Afrikaans
Akan
Albanian
Amharic
Arabic
Armenian
Azerbaijani
Basque
Belarusian
Bemba
Bengali
Bihari
Bosnian
Breton
Bulgarian
Cambodian
Catalan
Cebuano
Cherokee
Chichewa
Chinese (Simplified)
Chinese (Traditional)
Corsican
Croatian
Czech
Danish
Dutch
English
Esperanto
Estonian
Ewe
Faroese
Filipino
Finnish
French
Frisian
Ga
Galician
Georgian
German
Greek
Guarani
Gujarati
Haitian Creole
Hausa
Hawaiian
Hebrew
Hindi
Hmong
Hungarian
Icelandic
Igbo
Indonesian
Interlingua
Irish
Italian
Japanese
Javanese
Kannada
Kazakh
Kinyarwanda
Kirundi
Kongo
Korean
Krio (Sierra Leone)
Kurdish
Kurdish (Soranî)
Kyrgyz
Laothian
Latin
Latvian
Lingala
Lithuanian
Lozi
Luganda
Luo
Luxembourgish
Macedonian
Malagasy
Malay
Malayalam
Maltese
Maori
Marathi
Mauritian Creole
Moldavian
Mongolian
Myanmar (Burmese)
Montenegrin
Nepali
Nigerian Pidgin
Northern Sotho
Norwegian
Norwegian (Nynorsk)
Occitan
Oriya
Oromo
Pashto
Persian
Polish
Portuguese (Brazil)
Punjabi
Quechua
Romanian
Romansh
Runyakitara
Russian
Samoan
Scots Gaelic
Serbian
Serbo-Croatian
Sesotho
Setswana
Seychellois Creole
Shona
Sindhi
Sinhalese
Slovak
Slovenian
Somali
Spanish
Spanish (Latin American)
Sundanese
Swahili
Swedish
Tajik
Tamil
Tatar
Telugu
Thai
Tigrinya
Tonga
Tshiluba
Tumbuka
Turkish
Turkmen
Twi
Uighur
Ukrainian
Urdu
Uzbek
Vietnamese
Welsh
Wolof
Xhosa
Yiddish
Yoruba
Zulu
Een productie van Quinn Martin.
Met Karl Malden.
En Michael Douglas.
Met gaststerren: Kitty Winn...
Nan Martin…
Joel Fabiani….
John McLiam...
Patricia Smith.
Deze aflevering:
Oké, Barbara, haal maar diep adem.
Laat maar gaan.
Diep inademen. Hou die adem vast.
Meer druk aanbrengen, zuster.
Ik kan de kruin zien.
De ligging is normaal.
M'n baby.
Waar is m'n baby? -Kan ik u helpen, juffrouw?
Ik wil m'n baby. -Wat?
Ik heb geen baby gezien.
HUIS NIEUWE KEUZE
Barbara, wat doe jij hier?
Waar is m'n baby?
Kom maar binnen.
Barbara, ze hebben je in het ziekenhuis over je baby verteld.
Het spijt me vreselijk voor je.
Spijt?
Je baby is dood.
Doodgeboren.
Nee. Nee, ik heb m'n baby levend gezien.
Dat geloof je vast, ja.
In dit soort gevallen neemt je verbeelding vaak een loopje met je.
De dokter zal het wel weten. Waar is hij?
Barbara, kwel jezelf niet zo. Daar bereik je niks mee.
Probeer te accepteren wat er gebeurd is.
Ik wil de dokter spreken. -Oké. Oké, goed.
Als je je dan beter voelt. Wacht maar hier.
Ga alsjeblieft terug naar jullie kamer.
Barbara, jij zou toch naar Arizona gaan om te Pete zoeken?
Ik had een dochtertje. Michelle.
Het spijt me, Barbara.
Net. Ze liep naar binnen en vroeg om de baby.
Dat heb ik gezegd, maar ze geloofde me niet.
Ze blijft maar naar de dokter vragen. Ik vrees voor de andere meisjes.
Hou haar rustig tot ik er ben.
Wat je ook doet, geef haar de naam van de dokter niet…
En laat haar die niet vinden. -Oké. Haast je alsjeblieft.
Wat is dat? Geef hier.
Nee, Barbara... -Geef gewoon hier.
Geef me gewoon….
Hé, moet ik rijden?
-Oké.
Connie of het lichaam? -Wat?
Als je zo depressief bent, moet dat door Connie of het lichaam komen.
Gaat me niks aan, hè? -Klopt.
Waarom vertel je het me toch niet?
Je wilt echt in mijn plaats leven, hè?
Zodra ik weet wat je daarmee bedoelt, zit je misschien in de problemen.
Kom op. Kom op, zeg het gewoon.
Je hebt het uitgemaakt, hè? -Ja.
Ze kon het politieleven niet aan. -Eerder de agent niet.
Wie bedoel je? -Connie.
Mooi. -Wat bedoel je, mooi?
Dan blijft het lichaam over. -Je loopt achter.
Zij is vorige maand naar Chicago. vertrokken.
Daar gaat ons liefdesleven. -Inspecteurs 81.
Centrale 1 heeft een moord. 554 Clayton. Gaan jullie eropaf?
Wij gaan eropaf. Is het lab onderweg?
Ja, het lab is geïnformeerd en onderweg.
81, begrepen.
Hoi, Steve.
Wat heb je, dok?
Blanke vrouw, middelbare leeftijd.
Waarschijnlijke doodsoorzaak is schedelletsel.
Van een gevecht, lijkt het.
Is ze al geïdentificeerd? -Ja.
Gloria Davenport. 50 jaar oud, 939 Ellis Street.
Ze was hier supervisor. -Wat is dit dan?
Een wijkplaats voor vrouwen.
Heeft iemand de ruzie gezien? -Ja, één meisje. Miss Rayfield?
Miss Rayfield.
Miss Rayfield?
Wij zijn inspecteurs Stone en Keller. -Hoi.
Hoi.
Wees maar niet bang. Ik wil je alleen een paar vragen stellen.
Kom maar binnen.
Dat roze dekentje. Wat heb je daar? Een meisje?
Michelle.
Mag ik eens zien? -Ja, hoor.
O, wat is ze mooi.
Michelle, je bent mooi, weet je dat?
Ik heb een Jeannie, maar die studeert al.
Blijf je hier nog langer?
Eerst wel. Nu weet ik het niet meer. -Ik zou me geen zorgen maken.
Is hier echt niet iemand regelmatig geweest?
Nou, er was wel één man.
Wie was dat? -O, ik ken z'n naam niet.
Ik mocht hem niet erg.
Niemand van ons mocht hem echt, maar...
hij is degene die me over Mrs Davenport heeft verteld.
Was hij bij haar toen het gebeurde?
Nee, hij was het niet.
Wie was het dan? Iemand die je kent? Eén van de andere meisjes?
Ik wil haar geen problemen bezorgen.
Als ze die niet heeft, zul jij die haar niet bezorgen.
Maar als ze die wel heeft, kun jij er niks aan doen.
Barbara Talmadge.
Waar ging de ruzie over?
Ze vroeg naar haar baby. -Haar baby?
Vorige week is ze bevallen…
En Mrs Davenport zei dat de baby doodgeboren was.
Ze zei dat Barbara niet meer terug zou komen.
Dat ze naar Arizona ging om haar vader terug te vinden.
Maar toen kwam Barbara vandaag terug en ze deed raar, weet u?
Alsof ze het niet eens wist van de baby of zo.
En daarna alsof ze het niet geloofde.
Toen vroeg ze om de naam van de dokter.
Kreeg Ze die? -Ik denk dat de ruzie daarover ging…
Want ik hoorde de herrie en toen rende Barbara weg.
Ze duwde me opzij en rende zo de straat in.
Toen vond ik Mrs Davenport.
Weet je waar Barbara nu woont?
Haar moeder geeft les aan het USF, dat weet ik.
Misschien is ze weer bij haar.
Weet je hoe die dokter heet?
Dr. Joe zorgt hier voor ons. -Dr. Joe?
Zo noemt iedereen hem. Ik ken z'n achternaam niet eens.
Die begint vast met een H.
Een wat?
De letter H ontbreekt in dit adresboek.
Misschien maakten ze daar ruzie over.
Geweldig, Sherlock.
Dan zijn er nog maar zo'n 300 dokters over.
Hé, wij zijn de politie. Wij mogen onbeperkt bellen, hoor.
Misschien vind je hem bij de eerste 200.
Ik ga op de universiteit bij haar moeder kijken.
Heb je de sleutels?
Was de naam Talmadge?
Bedankt.
Onbeperkte telefoontjes, hè?
O, nog maar een paar vragen. -Oké.
Kun je die man voor me beschrijven?
Rij door.
Toen Ze naar me toe kwam en zei dat ze zwanger was...
heb ik haar niet de les gelezen.
Er is niet gehuild of een scène geschopt.
Ik gaf haar zelfs geld voor een abortus en regelde alles voor haar.
Uiteraard besloot ze toen om de baby te houden.
Het is alsof ze zich gedwongen voelt om me pijn te doen.
Vast niet. -Wat was het dan wel?
Misschien wilde ze gewoon een baby.
U moet iets weten, inspecteur.
De keuzes van Barbara zijn niet altijd rationeel.
Dit is niet de eerste keer dat ze instort.
Zeis door een psychiater behandeld.
De vorige keer probeerde ze zelfmoord te plegen.
Zo te zien is haar vijandigheid nu op iets anders gericht.
Ik geloof dat de jongedame nu is. -Dank u.
Ga zitten, alstublieft.
Ik zoek dr. Hyland.
Dat ben ik.
O, nee.
Dat is onmogelijk.
Hij is ouder dan u. Hij hielp me bevallen.
U hebt de verkeerde dr. Hyland. -Nee, nee.
Ik heb z'n nummer. Ik heb hem gebeld…
Maar ze wilden me niet zeggen waar hij was.
Toen heb ik in het telefoonboek gekeken. 50 Fulton Street.
Het juiste adres, de verkeerde dokter. Sorry.
Dat is hem.
M'n vader? -Is hij arts?
Ja, maar hij is al jaren met pensioen.
Nee, hij hielp me bevallen. -Dat is helaas onmogelijk.
Waar is hij?
Luister, jongedame... -Waar is hij, vroeg ik.
Dr. Halbert? Met inspecteur Graves van Moordzaken.
Hebt u een patiënt genaamd Barbara Talmadge?
Kent u Barbara Talmadge niet? Ontzettend bedankt.
Zeg tegen dr. Haxel dat ik gebeld heb, oké?
Ja, dat zou ik waarderen. Wat een geweldig idee was dat.
Ik bel al. -Reken maar, ja.
Begin onderaan die pagina. -Oké.
En de moeder? -Die heb ik gevonden.
En?
Barbara is niet bij haar en dat snap ik wel.
Zo'n leuke dame? -Het zout der aarde.
AI zou zij het natriumchloride noemen en je een uitleg geven.
Maar ze liet geen traan.
Sommigen huilen, anderen niet.
Je zou Jeannie soms bij films moeten zien. Twee pakjes zakdoekjes.
Maar jij schaamt je niet voor haar. -De moeder wel?
De dochter is toch ooit ingestort?
Haar moeder vatte dat als een belediging op.
Dit hebben we net doorgekregen. Een schietpartij te 50 Fulton Street.
Dr. Joseph Hyland.
Begint met een H.
Kunt u dat telefoontje stopzetten?
Dr. Hyland?
Inspecteur Stone, inspecteur Keller. Wat is hier gebeurd?
Een gestoorde vrouw heeft op me geschoten.
Kende u haar? Ik had haar nog nooit gezien.
Weet u waarom ze u neerschoot? -Absoluut niet.
Ze was psychotisch. Ze had het steeds over een baby die niet bestond.
Ik ken haar naam. Wacht, die staat hier ergens.
Die is toch vast nep. -Townsend?
O, nee. Hier staat die. Talmadge. Barbara Talmadge.
Hoe komt ze aan een pistool? -Hoe vaak moeten we dat vragen?
Laat haar opsporen. Ze is gewapend en gevaarlijk.
Oké. -Dokter.
Kunt u haar zo volledig mogelijk beschrijven?
Pardon, als u haar niet kende...
hoe wist u dan dat de baby niet bestond?
Nou, ik...
Dat nam ik natuurlijk aan.
Dat is een vrij veel voorkomend psychotisch syndroom.
Het creëren van een ingebeeld kind als de patiënt er nooit een had.
Dank u.
Had u haar echt nog nooit gezien?
Nog nooit.
Dokter. -Hallo, Dora.
Zijn er nog berichten? -Ja.
Van een onbekende jongedame.
Daarna heeft uw zoon een paar keer gebeld.
Hij Zei dat het belangrijk was en dat U.
Misschien is dat hem wel. -Nee, ik neem wel op, Dora.
Ja? -Met mij, dok.
Die Talmadge heeft uw adres. -O, jee. Hoe komt ze daaraan?
Maakt niet uit. Zorg gewoon dat u dat huis uit gaat.
Oké.
Ik ga weer, Dora. Noodgeval.
Is er een nummer waarop ik u kan bereiken?
Nou, dr. Hyland?
Hallo, dokter. -Barbara? Wat doe jij hier?
Wat is er met m'n baby gebeurd?
Hebben ze dat niet gezegd? -U liegt toch ook niet tegen me?
Barbara, ik zou niet tegen je liegen. Dat weet je.
Breng me dan naar het ziekenhuis.
Het heeft geen zin om... -Nu, dokter.
Oké, begrepen. De hele staat heeft de opsporingsberichten.
Ik snap nog steeds niet waar ze dat pistool vandaan heeft.
Je hebt de dokter gehoord.
Die haalde ze uit haar tasje. -Misschien.
Ja, misschien liegt hij. -Over een aantal dingen.
Ze heeft hiervoor maar één andere plek bezocht.
Voor zover we weten, ja. -Het pension.
Mrs Davenport.
Wat moet ze op zo'n plaats met een pistool?
Dat laat ik aan jou over, maatje.
Onbeperkte telefoontjes.
Je maakt een grote fout. Ik wil hem terug.
Dat is ook natuurlijk.
Maar sommige dingen gebeuren gewoon.
Hij is niet dood. -In zeker zin is dat zo.
Een leven dat nooit geleefd is kan ook nooit echt gestorven zijn.
M'n baby leeft nog. Ik herinner me hem nog.
Peter Ronald Talmadge.
Die naam had ik voor hem gekozen.
Maat toen ik hem zag,H Zei ik tegen mezelf:
'Hé, jochie, je ziet er niet uit als een Peter Ronald.'
Dat zou ik me niet herinneren als dat niet gebeurd is.
Het was een moeilijke bevalling. We moesten je medicijnen geven.
Medicijnen doen rare dingen met je geest.
Die houden ze voor de gek.
Dat deed u expres.
Als u iets zegt, vermoord ik u.
Vanwaar zo'n haast?
Ik ben arts. Ik ga naar het ziekenhuis.
Geen emblemen op uw auto?
Die zitten op de andere. Dit is m'n privéwagen.
Mag ik uw papieren even zien?
Die heb ik niet bij me. -Geen rijbewijs?
Nee.
Registratie?
Niks. -Hij is arts, ik sta voor hem in.
We hebben haast.
Bent u ziek? -Nee, het gaat om m'n baby.
Die is in het ziekenhuis.
Weet u wat?
Ik zal meegaan naar het ziekenhuis. Maar u krijgt toch een bekeuring.
Welk ziekenhuis? -Wacht eens even.
M'n tas ligt achterin. Daar liggen de papieren vast in.
Rijden.
Maar hij is gewond. -Rijden, Zei ik.
De oude man wilde haar vastgrijpen. Ze had vast een pistool.
Denk je dat zij het was? -Dat moet wel.
Ik herinnerde me het opsporingsbevel.
Maar viel flauw voor ik iets kon doen. -Wacht even.
Weet je toevallig welke kant ze opgingen?
Naar het ziekenhuis. -Welk?
Geen idee. Ze gingen naar het oosten.
Heb je de nummerplaat? -Ja. Californië 175 PCE.
CALIFORNIË 175 PCE
Barbara.
Wat doe jij hier? -Miss Evans.
Barbara denkt dat haar kind nog leeft.
U hebt hem aan me laten zien. -O, Barbara.
Je had Verathion op. Daardoor ging je hallucineren.
Nee, u liegt. -Waarom zou ik dat doen?
We wilden dat de baby het zou overleven.
Ooit weten we alles over bevallingen. Nu kunnen we alleen ons best doen.
Hallucinatie? Maar dan zou het niet zo echt lijken.
Je hele perspectief was verstoord.
Er begonnen beelden te verschijnen. -Ik herinner me hem.
Luister, je moet geloven... -Hou op.
Ik wil m'n baby.
Wat hebt u met hem gedaan?
Oké. Stap allebei die kast in.
Barbara. -Miss Evans, pas op.
Ze zal die gebruiken. -De kast in.
De cervix is bijna volledig uitgezet, dokter.
Goed.
Dan gaan we verder.
Diep inademen. Hou die adem vast.
Meer druk aanbrengen, zuster.
Ik kan de kruin zien.
Baby.
NIEUWE KEUZE HUIS
MANNELIJK KIND: Geboren
12 September, 1973 Doodgeboren
Ja, dat snap ik. Bedankt.
Steve, de nummerplaten zijn van ene dr. Hyland.
Wat? -Dr. Hyland, 71 jaar oud.
We hebben z'n zoon ontmoet.
En het ziekenhuis? -Dat spoor loopt dood.
Hij is met pensioen, maar is niet thuis.
Je had trouwens gelijk over die Davenport.
Ze mocht een wapen dragen. -Waarom?
Ze werkte voor een privédetective. Voor ene Matthew Starr.
Zoek z'n adres op, dan gaan we... -667 Mission.
ADOPTIES SEPTEMBER 1973
GEBOORTEAKTE
Ontvangende partij: Mr en Mrs Arthur M Hunt
28 Burnham Street Daly City, Californië
MATTHEW STARR PRIVÉDETECTIVES
Matthew Starr?
Ja? -Politie.
Kom binnen.
Mooi.
Uw opdrachtgevers betalen beter dan de stad.
Ups en downs.
Werkt er een vrouw genaamd Davenport voor u, Mr Starr?
Gloria Davenport? -Ja.
Vroeger, maar nu niet meer.
We lazen dat ze een wapen mocht dragen.
Dat klopt. Dat mogen al m'n medewerkers.
Af en toe hebben we met rare snuiters te maken. Je weet het nooit.
Nam ze het wapen mee toen ze vertrok?
Niet dat ik weet.
Dat zou u wel geweten hebben. -Dat klopt.
Hoeveel geregistreerde wapens hebt u?
Twee.
Volgens de wapenregistratie drie.
Drie, dat klopt, ja.
Ik gebruik de .25 kaliber nooit. Die was ik vergeten.
Mogen we ze zien? -Natuurlijk.
Dat is één.
Twee.
De derde? -Die ligt vast in de andere kamer.
Bedankt.
Hij gaat naar boven.
Hij moet naar beneden komen. Ik ga naar voren.
Sta stil.
Als u het derde pistool hebt, laat dat dan vallen.
Als de dame het heeft, zit u in de problemen.
Hier is de telefoon. Bel je advocaat.
Dat hoeft niet ik heb niks gedaan. -Neem je altijd het raam?
Dat is geen misdaad. -Informatie achterhouden wel.
Welke misdaad is er dan gepleegd? -Ten eerste ontvoering.
Bent u gek?
Iemand is dat wel, als ze die baby meenamen.
Wat heeft dat met mij te maken? -Wat heeft Gloria met jou te maken?
Ik Zei al dat ze vroeger voor me werkte. -Vroeger?
Ze had je pistool nog. -Kom op.
Ze had een dekmantel voor je opgezet.
Dat klopt. Een tehuis voor ongehuwde moeders.
Wat een raar bedrijf voor jou om te runnen.
Oké, eens even zien hoe dit werkt.
Een meisje wil een abortus laten plegen.
Jij ziet haar ergens, in de kliniek misschien.
Jij en die Davenport. Dat is een leuk, moederlijk type.
Jullie overtuigen het meisje ervan dat ze de baby moet houden.
Jij betaalt de kosten wel.
Maar je zegt tegen de moeder dat de baby dood is.
Ze gaat huilend en half stoned weer naar huis.
Maar Barbara is wel erg snel weer bijgekomen, hè?
Zij had het door en ging haar baby zoeken.
Ze rende als een wilde dier door de hele stad heen.
Maar jij hebt haar zo gemaakt. Ja, jij hebt haar baby gestolen.
Jullie zijn gek. Ik weet niet waar je het over hebt.
En jullie ook niet.
Dacht je nu echt dat je eeuwig voor god kon spelen?
Misschien moet ik nu maar bellen. -Blijf daar maar even zitten.
Dat bespaart ons wellicht tien cent.
Hoe besloot je welke baby's je ging stelen?
Hoe wist je welke winst zouden opleveren en welke niet?
Kom op, hoe?
Uiterlijk? Stamboom?
Opleiding? Kom op, wat was het?
Ik heb niks verkeerds gedaan.
Oké, het was tegen de wet.
Maar niet verkeerd.
Baby's.
Sommige mensen proberen hun hele leven een kind te krijgen.
Daarna beslissen ze om maar een kind te adopteren.
Maar een magere meid met een diploma zegt dan dat dat niet kan.
Weet je waarom? Omdat ze misschien een ziekte hebben.
Niks besmettelijks. Gewoon zoiets als diabetes.
Of misschien zijn ze nog niet lang genoeg.
Of misschien zijn ze net iets te oud. 55 is de grens, meneer.
En je moet lang op een gezond kind wachten. Soms drie of vier jaar.
Denk daar eens over na.
Stel dat je er bijna bent.
Je hebt een jongere vrouw die moeder wil worden…
Maar een van jullie is steriel. Wat doe je dan?
Dan kun je naar ons toe komen en dan krijg je een kind.
Een kind dat zonder ons niet zou leven.
Is dat verkeerd?
En de dokters? Die oude man en z'n zoon?
Hoe vond je hen?
Het is alleen de oude man. Z'n zoon doet niks.
Als je Joe senior kent, weet je dat dat geen kwakzalver is.
Die meisjes zijn goed verzorgd.
Hij verloor 15 jaar geleden z'n vergunning...
voor het plegen van abortussen.
Dat staat daar, ja.
Ik zeg dat hij z'n tijd 15 jaar vooruit was.
En nu dan? Hij helpt kinderen op te groeien in een echt thuis.…
In plaats van dat ze zonder onderdak het hele land door moeten…
En vaak zonder het juiste eten.
Bied je dat aan? Sociale dienstverlening?
Hoeveel geld krijg je voor de baby's?
Dat hangt ervan af. -Hoeveel?
2000, misschien 3000. -Misschien het dubbele?
Ik heb uitgaven. -En vandaag ook winstuitkeringen.
Twee gewonden en een dode.
Je gaat ons helpen om dat meisje Barbara te vinden...
of je gaat als medeplichtige aan moord de cel in.
Oké, oké.
Haar baby ging naar een gezin genaamd Hunt.
Arthur Hunt in Daly City.
Als ze die dokter heeft, gaf hij haar dat adres vast.
Met Stone. Ik wil het nummer van Arthur Hunt, Daly City.
Nee, ik wacht wel. Dit is een noodgeval.
Je flesje is vast bijna klaar. Lieverd?
Wacht even. -Kom de keuken in als je klaar bent.
Ik kom zo. Pardon.
Nee, die niet.
Ik wil formulier W-4. Voorheffing van de werkgever.
Van het Rockwin Metaalbedrijf. Heb je dat genoteerd?
Nog steeds bezet.
Laat de centrale dat telefoontje onderbreken.
Oké, Bob.
Ja? -Ik heb hem.
Mr Arthur Hunt? -Dat ben ik.
Met inspecteur Keller van de politie van San Francisco.
Ik bel u over uw baby. -Welke baby?
Luister, we weten alles, maar dat doet er nu niet toe.
Wat telt is dat de echte moeder misschien weet waar u woont.
Ik wil u niet laten schrikken, maar ze is gewapend kan buiten zinnen zijn.
Het beste lijkt me als u uw vrouw en de baby daar weghaalt.…
En naar het huis van familie of vrienden in de buurt gaat.
Bel ons dan op het nummer dat ik u zo geef.
Ja, maar hoe moet ik...
Als u eraan twijfelt dat dit telefoontje echt is...
Nee, ik geloof u. Wat is het nummer?
Je kunt niet zeggen wat de beleidsveranderingen veroorzaakte.
Pardon, professor Talmadge? -Ja?
Komt u even mee? Het betreft uw dochter.
Is ze gevonden? -Ja.
Ze willen dat u haar identificeert. -O, pardon, Fred.
Pak de koffer uit de kast.
Mr Arthur Hunt?
Ja?
Ja, dat ben ik. Wat is er?
Ik wil m'n baby terug.
Baby? Welke baby?
Ik wil m'n baby terug, Zei ik.
Ik zou u wel willen helpen, maar u vergist zich.
We hebben hier geen baby. Ik ben klaar.
Je kunt tanken bij de… -Ja.
Wat is er?
Die jongedame denkt blijkbaar dat we haar baby hebben.
We hebben hier geen kinderen. -Nee.
U hebt één minuut om hem hier te brengen…
Anders schiet ik uw man neer.
Oké, ik haal hem wel.
Luister... -Achteruit.
U maakt een vergissing.
Achteruit, zei ik.
Ik geef hem niet aan u. U krijgt hem niet.
Hij is van mij. -Niet waar. U wilde hem niet.
Ik heb op hem gewacht en ik hou van hem.
U wilde hem niet. Hij is eerder van mij.
Niet waar, ik wilde hem wel.
Ze pakten hem van me af. Nu kom ik hem terughalen.
Barbara, leg dat wapen neer. -Ga weg, wegwezen.
Leg dat wapen neer. Kom hier.
We kunnen dit ophelderen. -Dat is al gebeurd.
Ik heb m'n baby gevonden. -Dat klopt.
Je zult hem pijn doen. Leg dat weg.
Pas als ze hem teruggeeft. -Barbara.
Ik kom je helpen.
Je hebt rust nodig.
Verzorging.
Je bent niet redelijk. -Wat vind jij dan redelijk, moeder?
's Ochtends een pil, 's avonds seks?
Een abortus na een achteloze maand? Dat vind ik niet redelijk.
Ik weet hoe het is om leven in me te hebben groeien.
Dat het door me groeit.
Dat heb jij me nooit geleerd.
Jij hebt me nooit geleerd dat het leven en liefde hetzelfde zijn.
Jij wilde niet dat ik m'n baby mocht hebben.
Dat wil niemand. Niemand.
Ik wil dat je je baby mag hebben.
Barbara, ik heet Steve, en ik wil dat je je baby mag hebben.
Ik begrijp wat je zegt.
In zekere zin zoeken jij en ik dezelfde dingen.
Niemand heeft gezegd waar je dat moet vinden, hè?
Je wilt je ergens aan vasthouden. Aan iets tastbaars.
En nu heb je dat gevonden.
Je hebt je baby gevonden.
Je bent nu bereid om van alles te zeggen, hè?
Zo voel ik me gewoon.
Dat heb je toch niet nodig?
Jij hebt er ook een.
Maar zou het niet fijn zijn als dat niet nodig was?
Mrs Hunt, ga met de baby in de auto zitten. Mr Hunt.
RECHTER MARY PARKHURST
U moet zo naar binnen.
Ik denk dat ik weet wat de rechter denkt.
Barbara zal behandeld worden. In een psychiatrische inrichting.
In die tijd mag u voor de baby zorgen.
Goed. -Nee, dat is niet goed.
U mag hem niet adopteren, u mag hem alleen verzorgen.
Hoe lang? -Dat zal van Barbara afhangen.
Mag ik hem zien?
Dank u.
Peter...
Ronald...
Talmadge.
Vergeet je naam niet.
Can't find what you're looking for?
Get subtitles in any language from opensubtitles.com, and translate them here.