Afrikaans
Akan
Albanian
Amharic
Arabic
Armenian
Azerbaijani
Basque
Belarusian
Bemba
Bengali
Bihari
Breton
Bulgarian
Cambodian
Catalan
Cebuano
Cherokee
Chichewa
Chinese (Simplified)
Chinese (Traditional)
Corsican
Croatian
Czech
Danish
English
Esperanto
Estonian
Ewe
Faroese
Filipino
Finnish
French
Frisian
Ga
Galician
Georgian
Greek
Guarani
Gujarati
Haitian Creole
Hausa
Hawaiian
Hebrew
Hindi
Hmong
Hungarian
Icelandic
Igbo
Indonesian
Interlingua
Irish
Italian
Japanese
Javanese
Kannada
Kazakh
Kinyarwanda
Kirundi
Kongo
Korean
Krio (Sierra Leone)
Kurdish
Kurdish (Soranî)
Kyrgyz
Laothian
Latin
Latvian
Lingala
Lithuanian
Lozi
Luganda
Luo
Luxembourgish
Macedonian
Malagasy
Malay
Malayalam
Maltese
Maori
Marathi
Mauritian Creole
Moldavian
Mongolian
Myanmar (Burmese)
Montenegrin
Nepali
Nigerian Pidgin
Northern Sotho
Norwegian
Norwegian (Nynorsk)
Occitan
Oriya
Oromo
Pashto
Persian
Polish
Portuguese (Brazil)
Portuguese (Portugal)
Punjabi
Quechua
Romanian
Romansh
Runyakitara
Russian
Samoan
Scots Gaelic
Serbian
Serbo-Croatian
Sesotho
Setswana
Seychellois Creole
Shona
Sindhi
Sinhalese
Slovak
Slovenian
Somali
Spanish (Latin American)
Sundanese
Swahili
Swedish
Tajik
Tamil
Tatar
Telugu
Thai
Tigrinya
Tonga
Tshiluba
Tumbuka
Turkish
Turkmen
Twi
Uighur
Ukrainian
Urdu
Uzbek
Vietnamese
Welsh
Wolof
Xhosa
Yiddish
Yoruba
Zulu
Godallemachtig, wie is dat nou weer?
Ja, ik ga wel weer hoor, Ies.
Goedemiddag, meneer. Jongeman.
Bent u Herman Silverstein? -Ja.
Ik ben Cornelis Raaymakers. Volgens mij is dit de jas van uw vader.
M'n vader heeft 'm altijd bewaard...
en ik wil 'm al heel lang graag aan u teruggeven.
Ik begrijp dit gebaar niet. -U begrijpt mij niet.
Nee, ik begrijp het eigenlijk precies.
Ies, ga weg. Saar, wegwezen.
U heeft gelijk. Ik... Het spijt me.
Jarenlang had ik alleen maar zo ver mogelijk weg van huis willen zijn.
Weg van mijn vader.
Weg van de tirannie van zijn liefde.
Weg van dat eeuwige...
verleden.
Zo zwaar. -God, het is alweer herfst.
Dit is niet te tillen. Het is zo zwaar, met al die uien.
Veel te veel uien. -Er zitten twee uien in.
Zo zwaar zijn ze toch ook niet. Dat kan je toch wel dragen?
Dit is verdomme niet te tillen. -Hou nou eens op, zeg.
Zit niet altijd zo op me te kankeren.
Morguh. Alles staat klaar, mevrouw. -Heel fijn, dank je.
Waarom gooi je die deur voor me dicht? Ik sta met m'n poten vol met die troep.
Goedemorgen, meneer Herman. -Muna. Ik dacht dat je m'n vrouw was.
Tot vrijdag. -Ja, vrijdag.
Kijk nou eens naar je schoenen. -Ach, dat is toch maar meel?
Als ze dit proeven... -Willen ze nooit meer terug naar Amerika.
Je houdt er toch wel rekening mee dat Sara vegetarisch is?
Ja... -Nee. Nee, dat was je vergeten.
Maar dat is ze toch niet altijd?
Als ik terugkijk, zie ik steeds dezelfde avond voor me.
De avond van onze terugkeer uit LA.
Daar was het leven licht geweest. Vrij.
En zonder ballast.
Maar mijn heimwee had zich daar niets van aangetrokken.
Hallo. -Hé, mama.
Ik had ze zo gemist.
Stond je er al lang? -Nee, hoor.
Dag, lieve schat.
Hé, oma. -Dag, lieverd. Dag.
Mijn vrolijke, nuchtere moeder.
Hoe was jullie vlucht?
Mijn moeilijke, eenzame, driftige vader.
Waar is ie?
De Grote Stuurman is boven. Hij heeft in z'n vinger gesneden. Drama.
Wat zijn jullie laat.
Papa, wat heb je gedaan? -Waar gehakt wordt, vallen spaanders.
Kijk uit. Voorzichtig. Dag, lieverd.
Dag, Jacob. -Herman.
Jij oogt steeds jonger. -Daar geloof ik niks van.
Jij met je Hollywood-praatjes. -Nee, ik meen het.
Het tocht, jongens. Doe die deur dicht.
Laat me je even bekijken.
Wat heb je daar nou aan je oor hangen?
Allemaal ringen en slingers en knoppen.
Het is mooi. -Dat is mode nu, opa.
Hé, schat.
Wauw, jij bent afgevallen, zeg. -Dank je.
O, jij wordt steeds knapper.
Hé, pap. -Waar kom jij vandaan?
Interview met een ecoloog. De zondvloed is nabij en 't is allemaal onze schuld.
Hé, zusje. -Welcome to Holland.
Welkom in onze ark. Hier ben je veilig, tussen de leeuwen en de olifanten.
O, heerlijk. -Waar was dat stuk voor?
Weet je nou nog niet voor welke krant ik schrijf?
Natuurlijk weet ik dat. Hou op.
Lekker, dank je wel. -Cheers.
Waar is Michael? -Die komt morgen pas.
Morgen pas? Waarom wist ik dat niet?
En m'n koolrolletjes dan?
Ies, waarom heb je dat niet gezegd? Dat moet ik toch weten?
Je maakt genoeg voor drie dagen.
Maar jullie krijgen straks iets heel bijzonders.
Veel en vet.
Ik ben bang dat papa echt denkt dat wij uit LA zijn komen zwemmen.
Kom nou samen een drankje drinken. Die kinderen komen net uit 't vliegtuig.
Lekker. -O, lekker is ie.
Mag jij niet, hè? -Nee, mag ik niet.
Zal ik je helpen? -Hoeft niet, dat doe ik zelf.
Nee, dat wil onze keukenkoning niet.
Mijn lieve moeder.
Vroeger was ze een strenge lerares Frans.
Maar bij ons was ze altijd opgewekt en meegaand.
Ik was weer thuis.
Bij mijn zusje en haar eindeloze liefdesverdriet.
At last. We finally made it.
Nou, fijn. En Tess?
Ik heb 't proberen te verkopen als één groot avontuur.
Ik hoor jullie wel, hoor.
Ik had naar Coachella gekund dit jaar. -Snap ik.
Hoe is 't met de liefde, Juud? -Heb je even?
Pap, ga je nu weer zo'n vieze sigaar roken?
Tess. Vieze sigaar? Dit is een Montecristo No. 2.
De sigaar van Ridley Scott. Toen hij nog rookte.
Het is een trut. -Een trut?
Hij heeft zo'n onhandige naam, zo lang. Balthazar. Da's net een restaurant.
Ik noem hem Bal. -Echt?
Je vindt 'm toch leuk? Dan noem je iemand geen Bal.
Het is uit. -Niet.
Bindingsangst. -Zei hij dat? Dat vind ik zo'n stom woord.
Hij belt me tien keer op een dag.
Had zelfs al tegen z'n zoontje gezegd dat ik de vrouw van z'n leven was.
Nog geen dag later zegt hij ineens dat hij 't allemaal niet aandurft.
In bed nota bene. -Hij durfde 't niet aan in bed?
Way too much information. -Ik dacht dat jij niet meeluisterde.
Nee, mafkees. Hij zei het in bed. -O. Ja, dat is een trut.
Maar goed, whatever...
Ik denk dat ik voortaan ook maar bindingsangst heb.
Lekker neuken en dan: Bindingsangst. -Rustig, ik ga al.
Silverstein-paniek.
Hé. Dag, lieverd. -Oma.
Mich. -Wat een verrassing. Wat leuk.
Nu al?
O, mijn Mich. Je bent er al. Ik wil alles weten.
Waar kom je vandaan? -Colombia.
Smurf. -Hé, smurfje.
Je ziet er echt uit als een homeless.
Ik kon een eerdere vlucht krijgen. -Hij is net Johnny Depp.
Hé, tante Juud. -Wat ben jij groot, man.
Waar zijn papa en opa?
Hé, Michael. -Hé, opa.
Je lijkt wel een rabbijn met een keppeltje op.
Ik moet gauw m'n stoofdingetjes in de oven stoppen.
Dad Dog. -Dude.
Dad Dog is very happy to see you.
Hé, jongen.
Heb je iets meegenomen voor 't diner, of wordt 't de Lonely Planet look?
Hoezo?
Oma, kan ik me zo nog even opknappen? -Ja, je weet de weg.
O, godverdomme. -Ik ga wel.
Nee, lieve Sarah. Laat mij maar. -Dames.
Relax. Ik ga wel. Oké?
Opa, ik kom al.
Mijn lieve Mich.
Hij is de enige die nu bij papa mag zijn.
Wij zullen nooit weten wat er nu wordt opgeveegd.
Jacob is altijd in een goed humeur.
Niemand lijkt minder op papa dan hij.
Gaat het allemaal goed hier? -Ja.
Ik moet alleen de boel nog even een beetje schoon poetsen.
Kom maar, opa. Het is goed zo. -Ja, vind je? Denk je?
Ja, 't is goed. -Dan gaan we.
Gezellig allemaal.
Kijk eens. -Lekker.
Alsjeblieft. Geef 'm maar door. -Ja.
Ruikt heerlijk, pap. -Goed, hè?
Michael vertelde me net...
dat hij in Santa Monica moest wedijveren met briljante Aziaten.
Opa, een tsunami aan briljante Aziaten.
Dat mag je tegenwoordig dus niet meer zeggen. Raar, hè?
Wat doe je daar nou? Haal je daar nou al dat kostelijke vlees uit?
Ze is vegetarisch. Dat is ze toch al jaren? Waarom vergeet je dat steeds?
Papa, het is heerlijk.
Weet je, ik kan bijna niet geloven dat we nu hier zijn.
Toen we instapten bij de KLM... Ik ging bijna huilen.
Goeiemiddag, zeiden ze. En de Volkskrant...
Al die leuke Nederlandse stewardessen met die dikke billen.
In LA heeft niemand meer dikke billen.
Of je bent neurotisch totaal afgetraind, of je bent hopeloos obees.
Jij en dikke billen. Je bent als de dood voor dikke billen.
Als de dood?
Wist ik toen veel wat bang zijn was.
Na LA met z'n gillende sirenes en z'n trillende aarde...
voelde ik me hier voor 't eerst weer veilig.
Papa, laat gaan. -Een grapje?
Ik kon toen moeilijk weten dat dit de laatste keer was...
dat we als familie met elkaar aan tafel zouden zitten.
Moet dat nu? -We zitten net aan tafel.
En dat ik geen idee had wat echte angst eigenlijk was.
Ik ben zo terug.
Met Silverstein. -Zit je te eten? Stoor ik je?
Wat leuk dat je belt. -Leuk? Vind je dat leuk?
Ik ga failliet, gek. En voor wat? Kost me m'n zaak.
Ik heb van alles geprobeerd, maar ik heb dat niet in de hand.
Vuile huichelaar, je bent een ouwehoer. Je hebt niks geprobeerd.
Ja, maar het is niet mijn schuld.
Jij bent dus expert? Hoor ik dat goed? -Eén telefoontje.
Die jongen mag ook geheimen hebben. -Het was een grapje.
Neem nu maar van mij aan dat ik dat net zo onaangenaam vind als jij.
Onaangenaam gaat 't nog worden. Neem dat maar van mij aan.
Gaan we lunchen, ja? Oké, dag.
Hé, pappie.
Kom je zo?
Wat is dat?
Nee, ik hoef niet. Wie was dat? Wat was je aan 't doen?
Ik zat te denken: Waarom komen jullie niet bij ons wonen?
Dan wonen we bij elkaar. -Jij en Jacob in één huis.
Pap, we hebben al iets gehuurd.
Weetje dat ik nu echt aan dat boek ben begonnen?
Een boek? Weer een boek?
Je bent toch zo'n heerlijk, ijverig kind.
Ja, over ons. Over jou, vroeger.
Ik kreeg een brief opgestuurd van lang geleden.
Wat voor brief?
Een brief van je moeder. -Hoe kom je daaraan?
Die kreeg ik opgestuurd van de kleinzoon van die Ietje.
Wat.. Aan jou? Maar waarom aan jou?
Hij had m'n laatste boek gelezen en dacht dat ik er iets mee kon, als schrijver.
Da's toch krankzinnig. Wat staat er in die brief?
Het is een brief van je moeder uit1942, gepost in Westerbork.
Toen was jij 13, toch?
Je moeder was zo ongerust, ze wist niet waar je was. Maar dat snap ik niet.
Waar was je dan? Ik heb altijd gedacht dat jij als kind ook in Westerbork zat.
Wat denk je? Dat ik daar verhaaltjes over heb zitten vertellen?
Ik wil die brief lezen. Geef mij die brief. -Die heb ik niet meegenomen.
Die ligt nog in het nieuwe huis.
Erin. Erin, erin, erin. Niet aankomen.
Mijn naam is wachtmeester Raaymakers.
Wonen hier:
Isaac Abraham Israel Silverstein, Herman Isaac Israel Silverstein...
Zewa Rachel Sarah Silverstein? Waar is uw zoon?
We hebben hier te maken met een emotioneel tiran.
Een gemoedsterrorist.
Ja.
Nee. Nee, no problem.
Nee, is goed. Maar hoe is het met jou?
Jacob had een huis voor ons gehuurd...
zodat we allemaal gezellig bij elkaar konden zijn.
Oké.
Was het nou de tweede of de derde?
Dat vroeg ik me af, inderdaad. Maar ik weet niet of het wel verstandig is.
Nee. Saar is een wrak.
Goed. Hoe is het met jou? O, ja?
Nee, dat is... Ik zal erover nadenken.
Tadaa. -Ik hoef alleen maar koffie.
Koffie?
Drink jij nou opeens koffie?
Dit is een leuk huis, mam. If you're a coke dealer.
Ja, papa.
Ik heb me totaal geen zorgen over jou gemaakt.
Maar ik vind 't heerlijk om je weer te zien.
Je hebt toch geen malaria, hè?
Nee, alleen een beetje Nijlkoorts. Grapje.
Dag, lieve opa.
Wat een glaspaleis, zeg. Hallo.
Heb je lekker geslapen, pap?
Geen oog dichtgedaan. -Is dat mijn schuld?
Schuld? Daar doen we niet aan in deze familie.
En? Die brief? -Ja, die heb ik hier.
Ha, opa. -Alsjeblieft.
Wat zie je er netjes uit. Is dat voor mij?
Zullen we? -Ja, dag.
Tot vanmiddag.
O, is ie alweer weg? Jammer nou, zeg.
Daar ben ik weer.
Al die geheimen altijd.
Eén avond bij m'n vader en ik wist weer waarom ik zo ver weg was gaan wonen.
Waarom dacht hij toch dat het gevaarlijk is als ik iets van hem weet?
Opa...
Hitler was een verstokte anti-roker.
Lenin ook.
Ze wilden graag zelf iedereen doodmaken.
Mam had eigenlijk moeten meegaan. Voor haar boek.
Je moeder en d'r boek.
Well, there's no business like showbusiness.
Ze waren dood, mijn lieve ouders. Vernichtet.
Dat woord klinkt in het Duits even verschrikkelijk als het is.
Meneer Silverstein, heeft u ooit gedacht aan wraak?
Wraak? Nee.
Daar is het leven te kort voor.
Ik bid dat dit fatsoen altijd zal blijven.
Ik ben de Amerikanen echt dankbaar. Ja, echt.
Dank u, meneer Silverstein.
Mo?
Ben jij dat?
Dit is mijn kleinzoon Michael.
Dit is Hans, mijn zoon.
Aangenaam.
Mich.
Mich, wat een stuk ben jij.
Weet je dat jouw opa en ik...
vroeger verliefd waren op dezelfde meisjes? Hè, Herman?
Dus u kent m'n opa al van voor de oorlog?
77 jaar.
Sorry dat ik u onderbreek.
Mag ik u nogmaals hartelijk danken? Het was heel boeiend en bijzonder.
Bedankt. Dag.
Ja, het was ook heel boeiend en bijzonder in Auschwitz, hè?
Ja. Die goeie ouwe tijd.
We lazen vorige week pas dat u hier zou spreken. Als ik dat had geweten...
Ik heb onlangs wat correspondentie van mijn oma Ietje en uw moeder gevonden.
Dat is mij ter ore gekomen.
Zou u voortaan alle correspondentie naar mij willen sturen?
Excuses. Ik wist niet... -U dacht dat ik dood was.
Dacht jij dat ook, Mo? -Nee.
Jij bent onverwoestbaar.
Weet je nog dat ik jou uit New York heb geschreven?
Goed gedaan, opa.
Ik wist niet dat u in New York had gewoond, opa.
Huilt u nou? -Nee. Een ouwemannenkwaal.
Ik ben een huilebalk.
Ik huil zelfs bij reclamespotjes op tv. Niet op letten.
New York...
Rij door, man.
Meneer Reijnders?
Sarah? -Wat leuk om u weer te zien.
Ben je er weer? -Nog altijd even jong.
Alles hangt af van wat je nu doet.
Spannend, hè? Kom op.
Dat Joodse kutding.
Wat is dat?
U dacht: Ik ben lekker veilig in Nederland.
Er is geen hoop.
En ook geen troost.
Da's gek.
Op je foto's ben je veel mooier.
Nou heb ik je en nou heb ik helemaal geen zin meer in je.
Ik walg eigenlijk van je.
Waar is die ketting?
Jezus, opa.
Beloof me dat je het aan niemand ooit vertelt.
Mama. Waarom neem je niet op? Ik heb je geprobeerd te bellen.
Ik ben m'n telefoon verloren. -Hoezo verloren?
Ik ging roeien en onderweg ben ik gevallen.
Een of andere idioot sneed me af en toen gleed m'n telefoon zo de plomp in.
Wie sneed je af? -Gewoon, een of andere rotzak.
Wat je niet vertelt, is niet gebeurd.
Wat je niet zegt, bestaat niet.
Het was alsof hij me kende.
Noemde hij je naam dan?
Hij rukte dat kettinkje van m'n hals.
Dat Joodse rotding, zei hij.
Er zat een chai aan.
Een Hebreeuwse letter. Het betekent 'leven'.
Hij had een gouden tand. En hij zei iets over Nederland.
Wat zei hij dan?
Dat ik dacht dat het daar veiliger zou zijn, of zoiets.
Alsof hij wist dat ik net terug was.
Ik snap dat u van streek bent. Dat begrijp ik.
Iets wat standaardprocedure is: Moeten wij een SOA-test doen?
Nee. Nee, het was alleen maar een aanranding.
Het was geen verkrachting.
Een colaatje dan. -Een colaatje?
Heb je niet liever een fluitje?
Fluitje? -Ja.
Mafkees. -Ho, wacht.
Twee fluitjes, alsjeblieft.
Hé, dag lieverd.
Dag, schat.
Wat deed je nou op die ladder, papa?
De dakgoot was verstopt en dan gaat het lekken in de serre.
Weet ik goed genoeg. Eén grote ellende.
Wat staan jullie daar nou?
Ik ga niet dood. Ik heb een gebroken been.
Gaan jullie nou maar naar huis. -Maar ik ben er net, papa.
Ik word zo nerveus van al dat gestaar naar me.
Waar is ie?
Papa heeft ons net naar buiten gestuurd. -Blij dat ik 3x door rood ben gereden.
Dag, opa. -Wat is er in godsnaam aan de hand?
Jullie zijn net terug en de pleuris breekt uit.
Hoi, mam. -Dag, lieverd.
Pap. -Dus we gaan niet naar binnen?
Nee, dat wil hij niet. -Oké.
Wat doet papa toch raar.
Hij is gewoon bang. -Gaan jullie maar.
Ik hou hier wel de wacht. Dat vind ik fijn.
Nou ja... -Echt.
Herman? Dus je wilt in quarantaine voor je been?
Lul.
Tess, haal die troep van je gezicht. -Mama, doe even normaal.
Niet alles op Tess afreageren. Kom maar, hoor.
Ik zal je zeggen hoe je moeder erbij liep. Wat ze droeg en wat ze niet droeg.
Mich? Ga jij met oma mee? Dan blijf ik bij mama.
Kom, vooruit. Dan maak ik wat eten en ga ik later nog wel even bij hem langs.
Ja, is goed. Dag, schat.
Wat een dag.
Niet te doen.
Wat hoorde ik? Je bent afgesneden? En er was iets met je telefoon?
Gewoon, die is in 't water gevallen. -In 't water gevallen?
Ik was aan het roeien.
Koffie?
Ik moet je iets vertellen. -Zeg, wist jij...
Herman is dus van die ladder afgesodemieterd, hè?
Ja, papa is gevallen.
Ja, maar weet je ook waarom? -Nee.
Ik ben het dak op geweest en weet je wat ik daar aantrof?
Nou? -Een arsenaal aan alarmapparatuur.
Niet van de professioneelste kwaliteit, maar wel heel veel. Echt bizar.
En beneden vond ik infraroodlampen in een kast. Echt totaal paranoia, Saar.
Da's typisch papa, die wil beschermen. Daar is toch niks mis mee?
Lieverd, die man is bijna 85. Da's toch idioot?
Niks deed het. Een soort van mislukt Fort Knox op het dak.
Jij zit gewoon te hakken op papa. -Te hakken?
Ja, te hakken. Daar word ik zo ziek van.
Te hakken...
Ze doen aan macchiato. Wat is Nederland toch veranderd.
Oké, strafstilte.
Te hakken.
Ik bedoel, we mogen niet eens bij hem.
Da's toch niet normaal? Maar als ik er iets van zeg, ben ik de klootzak.
En toen ging 't weer over jou.
Jij wil het gewoon altijd winnen van papa.
Waarom zou ik iets proberen te winnen waarvan ik weet dat ik 't verlies?
Niemand in de geschiedenis kan ooit tegen jouw vader op.
Da's godsonmogelijk. Zoals hij 't zegt: Unmöglich.
Daar ben je.
We gaan bij oma wonen.
Papa is er oké mee.
Echt? -Ja.
Nou, ga nou maar. Ga nou maar niet.
Heb het goed, hè schat. -Ja. Doei.
Ik hou van je, mam.
Wees voorzichtig, oké?
Dat is beter.
Saar?
Saar?
Ik heb geen internet.
Spring achterop.
Ready? Yesss.
Nou...
Daar sta ik dan aan je verdomde graf, hè Herman?
En daar lig je dan.
Er tussenuit gepiept net op 't moment dat het interessant werd.
Wat? Herken je me niet?
Da's een nieuwe look.
Wij waren nog niet klaar met elkaar, hè Herman?
Dat weet jij net zo goed als ik.
Ik maak ze kapot.
Allemaal. Stuk voor stuk.
Net zoals ik jou kapot gekregen heb.
M'n hart is groot genoeg om ze allemaal te haten.
Heel systematisch.
Eén voor één, voor één.
Net zolang tot ik terug heb wat jij me allemaal hebt afgenomen.
En meer, Herman.
En meer.
Waar heb je zo leren zoenen? -In LA...
En door wie dan? -Door niemand. Mezelf.
Jij hebt jezelf zo leren zoenen? -Ja. Chill.
Doe ik 't niet goed? Vind je 't niet leuk? -Jawel. Tuurlijk, ik vind 't wel leuk.
Hoe zoen jij dan?
Mama, wat doe je in papa's kamer?
Ik ben een beetje aan het opruimen.
Ik kan 't niet aanzien, die bende hier.
Dit zijn papa's dingen. -Ik ruim alleen een beetje op.
Laat me nou maar. Ik vind 't fijn om tussen z'n spullen te zitten.
Je weet niet wat je ziet. Mama is helemaal op drift.
Daar kan ik me iets bij voorstellen.
Dat zie je ook als er een dictator is afgezet. Een onmiddellijke beeldenstorm.
Papa is toch geen dictator? -Nee, nou ja, oké. Maar wel onmogelijk.
Ja, ze mocht nooit ergens heen. Ze moest altijd bij hem zijn.
Dan was ie ineens verdwenen, zat ie weer op z'n kamer.
En als zij dan eens ergens heen wilde...
dan kwam hij z'n kamer uitgestormd om te vragen wat ze ging doen.
En dat deed hij toch ook bij ons?
Jij was gewoon altijd boos op hem. -Omdat wij nooit iets mochten.
En als we dan eens iets hadden, dan stelde dat niets voor...
want de oorlog was altijd erger. -Ja, daar kon hij toch niks aan doen?
Ik ken overlevenden die daar heel wat minder heisa van maakten dan hij, hoor.
Je hebt nature en nurture. Het was ook gewoon een karakterkwestie.
Ik wil niet dat je dat zegt. -Doe niet zo dramatisch, zeg.
Ik blijf gewoon hier, hoor. Het is ook mijn vader.
Ik wil nou weleens weten wat er in die kamer zit.
Ha, mam. Wat goed van je. -Dag, schat.
Ik hou niet van mausoleums. Ik ga een heleboel weggooien.
En dan maak ik een lichte, vrolijke kamer. Een atelier, of zo.
Wat ga je hier dan doen? Boetseren? Schetsen?
Ja, met zo'n model. Dan kom ik ook.
Ben je al in het bureau geweest? -Nee, ik heb op jullie gewacht.
Spannend. Het bureau. Eindelijk dan toch.
Ach, Herman. Zat je hier te snoepen? -Ja, dat wist ik.
O, dat wist jij weer. Papa mocht geen zoetigheid.
Nee.
Stel je voor dat we ze gekend hadden...
Dit is die brief uit Westerbork. -Wat is dat dan voor een brief?
Die brief waar papa zo boos over was?
Een brief van oma Zewa aan ene Ietje uit Apeldoorn.
Ja, en? -Papa zat niet in Westerbork.
Hè? -Hoezo?
Oma Zewa vraagt in deze brief aan Ietje of Herman bij haar is.
Zij waren in Westerbork, papa niet. -Bizar. Papa was dus een fantast.
Hou eens op. -Eens kijken wat er in de lades zit.
Zie je nou dat papa geheimen had?
Wist jij dat, mama? -Ik wist nergens van.
Wat moest hij hiermee? Voor wie? Voor...
Voor zichzelf? Wilde hij zichzelf... -Ben je gek?
Herman, Herman.
Kan één van jullie dit naar de politie brengen?
O, ik stoor. -Nee, nee. Helemaal niet.
Saar, gaat het? -Nee, hoezo?
Natuurlijk gaat 't niet. Ik loop maar wat rond.
Wrong question. Just trying to make conversation, liefste.
Ben je niet blij dat we nu hier zijn? -Blij? Nee. Alles is raar en anders.
Papa is verdwenen. Mama is een ander, lijkt het wel.
Jij doet anders. Mich is weg.
En Tess maakt zich nu op alsof ze in een nachtclub werkt...
en doet alsof ik de vijand ben.
Ik doe niet anders. Ik zoek een houding, Saar.
Wij zijn anders. Ik ben anders.
Er is zoveel gebeurd, Jacob. Zo... zo...
Zo veel rotdingen. -I know. Ik weet het.
Ach, lieve Saar.
Ik moet je wat vertellen.
Over Mich. -Over Mich? Wat?
Wat is er met Mich?
Zeg 't dan. Wat is er met Mich?
Doe niet zo raar lieverig. -Wat is dat nou weer? Raar lieverig.
Saar, come on. -Toe nou maar.
Nou, hij heeft dus getekend.
Getekend.
Getekend? Voor wat? Een platenmaatschappij? Een film?
Toch niet als model? -Nee, voor de US Marines, Saar.
Echt. -Hij is gek. Forget it.
Is ie gek geworden? Hij begrijpt toch wel dat dat niet gaat gebeuren?
Je luistert niet. Saar, hij zit er al in.
Ja? Hij heeft getekend. Daar kun je niet meer zomaar uit.
Onzin. Getekend voor wat?
Mich studeert in Santa Monica, en over drie maanden is hij weer thuis.
Dan doet hij bootcamp en daarna wil hij uitgezonden worden naar Afghanistan.
Afghanistan... -Of Irak. Wherever.
Waar mensen als hij 't meest nodig zijn. Dit is nu, Saar. Dit is echt.
Onze zoon wil een US marine worden.
En jij wist dit?
Ja, jij had zoveel aan je hoofd.
Aan m'n hoofd?
Wat ben jij een ongelooflijke lul. Hoe...
En nu? Wat heb jij gezegd?
Dat ik het heel erg moeilijk vind om 'm te laten gaan, maar dat 't zijn keus is.
En dat ik dat respecteer. -Ben je gestoord?
Het mag niet.
Het mag niet. Het mág niet. Dat had je moeten zeggen.
Mich is mijn zoon. Mich is mijn alles, mijn leven, mijn...
Okay, I know. I'm sorry, okay?
Hij mailde me de avond dat hij aankwam. Je vader was net dood, ik wilde je...
Ik had 't meteen moeten zeggen.
Mama? -Ja?
Ga je op reis? -Ja, schat.
Echt? Waarheen? -Naar Californië.
Naar Mich. Wedden?
Alsjeblieft, neem me mee. Het is zo debiel wat hij wil doen.
Wat? Wist jij 't al, van Mich? -Ja.
Ik mocht van papa niks tegen je zeggen.
Maar wie wil er nou 't leger in?
Alsjeblieft, neem me mee. Hij luistert vast naar mij.
Liefje, jij moet naar school. Je loopt al zoveel achter. Tot snel.
Mitch? Mitch? Er is hier een mevrouw...
Wat doe jij hier? -Ik moet je spreken.
Dit is mijn moeder.
Dag, mevrouw. Ik ben Scott. -Aangenaam.
Uitgebuit? Hoezo uitgebuit? -Uitgebuit. Misbruikt.
Omdat jullie jong zijn. Omdat jullie denken dat je niks kan overkomen..
Maar eigenlijk ben je niks anders dan kanonnenvlees.
Kanonnenvlees? Echt niet.
Ik sta gewoon voor iets. Iets echts.
En bovendien ga ik er ook een opleiding bij doen.
Ik wil niet alleen een marine blijven. Ik wil in command zijn.
Het duurt wel even voordat je in command bent.
En dan ben je al naar 15 kuttige brandhaarden gestuurd.
Wat wil je dan? Dat ik niks doe, zoals al die andere slappe zakken om ons heen?
Hoezo niks? Ik wil gewoon dat je in leven blijft. Dat je...
studeert, vrienden hebt, leuke dingen doet...
Weet je wat papa tegen me zei? Dat hij 't geweldig van me vindt.
Hij noemde me een held.
Zei hij dat? Een held. -Ja, dat zei hij.
Hij heeft zich netjes laten afkeuren voor dienst.
Dat was een andere tijd. En opa zei...
Ga niet met opa schermen.
Je opa was jonger dan jij toen hij in Auschwitz zat.
Z'n ouders zijn er vermoord. Dat was echt. Dat was geen spel.
En jij? Jij gaat oorlogen opzoeken?
Waar je niks te zoeken hebt.
Waarom?
En je opa zou dit ook nooit gewild hebben. Dat besef je toch wel?
Die haatte oorlog. De marines. Dat vond hij kitsch.
Ik kende opa heel anders dan jij. -O, ja?
Ik weet dat je lief bent, en dat je me wilt beschermen.
Maar ik wil zelf beschermen. Snap dat dan.
Mich.
Jij bent misschien wel zo'n beetje degene waar ik het meest van hou...
op deze hele wereld. Ik...
Hou op. Ga alsjeblieft naar huis. Ga slapen en vlieg alsjeblieft terug.
Het lijkt wel alsof ik je alleen maar wegjaag.
Net als met opa en mij.
Hoe meer ik van je hou...
hoe verder weg jij vlucht.
Mama?
Mama.
Waarom beantwoordde je m'n berichtjes niet?
Hé. Daar ben je. Hé.
Hij wil 't echt, Tess.
Dus jullie laten hem gewoon gaan.
Wat kan ik eraan doen? Hoe meer ik zeg, hoe meer hij het wil.
Kom alsjeblieft op me liggen.
Wat? -Kom alsjeblieft op me liggen.
Zo?
Bloot. Trek je broek uit.
I can do bloot.
Je huilt.
Vind je me eigenlijk nog wel mooi?
Je bent heerlijk.
Maar niet mooi.
Waar heb je 't over? Je bent prachtig.
Jij bent de allermooiste.
Kom je dan nu weer op mij liggen?
Oké. -Kom.
Mama? -Tess?
Mama. -Hé.
Hé, Tess... -Meisje.
Hé schatjes, lekker aan 't neuken? Ken je mij niet effe doen, schatje?
Eén verkeerde move en we schieten. -Je wilt met mij spelen?
Opstaan. Bankpassen, juwelen, alles. In die hoek.
Ik heb gezegd, snel, joh. Teef. Loop door.
Is dit alles? Ik geloof dat niet.
Banknummers, creditcards. Opschrijven. -In die hoek.
Ga zitten, ga zitten. -Wij gaan naar buiten. Pinnen.
Noem een bedrag. Ik geef 't je. Cash.
Hou je bek, man. Denk je dat je ons kan omkopen?
Noem een bedrag. -Zeg: I am your bitch.
Zeg: I am your bitch. Say it.
I am your bitch.
Wat doe je? Fuck, man. -Papa.
Fuck. -Papa.
Papa. -Snel weg hier.
Ik heb 't koud. -We zijn overvallen.
M'n man gaat dood. Het is aan de Parklaan.
Jullie moeten nu komen.
Ik ben bij je.
Jacob, niet weggaan. Niet weggaan.
Jacob. Godverdomme.
Nee. Niet doodgaan. Niet weggaan, liefje.
Ik hou van je, Jacob.
Ik hou van je. Ik hou heel veel van je, Jacob.
Ze hadden me vastgebonden.
Luister...
Wat heeft...
Hebben ze iets met je gedaan? -Mich.
Mich zou bellen. O, god. -Kun je je iets herinneren?
O god.
Mama?
Mama, ik heb je de hele avond proberen te bellen.
Sorry. -Heb ik je wakker gebeld?
Ik ben wakker, het is niet erg. Nee.
Hoe gaat het, liefje? -Die jongens zijn wel aardig.
Maar ze zijn heel rechts. En ze denken dat Nederland in Azië ligt.
Ik heb de hele nacht een mars gehad. Al m'n sokken zijn door. Kun je nieuwe sturen?
Hoe gaat het daar? -Schat, het gaat prima. Ik...
Is het niet te zwaar voor jou? -Ja, maar ik ga het halen, mam.
Oké, ik moet gaan, mam. Voorzichtig zijn, oké?
Voorzichtig zijn.
Ging jij soms ergens naartoe?
Nee. Hoezo?
Je hebt allemaal mascara op je gezicht.
Die ben ik er gewoon vergeten af te halen, denk ik.
Hebben ze iets met je gedaan?
Nee, niks. Ze zochten naar geld.
Wil je chocolademelk? -Nee.
Dat is lekker. Iets zoets.
Mama?
Wordt papa beter?
Hé.
Ik ben op de maan geweest.
Ik heb de aarde gezien.
Ik heb ons gezien.
Hoe gaat het met jullie?
Alles is oké, liefje. We zijn er nog.
We zijn er allemaal nog.
Hé, schatje. Ga je mee?
O, mijn god.
Het is verf.
Oink. Dat zeg je toch niet in Nederland?
Dat betekent 'knor'.
Is het antisemitisch bedoeld?
Heeft u vijanden? Of uw familie? -Ik weet het niet.
Mam, hadden papa en jij vijanden of zo?
Waren jullie bang voor iemand?
Hoezo? Waarom?
Nou, papa kon enorm tekeergaan.
Niet iedereen kon daar tegen. Is het zo'n gekke vraag?
Heb je geen honger?
Mam, papa is er niet meer.
Je kunt het toch gewoon zeggen als er iets aan de hand was.
Wie is die jongen?
Dat is Tarik. Hij hielp Raaymakers indertijd.
Hij komt me zo bekend voor. -Een boefje, hoor.
En wie is dat?
Dat is Anton Raaymakers. Een ongelofelijke hufter.
Ja. Maar ook een stakker. Een hoop ellende.
En het kwam allemaal door mij.
Wat kwam door jou?
Ik vond 'm zo zielig.
Raaymakers kwam als klein kind met z'n vader aan de deur.
Z'n vader wilde excuses maken voor zijn vader:
De beruchte wachtmeester Raaymakers...
die papa's familie gearresteerd had in de oorlog.
Papa had hem weggestuurd, maar heeft er altijd spijt van gehad.
Toen hij later de serre wilde laten verbouwen...
kregen we een offerte van dat kind bij de deur.
Hij was nu aannemer geworden en zei dat hij dat heel graag wilde doen.
Ik wil hier heel graag een orangerie van maken. Kun je je voorstellen...
Dat klinkt natuurlijk best pretentieus, een orangerie.
En vooral in Nederland, dat absoluut niet tegen Franse termen kan.
Maar het lijkt mij zo fantastisch als mijn achterkleinkinderen kunnen zeggen:
Onze overgrootvader, die zat nog in een leunstoel in een orangerie.
Mondscheinsonate, hè?
Maar ook nog een beetje werken.
Ik wilde kijken of ie 't nog deed, Herman.
Wij kunnen dit niet uitkeren.
Heel vervelend, maar ik heb de naam Raaymakers nagetrokken...
en ik ben bang dat die man nergens geregistreerd staat.
We kunnen een klein deel vergoeden.
Maar daar schiet u weinig mee op, gezien de ernst van de mankementen.
Onder ons gezegd, ik zou u aanraden om 'm een proces aan te doen.
Dekken, boys.
Dekken, boys. -Blokken.
Dat is 'm. -Ja, geef 'm. Mo, geef 'm.
Mo, je moet 'm links... -Ga maar spelen.
Herman. -Ja. Herman.
Dus dit is de plek waar jij je verpoost. -Tarik heeft 't hier naar z'n zin.
En dan heb ik 't ook naar m'n zin.
Hoi, Mr Silverstein.
Opgeven?
Of ik betoeterd ben?
Tarik en ik komen wel even langs en dan fiksen we dat probleem.
Hoe zit je volgende week? -Er komt geen volgende week.
Er komt een proces. -Een proces, Herman? Wat is dat nou?
Ja, een proces. Zodat ik tenminste iets van m'n geld kan terugkrijgen.
Laat me iemand sturen, dan.
Waarom heb je die klus überhaupt aangenomen?
Ik vind 't gezellig bij jullie.
Dat gaat er hard aan toe, zeg.
Hard?
Ja, hard.
Vind je dat hard, Herman?
Bij mijn pa draaide alles om schuld en boete.
Z'n leven was verziekt door de foute keuzes van zijn pa.
Zielenpoot.
Ik moet je heel eerlijk zeggen, Herman...
nu ik jou wat beter leer kennen...
begin ik bepaalde keuzes van m'n opa een stuk beter te begrijpen.
Papa is een bodemprocedure begonnen.
Meneer, ik heb deze jas. -Niet die jas.
Hij won natuurlijk.
Niet die jas.
Ik heb ergens gelezen dat Raaymakers failliet is gegaan.
Jezus, mam.
Hé, kijk nou. Ik herken u.
Van de foto's op de piano. Met dat schattige dochtertje. Toch?
Hoe oud is ze nu? Veertien? Vijftien?
Vertel eens even aan papa. Hoe oud is ze nou?
Jezus...
Hé, lieverd. -Hé, mams.
Alles oké?
Slaap lekker. -Jij ook.
Waarom bel je de politie niet?
Ik heb gewoon een raar gevoel over Tess.
Over Tess? -Ja. Ik weet het niet.
Hoi, lieverd.
Good morning, marines. -Good morning, sir.
Vandaag is de eerste dag van jullie nieuwe bestaan als marinier.
Geef ze een warm applaus.
Vandaag zijn jullie volwaardig lid geworden van het corps.
Dat komt van corpus. Lichaam.
Iets dat al lang voor jullie komst bestond...
en zal voortbestaan tot lang na jullie vertrek.
Verdomme, mannen. Jullie maken deel uit van het hardste...
meest gestaalde kader dat ooit heeft bestaan.
Jullie behoren nu tot het Amerikaanse corps mariniers.
Semper fi.
Eens een marinier, altijd een marinier.
Sergeants, jullie peloton mag inrukken.
Hey, Smurfie.
Hé, zeg 's wat tegen papa.
Hoe vond je 't? -Schitterend.
Echt bijna...
Bijna Middeleeuws. -Lieve mama.
Goed gedaan.
Ben zo terug, oké? -Ja.
Dus papa is helemaal niet aan z'n galstenen geopereerd?
Dus hij is neergeschoten? En mama dan?
Wat is er gebeurd? Tess, please.
Het komt allemaal door mij.
Beloof me dat je je mond houdt. -Ik beloof het.
Zweer het. -Ik ben een marine, oké?
So please, believe me.
Ik heb het nog aan niemand verteld. Het is te erg.
Mag ik erbij komen?
Nee, nu even niet. We zijn aan het praten. -Ja, dat weet ik.
Waarom heb jij niks gezegd?
Mich, schatje. Je zat middenin je training. -Jezus, mam.
Alsjeblieft, Tess. Wat er ook gebeurd is, het is niet jouw schuld.
Hé.
Lach eens.
Lach eens.
Als je hier met iemand over praat...
maak ik je oma af met een stuk prikkeldraad.
Of ik steek jullie huis in de fik terwijl jullie allemaal slapen.
Maar nadat ik je moeder opnieuw verkracht heb.
Dit keer neuk ik 'r in haar kont.
Dat vindt ze leuk.
En wat zal je broer als een baby huilen als hij erachter komt dat je vader dood is.
Hij wil ons kapotmaken.
Jou. Papa, oma. Mij.
Tess? Wie is deze man?
Hé, schat. -Ik heb een week familieverlof gekregen.
Ik wil papa zien.
Mich, je bent net uit je training. Doe een beetje rustig aan.
Shall we go?
Oké.
Hé. -Ha, lieverd.
Hoe was je vlucht?
We zijn er.
Hé, papa. -Ha, lieve Tess.
Dag, lieverd.
Tadaa. -Hoi, pap.
Hey, dude.
Jezus, man. -I'm okay, man.
Alleen geen sigaren.
Ik ga even naar oma.
Mich is veranderd.
Was dat niet wat je zo graag wou?
Sorry.
Dat was gemeen.
Mich. Zeg alsjeblieft iets tegen me.
Je hebt de hele vlucht niks gezegd.
Praat met me.
Heeft die man jou verkracht? of niet?
Nee.
Het was geen verkrachting.
Het was afschuwelijk en ik was doodsbang.
Maar verkrachting was het niet. Ben je daarom boos op mij?
Jullie zijn zo fucking hulpeloos.
Ik kan er niet meer tegen.
Weet je wat dat is? -Wat?
Hier zat opa.
Alstublieft.
Mr Raaymakers, alstublieft.
Laat ons hier blijven. Op onze zoon wachten. Hij is volgende week weer thuis.
4 minuten en 30 seconden om te pakken.
Zewa, we gaan inpakken. -Alstublieft.
We gaan inpakken. Kom met me mee. -Alstublieft.
Rustig maar, rustig. Kalmeer.
Rustig, rustig maar. Liefje.
Lieverd, rustig. Diep ademhalen.
Hou je vrouw in bedwang.
Geld is geen enkel probleem. -Jood. Je hebt nu al niks meer.
O, nee. Nee.
Nee.
Mama.
Wat doen jullie hier? -Wat doe jij hier?
Ik kon het niet.
We zijn boven, Jacob. -Ik kom eraan.
Slaap lekker, schatje.
Zal ik maar gaan dan?
I need the exercise.
Je moet meer thee drinken. En een beetje eten, schat.
Komt u verder.
Goedemorgen.
Goedemorgen. Wilt u ook een kopje thee?
Ik geloof dat jullie iets voor mij hebben verzwegen.
Dat u wel degelijk een vijand hebt.
Zijn naam zal u bekend voorkomen: Anton Raaymakers.
Dat is degene die wij dood hebben aangetroffen. Hier niet ver vandaan.
De man van wie u 'n rechtszaak heeft gewonnen...
en die vervolgens failliet is verklaard.
In zijn woning vonden wij een groot aantal van uw spullen.
Sterker nog, de hele woning stond vol met foto's.
Van onze familie? -Ja.
Wonderlijk, hè?
Ik laat u even uit.
Nou.
O, kijk. Hier is m'n andere dochter.
Tante Juud, we krijgen onze spullen terug.
Wat goed.
Ik heb taart meegenomen voor de vertrekkende soldaat.
Je ziet er supercool uit, tante Juud. -Dank je.
Mag ik taart?
Juud, who's the target? -Zou jij wel willen weten, hè?
Is het dé Bal of is er een nieuwe Bal? -Het is de oude Bal.
Stuitert hij weer? -Ja, dank u. Heel fijnzinnig.
Ja, er wordt weer gespeeld. En meer ga ik er niet over zeggen.
Wat is het voor taart? -Cheesecake.
Hele lekkere.
Waar schrijf je over op dit moment? -Varkensfabriek.
Penicilline-resistente staphylococcus aureus.
Mich.
Lieve schat van me.
Beste Mo...
Nee: Waarde Mo.
Edele Mo. Allereerst hoop ik dat jullie veilig zijn.
Het begon allemaal zo begin oktober.
Er drongen vier politiemannen bij ons binnen.
M'n vader schreeuwde dat ze niet moesten denken...
zo tegen ons tekeer te kunnen gaan in ons eigen huis.
M'n moeder wilde hem verdedigen.
Maar toen ook zij geslagen dreigde te worden, sprong ik ervoor.
Eén van de mannen probeerde me nog te ontwapenen.
Maar ik was hem te snel af.
Eén voor één heb ik de ploerten afgeknald, Mo.
Het was een vuurgevecht zoals je nog nooit van je leven hebt gezien.
Mijn moeder huilde, zo blij was ze dat ik hen bevrijd had.
Dat kun je denken.
Deze brief schrijf ik vanuit New York.
Het is hier geweldig fijn.
We hebben een prachtig huis gevonden.
En vader heeft een betrekking...
als operazanger aan een New Yorkse opera.
Zie je? De Jood keert altijd terug naar z'n nest.
Ik schrijf je snel weer eens.
Als altijd, je wapenbroeder. Herman.
Die heb je nu niet meer nodig.
Can't find what you're looking for?
Get subtitles in any language from opensubtitles.com, and translate them here.