All language subtitles for 13 - Maigret et lecluse no.1.NED

af Afrikaans
ak Akan
sq Albanian
am Amharic
ar Arabic
hy Armenian
az Azerbaijani
eu Basque
be Belarusian
bem Bemba
bn Bengali
bh Bihari
bs Bosnian
br Breton
bg Bulgarian
km Cambodian
ca Catalan
ceb Cebuano
chr Cherokee
ny Chichewa
zh-CN Chinese (Simplified)
zh-TW Chinese (Traditional)
co Corsican
hr Croatian
cs Czech
da Danish
nl Dutch
en English Download
eo Esperanto
et Estonian
ee Ewe
fo Faroese
tl Filipino
fi Finnish
fr French
fy Frisian
gaa Ga
gl Galician
ka Georgian
de German Download
el Greek
gn Guarani
gu Gujarati
ht Haitian Creole
ha Hausa
haw Hawaiian
iw Hebrew
hi Hindi
hmn Hmong
hu Hungarian
is Icelandic
ig Igbo
id Indonesian
ia Interlingua
ga Irish
it Italian
ja Japanese
jw Javanese
kn Kannada
kk Kazakh
rw Kinyarwanda
rn Kirundi
kg Kongo
ko Korean
kri Krio (Sierra Leone)
ku Kurdish
ckb Kurdish (Soranî)
ky Kyrgyz
lo Laothian
la Latin
lv Latvian
ln Lingala
lt Lithuanian
loz Lozi
lg Luganda
ach Luo
lb Luxembourgish
mk Macedonian
mg Malagasy
ms Malay
ml Malayalam
mt Maltese
mi Maori
mr Marathi
mfe Mauritian Creole
mo Moldavian
mn Mongolian
my Myanmar (Burmese)
sr-ME Montenegrin
ne Nepali
pcm Nigerian Pidgin
nso Northern Sotho
no Norwegian
nn Norwegian (Nynorsk)
oc Occitan
or Oriya
om Oromo
ps Pashto
fa Persian
pl Polish
pt-BR Portuguese (Brazil)
pt Portuguese (Portugal)
pa Punjabi
qu Quechua
ro Romanian
rm Romansh
nyn Runyakitara
ru Russian
sm Samoan
gd Scots Gaelic
sr Serbian
sh Serbo-Croatian
st Sesotho
tn Setswana
crs Seychellois Creole
sn Shona
sd Sindhi
si Sinhalese
sk Slovak
sl Slovenian
so Somali
es Spanish
es-419 Spanish (Latin American)
su Sundanese
sw Swahili
sv Swedish
tg Tajik
ta Tamil
tt Tatar
te Telugu
th Thai
ti Tigrinya
to Tonga
lua Tshiluba
tum Tumbuka
tr Turkish
tk Turkmen
tw Twi
ug Uighur
uk Ukrainian
ur Urdu
uz Uzbek
vi Vietnamese
cy Welsh
wo Wolof
xh Xhosa
yi Yiddish
yo Yoruba
zu Zulu

Original subtitles

Wat flikte je me nou?

Uit de weg.

Commissaris Colin. Wat is er gebeurd?

- Gestoken en in het water gevallen. - Is hij dood?

Ik ben commissaris Colin.

Heeft u de dader gezien?

- Hoort hij me? - Ik denk van wel.

Ik wil naar huis.

Rustig, anders gaat de wond weer open.

Ik ga naar huis.

Ik ben commissaris Colin, districtschef.

- Inspecteur Janvier. - Het is me een hele eer.

Hier bij de Toison d'Or is het gebeurd.

Het slachtoffer heet Emile Ducrau. Alles hier op de kade is van hem.

- Heeft hij iemand gezien? - Niemand.

Hij heeft 20.000 frank uitgeloofd.

Hier woont hij.

Gaat u mee?

Ik ga liever alleen.

Maar ik hou u op de hoogte.

Moet ik meegaan, baas?

Loop wat rond en leg je oor te luisteren.

Waar moet u zijn?

- Meneer Ducrau woont toch driehoog? - Emile of Jean?

Ducrau senior woont tweehoog.

Je kunt best wat liever zijn.

Je hebt twee uur vrij per dag, maak daar gebruik van.

Ik kom al.

- Woont hier meneer Ducrau? - Ja, komt u verder.

- Wie kan ik zeggen? - Recherche.

U maakt het niet slecht voor het slachtoffer van een steekpartij.

Mathilde, champagne. M'n eigen champagne.

Mag ik?

Dus u leidt het onderzoek?

Wat hebben ze u inmiddels verteld? Flauwekul, neem ik aan.

In het rapport staat dat u niet meer weet wat er gebeurd is. Klopt dat?

Als dat in het rapport staat...

Wat heeft u eergisteravond precies gedaan?

Mijn dochter en haar man aten hier.

M'n dochter heet Berthe. Haar man is kapitein bij de infanterie...

type lijntrekker. Ze eten hier iedere woensdag.

- U heeft ook een zoon? - Ja, die zit op de Archiefschool.

- En hij heeft een kamer in het pand? - Vijfhoog.

U heeft hem die avond niet gezien?

Ik zal u iets vertellen dat u goed moet onthouden.

Niemand spot met Mimile.

Zo werd ik al genoemd toen ik m'n eerste sleepboot had.

Er zijn nog steeds sluiswachters die me alleen zo kennen. Snapt u?

En ik heb een beloning uitgeloofd.

Ik ben neergestoken, ik heb u laten komen. Dus niet te bijdehand.

Pardon.

- Bent u mevrouw Ducrau? - Jeanne, mijn vrouw. Dat ziet u toch?

Ik heb Mathilde drie uur geleden om champagne gevraagd.

Als ze wil, kan ze een huis vol personeel hebben.

Een domme dienstmeid en een sloof van een echtgenote. Heel fijn.

Waar waren we? O ja, woensdag aten m'n dochter en haar man hier.

Ik was al voor het nagerecht weg.

Ik hou niet van zeikerds en m'n schoonzoon is een raszeikerd.

Dat ben ik, op m'n eerste sleper. L'Aigle, heette die.

Gekregen toen ik met de dochter van de baas trouwde.

Hoe laat ging u weg?

Om een uur of tien.

Wat bent u toen gaan doen?

Een borrel drinken in de danszaal van Catherine, verderop.

- Niet gemerkt dat iemand u volgde? - Nee.

Waar ging u daarna heen?

Dat weet ik niet meer.

Zet hier maar neer.

En trek een schoon schort aan.

- Ik drink geen champagne. - Maar deze wel.

Ik schenk alleen goeie champagne.

U verdenkt natuurlijk niemand.

Ik verdenk iedereen.

- Waar kijkt u naar? - Naar het schip van Gassin.

Dat is m'n oudste gabber. De enige die nog 'je' tegen me zegt.

We hebben lang samen gevaren.

Hij heeft een mooie dochter.

- Mag ik u iets vragen, meneer Ducrau? - Ga uw gang.

Wilt u echt dat ik de dader vind?

Hoezo?

Zomaar. U kunt uw klacht altijd nog intrekken.

Heeft u verder geen vragen?

- Niets. - Succes.

- Laat Aline met rust. Ze weet van niets. - En u?

Wie bent u?

Jean Ducrau.

Wat vindt u van de aanslag op uw vader?

- Niets, het zat erin. - Hoe bedoelt u?

- Wie rijk is, heeft vijanden. - En Aline?

- Kent u haar goed? - Snap het dan.

Ze heeft er niets mee te maken.

Ze is heel kwetsbaar.

- Iets gevonden? - Gassin bezat zich al twee dagen.

Heren...

- Hetzelfde, Fernand. - Ik help eerst de heren even.

Twee witte wijn.

Nog iets ontdekt?

Het is een gezellige boel bij de familie Ducrau.

Zijn maîtresse woont al vijftien jaar vierhoog, tot ergernis van de rest.

Ze heet Rose. Meneer houdt van de vrouwtjes.

Hetzelfde, Fernand.

Kom mee.

Waarom ondervraagt u 'm niet? Hij is rijp.

Kijk eens om.

Hij wil niets liever. Dat betekent dat hij niets te melden heeft.

Heb je de doktersverklaring?

Hoe lang heeft Ducrau in het water gelegen?

Drie à vier minuten.

Gassin zat in het café. Die kan het niet zijn. Wat staat er verder in?

'Zelfmoord kan uitgesloten worden want hij was in de rug gestoken. '

Daar zit wat in.

Ducrau junior. Trek hem na. Hij zit op de Archiefschool.

Ga na hoe hij leeft, met wie hij omgaat.

Ik ga nog 's wat rondkijken.

Commissaris, kom 's naar boven.

Ik heb iets voor u.

Mijn familie.

Mijn zoon Jean.

Mijn dochter Berthe. Van huis uit niet dom...

maar ze heeft er niets mee gedaan. Dit is haar man, kapitein Decharme.

Een beste man, goed genoeg voor m'n dochter.

Weten jullie wat de commissaris wil weten?

Waar wij laatst tijdens het eten over gepraat hebben. Ga je gang, Berthe.

Over van alles en nog wat.

Dat is niet waar.

Het spijt me, ik weet niet wat m'n vader bedoelt.

Ik zal je geheugen opfrissen.

- Toe nou, Emile. - Mond houden.

Je bent misschien zwanger.

En dan moet Decharme uit het leger omdat hij niet genoeg verdient.

Wat stelde ik 'm toen voor om te gaan verkopen?

- Apennootjes. - Precies, apennootjes.

En wat zei jij toen, Decharme?

Dat weet je niet meer, hè?

'Waarom verdelen we de erfenis nu alvast niet?' Dat zei je toch?

Dan kunnen jullie lekker in de Provence gaan wonen.

En dan mogen Jeanne en ik ieder jaar komen logeren. Slim bedacht, hè?

En wat zei je toen ik weg was?

- Dat weet ik niet meer. - Hij is het vergeten.

- Dan mag jij het zeggen. - Waar wilt u naartoe, Ducrau?

Waar ik heen wil?

Ik wil u een beeld geven. Ik word omgeven door hebberds.

Als u wilt, mag u het overnemen.

Dat gezeik...

Als u mij nodig hebt, morgenochtend om zes uur ben ik gewoon op de kade.

- Waar zat je? - Ik zocht u. U was niet op de kade...

en niet in het café en net weg bij Ducrau.

Is dat pech hebben. En Ducrau junior?

Ik heb de Archiefschool gebeld.

Hij is ooit drie weken weggebleven vanwege z'n gezondheid.

- Maar er is nog iets. - Wat dan?

Ik heb een paar schippers gesproken. Ze vinden hem vreemd, zwakjes.

Geen echte man, als u begrijpt wat ik bedoel.

Niet met zoveel woorden, maar het was wel duidelijk.

- Verder nog iets? - Nee, dat was het.

- Weet je waar Gassin is? - Op het kerkhof.

Bij het graf van z'n vrouw. Moet ik 'm gaan halen?

Nee, ga maar naar het café. Ik kom straks ook.

Zoekt u iets?

- Woont hier mevrouw Catherine? - Wie bent u?

Commissaris Maigret.

Daar zitten we beter.

Wie heeft Emile iets willen aandoen?

Hoe lang kent u hem?

Toen hij net z'n eerste sleper had...

We waren net getrouwd, maar niet met elkaar.

- Komt hij hier vaak? - Als hij zich thuis verveelt.

- U kent 'm dus vrij intiem? - We hebben wel eens iets gehad.

Wilt u niet gaan zitten?

Heeft hij het wel eens over de dochter van Gassin?

Over Aline?

Hij praat niet over haar, maar...

Dus Ducrau en zij...

Het schip van Gassin ligt hier niet voor niets al zo lang.

En Gassin?

Die drinkt sinds z'n vrouw in het kraambed gestorven is.

Hij legt nog iedere week bloemen op haar graf.

Als hij niet meer op z'n benen kan staan, mag hij boven slapen.

Neem me niet kwalijk.

Ik kom even met je praten over wat er gebeurd is.

Is dat jouw kind?

Je bent toch de dochter van Gassin?

Je bent toch Gassin z'n dochter?

Het spijt me dat ik je stoor.

Maar heb je op de avond dat het gebeurde soms iets gehoord?

Is er toen iemand aan boord geweest?

Wie?

Emile Ducrau?

Weet je zeker dat het die avond was?

Was dat lang voordat je vader in het water viel?

Dat weet ik niet meer.

Hij is nog zo klein.

Ken je Ducrau goed?

Wat kwam hij hier doen?

Hetzelfde als altijd.

Heb je het over Ducrau junior, over Jean?

Zeg eens eerlijk: Als Emile Ducrau hier komt...

probeert hij dan om je...

Gaat het, baas?

Wie is de vader van Alines baby? Enig idee?

Het is een vreemde meid, maar de mannen zijn niet vies van haar.

Er zijn er zoveel die de vader kunnen zijn.

Pak haar niet te hard aan, commissaris.

Dat is Bébert, de hulpsluiswachter.

- Gaat u de nacht hier doorbrengen? - Alweer op de been?

Omdat iemand me wil pakken, ga ik me nog niet levend begraven.

Weet u waarom ik van de nacht hou? Omdat je dan alleen bent en vrij.

- Moet je me volgen van ma? - Ik wil je spreken.

- Drink wat mee. - Nee.

- Wil je geld? - Nee.

Dom. Met geld kon je naar de dames in plaats van weg te kwijnen.

- Ik wil het over Aline hebben. - Ophoepelen, sufferd.

Heren...

Ga kijken wat Ducrau uitspookt.

Wie is daar?

Commissaris Maigret.

Ga niet af op de uiterlijke schijn.

Denk maar niet dat ik m'n vader ga zwartmaken.

Daar kom ik niet voor.

Zo eenvoudig ligt het niet.

Dat weet ik.

U breekt in andermans leven in...

U ziet dingen...

U luistert aan deuren.

Wat snapt u ervan?

Ik probeer de waarheid te achterhalen.

U moet u wat bescheidener opstellen.

Denkt u dat u in een paar uur...

alles over iemand te weten kunt komen?

Een stukje.

Sommige dingen zult u nooit begrijpen...

die zal niemand ooit begrijpen.

Is Alines toekomst zo belangrijk voor je?

En daarom wil ik graag dat u ons met rust laat.

Ze leeft in een wereld die voor u ontoegankelijk is.

Jammer.

Je had me kunnen helpen.

En misschien had ik jou ook wel kunnen helpen.

Ik zie dat u net zo'n vroege vogel bent als ik.

En zeg tegen Coutard dat ie m'n koppelingen terugbrengt.

Bent u al wat wijzer geworden?

Waarom ligt de Toison d'Or hier veel langer dan de rest?

Gassin is een ouwe gabber van me. Maar hij is aan de fles geraakt.

Het schijnt dat uw zoon een zwakke gezondheid heeft.

Dat heeft hij van z'n moeder. Ze zijn bang en zwak.

Heeft hij vorig jaar niet drie weken op de Toison d'Or gewoond?

Dat was Gassins laatste vaart op België. Jean was overspannen.

Hij moest er even uit.

Weet u wat de basis van m'n kapitaal is?

Het idee dat als anderen geen werk hadden voor m'n slepers...

ze wel voor mij moesten kunnen werken.

Daarom heb ik van alles gekocht: krijtgroeven, zandgroeven...

steenbakkerijen, als ze maar aan het water lagen.

Voor vier miljoen heb ik horen zeggen.

Voor politie bent u goed op de hoogte. Op een paar duizendjes na.

Dat huizenblok is ook van mij. Plus die woningen, plus de danszaal.

En alle schepen met een blauwe signaalvlag zijn ook van mij.

Vraag maar raak. Ik heb niets te verbergen.

Met alle respect, hoe denkt u uw onderzoek voort te zetten?

Ik luister, ik kijk wat om me heen, probeer een beeld te vormen.

- Welk spoor volgt u nu? - Alle sporen.

Bent u op de Toison d'Or geweest?

- Een raar moedertje. - Wie zegt dat?

- Dat zie je zo. - Nou en?

- Zomaar. - Wat heeft ze u verteld?

- Dat u regelmatig op bezoek komt. - Meer niet?

Meer niet.

U denkt vast dat het kind van mij is, gezien mijn reputatie als rokkenjager.

Maar daar zit u mooi naast.

- Je ziet er niet florissant uit. - Ik heb gisteravond kou gevat.

Vertel maar eens.

Ducrau ging tegen tienen van huis.

Hij ging naar een soort bar. U snapt wel wat ik bedoel.

Hij is ruim een uur binnen gebleven. In die tijd heb ik kou gevat.

- De bazin uitgehoord? - Hij komt er een paar keer per week.

Hij geeft rondjes en dolt met de meisjes. Daar blijft het vaak bij.

- En daarna? - Toen ben ik gaan slapen.

Dat is waar, je bent ziek.

Nog iets over Gassin?

Hij heeft bij Catherine van de danszaal geslapen. Verder niks.

Wat hoor ik nou? Vervoert iemand kolen voor 52 frank?

- Een Belg. - Ze verzieken de markt.

Witte wijn. Als ze heibel willen, mij best.

- Wat doe jij hier? - U moet meteen naar huis komen.

- Waarom? - Uw zoon Jean...

- Wat is daarmee? - Hij is dood.

Ik doe het voor 48.

Kom mee.

Ik heb mijn vader neergestoken. Dit is mijn straf.

Vergeef het me. Jean.

Mimile, gaat zondag over een week nog door?

Natuurlijk, Gaston.

Hij krijgt een feestje voor 30 jaar trouwe dienst.

Dit is m'n kantoor.

Ik kom hier zo min mogelijk.

Ik ben hier toch niet voor een rondleiding?

Gaat u zitten. Drinkt u een glaasje mee?

We hebben nu alle tijd.

Gelooft u echt dat uw zoon u heeft neergestoken?

Hij heeft het zelf opgeschreven.

- Laat u de zaak nu verder rusten? - Ik vroeg u iets.

Wat vindt u van het gedrag van m'n vrouw? Belachelijk, toch?

- Altijd dat gesnotter. - Schei uit, Ducrau.

Vertel nou eens wat er gebeurd is. Heeft uw zoon u neergestoken of niet?

Want zo niet, dan neemt hij de schuld om een andere reden op zich.

Wat wilde hij laatst in het café van u?

- Geen idee. - Waarom luisterde u niet naar hem?

Ik wilde geen gezeur aan m'n hoofd.

- En Aline? - Laat haar er alstublieft buiten.

Ja, ze is zwak. Dat heeft uw zoon al verteld.

Waarom hangt u zo vaak bij het schip van Gassin rond?

Niet voor wat u denkt.

Goed.

Jean heeft drie weken op de Toison d'Or meegevaren. Hij is dol op Aline.

Misschien is de baby wel... Qua tijd klopt dat.

Misschien had hij z'n vader met Aline betrapt.

Klinkt logisch. Het is een simpele ziel, maar...

Maar dan heb ik wel een probleem.

Want Ducrau zegt dat hij haar nooit heeft aangeraakt.

En ik geloof hem.

Commissaris Maigret...

Ik zocht u. Heeft u die jongen gezien? Een droeve dood.

De dood is zelden vrolijk.

- We gaan de zaak afronden. - Erg voorbarig.

Ga uitzoeken wat Gassin uitvoert.

Ik wil hier geen uren blijven.

Je stond uren op de stoep. Als dat geen tippelen is.

Gaat u zitten, commissaris.

Ik verdacht de zoon al. Vorig jaar hebben ze ruzie gehad.

- Waarover? - Dat weet ik niet meer.

Ik was toen met m'n moeder op vakantie in Etretat.

- U weet er dus weinig van? - Alleen dat het hoog opliep.

Mag ik wat informatie over Bébert?

De hulpsluiswachter?

- Is hij hier bekend? - Amper, voor een enkele vechtpartij.

Mag ik z'n dossier even inzien?

Excuseer.

Met commissaris Colin.

Voor u.

Nee, wacht maar. Ik kom eraan.

Hou het even apart.

Kan ik de zaak Ducrau afsluiten?

Afsluiten? Er valt nog niets af te sluiten.

Hij doet niets anders. Wegwezen.

Dan is hij er vanaf.

Praat hij tegen de overledene?

Altijd hetzelfde, commanderen, commanderen.

Dus morgen moet ik naar...

Een rotzak is het, die meneer Ducrau.

Alleen om er vanaf te zijn. Wat een rotzak.

Weet je waar hij me naartoe wil sturen?

Ik ga niet.

Daar staat op dat hij moet gaan laden op de Quai des Tournelles.

Sinds de dood van Jean drinkt ie nog meer.

- En Aline? - Die weet van niks of die snapt niks.

Ze stond daarnet neuriënd het dek te schrobben.

- Wat wilt u? - Jou spreken. Mag ik binnenkomen?

Ik heb niks te melden.

- Weet je dat zeker? - U maakt me heus niet bang.

Heb jij de wieg op de Toison d'Or gemaakt?

Wat doet dat ertoe?

- Je mag Ducrau niet zo, hè? - Nou en?

- Waar was je de avond van de aanslag? - Toen was ik zat.

Vreemd, je bent nooit dronken opgepakt.

Wat wil dat zeggen?

Niets.

Bébert, waar blijf je nou?

Ik weet niet wat 'm bezielt. Als ie moeilijk doet, zal ik 'm aanpakken.

Kom op.

- Het gaat niet over. - Vochtig weer. Waar gaan we heen?

Naar de dokter.

Er is geen respect meer voor andermans leed.

Niet zeuren. Zetpillen horen niet in een la thuis.

Sterkte.

- Ik wil u spreken, dokter. - Dat komt slecht uit.

Ogenblikje.

- Houdt u hier al lang praktijk? - Wat heet lang...

Bijna dertig jaar.

Dan kent u de familie Ducrau dus goed?

Emile Ducrau is m'n huisbaas. Maar hij komt nooit op het spreekuur.

Hij heeft een sterk gestel. Zo lang in het water liggen met een steekwond...

- hadden anderen niet overleefd. - Maar z'n zoon Jean was nogal...

- zwakjes. - Zo kun je dat stellen.

- Wat had hij precies? - Daar hebben de doden maling aan.

Maar ik niet. Ik onderzoek een poging tot doodslag.

Jean had toevallen, een soort epilepsie.

Waar werden die door veroorzaakt?

Ducrau had iets opgelopen bij de dames die hij bezocht.

- Syfilis? - Heb jij dat ook gehad?

Hij ging daarna wat rustiger leven. En tijdens z'n herstel is Jean verwekt.

- Met pijnlijke gevolgen. - Dat was niet anders.

Een raadselachtige dood.

Er komt geen eind aan.

Hij is eerst neergeslagen en daarna opgehangen.

Misschien is die klap zelfs z'n dood geworden.

- Wanneer is de dood ingetreden? - Pakweg tegen middernacht.

- Is het lab gewaarschuwd? - Ze komen eraan.

Een aanslag, een zelfmoord en een moord in drie dagen. De zaak is nog niet rond.

- Is Ducrau gewaarschuwd? - Nee, hij was niet op de kade.

Dokter...

Ik heb een nogal netelige vraag.

Is Aline, de dochter van Gassin, altijd gek geweest?

Noem het liever achterlijk. Op haar 22ste heeft ze het verstand van een kind van tien.

En is de oorzaak, net als bij Jean, erfelijk?

Gassin drinkt. Daar zal het aan liggen.

Hij is pas na de dood van z'n vrouw gaan drinken.

U vroeg mijn mening. Die heb ik gegeven.

Hartelijk dank, dokter.

- Het wordt steeds ingewikkelder. - Misschien niet.

Ga na of Gassin op z'n kamer is en of iemand vannacht iets gehoord heeft.

Ik zelf...

ga even iemand opzoeken.

- U zoekt? - Meneer Ducrau.

Het spijt me, hij is er niet.

Denkt u dat echt?

Onzin, Françoise. Voor Maigret ben ik er altijd.

Kom verder, commissaris. En jij trekt aan je kuierlatten.

Waar ik gisternacht gezeten heb? In een hotel in de Rue de Rivoli.

Het hele huis zat vol: m'n schoonmoeder, m'n dochter met die man van 'r...

neven, nichten, buren.

Het was één grote rouwmaskerade. Ik hield het er niet uit.

Ik heb her en der rondgehangen, tot ik walgde van mezelf. Kent u dat gevoel?

Als men wist waar ik vannacht was, zou ik voor onmens uitgemaakt worden.

Pas in een bordeel kon ik echt grienen, te midden van vrouwen...

die dachten dat ik zat was en die m'n geld inpikten.

- Wat is er? - De begrafenisondernemer is er.

Wat kan mij dat schelen.

Commissaris, ik zal u iets laten zien.

Het hoofd van de sleepdienst. Blijf zitten.

Wat doet u 's avonds ook weer? U bent toch ergens goed in?

Kruiswoordpuzzels.

Meneer Jaspar is een kei in kruiswoordpuzzels.

Maar hij is niet de enige.

Op de eerste en de tweede verdieping zitten er nog meer. Keurige lui.

Dat heet werknemers.

Er is weer een geval van ophanging. U kent 'm. Het is de hulpsluiswachter.

Bébert?

Hij hing onder het bruggetje. Maar hij is vermoord.

Heeft u niets te melden?

Misschien moeten we u officieel onder- vragen over uw activiteiten gisteravond.

Ik ken dames die dat officieel heel leuk zullen vinden.

Waarom heeft u niet gezegd dat Aline uw dochter is?

Toen ik hoorde dat Aline een kind had, dacht ik eerst dat u de vader was...

gezien uw reputatie.

Maar u zei dat dat niet zo was. Ik geloofde u.

Alleen bleef u bij haar komen. Daar moest een reden voor zijn.

En toen hoorde ik dat u voor de geboorte van Jean syfilis had opgelopen.

Helaas heeft dat voor hem nare gevolgen gehad.

En Aline...

Ik hield van Marianne, de vrouw van Gassin.

Ik was gek op haar.

Een levenslustige vrouw. We hebben twee jaar iets gehad.

- Wist Gassin ervan? - Nee.

- Vermoedt hij nog steeds niets? - Absoluut niet.

- Weet niemand ervan? - Helemaal niemand.

Alleen ikzelf en u nu.

Hoe kon u uw oudste gabber dat aandoen?

Kunnen we het over iets anders hebben?

Het is de oorzaak van alles.

- Gaat u weg? - Het wordt tijd, dunkt me.

Wil de rest van de familie dat u weggaat?

Nee, ik heb er genoeg van.

En ik wil Emile geen last bezorgen.

Hij is altijd goed voor me geweest.

Toen ik 'm leerde kennen, was ik stripteasedanseres in de Rue de Rivoli.

Hij wilde dat ik stopte en hier kwam wonen.

In het begin was hij vaak bij me, maar gaandeweg...

Ik had al veel eerder moeten verhuizen.

Weet u waarom Jean de schuld op zich heeft genomen?

- Misschien was hij wel echt schuldig. - O nee, dat bestaat niet.

Hij zat die avond bij mij te eten.

- Nog op pad? Is er al nieuws? - Nee, helemaal niets.

Kom even wat drinken en kletsen.

Hoezo? Wat is er?

Ducrau zit al een uur op de boot van Gassin.

Klootzak.

- Wat heeft u gedaan? - Ik heb 'm alles verteld.

- Gaat u nu naar huis? - Naar huis? Waarom zou ik?

Naar m'n dode zoon, m'n huilende vrouw en twee malloten die op m'n geld azen?

Wat heb ik daar te zoeken?

Om acht uur was Gassin hier. Hij was razend.

Hij heeft alles...

Daarna is hij in een wapenhandel een revolver gaan kopen.

Kijk eens.

Hou 'm onopvallend aan en breng 'm naar het bureau.

- Denkt u niet dat... - Nee, doe het nou maar.

- Wat moeten jullie van Gassin? - Hoe dat zo?

Ik zag uw medewerker wel. Gaan jullie 'm arresteren?

- Dat is al gebeurd. - Maar waarom?

Hij heeft een revolver. Die had hij in z'n zak toen hij u een hand gaf.

Ongetwijfeld om u te...

- Arresteert u mij nu ook? - Waarom? U heeft vast een vergunning.

Dan moet ik u meteen weer laten gaan.

- En Gassin? - Gassin ook.

Hij zal me heus niet vermoorden. Dat weet ik gewoon.

Commissaris, ik wil graag dat u vanavond bij ons komt eten.

- Ik zal erover nadenken. - Half acht.

Ik moet weer terug naar de maskerade.

Heeft u de krans van m'n vrouw gezien?

En m'n zoon had de pest aan bloemen.

- Wat krijgen we nou? - Wat bedoelt u?

- Geef hem z'n veters en ceintuur terug. - Ga meteen halen.

Gassin, het wordt tijd dat wij eens praten.

Ik heb het u niet moeilijk gemaakt.

U hebt kunnen doen en laten wat u wilde en kunnen drinken zoveel u wilde.

Waarom wilt u Ducrau vermoorden?

- Ik heb nog niemand vermoord. - Ja, maar u hebt wel plannen.

- Misschien ga ik iemand vermoorden. - Ducrau?

Ja, misschien wel.

Of iemand anders.

Dank u wel.

Alstublieft.

Ruim twintig jaar geleden, in Châlons...

legde de schipper van de Cormoran voor het huis van een dokter aan.

Z'n vrouw was in verwachting.

Hij was bang dat de bevalling ver van de bewoonde wereld begon.

Daarom besloot hij zolang daar te blijven liggen.

Toen de weeën begonnen, ging hij de dokter halen.

Die vond dat alles voorspoedig ging en dat hij later terug kon komen.

Maar de dokter had het druk.

Die avond gaf hij een groot feest bij hem thuis.

Tot op de boot hoorde je de muziek.

Maar de vrouw had het heel zwaar.

In de loop van de avond werden de weeën zo pijnlijk dat ze het uitgilde.

Tegen middernacht ging de man weer naar de dokter.

Hij kreeg te horen dat die zou komen.

Half een: nog niemand.

Een uur later, als alle gasten vertrokken zijn...

komt hij eindelijk kijken.

Hij onderzoekt de vrouw...

en zegt dan:

Er moet een tang aan te pas komen.

Een tang...

Hij zegt iets over het verbrijzelen van het babyhoofdje.

De vader protesteert, hij zegt dat dat niet mag gebeuren.

Maar de dokter is moe, hij heeft slaap.

Hij mompelt: Moet ik het leven van de moeder of van het kind redden?

Ik zei: van het kind.

Red het kind.

En dat kind, dat is Aline.

Alstublieft.

Laat u me gaan?

Gassin, doe geen domme dingen.

Aline is misschien uw dochter niet, ze heeft u wel nodig.

- Zit hij boven? - Ja, sinds hij uit de cel is.

- Heb je z'n kamer kunnen doorzoeken? - Niets bijzonders, geen andere wapens.

Mooi. Blijf hem in de gaten houden.

Aline is al drie keer langs geweest.

Onder z'n raam riep ze dan: papa.

Maar hij reageerde amper.

Hij gebaarde dat ze weg moest gaan. En dan vertrok ze weer. Zielig, hoor.

Een man van de klok. Komt u binnen.

We eten pas over minstens een uur. Er is nog niets klaar.

- Waar is hij? - In z'n kamer, boven de feestzaal.

Met een wapen?

Hij had een vergunning. Ik heb het teruggegeven.

- Drinkt u iets? - Nee dank, ik wacht even.

Commissaris, laten we open kaart spelen.

- Wie is volgens u de dader? - De dader waarvan?

Van alles.

Wie weet zijn er wel drie verschillende daders.

Toen Gassin en ik begonnen, was ik voerman.

We aten een hapje langs de weg en lagen daarna in het gras te pitten...

terwijl de sprinkhanen over ons hoofd liepen.

- Denkt u dat hij hierheen komt? - Misschien.

- Maar waarom? - Dat weet u beter dan ik.

Kom verder. De commissaris was me net over jullie aan het uitvragen.

Hij weet van jullie schulden. Hij wees me erop dat m'n dood jullie goed uitkwam...

en dat Jeans dood de kansen nog vergrootte.

Wat nou, papa? Ik heb geen schulden en ík wil niet in het zuiden gaan wonen.

Geen cent krijgen ze.

Daar is hij.

- Wat gaat u doen? - Ik weet het niet.

Een man die al gedood heeft en een man die geen vlieg kwaad doet:

Wie is volgens u het gevaarlijkst?

- Wat bedoelt u? - Er is iemand vermoord: Bébert.

En niet omdat hij een wiegje gemaakt heeft. Hij is de vader, hè?

- Hoe weet u dat? - De baby is niet van u of Gassin.

En ook niet van uw zoon. Die voelde zuiver vriendschap voor haar.

Bébert heeft misbruik gemaakt van Alines naïviteit. Dat wist Jean niet.

Toen hij hoorde dat iemand u had neergestoken, wist hij het zeker.

Gezien uw reputatie als rokkenjager wist hij zeker dat Aline...

mogelijkerwijs uit noodweer naar een mes had gegrepen.

- Waarom heeft die sukkel niets gezegd? - Was zelf eerlijker geweest.

Door de schuld op zich te nemen hield hij Aline uit het gesticht of de cel.

U snapt dat misschien niet, maar alle jongelui zullen het begrijpen.

En hoe bent u hier achter gekomen?

Ik heb nog wel meer dingen ontdekt.

Gisteravond zei u...

dat u Gassin verteld had dat Aline uw dochter is.

Nu kan ik niets meer doen.

Denkt u dat hij me wil vermoorden?

Ik weet het niet.

Man, doe niet zo stom. Kom naar boven.

Laat me niet in de steek.

Kom binnen.

Kom binnen.

Ga zitten.

Jammer dat je zo laat bent. Je hebt het begin gemist.

Dat was niet slecht.

Proost.

Weet je nog toen we in Châlons met de Belgen geknokt hebben?

We hebben ze flink op hun sodemieter gegeven. Weet je nog wel?

In die tijd heb ik er hiermee heel wat tegen de grond geslagen.

Maar die arm is de oorzaak van alles.

Die arm die vroeger oersterk was, is nu zo slap als een vaatdoek.

Toen ik laatst bij Catherine vandaan kwam...

wilde ik bij je langskomen op je schip.

Toen ik daar aankwam, zag ik Bébert met Aline naar buiten komen.

Was één kind niet genoeg? Ik werd kwaad en pakte z'n pols.

Ik kneep en draaide z'n arm om.

Hij kronkelde als een paling. Eén zet met m'n schouder en hij lag in het water.

Maar toen verzwakte ik.

Ik voelde dat hij niet meer tegen- spartelde. Hij pakte iets uit z'n zak.

Ik voelde een steek in m'n rug, ik wankelde en hij duwde me het water in.

Zo is het gegaan.

Waarom vertelt u meteen ook niet...

hoe u Bébert vermoord hebt?

Bébert is overleden aan een hoofdwond. Pas daarna is hij opgehangen...

net als uw zoon.

Het is waar, commissaris. Ik ben een moordenaar.

Ik heb Bébert vermoord, dat is waar.

Ik heb 'm vermoord, omdat alles zijn schuld was.

M'n zoon wilde Aline beschermen omdat hij dacht dat zij me had neergestoken.

Uiteindelijk ben jij van ons beiden het gelukkigst, Gassin.

Fraai, dat is van mij. Afkomstig uit de groeve in Venteuil.

Hoeveel kan ik krijgen voor Bébert?

Hoe dan ook, ik ben moe.

Weet je wat ik daarna ga doen, Gassin?

Dan koop ik de kleinste schuit die ik kan vinden.

En dan vaar ik weg.

Zeg dan iets, verdomme.

Jij vertrekt met de Toison d'Or. En weet je wat er dan gebeurt?

Op een dag hoor je iemand 'Gassin' roepen. En dat ben ik dan.

Ophoepelen, jullie. Uit m'n ogen.

Ik wil jullie niet meer zien. Oprotten.

Mag ik uw pistool, Ducrau?

Arresteert u me nu?

De gevangenis... Terwijl ik zonder m'n vrouw niet kan slapen.

Can't find what you're looking for?
Get subtitles in any language from opensubtitles.com, and translate them here.