Afrikaans
Akan
Albanian
Amharic
Arabic
Armenian
Azerbaijani
Basque
Belarusian
Bemba
Bengali
Bihari
Bosnian
Breton
Bulgarian
Cambodian
Catalan
Cebuano
Cherokee
Chichewa
Chinese (Simplified)
Chinese (Traditional)
Corsican
Croatian
Czech
Danish
Dutch
English
Esperanto
Estonian
Ewe
Faroese
Filipino
Finnish
French
Frisian
Ga
Galician
Georgian
Guarani
Gujarati
Haitian Creole
Hausa
Hawaiian
Hebrew
Hindi
Hmong
Icelandic
Igbo
Indonesian
Interlingua
Irish
Italian
Japanese
Javanese
Kannada
Kazakh
Kinyarwanda
Kirundi
Kongo
Korean
Krio (Sierra Leone)
Kurdish
Kurdish (Soranî)
Kyrgyz
Laothian
Latin
Latvian
Lingala
Lithuanian
Lozi
Luganda
Luo
Luxembourgish
Macedonian
Malagasy
Malay
Malayalam
Maltese
Maori
Marathi
Mauritian Creole
Moldavian
Mongolian
Myanmar (Burmese)
Montenegrin
Nepali
Nigerian Pidgin
Northern Sotho
Norwegian
Norwegian (Nynorsk)
Occitan
Oriya
Oromo
Pashto
Persian
Polish
Portuguese (Brazil)
Portuguese (Portugal)
Punjabi
Quechua
Romanian
Romansh
Runyakitara
Russian
Samoan
Scots Gaelic
Serbian
Serbo-Croatian
Sesotho
Setswana
Seychellois Creole
Shona
Sindhi
Sinhalese
Slovak
Slovenian
Somali
Spanish (Latin American)
Sundanese
Swahili
Swedish
Tajik
Tamil
Tatar
Telugu
Thai
Tigrinya
Tonga
Tshiluba
Tumbuka
Turkish
Turkmen
Twi
Uighur
Ukrainian
Urdu
Uzbek
Vietnamese
Welsh
Wolof
Xhosa
Yiddish
Yoruba
Zulu
Kom Sara. -Laat maar liggen.
Ik wil het op school laten zien. -Het is te groot, Sara.
Denkt ze nou echt dat we dat meenemen? -Je kunt me ook helpen, hoor.
Weet iemand waarom Holden de Vanger in het Koren wil zijn?
Maar dan zetten ze alleen een hoed op. -Nou en?
Ik trek iets moois aan voor de hele dag en Adam ook. Toch, Adam?
Ik denk niet dat ik ga. -Het is het laatste feest van het jaar.
Jongens, het blauwe team heeft een goed antwoord.
Lever jullie huiswerk maar in. En zet de tafels terug alsjeblieft.
Dat is de eerste bel. Naar de klas allemaal.
Zou Fabio z'n homopak aantrekken? -Kop dicht, Saba-mini.
Noem me niet zo. -Kom op, naar binnen.
Niet weer, Sheppard. Je weet de weg. -Blijf van me af.
Een beetje rustig. -Raak me gewoon niet aan.
Het is te kort. -Nee hoor, het zit juist leuk.
Goed dan, voordanser. -Lief zijn, anders word je een kikker.
Ik zal de groene wratten goed verzorgen..
de trots van elke knappe kikker.
Oké, Adam. Kom maar binnen.
Denk je dat je nog ��n dag uit de problemen kunt blijven? Eentje maar.
Als ze me met rust laten.
Ga dan maar.
Bedank je oma voor de tomaten. Ze heeft echt groene vingers.
Tegen de tijd dat je er bent, slapen ze.
Ik heb gezegd dat we ze zouden ophalen. -Waar ben je nu?
Ik kom net van de snelweg af. Ik ben er zo.
Stom joch.
Heb je m'n golfschoenen gezien? Ze moeten hier ergens liggen.
Golfschoenen? -Ja.
Met die vleugeltekening met witte puntjes.
Ik wist niet dat je golfde. -Gaan we je pak nog halen?
Ik geloof niet dat ik nog wil.
Waarom niet? Ik dacht dat je zo gek was op die, hoe heet ze ook weer?
Audrey, ja. Heb je een smoking nodig? -Nee, het thema is jaren '70.
Nou, dan gaan we naar de tweedehandszaak en kopen wat.
Een gebruikt pak kan ik wel betalen. -Pap, ik hoef niet per se een pak.
Kom, ik sta erop.
Misschien verkleedt Audrey zich ook niet. Het hoeft niet.
Ik heb die dansfeesten gemeden tot ik in de vijfde kwam.
Wat gebeurde er dan? -Carrie Rowland vroeg me.
Wat zei je tegen haar? -Ik kon net 'ja' stamelen.
Thuis zei ik tegen m'n moeder dat ik niet wilde.
Ze bracht me op andere gedachten. -Wat gebeurde er?
Ik kreeg een knalblauwe smoking met een overhemd met kantjes.
Ik heb er nog een foto van, vreselijk. Maar op school hadden ze alles versierd.
Ik had Carrie aan m'n arm en zag dat ze erg trots op me was.
Het was echt een leuke avond.
Het is wel wat groot, niet?
Het komt wel goed. Ik neem 'm in bij de schouder en maak de mouwen wat korter.
Wat vind jij ervan, Adam? -Het kan niet beter.
Je moet gaan, hoor.
Als ik het nu vanavond pas aandoe? Het moet netjes blijven.
Nee, we hebben er goed voor betaald. Je doet het de hele dag aan.
Alleen vanavond kan ook.
Je draagt het naar school en naar het feest.
Waarom? -Omdat je dat tegen me gezegd hebt.
En nou opschieten. Pak je fiets. En niet mopperen tegen me.
Zijn er nog vragen of opmerkingen over de Vanger in het Koren?
Je ziet er fantastisch uit. -Dank je.
Ik vind je pak tof. Ik ben blij dat je je verkleed hebt.
De jongens zijn stom. Je moet je ook durven verkleden.
Een homopak. -Hij is tenminste verkleed.
En jij dus niet, Saba-mini. -Kop dicht.
Kom, we gaan.
Waar ben jij mee bezig? Kap er toch gewoon mee.
Je verraadt ons nog. -Ik wil een milkshake.
Nee, we hebben ze nodig. -Kop dicht.
Waar wil je zitten? -Hier maar.
Hier, Fabio. Nou lach je niet meer, hé?
Eetgevecht.
Dr. Brigg, Helen is er.
Fijn dat je weer wilde komen. Ga zitten.
Wat is er gebeurd? -Sabatini moest naar het ziekenhuis.
Wat is er dan gebeurd? -Je moet hier maar even naar kijken.
Daar rechts zie je Adam.
Het is duidelijk dat Sabatini begon.
Maar Adams reactie baart me zorgen.
Hij moet deze zomer in therapie voor hij naar de middelbare school kan.
Dat is de ene mogelijkheid. -En de andere?
Dat hij naar Sunrise gaat. -En wat is dat in vredesnaam?
Daar doen ze nascholing.
Heeft het gezin therapie gehad na het ongeluk?
Tom is met Adam een paar keer naar een rouwtherapeut geweest.
Maar hij vond 't tijdverspilling. -Dat kan een deel van het probleem zijn.
Zelfs als Tom het er mee eens is, heeft hij er het geld niet voor.
Ik heb wel een suggestie.
Hij gooide een milkshake over Audrey. -Daar gaat 't niet om. Jouw reactie..
Nou ja, ik weet het niet.
Je gaat in de herfst in ieder geval naar een gewone middelbare school.
Maar een priester? -Volgende week begin je.
Zaterdag moet je op de campus werken en volgende week ga je naar de priester.
Oké, als jij dat wilt. -En dat wil ik.
Morgen weer? -Heb je de flits gezien?
Morgen niet, een andere keer. Van oma moest ik de groene flits zoeken.
Kun je me naar huis brengen, oma? -Je mag ook hier blijven.
Je hoeft niet terug. -Jawel, toch wel.
Waarom dan? -Het is m'n thuis.
Overeind.
Hoe laat is het? -Bedtijd.
Je moet gewoon gaan. Het is het laatste feest.
Je moet je ook durven verkleden.
Je ziet er fantastisch uit.
Ben je nog naar het feest gegaan? -Nee, geen zin meer.
Zit je nu in de penarie? -Nee hoor, niets aan de hand.
Waarom ben je niet meer gegaan? -Ik weet het niet.
Wanneer gaan jullie weg? -Morgen.
M'n tante verheugt zich enorm. Maar ik ben weer terug voor het strandfeest.
Eind van de zomer.
Ik zal je missen. -Ik jou ook.
Ik moet gaan. Tot op het strandfeest.
Hij sprong over het hek en probeerde zich te verstoppen.
Wat kreeg hij? -Een kale kop.
Hoe weet je of ze je gaan pakken? -Dat weet je nooit zeker.
De atleten jagen op de bijna atleten. -Ik word geen atleet.
Het zijn niet altijd de atleten. Ook de eerstejaars.
Ken jij ouderejaars? -Wie aan mijn haar komt, vermoord ik.
Het is haar. Het groeit weer.
Ricky en z'n vrienden gaan je pakken, hé? -Dat zal wel.
Zo, meisjes.
Hadden jullie lol gisteren? Vandaag zullen jullie weer lol hebben.
Als je wilt weten wie hier deze zomer de baas is, moet je me maar uittesten.
Jullie drie druiloren, ga naar de kantine en stapel de tafels op. Nu.
En voor jullie tweeën heb ik een speciaal klusje.
Lopend.
Alle ramen? U maakt zeker een grapje. -Aan de binnen-en buitenkant.
Veel plezier, dames.
Je vergeet wat.
McDonald's is beter dan kalkoen. -En dus ook beter met Thanksgiving.
Is McDonald's wel open op Thanksgiving? -Geen idee. Ik denk van wel.
Daar gaat het niet om. Ik bedoel dat ik altijd zin heb in McDonald's.
Ik ga toch voor de kalkoen, geloof ik.
Ik heb m'n grasmaaier weer nodig.
Ik heb aardbeien voor jullie. Zo uit de tuin.
We moeten praten. Zet dat ding eens uit.
We moeten het over Adam hebben.
Ze belden toch of je hem op kwam halen? -Ik hoorde de telefoon niet.
Waarom niet? Had je het soms te druk?
Ik ben er dus naartoe gegaan en kreeg een video te zien van een gevecht.
Adam heeft een andere jongen serieus verwond. Hij heeft hulp nodig.
Wat voor hulp? -Hij moet in therapie.
We zijn toch in therapie geweest. -Nee, je bent maar een paar keer gegaan.
En Donald zei dat als hij deze zomer geen therapie af kan ronden..
hij naar Sunrise moet.
Hoelang nog, Tom? -Wat bedoel je?
Dat weet je heel goed. Het rondhangen, het zelfmedelijden, het drinken.
We raken hem kwijt als we niet oppassen.
Ik kan me de oude Tom maar moeilijk meer herinneren.
Dag. Kan ik je helpen? -Ik heb een afspraak met pater Dan.
Die heb je net gemist? -Echt waar? Maar ik heb een afspraak.
Hoe laat? -Twee uur.
Wel, m'n zoon, het is al kwart over. Pater Dan is gaan basketballen.
Waarom zeggen priesters altijd 'zoon'? -Hoe heet je?
Hij komt pas terug na de wedstrijd.
Ben jij Sheppard?
Kom volgende keer op tijd.
Gaat het?
Wat ben je aan het doen? -Deze kooi moet in die boom.
Wat probeer je dan te vangen? -Een papegaai.
Die groen met witte? Waarom? -Omdat je ze kunt verkopen.
Echt? Voor hoeveel?
In de winkel zijn ze 500 dollar. Ik probeer het al een tijdje.
Er zijn er wel een stuk of twintig. -Meer dan dat.
Ze zitten weleens bij de school.
En ze slapen in de boom voor ons huis. -Echt waar?
Ik zie ze altijd uit m'n raam. Meestal komen ze rond zonsondergang.
Laten we maar snel naar boven gaan.
Ik doe er wat fruit in. -Een banaan werkt wel.
Ik pak de ladder even.
Wat ben je aan het doen?
Niks. Dit is Johnny.
Hallo. Wat doen jullie?
We gaan een papegaai vangen. Dat zijn die beesten die je wakker maken.
Ja, ik ken die etters wel. -We gaan ze verkopen.
Aan wie? -De dierenwinkel.
Ze zijn 500 dollar per stuk waard. -En daar wou je dit voor gebruiken?
Het is een beetje een gammel ding. Dit gaat nooit werken.
De deur past er nauwelijks in.
Kijk dan, dit werkt toch nooit. -Nu niet meer, nee.
Hij was al kapot, hoor. -Pa?
Nou, goed dan. Maar wees voorzichtig.
Geeft niks. Zo weer gemaakt.
Zullen we naar mijn huis gaan? Dan gaan we zwemmen.
Ik weet niet. Ik denk dat ik maar hier blijf.
Kom op, dan laat ik je het fort zien.
Wat een tuin.
Leuk, tenzij je er ieder weekend in werkt.
Hoe krijg je het zo? -M'n vader is tuinarchitect.
Hij verandert het steeds.
Wie voert de vissen? -M'n zus Maggie, als ze het niet vergeet.
Is dat de boomhut? -Ja. Kom maar kijken.
Dit is supergaaf. -M'n vrienden kwamen logeren.
Je kunt er met z'n vijven slapen, al is het krapjes.
Waardeloos als er iemand moet pissen. -Moet je dan het huis in?
Soms doe ik het over de rand, maar dat mag niet.
Waarom niet?
Wat eten we? -Hamburgers. En hoe heet je vriend?
Dit is Adam.
Hallo. -Leuk je te ontmoeten.
En blijft je vriend ook eten? -Bedankt, maar dat gaat niet.
Ja, hij blijft eten. Hij is wat verlegen. -Ik begrijp het.
Mag Adam blijven logeren in het fort? -Mag dat van je ouders?
Ik denk niet.. -Hij belt nu.
Over 20 minuten eten we. En geef dit aan je vader.
Ik slaap altijd thuis. -Bel hem.
Is dat Sheppard? Waar je heibel mee had?
Zeg er maar niets van. -Komt goed. Waarom heeft hij z'n haar zo?
Hij heeft het niet geknipt sinds z'n moeder en zusje stierven.
Dat is jaren geleden. Wat een lange slierten.
Zeg niets, zeker niet over knippen. -Maak je daar maar geen zorgen over.
Hij is leuk.
Sheppard hier. We zijn er nu niet.
Spreek je telefoonnummer in, dan bellen we zo snel mogelijk terug.
Bedankt voor het bellen.
Hoi pap, ik ben bij Johnny thuis.
Ze wonen op Highland.
Ik ben uitgenodigd voor het eten.
Ja, het nummer heb ik.
Ik ook van jou, pap. Dag.
Wat een onzin is dit.
Dit artikel moet vandaag af. Zo, het is verzonden.
Ga maar zitten.
Dus je komt hier elke dinsdag tot de middelbare school begint?
Daar komt het op neer. -Waarom?
Hebben ze dat niet gezegd? -Ze hebben iets gezegd.
Ik heb gevochten. -Ga verder.
Hoezo, verder? -Er is meer, anders zat je hier niet.
Ik raakte op school vaak in de problemen. -En wat vinden je ouders daarvan?
Alleen m'n vader. Die zei niet veel.
En je moeder dan? -Die leeft niet meer.
Wat naar. Wanneer is ze gestorven?
Twee jaar en twee maanden geleden. -Dat moet zwaar zijn geweest.
Hoe heette ze? -Hoe heet ze?
Hoe heette je moeder? -Melissa, maar we noemden haar Mel.
Melissa, kun je me horen?
M'n vader noemde haar soms Mellie. Dan moest ze glimlachen.
Melissa, knipper als je me kunt horen. Blijf bij me, Melissa.
Maar niemand noemde haar ooit Melissa.
Blijf bij me, Melissa.
We gaan het als volgt doen. Je komt iedere dinsdag een uur.
Dit was je tweede afspraak. De eerste heb je gemist.
Als je verder steeds komt opdagen, krijg je een krabbel van me.
Maar ik heb wel ��n regel. -Kom niet te laat?
Twee regels.
Kom niet te laat en wees altijd zo eerlijk mogelijk. Afgesproken?
Goed, maar ik moet u zeggen dat ik niet geloof..
in God en zo. -Kijk, je bent al goed begonnen.
Zo glad als een perzik. -Ze zullen hem achternazitten.
Is hij de volgende? -Nee, hij wordt niet geknipt.
Dat meen je niet. -Niemand komt aan 'm, Jerry.
Ik ga maar weer eens. -Waarom blijf je niet nog even?
Nee, ik kwam alleen even langs. -Morgen naar het strand?
Wordt hij echt niet geknipt? -Laat hem met rust. Ik meen het.
Ik zou hem een plezier doen. Hij is er net een van Hanson.
Kop dicht. -Let op je woorden.
Hij laat het groeien sinds z'n moeder en zusje stierven. En jij hebt genoeg werk.
Klaar, broertje.
Krijg je 'm erin? -Weet je wel zeker dat hij hier zat?
Ja, natuurlijk.
Ik zei het toch.
Hou je van sport?
Of je van sport houdt. -Ik weet niet. Een beetje.
Wat doe je graag voor je plezier? -Plezier?
Ja, je weet wel. Plezier. -Ik zit graag op de fiets.
Wat nog meer? -Johnny en ik proberen vogels te vangen.
Ken je die groene papegaaien? Vast wel. -Ja, probeer je die te vangen?
We gaan ze verkopen aan de dierenwinkel voor 500 dollar per stuk.
Tjonge, ik doe het verkeerde werk. Hoeveel heb je er al?
Nog geen een. Maar we vangen er wel een paar voor de zomer voorbij is.
Wat ga je met het geld doen?
Ik weet niet. lets kopen, denk ik.
Kijk aan, Miss Sara Sheppard. -Ze wil deze keer kopen.
Echt waar? -Ik wil hem nog een keer bekijken.
Je hebt 'm al duizend keer gezien. -Ik wil 'm even vasthouden.
En mevrouw, wat vindt u ervan? -Ik neem 'm.
Aarde aan Adam. Wil je een paar keer schieten?
Tot kijk dan.
Afstappen.
Dag, jongens.
Die Adam is echt een schatje. -Ze nam je van top tot teen op.
Klopt, m'n zus vind je leuk.
Moet je die golven zien. Kom op, dan gaan we.
Waar wacht je nog op?
Alle eerstejaars gaan naar het laatste strandfeest.
Het eerste feest waar je heen mag. De ouderejaars zijn aardig.
En hoe zit het dan met.. je weet wel.
Je wordt echt niet geknipt, hoor. Het is het laatste zomerfeest.
Smakelijk. -Bovendien komt Audrey ook.
Ach, hou je mond.
Mooie hanenkam. Laat je 't zo? -Geen idee. Ik vind 't wel leuk.
Wat willen jullie? -B&B3.
Tortilla middel.
Zie je Squeaky? -Die eikel van een Jerry knipt iedereen.
Squeaky huilde en wilde niet stilzitten. Jerry knipte in z'n hoofd.
Wat een zak. -Ja, zo is hij.
Dat jij je haar nog hebt. Hij zei dat jij aan de beurt was.
Echt waar? -Jerry lult. Adam wordt niet geknipt.
Hoe krijg je dat voor elkaar? -Ricky zegt gewoon dat het zo is.
Tja, met die rockers is het uitkijken.
Smakelijk.
Volgende.
Dat is er een, denk ik.
Ik zei dat ik er eentje meende te zien.
Het is er zeker een.
O nee, toch niet. Vals alarm.
Dat scheelde weinig.
Aan tien-vier. Hebben jullie zin in lunch?
Neem 's op.
Boterhammetje met pindakaas en jam? -Gebruik het juiste jargon, alstublieft.
Eenheid 1 aan eenheid 2. Willen jullie lunch tien-vier?
Laat ook maar.
Je hoeft niet zo te schreeuwen. Ja, doe maar pindakaas.
Het komt eraan. Over en sluiten.
Soms zitten ze bij die hoge boom, daar.
Ik denk dat ik eentje zie. Zeker te weten. Kijk maar.
Laat eens kijken. -Naast die kleine boom. Zie je 'm?
Zie je 'm niet? Pal voor je. Een beetje hoger, zie je 'm echt niet?
Wat doe jij daar?
Ik keek alleen maar.. -Naar m'n zus.
Niet waar. Echt niet. -Ik zag het toch.
Dat deed ik echt niet. -Geeft niet, iedereen doet het.
Ik keek niet.
Opgelet, schildwachten. De voorraden zijn gearriveerd.
Is dit de ultieme Amerikaanse maaltijd? -Nee, dat is met gegrilde kaas.
Denk je? -Zeker weten.
Ik hou van pindakaas met jam. -Vogels misschien ook.
Ze komen bij me in hun mooie kleren, met perfecte tanden, en met een klacht.
Dan rijden ze naar huis in hun dure auto om hun huishoudster te helpen.
Het is gewoon niet het soort werk dat ik wil doen.
Wil je terug naar het reservaat? Ben je dan gelukkig?
Daar kan ik helpen. Mensen hier vinden dat ze geen hulp nodig hebben, tenzij..
Tenzij wat? -Tenzij er iemand doodgaat.
De dood is een last voor welgestelden. -Je snapt wel wat ik bedoel.
Er is een dringend telefoontje voor u op lijn ��n.
Ik zal zien wat ik kan doen.
Niet eens de puntjes eraf? -Nee.
Je moet erg veel van lang haar houden. -Niet bijzonder veel.
Waarom knip je het dan niet af? -Ik heb al gezegd waarom niet.
Zeg het nog eens. -Ik heb het niet geknipt sinds..
Sinds het ongeluk.
Dus je hebt je haren niet geknipt sinds ze gestorven zijn.
Dat zeg ik toch.
Waarom niet?
Dat heb ik net gezegd.
M'n moeder knipte m'n haar altijd. -Dat begrijp ik.
Maar waarom laat je het niet door iemand anders knippen?
Omdat ik dat gewoon niet doe.
Laat je 't soms nooit meer knippen? -Misschien wel.
Laten we er voor vandaag maar wat vroeger mee ophouden.
Wat is er?
Waarom doet u dat?
Je hebt het nodig. We hebben vandaag veel vooruitgang geboekt.
Zo voelt het anders niet. -Ik weet het.
Ik weet dat het zwaar is.
Maar je doet het goed.
Het komt weer goed met je.
Nog wat beleefd? -Niet veel.
Wat doe je nou, man? -Je mag niet springen.
Je hoeft me niet te duwen. -Stel je niet zo aan.
Ik ga er nog twee doen. -Twee wat?
Twee lekkere eerstejaars die nog even van m'n aanwezigheid mogen genieten.
Wat een geluksvogels. Wie is nummer twee?
Op de tweede plaats staat Kim Stromberg.
E�n verkeerde blik en haar vader stopt je in de nor.
Tja, dat is een nadeel. -En wie is nummer een?
Audrey Miller. -Wie?
M'n zusje paste vroeger op haar. -Je doet haar niets.
Kleine man, ik zorg dat ze verliefd op me wordt.
Bovendien zou ik me meer zorgen maken om je haar als ik jou was. Grapje.
Waarom noemt Ricky me 'kleine man'? -Hij vindt je een man in een jongenslijf.
Een kleine man. Hij bedoelt daarmee dat je een taaie bent.
Ik denk niet dat hij het zo bedoeld. -Welles. Jij maakt je overal zorgen over.
Waarom kwam je dan terug? -Het was de plaats waar ik nodig was.
Maar je wilde toch ook? -Zo simpel is het niet.
Bovendien zouden we over jou praten. Vertel eens over je vader.
Hij zuipt. Waarom mag je niet terug? Een priester-regel?
Ja, het is een priester-regel. Ik mag van de kerk niet naar het reservaat.
Echt waar? -Nee, niet echt waar.
Waarom dan? -Waarom houd je daar je mond..
Kijk nou eens, het is tijd. Tot volgende week dan maar, Adam.
Best, ik ga al. Jij hoeft mijn vragen tenslotte niet te beantwoorden.
Ik kan je geen antwoorden geven die ik niet heb.
En zorg dat je de volgende keer iets weet om over te praten.
Tot volgende week, pater Dan.
Laat mij dat maar doen. -Zeker weten?
Het is m'n knie.
Ik vroeg je vader om de grasmaaier terug te brengen.
Hij zei dat je bij Johnny logeerde. -Ja, ik heb in de boomhut geslapen.
Je bent daar de laatste tijd vaak, hé?
Ja, maar meestal slaap ik toch thuis.
Hoe gaat het nu? -Goed.
Hoe gaat het met je vader? -Ook goed.
Ik wil alleen graag weten hoe het echt met je is.
Het gaat goed met me, oma. -Goed, dat zal wel ja.
Mij best.
Ik ben hier. Ga je met me mee, Adam?
Nee, hier ben ik.
Kom, sufferd.
Nee, hierboven.
Hierboven, sufferd.
Hoe kom je daarboven? -Dat is geheim.
Ik dacht dat je.. -Wil je met me spelen? Vroeger altijd.
Kom naar beneden. -Kom jij maar naar boven.
Hoe dan? -Schiet op. Haast je.
Wacht.
We maken een kringetje van jongens en.. -Wacht op me.
En wat gebeurde er toen? -Toen zweefde ze weg.
En toen? -Niets, toen werd ik wakker.
Wat denk je dat het betekent? -Waarschijnlijk dat je je zusje mist.
Ik ben toch niet gek aan het worden, hé?
Vanuit mijn beroep zou ik zeggen dat je gek wordt.
Maar ik denk dat je gewoon je zusje mist.
Waar is Mel? -Wat doe je hier?
Ik vond haar sjaal en die ruikt naar haar.
Ik heb je niet.. Maak dat je wegkomt.
Maak dat je wegkomt. Oprotten, nu.
Hoe kom je aan dat blauwe oog? Laat me er eens naar kijken.
Ik ben van m'n fiets gevallen. -Van je fiets gevallen.
Laat eens zien.
Heeft hij je geslagen? -Niet echt.
Hij was dronken en praatte over mama. Ik weet niet.
Hij weet het niet eens meer.
Misschien wel. -Ik red me wel.
Ik wil dat het weer goedkomt met 'm. -Ik weet het.
Komt hij er nooit overheen?
Hij komt er nooit overheen.
Maar hij kan weer de dagelijkse dingen gaan doen.
Z'n tanden poetsen, bijvoorbeeld. Of z'n veters strikken.
En dan beseft hij dat hij eventjes niet aan hen dacht.
Het leven gaat door. Dat leerde ik toen ik je opa verloor.
Jij herinnert je opa niet, hé? -Nee, niet echt.
Wat ik weet is van foto's en verhalen.
Hij was de sterkste man die ik kende.
Waar ik aan terugdenk, is zijn vriendelijkheid.
Toen ik zwanger was van je moeder, streelde hij m'n buik en zong voor haar.
Na z'n werk ging hij hier zitten en stak een pijp op.
Hij mocht er van zichzelf maar eentje roken.
Hij genoot ervan.
En als ik in het winkelcentrum ben of uit de bieb kom..
ruik ik die zoete geur van een pijp.
Dan is hij weer heel dicht bij me.
Gewoon de geur van een pijp.
Het is hier fijn 's morgens.
Dat is het zeker.
Ik mis ze, oma.
Ik weet 't, jongen. Ik ook.
Ik weet 't, ik heb het verknald.
Denk je? -Nee, maar..
Luister, je bent een volwassen man.
Ik hou van je, maar als je je dood wil drinken, moet jij dat weten.
Met Adam ligt het anders. Hij heeft nog kans op een leven.
Ik zal doen wat ik kan voor hem en ik wil hem bij mij laten wonen.
Hij is wel mijn zoon, Helen. -Ik ga niet met je in discussie.
Je moet stoppen met drinken en jezelf vermannen. Anders komt Adam naar mij.
En ik zorg ervoor dat het gebeurt. -Hij is mijn zoon, verdomme.
We zijn een gezin. -En sla hem nooit meer, begrepen?
Ik sloeg hem niet, het ging per ongeluk.
Zei de dronkelap. -Dat ben ik niet.
En breng m'n grasmaaier terug.
Toe dan.
Toe maar.
Het moet werken.
Loop maar door. En nu moet ie dichtvallen.
Niet weggaan.
Hebbes.
Denk je dat je mensen niet helpt? -Ik help ze niet echt.
Je helpt mij wel hoor. -Is dat zo? Nou, dan ben je de enige.
Dat betwijfel ik. Je helpt mensen voortdurend, maar beseft het niet.
Ik wil ook helpen.
Hoeveel mensen? -Een heleboel.
Wie bijvoorbeeld? -Ik zou m'n vader graag willen helpen.
Ik denk dat je al zoveel doet als je kunt. -Ik denk niet dat het genoeg is.
Ik kan je veel vertellen over het rouwproces.
Maar het is zijn verdriet.
Bovendien is het haast onmogelijk om iemand echt te redden.
Je kunt dingen voor anderen doen. Daar word je gelukkig van.
Werkt dat echt? -Het helpt.
Je bent een goeie, pater Dan. -Vind je?
Krijg nou wat. We hebben er eindelijk eentje.
Ze zijn echt mooi, zeg. -Ja, zeg dat wel.
Wat heb jij ineens? -Ik ben naar 'm aan het kijken.
Je wilt 'm laten gaan, hé? -Is dat goed?
Zeg jij het maar, het is jouw vangst.
We hadden ieder de helft afgesproken. Als we hem verkopen, hebben we geld.
Ik had nooit gedacht er een te vangen.
Zullen we hem dan maar vrijlaten? -Ja, hoor.
Hoe gaat ie? -Goed, wel.
Heb je misschien trek?
Nee, niet echt. -Ik eigenlijk ook niet.
Ik ga naar m'n kamer.
Ik wil de tv een tijdje in de garage zetten. Wat vind jij?
Best.
Jij bent vroeg. -Waar is pater Dan?
Pater Dan wilde het je persoonlijk zeggen. Hij is naar het Navaho Reservaat.
Je weet nooit wie wie kan helpen. -Ik had graag afscheid willen nemen.
Ik moest je iets geven van hem.
Deze mag je houden.
Blijf uit de problemen. Maar problemen of niet, je bent hier altijd welkom.
Vertel me dan wat Ricky je heeft gegeven. -Dat zeg ik naderhand.
Na wat? -Daar trap ik niet in, hoor.
Zeg het nou maar.
Alsjeblieft, kleine man.
Wacht even, waar ga je heen? -Nog even geduld.
Ik heb wat thee voor je. Die zoete, weet je wel?
Waar is m'n fiets? -In de garage.
Veel plezier vanavond.
Ricky is er niet. -Vroeg ik dat dan?
Jij en je vriendje mogen meerijden. -Dat hoeft niet, hoor.
Waar is hij? -Hij komt zo, ga maar alvast.
Je wilt toch niet op je fietsje aankomen? -Adam en ik redden ons wel.
Ricky denkt dat jullie meerijden. -Waarom moet dat per se?
Wegwezen. Nu.
Niet doen, Jerry.
Kijk, daar heb je Sheppard.
Wat doe je? -Wat is er gebeurd?
Jerry heeft me aangereden. Waar is hij? -Ik weet het niet.
Hebbes. Tijd voor de kapper kleine man.
Kom op, erachteraan.
Kleine engerd.
Je bent er geweest.
Nou heb ik je toch.
Niet doen, Jerry.
Ik zal vechten. -Wat doe jij nou?
Rot op, Johnny. -Hij bloedt.
Wou je soms klappen? -Kijk dan, hij bloedt.
Maak dat je wegkomt. -Je zult hem niet knippen.
O nee? -Zeker niet.
Wou je je broer halen? -Waarvoor?
Laat hem toch met rust.
Ik sla je verrot. -Nee, en je knipt Adam niet.
Dus ik moet de broer van m'n vriend in elkaar slaan?
Ricky is je vriend niet. Hij heeft alleen medelijden met je.
Eerst was je gemeen, nu ben je een lul.
Zonder m'n broer was je allang een keer in elkaar geslagen.
Probeer me nu maar buiten westen te slaan.
Het zal wel.
Dat dacht ik ook.
Dat was steengoed.
Echt steengoed. -Het voelde ook goed.
We hebben wat biertjes gedronken. -Echt waar. Alleen biertjes gedronken.
Jullie hebben problemen gehad, hoor ik. -Problemen? Welke problemen?
Weet jij 't? -Nee.
Ik ga jullie naar huis brengen. -Maar ik heb Audrey nog niet gezien.
Misschien de volgende keer. We gaan.
Help me overeind.
Wat is dat voor geluid?
Mam zal dit leuk vinden. -Daar komt ie.
Adam, ben jij het? -Ja.
En, hoe was jouw zomer? -Goed, denk ik. En jouwe?
Fantastisch. Geweldig.
Uitstekend. Leuk dat je ernaar vroeg. -Volgens mij snapt ze het wel.
Ik heb m'n haar nog. -Ik zie het, ja.
Kom op, Adam. -Volgens mij gaan we weg.
Adam, ga je morgen naar het strand? -Misschien wel.
Zeg welterusten, kleine man. -Welterusten, kleine man.
Heb je de sleutel? -Weet ik veel.
Geweldig, dit is altijd het vervelendst.
Sorry, Mr Sheppard. Een van de ouderejaars probeerde Adam te knippen.
Daarna hebben ze biertjes gedronken. -Bedankt voor 't brengen.
Ik neem het wel over.
Ik zit in de nesten. Bel de politie.
Daar vind ik het nog geen tijd voor. Een douche kun je wel gebruiken.
Bel de douchepolitie.
Een bad dan?
Eenheid ��n hier, we hebben hier een vies joch dat in bad moet.
Heel grappig. Kom mee, kun je lopen? -Ja hoor, papa.
Ik kan lopen, rollen, rennen..
Ik let op dat je niet kopje onder gaat.
Een gezin dat samen baadt, blijft samen. -Zoiets, ja.
Ik neem nooit een bad. Ik ga altijd onder de douche.
Ik vind een bad best lekker.
Ik geniet van het baden, vader. -Meen je dat?
Genieten van de prettige ervaring van het baden.
Vind je niet?
Zit ik in de nesten?
Weet ik nog niet.
Wat vind je van drinken?
Geweldig. Drinken is echt geweldig.
Dan drinken we samen als ouwe mannen. -Dat zal niet gebeuren.
Dan drink ik in m'n eentje. Dat is ook leuk, toch?
Nou, nee. Niet echt. -Ik vond het wel grappig.
Je voelt..
Niets.
Maar daarna voel je je verdrietig, hé? Misschien moet ik eraan wennen.
Ik moet oefenen.
Wacht even, ik zit hier naast de expert. Waarom vind jij drinken leuk?
Ik vind het niet leuk.
Daar leek 't wel op.
Ik weet het. Maar het wordt tijd dat ik ermee stop.
Zeg dat niet als je het niet meent.
Daar is ie dan. -Goeiemorgen.
De morgen is voorbij. We gaan avondeten.
Avondeten? -Ja.
Je hebt de hele dag geslapen. Dat moet een record zijn.
Heb je trek?
Ik val om.
Begin maar alvast met die salade.
Johnny is nog langsgeweest. Hij zei dat Audrey je zocht op het strand.
Goed nieuws, hé?
Vertel me nu maar eens over dat gevecht. -Het was geen gevecht.
Die jongen heette Jerry. Het was gewoon een eikel.
Johnny heeft het opgelost. -En hoe loste hij het dan op?
Hij nam 't voor me op.
Wat is dit?
Misschien wil je door je vader geknipt worden?
Niet te kort aan de zijkant.
Officiële NL ondertiteling geript door PyRA
Can't find what you're looking for?
Get subtitles in any language from opensubtitles.com, and translate them here.