Afrikaans
Akan
Albanian
Amharic
Arabic
Armenian
Azerbaijani
Basque
Belarusian
Bemba
Bengali
Bihari
Bosnian
Breton
Bulgarian
Cambodian
Catalan
Cebuano
Cherokee
Chichewa
Chinese (Simplified)
Chinese (Traditional)
Corsican
Croatian
Czech
Danish
Dutch
Esperanto
Estonian
Ewe
Faroese
Filipino
Finnish
French
Frisian
Ga
Galician
Georgian
German
Greek
Guarani
Gujarati
Haitian Creole
Hausa
Hawaiian
Hebrew
Hindi
Hmong
Hungarian
Icelandic
Igbo
Indonesian
Interlingua
Irish
Italian
Japanese
Javanese
Kannada
Kazakh
Kinyarwanda
Kirundi
Kongo
Korean
Krio (Sierra Leone)
Kurdish
Kurdish (Soranî)
Kyrgyz
Laothian
Latin
Latvian
Lingala
Lithuanian
Lozi
Luganda
Luo
Luxembourgish
Macedonian
Malagasy
Malay
Malayalam
Maltese
Maori
Marathi
Mauritian Creole
Moldavian
Mongolian
Myanmar (Burmese)
Montenegrin
Nepali
Nigerian Pidgin
Northern Sotho
Norwegian
Norwegian (Nynorsk)
Occitan
Oriya
Oromo
Pashto
Persian
Polish
Portuguese (Brazil)
Portuguese (Portugal)
Punjabi
Quechua
Romanian
Romansh
Runyakitara
Samoan
Scots Gaelic
Serbian
Serbo-Croatian
Sesotho
Setswana
Seychellois Creole
Shona
Sindhi
Sinhalese
Slovak
Slovenian
Somali
Spanish
Spanish (Latin American)
Sundanese
Swahili
Swedish
Tajik
Tamil
Tatar
Telugu
Thai
Tigrinya
Tonga
Tshiluba
Tumbuka
Turkish
Turkmen
Twi
Uighur
Ukrainian
Urdu
Uzbek
Vietnamese
Welsh
Wolof
Xhosa
Yiddish
Yoruba
Zulu
François, ben jij het?
François?
Kunt u me een lift naar de stad geven?
Kunt u me een lift geven?
Waar moet u naartoe? - Naar het station. Ik moet naar Parijs.
Kunt u even stoppen? Ik moet braken.
Blijf hier niet staan, u vat nog kou.
Dank u.
U hebt de afslag gemist.
U moet toch naar Parijs?
U ook?
Bezwaar?
Doet u altijd zo?
Hoe bedoelt u?
Zegt u nooit wat?
Mijn vader leidde zijn familie zoals zijn zaak.
We waren voorwerpjes die moesten worden opgevoed.
Hij vond kinderen vervelend, maar onvermijdelijk.
Haat u hem?
Ik beklaag hem.
Hij ziet er zo eenzaam uit.
Lust u look?
Kunt u even roeren?
Je kunt de pot op met je excuses.
Je vraagt niet eens hoe ik thuis raakte.
Zoek dan een vriendin die van het platteland houdt.
Verdomme.
Ik heb nog een grotere achteraan.
Wilt u die zien? - Nee, deze is prima.
Hoelang denkt u te blijven?
Ik weet het niet. - Goed, neem me niet kwalijk.
Sorry.
Ik had geen tijd voor cadeauverpakking.
Benjamin?
Doe open.
Benjamin?
Alles goed op school?
Kijk uit!
Is het gisteren nog laat geworden?
Tien uur. - Nou...
Wat moest ik anders? - En Benjamin z'n verjaardag?
Hou toch op. - Ik mag m'n mening toch geven?
Het is oké. - Onvoorstelbaar.
Simon...
Jullie laten je stomweg oppeuzelen.
Wat is er nu weer?
Ha, François... dat treft.
Kun je die stekker even insteken?
Kopje koffie?
Die stekker daar.
Rook je nog steeds niet?
Nee.
Nu dan, François, wat scheelt eraan?
Alles is oké.
Alles is oké...
Je hebt de bespreking over de adverteerruimte naar de 16de verplaatst.
Het kan wachten, dacht ik. Mijn vrouw heeft vakantie van de 7de tot de 14de.
Nee, het kan niet wachten. Zet de afspraak terug op de 11de.
Heeft Jean je nieuwe kantoor laten zien?
Hoezo? - Jean...
Kom mee.
En, wat vind je ervan? Mooi, hè?
Ik zie je straks. Ik moet je iets voorstellen.
Wel? Het valt toch mee?
Niet tevreden?
Nou, zeg.
Daar heb je de klootzak met z'n smile.
De klootzak met de smile.
Bepaalde collega's klagen over je houding.
Oh ja? Wie dan?
Een aantal mensen. - Geef dan namen.
Maakt niets uit. Als je niet bijdraait... - Momenteel eet ik.
Wat doe je?
Het is onzin. Ik weet zeker dat niemand klaagde.
Het is toch waar?
Toch?
Wat doe je nu?
Ik ben dit kutbedrijf kotsbeu. - Het is onzin.
Marc heeft gelijk. Kom nu mee. Blijf niet hier.
Die vent is geschift.
Trek het je niet aan, het loont de moeite niet.
Toe.
Ze kunnen verdomme allemaal verrekken.
Blijf niet hier. Zo speel je Bruner in de kaarten. Dat haalt niks uit.
Moet ik kruipen zoals iedereen? - Nee, je matigen.
Je weet toch wat "matigen" betekent? Toe, dat is alles.
Er is hier iets wat me niet lekker zit.
Ergens klopt de lay-out niet.
We laten dit weg. Ik wil de bovenkant herbekijken.
Het mist wat pit.
Ik vraag me af wat 't met vier hardere kleuren zou geven.
François! - Verhard de kleuren.
Ik ga. - Wat is er?
Simon!
Ik heb gebeld dat ik later kom.
Wat? En Clémence dan?
Ik kan niet.
Bruner wil iedereen erbij. Jou ook.
Hij kan de pot op. Ik ben z'n nachtelijke besprekingen beu.
Je bent 't beu, maar kom niet janken als je aan de deur vliegt.
Je bent veel te sullig.
Goedenavond.
Vis of vlees? - Niks, dank je.
Zeker weten? - Ik eet thuis.
Jou vraag ik niks, je lust alles.
Marc? - Maakt niet uit.
Geen voorkeur? - Wat is jouw jaarverwachting?
Vis.
Een omzet van 800.000 euro lijkt me haalbaar.
Dat is hetzelfde als afgelopen jaar.
We krijgen niet meer bestellingen als we de regio niet uitbreiden.
Waar wacht je dan op? Op de kerstman?
Sorry.
Giet je wat olijfolie in m'n kom?
Niet te veel, en heel langzaam.
Op het deeg of ernaast? - Erop, natuurlijk.
Ik zou het niet weten. - Ach.
Bedankt.
We kunnen niet op reis zoals voorzien.
Ze hebben m'n vakantie ingetrokken.
Jouw vakantie? Onze vakantie.
Dat kun je niet menen.
We hebben 't een maand geleden gehuurd.
Ik kan niet anders.
Je kan niet anders? En hoe doen de anderen het?
Ik kan misschien tijdens het weekeinde komen.
Kan Marc je niet vervangen?
Ik moet nu niet te lastig doen.
En wat vertel ik Benjamin?
Kun je niet een paar dagen wij nemen zodat we met z'n drieën weg kunnen?
Ja, ik zal kijken wat ik kan doen.
Wat doe je? - Schoonvegen.
Ik zou je niet graag kwijtraken.
Ik wil ook niet weg. Ik hou van m'n werk, maar geen 24 uur per dag.
Met of zonder suiker? - Met.
Ik kan je uren niet helemaal omgooien. Maar...
als je de dossiers thuis op tijd klaar krijgt, waarom niet?
Een computer en printer, en je kunt aan de slag.
Ik wil geen overuren draaien, hier noch thuis.
Het gaat niet om overuren, alleen om 'n herinrichting van je werk.
Dat wilde je toch?
Julie... Wanneer komt Martine uit zwangerschapsverlof terug?
Eind augustus. - Bedankt.
Als het niet schikt... - Dat heb ik niet gezegd.
Laten we het zo dan een tijdje proberen.
En dat stelde hij zonder blikken of blozen voor?
Je hebt toch ja gezegd?
Als hij denkt dat hij me met 'n computer thuis in de pas laat lopen,
dan vergist hij zich.
En, is het gemaakt? - We kijken meteen.
Schieten de werken op? - Eet je mee?
Nee, Clémence verwacht me. Ze moet naar 'n vergadering.
Niks. Nee, niks. Hij wil niet starten.
En nu?
Machtig. Hoor je dat, Marie?
Moet je horen.
Hoor hem snorren. Gaan we 'n eindje rijden?
Instappen. Kom op, François. - Ik kan niet.
Vijf minuutjes. Alleen een blokje om.
Nee. - Het is weekeinde, ontspan je nu even.
Kijk, je lacht, je bent gelukkig.
Kijk hem lachen.
Kusje. - Wat 'n macho, zeg.
Rij in het midden... rechts, bedoel ik.
Hij knijpt ze! - En of!
Hij knijpt ze, hij is bang.
Ik stap uit als je niet ophoudt.
Spring dan! - Ik doe het!
Je kunt je lichten aansteken... knipperen...
Ze rijden zomaar wat op.
Schaak.
Heb je m'n autosleuteltjes niet gezien?
Ja, bij de telefoon, denk ik.
Prettige avond. - Hetzelfde.
Niet te laat naar bed. - Nee, mama.
Denk je dat ik achterlijk ben?
Hup, naar bed. - De partij is niet uit.
Het duurt nog 'n hele nacht. - Maar ik win.
Welja... Haast je nu maar of ik schop je voor je broek.
Welterusten.
Welterusten!
Welterusten.
Proost, François.
Drink je mee?
Op ons teamwerk. - Teamwerk, welja!
Dat was wel 'n weekje vakantie waard, niet?
Vertel dat tegen Clémence. - Waar blijft Simon?
Komt hij niet? - Simon!
De kerstman zal tevreden zijn.
In december is er niks.
De kerstman!... Vlees of vis? Enige voorkeur?
Nog 'n glaasje, François? - Het laatste dan.
Heb je de contracten rond? - Volgende week.
Maak je maar geen zorgen.
Ik moet ervandoor. - Ik kom eraan.
Wil je een lift? - Nee, het is Bruner.
Ze is wel getrouwd, hoor. - Klets geen onzin.
Ga je al? Ik pik Benjamin op van de judo.
We treffen elkaar ginder. Tot zo.
Het is niet eerlijk.
Ik ben blij dat ik weg ben. Het is beter zo.
Ze kunnen een mens niet zomaar ontslaan, Simon.
Ik weet niet...
Misschien kunnen we... - Wat haalt 't uit?
Wat is er precies gebeurd?
Als ze iets vragen, zeg je maar... - Ik wil er niet meer heen.
We kunnen samen wat gaan drinken als je wilt.
Nee, dank je. Ik moet inpakken.
Dan ga ik maar.
Julie? - Ja?
Bedankt. - Waarvoor?
Goedenavond. - De grote manager.
Oh ja.
Sorry, ik leen uw man drie minuutjes.
Ik stel je de nieuwe verkoopdirectrice voor.
Nee, het komt in orde.
Dit is François, ik had het al over hem. - Oh ja. Aangenaam.
Goedenavond. - Fijn u te leren kennen.
Het is onze eerste kennismaking. M. Bruner had 't al over u...
Wanneer begint u? - Morgen. Ik kijk er naar uit.
Ik kijk er heel erg naar uit. - Wij ook.
Z'n eigen schuld. Hij heeft het alleen aan zichzelf te danken.
Hoezo, z'n eigen schuld? - Af en toe moet je je kop kunnen houden.
Simon paste zich nooit aan. - Waaraan?
Gewoon, zich aanpassen.
Dat is nog geen reden om hem te ontslaan. - Juist wel.
Weet François het al? - Niemand.
Ik haar het ook net.
Met loon naar werk in plaats van gelijk loon
en door van eenieder de normale bedrijfsloyaliteit te verwachten
gaan we weer naar winstdeling...
Heb je Simon niet gezien? - Nee.
...omdat ik andere ambities heb.
En die ambities zullen jullie waarmaken.
Met de ultieme herstructureringsfase zullen we binnenkort
het kapitaal voor ieder van jullie openstellen.
Zo gaan we de maand september in met een wespentaille
en honger als een paard. Dat is alles wat ik hoop.
Ik wens iedereen nog een leuke avond.
Op je contracten! Clémence...
Op het vet op de soep!
Is Simon er nog niet? - Ik wou het jou net vragen.
Uw vriend komt vast niet Hij is ontslagen.
Flora, wat bezielde je? - Ik kon niet anders.
"De strijd is nog niet gestreden." Alles is al beslist, ja.
Je hebt de avond wel bedorven. - Moest ik soms zwijgen?
Nou... - Hij werd ontslagen. Weet je wat dat is?
Ja, maar wij kunnen het niet helpen.
Marie? Met François.
Is Simon thuis?
Nee, het is oké. Dikke kussen.
Nee, daar is niemand.
Daar ook niet. - Tenzij...
Ik snap zijn reactie niet.
Waar zit hij toch? Waar zit hij toch? Waar zit hij toch?
Daar is ook nog een café.
Ze sluiten ook.
Er is licht, ga kijken. Parkeer je hier even.
Ik weet het niet meer.
Hij is inmiddels vast al thuis.
Is de politie gebeld? - Nee, ik...
Waarop vacht je dan?
Het is Simon.
Kom, we gaan een kop koffie drinken.
François, je moet niet hier blijven.
Marie?
Marie?
Hoe houdt Marie zich?
Zal ik ons etentje afgelasten?
Het vlees ziet er overheerlijk uit.
Ja, overheerlijk.
Een lekker stuk vlees is tegenwoordig zeldzaam.
Welnee. - En kalfsvlees idem.
De gekkekoeienziekte liet wel sporen na.
De gekkekoeienziekte bestaat niet meer.
De ziekte misschien niet, maar het zit wel in de mensen hun hoofd.
Het is allemaal voorbij. - Hoe weet jij dat?
Omdat je het merkt. De mensen kopen weer vlees.
Hoe dan ook, dit stuk ziet er lekker uit.
Een tikje te doorbakken voor mij.
Krijg ik geen groente voor mijn dieet?
Sorry, sorry. Ik vergeet je heus niet.
We weten dat je lijnt. - Ja, Christian, je lijkt slanker.
Twee kilootjes maar. - Pas toch maar op.
Als je na je veertigste niet een beetje uitkijkt
als je zittend werk doet... - Overdrijf ook niet.
Zo is het toch goed?
Je lichaam is een auto. Je gaat ermee naar de garage voor nazicht.
Hoe dan ook, dit is lekker.
Eet hij niet?
Hallo.
Wat zijn dat voor manieren? - Wat bedoel je?
Je moest het feestje verslaan, niet verpesten.
Ik doe mijn werk. - Je verving Arnaud.
Iedereen wist het. Wat is het probleem? - Dat de man zelfmoord pleegde.
Verdomme.
Waar ga je naartoe?
Dit zat bij de spullen van Simon.
Je moet wat rust nemen, François.
Wat zei hij precies de avond dat hij...
Ik heb het al gezegd, ik weet...
Ik weet niet meer dan jullie, en...
Is Bruner er?
Er is bestuursvergadering tot 22.30u vanavond.
Goedemiddag, ik ben Flora Lebrun.
We zagen elkaar op het feestje. - Ja, ik weet 't nog.
Is uw man niet thuis? - Nee.
Het gaat over Simon Lacaze. - Ik weet het.
Kunt u hem vragen me te bellen?
Ik ben de hele avond thuis.
Ik zal het hem zeggen. - Dank u.
Het hangt van de auto af. - Je merkt 't als je tankt.
Voor dezelfde afstand diesel of benzine...
Diesel tank je half zoveel. - Wat heb jij?
Eet je je toetje niet op?
Je eetlust lijdt er niet onder, hè?
Voor jou is het Kerstmis, nu alleen de kerstboom nog.
Kapot ben je er niet van Een man meer of minder...
Hou op. - Wanneer reageer jij eens?
Als je vlees half rauw is? - Ik zei niks.
Hou op, François. - Kop dicht, jij.
Wat konden we doen? - Niet "doen", "zijn". Betrokken zijn.
Simon was toch ook jouw vriend? - Hij was ook ziek.
Hou je kop! Jij bent ziek!
Eikel! Simon, ziek? Weet iemand soms nog wat beters?
Niemand? Stelletje eikels!
Spaar alvast wat toetjes voor de harde tijden.
Verdomme! - Wacht, Jean...
Je bent een stuk stront! Je bent mijn voet niet eens waard.
Eet smakelijk!
Jij bent ziek! Hou je kop! Hou verdomme je kop!
Stelletje eikels.
Mevrouw... nog eentje, graag.
Dank u.
DOOD ZONDER OPZEGGING
Wat is er gebeurd, François?
Er is niets gebeurd.
Marc heeft gebeld.
Ik heb ontslag genomen.
Wat? - Ik heb ontslag genomen.
Ben je ontslagen?
Zeg dan wat er is, François.
Wat heb je?
Wat ik heb?
Wat ik heb? Ik heb niks. Alles gaat prima.
Hij komt er niet door terug.
Stel voor zoiets niet alles in vraag.
Zoiets!
De dood van Simon, zoiets!
Jij bent niet voor zijn dood verantwoordelijk.
Je kan het niet weten.
Ja, ik kan het wel weten.
Nee, Simon was onvoorspelbaar. - Hij had gelijk.
Ik ben altijd bang geweest. - Waarom zeg je dat?
Omdat het zo is. Zelfs voor jou was ik altijd bang.
Ik wil u spreken. - Wie is dat?
Stap uit! Ik wil u spreken.
Rijden! Rijden, verdomme!
Nee, je stapt eerst uit! Klootzakken!
Wodka, zonder ijs.
Kan ik bellen? In de gang, bij de wc.
François, ben jij het?
Kunt u me een lift naar de stad geven?
Kunt u me een lift geven?
Hoelang? - Drie of vier jaar, ongeveer.
En u voelde niets aankomen? Geen ruzie?
Geen spanning of wat dan ook waardoor u...?
Nee, hij was ontzettend verlegen gereserveerd.
Bruner is verongelukt. Dood. De chauffeur is gewond.
Wie is daar? - De politie.
NANTES IN SHOCK
Hoe laat vertrok uw man gisteravond?
Ik zei het al, ik weet het niet. - Laat ons ons werk doen.
Ik weet dat 't niet makkelijk is.
Waarom vlucht uw man als hij onschuldig is? - Hij vlucht niet.
Ik meldde zijn verdwijning, er moet dus iets gebeurd zijn.
Alstublieft, mevrouw.
Is dit uw man zijn telefoon? - Ja, dat is zijn gsm.
Ging hij om met mensen die u niet kent?
Ging hij om met mensen die u niet kent, Mw. Durrieux?
Ik weet het niet.
Daar hebt u niets aan.
Mevrouw Durrieux, alstublieft.
Papa, ben jij het? Waar ben je?
Geef antwoord, François. Waar ben je?
Ik heb een stommiteit begaan.
Je kunt ons niet zomaar in de steek laten.
Dit heb ik niet gewild, Clémence.
François? Ben je er nog, François?
Hallo, meneer Durrieux?
Papa... papa...
Papa...
Wat moet u hier?
Benjamin, ben je gek geworden?
U vergist zich van vijand. - Mijn zaken zijn privé.
Ik wil u alleen spreken. - Eruit!
Ik wil geen geroddel. François is nooit gewelddadig geweest.
Ik heb niks met andermans artikels te maken.
Ik weet niet wat in hem omging.
Die avond was hij onherkenbaar.
Ik heb nog geprobeerd hem te kalmeren.
Toen hij me aankeek, werd ik bang.
Op dat moment besefte ik dat hij oorlog voerde.
En u hebt geen idee waar hij kan zijn? - Nee.
De waard zag je met Durrieux praten. - Waar bemoeit die zak zich mee?
Ik ken z'n naam niet eens. - Lisa, denk na of ik kom met bewijzen.
Ik ken hem niet! Wat moet ik zeggen?
Wat hij tegen jou zei. - Hij zei niks.
Hij leek compleet van de wereld.
Waarom zou ik liegen? Ik ken je François dinges niet.
François Durrieux.
Je beseft 't nog niet, maar weeg of laat
lopen je stommiteiten nog eens slecht af.
Welja, lach maar.
Toen je laatst voor zakkenrollen werd opgepakt,
gaf de rechter je nog een kans. Dat doet hij niet nog een keer.
Kan ik nu gaan? - Ja.
Wat doet u hier? - De politie kwam vanmorgen bij me langs.
Je moet niet geloven wat ze zeggen. - Ik geloof niks.
Ik heb niemand vermoord. - Nou, ze zoeken u wel.
Jij zegt nooit iets.
Ik hou heel veel van je.
Je hebt m'n toetsenschrift niet getekend.
Weet je, voor papa...
maak je maar geen zorgen.
Hij komt beslist terug.
En nu opschieten, of we komen te laat.
Zulke dingen kan ik ze niet laten zeggen. - Ach wat. De mensen...
De mensen kunnen me niet schelen. Mijn zoon moet de waarheid weten.
Niemand zal u geloven. - U kunt het niet begrijpen.
Ik was nog vergeten dit terug te geven.
Doe niet zo vervelend. Vijf minuten, zei ik.
Ja, dat ben ik.
Waar bent u?
Echt, ik zocht helemaal geen wraak. Het is onzin.
Ik wilde alleen een verklaring van hem. Verontschuldigingen.
Bruner was de enige die het wist.
Een mens pleegt niet zomaar zelfmoord.
Toen ik hem zag, was alles nog oké.
Wat is er de avond van het ongeluk gebeurd?
Ik wilde hun auto laten stoppen.
Ik weeg niet veel.
Ze begrepen het niet, en toen... Ik weet niet wat me bezielde.
Ik wilde hen alleen bang maken.
Het is belachelijk. Ik wilde hen alleen bang maken. Dit heb ik niet gewild.
Na de...
...dood van Simon ging ik weer aan het werk. Of dat probeerde ik toch.
Ik dacht dat 't over zou gaan. Maar het ging niet over.
Alles ging weer z'n gewone gang, behalve voor mij.
Ik ging naar Bruner toe in de hoop dat hij 't zou uitleggen.
Of u het nu wilt of niet, er viel een dode.
De politie zal u niet loslaten. - Twee doden.
Ik hield van Simon als van een broer.
Ik wilde hen alleen spreken. Het begrijpen.
Wat zou u in mijn plaats hebben gedaan?
U geeft geen antwoord.
Niemand begrijpt het als u zich niet aangeeft.
Nu is het te laat. - Dat is niet waar.
En hier achterhaalt u de reden van Simons ontslag evenmin.
Ik laat me niet meer commanderen.
Daarvoor ben ik niet gekomen. - Waarvoor dan wel?
U hebt mij gebeld.
Als ik portefeuilles jat, is dat mijn zaak. Laat me met rust.
Kom me niet halen. - Wat kan 't jou schelen?
Donder op!
Ik kwam u bedanken. - Waarvoor?
Voor de politie.
Zal ik dan maar gaan? - Nee, blijf even.
Is het al af? - Ja.
Mag ik 't zien?
Ik hoop dat hij 't plaatst.
Waar zat je? We zochten je de hele dag. - Bij de hoeren!
Hoe kwam je daarachter? - Hij heeft me gebeld.
Ben je zeker van je stuk? Nee, maar ik geloof hem wel.
Het onderzoek loopt nog. Dit kunnen we niet publiceren.
We hebben te weinig elementen.
Wat wil je nog meer? - Er is een dode gevallen.
Twee. En wil jij niet weten waarom?
Het is te weeg. Dit kan ik niet afdrukken.
Ik zal je elementen geven!
Je bent een lastpak!
De directie weeg ons niets te zeggen. - Weet niemand waarom hij ontslagen is?
Ze probeerden het al maanden.
Deze keer vonden ze vast 'n reden. - Simon klaagde ook altijd.
Hij had z'n kop moeten houden.
Maar niemand stelde de vraag? - Het zijn onze zaken niet.
Wie z'n kop in 't zand steekt, staat met z'n kont bloot. Wacht tot 't jou overkomt.
Wat wil je? Tegen wie of wat ga je vechten?
Altijd even lullig. - Wie zoiets doet, is niet goed snik.
Zou jij zelfmoord plegen als ze je ontslaan? - Wie weet.
Wie weet.
Dédé, nog eens hetzelfde.
Wat had u verwacht?
Ik vertrouwde haar. - Waarom zou ze zoiets afdrukken?
Wat levert 't op, behalve 'n primeur?
De dood van uw vriend kan niemand schelen.
Snap dat dan eens.
U wilde de waarheid uitschreeuwen, ja?
Duik een paar dagen onder.
Als u zich aangeeft, laten ze u niemendal uitleggen.
Ik kan u valse papieren bezorgen.
Wat zijn die brieven? - Wel...
Vorig jaar kreeg Simon een pallet op zijn been.
Ze wilden het niet als arbeidsongeval erkennen.
En dus... is Simon
blijven zeuren voor een vergoeding. - Maar dat is oud.
Daar ontsla je iemand niet voor.
Ik begrijp niet waarom ze hem ontslagen hebben. Ik weet het niet.
Simon was geen makkelijke jongen, dat is waar.
Maar het ging al enkele maanden goed.
Tenminste, ik denk toch dat het goed ging.
En wat zeiden ze toen hij...?
Niks.
Ze belden met de mededeling dat mijn man een ongeluk had gehad.
Een ongeluk.
Ze kwamen niet eens naar de begrafenis.
Mevrouw wie? Ja, verbind maar door.
Kunt u naar het kantoor komen? Nee, waar u wilt dan.
In orde.
Tot morgen dan. Goedenavond.
Ik heb geen keus meer. - Er is altijd een keus.
U mag het nu niet opgeven.
Ze zullen u niet de kans geven het uitte leggen.
Denk aan uw zoon, verdomme.
Ik vacht beneden, over vijf minuten.
Ik kom eraan.
Hallo. - Flora Lebrun.
Ik heb uw artikel over Simon Lacaze gelezen.
Wat is dat? - Het zat tussen de papieren van Bruner.
Op verzoek van de heer Dominique Bruner...
ter vrijwaring van de belangen van het bedrijf DSBO...
...gehoor gevend aan dit verzoek ben ik bij de heer Simon Lacaze geweest.
Niemand weet ervan, op voorzitter Lunel na.
Wat is dat voor toestand?
Waar kan ik u bereiken?
Ik heb ontslag genomen. - Gaat u weg?
Ik ben blij je te zien.
Alex, een vriend.
Laat maar. Lisa heeft me uw verhaal verteld.
Moest jij vandaag niet naar de rechter? - Begin jij ook al?
Alles goed, kindje? - Ja. Het ruikt lekker. Wat maak je?
Jam.
Snel is anders.
Is dat je nieuwe vriend? - Nee.
Ik zet dit even in de keuken.
Ik wacht buiten.
Wanneer is het klaar?
Ik hoop dat je weet wat je doet.
Het is al goed.
Tegen vanavond?
Verdomme, de politie volgt ons.
U moet niet bij mij blijven.
Stop maar, die papieren kunnen me niet schelen.
Als ze ons tegenhouden, hangt u. - En u?
Ik red me wel. Afspraak in het Gare de Lyon bij de fotoautomaat.
Stap uit. Doe geen domme dingen.
Ik kan u niet in de steek laten. - Stap uit!
Politie!
Verdomme!
Mevrouw. Fijn dat u me ontvangt.
Komt u mee.
Waarom zou hij zoiets hebben gedaan? - Dat moet u mij niet vragen.
Zoiets konden we niet tolereren.
Bruner deed alleen zijn plicht.
En u zei niets tegen zijn wauw? - Zulke dingen liggen moeilijk.
Bruner zweeg er liever over.
Hij kan niet weten dat Lacaze zo zou reageren.
Ik stel het geen twee keer voor, Lisa Zeg waar je hem treft of je hangt.
Verbergen van 'n misdadiger. Zal ik 't strafwetboek voorlezen?
Oh, kun je lezen?
Ik snap jou niet, Lisa. Je bent niet dom.
Daarom juist. - Wat?
Daarom snap je me niet.
Dat vind jij leuk, hè? Naar rechts gaan als men links zegt.
Wil je er dan echt niet uit weg?
Ik heb nochtans alles geprobeerd. Tot acupunctuur toe.
Je krijgt tijd zat om iets beters te proberen.
Kies wel iets boeiends, want het is voor 'n poos.
Neem haar in voorlopige hechtenis, ik bel de onderzoeksrechter.
Eikel.
Wil je weten wat er gebeurd is? Lisa is opgepakt.
Ik wil je niet meer zien. - Wanneer?
Wanneer? - Pakje papieren en verdwijn.
François Durrieux. U hebt me verraden.
Ik heb u niet verraden.
Ik vertrouwde u. U had 't moeten publiceren.
Uw vriend beging een zware fout. - Welke fout?
Diefstal van materieel. Laptop en printer.
Waar hebt u het over? Ik heb 't deurwaardersverslag.
Simon heeft niets gestolen. Bruner stelde voor
het mee te nemen om thuis te werken.
Dat vertelde hij u, maar misschien loog hij.
Hoe kunt u zoiets denken?
Waarom verdedigde hij zich dan niet?
We nemen u mee dat u wat kunt rusten.
Werk even mee, meneer.
We staan op. - Kom op.
Een... twee... drie.
Voeten naar voren... eerste voet...
Goed zo. Nu de andere.
Op je voeten, meneer.
Hoe is het met hem?
Mama?
Dag, François.
Ik heb kleren voor je meegenomen.
Ik ga een advocaat inschakelen.
Het komt allemaal goed, je zult 't zien.
Gisteren na je vertrek heeft de baas... - De foto is omgekeerd.
Dat is niet zo erg. - Maar toch...
Ze hebben Durrieux.
U wilt dertig mensen ontslaan. - We hebben geen keus.
Sommigen zullen geen werk vinden. - Het is moeilijk voor iedereen.
Wat zegt u over François Durrieux? - Het gerecht zal beslissen.
Wat denkt u zelf, M. Lunel? - M. Lunel, alstublieft...
Flora?
Hoe gaat het? - Best.
Ik was een beetje. - Ik weet het.
Pas goed op jezelf.
Ik heb je haar weer in de war gemaakt.
FRANÇOIS DURRIEUX: DE BEKENTENIS
Wat doe je? Het is mijn beurt.
Rustig aan!... Rustig aan!
Krijg de ziekte.
Ik ben rustig.
Kunt u dit aan mijn zoon geven?
Hij zal het begrijpen.
Lieve Benjamin, ik heb je briefje gekregen.
Ik ben blij dat het goed met je gaat,
al zul je het sommige dagen niet makkelijk hebben.
Die dagen
moet je aan iets denken waar je gelukkig om was.
En mijn stem zal bij jou zijn.
Je moet niet meer bang zijn.
Nederlandse tekst: Hugo GEERARDYN
Sous-titrage / Ondertiteling: Laser Title Industry
Can't find what you're looking for?
Get subtitles in any language from opensubtitles.com, and translate them here.