Afrikaans
Akan
Albanian
Amharic
Arabic
Armenian
Azerbaijani
Basque
Belarusian
Bemba
Bengali
Bihari
Bosnian
Breton
Bulgarian
Cambodian
Catalan
Cebuano
Cherokee
Chichewa
Chinese (Simplified)
Chinese (Traditional)
Corsican
Croatian
Czech
Danish
Esperanto
Estonian
Ewe
Faroese
Filipino
Finnish
French
Frisian
Ga
Galician
Georgian
Greek
Guarani
Gujarati
Haitian Creole
Hausa
Hawaiian
Hebrew
Hindi
Hmong
Hungarian
Icelandic
Igbo
Indonesian
Interlingua
Irish
Italian
Japanese
Javanese
Kannada
Kazakh
Kinyarwanda
Kirundi
Kongo
Korean
Krio (Sierra Leone)
Kurdish
Kurdish (Soranî)
Kyrgyz
Laothian
Latin
Latvian
Lingala
Lithuanian
Lozi
Luganda
Luo
Luxembourgish
Macedonian
Malagasy
Malay
Malayalam
Maltese
Maori
Marathi
Mauritian Creole
Moldavian
Mongolian
Myanmar (Burmese)
Montenegrin
Nepali
Nigerian Pidgin
Northern Sotho
Norwegian
Norwegian (Nynorsk)
Occitan
Oriya
Oromo
Pashto
Persian
Polish
Portuguese (Brazil)
Punjabi
Quechua
Romanian
Romansh
Runyakitara
Russian
Samoan
Scots Gaelic
Serbian
Serbo-Croatian
Sesotho
Setswana
Seychellois Creole
Shona
Sindhi
Sinhalese
Slovak
Slovenian
Somali
Spanish (Latin American)
Sundanese
Swahili
Swedish
Tajik
Tamil
Tatar
Telugu
Thai
Tigrinya
Tonga
Tshiluba
Tumbuka
Turkish
Turkmen
Twi
Uighur
Ukrainian
Urdu
Uzbek
Vietnamese
Welsh
Wolof
Xhosa
Yiddish
Yoruba
Zulu
Sorry voor het wachten.
Het is een gekkenhuis, één grote chaos.
Verschoven deadlines, boze drukkers, de hel is losgebarsten.
Zo gaat dat in Fleet Street. -Dat weet ik niet, maar de hel ken ik.
Natuurlijk, de oorlog.
U hebt indrukwekkende referenties...
van Mr. Gilbert Frankau en Mr. R.C. Sheriff.
Ja, we werkten samen in 10th Avenue. -In New York?
Nee, in Vlaanderen. Het was een loopgraaf.
O ja, de oorlog. Ik kon natuurlijk niet gaan, vanwege mijn ogen.
Wat vervelend. U hebt heel wat gemist.
Echt waar? Het moet een hel zijn geweest, heb ik gelezen.
We hebben slechte momenten gehad, maar ook goede.
Zeker. Misschien kunt u mij iets over uzelf vertellen, Mr...
Roberts. Fred Roberts. U hebt toch mijn curriculum vitae?
Ja, maar ik zou graag willen dat u iets over uzelf vertelt, in uw eigen woorden.
Frederic Roberts.
Van het regiment North Midlands Nottinghamshire and Derbyshire.
Mijnbouwkundig ingenieur van beroep, in de diamantmijnen van Zuid-Afrika...
totdat vrolijke Fritz zijn vuurwerk ontstak.
Juist, dus u hebt mijnbouwkundige diploma's?
Verdraaid nuttig in een bataljon dat loopgraven onderhoudt.
Maar minder nuttig bij een krant.
Maar die graaft wel veel vuiligheid op. -Jawel, Mr. Roberts.
Maar hier hebben we mensen nodig met relevante ervaring.
Hebt u enige relevante ervaring?
Ieper, 1916
Kom op, jongens. Snel.
Schiet op.
Iedereen in orde? -Ja, kom op.
Kom op, jongens.
Iedereen in orde?
Goed zo, jongens.
'O, de winter in Vlaanderen beleven. '
Het is april. -Is dat zo?
Ik vind dat verrekte moeilijk te bepalen.
Het gebruikelijke, sergeant.
Smith, Dodd, Henderson, Barnes, jullie horen het.
Zoek naar nuttige voorwerpen. -Het liefst van metaal of hout.
En wees alert, jongens. Fritz stuurt steeds meer liefdesverklaringen.
4,2, sir. -Dat is een opluchting, ik dacht 5,9.
Nee, dat was een 5,9.
Wat doe je daar, Dodd? -Sterf, moffen-ongedierte.
Doe die bajonet weg voordat er ongelukken gebeuren.
Maar het is een rat. -Ik ken de diersoort.
Die heb ik vaker gezien in Ypres. -Ypres?
Zo noemen de Belgen 'Wipers'. -Juist, sir.
Grappig volk, die Belgen. Het is net als met die Napu-rum, die altijd op is.
Dat komt van het Franse 'il n'y en a plus,' ofwel: Er is niet meer.
Waarom zeggen ze dat dan niet gewoon?
Er is hier niets, kapitein. -Napu spullen, sir.
Erg goed, Dodd. Jij wordt nog wel eens een sappeur.
Snel. -Kom op, jongens.
Vind iets voor me, jongens.
Kijk eens wat we hier hebben, dozen papier.
Mooi, daarmee kunnen we de loopgraaf versterken.
Echt waar, sir? -Nee, Dodd.
Helaas biedt papier weinig bescherming tegen bommen en granaten.
Tenzij je een bureaubaantje hebt, dan zorgt papier dat je niets overkomt.
Je cynisme is vermoeiend, luitenant Pearson, maar ik hou er wel van.
Hier is een zeildoek. -Dat kan nuttig zijn.
Verdorie. -Wat is dat in vredesnaam?
Dat is een Arab, Smith. -Ik ben niet stom, sergeant.
De Arab is een Engels-Amerikaanse geldpers, wellicht de beste ter wereld.
Hij heeft een voetpedaal, en werd in 1872 gepatenteerd door Josiah Wade.
Ze worden gemaakt in Halifax en over de hele wereld verkocht. Een kunstwerk.
Zullen we hem kapotslaan? -Nee, Dodd. Idioot.
Er zitten zelfs blokken bij, en laden. Zet daar maar neer.
Hoe weet je dit allemaal, Harris? -Ik ben drukker.
Mijn hemel, dat heb je stilgehouden. -Het leek me niet zo relevant, sir.
Nee. Maar nu is dat het misschien wel.
Kun je deze aan de praat krijgen?
Ze is al een tijd niet gebruikt, en er zijn wat ongewenste bezoekers geweest.
Maar met wat tijd moet het wel lukken.
Hoe werkt hij, sergeant? -Je doet de inkt op die plaat, daar.
De inktrollen komen op het blok. Hier gaat het papier in.
Niet aankomen.
Erg interessant, maar wat doen we ermee?
We gaan hem lenen. -Is dat niet plunderen?
Nee, het is tijdelijk vorderen van civiele apparatuur voor militaire doeleinden.
Juist, dat klinkt als plunderen. -Heb jij ooit journalistiek bedreven?
Absoluut niet. -Mooi, ik ook niet.
Want wat we gaan doen, is een krant maken. Toch, sergeant?
Als u het zegt. -Wat, zoals de Daily Mail?
Ik dacht aan iets serieuzer. -The Times?
The Wipers Times.
Oké, jongens. Opschieten.
We hebben genoeg inkt en papier. Volgens Harris ontbreekt alleen nog...
kopij.
Wij zijn geen schrijvers of journalisten. -Hoe moeilijk kan dat zijn?
We moeten proberen om iets als Punch te maken, maar dan met grappen.
Waar gaan we over schrijven?
Ellendige Fritz, met die rotherrie. Zet de Bing Boys eens op, Jack.
Behandelen we de vraagstukken rond de oorlog?
Zeker weten. -En hoe gaan we dat doen?
Ik zou zeggen, door gewoon alles te schrijven wat in ons opkomt.
Een proefdruk van een pagina. Ziet er goed uit, al zeg ik het zelf.
Wie wordt de hoofdredacteur?
Als hoogste in rang ben ik uiteraard hoofdredacteur.
Maar ik heb een adjunct nodig. Zijn er vrijwilligers, Jack?
Slechte taal is niet te aanvaarden.
Is onaanvaardbaar. -Goed, Jack. Jij krijgt de functie.
We hebben gebrek aan Y's en E's.
Gelukkig zitten we niet in een stad die Ypres heet.
En, heeft u al wat kopij? -Weet je wat een writer's Block is?
Ja, dat heeft iedereen als de deadline er aankomt.
Goed Harris, maar ik vind jou vervelend. -Prima, sir.
Je weet dat hij gelijk heeft, Fred. -Et tu, Pearson?
Ik ga dit potlood vasthouden, dan zie ik wel wat er gebeurt.
Er gebeurt vast wel iets. -Jij bent een onverbeterlijke optimist.
Optimisme. Dat is erg gevaarlijk, vooral tijdens een oorlog.
Lijdt u aan optimisme?
Mannen, lijden jullie aan optimisme zonder de symptomen te herkennen?
Dat overkomt velen. -Is het ernstig, dokter?
Beantwoord een paar simpele vragen.
Denkt u wel eens dat alles goed gaat met de geallieerden?
Ja, dokter.
Of dat de oorlog over twaalf maanden voorbij is?
Absoluut, dokter.
Denkt u dat we competente leiders hebben die zullen zegevieren?
Dat lijkt me wel, dokter.
Nooit zag ik een ernstiger geval van vrolijkheid.
O, mooi. -Nee, het is vreselijk.
Maar geen zorgen, binnen twee dagen genees ik uw optimisme.
Ik zal u er volledig van zuiveren. -Echt waar, dokter? Hoe dan?
Ik schrijf iets wat afdoende moet zijn. -Is het een recept, dokter?
Nee, een bevel. Ik stuur u naar het front. -Dank u, dokter.
Ik weet het niet, dat optimisme-artikel. -Twijfel jij aan een officier?
Jawel. -Mooi, en als officier negeer ik je.
Maar serieus, denk je niet dat dit te ver gaat?
Ga ik te ver als de 24e divisie 9 meter terreinwinst maakt in een maand?
En dat was zijwaarts. -We moeten voorzichtig zijn.
Ja, we moeten verantwoordelijk zijn, wat tot uiting komt in mijn redactioneel artikel.
Dat is er niet. -Kun jij steno?
Absoluut niet. -Mooi, ik dicteer.
Redactioneel artikel. -Uitstekend.
Nu we in het bezit zijn gekomen van een drukpers, voor een redelijke prijs...
hebben we besloten om een krant te maken. We willen veel zeggen...
maar de schaduwen van de censuur die ons omringen...
nopen ons om de oorlog, die zich naar verluidt in Europa afspeelt...
Voorzichtig. - omzichtig te behandelen.
Wij verontschuldigen ons voor alle tekortkomingen, die te wijten zijn aan...
Redactionele onervarenheid? -Precies.
The Times moet wekelijks verschijnen, ondanks de attenties van Hun & Co...
Onze rivalen. -Erg goed.
En we nemen geen verantwoordelijkheid voor welke opinie dan ook.
We?
Ja, en we distantiëren ons van meningen in advertenties.
Klopt, er zijn geen advertenties. -Nee, waarom niet?
Er is een probleem met adverteerders, zoals theaters, restaurants en winkels.
Wat voor probleem? -Ze zijn naar de sodemieter geschoten.
Is dat die rivier bij Poperinge? -Nee.
Dat heb je niet gehoord, hè sergeant? -Nee, maar het was erg geestig.
Harris, een goede krant kan niet zonder advertenties, hè?
Nee, daar is de voorpagina voor.
Wat zullen we doen?
Taxi, taxi. Zeg eens even, taxi.
Komt u moeilijk thuis?
Nu niet meer, met ons fraaie wagenpark. -Maar hoe herken ik uw taxi's?
Dat is makkelijk, aan elke kant staat een rood kruis geschilderd.
Zit uw vriend in het leger?
Weet u wat hij wil? Nee? Maar wij wel.
Stuur hem ons combi-apparaat van paraplu en draadschaar.
Geen verkoudheden meer als hij het draad doorknipt.
Hij zal dolblij zijn met dit stuk gereedschap, voor slechts 15 franc.
Dat klopt, juffrouw. Zo blijft uw vriend gezond in het niemandsland.
Aan alle geplaagde onderofficieren. -Wie, ik?
Ja, u. Is uw leven één grote ellende, en hebt u de pest aan uw commandant?
Natuurlijk. Koop dan onze nieuwe wip-vlieg-loopplank.
Maar hoe werkt die dan? -Zorg dat hij aan één kant gaat staan.
Dan doet de wip-vlieg-loopplank de rest.
Op die manier moeten ze hem wel naar huis sturen.
Denk eraan: Eenmaal rechtop staand, geneest hij in een maand.
Bedankt, wip-vlieg-loopplank.
Goed zo, wanneer kun je gaan drukken? -Als het wat rustiger wordt.
Je bent toch niet bang voor wat regen? -Nee, het gaat om de bommen.
Fritz komt iets te dichtbij.
Als Herman straks zijn worst eet, moesten we maar eens gaan drukken.
Alles goed? -Ja, sergeant.
Ik bedoelde jou niet, maar de drukvormen. Ga naar binnen.
Zorg dat je hand niet op de plaat komt, anders word je een cropper.
Dat woord komt van de drukpersen van H.S. Cropper. Wist je dat?
Erg interessant.
En dan is er onze uitdrukking: 'Let op je p's en q's.'
Zetters haalden die letters vaak door elkaar.
Dat is nog interessanter. -En dan 'het verkeerde eind van de stok'.
Als je de zethaak verkeerd aanpakt, krijg je inkt op je hand.
Dan denk je dat je interessant bent... -Ja, Henderson?
Erg interessant, sergeant. -Juist.
Daar gaan we. Pak aan, Smith. -Alstublieft.
Het resultaat is, al zeg ik het zelf, van een grote schoonheid.
In tegenstelling tot jullie.
Zeg Bill, die Wipers Times...
daar kun je goed je kont mee afvegen.
Hebt u deze larie gezien, sir? -Jawel.
Het is insubordinatie. -Daarom vinden de mannen het leuk.
Ze vinden de dames van de Poperinge Fancies ook leuk, en ook die zijn funest.
Ja? Heb je die dames wel eens gezien? -Natuurlijk niet.
Ze doen hun best. Leuke, welgevormde vrouwen.
Ze kunnen niet zingen of dansen, maar dat maakt niemand wat uit.
De jongens noemen ze Glycerine en Vaseline, geen idee waarom.
Daar gaat het niet om. Deze ongepaste publicatie bevat regelrecht hoogverraad.
Waar dan, precies? -Hier.
'Vertel ons uw problemen.' -Gewoon crimineel.
Hier staat dat je je broekspijpen nooit moet omzomen als je oprukt.
Goed advies. Als je dat doet op het slagveld, zie je eruit als een idioot...
en de vijand weet meteen dat je een officier bent.
Nee, dat is niet het bewuste artikel.
Het gaat om het antwoord op de vraag van een onderofficier.
'Nee, de doodstraf wordt niet uitgevoerd als u een hogere officier vermoordt...
omdat er altijd sprake zal zijn van verzachtende omstandigheden.'
Dat is een grap.
Het is opruiing. Hij krijgt de kogel.
Niet als hij jou eerst neerschiet.
Ook dat was een grap. -De oorlog is niet grappig.
Daar zijn de auteurs zich van bewust, en wellicht is dat ook de essentie.
Ze doen meer dan de generale staf belachelijk maken, hoewel...
een groot deel daaraan is gewijd, maar er zijn ook serieuze stukken.
Zoals? -'Mensen die we bewonderen.'
'De Fransen in Verdun, de Britse marine in Jutland en de Canadezen in Ypres.'
Een eerbetoon aan gevallen kameraden is geen opruiing.
Ze bewonderen ook de kostuumontwerper...
van de Poperinge Fancies. Het zijn brutale komedianten.
Ze ondermijnen het moreel met dit onbeschaamde vod.
Is er iets wat leidt tot meer misnoegen onder de mannen?
Ja, een verbod erop.
Een beetje inzet, Henderson. -Jawel.
Sergeant, het hout raakt op.
Probeer iets te lenen. Henderson, Barnes, werk aan de borstwering.
Laag blijven, Barnesy, anders schieten ze je kop eraf.
Smith, Dodd, naar de steunbalken. -Moet ik met Dodd werken?
Ja, Dodd heeft pech gehad. Vooruit, Smith.
Wat is het plan? -Ik heb een idee, Jack.
Zorg voor nieuwe schrijvers en minder poëzie.
Wordt die krant geen obsessie? -Doe niet zo raar.
Ik ben een plichtsgetrouwe leidinggevende, een echt voorbeeld.
Wat vind jij van poëzie? -Die is essentieel op het slagveld.
Net als modder.
Was het alleen maar de modder. -Ja.
Misschien moet het onzegbare maar ongezegd blijven.
Daarom denk ik liever aan de krant.
Hij is belangrijk omdat hij onbelangrijk is. -Je wordt aforistisch.
Is dat zo? Neem me niet kwalijk.
Wat doen we? -Nog een paar nummers maken.
Als ze blijven lopen, verkopen we ze thuis.
Het wordt een obsessie voor je.
Luister eens. Fritz is erg goed bij stem.
Wat zingen ze, een lofzang? -Ja, het is een lofzang op de haat.
Het betekent ongeveer dit:
'We zullen jullie altijd blijven haten.'
'We zullen onze haat nooit opgeven. '
'Haat op het water, en haat op het land, haat het hoofd en haat de hand.'
'Haat de hamer, haat de kroon, haat van 70 miljoen voor de hoerenzoon.'
'We zijn één in liefde, en één in haat. We hebben één vijand.'
'Engeland.'
Dat is niet aardig. -Goed gezien, Dodd.
Zulke liederen hebben wij niet, hè? -Nee, en de onze zouden geestiger zijn.
Een taak voor The Wipers Times, sir. -Goed idee, Dodd.
We zullen deze redactionele suggestie van Dodd uitvoeren...
in het volgende nummer. -Waar dacht je aan?
We houden allemaal van variété, sir.
The wipers Times - saillant nieuws
Dames en heren, welkom in de Cloth-hal te Ypres.
De best geventileerde zaal in de stad.
Vanavond presenteren wij te uwer vermaak...
wellicht de beste troep artiesten die ooit op één plek werd bijeengebracht.
Jawel, het zijn Mr. Thomas Atkins en co, met hun geweldige nieuwe revue:
'The Big Bangs zijn hier.'
Met muziek van de heer A.R. Tillerie.
En Miss Mini-werper, die altijd een donderend applaus krijgt.
En laten we Dikke Bertha niet vergeten, die ondanks haar geringe lengte...
het dak eraf kan blazen.
En dan zijn er nog Hind en Burg...
de degenslikkers en nagelbijters.
Ook presenteren we de populairste komiek ter wereld, Kaiser Bill...
en zijn kleine Willy, en dan heb ik het over de kroonprins.
Maar ik heb u een lied beloofd, een patriottische performance...
van onze eigen edele delen, de gebroeders Atkins, Thomas en Tommy.
Ik hoorde de lokroep van het hoorngeschal
en vond dat ik in dienst moest gaan
nu wou ik dat ik ze had laten schallen tot ze waren gebarsten
Ja, deze voorstelling loopt geweldig goed, en blijft ook lopen en lopen.
Dodd, heb je gezwommen? -Hou op, ik was op patrouille.
Op de plaats rust, Smith.
Geweldig nieuws, Fred. Het schijnt dat de oorlog binnen een week voorbij is.
Wie zegt dat? -Hilaire Belloc.
Dat zei hij vorige week toch ook? -Daar ben ik tamelijk zeker van.
En de week daarvoor.
Je bent jaloers omdat wij niemand hebben die weet hoe de oorlog verloopt.
Ja, misschien moeten wij onze eigen Hilary Belloc zien te krijgen.
Wat dacht je van Belary Helloc? Die is zeer goed op de hoogte.
Echt waar? Wat is de jongste opinie van Mr. Helloc over de oorlog?
Goedenavond, ik ben Belary Helloc...
en ik zal u vertellen waarom wij de oorlog gaan winnen.
Alles wijst op een spoedige ondergang van de vijand. Dit zijn de cijfers:
Er zijn 12 miljoen soldaten in Duitsland.
Hiervan zijn 9 miljoen reeds gedood, of worden op dit moment gedood.
Daardoor blijven er slechts 3 miljoen over.
Daarvan zijn er 2,5 miljoen zwaarlijvig wegens overmatige worst-consumptie.
Hierdoor bestaat de gevechtskracht van de Duitsers uit slechts 500.000 man.
Daarvan lijden er 497.250 aan ongeneeslijke ziektes.
En we weten allemaal welke dat zijn. Hierdoor blijven er 2750 mannen over.
Daarvan zitten er 2150 aan het oostfront...
en onder de resterende 600 bevinden zich 584 generaals en andere officieren.
Hiermee komen wij uit op het geringe aantal van:
16 mannen aan het westelijk front.
Te weinig om een aanval te weerstaan. Of twee, of drie, of hooguit vier.
En daarom gaan wij de oorlog winnen...
als dat niet reeds is gebeurd, als u dit hebt gehoord.
Brieven voor u, sir. -Bedankt, Henderson.
Bedankt.
Nieuws van het thuisfront.
Heeft mijn vrouw geld ingezameld voor goede doelen...
zoals wolletjes, opdat de Walen waarachtig warm worden?
Of een bijouterie en een boetiek voor bonbon etende Belgen.
Touché.
Dat geeft gemengde gevoelens, een brief van huis.
Een bericht uit een land zonder gas-alarm, granaten en mijnenwerfers.
Mijn hemel. Mijn vrouw stuurt me een knipsel uit de Tatler.
We hebben een eervolle vermelding. -Eindelijk beroemd? Wat zeggen ze?
'Er is een onderhoudend periodiek aan het front om de troepen te amuseren.'
'Het heet The Wipers Times, naar de stad Ypres...
waar de ondernemende makers zijn ingekwartierd.'
'Daarom groeten wij deze anonieme humoristen van de 6e divisie.'
Wij zijn de 24e divisie, stelletje druiloren. -O jee.
Toch niet beroemd.
Kunnen die rot-journalisten dan niets? -Is dat een retorische vraag?
Jawel. De adjudant van luitenant-kolonel Howfield is aan de lijn.
De kleine Bobbing Bobby. -Met die opzichtige rode sterren?
Kapitein, wat kan ik voor u doen?
Natuurlijk. Ik verheug me erop, sir. Bedankt, Smith.
Luitenant-kolonel Howfield gunt ons het voorrecht...
van een grondige inspectie. -Wanneer?
Nu. Begin Operatie Paniek.
Ik wil een wip-vlieg-loopplank.
Worden we aangevallen? -Integendeel, er komt een inspectie.
Zolang zij hier zijn, gebeurt er niets. -Zelfs onze kanonnen zwijgen.
Henderson, Dodd, leg die dienbladen onder de boeken.
Barnesy, pak aan.
Het gezegde luidt: Oorlog is verveling, onderbroken door doodsangst.
Sir. -Op de plaats rust, Roberts.
Ik hoop dat ik niet stoor. -Nee, hoor.
Dat zou eigenlijk wel moeten. De mof houdt jullie kennelijk niet bezig.
Jullie hebben de tijd, Roberts, en dat is de grootste vijand van elke soldaat.
Nietwaar, Bobby? -Jawel.
Afgezien van het gas en de vlammen.
Zijn je jongens fit, Roberts? -Topfit, sir.
Ze moeten fit zijn voor de grote slag. En jij Roberts, blijf je bezig?
Ik ben een bezige bij. -Geen afleiding? Genoeg te doen?
Ja, we doen ons best om de jongens te beschermen...
die onder zware omstandigheden de laatste resten van België willen redden.
Je hebt dus niet zo veel papierwerk, dus?
Helemaal niet, sir.
Dat is goed, hè Bobby? -Jawel.
Want het probleem met deze hele verdomde linie is inactiviteit.
We zitten vast in onze verdediging. Er is geen beweging naar voren.
Geen uitvallen, geen verrassingsinvallen, geen mijnen.
U hebt gelijk, het is bijna alsof we verschanst zijn.
Inderdaad. En de vraag die je jezelf moet stellen, vooral als commandant, is:
Zoek je wel genoeg de aanval?
Daar ben ik niet zeker van.
Zoeken we genoeg de aanval, Pearson?
Nee, ik denk dat we nog veel meer de aanval zouden kunnen zoeken.
Goed zo, Pearson. Vanaf nu gaan jullie veel meer aanvallen.
Horen jullie dat, mannen?
Vanaf nu gaan jullie zo veel mogelijk de aanval zoeken.
Erg goed, Roberts. Vind je ook niet, Bobby?
Ik weet het zo net nog niet, sir.
Jullie hebben de kolonel gehoord. We moeten iets aanvallen.
Wat dacht je van stomme snorren? -Goed idee, daar zijn er veel te veel van.
Ik wijd het aan Charlie Chaplin.
Deksels, dat was erg onaardig. Zet de grammofoon even aan, wil je?
Mooie redding. Nee, het is niet genoeg.
Ik moet gaan pianospelen. -O jee.
Er zijn veel soorten moed en angst, en veel merken whisky en bier
en soms kan rum ons helpen als we in nood zitten
maar whisky geeft ons echte moed, die wij omschrijven als Dutch
er zijn veel soorten moed en angst, en veel merken whisky en bier
en soms kan rum ons helpen als we in nood zitten
maar whisky geeft ons echte moed, die wij omschrijven als Dutch
Slecht nieuws, we hebben een voltreffer gekregen.
Vuile rotmof. Sorry voor het taalgebruik. -Excuses aanvaard, sergeant.
Is hier echt niets meer aan te doen? -Nee, dit is het einde van de krant, sir.
Het was mooi zolang het duurde, Fred.
Ik heb geprobeerd om tijdens de oorlog mijn gevoel voor humor te bewaren.
Maar nu voel ik me bepaald onplezierig.
Waarom zijn jullie zo vrolijk?
Kapitein Roberts is in topvorm. -Hoe bedoel je?
De bevelen die hij gaf, waren niet geheel volgens het boekje.
Ja, hij zei: In het gelid, stelletje... puntje, puntje, puntje.
'We gaan naar de puntje linie en steken de mof een bom in zijn overhemd.'
Zei hij echt 'overhemd', Dodd? -Nee.
Neem het kapitein Roberts niet kwalijk. Hij is in rouw vanwege de drukpers.
Ze blijft tenminste nuttig.
Een mooi einde van een literair leven, als dwarsbalk van loopgraaf C4.
Opgepast, aanvalseenheid.
Het leek me al geen delegatie van de generale staf.
Die vind je niet zo diep in de modder. Jij moet Roberts zijn.
Ik hoor dat jij de luis in de pels van de autoriteiten bent. Goed zo.
Vooruit, jongens. -Veel succes, kolonel.
Wie was dat? -De commandant van de Royal Scots.
Waarom draagt hij een Franse helm?
Hij is een beetje excentriek. Hij houdt van hoge officieren aan het front.
Geen blijvertje. Hoe heet hij?
Hij heet Churchill.
Er gaat een gerucht. -Niets zeggen.
De Kaiser is opgepakt door Hindenburg en doodgeschoten.
Niet echt. Een vriend van een vriend zei tegen me...
Hij weet een mooie hand-jigger. -Nu in normale taal.
Het is een drukpers, met veel letters. -Onbetaalbaar, sergeant.
Het enige nadeel is de locatie. -En waar is die?
Hellfire Corner. -De gevaarlijkste plek van de Saillant.
De heetste plek ter wereld. -Binnen 60 seconden bezwijk je daar.
Als je het al zo lang volhoudt.
Het zou dwaasheid zijn om levens te riskeren voor een drukpers.
Een verstandige leider duldt dat niet. Duidelijk?
Jawel, sir. -Veel succes, sergeant.
Waarom heet dit Hellfire Corner? -Wat denk je, Dodd?
Dodd denkt niet. -Stil, Smith.
Anders komt Fritz. -Dat ding is loodzwaar.
Als je hem laat vallen, stuur ik je persoonlijk naar de hel. Lopen.
Dus dat is een hand-jigger. -Sorry voor mijn taalgebruik.
God zegende deze drukpers en al haar mislukte grappen.
Voorzichtig met de drukpers. -En met de champagne.
Verspil niets, het is oorlog. -Ja? Dat wist ik niet.
We moeten zorgen dat de Duitsers dit niet krijgen.
Te langzaam. -Daar gaat hij.
Hoe kom je hier in vredesnaam aan? -Ik had mazzel...
bij het kaarten met de officieren in het chateau, met een geweldige kelder.
Op de hand-jigger.
De 'new church' Times, met the wipers Times
Dames en heren, welkom op deze nieuwe locatie in Vlaanderen.
De 'Neuve Église Hippodrome' waar de deur altijd openstaat.
Vanavond hebben wij een show om u dood te lachen.
De grootse nieuwe revue 'Over de top', de beste show aller tijden.
Met als onbetwist hoogtepunt de sappeur-nachtegalen Trench en Foot...
met hun verrukkelijke liedje: Maakt niet uit.
Als de Hun het gas laat stromen: maakt niet uit
als de Hun massaal aanvalt: maakt niet uit
als je loopgraaf in puin ligt, je commandant kwaad is
of je rumfles wordt geraakt door een granaat: maakt niet uit
als de modder kniehoog in je loopgraaf staat: maakt niet uit
als je geen hoog punt kunt vinden: maakt niet uit
als een sluipschutter je in het vizier heeft en je problemen steeds erger worden:
maakt niet uit
als machinegeweren zich bij de chaos voegen: maakt niet uit
als je in een plas ligt: maakt niet uit
als je huid wordt doorboord door het prikkeldraad, komt dat door je zonden
maakt niet uit
Gas, gas.
Ziet er goed uit, Jack. Harris en zijn maten hebben goed werk geleverd.
Het is niet erg. Volgens de kwakzalver kan ik zo weer terug naar het front.
Weet je het zeker? -Bedankt.
Ik hoor bij de mazzelaars, ik ben er nog.
Ja. Fritz heeft nu een stinkbom ontwikkeld die zo erg is...
dat je je masker af moet zetten en het chloor je fataal wordt.
Duivels.
Neem me niet kwalijk.
En Henderson?
Dat vind ik heel erg.
Het goede nieuws is dat we veel nieuwe bijdragen krijgen.
Zeg niet dat het allemaal poëzie is. -Goed, dat is het niet.
Ik lieg, het is allemaal poëzie. -Deksels.
Waarschuw de artsen, er is een poëtitus-epidemie.
Soldaten lopen met een bom in de ene hand, en een notitieblok in de andere.
Dat komt vast omdat het lente is.
Lammetjes die dartelen tussen de granaten, wat romantisch.
Genoeg gedichten. Dokter, ik wil een injectie met proza.
We hebben wel veel brieven aan de redactie.
Iemand wil dat we meer over de oorlog schrijven.
Dat doen we toch? -Nee, over de oorlog in zijn geheel.
Dat kan niet, want daar weten we niets van. Wij vechten alleen.
Er zijn erg goede correspondenten, zoals William Beach Thomas.
Teach Bomas, die idioot. Wil je me pesten?
Hij wordt erg gerespecteerd omdat hij aan het front zit.
Wij hebben hem nog nooit gezien. -Wat cynisch.
Hij weet waar hij over schrijft, hij staat in de Daily Mail.
Ik zit in niemandsland, waar de hel is losgebarsten.
De kogels vliegen in het rond, maar dat vind ik niet erg.
Nu klim ik via een touw, dat daar heel toevallig hing, in een ballon.
Ik vlieg boven de slag en kijk naar de dappere aanval van...
het tig-ste regiment. Ja.
De dappere mannen van het tig-ste regiment...
vallen de Pruisische elitetroepen aan.
Die geven zich allemaal over. Ze roepen 'Kamerad' en doen hun handen omhoog.
Hetzelfde, graag.
Ik vlieg nu boven de Duitse linies, en ik kan u verzekeren...
dat de cavalerie bombardeert en de onderzeeërs het bos ingaan.
Dit was William Teach Bomas. Nu maak ik deze fles soldaat.
Sorry, ik praat straks met een soldaat. -Hou op.
Gedraagt u zich, er liggen hier zieke mannen. Dit is geen variété-theater.
Nee, de vrouwen zijn hier veel knapper.
Voortreffelijk, Harris. Dat is veel beter. -Dank u, sir.
Wat is er, Barnes? -Wilt u nog steeds bijdragen, sir?
Ja, als het geen poëzie is. De hoofdredacteur kan geen rijm meer zien.
De krant kan niet alleen van gedichten leven.
Wat heb je voor me?
Niets, sir. -Laat zien.
'Voor mijn maat.' Dat klinkt verdacht veel als een gedicht, Barnes.
Het gaat over Henderson, sir.
In dat geval kunnen we wel een uitzondering maken.
'Nooit meer zullen we dezelfde schuur delen, dezelfde loopgraaf...
of hetzelfde verhaal. We zullen nooit meer ons vlees uit blik delen...
of onze rum, in het schijnsel van de granaten.'
'Vaarwel, jongen. We hebben veel meegemaakt, goede en slechte dingen.
We hebben schuilplaatsen gedeeld, en bomkraters...
en ons oude kwartier, waar het altijd lekte. En jij kreeg er één voor je kiezen.'
'Samen doorstonden we twee winters, en we grijnsden als alles misging.
Samen vochten we en aten we. Onze harten waren licht, maar nu...
ben jij dood, en ik ben mateloos.'
Mis, wat een pech. Zit jij toevallig bij de artillerie?
Fijn om je te zien, Fred. Volledig hersteld?
Klaar voor het front, sir. -En ook om aan te vallen?
Uitstekend. Dus nu is het de Kemmel Times?
Ze blijven met ons schuiven, en nu zijn we infanterie.
De moderne oorlog vraagt flexibiliteit. De cavalerie gebruikt bijvoorbeeld tanks.
Je zult het vast fijn vinden dat je ergens anders naartoe gaat, weg uit de Saillant.
Ik zal het missen, maar niet de moffen die zo een rommeltje hebben gemaakt.
Ik hou niet van hun tuinarchitectuur. -Je vindt je nieuwe locatie vast beter.
Frère Jacques. -Bonjour, hoe was je verlof?
Amiens is erg prettig.
Erg fijne kathedraal, die ik helaas niet kon bezoeken. Hier, fromage.
Merci. -Fromage blue.
Merci boeket. -Madame Fifi zegt...
dat het een van de mooiste gotische kerken van Noord-Frankrijk is.
En Madame Fifi is... -Erg charmant.
Ze heeft een club en als je champagne koopt, komen de vrouwen op je af.
Je moet er zeker naartoe. Iedereen moet er naartoe.
Alle rangen krijgen één dag verlof in Amiens, en dat is een bevel.
Dat is wel ver. -Nee, we gaan weer verkassen.
Waar naartoe?
Je zult er blij mee zijn. Het is heel mooi. -Fijn, hoe heet het?
De Somme.
Nul min drie.
Sorry, Jack. Dit nummer is wat mager, ik weet niet of we de deadline halen.
We hebben dan ook nog meer te doen. -Misschien moeten we ermee wachten.
Nee, hoe eerder hoe beter.
Een misantropisch madrigaal, gespeeld voor doodsbange Duitsers.
Dat is best mooi. -Die zal ik onthouden, als ik dit overleef.
Rum-rantsoen.
Rum-rantsoen, sergeant. De jongens mogen een neut.
Dodd is te jong. Ik neem zijn deel.
We willen je niet dronken hebben. -Hoe zou je dat merken?
Kan ik er nog één krijgen? -Nee, dat is slecht voor je.
Die varkens. Ze laten je niet eens meer rustig drinken.
Pardon, maar er gaan wat geruchten. Wordt dit de grote stoot?
Dat is geheim, Dodd. Van wie heb je dat?
De Duitsers, dat roepen ze naar ons.
Misschien is het niet het best bewaarde geheim ooit van het Britse leger.
Nul min één.
Mannen, ik wil even zeggen dat wat er ook gebeurt...
deze divisie zelf verslag kan uitbrengen.
Zelfs Dodd, sir? -Vooral Dodd. Ik drink op jullie.
Het spel begint. Laat de bal rollen, en de enige goede Hun is een dode Hun.
Geen grappen? -Ik heb er even niet zo veel.
Er was een vrouw bij de Somme...
die zat op een zware bom.
Ze dacht: Dat is boffen, maar toen ging hij toch nog ontploffen.
Ze ging weg met zeer veel aplomb.
Gesneuvelde officieren en manschappen
Weet u dat het nog steeds doorgaat? -De oorlog? Ja, kennelijk.
Nee, dat opruiende blaadje. -Ze stoppen als de oorlog voorbij is.
Luister: Omdat de mannen iets te lachen moeten hebben, is de staf uitgevonden.
Moet dit grappig zijn? -Grappiger dan wat ik lees.
Het is een aanval op het opperbevel. Het gaat verder:
'Laat hen een eenvoudig leven leiden, ver van ons gezwoeg.'
Ze hebben het over ons.
'Opdat hun dierbaren niet treuren, krijgen ze veel verlof.'
'Medailles in overvloed, wat wil je nog meer?'
We kunnen deze vulgaire insubordinatie niet ongestraft laten.
'Toch gaat helaas het gerucht dat ze geen gevoel voor humor hebben.'
Onzin. -Het is niet allemaal grof.
Ze hebben een erg nuttige woordenlijst van militaire termen.
Echt waar? -'Blindgangers.'
'Er zijn twee soorten. Een granaat die niet ontploft, is een blindganger.
Deze zijn helaas minder talrijk dan de andere soort:
Het soort dat een hoog salaris opstrijkt en ver achter de frontlijn ontploft. '
Het slagveld is geen plaats voor humor.
Humor onderscheidt de beschaving van de barbarij...
en ons van de mof.
Terwijl Roberts en zijn mannen ons belachelijk maken...
is het Duitse literaire equivalent een lofzang op de haat.
Ken je die? -Natuurlijk.
Die is zo subtiel als een aanval van Dikke Bertha.
Het is irrelevant wat ze zingen, wij moeten de discipline handhaven...
anders glijden we weg in anarchie. Er moet iets gebeuren met Roberts.
Er is iets gebeurd. Hij heeft het Military Cross wegens getoonde moed.
Kapitein F.J. Roberts, 12e Sherwood Foresters, 24e divisie.
Wegens getoonde moed in de Slag aan de Somme, op 12 augustus 1916.
Kapitein Roberts gaf blijk van groot leiderschap...
en heeft zich zeer moedig gedragen.
Als je wakker wordt, wek me dan, beste sergeant
want ik ben erg vermoeid en mijn papieren zijn aangekomen
ik mag een tijdje naar huis, en mijn zorgen zijn gepakt
dus hou de oorlog maar aan de gang, totdat ik terug ben
Ober... Maar wat ik zei, Pearson is geweldig.
Harris is goed met de inkt, en de bijdragen zijn fantastisch.
De parodieën op Kipling, Sherlock Holmes en de Rubáiyát of Omar-dinges.
En limericks en grappen. -Rustig, Fred. Ik zit hier.
Weet je dat de dichter Gilbert Frankau meedoet?
Hij is beroemd, en werkt nu voor ons. -Dat heb je al een paar keer gezegd.
Er is een veelbelovende jonge schrijver, Sheriff.
En een van de mannen maakt gravures van houtblokken.
Nu zijn we bijna net zoals de 'Illustrated London News'.
Het klinkt erg leuk.
Dat zou het ook zijn, als we niet steeds moesten vechten van die ellendige staf.
Sommelier, nog een fles van de 1897, graag.
Schat, kunnen we dat wel betalen? -Nee, niet van mijn kapiteinssoldij.
Maar er was een generaal op de boot die ik heb verslagen met bridge.
Hopelijk is zijn strategisch inzicht beter. -Die goeie ouwe Fred.
Niet helemaal.
Het is de stilte.
Die houdt me wakker.
Hoe is het echt?
Weet je wat de basis van deze oorlog is? Modder.
En boven de modder uit steken soms delen van steden.
En dan zijn er de loopgraven. Eén reeks voor ons, één voor de mof.
Met brede afscheidingen van prikkeldraad.
De tijd verstrijkt zo langzaam.
Als tijdverdrijf probeert één kant iemand van de andere kant mee te nemen.
En dan staat het die nacht 1 -0.
Dat schiet niet erg op, aangezien er nog miljoenen anderen zijn.
Het helpt om de tijd te doden, tot Kerstmis, als de oorlog voorbij is.
Is dat zo? -Jazeker.
Je weet alleen niet welke Kerstmis. -Gaan we winnen?
Ik geloof niet dat iemand dat weet.
Ik heb in een slag gevochten...
die van een epische futiliteit was.
Niemand kon zelfs maar vermoeden wat we met die slag moesten bereiken.
Er was sowieso geen schijn van kans om wat dan ook te bereiken.
Behalve een vreselijke slachting onder de bloem der Britse natie.
Dit is niets voor jou, Fred. -Het spijt me.
De meesten van ons hebben geen illusies meer over de glorie van oorlog.
Nu kennen we het als de meest gruwelijke ramp die de mens kan treffen.
Oorlog is niets meer dan rondwentelen in een smerige greppel.
Ga je terug?
Natuurlijk.
Als je kunt leven van vlees uit blik en droge koekjes, en ook wat rum.
Je ontwijkt de bommen met een grijns, en roemt achteloos hun fraaie gezoem.
Als je met natte voeten door prikkeldraad en bomkraters kruipt.
Richt je hoofd naar je reisdoel. Bang om te huilen, ga je maar lachen.
Als je met een grijns eindelijk beëindigt wat zo veelbelovend begon...
en als je een moddersloot een hemelbed waant, ben je een soldaat, mijn zoon.
Stop.
Geef eens een sigaret, Dodd.
We moeten hier zijn, want dat is daar.
Waar zijn we?
Als ik me niet vergis, terug in Wipers. -Weet u het zeker?
Ja, hoor.
We zijn flink opgeschoten in achttien maanden, hè?
Ik denk wel 27 meter.
Ga eens kijken wat Monsieur daar in vredesnaam doet, Jack.
Monsieur, bonjour.
Sergeant, kijk naar de drukpers, hij lag op een nogal gammele wagen.
Dit geloof je nooit. -Dat bepaal ik zelf wel.
Hij is van Michelin. Ze maken een reisgids voor de slagvelden.
Wordt dit een vakantiebestemming? -Kennelijk.
We hebben geluk dat we bij de eerste bezoekers horen.
Dit is al een karikatuur, zoiets kun je niet verzinnen.
Kom op, mannen. Voorwaarts, mars.
Straks hebben wij geen werk meer.
Zullen we naar de oude redactie gaan? -Net als vroeger.
Ja, heel vroeger, toen er nog geen gebouwen waren.
Sergeant, hoeveel e's zitten er in Wenceslaus?
Zo veel van die schooiers als ik kan vinden, op dit moment niet één.
Goed dan, ik vond al dat die koning te veel belast was met e's.
En we hebben niet veel papier. -Maar er komt een kerstnummer aan.
De lezers begrijpen vast wel dat we onze normale 20 pagina's niet halen.
We verruilen de pen voor het zwaard om wat dorpen te bevrijden.
Nee, we hebben onze lezers 20 pagina's beloofd.
Alles goed en wel, sir, maar er is Napu papier.
Als ik iets grappigs kan verzinnen over nog een Kerstmis aan het front...
dan weet ik zeker dat jij in Ypres papier kan vinden, sergeant.
Ik zal mijn best doen. -Bedankt.
Ik had een goede hand met blufpoker tegen Bobbing Bobby.
Het is een wonder als dit nummer uitkomt.
Een wonder met Kerstmis.
Dit is het verhaal van een soldaat, Alfred Higgins...
of: Nummer 249921 soldaat Higgins, A, zoals hij officieel bekendstond.
Het was de ochtend van Kerstmis en Alfred hield stand.
Alles was vredig. Het gasalarm verspreidde zijn blijde boodschap.
Het geblaf van de granaten en het staccato van de houwitser...
stelden Alfred gerust dat er vrede op aarde heerste.
Alfred dommelde even weg, maar toen kwam zijn sergeant.
'Higgins,' zei de sergeant. 'Heb jij rum gedronken? '
'Nee, sergeant, echt niet,' zei Higgins. -'Neem wat van mij,' zei de sergeant.
Alfred werd behandeld voor een ernstige shock. Het front zag hij niet meer terug.
Zalig kerstfeest en een gelukkig nieuwjaar.
En hopelijk is volgende Kerstmis de hele bliksemse boel weer voorbij.
Bravo, Fred. Een hartverwarmende geschiedenis.
Mag ik in de pub-business gaan? -Ik sta het toe. Waar heb je het over?
Bedankt, en morgen nog twee.
Erg goed.
Welkom in de Foresters Arms. -Erg indrukwekkend.
Er moest iets gebeuren. De ambulances kunnen het allemaal niet bijbenen.
Dit is een hulp-lazaret. -Om met wat hulp lazarus te worden.
Die was vreselijk. -Goed gedaan, jongens.
Daar gaan we. Dat is dan een franc. -Ik heb geen geld, sir.
Dan beveel ik je om niet te betalen. -Dank u, sir.
Wat gebeurt hier in vredesnaam? Je bent militair, geen kroegbaas.
Ja, ik wilde... -Stop hiermee.
Dat is helaas niet mogelijk.
De Foresters Arms vervult een vitale taak en na een verzoekschrift...
mag de Forresters Arms doorgaan.
Op gezag van wie? Generaal Mitford, maarschalk Haig?
Hoger dan dat.
Stelletje verduivelde lijntrekkers, jullie ondermijnen de hele oorlog.
Ik wil ook even een kleine waarschuwing laten klinken, Pearson.
Ik hoop dat deze onderneming niet ten koste gaat van uw taken.
Denk eraan: U bent in de allereerste plaats...
adjunct-hoofdredacteur van The Wipers Times.
De generale staf staat onder druk van de dames van de blauwe knoop.
Waarom? -Vanuit hun unieke perspectief, thuis...
wijten ze alle tegenslagen op het slagveld aan de invloed van alcohol.
Ze denken dat de loopgraven doordrongen zijn van de demon alcohol.
Hoe komen ze daarbij? -De tol van de rum.
Maar het opperbevel is ze ter wille.
En wij moeten erkennen dat alcohol een serieus vraagstuk is.
Wat stel je voor?
We moeten uiteraard een bijdrage leveren...
met een gepaste advertentie in een goede loopgravenkrant.
Hebt u een alcoholverslaving, en u, en u?
Indien nee, dan kan ik u er in drie dagen eentje bezorgen.
Als u, of een kennis, niet vaak alcohol drinkt...
lees dan mijn boek: Bekentenissen van een alcohol-slaaf.
Ik kan iedereen genezen. Deze man was ooit een wrak.
Ooit was ik een dwangmatige geheelonthouder...
maar dankzij dokter Zuipop ga ik nooit meer nuchter naar bed.
Wij zijn discreet. Volg ons programma en word een bonafide dronkaard.
Schrijf aan mij, dr. Zuipop, in Neem-er-nog-één in Bedfordshire.
U wilde me spreken? -Kom binnen, Fred.
Gaat het over de blauwe knoop? -Nee, hoor.
Maar ik heb wel klachten gehad dat jouw oorlog...
bestaat uit drank, vrouwen en gezang. -Ik ga wel eens naar Madame Fifi.
Dat zou ik maar stilhouden, Fred. Madame Fifi is gesloten.
Napu Madame Fifi? Quel dommage.
Ze moest haar zaak helaas verlaten voor een afspraak met het vuurpeloton.
Was ze een spion?
Ze kreeg informatie van gretige jonge officieren, die ze doorgaf aan Berlijn.
Niet van mij. Ik kon niets verraden, want ik weet niets over de oorlog.
Net als alle Britse officieren aan het front hoor ik nooit iets.
Ik snap niet dat je na al die tijd nog grappen kunt maken.
U moet toegeven dat het enigszins amusant is...
dat we jarenlang ten strijde trekken door Vlaanderen...
om exact te eindigen op het punt waar we zijn begonnen.
Dan vind je het nieuws over je volgende post vast erg grappig.
Ik ben zeer benieuwd. -De 24e divisie gaat terug naar...
de Somme.
En waarom ook niet? Het was een groot succes, vorige keer.
We doen het nog eens. -Zo mag ik het horen.
De oorlog wordt wakker en maakt zich klaar voor de laatste ronde.
Nul min één.
Jongens, jullie weten hoe het moet. Wat drink je daar, Barnes?
Water, sir.
Dat is niet om te drinken, maar voor de radiatoren van de officierswagens.
Doe geen rare dingen. Vergeet het water, hier is wat whisky.
Klaar, mannen.
Voorwaarts, Foresters. Maak de Fritzen af.
Stop.
Stop. Staakt het vuren.
Sir? -Ze zijn al dood.
Het is het gas. Hun eigen gas.
De wind moet zijn gedraaid.
Ik vond al dat ze een beetje passief waren.
Wat bedoel je? Was er weinig verzet?
Niet erg sportief, hè?
Weggaan voordat het begint. -Zo is de oorlog niet leuk meer.
Er was eens een kleine Hun die wilde oorlogvoeren.
En zolang de Hun won, vond hij alles prima.
Maar toen de anderen terugschoten, riep hij:
'Een beetje vrede kan geen kwaad.'
Er was eens een jongen in Avesnes... -Die in een schaduwrijke laan wandelde.
Hij trapte op een blindganger... -Die verborgen in de modder lag.
Nu doet hij dat nooit meer.
Deze voldoet prima aan onze ongelofelijk lage normen.
Sir, ik heb een gerucht gehoord dat de Duitsers zich overgeven.
Als dat zo is, moet iemand hun artillerie op de hoogte brengen.
Als Fritz met de witte vlag zwaait, moet hij wel stoppen met schieten.
U denkt dus niet dat het waar is, sir?
Ik wil alleen maar zeggen dat de kansen kennelijk zijn gekeerd...
en misschien kunnen we ons eindelijk verheugen op betere tijden.
'Better Times', dat zou een goede naam zijn voor een blad.
Ingezonden brief. -Is hij echt?
Absoluut, ik heb hem echt verzonnen. 'Geachte heer...
ik hoorde dat de mensen die vroeg dienst namen...
het eerst worden gedemobiliseerd. Dit is volstrekt oneerlijk.'
'Zij wilden duidelijk liever het leger in dan degenen die later kwamen.
Wij zouden eerder naar huis moeten gaan. Hoogachtend, korporaal L. Uilak.'
Een erg overtuigend argument.
Weet je zeker dat je de naam 'Better Times' wilt?
Het schijnt dat we met nog één inspanning de Hun kunnen verpletteren.
Jij lijdt kennelijk aan optimisme. -Nu je erover begint...
Volgens Harris kunnen we wekelijks verschijnen...
ondanks het bombardement van de mof op ons kantoor, gisteren.
Waarom niet dagelijks? -Wie is er nu optimistisch?
Ze verkopen als warme broodjes.
Is dat goed? Ik weet niet meer hoe die smaken.
We verkopen ze zelfs thuis.
Er is veel meer kopij nodig.
Er zijn toch genoeg grappenmakers, en meer dan genoeg dichters?
Een boodschap voor u, sir. -Bedankt, Harris.
Lieve hemel.
Wat is er?
Het is voorbij.
Zomaar? -Officieel radiobericht, Parijs, 06.01 uur.
11 november, 1918. Maarschalk Foch aan de opperbevelhebber:
'Aan het hele front worden om 11 .00 uur alle vijandelijkheden gestaakt.'
Fini la guerre.
Daar lijkt het wel op.
Napu mof.
Ogenschijnlijk.
Het is een wapenstilstand. -Zonder laatste grote aanval op Berlijn?
Zal ik het de mannen vertellen?
Bedankt, sergeant. En zeg dat ze hun koppen laag houden tot 11 .00 uur.
Zeg Jack...
onze zwaarden worden omgesmeed tot ploegscharen.
We krijgen de Orde van de Bolhoed.
We gaan naar huis.
Moeten we dat niet vieren?
Eigenlijk wel.
Jongens, er is een telegram gekomen.
Nu we hebben gewonnen...
hoop ik dat uw Wipers Times-vrienden ons wat meer respect tonen.
Ja, ze willen meer medailles voor ons. -Dat wordt tijd.
Ze willen erkenning voor hen die hebben geleden in hun bureaubaantjes...
en al het plezier aan het front hebben gemist.
Welkom terug in het Europese theater, voor onze grote finale.
Helaas kan Kaiser Bill Hohenzollern niet komen...
omdat hij een afspraak heeft in Nederland.
Ook ontbreken de beroemde bommen en granaten.
En de kleinere granaatjes.
En al die schitterende blindgangers.
Jawel, de show hoeft niet door te gaan.
U kent de gruwelen van de oorlog, nu komen die van de vrede.
U was een bezettingsleger, nu zult u zelf geen bezetting meer hebben.
Dan komt nu, zonder dralen, een verrukkelijk liedje van Tommy Atkins...
met schitterende, betaalbare kostuums van de heer D. Mobilisatie.
Leg de mortieren, mijnen en granaten maar weg
de klus is geklaard, en goed
we hebben het gehad met modder en ratten en stank
we hopen nooit meer een loopgraaf te zien
Zo kan hij wel weer, we willen zeker niet te somber eindigen.
Nooit zullen we nog het geratel van een machinegeweer horen
de lange, verloren jaren zijn de moeite waard geweest
als we vrede op aarde krijgen
Zo mag ik het horen. Nu wil ik die demobilisatie-glimlach zien.
Wij zeggen vaarwel, dierbaar Wipers
want er breken betere tijden aan
en als ze ons terugvragen in Vlaanderen
zeggen we: steek het maar in je
Een beetje waardigheid, heren. Jullie zitten tenslotte niet in het leger.
Vaarwel, Saillant
Het is erg grappig, maar ik betwijfel of dit journalistiek is.
De hedendaagse journalistiek is erg hectisch geworden.
Hebt u wel eens drukproeven gecorrigeerd in een loopgraaf?
Probeer het eens. -Ik begrijp het.
Maar dat is lang geleden, en uw recente bezigheden zijn enigszins onduidelijk.
Ik ben weer gaan goud zoeken, in Afrika. Ik had goede tijden, en slechte tijden.
Thuis wilde ik nog één keer iets proberen waarvan men vroeger zei...
dat ik er goed in was.
Ik dacht dat als Beach Thomas werk had, ik het zeker kon proberen.
Dat is Sir William Beach Thomas, een van onze beste correspondenten.
Natuurlijk, het spijt me. Maar in de oorlog namen we hem niet serieus.
Ja, maar nu vertellen serieuze schrijvers de waarheid over de oorlog.
Misschien moet ik dan een schokkend artikel schrijven...
over hoe het allerminst rustig was aan het westelijke front.
En hoe de granaten massaal op ons neerdaalden...
en de kille novemberlucht vol van razernij was...
toen de adjunct en ik whisky dronken...
en de pater executeerden wegens lafheid, en toen afscheid namen.
Dat is beter.
Nee, dit was mijn waarheid.
Het spijt me dat ik uw tijd heb verspild. -Wacht even, niet zo haastig.
Ik mag u wel, Mr. Roberts. Echt waar.
En het is duidelijk dat u goed met woorden bent, dus heb ik wat voor u.
Wat dacht u ervan om te beginnen met...
de kruiswoordpuzzel?
Wilt u dat ik die samenstel?
Nee, dat u daarmee helpt. Dan kijken we hoe dat gaat.
We moeten niets overhaasten.
Het is niet echt de frontlijn van de oplage-oorlog, hè?
Een vent in uw positie kan niet te veel verwachten, vindt u niet?
Ik denk...
U hebt me geen antwoord gegeven, Mr. Roberts.
Mr. Roberts, wilt u die baan, of niet?
Mr. Roberts.
Fred Roberts werd mijnbouwkundig ingenieur in Noord-Amerika.
Hij wilde dienst nemen in WO-ll, maar men vond hem te oud.
Hij stierf in 1964 in Canada.
Jack Pearson werd spoorwegingenieur en hotelier in Argentinië. Hij stierf in 1966.
Geen van beiden kreeg een necrologie in de London Times.
Hun nalatenschap was en is: The Wipers Times.
Can't find what you're looking for?
Get subtitles in any language from opensubtitles.com, and translate them here.