Afrikaans
Akan
Albanian
Amharic
Armenian
Azerbaijani
Basque
Belarusian
Bemba
Bengali
Bihari
Bosnian
Breton
Cambodian
Catalan
Cebuano
Cherokee
Chichewa
Chinese (Simplified)
Chinese (Traditional)
Corsican
Croatian
Czech
Danish
Dutch
Esperanto
Estonian
Ewe
Faroese
Filipino
Finnish
French
Frisian
Ga
Galician
Georgian
Greek
Guarani
Gujarati
Haitian Creole
Hausa
Hawaiian
Hebrew
Hmong
Hungarian
Icelandic
Igbo
Indonesian
Interlingua
Irish
Italian
Japanese
Javanese
Kannada
Kazakh
Kinyarwanda
Kirundi
Kongo
Korean
Krio (Sierra Leone)
Kurdish
Kurdish (Soranî)
Kyrgyz
Laothian
Latin
Latvian
Lingala
Lithuanian
Lozi
Luganda
Luo
Luxembourgish
Macedonian
Malagasy
Malay
Malayalam
Maltese
Maori
Marathi
Mauritian Creole
Moldavian
Mongolian
Myanmar (Burmese)
Montenegrin
Nepali
Nigerian Pidgin
Northern Sotho
Norwegian
Norwegian (Nynorsk)
Occitan
Oriya
Oromo
Pashto
Persian
Polish
Portuguese (Brazil)
Portuguese (Portugal)
Punjabi
Quechua
Romanian
Romansh
Runyakitara
Russian
Samoan
Scots Gaelic
Serbian
Serbo-Croatian
Sesotho
Setswana
Seychellois Creole
Shona
Sindhi
Sinhalese
Slovak
Slovenian
Somali
Spanish
Spanish (Latin American)
Sundanese
Swahili
Swedish
Tajik
Tamil
Tatar
Telugu
Thai
Tigrinya
Tonga
Tshiluba
Tumbuka
Turkish
Turkmen
Twi
Uighur
Ukrainian
Urdu
Uzbek
Vietnamese
Welsh
Wolof
Xhosa
Yiddish
Yoruba
Zulu
Een mooi stuk. Bewaar haar voor de markt.
Slaven.
Vrouwen.
Stuk voor stuk een plezier. Jong en niet zo jong.
Sterk en niet zo sterk. Sommige met talentvolle hoofden.
Sommige met talentvolle handen.
En sommige met verborgen talenten.
Laat eens zien die talenten. - Nee, daar word je blind van.
Tijd om te bieden. - Vijf goudstukken.
Veertig goudstukken voor de vier. - Voor de vier?
Vrouwen zijn niets meer waard. Verkoop ze en ga door met de mannen.
Verkocht. Behandel ze zacht.
Ik behandel ze helemaal niet.
Cornelia, zorg voor deze schepsels.
We hebben keukenhulpjes zat.
Zo, meisjes.
Wat zijn jullie namen?
Deidre, van Erse.
Livia, dochter van Scipio. - Je vader boeit ons niet.
Als hij wat waard was, dan zou je hier niet zijn.
En wat is jouw naam?
Geef antwoord. Begrepen?
Wat is je naam?
Ik ben Bodicia, van de Britanni.
En jij? Versta je me?
Ik ben Mamawi. - Mooi, je verstaat me dus.
Trek nu die vodden uit. Jij, haal water op.
Uitkleden. - Dat doe ik niet.
Kun je die domme ganzen niet de baas, Cornelia?
Willen jullie ze voor me pluimen?
Wulfstan.
Alsjeblieft.
Worden ze vanavond geserveerd? - Nee, ze zijn nog niet schoongemaakt.
Jullie zullen onze patronen in de arena dienen.
En onze patronen verwachten een goede bediening.
Wat een mislukking. Je gladiatoren hadden geen zin.
Wat kan ik doen? Nog een Spartacus zoeken?
Liever niet. Ik verloor een fortuin in die opstand.
Ik heb iets nieuws nodig. Iets opwindends.
Waar kijk je naar?
Daar wen je wel aan. Het gebeurt wel vaker.
Een van ons moest sterven.
Dat is de wet. - Wiens wet?
De wet van de arena. Wij zijn gladiatoren.
Slaven. Dat zijn jullie.
Niemand vindt het vechten leuk, maar ze gillen om bloed.
Daar betalen ze voor.
Caesar laat Rome leeglopen. De beste mensen komen nu hierheen.
Zijn dit je beste mensen?
Timarchus weet wel wat een show is. - Vertel me geen dingen die ik al weet.
Twee van de nieuwe meisjes. - Heel leuk.
De blonde is een priesteres.
En de zwarte is een prima danseres.
Laat haar dansen.
Paradijsvogel.
Ik zal die slet leren.
Goed zo, Quintus. Wat denk je van hem, Priscium?
Hij is een beetje klein, maar een beetje kan ver komen.
Roep ze tot de orde.
Deze week iets speciaals. Twee mannen tegen één.
De enige die er twee aankan, is Septimus.
Tegen hem hebben we Quintus gekozen. En onze vorige winnaar, Marcus.
Dat wordt een warm bed vannacht, Lucinia.
Onze meester kent de noden van een gladiator.
Ze mogen hun metgezel voor vannacht uitkiezen, dan vechten ze beter.
Welke wil jij in je bed, Bodicia? - Hou op, Mamawi.
Het is Priscium maar. - Ik heb interessant nieuws.
De gladiatoren houden van vers bloed.
Jullie worden verwacht.
Moeten wij hen bevredigen? - Jij niet.
Jullie drie. Deidre, Bodicia en Mamawi, meekomen.
Wat wil je van ons? - Ik wil helemaal niks.
Quintus, Ursus en Marcus wensen jullie gezelschap.
Ik wens hun gezelschap niet. En jij, Mamawi?
Jij, Deidre? - Ik geloof van niet.
Bodicia, jouw wensen tellen niet mee. Het is toch niet de eerste keer?
Laat maar. Ze is een Romeinse edelvrouw.
Komen jullie, of roep ik Cornelia erbij?
Het is vroeg donker vanavond.
Ga weg. Ik heb je niet nodig.
Ik ben er nu. Kan ik iets doen?
Septimus zal morgen alles regelen.
Misschien win je wel. - Ga weg. Laat me met rust.
Ik zal voor je bidden. - Bidden?
Luistert God dan naar het slachtvee? - Zeg dat niet.
Veel mannen van mijn leeftijd zijn gedood door Romeinen.
Als jij sterft, heb je tenminste een zwaard in je hand.
Ik zou toch maar nog een slaaf doden.
De enige manier om het plezier van die aasgieren te bederven,
is door niet te vechten. - Er moet een andere manier zijn.
Ontsnappen?
Waarheen? Hoe?
Waar denk je aan?
Brengt de wind in de bomen een goddelijke boodschap?
Wat is de boodschap, priesteres?
Quintus.
Ze leerden je als een beest te leven. Ben je je verleden vergeten?
En slangen? Zouden grote slangen hen niet opwinden?
Slangen zijn maar slangen.
Ik heb eens op hol geslagen olifanten gezien. Wat denk je van olifanten?
Schiet op.
De mannen zijn zo klaar met hun bad. Laat ze niet wachten.
Ik heb geen mannen gezien. - Ze bedoelt die clowns van gister.
Dat zijn Romeinse burgers. Ze bezitten de wereld.
Ze zullen je respect bijbrengen. - Romeinen zijn varkens.
Hoe vonden jullie de arena? - Erg opwindend.
De menigte, het vechten, het doden.
Bloeddorstige gieren. - Laat de gladiatoren dat niet horen.
Ik bedoelde de toeschouwers.
Het was natuurlijk geen eerlijk gevecht.
De eerste die Septimus doodde was slechts een zwarte.
Ze is een van ons.
De vrouwen ruïneren ons.
Ze willen elkaar vermoorden. - Ik ga een voorbeeld stellen.
Ze maken me af. Waar is Septimus? - Hij heeft vrij wegens zijn zege.
Daar ben je weer, Septimus. - Ik kom voor Lucinia.
Misschien is Lucinia wel dood. - Waar is ze?
Ik dood ze.
Waar is ze? Of ik vermorzel jullie waardeloze vrouwen.
Ik was bang.
Mallerd, jij bent nooit bang.
Alles is geruïneerd.
Appolonius, kom hier. - Als ze dit in de arena zouden doen...
Wat bazel je? Appolonius.
Het zou vernieuwend zijn. De terugkeer van de amazonen.
Ga weg, we staan te praten. - Woeste barbaarse vrouwen,
vechtend tegen elkaar. Een proef in de arena.
Zou het lukken?
Waarom niet? Stel je voor.
Dat deed ik net.
Mooi zo. Ga door.
Waarom train je de vrouwen niet? Ik wil ze gebruiken bij de spelen.
Doe wat ik gezegd heb. - Ja, meester.
Niet poseren met dat zwaard, sla ermee.
Wat is dit voor gedrag, Mamawi?
Romeins gedrag.
Zij die sterven gaan, groeten u. - Ook gegroet.
Een goed gevecht en goede rust voor de verliezers.
Deze gevechten kennen we. We willen de vrouwen.
Geef ons de vrouwen.
Jullie willen de vrouwen zien vechten. Bereid jullie voor. Daar komen ze.
Jullie namen? - Bodicia van de Britanni.
Deidre van Erse.
Zijn jullie klaar om te vechten? - We staan klaar om te vechten.
Wie int er nou geld na een gevecht? Hoeveel?
Kom op, vechten.
Je succes in de arena heeft ons een beloning opgeleverd.
Hoe zie ik eruit? - Als een Romein.
Dan zal ik zeker m'n provinciale tegenstander overwinnen.
Ze denkt anders te zijn, maar ze is ook een slaaf.
Ze lacht als Timarchus dat wil. Ze zal ook sterven als hij dat wil.
Dat weet je toch, Mamawi?
Ik kan niet praten met dit ding op. M'n hoofd gonst.
Wat is er?
Ik suggereerde dat een van ons misschien zal sterven.
Ja, maar wie kan ons helpen? - We moeten elkaar helpen.
We moeten onszelf helpen.
Bodicia, overwinnaar van Britanni.
Nee, Deidre was eerder het slachtoffer van Bacchus.
Roep ze tot de orde.
Mannen. Gladiatoren. - Morgen zijn er weer spelen.
Alweer?
Septimus, hier is de lijst van mannelijke gladiatoren.
En Cornelia, dit worden onze speciale attracties.
Mamawi.
En Livia.
Septimus.
Wat is er? - Ik wil niet vechten.
Morgen vechten Mamawi en Livia, jij niet.
Ik ben bang. Ik droomde. Een nachtmerrie.
Ik moest vechten.
Ik probeerde je te roepen, maar ik had geen stem.
Praat met Timarchus. Zeg hem dat dit slecht zal aflopen.
Je bent gek. Hij zou me laten geselen.
Dit is verkeerd. Wat voor mannen laten vrouwen in de arena vechten?
Hou op, het kon erger zijn. - Maar ze kunnen gedood worden.
Daar beslissen de goden over. - De goden?
Wat scheelt hen vandaag? - Zouden ze dan hersens hebben?
Jullie namen?
Mamawi van Nubia.
Ik ben Livia, kind van Scipio. En dochter van Rome.
Is dat waar? Is zij een burger? - Vermoord je onze kinderen?
Scipio is een eervolle naam.
Vrienden, ze is als slaaf verkocht.
Heeft ze een misdaad gepleegd? Wat doet ze hier dan?
Haal een ander.
Wie dan? - Maakt niet uit.
Ze zijn allemaal aan het werk. Behalve Lucinia.
Al word ik honderd, ik zal haar gezicht nooit vergeten.
Ze stierf voor jou, Livia.
De menigte verkoos een Hiberiaan boven een Romein.
Ik heb haar niet vermoord.
Vermoord? Ze was gewapend. Ze probeerde mij te doden.
Ze was ongewapend toen je haar doodde. - De boogschutter...
Ik wilde haar niet doden. Ik was bang.
Ze waren van plan mij te doden.
We zijn allemaal bang. Dat willen ze. - Je went er wel aan, Mamawi.
Zorg dat de meester tevreden is. - Door te doden?
Alleen een zwakkeling of een vrouw treurt om een dode.
Ik heb medelijden met je.
Doden om je meester te plezieren. Je bent een slaaf uit eigen keus.
Wil je de zweep? Let allemaal op je woorden.
Of jullie krijgen allemaal van de zweep.
Priscium wil jullie spreken.
Timarchus is tevreden. Men vraagt om nog een show.
Het is gepland voor morgen. - Dat zijn er drie deze week.
Wees dankbaar dat men komt kijken. - Wie gaat er vechten?
Mamawi en Bodicia. De winnaars van de eerste twee gevechten.
Is het niet zo dat een gladiator een metgezel voor de nacht mag kiezen?
Inderdaad. Eis je dat recht op? Wie is de gelukkige man of vrouw?
Ik kies Septimus.
Ik wist niet dat hij zo'n indruk op je had gemaakt.
Is eis dat recht op. - Al goed.
Vrouwen zijn ook nooit tevreden.
Vraag om de beloning voor trouw. Lucinia was een trouwe bediende.
En nu is ze dood. - Timarchus is een goede meester.
Timarchus is een varken. Dood aan Timarchus.
Dronken slet. Je steelt de wijn van de meester. Ik zal je leren.
We vinden het allemaal erg wat er met Lucinia is gebeurd.
Ik weet dat je van haar hield.
Ze schonk je een kind.
Dat mannen vechten tot de dood lijkt natuurlijk.
De buitenwereld is niet zo anders de arena.
Maar de vrouwen...
Lucinia...
Septimus, Lucinia is dood.
En elke week sterft er nog een van ons.
Ik probeer je duidelijk te maken dat je ons moet helpen.
Wil je dat je kind hier opgroeit? Om misschien te sterven in de arena?
Lucinia zou willen dat je het kind beschermt.
Dat je deze plek ontvlucht.
Je kent de weg door de catacomben. We kunnen vluchten naar de zee.
Kom naar de wijnkelder, als de lichten uit zijn.
Breng je wapens mee?
Doe het voor Lucinia.
Een geluid en je bent er geweest.
Ze is minder gevaarlijk als ze bij ons is.
Hij is er niet. - Heeft hij je wel begrepen?
Misschien kreeg hij geen wapens te pakken.
Als hij niet snel opdaagt, proberen we het zelf.
Een verkeerde afslag en het is afgelopen. We wachten.
Maar niet lang.
Dat volstaat wel.
Moordenaar. Je kent geen trouw.
Ik had je nog wel een vrouw gegeven. - Geen vrouwen meer. Ze zijn dood.
Hoor je dat? Hij is gek.
Je kent de straf. Voer hem af. - Hij heeft u goed gediend.
Kruisig hem.
Kruisig hem.
De meester heeft een aanslag op zijn leven overleefd,
door een ondankbare slaaf. - Wie?
De gladiator Septimus.
Uit dankbaarheid heeft de meester me verteld
dat hij overweegt de winnaar de vrijheid te schenken.
Als het een goed gevecht is. - De winnaar is vrij?
Dat overweegt hij.
Geloof het niet.
Timarchus schenkt niemand de vrijheid, alleen de verliezer.
Je hebt gelijk. We zullen ook een voor een sterven.
Tenzij we vechten.
Zoals gisteravond? Ik ga het op mijn manier doen.
Wij die sterven gaan, groeten u.
Maak alles gereed. Ik bewaak hem.
Een man moet sterven zoals hij leefde.
Het zij zo.
Mamawi, je moet naar me luisteren.
Wat stel je voor? Dat we elkaar proberen te doden?
Als het echt zover komt, zou je me kunnen doden?
Misschien moet jij wel beslissen om mij te doden.
Goed, we doen het op jouw manier.
Vrijheid.
Geef het bevel. - Boogschutters, vuur.
Wij vochten voor onze vrijheid, nu is het jouw beurt.
Je hoorde haar wel.
Weet je wat er gebeurt met opstandige slaven?
Ze sterven. Ze worden gekruisigd.
Ik ben een van jullie. Ik ben ook een Romein.
Heb genade met een oude man.
Help, soldaten.
Nee, wacht.
Neem maar. Pak het allemaal.
Raak me niet aan. Ik ga gillen.
De vrouwen komen in opstand. Schiet op.
De catacomben. Dat is onze enige kans.
Die sletten slachten iedereen af. - Hoe groot zijn die catacomben?
Ten tijde van Spartacus hebben slaven zich daar maanden verstopt.
Breng de honden.
Daar liggen lijken.
Die doen ons geen kwaad. - Kom op.
Wacht even.
Kom je? - Verzamel de troepen.
Je hebt tot zonsondergang. Dan roep ik m'n troepen terug.
Je moet die rebellen kruisigen. - Mijn leger wordt in Rome verwacht.
Hier zijn ze.
We moeten springen.
Vooruit, Deidre.
Springen.
Schiet op.
Probeer het. Je moet het doen.
Denk je dat je ze aankunt?
Vertaling: Wess Lee
Can't find what you're looking for?
Get subtitles in any language from opensubtitles.com, and translate them here.