Afrikaans
Akan
Albanian
Amharic
Arabic
Armenian
Azerbaijani
Basque
Belarusian
Bemba
Bengali
Bihari
Bosnian
Breton
Bulgarian
Cambodian
Catalan
Cebuano
Cherokee
Chichewa
Chinese (Simplified)
Chinese (Traditional)
Corsican
Croatian
Czech
Danish
Dutch
Esperanto
Estonian
Ewe
Faroese
Filipino
Finnish
French
Frisian
Ga
Galician
Georgian
German
Greek
Guarani
Gujarati
Haitian Creole
Hausa
Hawaiian
Hebrew
Hindi
Hmong
Hungarian
Icelandic
Igbo
Indonesian
Interlingua
Irish
Italian
Japanese
Javanese
Kannada
Kazakh
Kinyarwanda
Kirundi
Kongo
Korean
Krio (Sierra Leone)
Kurdish
Kurdish (Soranî)
Kyrgyz
Laothian
Latin
Latvian
Lingala
Lithuanian
Lozi
Luganda
Luo
Luxembourgish
Macedonian
Malagasy
Malay
Malayalam
Maltese
Maori
Marathi
Mauritian Creole
Moldavian
Mongolian
Myanmar (Burmese)
Montenegrin
Nepali
Nigerian Pidgin
Northern Sotho
Norwegian
Norwegian (Nynorsk)
Occitan
Oriya
Oromo
Pashto
Persian
Polish
Portuguese (Brazil)
Portuguese (Portugal)
Punjabi
Quechua
Romansh
Runyakitara
Russian
Samoan
Scots Gaelic
Serbian
Serbo-Croatian
Sesotho
Setswana
Seychellois Creole
Shona
Sindhi
Sinhalese
Slovak
Slovenian
Somali
Spanish
Spanish (Latin American)
Sundanese
Swahili
Swedish
Tajik
Tamil
Tatar
Telugu
Thai
Tigrinya
Tonga
Tshiluba
Tumbuka
Turkish
Turkmen
Twi
Uighur
Ukrainian
Urdu
Uzbek
Vietnamese
Welsh
Wolof
Xhosa
Yiddish
Yoruba
Zulu
'De schuld ligt niet bij onze sterren,
maar bij onszelf.' Shakespeare
Dit verhaal behandelt psychoanalyse,
de methode waarmee de moderne wetenschap
emotionele problemen behandelt.
De analist laat de patiënt praten over zijn verborgen problemen
om zo het onderbewuste los te maken.
Als de complexen ontdekt en geïiïnterpreteerd zijn,
verdwijnt de ziekte en de verwarring
en wordt de redeloosheid uit de menselijke ziel verdreven.
Jw. Carmichael, Dr. Petersen wacht op u.
Sorry dat ik weg moet. Ik had goede kaarten.
Ik kon jullie zo verslaan. - Harry gaat met u mee.
Let goed op. Verlies haar niet uit het oog.
Hoe gaat het, Harry? - Goed.
Je ziet er nors uit. - Dat is het licht.
Ik maak me zorgen om jou. - Alles is oké.
Moeten we naar Dr. Petersen gaan?
Kunnen we niet ergens alleen wat praten, jij en ik?
Graag, als ik tijd had. - Zou je dat willen?
Binnen.
U verpestte een interessant spelletje, dokter.
Je mag gaan, Harry. - Ik wacht buiten.
Voel je je vandaag beter? - Helemaal niet.
Dat komt wel. - Ik vind dit belachelijk.
Wat bedoel je, Mary? - Psychoanalyse.
Het is doodsaai.
Als een idioot op een sofa liggen babbelen.
U helpt me niet door te luisteren naar dat geklets over mijn jeugd.
Komaan.
Alle patiënten vinden me in het begin een lastpost.
Ach, zo. Dat is mijn onderbewustzijn dat zich verzet.
Het wil niet dat ik genees. - Precies.
Het geniet van je ziekte. Wij moeten je laten begrijpen waarom.
Als je weet waarom je dingen doet die slecht voor je zijn,
dan kun je jezelf genezen. - U bedoelt dat ik loog.
Niet meer dan normaal. - U hebt gelijk.
Ik lieg dat ik zwart zie. Ik haat mannen. Ik verafschuw ze.
Als een man me aanraakt, heb ik zin om z'n hand af te bijten.
Dat heb ik 's gedaan. Wilt u dat horen?
Vertel me wat je je herinnert. - We dansten.
Hij vroeg me ten huwelijk, hijgde in mijn oor.
Ik deed alsof ik hem wou kussen en zette mijn tanden in zijn snor.
Ik beet ze er helemaal af.
U lacht me uit.
Dat zelfvoldane gezicht bedot mij niet.
U wilt zich gewoon superieur voelen.
U en uw leuterende wetenschap. Ik haat u.
Ik wil uw valse gezicht nooit meer zien.
Ik kan u niet uitstaan. U en uw onzinnig geklets.
Kom, Jw. Carmichael. - Stom wicht.
Me druk maken om zo'n wezen. Die ijspegel.
Dr. Fleurot, ik wil met u praten, alleen.
Ik kan die vrouw niet uitstaan. - Ik kom straks.
Kom mee.
Murchison is gek om jou Carmichael te geven.
Meld dat maar aan de nieuwe directeur als hij aankomt.
Om zo iemand te behandelen moet je op de hoogte zijn.
Ik heb research gedaan over liefdesproblemen.
Laat me niet lachen.
Je werk is briljant, maar futloos. Er zit geen gevoel in.
Je benadert alles met een ijszak op je hoofd.
Wil je me verleiden? - Zo meteen.
Ik maak eerst de baan vrij.
Je gebrek aan emotionele ervaring is slecht voor je,
als dokter.
En fataal voor een vrouw.
Dat hoorde ik van veel verliefde psychiaters,
die 'n betere dokter van me wilden maken.
Maar ik heb een beter argument. Ik ben dol op jou.
Waarom?
Alsof ik een boek omhels. - Waarom doe je het dan?
Omdat je geen boek bent. Je bent een lieve, aanbiddelijke vrouw.
Dat voel ik elke keer. - Je voelt slechts jouw verlangens.
De mijne beantwoorden die niet. - Hou op.
Ik ben gek op jou.
Ik vrees dat ik je verveel.
Uw gedrag is heel interessant.
Ik wil net als Jw. Carmichael een boek naar je hoofd gooien.
Maar dat doe ik niet. Mag ik dit lenen?
Zeker. - Vergeef me mijn kritiek.
Hou het toch maar bij boeken. En nog iets...
Sorry dat ik zo binnenval.
Ik verwacht mijn opvolger nu elk moment.
Wel, het was een fijne samenwerking.
Dank u. Kom je, Dr. Petersen?
Ik ben niet gehaast om Dr. Edwardes te verwelkomen.
Het zal vreemd zijn zonder u. - Ja, ik hoor bij het meubilair.
Meer nog, u bent Green Manors. Het is oneerlijk.
Je bent nog jong. Je kent het geheim van de wetenschap niet.
De ouden maken plaats voor de jongen,
vooral als de ouden seniel worden.
Belachelijk. De raad van bestuur moet inzien dat u zich beter voelt
na uw vakantie. - De raad doet gewoon zijn werk.
Ik ben nog even bekwaam als vroeger.
Maar ik zou nog 's kunnen instorten.
U was overwerkt.
Leuke diagnose voor een ouwe knol.
Ik zal aan uw opgewektheid terugdenken
als een les in aanvaarding.
Laat je niet misleiden door m'n vrolijkheid.
Dat is de makkelijkste manier om afscheid te nemen.
Ik weet... Binnen.
Uw post, Dr. Petersen. En Mr. Garmes.
Kom binnen, Mr. Garmes.
U vertrekt vandaag niet. - Ik blijf nog wat rondhangen.
Zoals moeder kip. Tot Dr. Edwardes op het nest zit.
Hoe voelt u zich? - Wat beter.
Mijn probleem lijkt wat minder erg.
Mag ik dat voor u doen?
Nee, dank u, ik kan dat zelf heel goed.
Gaat u zitten. Ik kom zo.
Dat is dus de machtige Edwardes. - Jonger dan verwacht.
Maar één koffer. Misschien blijft hij niet lang.
Laat die dagdromen aan Dr. Murchison over.
Heren, onze nieuwe baas, Dr. Anthony Edwardes.
Dr. Fleurot. - Aangenaam.
Ik ben Dr. Graff. - Aangenaam.
Dr. Hanish. - Aangenaam.
Er ontbreken nog een paar dokters. Dit zijn uw vertrekken.
Heel chic voor een instituut.
Dr. Edwardes, Dr. Murchison. - Aangenaam.
Ik heb veel over u gehoord. - En ik over u.
U bent jonger dan ik dacht. - Ik zie er jonger uit dan ik ben.
Ik blijkbaar niet.
Ik leg de teugels graag in bekwamere handen.
Ik laat u mijn bibliotheek na, met onder meer uw boek,
'Het labyrint van het schuldcomplex'. Briljant.
Ik hoop dat u hier inspiratie vindt. - Dank u.
Ik ken de etiquette voor een troonsafstand niet.
Deze vertrekken, die ik 20 jaar betrokken heb, zijn nu van u.
Excuseer me.
Ik sprak Dr. Edwardes even. Hij maakte een goede indruk.
We kunnen leren van een man met zulke capaciteiten.
Ken je zijn werk? - Ik las al zijn boeken.
Heel onconventionele ideeën.
Het zou erg zijn als uw opvolger onwaardig was.
Daar is hij.
Ik denk dat u iedereen al kent. - Nee, nog niet.
Dit is Dr. Petersen. - Aangenaam.
Dr. Edwardes.
Dr. Hanish leidde me rond. Dit is een bijzonder instituut.
Vast mooi in de zomer.
Ik liet Dr. Edwardes onze outdoorfaciliteiten zien.
Dr. Murchison vond dat we op dat gebied niet genoeg deden.
Dr. Petersen is een gymnastiekfanaat.
Dr. Fleurot noemt alles gymnastiek.
U houdt dus van sport? - Zeker.
Ik mis de wintersporten wel. Liet u het olmenbos zien?
Jazeker. - Daar komt een nieuw zwembad.
Zwemmen is goed voor je. - Het is een perfecte plek.
Geen rechthoek. Een onregelmatige vorm. Lets...
lets in deze aard.
Ziet u? Met hier dan een badhuis.
De linnenvoorraad is hier wellicht onuitputtelijk.
Neem me niet kwalijk.
Dat doet me denken aan mijn prof psychiatrie, Dr. Brulov.
Hij kon niet tegen sausflessen of zoutvaatjes op tafel.
Op een banket wou hij niet aan de sprekerstafel gaan zitten
omdat hij omringd was door...
Door ketchup.
Tijdens het diner verscheen er een nieuw kuiltje in je wang.
Ik bespeurde een moederinstinct tegenover Dr. Edwardes.
Ik verafschuw dergelijke tienerpraat.
Je reacties verstoorden mijn favoriete theorie over jou.
Dat je immuun was voor analisten
en zou vallen voor een sufferd met stekelhaar.
Als ik dat type zocht, was ik al lang op jou gevallen.
Binnen. - Ik...
Excuseer me. Van Dr. Edwardes.
Nu al liefdesbrieven. De Franse school der wetenschap.
Mr. Garmes is hier Kom meteen
Ik wou hier niet komen, maar m'n broer stond erop.
Ik zie er het nut niet van in.
Ik lijd niet aan hallucinaties, mijn schuldgevoel is echt.
Ik weet dat ik mijn vader vermoord heb.
En daar wil ik voor boeten.
Binnen.
Dank u dat u zo snel kwam.
Ik dacht dat u me kon helpen met Mr. Garmes.
U mag Dr. Edwardes niet storen. - Zijn zaak interesseert me.
Ja, omwille van uw boek over het schuldcomplex.
Mag ik weten waar u het over hebt?
We willen uw schuldcomplex genezen met psychoanalyse.
Maar ik heb geen schuldcomplex. Ik weet wat ik weet.
Ik heb m'n vader gedood... - Dat is niet waar.
Die misvatting heeft u in haar macht.
Het spijt me, u praatte met hem.
Nee, ga door.
Mensen voelen zich vaak schuldig.
Dat gaat vaak terug naar hun jeugd.
Een kind wenst iemand vaak iets slechts toe
en als dat gebeurt, denkt het kind dat het zijn schuld is.
Het krijgt een schuldcomplex, over een nare kinderdroom.
Dus wat ik denk, is niet waar?
Door de analyse zult u dat inzien. Wilt u teruggaan naar uw kamer?
We moeten hem medicijnen geven. Hij is onrustig.
Zijn overtuiging is opmerkelijk. - U zag dat toch vaak.
U beschreef die gevallen in uw boek.
Ja, dat is waar.
Wilt u iets voor me doen? - Graag.
Ik wil deze namiddag vrij nemen. Met u.
U hebt pas na het diner dienst. - Ik wou mijn...
Ik heb frisse lucht nodig. 'T Zal u goeddoen.
Maar Dr. Hanish heeft een kleptomaan...
En dat tijdens de lunch? Die steelt het eten uit uw mond.
Excuseer me.
Ja, met Dr. Edwardes.
Ja, Anthony Edwardes. Wie?
Sorry, ik verstond uw naam niet. Norma Cramer?
Ik heb het druk en ik ken u niet.
Een meisje dat beweert...
Ik haat grapjes. U ook?
Mensen die bellen: 'Raad 's wie ik ben.'
Vast een ex-patiënt van u. Die halen graag grappen uit.
Waarschijnlijk. Kom, we gaan.
Op naar gezonde bomen, normaal gras en complexloze wolken.
Ik vind dat dichters het meeste kwaad gesticht hebben.
Dichters zijn meestal saai, maar niet slecht.
Ze vullen je hoofd met waanideeën over liefde.
Ze beschrijven ze als een symfonieorkest, iets hemels.
En dat is niet zo? - Natuurlijk niet.
Je wordt verliefd als reactie op een bepaalde haarkleur,
een stem, of iets wat je aan je ouders doet denken.
Of soms zomaar. - Dat doet er niet toe.
De mensen lezen over de liefde, maar ervaren ze anders.
Ze verwachten dat kussen als lyrische gedichten zijn
en omhelzingen als drama's van Shakespeare.
En als dat tegenvalt, worden ze ziek en moet u ze analyseren.
Ja, heel vaak.
Professor, u lijdt aan onzin-itis.
Excuseer me?
U kunt daar niet door. - Tuurlijk wel. Dat lukt zeker.
Pijn gedaan? - Helemaal niet.
Het gaat wel.
Meestal kom ik hier alleen. - Dat lijkt me niet leuk.
Dat is ook de bedoeling niet. Is dit niet prachtig?
Perfect.
De lunch. Wat wilt u? Ham of leverworst?
Leverworst.
Heeft iemand onze baas al gezien?
Hij heeft zijn handen vol.
Hij vertrok met Dr. Petersen.
Hij loopt achter Dr. Petersen aan als een kwijlende puber.
Dat zal Constance goeddoen. Dat meisje kwijnt hier weg.
Ik zei haar onlangs nog dat er iets ontbrak in haar leven.
Blijf maar zitten. Ik hoorde dat Mr. Garmes weer onrustig was.
Hij kreeg 'n pil. - Sorry dat ik er niet was.
Onzin. Het was blijkbaar leerrijk. - Leerrijk?
Kijk naar haar panty's. Ze klom in een boom.
Of ze hing in een doornstruik.
Nee, er hangen twee bladeren in haar haar. Sta me toe, dokter.
Je bent een echte charmeur. - Drink eerst een kop koffie.
Ze heeft al gegeten. Dat zie je aan de mosterd aan haar vinger.
Ik gok op hotdogs langs de hoofdweg.
Echt? Je diagnose is verkeerd, zoals gewoonlijk.
Geen hotdogs, leverworst. Sorry, kindjes, ik ga naar Mr. Garmes.
Het hoofd van Green Manors is een casanova.
Ze bloost al als ze z'n naam hoort.
'Labyrint van het schuldcomplex' Edwardes
Dit is een speciale editie, bestaande uit 750 kopieën,
ondertekend door de auteur
Het is heel laat.
Ik wou je nieuwe boek nog 's lezen.
Ik heb nog nooit een boek met de auteur besproken.
We hadden een paar profs die schreven, maar dat was anders.
Ik klink nogal nerveus, hé? - Helemaal niet.
Ik dacht dat ik uw boek wou bespreken.
Die uitvlucht verbaast me.
Ik wil het helemaal niet bespreken.
Dat begrijp ik.
Het is vreemd te ontdekken dat je niet bent wat je dacht.
Ik was altijd heel zeker van mijn gevoelens.
En nu niet?
Dit is belachelijk.
Stom van me om hier te komen, als een verward kind.
Je bent heel mooi. - Zeg dat toch niet.
Je zal denken dat ik daarvoor kwam.
Ik weet waarom je kwam.
Waarom?
Omdat ons iets overkomen is.
Maar dat gebeurt toch niet zo, op één dag?
Het gebeurt soms in een oogwenk.
Ik voelde het deze namiddag.
Het was net een blikseminslag.
Die slaat zelden in.
Ik snap niet hoe het gebeurd is.
Wat is er? - Het ligt niet aan jou.
Het is je kamerjas. - Wat? Ik begrijp het niet.
Vergeef me. Ik schrok ergens van.
Ik heb last van m'n zenuwen en je kamerjas...
Die donkere lijnen... - Je bent ziek.
Nee, ik ben oké.
Ja, Dr. Edwardes.
Waar is hij? Ik kom meteen.
Garmes viel Fleurot aan en wou zelfmoord plegen.
Is het erg? - Hij wordt geopereerd.
Ik kom eraan.
Hij verloor veel bloed. Hij haalt het wel.
Polsslag? - 140.
Hij zakt.
Waarom is 't licht uit in de gang? - Hoezo?
Het is donker. Daarom deed hij het.
Omdat het licht uit is. Doe het aan.
Deuren. Doe ze open. Je mag niemand opsluiten.
Dr. Edwardes. - Die onzin over schuldcomplex.
Weten jullie veel. Hij heeft het gedaan.
Hij vertelde het me. Hij doodde zijn vader.
Doe het licht aan. Snel.
Het is donker. Donker. - Hij stort in.
Nee, hij is ziek.
Wat heeft hij? Is het een hartaanval?
Nee, hij is in shock. Vast uitgeput.
Breng hem naar z'n kamer. Ik zorg voor hem.
Het spijt me.
Ik heb mezelf nogal belachelijk gemaakt, zeker?
Wie bracht me hierheen?
Wat een rotzooi. Instorten tijdens een operatie.
Wie ben jij?
Nu weet ik het weer.
Edwardes is dood.
Ik vermoordde hem en nam z'n plaats in.
Ik ben iemand anders. Maar wie?
Ik heb hem vermoord.
Ik heb geen geheugen. Alsof ik in een spiegel kijk en niets zie.
Maar het beeld is er wel, dat weet ik. Ik besta, ik ben daar.
Hoe kun je je geheugen verliezen en toch zo praten?
Alsof je gezond bent.
Ben je bang van mij?
Je bent ziek. Geheugenverlies is geen groot probleem.
Dat weet ik. Amnesie.
Je geest grijpt in, zodat je niet gek wordt.
Je vergeet iets wat te erg is om je te herinneren.
Je stopt het achter een deur.
Die moeten we openmaken. - Ik weet wat het is. Moord.
Dat is een waanidee, door je ziekte.
Vertel me de waarheid en vertrouw me.
Ik vertrouw je, maar ik weet niet wie ik ben.
Ik weet het niet. Ik weet het niet.
Wie belde je gisteren? - Wie me belde?
Ja, in je kantoor.
Ja, ik herinner het me.
Wat zei ze?
Ze zei dat...
dat ze m'n assistente was en bezorgd was.
Ze was de assistente van Dr. Edwardes.
Wat zei ze nog meer? - Ze herkende m'n stem niet.
Dat ik Edwardes niet was. - Je hing op.
Ik was in de war. Ik... Ik had hoofdpijn.
Was dat je eerste twijfel? - Wat?
De eerste keer dat je in de war raakte.
Gebeurde er daarvoor nog iets?
Toen ik in het hotel m'n koffer inpakte,
vond ik een sigarettendoos.
Ze maakte me bang. Ik begreep niet waarom. Hier.
De initialen J.B. Zie je ze?
Toen ik ze zag, op m'n hotelkamer...
kreeg ik hoofdpijn.
Het zijn vast jouw initialen.
Je moet wat slapen. Morgen zul je me meer kunnen vertellen.
Als je me vertrouwt. - Ik vertrouw je.
Het is laat. Je moet ook gaan slapen. Ik red me wel.
Er komt de eerste dagen geen politieonderzoek.
We zullen dit rechtzetten voor er iets gebeurt.
Ik zal morgen langskomen en je ziek melden.
Ik kan je hierbij niet betrekken, wegens allerlei redenen,
vooral omdat ik van je hou.
Ik logeer ondertussen in het Empire State Hotel in New York.
Vaarwel. J.B.
Ik werk al 5 jaar voor Dr. Edwardes.
En die man was Dr. Edwardes niet.
Ik ging ook met vakantie, toen hij vertrok.
Ik was bezorgd toen ik niets van hem hoorde.
Ik dacht dat hij hierheen kwam en niet naar de praktijk.
Daarom belde ik. - Laat hen de foto zien.
Dat is iemand anders. - Hij nam 'n risico.
Lemand kon Edwardes kennen. Zag u de echte Edwardes nooit?
Ik heb hem nooit ontmoet.
Maar ik voelde dat er iets niet pluis was.
Ik was niet onder de indruk van hem.
En zijn inzinking verontrustte me. - Wat was de oorzaak daarvan?
Dat is duidelijk. Garmes.
Die bedrieger heeft vast last van geheugenverlies.
Garmes bracht even de realiteit terug.
Hij kon de waarheid niet aan en stortte in.
Heeft hij Edwardes vermoord? - Ongetwijfeld.
Hij doodde hem en nam z'n plaats in, om z'n misdaad te verhullen,
door te doen alsof hij nog leefde.
Zo'n onrealistisch gedrag is typisch
voor de geslepenheid bij paranoïiïde gedrag.
We verspillen tijd. Zijn kamer is boven.
Dit is Dr. Petersen. Deze heren zijn van de politie.
De politie?
Wat is er gebeurd? - Niets ergs.
Onze Dr. Edwardes is een paranoïiïde bedrieger
en doodde wellicht de echte Edwardes.
Hij is verdwenen.
Is hij niet in zijn kamer? - Liet u hem achter in z'n kamer?
Heeft hij iets gezegd over zichzelf, of z'n inzinking?
Hij was zichzelf niet. Hij sprak niet samenhangend.
Verbaast het u niet dat hij een bedrieger en moordenaar is?
Ik ben zulke verrassingen gewend.
Vermoedde u iets?
Ik dacht dat hij overwerkt was.
Vreemde diagnose voor iemand die uit vakantie komt.
Ik stelde geen diagnose. Ik schrok toen hij instortte.
Ledereen schrok. We trapten er allemaal in,
behalve Dr. Murchison.
Hebt u geen enkel idee waar hij kan zijn?
Misschien is hij nog in de buurt. We kijken 's rond.
Het spijt me, Constance. Ik wou je waarschuwen,
maar ik wist het niet zeker. Het is jouw schuld niet.
Ze vinden hem wel. Ik zal je op de hoogte houden.
Ik kan je hierbij niet betrekken, wegens allerlei redenen,
vooral omdat ik van je hou.
Ik logeer in het Empire State Hotel in New York.
Die kerel dacht dat het hem wel zou lukken.
Het is duidelijk amnesie. Hij wist niet wie hij was en wat hij deed.
Wat denk jij, Constance? - Ik weet het niet.
Als je niet Constance Petersen was, de menselijke gletsjer,
zou ik zeggen... - Wat zou je zeggen?
Dat is gemeen van me. Je zegt de waarheid.
Ik wou zeggen dat je iets verzwijgt.
Ik ben te sentimenteel.
Een vrouw als jij kan zich niet binden aan een man.
Ander onderwerp, Fleurot.
Ik wil hem wel een paar vragen stellen als ze hem vinden.
Je zal hem niets vragen. - Waarom niet?
De politie zal hem niet levend vinden.
Zo'n amnesiegeval leidt altijd tot zelfmoord.
Hij zal een einde maken aan z'n pijn,
door zich door het hoofd te schieten, of zo.
Je beledigt Dr. Petersen met je harteloosheid.
Sorry dat onze medewerkers zich soms gedragen als studenten.
Ik ben niet beledigd. Dr. Fleurot heeft gelijk.
Maar ik ben moe. Goedenavond.
De politie laat weten dat we niet moeten vrezen
voor de gevaarlijke ontsnapte uit Green Manors.
De zoektocht gaat verder in Manhattan.
Dit is WQZK, Brooklyn, George Bell.
Nu zetten we ons programma voort.
Ik ben blij dat ik even kan zitten.
Ik kom uit Pittsburgh.
Dat is pas een stad.
In Pittsburgh kun je nog mensen ontmoeten.
Vriendelijk.
Hier kun je leven en sterven, zonder iemand te ontmoeten.
Zullen jij en ik iets gaan drinken, nu we mekaar kennen?
Nee, dank u, ik... - Je moet niet zo verwaand doen.
Ik ken in Pittsburgh betere mensen dan jou, mevrouwtje.
U bent vast een sociaal succes, als u de kans krijgt.
Nu hoor ik je praten. - Kom niet op mijn schoot zitten.
Zo is het genoeg.
Opkrassen. - Ik ben wel te gast in dit hotel.
En wie mag jij zijn? - De hoteldetective. Hoepel op.
Het wordt steeds erger in deze stad.
U hoeft niet weg te gaan, hoor.
Sorry voor de last. Ik hield hem in de gaten. Ik had dit wel verwacht.
Een hoteldetective moet anticiperen op de problemen.
U hebt niet ingecheckt, hé?
Dat dacht ik al. U liep zo doelloos rond.
Zoekt u iemand? Wees maar niet bang van mij.
Ik zag meteen dat u een dame in nood bent.
En niet van hier.
Een lerares of...
bibliothecaresse. Wel? - Lerares.
Dat dacht ik wel. Die zien er altijd zo verloren uit.
Kan ik u helpen? - Ik denk het niet. Dank u.
U zoekt vast een man. Zeker een familielid.
U kijkt zorgelijk, dus een naaste.
Een echtgenoot soms?
U verbaast me echt. - Ik heb het juist, hé?
Hoe ziet u dat? - Ik ben een beetje psycholoog.
Dat moet wel, in mijn vak.
Wilt u me wat meer bijzonderheden vertellen?
We hebben gewoon gekibbeld.
En u kreeg er spijt van en kwam hem achterna, hé?
Zo gaat dat gewoonlijk.
Maar u durft hem niet onder ogen te komen.
Ik... Ik weet niet welke kamer hij heeft.
Hij kwam naar dit hotel, maar onder een andere naam.
Ik moet hem vinden, om me te verontschuldigen.
Wanneer kwam hij aan?
Gisterenochtend. - Beschrijf hem eens.
Hij is heel lang en... en aantrekkelijk.
Donker haar, een nogal streng gezicht.
En bruine ogen. En één koffer. - Ik zal het 's natrekken.
Hebt u hem gevonden? - Ik heb een spoor.
Er kwamen gisteren 25 zulke mannen aan.
Dit zijn hun fiches. U herkent vast het handschrift.
Dat is heel slim van u.
Dit is zijn handschrift. - John Brown.
Een weinig fantasievolle naam. Kamer 3033.
Dank u. Ik wou de hele dag op 'm wachten.
Dat dacht ik wel. Graag gedaan.
Ik ben getrouwd en weet hoe het is als je vrouw zich wil excuseren.
Wat kom je doen? Je bent me niets verschuldigd.
Ik zal doen wat ik wil doen.
Je genezen en bij je blijven tot dat gebeurd is.
Je mag geen misdadiger verbergen.
Je mag je carriére niet in gevaar brengen.
Dat zal ik niet toelaten. - Ik kon niet verder zonder jou.
Ik hield mijn adem in, alsof ik op de vlucht was.
Ik kon niet eten of werken, ik kon alleen aan jou denken.
Ik moest komen.
Ik heb een kamer. Ik ben hier slechts als je dokter.
Het heeft niets met liefde te maken.
Helemaal niets.
Helemaal niets.
Probeer je iets te herinneren. Ga terug naar je kindertijd.
Had je een gelukkige jeugd? Wie kende je toen?
Ik word achtervolgd, maar... ik weet niet door wat.
Het is zinloos. - Je woonde ergens.
Je had een moeder. Je was geliefd, had vrienden.
En wellicht een vrouw.
Herinner je je haar?
Ik zeg niet dat ik er een heb. Ik zei dat ik er wellicht een heb.
Nee, ik kan me gelukkig geen vrouw herinneren.
Ik wil je een medische vraag stellen.
Zet me toch niet onder druk. Het verwart me, ik...
Ik herinner me niets. Behalve dat ik van je hou.
Waarop wijst een aanhoudende pijn in de rechterborst?
Galblaas, of het hart. Longontsteking.
Afhankelijk van de patiënt. - Je bent duidelijk dokter.
De eminente dokter X.
Als we één herinnering kunnen losmaken,
kan dat de sleutel zijn voor de rest.
Het enige wat me opvalt, waar ik constant aan denk,
is de logica van de zaak. - Hoezo?
Dat ik bij Edwardes was.
'Men denkt dat de bedrieger van Green Manors
de patiënt was die Edwardes opzocht in de Cumberlands
op de dag dat de psychiater verdween.
Dr. Edwardes is spoorloos sinds hij daar met die patiënt vertrok.'
Herinner je je dat?
Waarom denk je dan dat je bij hem was?
Omdat ik terugkwam met zijn identiteit.
Dus ik moet geweten hebben dat hij dood was.
Dan was ik bij hem toen hij stierf. - Was dat zo?
Dat herinner ik me niet, maar...
Logisch gezien moet ik bij hem geweest zijn.
En daarom weet ik ook waarom men zijn lijk niet vond.
Omdat het verstopt werd, door mij.
Zie je niet dat je je dit inbeeldt?
Je houdt vol dat je een moordenaar bent, zonder bewijs.
Je weet wat dat is, hé?
Wie je ook bent, je hebt een schuldcomplex.
Een schuldfantasie die teruggaat naar je jeugd.
Jij bent gek. Nog gekker dan ik.
Je doet dit voor iemand zonder naam.
Met niets anders dan een stel initialen.
De politie gaf je naam of dossier niet door aan de kranten.
Dat betekent dat je naam niet in Edwardes' dossiers stond.
Je had een ongeluk.
Waar was dat? Wat is er gebeurd? Je hand werd verbrand.
Je kreeg onlangs een huidtransplantatie.
Derdegraadsverbranding. Je hand was verbrand. Waar?
Het doet pijn. - Probeer het je te herinneren.
Mijn hand doet pijn. - Open je geest,
dan gaat de pijn weg. Waar was het?
Zo'n pijn. - Wat is er gebeurd?
Het brandt. - Probeer 't je te herinneren.
Liefste, is alles oké? - Ik ben oké. Wat is er gebeurd?
Je herbeleefde een ongeluk.
De herinnering bleef beperkt tot je gevoel.
Maar het is begonnen. Echt waar. Je zal je gauw beter voelen.
Wie kan dat zijn? - Ik weet het.
Ik vroeg de kranten te bezorgen.
U vroeg de kranten. Ik bracht ze meteen.
Ogenblikje.
Alstublieft. - Bedankt.
Ik sta erin. Hij herkende me. We moeten vertrekken.
Luister, toen je de bergen verliet, kwam je langs New York.
Je moet in een station geweest zijn.
Je moet Edwardes kaartjes horen vragen hebben.
Ik herinner het me niet. - Dat komt wel.
Als je aan 't loket komt, probeer je dat te herbeleven.
Probeer het te herhalen. Vraag naar dezelfde kaartjes.
Ik zal het proberen.
Je ging ergens heen met Edwardes. Vraag die kaartjes.
Wat zal het zijn?
Wat wilt u, meneer?
Ga dan opzij.
Ik wil twee kaartjes... - Waar naartoe?
Rome.
Rome. - Waar naartoe?
Rome. - In welke staat?
Hij bedoelt in Georgia.
Is er iets? - Mijn man is ziek.
Ik breng hem naar huis. - Twee kaartjes naar Rome.
Het gaat zo over. Hij is duizelig. - Ik zal een dokter bellen.
Nee, het zal wel gaan. Voel je je wat beter, schat?
Verman je. Je bent oké.
Wanneer vertrekt de trein? - Over tien minuten, spoor 17.
Excuseer me. - Dank u.
Ik zal hem naar de trein brengen. - Het gaat wel.
U bent heel aardig, maar het lukt wel.
We doen alsof we de trein nemen, maar keren terug.
Waarom? - De agent hoorde het.
Had hij argwaan? - Nee, maar op het bureau
kan hij onze foto zien en dan laat hij ons arresteren in Georgia.
In het hotel stikt het nu van de politie.
Nee, we gaan naar Rochester. Kom, naar Grant Central Station.
Waarom gaan we naar Rochester?
We gaan Dr. Brulov opzoeken. - Die sausflessen haat.
Hij behandelde mij ooit. - Echt? Wat scheelde er?
Alle analisten worden behandeld voor ze aan het werk gaan.
Om na te gaan of ze niet gek zijn.
Je bent niet te ziek om grapjes te maken.
Sorry. Ik ben een kluns. - Nee, ik.
Ik vergeet dat je 'n patiënt bent. - Ik ook.
Als ik je omhels, voel ik me gezond.
Zal je van me houden als ik normaal ben?
Ik zal gek op je zijn. - Ik ben normaal.
Een lange zoen zal al mijn problemen oplossen.
Zo behandelde ik een schuldcomplex nog nooit.
Trek nu geen aandacht. - Ledereen doet het.
Gaat u allebei?
Lees niet. Laten we doorgaan. - Waarmee?
Wanneer dacht je voor 't eerst dat je Edwardes was?
Ik moet je iets bekennen. - Ja, ik luister.
Als dokter erger je me.
Ik heb je lief, maar als je vragen stelt, vind ik je niet aardig.
Moet je zo zitten grijnzen als een lerares?
Lachen is normaal bij een analyse.
Naarmate de dokter de waarheid onthult,
ontwikkelt de patiënt een haatgevoel tegenover de dokter.
Je zal me nog veel haten voor we klaar zijn.
Vind je dat leuk? - Als wetenschapper, ja.
En als ik je een mep geef, beschouw je dat als een diploma?
Ja, maar sla niet te hard. We gaan door met ons onderzoek.
We hebben nieuwe feiten. - Welke feiten?
Je bent dokter. Je had een ongeluk. Je hand is verbrand.
En je was in Rome. - Ik ben daar nooit geweest.
Je was er, of je ging er naartoe.
Of je herinnert je iets in verband met je ongeluk.
Rome. Denk aan Rome.
Misschien in Italië. Wanneer ging je naar Rome?
Wat heb je daar gedaan?
Denk na.
Denk na.
Ik herinner me iets. Gevechtsvliegtuigen zagen ons.
Vloog je? - Medisch korps.
Boven Rome, naar het noorden. Ze raakten ons.
Uniform in brand. Gesprongen. - Wat nog meer?
Ik weet het niet. Alles wordt zwart.
Verliet je het leger?
Ik deserteerde vast. Ik haatte het. Ik haatte doden. Dat weet ik nog.
Je schuldcomplex steunt op je taken als soldaat.
Hou op. Je zit te kletsen als een valse koning Salomon.
Het is allemaal onzin. Ik haat zelfvoldane vrouwen.
Schat, we beginnen pas.
Sla nu nog niet te hard.
Ik werkte een jaar als assistente van Dr. Brulov.
Hij bezorgde me mijn baan. Je zal Alex mogen.
Dat betwijfel ik. Eén psychoanalist is al genoeg.
Wat ga je hem zeggen? - Dat we op huwelijksreis zijn.
Dokter, je bedenkt geweldige plannen.
Is Dr. Brulov er? - Nee, hij vertrok na het diner.
Hij kan elk moment komen.
Zeg maar dat zijn eten op tafel staat. Ik kan niet meer wachten.
Er wachten twee mannen op hem.
Goedenavond.
Hoe gaat het met je moeder? - Ze klaagt nog over reuma.
Ze wil dat ik overgeplaatst word naar Florida.
Ik zei: 'Moet ik al mijn kansen op promotie opgeven
omdat jij reuma hebt? '
Besprak je het met Hennessy?
Hij kan dat wel regelen,
maar dan word ik weer brigadier. Ik vind dat niet eerlijk,
na al m'n werk voor Narcotica. - En wat zei hij toen?
Van alles. Hij zei ook dat ik een moederskindje ben.
Dat kan voor mij zijn. Ik gaf het bureau dit nummer.
Ja, met inspecteur Cooley. Is er nog nieuws?
Sinds wanneer weet je dat?
Oké, ik kom straks.
Wie is dat, alstublieft? Mijn oude vriendin...
Mijn lieve schat. - Ik had geen tijd om te bellen.
Wat een verrassing. Anders was ik vroeger naar huis gekomen.
Ik gaf een lezing in het hospitaal. Horen die heren bij je?
Nee, ik ben... - Ik ben inspecteur Cooley.
Dit is brigadier Gillespie. - Waarom?
Hebt u nog informatie over Dr. Edwardes?
Informatie?
Wat heeft deze vervolging te betekenen?
Ik zei gisteren tegen de agent dat ik niets weet over Edwardes.
Maar u had gisteren een theorie. - Ik zei tegen de agent
dat als Edwardes een paranoïiïde patiënt meenam op vakantie,
dat hij nog een grotere idioot was dan ik dacht.
Dat is net spelen met een geladen geweer.
Kan hij hem vermoord hebben? - Dat weet ik helemaal niet.
Dr. Edwardes was uw vriend. - Wat? Die man was onmogelijk.
U had ruzie met hem toen u in New York was.
Nee, in Boston, het congres voor psychiaters.
Wat voor een analist wil psychoses behandelen
door met patiënten te gaan schaatsen of bowlen?
U dreigde hem te slaan.
Ik ben gewoon opgestaan en weggelopen
en heb een paar lege stoelen omvergegooid.
U moet me niets meer vragen. U kent de feiten.
Dank u. Sorry dat we u stoorden.
Als er iets is, hoort u wel van ons. Goedenavond samen.
Waarom stellen ze mij al die vragen?
Straks krijg ik nog een kruisverhoor.
Ik ben blij je te zien. Ik wou je eerst schrijven.
Ik ben getrouwd. - Wie is er getrouwd?
Mijn man, John Brown. - Fijn u te ontmoeten.
Je bent dus getrouwd. Dat is geweldig, een pril huwelijk.
Geen psychoses, geen agressie, geen schuldcomplexen.
Mijn gelukwensen.
Ik wens jullie veel baby's toe en geen fobieën.
Zullen we een glas bier drinken, zoals vroeger?
We hebben geen logies. Alle hotels zaten vol.
Hotels zijn voor miljonairs, niet voor geliefden op huwelijksreis.
Jullie mogen hier blijven. Ik woon hier alleen, met een blikopener.
De huishoudster is weg, m'n secretaresse zit in 't vrouwenleger
en de poetsvrouw kan niet koken en haat me.
Als je 's morgens koffie zet, mag je blijven.
Je bent fantastisch, Alex. - Helemaal niet.
Ik ben blij m'n assistente weer te zien.
De jongste, maar de beste die ik ooit had.
Maar wie weet hoe ze nu is.
Zoals mijn oude vriend Zannenbaum zei:
'Vrouwen zijn prima psychoanalisten,
tot ze verliefd worden.
Daarna worden ze de beste patiënten.'
Goedenacht en prettige dromen.
Die analyseren we bij het ontbijt. - Goedenacht en bedankt.
Een man van Constance is een man van mij.
Je was geweldig met die agenten. - Oh, ja?
Je bleef er heel rustig bij. - Ik voelde me heel stom,
maar het liep goed af. - Als de professor niet meer weet.
Alex? Nee. De kamer is veranderd sinds ik hier woonde.
Alex vermoedt niets. Hij is lief. - Hij vroeg niet naar onze bagage.
Alex is altijd zo. Hij leeft in een droomwereld.
Het lijkt alsof de kamer veranderd is, maar dat is niet zo.
Ik ben veranderd. Dat heet affectoverdracht.
Wat bedoel je?
Het feit dat alles mooi lijkt in deze kamer.
Noemen jullie dat zo? - Schrok je door de politie?
Zoiets negeer je op je huwelijksreis.
Dit is zeker je eerste huwelijksreis?
Ik bedoel, als het een huwelijksreis zou zijn.
Ik kan me niet herinneren dat ik ooit 'n andere vrouw gekust heb.
Ik heb ook geen herinneringen van dien aard.
Je bent zo lief.
Ik ben geen kind. - Zeker niet.
Ledereen heeft remmingen. - We barsten ervan.
Doe dat niet. - Waarom niet?
Het is onethisch. Ik ben je dokter. - Geen nood. Ik slaap op de sofa.
Dat is ook onethisch. - Dit is al ingewikkeld genoeg.
Begin niet over medische ethiek. Op de grond dan?
De patiënt slaapt altijd in het bed en de dokter op de sofa,
volledig gekleed. - Jij kent er alles van.
Je herinnert je iets.
Deze kamer herinnert je aan iets.
Wat denk je? - Ik weet het niet.
Jawel, je verzet je. - Begin niet.
Doe niet zo betweterig. Ik ben het beu.
Je keek naar het bed. Wat maakt je bang?
Wit... strepen...
Zoals toen ik strepen trok op het tafelkleed.
En die avond, mijn kamerjas was wit met donkere strepen.
Waarom ben je bang van wit en strepen?
Denk aan wit. Wit. - Ik ben bang.
Blijf staan. Kijk naar de witte sprei en denk na.
Oh, schat, je hoeft niet bang te zijn.
Wees niet bang. We maken vooruitgang.
We hebben het woord wit ontdekt.
Bent u het, Mr. Brown?
Ik dacht dat u het was.
Ik kon niet slapen en kwam een beetje werken.
Als je oud bent, heb je niet zo veel slaap meer nodig.
Ik drink een glas melk met wat crackers. Kom bij me zitten.
Ik haal nog een glas.
Ik ben blij met het gezelschap.
Niemand drinkt graag op z'n eentje een glas melk.
Toen ik nog jong was, zei ik altijd:
'Als ik me op m'n eentje kon beredderen,
zonder tijd te verspillen aan mensen, dan zou ik gelukkig zijn.'
Nu zeg ik het tegenovergestelde.
Het geheim van de ouderdom. Alles wordt het tegenovergestelde.
Weet u wie de meeste problemen veroorzaken? Oude mensen.
Ze maken zich zorgen over wat er met de wereld zal gebeuren
als zij er niet meer zijn.
Daarom zijn er oorlogen.
Omdat oude mensen zich over niets anders kunnen opwinden.
We drinken op de jeugd,
wanneer we jong zijn en niets weten, behalve leven.
Alex, is alles oké?
Goedemorgen.
Ja, alles is oké. Dank je. Ik ben hier in slaap gevallen.
Hoe laat is het? - Zeven uur.
Ik droomde dat ik vanmorgen echte koffie zou drinken.
Mijn man vertrok vroeg. Heb je hem...?
Hij ging niet uit. Hij ligt daar, op de sofa.
Hij is oké. Hij slaapt rustig.
Mijn lieve kind, dacht je dat de oude Alex Brulov,
een van de grootsten in de psychiatrie,
niet in staat is om zijn conclusies te trekken?
Ik had het moeten weten.
Toen ik je man zag, met die verwijde pupillen,
met een tremor van de linkerhand,
op huwelijksreis zonder bagage en met een naam als John Brown,
wist ik meteen wat er gaande was.
Wat is er gebeurd? - Wat ik verwacht had.
Je mag geen risico's nemen met een gevaarlijk geval.
Ik zat hier klaar. Als je zou gillen, zou ik klaar zijn.
Hij kwam naar beneden en hij was gevaarlijk.
Dat zag ik aan z'n blik.
Ik praatte tegen hem en deed wat broomkali in een glas melk.
Genoeg om drie paarden te vellen.
Toen hij neerviel, ging ik naar jou toe.
Je sliep als een roos en ik kwam terug om de wacht te houden.
De strijd tegen zijn ziekte windt hem op,
maar hij is niet gevaarlijk.
Dit hield hij gisteravond in zijn hand.
Dat was onbewust. Hij wou je niets aandoen. Dat kan hij niet.
Hij is niet aansprakelijk. - Dat klopt niet.
Ik heb hier meer ervaring mee dan jij.
Je weet veel meer dan ik, maar dit...
Maak je zin niet af met typische vrouwelijke contradicties.
Je geeft toe dat ik meer weet, maar toch weet jij meer.
Vrouwenpraat.
Wat ga je doen? - Ik doe het voor jou.
Ik bel de politie. - Nee...
Ga jij mij bevelen geven? Mijn eigen pupil?
Je kent die man niet. Je kent zijn geest, maar niet zijn hart.
We hebben het over een schizofreen,
niet over een geliefde.
We hebben het over een man.
Liefde.
Bekijk jezelf 's.
Dr. Petersen, de beloftevolle psychoanalist,
is opeens een tienermeisje geworden,
verliefd op een acteur. - Ik zal je over hem vertellen.
Wat valt er te zeggen?
De geest van een verliefde vrouw
werkt op het laagste niveau van het intellect.
Ik mag 's morgens niet roken, maar ik ben te opgewonden.
Je hebt gelijk. Ik ben nu geen analist, zelfs geen dokter.
Ik praat nu niet als dokter.
Geloof niet wat ik zeg, maar wat ik voel. De geest is niet alles.
Het hart kan soms dieper zien.
Een onderzoek kan z'n herstel in de weg staan
en ik kan hem redden. - Maar als hij Edwardes doodde,
hoe kun je 'm dan helpen? - Hij deed 't niet.
Stel dat hij het wel deed, wat ik geloof.
Je leerde me zelf wat Freud zei.
Zo'n patiënt doet niets wat niet in z'n aard ligt.
En hoe weet jij hoe zijn ware aard is?
Ik weet het. Ik weet het.
Ze weet het. Dit is omgekeerde wetenschap.
Wie vertelde je hoe hij is? Freud?
Of een kristallen bol?
Ik zou dit niet kunnen voelen voor een slecht man
die een moord gepleegd had.
Ik zou deze pijn niet voelen voor een slecht man.
Je bent twintig keer gekker dan hij.
Ze zou niet van hem houden als hij slecht was.
Dat is kinderpraat, niets meer.
Wat moet ik dan doen?
Geef me tijd om hem te genezen
voor de politie zijn toestand erger maakt.
Dat kan een jaar duren.
Oké, een half jaar dan.
Moeten we ons een half jaar verbergen
en afwachten of hij jou of mij de keel zal doorsnijden
en het huis in brand zal steken? Mijn lieve kind.
Zelfs voor een verliefde vrouw moet dat onverstandig lijken.
Wacht een paar dagen voor je hem aangeeft.
Een paar dagen maar. En als ik niets kan doen...
Geen van ons beiden, dan mag je de politie bellen.
Je verbergt geen misdadiger. Er zijn geen bewijzen.
Hij wordt gezocht als een mogelijke getuige.
In zijn toestand kan hij niets zeggen.
Je doet niets verkeerd.
We helpen hen door de patiënt te onderzoeken als dokters.
Dokters die nog meer naar de waarheid zoeken.
Goed.
Zal je wachten? - Ga koffie voor me zetten.
Ik zal een paar dagen doen alsof ik verstandig handel.
Dank je. Heel erg bedankt.
Ik ga koffiezetten. Met een ei erbij.
Wie ben jij? - Ik ben Dr. Brulov.
Oh, ja, dat is waar.
Broomkali. Wie gaf me broomkali? - Dat gaf ik je om te slapen.
Oh, ja, Rochester.
Hoe heet je?
Dat weet ik niet.
Zei Constance het je? - Niemand zei het me.
Als ik geen patiënt met amnesie meer herken, weet ik niets meer.
Herinner je je je vader of moeder niet?
Vrouw of liefje?
Niet tegenwerken. Ik probeer je te helpen.
Ik word je vaderfiguur. Beschouw me maar als je vader.
Vertrouw me, steun op mij.
Het is ongewoon, maar we hebben niet veel tijd.
Goed. Ik leun op je.
Is er misschien iets wat je me wil vertellen?
Een paar woorden in een hoek van je hoofd. Komaan, zeg iets.
Wat er ook in je opkomt, zeg het maar.
Er is niets.
Heb je iets gedroomd?
Wat heb je gedroomd?
Ik geloof niet in dromen en al die Freud-onzin.
Nou, dat moet jij zeggen.
Je hebt amnesie en een schuldcomplex
en je weet niet eens of je komt of gaat.
Maar Freud is onzin. Dat weet je wel.
Een wijsneus.
Je mag me niet, papa.
Wil je dat ik je help, of niet?
Het spijt me.
Ik zal je iets uitleggen over dromen. Dan vind je 't geen onzin.
De geheimen van wie je bent en waarom je wegvluchtte van jezelf,
al die geheimen zitten opgesloten in je brein,
maar je wil ze niet zien.
De mens wil vaak de waarheid over zichzelf niet weten
omdat hij denkt dat ze hem ziek zal maken.
Hij maakt zich nog zieker door ze te negeren.
Kun je volgen?
Hoe voel je je? - Koffie.
Vreselijk.
De patiënt gaat ons vertellen wat hij droomde.
Goed. Ik neem notities. Even m'n bril halen.
En daar helpen dromen ons bij.
Ze zeggen je wat je probeert te verdringen,
maar ze zeggen het je verward, zoals de stukjes van een puzzel.
Het is dan de taak van de analist om die puzzel te bestuderen
en de stukjes op de juiste plek te leggen
en zo uit te zoeken wat je tegen jezelf wil zeggen.
Even kijken.
Terwijl ik droomde, dacht ik constant: Dit betekent iets.
Er is een diepere betekenis die ik moet zoeken.
We komen er wel achter.
Ik weet niet precies wat voor plek het was.
Het leek wel een gokhuis.
Er waren geen muren, alleen gordijnen met ogen erop.
Er was een man met een schaar die de gordijnen doorknipte.
Dan kwam er 'n schaars gekleed meisje binnen dat iedereen kuste.
Ze kwam eerst bij mij.
Heb je die kusgriet herkend?
Wel, ik vrees dat ze een beetje op Constance leek.
Dit is duidelijk een ordinaire wensdroom.
Ga door.
Ik zat te kaarten met een man met een baard.
Ik deelde en ik draaide klaverenzeven om.
Hij zei: 'Dat is eenentwintig. Ik win.'
Maar z'n kaarten waren blanco.
Toen zei de eigenaar dat hij vals speelde.
Hij riep: 'Dit is mijn zaak. Ik ruim je uit de weg.'
Sorry van die kusgriet.
Gelukkig droomde je niet dat ik 'n eierklopper was.
Wat zou dat betekenen? - Laat maar.
Weet je al wat het betekent? - Nog niet.
Je wou jezelf iets vertellen. Wij zullen uitzoeken wat.
Er komt nog veel meer.
Ga door. Probeer je de details te herinneren.
Hoe vreemder, hoe beter voor de wetenschap.
Hij leunde over de rand van een hellend dak.
Het was de man met de baard. Ik riep dat hij moest oppassen.
Toen viel hij. Langzaam, z'n voeten in de lucht.
Dan zag ik de eigenaar, de man met het masker.
Hij verstopte zich achter een schoorsteen en droeg een wiel.
Hij liet het wiel op het dak vallen.
Ik was op de vlucht. Ik hoorde iets boven me.
Het waren grote vleugels. Ze kregen me bijna te pakken
toen ik aan de voet van de heuvel kwam.
Ik ben vast ontkomen.
Dat is alles. Toen zag ik Dr. Brulov.
Hier, een kopje koffie. - Dank je.
Er gebeurt iets. - Wat is er?
Sneeuw. - Het licht maakte hem bang.
Fotofobie.
Nee, het was de sneeuw.
Dat is het wit waarvoor hij bang is.
Sneeuw. En de sporen.
Welke sporen? - Van de sleden.
Hij kreeg een schok toen ik lijnen in het tafelkleed trok.
Mijn kamerjas, met strepen.
En gisteren de witte sprei. En die sporen in de sneeuw.
Laat de rolgordijnen naar beneden.
Dr. Edwardes hield van sport.
Hij vond tennis en skiën belangrijk tijdens de behandeling.
Skiën.
Skisporen in de sneeuw.
Dat symboliseren de donkere strepen voor hem.
Ze hebben iets te maken met de oorzaak van zijn amnesie.
Ja, een moord op ski's.
Waar ging Edwardes skiën? Dat moeten we weten.
Kun jij ons dat vertellen? - Dat heeft hij al gedaan.
In zijn droom. Laat me je notities zien.
Hoe kunnen we hem helpen? - Je bent z'n mama niet,
maar een analist. Hij zal hier wel alleen uit geraken.
Het hellend dak.
Dat betekent een berghelling. - Ze gingen skiën.
En de man met de baard is Dr. Edwardes.
Dus Edwardes viel tijdens het skiën van een afgrond.
En een schaduw achtervolgt hem over een berg.
Hij ontsnapte uit een vallei.
In skioorden zijn er vaak valleien, zoals Sun Valley.
Hij werd achtervolgd door iets met vleugels. Een heks.
Dat was jij. Als jij vleugels had, zou je een engel zijn.
De droom wou hem de naam van het oord vertellen. Engel.
Angel Valley.
Herinner je je Angel Valley?
We kunnen alle namen van skioorden opvragen.
Het was niet Angel Valley.
Ik herinner het me.
Die plaats... heette Gabriel Valley.
Wat herinner je je nog meer? - Wie was de gemaskerde figuur?
Het was een ongeluk. Edwardes viel van een klip.
Het was geen ongeluk. Ik kan dit niet meer aan.
We moeten de politie bellen.
Nee, we gaan naar Gabriel Valley. Je moet meegaan.
Geef dit aan Cooley. - Doe ik.
Om 16u.45? Dank u. Daag.
We vertrekken over een uur naar Gabriel Valley.
Nee, ik wil je niet langer in gevaar brengen.
Ik weet van gisteren. - Het was niets.
Ik moet iets doen voor er iets gebeurt.
Ik hou van je. Maar ik ben je liefde niet waard.
Help me nadien maar. - Dan kan dat niet meer.
Als je je nu aangeeft, is er geen nadien meer voor ons.
Ik kan je genezen. - En de moord?
Was er niet. - Ik doodde hem.
Hou op. - En gisteren...
Ik moet gaan. - Schuldgevoel.
Daar leef je al lang mee, hé? Sinds je jeugd.
Sinds je jeugd ben je op de vlucht voor iets.
Je voelde je schuldig voor alles. Wat is er gebeurd?
Je denkt liever dat je Edwardes doodde dan het je te herinneren.
Je zei dat je van me houdt.
Waarom moet ik dan voor je vechten?
Omdat ik van je hou. - Ik ben niets.
Ga mee naar Gabriel Valley. - Waarom?
Als je die berg ziet, zal het terugkomen.
We gaan skiën, zoals toen. - Ik doodde hem.
Je zal zien wat er echt gebeurd is. - Omdat het weer zal gebeuren?
En wat als ik hem vermoord heb?
Als ik het moment herbeleef, kan ik toch weer hetzelfde doen?
Waarom zal ik jou niet doden? - Omdat je het toen ook niet deed.
Geloof je genoeg in me om dat risico te nemen?
Natuurlijk. We gaan terug naar die skipiste.
Als je ontdekt welk trauma er in je jeugd gebeurd is,
zullen we weten wat er met Edwardes gebeurd is.
Heb je haar al 's gezien?
Kom mee.
Ik hou van vrouwelijke kleren, maar durfde ze niet te dragen.
Maar hierna ga ik dat doen. Ik zal dragen wat ik mooi vind.
En jij.
Zelfs heel grappige hoedjes.
Waarmee je er dronken uitziet.
Doe ze aan.
Het was iets in mijn jeugd.
Lets in mijn jeugd.
Ik weet het. Ik heb mijn broer vermoord.
Ik heb m'n broer niet vermoord. Het was een ongeluk.
Dat achtervolgde je. Dat was de herinnering die je verdrong.
Dr. Constance Petersen en verdachte zijn in Gabriel Lake.
Er zijn nieuwe bewijzen.
Moeten bewaakt worden tot de agenten ter plaatse zijn.
Het is alsof ik in een oud fotoalbum kijk.
Ik bekijk de bekende foto's.
Ik ging naar Columbia Medical School,
had een liefje dat altijd giechelde. Ze trouwde met m'n vriend, Ken.
Trouwens, mijn naam is John Ballyntine.
Aangename kennismaking.
En wat het leger betreft, ik werd ongeschikt verklaard.
Ik ontmoette Dr. Edwardes in de Cumberlands, waar ik herstelde
van een shock, van toen ik neerstortte.
Hij was met vakantie en vroeg me om mee te gaan skiën.
We kwamen langs New York
en ik herinner me dat we gingen lunchen. Die lunch is nog vaag.
We kwamen hier aan en het ongeluk gebeurde op die plek.
Waar je mij gered hebt.
Laat het duidelijk zijn wie wie redde.
Hij viel daar het ravijn in. Het is nog wat vaag...
Edwardes was 15 meter voor me toen hij viel.
Ik zag hem vallen. - Dat ontketende alles.
Het deed je oude schuldcomplex opflakkeren.
Je moest weer op de vlucht gaan.
Je nam Edwardes z'n plaats in om te bewijzen
dat je hem niet vermoord had.
Ik heb tijdens m'n ziekte nooit beseft hoe mooi je wel bent.
Je mag je hoofd niet opnieuw verliezen.
Het is te laat. Ik ben niet meer te genezen.
Hoe voelt een briljant analist zich? - Niet slecht.
En een briljant detective? - Geweldig.
En een aanbeden vrouw?
Fantastisch.
Je zal er fantastisch uitzien. In het wit.
Met wat oranjebloesem in je haar.
Heeft dat soms iets te maken met een huwelijk?
Een briljante analyse, dokter.
U kent inspecteur Cooley en brigadier Gillespie.
We kennen ze goed. - Hoe vond u ons?
Dr. Brulov was geen hulp. - We gingen naar het station.
Het spoor was duidelijk. - U komt net op tijd.
Ja, dat kun je wel zeggen.
We vonden het lijk van Edwardes.
Bijna precies waar u zei dat het zou liggen. U wist het nog goed.
Gelukkig is het opgehelderd. - Niet helemaal.
Men vond een kogel in het lijk.
Dat is onmogelijk. - In zijn rug.
Het is een moordzaak.
We moeten u arresteren.
Alles wat u zegt, kan tegen u gebruikt worden.
Zeg niet dat jij hem doodde. Denk na wat er precies gebeurd is.
Toen hij zei dat hij hem doodde, was hij zichzelf niet. Hij was ziek.
U mag hem niet opsluiten. Hij zal compleet instorten.
Tot ziens, mijn liefste.
We geven de hoop niet op. Ik zal vechten tot je vrij bent.
Lieve kind, je kan je niet blijven afsluiten voor de realiteit
en alles blijven ontkennen. De bewijzen waren sluitend.
We kunnen het niet ongedaan maken door dat te wensen.
Hij vertrouwde me. Ik lokte hem in de val, ik veroordeelde hem.
Is dat realistisch genoeg? - Er treft niemand schuld.
De zaak ging een beetje dieper dan je dacht.
Dat gebeurt vaak.
Je moet één ding beseffen: Het is afgelopen, voor jullie allebei.
Niet waar. - Er komen andere zaken.
Het is niet afgelopen. Vraag niet het op te geven, dat kan ik niet.
Het... Het spijt me. Ik...
Bedankt dat je alles uitlegde aan Dr. Murchison en iedereen.
Het is heel triest om iemand lief te hebben en hem dan te verliezen.
Maar ooit zal je het vergeten
en zal je de draad van je leven oppikken waar je hem achterliet.
En je zal hard werken.
Je kan veel geluk vinden in je werk.
Misschien wel het meeste.
Ik zal je schrijven.
Als ik kon...
Sorry, Dr. Brulov, uw auto wacht.
U kunt vertrekken. - Dank u.
Ik verloor de tijd uit het oog.
Een briljant man. - Ik had moeten meegaan.
Je bent te moe. Ik ken dat gevoel van uitputting heel goed.
Je moet ernaar luisteren, voor het te laat is.
Ik zal je proberen te helpen.
Zal je goed voor jezelf zorgen?
Er zijn dingen die je beter kan vergeten.
Er wacht jou een grote carriére. - Dank je.
Dit heeft toch één positief gevolg: U bent hier terug.
Wie weet wat we met Edwardes beleefd hadden.
Ik kende Edwardes niet goed. Ik heb hem nooit gemogen.
Maar hij was eigenlijk wel een goed man.
Wel, goedenacht. Ik hoop dat je morgen uitgerust bent.
Ik kende Edwardes niet goed. Ik heb hem nooit gemogen.
Ik kende Edwardes niet goed.
Ik kende Edwardes niet goed.
Ik kende Edwardes...
Kende Edwardes niet goed.
Kende Edwardes...
Kende...
Kende...
Kende...
Droom. Kaarten, man met baard Klaverenzeven
Kom binnen.
Ik wil met u praten, Dr. Murchison.
Het is al laat. Je moet rusten, Constance.
Ik moet met u praten.
Zo laat, dat is slecht voor de zenuwen. Over je werk?
Kan dat niet wachten? - Echt niet.
Ga zitten.
Wel...
Wat is je probleem? - Het is 'n droom van een patiënt.
Mag ik vragen wie de patiënt is? - De patiënt is John Ballyntine.
Dat dacht ik al.
Wil je nog steeds zijn onschuld bewijzen? Wat een loyaliteit.
Een van je beste eigenschappen.
Wat droomde hij? - Hij zat in een gokhuis.
Er zaten vreemde mensen die met blanco kaarten speelden.
Blanco kaarten.
De patiënt wou dus zo ontkennen dat het een gokhuis was.
Lemand sneed de gordijnen stuk.
Er was een schaars gekleed meisje dat iedereen kuste.
Je zou kunnen denken aan de bewoners van Green Manors.
Daar dacht ik ook aan.
Een interessant gegeven. Ga vooral door.
Er stonden ogen op de gordijnen aan de muren.
De bewakers van Green Manors.
De patiënt zat te kaarten, met gewone kaarten.
Hij speelde met een man met een baard, Dr. Edwardes.
Ze dromen vaak over hun analist, met een baard.
Hij gaf Edwardes een klaverenzeven en die zei:
'Dat is eenentwintig.'
Misschien bedoelde de patiënt een plaats.
Het kan naar een club verwijzen.
Ja, met het woord 21 erin.
Die club bestaat in New York, de 21 Club.
Ik heb ervan gehoord.
De patiënt droomde dat de eigenaar binnenkwam
en zei dat Edwardes vals speelde.
Hij stuurde hem weg en zei: 'Dit is mijn zaak. Ik ruim je uit de weg.'
In de droom komen twee plaatsen naar voren.
De 21 Club en Green Manors.
De eigenaar behoort meer tot het laatste.
Meer nog...
Ik denk dat hij met die boze eigenaar
die Dr. Edwardes bedreigde... mij bedoelde.
Dat leidde ik er ook uit af.
Ik neem aan dat je nu pas tot deze conclusie kwam.
Heb je je bevindingen aan iemand verteld?
Nog niet.
Droomde hij nog meer?
Hij droomde dat hij en Edwardes op een hellend dak stonden.
Hij zag Edwardes over de rand vallen.
De eigenaar verborg zich achter de schoorsteen.
Hij had een klein wiel vast en liet dat vallen.
De symboliek van het wiel ontgaat me.
Het was een revolver.
De eigenaar die Edwardes bedreigde
liet een revolver vallen nadat hij Edwardes neerschoot.
Het wapen ligt daar nog, onder een boom.
Met de vingerafdrukken van de dader.
Met dat deel van je conclusie ben ik het niet eens.
Omdat ik dat wapen nu in mijn hand hou.
Ik had dit wel verwacht, omdat ik zei dat ik Edwardes kende.
Daardoor begon je brein te werken.
U had een zenuwinzinking.
U hoorde dat Edwardes uw plaats zou innemen.
U zocht hem op in het restaurant waar hij met John zat te lunchen.
U zei dat hij uw baan had ingepikt en dreigde hem te vermoorden.
Hij kalmeerde u en zei dat hij ging skiën.
U volgde hem... en schoot hem neer, van achter een boom.
Genoeg. Wat een belachelijk verhaal.
Je zal je belachelijk maken.
Een verliefde analist die dromendetective speelt.
De politie heeft die dromen niet nodig.
De kelners van de club zullen getuigen dat u daar was.
Ze zullen bevestigen dat u ruzie had met Dr. Edwardes.
Lemand zal u gezien hebben in Gabriel Valley.
Er zullen geen dromen nodig zijn.
Ach, zo.
Je bent een prima analist, maar een domme vrouw.
Wat had je hierna verwacht? Dat ik je zou feliciteren?
Door je idiote aanbidding van je patiënt vergeet je
dat de straf voor twee moorden dezelfde is als voor één.
U zal geen tweede moord plegen, Dr. Murchison.
Dat was ik niet van plan.
Maar je bent hier. Je gaat hier niet weg.
Zo'n intelligent man pleegt geen domme moord.
U bent niet geestelijk aansprakelijk voor de moord.
Uw ziekte zal een verzachtende omstandigheid zijn.
Ze zullen u daarvoor niet executeren.
U kunt blijven leven, lezen, schrijven, research doen.
Zelfs als u opgesloten wordt.
Dat zit u nu te denken, Dr. Murchison.
Als u nu schiet, is het moord in koelen bloede.
Dan bent u toerekeningsvatbaar
en wordt u als dusdanig veroordeeld.
U krijgt de elektrische stoel voor uw misdaad.
Ik ga nu de politie bellen, Dr. Murchison.
En denk aan wat ik zei.
Een man van Constance, is een man van mij.
Goed. Tot ziens.
Can't find what you're looking for?
Get subtitles in any language from opensubtitles.com, and translate them here.