - Citroenlimonade?

Moeten daar geen rozijnen bij?

Dit is mijn recept, Peter. - Ja, maar moeten er geen rozijnen in?

Heb jij martins suikerbrood al geproefd? - Vijf stukken. Heerlijk.

Hij doet mee aan het kampioenschap in het bella-centrum.

Je wint zeker. - Dat moet ik nog maar afwachten.

Er zijn meer lekkere taarten, hoor.

Wat moet dit voorstellen?

Suikerbrood.

Waarom waren jullie er niet? Nou moest ik met die klotebus.

Dat ding stopte om de vijf meter. Waarom waren jullie er niet?

We wisten niet dat je weer vrij was. Uit de gevangenis ontslagen.

We dachten dat je morgen vrij zou komen.

En wat is dat?

Dat is Vuk.

Harald, dit is Vuk.

Vuk, dit is Harald.

Hij werkt hier. - Wie heeft hem aangenomen?

Wij, eerlijk gezegd.

Hij is een geweldige elektricien.

Hij is bezig met een heel nieuw verlichtingssysteem.

Hij was elektricien in sarajevo. - Nou en?

Ik wil hem niet in m'n keuken. Er is zat licht.

Opzouten, sambo.

Hoor je me niet? Ga terug naar San Diego.

Vuk is Ratko's neef.

Ik ben er even 'n paar jaar tussenuit, en jullie veranderen verdomme alles.

Het is uit met dat gesodemieter.

Daar hebben we het de afgelopen tijd veel over gehad.

Waar hebben jullie het over?

We willen niet meer meedoen aan dat gedoe.

Jij moet natuurlijk doen wat je wilt.

Maar wij willen gewoon geen strafbare dingen meer doen.

Zet die trap opzij. En haal die planten weg. Wat een klerezooi.

Zet die trap opzij, Peter.

Leuk karretje heb je daar.

Wat moeten jullie hier? - We hebben 'n dagje vrij.

Hier, neem een pistache-ijsje.

Zeg Harald, waarom mag Vuk niet in je keuken werken?

Daarom niet. - Hij heeft een baantje nodig.

Z'n moeder vindt het vreselijk als hij werkloos is.

Daar moet z'n moeder dan maar aan wennen.

Heb je m'n 3,5 miljoen? - Nee.

Ik weet 't goed gemaakt. Als je Vuk aanneemt, krijg je nog een week.

Een week? Ik heb meer tijd nodig.

Als je goed voor hem bent, krijg je nog eens drie dagen.

Stuur hem maandag maar langs.

Zorg dat je het geld hebt. Je kunt altijd een hypotheek nemen.

Er zit ijs op je smoel.

Met dit licht kunnen we niet werken. - Vuk komt maandag.

Die wou je hier toch niet hebben? - Er moet iets aan dat licht gebeuren.

Wat is dat nou weer? - Sushi met kwal.

Met wat? - Met kwal.

Dat zijn toch petit-fours? - Nee, het zijn hartige rolletjes.

Het is heerlijk. Er zit rauwe vis in.

Proef maar. - Ja, neem 'n hap.

Ik moet die troep niet. Dit is geen afhaalchinees.

Ga die vis bakken. Vooruit.

Nee, natuurlijk. Ik ben al onderweg.

Dat was de monnik. Hij ligt in het ziekenhuis.

Geen wonder. Hij leeft erg ongezond. - Niet waar.

Komen jullie mee, of hoe zit dat? Dit zou de laatste keer kunnen zijn.

We willen er niks meer mee te maken hebben.

Wat klets je nou? Die man is hartstikke ziek.

Kom op, we gaan.

Ik zal uw medicijnen klaarmaken. - Dank u wel.

Het is nu geen bezoekuur.

Bent u familie? - Harald wel, zo'n beetje.

Ik ben familie. Geef me twee minuten. - Hij schept op.

Kunt u daar even mee wachten? Ik wil met hem praten.

Twee minuten dan.

Dank u, zuster.

Wat is dit nou? - Ach Harald, jongen.

Wat mankeert je? - M'n lever heeft 't eindelijk opgegeven.

Is er niks meer aan te doen? - Ik denk het niet.

Ik dacht altijd dat ik zou worden doodgeschoten. Maar helaas.

Dank je wel.

Ik heb er toch geen trek in.

Heb je nog iets nodig? - Nee.

Nou ja...

er is wel iets, maar dat is nogal ingewikkeld.

Zeg het maar.

Ik zou m'n zoon graag willen zien. - Je hebt geen zoon.

Nou en of. Ik heb een zoon.

Dat heb je me nooit verteld. - Dat was nooit nodig.

Z'n moeder was een zweedse stewardess. Zo gek als een deur.

Ik heb nooit contact opgenomen, omdat ik in de gevangenis zat.

Ik kon toch niks voor hem doen.

Hij moet z'n vader zien, nu het nog kan.

Natuurlijk. We zullen hem vinden.

Waar woont hij? - In Zweden.

Waar woont hij precies? - In Zweden, idioot. Ben je doof?

Monnik. Hij bedoelt: Waar in Zweden precies?

Hij zit vast. - In de gevangenis?

Wat heeft ie op z'n kerfstok? - Niks ernstigs.

Hier. Hij zal er nou wel anders uitzien.

Hoe heet hij? - Ludvig.

Als hij in de cel zit, kunnen we niet zomaar...

Natuurlijk wel.

We kunnen niet zo maar... - Het bezoekuur is voorbij.

Staan jullie hier nou te roken? Eruit. Dit is een ziekenhuis.

We zullen hem vinden. - Dank je, jongen.

Het is 'n extra beveiligde gevangenis voor mensen met levenslang.

Je krijgt hier alleen 'n kaakje. - Eet het dan niet.

Ik ben misselijk van de honger. Kunnen ze geen sandwich maken?

Die gevangenis komen we niet in. Dat moeten we Harald vertellen.

Hou eens op met schoppen, stelletje rotjochies.

Sorry, maar u mag hier niet komen.

We willen alleen maar... laat ons nou even.

Harald, heb jij kreeft?

Ga terug. Jullie mogen hier niet komen.

Hoe denk je dat we hem hier verdomme uit kunnen halen?

We rijden met een bulldozer door de muur heen.

Die gevangenis heeft drie muren. - Echt bestek en echte servetten.

We vinden er wel wat op. - Heerlijk.

Wat doe je nou? Blijf met je poten van m'n krab af.

Maak dat je wegkomt.

Wat heeft ie gedaan? - Hoe bedoel je?

Waarom zit die Ludvig in de best beveiligde nor van Zweden?

Wegens fout parkeren, nou goed? Blijf af.

Willen jullie nou eindelijk weggaan?

Wilt u weer op uw eigen plek gaan zitten?

Afblijven. Ga terug naar je eigen plek.

Misschien kan het toch. Als je er goed over nadenkt, zouden we...

Hou op met schoppen. He, een kaakje.

Hallo. Kan ik u helpen?

Peter heeft twee kamers gereserveerd.

Spreekt u engels?

Martin, wat zegt ze? Verstaat ze geen deens?

We hebben twee kamers gereserveerd voor mr blixen.

Mr blixen?

Vraag eens of ze hier een vergaderzaal hebben.

Een vergaderzaal? - Ja, zo eentje met een schoolbord.

Waarvoor? - Vraag het nou maar gewoon.

Als hij een idee heeft, wil ik dat wel horen.

Zullen we ons eerst installeren? - Ik vraag het zelf wel.

Ga je gang. - Doe ik toch.

Heeft u een kamer...

een kamer... - we hebben een heleboel kamers.

Ik weet dat u kamers heeft.

Heeft u een vergieterkamer?

Een vergieterkamer.

Waar je een vergiet houdt.

U wil een vergiet houden.

We willen een vergieterkamer met een baard.

Een baard.

U wil een vergiet houden met een baard.

Zo is het precies.

We willen een vergaderzaal met een schoolbord.

We hebben 'n hele mooie vergaderzaal. - Die willen we reserveren.

Uitstekend. Tekent u hier maar voor de kamers.

Trut. Kom mee, jongens.

Kom mee, martin. - Ik moet nog even...

Vergieterkamer.

Zo heet dat. Hij sprak gewoon geen engels.

Dat heet geen vergieterkamer. - Wel waar.

Het was gewoon hele slechte service, dat ie dat niet wist.

Jongens, het was gewoon een trut.

Dat was een man, met een matje.

Over twee minuten in die klote-vergaderzaal.

Omdat het er zo goed beveiligd is...

...mogen de gevangenen vrij over de binnenplaats lopen.

Daar maken we gebruik van.

Stel, jij bent deze peer. Dan ga je hier naar binnen...

goed, even opnieuw.

Harald, dit ben jij.

Jij gaat naar binnen, en je ontmoet Ludvig hier.

Ondertussen staan martin en ik op deze brug hier...

...op zo'n 300 meter van de binnenplaats.

Stel dat dit de brug is. Dit is martin, en dat ben ik.

Wij staan op de brug en kijken uit op de gevangenis.

Wij schieten een staalkabel naar de binnenplaats.

Vervolgens klik jij de klimhaak die je listig onder je kleren hebt verborgen...

...vast aan de staalkabel.

Vervolgens bevestig je hem aan de basketbalpaal op de binnenplaats.

Dan rijdt martin de vrachtwagen naar het eind van de brug.

De vrachtwagen is beladen met duizend liter water.

Op die manier staat de staalkabel helemaal gespannen.

Aan de staalkabel zit een bungee-elastiek van zeven meter.

Je maakt de kabel los en vliegt veilig over de muur.

Jullie landen onder de brug, en daar komen martin en ik jullie halen.

Dat meen je toch niet, he? - Ga door.

Er kan je niks gebeuren. Mensen betalen om dit te mogen doen.

Mooi werk. Verzamel de spullen die je nodig hebt.

Stop die flesjes in de minibar. Ik wil niet betalen.

Hier martin, trek dit aan.

Zie je hem? - Ze hebben een heleboel honden.

Ja, Zweden zijn echte hondenliefhebbers.

Hou eens vast. Dat is het bungeetouw.

Is ie er al? - Nee.

Daar is ie.

Die kerel op dat bankje? Bedankt.

Ik kom je helpen ontsnappen.

Laat me met rust.

Volgens mij heeft ie hem. - Hier, pak aan.

Je vader wil je zien.

Begrijp je? - Ik heb geen vader.

Vuur.

Bewakers. - Hijsen.

Wat gebeurt er, martin? - Die honden zijn er.

Hijsen.

Optrekken.

Ik kon ook niet weten dat die hond aan hem zou gaan hangen.

Trek hem op. - Moet dat?

Harald, het kwam door die honden. - Hou je kop.

De volgende naar rechts. - Weet je dat zeker?

Kijk, daar is ie.

Het is een intercity. Hij komt over 11 minuten aan.

Hoeveel weegt een dobermann?

Ludvig, kom naar beneden.

Kom nou. Straks ziet iemand je nog.

Wat zegt ie? - Hij wil niet.

We nemen je mee naar denemarken.

We nemen de brug.

Daar ben je vast nog nooit overheen gereden.

Kom nou. Hier, geef hem deze.

Dit is een foto van je vader, de monnik.

Je vader is heel erg ziek. - Kom nou.

Peter, laat dit nou aan mij over.

Straks krijg je daarboven nog een blaasontsteking.

Ludwig, je moet je vader bezoeken. Hij is heel ziek.

Ze hebben je al die tijd voorgelogen. Kom nou maar.

We hebben kleren voor je. Geef die zak eens.

Is het echt waar? Is dat mijn papa?

Ja, dat is je vader.

Alsjeblieft. Hou hem maar.

Verdomme, daar gaat ie.

Ludvig, stop nou.

Ik loop heus niet weg. - Nee, dat kan nou niet meer.

Je ziet toch dat hij niet spoort? - Nee. Het is de monnik z'n zoon.

Kijk dan naar z'n ogen. Die kerel is gek.

35 zweedse foppen voor 'n suikerbroodje. Dat is toch niet normaal?

Ludvig patterson is uit de gevangenis ontsnapt.

Deze gevaarlijke man kreeg levenslang voor de moord op vijf vrouwen.

Als u hem ziet, waarschuw dan de politie. Houd hem niet zelf aan.

Wat zeggen ze?

Dat hij vijf vrouwen heeft vermoord.

Jezus, Harald.

Dit is toch niet normaal. Zeg mop, waar blijft die friet?

Wat zegt u?

Ik wil het er niet over hebben.

Laten we rustig wat eten. - Kijk dan, Harald.

Wat doe je nou?

Ze was aan het telefoneren.

Ineens kwam er een windvlaag, en toen viel ze.

Ga in de auto zitten. - Goed. Het spijt me.

Jij hebt zoveel haar, en ik heb zo weinig.

Wat is dit bizar.

Ik wilde altijd zo ontzettend graag een vader hebben.

Toen ik klein was, had iedereen voor z'n gevoel een supervader.

Alle vaders waren piloten, of miljonairs.

Ik ben ooit piloot geweest.

En er is een tijd geweest dat ik miljoenen verdiende.

In theorie was ik vast een goeie vader geweest.

Verdomme. Ik had geen idee.

Als ik het had geweten, was je nu niet...

nee, ik ben nooit een vader voor je geweest.

Maar Harald was er wel, dus heb ik voor hem gezorgd.

Kunnen we gaan?

Geef ze even de tijd om elkaar te leren kennen.

Leuke trui.

Wat is er mis met m'n trui? - Niks. Hij is prachtig.

Ik vind hem ook mooi. Lekker warm, zo te zien.

Hij is zo oranje.

Wat heb je eigenlijk? Is het ernstig?

Ik ga dood, Ludvig.

Maar dat mag niet. Ik ken je nog maar net.

Zo is het leven nou eenmaal.

Meneer monnik heeft rust nodig. Weg. - Ik praat tegen m'n vader.

U moet eruit. Nu. - Geef me nou vijf minuten.

Jij bent niet de enige die de monnik kent.

Dit is een ziekenhuis. Er zijn hier patienten.

Hij lijkt sprekend op z'n moeder.

Waarom geven ze hem geen nieuwe lever?

Er zijn wachtlijsten, en hij is te oud. - We moeten iets doen.

Ik handel dit zelf wel af.

Denk je dat je hier zomaar alles kunt komen verpesten?

Ik regel dit. Ik ga de monnik helpen.

Ik bel Erling. - Wie is dat?

M'n arts. Hij helpt ons wel.

Ecuador.

Ja, ecuador. Een schattig landje.

Daar hebben duitse artsen een transplantatiemethode ontwikkeld.

Zij regelen het orgaan, je vliegt erheen en drie weken later ben je opgelapt.

Zal ik contact opnemen? - Ja, graag.

Waar ligt ecuador? - In zuid-amerika.

Vlak bij brazilie. De natuur is daar fabelachtig mooi.

En er wonen heerlijke indiaantjes zonder kleren.

Laat dat licht eens maken. - Het is licht zat.

Is het duur? - Wat, die indiaantjes?

Nee, een lever. - Dat kost al gauw 300.000 dollar.

Ik kan een vriendenprijs bedingen, maar dan kost het je nog 280.000.

280.000? Dat lukt ons nooit. - We moeten iets bedenken.

Harald, dat lukt ons nooit. Echt niet.

Wat een heerlijk suikerbrood. Mag ik het recept?

Natuurlijk niet. Dat is geheim.

Neem maar een stuk mee naar huis. - Heerlijk, dank je wel.

Niet het hele stuk.

Neem maar mee. Het zit nou al in je tas. - Dank je wel.

Heb je wel eens een bank beroofd? - Jaren geleden.

Dank je wel.

Het is voor mij ook alweer een tijdje geleden.

Het is net als fietsen. Dat verleer je ook nooit.

Wilt u uw geld laten overmaken naar de rekening van dan Hansen?

Alles? - Doe het nou maar.

Kunt u er een boodschap bij doen? - Pardon?

Zoiets als 'huur deze maand? ' - Natuurlijk.

Goed, schrijf dan maar op:

Vaarwel, dan. Neem dat voetbalsletje niet mee naar m'n begrafenis, hufter.

Nee, niet 'hufter'.

Schrijf in plaats daarvan 'vuile klootzak.'

U moet eens met iemand praten.

Liggen.

Jij daar, opstaan.

Geld. Al het geld.

Ga liggen, of ik schiet. - Schiet dan.

Liggen. - Dan kreuken m'n kleren.

Liggen. - Ik moet hierin naar een begrafenis.

Iedereen blijft liggen, jij blijft staan.

Zei je begrafenis? - Bemoei je er niet mee.

Wie is er dood? Een meisje? - Zet je muts weer op.

Kop dicht, allebei. - Was er veel bloed?

Is ze vermoord of zo? - Nee, het was zelfmoord.

Wat is dit voor een rotbank?

Er is hier helemaal geen geld.

100.000 maar. En buitenlands geld dan?

Heb jij op de knop gedrukt? - Nee, dat gaat automatisch.

Waarom zijn ze hier zo snel? - Al sla je me dood.

Rustig aan jij. - Iedereen opstaan.

Iedereen opstaan. Schiet op, verdomme.

Wat bazel je nou? - Opstaan allemaal.

Weet je zeker dat dit slim is?

Oke, eruit allemaal. Opschieten, vooruit.

Eruit nou.

Hallo, ik ben...

Ik ben bente Halsted, bemiddelaar. Ik ben er voor jullie, en onthoud dat...

we hebben een gijzelaar.

Kom op, rijen. - Vergeet het maar.

Laat dat verdomme, vette klootzak.

Zijn jullie helemaal gek geworden? We hebben een gijzelaar.

En nou rijen.

Rijen, trut. - Dit is echt bezopen.

Sneller, trut. - Ja, ja.

En als brondby doorgaat... - 100.000 maar.

...en lyngby ook wint, krijg je negen keer je inzet. Ze geven dat geld weg.

Wat doet dat geld daar?

Dat ligt zich te vermeerderen.

Vermeerderen?

Peter heeft een systeem bedacht. We wedden op voetbaluitslagen.

Een vriend van me speelt voor fc kopenhagen.

Ze moeten zondag tegen jutland.

Maar ze sparen zich voor de bekerwedstrijd van woensdag.

We wedden op jutland en vier andere winnaars, en krijgen 9 keer de inzet.

Hoe heet die vriend van je? - Dan Hansen.

Die geeft zaterdag een feestje, dus ze verliezen zeker.

Als we 8000 inzetten, kunnen we op maandag 71.000 incasseren.

Dan moeten we alles op jutland zetten.

We moeten alles op jutland zetten. - Geen sprake van.

We zetten alles in op het team dat volgens jou gaat winnen.

Dan kunnen we op maandag een miljoen kronen incasseren.

Een miljoen? Dat is veel. - Hou je kop en maak dat licht.

Het systeem is niet waterdicht. - Als Peter het zegt, geloof ik het.

Dan gaan we dus naar 'n voetbalwedstrijd.

Wat is er nou?

Niks.

Hier, pak aan.

Dank je wel, Harald.

Hoe veel staat het? - 0-0.

Dat zijn clubsjaals. Doe er een om. - Nee, dank je.

Doe niet zo flauw. - Doe er een om, martin.

Ik wil niet afgaan. We waren toch voor jutland?

Ze hadden geen sjaals van fc jutland. Doe deze nou maar om.

Hij zit.

Hebben ze gescoord? Het goeie team? Dat is fantastisch.

Ik wist het. Dan had gelijk. Dit kan niet mislukken.

Dat is goed nieuws.

Nee, dat was geen overtreding. Hij liet zich vallen.

Hij liet zich vallen. Dit slaat helemaal nergens op.

Hij raakte 'm niet eens. - Nee, inderdaad.

Is het een strafschop? - Natuurlijk niet.

Die Hansen, dat is toch die kennis van jou?

Nou ja, kennis... we zaten op dezelfde school.

Spelen ze een thuiswedstrijd?

Harald, wat doen we hier? Kunnen we hier weg?

Laten we wat gaan eten. In een fatsoenlijk restaurant.

Een goeie tent.

Is dit hem?

Is dit hem? - Wat doe je nou, man?

Kom, we gaan.

Hij is onschuldig. - Hij heeft ons besodemieterd.

Ik zal hem 'n lesje leren. Hallo?

Peter? - Hoi dan.

Niemand besodemietert m'n vrienden. Je bent me 'n miljoen schuldig.

Niet doen. - Hij is 'n schoolvriend.

Ik doe niks. Ik wil alleen m'n miljoen terug.

Je bent me een miljoen schuldig. Geef op.

Dat geld is in handen van de bookmaker.

Raak hem niet aan.

Dat ruimt Vuk zelf maar op. En jullie zijn me een miljoen schuldig.

Vuk, blijf van hem af. - Gaat het een beetje?

Ga daar weg. - Hij was net aan dortmund verkocht.

Hij heeft frisse lucht nodig. - In de koelcel ermee.

Stukje? - Nee, ik heb al gegeten.

We vervoeren hem met een klein vliegtuigje naar bremen...

...en dan met een grotere naar ecuador. Je moet het geld contant meenemen.

In kronen of dollars ze willen geen euro's.

Hoeveel is 280.000 dollar in kronen?

Ik heb er 260.000 van weten te maken.

Dat is ongeveer 2,5 miljoen kronen, als ik me niet vergis.

Heb je wel zo veel geld? - Natuurlijk. Bestel die lever nou maar.

Goed, ik zal ze bellen. - Ik haal Ludvig.

Echt geen stukje? - Nee, ik heb al gegeten.

Ik wil het niet hebben. Zoveel geld moet je niet aan mij uitgeven.

Koop dan wat poolse hoeren om in elkaar te slaan of zo.

Volgens Harald heb je problemen met de meisjes.

Sinds wanneer is Harald psycholoog? - Dat is ie bepaald niet.

Verknal je leven niet. Alleen zijn is niet makkelijk.

Kan je geen grietje krijgen? - Natuurlijk wel.

Maar op een gegeven moment moet ik wel...

dat zei Harald al. Natuurlijk wil je zo'n trut af en toe de nek omdraaien.

Maar je moet ze een kans geven, hoe gek je ook bent.

Zelfs op jouw potje past 'n dekseltje.

Anders eindig je als eenzame stakker in een veel te dure auto.

Dat is zo stom.

Ik heb niet eens een auto.

Je krijgt m'n mercedes, maar dan moet je eerst een meisje zoeken.

Ik meen het, hoor. - Slaap nou maar. Je moet uitrusten.

Ik kan toch niet slapen.

Schei toch uit met die onzin.

Slaap zacht. Morgen kom ik weer.

Slaap zacht, papa.

Nee he, ben jij het weer?

Waarom kom je steeds buiten de bezoekuren om?

Dit is een ziekenhuis, hoor. Er liggen hier zieke mensen.

Wat voer jij hier uit? - Niks bijzonders.

Heb jij haar uitgekleed? - Nee hoor. Ze was gevallen.

Gevallen?

Gaat het wel? - Ja hoor.

We gooien haar in de koelcel. Peter en martin handelen dat verder wel af.

Heb je de monnik gezien? Hoe gaat het? - Heel erg slecht.

Hij wil me z'n auto geven.

Dat betekent niks. Hij heeft er zoveel. Ik heb er ook een van hem gekregen.

Hij had het erover dat hij me z'n mercedes zou geven.

Z'n mercedes?

Daar doet ie nooit afstand van. - Hij zei dat ik 'm mocht hebben.

Daar moet je nou toch eens mee ophouden. Al die arme meisjes.

Ze was gevallen.

Jij? - Wat doe jij nou hier?

Ik wou je even bedanken. - Graag gedaan.

Ik moet jou ook iets zeggen.

Jij mag me nooit meer slaan, begrepen?

Hou je bek.

Dat was niet zo slim.

Waarom zou ze me bedankt hebben? - Hoe moet ik dat verdomme weten?

Is er ook nog suikerbrood? - Wacht daar nou even mee.

Gefeliciteerd.

Een horloge.

Mooi, he? Blaas nou de kaarsjes maar uit.

Nou mag je een wens doen of zoiets. Weet ik veel.

We hebben ook nog een suikerbrood. - Dat is nog niet klaar.

Kom eens hier, Vuk.

Versta je soms geen deens?

Kom eens hier.

Dit is voor jou.

Voor mij? - Ja, een cadeau.

Heb je iets voor hem gekocht? - Jazeker.

Laat niemand zeggen dat ik hem slecht behandel.

Sterker nog, ik heb z'n leven gered. Maak open.

Het was vreselijk duur. Hij werkt elektrisch.

Je zet 'm hier aan, en dan maakt hij de zwabber vanzelf schoon.

Dus hoef je geen nieuwe te kopen. - Echt waar?

Dat is een mooie taart, martin.

Eet 'm snel op, en ruim daarna de troep hier op.

Vuk? Wil je iets drinken? - Citroenlimonade.

Wat doe jij nou? - Sorry, ik was bang.

Dan hoef je me nog niet met een ham op m'n kop te timmeren.

Wat is hier aan de hand?

Ze is springlevend. Dat is mooi.

Ze zal nog wel een beetje sloom zijn als ze bijkomt.

Ze zal ook wel verkouden worden. Geef haar dan kamillethee met honing.

Natuurlijk. - Ze zou eigenlijk dood moeten zijn.

Haar bloedsomloop zal door de kou wel stil zijn gevallen.

Ik bedoel, als je zo stijf bevroren bent...

...dan ga je... - Heb je nog meer suikerbrood?

Ik moet ook nog wat overhouden.

Ik ben zelf aan het experimenteren.

Hoeveel boter op 500 gram meel?

Dat kunnen we je echt niet zeggen. - Natuurlijk niet.

Ik moet gaan. De anderen zijn niet meer te redden.

Zeg Harald gedag van me. - Hoezo, suikerbrood?

Ik heb ontzettende koppijn.

Wat deed jij in die koelcel? - Weet ik veel.

Waar ken je Harald van? - Wie is dat?

Dat zou jij moeten weten.

Is dat die bankrover die ook in het ziekenhuis was en dan heeft vermoord?

Waar ken jij dan Hansen van? - Hij was m'n ontrouwe vriendje.

Wat was die ham zwaar. Hebben we ham op het menu?

Je moet hier weg voor Harald terugkomt.

Waar zijn jullie in godsnaam mee bezig?

Wie heeft Erling gebeld? - Martin.

Waarom leeft zij nog? - Ze heeft me met 'n ham geslagen.

Moet je kijken, wat een enorme bult.

Wat heeft dit te betekenen, martin?

Ik had medelijden met haar. Haar bloedsomloop was bevroren.

Ze wou Peter vermoorden met een hamburger. Ze is gek.

Met een ham. Een ham.

We plegen geen moorden voor de lol.

Nou moet ik weer opnieuw beginnen. - Wie ben jij?

Pas op voor de bloedspetters.

Hou daar mee op, vetzak.

Ik ben blij dat je dan vermoord hebt, maar je bent een grofgebekte driftkikker.

Van nu af aan doe je normaal, begrepen?

Ik heb een rotweek achter de rug. Dit was 'n klotedag, en ik wil naar huis.

Breng jij me thuis? - Natuurlijk, kom maar mee.

Ze heeft een slechte nacht gehad, dus ik breng haar thuis. Tot later.

Ben ik een driftkikker? - Natuurlijk niet.

Nee Harald, helemaal niet.

Ben ik grof gebekt? - Welnee, wat een onzin.

Hier, drink dit maar op. Kruidenthee met honing.

En als je toevallig iets morst, maak ik het zo weer schoon.

Probeer Erling te pakken te krijgen voor hij vertrekt.

Hier is het.

Dit klinkt vast stom, maar ik ben je zo dankbaar.

Ik heb je alleen maar thuisgebracht.

Je hebt m'n leven gered in de bank. - Het is niks.

Nee, ik meen het. Zonder jou had die kerel me beslist vermoord.

En dan nog dat gedoe met dan.

O ja, dan.

Ik kon hem maar niet opgeven.

Pas toen ik z'n lijk zag, zag ik hoe stom hij was.

Ja, als je dood bent zie je er... - Hoe dan ook.

Ik denk dat onze ontmoeting voorbestemd was.

Ik lust wel een kopje koffie.

Goed. Kom dan maar mee.

Zo irritant, er is hier nooit warm water.

Kun je alles vinden?

Er staat van alles in het rechterkastje.

Pak maar wat je wilt.

En loodgieters zijn niet te krijgen.

Wat is er? - Niks, ik voel me een beetje...

wou je m'n douche repareren?

Nee, dat is om...

kus me nog eens.

Tomaten.

Heb jij Vuk z'n kaak gebroken?

Vuk lult. Kan ik het helpen dat hij steeds valt?

Dit is je laatste kans, Harald. Ik wil m'n geld nu.

Even de aubergines wegbrengen. - Jij blijft hier.

Ik meen het. Ik wil nu m'n geld. Heb je het?

Ik heb nu even geen 3,5 miljoen.

Weet jij niet hoe je aan dat geld moet komen?

Nou, ik wel.

Ik heb een klusje voor je op het vliegveld.

Lees het goed door. Dit is je laatste kans.

Waar blijft ie nou?

En waar gaan jullie nou weer heen?

We moeten gaan. - Het taartenkampioenschap.

Het taartenkampioenschap?

De voorrondes worden gehouden in het bella-centrum.

Martin wint vast met z'n suikerbrood.

Nou, er doen ook mensen van de koksschool mee.

Jullie gaan nergens heen. Ga zitten.

Sorry dat ik laat ben. Ik was bij mille.

Wat moest je daar? Laat dat.

Heerlijk. Haar borsten zijn niet hard of koud.

Het lijken twee ballonnen, gevuld met bloed. Zo zacht en warm.

Je kunt ze op en neer bewegen en ronddraaien.

Ze wil met me trouwen.

Hij zei dat... - Ik verstond hem best. Ik ben niet gek.

Ben je soms vergeten dat je vader ziek is?

Zullen we doorgaan? Mooi.

Het gaat dus om een geldzending per vliegtuig. Ga zitten, jongens.

Zet jullie spullen neer en ga nu zitten.

Het gaat dus om een geldzending per vliegtuig.

Hier zijn tekeningen van die Hercules.

De monnik, Peter, martin en ik wachten hier in een ambulance.

De monnik is de piloot. - Waar gaan we heen?

Dat lukt ons nooit. - Hou je kop.

Erling geeft de monnik eerst wat morfine.

Goed plan. - Hou je kop en luister.

Vuk checkt in op vlucht dk603 naar gran canaria.

Maar hij krijgt een ongeluk, en dan wordt de ambulance opgeroepen.

Ludvig houdt vanuit de vip-lounge de wacht.

Hoe kom ik daar? - Koop een ticket.

Ik heb geen geld. - Wees creatief. Je verzint maar iets.

Voor de echte ambulance arriveert, komen wij er al aan.

We rijden niet naar de plaats van het ongeluk, maar naar de Hercules.

We schakelen de bewakers uit en gaan er meteen vandoor.

Welke bewakers? - Weet ik veel, veiligheidsmensen.

Laat Harald nou even uitpraten.

Wat doe jij daar? Hou op. - Harald, het is z'n schoen maar.

Idioot, kijk dan toch ook uit.

De Hercules vliegt zo laag dat de radar hem niet oppikt.

Jullie gooien de container in zee. Dan springen we erachteraan.

Vuks oom pikt ons op, en de lege Hercules vliegt zich te pletter.

Vragen? - Ben jij wel eens over je neus gelikt?

Die container zinkt. En we kunnen niet uit een vliegtuig springen.

Martin heeft gelijk. We kunnen niet uit een vliegtuig springen.

Natuurlijk wel, geen probleem. De container zit vol lucht.

De Hercules vliegt maar 100 kilometer per uur.

En er zijn voldoende zwemvesten.

En dat ongeluk dat Vuk moet krijgen?

Hoe pakken we dat aan?

Daar bedenken we wel wat op. Geen probleem.

Fijn plan, Peter. - Kom mee.

Echt geniaal, van dat vliegtuig. - Jij zegt ook nooit wat.

Wat kan ik zeggen? - Voorzichtig, bezeer je niet.

Kijk nou toch. Een boeing 737-300. Die worden in seattle gebouwd.

Nee, wacht even.

Het gaat niet.

Ik weet ook niet wat er aan de hand is.

Dat geeft niks.

Gebeurt het je wel vaker? - Weet ik niet.

Ik heb het nog niet vaak gedaan. Alleen met jou en met mama.

Ik dacht dat zoiets verboden was. - Ja, maar dit was in Zweden.

Hoe was je moeder eigenlijk? - Wel oke, denk ik.

Ik kan het niet echt zeggen. Ik woonde maar tot m'n twaalfde bij haar.

Ze stierf toch toen je negen was? - Ja, dat klopt.

Wat ben je toch lief.

Ik bedacht me net dat ik misschien eens naar een psycholoog moet.

Jij hebt geen psycholoog nodig.

Als jij er een nodig hebt, dan ik ook.

Je bent gewoon een beetje verlegen. Ontspan je nou maar.

Ik vind je heel erg leuk. - Ik jou ook.

Ik heb nagedacht over wat je zei. Over trouwen en zo.

Dan beloofde het me ook altijd. - Maar ik wil echt.

Hou op, zeg.

Ik meen het.

Daar moet je geen grappen over maken. - Ik meen het serieus.

Kijk me aan. - Ik vind dit niet grappig.

Wil je met me trouwen?

Meen je dat nou?

Op dinsdag gaat er een vlucht naar brazilie. Daar kunnen we trouwen.

Shit. Ik heb helemaal geen geld.

Geld? O, dat ik heb ik wel.

Echt waar?

Geweldig. Dan gaan we dat doen.

Ik kom al. - Hoe lang heb je nog nodig?

Kom maar.

Hier is je ticket. Pas er goed op. - Dank je wel.

Ja ja, schiet nou maar op.

Ratko?

Ratko, gaat alles goed daar?

We zijn over dertig minuten op de afgesproken plek.

Ik heb de eerste dosis gegeven. Hier is een voorraadje voor onderweg.

Is dat morfine? - Ja. Hier heb je nog een extra dosis.

Voor het geval dat.

Het spijt me dat ik niet mee kan. Ik heb een belangrijke afspraak.

Tot kijk, en bedankt voor alles.

De vlucht naar rio vertrekt over 4 uur. - We wilden graag op tijd komen.

We gaan trouwen. - Echt? Gefeliciteerd.

Ga zitten. Ik roep jullie 'n kwartier voor vertrek.

Had ik al gezegd dat het daar wel 35 graden is?

Maar dat is helemaal geen probleem, want...

...ik heb zonnebrand. - Het geldtransport is er niet.

Ik heb dit speciaal voor jou gekocht. - Ludvig?

Het is in 't fins. Waarom is altijd alles in het fins?

Het geldtransport is er niet. Ben je daar?

Hoe voel je je? - Een beetje raar.

Maar heb je nog pijn?

Ik geef je nog wat morfine.

M'n zoon heeft een meisje. - Ja, een echte trut.

Geweldig, he?

Rustig aan met die morfine.

Je moet zorgen dat je hem niet te veel geeft.

Kan hij zo wel vliegen? - He, Harald.

Honderd procent zuivere katoen. Rood staat jou altijd zo goed.

Ik geef je nog een spuit.

Deze heb ik ook nog gekocht.

Deze is zonder parfum. Factor 16.

De geldtransportwagen komt er nu aan.

Maar je hebt ook die andere nog. - Hallo?

Het geldtransport is gearriveerd. - Hoe vind je deze?

Heerlijk.

Praat jij maar met hem. Ik versta er geen woord van.

Hallo, Ludvig? - Het geldtransport is gearriveerd.

Het geldtransport is er. - Vuk?

Hallo? Verdomme, waar zit die idioot?

Vuk? Waar zit je? - Ja ja, ik kom eraan.

Hoeveel kost dat?

Is de springlading klaar? - Ja. Op dit knopje drukken.

Geef maar, en start de motor.

Ludvig, waar is Vuk? - Geen idee. Z'n vlucht vertrekt zo.

Vuk, wat doe je nou? Dit hadden we niet afgesproken.

Zijn jullie klaar? - Ja, natuurlijk.

Wat doet ie nou? Hij staat in de rij.

Hij staat in de rij voor de trap.

Trap? - Naar het vliegtuig.

Vuk, waar ben jij mee bezig, idioot? Ga onder de vleugel staan.

Ik wil even een foto nemen. - Dat kan nu niet meer.

Wat doet ie nou? Hij moet onder de vleugel gaan staan.

Hij neemt een foto van de motor. - Gek.

Ga onder de vleugel staan en neem een foto.

Iets verder. - Hij moet naar rechts.

Ga verder naar rechts. - Iets naar voren.

Naar voren. - Iets verder nog.

Hij is er bijna. - Ietsje terug.

Hij staat op de juiste plek.

Blijf daar staan, en neem die foto.

Stuur een ambulance.

Laat mij 's kijken.

Rijen maar.

Ja. Wat is de code?

Het is m'n vader. Hij... - dus we gaan niet.

Jawel, maar niet nu.

Ik was vergeten het je te vertellen. - Vergeten?

Juist ja. - Ik wist niet hoe ik het moest zeggen.

Wat ben jij een klootzak.

Mille, het spijt me. - Laat me los, psychopaat.

Ik dacht dat we... Hou je kop.

Het spijt me. - Wat gaat er toch in jouw hoofd om?

Mijn hoofd?

We gaan niet trouwen, he?

Jawel.

Alleen niet op dit moment.

Mille, het spijt me. - Blijf uit m'n buurt.

Iedereen moet uit m'n buurt blijven.

En trouwens...

...je mag niet op m'n begrafenis komen.

Mag ik u een glas champagne aanbieden?

Die zijn er snel bij.

Zag je dat? Ze aten suikerbrood. - Nee, dat was een koffiebroodje.

Ik weet heus het verschil wel, hoor.

Bevestig aankomst van de ambulance. Over.

Wat was dat donkere spul dan? - Dat was kaneel.

Dat zit niet in jouw suikerbrood.

Hebben jullie ze doorgestuurd?

Over en uit.

Het doet er ook helemaal niet toe. - Jawel.

Het is toch al te laat. De finale is vanavond.

Er is wel veel politie. - Gewoon doorrijden.

Ze gaan niet opzij. - Natuurlijk wel.

Ze komen dichterbij. - Monnik, start de motoren.

Word nou wakker, monnik.

Monnik, word nou verdomme wakker.

We storten neer. - We zijn nog niet eens opgestegen.

Wat doet die gast hier?

Harald, je kunt die piloot niet uit het vliegtuig gooien. We storten neer.

Wat nou? - Trek daaraan.

Kom op, trek aan dat stuur. - Maar hoe dan?

Trek daaraan.

Word nou wakker. Hoe werkt dit ding? - Weet ik veel.

Word wakker. - Trek aan dat rode ding.

De ambulance komt er zo aan.

Je hoeft alleen maar te zorgen dat ie opstijgt.

Daarna gaat alles eigenlijk vanzelf. Een heerlijk toestel.

Zet 'm op de automatische piloot en kom hierheen.

Ben je er klaar voor? - Ja hoor.

Ik tel tot drie, en dan springen we.

Wat een vlucht was dat, zeg. - Ja, kom nou maar mee.

Martin, gaat het?

Deze kant op. Gaat het wel, monnik?

Zeker weten? - Ja hoor, prima.

Ik ga je nu vastmaken. Ik maak je hieraan vast.

Dit overleef ik niet. - Je doet 't prima.

Gaat het zo? Hou je vast.

Deze kant op, jongens. Gaat het? - Ik voel me beroerd.

Dat ding zinkt. We maken water. - Welnee, onzin.

Schiet eens op met die kraan.

Deze kant op.

Hij zit vast. Toe maar, hij zit vast.

Hierheen met die kraan.

Dat is Harald. Trek hem op.

Ze zijn weg.

Gaat het? - Ik voel me klote.

Weet je, het is hier behoorlijk ondiep.

Met een beetje mazzel ligt ons geld maar op 70 meter diepte.

Hou je bek toch, Peter.

Waarom moest onze container zinken en hebben zij hun geld?

Geef de monnik een beker koffie.

Geef me de autosleutels.

Ben je gek geworden? - Wij horen niet bij Harald.

We werken alleen in het restaurant. - Ga in de auto zitten.

Je bent stapelgek geworden.

Je kunt je nu nog bedenken.

En nou het water in. - Het is mijn geld, Harald.

Jij zorgt voor jouw familie, en ik voor de mijne. Ga het water in.

M'n lever is al naar de kloten. Dan komen m'n longen.

Daarna m'n hart en m'n hersens.

En uiteindelijk word ik een plantje. Jullie zouden me moeten doodschieten.

Neem het geld mee, Peter.

Waar is je vrouw? - Thuis, maar je kreeg de groeten.

Zijn jullie nou getrouwd? - Nee, nog niet. Maar...

Het is belangrijk. Zorg dat je trouwt. - Ik beloof het.

Zorg dat hij zich aan z'n belofte houdt. Zorg daarvoor.

Harald, er zijn zonen die je verwekt...

...en zonen die je uitkiest.

Ik wil m'n geld, Harald.

Gefeliciteerd. Hoe kwam u er zo bij om suikerbrood te maken?

Daar ben ik nou eenmaal dol op.

M'n vrouw emma kwam met het idee om aan deze wedstrijd mee te doen.

De zak. Dat is jouw recept. Hij kan niet eens koken.

Vaarwel

ze neemt niet op.

Mille neemt niet op.

Ze wil vast even alleen zijn. - Het is 'n verwende trut. Ludvig?

Hou je aan je belofte. - Ze wil me niet.

Nou, dan moeten we haar eens even streng toespreken. Kom, jongens.

Kom, martin. - Erling is een rat.

Je kan toch niet zomaar iemand anders z'n suikerbrood kopieren.

Hij is ook niet makkelijk. Ergens begrijp ik haar wel.

Je hebt het wel over de zoon van de monnik.

Ze moet leren om sociaal te doen. Geef me de boksbeugel.

Als dit werkt, moet je ook eens met m'n ex gaan praten.

Ze zal wel gevallen zijn.

Wie zijn jullie?

Maak je geen zorgen. We brengen je naar Ludvig.

Je vriendje Ludvig.

Heb ik een vriendje? - Jazeker.

Jullie gaan binnenkort trouwen.

Heb je trouwens die 2500 kronen die ik je geleend had?

Kom op, jongens.

Het was heel mooi.

Heb ik je vader eigenlijk goed gekend? - Nou en of.

Vuk, kijk uit.

Blijf daar nou toch af.

Het was een mooie begrafenis. - Het was waardeloos.

Wat ben je toch grof gebekt. - Je bent een echte driftkikker.

Hij is voor jou. - Dat kan ik niet aannemen.

Echt niet.

Pak nou maar aan.

Is er iets, Ludvig? - Nee hoor.

Zeg nou maar gewoon wat er is.

Ik ben gewoon een beetje zenuwachtig. Over alles.

Dat begrijp ik wel. Maar weet je, ik heb er het volste vertrouwen in.

Wat ziet hij eruit.

He, mag ik misschien ook even instappen?

Zeg, heb je soms gehuild? - Zoiets vraag je niet, martin.

Maar hij ziet helemaal rood.

Heb je gehuild? - Nee.

Waarom zijn je ogen dan rood? - Hou je bek toch.

Toch was het een mooie dag.

Volgens mij heb je wel gehuild.

Dat geeft toch helemaal niks? Ik moet ook wel eens huilen.

Wat is dat voor muziek?

Het was maar 'n vraag. - Hou je kop, martin.

Eruit. Heb je me niet gehoord?

Eruit. - Wat zeg je? Peter, wat zeg je?

Wat is er nou, Harald? - Hou je kop en stap uit. Vooruit.

Wat hebben we dan gedaan? - Eruit. En niet met de deuren slaan.

De mazzel, jongens.

Vergieterkamer. - Ja, zo heet dat nou eenmaal.

Het heet geen vergieterkamer. - Jawel. Zo werkt dat, martin.

Neem nou 'auto'. Dat is car of vehicle, er zijn heel veel namen voor.

Of neem het woord 'vrucht'. - Dat is fruit of vegetable,

en dat betekent precies hetzelfde, martin.

En het woord 'bus'.

Een bus heet in het engels ook bus, maar daarnaast ook nog...

nou ja, daar kom ik even niet op.

Gedownload van www.ondertitel.com

Resync en aanpassingen door Hotmailer

Watch Online Movies and Series for FREE www.osdb.link/lm

Can't find what you're looking for?
Get subtitles in any language from opensubtitles.com, and translate them here.