Afrikaans
Akan
Albanian
Amharic
Arabic
Armenian
Azerbaijani
Basque
Belarusian
Bemba
Bengali
Bihari
Breton
Bulgarian
Cambodian
Catalan
Cebuano
Cherokee
Chichewa
Chinese (Simplified)
Chinese (Traditional)
Corsican
Croatian
Czech
Danish
Dutch
English
Esperanto
Estonian
Ewe
Faroese
Filipino
Finnish
French
Frisian
Ga
Galician
Georgian
German
Greek
Guarani
Gujarati
Haitian Creole
Hausa
Hawaiian
Hebrew
Hindi
Hmong
Hungarian
Icelandic
Igbo
Indonesian
Interlingua
Irish
Italian
Japanese
Javanese
Kannada
Kazakh
Kinyarwanda
Kirundi
Kongo
Korean
Krio (Sierra Leone)
Kurdish
Kurdish (Soranî)
Kyrgyz
Laothian
Latin
Latvian
Lingala
Lithuanian
Lozi
Luganda
Luo
Luxembourgish
Macedonian
Malagasy
Malay
Malayalam
Maltese
Maori
Marathi
Mauritian Creole
Moldavian
Mongolian
Myanmar (Burmese)
Montenegrin
Nepali
Nigerian Pidgin
Northern Sotho
Norwegian
Norwegian (Nynorsk)
Occitan
Oriya
Oromo
Pashto
Persian
Polish
Portuguese (Brazil)
Portuguese (Portugal)
Punjabi
Quechua
Romanian
Romansh
Runyakitara
Russian
Samoan
Scots Gaelic
Serbian
Serbo-Croatian
Sesotho
Setswana
Seychellois Creole
Shona
Sindhi
Sinhalese
Slovak
Slovenian
Somali
Spanish
Spanish (Latin American)
Sundanese
Swahili
Swedish
Tajik
Tamil
Tatar
Telugu
Thai
Tigrinya
Tonga
Tshiluba
Tumbuka
Turkish
Turkmen
Twi
Uighur
Ukrainian
Urdu
Uzbek
Vietnamese
Welsh
Wolof
Xhosa
Yiddish
Yoruba
Zulu
Terug!
Terug!
Georg, kom terug! Michael heeft het verknald
Hij had geen dekking. - Wie zit in de auto?
Geen idee, maar niet aandringen!
Kom terug, Georg!
Georg! Georg, maak dat je wegkomt!
Ga daar weg!
Hij is gewapend.
Maar wat doe je? Ga weg!
Hij gaat ons allebei van kant maken!
Stop je wapen weg!
Ik moet kotsen!
Wat sta je ons aan te staren'?
Verrek!
Laat je wapen vallen.
Ik heb hem, ik heb hem!
Alles in orde, Georg?
Kom op, Micha, laat hem los!
Stuk vreten! - Laat hem gaan!
Met ons valt niet te sollen!
Toch, Georg?
Je bent gek! - Ik had hem beet, wat dan nog?
Al goed, meneer pipi.
Wat nou weer?
Ik neem tenminste risico's,
ik ben hier de enige die dat doet.
Hij had een echt wapen, wow! Ja, we gaan al.
Stomme flikker!
Je had niet alleen mogen gaan. Als hij het aan Hinreich vertelt,
kan ik naar mijn promotie fluiten. Ja, kom nu maar.
Waarom ben je zo vroeg thuis?
Ik zat de hele dag op het bureau.
Papierwerk. Jij bent ook vroeg thuis. Vind je dit vroeg'?
Weet je wat ik gedroomd heb? - Nee.
Ik droomde dat we zoenden. - Zoenden?
Zoals toen we 18 waren?
Zal ik het je eens even laten zien? Doe maar.
Snel dan maar, oké? - Oké.
Duurt je droom nog lang?
Wie is dat? De kinderen. Stop je hemd in je broek
Hallo!
Je hebt weer gerookt!
Je moeder is jaren geleden gestopt. Als jij het zegt.
Hela, grotejongen, alles goed? Wat is je haar kort!
Je ziet er geweldig uit! Ik heb boodschappen voor jullie gedaan.
Nee, dank je. - Zelfs jam!
Nee, echt... - Dan niet.
We gaan! - Kan ik je eventjes spreken?
Natuurlijk.
Ik stop met mijn studie rechten.
Hebben we het er een andere keer over? Ik wil de avond van je moeder
niet verknallen.
Snap je? - Ja.
Waar bleven jullie zo lang? Het koffiezetapparaat stond nog aan.
Je wilde gebraden hert klaarmaken, niet?
Lukas, heb je...? - Oké.
En chocoladepudding.
Is er ook chocoladepudding? - Jazeker.
Wat zeg je daarvan? - Uitstekend!
Wees zo lief om wat aan Georg te geven. En ook eentje voor Lukas?
Het doet me altijd plezier als jullie er zijn
Georg?
Alles goed op het werk?
Wel, je kent me. Je kent me, ik streef regelmaat na.
En jij, Anne?
Streef jij ook regelmaat na?
Georg zeker wel.
Bij de politie duurt het gewoon langer. "Langer" is een relatief begrip.
Het terugbetalen van je hypotheek
heeft ook iets “langer“ geduurd. Jullie hadden beter een beetje vroeger
“langer“ naar mij kunnen luisteren. Maar Georg is al “langer“ de deskundige
in onroerend goed in de familie. Vandaar ook dat je mij
iets "langer“ nodig hebt.
Tot zover het thema “een beetje langer“. Ik ga de restjes inpakken.
Georg, help je me een handje'? Ik krijg binnenkort een stagiaire.
Ik kijk ernaar uit. - Leuk.
Kun je dit naar de keuken brengen? Ja, natuurlijk.
Gebeurde dit alleen op middelbare scholen? Nee, ook op lagere scholen.
Ik kijk er echt naar uit.
De pen doet het niet.
Ik breng je een andere.
Je zou een vettere cheque kunnen uitschrijven
Of helemaal geen.
Stop ik met de cheques, Anne? - Nee.
Jawel! - Zo is het genoeg, Marie!
Prachtig, Anne!
Deze pen doet het. Op onze woensdagen!
Op Ons!
Georg. - Hans-Josef.
Kijk eens, Anne.
Je hoeft geen cadeaus te geven, mama. Nee, maar...
Ik kocht hem een tijd geleden, en hij past me niet meer.
Ik ben zwaarder geworden.
Wil je hem passen?
Anne...
Zo bedoelt papa het niet, dat weet je. Ik weet het.
Kom. We gaan terug.
Waar zijn de kinderen? Waarom heb je me niet gewaarschuwd?
Ze zijn vertrokken. - Waarom?
Geweldig! Ik heb niet eens gedag gezegd.
Morgen moet het op de bank. Ik weet het.
Je geniet ervan dat ik ontgoocheld ben.
Kom nou. - Jawel, je ben er dol op.
Ik zie dat je ervan geniet! Anne, hou alsjeblieft op met krijsen!
Doe ik niet, ik probeer iets uit te leggen.
Anne, alsjeblieft. - Alsjeblieft!
Het is toch geen drama. Natuurlijk niet, maar ik probeer gewoon...
Altijd weer die stomme uitspraak: “Het is toch geen drama.“
Ik kan er niet tegen dat je je opsluit.
Mijn excuses.
Het spijt me.
Van daarnet.
Hallo. - Goeiemorgen.
Ho! Niet meppen! Elkaar niet in elkaar slaan! Niet... Zo is het, toch?
Kom mee. Robert, wat is er'?
Van wie is die pen? - Van mij.
Dan geven we die terug aan Louisa.
Robert, jongens als jij zijn sterker dan de meisjes, toch'?
Ja. - Ja, precies.
Wat een onzin.
Arme, met papa. Je zou me vandaag bellen.
Ik ga Lukas dan maar bellen. Hij moet al thuis zijn.
Hallo?
Hallo, liefje.
Waarom ben je niet thuis?
Lukas kan ik ook niet bereiken.
Uit de weg!
Hallo, jongens. Eerst zeggen hoe het zit met jullie opdracht.
Mond dicht en zie wat voor een afwasmachine Georg heeft meegebracht.
'We weten dat je dit liever stil wil houden.
Je wil praten? Ga je gang, mij best.
We kunnen praten over het toerental van de machine.
Het was echt te gek. Zeker weten.
Hou erover op.
Wat is hier aan de hand? Houden we een theekransje?
Je hoeft niet verlegen te zijn. - Dag baas.
Hallo.
Georg, ik wil je spreken.
Weet de baas al wie chef wordt?
Niemand wordt chef, want ik ben het. En verder weten jullie best...
dat de promoties worden bekendgemaakt
op het kerstfeestje, zoals elk jaar.
Iedereen heeft er een? - Ja.
Georg krijgt toch geen promotie? Dat interesseert hem niet.
Hij wil alleen maar helpen. En wat is daar verkeerd aan?
“Het zijn niet de mensen die slecht zijn, maar de omstandigheden.“
Ik heb het maar één keer gezegd.
Ik laat je dan maar.
Waar sloeg dat op, Ahmed?
Georg is gewoon een gevoelig mens. Vrouwen vallen daarop.
Zo is het toch, Denise?
Zo een man wil je best, toch?
Gevoelig, slank...
Wat wou je nog meer? Loop naar de hel!
Een sportieve kerel die graag knuffelt!
Lees mijn horoscoop maar voor!
Nee, nee! Het is een verdieping hoger.
Echt? - Ja.
Ik ben hier lang niet meer geweest Een beetje pijnlijk, toch?
Een beetje.
Kijk uit voor de hoeken.
Het gaat wel.
Dag. - Dag.
Kijk eens aan. - Ja, kijk eens aan.
Geef mij maar een hond in plaats van een afwasmachine.
Een hond? Dat zou nog iets voor jou zijn.
Gelukkige stellen maken me misselijk.
Ik ben niet altijd gelukkig.
Nou, ik ook niet.
Dat is normaal.
Je hebt op dit moment goede redenen om gelukkig te zijn, toch?
En ik ben je er dankbaar voor, ja.
Zo bedoelde ik het niet. Hoe dan wel?
Ja, hoe dan wel?
Ah, niks.
Hoezo, niks?
Wat heeft dat te betekenen? Heeft hij het niet verteld?
Je bazelt maar onbenulligheden, terwijl je verzwijgt wat belangrijk is?
Omdat het niet belangrijk is.
Wat bedoel je met niet belangrijk?
Het was een situatie bij de politie. Wat voor situatie?
Hij heeft mijn reet gered, mijn leven.
Je reet, je leven?
Kijk eens aan! Je bent een held!
Goed. Bedankt, Micha.
Tot ziens! - Tot ziens!
Ze is gewoon bezorgd. - Geen probleem.
Heb je het met de chef gehad Over...?
Dat ga ik doen. - Oké.
Gaat het wel?
Wat scheelt er, Anne?
Wat heb ik nu weer verkeerd gedaan?
Praat tegen me, Anne, alsjeblieft.
Anne, Anne, Anne...
Anne, alsjeblieft!
Ik dacht dat we een aangename avond zouden doorbrengen, voor de verandering.
Daar is het nog niet te laat voor. Ja, natuurlijk.
Met dat stomme wijt van je, met wie het onmogelijk is te praten.
Begrijp je dat je me als een idiote voor schut zet
met die geheimpjes van je.
Anne, kijk me aan. - Nee!
Kijk me aan. - Ik wil niet!
Ik wilde niet dat je ongerust was over mij.
Je wilde me voorliegen. Geef toe! Je wilde me voorliegen!
Geef het toch toe! Dat doe je niet met mij! Ga weg!
Ik wilde je alleen helpen, Anne! Ik wil je verrekte hulp niet!
Je stomme, verrekte hulp! Kom nou, Anne!
Hou op! Ga verdomme jezelf helpen!
Anne, kom nou!
Het is toch geen drama.
Laten we er geen drama van maken.
Bloed je? Ja, je bloedt.
Het spijt me, Anne. Zo bedoelde ik het niet.
Gefeliciteerd! Ga zitten.
Ik moet u iets vertellen. Zeker, na zo'n operatie.
Hier, Piazza San Marco. Venetië. Duiven. Overal.
Echt niet? - Nee.
Het gaat niet over mezelf...
Ik wou u Michael aanbevelen.
Dat kun je niet menen.
Ik zal het dus zo formuleren:
Het Duitse woud, akkoord?
Grote oude eiken met sterke stammen.
De oudere geven bescherming aan de jongere.
Zo een eik ben jij, Georg.
Daarom krijg je promotie.
Maar Michael kan dat ook.
Misschien moet zo'n eik...
er enkele dagen over nadenken.
Praat erover met je vrouw.
Vrouwen houden van dat soort dingen.
Goed.
Luister...
Hinreich heeft me net de promotie aangeboden.
Aan jou?
Omdat hij me voor een slapjanus houdt?
Nee, ik...
Ik heb hem gezegd dat jij een betere keus zou zijn.
Heb je dat echt gezegd?
Bedankt.
Wat is dat aan je arm, papa?
'N Jonge kerel bij wie de stoppen doorsloegen tijdens een alcoholtest.
Jij rijdt toch niet als je gedronken hebt?
Mag ik de broodjes even? Natuurlijk, hier zijn ze.
Dank je. - Neem een halve.
En hoe gaat het met jou, Marie? Ik moet studeren.
Ja, tot je aan je stage begint, dan wordt het pas echt leuk.
Echt, zo ging het bij mij. Nou, als jij het zegt.
De mozzarella smaakt naar papier.
Heb je al een nieuwe docent? Mama, kunnen we voor de verandering
eens over iets anders praten? Sorry, jullie studies kosten handenvol geld,
we mogen toch een vraag stellen. Het is opa die het betaalt.
Het is jullie familie die betaalt.
Voor mij hoeft het niet. Mama, je klinkt al helemaal als opa.
Maar let toch op! - Het spijt me.
Niet schuren!
Je moet het deppen. Lomperik! Alles is nat.
Ik zei niet schuren, deppen!
Ik zei ophouden! Anne, alsjeblieft!
Het is overal.
Hou op, alsjeblieft.
Waar gaan jullie naartoe? - Mama...
Jullie gaan weg'? Maar jullie zijn nog niet klaar met eten!
Nogal een kort kerstontbijt. Rustig, mama.
We zien elkaar woensdag.
Mama, we gaan daar niet meer naartoe. Wat?
Mama, dat is geen drama.
Waarom heb je koffie gemorst?
Ik deed het niet opzettelijk.
Zeg dat ze volgende keer meteen moeten vertrekken.
Laten we vrede sluiten, oké?
Waar ga je naartoe? - Vrienden opzoeken.
Stoor ik?
Heb je voldoende vrijetijd op het ogenblik? Nee, hetzelfde als in mijn studententijd.
Je stopt dus echt?
En wat ga je dan doen? Een opleiding volgen. Kok.
Of meubelmaker.
Je kunt alleen ravioli uit blik opwarmen.
Kun je nu eens ophouden?
Dan ga het nu mama vertellen.
Kom nou, Lukas!
Laat maar, ik zeg het haar wel. Zeker?
Ja. - Zeker?
Waarom zou ik niet zeker zijn? Ik kan het haar beter uitleggen.
Geen probleem.
Dat heeft klasse, als je altijd bloemen meeneemt voor je vrouw.
Ja?
Liefde moet je verzorgen.
Ik zou ook graag iemand verzorgen.
Waar hebben jullie elkaar ontmoet?
In een trappenhuis.
Ik ging op bezoek bij een vriend in 't gebouw waar haar ouders woonden.
Liefde op het eerste gezicht?
Inderdaad.
En is het nog altijd goed?
Vroeg of laat waardeer je wat je hebt.
Nee, Georg. Ze zijn voor je vrouw.
Ik koop morgen nieuwe voor haar.
Anne, wind je niet op.
Lukas heeft... Lukas wil iets nieuws beginnen.
Anne, wind je niet op. Lukas wil iets anders doen.
Verdomme!
Hallo.
Ik denk aan je en daar ben je. Ja, hier ben ik. Ben ik te vroeg?
Nee. Ik ben blij dat je er bent.
Het is heel belangrijk dat je er bent.
Ik dacht, we maken er een leuk avondje van.
Beetje praten, of...
Vanavond? Waarom?
Gezondheid! - Gezondheid!
Nou...
Hoe was je dag? - Goed.
Ik schiet heel goed op met Sabrina.
Uitstekend.
Wie is Sabrina?
Mijn vriendin. Die van school.
Je zag haar laatst nog.
Je geheugen is echt een zeef.
Nou... Ik weet het niet.
Wellicht leer ik haar nog wel kennen. Kun je zeggen wat er aan de hand is?
Niets, ik wou gewoon 'n leuke avond met jou. We drinken zomaar champagne,
zonder reden, of hoe zit het?
Er klopt hier iets niet.
Wat denk je dat er niet klopt, Anne?
Wat wil je me dan zeggen? Zeg me wat er aan de hand is.
Anne?
Anne...
Het spijt me.
Het spijt me, Anne.
Anne, waarom doe je dat?
Anne! Mijn man heeft geheimen, daarom.
Kom, kalmeer. - Ik wil niet kalmeren,
en ik hoef niet te kalmeren. Laat me los, alsjeblieft.
Ik wilde alleen een leuke avond. Laat me met rust.
Ik hoef jouw leuke avond niet. Ik was het vergeten, je bent nu een held.
Vertel ze hoe het er bij je thuis aan toegaat.
Het spijt me.
Wat ben je toch een ellendeling!
Ze willen me promotie geven. - Wat?
Ik krijg promotie.
Waarom dan?
Wil je bij me weggaan?
Mag ik?
Hou je nog van me?
Ja.
Kan dat zomaar?
Het is niet dat ik niet van je hou.
Misschien moeten we hulp zoeken.
Nee, ik...
Ik kan het wel aan.
Ik neem het wel aan.
Dit was de laatste keer, oké?
En na je promotie...
'wijd je je aan je carrière,
en blijf ik thuis op je wachten?
Ik hoef de promotie niet te aanvaarden. Dat moet je wel.
Dan kunnen wij eens geld geven aan de kinderen.
Lukas moet nog drie à vier jaar studeren.
Weet je,
Lukas...
Het betekent niet zoveel voor hem. Je moet het doen.
Ik kan niet wachten 't gezicht van mijn vader te zien
als we het hem vertellen.
Papa!
Ben je met je dieet gestopt'?
Zoals je ziet. Geen room, een wolkje melk. Goed...
Zal ik helpen? - Nee, dank je.
Ik heb nagedacht over de kerstcadeautjes dit jaar.
Je moeder koopt zulke kitscherige spullen. Dat is waar.
Ik hoop dat je van haar niet hebt geërfd.
Wat scheelt er, liefje? Ik denk de hele tijd aan Georg.
Je denkt nog steeds de hele tijd aan hem? Hij krijgt promotie.
Daar mag je toch wel eens aan denken?
Dat hij je overtreft,
is inderdaad een verrassing. Nou ja,
als je het ene kind na het andere hebt...
Een kop hete koffie graag. - Jazeker.
Kunt u het uitleggen aan Michael? Hoezo aan Michael?
Dan vertel ik het meteen aan iedereen. En hoe moet het dan met ons feestje?
Je bent een vreemde vogel.
Gefeliciteerd. - Dank u wel.
Doe de groeten aan je vrouw. - Ja.
Ik zal het haar zeggen, dank u.
Er valt niets te vieren.
Heb je dat gehoord?
Wees niet zo bescheiden, Georg!
Je krijgt niet elke dag promotie.
Wat een verrassing voor ons! - Ja!
Gefeliciteerd!
Wat zal er nu gebeuren?
Ga je nu werken met die...
Hoe heet hij ook alweer, schat?
E'?
We zullen wel zien. Hoe heet hij ook alweer?
Het schiet ons wel te binnen zodra we er ons hoofd niet langer over breken
Goed. Het is toch niet belangrijk.
Dus...
Ik heb lang nagedacht...
over een passend cadeau.
En ik heb lang aan jullie lening gedacht.
Maar jullie zijn vanaf nu onafhankelijker.
Om het kort te houden, ik heb gekozen
voor een symbolisch cadeau.
En ik hoop nu dat het voor jou evenveel betekent
als voor mij.
Kom hier en pas het.
Bedankt. - Graag gedaan.
Nu we zo mooi aan het vieren zijn, wou ik jullie...
iets speciaals zeggen.
Ik ben gelukkig dat we in zo'n harmonie leven.
Nu Georg is gepromoveerd, zal er voor mij heel wat veranderen.
Kom ter zake. Ik ga een jongen opvangen
die thuis problemen heeft.
Ik geef mezelf promotie in moreel opzicht.
Waar vond je die jongen? - Op school.
Wat voor problemen heeft hij? Zijn jullie niet blij voor mij?
Ik heb het gevonden.
Hij heet Von Soerenmark.
Ik kom je de jongen hier wel voorstellen. Ik had het je gezegd!
Het schiet je te binnen als je er niet meer over piekert.
Hij heet Robert. Ik zal jullie steun nodig hebben.
Zag je hoe gelukkig mijn vader was toen ik het over Robert had.
Ik snap niet wat dit te betekenen heeft.
Het is zo typisch voor hem
om zijn gevoelens niet te laten zien.
Maar het valt op als je hem kent.
Anne, wat is dat voor een onzin over dat kind?
Je gunt het me niet, jij met je stomme carrière.
Maar papa was gelukkig.
Ik weet het zeker.
Ik snap niet wat er door je hoofd spookt. Mensen helpen in plaats van ze
in de gevangenis te doen belanden.
Zeg dat papa gelukkig was! - Laat dat!
Zeg het! - Anne, hou op!
Zeg dat hij gelukkig was! Hij was gelukkig!
Ik wil alleen dat jullie een beetje trots zijn op mij.
Anne...
Niemand heeft het op jou gemunt. Maar ook niemand helpt me!
Waarom sla je nooit terug?
Ik begrijp het niet.
Sla me dan toch.
Waarom ben je zo? Ik wil dat je me slaat!
Waarom doe je het niet?
Hallo, Marie. Weet je al dat Lukas kok wil worden?
Hoezo hij moet het doen? Het is volstrekte nonsens.
Nee, het is gewoon dat...
Nee, wacht...
Weet je...
Ik dacht eraan dat het een goed idee zou zijn
als jij het aan mama vertelde.
Nee, ze praat het liefst met jou.
Het is de waarheid.
Kom nou...
Marie, alsjeblieft.
Nee, dat niet, ik haat dat! “The Axe Effect, the Axe Effect!“
Doe het raam open. - Hij leert het nooit.
Wat doen jullie vanavond? - Niet veel.
Wat doe jij? - Ik ga naar de Top Ten.
Je ging vorige week toch al? Ja, maar ik was te laat.
Hij mocht er niet meer in.
Als we nu eens iets gingen drinken? We moeten praten.
Moet je niet bij je schoonfamilie zijn?
Nee, ik zou liever met je praten.
Dat waar we het onlangs over hadden...
Ja, natuurlijk? - Goed zo?
Jaah. Nu onmiddellijk? - Ja.
We zouden samen iets kunnen doen? Bij jou thuis?
Dat zou je wel willen, hè?
Dan met zijn allen bij Georg thuis.
We zijn er nog nooit geweest
Nee...
Het kan niet, een andere keer. Waarom vandaag niet?
Anne is vast al gaan slapen. Kom nou, Georg!
Wie draagt de broek?
Precies!
Jullie moeten echt stil zijn. Anders gaat het feest niet door.
Maak geen lawaai.
Verdomme!
Proost! Wil je dat we proosten zonder geluid?
Proost in stilte!
Je kunt niets verstaan als je op die rommel kauwt.
Daarom moet je harder fluisteren!
Luister, dit is de laatste keer. Nog een keer en het feestje is voorbij.
Hallo.
Wat gebeurt hier?
Ik hoop dat we niet storen.
Nee, helemaal niet.
Als je wil, gaan we ergens anders heen. Nee, het is in orde.
Het is goed dat jullie er zijn. Je brengt zelden vrienden mee naar huis.
Is er iets te vieren? - Altijd.
Jullie hebben glazen nodig?
Hier... daar...
Hier heb je een schaal voor nodig. Dat is beter.
Doe jij ze erin? - Ja, zeker.
Ik ben Anne. En jij, u?
Ahmed. - Ahmed... hallo.
Mooi appartement. - Dank u, en u bent?
Oliver. - Oliver, aangenaam kennis te maken.
Proost! - Het is goed dat jullie hier zijn.
Ik zet wat muziek op.
Mag ik deze dans?
We proosten op Georg,
onze allerbeste collega
aan wie ik zoveel te danken heb.
Hef het glas!
Op Georg! Gezondheid, Georg!
Op je welverdiende promotie.
Je weet nooit, misschien komt het er niet van...
Hoe bedoel je? Dat kan toch niet?
Je maakt een grapje, toch? Nee, ik weet het niet...
Het is nog niet officieel. Ik weet het nog niet echt.
Laten we nu drinken op commissaris Georg Hofimann!
Op commissaris Georg Hoffmann!
Schenk nog een glas voor me in.
En op Anne. Op Anne!
Proost! - De vrouw van de nieuwe baas!
Je bent echt zo charmant, Michael.
1600 euro netto Leve de Duitse politie!
1600 euro netto Leve de Duitse politie!
Slaapkamer, slaapkamer...
De polonaise!
De polonaise.
Die jongen op school met gedragsproblemen.
Ik heb moederlijke gevoelens voor hem.
Wat doe je? - Ik zorg voor hem.
Je zorgt voor hem?
Met je mooie handen? Precies. Je neemt me in de maling.
Je krijgt ook je promotie!
Jongens, sorry, maar het is 3 uur 's nachts.
De buren zullen kwaad worden.
Wat kan dat me nou schelen!
De hele avond die verveelde schijtsmoel van je!
Zo'n smoel de hele tijd.
Toch heb je je vermaakt.
Jazeker.
Ik moest me over je vrienden ontfermen, toch?
Kom hier. - Anne, alsjeblieft...
Als ik niet zo bezopen was, sloeg ik je dood.
Anne... - Het zal niet lukken.
Help me, kom...
Wat scheelt er, Anne?
Zie je wel?
Je hebt kwaadgesproken over mij.
Hoe kun je zoiets denken? Je vertelde Hinreich
dat ik in mijn broek gepist heb.
Dat is zo egoïstisch van je.
Blijf hier. We gaan eerst apart naar binnen.
Dit wil ik toch helemaal niet! Jij hebt alles, de kinderen, Anne...
Die betrekking was toch voor mij! Ja, ik...
Het spijt me, wat kan ik eraan doen? Wil je dat ik je troost?
Blijf hier. Is daar iemand?
Hallo, de politie hier. We komen nu binnen.
Goedemiddag.
Hoffmann, van het hoofdcommissariaat.
Dit is collega Gleiwitz. - Goedemiddag.
Waarom doet u niet open als we aanbellen?
Kijk me aan. Hebt u uw vrouw geslagen?
Nee?
Laat me uw adem ruiken.
Praat maar.
Hallo?
Ik moet altijd huilen als ik uien snij.
Mijn moeder zegt als je huilt bij het snijden,
kan je beter niet trouwen.
Maar ik ben toch getrouwd. Dus een beetje van dit...
Ik maak iets lekkers klaar.
Ik kook namelijk voor mijn man.
Georg is zijn naam.
Je zult hem binnenkort leren kennen.
Zeg "Gems."
Georg. - Ja, dat is het.
Hij is politieman. Een gevaarlijk beroep.
Weet je wat je graag wil worden?
Je mag me helpen bij het kneden.
Steekje handen er maar in. Het is leuk.
Ik heb twee kinderen.
Ze gaan allebei naar de universiteit.
Mijn dochter wordt lerares, zoals ik.
Hou op!
Hallo.
Alles goed? - Ja.
Buiten is het koud.
Kom mee. - Waarheen?
De kleine is in slaap gevallen voor de tv.
Wie is dat'? - Robert.
Wie is Robert'? Mijn pleegkind.
Je wist ervan. Doe niet alsof.
Mama. - Ja.
Ik dacht dat je hem bijles gaf. - Nee.
Wat denken zijn ouders hiervan? Ze zouden er blij om moeten zijn.
Zeg me wat je uit je kamer wil, de rest breng ik naar de kelder.
Want Robert wil geen meisjeskamer.
Maak je liever zorgen over je zoon. Waarom?
Hij is al drie weken gestopt met studeren.
'Na?
Je bedoelt...
Jullie wisten dit allemaal? Niemand durft met je te praten.
Ook papa niet?
Hij had iets kunnen zeggen.
Ja, Michael? Met Anne.
Nee, waar is Georg?
Ik heb lekker voor hem gekookt. Waar is hij naartoe?
En hij heeft niet gezegd waarheen?
Nee, ik ben ongerust. En ook zijn mobiel staat uit.
Je bent zo gevat.
Ik heb zo lekker gekookt.
Nee. Onzin.
Je laat er geen gras over groeien.
Mag ik er ook een?
Gezondheid. - Gezondheid.
Oké.
Laat mij eens zien.
Je moet hier geld in stoppen.
Ik denk dat ik er geen meer heb.
Verrek.
Dan kunnen we maar een biertje drinken. Nee, geen kleingeld meer.
Ik moet het halen.
Zal ik gaan?
Vertel me eens.
Als mensen zolang getrouwd zijn, hebben ze dan nog seks?
Soms.
En wordt het anders?
Ja. Het wordt anders.
Ik kan het niet.
Doe iets.
Wat dan?
Je zou iets moeten doen.
Denk je dat ik dit leuk vind?
Doe iets!
En kijk me aan.
Georg, wat is er aan de hand?
Doe iets! - Hou op.
Hou op! Hou op!
Ga toch niet weg.
Pak je spullen maar!
Wat zijn jullie sukkels!
Weerzinwekkende sukkels.
Maak dat je wegkomt!
Tot ziens.
Goedenavond.
Het eten smaakt zo lekker dat ik me schaam. Het smaakt naar stront.
Je bent ziek, Georg.
Je liegt altijd.
Ik lieg niet.
Me niet vertellen dat Lukas zijn leven weggooit, is liegen.
Nou, weet je...
Ik wilde niet dat je ongelukkig was.
Je hebt Lukas en Marie tegen me opgezet.
Anne, we houden allemaal van je. Larie!
We voelen allemaal met je mee.
En dat is normaal.
Anne.
Laten we de kinderen opbellen.
Lukas en Marie moeten hierheen komen. Blijf met je handen van me af.
Ik zei afblijven!
Zodat je me tegenover iedereen kunt vernederen?
Wat is er?
Georg?
Met Hoffmann.
Taxi voor Lindenstraat 73 alstublieft.
Voor Georg Hoffmann. Ja. Dankuwel.
Een familielid moet worden gewaarschuwd. Dat is niet nodig.
Nee, ik sta erop. Zo laat ik u hier niet vertrekken.
Wil je bij mij blijven?
Nee, nee.
Ik weet waarnaartoe.
Papa, we kunnen dit niet langer pikken.
Georg!
Wees niet bang, ik ga je niets doen.
Kom binnen.
En? - Nou...
Wil je iets te drinken?
Als het mag. - Natuurlijk.
Ik heb alleen whisky. - Perfect.
Geen ijsblokjes.
Mag ik even rondkijken? - Tuurlijk.
Mooie bank.
Is hij uitvouwbaar?
Nee.
Die van ons wel, maar we doen het nooit.
Juist. Het is praktisch.
Ik heb nooit met Anne geslapen in de woonkamer.
Sloeg ze je terwijl jullie het deden?
Georg! Ik ben niet pervers.
9/11.
Slaapkamer.
Ja. Je weet het.
Hebben jullie het hier ook gedaan?
Dat was de enige keer, Georg.
Echt.
Nooit eerder.
Ze had het me hoe dan ook verteld.
We praten veel met elkaar, weet je.
Ze flipt soms.
Maar niet altijd.
Dat is normaal najaren huwelijk.
Mag ik je iets laten zien?
Al een paar jaar loopt het uit de hand.
Nee, kijk eens!
Nee, dat wil ik niet.
Je moet me nog de keuken laten zien.
Juist
Het is niet altijd zo erg. Dat was eerder een uitzondering.
Maar het is geen seksspelletje?
Ik maak ook fouten.
Natuurlijk.
Het is vreselijk voor de kinderen. - Ja.
Ja.
Vind je me een zwakkeling?
Ik word binnenkort chef. Georg...
Ik weet er niks van.
Ik heb onlangs in mijn broek gepist.
Kan gebeuren.
Ik dacht, als ik er geweest ben, is het maar zo.
Waarom als jij er geweest was? Jij hebt mij gered.
Ik wist niet of mijn pistool geladen was.
Je maakt een grapje.
Ik had kunnen sterven.
Jij trouwens ook.
Ben je kwaad op mij?
Wil je me verlaten?
Wacht. We moeten oppassen.
Wacht.
Trek het snel uit.
Lukt het, denk je?
Heb ik je pijn gedaan? - Nee.
Dit is niet zo'n onbenullig boompje, genre woudafval.
Laat mij hem dragen. Hij heeft hem zelf omgehakt.
Het gaat wel, dank je. Naar de boom te oordelen, word ik minister.
Hier staat hij goed, toch?
Voorlopig.
Ongelofelijk.
Op Georg. - Dank je.
Proost!
Ik weet zeker dat de jongen van de jeugdbescherming
hier zal mogen blijven. Je zou aan Amnesty kunnen schenken
nu je man goed verdient.
We zetten er liever op in om niets meer van jou te vragen.
We beginnen opnieuw. Opnieuw beginnen? is het wat laat voor.
Laat? Wat bedoel je daarmee?
Over laat gesproken, moeten jullie inmiddels niet naar huis?
Dat was de eerste en de laatste boom.
We kunnen op vakantie gaan. - Ja.
Naar de Maldiven, om te duiken.
Ja. - Of...
naar Sicilië.
Het ontbrak ons aan tijd voor elkaar.
Was het mijn schuld? - Nee, nee.
We waren er altijd alleen voor anderen.
Hela, stop. - Kom hier.
Het lijkt me niet het geschikte moment om te pauzeren.
Wat is er aan de hand?
Het kunt vandaag beter niet komen.
Ben je ongerust over mij?
Doe me een plezier.
Het spijt me.
Wat is er?
Rij ik met jullie mee of niet?
Hela, kom hier. Wat gebeurt er'? Georg, je gaat beter naar huis.
Waar gaat Michael alleen naartoe?
Misschien je vrouw opzoeken.
Ik wil niet weggaan. Maak het niet nog moeilijker.
Goed zo, moet je kijken. Moet je eens goed kijken.
Nee, hier. Geen sprake van.
Georg, zo erg is het niet.
Zeg eens, je trekt toch je nieuwe jasje aan.
Probeer eens met das.
Als ik klaar ben. - Goed.
Weet je wat ik dacht?
We zouden Sabrina kunnen bezoeken.
Ja, dat zouden we kunnen doen. We moeten meer onder de mensen komen.
Ik hoop dat de kinderen komen met kerst. Ze zullen wel komen.
Dat zou goed zijn. Robert komt ook.
Veel plezier.
Kom niet te laat thuis.
Je hebt geen Robert nodig, geen promotie, niks.
Dat is niet belangrijk.
Ik weet het.
Dan is alles duidelijk.
Dan geen gedonder meer, akkoord?
Ja. We zullen lief zijn voor elkaar.
Ik wil echt gelukkig zijn, snap je'?
Gegroet.
Waar zijn de kinderen?
En die Robert'?
Ze hebben zich verstopt.
Dag meneer de hoofdcommissaris. Ik ben geen hoofdcommissaris.
Ik heb er toch nooit in geloofd.
Zo is het ook goed. - Natuurlijk.
Het is uitstekend.
Zoals het altijd is geweest.
Jij bent een loser en ik verkoop kletspraatjes.
Verman je.
Daar heb ik geen reden toe.
Die heb je wel.
Ik.
Stel je de reactie van mijn ouders voor! Maakt niks uit.
Daar hoeven we niet aan te denken.
Ik denk waaraan ik wil!
Hou daarmee op. - Hou je bek.
Loser die je bent.
Niemand heeft je nodig. Niemand.
Sla me nog één keer en ik dien een klacht in.
Stomme koe.
Laat me los
Can't find what you're looking for?
Get subtitles in any language from opensubtitles.com, and translate them here.