Afrikaans
Akan
Albanian
Amharic
Arabic
Armenian
Azerbaijani
Basque
Belarusian
Bemba
Bengali
Bihari
Bosnian
Breton
Bulgarian
Cambodian
Catalan
Cebuano
Cherokee
Chichewa
Chinese (Simplified)
Chinese (Traditional)
Corsican
Croatian
Czech
Danish
Dutch
English
Esperanto
Estonian
Ewe
Faroese
Filipino
Finnish
French
Frisian
Ga
Galician
Georgian
German
Greek
Guarani
Gujarati
Haitian Creole
Hausa
Hawaiian
Hebrew
Hindi
Hmong
Hungarian
Icelandic
Igbo
Indonesian
Interlingua
Irish
Italian
Japanese
Javanese
Kannada
Kazakh
Kinyarwanda
Kirundi
Kongo
Korean
Krio (Sierra Leone)
Kurdish
Kurdish (Soranî)
Kyrgyz
Laothian
Latin
Latvian
Lingala
Lithuanian
Lozi
Luganda
Luo
Luxembourgish
Macedonian
Malagasy
Malay
Malayalam
Maltese
Maori
Marathi
Mauritian Creole
Moldavian
Mongolian
Myanmar (Burmese)
Montenegrin
Nepali
Nigerian Pidgin
Northern Sotho
Norwegian
Norwegian (Nynorsk)
Occitan
Oriya
Oromo
Pashto
Persian
Polish
Portuguese (Brazil)
Portuguese (Portugal)
Punjabi
Quechua
Romanian
Romansh
Runyakitara
Russian
Samoan
Scots Gaelic
Serbian
Serbo-Croatian
Sesotho
Setswana
Seychellois Creole
Shona
Sindhi
Sinhalese
Slovak
Slovenian
Somali
Spanish (Latin American)
Sundanese
Swahili
Swedish
Tajik
Tamil
Tatar
Telugu
Thai
Tigrinya
Tonga
Tshiluba
Tumbuka
Turkish
Turkmen
Twi
Uighur
Ukrainian
Urdu
Uzbek
Vietnamese
Welsh
Wolof
Xhosa
Yiddish
Yoruba
Zulu
Frankrijk voorjaar 1944
Luitenant Benson, hier is uw uniform.
Omdat de dam precies in deze smalle kloof ligt, is een luchtaanval onmogelijk.
Vliegtuigen moeten zo laag komen dat ze niet meer kunnen optrekken.
We zouden kamikazes moeten hebben, maar die heeft alleen de tegenpartij.
En een hoogtebombardement?
Dat wilden de Amerikanen ook, maar het risico is te groot.
Het moderne luchtafweergeschut zou alle vliegtuigen waarschijnlijk neerhalen.
Ga zitten, majoor, dan bekijken we de beelden.
De dam zelf, gebouwd met de nieuwste technieken.
Hij heeft een enorme capaciteit. Hier ziet u hoe kolossaal hij is.
Als we hem opblazen, worden alle wegen en bruggen daar weggeslagen...
en daarmee de aanvoerlijnen van twee Duitse tankdivisies.
Zonder benzine zijn alle Duitse troepen in dat gebied als het ware verlamd.
Dat is uw doel.
Dus D-day is aanstaande? - Dat kan alleen de premier u vertellen.
Maar u kunt uw eigen conclusies trekken.
Wat zal het zijn? Whisky? - Graag.
Ik kan u wel vertellen dat deze operatie, codenaam Overmatch...
door de premier zelf is bedacht.
Op het succes van operatie Overmatch.
En op de gezondheid van Winston Churchill.
Bent u er klaar voor? - Helemaal.
Uw Duits? - Dat heb ik hopelijk niet nodig.
De uitrusting? - Het is een voortreffelijke machine.
Ik heb hem door muren heen zien gaan alsof het boter was.
Het Franse verzet heeft net gemeld...
dat het eerste deel van de operatie is geslaagd.
Dit is luitenant Richard Benson van de commando's...
die nu doorgaat voor luitenant Hans Müller en de dam verdedigt.
Dit is Müller.
Lichamelijk zijn ze identiek. Deze vervanging maakt de operatie mogelijk.
Wat vindt u van het plan?
Wat baart u zorgen? - Ik weet 't niet.
Er moeten toch verschillen zijn tussen een Brit en een Duitser.
Qua mentaliteit, bedoelt u? U kunt gerust zijn.
Het zijn namelijk tweelingbroers.
Hun vader is Brits en hun moeder Duits.
Stel de troepen op voor inspectie.
U zei dat Jurgens gestraft moest worden als hij weer de fout inging.
Ik heb hem tien dagen latrinedienst gegeven.
Sommigen vergeten dat het oorlog is.
Wat heeft hij nu weer gedaan? - Ziekte geveinsd, zoals gewoonlijk.
Je kunt gaan.
Heil Hitler.
Na deze oorlog stap ik nooit meer op een motorfiets. Ik ben gebroken.
Waarom neemt u dan de auto niet, kapitein?
Ik heb een motorfiets nodig om die Fransozen in de gaten te houden.
Ik heb zo'n gevoel dat er iets staat te gebeuren.
Alles normaal hier? - Natuurlijk. Zoals altijd.
Je had helemaal gelijk gisteravond, weet je nog?
Nou... vaag.
Je gelooft het misschien niet, maar ik weet het niet meer.
Eerlijk gezegd heb ik gisteravond te veel gedronken.
Gebeurt mij ook vaak, dat ik de volgende dag niets meer weet.
Maar ik heb het nagezocht. Het was inderdaad Johann Strauss.
Wenen.
De wereld van walsen en mooie muziek.
Wat een stad.
Ga je mee naar St. Pierre? - Nee.
Ik moet m'n inspectieronde nog doen. - Goed, dan zie ik je vanavond.
Hou je ogen open, Hans. Ik vertrouw die lui niet.
Luitenant Benson?
Luitenant Müller, Elise. Heb je nieuws?
Londen heeft het groene licht gegeven.
Vanavond gebeurt het. - Morgen weer hier, dezelfde tijd.
Hebben ze hem al begraven? - Ja. Gisteravond.
Wist je dat hij gedood zou worden?
Ze zeiden dat hij gevangen genomen zou worden.
Kende je hem goed?
Ooit stonden we elkaar heel na.
Voor de oorlog woonden we in Hannover.
Voordat Hitler aan de macht kwam.
We waren een hecht gezin. - Wat is er gebeurd?
M'n vader is Engelsman, onze moeder was Duitse. Zij stond achter Hitler.
Ze maakten ruzie en gingen elkaar bijna haten.
Na haar dood keerden we terug naar Engeland, maar Hans bleef in Duitsland.
Heb je hem nooit meer gezien?
Nee. Ik kreeg nog een paar brieven vol met propaganda.
Hij schreef dat hij z'n moedersnaam had aangenomen: Müller.
Nu begrijp ik het.
Dag Elise. Luitenant Müller gaat z'n inspectieronde afmaken.
Meneer, kom gauw hier.
Welkom in Frankrijk, majoor. We moeten hier meteen weg.
Ga maar voor. Maar we moeten eerst op de andere twee wachten.
Wij gaan ze zoeken. Ik ken het hier heel goed.
Sergeant, weet jij waar de kist is geland?
Nee. Williams ging erachteraan en dreef af naar het zuiden.
Verdorie. François, jij kent de streek.
André, Jean, ga gauw die kist zoeken.
Zij vinden hem wel. Kom mee.
Ga weer slapen. Je hebt niets gezien of gehoord.
En u dan? - Ik moet naar St. Pierre.
Maak je geen zorgen.
Kom mee, majoor.
Luitenant Müller. - Tot uw dienst.
Heb je hem gehoord? - Ja, een Anson.
Ze willen waarschijnlijk weten waar ons geschut staat.
Maar we schieten alleen bij een aanval. Dit is vast een verkenningsvlucht.
Hopelijk is hij gauw weg.
Verdubbel de wacht. - Dat zal ik doen.
Die rotvogels houden nooit hun bek.
Dan liever de Fransen. Uilen brengen ongeluk.
Dat is Williams. Ik ken zijn vogelroep.
Zo, die snijden geen telefoondraden meer door.
We gaan terug naar de commandopost.
Is het niet verstandiger om eerst het raam dicht te doen?
Wie ben jij?
Dat is La Tulipe.
Rustig maar, hij is een van ons.
Hij is veel meer dan dat.
De Tulp. Wat nog meer?
Niets, majoor. La Tulipe, een van de Vrije Fransen...
die voor een vrij vaderland vechten, majoor Powell.
Zo te horen bent u goed op de hoogte. - Dat klopt.
Niemand heeft u genoemd. - We houden hem geheim.
Hij denkt voor ons. Wij zijn uitvoerders.
Maar kapitein Holtz krijgt wel nachtmerries van ons.
Luitenant Benson heeft de test glansrijk doorstaan.
Niemand twijfelt aan zijn identiteit. - En de broer?
Müller. Helaas hebben we hem moeten doden.
Majoor, over...
vijf minuten moeten we ons melden via de radio.
Als u me de golflengte en de berichtcode geeft...
meld ik Londen dat u geland bent.
Nee, eerst moeten we de kist met onze uitrusting vinden.
Die heb ik al gevonden.
Waar dan? - In m'n kippenren.
Dan moeten we André en Jean... - Nee, dat hoeft niet.
Ze zijn allebei dood.
Allebei dood?
Dus dat waren die schoten.
Ik geloof je niet, mankepoot. Je probeert ons erin te luizen.
Te veel toevalligheden. Jij weet alles al bijna voordat het gebeurt.
Hoe weet je dat? Waarom heb je die jongens niet geholpen?
Sergeant. Zitten.
Jawel, majoor.
Het spijt me, sergeant, maar ze hadden mij ook gedood.
Is jouw leven dan zoveel waard?
Eigenlijk niet. Maar de opdracht ontstijgt de normale maatstaven.
We moeten koste wat kost die dam opblazen. En dat gaat levens kosten.
Misschien wel van ons allemaal. Jean en André zijn de eersten die sneuvelen.
Zodra ik er zeker van ben dat ik niets meer kan doen...
zal ik ook bereid zijn die prijs te betalen.
De gegevens, majoor. Het is tijd om contact te maken.
Kijk uit voor die wagen.
Onderzoek die wagen.
Mooie meisjes. Hele mooie meisjes.
Papieren.
Geef hier.
Zeg hoe je heet.
Dat staat daar, François Leduc.
Wie zijn dat? - M'n nichtjes.
Wat doen ze?
Ze helpen me op de boerderij.
Waar breng je dit hooi heen?
Naar Laroche. Op de heuvel daar. Het is voor hun paarden.
Waar kom je vandaan? - Ik woon in het dal.
Hoe oud is dit hooi? - Ongeveer tien dagen.
Je liegt. Wat zit hieronder verstopt? - Niets.
Haal die meisjes eraf. Dit is geen hooitijd.
Annie, Elise, kom eraf.
Naar beneden. - Schiet op, kom eraf.
Kom naar beneden.
Weg.
Waarom versper je de weg? - Ik onderzoek die hooiwagen.
Op spelden? De wegen in dit gebied moeten open blijven.
Heb je hun papieren bekeken?
Zijn die in orde?
Geef ze dan terug. Ik heb haast.
Volg mijn bevelen op. - Jawel, luitenant.
Haal dat ding uit de weg zodat ik erdoor kan.
Vlug, meiden.
Dat is vrij hoog.
Mag ik u helpen, juffrouw?
Ik heb m'n twijfels. Door boter gaat hij wel heen, maar door cement?
Net zo makkelijk. Ik heb de marinejongens hem zien testen.
Dan hadden ze die moeten sturen.
Zet die compressor maar gauw uit.
Marius, word wakker.
Je moet wachtlopen, Michel aflossen. Vooruit, snel.
Rook je? Nee?
Toch iets wat je wilt. Je hebt een mooie glimlach, maar hoe klinkt je stem?
Heb je geen zin om te praten? Val ik je lastig?
Ja, want ze kan niet praten.
Ze heeft niets meer gezegd sinds haar familie is uitgemoord door de Duitsers.
Kunt u even komen? Er is een probleempje.
Wat is er dan?
De tijdontsteking is stuk. - Hoe kan dat?
Ik denk dat hij bij het neerkomen beschadigd is.
Kun je hem niet maken? - Niet zonder onderdelen.
En anders? - Een elektronische ontsteker maken.
Dan kunnen we de dam opblazen wanneer we maar willen.
En die werkt onder water? - Zolang de kabel maar waterdicht is.
In St. Pierre zult u die spullen niet vinden...
maar de Duitsers gebruiken ze om hun geschutsstellingen te bouwen.
Maar alles wordt streng bewaakt, en we krijgen vast geen cadeautjes van ze.
Wij misschien niet, maar ons paard van Troje wel: Luitenant Müller.
Natuurlijk. Aan hem had ik niet gedacht.
Elise, dat kan jij mooi doen.
Zeg tegen luitenant Benson dat ik hem wil spreken.
Dag luitenant Müller.
Begrijp je niet hoe gevaarlijk dit is? - Majoor Powell heeft me gestuurd.
Hij wil u dringend spreken. - Wat is er dan?
Er is iets met de...
Ogenblik.
Uw champagne. - Bedankt. Zet maar neer.
Zal ik hem openmaken? - Nee, dat doe ik wel.
Het spijt me. Ik hoop dat ik je geen pijn heb gedaan.
Ik volg de gewoonten van m'n broer.
Ja, m'n zoon? - Ik wil graag biechten.
Dat kan beter als de anderen weg zijn. - Nu graag, voordat het te laat is.
Goed. Wacht hier.
Een verdwaalde ziel wil graag biechten. - Laat hem maar komen.
Ga je gang, m'n zoon.
Luitenant Benson.
We hebben een probleem. We kunnen vanavond niet aanvallen.
Een deel van onze uitrusting is stuk en kan niet worden vervangen.
We willen een elektronische ontsteking en waterdichte kabel.
Ik zal ervoor zorgen, maar doe het liever morgenavond.
Die kapitein Holtz is slim en steekt de laatste tijd overal z'n neus in.
Vermoedt hij iets? - Niets specifieks...
maar hij wil me over een uur spreken. - Waarover?
Weet ik niet. Maar het wordt vast geen theekransje.
Goed, morgenavond dan.
Fijn dat ik op bezoek kon komen. Uw kerk is werkelijk heel fraai.
Ik hoop dat u al die kostbare schilderijen ergens veilig kunt opbergen.
Je weet maar nooit of God ingrijpt.
Dit is helaas vrij onplezierig, luitenant.
Sergeant Hoffengrummer meldt dat je een inspectie hebt verhinderd.
Waarom was dat?
Het was een boerenwagen, niets verdachts.
Wij van de SS bepalen wat verdacht is.
Daar dient het leger zich niet mee te bemoeien. Ga maar zitten.
Mag ik vragen waarom je dat deed? - Ik had haast en die kar stond in de weg.
Je had hem weg kunnen duwen.
Je bent een uitstekende officier.
Je had de leiding over een dorp in Rusland, geen klachten.
Daarom begrijp ik dit niet.
Of heeft het met dat meisje op die kar te maken?
Ze was vandaag bij je op bezoek.
Nee, dank u, ik rook niet. - Dom van me. Natuurlijk niet.
Je hebt een zwak voor vrouwen, zie ik.
Elke zwakke plek is gevaarlijk.
Je kunt beter bij haar uit de buurt blijven.
Wie is dit? Ik heb hem hier nog nooit gezien.
Pastoor Arthur uit St. Etienne aan de overkant van de berg.
Hij is hier op bezoek.
Hebt u een verlofbrief van de commandant?
Nee. - Die moet u wel hebben.
Ik dacht dat het niet voor geestelijken gold.
Jawel. U moet met ons mee.
Dan komen we te laat in het klooster.
Beter te laat dan helemaal niet. Kom...
Waarom ga je niet even naar Parijs?
Dat kan. Waarom Parijs?
Daar zit iemand die je ongetwijfeld wilt ontmoeten.
Marlene Schulman, onze gemeenschappelijke kennis.
Op het Derde Rijk.
Hoe is het met Marlene?
Ik had haar vanmorgen aan de lijn.
Ze zou je graag zien. - Die Marlene.
Het lijkt me ook leuk om haar weer te zien.
Zij kan je helpen vergeten. - Wat vergeten?
Wat het ook is dat je dwarszit.
Zijn de patrouilles op pad?
Ik kom meteen.
Ze gaan iedereen vermoorden. Iedereen.
Wat is er gebeurd, Marius?
Kom op, wat is er gebeurd? Zeg op.
Kom op, hou op met dat gesnotter.
Zeg iets. Wat is er gebeurd?
Vrouwen, kinderen en mannen zijn opgepakt.
Tien voor elke gedode Duitser. Twintig gijzelaars...
...hebben ze van hun bed gelicht.
Ze gaan dood, tenzij degenen...
...die de Duitsers hebben vermoord, zich melden.
Ik ga, François. - Nee.
Verdorie, laat me los. We mogen dit niet laten gebeuren.
Zo is het genoeg.
Jullie lijken wel een stel jonge meiden.
Niemand gaat hier weg.
Laat dit gaan. We hebben nog even geen behoefte aan helden.
De SS heeft manieren om je te laten praten voor ze je doodschieten.
Deze operatie mag niet in gevaar worden gebracht.
Wij moeten een dam opblazen en dat gaan we morgenavond doen.
Uitstappen.
Maak je klaar.
In naam van de Vader, de Zoon en de Heilige Geest. Amen.
Kapitein Holtz.
Wacht even, kapitein.
Nog niet schieten.
Kapitein.
Zij zijn niet de daders. Ik heb die twee soldaten gedood.
U bent net op tijd.
Zet hem bij de anderen.
Kapitein Holtz, ik sta dit niet toe. U gaat te ver.
Ik ga over burgers, kolonel.
Ik beveel u om u aan uw afspraak te houden.
U mag onze Duitse erecode niet te grabbel gooien.
Laat ze gaan.
Lopen, de wagen in.
Jij ook. Lopen.
Geef dit aan majoor Powell. De instructies staan binnenin.
Goed, Richard.
Tot straks.
De afgelopen dagen waren vreselijk. - Gelukkig is het na vanavond voorbij.
Korporaal, ga eens kijken.
François, daar zijn ze.
We staan klaar, majoor.
Kom mee naar binnen.
Luitenant, wat kunt u ons vertellen?
Hier aan weerszijden van de dam staat het gevaarlijke geschut.
Hoe laat wisselt de wacht?
Om 21.00 uur. Elke vier uur. We hebben dus drie uur de tijd.
Goed, we gaan inladen.
Ik heb het 20.24 uur. Ik stel voor dat we gaan.
Het duurt een half uur.
De vrachtwagen is klaar. - En de lijken?
Achter de houtschuur. - Kom, dan gaan we.
Kom, vlug.
Verdorie. Een wagen vol met moffen, op weg naar de dam.
Niets aan te doen.
Het luchtalarm zit toch in de commandopost?
Schakel jij dat uit? - Dat neem ik voor m'n rekening.
Het is alleen wel verbonden met een alarm in St. Pierre.
Terug naar de wagen.
Succes, luitenant.
Ik dacht dat u al naar uw kwartier was. - De inspectie liep uit.
Kapitein Holtz heeft voor u gebeld. - Ik bel hem straks terug.
Sergeant, sluit de sluisdeuren. Het water staat erg laag.
U hebt gelijk. Het water staat ruim twee meter lager dan normaal.
Handen omhoog, sergeant.
Geen geintjes.
François, haal de compressor.
Commandopost. - Müller.
Het spijt me dat het alarm afging. - Hoe kwam dat?
Iets met de bedrading. Het is al gemaakt.
Dus alles is in orde? - Ja, kapitein.
Ga dan maar terug naar St. Pierre. - Waarom?
Gewoon, een goede raad. - Naar het hoofdkwartier?
Nee, je eigen kwartier.
Klinkt interessant. Ik ga uw raad opvolgen.
Vlug, de rest van de spullen.
Sergeant, ruim de lijken op. Gooi ze over de rand.
Zware jongen, hè?
Is het niet riskant om nu naar St. Pierre te gaan?
Je hebt nog hoogstens twee uur.
U kent die gekke Holtz niet. Hij gaat controleren of ik erheen ga.
Hij is heel achterdochtig. Het is riskanter als ik niet ga.
Hij heeft gelijk. Maar hij krijgt iemand mee.
Maxim, zoek een Duits uniform...
en ga met luitenant Benson mee naar St. Pierre.
Hij zal u bewaken.
Majoor, we kunnen de Duitsers niet zien aankomen.
Iemand moet op de berg gaan staan om de weg in de gaten te houden.
Goed idee. Ik stuur Elise naar boven.
Ze zijn zover.
Start hem als ik het sein geef.
Starten.
Dag, Hans.
Je hebt wel de tijd genomen.
Wat fijn om weer bij je te zijn. - Waarom heb je niets gezegd?
Het was een spontaan besluit. En jij houdt van verrassingen.
Ik denk al maanden aan je en ik hield 't niet meer.
Dus zodra ik de vergunning had, was ik weg. Je bent toch niet boos?
Woedend.
De laatste keer dat we samen waren, was ik zo gelukkig.
Je moest aansterken, dus we konden rustig voor het eerst samen Kerst vieren.
Weet je nog? - Ja, natuurlijk.
We hadden het over je familie.
Je wou gaan uitzoeken hoe het met je tweelingbroer ging.
Die Engelsman. Zou hij ook in het leger dienen?
Stel je voor dat hij ook luitenant is.
Hoe zou je hem als krijgsgevangene behandelen?
Precies als wanneer de rollen omgedraaid waren.
Hopelijk gebeurt dat nooit, liefje.
Hoe lang blijf je hier? - Hoezo?
Wil je weer gauw van me af? - Nee, maar ik heb weinig vrije tijd.
Dan mogen we geen minuut verspillen.
Drie atmosfeer. Ze werken hard.
Wel veel herrie. Dit horen ze in Berlijn nog.
De druk vliegt omhoog.
Maar ze kunnen er nog niet door zijn.
Wat is de druk? - Acht atmosfeer.
Haal er gauw wat druk vanaf, voor dat ding ontploft.
Vijf atmosfeer. Volgens mij werkt die boor nu prima.
Drie kwartier is genoeg volgens de berekeningen van de marine.
Berekeningen? Die werken alleen achter een bureau.
Ik zou best een glaasje lusten.
Jouw wens is altijd mijn bevel.
Wat zal het zijn?
Je weet toch wel wat Marlene altijd wil?
Ik drink cognac, dat weet je toch.
Natuurlijk, wat dom van me. Marlene drinkt cognac.
Ik word zo vergeetachtig. Misschien moet ik...
Arme Richard Benson.
Uiterlijk lijken jullie op elkaar...
maar dacht je nou echt dat je me in bed kon foppen?
Om nog maar te zwijgen van het litteken op zijn rug.
Verroer je niet, Benson.
Hallo? Kapitein Holtz, snel.
Marlene Schulman.
Ben jij dat, Franz?
Luitenant Richard Benson, alias Hans Müller, staat hier...
Marlene?
Sergeant, er komen Engelse commando's aan met Duitse uniformen.
Laat ze er niet door.
We moeten opschieten. Het was een valstrik.
Hoelang nog? - Nog een paar minuten.
Ze gebruiken veel lucht, dus hij boort goed.
Ze hebben de kabel vastgemaakt. - Rollen jullie hem uit naar de ontsteking.
Ik blijf liever bij u. - Dat is een bevel.
Geen moffen gezien? - Die zijn allemaal naar Berlijn.
Ik hoop het.
Roland, wanneer begint het nou? Ik word een beetje zenuwachtig.
Ik denk om 01.00 uur, als onze wacht erop zit.
Hoe blijf jij zo rustig?
Gewoon de Fransen nadoen.
Misschien kan Annie het me leren.
Daar zie ik bepaald niet tegenop.
Jullie kunnen het goed vinden, dat heb ik gezien. Mag ik op de bruiloft komen?
Je mag m'n getuige zijn, als je de bruid niet steelt.
Roland is een echte grapjas.
Heb je een sigaret?
Ik ben blij voor Annie.
Dekking zoeken.
Klinkt als een heel bataljon. Als ze maar standhouden.
Dek me. Ik moet de majoor spreken.
Ze krijgen versterking. Nog even en ze breken erdoorheen.
Ook dat nog. Volg de kabel naar luitenant Benson.
Kijk of er geen breuk inzit. Ik blijf hier.
Ga naar boven naar luitenant Benson. Dat is een bevel.
Breng hem in gereedheid.
Bedankt.
Schiet op, Mac. - Bijna zover.
Majoor, ze zijn erdoorheen.
Klaar, sergeant?
Nu, sergeant.
Nu, zeg ik.
Can't find what you're looking for?
Get subtitles in any language from opensubtitles.com, and translate them here.