All language subtitles for Maigret.1991.S01E23.DVDRip.Dutch-WWW.MY-SUBS.CO

af Afrikaans
ak Akan
sq Albanian
am Amharic
ar Arabic
hy Armenian
az Azerbaijani
eu Basque
be Belarusian
bem Bemba
bn Bengali
bh Bihari
bs Bosnian
br Breton
bg Bulgarian
km Cambodian
ca Catalan
ceb Cebuano
chr Cherokee
ny Chichewa
zh-CN Chinese (Simplified)
zh-TW Chinese (Traditional)
co Corsican
hr Croatian
cs Czech
da Danish
nl Dutch
en English Download
eo Esperanto
et Estonian
ee Ewe
fo Faroese
tl Filipino
fi Finnish
fr French Download
fy Frisian
gaa Ga
gl Galician
ka Georgian
de German Download
el Greek
gn Guarani
gu Gujarati
ht Haitian Creole
ha Hausa
haw Hawaiian
iw Hebrew
hi Hindi
hmn Hmong
hu Hungarian
is Icelandic
ig Igbo
id Indonesian
ia Interlingua
ga Irish
it Italian
ja Japanese
jw Javanese
kn Kannada
kk Kazakh
rw Kinyarwanda
rn Kirundi
kg Kongo
ko Korean
kri Krio (Sierra Leone)
ku Kurdish
ckb Kurdish (Soranî)
ky Kyrgyz
lo Laothian
la Latin
lv Latvian
ln Lingala
lt Lithuanian
loz Lozi
lg Luganda
ach Luo
lb Luxembourgish
mk Macedonian
mg Malagasy
ms Malay
ml Malayalam
mt Maltese
mi Maori
mr Marathi
mfe Mauritian Creole
mo Moldavian
mn Mongolian
my Myanmar (Burmese)
sr-ME Montenegrin
ne Nepali
pcm Nigerian Pidgin
nso Northern Sotho
no Norwegian
nn Norwegian (Nynorsk)
oc Occitan
or Oriya
om Oromo
ps Pashto
fa Persian
pl Polish
pt-BR Portuguese (Brazil)
pt Portuguese (Portugal)
pa Punjabi
qu Quechua
ro Romanian
rm Romansh
nyn Runyakitara
ru Russian
sm Samoan
gd Scots Gaelic
sr Serbian
sh Serbo-Croatian
st Sesotho
tn Setswana
crs Seychellois Creole
sn Shona
sd Sindhi
si Sinhalese
sk Slovak
sl Slovenian
so Somali
es Spanish
es-419 Spanish (Latin American)
su Sundanese
sw Swahili
sv Swedish
tg Tajik
ta Tamil
tt Tatar
te Telugu
th Thai
ti Tigrinya
to Tonga
lua Tshiluba
tum Tumbuka
tr Turkish
tk Turkmen
tw Twi
ug Uighur
uk Ukrainian
ur Urdu
uz Uzbek
vi Vietnamese
cy Welsh
wo Wolof
xh Xhosa
yi Yiddish
yo Yoruba
zu Zulu

Original subtitles

WWW.MY-SUBS.CO

Kom maar, poesjes.

Kom, ik heb lekkere melk voor jullie.

Kom maar gauw.

Kom jullie melk maar opdrinken, liefjes.

Stil maar. Goed zo. Ja, jij bent ook lief.

Weet je hoe laat 't is? Ik moet naar huis.

Wees nou verstandig. - Je hebt toch de tijd?

Blijf nog even.

Nee, ik moet nu echt gaan. - Een zoen.

Als ze me snappen, mag ik niet meer uit. - Nog even.

Nu ga ik echt, hoor. - Ik hou van je.

Tot morgen, schat. - Tot morgen.

Ik hou van je. - Ik ook van jou. Ga nou.

Is dat hem? - Wij mogen dat toch wel weten?

Breng de film meteen naar de krant.

Ho. Nog even wachten.

Wie is 't? Een getuige? - Een verdachte?

Vraag 't maar aan commissaris Maigret. - Aardig, hoor.

Als hij de dader was, zou hij wel handboeien om hebben.

Wat doe je daar nog? Lopen.

Het halve uur is voorbij. Meneer geeft 'n rondje.

Met hoeveel zijn ze in Maigrets kantoor? - Vijf of zes.

Het loopt daar in en uit.

Zouden ze hem onder druk zetten? - Dat zit er dik in.

Die vent zal 't wel benauwd hebben.

Wat zei ik? - Broodjes. Dat wordt nachtwerk.

Zet het hier maar neer.

Jeannot. Wat gebeurt er binnen?

Volgens mij hebben ze de vrouwenmoordenaar.

Dat moet wel, met al die voorzorgen.

Marthe. Wacht even.

Wie is dat meisje? - Nichtje van 'n agent. Een stagiaire.

Je lijkt haar goed te kennen.

Ze zal heus niks vertellen.

Ik wil graag 'n broodje ham en een biertje, Jeannot.

Ik betaal heus wel, hoor. Je ziet toch dat dit belangrijk is?

Voor mij 'n pastis met muntsiroop.

Verdomme. Nog vijf minuten en we missen de laatste editie.

We gaan, jongens.

Foto's, alstublieft. En een paar bijzonderheden.

Laat ons met rust.

Eén fotootje maar.

Kom, Rougin. Daar heb je Maigret.

Alstublieft, commissaris.

We willen het weten. Is 't een getuige of heeft ie het gedaan?

Over wie hebben jullie het? - Die man in uw kantoor.

Dat kan ik niet zeggen. - Wordt hij vervolgd?

Heeft hij met de moordenaar te maken? - Ik kan niets zeggen.

Meneer Maigret.

Ik wil morgen ook meedoen. - Ben je nog niet naar huis?

Ik wilde u zeggen dat ik heel sterk ben.

Ik ben gymlerares geweest.

En ik heb veel aan judo gedaan.

Moet ik nu ja zeggen?

Ik kan je niet verbieden om morgen in de buurt rond te lopen.

Schrijf op: Stevig vastgehouden door de mannen van Maigret...

verliet de geheimzinnige figuur om 23 uur 15 het gebouw.

Werd hij vervolgens afgevoerd naar het cellencomplex?

Dat lijkt waarschijnlijk, maar de commissaris weigert elk commentaar.

Zien we deze man morgen terug?

De situatie doet denken aan een beroemd verhaal:

De Man met het lJzeren Masker. Dat is 't.

Meteen doorgeven aan Moulard. Voor de voorpagina.

Wat 'n tempo, zeg.

Eet smakelijk, commissaris.

Nog bedankt voor de informatie.

Het gaat erin als koek.

Wat gaan ze schrijven? - Geen idee.

Maar van niets kunnen ze nog sensationeel nieuws maken.

Vooral Rougin. Dat mannetje is ambitieus en belust op geld.

En als ze erachter komen? - Ik heb ze niet beduveld.

We hebben niet gelogen. We hebben niks gezegd.

Is het waar? - Hoe bedoelt u?

Hebt u iemand aangehouden? - Niet dat ik weet.

O nee? 'Heeft de politie de dader?'

Onze kantoren liggen 200 meter van elkaar.

U had kunnen bellen. Ik was gisteren tot 9 uur hier.

Bij zoiets belangrijks... - Dat was 't niet, meneer de rechter.

De journalisten hebben alles verzonnen. - Inderdaad.

Er is dus niets gebeurd.

De onbekende figuur is 'n verzinsel.

Het verhoor van meer dan zes uur is een verzinsel.

Dat er daarna... - Ik heb niemand verhoord.

Ik wil 'n verklaring, zodat ik op mijn beurt...

de procureur-generaal tevreden kan stellen.

Wie was die man achter die hoed? - Inspecteur Pierre Mazet.

Tien jaar geleden werkte hij voor me.

Na 'n verblijf overzee wil hij graag weer in dienst komen.

Was daar al die heisa voor nodig?

Ik moest iemand hebben van wie niemand 't signalement kent.

Ik heb niet gezegd dat 't met de moorden in 't 20ste te maken had.

U hebt 't ook niet ontkend.

Het heeft wel resultaat gehad. - O ja?

U had me op z'n minst op de hoogte kunnen stellen.

Ik wilde de verantwoordelijkheid liever alleen dragen.

Welke verantwoordelijkheid? - Het is nogal ingewikkeld.

Maar het is 't proberen waard. - Ik begrijp er steeds minder van.

Daarom heb ik met iemand afgesproken die u wat uitleg kan geven.

Eén cassoulet. Eén lamsvlees met linzen. Eén rundvlees met sjalotjes.

Dit is professor Tissot van de Saint-Anne-kliniek.

Ik wilde de mening van 'n psychiater.

Mijn collega's doen wel vaker 'n beroep op u, niet?

Een droge witte wijn. - Gewoon bronwater, graag.

U weet hoe de moorden zijn gepleegd.

Altijd 's nachts en in een buurt...

die de dader waarschijnlijk op z'n duimpje kent.

Het gaat steeds om tamelijk kleine vrouwen.

Maar verschillend in leeftijd en achtergrond.

Om de dader te vinden hebben we urenlang getuigen verhoord.

Dat heeft niets opgeleverd.

Zelfs geen signalement.

We weten alleen dat hij van achteren aanvalt en ze met 'n mes steekt.

Ze zijn meteen dood.

Dan snijdt hij hun kleren aan repen en verdwijnt hij.

We denken niet dat we met 'n sadist te maken hebben...

maar met 'n man die zich tot 7 januari heel gewoon gedroeg.

Die dag, omstreeks acht uur 's avonds, veranderde hij in een seriemoordenaar.

Hij zal toch wel gestoord zijn?

Dat lijkt me zeker het geval.

Er zijn geen sporen van seksueel geweld. Toch is 't waarschijnlijk 'n seksmaniak.

De oorzaak van z'n gedrag ligt ongetwijfeld in z'n prille jeugd.

Hij moet 'n vreselijk complex hebben. Daar schiet u echter weinig mee op.

Maar ik heb inmiddels genoeg van dergelijke types gevolgd...

om u 'n paar tips te kunnen geven.

Weet u wat zulke mensen drijft?

De meesten hebben zware vernederingen ondergaan.

Op een dag gebeurt er iets...

waardoor hun opgekropte woede tot 'n uitbarsting komt.

Uit behoefte aan erkenning gaan ze moorden.

Ze zijn ook bijna allemaal eerzuchtig.

U weet wat ze in ons vak zo vaak zeggen, he?

Dat de gevangenissen leger zouden zijn als misdadigers niet zo opschepten.

Ze verdragen niet dat hun omgeving hen als gewone mensen blijft zien.

Ze willen dat iedereen weet waartoe ze in staat zijn.

Dat bracht de professor op 'n idee.

De man die u zoekt, is vernederd en daarom eerzuchtig.

Hij gaat door omdat hij de grootste moordenaar aller tijden wil zijn.

Hoe vaak zal hij nog toeslaan? - Liefst nog maar één keer.

En z'n slachtoffer zal gewaarschuwd zijn.

Wat heeft dat te maken met wat er in de krant stond?

Alles. Degene die in plaats van de moordenaar is opgepakt...

zou in diens ogen met de eer gaan strijken.

Hoe zal hij reageren, denkt u?

Met een volgende moord. - Dat hopen we.

Daarom heb ik die arrestatie van gisteren in scène gezet.

Ik moet zeggen dat de pers m'n verwachtingen heeft overtroffen.

Vanaf vanavond houden al onze manschappen de wijk in de gaten.

Dat hebben ze al eerder gedaan.

Ze zijn nu met dubbel zoveel mensen.

Bovendien heb ik de prefect ingelicht. - En ik weet van niets?

Ik wil niet dat u zich medeverantwoordelijk voelt.

Wat hebt u de prefect gevraagd? - Toestemming om 'n beroep te doen...

op 'n aantal vrijwilligsters van de gemeentepolitie.

Vrouwen die 'n beetje op de slachtoffers lijken.

Ze moeten doorgaan voor gewone vrouwen uit de buurt.

Met 'n pakje in hun hand, 'n boodschappentas.

Maar ze doen wel allemaal regelmatig aan judo.

U bent dus eigenlijk 'n val aan 't zetten.

Dank u, professor. - Meneer de rechter.

Zal ik er met de procureur over praten? - Liever niet.

Dit zint me niets. - Mij ook niet, meneer de rechter.

Officieel ben ik dus niet op de hoogte? - U weet van niets.

Als het mislukt, laat hij u vallen. - En daar zal 't niet bij blijven.

Schenk ons nog maar eens in.

Jullie zien dus hoe je met een soutimi of 'n schouderworp...

'n aanval van achteren pareert.

Nu de beenworpen.

Doen ze 't allemaal zo goed als zij? - Er wordt al twee dagen hard getraind.

Als ze wat minder goed zijn, schrapt u ze van de lijst, he?

Ik wil nog iets belangrijks zeggen.

Even goed luisteren, dames.

Jullie doen dit vrijwillig, maar je kunt tot de laatste minuut...

echt tot de laatste minuut...

beslissen om 't niet te doen.

Wie denkt dat dat beter is, komt evenveel eer toe.

Dat wilde ik maar even zeggen.

We hebben 73 vrijwilligsters. Zelf zijn we met 'n stuk of honderd.

Lapointe?

Staan al je mensen opgesteld? Natuurlijk rij ik straks rond.

Wie blijft er hier aan de telefoon?

Ik, baas.

En de journalisten? - Die weten nog van niets.

Zullen we Mazet weer laten komen?

Om ze af te leiden? Goed idee. - Dan boeien we hem.

Nee. We houden ze al genoeg voor de gek.

Hoe laat wordt 't donker? - 21 uur 47.

Hopelijk laat hij zich zien.

Ben je gek geworden, Charles?

Wat krijgen we nou? - Wat heb jij me laten schrikken.

Ga alsjeblieft weg. Ik leg het later wel uit.

Wat doe je daar in die jurk? - Een afspraakje, nou goed? Ga weg.

Wat is er toch?

Ik wil 't weten. - Ik leg 't je straks wel uit.

Ik hou telefonisch contact. Kom, we gaan.

Waar gaat u heen? - Een blokje om.

Zit die man nog steeds binnen?

Wilt u echt niks zeggen? - Heeft ie 't gedaan?

Je hebt je verkleed.

Niet gek, he? Dit noem ik nou een onopvallend voertuig.

Eerst maar naar de Rue Lemaitre.

Zij komt uit het 17 de.

Zag u die dronkenlap daar onder de straatlantaarn?

Wie is dat? - M'n vriend Dutilleux in vermomming.

Stop zo even bij het café.

Niks. Alleen 'n prostituee die last had met een buitenlandse matroos.

Terug de Rue Lemaitre in.

Het is laat.

Zet me maar af op de hoek.

Pik me over vijf minuten weer op. Even Janvier bellen.

Wat doe jij zo laat op straat? - Ik ga naar huis.

Woon je ver? - Nee.

Zal ik met je meelopen?

Heeft je mama niet verteld dat er in de buurt...

Die meneer die dames doodmaakt, is gevangen, zegt ze.

Hoe heet je? - Amélie.

Ik ben van de politie, Amélie.

Er is geen gevaar, maar ik loop toch liever mee.

Eerst je kaart laten zien.

Kom je mee?

Vooruit. Snel.

Ben je gewond?

Ik heb niks.

Hoe gebeurde het?

Ik weet 't niet. Hij viel me aan. Daar.

Toen ik net voorbij het huisje was.

Ik voelde dat er achter me iets bewoog.

Hij legde z'n hand op m'n mond en trok me naar achteren.

Ik wist los te komen, maar ik kon hem niet tegenhouden.

Het spijt me vreselijk.

Vindt u het heel erg? - Je mag van geluk spreken.

De wijk is afgezet. We pakken hem wel.

Een drankje voor de schrik? - Nee, ik drink geen alcohol.

Maar hebt u misschien 'n sigaret?

Helaas. Heb jij 'n sigaret voor haar? - Natuurlijk.

Wat is dit voor iets?

Je hebt 'n knoop van z'n jas gerukt.

Daar kunnen we wat mee.

Maak Moers wakker en laat hem deze knoop meteen onderzoeken.

Ben je erg geschrokken? - Op 't moment zelf niet.

Maar achteraf dacht ik dat ik flauw zou vallen.

Ik heb jeuk op m'n rug. Wilt u eens kijken of er wat zit?

Stop even.

Hij heeft je jurk opengesneden.

Je hebt 'n oppervlakkige schram.

Bloedt het? - Nee, dat niet.

Maar je hebt veel geluk gehad.

Bij de recherche word je verzorgd.

Het moet heel snel zijn gegaan.

Kon je zijn gezicht onderscheiden?

Op een zeker moment was z'n gezicht heel dicht bij het mijne.

Maar ik weet niet of ik hem zou herkennen.

Hij is tamelijk jong.

In elk geval onder de veertig.

Hij had nogal donker haar.

Hij droeg een donker pak.

En een das, dat weet ik zeker.

Voor je naar huis gaat, wil ik dat je even...

in het kantoor hiernaast gaat zitten en precies opschrijft, net als op school...

wat er daarnet is gebeurd.

Noteer zoveel mogelijk details.

Zelfs als ze onbelangrijk lijken.

Ongeveer 1 meter 75. Donker haar, tamelijk lang. Trouwring. Donker pak.

Hemd waarschijnlijk blauw, in elk geval niet wit.

Das. Schoenen met spekzolen.

Hoe oud weet ze niet. Onder de veertig.

Mager? - Zeker niet dik.

Betere middenklasse. Stuur 't signalement maar rond.

Ook naar de stations. Je weet nooit.

Heb je Moers nog te pakken gekregen?

Die is al aan 't werk. Hij belt als hij klaar is.

Hoe staat 't ermee? - Nog geen nieuws.

Hij heeft de benen genomen.

Op de Place des Pyrénées is het kermis.

Hij is in de menigte verdwenen. Maar we hebben z'n signalement, dus...

Of u even bij Moers wilt komen.

Laat wat te drinken komen, jongens. Het is smoorheet.

En vergeet de jongedame niet.

Er is weinig uit af te leiden, maar toch.

Dat zal wel voor mij zijn.

Denk je dat hij 't was?

Toen hij z'n knoop miste, heeft hij het natuurlijk uitgetrokken.

Kam de hele buurt uit.

Misschien, maar niemand heeft de auto gezien.

Nee, dat lijkt me niet meer nodig.

Maar probeer toch dat jasje te vinden.

Dat was 't commissariaat van 't 20ste.

Onze man heeft opgebeld in 'n café bij de Rue Clavel.

Hij liep meteen naar de telefoon en betaalde met groot geld.

Hij droeg geen jasje en geen das. Het signalement klopt.

Waarschijnlijk probeerde hij 'n auto te vinden.

Wat heeft die knoop te vertellen?

Heel wat.

Het is een kwaliteitsknoop.

De fabrikant zit waarschijnlijk in de Rue des Petits-Champs.

Dan de winkels, dan de kleermakers. Maar u hebt zeker haast?

Gelukkig hebben we meer dan alleen de knoop.

Er zit nog 'n stukje stof aan de draad.

Kijk. Het lijkt niets bijzonders. Gewoon grijs alpaca.

Maar dan wel met een blauwe draad die het interessant maakt.

Ik wed dat 't een Engelse stof is.

Daar zijn maar weinig importeurs van.

Dus zullen we snel weten waar de stof vandaan komt.

Ik laat een lijst met adressen maken.

Die hebt u over 'n uurtje. - Goed, als je geen ander idee hebt.

Ik heb het af.

De stijl is niet uitmuntend, maar ik heb m'n best gedaan.

Mag ik nu naar huis?

Ik wil nog wel iets vragen. Zou ik morgen...

Zeg 't maar.

Ik wil zo graag met u mee op onderzoek. Ik zal niet in de weg lopen.

Blijkbaar ben je nog niet genezen.

Morgen om acht uur. - Ik ben er om kwart voor acht.

Dank u, meneer Maigret. U bent geweldig.

Bijzonder meisje. - Zo zijn ze tegenwoordig.

We kunnen 'm niet vinden. Ja, we blijven naar 't jasje zoeken.

De vuilnismannen van de buurt zijn gewaarschuwd.

Sorry, baas. We hebben gedaan wat we konden.

Dat was 't voor vandaag, jongens.

Probeer wat rust te krijgen, ondanks de hitte.

Morgen beginnen we om acht uur.

Blijft u? - De journalisten.

Hoeveel zitten er in de gang?

Rougin, Baron en 'n fotograaf.

Zijn die nog niet naar huis?

Zeg maar dat ze binnen mogen komen.

Wat 'n eer dat u ons in uw kantoor ontvangt.

Heeft de moordenaar weer toegeslagen? - Geen foto's.

We willen weten hoe 't met die nieuwe aanranding zit.

Er is 'n vrouw aangevallen in de Rue Clavel.

Ze is niet gewond.

Had die vent 'n mes? - Ze denkt van niet.

Hoe heet ze? - Dat doet er niet toe.

Hoe oud is ze? - Ongeveer vijfentwintig.

Heeft ze de aanrander gezien? - Niet goed.

Het is 'n man van in de dertig. Lang van stuk, donker haar.

Goed gekleed. Waarschijnlijk getrouwd.

Getrouwde mannen van in de dertig lopen er in Parijs bij bosjes rond.

Het is inderdaad 'n vage beschrijving.

Maar gisteren wisten we nog helemaal niets.

Zitten uw speurders achter hem aan?

En die vent met die hoed die hier was?

Waar is die gebleven?

Is hij ontsnapt of hebt u hem losgelaten?

Hij kan gaan en staan waar hij wil.

Het is een getuige. Z'n naam kan ik niet zeggen.

Was hij ook bij de laatste aanranding?

Ik ben nu wel moe, heren.

Nog meer vragen?

Wat deed u bij meneer Moers in 't laboratorium?

Hebt u aanwijzingen gevonden?

Meneer Moers moet toch altijd iets concreets in handen hebben?

Wat moeten we de lezers vertellen? - Voorlopig niets.

En vooral niets over m'n bezoek aan Moers.

Zodra ik meer weet, horen jullie het. Nu is het wel genoeg geweest.

Ik heb rust nodig.

Gesloten.

Ik was al bijna weg, commissaris. - Wat een hitte.

Wat drinkt u? - Een biertje.

Helaas, m'n vat is leeg en ik heb zelfs geen flesjes meer.

Geef dan maar een poire.

Wel ijskoud, he?

Zet het maar op m'n rekening. Welterusten.

Koffie, meneer Maigret? - Dat lust ik wel.

Deel maar aan iedereen uit.

Een vergroting van de knoop en 't stukje stof.

Ga er alle winkels van de lijst mee langs.

Ja, het zijn er vijftig.

Goedemorgen, meneer de rechter.

Over vijf minuten. Dag, meneer de rechter.

Neem allemaal 'n paar adressen.

Jullie moeten om tien uur klaar zijn. Ik wacht bij de telefoon.

Ben je er al 'n beetje overheen? - Ja, maar ik rook me suf.

Dat doe ik al veertig jaar.

Zelfs Maigret moet de grote rol van de pers erkennen...

bij 't zetten van deze valstrik.

Wij hebben de valse arrestatie willens en wetens aangedikt.

Zal het monster vanavond worden gevangen?

Hoe staat 't met de jacht, commissaris?

Deze knoop hebben wij inderdaad verkocht.

Hij is vervaardigd door Müllerbach in Colmar.

U weet dat de stoffenfabrikanten jaarlijks met nieuwe kleuren komen.

Voor ze die op de markt brengen...

krijgen wij stalen, waar we knopen bij zoeken.

Daarmee gaan wij naar de kleermakers.

Welke kleermakers kochten deze knoop?

Jongeheer Jean, wilt u de referentie van deze knoop opzoeken...

en de kleermakers aan wie we hem hebben verkocht?

Meer dan veertig kleermakers. Zeven in de provincie, de rest in Parijs.

Geef de adressen maar door aan Albert.

Alleen die in Parijs. Blijf aan de lijn.

Ik heb vijftien kleermakers.

Bel over vijf minuten terug.

Hallo? Ben je daar nog?

Met 'n beetje geluk hebben er 'n paar zowel knopen als stof gekocht.

Ik geef je Albert.

Dit is 'm, inspecteur. Een buitengewoon mooie alpaca.

Licht, maar hij houdt zich perfect.

Hij is begin dit jaar binnengekomen.

Weet u nog welke klanten deze stof hebben gekozen?

Dat zijn er zeker wel tien geweest.

Zes, zeven, acht klanten.

Tamelijk lang, in de dertig, slank, donker haar, getrouwd...

Wanneer heeft hij de knoop verloren? - Gisteravond.

Dan zal 't meneer Moncin wel zijn.

Hij of meneer Clément.

Maar meneer Clément brengt de zomer op z'n boot door.

Neem me niet kwalijk, inspecteur. U verliest zelf bijna 'n knoop.

Bertrand.

Mag hij uw jasje even meenemen?

Hij brengt 't zo weer terug, hoor.

Wat voor iemand is hij? - Meneer Moncin?

Vriendelijk, maar zeer veeleisend. Er is hem toch niets overkomen?

Nee, hoor. Hebt u z'n adres? - Vanzelfsprekend.

Ik reken erop dat u en uw medewerker...

niets over dit bezoek aan meneer Moncin vertellen.

Uw jasje, meneer.

Er staan twee mensen bij de dienstingang.

Wacht maar op het bureau. Kom, naar boven.

Wat wilt u? - Is meneer Moncin thuis?

Dat weet ik niet. Ik zal 't mevrouw vragen.

Wie is daar, Odile? - Twee heren willen meneer spreken.

Wat wenst u? - Is uw echtgenoot thuis?

Wat komt u hier doen? Wie bent u? - Commissaris Maigret van de recherche.

Mijn man slaapt nog. - Maak hem dan wakker.

Ik heb 't recht om te weten...

Wilt u dat ik mijn inspecteur stuur om hem wakker te maken?

Odile, ga kloppen bij meneer en zeg dat een commissaris hem wil spreken.

Ik ga onze advocaat bellen.

Ik vraag niet of u binnenkomt. Dat doet u toch wel.

Ik wist niet dat de politie zich voor kunst interesseerde.

Al deze doeken zijn van m'n man. Hij is bekend, maar hij verkoopt niet.

M'n man komt zo. Hij kleedt zich even aan.

Slaapt u apart?

Dat hoef ik niet te zeggen. - Het is wel duidelijk.

Heeft hij ook 'n atelier? - Boven.

Blijf hier.

Uw man is zeker laat thuisgekomen?

Slaapt hij altijd tot na twaalven?

Heel vaak. Hij is een kunstenaar.

Als hij inspiratie heeft, werkt hij 's nachts door.

Werkt hij hard? - Te hard voor z'n zwakke gezondheid.

Hij heeft nu 'n grote opdracht, waardoor we niet eens op vakantie kunnen.

Ik ga kijken waar hij blijft. - Is hij gisteravond uit geweest?

Niet dat ik weet.

Maar ik heb liever... Daar ben je, schat.

U wilt me spreken, heren?

Het spijt me dat ik u liet wachten, maar ik heb laat gewerkt.

Een spoedopdracht voor een vriend die 'n villa laat bouwen.

Het is nog warmer dan gisteren, he?

Wat kan ik voor u doen? - Ik wil 't pak zien dat u gisteren droeg.

Een ogenblikje.

Mijn man mag toch zelf wel weten welk pak hij draagt?

Als ik 't maar te zien krijg.

Je hoeft niet te doen wat ze zeggen. Ik heb Mr. Hormont al gebeld.

Uw pak alstublieft, meneer Moncin.

Belt u gerust, mevrouw. Elke advocaat zal bevestigen...

dat ik met uw man mag praten. Alleen. Wilt u gaan?

Wilt u het zo opvatten? Uitstekend.

Dit is het.

Droeg u dit gisteren? - Tot 't diner.

Daarna verkleedde ik me. Het weer, begrijpt u?

Bent u na negenen nog weggeweest?

Ik heb tot twee of drie uur 's nachts doorgewerkt, daarom sliep ik nog.

Ik heb veel slaap nodig.

Ik wil uw klerenkast zien. - Natuurlijk.

Het is deze kant op.

Een half jaar geleden hebt u 'n pak laten maken van deze stof.

Weet u dat nog? - Jazeker.

Waar is dat pak? - Dat heb ik weggedaan.

Iemand had er een gat in gebrand met een sigaret.

Waarom liet u 't niet stoppen? - Ik haat dingen die kapot zijn.

Als kind kon ik al geen krasje op m'n speelgoed velen.

Hebt u dat pak weggegooid? - Nee, weggegeven.

Zelf? - Ja, aan een clochard.

Wanneer was dat? - Twee, drie dagen geleden.

Maandag of dinsdag? - Dinsdag.

Welke schoenen droeg u gisteravond?

In m'n werkkamer loop ik altijd op slippers.

Ik wil uw dienstmeisje spreken.

De commissaris wil je een paar vragen stellen.

En ik wil dat je antwoord geeft.

Hoe laat was je gisteravond klaar? - Negen uur, zoals altijd.

Waar was meneer Moncin toen? - In z'n werkkamer.

Wat had hij aan? - Hetzelfde als nu.

Weet je dat zeker? - Heel zeker.

Herinner je je dat hij een pak had van deze stof?

Sinds wanneer is dat pak verdwenen?

Odile houdt zich niet met mijn kleren bezig. Dat doe ik zelf.

Ook strijken en persen? - Soms wel.

Meestal doet 'n strijkster dat, die weet hoe veeleisend ik ben.

Kan je je herinneren wanneer meneer Moncin...

dat pak voor 't laatst heeft gedragen?

Twee of drie dagen geleden. Ik weet 't niet meer.

Hebt u hem over 'n brandgat horen praten...

waardoor hij 't pak moest wegdoen?

Nee, maar ik zie meneer alleen bij 't opdienen.

Misschien had hij het er aan tafel over.

Ik luister geen gesprekken af. Meestal begrijp ik ze niet eens.

Goed zo. Dank je wel.

U moet mee naar de Quai des Orfèvres.

M'n inspecteur vergezelt u naar uw kamer.

Ook naar de badkamer, zeker? - Helaas.

Terwijl u zich aankleedt, praat ik met mevrouw Moncin.

Mag ik weten waarom? - Dat komt wel.

Geen foto's, heren.

Hebt u nu de goede te pakken?

Bent u al lang getrouwd?

Twaalf jaar. Ik was twintig.

U bent architect. - Binnenhuisarchitect.

Wat is het verschil? Gaat u zitten.

Met de bouw mag ik me officieel niet bemoeien. Mijn werk begint daarna pas.

Wat hebt u gestudeerd?

Ik ben begonnen met schilderen. Toen ik zeventien was.

Kunstacademie? - Nee, ik heb mezelf opgeleid.

Alle schilderijen die thuis hangen, zijn van mij.

U hebt dus geen diploma. Iedereen mag zich binnenhuisarchitect noemen.

Zo zou je het kunnen zeggen.

Vindt u me een mislukkeling? Ach, dat denken er wel meer.

Hebt u veel klanten? - Niet zo veel, nee.

Ik heb liever weinig goede klanten...

dan veel klanten die overal over zeuren.

Bent u in Parijs geboren?

In welke buurt? - Rue Clavel.

Hebt u daar lang gewoond? - Tot ik trouwde.

Leven uw ouders nog? - Alleen m'n moeder.

Waar woont die? - In de Rue Clavel, waar ik ben geboren.

Kunt u goed met haar opschieten?

We hebben altijd 'n goede band gehad.

Wat deed uw vader, meneer Moncin?

Die was slager. - In de Rue Clavel?

De winkel was onder ons huis.

Hoe oud was u toen hij stierf?

Veertien.

Bestaat slagerij Moncin nog?

Nee, moeder heeft alles verkocht. Behalve onze etage.

Ga tussen die heren staan.

Waar? - Waar u maar wilt.

Ik ben zo terug.

Ben je er klaar voor?

Ga hier maar zitten.

Doe dicht.

Neem er de tijd voor.

Ik weet 't niet zeker. Kan ik ze van opzij zien?

Een kwartslag draaien, heren.

Het kan de tweede van rechts zijn, maar ik weet 't niet zeker.

Hij was anders gekleed en ik zie hem nu van ver.

Vanavond is de reconstructie.

Rust maar wat uit. Probeer niet te veel aan hem te denken.

En rook niet zoveel.

Draai er eerst maar wat omheen.

Praat over 't jasje en het pak.

Vraag waar hij was en wat hij deed op het tijdstip van de moorden.

Ik ga naar de moeder.

U kunt gaan, heren. Komt u met mij mee, meneer Moncin?

Wie zoekt u? - Mevrouw Moncin.

Vierde verdieping. - Weet ik.

Wat wilt u?

Recherche. Commissaris Maigret.

Wilt u mij spreken? - Ja, mevrouw Moncin.

Hebt u gisteravond uw zoon gezien? - Wat heeft u daarmee te maken?

Antwoord. - Waarom zou ik hem hebben gezien?

Hij komt u toch wel eens opzoeken? - Vaak zelfs.

Met z'n vrouw? - Ik zie niet in wat u dat aangaat.

Heeft u hem gisteravond gezien? - Wie zegt dat?

Heeft u hem gezien? - Nee.

Ook 's nachts niet? - Ook 's nachts niet.

Waarom vraagt u me zo uit?

Ik hoef niet te antwoorden. Ik ben hier thuis.

Ik moet u helaas mededelen...

dat uw zoon wordt verdacht van vijf moorden.

Wat zegt u?

We vermoeden dat hij in deze buurt vijf vrouwen heeft vermoord.

Gisteren mislukte een poging. Hij werd herkend.

U bent gek. Marcel is geen moordenaar.

Mijn zoon beschuldigen. Monsterlijk.

Het is niet waar. Marcel is zo onschuldig als een kind.

Kijk maar goed.

Dan durft u zoiets vast niet meer te beweren.

Hij, van alle mensen.

Is uw zoon hier het afgelopen etmaal geweest, mevrouw?

Nee.

Wanneer zag u hem voor 't laatst? - Geen idee.

Herinnert u zich zijn bezoeken niet? - Nee.

Mevrouw Moncin.

Is uw zoon als kind ooit ernstig ziek geweest?

Wat probeert u me in de mond te leggen? Dat hij gek is?

Was u 't eens met zijn huwelijk? - Ja.

Ik was zelfs zo stom om... - Hebt u haar zelf uitgekozen?

Ach, wat doet het er nog toe.

En nu kunt u haar niet meer uitstaan?

Waar bemoeit u zich toch mee?

Dat zijn de privézaken van mijn zoon.

Daar heeft niemand iets mee te maken.

Wat gaat het u of mij aan dat die vrouw...

Dat die vrouw wat? - Niets.

Hebt u Marcel aangehouden? - Hij zit op het bureau.

Met handboeien om? - Nee.

Gaat hij de gevangenis in? - Best mogelijk.

Waarschijnlijk, zelfs. Het meisje van gisteren heeft hem herkend.

Ze liegt.

Ik wil hem zien.

Duvel op, zeg.

Niet bang zijn, Marcel. Ze hebben je toch niet mishandeld?

Ze zijn gek. Ik zoek de beste advocaat van Parijs.

Het maakt niet uit wat het kost. Als 't moet, verkoop ik alles.

Desnoods ga ik bedelen.

Weet Yvonne dat je hier bent? Waarom is ze niet bij je?

Wilt u gaan zitten, mevrouw? - Nee, ik wil alleen m'n zoon.

Ze houden ons heus niet tegen. - Helaas doen we dat wel.

Blijft Marcel vastzitten? - Hij blijft in voorlopige hechtenis.

Bedenkt u wel wat de consequenties kunnen zijn?

Ik ben niet van plan om dit op me te laten zitten.

Wilt u nu mijn vragen beantwoorden?

Ik geef nergens antwoord op.

Laat je niet intimideren, Marcel. Ik ben er ook nog.

Je moeder zorgt wel dat alles goed komt. Je hoort gauw van me.

En u ook.

Duvel op, zei ik toch?

Uw moeder is dol op u, he? - Ik ben de enige die ze nog heeft.

Hoe was de verhouding tussen haar en uw vader?

Ga zitten.

Was ze ongelukkig met hem?

Wat voor soort man was uw vader?

Een slager.

Schaamde u zich voor hem? - Vraag me dit soort dingen toch niet.

Ik weet waarop u aanstuurt, maar u vergist zich.

Hebt u gezien hoe moeder eraan toe is? - Haar eigen schuld.

M'n vrouw krijgt zeker ook zo'n behandeling?

Als u maar weet dat we niets zullen zeggen. Zij niet en ik niet.

Mij mag u gerust ondervragen, als u hen maar met rust laat.

Zitten.

Ik kom eraan.

Ga jij maar verder met hem.

Zeg dat z'n jasje is gevonden. Vraag wat hij ermee heeft gedaan.

Zoek uit waarom z'n moeder en z'n vrouw ruzie hebben.

Waar heb je hem gevonden? - Bij de Pont d'Austerlitz.

Waar lag het jasje? - Langs 't water. Vanochtend om zes uur.

Waar is de broek?

Heeft ie aan 'n vriend gegeven. Die vinden we nog wel.

Breng dit jasje naar Moers.

Vraag of hij kan uitzoeken wanneer het brandgat is gemaakt.

Als 't de laatste 24 uur is, is dat van groot belang.

Eindelijk de goede te pakken, he?

Ik dacht dat het nooit zou lukken. Loop straks even binnen.

Doe ik, meneer de rechter.

Wat wilt u eten? - Wat heb je voor lekkers?

Cassoulet, lamsvlees. - Geef maar lamsvlees.

Een chiroubles erbij?

Ik zag ook 'n appeltaart staan.

Sorry dat ik stoor, baas. We hebben 't wapen gevonden.

In z'n slaapkamer. Een stiletto.

Heb je het naar Moers gebracht? - Die maakt er meteen werk van.

Dan gaan we maar.

U kijkt tevreden. Een doorbraak? - Dat hoop ik.

Wordt Moncin vervolgd?

Hoe kom je aan die naam? - Beroepsgeheim.

Grapje. Een van ons heeft dat oude mens gevolgd.

Ze was zo woest, dat ze niks merkte. - Dat had slecht kunnen aflopen.

Mr. Rivière laat weten dat hij de verdediging op zich neemt.

Hij wou meteen komen, maar ik heb hem naar de onderzoeksrechter gestuurd.

We hebben een stiletto gevonden, meneer Moncin.

Bij u thuis.

In uw slaapkamer.

Heeft het eten u gesmaakt?

Moe?

Wacht hiernaast en waarschuw me als Moers klaar is.

Wanneer ontdekte u dat u anders was dan de anderen?

Vindt u me dan zo anders?

Toen u nog een jongen was.

Wist u 't toen al?

De doodstraf zal u niet krijgen.

En de gevangenis gaat u ook niet in. Dat weet u wel, he?

Ik ben niet schuldig. - Waaraan?

Aan wat u me verwijt. Ik heb u trouwens niets meer te zeggen.

Ik geef geen antwoord meer.

Zoals u wilt.

De verwondingen kunnen met dit mes zijn toegebracht.

Dat kan ik met 90 procent zekerheid zeggen.

Er zitten bloedsporen op.

De bloedgroep is dezelfde als die van 't poezenvrouwtje.

Verder komen we niet.

En het jasje? - Dat is van hem. Geen enkele twijfel.

Maar hij is zo slim geweest...

om een brandgat te maken waar de knoop werd afgerukt.

Kan je zeggen wanneer dat precies is gebeurd?

Nee. Met lijken is 't al moeilijk, maar met stof helemaal.

We hebben dus geen hard bewijs.

Als hij niet bekent, wordt het moeilijk.

Helaas. Ik ben er net als u van overtuigd dat het jasje en 't wapen van hem zijn.

Brengt u hem niet terug?

Hij moet eerst een verklaring geven voor 'n aantal toevalligheden.

Denkt u echt dat hij 't is?

U zult nog spijt krijgen van wat u hem hebt aangedaan.

Houdt u van hem?

Ik ben met hem getrouwd.

Zit hij in de gevangenis? - Nog niet.

Hij wordt nog 'n keer verhoord op het bureau.

Hoe is het met hem? Valt het hem erg zwaar?

Hij doet afwezig. Hij weigert antwoord te geven.

Hebt u me echt niets te zeggen, mevrouw Moncin?

Nee, niets.

Beseft u dat de man die vijf vrouwen heeft vermoord...

en hun kleren vernielde, heel ziek is?

Misschien komt hij wel over als een heel gewoon mens.

Waarschijnlijk zelfs. Blijkbaar heeft niemand iets gemerkt.

Luistert u, mevrouw Moncin? - Ik luister.

Zolang hij vrij rondloopt, zijn er levens in gevaar.

Tot nu toe koos hij willekeurige vrouwen. Maar z'n omgeving kan ook gevaar lopen.

Z'n moeder of z'n vrouw kunnen ook 't doelwit worden.

Misschien bent u al maanden, al jaren in gevaar.

Ik heb niets van mijn man te vrezen, commissaris.

Hoe reageert m'n schoonmoeder? - Met protest en dreigementen.

Mag ik weten waarom u ruzie met haar hebt?

Daar praat ik niet graag over.

U laat m'n man dus niet los. - Nee.

Was er niet meer licht? - Nee, 't was precies als nu.

Probeer je te herinneren hoe je stond toen je hem zag.

Leg uw hand op m'n gezicht.

Herken je hem? - Ik mag alleen ja of nee zeggen, he?

Hij heeft dezelfde after shave. Hij is het, zeker.

Steek je er je hand voor in 't vuur?

Dank je, Marthe.

Hebt u het gehoord, meneer Moncin? - Ja.

Hebt u niets te zeggen? Naar 't bureau.

Ja, dat hoop ik. We zien morgen wel.

Nee, wacht maar niet. Ik red me wel.

Ja, ik kom zo. Tot straks.

Geef me er nog maar een.

Ik kom eraan.

Bedankt, dokter.

Wie is dat? - Borent, een huisdokter uit de buurt.

Hij heeft zes messteken geconstateerd. Vijf in de borst, een bij de keel.

Plus wonden aan de armen en handen.

Ze heeft zich als 'n leeuwin verdedigd.

Had ze papieren bij zich?

Dit zat in haar handtas.

Jeanine Laurent, 19 jaar, dienstmeisje.

Ze was intern in dat gebouw.

Wie heeft haar gevonden? - Zij, bij 't surveilleren.

Ze dachten dat ze nog leefde.

Ze hebben meteen alarm geslagen. Iedereen is opgetrommeld.

Waarschuw 't Medisch Instituut en dokter Paul.

Hebt u de verkeerde opgepakt? - Wat doe jij daar?

Wie is de moordenaar? U gunt me toch wel een primeurtje?

Waar zit Moncin? - In een cel. Moeten we hem halen?

Nee. Breng me de verhoren.

Nee, ik weet het niet.

Ja. Nee, wacht maar niet op me.

Ik ook.

Stommeling.

Het is jouw schuld dat ze vermoord is.

Koffie, baas.

Is Janvier er al? Stuur hem dan even.

Hoe laat is het? - Tien voor zeven, baas.

Ga naar de Rue Clavel. - Naar dat mens?

Als ze stennis maakt... - Dat doet ze zeker.

dan laat je haar deze oproep zien.

Laat die kleine de vrouw van Moncin halen.

Die heeft geen oproep nodig.

Brengen we ze naar u toe? - Nee.

Zet ze samen in een kantoor en kom me dan waarschuwen.

Wat doen we met de journalisten?

Zijn die er ook al?

Voorlopig alleen Rougin. De rest zal zo wel komen.

Rougin.

Die slaapt ook nooit, he?

Weet ik veel hoe laat? Ik kan toch niet alles alleen doen?

Haal vlug de kranten en leg ze bij die vrouwen neer...

zodat ze de moordberichten kunnen zien.

Ik bel je nog wel terug.

Ze zijn er. Ze zeiden elkaar niet eens gedag.

Hebben ze de kranten gezien?

Waren ze lastig? - Die van mij niet.

Ik moest met 'n slotenmaker dreigen. En buiten wachten tot ze was aangekleed.

Wat doen we nu? - Jij gaat aan de deur luisteren.

Jij gaat Moncin halen. Zorg dat je de rechter niet tegenkomt.

Een van de twee heeft 't raam opengezet, meer niet.

U bent zeker wel op de hoogte? - Ik zou niet weten waarvan.

Lees. Ga zitten.

Hier staat het ook in.

Iemand probeert u te redden. Ten koste van een meisje van twintig.

Uw moeder en uw vrouw zijn hier. Ze komen zo binnen.

Dan mag u alles uitleggen.

Wilt u nog steeds niets zeggen?

Is het zo dan nog niet welletjes?

Deze misdaad had u kunnen voorkomen door gisteravond te praten.

Ik heb er niks mee te maken.

U weet wie van de twee zo stom is om u te willen redden.

Ik zie u als een ziek man.

Zo probeer ik u tenminste te zien.

Of u toerekeningsvatbaar bent, moeten de psychiaters uitmaken.

Als die vinden van wel, bent u zuur.

Ontoerekeningsvatbaar worden verklaard zou 'n afgang zijn.

Vooral voor het slagerszoontje...

dat door z'n moeder is opgevoed...

als 'n aristocraatje dat niet paste in 't ordinaire 20ste arrondissement.

Ze liet zelfs een portret van u maken als kleine Engelse lord.

Er staan trouwens alleen foto's van u in haar kamer. Niet één van uw vader.

Houdt u van uw moeder?

Ik ga vaak bij haar op bezoek.

Zij dweept in elk geval met u.

Sommigen worden geboren met 'n titel, geld en personeel.

In plaats van dat alles had u uw moeder.

En in ruil moest u haar schoothondje zijn.

Werd het op den duur niet verstikkend...

om zo vertroeteld te worden?

Had u nooit de aandrang om uit dat keurslijf te breken?

Om ervandoor te gaan met de vrouw van uw hart?

Ik vraag me af of u wel eens verliefd bent geweest.

Nee, daar bent u te lui voor.

Ik heb toch een vrouw gevonden? - Niet waar.

Uw moeder heeft Yvonne voor u uitgezocht.

Jullie woonden zelfs tegenover haar.

Ze hield alles in de gaten. Ze zorgde voor 't geld.

En u liet het zich lekker aanleunen.

Ik weet dat het niet lang heeft geduurd.

Yvonne bleek geen gansje, maar 'n echte vrouw te zijn.

En bijna even bezitterig als uw moeder.

Het werd al gauw ruzie en de eerste slag was voor Yvonne.

U verliet het 20ste arrondissement en ging ergens anders wonen.

Ze maakte een veelbelovende binnenhuisarchitect van u.

Zij liet u de juiste mensen ontmoeten.

Aan haar talent als vrouw van de wereld hebt u uw weinige klanten te danken.

Die klanten voor wie u zogenaamd 's nachts opdrachten uitvoert.

Waar u zo trots op bent.

Toch weet u drommels goed...

dat u zonder Yvonne nergens zou zijn.

Zoals u zonder uw moeder niet meer dan 'n slagerszoon was.

En daarom haat u die vrouwen.

Hoe vaak speelde u met de gedachte om ze te vermoorden?

Het waren natuurlijk geen echte plannen.

U fantaseerde maar wat. Iedereen is wel eens kwaad, he?

In het begin dacht u alleen aan uw moeder en uw vrouw.

Maar op een bepaald moment is er iets in u geknapt.

Toen bent u vrouwen op straat gaan vermoorden.

Waarom? Hoe kon u zoiets doen?

Welke emotie was zo sterk dat u zich niet meer kon beheersen?

Ik weet het niet.

Ik denk dat u het zelf niet eens weet.

Begrijp me goed, Moncin.

De mensen met wie je na mij te doen krijgt, zijn niet zo zachtzinnig.

In mijn ogen blijf je nog altijd een mens.

Wat ik bij je probeer op te roepen...

is het sprankje menselijkheid dat je misschien nog rest.

Je wilde laten zien dat je wat kon, he?

In je vak lukte dat jammer genoeg niet.

Omdat je een minkukel bent, die er niets van kan.

Toch moest en zou je iets groots verrichten.

Je wilde iets presteren waardoor je boven de massa uit zou steken.

Om die twee vrouwen op hun nummer te zetten.

Ik kom eraan.

Wat doen we, Maigret?

De hechtenistermijn is bijna verstreken. De advocaten worden ongeduldig.

Na die nieuwe moord is er geen reden meer om hem vast te houden.

U hebt geen enkel concreet bewijs.

Geef me nog 'n uur, meneer de rechter. - Goed, één uur dan.

Was je opgelucht als je weer een vrouw had vermoord?

Voelde je je dan een superman?

Was dat wat je die eerste keer voelde? Op 7 januari, na je eerste slachtoffer?

Was je trots op je prestatie?

Wond het je op om ineens een bijzonder iemand te zijn?

Bijzonder, maar voorzichtig.

Je vrouw of je moeder kon je niet ongemerkt vermoorden.

Dus koos je die meisjes. 's Nachts.

In 'n buurt die je kende als je broekzak.

Daar liep je geen enkel risico mee.

Je bent een schijtlaars, Moncin met je mooie pak.

Als ik je 'n klap gaf, zou je meteen instorten.

Misschien zou je zelfs bekennen, uit angst voor de volgende klap.

Wees maar niet bang, ik sla niet. Daar ben je te ziek voor.

Het genoegen dat je schiep in het doden zelf, was blijkbaar niet voldoende.

Je moest ook hun kleren en ondergoed aan flarden snijden.

Dat is voer voor de psychiaters.

Die zullen ook wel uitvinden waarom je je slachtoffers nooit verkrachtte.

Ik weet dat zo wel. Daar ben je namelijk niet eens toe in staat.

Omdat je geen man bent.

Ik zal u nooit meer vergeten, meneer Moncin.

In m'n hele loopbaan...

heeft nog geen enkele zaak me zo onthutst.

En zoveel van me gevraagd.

Ik vraag me wel af...

of uw moeder of uw vrouw verdenkingen koesterden.

Niet na de eerste keer, misschien. Maar daarna.

Gisteren, na uw arrestatie...

heeft een van de twee begrepen dat u de dader bent.

Ze besloot om u te redden.

Hoe had ze u dieper kunnen vernederen?

Laat de vrouwen binnen.

Marcel. Wat zie je eruit.

Ik zeg toch altijd dat netheid voor alles gaat?

Ik heb 'n advocaat die je hier uithaalt.

Wat ben je toegetakeld. - Mond dicht en zitten.

Blijf hier om te noteren.

Moncin heeft vijf moorden gepleegd. Dat weet ik.

En dat weet u.

Eén van u wilde zijn onschuld bewijzen door nog 'n moord te plegen.

Wie van u was dat?

Hoe durft u?

Ik zeg niets zolang m'n advocaat er niet is.

Jullie mogen ook niks zeggen.

Bel Mr. Rivière. We hebben recht op juridische bijstand.

Ik zou maar bekennen.

Bekennen? Hoe komt u erbij?

U bent maar een ondergeschikte en als ik wil...

Als ik wil laat ik u door m'n inspecteurs verhoren...

terwijl ik deze twee ondervraag.

Dat wil ik nog wel eens zien.

Degene die de moord heeft gepleegd...

zou vroeg of laat met hem alleen zijn. Onbeschermd.

Volkomen hulpeloos als hij ineens 't plan zou opvatten...

om haar te vermoorden.

Wie van u beiden...

houdt zoveel van hem om die gedachte te verdragen?

Hij zal de rest van z'n leven wel in 'n gekkenhuis slijten.

De moordenares zal in zijn plaats boeten.

Ik ben bereid om te sterven voor m'n zoon. Wat hij ook heeft gedaan.

Hij is mijn eigen kind.

Hebt u Jeanine Laurent vermoord? - Ik ken haar naam niet.

Hebt u de moord van gisteravond gepleegd?

Welke kleur had de jurk van het slachtoffer?

Het was erg donker.

U stond zowat onder 'n straatlantaarn. - Ik heb er niet op gelet.

En toen u de stof aan repen sneed?

De jurk was blauw.

De jurk was blauw.

Blauw, inderdaad.

Handel jij 't maar af, Janvier.

Je hebt nog tien minuten.

De moeder mag natuurlijk weg.

Breng de twee anderen naar de rechter.

Vannacht was het de vrouw van Moncin.

Het zit erop, jongens.

Jullie mogen naar huis. Ik ga slapen.

Zullen we allebei ophouden?

Een paraplu, commissaris? - Nee, bedankt.

Can't find what you're looking for?
Get subtitles in any language from opensubtitles.com, and translate them here.