All language subtitles for A Princess for Christmas (2011).nl

af Afrikaans
ak Akan
sq Albanian
am Amharic
ar Arabic
hy Armenian
az Azerbaijani
eu Basque
be Belarusian
bem Bemba
bn Bengali
bh Bihari
bs Bosnian
br Breton
bg Bulgarian
km Cambodian
ca Catalan
ceb Cebuano
chr Cherokee
ny Chichewa
zh-CN Chinese (Simplified)
zh-TW Chinese (Traditional)
co Corsican
hr Croatian
cs Czech
da Danish
en English Download
eo Esperanto
et Estonian
ee Ewe
fo Faroese
tl Filipino
fi Finnish
fr French
fy Frisian
gaa Ga
gl Galician
ka Georgian
de German
el Greek
gn Guarani
gu Gujarati
ht Haitian Creole
ha Hausa
haw Hawaiian
iw Hebrew
hi Hindi
hmn Hmong
hu Hungarian
is Icelandic
ig Igbo
id Indonesian
ia Interlingua
ga Irish
it Italian
ja Japanese
jw Javanese
kn Kannada
kk Kazakh
rw Kinyarwanda
rn Kirundi
kg Kongo
ko Korean
kri Krio (Sierra Leone)
ku Kurdish
ckb Kurdish (Soranî)
ky Kyrgyz
lo Laothian
la Latin
lv Latvian
ln Lingala
lt Lithuanian
loz Lozi
lg Luganda
ach Luo
lb Luxembourgish
mk Macedonian
mg Malagasy
ms Malay
ml Malayalam
mt Maltese
mi Maori
mr Marathi
mfe Mauritian Creole
mo Moldavian
mn Mongolian
my Myanmar (Burmese)
sr-ME Montenegrin
ne Nepali
pcm Nigerian Pidgin
nso Northern Sotho
no Norwegian
nn Norwegian (Nynorsk)
oc Occitan
or Oriya
om Oromo
ps Pashto
fa Persian
pl Polish
pt-BR Portuguese (Brazil)
pt Portuguese (Portugal)
pa Punjabi
qu Quechua
ro Romanian
rm Romansh
nyn Runyakitara
ru Russian
sm Samoan
gd Scots Gaelic
sr Serbian
sh Serbo-Croatian
st Sesotho
tn Setswana
crs Seychellois Creole
sn Shona
sd Sindhi
si Sinhalese
sk Slovak
sl Slovenian
so Somali
es Spanish
es-419 Spanish (Latin American)
su Sundanese
sw Swahili
sv Swedish
tg Tajik
ta Tamil
tt Tatar
te Telugu
th Thai
ti Tigrinya
to Tonga
lua Tshiluba
tum Tumbuka
tr Turkish
tk Turkmen
tw Twi
ug Uighur
uk Ukrainian
ur Urdu
uz Uzbek
vi Vietnamese
cy Welsh
wo Wolof
xh Xhosa
yi Yiddish
yo Yoruba
zu Zulu

Original subtitles

In het land Buffalo woonde eens een meisje dat Jules Daly heette.

Ze droomde ervan om naar verre landen te reizen.

Waar mensen zongen voor de lol en dansten van plezier.

Met huizen vol draaiorgels, muziekdoosjes.

Mechanische poppen en koekoeksklokken.

Maar helaas lopen niet alle verhalen goed af.

Jules is groot geworden en heeft nog dezelfde droom.

Maar jammer genoeg zit ze nog steeds in Buffalo.

Met Buffalo Antiek En Zo.

We handelen in antiek en repareren klokken.

Natuurlijk. Breng maar langs.

Ik ga wel.

Kan ik u helpen? - Ik zoek een cadeau voor m'n dochter.

Waar houdt ze van? - Ze is een…

Bloedzuiger. Vampier.

BLOEDZUIGER

Maddie, maak je er een smeerboel van? - Nee, ik smeer een broodje.

Vreemd. Milo.

Kasakwanski's Ninja Afslachting.

Hoi, Milo. Hoe gaat het? - Wat doe jij hier, Zoe?

Dit is ook mijn videotheek. - Je moet me niet volgen.

Die is voor zeventien en ouder. - Weet ik.

Die verkoopt hij je nooit. - Dan lenen we hem.

Kun je vinden wat je zoekt? - Ja.

Ik ga. - Ik ook.

Stop. - Kom, snel.

Kijk uit. - Hij komt eraan.

Hou hem tegen. - Elk een andere kant op.

Perfect. Hoe wist je dat zo snel? - Ik heb ook twee jonge kinderen.

Stiefkinderen? - Ik ben hun tante en voogd.

Ik heb een geweldige nanny die oppast.

Mrs Kelly?

Graag gedaan. Fijne Kerst. - Jij ook.

Ik heb net die muziekdoos verkocht. Nu die maffe klok nog.

We moeten even praten.

De zaken gaan niet goed. - Ik kan beter m'n best doen.

Jij doet het goed. En je hebt een moeilijk jaar gehad.

Je zus en zwager zijn vorig jaar met Kerst overleden.

We redden ons wel. - Ik vind dit heel moeilijk.

Maar ik kan je niet meer betalen. Als het zo doorgaat, moet ik sluiten.

Alsjeblieft, Arthur. - Het spijt me echt heel erg.

Je bent een geweldige verkoopster.

Ik zal kijken of ik iets anders voor je kan vinden.

Dank je.

Doe open, Milo. Het is een noodgeval.

Je bent de deur uit geweest. Dat ga ik zeggen.

Dan onthoofd ik Dolly Dinkle. Begrepen? Mooi.

Milo, je hebt de vuilnisbakken weer op de oprit laten staan.

Ik ben het zat. - Hij is een moordenaar.

Wat is er? - Milo heeft m'n pop vermoord.

Hij is weer naar buiten geglipt. - Is dat zo?

En wacht maar tot je de wasruimte ziet. - Het spijt me ontzettend.

Heb je haar tas vastgelijmd, Milo?

Dat is de druppel. Ik stop ermee. - Ik heb u nodig.

Je hebt een arrestatieteam nodig.

Wacht. - Nog één ding.

Ik kon je cheque weer niet innen.

Geweld, grove humor, bloed en suggestieve thema's.

Je hebt huisarrest.

Niet. - Jawel. Spreek me niet tegen.

Het is kerstvakantie. - En geen tv.

Dat is.. - Waag het niet.

Straks krijg je niets van de Kerstman. - De Kerstman bestaat toch niet.

Hoe kun je dat nou zeggen? Natuurlijk bestaat die wel.

Dit is de stomste Kerst ooit.

Wacht, Milo.

Kom eens hier, lieverd.

Niet huilen. - Milo zegt dat de Kerstman niet bestaat.

Dat meende hij niet, lieverd. De Kerstman bestaat heus wel.

Als je maar in hem gelooft. - Ik geloof er nog wel in.

Ik ook, lieverd.

Ik weet dat je boos bent.

Maar het is niet aardig om je zusje zo te kwetsen.

Sorry.

Maddie en ik gaan morgen een boom kopen. Ga je mee?

Ik wilde dat Kerst voorbij was.

Ik denk er steeds aan dat mama en papa er niet meer zijn.

Goedenavond. Ik ben Paisley Winterbottom.

Jij bent vast Miss Maddie. Ik werk voor je opa.

Heb ik een opa? - Natuurlijk.

Ik wil even alleen met Mr Paisley praten, Maddie.

Kan ik u heel even spreken?

Opa wordt niet meer genoemd sinds hij z'n zoon heeft onterfd vanwege m'n zus.

Ja, dat was jammer.

Jammer? Hebt u m'n zus ooit ontmoet? - Helaas niet.

Ze was geweldig. Ze was veel te goed voor die verwaande familie.

Het is niet zomaar een familie. Hun opa is een hertog, hoor.

Nou, en? Wat is uw titel? - Ik ben de butler.

Echt? Ik dacht dat die uitgestorven waren.

Nee, we zijn weer helemaal terug. P. Diddy heeft er drie.

Master Milo.

Wie is hij? - Paisley Winterbottom.

Ik kom jullie uitnodigen voor Kerst op Castlebury Hall.

Waar is dat? - Vlak bij Liechtenstein.

We gaan niet. - Waarom niet?

Ik heb een baan. - Je werkgever heeft je laten gaan.

Ben je ontslagen?

De vliegtickets komen vanavond en deze cheque is voor de reiskosten.

We hoeven geen liefdadigheid.

Ik mag niet terugkomen zonder jullie. - Dan blijft u.

Hij kan bij ons wonen. - Nee.

Ik moet u iets vertellen. Het gaat niet goed met de hertog.

Hij wil z'n kleinkinderen nog graag zien voor.. U weet wel.

Nu heb ik het gezegd. - Dat is vervelend.

Ik zal erover nadenken.

Meer beloof ik niet.

Nee, dank u. - Ik bewaar hem wel.

Fijne avond, Miss Daly. - U ook.

We missen je, zusje.

Ik doe m!n best met de kinderen, maar...

Milo is altijd zo boos.

En Maddie kun je niet alleen laten.

En nu is de nanny opgestapt.

En de auto is stuk en ik heb geen werk meer.

Ik zit in de problemen.

Ik wilde dat je me kon vertellen wat ik moet doen.

Kijk, Maddie.

Mooi, hè?

Zijn we al bijna bij opa's huis? - Nog een klein stukje.

Welkom op Castlebury Hall.

Het is een kasteel. - Een villa.

Het is..

Het is een nachtmerrie. Niets kapotmaken.

Wie zijn dat? - Het personeel, denk ik.

Kom, ze willen jullie dolgraag ontmoeten.

Dit is Mrs Birch, de huishoudster. Ze helpt u, Miss Daly.

Zeg maar Jules. Hoe zal ik u noemen? - Mrs Birch.

En Abigail past op Miss Maddie. - Wat ben jij knap.

Dit is Floyd, de assistent-butler. Hij zorgt voor Master Milo.

Heb ik een butler? Dat is bizar. Mag ik Abigail niet?

Dit zijn George, de lijfknecht, Amy het kamermeisje en Brian de lakei.

Volg mij maar.

Ze zijn leuk. - Heel enthousiast.

Genoeg gekletst. Kom.

Dit is de grote hal.

Hij was in barokstijl, maar is in 1852 gerenoveerd.

Dit is geen Buffalo.

Jullie worden naar je kamer gebracht en ik vertel mijnheer dat jullie er zijn.

Wat is dat glad. - Hij wordt regelmatig in de was gezet.

Een prinsessenbed.

Cool.

Waar is de tv?

Het is prachtig.

Welkom thuis, meneer. - Fijn om je te zien, Paisley.

Hopelijk is uw reis goed verlopen. De haard brandt in uw kamer.

Bedankt, Gibson.

O, jee. Daar moeten we meteen iets aan doen.

Hé joh, blijf van m'n ijshockeyshirt af.

Dit is een hele bijzondere en er staat een handtekening op.

Mijn fout.

We hebben hier een bibliotheek. “Ik pak m'n spullen zelf wel uit.

Dat is mijn werk. - Ik zal niets zeggen.

Als u erop staat. Het avondeten is om half negen.

Wees op tijd. Mijnheer houdt niet van laatkomers.

Wat is ze snel.

Hoi. - Hallo.

Sorry.

Jij bent Ashton. - Ja.

Ik herken je van foto's. Mijn zus was getrouwd...

Met m'n broer Charles.

Sorry voor de muurkandelaar. Hij is oud, hè? En vast behoorlijk duur.

Het lijkt wel een Louis Phillipe... Dat is hij ook.

Ik maak hem wel. Met lijm, of ik las hem.

Laat maar.

Waar is de eetkamer?

De zuidelijke trap af, dan naar links en dan is het de tweede deur rechts.

Dank je. - Nou... Ik moet verder.

Ook leuk om jou te ontmoeten.

Uw bruiswater, meneer. - Dank je.

We zijn laat, Milo.

Ik kom al.

Wat zou hier zitten?

Hij zit op slot. Dus je mag er niet naar binnen. Kom mee.

Was het nou rechts of links?

Mag ik u voorstellen aan Master Milo, Miss Maddie en hun tante Jules Daly.

Is dit wel het juiste gezin?

Hij ziet er niet uit alsof hij doodgaat. - Ik doe Paisley wat.

De kinderen lijken erg op Charles. - Dat vond ik ook al.

Blijf niet staan. Kom binnen en ga zitten. We willen niet verhongeren.

Opa.

Dit is een Empire-stoel. - Dat klopt.

Laat mij maar.

Dat zie je aan het houtwerk. - Dank je, Paisley.

Edward ziet er weer beter uit. - Dat wilde ik nog zeggen.

Ik heb misschien een tikje overdreven, maar hij was echt ziekjes.

Dit is jullie oom Ashton, kinderen. - Hallo.

Is hij ook jouw oom? - Nee, ik ben geen familie.

Castlebury ziet er prachtig uit. - Onzin. Het is vochtig en triest.

Wat heb je aan, Milo? - Een shirt van de Swashbucklers.

Doe je aan zwaardvechten?

Nee. - Dat is een ijshockeyteam.

IJshockey is vreselijk. Het zijn schurken op schaatsen.

Cricket is pas echt een sport voor mannen.

Wat een mafkees. - Nee, hij is gewoon oud.

Hoe lang blijven jullie hier? - Wil je ons nu alweer weg hebben?

Dat was een grapje. - Dat weet ik.

S er iets wat jullie je opa willen vragen, kinderen?

Waarom hebt u ons al die jaren laten stikken?

Milo. - Het geeft niet.

Het zit zo. Jullie moeder had geen titel.

En ze was geen geschikte echtgenote voor mijn zoon, jullie vader.

Maar nu zie ik in dat ik.. - Een lompe hork was?

Zo zou ik het niet noemen. - U bent van gedachten veranderd.

Ja, toen ik geveld was door de griep.

Toen u bijna dood was. - Het had niet veel gescheeld.

Maar ik ben er nog. En nu zitten we hier met z'n allen.

We zijn tenslotte familie.

Wat vinden jullie daarvan?

Dat hangt ervan af hoe u het wilt goedmaken.

Wat is hier aan de hand? - Ik installeer de tv.

Kan ik je even spreken, Milo?

Je hebt straf en mag geen tv kijken. - Dat was voor je me hierheen sleepte.

Het is gelukt. Hij doet het. - Dank je, Floyd.

Nu mag je hem weer loskoppelen. - Goed.

Wat?

Je mist niets. We ontvangen hier geen leuke zenders.

Je bent niet de baas over mij. Je bent m'n moeder niet.

Klopt, dat ben ik niet. Maar ik doe m'n best.

Ik mis haar ook, hoor. Ik mis ze allebei.

Het wordt wel beter. Dat beloof ik. - Ik ben moe. Ik ga slapen.

Ja, natuurlijk. Rust maar wat uit. Ik zie je morgenvroeg weer.

Ben je klaar om naar bed te gaan, lieverd?

Heb je al gebeden? - Nog niet.

God, zorg goed voor mama en papa en tante Jules en Milo.

En kunt U zorgen dat opa niet meer zo mopperig is.

Zodat het een leuke Kerst wordt. Amen. - Lieverd, toch.

Ik weet dat hij niet erg lief is, maar je moet het nog niet opgeven.

Hij was niet lief tegen papa en mama. - Nee, dat klopt.

Maar ze hielden toch van hem. We moeten proberen hem te vergeven.

Zijn ze niet boos dat we hier zijn? - Ik denk dat ze blij zouden zijn.

Het is heel wat dat je opa jullie hier heeft uitgenodigd.

Grote meid.

Denk je dat de Kerstman ons wel vindt ook al is er geen boom met lichtjes?

Maak je geen zorgen. De Kerstman vindt alle lieve kinderen.

Droom maar fijn.

Heb je een jacht georganiseerd? - Dat is traditie.

Ik dacht dat je blij zou zijn. - Niet dus.

Ik wil al dat lawaai en die rommel niet in het kasteel.

Vader, die mensen zijn onze vrienden. En het is te laat om het af te zeggen.

Je wilde toch een gezellige Kerst met de familie?

Ik ben van gedachten veranderd.

Kerst doet me aan Charles denken.

En die kinderen ook. - Natuurlijk. Wat had je dan verwacht?

Weet ik niet. Dat ik me beter zou voelen.

Ben je nu van plan om te sikkeneuren? - Ik heb geen plan.

Ja? - Sorry dat ik stoor.

Ik kan nergens een kerstboom vinden. - Die is er ook niet.

Niet? - Dat wil ik niet.

Het zijn vieze dingen en ze lekken hars op de houten vloer.

Vader. - Maar kinderen vinden het leuk.

Ik wil er niet eentje. - Wat wilt u dan wel?

Dat weet hij niet. - Jawel.

Waarom ben ik hier dan met de kinderen?

Niet voor een vakantie in een kasteel waar iedereen rondloopt als zombies.

Ik wil een vrolijke Kerst met versiering en een grote, vieze kerstboom.

Met lichtjes zodat de Kerstman ons kan vinden.

Ze hebben een moeilijk jaar gehad. - Wij ook.

Dan verdienen we een leuke Kerst, toch?

Misschien moet je een boom nemen. - Nee.

Als het je niet bevalt, ga je maar weer.

Ik weet eigenlijk niet waarom je thuisgekomen bent.

Omdat ik je zoon ben.

Misschien niet je lievelingszoon, maar de enige die nog leeft.

Wat een herrie.

Heren, dames.

Wie is dat? - Jules Daly, uit Amerika.

Ze is hier met de kinderen van Charles. - Is ze helemaal hierheen gekomen?

Wat zou ze willen?

Kom mee. We gaan.

Kom.

Goeiemorgen.

Hallo.

Hoi, Paisley.

Mooi lijstwerk.

Ja, dat vind ik ook. De kinderen zitten in de auto om naar het dorp te gaan.

SAINT MARY'S WEESHUIS

Kun je dit in de auto leggen, Gibson? Dank je.

Kijk, een koor.

Ze zijn wezen, net als wij.

Ja, maar jullie hebben mij. Jullie allebei.

En nu gaan we bij de kerstbomen kijken. - Jippie.

Kom maar mee dan.

Wat is dat? - Een draaiorgel.

Moet je al die kerstbomen zien. - Ga jij de mooiste maar uitzoeken.

Kom mee, Milo. - Ik hoef niet mee.

Help ons een hele mooie uitzoeken. - Ik blijf hier wel.

Kom, tante Jules.

Die. - Nee.

Die.

Ik heb een goeie boom gevonden.

Wat een mooie.

Je raakte me.

We nemen hem mee.

Ik heb het tegen jou, hoor. Je moet sorry zeggen.

Ik krijg je wel.

We hebben ijs nodig.

Zitten.

Dat is een flink blauw oog. - Hij heeft gevochten.

Stil. Milo, ik. - Ik snap niet waarom je zo boos bent.

Je hebt een kerststal gemold, een wees aangevallen…

en een concert verstoord.

Lieve help.

Een leuk verhaal voor de kleinkinderen.

Hoe kom je daaraan, Floyd? - Miss Daly.

Hoe vonden de kinderen het dorp? - Dat wil je niet weten.

Je boom ging die kant op.

Hoe ging het met de jacht? - Waarom zeg je dat op zo'n toon?

Ik martel geen onschuldige vossen. - Ik ook niet.

Hoe bedoel je?

Jagen is wreed en ik vind ook dat het verboden moet worden.

Waar jaagde je dan op? - Een man.

Een man?

Hij maakt een kunstmatig spoor. Dat heet een slipjacht.

Sorry. Dat nieuws hebben we in Buffalo niet gehad.

Ashton en ik zijn nog niet officieel verloofd, maar binnenkort wel.

Hallo. Wie ben jij? - Dit is Thomas, een vriend van me.

Gedraagt hij zich? - Als een prins.

Dat mag ook wel. Hij is er eentje.

Je bent toch niet echt een prins? - Jawel.

Niet waar. Maar... - Die titel komt van m'n moeders kant.

Wil je ook een kopje thee? - Natuurlijk wil ze dat.

Kijk eens wat ik heb gevonden, een Amerikaan.

Hallo, lieverd.

Dit is Lady Arabella Marchand van Belmont.

Wat een mooie naam. - Dat is een titel.

Ze is m'n zus, al wil ze dat liever vergeten.

Daar zijn de sandwiches.

Die zien er lekker uit.

Wat is het precies? - Tuinkers en komkommer.

Heb je dit niet bij jullie? - Bij ons krijg je kip en bier.

En niet op zo'n mooi bord.

Dat is een handgeschilderd bord van Louis Bilton.

Je bedoelt Christopher Landry. - Nee, Louis Bilton.

Dan heb ik het fout.

We hebben de dozen gevonden. - Ze hebben ze gevonden.

Ik moet gaan. Het was leuk om jullie te ontmoeten.

Bedankt voor de sandwiches.

Louis Bilton, zei je. Eens even kijken.

Dat is een punt voor de Amerikanen. - Lieverd.

Kijk nou. Ze zijn prachtig, Floyd. Dank je.

Die versiering is verboden. - Waarom?

Dat zou mijnheer nooit goed vinden. En breng die monsterlijke boom terug.

Dat meent u toch niet? Het is Kerst.

U meent het wel.

Kunt u het niet door de vingers zien? - Dat doen we hier niet.

Hebt u kinderen, Mrs Birch? - Nee.

Nichtjes of neefjes? - Nee.

Maar u bent ook jong geweest.

U gunt die kinderen toch wel een boom met Kerst?

Weet u niet meer hoe het was?

Ik heb een vreselijke jeugd gehad. En Kerst was nooit gezellig.

Eén keer heb ik zelfs een stuk steenkool in m'n sok gekregen.

Wat vreselijk. - Dat verdient geen enkel meisje.

Ik misschien wel, maar toch.

Goed dan.

Ik ben er klaar voor. - Zo mag ik het horen.

De eerste bal gaat erin. Klaar. - Nu de tweede.

Kom terug.

Waarom moeten we achterom na het jagen?

Vader wil geen modder in huis. - Ik vind het stom.

Vergeet niet dat we dit weekend gaan lunchen met m'n ouders.

Dat wil ik niet missen.

Kom hier, Milo.

Kijk uit. - Voorzichtig.

Het spijt me. Het is mijn schuld. - Gaat het?

Er is niemand gewond.

Nee, maar mijn gloednieuwe handtasje is naar de maan.

Ik zou die jongen maar goed in de gaten houden. Hij is onhandelbaar.

Kom mee, Thomas. - Dag.

Het is niet erg, hoor.

Wie is er begonnen? - Hij.

Ik was het. Het spijt me, Maddie.

Het is al goed.

Dan kunnen jullie nu Paisley wel helpen bij z'n klusjes.

Klusjes?

De pony's voeren. - Pony's?

Goed idee. Kom, we halen wat wortels. - Ik ben dol op pony's.

Dank je. - Geen dank. Na jou.

Dat is nog eens een boom.

Mooi, hè? - Heel mooi.

Wil je helpen? - Heel graag.

Ik ben hier niet zo goed in. - Geeft niet. Je kunt het niet fout doen.

Hoger. Je bent lang, dus daar moet ik gebruik van maken.

Nee? Hoger? - Ja.

Zo is het goed. Dank je. Prachtig. - Perfect.

Hallo. - Hoe was het bij de pony's?

Dit is weer eens wat anders. - Leuk.

Mogen we helpen versieren?

Wat een grote boom, zeg.

Gekocht met het pasje voor noodgevallen.

Dat die het nog doet.

Kijk nou.

De lievelingsbal van m'n vader. - Mooi.

Wat is dit?

Het is een kerstboom, vader.

Dat zie ik ook wel. Ik ben niet achterlijk.

Waar komt die vandaan? - Ik heb hem gekocht.

Ik had toch gezegd dat ik dat niet wilde.

Hier, opa. We hebben de mooiste voor u bewaard.

Ashton zei dat u die het mooist vond.

Zei hij dat?

Herkent u hem nog?

Ja, ik ken hem nog.

M'n broer en ik hadden er allebei eentje gekregen met Kerst.

De mijne was stukgegaan.

Ik moest heel hard huilen en toen gaf hij mij de zijne.

Ik dacht dat ik hem kwijt was. - Er is nog een mooi plekje voor.

Dank je, Jules. Het is inderdaad een prachtige boom.

Geen dank. We hebben hem samen opgetuigd.

De boom is nog niet klaar. - Het personeel maakt hem wel af.

Het is juist zo leuk om met Kerst samen de boom te versieren.

Kom helpen, vader.

Je hebt gelijk.

Kijk nou eens. - Deze zit vast.

Heb je daar problemen mee? Hier is er nog eentje met punten.

Mag ik er eentje? Dank je.

Hij heeft het wel naar z'n zin. - Ja. Leuk, hè?

Heeft hij het nog steeds moeilijk? - Ja. Ik wilde dat ik hem kon helpen.

Laat dat maar aan mij over.

Kom. Ik hang deze hier op.

Ik slaap nog.

Goeiemorgen. Kom over een kwartier naar het gazon.

Is dat een bevel?

Dat is een verzoek.

Geweldig. - Jouw beurt.

Wat is je dominante oog? - Dat kan me niet schelen.

Dit is stom. Ik ga weer naar bed. - Milo.

Ik help je wel. Pak je boog maar weer op.

Goed dan. De rechterkant naar je toe.

Vingers aan beide kanten. Goed ademhalen.

Kijk goed. Met welke kant zie je beter?

Met rechts. - Dan is dat je dominante oog.

Ik had vroeger ook vaak een blauw oog. - Ja?

Dat krijg je als je vecht. Ik ben ermee opgehouden.

Waarom? Kon je niet winnen?

Integendeel. Hoe vaak ik ook won, ik voelde me nog steeds een loser.

Span de boog in een vloeiende beweging.

En als je loslaat, stop dan al je boosheid erin.

Cool. - Nog een keer?

Goedemorgen, mijnheer. - Goedemorgen, Paisley.

Als je een kerstboom versiert, kom je wel in de kerststemming.

Over hoeveel dagen is het Kerst? Vijf.

Dat wordt krap. We moeten de uitnodigingen snel versturen.

Waarvoor? - Voor het bal.

Gaan we een bal geven?

Ja, een bal op Kerstavond. Dat heb ik net besloten.

We moeten een orkest inhuren en Ashton moet al zijn vrienden uitnodigen.

Voelt u zich wel goed? - Beter dan ooit.

Hoe gaat het met de kinderen? - Ashton is bij Milo.

En Miss Maddie en Miss Jules zijn op zoek naar het hoofd van Dolly Dinkle.

Ik dacht dat het hoofd goed vastzat. - Goedemorgen.

Van jou? - Dank je.

Kijk.

Jeetje. Wat verdrietig.

Je wilt zeker geen nieuwe?

Dan laat ik iedereen zoeken tot haar hoofd gevonden is.

Kom, dan gaan we met het theeservies spelen.

Ik zag je met Milo op het gazon.

Aardig van je om wat met hem te doen. Ik hoop dat hij niet lastig was.

De les ging eigenlijk best goed.

Nu jij nog. - Ik ben niet handig met wapens.

En in walsen? Ik hoorde dat vader een bal geeft op Kerstavond.

Is dat zo?

Iemand heeft een goede invloed op hem.

Zullen we?

Je bent te stijf. - Dat kan ik ook van jou zeggen.

Ik bedoel je arm.

Hoe moet ik hem dan houden? - Losjes.

Dat is beter. Je moet goed tellen.

Eén, twee, drie.

Sorry, ik ben niet zo muzikaal.

Dat geeft niet. Ik wel. Ik heb vanaf m'n vijfde vioolles gehad.

Speel je viool? - Ja.

Je moet je wel concentreren. - Dat vind ik wel interessant.

Ik vind het interessant dat jij het werk van Christopher Landry kent.

Ik heb zitten denken.

Jullie zijn Huntingtons en ik moet jullie wat cultuur bijbrengen.

Moet dat tijdens de vakantie?

Jullie kunnen kiezen: taal, literatuur, muziek, dans of kunst.

Ik heb ballet gekozen.

Wat heb jij gekozen? - Elektrische gitaar.

Plié en omhoog. Armen en bourrée.

Eén, twee en pointe.

Dit gaat niet zo. - Je moet wat losser worden.

Kom op.

Ik ben niet zo funky. - Ik wel. Ik heb dansles gehad.

Kom op. Ik weet dat je een prins bent, maar er schuilt een gangster in je.

Sorry dat ik jullie stoor tijdens jullie gettodansje.

Maar we zouden... - Lunchen, met je ouders.

Excuseer ons.

Het spijt me echt ontzettend. - Ik vergeef het je, voor deze keer.

Je hebt nogal wat afleiding.

Weet je? Ik vind het lovenswaardig dat je tijd doorbrengt met die kinderen.

Ze vermaken zich wel, volgens mij.

Maar ze wonen in Buffalo en ze gaan binnenkort weer terug.

Je zult ze nog wel zien met feestdagen en diploma-uitreikingen.

Maar je moet wel realistisch blijven. Ze zijn anders dan wij.

En je moet ze niet willen veranderen.

Sorry dat ik stoor. Er is een dilemma over de hapjes voor het bal.

Vertel. - Garnalenquiche of zalmmousse?

Ik heb liever zalm, maar kaviaar zou nog beter zijn.

Zalm dus? Of geen van de twee?

Ik kom er later nog wel op terug.

Ik heb een prachtige jurk gekocht voor het bal.

Loop je met me mee?

Miss Jules zei dat hij beige was. - Dan moet het deze zijn.

Niet echt een baljurk. - Hij moet gestreken worden.

Hoe gaat het met de gastenlijst? - Goed. Bijna iedereen komt.

Mooi.

Alleen Lord en Lady Cromwell niet. Die zijn onbereikbaar.

Ze zijn vast weg. Ze gaan toch vaak naar Gstaad met Kerst?

Ja, dat geloof ik wel.

Zou jij niet lunchen met Arabella en haar ouders?

Ik was de tijd vergeten. - Dat is niet netjes van je.

Het is een goede familie en je wilt ze niet beledigen.

Dat zou niet zo mooi zijn. - Nee, ik heb het niet met opzet gedaan.

Dan is er niets aan de hand.

Ik hoor dat je wat tijd hebt doorgebracht met Jules.

Ja, ik heb haar leren walsen voor het bal.

Moeten we haar uitnodigen?

Je wilt haar er niet bij omdat ze geen titel heeft.

En geen fortuin. En daarbij is ze ook nog eens ontzettend onbeschaafd.

We kunnen het niet terugdraaien. - Als ze ons maar niet voor schut zet.

Ik laat je je gang gaan.

Hallo.

Die klok is al jaren stuk.

De slingerveer zat niet goed. Hij doet het nu weer prima.

Je bent geweldig.

Ik moet kerstkoekjes bakken. Dat heb ik beloofd.

Dit is best lekker.

Miss Jules heeft ze gebakken. - Wat een lieve meid.

Waardoor is hij weer gaan spelen? - Door wie, bedoel je.

Wat is er, Floyd? - Sorry dat ik stoor.

Ik heb het gevonden.

Ik geloof dat jullie hiernaar op zoek waren.

Dank je. Daar zal Maddie blij mee zijn.

Gaat het wel? - Er zit iets in m'n oog.

Het gaat prima, hoor. - Natuurlijk.

Was er verder nog iets? - Ja.

Ik wilde je nog iets vragen.

We hebben een dilemma over de hapjes.

Hoezo? - Garnalenquiche of zalmmousse?

Wat vind jij lekker? - Garnalenquiche.

Dan doe je dat toch.

Hou jij van garnalen? - Heel erg.

Dat is dan opgelost.

Welterusten.

Charles was altijd de beste. Je vader.

Veel beter dan ik ooit zal worden.

Waarom zit zijn kamer op slot? - Ik denk...

omdat het zo verdrietig is.

Dit is wat er nog over is van m'n vader. Willen jullie niet aan hem denken?

Elke dag denk ik aan hem om hem niet te vergeten.

Maar z'n gezicht wordt steeds waziger.

En als ik niet m'n best blijf doen, blijft er niets van hem over.

Dat is niet waar.

Hij hield heel veel van je en heeft altijd een plekje in je hart.

Weet je? Je lijkt heel veel op hem.

Echt waar? - Dat is leuk om te zien.

Ik ben zo blij dat jij, Maddie en Jules hierheen zijn gekomen voor Kerst.

Dat doet iedereen goed. Ik hoop dat jullie dat weten.

Zullen we deze deur voortaan openlaten?

Kom. Het is al laat. En het wordt een drukke dag morgen.

Ik kom al.

Sliep u nog? - Is alles in orde?

Er is een ongelukje gebeurd. - Een ongelukje?

Sorry. Het strijkijzer was te heet. - Het geeft niet.

Waarom huil jij? Miss Daly heeft geen jurk voor het bal.

Brandt er iets aan?

Lieve help. Dat is een flink gat. - Dat heb je goed opgemerkt.

Wat nu? De winkels zijn gesloten. - We moeten hem maken.

Het is vast een teken. - Hoezo?

Ik moet niet naar het bal. - Toe.

Maar zonder u zou er helemaal geen bal zijn.

Lief dat je dat zegt, maar ik denk dat ik maar niet ga.

Potverdorie.

We moeten iets doen. Ik heb wel een idee.

Dit pak is mooi op maat gemaakt.

Dank je. Het wordt een geweldige avond.

Het kristal naar de bar.

Je hebt de rest van het bestek. Dat moet naar de keuken.

Brandyglazen daar.

Gaat alles volgens schema? Mooi.

De muzikanten zijn er. Hierheen. - Goedenavond.

Welkom. Deze kant op.

Aan het werk. - Natuurlijk.

Ik snap niet waarom je naar huis gaat. - Ik moet werk zoeken.

Jij en Maddie vermaken je wel.

Ik zie jullie thuis weer.

007 is er niets bij. Je ziet er cool uit.

Tante Jules? - Ja.

Jij bent cool. - Dank je, Milo.

Daar is m'n prinses.

Je moet echt een keer wat minder gaan snoepen.

Waarom ga je niet mee naar het bal? - De volgende keer, oké?

Maar nu mis je Kerstmis.

Weet je wat? We vieren het thuis nog een keer. Dan is het twee keer Kerst.

Wil je iets voor me doen? Kun je je opa en Ashton gedag zeggen voor me?

Maar pas als ik weg ben. - Weet je het zeker?

Ja, dat is beter.

Ze hebben het druk. Ze moeten jullie aan iedereen voorstellen.

Laat me jullie bekijken.

Jullie zien er fantastisch uit. Ik hou van jullie.

Jullie ouders zouden heel trots op jullie zijn.

En dat ben ik ook.

Laat ze maar wat zien.

Ga dan.

Goedenavond.

Dank u wel.

Ik doe hier goed aan.

Naar het treinstation, graag.

Miss Daly?

Lord en Lady Mumford uit Düsseldorf.

Sir Christopher MeGill en Lady MeGill.

Hare Excellentie Miss Ludlow.

Waar is jullie tante?

We moeten zeggen... - Nog niet.

Wat moest je zeggen?

Edward. - Lady Mumford.

Je bent net op tijd.

Wacht. Stap in.

Waar gaan we heen? - Naar het station. Jules is weg. Snel.

Geef gas, Gibson.

De hertog en hertogin van Belmont, de markies van Belmont...

en Lady Arabella.

Wat zie je er mooi uit, Arabella.

Dat is aardig van je, sir Edward.

Hallo, lieverd. - Prunella.

Wat fijn je weer te zien.

Ik heb geprobeerd je te bellen. - Ik moest me klaarmaken voor het bal.

Het was dringend. - Stel je niet aan.

Ik moet je spreken en het kan niet wachten.

Op perron twee arriveert de trein naar het vliegveld.

Jules, waar ga je heen? - Ik neem een trein naar het vliegveld.

Je bent iets vergeten. -0, ja?

Het ligt in de auto. Kom maar mee.

Jullie zijn er allemaal.

Wat is dat? - Je jurk.

Wat lief. Is hij gemaakt? - Niet echt.

Hij is vast prima zo. Heel erg bedankt. - Wil je niet even kijken?

Ja, hoor.

Dit is niet mijn jurk.

Jawel, Paisley heeft hem uit Wenen laten komen.

Wie heeft hem dan betaald? - Al het personeel samen.

Dat kan ik niet aannemen. - Daar hebben we het nog wel over.

Ga voorin zitten, Floyd. Jules moet zich klaarmaken voor het bal.

Allemachtig.

Stond de redactrice van Vogue nou te praten met gravin Lillyhook?

Dat weet ik niet. Denk je dat wij wel bij elkaar passen, Arabella?

Wat een domme vraag. We zijn een perfect stel.

Dat zegt iedereen, zelfs onze ouders.

En als ik nou geen titel had. - Doe niet zo raar, schat.

Dat is geen antwoord. - Het is een domme vraag.

Goed dan. Als je een tuinman was, zou ik niet naar je omkijken.

Was dat wat je wilde horen? - Ja.

Waarom? - Omdat het de waarheid is.

We willen verschillende dingen. Onze levens passen niet bij elkaar.

Maak je het uit?

Natuurlijk niet. Ze verwachten dat we ons verloven.

Het zit zo. Ik weet niet of ik je gelukkig kan maken.

Dat kan me niet schelen. Als ik maar een prinses word.

Het is voorbij.

Daar zijn de tortelduifjes. - Moeder.

Waar is jullie tante? - Dat mogen we niet zeggen.

We hebben Jules meegenomen. Ze komt eraan.

Dames en heren, Miss Jules Daly uit Buffalo.

Buffalo? Iedereen wordt tegenwoordig uitgenodigd voor zo'n bal.

Je bent er. - Gave jurk.

We zijn blij dat je terug bent. - Ik ook.

Ik ben sprakeloos, Jules. Je ziet er adembenemend uit.

Dank u wel. - Het bal kan beginnen.

Lady Christina. - Hallo, Edward.

Zullen we dansen, kinderen? - Ja.

Jules? - Nee, ik wacht hier wel.

Henri Dasson.

Vermaak je je een beetje?

Ik was de urn aan het bewonderen. - Juist.

Je kent me. Als ik antiek zie, kan ik er niet van afblijven.

Ik heb hem niet kapotgemaakt. Ik wil jullie niet voor schut zetten.

Hoe bedoel je? - Ik hoorde jou en Edward praten.

Ik weet dat jullie me hier niet wilden. Het onbeschaafde meisje zonder titel.

Dat heb je verkeerd begrepen. Vader had het over Bunny MeCracken.

Wie? - Een akelige vrouw.

Ze heeft een hekel aan kinderen en aan bejaarden. Daar staat ze.

Wat een opluchting. Niet dat ze akelig is, maar...

Jules, je weet toch wel... Misschien ook niet.

Ik ben erg onder de indruk van je. Die titel interesseert me niet.

Ik vind je grappig, slim en funky. Dat is een zeldzame combinatie.

Ze spelen ons liedje.

We hebben geen liedje. - Nu wel.

Wat is er?

Doe iets. - Waar is Edward?

Waar zijn jullie zo opgewonden over?

Je moet je zoon wat strenger in de gaten houden.

Waar heb je het over? - Daarover.

Gaat het wel? - Ja, ik heb wat frisse lucht nodig.

Natuurlijk.

Wacht, Jules.

Je moet naar binnen. Ze zoeken je vast. Ik blijf hier wel even.

Dan blijf ik wel even bij je.

Als dat mag.

Hoe zit het met Arabella? - Dat is uit.

Wat is er gebeurd? - Je hebt mijn hart veroverd.

Hoe heb ik dat gedaan?

Jij bent een prins en ik een arm meisje. - Precies.

Het is een schande. Prins Ashton flirt openlijk met die lellebel.

Hij zou zich verloven met onze dochter. - Mijn zoon heeft een eigen wil.

We weten heel goed dat uw zoons gefascineerd zijn door het gewone volk.

Houd je mond toch.

Ik ben hertogin van Belmont en wens ook zo aangesproken te worden.

Jij bent hertogin.

Maar Jules heeft veel meer klasse dan jij ooit zult hebben.

Dan ken je Jules Daly niet zo goed. Ze is duidelijk op je geld uit.

En het is duidelijk dat ze die kinderen niet aankan.

Ik heb het een en ander uitgezocht.

Wist je dat Miss Jules Daly ontslagen is?

En dat Master Milo een kleptomaan is?

En dat die kleine Maddie verslaafd is aan vettigheid?

Dat is gelogen. - Nee, Arabella heeft gelijk.

Ziet u wel? Ik zei het toch.

Milo had een spel gestolen, maar heeft het teruggebracht.

En Maddie is verzot op chips, maar daar werken we aan.

En ik ben werkeloos, maar hopelijk niet lang, want ik werk graag.

Ik weet niet veel van opvoeden, maar ik weet wel dat geld niet gelukkig maakt.

We hebben elkaar nodig.

Dit zijn dappere kinderen en ze verdienen een familie.

En je gelooft het vast niet, maar daarom zijn we hier.

Ashton, dat geloof je toch niet echt?

Ja, dat doe ik wel.

Edward, je ziet toch dat ze... - Wat maakt het uit?

Je zegt dat ze een slechte moeder is.

Ik ben een waardeloze vader en een nog slechtere schoonvader.

Jules is misschien haar baan kwijt, maar jij hebt nooit gewerkt.

En weet je, Lady Arabella Marchand van Belmont?

Onder al die uiterlijke schijn stel je niet veel voor.

Niet te geloven.

We gaan. - Dat lijkt me verstandig.

Kom, Thomas. - Natuurlijk doet ze zo.

Bedankt, vader.

Nee, jij bedankt dat je het met me uitgehouden hebt.

Mag ik je wat advies geven?

Laat dat meisje niet gaan.

Mag ik jullie tante even spreken? - Ja, hoor.

We hebben hier geen kip of ijshockey, maar wel pannenkoekjes en cricket.

Zouden jij, Milo en Maddie willen overwegen om wat langer te blijven?

Hier op Castlebury Hall.

Wat heeft Jules een mooie jurk aan. - Prachtig.

Goed uitgezocht. - Waar zou ze die vandaan hebben?

Als jullie dat geld terug willen, zorg dan dat ik een bonnetje krijg.

We moeten weer aan het werk.

Dank u. - Je bent een prima kerel.

Het is tijd.

Kinderen.

De Kerstman.

Zie je wel, Maddie? Ik had het mis. De Kerstman bestaat wel.

Kom maar, kinderen. - Ga maar.

Hoi, Kerstman. - Kom eens hier.

Wat een cadeaus. - Die is groot.

Waar komen die cadeaus vandaan?

Je bent geweldig, Edward. - Nee, dat ben jij.

Wat is er, vader? - Ik wilde dat Charles hier was.

Hij is er. Ziet u hem niet in de stralende ogen van Milo?

En in de glimlach van Maddie? Charles is er wel.

En m'n zus ook. - Je hebt helemaal gelijk.

Wat een slimme meid. We moeten niet treuren om wat we kwijt zijn.

Maar blij zijn met wat we wel hebben.

Gelukkig Kerstfeest. - U ook, vader.

Kijk. - Vuurwerk.

Kom, dit moeten jullie zien.

Vrolijke Kerst.

Wat is ze mooi. - Jules, Ashton, bravo.

Hallo, mijn prins. - Hallo, mijn prinses.

Dat klinkt alsof we troonopvolgers zijn. - Dat zijn we ook.

Nee.

Echt waar?

Dag. - Tot ziens.

Rijden maar.

Niet alle verhalen lopen goed af.

Maar voor Jules Daly, de dromer uit Buffalo..

Begint het verhaal net.

Can't find what you're looking for?
Get subtitles in any language from opensubtitles.com, and translate them here.