Afrikaans
Akan
Albanian
Amharic
Arabic
Armenian
Azerbaijani
Basque
Belarusian
Bemba
Bengali
Bihari
Bosnian
Breton
Bulgarian
Cambodian
Catalan
Cebuano
Cherokee
Chichewa
Chinese (Simplified)
Chinese (Traditional)
Corsican
Czech
Danish
Dutch
English
Esperanto
Estonian
Ewe
Faroese
Filipino
Finnish
Frisian
Ga
Galician
Georgian
German
Greek
Guarani
Gujarati
Haitian Creole
Hausa
Hawaiian
Hebrew
Hindi
Hmong
Hungarian
Icelandic
Igbo
Indonesian
Interlingua
Irish
Italian
Japanese
Javanese
Kannada
Kazakh
Kinyarwanda
Kirundi
Kongo
Korean
Krio (Sierra Leone)
Kurdish
Kurdish (Soranî)
Kyrgyz
Laothian
Latin
Latvian
Lingala
Lithuanian
Lozi
Luganda
Luo
Luxembourgish
Macedonian
Malagasy
Malay
Malayalam
Maltese
Maori
Marathi
Mauritian Creole
Moldavian
Mongolian
Myanmar (Burmese)
Montenegrin
Nepali
Nigerian Pidgin
Northern Sotho
Norwegian
Norwegian (Nynorsk)
Occitan
Oriya
Oromo
Pashto
Persian
Polish
Portuguese (Brazil)
Portuguese (Portugal)
Punjabi
Quechua
Romanian
Romansh
Runyakitara
Russian
Samoan
Scots Gaelic
Serbian
Serbo-Croatian
Sesotho
Setswana
Seychellois Creole
Shona
Sindhi
Sinhalese
Slovak
Slovenian
Somali
Spanish (Latin American)
Sundanese
Swahili
Swedish
Tajik
Tamil
Tatar
Telugu
Thai
Tigrinya
Tonga
Tshiluba
Tumbuka
Turkish
Turkmen
Twi
Uighur
Ukrainian
Urdu
Uzbek
Vietnamese
Welsh
Wolof
Xhosa
Yiddish
Yoruba
Zulu
Dumé heeft me ontvoerd
Je gaat me vertellen wat je weet. - Ik weet helemaal niks. Ik zweer het je.
inVision Ondertiteling.nl
twee dagen geleden
Ciao.
Heb je zin in een kopje koffie? - Kom even bij me zitten.
Ga je echt mee naar de begrafenis? - Hoezo? Heb je dat liever niet?
Jawel, maar ik moet je eerst iets vertellen.
Wat is er? - Ik ben niet wie je denkt.
Ik weet toch 't een en ander over je. - Maar niet wie ik werkelijk ben.
Ik heet geen Julie Tassone. - Ik begrijp het niet.
Wat bedoel je daarmee? - Ik heet Sandra Paoli.
M'n familie is zeer bekend op Corsica. Ik kan beter anoniem blijven.
Vandaar m'n nieuwe naam. - Wat bedoel je met 'zeer bekend'?
Dat sommige mensen ons willen omleggen. M'n broer had geen ongeluk.
Hij is neergeschoten.
Ik wilde het je al eerder vertellen, maar ik had geen keus. Het spijt me.
Hoe langer ik het verberg, hoe moeilijker. - Loop je gevaar bij de begrafenis?
Ik ga wel met je mee.
Hoe heet hij, zei je? Hoe spel je dat? Natuurlijk.
Oké. Tot straks.
De eigenaar is Engels. Hij komt hier één keer per jaar, maar weet van niks.
Ik laat hem hier komen.
Hij kent Jean-Michel Paoli en z'n familie niet. Verder vonden we niets.
We kunnen niets bewijzen. - Laten we de telefoongegevens uitpluizen.
Bel de dienstagent. Het gaat om diefstal. U mag hier plaatsnemen.
Mika? Heb je even? M'n teamleider wil je even spreken.
Waarom? - Geen idee. Ik moest je roepen.
Houd even een oogje in het zeil. Ik ben zo terug.
Dédé, bel de patholoog-anatoom voor het rapport.
Fred, je gaat kijken welke auto's die route tussen 21 .00 en 04.00 uur namen.
Misschien heeft iemand iets gezien. - Doe ik.
Kom toch binnen. Heet je Mika Demazon?
Ken je de familie Paoli?
Natuurlijk. - En de broer die neergeschoten is?
Ja, Jean-Michel. - M'n collega is met zwangerschapsverlof.
Je neemt de telefoonklus van haar over. - En m'n gewone werk?
Dat is verleden tijd. Wat vind je ervan? - Geweldig. Ik ben er klaar voor.
Dit zijn alle telefoongesprekken van vijf dagen voor en na de moord.
Je gaat vergelijken en analyseren. - Het is veel werk en saai werk.
Geen probleem. - Goed. Welkom bij de recherche.
Je kan je uniform in je kluis terughangen.
Weer een vrouw in het team. - Wil jij liever haar werk doen?
Polo heeft Jean-Michel vermoord. Hij pakte het geld en ging ervandoor.
Ik weet zeker dat het zo is gegaan. Hij is vertrokken. Hij heeft me genaaid.
Hij heeft ons allemaal genaaid. - Het is heel simpel:
Mordiconi en Campana zijn schuldig. - Dat klopt. Zij zijn van de oude stempel.
Ze begroeven dus Polo's lichaam...
en verstopten z'n auto, maar lieten het lichaam van Jean-Michel achter.
Waarom niet? - Polo is de dader. Hij is nu op de vlucht.
Wil je hem echt niet zien? - Nee, ik kan het niet.
Hij ziet er heel mooi uit.
Deze ruikt nog steeds naar hem.
Ga maar kijken.
Ik doe dat liever niet.
Kom. Kom naar je vader kijken.
Je moet met de mensen komen praten. - Ze kijken allemaal naar me.
Ze zeggen niets, maar ik hoor ze wel.
'Dat is dus Sandra Paoli. Ik had me haar langer voorgesteld.'
'Ik had me haar kleiner voorgesteld. Ze lijkt niet op een Corsicaan. '
Ze blijven kletsen.
Ze hebben het niet gedaan. - Ze kwamen net uit de gevangenis.
Ze zijn het niet. - Wie is het dan wel?
Geen idee, maar zij zijn het niet. Bemoei je er dus even niet mee.
We zullen de daders niet sparen. - Houd daar alsjeblieft mee op.
Hoe zit het met je broers zaken? - Dat zien we later wel.
Dat is niet het belangrijkste. Ik wil eerst weten wie hem vermoord heeft.
Wat doe jij hier? Wie ben je? - Tony's neef. Ik moet deze aansluiten.
Zijn ze hier? - Nee. Hier is niemand.
Wat is dit voor gezeik. Komen ze nog? - Geen idee.
Ze zijn vertrokken. - Vertrokken? Je moet ze gaan zoeken.
Ik doe wat ik kan.
Neem me niet kwalijk. Hebt u misschien een vuurtje?
Probeer aardig te doen tegen Carmen.
Luister niet naar wat de mensen zeggen. - Over Manu, bedoel je?
Ze roddelen er op los, weet je dat? - Luister maar niet naar ze.
Ik weet zeker dat ze het niet gedaan hebben.
Je hield altijd al van ingewikkeld. - Gewoon ingewikkeld, nee, liever niet.
Maar ik ben dol op ingewikkelde mannen. Gek, hè?
Het zit in de familie, denk ik. - Enzo ziet er niet ingewikkeld uit.
Ik ben degene die ingewikkeld is.
Gaat het wel? - Jawel.
Ik ben er nu al meer aan gewend. En ik leer Sandra ook beter kennen.
Mis je Julie Tassone niet? - Sandra maakt me nieuwsgierig.
Dat is een goed teken. Julie maakte me de eerste keer ook nieuwsgierig.
Twee heren willen je spreken.
Doe alsof we elkaar niet kennen.
Wie zijn dat? - Politie.
Het zal niet te lang duren. - We hebben een aantal vragen.
Over u en uw vroegere vrienden. - Wat voor vragen?
M'n broer is vermoord en jullie komen me in zijn huis vragen stellen.
Het is aan jullie om de daders te pakken. - Daar hebt u gelijk in.
Waar wachten jullie dan op? - Op uw hulp.
Ik ben hier een jaar niet geweest. - Houd toch op met die flauwekul.
Campana en Mordiconi hadden ruzie met uw broer. Ze zijn de hoofdverdachten.
Wat voor ruzie? Als jullie bewijzen hebben, arresteer ze dan ook.
U kunt uw broer onmogelijk wreken. - Vroeger had u het nog kunnen doen.
Maar nu staat u er helemaal alleen voor. Laat het idee maar gewoon varen.
Ik zou voorzichtig zijn als ik u was. - Ik heb nooit iemand willen wreken.
En m'n broer krijg ik niet meer terug. Ik wil niets met z'n zaken te maken hebben.
Ik ga trouwens niet met Campana en Mordiconi om.
Mogen we dit op papier zetten? - Prima.
Wie gaan we dan afluisteren? - Mordiconi, Campana, Santini en Sandra.
Plus Battesti, Poli, Mikaël en Batti Renucci. Die hoorden bij Jean-Michel.
En de vrouwen? - Degene die bij de Dakota werkte.
Saudade Canarelli. - Waarom?
Ze bezocht Campana in de cel. - Vergeet Sandra's nicht niet.
Zij stuurde Mordiconi de volmacht. - Doen we: Christelle Paoli.
Carmen Paoli en Lilia Tavera ook. - Dat zijn mooie vrouwen.
Maar onbereikbaar voor jou.
Hoe gaat het? - Goed, ik ben een lijst aan het maken.
Ga na of al die mensen een mobiel hebben. MacGyver helpt je wel verder.
Julien, bedoel je? - Precies. Zo noemen we hem.
Gaat het een beetje? Ik moet zo gaan.
Ik vind je een geweldig mens. Je bent heel sterk.
Ik zie hoe zwaar je het hebt. En toch houd je je staande. Je bent een godin.
Lieve vrienden en familie, we zijn jullie erg dankbaar.
Jullie hebben Jean-Michel tijdens z'n laatste reis vergezeld.
Dank jullie wel.
Hoe laat spreken we af? - Om tien uur. Maar wees voorzichtig.
Kom, laten we gaan.
Heb je even? Blijf je in Bastia?
Ja. Ik moet een paar zaken regelen.
Blijf niet te lang in Bastia. Sommige mensen hebben het op je gemunt.
Je vrienden? - Nee, het zijn m'n vrienden niet meer.
Maak je om mij maar geen zorgen. Bedankt voor je komst.
Kom. Laten we hem een laatste kus geven.
Ik ben des duivels.
De daders zullen hiervoor boeten. - We zullen hem wreken.
Ik beloof het je.
Hij zou het leuk hebben gevonden om ons zo samen te zien.
Waarom zeg je dat? - Hij had het vaak over jullie.
Over ons? Wat zei hij dan? - Van alles.
Zoals? - Dat jij erg op je tante leek.
Sterk, maar kwetsbaar. Dat vond hij prachtig.
Want sterk, dat was hij niet. Zo kwam hij wel over, maar...
ik weet wel beter. - Hij krijgt ons nog aan het huilen.
Op Jean-Michel.
Wat is jullie grappigste herinnering aan hem?
Even denken. Ja, nu weet ik het weer.
Z'n gezicht toen ik zei dat ik de directeur van de veerdienst was.
Ik dacht dat hij zich zou verslikken.
Z'n gezicht, toen. Onvergetelijk.
Wat kan ik me nog herinneren... - Sorry. Ik ben zo terug.
Zijn de anderen daar? Als ik bedenk dat Jean-Michel er niet meer is...
heb ik het niet meer.
Rijd even via de vesting. Ik moet ergens langs.
Heb je al iets gehoord? - Nee, maar ze bellen wel.
Ik ga naar bed. Dank je wel, Jean. - Welterusten.
Op Jean-Michel.
Degenen die hem vermoord hebben, zullen zelf doodgaan.
Waar is Batti? - Geen idee.
Komt hij nog? - Er kwam misschien iets tussen.
Iets tussen?
Hallo? Met wie?
Wat is er aan de hand, Dumé?
Wat is er?
Ze hebben Migué neergehaald. - Wat?
Migué en de Dikke waren op weg hierheen toen ze neergehaald werden.
Het is jouw schuld, klootzak.
Je bent een verrader. Ik vermoord je.
Dumé heeft me ontvoerd
Je gaat me vertellen wat je weet.
Ik weet helemaal van niks. Ik weet niets, Dumé.
Migué was ervan overtuigd dat je hem had verraden. Hij had gelijk.
Als je niet praat, maak ik je af. - Ik was het niet. Echt niet.
Wat is Jean-Michel en Migué overkomen? Zeg het.
Het was Sandra. Sandra heeft Jean-Michel vermoord.
Ze sprak met me af. Jean-Mi dacht dat ze hem een voorstel wilde doen.
Hij vroeg me met Polo te komen, en daarna weer weg te gaan. Zij was daar.
Ik durfde het niet te vertellen, maar ik heb hem niet vermoord. Ik niet.
Migué ook niet.
Zij kan haar broer niet vermoord hebben. - We moeten hem afmaken.
We moeten hem nu afmaken.
Klootzak. Morgen kom ik terug en maak ik je af. Mafkees.
Het is te hoog. Laat maar. Kom, we komen morgen terug.
Kom. - Hij komt toch niet ver.
Verdomme. Zet dat ding af. Zet het uit.
Rustig maar. - Verdomme.
Laat een bericht achter. - Wat is er?
Wat is er aan de hand?
Wat is er? - Misschien leef ik niet lang meer.
Sandra heeft Jean-Michel vermoord. - Nu kraam je echt onzin uit.
Als ik vermoord word, ga je naar de politie. Sandra heeft hem neergeschoten.
Begrijp je? - Maar waarom?
Voor de zaken, het geld, de business. Wat denk je zelf?
Ze heeft je gekust en ze heeft Carmen omhelsd. Vergeet dat nooit.
Migué Poli. Stond hij niet op onze lijst? - Jawel. Hij kan er nu af.
Ik denk dat er meer zullen volgen.
Bent u Tony Campana's zus? We willen hem verhoren. Mogen we binnenkomen?
Hij woont hier niet. - Dat weten we. Het duurt niet lang.
Dag, mevrouw. Dag, jongeman.
Weet u soms waar Tony is? - Geen idee.
Heeft hij geen contact met u opgenomen na zijn vrijlating?
Wat heeft hij gedaan? - Niets. We willen hem wat vragen stellen.
Luister. Als hij opbelt, zeg tegen hem dat we hem willen spreken.
Geen probleem. - Dat was het. Dag.
Wraak in de onderwereld
Zullen we hun telefoons ook aftappen? - Ja. En we roepen iedereen op.
Wat wilden ze eigenlijk? - Heb je iets van Tony vernomen?
Gelukkig. - Waarom liet je ze binnen?
Ik wil niet dat je met Tony omgaat. - Dat doe ik ook niet.
Dat is je geraden ook.
Kijk.
We weten niet waar ze zijn, maar wel wat ze doen.
Handen omhoog. - Ik heb niets bij me.
Wat moet je? - Ik heb hier niets mee te maken.
Wat wil je? - Ik weet waar Dumé Battesti is.
En Mikaël? - Dumé heeft hem gisteren ontvoerd.
Waarom? - Dat weet ik niet.
Hier.
Bang.
Maak je geen zorgen, het gaat goed. Super. Ik kan het je nu niet zeggen.
De foto was trouwens heel mooi. Kusjes overal. Goed.
Tot gauw.
Verdomme. - Wat?
Ik wilde twee dingen doen:
Jean-Michel vermoorden en met Christelle neuken.
Ik heb geen van beide gedaan, verdomme.
We hebben er een paar genaaid. - Dat is iets anders.
Ik heb het gevoel dat ik hoeren naai in plaats van m'n vrouw.
We moeten Mikaël vinden en hem villen. - Ik wacht buiten op je.
Heb je nu nog steeds het gevoel dat je hoeren naait?
Hoe gaat het?
Het is een taaie, maar hij heeft het nu wel moeilijk.
Kijk me aan.
Vertel ons waar Mikaël is. Daarna mag je ophoepelen.
Het gaat ons alleen om Mikaël.
Niet hier. Mensen kunnen je horen.
Laat het maar aan mij over.
Hoe lang ben je al aan het oefenen? 2 maanden? Maar je bent ziek geweest.
Anderhalve maand, bedoel ik.
Goed. Je mag gaan.
Een whisky? - Graag.
Proost. - Proost. Je wilde me spreken?
Ik was laatst in Bastia voor de begrafenis van Jean-Michel Paoli.
Die is toch vermoord. - Ken je hem?
Natuurlijk. Iedere advocaat in Bastia kent de Paoli's.
Waarom was je op z'n begrafenis? - Ik heb een verhouding met z'n zus.
Met Sandra Paoli? - Ja.
Waarom heb je me dat niet verteld? - Ik wist niet dat zij het was.
Maar nu wil ik graag weten met wie ik te maken heb.
Waar zal ik beginnen?
Achternaam en voornaam. - Campana Antoine.
Antoine of Tony? - Antoine voor jullie.
Ferruchi Jean-Luc.
Bent u familie van Antoine Ferruchi? - Ja, z'n broer.
Santini Jean. - Achteruit.
Naam en voornamen. - Mordiconi Joseph, Emmanuel, Frédéric.
Achternaam en voornamen. - François Tomazzi.
Antonio Angelini.
Alexandre Tomazzi. - Haal je handen uit je zakken.
Wat deden jullie in dat huis? - Pokeren.
Een week lang? In een gehuurd huis? - Het is een prima huis.
Ik verloor 3000 euro. - Ik ben een pechvogel.
Alleen jullie? Niemand anders? - Ja, ik speel alleen met vrienden.
Mag ik zo even bellen? - Jean-Michel Paoli, Dumé Battesti...
Migué Poli, Jean Vinciguerra, de broers Guidicelli... Niets mee te maken?
We kennen ze niet eens. - Ik las het.
Hoe heten die broers ook weer? - Een week lang kaarten? Dat is veel.
We hebben ook tv gekeken.
Neemt hij op? - Ja.
We zijn bijna klaar. Kom binnen. Jullie hebben elkaar vast veel te vertellen.
En? - Niets tot nu toe.
Dat snap ik. Zoom eens in, zodat ik hun ogen zie.
Kijk toch wat een mooie jongens. - Niet verkeerd, nee.
Wie heeft haar gefotografeerd? - Ikke.
Wat is uw achternaam en voornaam? - Paoli Sandra.
Linkerprofiel.
Ik denk dat ze 'm enorm knijpen. Goede vangst.
Mika, kom je klanten even bewonderen.
Wat vind je ervan? - Niet slecht.
Je kan kiezen tussen een goede en een slechte afloop.
Wat heb je liever? - Een goede afloop.
Dan houd je je mond dicht en blijf je hier totdat we je wegsturen.
En toevallig sturen we je nu weg.
Mag ik m'n spullen pakken? - Nee. Geen tijd voor.
Ben je blij? - Ja. Alleen...
lk kreeg een schop onder m'n kont en zij wordt verzocht te vertrekken.
Ben ik niet wreed genoeg tegen haar geweest?
Je hebt toch je baan terug.
Dank je wel. - En ik dan?
Ga je ons fouilleren soms? - Ze wacht in de tuin op jullie.
Ik spreek je zo wel. - Ik doe alleen wat me gevraagd wordt.
Doet ditje niet ergens aan denken? Aan Grimaldi's dood.
Ze moet wel voorzichtig zijn. - Toch begrijp ik iets niet:
Heeft ze echt Jean of iemand anders gevraagd om haar broer te vermoorden?
Ik zei altijd dat niemand m'n broer pijn mocht doen.
Ik heb Jean-Michel vermoord. Mikaël regelde de afspraak.
Want alleen ik had daar recht op.
Nu moeten we er maar mee leven. - Mikaël is dood.
Afgeslacht. - Perfect.
Luister. Wat je gedaan hebt, is jouw zaak.
Wij hebben ook dingen gedaan. Het is voorbij.
Ik wil het nu allemaal vergeten en vooruitkijken.
Wat heb je al die tijd in Parijs gedaan?
Ik heb nagedacht over ons en over wat we zouden kunnen doen.
En?
En...
Vorig jaar heeft die klootzak me gepasseerd, en nu krijg ik z'n deelneming.
Niet slecht, hè?
Dat betekent dat hij alleen opereert. - Ja, hij is alleen.
En we gaan hem z'n gokhuis afpakken.
Iemand moet hem eerst bang maken. - We zijn ermee bezig.
Wil je nu de gokhuizen in handen krijgen? - Dan is Cercle de l'Étoile het beste.
De Monceau is rendabel, maar l'Étoile is een goudmijn.
Daar gaan wij dan van profiteren.
Met z'n drieën.
Maar we moeten eerst iets afmaken.
Als je Toussaint bedoelt, vind ik dat jullie dat maar moeten vergeten.
Tenzij hij jullie flink genaaid heeft. - Dat niet, maar we mogen hem niet.
Ben je blij om weer thuis te zijn? - Nou en of.
Als ik aan dat domme blondje denk dat me verving...
Wat doen we met Toussaint?
Kop, dan sparen we hem. Munt, dan gaat hij eraan. Het is kop.
Nog een keer.
Sorry dat ik laat ben. - Bedankt voor uw komst.
Graag gedaan. Wat kan ik voor u doen? - Weet u al meer over de dader?
Dat mag ik niet met u delen, maar we zijn ermee bezig.
Ik wil u graag dit laten horen.
Misschien leef ik niet lang meer. Sandra heeft Jean-Michel vermoord.
Ik weet zeker dat zij de dader is. - Wie is dat?
Dumé Battesti. - Waarom hebt u dit opgenomen?
De dag voor z'n dood belde hij mij 's nachts op.
M'n advocaat raadde me aan om dit mee te nemen.
Wat zeg je? Nu kraam je echt onzin uit.
Als ik vermoord word, ga je naar de politie. Sandra heeft hem neergeschoten.
Zij heeft haar eigen broer vermoord. - Deze houd ik.
Met hoeveel zijn ze? - 188 inschrijvingen.
Ik ben er om 21 .00 uur. Ruim deze tafel op. Het is een rommel.
Sta stil.
Iemand wil je spreken. - Wie?
Mensen. Lopen.
Stap in.
Bedankt voor je kaartje.
Je condoleert me na een lange radiostilte. Daag je me soms uit?
Laat me het uitleggen. - Vanaf nu bemoeien wij ons met je zaken.
We weten dat je er alleen voor staat. - Sandra...
Kijk me niet aan als je tegen me praat. Kijk weg.
Je gaat je personeel vervangen door mensen die voor ons werken.
En op een dag gooien wij jou ook eruit. - Stap uit.
Geef hier. En nu wegwezen.
Can't find what you're looking for?
Get subtitles in any language from opensubtitles.com, and translate them here.