Afrikaans
Akan
Albanian
Amharic
Arabic
Armenian
Azerbaijani
Basque
Belarusian
Bemba
Bengali
Bihari
Bosnian
Breton
Bulgarian
Cambodian
Catalan
Cebuano
Cherokee
Chichewa
Chinese (Simplified)
Chinese (Traditional)
Corsican
Croatian
Czech
Danish
Dutch
English
Esperanto
Estonian
Ewe
Faroese
Filipino
Finnish
French
Frisian
Ga
Galician
Georgian
German
Greek
Guarani
Gujarati
Haitian Creole
Hausa
Hawaiian
Hebrew
Hindi
Hmong
Hungarian
Icelandic
Igbo
Indonesian
Interlingua
Irish
Italian
Japanese
Javanese
Kannada
Kazakh
Kinyarwanda
Kirundi
Kongo
Korean
Krio (Sierra Leone)
Kurdish
Kurdish (Soranî)
Kyrgyz
Laothian
Latin
Latvian
Lingala
Lithuanian
Lozi
Luganda
Luo
Luxembourgish
Macedonian
Malagasy
Malay
Malayalam
Maltese
Maori
Marathi
Mauritian Creole
Moldavian
Mongolian
Myanmar (Burmese)
Montenegrin
Nepali
Nigerian Pidgin
Northern Sotho
Norwegian
Norwegian (Nynorsk)
Occitan
Oriya
Oromo
Pashto
Persian
Polish
Portuguese (Brazil)
Portuguese (Portugal)
Punjabi
Quechua
Romanian
Romansh
Runyakitara
Russian
Samoan
Scots Gaelic
Serbian
Serbo-Croatian
Sesotho
Setswana
Seychellois Creole
Shona
Sindhi
Sinhalese
Slovak
Slovenian
Somali
Spanish (Latin American)
Sundanese
Swahili
Swedish
Tajik
Tamil
Tatar
Telugu
Thai
Tigrinya
Tonga
Tshiluba
Tumbuka
Turkish
Turkmen
Twi
Uighur
Ukrainian
Urdu
Uzbek
Vietnamese
Welsh
Wolof
Xhosa
Yiddish
Yoruba
Zulu
Er ontbreekt geld uit de kas. - Ontbreekt er geld?
Er is één iemand die een nauwe band lijkt te hebben met deze figuren.
Ik ben zwanger.
Dan zijn we straks met z'n drieën.
Geloof je dat ik denk dat je alleen wil theedrinken?
Ik zou nooit liegen over zoiets. - En ook over niets anders, hoop ik.
Ik heb begrepen dat deze affaire een last is voor de sociaaldemocraten.
Daarom heb ik besloten om af te treden als wethouder van Sociale Zaken.
Dus nu word je actievoerder? - Heel graag.
Die John heeft een slechte invloed op je. Hij is niet goed voor je.
Ik eis dat... - Jij beslist niet voor mij.
Alsjeblieft.
Dan staan we weer quitte, Roos. - Ik betaal mijn schulden altijd.
Waarom wilde u juist mij? - Jij hebt de juiste achtergrond.
Hoe kun je mij en mijn vrienden bespioneren? Ik vertrouwde je.
Ga alsjeblieft niet verhuizen.
Ik wil zo min mogelijk met jou te maken hebben.
3 JAAR LATER
MEI 1971
Het parkje met iepen in Kungsträdgården in Stockholm...
is een van de mooiste parkjes ter wereld.
Stockholm is de hoofdstad van het land...
en de gemeente heeft het recht niet...
om deze iepen om te hakken.
De berken en de iepen
zijn onze vrienden
de vogels en de bomen
hebben ook gevoelens
de berken en de iepen
zijn onze vrienden
Hopelijk valt hij niet om.
Alsjeblieft. - Bedankt.
Neem mee.
We hebben al één bladzijde vol.
Hallo. Wat gebeurt hier?
We demonstreren tegen de plannen om de iepen om te hakken.
Hebben jullie een vergunning? - Ja.
Goed. - Wilt u onze petitie niet tekenen?
Een ander keer. - Toe, dan komt uw naam bovenaan.
Kunt u over vertellen op het bureau. - Dan krijg ik zeker meteen promotie.
Succes.
Red de iepen
Uno.
Hallo. Dat is lang geleden.
Ja. Heb je even?
Ik ben op weg naar huis, maar... - Ik loop met je mee.
Ik heb je hulp nodig.
We hebben ze gevonden.
John en z'n vrienden? - We hebben wat foto's genomen.
Ik heb hulp nodig om er een aantal te identificeren.
Heb je vanavond tijd?
Bij Nina's, om zeven uur? - Dat kan.
Afgesproken.
VREDE
THE RESTAURANT
AFLEVERING 25 DE THUISKOMST
Er ontbreekt weer geld uit de kas. - O ja?
Voor de derde keer deze maand.
Dat is normaal. Soms is het te veel en soms te weinig.
We missen elke keer geld. Dat is in jaren niet gebeurd.
Ik vraag wel even aan Lena hoe het met het nieuwe personeel gaat.
Jullie werken je toch niet dood, hè?
Gustaf.
Waarom heb je niets gezegd? - Het was een spontaan besluit.
En Roos. Alle oude knarren zijn er nog.
Fijn je te zien, Gustaf. - Jou ook.
Zo, waar hebben we dit aan te danken?
Ons huis staat nu leeg, we komen even kijken.
Natuurlijk. - En Astrid wil haar verjaardag vieren.
Ik dacht dat we dat hier konden doen. - Natuurlijk. Goed idee.
En we willen Peter en zijn dochters ook uitnodigen.
Wat vind jij daarvan?
Ik begrijp het.
Natuurlijk kan hij komen.
En het zou leuk zijn om Anitha en Karin te zien.
Heb je contact met Christina gehad?
Nee.
Ik ben haar blijven zoeken, natuurlijk.
Maar nee.
Ze heeft contact gehad met Lena die hier werkt.
En liet me via haar weten dat alles goed is.
Dat is alles.
Nina...
Wat kun je doen?
Het worden misschien wel twintig mensen.
Met alleen Hilma en Arvid en hun gezinnen zit je al bijna op tien.
Ik verwacht jou er ook bij.
Wil je dat? - Nee, ik niet. Maar Astrid wel.
Goed dan. - Mooi.
Tweemaal Rydberg.
Een boer vond lege patroonhulzen in het bos.
Ze hebben blijkbaar geoefend.
Wie zie je?
We hebben John Hansen, natuurlijk.
Dit is Kicki. Haar echte naam is Katarina.
Haar achternaam weet ik niet meer. - Schrijf achterop wie je herkent.
Goed.
Is dit wie jullie gezien hebben?
Ja.
En wat nu? - We blijven ze in de gaten houden.
Ik help graag. Ik krijg zeker verlof.
Je wordt herkend. Dat is een onnodig risico.
Wilt u al bestellen? - Nog niet.
Neem je tijd.
Ik ga mee. Laat maar zien.
We hadden toch afgesproken dat je me zou afbetalen?
Je kent me. Ik betaal je toch altijd terug?
Nooit zulke bedragen. Dit loopt uit de hand.
Ik zal je terugbetalen. Ik zweer het.
Ik heb geduld met je gehad, Roos.
Omdat ik je mag.
Maar als mijn geduld op is, is het voorbij.
Het geld is onderweg, Lasse. Je krijgt het over een paar dagen.
Hoe gaat het? - Langzaam.
De meiden en ik gaan straks uit eten.
Ga je mee? - Graag.
Zijn jullie hier eerder geweest? - Ja, ik ken zelfs de eigenaar.
Je bent bezig met de kinderopvang?
Ja, ik schrijf een rapport over de kinderopvang toen ik wethouder was.
Jullie hebben daar veel aan gedaan. - Wat dan?
We hebben die uitgebreid...
duidelijkere pedagogische doelen ingevoerd en nog veel meer dingen.
Zal dat rapport iets uitmaken? - Dat denk ik wel.
Uiteindelijk gaat elk kind naar de voorschool.
Niet elke sociaaldemocraat is conservatief. - Bijna elke.
In elk geval die op het stadhuis. Zij willen die iepen omhakken.
Alstublieft, hier zijn een paar voorgerechten.
Leuk je te zien. - Jou ook.
Dit is Angelo, de eigenaar. We hebben samen bij DK gewerkt.
Dit is van het huis. Maggans vriendinnen zijn mijn vriendinnen.
Fijne avond. - Bedankt.
Grazie.
De 'vrienden van de iepen' gaan ze beschermen.
Wij staan op hun telefoonlijst.
Jullie kunnen je ook opgeven.
Ja, dat kan.
Iedereen is welkom. - Natuurlijk.
Roos. - Goedemorgen, meneer Löwander.
Ik hoop dat ik niet stoor. - Helemaal niet. Ga mee.
Nee, ik heb liever frisse lucht.
Hoe gaat het met u?
Goed. En met jou? - Prima.
Ik heb een vraag die een beetje vreemd kan lijken.
Ik beheer de financiën bij Nina's en ik ben heel dankbaar voor dat vertrouwen.
Maar om eerlijk te zijn mis ik de eetzaal.
En ik dacht: Henriksdal heeft een wat een traditioneler profiel.
Misschien kunt u een oberkelner gebruiken.
Eentje met veel ervaring.
Het spijt me, maar op het moment heb ik genoeg personeel.
Ik begrijp het.
Het was maar een idee.
Tot ziens, meneer.
Mam, ik kan het niet. - Probeer het.
Zal ik je helpen?
Kijk eens. Ga zo door, ik maak dit even af.
We beginnen.
Wil je zelf beginnen, Gunilla?
Ik moet strikter worden in mijn manier van denken.
Wetenschappelijker.
Ik ben nog veel te burgerlijk.
Lees je daarom deze dingen?
'Rozen, zoenen en de dood'. Burgerlijk escapisme van de ergste soort.
Toch?
Ja.
Is de werkelijkheid te zwaar voor je?
Het ergste is dat je het verborgen had onder je matras.
Hoe moeten we je vertrouwen? - Ik snap dat dat niet kan.
Ik lieg.
Ook een van mijn gebreken.
Gisteren vroeg je je af of de revolutie wel zou komen.
Dat zei ik niet. - Dat zei je wel. Dat hoorde ik.
Als we iets niet nodig hebben in deze groep...
zijn dat mensen die de waarheid niet onder ogen durven te zien.
Als de actieve fase begint, moeten we iedereen kunnen vertrouwen.
Tot in de dood.
Ik ga werken aan mijn gebreken. Aan dat burgerlijke dat ik heb.
Wat ga je hiermee doen?
Ga door.
Nog een.
Zo is het wel genoeg.
Ze begrijpt het. Het is genoeg. - Ze begrijpt het?
En dat bepaal jij? - Mao zegt: onderwijs met geduld...
niet onder dwang. - Ik weet wat Mao schrijft.
Zo bedoelde ik het niet. Maar Gunilla is onze vriendin, toch?
Ze heeft een fout gemaakt, maar dit is genoeg.
Je kunt gaan, Gunilla.
En jullie ook.
Ik snap je boosheid, maar...
Spreek me nooit tegen waar de anderen bij zijn.
Nee, natuurlijk niet.
John. Het spijt me.
Het spijt me.
Ik zal het niet meer doen.
Het hele kippengaas. - Moet dat echt, denk je?
Wat zijn jullie van plan?
Ik weet dat jullie iets voorbereiden.
En je zei dat we een actieve fase ingaan.
Waarom vertel je het niet gewoon?
Vertrouw je me niet meer? - Ik vertrouw je wel.
Ik zal het vertellen. Als we zover zijn.
Ik wil niet dat je je zorgen maakt.
Een verjaardagsdiner. De schoonzus van de restaurateur.
Ik zit ook aan, dus jij zorgt voor het eten, Nisse.
Zijn er wensen betreft het menu? - Ja, daar hebben we het nog over.
Carmen, jij zorgt voor de overige bestellingen.
Kunnen wij even praten? - Natuurlijk.
Ik neem ontslag.
Wat? - Jij vindt dat ik een waardeloze kok ben.
Ik ga weg. - Gaat dit over het verjaardagsdiner?
Dat je aan een vegetariër overlaat. Komt de familie Konijn op bezoek?
Nee, ik... - Hij is dus beter dan ik.
Eigenlijk zeg je dat ik kan opdonderen.
Rustig.
Omdat ik aan tafel zit, verzorgt de een het diner...
en de ander de overige bestellingen.
Dat laatste wordt moeilijk, omdat ik er niet ben.
Dus wil ik liever dat jij dat doet, snap je?
Dit blijft tussen ons, goed?
Natuurlijk. - Mooi.
Nee, bedankt.
Nee, ik denk het niet. - Echt niet?
Dag, Astrid. - Dag.
Gefeliciteerd. - Leuk dat je kon komen.
De groeten van Anitha en Karin. - Dank je, de groeten terug.
We moeten maar eens afspreken. - Zeker.
Peter.
Dag. Fijn je te zien. - Jou ook.
Je herkent de kinderen misschien niet meer na zo'n lange tijd.
Jullie zijn zeker gegroeid. Dag.
En is dit dan Arvid? - Dag.
Dit is Anna. - Peter Löwander. Aangenaam.
Calle. - Dat is lang geleden.
Zeg dat wel.
Peter. Welkom bij Nina's.
Dank je.
Het wordt me een beetje te veel.
Eend staat klaar.
Eend staat klaar. Waar blijven jullie? - Rustig.
Het wordt koud. Het gaat totaal mis, ik wist het.
Welnee. Diep ademhalen. Dit gaat prima.
Ik heb je saus geproefd. Die is perfect.
Ademhalen.
Het eten was heerlijk. - Ik heb een paar goede koks.
Ik had graag Anitha en Karin willen zien. - Ze zijn helaas naar de opera.
Op die manier. Alleen?
Nee, met Ester en Mirko.
Dus Ester en Mirko zijn nog samen. - Ja.
Maar de meiden wonen bij jou? - Nee, Anitha studeert rechten in Uppsala.
En Karin woont bij Ester.
Zijn jullie nog gelukkig in Tanzania? - Zeker.
Maar we denken erover om terug te verhuizen voor Mårtens opleiding.
Dus zij ging met Ester mee toen die jou verliet?
Dat klinkt een beetje...
Je moet op bezoek komen voordat het te laat is.
Het klinkt een beetje wat? - O, niets.
Welke tijd van het jaar is het goed om te komen?
Waar is Christina, eigenlijk?
Ze kon niet komen.
Dat zie ik, maar waar is ze? - Laten we niet...
Misschien zit ze wel in China met die communist van haar.
Laten we zingen voor de jarige. - Ik dacht dat het er nooit van zou komen.
Lang zal ze leven...
Proost.
Ik wil jullie even bedanken voor het lekkere eten.
Je moet hem daar bedanken. - De mokka-parfait was heerlijk.
Fijne avond. - U ook.
Je mag heel erg trots zijn op jezelf.
Zeker, Nisse. Gefeliciteerd.
Bedankt. - Calle moet blij zijn.
Maar vooral opgelucht.
Hoezo?
Hij wist niet hoe het vanavond moest omdat bij het diner moest zijn.
Hij vond het beter als ik de gewone bestellingen deed...
want daar mocht het niet misgaan.
Maar het ging niet mis. - Gefeliciteerd. Goed gedaan.
Dus hier verstop je je.
Ik wil ontslag nemen.
Waarom? - U gelooft niet in mij.
Je hebt het toch goed gedaan? Astrid kwam je speciaal bedanken.
Dat deed ze om beleefd te zijn. - Wat wil je nog meer?
Een erekrans?
U verwachtte dat het me niet zou lukken. - Absoluut niet.
Heeft Carmen dat gezegd? - Ik zeg niet van wie het komt.
Carmen? - Goed, het was Carmen.
Ik werk hier al drie jaar en ik heb altijd mijn best gedaan.
En dan hoor ik dat... - Nisse, je moet haar negeren.
Ze respecteert mij niet. - Ze voelt zich bedreigd door jou.
Snap je dat niet?
Knap gedaan.
Sorry dat ik daarnet m'n humeur verloor.
Geeft niets, Peter. Fijn dat je er was. Laten we hier een traditie van maken.
Dag. - Laten we wat afspreken voor we gaan.
Graag. Kom maar langs bij Henriksdal.
Ik moet alleen even...
Roos kwam laatst langs en zocht werk als oberkelner.
Wat? - Hij zei dat hij de eetzaal miste.
Hij bood zelfs aan om te bedienen.
Dat kan hij hier toch ook doen? - Ik ga met hem praten.
Goed. Dag.
Het was leuk.
Mijn man weet niet dat ik hier ben.
Ik wil hem niet ongerust maken.
Ik heb zelfs een excuus verzonnen om naar huis te kunnen.
Ik voel dat er iets mis is.
Waar gaan jullie heen? - We gaan even weg.
Mag ik mee? - Vandaag niet.
Ik wilde je even bedanken.
Geen dank. - Ik schaam me voor...
Je hoeft het niet uit te leggen.
Ik ben blij dat je er was.
Ik zal hier niets zeggen over.
Goed. Bedankt.
Dag, schat. - Dag.
Kijk wat ik gekocht heb. - Wat mooi.
Wat lief van je.
Vier maanden. Net als ons kleintje. - Ja, fantastisch.
Kijk die vingertjes.
Heb je al schopjes gevoeld? - Ik weet het niet.
Soms denk ik dat ik hem voel, maar ik weet het niet zeker.
O, kijk hier.
Hij heeft al haar. - Heb je het al stiekem gelezen?
Een beetje.
Kijk, dit lijkt op jou.
Deze lijkt nog meer op jou.
Dag, Nina, je spreekt met Uno Nilsson.
Stoor ik? - Nee, helemaal niet.
Ja...
Je zei dat je het wilde weten als ik iets van Christina zou horen.
Ja.
Ik heb haar niet gesproken, maar ik weet waar ze is.
Niet zo ver hiervandaan. Het lijkt goed met haar te gaan...
Kan ik haar bellen?
Dat is misschien moeilijk. - Omdat ze dat niet wil?
Om andere redenen die ik nu niet kan vertellen.
Uno, we hebben het over mijn dochter.
Ik begrijp dat je niet weet hoe ik me voel...
Ze doet haar boodschappen in Hälleforsnäs.
Daar kun je haar waarschijnlijk zien. Maar zeg niet dat je het van mij hebt.
Goed.
En...
Je hebt een kleinkind. Een meisje.
Dit is wat er was op zolder. - Kijk.
Wat goed.
Heb je een nieuwe armband? - Ja.
Karin en ik kregen er elk een van Mirko toen we naar de opera gingen.
Is hij van goud? - Ja.
De opera was fantastisch. Elisabeth Söderström is geweldig.
Anitha, ik moet zeggen...
Jullie moeten geen cadeaus van Mirko accepteren.
Nee? - Jullie weten niet hoe hij aan geld komt.
Maar dat weet jij wel?
Hij is een crimineel. Ongeacht wat je moeder zegt.
Ik heb geleerd dat je onschuldig bent tot je schuld is bewezen.
Hij is een crimineel. - Hij is nooit veroordeeld.
Wees blij dat ik een mooie armband heb. - Hij geeft jullie steeds dingen.
Ik snap het als jullie liever bij hem en mama zijn dan bij mij.
Maar ik ga geen wedstrijd in cadeautjes doen.
Is dat wat je denkt? Dat we liever bij hen zijn?
Wat moet ik denken? We zien elkaar nooit.
Ik zag je vorige week en nu ben ik hier weer.
Om studieboeken te lenen.
Ik ben altijd degene die belt. Jij belt nooit.
Weet je wel wanneer je Karin voor het laatst sprak?
Bel haar. Ze denkt dat je boos bent om iets.
Goed. Ik zal haar bellen.
Zielig dat je een familiediner nodig hebt als excuus om ons te zien.
Roos. - Roos. Met Mirko Kostelić.
We hebben elkaar eerder ontmoet, toen je oberkelner was bij DK.
O ja? - Ja.
Wij hebben wat zaken te regelen, jij en ik.
Fijn dat je kon komen.
Lasse heeft veel over je verteld.
Ik heb al jouw schulden aan Lasse overgenomen.
En je schulden aan Herman bij Solvalla en die bij Svea Källare.
Ik word altijd terugbetaald. - Ik zal betalen.
Mijn financiële situatie is tijdelijk even niet zo goed...
maar ik heb een overeenkomst met Lasse.
Niet meer.
Bedankt, Lasse.
Dit is wat je me schuldig bent. Ik wil het aan het eind van de week hebben.
Dit is een fantasiebedrag.
Mijn schuld is lang niet zo groot. En bovendien...
Jawel.
Alles is gespecificeerd. Inclusief onkosten en achterstandsrente.
Alsjeblieft, zoveel geld kan ik niet in een week regelen. Dat is onmogelijk.
Jij doet toch de financiën bij Nina's? - Niet alleen.
Mevrouw Löwander moet tekenen voor bedragen boven 2000 kronen.
Los het op.
Pardon. Bent u Mark Knight? - Ja, hallo.
Ik ben van de Amerikaanse ambassade.
Wat wilde hij horen? - Wat?
Welke plaat wilde hij horen? - Hij wilde geen plaat horen.
Hij is een oude bekende van thuis.
Dus je kent hem? - Een beetje.
Hij werkt nu in Stockholm en hij vroeg of we een keer wat konden afspreken.
Wat leuk.
Dag. Bedankt voor je komst.
Ga even...
Weet u dat we u al een hele tijd proberen te bereiken?
Dat weet u vast wel.
Wat wilt u van mij? - Dat komt zo wel.
Eerst wil ik dat u naar deze foto's kijkt.
We willen weten wat er gebeurd is.
Wie wat heeft gedaan.
Is hij opgevoerd? - Reken maar.
Stap maar in.
Christina?
Hoe heb je me gevonden?
Een oude vriend van me die in de buurt woont...
zei dat hij je hier een keer had gezien.
Met een kind.
Dus je hebt hier zitten wachten tot ik een keer zou komen?
Ja, dat klopt.
Hoe gaat het met jullie? - Goed.
Wonen jullie hier dichtbij? - Nee.
En is John de vader van...?
Moa-Li.
Moa-Li. Wat een prachtige naam.
Ik heb een cadeautje voor Moa-Li. Mag ik het aan haar geven?
Dag, Moa-Li.
Ik heb een pakje voor jou.
Je kan het hier openmaken. Zo ja.
Mama, kijk.
Ik zie 'm.
Weet je wat? We gaan naar huis.
Kom je weleens in Stockholm? - Bijna nooit.
Jullie zijn altijd welkom, dat weet je.
Weet je dat, Moa-Li?
Er zijn een hoop van die leuke beertjes bij oma om mee te spelen.
Ik wil je niet nog eens zien.
Ik heb mijn eigen leven. Ik wil jou er niet bij.
Ik zal niet...
Ik wil je niet zien, zei ik, en toch ben je hier.
Kom niet weer.
Dag, Roos. Met Gustaf.
Goeiedag.
Hoe gaat het? - Prima.
En met jou? - Het gaat goed.
Zeg, ik sprak Peter en hij zei dat je werk had gezocht bij Henriksdal.
Ik dacht dat ik misschien beter pas...
in een traditioneler restaurant zoals Henriksdal.
Als je echt in de bediening wilt, kan ik met Nina praten. Daar komen we wel uit.
Roos?
Het is te laat. - Wat? Helemaal niet. Of hoe bedoel je?
Ik hoor dat er iets is. Kunnen we afspreken?
Ik zit vreselijk in de knoei, Gustaf, om eerlijk te zijn.
Ik kom morgen bij je en dan kun je vertellen wat er is gebeurd.
Goed? - Dat is goed.
Zo erg kan het niet zijn, Roos. Hou je taai.
Jij ook.
Ze zingt dan heel zacht voor haar elf kleine trollen
de allermooiste woorden die ze kent
Christina, ik wil je spreken.
Welterusten.
Hoe kom je aan dat beertje?
Ik heb mijn moeder vandaag ontmoet.
Ze kwam naar me toe toen ik boodschappen deed.
Ze kwam naar je toe? Zomaar?
Ze zei dat een vriend van haar mij gezien had met Moa-Li.
We mogen geen buitenstaanders zien. Je weet waarom.
Al die regels. - Ja. En die zijn er niet voor niets.
We hebben een taak.
Het buurthuis, eind mei.
Ik heb de kaart gezien. Wat zijn jullie mee bezig?
Heb je in mijn spullen gesnuffeld? - Je bent de vader van mijn kind.
Ik heb recht om te weten wat je van plan bent.
Denk erom.
Weet je wat? Ik geloof hier niet meer in, John.
Niets wat jij voorspeld had, is gebeurd.
De revolutie zou in de zomer komen. Dat is drie jaar geleden.
De arbeiders zouden hun kapitalistische juk afwerpen.
Is dat gebeurd?
Nee. Jullie zitten elkaar alleen maar af te kammen.
Je bent zo verdomd zwak.
Ja, misschien ben ik dat. Maar ik begrijp het niet.
Deze wereld van gelijkheid is niet voor vrouwen. Wij doen het huishouden hier.
Wij koken, wij maken schoon, wij wassen...
Hou je bek.
Zijn er champignons gekomen?
Nisse?
Zijn er champignons gekomen? - Ik moet jou negeren, zegt de chef.
Je moet toch kunnen antwoorden? - Ik volg alleen de bevelen op.
Maar als ik het vraag dan? Zijn er champignons gekomen?
Ja, die zijn gekomen. - Bedankt.
Het lijkt hier meer op een zandbak dan een keuken.
Ik begon niet met zand gooien. - Maar ik wel?
Hou op.
Ik ben bevriend met de chef-kok. Ik kan jullie allebei elk moment laten ontslaan.
Ga je nu weg? - Ja, ik ga Bellan zien.
Het gaat niet goed met hem. - Sorry, Gustaf, maar dat kan niet.
Waarom niet?
Ik wil dat je meegaat naar de dokter.
Hij belde vanochtend. Ze willen ons zo snel mogelijk zien.
Waarom?
Waarom moet je naar de dokter?
Astrid?
Geen probleem, Gustaf. Soms komen er dingen tussen.
Doe Astrid de groeten.
Dag, Gustaf.
Zoals u weet, hebben we monsters genomen.
Helaas zijn we vrij zeker van de diagnose.
Monsters? Wanneer is dat gebeurd? Is er iets mis?
Astrid heeft acute myeloïde leukemie.
Leukemie?
Bloedkanker.
Chef-kok Carl Svensson bij Nina's. - Met Uno Nilsson. Is Nina daar?
Dag, Uno. Waar gaat het over?
Ik wilde alleen even weten of ze Christina te pakken heeft gekregen.
Ze is er niet, dus ik weet het niet.
Dan bel ik later wel terug.
Dag, ik wil graag geld opnemen. - Dag.
Contant, graag.
Zulke grote bedragen moeten van tevoren gemeld worden.
Helaas was daar geen tijd voor.
Hier is mijn legitimatie.
Het spijt me, maar ik kan u hier niet mee helpen.
U ziet toch dat mevrouw Löwander dit zelf ondertekend heeft?
Nina's is hier van het begin af aan klant geweest...
en daarvoor was DK hier decennialang klant.
Wilt u echt degene zijn die ons dwingt om van bank te veranderen?
Ogenblik. Ik bel mevrouw Löwander even ter controle.
Alstublieft...
Dag.
Mevrouw Löwander was helaas niet te bereiken.
Maar de handtekening lijkt te kloppen.
Dus we geven toestemming voor de opname.
Wilde u contant geld? - Ja, graag.
Nina, doe open, alsjeblieft.
Nina.
Ik ben ziek.
Ga weg, anders word je aangestoken. - Dat moet dan maar.
Doe open.
Ik moet alleen even slapen.
Heb je Christina gezien?
Vertel het maar.
Ga weg.
Als je morgen niet werkt, kom ik met een slotenmaker.
Ver gerend? - Nee, vijf kilometer of zo.
Waar is Moa-Li? Wie past er op haar? - Kom.
Waar is ze?
John?
Ze is hier niet. - Hoe bedoel je?
Het lijkt ons beter dat Moa-Li voorlopig door andere kameraden wordt opgevoed.
Waar heb je het over? - Jij bent niet goed voor haar.
Je hebt een kleinburgerlijke invloed op haar.
Ze heeft een milieu nodig waar ze zich vrij kan ontwikkelen.
Dit meen je niet.
Nu heb je tijd om rustig over de gebreken in je karakter na te denken.
Jezus, John, ze is mijn dochter. - Zo hebben we het besloten.
Waar is Moa-Li? - Rustig.
Christina, rustig. - Waar is mijn dochter?
Waar is Moa-Li?
Christina, doe rustig.
Can't find what you're looking for?
Get subtitles in any language from opensubtitles.com, and translate them here.