Afrikaans
Akan
Albanian
Amharic
Armenian
Azerbaijani
Basque
Belarusian
Bemba
Bengali
Bihari
Bosnian
Breton
Bulgarian
Cambodian
Catalan
Cebuano
Cherokee
Chichewa
Chinese (Simplified)
Chinese (Traditional)
Corsican
Croatian
Czech
Danish
Dutch
Esperanto
Estonian
Ewe
Faroese
Filipino
Finnish
French
Frisian
Ga
Galician
Georgian
German
Greek
Guarani
Gujarati
Haitian Creole
Hausa
Hawaiian
Hebrew
Hindi
Hmong
Hungarian
Icelandic
Igbo
Indonesian
Interlingua
Irish
Italian
Japanese
Javanese
Kannada
Kazakh
Kinyarwanda
Kirundi
Kongo
Korean
Krio (Sierra Leone)
Kurdish
Kurdish (Soranî)
Kyrgyz
Laothian
Latin
Latvian
Lingala
Lithuanian
Lozi
Luganda
Luo
Luxembourgish
Macedonian
Malagasy
Malay
Malayalam
Maltese
Maori
Marathi
Mauritian Creole
Moldavian
Mongolian
Myanmar (Burmese)
Montenegrin
Nepali
Nigerian Pidgin
Northern Sotho
Norwegian
Norwegian (Nynorsk)
Occitan
Oriya
Oromo
Pashto
Polish
Portuguese (Brazil)
Punjabi
Quechua
Romanian
Romansh
Runyakitara
Russian
Samoan
Scots Gaelic
Serbian
Serbo-Croatian
Sesotho
Setswana
Seychellois Creole
Shona
Sindhi
Sinhalese
Slovak
Slovenian
Somali
Spanish
Spanish (Latin American)
Sundanese
Swahili
Swedish
Tajik
Tamil
Tatar
Telugu
Thai
Tigrinya
Tonga
Tshiluba
Tumbuka
Turkish
Turkmen
Twi
Uighur
Ukrainian
Urdu
Uzbek
Vietnamese
Welsh
Wolof
Xhosa
Yiddish
Yoruba
Zulu
Zijn naam is Jean Valjean.
Hij heeft van een kind gestolen en heeft daar nooit voor geboet.
Wat doet u in Parijs?
Ik heb een gevaarlijke crimineel ge�dentificeerd.
Hij doet zich voor als de burgemeester van Montreuil.
U vergist zich.
Ze heeft een bastaardkind die ze in Montfermeil in de steek liet.
Niet waar. Ik stuur 15 frank per maand. - Je hebt gelogen. Je bent ontslagen.
Wil je het verkopen?
Ik ben een zondaar geweest.
Maar wanneer ik Cosette hier bij me heb, betekent het dat God me heeft vergeven.
Ze zwemt vast in het geld. Ik denk dat we niet genoeg hebben gevraagd.
Ze is een schandvlek.
Fantine. Ik was fout. Laat mij proberen het goed te maken.
Ik ga je kind zoeken zodat jullie samen kunnen zijn. Dat beloof ik.
De echte Valjean is gevonden. Hij staat op het punt in Arras berecht te worden.
Voor hem is het afgelopen.
Het kind moet nu meteen worden gehaald. - Ja, dat begrijp ik, zuster.
Ik wil dat u naar Montfermeil gaat en haar dochtertje ophaalt. Ik moet ergens heen.
Waar is Monsieur Madeleine?
De burgemeester is naar Montfermeil.
Hij haalt...
Cosette op.
Dat is hij wat hij...
Hij haalt mijn dochtertje op.
Het gerechtsgebouw van Arras
SubTiel & Zn presenteren: Les Mis�rables S01E03: Episode 3
De gevangene in de beklaagdenbank.
U wordt beschuldigd van diefstal, te weten, negen appels uit de Pierron appelgaard...
waarvan u beweert ze op de grond buiten de appelgaard te hebben gevonden.
Het is aan de jury om te beslissen of uw versie van de gebeurtenissen waar is.
In het nemen van die beslissing houden ze rekening met het feit dat vier getuigen...
drie voormalige medegevangenen...
en voormalig cipier van de gevangenis, inspecteur Javert...
u hebben ge�dentificeerd als Jean Valjean de voortvluchtige, veroordeelde crimineel.
Die wordt gezocht voor de diefstal van 40 sous van een kind genaamd Petit Gervais...
en sindsdien voor justitie op de vlucht is.
Sta op.
Bent u de crimineel, Jean Valjean?
Mijn naam is Champmathieu. Ik kom uit Parijs.
Ik was daar wielmaker voor Monsieur Baloup, 20 jaar, vraag het hem, hij zal dat beamen.
Helaas is het niet gelukt deze Monsieur Baloup te vinden.
Heeft u iets tegen het hof te zeggen dat uw verdediging kan helpen?
U bent inslecht. U verdraait alles. Ik heb nog nooit iets gestolen.
Ik ben een man die niet elke dag kan eten.
Ik kwam uit Ailly, op zoek naar werk, ik was bijna uitgehongerd.
Ineens zat ik in de cel. Ik ben nog nooit in een gevangenis geweest.
Ik heb nog nooit van Jean Valjean gehoord... - Praat harder.
Uw verwarring zal u veroordelen. - Vraag het Monsieur Baloup.
Hij zal u vertellen wie ik ben.
Brevet?
Dat is Jean Valjean, ja. Ik heb negen jaar met hem gezeten.
Chenildieu?
Ja, dat is hem. We zaten vijf jaar aan elkaar vastgeketend, Edelachtbare.
Cochepaille?
Jean Valjean, daar staat hij. We noemden hem Jean-le-Cric, omdat hij zo sterk was.
Stilte.
Stilte.
Ik roep de jury nu op om zich over het bewijs te beraden...
en adviseer tot een schuldig vonnis te komen.
Genoeg.
Hou op met die leugens.
Monsieur Madeleine, gaat het? Roep een dokter.
Ik ben Jean Valjean.
Brevet, Chenildieu, Cochepaille. Hopelijk zijn jullie goed voor die leugens betaald.
Herinneren jullie me niet meer?
Brevet, heb je nog steeds die rode bretels die je op de gevangenisschepen droeg?
Chenildieu, je hele schouder is verbrand omdat je er op een rechaud mee hebt gelegen.
Toon het aan het hof.
Cochepaille, je hebt een tatoeage aan de binnenkant van je linkerelleboog.
Er staat: 1 maart, 1815. De dag dat de keizer bij Cannes aan wal kwam.
Doe je mouw dan omhoog.
En, inspecteur Javert, wilt u misschien uw getuigenis herzien?
Inderdaad, ik vrees dat ik een vergissing heb gemaakt.
Deze man is Jean Valjean.
En nu, voor het hof...
beken ik de diefstal van deze 40 sous...
van het kind genaamd Petit Gervais.
Burgemeester, geeft u zichzelf over aan inspecteur Javert?
Vrijwillig. - Handboeien.
Volg me.
Dank u, meneer, dank u.
Zal Cosette vandaag komen?
Daar ben ik van overtuigd.
Als ze komt...
mag ze dan in een klein bedje naast me slapen?
Ja. Put jezelf nu niet uit.
Even een snelle stop, gevangene 24601.
Nu kan de bevolking van deze stad zien wat je werkelijk bent.
Breng hem naar de cellen.
Heeft u het kind gehaald?
Waar is het kind?
Houd hem tegen. Jij, kom met me mee.
Pere Madeleine, uw handen.
Ik wil haar zien. - Ze is erg zwak. Waar is het kind?
Waar is Cosette?
U heeft haar toch wel gehaald?
Ik wil haar nu zien. - Ze is hier, liefje.
Maar de dokter zei dat je haar niet mag zien zolang je nog koorts hebt.
Maar het gaat goed met me. - En je zult haar spoedig zien.
Doe open.
Hoe gaat het met haar, burgemeester?
Hebben ze haar goed behandeld in Montfermeil?
Wat een ontroerend tafereel. - Inspecteur Javert, alstublieft...
Zuster, deze man is een crimineel, een leugenaar en een dief.
Hij is in Arras veroordeeld en hij is net zo slecht als haar.
Zij zijn het schuim der aarde. - Alstublieft.
U had beloofd...
om mijn dochtertje uit Montfermeil op te halen...
burgemeester. - Er is hier geen burgemeester.
Hij was niet naar Montfermeil om je dochter op te halen.
Hij was in de rechtbank zijn misdaden aan het bekennen.
Nu gaat hij terug naar de gevangenisschepen waar hij thuishoort.
Cosette.
Je hebt die vrouw vermoord. - Genoeg.
Ze is dood, en jij bent mijn gevangene. - Ik adviseer je uit mijn buurt te blijven...
voor even.
Fantine.
Vergeef me.
Ik zweer dat ik haar zal vinden.
Ik zal haar vinden.
Ik zal de rest van mijn leven geven voor haar geluk. Dat zweer ik.
Ik hoor niet dat je werkt. Ga door, lui varken.
Twee jaar later
Aanschouw mijn prachtige, handgemaakte poppen, dames en heren.
Allemaal uniek, stuk voor stuk met echt mensenhaar.
Wat een prachtig kerstcadeau voor een klein meisje waar men innig van houdt.
Of als u een pruik wilt, of nieuwe tanden, ik heb het allemaal.
Ik heb het allemaal. Ik koop en ik verkoop.
Waar denk je mee bezig te zijn, lui varken? Poppen kijken terwijl er klanten wachten?
Breng die emmer nu meteen naar binnen. Of ik geef je echt een reden om te huilen.
Val er niet van af, lieverds, ok�?
Ik koop en ik verkoop vanavond, dames en heren.
O, daar is ze, de zwerfster is teruggekeerd, op de kermis poppen aan het kijken.
Vul die ketel en blijf uit mijn buurt, Mademoiselle Pad.
En heb het lef niet om te morsen. Geen druppel.
H�, dat deed je expres, alleen om me kwaad te maken. Ik zou maar gaan rennen, meisje.
Daar gaan we.
Kom hier jij.
Een beetje beweging is goed voor kleur op je wangen.
Ik heb genoeg van je brutaliteit.
Mevrouw. Mijn paard heeft geen water gehad.
Pad. Ga twee extra emmers water halen. Opschieten.
Wees niet bang, kleintje. Ik doe je niks.
Ik help je wel even.
Kom maar.
Hoe heet je?
Cosette.
Vanavond draag ik jouw emmers.
Zeg maar waar ik heen moet.
H�. Ga de paarden verzorgen.
Goedenavond, mevrouw.
Wie ben je? Wat wil je?
Een bed voor de nacht, een fles wijn en wat te eten.
We zitten helemaal vol.
U kunt me overal plaatsen. In de stal, als u dat wilt.
Ik betaal de prijs voor uw beste kamer. - 40 sous.
Ok�.
Laat maar zien dan.
40 voor de kamer. 20 voor de maaltijd. 20 voor al het andere.
H�. Geef hem wat wijn.
En wat wil meneer voor zijn avondeten?
Brood en kaas. - Brood en kaas?
Hij is een echte heer hoor. - Er is niets mis met brood en kaas.
Ruim dat op.
Ok�, schatjes? Wat zijn jullie aan het eten?
Vinden ze het lekker? - Ja.
Dat is fijn.
Cosette?
Heb jij ook een pop? - Zij? Ze heeft het te druk met werk.
Toch zou een kind af en toe moeten spelen. Vooral met kerst.
En sommigen moeten leren zich met hun eigen zaken te bemoeien.
Ik kom zo terug.
Een vreemde vent, niet? Kom hier, kleine pad.
Waar heb je hem vandaan?
Wat wilde hij van je? Wat zei hij tegen je?
Wat wilde hij van je? Jij klein rotkind. Ik zal je iets geven om te janken.
Hier, Cosette. Voor jou.
Ik wil haar graag zien spelen.
En wie moet dan uw avondmaal serveren? - U, mevrouw.
Ik koop haar de rest van de avond vrij.
Noem uw prijs. - Vijf frank.
Afgesproken.
Ga maar.
En breng me nu mijn eten.
Maak u niet druk om me vrouw. Ze heeft een grote mond, maar een hart van goud.
Hier is het. De beste kamer in het huis, de bruidssuite.
Wat is dat?
Dat droeg mijn vrouw Rosalie op haar hoofd tijdens onze bruiloft.
U weet ongetwijfeld dat ik ��n van de helden was tijdens Waterloo.
Dat wist ik niet.
Ik droeg de kolonel op mijn rug door een kogelregen.
Is dat zo?
Was u in Waterloo? - Nee. Ik werd noodzakelijkerwijs opgehouden.
Wilt u de kleine meid hier bij u, meneer...
voor een kleine vergoeding? De vrouw hoeft het niet te weten.
Ze heeft toch een eigen bed?
Natuurlijk, net als mijn eigen kinderen. - Dan wens ik u een goed nacht.
U ook, meneer. Ik zie u morgenochtend.
Kijk hoe het er hier uitziet. Wat heb je gedaan? Jij nutteloos wicht.
Kom op, je had al klaar moeten zijn.
Goedemorgen, meneer. U bent vroeg wakker.
Hier is uw rekening, als u die wilt voldoen.
Ik heb gisteravond betaald. - Bijkomende kosten.
23 frank?
We hebben veel kosten. En dat kind is duur.
Cosette. Alouette, zoals ze haar in het dorp noemen.
Als is ze meer een vleermuis dan een leeuwerik.
Wat als ik haar van u zou overnemen?
Wat? U wilt het kind meenemen?
Ja.
Thenardier.
Hij wil het kind meenemen.
Had ik het niet gezegd? Kom.
Laat mij en die meneer maar even alleen. - Kom mee.
Meneer. Dit is allemaal zeer onwetmatig. Ik houd dit onder ons.
Ik heb van alles gedaan maar nog nooit zoiets als dit.
Ik bedoel, een kind onder mijn hoede aan een vreemdeling verkopen.
U wilt haar verkopen? - Als ze weg gaat...
is dat hartbrekend maar wij zijn bereid dat te ondergaan.
Natuurlijk willen we dan wat compensatie.
Wat als de moeder van het kind op komt dagen en vraagt...
"Waar is mijn kind, wat heb je met haar gedaan?"
Hoeveel?
Nee, ik kan het niet doen. Mijn vrouw haar hart zou breken. Sorry.
Hoeveel?
Het is niet goed. Ik zal niet tegen u liegen, u hebt me te pakken. Ziet u, ik heb schulden.
Hoeveel? - 1.500 frank.
Akkoord.
Breng me het kind. - Rosalie. Breng het kind.
Kom mee.
Je gaat met die meneer mee. - Alleen als ze dat wil. Wil je dat?
Mag ik mijn pop meenemen? - Natuurlijk.
Hier.
Trek dit zo snel mogelijk aan en dan gaan we.
Schiet op.
En de 23 frank?
Hier is 30.
En hij betaalde gewoon.
Ik had meer kunnen krijgen. Ik ga achter hem aan.
Pak je pistool. Hij zag er gevaarlijk uit.
Ja? - Perfect.
Ben je moe?
Catherine is een beetje moe. - Catherine? Is dat haar naam?
Wat doet u hier?
Ik kan haar niet laten gaan.
Dat heeft u al gedaan. - Niet voor 1.500 frank.
Dat is meer dan jij verdient. Haar moeder betaalde je goed...
en jij behandelde haar als een beest. Je moet je schamen.
Laat ons nu met rust voor ik je een klap geef.
Geef me 3000, of ik neem het meisje mee terug.
Wees voorzichtig met dit ding. Er kunnen mensen gewond raken.
Ga naar huis voor ik van gedachten verander en je kop eraf schiet.
Wegwezen.
Heeft Catherine genoeg gerust?
Ze zegt van wel.
Dan gaan we verder.
Ik kom eraan mevrouw.
Is het waar? Zijn we in Parijs? - Ja.
Moet ik vegen?
Nee, je hoeft niet te vegen...
of water te halen in het bos. Je hoeft niets. Behalve eten, slapen en spelen.
Misschien nog wat leren.
We hoeven niet meer terug? - Nee.
En nu bent u mijn vader?
Als jij dat wilt.
Wil je dat?
Ja, ik denk het.
Ik ben nog nooit iemands vader geweest.
Misschien moet je aan Catherine vragen wat zij ervan vindt.
Mag hij onze vader zijn?
Ze zegt ja, als je ons niet slaat.
Zeg haar maar dat ik jullie niet zal slaan.
Het is goed. Ze heeft u gehoord.
Welterusten, papa. - Welterusten, kleine.
Slaap lekker.
Welterusten, papa. - Welterusten.
Slaap lekker.
Ben je gelukkig? - Natuurlijk.
Vind je niet dat je naar school moet gaan net als de andere kinderen?
Waarom? U leert me alles.
Wil je geen vrienden? Iemand om mee te spelen?
Ik heb u.
En Catherine.
Ik kwam kijken of alles in orde was.
Dat is het zoals u ziet.
Het is mijn plicht weet u, als hoofdhuurder.
Hallo, kleine dame. - Hallo, mevrouw.
Ze is wel mager.
Ik kan wat voor u koken als u dat wilt. - Dat hoeft niet, dank u.
Ze is uw kleindochter?
Jullie lijken niet op elkaar.
Ze lijkt meer op haar moeder.
Juist, ja.
Nou... - Dan ga ik weer verder.
Tot zien, meneer. Tot ziens, kleine dame.
Nieuwsgierige oude heks.
U denkt hetzelfde. - Maar we spreken dat niet hardop uit.
Kom, eten.
Incidentenrapporten van gisteravond op mijn bureau, nu.
Ja, meneer. Ze liggen er al.
Dit is een eigenaardige.
De herbergier in Montfermeil zegt...
dat zijn dochter is gekidnapt door een schurk met een pistool.
Montfermeil zei je? Laat die eens zien.
Moet ik erheen gaan, meneer? - Stiefdochter staat er, niet dochter.
Montfermeil.
Ik denk dat ik zelf ga, Rivette.
Ik wil dat jij gaat kijken op de gevangenisschepen in Toulon.
Zijn er recente sterfgevallen of verdachte verdwijningen. Kijk of er wat opduikt.
En dat stuk daar? Je hebt een stuk overgeslagen.
Goedendag, mijnheer.
Kan ik u ergens mee helpen? Zoekt u een kamer?
Koffie, en ik wil uw echtgenoot ondervragen.
U wilt hem ondervragen?
Wie bent u dan wel, als ik zo vrij mag zijn?
Inspecteur Javert van de Parijse politie.
Hemeltje, hij ligt in bed. Hij is nog niet opgestaan.
Ga koffie voor hem halen.
Inspecteur...? - Javert.
U heeft aangifte gedaan van een ontvoering van een minderjarige.
Inderdaad.
Bedankt dat u helemaal hiernaartoe bent gekomen.
Niet gaan zitten.
Het kind, was het de uwe?
Nee. Een jonge vrouw op doorreis, liet haar hier achter...
ze zou terugkomen, maar deed dat nooit. Je zag dat ze niet zo net was als het hoort.
Als u begrijpt wat ik bedoel. - Weet u waar ze heen ging, de moeder?
Ze zei dat ze naar Montreuil ging.
Ok�.
En stuurde zij u geld...
voor onderdak en voedsel? - Nooit.
Nog geen stuiver. Wij zorgden voor dat kind uit barmhartigheid.
We hielden van haar alsof ze er ��n was van onszelf, inspecteur.
Heel ontroerend.
Ik was een van de helden van Waterloo, weet u.
Droeg de kolonel op mijn rug... - Beperk u tot de ontvoering.
Deze kerel, een grote, enorme, gespierde bruut...
verschijnt op een avond, wil de beste kamer en de beste wijn drinken.
Dan, in de ochtend, bedreigt hij ons met een vuurwapen...
en vertrekt met onze verdiensten �n het meisje.
Een sterke man, zou u zeggen? - Ja, zo sterk als een os.
Hij droeg twee emmers water alsof het vingerhoedjes waren.
Zei hij waarvoor hij het meisje wilde?
Nee, maar wij zijn mannen van de wereld, inspecteur.
Dat is niet moeilijk om te raden. Het vraagt niet veel van de verbeelding.
Goed.
Dat is alles. - Dat is alles? Maar hoe zit het met...
Wat? - Wat gaat u voor mij doen?
Niets.
Prijs uzelf dat ik u niet inreken. - Mij inrekenen?
Het is mij heel duidelijk dat u dat meisje verkocht aan een vreemde op doorreis.
Uw buren vertellen mij dat u wekenlang veel geld uitgaf nadat ze was vertrokken.
U bent een schurk, Thenardier.
Die bruut...
vertelde hij u misschien waar hij heen ging?
Nee, maar het leek alsof hij op weg was naar Parijs.
Ja, dat denk ik ook.
Wat zei hij over het vinden van het meisje?
Gaat hij ons helpen? Je had meer geld voor haar moeten vragen.
Hij zei dat hij zijn best voor ons zou doen, maar je weet hoe dat gaat.
Ga maar door.
Maak de lijn van zijn kaak wat meer vooruitstekend. Hier.
Hij had waarschijnlijk ook een baard als vermomming.
Er is maar ��n ontsnapping gerapporteerd, inspecteur Javert...
maar de gevangene verdronk. - Hebben ze het lichaam gevonden?
Nee, er wordt verondersteld dat het vastzit onder het paalwerk.
Het was gevangene - 24601.
Wat denk je ervan, Rivette?
Ik heb de man nooit gezien, maar hij ziet er zeker uit als een gewone schurk.
Er is niets gewoons aan deze schurk.
Bedankt, mijnheer.
Ben je helemaal alleen, kleintje?
Papa komt zo terug. - Papa?
Hij zorgt goed voor je, je papa? - Ja.
En wat is er met je mama gebeurd?
Zij is dood gegaan.
Die man...
hij is niet echt je papa, of wel? - Ja, dat is hij wel...
en ik zal hem vertellen dat u hier rondsnuffelde.
Ik ben de hoofdhuurder. Ik heb het volste recht.
Maar ik zal je niet langer storen. Prettige dag verder, jongedame.
Schiet op mannen, haal alles hier weg. - Wat is dat allemaal?
Het is voor niet betaalde schulden. Ik leg beslag op dit eigendom, Thenardier...
en alle handelswaar. - Dat kunt u niet doen.
Ik kreeg daarvoor de opdracht van inspecteur Javert.
Thenardier, wat heb je gedaan?
Neem niet alle stoelen mee.
Opschieten, mannen.
Wat doen we met de hond? - Ik heb hem vastgebonden.
We willen niet nog een mond te voeden hebben.
En de dreumes? - Ik zei hem aan de achterzijde te wachten.
Iemand zal zich wel over hem ontfermen.
Mama...
Gavroche, mijn lieve kind.
Te bedenken dat je bijna alleen achterbleef. Dank u...
Schiet nou op.
Rivette. - Ja, mijnheer.
Enig teken van hem? - Niets, mijnheer.
Er is hier een vrouw die naar u vraagt, mijnheer.
Zij zegt dat zij voor u inlichtingen heeft over hem.
"De kraai zat te hoog voor de vos om bij hem te komen...
dus de, dus de..." - Sluwe.
"de sluwe vos begon hem...
te vertellen hoe glimmend..."
Snel, doe je kleren aan. We gaan een wandelingetje in het maanlicht maken.
Zo snel als je kunt. Alsjeblieft. Kom mee.
En Catherine dan?
Open maken. Politie.
Open maken.
Trap de deur in.
Hij is buiten.
We verstoppen ons hier.
Hij verliet net de Gorbeau huurkazerne met een meisje.
Hebben jullie hem gezien? - Nee, mijnheer.
Jullie twee, sluit de uitgang bij de Rue de la Mairie af.
Jij, terug naar de Rue Picpus. Wij jagen hem op.
Snel.
Papa, mijn voeten doen pijn.
Zijn alle straten afgesloten? - Allemaal, mijnheer.
Papa, ik heb het koud.
Zij gingen die kant op, mijnheer. - We hebben hem.
Waar is hij? - We hebben hem niet gevonden, mijnheer.
Terug naar de Rue Picpus. Opschieten...
Kom op, schiet op.
Voor dit moment zijn we veilig. Cosette.
Wat heb ik gedaan?
U moet vertrekken, mijnheer. Geen man mag binnenkomen...
Ik ga al, maar ik smeek u, zorg voor dit meisje.
Pere Madeleine? - Zuster Simplice.
Zij is Fantines kind.
Moeder-overste, dit is een goede, vriendelijke man.
Cosette...
Ik ben een veroordeelde, gezocht door de politie. Ze doorzoeken de straten naar me.
Politie.
Doe open in naam van de wet, of we beuken de deur in.
Neem het kind mee.
Politie.
Doe open in naam van de wet.
Vertel me wie u bent en wat u wilt, mijnheer.
Inspecteur Javert van de Parijse politie.
We denken dat er hier een ontvluchte crimineel is.
Ik eis de gebouwen te doorzoeken.
Dit is een tehuis voor heilige vrouwen. Geen man mag binnenkomen.
We gehoorzamen hier aan God, mijnheer, niet aan de Parijse politie
Zuster...
ik moet dit gebouw doorzoeken.
Nee, inspecteur.
Geen enkele man heeft al vele jaren lang een voet in dit klooster gezet.
Of zal dat ook doen.
Als u zich ook maar bewust wordt van een poging door deze man...
U zult dan worden gewaarschuwd, inspecteur.
Blijft u alstublieft zitten.
En Monsieur Madeleine, wat gaan we met u doen?
Mijn naam is Jean Valjean.
U zou mij moeten wegsturen, maar ik smeek u...
zorg voor Cosette.
Dat is geen probleem. Wij hebben hier een school...
en, zodra zij weer gezond genoeg is, kan zij die bezoeken, samen met de andere meisjes.
Maar wilt u haar afstaan?
Dat zou mijn hart breken, denk ik.
U bent een dief, nietwaar? - Ik was een dief.
Maar dat was lang geleden. - Dus kan ik u vertrouwen?
Als u de zorg voor Cosette opneemt, doe ik alles voor u.
Ik geloof u.
Er moet wat werk op het terrein worden uitgevoerd.
U zou deze kamer kunnen betrekken en hier verblijven als onze tuinman.
U zult dan in staat zijn om het kind elke dag te zien.
Dank u, moeder-overste.
Dank u.
Sorry, hij is aan ons ontsnapt. - Hij zal nooit aan me ontsnappen.
Zoek overal.
Hij zal gevonden worden.
Vertaling en Sync: SubTiel & Zn
Can't find what you're looking for?
Get subtitles in any language from opensubtitles.com, and translate them here.