Afrikaans
Akan
Albanian
Amharic
Arabic
Armenian
Azerbaijani
Basque
Belarusian
Bemba
Bengali
Bihari
Bosnian
Breton
Bulgarian
Cambodian
Catalan
Cebuano
Cherokee
Chichewa
Chinese (Simplified)
Chinese (Traditional)
Corsican
Croatian
Danish
Dutch
Esperanto
Estonian
Ewe
Faroese
Filipino
Finnish
French
Frisian
Ga
Galician
Georgian
German
Guarani
Gujarati
Haitian Creole
Hausa
Hawaiian
Hebrew
Hindi
Hmong
Hungarian
Icelandic
Igbo
Interlingua
Irish
Italian
Japanese
Javanese
Kannada
Kazakh
Kinyarwanda
Kirundi
Kongo
Korean
Krio (Sierra Leone)
Kurdish
Kurdish (Soranรฎ)
Kyrgyz
Laothian
Latin
Latvian
Lingala
Lithuanian
Lozi
Luganda
Luo
Luxembourgish
Macedonian
Malagasy
Malay
Malayalam
Maltese
Maori
Marathi
Mauritian Creole
Moldavian
Mongolian
Myanmar (Burmese)
Montenegrin
Nepali
Nigerian Pidgin
Northern Sotho
Norwegian
Norwegian (Nynorsk)
Occitan
Oriya
Oromo
Pashto
Persian
Polish
Portuguese (Brazil)
Punjabi
Quechua
Romansh
Runyakitara
Russian
Samoan
Scots Gaelic
Serbian
Serbo-Croatian
Sesotho
Setswana
Seychellois Creole
Shona
Sindhi
Sinhalese
Slovak
Slovenian
Somali
Spanish
Spanish (Latin American)
Sundanese
Swahili
Swedish
Tajik
Tamil
Tatar
Telugu
Thai
Tigrinya
Tonga
Tshiluba
Tumbuka
Turkish
Turkmen
Twi
Uighur
Ukrainian
Urdu
Uzbek
Vietnamese
Welsh
Wolof
Xhosa
Yiddish
Yoruba
Zulu
Als ik een been had, zat ik 's nachts niet in 'n boot.
Behalve om 'n lek te dichten met m'n teen van walvisbot.
Hij is bezeten. Z'n ziel heeft schipbreuk geleden.
Moet je zien.
Mist. Waar komt die vandaan?
Kijk ons nu roeien. Op zoek naar een witte walvis in de mist.
Was het een geest of een walvis? - Het was Moby Dick.
Mist, hagel of sneeuw. Het maakt mij niets uit.
Ik wil die gouden dubloen. Ik sterf liever dan dat ik het opgeef.
Kom op, roei een beetje door.
Stop met roeien. Stil.
Spits je oren. Luister.
Houd de riemen stil. Maak geen geluid.
Zachtjes.
Goed zo, heel zachtjes.
Wat denkt u ervan?
Daar heb je hem, mannen.
Mr. Starbuck. Er achteraan.
Ga achter hem aan, mannen. Roeien. Volg Mr. Starbuck.
Stop.
Roeien, mannen. Roeien.
Onze walvis komt zo aan bakboord boven water.
Daar gaat ie.
Man overboord.
Mr. Starbuck, man overboord.
Mijn God, Pip ligt in het water. - Gooi de lijn.
Moeten we Pip niet redden? - We kunnen niets voor hem doen.
Geef 'm wat lijn.
De buit is bijna binnen.
Rustig aan, jongens.
Daar is hij. - Trek ons dichterbij.
We kunnen niet doen alsof er niets gebeurd is.
We moeten hem ophalen. - Ga zitten.
Laat haar niet zinken. - Pak die lijn.
Hij zal verdrinken als we hem daar achterlaten.
Er zijn nog twee boten. Die pikken hem wel op.
Roeien, mannen.
Roei zo hard als je kunt, verdomme. Roeien.
Ga opzij. Laat me er door.
Roeien.
Roeien, duivels.
Breng me naar hem toe.
Hij moet daar ergens zijn. Dat voel ik.
Roei zo hard als je kunt.
Breng me naar hem toe. Laat me op z'n witte rug springen.
Roeien, duivels. Roeien.
Hij is weg.
We zijn hem kwijt.
Heeft u hem niet gezien?
Jawel.
Waarom heeft u dan deze walvis gevangen?
Ik ben 'n walvisjager.
Vannacht moet de boel binnen zijn.
Voor zonsopgang. We varen morgen verder.
Tot uw orders.
Wat doen we met de jongen? - Welke jongen?
Pip ligt nog in het water.
Ik heb hem zelf gezien. We zijn inmiddels wel afgedreven.
We mogen deze vangst niet verliezen door de blunder van 'n minstreel.
Die jongen met de tamboerijn? Wat moest die op jouw boot?
Hij had zich verstopt, dat wist ik ook niet.
Het was 'n vrolijk joch. Hij is vast verdronken.
Ik Pip zoeken. Als Pip dood is, dat brengt ongeluk.
Ga hem dan maar zoeken.
Jullie hebben tot de ochtend de tijd.
Als de haaien nog iets van hem hebben overgelaten.
Neem deze mannen mee en zet een zoekactie op touw.
Goed. Aan de slag, jongens.
Geef antwoord.
Waar ben je toch?
We lijken wel gek...
om een zwarte jongen te zoeken in een zwarte zee.
Als het de kapitein schikt, wil ik nu de lengte opnemen.
Bent u mensenmaker? U meet me op als een pak.
Ga je gang maar.
Wat een lot.
Dat m'n ziel in zo'n lichaam moet wonen.
Hoe zit dat?
Geen idee. Ik voel alleen wat er niet meer is.
Wie z'n mast kwijt is, blijft 'm altijd voelen.
Voorzichtig. Die riemen breken u uw botten, als u niet uitkijkt.
Ik hou wel van 'n beetje houvast.
Dat is wel nodig in deze glibberige wereld.
Heb je wel eens van de oude Griek Prometheus gehoord?
Ik geloof niet dat ik ooit met hem gevaren heb.
Prometheus maakte mensen met gereedschap tot een eenheid.
Hij blies ze leven in met vuur.
Had hij mij maar gemaakt.
Wat met vuur gemaakt is, behoort het vuur toe.
Dan was ik compleet geweest.
Vijftien meter lang op sokken.
Benen als wortels, en armen van een meter dik bij de pols.
Geen hart. Helemaal geen hart.
En ogen?
Een daklicht op m'n hoofd, om licht te werpen op m'n onmetelijke hersenen.
Als een Griekse god.
Griekse god.
Ik sta op dit...
kunstbeen gemaakt van 'n oud bot.
M'n verscheurde ziel bloedt in m'n opengereten lichaam.
De werkelijkheid doet me pijn.
Bedankt voor de hulp, timmerman.
Laat me nu maar alleen.
Wat moet je?
Ik heb weer gedroomd...
over de dood van m'n meester.
Mijn dood?
Dan smeek ik u, me voor te gaan.
Ik zal u voorgaan, als uw loods.
Goed, loods, dan beloof ik u...
dat ik Moby Dick zal verslaan en het zal overleven.
Stook het vuur op.
Walvissloep aan stuurboord.
Ze hebben Pip.
Goed gedaan. - Goed gedaan, Starbuck.
Kapitein. Ze hebben Pip gevonden.
We hadden niet gedacht jouw ooit nog terug te zien.
Ishmael en Queequeg hebben hem gevonden.
Mr. Ishmael, Mr. Queequeg, jullie zijn 'n aanwinst voor het schip
We hebben je gemist.
Wat is er, knul?
Dit is 'n slecht teken.
Een heel slecht teken. Het brengt ongeluk.
Alle zeilen bij. We hebben veel tijd verloren.
Komt voor elkaar.
Hijs de zeilen. Pak die wind.
Vlug, hijs ze allemaal.
Aan de slag. Hij moet daar ergens zijn.
Maak haast.
Dit dek moet schoon. Haal alles hier weg.
Wij zijn pas walvisjagers, als Moby Dick aan de ranok hangt.
Hallo, Pip.
Hier heb je iets te eten.
Toe maar.
Wij, jij, zij...
zijn allemaal vleermuizen.
En daarin, twee botten in een broek gestoken.
Een daarvan is niet van hem, maar van een walvis.
Scheer je weg.
Scheer je weg.
We hadden hem aan z'n lot moeten overlaten.
Daar spuit ie. Het is wit. Het is de Witte Walvis.
Hij is niet wit. Het is 'n grijze bultrug.
Het is Moby Dick.
Maak het bramzeil los. We hebben meer zeil nodig.
Kijk daar. Een potvis aan stuurboord.
Zullen we de sloepen laten zakken? - We varen verder.
Daar zwemt goud geld. Dat is meer waard dan 'n Spaanse munt.
Ik heb hier het bevel.
Doorvaren, zeg ik.
Blijf op koers, stuurman.
Vaart u maar door.
In het wilde weg.
Dat was het.
Die komt het eerste uur niet meer boven water. Een kilometer verderop.
Hij moet daar ergens zijn. Heel dichtbij.
Die Moby Dick is slinks.
Als het Moby Dick al was.
Hij lokt ons de hele Zuidelijke IJszee over.
Als we uitgeput zijn, als het tijd is om terug te keren...
zegt Ahab dat we door moeten varen.
Hij heeft Moby Dick gezien.
Hij heeft in z'n kille oog gekeken.
Hij geeft echt niet op.
Verbranden we nu ook al de lading? Daar gaat onze winst.
Wat hebben we aan die winst als we doodvriezen?
Ik zou voor willen stellen naar het noorden te gaan.
Terug op de oude koers. Richting de Kaap.
Er zijn hier geen walvissen.
Hij is er wel degelijk, Mr. Starbuck. Hij daagt ons uit.
Dit is niets vergeleken bij Groenland.
We moeten dwars door het ijs varen.
Maar niet in deze tijd van het jaar. Het ijs is veel te dik.
Het risico is te groot. Het schip zal verpletterd worden.
We varen verder.
U heeft zelf gezegd dat Moby Dick naar het oosten trekt.
Hij is ons aan het tergen.
Hij tergt ons. Doorvaren, zeg ik.
Tot uw orders.
Pakijs. - Dat is 'n slecht teken.
Kunnen we niet beter omdraaien?
Bevel van de kapitein.
Houd het roer recht.
Houd het roer recht.
Bakboord.
We zijn op het ijs gelopen.
Verdomme, het schip vergaat. Alle hens aan dek.
Reef de zeilen.
Timmerman. Ga hout halen. Pek en hout.
Foute boel, jongens.
Sla er een nagel in.
Een ogenblik, zij aan zij met hem.
Daar zou ik alles voor geven.
Waar ben je, witoog?
Kom tevoorschijn.
Geef me een teken.
Het zij zo.
Kwel m'n ziel.
Nu ben ik Jonas.
Op de vlucht voor God.
Wat is dit?
Een muiterij of een snelle dood?
We zijn nog niet verloren.
Dit gaat niet goed. We verdrinken. Ik wil niet dood.
Kom terug, smeerlap. - Laat me los.
Willen jullie vechten?
Het gevecht is daarginds.
Zijn jullie Moby Dick nu al vergeten?
Op de dag dat die witte walvis wordt gedood...
krijgen jullie allemaal een goudstuk.
Voorzichtig.
Als Moby Dick niet naar ons toekomt, komen wij naar hem toe.
Dat is geen bevel...
dat willen jullie zelf ook. - Dood aan Moby Dick.
Trekken.
Trek zo hard als je kunt.
De genadeloze, ontembare zee.
Maar wij laten ons niet kennen.
Nee, wij laten ons niet kennen.
Mijn god. Het is alsof ik in de spiegel kijk.
Alleen je ogen zijn anders.
Wie bent u? - Pip, meneer.
De scheepsjongen. - Jij kleine dwaas.
Handen thuis. Wie een ander voor dwaas uitmaakt is zelf nog veel dwazer.
Bevroren hemel, zie dit ongelukkige kind.
Mijn hut zal jouw tehuis zijn.
Zo lang Ahab leeft.
Je ligt me na aan het hart.
Je hebt me in het diepst van m'n ziel geraakt.
Kom met me mee.
Wat krijgen we nu?
Twee gekken bij elkaar.
De een gek van macht en de ander gek van zwakte.
En ik ben een grotere idioot dan Pip?
Aan de slag.
Ik kom u vertellen dat de olievaten lekken.
Dan teer je ze.
Het hout is rot. We moeten ze in 'n haven vervangen.
We wijken niet van onze koers.
De mannen zijn bang dat ze geen geld krijgen.
Alles draait altijd om geld.
Teer de vaten. - Dat werkt niet.
Let op uw woorden.
Het is een bevel.
U kunt gaan.
Zoals u wilt, kapitein.
Schip in zicht. - Waar?
Drie graden naar stuurboord.
Ze komt op ons af.
Dat ziet er goed uit.
Zullen we de zeilen reven en aan boord gaan?
Heeft u 'n sloep op drift gezien?
Heeft u de witte walvis gezien?
Die zagen we vanmorgen.
Waar, kapitein? U heeft hem toch niet gedood?
En wat dan nog.
Mijn zoon, meneer. Ik ben een sloep kwijtgeraakt.
M'n zoon zit op die boot.
Ik smeek u, in godsnaam. Help me ze te vinden.
Doe dat niet. Vraag dat niet van mij.
Ik ken je, Ahab. We hebben samen gevaren.
Ik wil je schip huren. Ik zal je goed betalen.
Dat moet.
Dat moet en dat ga je voor me doen.
Waar heeft u de walvis voor het laatst gezien?
Ik ga niet weg voor je ja hebt gezegd.
Ik weet dat je zelf ook 'n kind hebt. Veilig in Nantucket.
Ik zou voor jou hetzelfde doen.
Ik zie het. Ik zie dat je twijfelt.
Ga de ra's maar vierkant brassen.
We gaan samen op zoek naar die boot. We zullen m'n zoon vinden.
Stop. Iedereen blijft overal van af.
Ik help u niet, kapitein Gardiner.
Met dit oponthoud heb ik al te veel tijd verknoeid.
Maak alles klaar om te draaien.
Kom op, beman de ra's.
Schiet op, we varen verder.
Ik zeg u gedag, kapitein.
Moge ik mezelf vergeven, maar ik moet verder.
God zal je niet vergeven.
Hij zal je niet vergeven.
Stuurman, zet koers naar het oosten.
Queequeg geen matroos meer.
Op je plaats, harpoenier. - Kapitein brengt ongeluk.
Gehoorzaam me. - Queequeg niet meer harpoen.
Kapitein?
Laat die deur los.
Mag ik iets zeggen. - Dat mag niet.
Ik zeg het toch.
Ga terug naar uw post.
Ga terug aan dek of ik stuur je regelrecht naar de hel.
Daar ben ik al.
We hebben dat hele stuk gevaren om olievoorraden aan te leggen.
Verspelen we dat voor een walvis die niet bestaat?
Wat zullen de reders...
Laat die op het strand van Nantucket maar boven de tyfonen uit schreeuwen.
Ik zit er niet mee. Mijn geweten zit in de kiel van dit schip.
Ga terug aan dek.
Uw geweten maakt water en zal u tot zinken brengen.
En wij worden meegesleurd. - Vervloekt.
Denk toch aan uw mannen.
De engelen overstelpen u met waarschuwingen.
Ga terug aan dek.
Ik ga niet.
Ik smeek u, kapitein.
We moeten elkaar goed begrijpen.
Luister dan goed.
Er is maar een God op aarde...
en er is maar een kapitein van de Pequod.
Ga terug naar uw post.
Zoals u wilt.
U hoeft niet bang te zijn voor Starbuck.
Ahab moet bang zijn voor Ahab.
Pas maar op, oude man.
Je spreekt me dapper tegen, maar gehoorzaamt toch.
Je bent te goed voor deze wereld. - Ik wou dat het niet zo was.
Wat heb je toch?
Als je niet werkt, krijg je op je donder.
Zeg toch eens wat.
Hij heeft de voodoo in zich.
Weet jij wat hem dwarszit?
Z'n geest is ziek. Z'n tijd is gekomen.
Z'n tijd is gekomen? Wat is dat voor onzin?
Nu is het genoeg geweest.
Dit is krankzinnig.
Eerst die oude man, toen Pip, nu Queequeg.
Gaan we allemaal gek worden? - Het is de schuld van Ahab.
Wat is hier aan de hand?
M'n vriend is niet in orde.
Doof dat vuur.
Je steekt het schip nog in brand.
Schip in brand.
Grote schip. Schip zal branden.
Queequeg gaat terug naar het land van z'n voorouders.
Haal timmerman.
Ik ga hem voor je halen.
Wat wil je van hem? - Hij moet kano bouwen.
Als in Nantucket, als walvisjagers doodgaan.
Donker hout. Net als m'n harpoen.
Wat zegt hij?
Hij wil dat we hem te water duwen in een kano als doodskist.
Hij zei dat al eerder.
Zo worden hun krijgers begraven.
Ja, en?
Wat wil hij?
Een drijvende doodskist.
Kunt u dat maken?
Laat dat.
Maorigod. Nantucket-god. Geen god op dit schip.
Geen god.
Bulkington, ben jij ook gek geworden?
Er wacht 'n jonge bruid op me. Ik wil hier niet dood gaan.
Ik mag je graag. Probeer me niet tegen te houden.
Geef dit aan m'n vrouw, mocht je het redden.
Maar ik geef je weinig kans.
Breng de brief zelf. Er is nog plek.
Je zult dit meer nodig hebben dan ik. Moge God je bijstaan.
Maak het stevig vast.
Stevig, zei ik.
Doe eens rustig, Mr. Flask.
Vouw het op.
Ik moet je wat zeggen. - Nu?
Ja, nu.
Kom op. Neem 'n paar slokjes, dan kan je weer verder bidden.
Zit niet zo te kijken. Help me liever.
Stap in.
Ik moet kijken of hij past.
Ik moet kijken of hij past.
Perfect.
God zegene je, arme stakker.
Kom op.
Wat bedoelt u met usurpatie?
De kapitein mag het schip niet voor gestolen goederen gebruiken.
Dat zijn regels in de koopvaardij. - Wij zijn walvisjagers.
Zien jullie niet wat hier gebeurt?
We hebben alles verloren en het kan hem niets schelen.
Kijk uit. Straks vliegt het schip in de fik.
Heb je een voorstel?
We hebben het recht zijn bevelen te negeren.
We kunnen zelfs het bevel overnemen. - Dat gaat me te ver.
Als de kapitein wil dat ik de vaten teer, dan teer ik ze.
Denk eens goed na.
We zijn geen walvisjagers, we lijken wel schapen.
Schapen die blindelings een gek volgen.
Dat kan wel zijn, maar de kapitein blijft de kapitein.
Hij kent geen angst.
Hij is een groots kapitein.
Koning van de zee en heer van de Leviathans.
Daar kunnen we niet omheen.
Luister goed.
Een onbevreesd man is veel gevaarlijker dan een lafaard.
Geen storm of walvis kan op tegen de verschrikking die deze man brengt.
Ik wil niet dat zijn trots ons meesleept naar de verdoemenis.
Muiterij.
Dat is een ondoordacht idee.
Dat is levensgevaarlijk.
Daar doe ik niet aan mee.
Dit is een gehaaide aangelegenheid.
Bent u gehaaid genoeg?
Ik kan niet langer toezien hoe de bemanning wordt vermoord.
Als ik hem gehoorzaam, kan ik God niet gehoorzamen.
Begrijp je dat?
Dat begrijp ik.
Ik ben niet gelovig en ook niet dapper.
U staat er alleen voor.
Arme, simpele, gekke Pip.
Als ik de wind was, zou ik nooit meer waaien in deze slechte wereld.
Laat me niet gek worden.
Het doet zo'n pijn.
Kon ik maar slapen.
Maar Ahab slaapt nooit. Hij voelt alleen.
Voelt.
Alle hens aan dek.
Maak de hoofdra los.
Laat de hoofdra zakken.
Kijk goed uit, allemaal.
Ik ga aan het roer staan.
Wat is er?
Het stormt, kapitein.
Laat het zingen aan de storm over. Wees dapper en hou je mond.
Ga naar beneden.
Kom op, straks sla je nog overboord.
Slechte zaak, Mr. Starbuck, slechte zaak.
De zee doet wat ie wil. Je kunt er niet tegen vechten.
Dat kan niemand, zelfs de kapitein niet.
We varen niet verder met deze storm.
We kunnen gebruik maken van de wind, als we overstag gaan.
Dan kunnen we huiswaarts varen. Naar lij, naar huis.
Vertel me niet wat te doen.
Ik ken deze zee en ik ken mezelf.
Deze reis is pas voorbij als ik Moby Dick gevangen heb.
In godsnaam Ahab, keer om.
Je hebt me gehoord, Starbuck. Doorvaren.
Mr. Starbuck.
Breng hem naar beneden. - Hij werkt niet mee.
Bind hem vast.
Het bramzeil. Kom op.
Daar heb je hem, mannen.
Hij gaat ook tegen de storm in, net als wij.
Laat die walvis toch. We moeten het schip redden.
Daar is hij.
Daar heb je hem.
Kijk zelf maar.
Daar is hij.
Zien jullie hem?
Zien jullie hem, mannen?
Zien jullie hem daar?
Daar is hij. Zien jullie dat dan niet?
Daar. Ik zie hem, kapitein. Ik zie hem.
Ik zie hem ook. Zo duidelijk als wat.
Waar is hij? Ik zie hem niet.
Hij is er ook helemaal niet.
Die ouwe heeft ze gek gemaakt.
Beman de ra's. Maak alles gereed om overstag te gaan.
We moeten omkeren.
Nee. Doorvaren heb ik gezegd. We varen door.
We zullen vergaan.
We zullen omkomen.
We varen door.
Het is hem gelukt.
Het is die ouwe gelukt. We zijn er doorheen.
Wat is dat?
Het sint-elmsvuur.
Niet aankomen.
Let goed op. Let goed op, mannen.
Het zal ons de weg wijzen naar de witte walvis.
Wat doet hij in godsnaam?
Hij weet precies wat hij doet.
Spring maar.
Spring maar naar de hemel, dan spring ik mee.
Wij zijn een.
Ik heers over de hemel.
Kapitein?
Ahab is een met de hemel.
Met hart, lichaam en ziel.
Met leven en longen.
En jullie maken deel uit van het verbond.
Kapitein.
Mij begrijp.
Mij zie. Mij kapitein.
Mij kapitein.
Mij God.
Ziet u wel, Mr. Starbuck. Ziet u wel.
Mijn hartslag laat deze planken kloppen.
Nu is het genoeg, Ahab. Hou op met die tovenarij.
Hou op.
God heeft zich tegen u gekeerd.
Dit licht is niet het uwe.
Dit licht is niet het uwe.
Kijk omhoog, mannen.
Hef uw hoofd op.
Kijk omhoog en zie...
hoe Ahab uw laatste beetje angst doet verdwijnen.
Alles is weg.
Moge God u vergeven.
Moge God u vergeven.
Ik begrijp er niks van.
Je lag op sterven.
Alleen als man dood wil, gaat man dood.
Als man niet dood wil, gaat hij niet dood.
Alleen groot vuur, groot water, grote walvis die niet denkt.
Alleen dat doodt man die niet dood wil.
Begrepen?
Ik ga m'n testament schrijven. Jij mag getuige zijn.
Dat vindt Queequeg fijn.
Mag ik u even storen?
Wat is er?
Ik heb een heel naar voorgevoel.
Wat bezielt de bemanning?
Ze zijn hun verstand verloren, ze denken niet na.
Ze zien niet dat hij gek is.
Hij wil niet dat ze denken. Hij werkt op hun gevoel.
Ze voelen dat ze moeten gehoorzamen.
Ik moet hem gehoorzamen en dat vind ik vreselijk.
Moet ik hem dan ook gehoorzamen?
Geef je niet gewonnen.
Niet in je hart.
Belachelijk.
Maak ik 'n kist voor Queequeg en dan gaat hij niet.
Nu moet ik er 'n reddingsboei van maken. Dat noem ik nog eens oneerbiedig.
Wat moeten we er anders mee? We hebben een nieuwe nodig.
Hou dus op met klagen en doe je werk.
Sla het goed vast, we willen geen lekkende kist.
Ik sla je lippen op elkaar als je je mond niet houdt, zwarte.
De kok heeft gelijk.
Als het schip zinkt, proberen dertig mannen in een kist te klimmen...
en dat wil ik niet missen.
Wat is dit?
Een reddingsboei. Orders van Stubbs.
Jij hebt toch m'n been gemaakt?
Jawel, dat klopt.
Ben je ook begrafenisondernemer?
Het was eerst 'n doodskist, maar nu moet ik er een boei van maken.
Een boei?
Je bent een manusje van alles, zonder principes.
Dat is m'n vak. - Nee maar, jij spierwitte specht.
Je maakt van het symbool des doods een teken van hoop.
Een doodskist als reddingsboei?
Hemel. - Hemel?
Welke hemel? - Gewoon, een soort van uitroep.
Weg met dat ding. Ik wil het niet meer zien.
Natuurlijk.
Grote, machtige loods.
Zeg me waar ik ben en niet waar ik naartoe ga.
Of zeg waar hij is.
Waar is hij? Moby Dick.
U kunt hem toch zien?
Met mijn eigen ogen heb ik hem mogen aanschouwen.
Dit domme speeltje. Kinderspeelgoed voor kapiteins.
Je kunt alleen maar zeggen waar we zijn.
Dat is alles.
Je weet ook niet waar een waterdruppel morgen is.
Of waar de witte walvis is.
Je bent machteloos en daarmee beledig je de zon.
Kijk dan toch.
Verachtelijk ding.
Ik laat me niet langer door je leiden.
Ga door met je werk.
Schiet op.
Naar beneden.
Wat een kalm briesje, vindt u ook niet?
En de lucht is ook kalm.
De wind geurt alsof hij van 'n verre weide komt.
Ze hebben gehooid, ergens aan de voet van de Andes.
De maaiers liggen te slapen in het versgemaaide hooi.
Op een kalme dag als deze, schoot ik m'n eerste walvis.
Als jongetje van achttien. Veertig jaar geleden.
Veertig jaar van...
ontbering en gevaar.
Stormen.
Veertig jaar walvisvaart. Al die jaren...
ben ik niet meer dan...
drie jaar aan wal geweest.
Veertig jaar...
droefenis en eenzaamheid.
Vele oceanen was ik gescheiden van m'n jonge vrouw.
De dag na m'n huwelijk vertrok ik naar Kaap Hoorn.
Zei ik vrouw?
Ze was meer 'n weduwe.
Zij, en die arme, zielige...
verwaarloosde jongen.
Ik was geen man en geen vader.
Met alle waanzin en razernij, kokend bloed en zwetend gelaat...
waarmee ik duizenden malen m'n prooi najoeg.
Meer duivel dan mens.
En ben ik er beter...
en rijker van geworden?
Wie is het?
Wie geeft mij die opdracht?
Wat is het...
dat me dwingt dingen te doen die ik normaal nooit zou doen?
God, ik voel me ze oud.
Alstublieft, God. Maak dit gebroken hart weer heel.
Kom dichterbij.
O, God. Ik voel me zo dodelijk vermoeid.
Laat me in de ogen van 'n mens kijken.
Dat is beter dan in de zee of in de lucht turen.
Beter dan kijken in de ogen van God zelf.
Blijf aan boord.
Wat er ook gebeurt.
Ik zie m'n vrouw en m'n zoon in je ogen, Starbuck.
En die van mezelf.
Ik zie die van mezelf.
Mijn kapitein.
In deze ogen ziet u mijn vrouw...
en u ziet mijn kinderen.
Ik vrees dat ik ze nooit meer zal zien.
Laten we wegvaren van deze vervloekte zee.
Laat me de koers veranderen. Laat deze wind ons naar huis brengen.
God, toon u aan deze man...
of geef me kracht hem te doden.
Wat heb ik gedaan?
Is Ahab Ahab niet meer?
Daar spuit ie.
Hij spuit, hij spuit.
Ga naar de boeg, kapitein.
Daar heb je 'm, de witte walvis.
Ik ga niet met u mee.
Laat de sloepen zakken.
Pas dan op het schip.
Fedallah.
Kom terug, heiden. Vervloekt ben je.
Vanavond liggen hier tonnen walschot.
Tot uw orders.
Niet doen, kapitein. Kom terug.
Nee, kapitein. De zon.
Roeien, moordzuchtige bandieten. Haast je.
Laat me op z'n witte rug springen. Doe het voor mij.
Weg.
Je bent me voorgegaan, Fedallah.
Ik ben de luitenant van het lot.
Arme man.
Roeien.
Breng me langszij.
We slaan hem aan de haak en laten hem branden in de hel.
Roeien.
Niemand lacht Flask uit, en jij al helemaal niet...
Moby Dick.
Rustig, mannen. Rustig.
Kom op, stuk ellende, laat je zien.
Hier, pak aan, rechtstreeks uit de hel.
Kapitein.
Met alle haat die in me is spuug ik op je.
Z'n staart.
Roeien, jongens.
Laat de dood van de kapitein niet zinloos zijn.
We pakken het hart van de walvis en laten z'n bloed vloeien.
Van mij.
Blijf af. Vervelend klein ventje.
Gered door de kist van m'n vriend, dreef ik twee dagen rond.
Toen werd ik eindelijk gevonden door een schip.
Het was de Rachel, nog steeds op zoek naar de verloren zoon.
In plaats daarvan vonden ze een wees.
Nederlandse ondertiteling bewerkt door: ToYoSoFt
Repair and Synchronization by Easy Subtitles Synchronizer 1.0.0.0
Can't find what you're looking for?
Get subtitles in any language from opensubtitles.com, and translate them here.