All language subtitles for Lete_en_pente_douce(1987).dut

af Afrikaans
ak Akan
sq Albanian
am Amharic
ar Arabic
hy Armenian
az Azerbaijani
eu Basque
be Belarusian
bem Bemba
bn Bengali
bh Bihari
bs Bosnian
br Breton
bg Bulgarian
km Cambodian
ca Catalan
ceb Cebuano
chr Cherokee
ny Chichewa
zh-CN Chinese (Simplified)
zh-TW Chinese (Traditional)
co Corsican
hr Croatian Download
cs Czech
da Danish
nl Dutch
en English
eo Esperanto
et Estonian
ee Ewe
fo Faroese
tl Filipino
fi Finnish
fr French
fy Frisian
gaa Ga
gl Galician
ka Georgian
de German
el Greek
gn Guarani
gu Gujarati
ht Haitian Creole
ha Hausa
haw Hawaiian
iw Hebrew
hi Hindi
hmn Hmong
hu Hungarian
is Icelandic
ig Igbo
id Indonesian
ia Interlingua
ga Irish
it Italian
ja Japanese
jw Javanese
kn Kannada
kk Kazakh
rw Kinyarwanda
rn Kirundi
kg Kongo
ko Korean
kri Krio (Sierra Leone)
ku Kurdish
ckb Kurdish (Soranî)
ky Kyrgyz
lo Laothian
la Latin
lv Latvian
ln Lingala
lt Lithuanian
loz Lozi
lg Luganda
ach Luo
lb Luxembourgish
mk Macedonian
mg Malagasy
ms Malay
ml Malayalam
mt Maltese
mi Maori
mr Marathi
mfe Mauritian Creole
mo Moldavian
mn Mongolian
my Myanmar (Burmese)
sr-ME Montenegrin
ne Nepali
pcm Nigerian Pidgin
nso Northern Sotho
no Norwegian
nn Norwegian (Nynorsk)
oc Occitan
or Oriya
om Oromo
ps Pashto
fa Persian
pl Polish
pt-BR Portuguese (Brazil)
pt Portuguese (Portugal)
pa Punjabi
qu Quechua
ro Romanian
rm Romansh
nyn Runyakitara
ru Russian
sm Samoan
gd Scots Gaelic
sr Serbian
sh Serbo-Croatian
st Sesotho
tn Setswana
crs Seychellois Creole
sn Shona
sd Sindhi
si Sinhalese
sk Slovak
sl Slovenian
so Somali
es Spanish
es-419 Spanish (Latin American)
su Sundanese
sw Swahili
sv Swedish
tg Tajik
ta Tamil
tt Tatar
te Telugu
th Thai
ti Tigrinya
to Tonga
lua Tshiluba
tum Tumbuka
tr Turkish
tk Turkmen
tw Twi
ug Uighur
uk Ukrainian
ur Urdu
uz Uzbek
vi Vietnamese
cy Welsh
wo Wolof
xh Xhosa
yi Yiddish
yo Yoruba
zu Zulu

Original subtitles

De heer Bardeuil wordt verzocht naar de receptie te komen.

- Joe, ga je vanavond voetballen? - Wat dacht je!

Lolo! Schiet je op?

Ja. Ik kom, ik kom.

- Goedenavond, Paul. - Dag.

Laat je tas zien.

Paul, altijd in damestassen snuffelen hè?

- Dag, PopoI. - Dag.

Goedenavond, Paul.

- Dag. - Fane!

- Heb je de bon? - Nee. Ik heb hem niet bij me.

Dat moet ik melden.

Ik betaal je meteen. Dan hoef je niet naar boven.

Hè, Paul?

Ik ben ook gek.

Goed, ik moet terug naar de winkel.

- M'n wisselgeld. - Het is koopavond.

Klootzak.

Laat me los! Krijg de tering, flikker!

Als ik je te pakken krijg, zul je wat zien.

Dan krijg je wat te zien van die flikker.

Shawenhick! Hou je eens een keer op met die herrie?

Bemoei je er niet mee!

- Lilas, laat dat los. - Au! Laat me los!

Laat dat los of ik sla je verrot!

Godver. Ik had hem net gerepareerd.

Als Lilas niet gilt, trap ik je deur niet in.

Dat is jouw zaak niet.

Ik word ziek van je gedonder, dus het is mijn zaak wel.

Gaat het, Lilas?

Ja. Je bent lief, Fane.

"Je bent lief, Fane." Ze valt voor je.

Dat kan ze goed. Waarom zuig je hem niet af?

Wees beleefd, Shawenhick. AI ben je bezopen.

Ze is duurder dan 'n auto.

Een auto zou je niet indeuken.

Vrouwen moet je africhten.

Sla dat arme meisje niet steeds.

Dat arme meisje... Nou nog mooier.

Als je zo slim bent, krijg je haar van mij.

Nee. Ik verkoop haar.

Je raaskalt.

Nee. Ik verkoop haar.

Tegen je konijn. Is dat van jou?

Ja.

- Heb je bier? - Een nieuwe krat.

Ga hem halen. Daar proosten we op.

Je vrouw braadt hem.

ZINDERENDE ZOMER

Je stinkt, klootzak!

- We zijn er bijna. - Blij dat ik er ben?

Anders had ik je niet gevraagd.

Met de dood van je moeder... Dat zijn geen omstandigheden.

De omstandigheden zijn gewoon zoals ze zijn.

Wat is dit voor gedoe? Is de begrafenis niet morgen?

Is dat je huis?

Is dat je huis?

Ze stierf gisteren.

Ik wist niet dat het een echt huis was.

Hallo, Jeannot.

Ik ben blij je te zien, Stéphane.

Hallo.

We vroegen ons af of je zou komen.

Of je gebeld was.

Nee dus. Ik las het vanochtend in de krant.

Bovendien dacht ik dat de begrafenis morgen was.

Dat zou ook moeten. Ze stierf gisteren.

De pastoor begraaft niet op zaterdag.

Gewoon. Het is een nietsnut.

Hoe is het gebeurd?

Ze stak de weg over zonder te kijken. Een vrachtwagen.

Ze was op slag dood.

Mo heeft 't gezien. Hij stond achter het raam.

Weer een vrachtwagen?

Waarom zitten ze die oudjes dwars?

Mo wil z'n hond meenemen.

- Dat is ontoelaatbaar. Uw broer... - Ik weet het!

- Nou, M0? - Hij wil ook niet dat...

Goeie God! Hou eens even op met zeiken!

Mo, klootzak, ik ben het.

Mo, ik ben het.

Niet naar het ziekenhuis, Fane!

Rustig, broer. Niemand zei dat je daarheen ging.

Jawel. Mama zei dat als ze dood zou zijn...

Hou op, Mo! Luister nou eens even.

Mama is dood.

Nu zegt ze niets meer.

Mama is daar, in de kist.

Goed. Ze ligt in de kist, maar ze zegt niets meer.

En ik zeg dat je niet naar het ziekenhuis gaat.

- Echt niet? - Echt niet.

We moeten gaan.

De begrafenis. We moeten opschieten, we zijn te laat. Oké?

Pilou ook. Dat willen ze niet.

Nou en? Ze kunnen de pot op.

Ja, ze kunnen de pot op!

Je hoeft geen rel te schoppen.

De pastoor wil nooit dat je met de hond de kerk in komt.

Pilou komt met me mee.

Hij is ook een schepsel van de Heer.

Als de garagehouder op hem past,

gaat hij hem pesten en stenen gooien.

Doe even normaal, Mo, doe normaal. We zijn te Iaat.

Daar komt gedonder van.

Ik kom met de hond.

Verdomme. Kom dan maar met je rothond en dan zien we wel.

Meneer pastoor wil dat best!

Schiet op, we zijn te laat.

Een laatste afscheid van onze zuster.

Op de drempel van Zijn huis

wacht Onze Vader op je

En de armen van God

openen zich voor je

Op de drempel van Zijn huis

wacht Onze Vader op je

Wanneer de deuren van het leven

zich openen in de liefde

in de vrede van God

Een oud huis. Het was er al voor de garages.

Ik weet het bouwjaar niet, maar het is oud.

Het was van m'n vader.

Hoor dat nu. Denk je dat hij verdrietig is?

Eerst janken en nu zet hij muziek op.

Is hij gek?

Nee. Hij is gewoon in de war.

We zochten in de rivier naar weggegooid spul en vonden granaten.

En Mo wilde stoer doen en begon eraan te sleutelen.

En dat ding ontplofte.

Als hij vervelend is,

gaat hij naar het ziekenhuis en verkoop ik dat stomme huis.

Ik ga politieromans schrijven.

Die kan iedereen schrijven. Ik ga een machine kopen.

Mijn eerste huis.

Zeker 20 kerels wilden je daarnet naaien.

- Maar je bent met mij. - Ja.

- Waarom? Is er een reden? - Je bent lief.

Verdomme, goeie God.

Sorry. Ik heb geklopt, maar niemand deed open.

Loopt u zo maar overal binnen?

- Ik heb geklopt, maar... - En die sukkel hoorde niets!

Het spijt me. Ik ben meester Leval.

Notaris.

Ik kom even bij u langs.

Ik wilde u mijn condoleances overbrengen.

Bent u daarvoor gekomen?

- Wilt u iets drinken? - Bedankt, maar nee.

Met deze hitte drink ik liever niet.

U bent een aparte.

Ik drink juist meer met die hitte dan ik zou doen bij min 20.

U moet langskomen om de details van de erfenis te regelen.

Erfenis?

Altijd papierwerk. We moeten alles in orde maken.

U en uw broer erven het huis.

Maar u moet weten of u het wilt verkopen of dat u het houdt.

De eigenaren van garage Voke zouden veel interesse hebben.

En dan is er uw broer. Dat moeten we allemaal bespreken.

- Wie zei dat ik verkoop? - Niemand.

Dat is gewoon een mogelijkheid. We moeten het gewoon regelen.

Prent dat goed in uw hoofd: ik blijf hier en ik zorg

voor m'n broer. Zeg dat tegen dat tuig van Voke.

Ik verkoop ze dat huis niet terwijl zij het willen slopen.

- Nee... - Goed zo.

Ik kom naar u toe voor de formaliteiten. Goedenavond.

Jakhals!

Ratten, gieren.

Laten ze maar proberen me eruit te zetten.

Dit is mijn huis!

Dit is ons huis.

Jij, ik, die sukkel van een Mo die vanachter het raam naar ons kijkt.

Niemand komt zeiken.

We doen alles zoals jij wilt. Ik ben blij om bij je te zijn.

En?

En wat?

- Problemen? - Problemen waarmee?

Nee. Er was bijna niemand.

Alleen de twee broers.

Als je de kop van die idioot had gezien. Zielig, hoor.

Zijn ze thuisgekomen?

Zag je dat meisje van Fane?

- Had Fane een meisje bij zich? - Ja.

Ik vraag me af waar ze vandaan komt.

Waar heeft hij haar nu vandaan?

Ik snap er niets van.

Onmogelijk dat hij zo'n meisje heeft opgescharreld.

Het is vast een hoer.

Kijk eens aan.

De honger drijft de dieren uit hun hol.

Hé, Mo...

Laten we drinken op de hitte.

- Drink je ook een glas, M0? - Nee.

Hij drinkt nooit.

Hij weet dat drinken een zonde is. Een doodzonde.

Mijn moeder heeft dat er jarenlang bij hem in gehamerd.

Mo heeft nooit gezondigd.

Behalve af en toe wat aftrekken.

Ja toch?

Kinderen die op straat gaan spelen,

die worden overreden of die met granaten spelen,

en die daarna zo worden...

Niets meer in hun kop. Waarom zou je kinderen krijgen?

- Ik wil kinderen. - Mijn reet.

- Elke vrouw wil ze. - Ze zullen op de weg gaan spelen.

Ze gaan fietsen of ze gaan spelen met granaten.

We zullen ze zeggen dat het niet mag, maar ze gaan toch.

Ze gaan erheen en laten zich platrijden door een 20-tonner.

Expres om ons te pesten.

- De eieren branden aan, Fane. - Ik heb het over kinderen!

Mo, kom hier. We gaan eten.

Luister, Mo. Wil je niet naar 't ziekenhuis?

Niet naar het ziekenhuis, Fane!

Dat moet je je nuttig maken. Lilas en ik zijn niet je knechtjes.

Hou daarmee op! Stel je niet aan!

Rustig nou.

Ik maak de dingen duidelijk zodat hij zich het goed inprent.

Begrijp je dat, M0?

Als een van ons moet nadenken, ben ik dat wel.

De was...

Ik zal de was doen!

In het ziekenhuis krijg je geen eten.

Perfect, de was.

Ik zal koken.

Koken, ja.

En de afwas, schoonmaken,

vegen, onkruid wieden in de tuin.

Dat allemaal.

En strijken, wassen, schrobben,

de vuilnisbak, melk gaan halen.

Precies. Je moet je zien te redden.

Ja. Dat kan ik.

Dat kan ik, Fane!

Ik zal het je laten zien.

U bent lief.

Het is een heel lief grietje.

We krijgen het prima voor elkaar samen.

Vooruit. Schep eens op, Mo.

- We gaan leven van onze uitkeringen. - Precies.

We zouden moeten trouwen, Fane.

Anders vinden de mensen het raar. Niets zo gemeen als de mensen.

Vrouwen die kinderen willen stuur ik zo weg.

We moeten trouwen anders ga ik weg.

Ik kan er niet tegen om in een winkel te horen:

"Dat is de hoer van Stéphane Leheurt."

Degene die dat zegt, maak ik meteen af, verdomme!

Die maak ik helemaal kapot.

Dat lost niets op. Daarmee voorkom je geen onaangename opmerkingen.

Ik vraag me af wie die snol is.

We slopen 't huis, we maken 'n terrein voor tweedehands auto's.

Dat verbindt de twee gebouwen.

En daar kunnen we doen wat we willen. We bouwen 'n muur.

Hij verkoopt niet.

Vroeger had je dat oudje.

Ik kon niet vechten met 'n oud vrouwtje.

Ik wachtte tot ze zou sterven en dat is nu zover.

Zo moet je niet over een oudje praten.

Oh, LiIas...

Wacht, wacht...

Wacht.

Wacht, LiIas.

Krijg een stijve.

Fane!

Je moet niet bang zijn.

Ben je bang van me?

Je moet je niet schamen.

Dat moet ik doen.

We hebben wat te veel gedronken gisterenavond. En die hitte...

Het is warm.

Ik kan niet tegen de hitte, ik zweet.

Kijk, ik ben helemaal klam.

Maak je geen zorgen. Ik ben de vrouw van Fane.

Alle vrouwen zijn hetzelfde.

Dat is zeker.

Mannen ook. Daar is niets mis mee. Dat is de natuur.

Ja.

Vooruit, het is over. Ik ben net als alle andere vrouwen.

Oh nee. Niet zoals de anderen, hoor. Nee.

Ik ben net als de anderen. Je bent lief.

Je moet koffiezetten. Ik zal het je laten zien.

Ja.

Ik wist niet wat ik moest doen.

Er liep een vliegje over uw been, ik wist niet wat ik moest doen.

Mijn God, ik had geen idee.

Praat er niet meer over, Maurice. Je gaat Ieren koffiezetten.

Waar is de koffie?

Het wordt vandaag verschrikkelijk warm.

Ik heb van alles te doen.

Ik moet alles vandaag doen.

Een medewerker van de afdeling autoaccessoires voor kassa 28.

- Hier is je borg, beste Leheurt. - Dat is echt netjes.

Ik maakte me er zorgen over. Ik heb zoveel aan mijn hoofd.

- Hoe kan ik u bedanken? - Het is goed.

De kleine Gigi wacht op zijn ouders bij de receptie. Bedankt.

Meneer Bafort wordt verzocht naar 't personeelsbureau te komen.

Tot ziens, meneer Duge.

Nog een laatste keertje?

- Ik neem vandaag net de kas mee. - Hé, Fane!

Je hebt gelijk, een laatste keer.

Je betaalt morgen, hè?

Natuurlijk niet.

Klootzak.

Ga zitten, Maurice. Ik zal je iets laten zien.

Kijk.

Ken je haar?

Nee.

Marilyn Monroe, een grote Amerikaanse actrice.

Ze heeft heel veel films gemaakt.

- Is er hier geen tv? - Nee.

Nooit tv gekeken?

Jawel. Op de boerderij waar ik de melk ga halen

blijf ik soms 5 minuten kijken.

Dan zeggen ze: "We moeten werken. Je moet weg."

Ze willen gewoon niet dat ik naar hun tv kijk.

Goed. En op wie lijkt zij hier?

Ik weet het niet.

Nee, ik ben ook niet opgemaakt of gekapt.

Goed. Je moet afruimen en de afwas doen.

Ik zal het je laten zien.

Nee, meneer Roger! Dat was ik!

Dat was ik.

- Zorro is terug, mannen. - Alles goed?

Ik ben hier weg.

Ik heb nu een huis.

Ik heb in de winkel gezegd dat ze de pot op konden,

"geef me mijn geld." En dat hebben ze gegeven.

Ga je weg? Een huis daar in dat gat?

Een gat? 2000 inwoners. Vol toeristen 's zomers.

Het wemelt er nu van sukkels in shorts. Hoezo een gat?

Wat is er, Maurice? Waarom huil je?

Mama is dood. Buiten zijn ze allemaal gemeen

en ik wil niet naar het ziekenhuis.

Mama en tante Enya zijn allebei dood.

Toe, je moet niet huilen.

Je gaat niet naar het ziekenhuis. Dat wil Fane niet.

We blijven hier met zijn drieën. Dat wordt fijn.

Je hebt goed gewerkt, zag ik. Heel goed, Maurice.

Toe, niet meer huilen.

Nee.

Goed zo. Dat gaan we vieren, goed?

Ja.

Ik heb alleen dit gevonden.

Dat was voor de zondag of als er bezoek kwam.

- Kwamen er veel mensen? - Nooit!

Ze heeft niet veel achtergelaten.

Alleen dit.

Verdomme, kijk dit toch eens.

Heb je haar daar al eens in gezien?

Als ze dit droeg, was het of ze minder dan niets droeg.

Begrijp je dat?

Met sommige dingen zijn die snollen naakter dan naakt.

Hij zat zo strak, had je moeten zien.

Ze durfde zo rond te lopen.

En haar beha hetzelfde. Haar tieten staken eruit. Verdomme...

Iedereen was geil.

- Dat had je moeten zien. - Ja.

Vooruit, we gaan iets drinken.

Vooruit, op die verdomde hoer en op je huis. Bofkont.

Noem haar geen hoer.

Ik zeg niks slechts over haar. Ze is van jou dat is alles.

Maar het is een hoer. Zo denk ik erover.

- Ze deed het met iedereen. - Sloeg je haar daarom?

Ik sloeg als ze vervelend was.

En ze was vaak vervelend, met dat gezeur over trouwen.

- Heeft ze jou dat niet gevraagd? - Nee.

Het is 'n lieve meid.

Het is heel mooi.

Dat is mijn kamer.

Kom. Kom hier.

Kom.

- Kijk, Flippo. - Wie is dat?

Flippo!

Flippo!

Hij is grappig.

- Heb je dorst? - Oh nee, nee.

Dan word ik druk. Ik moet niet drinken,

niet zoals Fane.

Dit herinnert aan mijn kamer toen ik klein was.

Was u gemeen toen u klein was?

Hoe kom je erbij?

Want kinderen zijn gemeen.

Ik ook en Fane ook, toen we klein waren.

Ik was heel gemeen.

Ik heb niet naar mama geluisterd, dus de Heer strafte me.

Daarom heeft Fane een beschadigd gezicht. Dat komt door mij.

Dus de Heer heeft me gestraft en ik ben altijd een kind gebleven.

Een stout kind, een nietsnut.

Maar ik ben ook opgegroeid, dus de andere kinderen

doen gemeen tegen me.

Ze schoppen me. Vooral een die ik goed ken,

maar ik kan niets zeggen want z'n vader is agent.

En hij gooit stenen naar Pilou.

Hoe dan ook, buiten is alles gemeen, alle mensen.

Omdat ik mijn broer kwaad heb gedaan.

Mijn kleine broertje.

Ik moest op hem passen. Nou, nee dus.

Ze hebben stukjes van mijn hersens weggehaald.

Daarom ben ik slecht,

omdat er stukjes ontbreken in mijn hoofd.

Er zijn genoeg mensen die gemeen zijn met intacte hersenen.

Ik heb ook zo'n kamer gehad. Hetzelfde.

- En verder... - En Fane is ook slecht.

Zijn schuld niet, het is een nietsnut.

En ik ben ook een nietsnut.

Heeft niets te maken met kinderen.

Kinderen zijn juist niet gemeen.

Als Fane wilde, kon hij me een kind geven.

Dan zouden we trouwen en zouden we hier wonen.

Alle drie, met dat kind.

Je zou zien, Mo, dat hij lief zou zijn. Zo lief.

Ik zou ervoor zorgen. Ja, ik zou ervoor zorgen.

Dat is wat ik wil.

Ik wil een meisje en dan zou ze op me lijken.

Dat wil Fane niet.

Dat wil Fane niet.

Weet je waar de kinderen vandaan komen?

Wat nou, M0? Zeg het me.

Nee. Nee, Mo, niet doen.

Je hoeft je niet te schamen. Dat is de natuur.

Vanochtend hadden we gezegd dat we ons niet meer zouden schamen.

Ik weet het. Ik weet dat ze uit de buik van mama's komen.

Ja. En hoe komen ze daar?

Door de Heer.

Perfect, Mo. En als de Heer nu wilde dat ik een kind kreeg?

Fane zou boos zijn. Fane heeft lak aan de Heer. Het is een nietsnut.

Je bent zo lief, Mo. Zo lief.

Ik zou je zo graag plezier willen doen.

En vanochtend, M0? Was je blij om me helemaal naakt te zien?

Begin niet weer! Kijk me aan.

Je hoeft je nu niet meer te schamen.

Vind je me mooi, M0?

Schaam je niet.

Je bent zo lief.

Ik hou veel van je, weet je.

Je bent tegelijkertijd een man en een kind.

Begrijp je dat?

Ik zou je zo graag plezier doen.

Kijk.

Ik ga je Ieren om heel erg te genieten.

Niemand heeft je dat geleerd, arme Mo.

En dat blijft ons geheimpje goed?

Het is de natuur, snap je? Iedereen doet het.

Je hoeft je niet te schamen.

Maar het is ons geheimpje, goed?

Streel me.

Streel me overal waar je wilt. Overal, om me een plezier te doen.

Wacht, wacht.

Wat elegant.

- Het is tijd. - Tijd?

Tijd om de melk te gaan halen. Dat ga ik doen.

Pilou, PiIou, PiIou!

Ik word altijd opgewacht door kinderen als ik ga.

Ze roepen gemene dingen en ze pesten Pilou.

Ze zingen: "Mo is mollig. Mollige Mo."

In de zomer zijn ze er altijd.

Laat ze kletsen.

Nee! Op een dag pak ik er een en knijp ik hem fijn.

Als u... als je met me meegaat, laat ik je het dorp zien

en dan lachen ze niet.

Denk je dat?

Dat is zeker.

Goed dan.

- En over daarnet... - Niks ervan!

Het is ons geheimpje, begrepen? Onthou je dat?

Ja. Het is 'n geheim, 't is de natuur.

Goed. Oké, het is de natuur.

Gaan we nog een keer aan de natuur doen?

Hier is de boekhandel.

Daar koop ik de kranten van mama.

De mevrouw schrijft de prijs van de krant in 'n schrift

en soms neem ik ook een Nuts.

Hé, PiIou! Pilou, Pilou, PiIou!

En dat daar is de kruidenierszaak. Van meneer Foire.

Meneer Foire is aardig. Hij zegt:

"Hoe gaat het, Mo?"

Dan zeg ik: "Goed, meneer. En met u?"

"Ik heb het nog niet geprobeerd. Het zal wel Iukken."

En dan lacht hij.

- Hoe gaat het, M0? - Goed. En met u?

Nog niet geprobeerd. Het zal wel lukken.

Pilou!

Rij maar door, auto's! Rij maar door, auto's!

Rij maar door, auto's!

- Hou uw malloot aan de lijn! - Mo! Mo, hou op!

- Rij maar door, auto's! - Mo, hou op! Rustig!

Ze zijn aardig. Als jij bij me bent, zijn ze aardig.

Ik zie het. Maar nu hou je je rustig.

Wil je dat ze denken dat je gek bent?

Ben je boos?

Nee.

De zon brandt op mijn hoofd. Ik heb hoofdpijn, dat is alles.

Vooruit. Ga die melk halen.

Goedenavond.

Mo is in topvorm. Ik heb zijn show gezien vanaf daar.

Stoort dat u?

Niet in het bijzonder.

Ik heet Voke. André Voke.

- Van me gehoord? - Ik woon hier niet.

Maar dat gaat misschien gebeuren.

Wat weet u daar van?

Hallo, Mo. Je wandelt met een leuke meid rond, hoor.

Niet met haar praten!

Je mag toch wel vragen hoe je buurvrouw heet?

- Een heel mooie buurvrouw trouwens. - Lilas.

Prachtig, LiIas.

Dat is een naam die...

U bent het meisje van Fane. Dat zeiden ze.

Tja.

Het is hier een klein dorp.

Het feit bijvoorbeeld dat we samen babbelen...

is binnen een uur overal bekend.

Wat wilt u?

Houdt u altijd uw bril op?

Ja.

Doe nu even gewoon.

Ik heb iets beters voor u als u iets wilt verdienen.

Maar niet hier, niet nu.

Ik heb u niets gevraagd.

Ik ga met Fane trouwen.

Balen voor hen die hem een nietsnut vinden.

Hij heeft een huis. Hij gaat boeken schrijven.

En ik zal zijn vrouw zijn en we houden Mo bij ons in huis.

Fane op de Académie frangaise?

Ga weg! Laat haar!

Hè, Mo. Laat ons met rust, oké?

Laat haar!

Verdomme, mijn auto!

Weet je..

Tutoyeer me niet.

Tutoyeer haar niet.

Wij kunnen 't samen vinden. Ik kan je dingen vertellen.

Morgen is het zondag

en drink ik een aperitief op het plein. Begrepen?

Donder op met je auto.

Stomme hufter, ik raak je zat!

Die hufter slaat je lens! Hij tremt je zo in elkaar!

Mo, we gaan naar huis. Kom, we gaan naar huis.

Niemand zal je Iastigvallen en ik ben geen stomme hufter!

Nee. Natuurlijk niet.

Hij is juist een grote hufter.

Je moet niet met hem praten.

- Is hij van de garage? - Ja, een hufter.

Het is voorbij. We hebben het er niet meer over. We gaan naar huis.

- Heb je geen hoofdpijn meer? - Hoofdpijn?

- Door de zon. - Het is over, ik heb geen pijn meer.

Want ik heb tabletten gevraagd bij de boerderij, aan meneer Laubie.

Ik heb gezegd dat ik hoofdpijn had.

Dit is voor jou.

Je moet uitkijken voor wespen.

Ja.

Soms stap je op hun nest

en dan worden ze boos en dan steken ze.

Op een dag ben ik 17 keer gestoken.

In mijn hoofd, mijn armen, overal.

Sommigen sterven door een steek,

maar ik leef nog na 17 steken.

Overal opgezwollen, maar nog steeds in leven.

Waar zaten jullie?

Ah, oké. Oké.

- Er was niemand. - Wat moet hij hier?

Zie je hoe ze me behandelt? IIHIJ.“

Je hoorde het. Ik zei niets. "Wat moet hij hier?"

Hou daar mee op, Shawenhick.

Ik heb je spullen gehaald.

Claude geloofde niet dat ik een huis had.

Hij blijft vanavond hier. Een afscheidsavond. Drink wat.

Hij valt je niet lastig.

Ik val niemand lastig. Ik sta paf van 't huis.

- En drinkt hij niet? - Nee.

- Dat is mijn broer. - Ze passen niet bij elkaar.

Ik heb iets gekocht.

- Nietwaar, Claude? - Ja.

Kom maar kijken, moppie.

- Wat is dat? - Hij is mooi, hè?

- Er waren elektrische. - Wat is dat?

Hij is heel mooi.

- Wat is dat? - Ik laat je de binnenkant zien.

Laat mij maar.

Afblijven! De eerste die aan die machine komt, maak ik afl

Ik heb hem gekocht.

De eerste die eraan zit, sla ik verrot.

Blijf van mijn werkgerei af.

Je krijgt 'm niet eens open.

Bemoei je er niet mee. Ik moet eraan wennen.

Twee standen en een veiligheidsstand.

Indrukken en tegelijkertijd oplichten.

- Ik heb les gehad op school. - Maar wat is het?

Wacht. Blijf hier, Lilas, er mag niemand aankomen.

Achteruit, achteruit allemaal.

Hebben jullie dat gezien?

Klote, hoofdletters.

Hier. En hiermee kun je de wagen verschuiven.

Ja, ik moet eraan wennen.

Ik moet het Ieren. Net als met alles.

Je bent er nog niet als je een boek wilt schrijven.

10 jaar voor 't eerste hoofdstuk.

Zeik niet! Ik moet het gewoon Ieren. Lilas zal me helpen.

Ik kan haar ook dicteren als ik wil.

Verdomme, nee! Blijf van die machine afl

Ik heb er 40.000 francs voor betaald.

En dan ga jij er met je vieze poten aanzitten en alles stukmaken?

Dat is geen speelgoed. Begrepen?

Niet voor kinderen en niet voor jou.

Ik heb niets gedaan.

Ik zag je met je poten komen om alles stuk te maken.

We hebben Voke gezien.

Déde Voke, de kleine. Hij heeft gepraat.

- Wat kan mij dat nu bommen? - Hij wil het huis kopen.

Hij informeerde alleen.

Het gaat om 't huis.

Hij heeft me vragen gesteld, maar Mo heeft hem snel afgebekt.

En jij niet, hè?

- Wat bedoel je daarmee? - Geld en zijn IuI.

Je moet niet met die klootzak praten. Goed, Lilas?

Of ik word boos, verdomme.

Als hij iets zegt, pak ik hem.

Hij wilde enkel weten of ik met jou was.

Hij zei dat de mensen hier vreemd zouden opkijken.

Ik kocht die machine om rustig te kunnen werken.

Ik moet van alles regelen.

Ik wil geen gezeik met een meisje dat me streken levert.

Lilas heeft niets gedaan Het is niet haar schuld!

Voke kwam naar ons toe.

Nu hij weer. Mo, hou je bek.

- Bek 'r niet afl - Dat doe ik wel!

Bek haar niet afl

Laat me met rust, Claude.

Wees lief. Wat heb ik je aangedaan?

Ik draag nog de sporen van wat je me hebt aangedaan.

Je bent zat en je komt rotzooi schoppen.

Rotzooi... Ik ben uitgenodigd.

Door die hufter die zich suf zit te typen. Ik schop geen rotzooi.

Zeg...

Laat je je naaien door die idioot?

Donder op, sukkel.

Luister, Lilas...

Ik ben niet zo erg dronken. Ik kan helder denken.

Je bent een geweldige meid. Misschien ben ik wel verliefd.

Serieus.

Ik had je nooit aan hem moeten geven.

Sindsdien droom ik van je. Als ik mijn ogen sluit,

zie ik je tieten en je dikke kont.

Echt, dat maakt me gek. Ik zie maar een ding: je kont.

Hou op of ik roep Fane.

Laat me met rust. Je bent grof.

Ik ben voor jou gekomen.

Terugkomen hoeft niet.

Je zou kunnen regelen dat je met Fane trouwt.

En daarna, als hij zou sterven...

Nou, wat dan?

Verdomme, Fane.

Wat bezielt je?

Donder op. Vooruit, wegwezen, donder op hier.

Het is een grapje, Fane.

Ik heb je bij me thuis uitgenodigd,

heb je verhuisd en je stuurt me weg?

Je kwam hier alleen voor de avond.

Je komt Lilas Iastigvallen en je beraamt mijn dood.

Wat denk je wel niet? Ik ben een vriend.

Zij is de hoer. Ze zal je tot op het bot uitzuigen.

Vooruit, wegwezen.

M0!

Gooi hem eruit, Mo.

Maak hem afl

Let maar op!

Zet hem eruit. Zet hem eruit, Mo!

Mijn machine!

- Hou op! - Eruit, eruit!

- Hou op! - Eruit!

Vooruit, Mo!

Let jij maar op!

Vooruit, M0, laat los. Laat los, Mo!

Laat hem los!

Het is voorbij. We gaan naar binnen.

- Ik wist dat je zou komen. - Waarom tutoyeert u me?

Zo ben ik nu eenmaal.

Ik kan mensen die ik mag niet vousvoyeren.

En jou mag ik. Dat wist ik al, en dat blijkt nu ook.

Wat wilt u van me? Ik weet niet waarom ik ben ingestapt.

Ik moet je iets vertellen en jij wilt weten waar het om gaat.

Het gaat om mijn broer, mij en het huis tussen de garages.

Fane wil niet verkopen. Wat zou u met het huis moeten?

Dan voegen we de twee garages samen en maken een parkeerplaats.

Een afdeling voor tweedehands auto's. Dat ontbreekt hier.

Maar er is nog meer.

We openen een Wegrestaurant voor reizigers en truckers.

Een fastfoodtent waar je troep duur kunt verkopen.

Automobilisten willen een gemiddelde halen.

Ze zijn in staat om alles te eten.

En ze dokken. Gegarandeerd. Ik weet er alles van.

Waarom zegt u me dat?

Vreselijk, het idee dat je met Fane bent.

Een meisje zoals jij...

Ik wil je uit een rotsituatie halen.

Ik wil dat je een grote slag slaat.

Je bent het lekkerste meisje dat ik ken.

Als ik alleen al naar je kijk, word ik gek.

Weet je wat er met Fane gebeurt?

Hij gaat met me trouwen. Dat zei hij.

Gaat hij met je trouwen?

Hij drinkt de uitkering van z'n broer op en laat jou werken.

En de mensen accepteren niet dat jij

in dat huis woont met twee mannen waaronder een idioot.

De mensen bemoeien zich met die dingen.

Ze zijn al begonnen.

Voor hen ben je een hoer die geld ruikt.

Ik heb iets beters voor je.

Beheerster van de snackbar die ik ga openen.

Jij houdt je bezig met het personeel. Je doet de kassa.

Je deelt in de winst.

Hij verkoopt het niet. U krijgt het huis niet.

Je kunt alles doen met Fane, met de tieten die je hebt.

Je maakt hem gek, je laat hem het verkopen.

- Je krijgt de snackbar. - En 'n schort?

Is dat uw grote slag?

- Nee, dat ben jij. - Allemaal schoften!

Mijn vader zei al dat ik er wel zou komen met m'n lijf.

Ik heb een flinke weg afgelegd Maar nu heb ik een huis.

Fane trouwt met me. Ik krijg kinderen.

Fane gaat iets doen en jullie zullen opkijken.

Maar wind je niet op.

Blijf van me afl

Of ik deuk je auto in.

Ik ben jullie allemaal zat.

Jullie willen enkel maar aan me zitten.

Maar verdomme, jullie zijn allemaal gek.

U bent getrouwd. U heeft een vrouw.

Maar u heeft me net een baan als serveerster aangeboden

en u wilt me tussendoor nog neuken. U bent gewoon een schoft!

Gooi die steen neer, oké?

Verdomme. Mijn motorkap.

Verdomme.

Daar ben je dus.

Natuurlijk ben ik hier. Wat doen jullie hier?

Hij is bang voor uniformen, niet stoer doen.

En? Hoe gaat het, Maurice?

Ongeluk gehad vannacht?

Hebben jullie gedronken? Want er klopt iets niet.

Ik was thuis, ik heb geen ongeluk gehad.

Mijn auto! Hij staat er niet meer. Waar is hij?

Ik krijg hem daar nooit alleen uit. Trekt u me eruit? Als hij uitstapt...

Hij is bijna met pensioen.

Vraag de takelwagen aan Voke.

Die zit me dwars. Ik praat niet met Voke.

Je hebt dat ding nodig.

Met een touw en een auto ben ik er zo uit.

- Je hebt 'n takelwagen nodig. - 't Is zondag!

Vind je niet dat je wat ver gaat?

Je bent al hier gebracht, dus zoek het maar uit.

En snel, want je mag geen wrak op de weg laten staan.

Hallo, Olivier.

- Wat doe jij hier? - Volop aan het werk op zondag?

Dekselse garage, hier, hè?

Ja, dekselse garage.

Benzine stinkt. Krijg ik hoofdpijn van.

- Heb jij geen hoofdpijn? - Ik heb hoofdpijn.

Ik leeg de tank, daarom stinkt het.

Dat kun je wel zeggen, ja.

Niet roken hier.

Ik zou niet kunnen wennen aan die geur.

Wie zegt je dat ik eraan wen? Kom je daarvoor?

- Ik heb werk. - Ik heb hulp nodig.

Wat dan?

Mijn auto ligt in een greppel. Ik heb je takelwagen nodig.

Hoe deed je dat?

Nee, ik heb nooit een ongeluk gehad.

Een vriend nam mijn auto mee.

Oh ja. Dat was vast een fijne vriend. We hebben het gehoord.

Ik zeg een vriend, maar het is een waardeloze gast.

- Wat doet die hufter hier? - Jij moet uitkijken!

Nou? Hoeveel heb je achterover geslagen?

Gaat je dat aan?

Nou en ofl Ik werk me uit de naad in de hitte

terwijl jij...

Wat doe je hier?

Hij heeft de takelwagen nodig.

Zijn auto ligt in een greppel.

Wat? Wat heeft hij nodig?

- De takelwagen. - Ja.

Flikker op!

De politie heeft me naar jullie toe gestuurd. Je bent zat.

Ik heb je niets aangedaan, dus behandel me niet zo.

- Flikker op! - Zeg dat nu niet weer.

- Zo behandel je een klant niet. - Nee, maar jij bent 'n klootzak.

En je broer is een klootzak. En je hoer is klote.

En dat huis is klote.

- Zijn jullie klaar? - Ik neem niets terug.

Laat hem opdonderen.

En we werken niet op zondag.

De takelwagen is kapot, dus je wagen blijft waar hij is.

De politie stuurde me.

Ik ga naar ze toe en ik ga aangifte doen.

Dan nemen ze die hoer van je mee.

Kijk wat ze heeft gedaan. Kijk.

Gisteren sloeg die idioot op mijn dak

en nu beschadigt die hoer mijn motorkap.

Wat hebben ze tegen mijn auto?

Waarom zou Lilas je auto beschadigen?

Gewoon, omdat het een hoer is.

Niet waar.

Vooruit, wegwezen. Ga maar fijn naar dat kreng van je.

Ik wil je hier niet meer zien, begrepen?

Donder op!

En de natuur?

Nee, Mo.

Ga er nu heen.

Bied je excuses aan en maak het goed.

- Dat is een kleine moeite. - Excuses aanbieden?

Een kleine moeite voor wat het kan opleveren.

Goed. Ik ga er morgen heen.

Zo meteen.

Onmiddellijk of je gaat nooit.

Ja, maar... Een auto die ik twee maanden heb.

Arme Mo...

Is daar iemand?

Verdomde smeerlap!

Zeg niet dat ik niet ook mag.

- Blijf van me af. - Waarom zou ik?

- Ga weg, gore smeerlap! - Stop jij je |u| weg, hengst.

Laat me met haar praten. Jij hebt je deel gehad.

Laat hem z'n huis verkopen.

Je krijgt hem wel zover.

Anders krijgt hij een roman van me,

na wat ik net gezien heb, begrepen?

En idioot, jij houdt je bek.

Blijf van me af of je gaat naar het ziekenhuis.

Je doet wat ik zeg, slet.

Mo blijft bij ons en jij maakt excuses aan mijn vrouw.

Excuses? Aan je vrouw?

Je broer heeft die hoer ook genaaid.

Noem haar niet zo! Het is een goede meid, we gaan trouwen.

Maak je excuses. Je bent in mijn huis.

Ik wil je waarschuwen. Ik zeg het voor jou.

Weet dat het een hoer is.

Noem haar niet zo. Je moet zeggen: "Het spijt me, mevrouw Leheurt."

Dit is mijn huis, Voke.

Het spijt me, mevrouw Leheurt.

Gaan we trouwen?

Rose was een leuke meid. Ze leek op Marie-Line Monroe.

Ze wilde kinderen, maar haar man niet. Dus adopteerden ze Maurice,

die een gewone man is, behalve dat hij ziek is.

Fane, ik kan het!

Ik heb alles klaargemaakt, de sigaretten, alles.

- Niet gillen. Ga koffie zetten. - Ik kan het.

De sigaretten, alles. Ga ik niet naar het ziekenhuis?

Welnee, jouw plaats is hier bij ons.

Ja.

Je koffie is lekker, Mo.

Hij is koud, maar hij is lekker.

Ik heb de hele nacht getypt. Je staat in mijn roman. Tevreden?

Wacht, ik lees het voor.

Je hebt eraan gezeten. Ik had je gewaarschuwd!

Als je eraan zit, ga je naar het ziekenhuis!

En stop met die grimassen!

Ik was het niet.

Ik was het niet. Niet het ziekenhuis!

Op een dag deed Rose iets stoms. Om te voorkomen dat haar zoon

weg moest en haar man zich schaamde, vertrok ze.

Jij was het niet, broer.

- Jij zet koffie. - Ja.

- Waar gaat u heen? - Villeneuve.

Perfect.

Het is al geregeld.

- Mijn auto is beter dan de zijne. - Het spijt me.

Ik was er eerder!

Ik heb nog meer te doen!

Trut!

Het café komt op de begane grond.

Ik heb tafels nodig, stoelen en een uithangbord:

"Café-restaurant Leheurt".

En de mensen, na wat er gebeurd is?

Er is niets gebeurd.

Als iedereen op zijn plaats blijft,

kunnen we zorgeloos leven met zijn drieën.

- We gaan trouwen. - Echt?

Ja. We gaan een groot feest geven.

Ter ere van mevrouw Leheurt en haar café.

We nodigen iedereen uit. Behalve de Vokes.

Rampkind, haal het zondagse aperitief.

- Het is geen zondag. - Wat weet jij daarvan?

Schiet je boek op?

Behoorlijk. Ik zet er alles in: jij, ik, Mo, het café...

Zelfs dat tuig van Voke.

- Dat wordt me een boek, dan. - Ik weet hoe het moet.

De mensen houden ervan als het goed afloopt.

Die hitte, die verdomde hitte...

Wat doe je? Kom je niet binnen?

- Ik wacht al 10 minuten op je. - Ja.

Vooruit, kom binnen.

Nou, ga zitten, Fane.

Zoals ik u zei, ga ik een café-restaurant openen.

Ja. En hoeveel heb je nodig voor je café?

- Nou, ik heb een tapkast nodig... - Ja.

Zeven tafels en dertig stoelen.

Een koffiezetmachine, verf en een uithangbord.

Een uithangbord...

Voor je beginvoorraad krijg je een krediet. 120.000 francs.

Dat is goed. Dat is prima, meneer Bressoul.

En wat geef je als onderpand?

Ik betaal u terug.

Weet ik. Maar de regionale directie wil iets concreets.

Ik heb...

de spaarbankboekjes van mijn moeder en Mo.

Eens kijken.

Dat is niet voldoende.

Je moet je huis als onderpand geven, goed?

Liever niet, meneer Bressoul.

Dan kan ik je die 120.000 francs niet lenen.

Dat is goed, meneer Bressoul. Ik moet erover nadenken.

Zeg...

Het gaat me niet aan, maar is het waar wat ze zeggen in het dorp

over dat meisje dat je hebt meegenomen?

Zoals u zegt, meneer. Dat gaat u niet aan.

Ben je klaar?

M0!

Kom eens laten zien hoe goed je kunt serveren. We hebben dorst.

We gaan lachen.

Heren, dames...

Er zijn hier geen dames, Mo.

Amerikaan, jij bent geen dame.

Heren...

Twee spa geel.

Twee bier!

Twee bier!

Je bent onderweg het blad verloren.

Nee, laat maar hier!

Nee. Het is goed, het is goed.

Ga zitten.

Is dit van jou, M0?

Daar moet je van afblijven. Dat vindt Fane niet leuk.

Laat eens kijken.

Het is jouw maat niet, Mo.

Het is zijn maat niet.

Afblijven. Dat is van Lilas. Dat vindt Fane niet leuk.

Ah, is het van Lilas?

Nou, dan zal Fane niets zeggen.

Hij schijnt graag te delen.

Nietwaar, M0? Naai jij haar?

Jullie zijn grote vuile hufters!

Zo, mannen.

Is het bijna klaar?

Bijna, Fane. We pauzeerden even met die hitte.

Jullie hebben gelijk, mannen.

Oh, ik ook.

Ik ben bekaf van het rijden.

Mo, breng ons bier!

We hebben een bruidsjurk. Je zult versteld staan.

En het hele dorp ook.

- Laat zien. - Nee. Pas op de dag zelf.

Toe, mevrouw LiIas. Doe ons een plezier.

Nee. Dat brengt ongeluk.

Het wordt fijn samen.

En ook samen met mijn broer.

Verdomd goede zaak.

Over een jaar breid ik uit...

dan begin ik een hotel.

Misschien koop je de garage van Voke wel op.

Dat zou best kunnen, Jeannot. Dat zou best kunnen.

Bedankt, Mo.

Nodig je neef uit voor de bruiloft.

- Dat worden nogal wat mensen. - Het hele dorp.

Behalve de Vokes.

Mooie bruiloft voor een mooi grietje.

Ben jij m'n getuige?

- Ik? - Tegen wie heb ik het anders, lul?

Dat is een eer, Fane.

Dat is een eer.

- Het lukt nooit. - Hij gaf garanties.

Welnee. Hij betaalt niet.

Hij leende jullie geld.

U brengt uw geld naar de bank

en die geeft het aan een zuiplap die het niet teruggeeft.

Andre, je zeikt. Het is het huis dat je interesseert.

Ja, dat interesseert me. Ik wil niet dat een vreemde het koopt.

Dit zal ons duur komen te staan.

Als u gaat lenen voor 'n tractor zeggen ze:

"Sorry, maar meneer Fane Leheurt heeft alles opgedronken."

In ga mijn rekening opheffen!

Heren, dames...

Twee bier.

Vraag hun maar wat hij van plan is.

Een hotel openen.

Een hotel? Een bordeel, ja.

Onder de ogen van onze kinderen.

We mogen allemaal naar de bruiloft. Behalve jij.

En ik mag z'n getuige zijn.

Hij nodigt ons uit en wij betalen. Is die lening daarvoor?

Zag je hoe ze ons uitdaagde?

Ze liet haar spullen heupwiegend drogen.

Als ik had gewild...

Ik weet één ding zeker. Zij die naar dat café gaan,

gaan naar de hoeren.

Hallo.

Ik ben voor twee dingen gekomen:

Ten eerste trouw ik met Stéphane.

Jullie zijn allemaal uitgenodigd.

Zoek je iets?

Tutoyeert u me?

Tutoyeert u iedereen die u niet neukt?

Dan tutoyeert u er nogal wat. Ten tweede is er een die denkt

dat als hij dameslingerie steelt, hij een kerel is.

Een echte.

Dame... Een hoer. Ik zag haar neuken met die idioot.

Waarom trek je je niet af? Misschien kan hij dat niet.

En hij wil me naaien!

Hou maar. Als het je niet lukt om je vrouw te naaien,

denk je aan mij.

Pilou!

Ik ben klaar.

Ik niet.

Wat ben jij mooi, zeg.

Verdomme, Mo... Ik heb je nog nooit zo mooi gezien.

Ik ben blij dat je mijn broer bent. Ik ben trots op je.

Wacht, blijf hier.

Ik ben zover.

Verdomme, LiIas.

Je lijkt op Marilyn Monroe.

Pilou!

Ze zijn al allemaal binnen.

Te laat. Ik had gezegd 14.30 uur. Het is 15 uur.

Ik heb 4 huwelijken in ViIIeneuve.

Sorry. Zijn er veel mensen?

Nee. Er is niemand.

- En uw getuigen? - Niemand?

- Mo is er. - Er moeten er 2 zijn.

Wacht, ze komen zo.

Ik kan niet wachten. Ik moet zo naar ViIIeneuve.

- U kunt de getuige zijn. - Ik ben al de pastoor.

- Nee. - Dan gaan we naar het stadhuis.

Daar vragen ze ook twee getuigen.

- Heb je gezegd hoe laat 't was? - Ja.

Dit kan niet. Ze dachten vast dat de opening ervoor was.

- Ze wachten vast in het café. - Nou, lekker slim.

Weet dat ik het hier niet bij zal laten zitten.

Vertrouw me.

Verdomme.

Dit is de druppel die de emmer doet overlopen.

Dit laat ik niet over mijn kant gaan.

Hallo. Ik kwam alleen maar even langs.

Ik kom u even feliciteren.

- We hebben niet kunnen trouwen. - Oh nee?

Er is niemand gekomen.

Een broodje voor meneer.

Triest, een huwelijk waar niemand bij is. Dat hoort zo niet.

Dat is net als een café zonder klanten.

Na wat er gebeurd is, als ik u was, meneer Leheurt,

zou ik het meteen verkopen.

Ze komen niet! U kunt het nooit afbetalen

en dan wordt uw huis bij opbod verkocht.

U kunt het beter verkopen.

Laat hem. Dat verandert niets.

Donder op. Donder op of ik sla je verrot.

Ai ai ai. Volgens mij heb je bezoek, Voke.

Ja. Dat zou best eens kunnen.

Ze vroeg je niet voor de bruiloft, maar je mag naar de huwelijksnacht.

Het is duidelijk jouw auto niet.

Op wie wacht je?

Kom zitten, ik moet met je praten.

Ik praat liever buiten.

Kom zitten, zei ik.

Ik waarschuw je... Als je de boel komt slopen...

Ik ga weg bij Fane.

Ik wist dat het zo zou aflopen. Dus je komt naar Voke

om te weten of zijn voorstel nog steeds geldig is.

Ik dacht: "Ik ga naar die klootzak om hem te naaien.

"Maar niet zoals hij denkt."

Zie je, André, nu ik wegga, zal het café gaan lopen.

Dus je krijgt het huis niet.

En bovendien zul je mij niet krijgen. Nooit.

Je hebt verloren.

Lilas!

Ik geef je 50% van de snackbar.

- Zorg dat hij het verkoopt. - Ik wil alles.

Ik wil trouwen, ik wil het huis.

Je krijgt alles. Ik ga scheiden.

Jij zult de bazin zijn.

Ik hou van je.

Je bent echt aandoenlijk, Voke.

Alleen houd ik van Fane. En niemand kan van jou houden.

Een biertje, chefl

Chef, een biertje!

Ik sla je verrot. Ik sla jullie allemaal verrot!

Denk je dat ik dat over mijn kant laat gaan?

Ik sla jullie één voor één verrot! Klootzakken!

We zijn gek geworden

met die warmte. Het komt wel goed.

Je zit hier goed, met je broer.

Geef me een pastis.

- Een pastis. - Twee.

- Een bier. - Een Ricard.

Een pastis met munt.

verdomme, het gaat lopen.

Pastis, bier...

Fane, Lilas gaat weg!

In de bus, met haar koffer.

Heren, dames...

Ze gaat weg met de bus.

Ik heb haar meegetrokken en de melk viel om.

- Waar ga je heen? - Ze gaat weg, Fane.

Dat is beter voor iedereen.

Mo, pak je koffer.

We gaan alle drie weg.

Mo, je gaat niet je hele leven melk halen!

Het café is te koop.

Het huis ook. Onmiddellijk.

- Geef me een prijs. - Dat was zo niet voorzien.

Hoeveel heb je bij je?

Een prijs moet je bespreken.

Maak je zakken leeg.

Zo.

Koop mijn huis voor 524 franc. Dat is een prijs.

Ik koop het voor 3 miljoen. Ik schrijf meteen een cheque uit.

Ik verkoop 't niet aan jou.

524 francs

plus je mooie rode auto. Dat is een prijs. Dat is besproken.

Ga je akkoord, André?

Ja, ik ga akkoord.

Ik waarschuw je, de zonneklep is naar de maan.

Geef maar een rondje.

Ik geef een rondje.

Ga de auto inladen. Wij hebben nog dingen te doen.

Kom hier, broer.

Pilou!

Wat is dat?

Wat is dat?

Ja!

1... 2...

3...

4!

Gaat het, Lilas?

Het is de natuur.

Pilou, PiIou, PiIou!

Vertaling: Lidewij Dingemans voor Télétota

Can't find what you're looking for?
Get subtitles in any language from opensubtitles.com, and translate them here.