Afrikaans
Akan
Albanian
Amharic
Arabic
Armenian
Azerbaijani
Basque
Belarusian
Bemba
Bengali
Bihari
Bosnian
Breton
Cambodian
Catalan
Cebuano
Cherokee
Chichewa
Chinese (Simplified)
Chinese (Traditional)
Corsican
Croatian
Danish
Dutch
Esperanto
Estonian
Ewe
Faroese
Filipino
Finnish
French
Frisian
Ga
Galician
Georgian
German
Guarani
Gujarati
Haitian Creole
Hausa
Hawaiian
Hebrew
Hindi
Hmong
Hungarian
Icelandic
Igbo
Indonesian
Interlingua
Irish
Italian
Japanese
Javanese
Kannada
Kazakh
Kinyarwanda
Kirundi
Kongo
Korean
Krio (Sierra Leone)
Kurdish
Kurdish (Soranî)
Kyrgyz
Laothian
Latin
Latvian
Lingala
Lithuanian
Lozi
Luganda
Luo
Luxembourgish
Macedonian
Malagasy
Malay
Malayalam
Maltese
Maori
Marathi
Mauritian Creole
Moldavian
Mongolian
Myanmar (Burmese)
Montenegrin
Nepali
Nigerian Pidgin
Northern Sotho
Norwegian
Norwegian (Nynorsk)
Occitan
Oriya
Oromo
Pashto
Persian
Polish
Portuguese (Brazil)
Portuguese (Portugal)
Punjabi
Quechua
Romansh
Runyakitara
Russian
Samoan
Scots Gaelic
Serbian
Serbo-Croatian
Sesotho
Setswana
Seychellois Creole
Shona
Sindhi
Sinhalese
Slovak
Slovenian
Somali
Spanish
Spanish (Latin American)
Sundanese
Swahili
Swedish
Tajik
Tamil
Tatar
Telugu
Thai
Tigrinya
Tonga
Tshiluba
Tumbuka
Turkish
Turkmen
Twi
Uighur
Ukrainian
Urdu
Uzbek
Vietnamese
Welsh
Wolof
Xhosa
Yiddish
Yoruba
Zulu
Tot straks.
80 cent, alsjeblieft. Bedankt.
Tot ziens. - Tot ziens.
Meneer... - Goede morgen.
Zo één brood, alsjeblieft.
Deze? - Ja.
Ogenblikje...
Tot straks.
Let op je broertje bij het oversteken.
Alsjeblieft. Tot morgen! - Dank je wel.
Mevrouw. - Goedemorgen.
Een brood, alsjeblieft. - Ja.
Goedemorgen, meneer. - Goedemorgen, Sofie.
Alles goed? - Het is niet warm buiten.
Stoort het als ik een advertentie ophang? Het is voor mijn schoonbroer.
Nee. Doe maar, als je nog plaats vindt. - Bedankt.
Schuif anders maar een andere opzij.
Bedankt. - Tot ziens.
Pas op...
Oké.
Wel...
Dag, mevrouw. - Dag.
Dat staat je heel goed. - Echt waar?
Ja, het is heel mooi.
Is het niet te kort? - Nee, absoluut niet.
Een pony is wel een heel ander gezicht. - Ja, maar het is heel mooi.
Je gezicht komt veel frisser over.
Heel mooi. - Ja, heel leuk, heel anders.
Dan moet ik geen spijt hebben? - Nee, geen spijt.
Het is echt mooi, hé? - Echt heel mooi.
Dank je wel. Oké, ik kom zo terug.
Het staat haar goed, hé? Ik vind het zo mooi.
De bagetten zijn bijna op. - Minuutje...
Pas op...
Wat sta je hier toch te doen?
Je staat in de weg.
Bedankt.
Hij heeft helemaal niets gezegd.
Het valt anders toch op, hé?
Dag, meneer. - Dag.
Goeiedag, meneer.
Goeiedag. Een klein broodje, graag.
32.000 Euro, dat is toch ongeveer 200.000 FF, niet?
Er staat een huis te koop aan de zee. Een echt huis om in te wonen...
Van wie is die advertentie?
Van een vaste klant, een meneer die elke ochtend komt.
Er staat toch geen fout op die advertentie?
Ik wist niet dat de huizen zo goedkoop waren aan de kust.
Dank je wel. Goeiedag. - Dag meneer, goeiedag!
Die pony staat je echt goed, hoor.
Goeiedag. Sorry voor het storen. Ben ik bij M. en Mevr. Monziole?
Dag mevrouw. Ik bel u in verband met uw advertentie.
Ja... Nee, het gaat om de prijs. U vraagt dus 32.000 Euro voor het huis?
Leuke dag gehad? - Heb je je haar laten knippen?
Ja. - Het is heel mooi!
Echt waar? Vind je het mooi? Da's leuk.
Dat is het? - En nog één croissant...
Twee Euro, alsjeblieft.
Het is toch geen fout, hé. Ze vragen echt maar 32.000 Euro voor dat huis.
Dat is niet duur, hé. Het is op time-sharing basis, er zijn vier eigenaars.
Dat dacht ik wel...
Oké, ik ga ervandoor. Tot straks, hé.
Wanneer we het huis verhuren, kunnen we daarmee de lening afbetalen.
Zelfs buiten het seizoen, kunnen we 2 à 3.000 FF per week vragen. Stel je voor?
En als we het niet verhuurd krijgen? - Zoiets geraakt altijd verhuurd.
Het ligt op 100 meter van het strand, op een eiland.
Een eiland?
Ja, het is maar 20 minuutjes met de boot. Het is heel gemakkelijk.
Een eiland! En als er iemand ziek wordt? - Maar nee, hou toch op.
Er is elk uur een boot!
Een eiland! Dat is een droom!
Altijd weer naar je moeders huis, dat wordt een beetje...
Op den buiten, dat is soms...
Het is voor mij vooral het idee van de time-sharing dat me...
Het idee dat het niet je eigen huis is, dat er net nog iemand anders geslapen heeft.
Als je op hotel gaat, is dat toch ook zo? Of als je een huis huurt, toch ook?
Ik zie het probleem niet.
Je koopt toch geen huis dat je niet gezien hebt? Je weet er totaal niets vanaf.
Maar dat huis is helemaal nieuw!
Ik heb de nummers van de andere partners gekregen.
Bel ze maar op, als je wil! Dat mag, hoor.
Slaap je? - Ja.
Vind je mijn nieuwe kapsel mooi?
Ja. - Ik dacht van niet.
Toch wel... - Raar dat je het niet gezien had.
Ga je die mensen morgen opbellen? - Oké
Slaap lekker. - Jij ook.
Ik heb één van de eigenaars aan de telefoon gehad. Hij werkt...
Ik zei dat ik één van de eigenaars aan de telefoon had. Hij werkt vlakbij.
Ik heb met hem afgesproken in een café.
Nu direct? - Ja. Ik blijf niet lang weg.
Corine, ik ga een boodschap doen! - Oké.
Ik weet niet of je Le Ventu kent? - Helemaal niet.
De regio ook niet? - Ook niet.
Mijn man een beetje, want hij heeft familie in de buurt van Perpignan.
Dat is niet echt in de buurt, maar ook niet heel ver weg.
Naar het schijn is de kust in die omgeving heel mooi.
Ja, heel erg mooi! - Oké. En het huis?
Het huis... is nog nieuw. Alles werkt... Het ziet er mooi uit.
Het is een residentie. Niet iedereen is toegelaten. Het blijft onder ons.
Akkoord. En voor de kinderen?
Voor de kinderen is het ook leuk. Er zijn veel families met kinderen.
Mag ik nog een koffie, alsjeblieft? - Natuurlijk.
Hoedanook heb je er van niemand last. Je doet wat je wil.
Is je echtgenoot een bakker? - Inderdaad, ja.
Zwaar beroep, denk ik. - Je moet natuurlijk de uren niet tellen.
Natuurlijk. - Olivier staat elke dag op om 3 uur.
Als je zo vroeg opstaat, mag je 's namiddags wel wat rusten, hé?
Ja...
Hij ligt nu vast te slapen, nu hij even de kans heeft.
Ja.
Wat draag jij?
Wat draag jij? - Pardon?
Wat draag jij onder je kleding? Hou je van Dantelli of latex...
Waar hou je van? - Luister...
Wil je het me niet zeggen? Draag je misschien helemaal niets?
Dat is het helemaal niet. - We zijn toch onder ons?
Ik mag jou wel.
Wil je misschien weten wat ik draag? - Nee, dat interesseert me helemaal niet.
Er is een hotel hier recht tegenover.
Ik heb een uurtje vrij. We kunnen wel iets doen.
Ik kan je vastbinden, je een beetje pijn doen. Dat is toch leuk, niet?
Je man hoeft toch niet alleen een siësta te houden?
Je handen zijn ijskoud.
Ik heb de derde eigenaar aan de telefoon gehad.
Het leek me een erg aardige mevrouw.
Ze begreep niet waarom die meneer het wilde verkopen.
Het gaat er heel familiair aan toe.
De mensen nodigen elkaar uit. Ze drinken samen een glas en zo.
En voor kinderen is het de absolute top.
En die andere eigenaar? Dat was toch iemand uit de buurt?
Ja... - Wat zei hij?
Ik ben maar bang dat we een stommiteit begaan.
Ik zou niet weten waarom. Om wille van het geld?
Ja, en het gaat ook zo snel.
Als we niet snel zijn, laten we het voor onze neus weghalen.
Daar ligt het. Je rijdt van Beziers naar Montpellier...
en dan recht naar beneden richting Spanje.
Als we zo rijden... zie je? Dat is vlak bij je moeder.
We kunnen gemakkelijk zo rijden, want...
je bent niet graag lang ver weg van je moeder, hé?
Maar het ligt niet ver weg van je moeder.
Zal ik meneer Monziole dan maar terugbellen? - Oké.
Goeiedag! Kom gauw binnen!
Goeiedag. - Goeiedag.
Ik ben Colette.
Sophie. - Olivier.
Sorry voor mijn kleren. Ik heb nog geen tijd gehad om me om te kleden.
Ik heb haar al 10 keer gezegd dat ze zich moest omkleden.
Maar er is niets tegen te doen. Ze durft zo de hele dag rond te lopen.
Ik ben Paul. - Sophie. - Olivier.
Blijf zo toch niet staan. Geef me jullie mantels.
Trek maar wat uit, want de verwarming staat hier de hele tijd aan.
Colette heeft het altijd te koud. Doe maar alsof je thuis bent!
Laat jij mevrouw het huis zien?
Laat ook je jurken maar eens zien, dan vind je er vast één om aan te trekken.
En jou zet ik meteen aan het werk in de keuken.
Oké, ga maar mee. Hierlangs...
Ik heb een lamsbout klaargemaakt. Eet u graag vlees?
Ik lust alles, ik doe niet moeilijk.
Er zijn waarschijnlijk veel bakkers die vegetariër zijn, niet?
Ik zou het niet weten. Ik ken er in elk geval geen.
Ik zeg het maar, omdat ze in Le Ventu nogal van bio houden...
Echte vegetariërs, natuur-freaks... Ze zijn verder niet slecht, hoor.
Ben je nu nog niet aangekleed? - Ach, nee...
Helemaal vergeten. Typisch ik.
Heb je de foto's al laten zien? - Nee.
Laat hun de foto's van het huis nu toch eens zien! Ze liggen op het tafeltje.
Wel...
Dus... dat is de inkom. Alsjeblieft.
Dat is genomen vanuit de zitkamer. Mooi, hé? - Ja.
Kom je me even helpen? - Ja, ja. Pardon.
Ik laat jullie maar even kijken. Excuseer.
Ik vind het wel mooi, hoor! - Ja, het is mooi.
Ja, het is mooi...
Wat?
Laat me eens kijken. Ze zijn naakt!
Niet te doen!
Aan tafel! - Hier.
Gaan jullie 's avonds nooit uit? - Zelden.
Zelden, om niet te zeggen 'nooit'.
's Avonds gebeurt niet vaak, maar goed...
Zondag voormiddag gaan we toch vaak weg?
Omdat je zondag namiddag altijd slaapt.
Hoedanook heb je een mooi beroep. Brood is belangrijk.
Brood is universeel.
Zeg dat wel.
U hebt een heel mooi beroep en u heeft een heel mooie vrouw.
Zegt hij je wel eens dat je mooie bent?
Niet zo vaak, nee. - Complimenten zijn niet mijn sterkste kant.
Ik zeg mijn vrouw nog altijd dat ik haar mooi vind.
Met bloemen of met een klein cadeautje.
Hoor je dat? - Ja, ik ben niet doof.
Ik ben misschien een boer, maar ik ben niet doof.
Goed. Kom...
Kom mee.
Ik heb een verrassing voor jou.
Dat kan ik niet aannemen.
Maar het is een cadeautje. Dat kan je niet weigeren.
Maar ik draag het toch nooit. - Maar jawel. Pak aan.
Op jouw leeftijd moet je zoiets dragen.
Bedankt.
En?
Ze zijn wel vriendelijk, hé? - Ja.
Ik snap nog altijd niet waarom het zo goedkoop wordt verkocht. Er moet iets zijn.
Colette heeft me een ongelofelijk cadeau gegeven. Zo'n jurk kost een fortuin!
Wat ga je ermee doen? - Aandoen, natuurlijk.
Dat ga je toch niet aandoen? - Waarom niet?
Ik weet het niet. Zo'n jurk is toch niets voor jou.
Zie je jezelf al met zo'n jurk? Wees nou eerlijk.
Waar denk je aan?
Ik denk aan de zee.
Dat is de laatste.
Hoe gaat het met jou? - Gaat wel. De vakantie komt eraan.
Waar ga je naartoe? - Naar het zuiden, zoals altijd.
Wij hebben een huisje gekocht. - Echt?
Waar?
Het was echt niet duur. Op een eilandje, l'Ile du Ventus.
Le Ventu? Man!
Waarom zeg je Ventu? Het is toch Ventus?
Ze zeggen Ventu. Je zal het wel zien. Veel plezier, Olivier, in de Ventu...
Waarom zeg je dat? - Wacht maar af!
Lul! Ga je geen koffie meedrinken?
Wat bedoelt hij met 'Le Ventu'?
Gevonden? - Ja, in bed tussen de lakens.
Vergeet de kinderen niet, hé. Om de twee uur stoppen. En bel me.
Papa. Hallo, ik ben het.
Het gaat wel. 't Is wel druk, maar het gaat wel.
Ja, de kinderen hadden honger, dus zijn we gestopt. Maakt niet uit.
Oké. Beloofd.
Ja, ik ben het.
Alles in orde. Ze slapen.
Is je siësta al voorbij? Oh nee, ik stoor je.
Als ik thuis ben, slaap je. En als ik er niet ben, slaap je niet.
We zijn er bijna.
Ik moet je nu laten, want de batterij is bijna leeg.
Oké. Ik bel je nog.
Maak je geen zorgen, ik bel je straks terug.
Wat? Hallo?
Niets vergeten, hé. Goeiedag, meneer! - Ja, mevrouw.
Excuseer, waar ligt de boot naar l'Ile du Ventus?
L'Ile du Ventu? Die boot ligt daar.
Oké. Heel goed.
Ik zie dat u goed geladen bent. - Ach, dat lukt wel.
Ik zal u wel helpen dragen. - Bedankt.
Wat? Ik kom, ik kom.
Dat doet deugd. - Ja.
We gaan er nog te snel zijn.
We gaan eens naar achter.
Mama! Iedereen zit daar in z'n blootje!
Wat? - Kom maar eens kijken.
Wat zeg je toch? - Kom dan kijken!
Waar?
Wacht!
Kom, we gaan terug.
Ongelofelijk!
Wat is dat nou?
Wat? - Je kan hun piemels zien.
Laure, haal mijn tas, alsjeblieft. Blijf hier staan.
Mama, waarom zijn die mensen helemaal naakt?
Ik snap er ook niets van.
Pardon.
Alles komt in orde.
Pak jij die oranje tas?
Nono, niet doen!
Wacht op mij!
Verdomme!
Het is kapot. Wacht...
Dat hebben we niet nodig.
Kom. Dat is niet erg.
Kom op. Vooruit.
Nono, houd dat eens aan. Je vat nog kou. - Nee, ik heb het zo warm.
Als je ziek wordt, moet je niet komen klagen, hoor.
Mama, heb je de mensen al gevraagd waarom ze allemaal naakt zijn?
Hier is het zo. De mensen leven hier naakt, omdat dit een naturistenkamp is.
Hoedanook blijven we niet hier. Kom op, pak jij die tas.
Nono, wacht! Doe je shirt aan! Je vat nog kou!
Mama, wassen nunisten zich ook? - Je zegt niet 'nunist', maar 'nudist'.
Ik heb geen idee, lieverd.
Zoekt u iets?
Kan ik u misschien helpen?
Nee, ik heb het al gevonden. Dank je wel.
Kom op, jongens. Nono, neem je tas. We gaan door.
Wil je echt niet dat ik jullie help? - Nee, bedankt.
Waar woont u?
Nummer 44.
Ik woon op nummer 43. Dan zijn we buren.
Geef maar.
Nee, nee. Laat maar. Bedankt.
Je gaat dat toch niet helemaal alleen tot daar dragen?
Is het nog ver? - Nee, nee. Daar om de hoek.
Je koffers zijn wel zwaar.
Tot ziens! - Tot ziens!
Verdomme!
Moeten we niet eerst naar papa bellen?
Nee! Ik ben de batterijlader vergeten.
Ach, nee!
Mama, zijn we nu ook verplicht om onze kleren uit te doen?
Natuurlijk niet!
We zijn helemaal niets verplicht. Goed?
We doen precies wat we zelf willen.
Als Nono graag in z'n blootje loopt, mag hij dat.
We doen wat we zelf willen. Je zal zien dat het hier nog heel leuk wordt.
Want ik wil niet in mijn blootje lopen. - Ik heb honger.
Ja, oké. Ik zal er meteen aan beginnen.
Goedenavond. U heeft toevallig geen adapter van Ericsson?
Want ik ben de mijne vergeten in Parijs en ik zou mijn man moeten bellen.
Erectie? Waar heb je het over? Hier heeft niemand een erectie!
Laat maar. Bedankt.
Sorry voor het storen, maar ik heb een probleem met mijn gsm.
U stoort helemaal niet. Maar kom toch binnen.
Ik wilde maar weten of u geen lader heeft die compatibel is met mijn gsm,...
want ik ben de mijn vergeten in Parijs.
Ha, kom maar.
Laat 's zien.
Dat is een Ericsson. Ik heb een Samsung. Ik weet niet of dat gaat lukken.
Ik zal eens kijken.
Dit is onze nieuwe buurvrouw. Ik ben zo terug.
Goeiedag. Kom binnen. - Nee, ik kom alleen voor de telefoon...
Jawel, ik stel u even voor. Kom.
Dit zijn Adeline en Jacky. - Goeiedag.
Ik weet eigenlijk niet hoe u... Hoe heet u?
Sophie. - Ik ben Juliette.
Aangenaam, Sophie. - Aangenaam.
Spijtig genoeg, gaat het niet.
Ze zijn niet compatibel, maar... - Het is niet erg.
Maar als je eens moet bellen, mag je gerust de mijne gebruiken.
Ik zou alleen even mijn man willen bellen. Bedankt.
Ga maar in de tuin, als u wil. - Oké.
Zeg me niet dat je hier niets van wist!
Inderdaad, ja!
Dit hadden we moeten weten!
Bel de Monziole's maar op en leg het hen maar uit!
Bel de notaris en annuleer de verkoop!
Hoor je wel wat ik zeg? Iedereen is naakt!
Dik, dun, jong, oud! Het is onvoorstelbaar!
Ik kan hier toch niet blijven met de kinderen!
Ik waarschuw je. Als je me morgen niet komt halen, verlaat ik je!
Ja, dan ga ik naar mijn moeder!
Goed, ik laat je. Zo kunnen we niet praten... Oké.
Tot later.
Uw telefoon... - Dank je wel.
Blijf je geen glaasje drinken? Nee, nu niet.
De kinderen wachten op me. We zijn de hele dag onderweg geweest.
Ze hebben reuzehonger. Echt niet. Bedankt.
Ik neem mijn gsm maar mee. - Tot ziens!
Tot later!
Voelt u zich goed zo?
Dit is geen kledingwinkel!
Slaap lekker.
Slaap zacht.
Ben je moe? - Ja.
Slaap zacht.
Ga je nu klaarmaken.
Kom op.
Komen jullie?
Het probleem is dat ik daarvoor geen clienteel heb hier.
Het is een veel te specifiek product.
U kan beter naar een agentschap gaan op het eiland zelf,...
dat meer gespecializeerd is in dit soort product.
Zij zijn het best geschikt om zich hiermee bezig te houden.
Ben je daar al eens geweest? - Nee, nog niet.
Wil u het niet ophangen om het toch te proberen te verkopen?
Ik kan het natuurlijk altijd ophangen, maar ik denk niet dat dat veel uithaalt.
Ik zal uw nummer noteren en ik bel u wel terug op.
Ik wil naar het strand. En ik heb honger.
We gaan alleen daar nog eens kijken. - Toch niet nog een agentschap, mama?
Kom op.
Het zal hoedanook niet gemakkelijk zijn.
Nono, niet doen. Niet op die rotsen lopen, alsjeblieft.
Nono, laat die rolluik dicht! - Waarom?
Daarom.
Ja, ik ben het.
Nee, niet vanuit een telefooncel. Ik heb een adapter gekocht.
Ja... Ik geef je je dochter, ze wil je absoluut iets zeggen.
Wat heb ik gezegd?
Ik geef haar door.
Hallo, papa?
Ja... Wanneer kom jij?
Nog zolang?
Het is wel goed weer, maar we mogen de rolluiken niet omhoog doen.
Oké. Ik geef mama door.
Ja... Dat valt wel mee.
We waren de hele dag weg, dus...
Ja, heel vroeg deze morgen en we zijn net terug.
Nee, dat ging wel. Ik ben ineens al bij de immobiliënkantoren langsgeweest.
Waarom? Om het te verkopen. Je wil dit huis toch niet houden?
Nee, we zijn al bezig.
Ik blijf alleen omdat ik jou zondag hier verwacht. Anders blijf ik hier niet.
Alsof ik mijn vakantie zo wil doorbrengen! Jij werkt me op de zenuwen!
10, 11, 12, 13. Oké. Nu krijgen we het wel verkocht.
Zijn jullie bijna klaar? - Ja.
En dan gaan jullie slapen, oké? - Oké.
Sophie?
Wie is het? - Juliette.
Stoor ik niet? - Nee, nee.
We wilden jullie alleen maar bij ons uitnodigen. We zijn toch buren...
Ik heb al dingen met de kinderen gepland. En dan moeten ze gaan slapen.
Oké. Maar als je ook maar iets nodig hebt, kom het gerust vragen.
Oké. - Goed. Tot morgen dan.
Ja. - Dag.
Juliette, wat ik je nog wilde vragen...
Jij kent toevallig geen mensen die zouden willen kopen?
Wat willen kopen? - Dit hier.
Ga je je huis verkopen? - Sorry dat ik stoor...
Goedenavond. Alles goed?
Wij hebben twee stoelen te weinig. Jullie hebben er toevallig geen over?
Mogen we twee stoelen lenen?
Ik breng ze morgen weer terug. - Ja, ja.
Bedankt.
Als je wil, breng ik ze vanavond wel terug.
Nee, dat hoeft niet.
We praten er morgen verder over, oké? - Oké.
Tot ziens dan. - Tot ziens.
Tot later. - Ja, tot ziens.
Kleren uit!
Pardon.
Die affiche zal hier niet lang blijven hangen. - Waarom niet?
Dat is iets commercieels. Dat hoort hier niet tussen.
We zullen wel zien. Kom, jongens.
Doe die kleren toch uit!
In het midden.
Nee, eigenlijk valt het in het midden minder op. Je hangt ze beter daar links.
Juliette heeft me verteld dat je je huis terug gaat verkopen.
Vind je het hier niet leuk?
Ik had dit niet verwacht. - Wat dan wel?
Als ik jullie dat zeg, gaan jullie...
Eigenlijk hebben we dit gekocht omdat we dachten een goede zaak te doen.
Het was niet duur. De beslissing moest zo snel genomen worden...
We hebben plannen en foto's gezien. Het zag er allemaal niet slecht uit.
Maar ze hadden ons niet gezegd dat het midden in een naturistenkamp lag.
Hebben de andere eigenaar daar niets van gezegd?
Helemaal niets. - Ze zullen gedacht hebben dat jullie dat wisten!
Ja, misschien.
Anders hebben ze ons wel goed liggen gehad.
Maar dat is niet het ergste, maar wel...
dat je niet buiten kan komen, zonder dat je je de hele tijd ergert.
Dat is ondraaglijk.
Jij ergert de anderen ook doordat je kleren draagt.
Ja, oké... Ik weet het niet.
Ik vind al dat vlees gewoon niet mooi.
Ik weet niet... waarom ik er een afkeer van heb.
Het is gewoon niets voor ons. - Dat denk je maar.
Heb je een afkeer van mij?
Nee, niet zo erg.
Maar toen we hier aankwamen, was ik wel even in shock.
Ik loop wel graag naakt rond, maar ik verplicht anderen niet om het ook te doen.
Als jij liever aangekleed blijft, stoort mij dat niet.
Maar op het eiland zijn er wel die zich daaraan storen.
Zoals overal heb je hier ook fundamentalisten.
Als je bij ons bent, heb je het voordeel dat niemand opmerkingen geeft.
Wij kennen hier nogal wat mensen. - Dat is waar.
De meeste mensen zijn wel vriendelijk.
Niets zo vriendelijk als een naakte mens.
Een naakte man is zo ongevaarlijk als een kind.
Het is om elkaar te bedriegen dat de mensen zich kleden.
Ze trekken een uniform of een pak aan en dan worden ze gevaarlijk.
Gilbert, ik ga naar het strand.
Gaan jullie mee naar het strand? - Nee.
Hoezo, nee?
We willen nu niet naar het strand. - Hier is het leuk.
Een hele vakantie binnenblijven is toch geen vakantie?
Wij willen hier blijven. - Pardon? Pardon?
Wij willen hier blijven!
Kom, we gaan naar het strand. Doe niet stom. - Nee.
Ik wil dit spelletje spelen. Ik heb alles al klaargezet.
Sophie, zijn jullie klaar?
Het zuidelijke deel van het strand is het familiestrand.
Het wilde stuk achter de duinen is het gedeelte voor koppeltjes.
Had je voor je hiernaartoe kwam echt nog nooit van Le Ventu gehoord?
Nooit.
Je hebt er dus geen idee van wat er hier allemaal gebeurt?
Laat maar. Ik help je wel.
Ga maar liggen.
Je hebt hier twee soorten naturisten.
Er zijn er die komen om te genieten van de omgeving.
Ze houden van de natuur, de zon, gezonde dingen...
En er zijn de anderen, die komen om te vrijen.
Of om de anderen te zien vrijen.
Ze doen het in de bosjes, of in de zee terwijl iedereen het ziet.
Of bij hen thuis.
Of bij ons thuis. Je hebt gelijk.
Ik heb jullie gisterenavond bezig gezien. - Hoezo, je hebt ons bezig gezien?
Ik was in de tuin. - 't Is goed dat je me dat vertelt.
En wat vond je ervan? - Ik weet het niet.
Was je geshockeerd? - Ja... ach, nee.
Ik begrijp niet dat je zoiets kan doen terwijl iedereen het kan zien...
Dat snap ik niet. En wat vind je man daarvan?
Het is voor Gilbert dat ik dat doe. Uit liefde voor hem.
Uit liefde voor hem?
Wel... niet alleen.
Hoe oud ben jij?
30 jaar.
Je kreeg je dochter op je twintigste,...
en je kent Olivier van je... - Ik ken Olivier van toen ik 16 was.
Hoe gaat het? - Goed, Jacky.
Geen zin om in het water te gaan? - Nu? Met jou?
Nee, niet met mij. Met Adeline.
Waar is ze? Ik zie haar niet. - Daar zit ze. Kijk.
Ach, waarom niet?
Tot straks? - Tot straks.
Ga je mee? - Nee, nu niet.
Jawel, kom op. Vooruit, ga mee!
Zeg me nu eens wat je ziet. - Wat moet ik zeggen?
Wat je ziet. Kijk maar.
Ik zie Jacky en Adeline? - Ja. En wat doen ze?
Ze pakken elkaar vast.
En zie je niets anders?
Kijk naar die mannen die recht zijn gestaan.
We noemen dat geen voyeurs; maar wandelaars.
We noemen ze zo omdat ze nooit op één plaats blijven zitten.
Ze wandelen van de ene struik naar het andere,...
van de ene duin naar de andere.
En 's nachts is dat net zo. Ze zwerven rond.
Van het ene huis naar het andere. Als ze licht zien branden, gaan ze kijken.
Dat zijn de wandelaars.
Ja. Alles goed?
Nee, ze slapen al. Daar heb ik niet aan gedacht, sorry.
Eerst zijn we over het hele eiland affiches gaan ophangen.
We zien wel wat dat geeft.
En dan zijn we gaan zwemmen. Het was wel leuk.
Kom je zaterdag al? Maar waarom?
Ben je wel zeker? Ik weet niet...
met het geld dat we nu hebben, is een extra dag inkomsten toch...
Doe maar wat je wil. Voor mij mag je ook zondag komen, hoor. Dat is niet erg.
Oké, doe maar wat je wil.
Ja... Ik ook.
Oké. Tot morgen.
Sophie, mag ik je een paar vragen stellen?
Wat voor vragen? - Heel simpele.
Antwoord gewoon met 'ja' of 'nee', oké?
Ik weet het nog niet. Vraag maar.
Je man, bijvoorbeeld... Ben je blij dat hij komt?
Hij komt vroeger dan was afgesproken.
Ja of nee? - Ik weet het niet.
Had je liever dat hij later zou aankomen?
Misschien wel.
Voel je je vrijer zonder hem?
Nee, dat is het niet.
Ik ben kwaad op hem.
Ik kan niet geloven dat hij het niet wist.
Waarom zou hij daarover liegen? - Ik weet het niet.
Weet je, soms zijn mannen zo.
Ze durven hun vrouwen hun diepe gevoelens niet te vertellen.
Ze zijn bang om over hun verlangens of hun fantasieën te praten.
Nee, maar... Olivier is zo niet. Hem interesseert dat allemaal niet zo.
'Dat', wat bedoel je daarmee? Sex? - Ja.
Dat heeft hem eigenlijk nooit erg geïnteresseerd.
Behalve in het begin natuurlijk. Maar de laatste jaren...
Daarom snap ik niet dat hij me niet durfde vertellen wat hier allemaal gebeurt,...
dat iedereen naakt loopt, dat ze vrijen in de duinen en...
En van de andere kant is het helemaal niets voor hem om hier naartoe te komen.
Heb je nog andere mannen gekend, buiten Olivier?
Ja.
Voor je hem leerde kennen of later? - Ervoor.
En erna? - Erna niet.
Heb je nooit zin in een andere man?
Dat is het niet. Ik heb geen zin om hem te bedriegen.
En heeft hij jou al bedrogen? - Nee.
Ben je daar zeker van? - Ja.
Zou je voor je hiernaartoe kwam naakt hebben durven rond te lopen?
Nee. - En waarom niet?
Ik moest alleen met 'ja' of 'nee' antwoorden.
Uit preutsheid? - Nee.
Om wille van complexen? - Ook niet.
Om de fundamentalisten op stang te jagen?
Dat is het! Om die op stang te jagen!
En nu is het te laat. Het zou hen teveel plezier doen.
Maar bij jou thuis, of bij mij...
zou je daar niet eens naakt willen rondlopen?
Ik denk het niet, nee. - Waarom?
Ik weet het niet, maar...
Voor mij gaat naaktheid nogal nauw samen met...
intimiteit en seksualiteit. Naakt lopen is bijna...
als de liefde bedrijven en...
ik loop niet naakt alleen om het plezier van het naaktlopen.
Begrijp je? - Ja, ik begrijp het.
Als ik naakt loop, is dat niet alleen voor mijn eigen plezier.
Het is ook een manier om mijn lichaam aan de anderen aan te bieden.
Begrijp je dat? - Ja.
Het is fijn om thuis naakt rond te lopen of in een klein slipje en een bh...
en dat er ergens een kerel achter zijn raam staat, of een meisje,...
die naar me kijkt en me mooi vindt.
Als je mooi bent, oké. Maar kijk eens rond je, de meesten zijn zo lelijk!
Maar ik bedoel ook niet die lelijkerds, ik bedoel jou.
Ik heb het over jou. Ik vind jou mooi.
Gilbert vindt jou mooi, Jacky vindt jou mooi.
Het gaat er dus om dat je jezelf ten toon spreidt.
Maar daarvoor hoef je jezelf nog niet ten toon te spreiden.
Als je in Parijs een kort rokje draagt, vinden ze je ook direct mooi.
Ja, maar hier valt niemand me lastig.
Hier toon ik mijn naakte lichaam aan iedereen en wie wil kijken, kijkt.
Maar niemand zal me hier lastigvallen.
De enig die hier wordt lastiggevallen ben jij. Omdat je kleren draagt.
Als je naakt was, zou niemand naar je kijken.
Ik overdrijf. Wij zouden wel naar je kijken.
Ik zou naar je kijken.
Het lichaam van een vrouw is mooi.
Het geslacht van een vrouw is mooi.
Oké?
Slaap lekker. - Slaap lekker.
Slaap lekker. - Slaap lekker.
Is dat alles? Ga maar voor.
Mag hij voor? Teþekkürler.
Bedankt.
2,75 Euro.
Ze hadden alleen deze croissants in de winkel. Ze zien er wel niet lekker uit.
Wil je geen ontbijt?
We gaan buiten spelen! - Hallo?
Ja, ja. Absoluut
Inderdaad...
Nu direct? Oké, nummer 44...
Oké, tot zo!
Goedemorgen! - Goedemorgen.
Kom maar binnen, alsjeblieft.
Dus... dit is de woonkamer. Excuseer voor de rommel.
Daarachter is een keuken-hoekje. Die is volledig uitgerust,...
ijskast, fornuis... We laten alles hier.
En... het is in co-eigenschap. Dat stond in de advertentie.
We gaan naar het strand! - En mogen we eens in de kamers kijken?
Natuurlijk, loop maar gewoon door. De kamers liggen links achter elkaar.
En de badkamer en het toilet liggen aan de rechterkant.
Kijk gerust rond. Doe alsof je thuis bent.
Gluurder!
Kleren uit!
Doe die textiel toch uit!
Kleren uit!
Trek je kleren toch uit, mens! Weg met die vodden!
Dit is een naaktstrand. Hier loop je in je nakie.
Laure! Laure! - Doe die textiel uit!
Pak je schoenen, Nono. We gaan. - Kleren uit!
Kom, we gaan.
Pak jij de krokodil?
Zit je vast? Wacht, blijf zitten.
We zijn toch niets vergeten?
Hallo, papa?
Ja.
Ja... zebra's, giraffen, olifanten, neushorens.
Ja. Het was super!
En weet je wat? Wist je al dat mama weer rookt?
Ze is terug beginnen roken.
Ja, ik zal het haar zeggen.
Oké. Ze is hier, en ze is niet tevreden.
Ja. Ik bel straks wel terug.
Ik ook. Tot straks.
Zei papa er iets van? - Ja, direct!
Juliette!
Juliette!
Mag ik? - Ja.
Sorry dat ik je niet verwittigd had. - Waarvoor?
Gisteren waren we op bezoek bij vrienden die ons hadden uitgenodigd,...
vlak bij Perpignan.
Ik wilde het je vertellen, maar je was niet thuis. - Dat is niet erg.
En aangezien ik je gsm-nummer niet had... We zijn vannacht aangekomen.
Alles goed gegaan? - Ja, alles in orde.
Heb je al resultaat van je advertentie? - Nee, eigenlijk nog niet.
Maar als Olivier hier is, zal hij zich daar wel mee bezig houden.
Vast wel.
Ik ga over een half uurtje naar het strand. Zullen we samen gaan?
Ja, graag.
Tot zo, dan. - Tot zo.
Ze gaat altijd zwemmen in badpak, terwijl iedereen hier naakt is.
Dat stoort me zo!
Maar mevrouw, u moet zich uitkleden.
U kan uw kleren niet aanhouden in een naturistenkamp
Nee, ik zal me nooit uitkleden. Dat weet u heel goed.
Hallo?
Ja. Alles in orde?
Alles in orde hier. We zijn naar het strand geweest.
We zijn naar het strand geweest!
Dek de tafel maar.
Ja.
Ik geef Nono door.
Papa.
Hallo, papa?
Alles goed?
Met mij is alles goed.
Aan tafel nu!
Ben je boos? - Nee.
Sophie? - Ja.
Kom je nog even bij ons langs? - Oké, maar niet direct. Als de kinderen slapen.
Maar je belooft dat je komt, hé?
We zijn gewoon onder ons. Niets speciaals.
Als er iets is waardoor je je ongemakkelijk voelt, zeg je het me.
Ik wil niet dat je je slecht voelt.
Het zou me zo'n plezier doen als je kwam.
Al is het maar voor een kwartiertje of vijf minuten.
Beloof je het?
Tot straks dan.
Je bent mooi.
Kom.
Het is Sophie.
Hier is ze dan. - Goedenavond!
Prachtig! Echt waar!
Prachtige jurk. Waar heb je die vandaan?
Die heb ik cadeau gekregen. - Echt heel mooi.
Wil je ook een glaasje? - Ja.
Alsjeblieft. - Bedankt.
Mag ik? - Ja. Pak maar.
Gezondheid!
Ik ken die jurk. Ik zag hem gisteren, op het strand.
Ik zag een silhouet dat zich voortbewoog.
Iemand scheen met z'n pillamp op het silhouet en ik zag deze jurk.
De jurk was heel snel weer verdwenen.
Ach zo?
Een beetje later kwam ik hier langs.
Ik zag nog licht branden bij jou.
Ik ben dichterbij gekomen.
Ik zag jou.
Toen begreep ik dat die jurk, dat jij dat was.
Je rookte een sigaretje. Je zag er op dat ogenblik erg mooi uit.
En toen was je heel snel weer weg. Ik heb je niet meer gezien.
Ik bleef nog een tijdje staan in de hoop dat ik je weer zou zien.
Maar ik heb je niet meer gezien.
Ga je vaak 's avonds wandelen?
Soms als de kinderen slapen. - Ik ga elke avond wandelen.
Toen ik je gisteren zag, durfde ik eerst niet dichterbij te komen.
Dat is misschien maar beter zo. - Ik weet het niet.
Wie weet dat we op een avond nog een keer gaan wandelen,...
misschien vanavond wel.
Ik denk niet dat ik vanavond wil gaan wandelen.
Blijf je thuis?
Het is ook goed als je thuis wil blijven.
Als je thuis blijft, wil ik naar je kijken.
Zoals gisteren.
Zullen we dansen, alsjeblieft?
Wat zijn jullie toch allemaal aan het bespreken?
Ik denk dat ik iets hoorde. Ik ga even kijken of alles in orde is.
Wat doe jij daar? - Ik ben wakker geworden door de muziek.
Kom maar.
Kon je niet slapen? - Ik dacht dat je weg was gegaan.
Maar nee.
Ik was even hiernaast bij de buren.
Ik had een nachtmerrie. - Waarover dan?
Er was hier iemand en ik durfde niet te kijken.
Dat kwam vast door de muziek van de buren, maar ze gaan het dadelijk afzetten.
Ik wil in jouw bed slapen.
Ga je mee dan?
Je ruikt naar sigaretten.
Wat is dat?
Niets.
Slaap lekker. - Slaap lekker.
Kom je? - Ik ga niet mee.
Hoezo, je gaat niet mee? - Ik heb geen zin.
Gisteren zei je dat je het zo leuk vond. Nu verwachten ze ons.
Ja.
Maar nu heb ik geen zin.
Oké, dan gaan we niet. Ik zal wel bellen.
Je werkt me op de zenuwen, Gilbert.
Gaan of niet gaan is het probleem niet. Ik heb er genoeg van. Begrijp je dat?
Wil je dan verder als zo'n bourgeois koppel?
Ja, dat zou ik willen.
Wat is eigenlijk het probleem?
Ik wil een kind, Gilbert.
Ik wil een kind van jou.
Hier ben ik!
Papa...
Dag vriendje!
En... alles in orde? - Ja.
Je bent bruin geworden, hé? - Ja.
Zal ik rijden?
Kom maar eens naar mijn kamer kijken! Kom kijken!
Ja, ja.
Dat ziet er toch niet zo slecht uit!
Oké, dit is dus jullie kamer.
Hier moet je dus opletten dat je niet op de auto's trapt.
Dat is onze kamer.
Leuk, hé, jongens!
Jongens, gaan jullie vijf minuutjes buiten spelen? - Ja.
Goed...
Het huis is in goede staat.
Het is vast wel goed geïsoleerd, niet?
Niemand kan je hier horen.
Olivier, wist je het van het huis? - Wist ik wat?
Dat het hier lag. - Hoezo 'hier'?
Wist je dat het hier lag, in een naturistenkamp? - Helemaal niet.
Dat wist je dus niet? - Absoluut niet.
En jij? Wist jij het? Nee. Hoe zou ik het dan geweten hebben?
Zweer me dat je het niet wist.
Ik zweer dat ik het niet wist. Ik ben net zo verrast als jij.
Ik geloof je niet.
Ik zweer het op het hoofd van onze kinderen. Nu goed?
Toen ik met Monziole belde, heeft die er niets van gezegd.
Toen heb ik met die eigenaars uit de Elzas gesproken. Die zeiden ook niets.
We zijn bij de Monziole's geweest. Jij was erbij.
Hebben die gezegd dat het huis in een nudistenkamp lag? Nee!
En toen we de akte gingen ondertekenen, hebben ze toen iets gezegd? Nee!
Mij hebben ze dus ook niets verteld! En nu is het genoeg met die onzin!
Ik wist het niet! Ik wist het niet! - Oké, sorry...
Nee, maar mooie aankomst is dit! Je gunt me geen enkel woord, nog geen glimlach!
Sorry hoor, maar voor mij was het ook een zware week!
Kan je je voorstellen hoe ik me voelde toen ik hier aankwam?
Ik had wel kunnen huilen.
Nu gaat het beter, maar...
Gaat het beter nu? - Ja.
Kom...
Toen ik hier aankwam, was ik zo kwaad...
Ik wist helemaal van niets. De omgeving vond ik zo lelijk,...
de mensen zo stom en walgelijk...
Het leek wel of we in een sekte terecht kwamen.
Maar nu gaat het wel beter, ja.
Echt waar?
Niet dat ik het hier nu zo leuk vind, maar het gaat wel.
Sluit je je nog op zoals de eerste dagen? - Nee, dat niet meer.
Als je nu gaat wandelen, kleed je je dan aan of...
Dat hangt ervan af.
's Avonds kleed ik me aan, maar overdag niet zovaak. Zoals iedereen hier.
Zo...
Geneert je dat? - Nee, niet zo erg.
Ik weet het niet.
We zullen het snel genoeg ondervinden.
Het is raar. Toen ik gekleed liep, keek iedereen me achterna.
En nu let niemand nog op me.
Dat is raar.
Maar in de tijd tussen dat we getekend hebben en nu,...
heb je dan nooit ook maar iets vermoed?
Nee. - Je kan het me nu wel zeggen.
Nee. - Nooit?
Nee.
Wat? Waar denk je aan?
Zeg het me.
Op een dag, nadat we getekend hadden, had ik het erover met Roger.
Roger?
Ja, Roger, die gast die altijd meel komt leveren.
En?
Ik vertelde hem dat we iets gekocht hadden op l'Ile du Ventus.
en daarop zei hij: "Daar ga je je niet vervelen, hoor."
Ik heb daar niet op geantwoord...
Ik begreep eigenlijk niet wat hij bedoelde en...
dan heeft hij me uitgelegd dat in Le Ventus nudisten bijeenkomen en zo.
Ik heb niets gezegd omdat ik eerst wilde uitzoeken waar ons huis precies lag en...
toen heb ik naar het gemeentehuis gebeld en hen het adres gegeven en...
die zeiden me dat we er middenin lagen.
En sinds wanneer wist je dat? - Net voor je vertrokken bent,...
eind juli... - Wanneer?
Net voor je vertrok. - Ik ben 10 augustus vertrokken.
En je wist het van eind juli? - Begin augustus... eind...
Ik weet het niet precies. - Waarom heb je me niets gezegd?
Ik heb je niets gezegd...
Ik heb niets gezegd omdat ik niets gezegd heb...
Ik was er zelf ook niet goed van.
Waarom heb je het er toch niet met me over gehad?
Ik heb het er niet met je over gehad, omdat ik het er niet met je over had!
Ik ken je toch. Als ik het er met je over gehad zou hebben,...
dan had je het direct weer willen verkopen,...
dan was je nooit willen komen,...
en hadden we de vakantie weer bij je moeder doorgebracht! Nee, hoor!
Dus jij laat mij hier naartoe komen...
midden in een naturistenkamp met de kinderen, terwijl je het wist?
Nee, ik had intussen al vernomen dat het een kindvriendelijke omgeving was...
Jij bent ziek. Weet je wel wat je zegt?
Natuurlijk weet ik wat ik zeg.
Waarom heb je me hier naartoe laten komen?
Om ons hier te installeren. - Hier? Wat dacht je hier te vinden?
Helemaal niets! Ik wist het niet! - Je wist het wel! Je wist het al 10 dagen!
Waarom heb je 10 dagen niets gezegd? Wat was de bedoeling?
Waar heb je het over? - Wat ging er in je hoofd om?
Nu is het genoeg! Kalmeer nu maar! Ik ben het helemaal zat!
Jij bent het zat, ja! Jij bent het zat!
Sophie, wacht! Waar ga je naartoe? - Ik ga de kinderen zoeken!
Sophie...
Hoelang blijf je weg? - Dat weet ik nog niet.
Kom je terug of niet?
Luister... Ik weet nog niet hoelang ik daar blijf.
Ik heb behoefte aan wat rust, om te kunnen nadenken...
Misschien blijf ik weg tot het eind van de week of tot het eind van de maand.
Wat moet ik nu doen als ik buiten ga?
Ik raad je in elk geval niet aan om die kleren aan te houden.
Dan moet ik mijn hemden niet uitpakken. - Nee, je hemden mag je wel aandoen.
Truien, T-shirts, hemden, dat is allemaal toegelaten.
Het is beneden dat je alles moet laten zien.
Dag Sophie. - Dag.
Wie was dat?
Zeggen jullie nog dag tegen papa?
Dag lieverd. Ga maar...
Kusje...
Hou je goed.
Wil je...
Groetjes aan je moeder.
Meneer, hebt u het bord aan de ingang niet gezien?
Deze winkel is voor naturisten. - Ik weet het wel, mevrouw. Bedankt.
U weet het en u blijft toch gekleed?
Als u zich niet uitkleedt, valt u de waarden van onze gemeenschap aan.
Dit is hier wel een vrijere en tolerantere wereld,...
maar u moet de regels van de gemeenschap respecteren.
Naaktheid is op het hele eiland verplicht en niet alleen op het strand.
U moet rekening houden met hen die hier komen om in harmonie te zijn met de natuur.
Je ligt zo in je bedje.
Was er niet teveel verkeer? - Nee, dat viel wel mee.
Hebben jullie al gegeten? - Ja, we zijn onderweg gestopt.
Maar ik wil hen nu direct in bed stoppen, want ze zijn al in slaap gevallen.
Mama, ik kan niet blijven slapen. Ik moet gaan.
Toch niet direct. Blijf tenminste tot morgenvroeg.
Olivier heeft me nodig.
Maar je hebt de hele dag gereden. - Ik ben niet moe.
Maak je geen zorgen.
Alles in orde?
Het is niet veilig om hier te slapen. - Alles is in orde, bedankt.
Goede reis.
Sophie! Wat doe jij hier? Ik dacht dat jij vertrokken was.
Maar nee, ik ben niet vertrokken.
Maar gisteren zei je man dat... Wil je koffie?
Nee. Weet je waar Olivier is? - Nee, ik heb hem vanmorgen niet gezien.
Kom, we drinken iets. - Nee. Ik weet al waar hij is.
Can't find what you're looking for?
Get subtitles in any language from opensubtitles.com, and translate them here.