All language subtitles for Revoir.Paris.2022.FRENCH.1080p.BluRay.x264-Ulysse

af Afrikaans
ak Akan
sq Albanian
am Amharic
ar Arabic Download
hy Armenian
az Azerbaijani
eu Basque
be Belarusian
bem Bemba
bn Bengali
bh Bihari
bs Bosnian
br Breton
bg Bulgarian
km Cambodian
ca Catalan
ceb Cebuano
chr Cherokee
ny Chichewa
zh-CN Chinese (Simplified)
zh-TW Chinese (Traditional)
co Corsican
hr Croatian
cs Czech
da Danish
en English
eo Esperanto
et Estonian
ee Ewe
fo Faroese
tl Filipino
fi Finnish Download
fr French Download
fy Frisian
gaa Ga
gl Galician
ka Georgian
de German Download
gn Guarani
gu Gujarati
ht Haitian Creole
ha Hausa
haw Hawaiian
iw Hebrew
hi Hindi
hmn Hmong
hu Hungarian
is Icelandic
ig Igbo
id Indonesian
ia Interlingua
ga Irish
it Italian
ja Japanese
jw Javanese
kn Kannada
kk Kazakh
rw Kinyarwanda
rn Kirundi
kg Kongo
ko Korean
kri Krio (Sierra Leone)
ku Kurdish
ckb Kurdish (Soranî)
ky Kyrgyz
lo Laothian
la Latin
lv Latvian
ln Lingala
lt Lithuanian
loz Lozi
lg Luganda
ach Luo
lb Luxembourgish
mk Macedonian
mg Malagasy
ms Malay
ml Malayalam
mt Maltese
mi Maori
mr Marathi
mfe Mauritian Creole
mo Moldavian
mn Mongolian
my Myanmar (Burmese)
sr-ME Montenegrin
ne Nepali
pcm Nigerian Pidgin
nso Northern Sotho
no Norwegian
nn Norwegian (Nynorsk)
oc Occitan
or Oriya
om Oromo
ps Pashto
fa Persian
pl Polish
pt-BR Portuguese (Brazil)
pt Portuguese (Portugal) Download
pa Punjabi
qu Quechua
ro Romanian
rm Romansh
nyn Runyakitara
ru Russian
sm Samoan
gd Scots Gaelic
sr Serbian
sh Serbo-Croatian
st Sesotho
tn Setswana
crs Seychellois Creole
sn Shona
sd Sindhi
si Sinhalese
sk Slovak
sl Slovenian
so Somali
es Spanish Download
es-419 Spanish (Latin American)
su Sundanese
sw Swahili
sv Swedish
tg Tajik
ta Tamil
tt Tatar
te Telugu
th Thai
ti Tigrinya
to Tonga
lua Tshiluba
tum Tumbuka
tr Turkish
tk Turkmen
tw Twi
ug Uighur
uk Ukrainian
ur Urdu
uz Uzbek
vi Vietnamese
cy Welsh
wo Wolof
xh Xhosa
yi Yiddish
yo Yoruba
zu Zulu

Original subtitles

Verdomme.

Breng haar naar de OK. Ik ben er om half acht.

En begin alvast. Goedemorgen.

Nee, ik ben er. Hoe heet de patiënt?

Goed, leg haar de situatie uit.

Kom, poes. Kijk daar.

Hallo. -Ze zijn begonnen.

Hallo. -Hé.

Even de microfoon testen? -Ja.

Nog tien seconden en dan beginnen we. -Goed.

Drie...

twee...

een en daar gaan we.

Live vanuit Moskou is hier Dimitri Vassiliev, de controversiële regisseur...

die het Parijse operaseizoen begint met het Sneeuwmeisje van Rimski-Korsakov.

Dimitri Vassiliev, goedemorgen.

Goedemorgen.

U bent beroemd om uw gewaagde, politieke producties.

U heeft de woede van de Russische autoriteiten opgeroepen.

Gaat u inbinden...

om het Parijse publiek dat bekend staat als conservatief niet te choqueren?

Nee, helemaal niet.

Frankrijk is het land van de Revolutie, de tolerantie.

Ik heb er alle vertrouwen in.

Ik heb altijd al willen regisseren hier. Parijs heeft een speciale plek in m'n hart.

Goedenavond. Een tafel voor twee? -Ja.

Volgende week heb ik een congres waarvoor ik luchtvaarttermen moet leren.

Zoals? -Nou...

Wat betekent dat?

Afstellen van nanogestructureerde materialen.

Sorry.

Momentje. Ben zo terug.

Jullie lieten me schrikken.

Alles in orde?

Sorry, ik moet terug.

Nu? -De nieuwe internist snapt niets.

Ze is nieuw. Het spijt me.

Heb je dienst? -Het is op mijn afdeling, dus ik moet wel.

Wat ga jij doen? -Geen idee. Misschien...

Ga je naar huis? -Ja.

Zien we elkaar zo? -Ja, ik bel je zodra ik klaar ben.

Succes.

Tot straks. -Ja.

Kan ik hier alleen iets drinken?

Niet hier, maar in de andere zaal is nog een tafel vrij.

Prima. Daar? -Inderdaad.

Oké. Bedankt.

Sorry, is de andere zaal daar? -Ja, aan het einde naar rechts.

Bedankt.

Goedenavond. -Is die tafel vrij?

Ja, gaat u maar zitten.

Ga uw gang. -Bedankt.

Wat is er daarna gebeurd?

Dat is uit mijn geheugen gewist.

Het gaat de goede kant op, maar het litteken moet stabiliseren voor we gaan opereren.

U kunt zich weer aankleden.

Het is toch al mooi gesloten?

Ik wil graag verder.

Over zeven maanden is plastische chirurgie mogelijk.

Nu is het nog te ontstoken.

Zeven maanden? Oké. Maar het is toch wel mogelijk...

het weg te halen?

We doen ons best, maar we kunnen niet toveren.

Bent u nog niet aan het werk? -Nee.

Nog niet, maar binnenkort...

Ik was de stad uit, bij m'n moeder. Het is fijn om terug te zijn.

Dames en heren, wegens werkzaamheden moeten we een omleiding nemen.

Kunt u de deuren opendoen, alstublieft?

De toiletten zijn die kant op.

Die zoek ik niet.

Oké, juist.

U moet contact opnemen met de groep die elke maandagochtend hier komt.

Dat is voor de mensen die...

Mensen zoals u.

Hoe bedoelt u? -Slachtoffers die het terug willen zien.

En praten. Het schijnt goed te zijn. We zijn dan gesloten.

Ik moet weer aan de slag. Sorry.

Of wilt u misschien een koffie? -Ja, graag.

Van het huis.

Ben je lang bij je moeder gebleven. -Ja, drie maanden in totaal.

Je reageerde niet op mijn berichtjes, ik dacht...

dat je er nog niet over wilde praten.

Ik hoef ook echt niet alle details te weten.

Ik weet niet zo goed wat ik moet zeggen.

Kun jij de taart meenemen?

Ja, natuurlijk.

Gaat het? -Ja, hoor.

Er is niks. Ik pak de champagneglazen.

Tot zo. -Ja.

Lekker, hè mannetje.

Daar ben je. -Jij bent het.

Er is niets. Ik neem even rust. -In het donker?

Bij de flessen. -Je blijft hier toch niet zitten?

Kom.

Dag. Fijn om je weer gezien te hebben. Goed om te zien dat je in vorm bent.

Steunt Vincent je een beetje. -Dag.

Tot snel.

Doe rustig aan. -Bedankt.

Vroeger luchtten mensen hun hart bij mij uit.

Dat vond ik fijn.

Nu willen ze mijn verhaal horen.

Alsof ik een soort attractie ben geworden.

Zelfs jij praat anders tegen mij. -Ik? Helemaal niet.

Jawel.

Alsof je voorzichtig moet zijn met me. -Dat heb ik zelf niet door.

Het is logisch dat mensen aan je denken en aan wat je is overkomen.

Ja.

Regende het al toen jij wegging? -Nee, of eigenlijk...

Ik weet het niet meer.

Ik juist wel. Het was droog, het begon later te regenen.

Tot daar herinner ik me alles prima.

Jij moest toch terug naar het ziekenhuis?

Misschien.

Jawel.

Dat staat me nog heel goed bij.

Ik was al een uur in het ziekenhuis toen het alarm ging.

Alle ziekenhuizen moesten paraat staan om de slachtoffers op te vangen.

Toen begonnen de gewonden te komen.

Ik herinner me de kruitlucht die de gangen vulde.

Ik belde je, maar je nam niet op.

Ik wist zeker dat je al thuis was.

Ik moest een selectie maken van 'dringend' en 'minder dringend'.

Mensen met kogelwonden, brandwonden...

We hoorden dat er nog twee aanslagen waren. Het was een gecoördineerde aanval.

Alle ziekenhuizen waren gemobiliseerd.

Vroeg in de ochtend belde het ziekenhuis waar je was opgenomen.

Je was gewond. Ze hadden je niet kunnen identificeren omdat je niets zei.

En je had geen legitimatie bij je.

Ik ging naar je toe.

Op de terugweg reed de taxi langs het restaurant.

Er lagen bloemen en kindertekeningen...

er was een soort pad waar mensen stil doorheen liepen...

als in een processie.

Ik ben Sara en coördineer de steungroep.

Hallo. Ik was betrokken bij de aanslag. -Dat had ik begrepen. Hoe heet je?

Mia. -Oké, ga zitten, Mia. Ik kom zo bij je.

Goed dat je bent gekomen.

Nee, ik ook niet.

Het is belangrijk dat je goed slaapt en op krachten komt.

Op die manier gaat je geheugen ook beter werken.

Zodra je je dingen begint te herinneren, komt het herstel op gang.

Je hebt gelijk.

Kunt u ergens anders gaan zitten?

Alstublieft?

Mijn ouders zaten daar.

Sorry, dat wist ik niet. Het spijt me...

Ik ga wel hier zitten.

Sorry. -Waar zat u?

Ik was in de andere zaal.

Ik was die avond niet met m'n ouders mee.

Ik wil weten wat hun laatste woorden waren.

Waar ze over spraken.

Of ze gelukkig waren op dat moment.

Of dat ze ruzie maakten. Ik weet niet.

Begrijpt u?

Misschien heeft u ze gezien.

Ik zal u iets laten zien.

Sorry, ik moet gaan.

Ga je weg? -Ja, ik weet niet wat ik hier doe.

Sorry, ik was met iemand die claustrofobisch is en die met je wil praten.

Bedankt.

Herinnert u zich mij?

Nee.

De tafel tegenover u. We vierden een verjaardag.

Ik herinner me helemaal niets.

U had een glas wijn besteld.

Ik dacht dat u op iemand wachtte.

Opeens zag ik u niet meer. Een groep Chinezen onttrok u aan het zicht.

Toen u weer in beeld kwam, zaten uw handen onder de inkt.

U zocht een zakdoekje...

en hoe meer u zocht, hoe meer u onder de inkt kwam te zitten.

Zelfs in uw gezicht. Ik moest om u lachen.

Lachte u me uit?

Nee, helemaal niet, maar dat dacht u wel.

Dat ik u uitlachte. U keek me aan met een blik...

Zeer geïrriteerd.

Ja, dat klopt. Eigenlijk...

Was ik aan het schrijven? Had ik een vulpen waarmee ik schreef?

Geen idee, dat zou goed kunnen.

Wat gebeurde er daarna? -Daarna stond u op...

liep door het restaurant naar de wc, denk ik.

Herinnert u zich niets?

Nee.

Er zijn hiaten. Ik weet niets meer. Alles is vaag. Ik heb...

beelden van voor de aanslag, geluiden...

maar vanaf dat er doden vielen, is alles zwart. Ik herinner me niets meer.

U boft maar.

Uw auto?

Hoe heet u?

Mia.

En u? -Ik ben Thomas.

Mag u wel autorijden? -Nee.

Ja, ja, kalm. Ik kom eraan.

Zet je auto weg. -Wat nou? Zie je mijn been niet?

Ze trok me naar zich toe en ik volgde haar en daarna is alles zwart.

Ben je alweer terug? -Ja, ik heb buiten met Thomas gepraat.

O ja, dat is goed. -Hij heeft mijn geheugen opgefrist.

Ik zat daar. -Dat is toch heel goed.

Nu heb je weer een stukje van de puzzel.

Wat doet u hier?

Sorry?

Nou ik was hier, net als u, ik zat daar.

U zat hier helemaal niet. U zat op het toilet. Ik herken u.

U rende naar het toilet toen het schieten begon.

Ik? -Ja, u.

U deed de deur op slot terwijl anderen erbij wilden.

Maar u deed niet open.

Hoe durft u hier te komen?

Dat is niet waar, dat heb ik niet gedaan.

U dacht alleen aan uw eigen veiligheid.

Hoe kunt u...

Hoe durft u zich hier te vertonen?

U moest zich schamen.

Het is vreselijk wat u heeft gedaan.

Wat doe je?

Sorry, ik moet weg. -Wat? Waar ga je heen?

Naar huis. Ik zie je daar.

Weet je het zeker? -Ja.

Pardon, meneer.

Hallo, met Mia.

We hebben elkaar bij het restaurant gesproken.

Misschien kunt u me helpen. Zou u me kunnen terugbellen? Bedankt.

Hallo? Fijn dat u terugbelt.

Ik dacht dat u mij misschien kon helpen met...

Sorry.

Stoort het echt niet?

Ja.

Goedenavond. -Hallo. Kom verder.

Sara gaf me uw nummer. Ik wist niet dat u hier lag.

Niets ernstigs. Ik zou een operatie krijgen...

maar het wordt nu morgenochtend dus prima.

Ik ben al drie keer geopereerd.

Ze reconstrueren stukje voor stukje mijn scheenbeen.

Maar het gaat goed. Ik heb ook kogelsplinters in mijn andere been.

Maar die laat ik nog even zitten om er langer van te genieten.

Genoeg over mijn been.

Wat kan ik voor u doen?

Klopt het dat u zich nog alles herinnert? -Ja.

Waarom wilt u het oprakelen?

Ik heb misschien iets gedaan. -Zoals?

Niets, ik... Sara zei dat u zich kleine details herinnert.

Misschien weet u nog wat ik heb gedaan nadat ik was weggegaan?

Kwam ik terug naar de zaal?

Nee.

Ga zitten.

Ik herinner me niet dat u terugkwam, maar misschien heeft iemand u gezien.

Bent u op de website geweest? Heeft u op het forum gepost?

Nee, ik wist niet dat dat er was. Ik ontdek een heel nieuwe wereld.

Ik wil het me echt herinneren. -Dat kunt u niet alleen doen.

Daarvoor moet je minimaal met z'n tweeën zijn.

Ik raad u aan om op de website te kijken.

Kent u de Facebook-pagina 'Memoria'? -Nee.

U zou daar moeten kijken. Als journalist zal u dat interesseren.

Ik heb u gegoogeld.

Vandaar.

Mia Loreau. Werkt u nog bij de radio?

Ik werk soms voor de radio, maar ik ben vertaalster Russisch.

Vertaalster Russisch? Wauw.

Moeilijke taal.

Mijn moeder sprak thuis Russisch, dus dat valt mee.

Kunt u mijn sigaretten aangeven? -Natuurlijk.

Rookt u hier? -Nee, er is een uitgang in de hal.

Mijn jas ook.

Je hebt geen antwoord gegeven.

In het restaurant, wachtte je op iemand.

Nee.

Enig idee waarom je daar was?

Toeval.

Ik was er niet toevallig.

Iemand had gereserveerd.

Het was mijn verjaardag, we hadden net onze bonus gekregen.

Ik zit in de financiën.

Ik heb een hekel aan verjaardagen.

Maar ze wilden me verrassen en ik deed alsof ik het leuk vond.

Ik wilde niemand voor het hoofd stoten.

Je was toch met vrouwen?

Ja, twee collega's.

Ze zijn er niet meer.

Hun families hebben me opgezocht.

Ik wist niet wat ik moest zeggen.

Ik schaamde me dat ik nog leefde.

Heb je een man?

Ja, maar we zijn niet getrouwd.

Dus je bent vrij?

Dat is niet echt het idee.

Kinderen?

Nee.

Daar moest ik aan denken bij de aanslag.

Niet weten wat het is om ze te hebben.

We hebben u overal gezocht.

Er is geen bezoekuur 's avonds. -Sorry, dat wist ik niet.

Ik kom eraan.

Zullen we?

Trekken maar.

Bedankt.

Jij komt morgen, hè? -Ja.

Succes.

Arrivederci.

Breng je morgen mandarijntjes mee?

Of sinaasappels.

Of chocola.

Sara heeft me het politierapport gegeven.

De aanslag begon om 20u49.

De politie bevrijdde ons om 22u37.

We hebben ons een uur en 48 minuten schuilgehouden.

Ik weet nog dat ik me afvroeg wat ze van me zouden vinden.

Hoe had ik alles achtergelaten?

Ik dacht aan het halve yoghurtje in de koelkast.

Vincent, met mij.

Ik kom niet thuis.

Sonia gaat verhuizen en ik kan een paar dagen in haar huis.

Bij République. Ik denk dat ik even alleen moet zijn.

Een kus.

Dat geluid herinner ik me.

Wat heb ik gedaan?

Waar was jij?

In de eerste zaal, aan de bar met een vriendin.

Zij was op slag dood.

Ik heb ook heel veel moeite gehad om het te reconstrueren.

Toen we dit opzette, had ik niet gedacht dat er zoveel behoefte aan was.

Eigenlijk zijn we één grote familie.

Ga je morgen mee naar Place de la République?

We komen bijeen voor ze de bloemen en kaarsen opruimen.

Goed.

Ik kwam hier om architectuur te studeren, werd verliefd en bleef hangen.

Herinner je je iets?

Nee, sorry.

Ik verdoe je tijd. -Onzin, daarvoor zijn we hier.

Ooit gehoord van de 'diamant in trauma'? -Nee.

Dat is het idee dat uit ellende iets moois kan voortkomen.

Dat zal bij jou ook gebeuren. Zeker weten.

Kunnen we het nog eens proberen? -Natuurlijk.

Denk alle spullen weg. Hiervoor was het een veel donkerder berghok.

Daarboven hebben mensen zich verstopt.

Nee, daar was het niet.

Het licht was ook anders. -Nee, dat is het niet...

Ik herinner me water op mijn hand.

Dan is het de andere. Kom.

Ik zal je bijschijnen.

Was het hier?

Ja.

Er was iemand bij me.

Hij hield mijn hand vast.

Ik herinner me zijn gezicht niet, maar hij had een tatoeage op zijn voorarm.

En een schort met bloedvlekken.

In dit gedeelte zat veel keukenpersoneel. Misschien was het een kok.

Maar veel daarvan zijn overleden.

Ik zou je dolgraag willen helpen...

Een aantal werknemers stond niet geregistreerd.

Dat heb ik horen zeggen.

Hallo.

Mag ik wat vragen?

Heeft u collega's die toen ook werkten? -Nee.

Echt niet?

Zoals ik al zei, is iedereen vervangen.

En ook de koks, de mensen van de bediening...

Ja, zelfs de koks zijn vertrokken. Ik was er niet bij, ik weet niet wat er is gebeurd.

Kun jij de zaal hiernaast doen, alsjeblieft?

Ik ben nog niet klaar. -Maak het straks maar af. Bedankt.

Hallo. We hebben elkaar net gezien. -Ja.

Ken je Thomas?

Hij was hier laatst met krukken. -Vaag.

Hij zei dat je hier eerder werkte.

Ik wil wat vragen over collega's die toen werkten.

Ik heb je hulp nodig. Ik zoek iemand.

Goed, maar hou het kort. Ik moet nog ver reizen.

Ik zoek iemand met wie ik was tijdens de aanslag. Een kok.

Hij had een schort om en een kleine tatoeage, hier.

Hij stond niet op de dodenlijst.

Veel koks waren illegaal.

Ik denk dat ze daarom niet geregistreerd zijn.

Ze zijn spoorloos verdwenen.

Dus ze zijn niet dood?

Daarom is iedereen weg, behalve ik.

Ik ben Française en mocht blijven van de nieuwe manager.

De politie stelde ook vragen en vond het vreemd dat iedereen weg was.

We hebben niets gezegd.

Kun je hun namen achterhalen?

Goed, maar je noemt mijn naam niet, anders kan ik mijn baan verliezen.

Dat beloof ik.

Hoe heet je? -Nour.

Mia.

Ik zoek ook de persoon met wie ik was.

We hadden ons verstopt in de kruipruimte, tussen de luchtkokers.

Ik wist zo zeker dat ik zou sterven dat we hebben gekust.

Hij was Australiër en was hier voor het eerst.

Heb je hem teruggezien?

De evacuatie scheidde ons.

Hij was lichtgewond.

Ik heb me rotgezocht op Facebook, maar tevergeefs.

We waren rechts van de ingang.

We waren met z'n vieren, alleen ik en de Australiër leven nog.

Ik zag de schutter.

Hij had een engelengezicht.

Ik weet niet...

Hij was opgewekt en zag er vriendelijk uit.

Het leek of hij sigaretten ging kopen.

Na het gebeuren ging ik naar huis.

Gelukkig voor mij was dat ver weg.

Niemand weet wat er toen met jou is gebeurd.

Ik weet je naam niet eens.

Zelfs m'n vriendin weet niks. Anders vertel ik haar alles.

Die dag was ongetwijfeld de vreselijkste dag van mijn leven.

Maar ik heb me nog nooit zo verbonden gevoeld.

Je hield me vast alsof je alleen mij nog had.

Ik weet dat je contact wilde.

Ik heb niet gereageerd en dat hou ik zo.

Dan ga ik alleen maar vaker aan je denken.

En ik wil niet elke dag aan je denken.

Maar dat doe ik wel.

Sorry, kunnen we even praten?

Kijk me alstublieft aan.

Ik was niet in het toilet.

Ik herinner me het nu goed.

Ik was er wel, maar dat was voor de aanslag.

Hoe weet u dat?

Dan had ik het me herinnerd.

Ik had iemands hand vast, een kok.

U heeft me met iemand anders verward. Dat geeft niet, maar u heeft zich vergist.

Als u dat graag denkt.

Hallo.

Sorry dat ik zo op uw dak val. Het is laat...

Ik zag u net.

Kom binnen.

Ik heb weinig in huis. Een glas water? -Ja, graag.

Hier.

Heb je de man gevonden die je zocht?

Nee.

Ik wil weten of hij nog leeft.

En die vrouw beschuldigt me ervan dat ik mezelf heb opgesloten en...

Ik geloof het niet. Er moet iets anders zijn.

Ze heeft ook geen idee.

Als je voelt dat hij nog leeft...

Ze bewaren spullen van slachtoffers op het hoofdbureau.

Is dat zo? -Ja.

Heb je dat niet gezien op Facebook? -Nee.

Je zou eens moeten gaan kijken. Misschien vind je iets.

Ik ben er met mijn tante geweest.

Alles zit in plastic tassen.

Er hangt een vreemde lucht.

Er was niet veel. Alleen een kaart die ze me wilden sturen.

Wil je hem zien?

De waterlelies.

Hij had gevraagd of ik met hen mee wilde.

We hadden de hele dag ruzie gehad.

Nu moet ik het eerst goedmaken voor ik afscheid neem.

Je weet nooit wat er kan gebeuren.

Toen ik hoorde van de aanslag, appte ik mijn vader.

Hij antwoordde dat ze zich hadden verstopt...

en wachtte op de politie.

En ook dat hij me niet kon bellen, anders zouden ze het horen.

Toen begon het wachten.

We wisten niet wat er gebeurde, we waren machteloos.

Op een gegeven moment deden we de tv uit.

En hielden we elkaars handen vast.

Je moet het uit je hoofd zetten. Ga slapen.

Soms denk ik ze op straat te zien.

Ik wil naar het museum waar ze waren.

Zien wat zij als laatste hebben gezien.

Dat schilderij zoeken. Alsof ik zo afscheid kan nemen.

Het is hier warm, hè?

Heb je iets te eten? -Nee, sorry, ik heb helemaal niets.

Ik ga wel even naar de kruidenier. Goed?

We overleven dit.

Haal adem.

Blijven ademen.

Goed zo.

Felicia?

Is dit van u? -Ja.

Dat hebben we in de tas gevonden. Check het even.

Hoeft niet. -Hier tekenen.

Bedankt.

Gaat u hier maar zitten. Hier.

Er was iemand bij me. -We gaan kijken.

Ik heb een cadeautje.

Dat is aardig.

Je lijkt er blij mee te zijn.

Ja hoor, leuk. Je wilt me verheffen, ontroerend.

Je kletst.

Ik heb je gebeld, maar je nam niet op. -Ik had mijn telefoon niet.

Wilde je me niet meer zien? -Jawel.

Ik heb je raad opgevolgd en ben naar het restaurant gegaan.

En ik wist me iets te herinneren.

Wat? -Ik had iemands hand vast.

De vraag is of hij nog leeft.

Ik weet niet of het helpt om het je te herinneren.

Echt. Ik denk niet dat het een goed idee is

Gaat het? Krijg je pijnstillers? -Niet nodig, dat wil ik niet.

Zal ik het raam opendoen? -Maak je niet druk. Het is goed.

Hier.

Lees me liever voor.

Dat kun jij vast heel goed.

Ik ben nooit voorgelezen. -Ik soms.

Ik kan m'n ogen dichtdoen als je dat fijn vindt.

Doe maar.

Wil je dat echt? -Ja.

Hallo.

Estelle, zijn vrouw.

We kennen elkaar vanwege... Ik zal jullie alleen laten.

Wacht. -Blijf toch zitten.

Hij moet iets tekenen voor de verzekering.

Dag. -Tot ziens.

Gaat het?

Tja. Teken dit.

Wacht.

Sorry, ik wilde niet... Ik wist niet...

Wat jullie hebben meegemaakt, kan ik nooit met hem delen.

Thomas weet dat niet, ik wel.

We komen hier niet overheen.

Snap ik. -Hier.

Hij is geen lezer.

Ik lees de berichten op het Memoria-forum.

Mensen die zoals Felicia willen weten hoe hun dierbaren zijn overleden.

Of mensen zoeken die ze die avond tegenkwamen.

Ik zoek een man die allebei zijn enkels had verwond en aan de bar in zaal 1 zat.

Ik wil weten of hij nog leeft.

Ik denk elke dag aan hem.

De persoon die ik zoek, leunde op mij en had twee kogelwonden in zijn borst.

Ze droeg een gevlamd T-shirt, paars of roze.

Ik was bang om te veel herinneringen op te rakelen...

maar als je weet hoe het met haar gaat, stuur me een DM.

Ik werd als laatste geëvacueerd.

Er waren helaas alleen nog doden.

Ik probeerde niet te kijken, maar ze leken te slapen.

Ik hoop dat dat troost kan bieden.

We zaten op een plek waar water lekte uit het plafond.

Je vroeg hoe ik heette. Jouw naam weet ik niet.

Je had een tatoeage en droeg een schort.

Je greep mijn hand. We klampten ons aan elkaar vast.

Toen de politie kwam, liet ik je hand los.

Ik zag dat je gewond was.

Ik hoop dat je het hebt gered.

Dat je nog leeft.

Meer hoef ik niet te weten.

Wat doe jij hier?

Als ik bel, neem je niet op. Ik maak me zorgen.

Kom binnen.

Ik snap niet waar je mee bezig bent.

Heb je een ander?

Is het die groep?

Zeg je niets?

Vincent, wat doe je?

Kom. Het heeft lang genoeg geduurd. Je gaat mee naar huis. Het is klaar.

Zet neer, alsjeblieft. -Waarom praat je niet met me?

Wil je niet dat ik je help. -Je kunt niets voor me doen.

Kan ik niets voor je betekenen?

Ik kan mijn oude leventje niet oppakken.

Waarom niet?

Waarom niet?

Moet ik machteloos toekijken hoe je gek wordt?

Was ik maar bij die klote-aanslag geweest.

Nour heeft de namen achterhaald van twee koks die destijds bij L'Étoille d'Or werkten.

Ze stonden niet geregistreerd, kwamen op geen enkele lijst voor.

Ze herinnerde zich dat de manager soms personeel zocht bij een telefoonwinkel.

Daar boden illegalen zich aan voor werk.

Niemand kende de namen.

Maar ik hoorde over een tussenpersoon.

Nee, bedankt. Ik zoek Hakim.

U vroeg naar mij?

Kan ik u iets aanbieden? -Nee, bedankt.

U zou informatie hebben over een kok die bij L'Étoille d'Or werkte. Snapt u?

Nee, ik snap het niet. Hoe komt u aan mijn naam?

Ik zoek iemand die daar werkte tijdens de aanslag.

Iemand die voor hem heeft bemiddeld. -Nee.

Misschien heeft u een naam, een adres.

U kent zijn naam niet?

U weet niet voor wie u heeft bemiddeld? -Ik bemiddel niet.

Ik verhuur geen legitimaties. Ik werk hier.

Ik heb twee koks en een keukenhulp. Ik weet alleen hun adres.

Ik weet niet waar u het over hebt.

Iemand strooit praatjes rond en ik wil weten wie.

Het gaat niet om u.

Ik zoek iemand. Het is belangrijk. Hij heeft mij geholpen.

Wie heeft u hierheen gestuurd?

Laat maar. Bedankt.

Tot ziens.

Ik ken de jongen die u zoekt.

Een Senegalees met een tatoeage. -Ja, een kleintje.

Ik heb hem lang niet gezien. Kent u hem? -Ja, niet zijn naam, maar...

Driss Mbow.

Volgens de papieren die hij leent. Zijn echte naam zal anders zijn.

Hij woont bij Port de la Chapelle, bij France Horizon.

Ik verhuur geen legitimaties. We helpen elkaar.

Is er iemand?

Hallo.

Sorry, de deur was open en...

Ik zoek Driss Mbow.

Ga op het bed spelen.

Kent u hem? Is hij familie van u? -Nee.

Ik was bij de aanslag met hem.

Ik wil weten of het goed met hem gaat.

Ik weet niet of hij echt Driss heet.

Hij heet Assane. Niet Driss.

Leeft hij nog?

Weet ik niet. Hij zit ergens in Italië.

Sorry, mag ik heel even...

Ik heb water.

Hier.

Er liggen nog spullen van hem. Wilt u die zien?

Als hij terugkomt, kunt u me dan bellen?

Hij is geen familie, maar we reisden samen.

Ik zal mijn nummer geven.

Kan ik een foto van hem maken? -Natuurlijk.

Ik werkte sinds zes maanden bij L'Étoille d'Or.

Als de Senegalezen, Malinezen en Sri Lankanen zouden staken...

zou je niet kunnen eten in Parijs.

Restauranthouders noemen ons kopieerders...

omdat we de gerechten perfect kopiëren.

In mijn leven heb ik altijd geluk gehad.

Ik ontloop de buien.

De chef stuurde me naar de kelder.

Ik hoorde die vuurregen op het laatste moment.

Ze had niet gemerkt dat ze gewond was.

Ik beloofde haar dat we niet zouden sterven.

Niet hier.

Na alle ellende zou ik nu niet in die kast sterven.

Ik moet dit detail vinden.

Ik vroeg me nooit af of ik gelukkig was.

Nu wel.

We waren gelukkig, zo gelukkig. Ik begrijp het niet.

Waarom associeer je mij daarmee?

Ik sta er los van.

Ik weet nu gewoon dat ik moet...

Dat ik iets met dit verhaal moet doen.

Iets nieuws.

We hadden een kind moeten krijgen.

Dan had je niet zo gepraat.

Jawel.

Het zou niets hebben veranderd.

We hebben het samen besloten. Eerlijk gezegd...

Ik heb er geen spijt van.

Die avond ging je niet naar het ziekenhuis, hè?

Jawel.

Ja, maar niet voor een noodgeval. Je had er met iemand afgesproken.

Nee, het was geen noodgeval.

Goedenavond. Hoe gaat het met je?

Goed. Stoor ik niet?

Nee, hoor. Er zijn advocaten om juridische kwesties te regelen.

Heb je hem gevonden?

Ik heb geen aanwijzingen meer. -Jammer. Ik weet dat het moeilijk is.

Dus je was te laat. -Kennelijk.

Mag ik wat zeggen? -Ja.

Ik laat jullie.

Vindt u het erg om verderop te gaan staan? -Geen probleem.

Ik weet dat u niet op het toilet zat.

Hoe komt u daarbij?

Ik heb me vergist.

Ik had het mis. Ik weet dat u daar niet was.

Mijn man is daar omgekomen.

Ik heb dingen verward.

Had iemand zich opgesloten in de wc? -Ja.

Weet u wie het was?

Ik.

Het spijt me.

Nou, tot ziens. -Ciao.

Tot gauw. -Ja.

Sorry voor laatst. -Onzin, ik zou me juist moeten...

Ik wilde bellen...

Ik ook, maar ik durfde niet.

Heb je hem gevonden? -Nee.

Ga je mee?

Toe. -Ach, we zijn geesten. Niemand ziet ons.

Ga jij kijken?

En?

Gezellige drukte. Het is leuk.

Veel mensen? -Ja, maar er is ruimte.

Goed, dan gaan we.

Even de nooduitgangen checken.

Die zijn er voor als de bruid van gedachten veranderd.

We moeten een ontsnappingsplan hebben.

Daar is de bruid. Kom.

De sfeer is goed.

Dat is onze oproep.

Ik ga.

Kom je? -Nee.

Toe.

Gaat het? -Het is warm. Ik heb het benauwd.

Ik denk...

We kunnen de tijd terugdraaien.

Wat?

Ik had op je moeten wachten tot je terugkwam van de toiletten.

Om met je te praten.

Ik zou zijn opgestaan.

Een drankje voor je gehaald.

Je had me aangekeken.

Ik had je laten lachen.

Zou het gewerkt hebben? -O ja.

Ik ben echt grappig. -Ja, ik denk dat het gewerkt had.

We moeten het noodlot tarten.

Denk ik.

Een litteken.

Die heb ik ook.

Ik ga.

Waarheen?

Ik moet nog één ding doen.

Tot zo. -Ja.

Essé.

Hallo. Alles goed? -Hallo.

Ga maar een koekje eten.

Alles goed? -Ja.

Ik had je gebeld, maar de lijn was dood. -Ik heb een nieuw nummer.

Weet je, ik...

Ik heb een brief aan Assane geschreven...

Heb je nu wel zijn adres in Italië?

Ik hoorde dat hij niet meer in Italië is. Ik geloof dat hij terug is.

Is hij terug? Echt? -Ja.

Hij schijnt bij de Eiffeltoren te werken.

Kent u deze man? -Nee.

Dag, ik zoek deze man. Herkent u hem?

Nee, ik ken hem niet. -U kent hem niet?

Dag, meneer. Mag ik een koffie, alstublieft?

Alstublieft. -Bedankt.

We hebben een tijd zomaar wat gelopen.

Hij vond het fijn te weten dat ik ergens leefde.

Ik had hetzelfde gevoel.

We leefden nog.

Ik leefde.

Bedankt dat je mijn hand vasthield.

Voor Jérémie

Can't find what you're looking for?
Get subtitles in any language from opensubtitles.com, and translate them here.