Afrikaans
Akan
Albanian
Amharic
Armenian
Azerbaijani
Basque
Belarusian
Bemba
Bengali
Bihari
Breton
Bulgarian
Cambodian
Catalan
Cebuano
Cherokee
Chichewa
Chinese (Simplified)
Chinese (Traditional)
Corsican
Croatian
Czech
Dutch
Esperanto
Estonian
Ewe
Faroese
Filipino
Frisian
Ga
Galician
Georgian
German
Guarani
Gujarati
Haitian Creole
Hausa
Hawaiian
Hebrew
Hindi
Hmong
Hungarian
Icelandic
Igbo
Interlingua
Irish
Japanese
Javanese
Kannada
Kazakh
Kinyarwanda
Kirundi
Kongo
Krio (Sierra Leone)
Kurdish
Kurdish (Soranî)
Kyrgyz
Laothian
Latin
Latvian
Lingala
Lithuanian
Lozi
Luganda
Luo
Luxembourgish
Macedonian
Malagasy
Maltese
Maori
Marathi
Mauritian Creole
Moldavian
Mongolian
Myanmar (Burmese)
Montenegrin
Nepali
Nigerian Pidgin
Northern Sotho
Norwegian
Norwegian (Nynorsk)
Occitan
Oriya
Oromo
Pashto
Persian
Portuguese (Portugal)
Punjabi
Quechua
Romanian
Romansh
Runyakitara
Russian
Samoan
Scots Gaelic
Serbian
Serbo-Croatian
Sesotho
Setswana
Seychellois Creole
Shona
Sindhi
Sinhalese
Slovak
Slovenian
Somali
Spanish (Latin American)
Sundanese
Swahili
Swedish
Tajik
Tamil
Tatar
Telugu
Thai
Tigrinya
Tonga
Tshiluba
Tumbuka
Turkmen
Twi
Uighur
Ukrainian
Urdu
Uzbek
Vietnamese
Welsh
Wolof
Xhosa
Yiddish
Yoruba
Zulu
Succes.
Dat scheelde niets.
Proficiat.
IJshockeykoning Conrad Brauer is in de uitzending. Welkom, Mr Brauer.
Je mag Conrad zeggen, Ken. - Dank u wel, ik ben zeer vereerd.
Wat moet je met een ijshockeyclub?
Ik ben net als m'n huidige vrouw: Ik laat koopjes niet schieten.
Maar ijshockey? - Ik ben een vechter.
Daarom heb in de jaren '90 een bod van 5 miljard op m'n brouwerij afgeslagen.
Bier is duur, maar... - Nu zijn we nog veel meer waard.
Dit is een sportprogramma, hoor. - 19 miljard, Ken.
Ik bied werkgelegenheid in Missouri. Daar ben ik trots op.
Kan uw club überhaupt winnen? - Ik doe niet aan mislukkingen.
Ik zeg altijd tegen m'n kinderen: Voor niets gaat de zon op.
Een goede les van de meester.
Heeft je pa 'n ijshockeyclub gekocht?
Wat moet ik met jou aan?
Zet dat glas weg en kom hier.
Kom hier.
Je bloost als je kwaad bent Dan straalt je hele gezicht.
Ik hou van je.
Ik hou van jou. - Weet je dat zeker?
Dr. Pankow? Geen probleem.
Ik zat op uw telefoontje te wachten. Fijn. En?
Mag ik vragen... Juist.
Dat is een uitstekende keuze.
Ik wens u een prettig weekend. Bedankt.
Laten we gaan.
Dat was complete tijdverspilling.
Het was bijna gelukt.
Ik heb bij hem nooit een lens gehad. - Er zijn nog meer opdrachten.
Welke dan? - Neem het aanbod van m'n vader aan.
Dat is geen aanbod maar een aalmoes. Hij vindt me een mislukkeling.
Hij wil helpen. - Met een bierfabriek in Nebraska?
Het is een echte opdracht. - Ik ga geen fabriek ontwerpen.
Je vader snapt niets van mijn werk. - Hij snapt ook niets van ijshockey.
Dus? - Je bent een goede architect...
maar je moet wel realistisch blijven.
Ik heb vijf jaar lang ketelruimten en parkeerplaatsen zitten tekenen.
Laat maar, ik weet het ook niet meer. - Ik wil m'n carrière zelf vormgeven.
Weet je nog dat we hier ingesneeuwd waren?
Dat je weet je heus nog wel. We zaten ingesneeuwd.
De sneeuw lag meters hoog. De boswachters die kwamen...
Ze moesten ons uitgraven. - Precies.
We waren naakt en lagen te neuken. - Dronken.
We waren ladderzat. - Zeg dat wel.
Pas op.
Gaat het?
Hebben we hem gefaald?
Volgens mij niet.
Blijf hier, ik ga kijken.
Jij zou in de auto blijven.
Wacht, Charlie.
Kijk uit.
Gaat het?
Er steken nergens botten uit.
Kun je lopen?
Ja, dat gaat wel.
Sorry, ik vind het afschuwelijk, maar ik zag je niet staan.
Logisch, ik stond dan ook alleen midden op de weg.
Wat deed je daar?
Ik sta zonder benzine en er komt hier niets langs.
Het spijt ons heel erg. - Af en toe heb je pech.
Ik heb het achter de rug. - Dit wordt leuk.
Dag, mensen. Alles goed, dame?
Niks aan de hand. Ik ben het, Buford.
Miss Brauer. Bent u op weg naar de boerderij?
Ja, maar ik ben intussen al vijf jaar Mrs Frost.
Sorry, het gaat soms zo snel bij u.
Alles in orde, makker? - Hij staat zonder benzine.
We wilden hem meenemen naar de boerderij.
Daar kan hij wat benzine krijgen. - Is dat zo?
De boerderij is hier maar een paar kilometer vandaan.
Dus ik snap het probleem niet.
Weet u het zeker?
Dat is een prachtig hert, agent.
Ja, een reekalfje. - Waar heb je het geschoten?
Een paar kilometer naar het oosten. Hij kwam de struiken uit en toen...
pang.
Ik moet er snel mee naar Sandy. Pas goed op jezelf, mensen.
Tot ziens.
Is het echt geen probleem? - Nee hoor, totaal niet.
Ik heet Jacob. - Ik ben Andrew, Jacob.
Wil je iets meenemen? - Dat is Charlie.
Neem je tas maar mee.
Gezellig.
Hoe ben je hier verzeild gefaald?
Zomaar. - Wat doe je voor werk?
Ik neem forto's. - Een fotograaf.
Wat voor foto's? - Van alles, ik ben freelancer.
Nu zijn het verkeersborden op het platteland.
Word je betaald om forto's van verkeersborden te maken?
Hoe ben je in dat vak beland? - Niet uithoren.
Wat? Dat doe ik niet. - Je mag hem niet uithoren.
Ik werkte in de bouw, in de buurt van het Shawnee-reservaat.
M'n collega's waren Shawnee-indianen en ik trok met ze op.
Ik heb wat forto's genomen en verkocht.
Ik zou graag met stamoudsten praten, met van die mooie gerimpelde koppen.
Kun je je mij voorstellen met zulk lang haar en turkooizen sieraden?
Heb je ooit zo'n ceremonie gezien? - Een paar.
Dansen ze echt als wilden rond het vuur met van die verentooien op?
Ze geven elke avond een show. Studenten hijgen korting.
Ik dacht dat... - Laat maar, ze is nogal zweverig.
Ik hou m'n mond wel.
Heb je daar ooit gejaagd? - Soms, afhankelijk van het seizoen.
Wij hebben hier 200 hectare bos. - Echt? Met hoenders en herten?
Vooral kalkoenen. De boerderij staat aan een schitterend meer.
Even het hek openmaken. - Dat doe ik wel.
Je vrouw is bloedmooi.
Inderdaad.
Is dat de boerderij?
Ik ga de benzine halen.
Wacht hier maar even.
Ik ga de jerrycan halen.
Ik wou je in de auto niet kwetsen.
Je was grof. - Hij mag geen argwaan over ons hijgen.
Jij hebt wel een rotleven, zeg. In zo'n chique hut.
Het is een van onze familie-optrekjes. - Eén daarvan?
Wat vindt Andy hiervan? - Waarvan?
Geen enkele man vindt het leuk om het schoothondje van z'n vrouw te zijn.
Andrew is architect.
Hij heeft een mooi pandje neergezet. - Dit heeft hij niet ontworpen.
Hij werkt aan een bierfabriek Een grote klus.
Waar is de tv? - Geen tv, telefoon of internet.
Dat is een van m'n vaders eigenaardigheden.
Dan bof je dus dat er stroom is.
Kijk nou.
Jij was een lelijk eendje.
Die in een mooie zwaan is veranderd. - Ja, dat zeggen ze dan.
Ik was een ziekelijk kind. Ik leed aan allerlei allergieën en astma.
Volgens m'n vader zou ik in vroegere tijden jong gestorven zijn.
Hoe zeg je dat?
Wat pervers.
Laat je hand eens zien. - Het is maar een schrammetje.
Ga zitten.
Je doet me pijn, Florence Nightingale.
Mag ik iets persoonlijks vragen? - Nee.
Ben je gelukkig?
Ik heb de benzine.
Wat zijn je plannen voor de rest van de dag, Jake?
Heb ik niet. - Ga dan mee uit varen.
En z'n enkel dan? - Die kan hij op de boot ook rust geven.
Ik wil me niet opdringen. - Dat doe je niet.
Nou?
Kom me maar met de boot helpen. - Oké, baas.
Ik heb je wel door. - Hoezo?
Kijk meteen even wie de langste heeft. - Het is een aardige vent.
Gaat het lukken met dat been? - Dat merk ik vanzelf.
Nog een stukje.
Biertje? Zo te zien, ben je er wel aan toe.
Heerlijk op het water, hè?
Geen verkeerd uitzicht.
Prachtige boot.
Momentje.
Prachtige boot, prachtig huis...
Daar kun je aan gewend raken.
Hoe hebben jullie dat geflikt?
Heeft Charlie het niet over haar overgrootvader gehad? De bierbaron.
Conrad de Eerste.
Heb jij verstand van boten? - Ik heb er vroeger veel op gewerkt.
Als sloofje voor de rijkelui. - En nu hoor je zelf bij die groep.
Andrew is een watermens. Hij heeft zelfs bij z'n zwemcoach gewoond.
Je meent het. - Met het oog op de training.
Wat voor training? - Je was twee jaar kampioen vrije slag.
Drie jaar.
Ik zal je iets leuks laten zien. - Wat dan?
Als je de kleine wijzer van je horloge recht op de zon richt...
dan is het noorden precies de andere kant op. Niet slecht, hè?
Zit er dan geen kompas op? - Jawel, maar het is toch handig.
Mooi horloge. - Van m'n vader gekregen.
We gaan verder. Wil jij varen, Charlie?
Nee, dank je. - Jake?
Best, baas.
Gewoon op de startknop drukken. - Ja, ik heb het vaker gedaan.
Wil jij ook een keer? Toe maar. - Mij niet gezien.
Het is maar een bootje.
Daag je me nu uit? - Zeker weten. Kom op.
Best.
Schuif eens op. - Dit is de gashendel.
Niet zo hard trekken.
Wil je haar terug, kapitein? - Bedoel je de boot of m'n vrouw?
Heb je nog een vuurtje?
Ik had zo'n ding bij jou niet verwacht.
Wat? - Een tatoeage.
Vertel het verhaal erachter eens. - Ander keertje.
Hoezo dat dan? We zitten midden in de natuur.
Toe, Andrew, vertel het maar Het is zo'n leuk verhaal.
Ik was een halfjaar geleden in Kansas City.
Ik zal erover nadenken. Je hoort nog van ons.
Fijn. - Oké, doe de groeten aan Conrad.
Hoi schat, ik kom net uit het overleg. Volgens mij ging het wel goed.
Afkloppen. Ik ga terug naar het hotel Het is half vijf. Ik bel nog wel.
Je weet toch echt wel wat je doet, hè?
Je dacht toch niet dat ik van het zingen leefde?
Ja, eigenlijk wel.
Moet het echt die spin worden? - Ja, precies dezelfde.
Stil zitten.
Hij is mooi geworden. Ik maak er een foto van. Goed?
Kijk maar.
Hij krijgt een ereplaatsje.
De volgende morgen werd ik met een tatoeage wakker.
Wat een maf verhaal. - Vast de gecensureerde versie.
Gorilla Monsoon?
Ken je dat? - Ja, dat is een vrij bekende tent.
Zullen wij ook een foto maken? Jij hebt toch een toestel bij je?
Toe, schat. Kom naast me zitten.
En kijk wat vrolijker. - Eens even zien.
Klaar? Eén, twee...
Nu één van ons drietjes. - Nee, ik..
Toe. - Ja? Nou, goed dan.
Kom maar, monsieur. - Zo krijg je niet de beste forto's.
Daar gaan we dan.
Zullen we teruggaan? - Ik vaar.
Sorry.
Je weet nooit wie je tegenkomt.
Hier.
Dat ding heb je nu toch niet nodig. - Ik heb het altijd bij me.
Hij is geladen. - Anders heb ik er nog niets aan.
Draai om. - Laat mij maar.
We draaien om.
We komen er aan. Afremmen.
Hier, lieverd. Kun je erbij?
Ach lieverd, je was dol op dat horloge.
Wat sneu. Hier.
Gaat het? - Nee, ik voel me niet zo lekker.
Je bent geschrokken.
Ik was doodsbang. - Er is niets gebeurd.
Hij moet weg. - Dat regel ik wel.
Ga jij maar naar boven.
Doe een dutje. Ik ben terug voordat jij weer wakker bent. Kusje?
Waar ben jij mee bezig? - Moet je horen...
Pak je spullen. Je vertrekt.
Waar zijn de sleutels? Waar zijn ze gebleven?
Ik heb ze niet. - Hou op. Waar zijn ze?
Je bent overboord geslagen, dus ze liggen vast op de bodem van het meer.
Je bent al teut, Charlie.
Jij hebt me in de steek gelaten. - Je leek je prima te vermaken.
Wie was die man? - Wie?
Waarom heb je die rotjurk aan? - Ik vind 'm mooi.
Je vriendje en rest van de mannen die naar je tieten zaten te staren ook.
Waarom zo paranoïde? Ik hou ziels... - Verkoop geen onzin, Charlie.
Kom, Charlie. Toe, geef me een arm.
Kom eens hier.
Ik hou echt van jou. - Je vertrouwt me niet.
Het spijt me.
Sorry.
We hijgen wel een kindje.
Volgens de dokter kan dat niet meer.
Dat is toch verdomme niet te geloven.
Sla die ruit maar in. Dan krijg ik 'm wel aan de praat.
Dat kan toch... Leuk aanbod, heel geruststellend.
Ik ben hel.
Alles goed, Charlie?
Ik weet dat je hier zit.
Gaat hel: Wel? Je Ziel lijkbleek.
Waarom zijn jullie er nog? Hij moet weg.
M'n sleutels liggen in het meer. - Dan bellen we een taxi.
Ik kan ook gaan lopen. - Best.
Wat is er? - Ik ga een taxi bellen.
Je hebt hier geen bereik.
Geef hier, Charlie.
Ben je dronken? Of high? Wat heb naar binnen gepropt? Wat moet dit...
Ik heb me op de boot als een dwaas gedragen. Ik wou je jaloers maken.
Dat is gelukt, ik was behoorlijk pissig.
Niet doen, Charlie. Hou daarmee op. Ik zei dat je moest ophouden.
Wat is er nou?
We zijn zwanger.
Dat is niet grappig. Volgens de dokter... - Hij heeft zich vergist.
Ben je niet blij?
Is het van mij?
Vroeger aanbad je me.
Ik was nog jong. - Ja, je had paars haar en een hondje.
Ze heette Lotto. Het was een fel beestje.
Ze blafte naar iedereen, behalve jou.
Ik aanbid je niet meer, omdat ik van je hou.
Kijk me aan, lieveling.
Je hebt hartstikke veel talent.
Hoeveel tijd heb je nodig om iets in het leven te bereiken?
Neem die klus aan. - Dat kan ik gewoon niet.
Dat is zo hypocriet.
Wel het horloge, het huis en de boot, maar niet het werk.
Ik heb nergens om gevraagd.
Wat heb je het toch zwaar.
Sommige mannen voegen zich in alles naar hun vrouw, maar zo ben ik niet.
Zo'n man wil ik ook niet. - Je vergeet dat ik werk had.
We konden in New York gaan wonen. - Ik wou mee en een gin stichten.
Maar jouw familie vond je daar te fragiel voor.
Het is ons allebei overkomen. - Wat zeg je?
Het is ons allebei overkomen.
Denk je dat ik dat niet wist? Zeg je dat daarom?
Het spijt me dat jij dat aanbod vanwege mij niet kon aannemen.
M'n miskraam heeft het verpest.
Nee, jij hebt het verpest toen je naar je familie holde.
En naar je geld en je drugs Toen heb jij het verpest.
Toe nou, Charlie.
Kom maar, rustig maar.
Niks aan de hand.
Kijk dan, recht door het hart.
Ik wou je niet laten schrikken, maar hij wou wegvliegen.
Dit is ons avondeten.
Jij hebt hem mee gevraagd. - Ik bood benzine aan, geen inwoning.
Het is niet anders. En hij heeft die kalkoen klaargemaakt.
Ik wil even niet met jou praten.
Ooit een tweekoppige kalkoen gezien?
Ik was met m'n neef Cyrus in de buurt van Joplin aan het jagen.
Dat beest kwam ineens de struiken uit. Ik wilde net schieten...
toen ik zag dat die kalkoen twee koppen had. Ik maak geen geintje.
De ene kop wiebelde zo en de andere zo. Het ging tegen elkaar in.
We lieten onze bogen vallen en konden alleen vol verwondering toekijken.
Ik was bijna biddend op m'n knieën gevallen.
Die kalkoen had echt twee koppen. - Op de tweekoppige kalkoen.
Ik haal er nog eentje. - Laat mij maar.
Ga je gang. - Graag.
Dat was een grappig verhaal. - Dat van die tatoeage ook.
Ik hoef niet meer. - Doordrinken.
Ik heb genoeg...
Niks aan de hand. Laat maar liggen.
Zijn we voor maar één partner voorbestemd?
Hoe bedoel je?
Stel dat ik twee mannen had. - En als er dan eentje jaloers wordt?
Dan doe je die de deur uit.
Je vader bedriegt je moeder al jaren en houdt haar ook aan.
Misschien is ze niet jaloers. - Of ze is een handig hulpje in huis.
Of hij voelt zich eenzaam op zakenreis.
Alle machtige mannen verzamelen trofeeën.
Ben jij een machtig man? - Ik ben een kreupele die opkrabbelt.
Ik ben zo terug.
Zou je wel drinken in jouw toestand?
Eentje kan geen kwaad. - Nee, dat zal wel niet.
Wat moest dat voorstellen? Nou, dat...
Wat heb jij met die vent?
Dat kan ik jou ook vragen. - Ja. Wil je met hem neuken?
Nee. - Misschien hebben jullie dat al gedaan.
We kennen hem nog maar net. - Wie was die vent op die benefietavond?
Niemand. - Het is nooit iemand.
Ik ken hem net, niemand, waar heb je het over, kan ik jou ook vragen...'
Ik begrijp jou niet.
Dag, papa. Heb je het een beetje naar je zin?
Elk ballet is hetzelfde: Allemaal mannen in maillots.
Wel mooie muziek. - Ja.
Charlie speelt ook mooi. - Speel jij?
Charlie pingelde al op haar derde op de piano. Als een echt Mozartje.
Tot ze er op een dag ineens de brui aan gaf.
Waarom? - Uit rebellie? Wie zal het zeggen.
Ze vond zichzelf nep. Weet je nog? En toen is ze weggelopen.
Ze verfde haar haren paars en droeg van die piercings door haar neus.
Geen detective kon haar vinden. - Dat boeit hen toch niet.
Het is 'n mooi verhaal. Op een dag belt er een jongeman op: Ze zit in Chicago.
Mag hij haar thuis brengen? Ik verwacht zo'n holbewoner aan de deur.
Maar het blijkt een aardige knaap te zijn, keurig gekleed.
Andrew bracht ons kindje terug. Een half jaar later waren ze getrouwd.
Willen jullie me excuseren, heren?
We doen ons best, nietwaar? - Gooi dat weg en geef me een wodka.
Laat haar maar even.
Wie was het? - Niemand.
Een fotograaf. - Ik ben hem al vergeten.
Hij was het. Zeg het toch gewoon. Wil je met Jacob naar bed?
Daar geef ik geen antwoord op. - Geef het maar toe, ik kan er tegen.
Geef toe dat je met hem naar bed wilt. - Ik geef
dat de aandacht me goed doet. - Dat zal best. Dank je wel.
We waren vroeger erg verliefd, hè?
Is het interessant?
Ik vertrek morgenvroeg.
Dat moet je zelf weten. Ik ga douchen.
En wat voer jij uit, Andy? - Ik werk aan een klus voor dr. Pankow.
Cyclus heeft grond gekocht in de Ozarks. - Het stikt er van de witstaart-herten.
Het is een geweldig project. - Succes dan maar.
Wil er iemand nog...
Je zou die ontwerper van dat museum toch nemen?
Conrad vroeg me z'n ontwerpen te bekijken.
Hij was er helemaal voor naar Kansas City gekomen. Ze waren niet verkeerd.
Ik heb m'n schoonzoon nog geen dag zien werken.
Hij heeft een dagtaak aan Charlie. - Ik heb in m'n jaar wel geleerd...
dat je uit lood geen goud kunt maken. Het is de alchemisten evenmin gelukt.
Je bent goed.
Weet ik.
Je drinkt veel voor een vrouw.
Ook daar ben ik heel goed in.
Dat is beter.
Kom eens hier.
Dans met me.
Waarom deed je dat?
Als je stop zegt, hou ik op.
Stop.
Hou je mond. Niets zeggen.
Als ik m'n hand weghaal, hou jij je muisstil. Begrepen?
Je kent m'n man. - Die man van jou is een eikel.
Moet je zo'n meid nu neuken of vermijden?
Allebei, lijkt me. - Neuken en dan vermijden. Goed idee.
Jij komt hier niet vandaan, hè? - Ik ben hier voor zaken. Jij?
Ik werk in de fabriek aan de overkant.
Waar kom je vandaan? - Moberly, in Randolph County.
Ik weet waar het is. Ik heb daar een tijdje gezeten.
36 maanden.
Moberly is alleen bekend om Omar Bradley en z'n gevangenis.
M'n vader heeft er ook gezeten. - Dan ken ik hem waarschijnlijk.
Nog twee, graag.
Dat hoeft niet. - Het is al gebeurd.
Wat had je uitgevreten? - Waar zal ik beginnen?
Ik zat games te spelen met m'n maat Ken...
en vier jaar later stond ik speed te fabriceren in een stacaravan.
Ether is gevaarlijk spul. Kenny was flink verbrand.
Ik moest drie jaar brommen. - Ben je al lang vrij?
Ik heb m'n vrienden zien afstuderen...
terwijl ik voor een schijntje vaten mag sjouwen.
Het is raar, maar zo'n akkefietje verknalt je hele leven.
Wat je zegt.
Ze heeft een oogje op je. - Nee, op jou in je chique kloffie.
Je weet toch echt wel wat je doet, hè?
Je dacht toch niet dat ik van het zingen leefde?
Ja, eigenlijk wel.
Moet het echt die spin worden? - Ja, precies dezelfde.
Groot en griezelig.
Alsjeblieft. - Dat is voor mij heel lang geleden.
Je neemt toch wel wat? - Misschien.
Misschien? Kom op. Je leeft maar een keer.
Jij neemt toch ook wel wat?
Vonden jullie het leuk? Een gezellige tent?
Goed zo. Dat is lekker, hè?
Gek. - Gek van eenzaamheid.
Heb ik een mooie stem? Die lokale lui horen dat niet.
Ik weet dat ik een mooie stem heb. - Ik en die koele hier horen het wel.
Jullie zijn niet van hier. Dat is toch anders.
Is het lekker? - Het is fantastisch.
Zie je nu wel? Ik zei toch dat het gaaf spul was.
Dat is een kolossale slang, zeg. - Van dat spul klap je uit elkaar.
Dat is echt een grote slang. - Wat?
Die koele is bang voor je slang. - Waar hebben jullie het over?
Die slang is... - Wil je me je slang laten zien?
Ik wel. - Goed dan.
Eerst even het zakelijke deel afwerken. 300 voor jullie samen.
300? Zo veel geld heb ik niet. - Maar je vriend wel.
Dat klopt. - Leg het daar maar neer.
Ik had je gewaarschuwd, Andy, maar jij wou niet luisteren.
Daar waren jullie toch op uit? - Ja, maar hij wou het niet horen.
Dat was lekker, dame. Dank je wel.
Jouw beurt.
Jij krijgt het nog moeilijk. Pak haar, kanjer.
Laat je handeltje maar zien.
Ik denk dat ik wat hulp nodig heb.
Ontspan je maar. Gewoon ontspannen.
Laat maar.
Je moet niet zo je best doen.
Kijk me dan niet zo aan.
Wat valt er te lachen? - Sorry, maar...
Kom hier. - Krijg de kolere.
Wat is er gebeurd?
Ik dacht dat het daarbij bleef, maar een paar maanden later zocht hij me op.
Ze is op haar hoofd gevallen. Het was een ongeluk.
Ja, dat zal wel. - Raak haar niet aan.
Ik bel een ziekenwagen.
Als je belt, vinden ze ons hier.
Rustig maar, bijna klaar.
Rustig maar. - Shit.
Oké, goed. Wat bedoel je precies?
Heeft ze een overdosis genomen? - Inderdaad.
Een overdosis? - En ze heeft haar hoofd gestoten.
We gaan.
Dat slaat nergens op. - Dat noemen ze huwelijkse voorwaarden.
Ik verdien na zeven jaar wel iets meer dan niets.
Niets? - Geen cent.
Gaat het om 20 mille of 20 miljoen? Wees eerlijk, anders kun je vertrekken.
Je hebt me toen ook geholpen. - Nee, alleen mezelf.
Ik ben liever dakloos en eet hondenvoer dan dat ik weer de bak in draai.
Luister, ik wil daar nooit meer heen.
Verdomme, Iris. Geef hem die rotauto gewoon.
Ga zitten en kalmeer. - Ik laat me niet bevelen.
Dit is mijn huis. Ik heb een vraag voor jou.
Waarom ben jij zo ijzig kalm? Dat wil ik wel eens weten.
Moet ik iets voor je doen? Sta dan op en doe je trui omhoog.
Je verstond me wel. Opstaan en trui omhoog.
Tevreden?
Ik ben je vriend, Jacob. Ga zitten, dan kunnen we praten.
Ga zitten.
Laten we het eenvoudig houden.
Jij moet aan jezelf denken en voorkomen dat de politie vragen komt stellen.
Ik was in die tent en heb je met die griet zien weggaan.
Jij hebt het met haar gedaan, ik niet.
Klootzak.
Krijg de kolere.
We zitten in hetzelfde schuitje.
Je kunt niet verwachten dat ik voor een habbekrats mee doe.
Wat hou ik er aan over?
Genoeg om een nieuw leven te beginnen.
Je kunt hier weg en een studente aan de haak slaan.
Op Steinbeck Road staat een bord dat naar de grotten verwijst.
De rest staat hierin.
Dit is vast een beginnetje.
Wat moet ik haar vertellen?
Dat je fotograaf bent. Ze is gek op fotografen.
Ik wil dat geld niet.
Wil je mijn plaats innemen?
Denk je dat haar ouders je met open armen zullen ontvangen?
Wil je jezelf rehabiliteren?
Jij bent geen haar beter dan ik.
Van de fabriek rechtstreeks naar het landgoed?
Rot op, jij verdient haar niet.
Ik ben het, Mrs Frost. - We moeten hier weg.
Rustig maar. U hebt geprobeerd ons te bellen. Is alles in orde?
Luister. - Wat is er aan de hand?
Hij komt er aan. - Die man van straks?
We moeten hier weg. - Rustig maar. Ik ben er nu.
Ik waak over u, maak u geen zorgen.
Ik moet het echt laten lijken.
Alsjeblieft. Ik ben het, Charlie. Kijk me aan.
Wat is dit? We hebben hem gevonden en...
Hij We hebben hem meegenomen en toen ging hij door het lint.
En die dode politieman buiten dan? - Kop dicht. Kop dicht.
We komen er samen wel uit. Laat me helpen.
Waar is hij? - Boven.
Pak de boog, en breng ook een pijl mee.
De boog staat in de kast.
Maak dat je wegkomt, Charlie.
Neem de auto en verdwijn.
Wegwezen, rennen.
Ik heb een dokter nodig.
Er moet een dokter komen.
Ik heb dorst. Dank je wel.
Is dat water?
Heb je de hele dag water gedronken? - Ik moest toch alert blijven.
Sla die ruit maar in. Dan krijg ik 'm wel aan de praat.
Dat kan toch... Leuk aanbod, heel geruststellend.
Wat ga je nu doen? - Het had al voorbij moeten zijn.
Jij had geen pistool mee mogen brengen.
Jij bent niet m'n beste vriend. Er had van alles kunnen gebeuren.
Had je van de boot kunnen vallen? - Of overreden kunnen worden.
We moeten iets anders verzinnen.
Eerst dacht ik dat het m'n verdiende loon was.
Ik ben het.
Wat is er aan mij nu het redden waard? Ik ben een alcoholiste.
Alles goed, Charlie?
Ik ben een luie, verwende vrouw.
Ik weet dat je hier zit.
Gaat hel? Je bent lijkbleek.
Maar dat is nu allemaal onbelangrijk.
Want nu heb ik iets wat wel het redden waard is.
Ik haal er nog eentje. - Veel waardevoller dan ik.
En stukken waardevoller dan jij, Andrew.
Wat heb je me gegeven? - Een dosis kalmeringsmiddel.
En Jacob? - Doordrinken.
Ik moest improviseren.
Het was niet moeilijk om jullie tegen elkaar op te zetten.
Zijn wij voor maar één partner voorbestemd?
Hoe bedoel je? - Stel dat ik twee mannen had.
En als er dan eentje jaloers wordt? - Geef het maar toe, ik kan er tegen.
Geef maar toe dat je met hem naar bed wilt.
Je bent een slimme tante, Charlie.
Zeker weten.
Je denkt toch niet dat ik één slok zou nemen...
nadat ik had ontdekt dat ik weer zwanger was? Na die rottijd.
Waar zie je me voor aan?
Je bent dus echt zwanger.
Waarom?
Omdat ik niets had. - Je had mij.
Jij bent altijd de enige voor me geweest.
Ik hoor...
Ik hoor steeds...
dat getik. Maar ik kan niet Ik kan niet...
Hoe laat is hel, Schil?
Het is...
Kunnen we?
Je bent echt beeldschoon.
Ik heb altijd iemand zoals jij gewild.
Ik ben zo slecht toch niet?
Kunnen we stoppen voor appeltaart?
Een stuk appeltaart met ijs.
We gaan naar de dokter. Het komt goed.
Zelfgemaakte appeltaart, geen rotzooi.
Het komt allemaal goed.
Can't find what you're looking for?
Get subtitles in any language from opensubtitles.com, and translate them here.