Afrikaans
Akan
Amharic
Armenian
Azerbaijani
Basque
Belarusian
Bemba
Bengali
Bihari
Breton
Bulgarian
Cambodian
Catalan
Cebuano
Cherokee
Chichewa
Chinese (Simplified)
Chinese (Traditional)
Corsican
Esperanto
Estonian
Ewe
Faroese
Finnish
Frisian
Ga
Galician
Georgian
Greek
Guarani
Gujarati
Haitian Creole
Hausa
Hawaiian
Hebrew
Hindi
Hungarian
Icelandic
Igbo
Interlingua
Irish
Italian
Japanese
Javanese
Kannada
Kazakh
Kinyarwanda
Kirundi
Kongo
Krio (Sierra Leone)
Kurdish
Kurdish (Soranî)
Kyrgyz
Laothian
Latin
Latvian
Lingala
Lithuanian
Lozi
Luganda
Luo
Luxembourgish
Macedonian
Malagasy
Malayalam
Maltese
Maori
Marathi
Mauritian Creole
Moldavian
Mongolian
Myanmar (Burmese)
Montenegrin
Nepali
Nigerian Pidgin
Northern Sotho
Norwegian
Norwegian (Nynorsk)
Occitan
Oriya
Oromo
Pashto
Polish
Portuguese (Brazil)
Punjabi
Quechua
Romansh
Runyakitara
Russian
Samoan
Scots Gaelic
Serbo-Croatian
Sesotho
Setswana
Seychellois Creole
Shona
Sindhi
Sinhalese
Slovak
Slovenian
Somali
Spanish (Latin American)
Sundanese
Swahili
Tajik
Tamil
Tatar
Telugu
Thai
Tigrinya
Tonga
Tshiluba
Tumbuka
Turkish
Turkmen
Twi
Uighur
Ukrainian
Urdu
Uzbek
Vietnamese
Welsh
Wolof
Xhosa
Yiddish
Yoruba
Zulu
Bosnië en Herzegovina werden in 1908 door het Habsburgse rijk geannexeerd
op 28 juni 1914 bezoekt troonopvolger Frans Ferdinand Sarajevo
wat die dag gebeurde, zou de wereld veranderen
Sarajevo.
Herr Pfeffer, heeft u gehoord wat er is gebeurd?
Er is een bom naar de keizerlijke auto gegooid.
Hij ontplofte onder de auto erachter.
Luitenant-kolonel Merizzi is lichtgewond geraakt.
Is de dader gearresteerd? - Ze wilden hem lynchen.
Maar hij is opgepakt, ze willen dat u hem verhoort.
Wie wil dat? - Raadsheer Fiedler.
De troonopvolger is woedend, hij wil weten wie erachter zit.
Waarom is hij zo nat? - Hij sprong in de Miljacka.
Hij wilde dood, maar het is daar niet diep genoeg.
Hoe heet hij? - Weet ik niet.
Spreekt u Duits?
Hoe heet u?
Hij is gewond aan z'n mond, hij wilde waarschijnlijk vergif inslikken.
Kunt u schrijven?
Geef me een potlood en papier.
Als u niet kunt praten, schrijf dan uw naam en leeftijd op.
Nedeljko Cabrinovic, negentien.
Laat dokter Sattler naar hem kijken, daarna zal ik hem verhoren.
Leo. - Gegroet, Herbert.
Hij had een hand gebroken, en ook twee ribben.
De wonden heb ik gehecht.
Hij denkt dat hij onkwetsbaar is. - Wie?
Frans Ferdinand. Hij was nog wel gewaarschuwd.
Gisteren bij het diner. Graaf Harrach zei dat het gevaarlijk was.
Weet je wat hij zei?
'Ons leven is altijd in gevaar. We moeten op God vertrouwen.'
God had het goed met hem voor.
Wat voor vergif nam Cabrinovic in?
Ik denk cyaankali, maar het was te oud.
Dus ik kan hem verhoren?
Veel toeschouwers zijn geraakt door bomsplinters.
Waar was jij eigenlijk? - Onderweg.
Wilde je niet meejuichen? - Niemand heeft me gemist, denk ik.
Zie ik je vanavond? - Als het lukt.
U bent een Bosnische Serviër. Ze hebben een pasje bij u gevonden.
U was uit Belgrado gekomen. Wat deed u daar?
Wilt u Servië vernietigen? Ons allemaal?
Geef antwoord, alstublieft.
U heeft mensen verwond, heb de moed om antwoord te geven.
Wie gaf u de bom?
Praten is niet uw sterkste kant, hè?
U laat u liever dingen aanpraten, die gelooft u dan blind.
Net als u. - Pardon?
De keizer is goed, het volk houdt van hem.
En Oostenrijk ook. Dat is wat u gelooft.
Wie gaf u opdracht om de bom te gooien?
Iemand heeft op de keizerlijke hoogheid en de hertogin geschoten.
Wanneer? - Tien minuten terug.
Nog een aanslag?
Ze zijn naar de Konak gebracht.
Neem me niet kwalijk.
Herr Pfeffer?
Fräulein Jeftanovic, wat doet u hier?
Ik zoek m'n vader. Hij zou bij de ontvangst van de troonopvolger zijn...
maar ze laten me niet door. - Begeleidde hij hem?
Dat weet ik niet, we hadden onze auto ter beschikking gesteld.
Ik stel u direct op de hoogte als ik meer weet.
Ga alstublieft naar huis.
Raadsheer Fiedler?
De hertogin is onderweg hierheen overleden.
De keizerlijke hoogheid is aan haar zijde doodgebloed.
Gouverneur Potiorek verwacht u over twintig minuten in z'n kantoor.
Herbert?
Wat doe jij hier?
Ik moet de lijken afleggen voor de reis naar Wenen, hun lijfarts kan dat niet.
De hertog en hertogin, zodat ze niet verrotten.
Vijf liter formaline in de halsslagader.
Z'n vertrouwen in God heeft hem niet beschermd.
Herr Pfeffer.
Gaat u zitten.
Weet u wat er is gebeurd? - Niet helemaal.
Ze gooiden een bom naar hem.
Hij stuiterde van z'n arm af toen hij z'n vrouw wilde beschermen.
Hij ontplofte onder Merizzi's auto. - De chauffeur gaf gelukkig gas.
Ze reden ons naar het raadhuis. - Ons?
Ik zat bij de keizerlijke hoogheid in de auto. Hij was woedend.
Dat iemand het waagde om een bom naar hem te gooien.
Dus hij was al veilig in het raadhuis?
Heel kort. Maar hij wilde Merizzi bezoeken.
Dus reden we weer weg. Wat konden we doen?
Ik begrijp het niet goed. - Wat begrijpt u niet?
Wie reed weer weg, en waarheen? - Iedereen, naar het hospitaal.
Merizzi was bij de eerste aanslag door een bomsplinter geraakt.
Hij was in het militaire hospitaal. - Dat is aan de andere kant van de stad.
Zijn de hoogheden dan opnieuw over de Appel-kade gereden?
Ze konden moeilijk gaan lopen.
Wat gebeurde er toen?
Een Serviër dook op en schoot direct.
De hertogin von Hohenberg werd geraakt. In haar onderlijf.
'Sophie, ga niet dood, blijfleven voor onze kinderen', schreeuwde hij.
De tweede kogel raakte hem in de hals.
Hij zei nog dat het niets voorstelde. Toen verloor hij het bewustzijn.
God hebbe z'n ziel.
De aanslagpleger probeerde zelfmoord te plegen. Maar hij werd opgepakt.
De Serviërs willen dus oorlog.
De Servische regering zit hier natuurlijk achter.
En u gaat dat bewijzen.
Na een grondig onderzoek. We kunnen Servië niet direct binnenvallen.
En de keizer heeft tijd nodig om met de Duitsers te overleggen.
Körner, het verslag.
Zijne excellentie heeft een verslag opgesteld. Als ooggetuige.
U leidt het onderzoek.
En Wenen dan? Sturen ze niet iemand?
Dat is niet nodig. U kunt het doen.
Kan ik de inzittenden van de andere auto's verhoren?
Nee, die vertrekken vandaag nog met de trein. U krijgt schriftelijke verklaringen.
We moeten de aanslagplegers voor de rechter brengen.
Zoek uit welke Serviërs erachter zitten. Wenen weet al dat u hieraan werkt.
Nog één vraag. Marija Jeftanovic wil weten waar haar vader is.
Hij had z'n auto ter beschikking gesteld voor het bezoek.
Stojan Jeftanovic, de rijke Serviër? Hij is naar huis gestuurd.
Na het onderzoek krijgt hij z'n auto terug.
Blijf uit de buurt van die lui, de tijden veranderen.
Uw verslag wordt zo snel mogelijk verwacht.
Ik ben Leo Pfeffer. Hoe heet u?
Princip. - En hoe verder?
Gavrilo. - Leeftijd?
Negentien.
Bent u in Sarajevo geboren? - Nee, in het westen, in Obljaj.
Wat is uw beroep? - Scholier, ik zit op het gymnasium.
Vertel me wat er is gebeurd.
Waar stond u? Op de kade?
Wijs me de plek aan.
Bij de Latijnse Brug, hier.
Waarom?
Uw handlanger wilde Frans Ferdinand ombrengen, maar u bleef daar staan.
Als aan de grond genageld. - Nee, ik zat al in het café.
Maar toen kwamen ze terug.
Het hele konvooi.
Schoot u direct?
Ze draaiden de straat in en stopten recht voor me.
Waar?
Hier.
Zijn de auto's de straat in gereden en recht voor u gestopt?
Ik heb geen misdrijf gepleegd.
Ik heb een tiran vermoord.
Oostenrijk-Hongarije onderdrukt alle Serviërs in Bosnië en Herzegovina.
Schoot u daarom de hertogin von Hohenberg neer? Een vrouw?
Is ze dood?
Ik richtte niet goed.
Ik wilde haar niets aandoen.
Het spijt me.
Met hoeveel zijn jullie?
Spreekt u onze taal? - Ik kom uit Osijek.
Daarom hebben ze u gekozen, omdat u een Slaaf bent.
Ik ben een Oostenrijker, net als u.
Hoe kent u Nedeljko Cabrinovic?
Wie heeft jullie geholpen?
Of hebben twee negentien jarigen dit soms samen gepland?
Wie gaf jullie de wapens?
Vertel op.
Strametz, breng hem naar z'n cel.
De hoogheid wilde naar het hospitaal, om Merizzi te zien.
Het hospitaal is hier. Waarom ging u hier de bocht om?
De chauffeur van de eerste auto wist niets van de nieuwe route.
Wat is dat? - Het moordwapen, een Browning.
Laat Strametz z'n werk doen. Eén nacht bij ons doet wonderen.
Princip moet ergens verbleven hebben. Ga de registers na.
Arresteer wie daar verder woont.
De vader van Cabrinovic heeft een restaurant hierin Sarajevo.
Ik eet er vaak. - Laat hem ook arresteren.
De vader, en alle verdere familie.
Wat wilt u? - Pfeffer, ik wil Marija Jeftanovic spreken.
Herr Pfeffer. - Hopelijk kom ik niet ongelegen.
Gaat het goed met uw vader? - Ja, dank u.
Uw auto wordt na het onderzoek teruggegeven.
Hopelijk is dat geen groot probleem. - Waren het Serviërs?
Ik weet het niet, dat zal het onderzoek uitwijzen.
Bent u daarvoor verantwoordelijk?
Dat is nogal wat.
Ik geloof dat ze heel aardig was. De hertogin.
We hebben gisteren thee gedronken in een kuurhotel.
Daar verbleef ze.
M'n vader verwachtte veel van Frans Ferdinand.
Hij dacht dat hij als keizer de Slaven gelijk zou maken aan de Hongaren.
Kan ik uw vader spreken, officieel?
Hij is al naar bed. De gebeurtenissen hebben hem zeer geraakt.
Mag ik morgen terugkomen? - Graag.
Wat gebeurt hier?
Ze nemen de Serviërs te grazen. - Waarom doet u er niets tegen?
Ik heb 36 man, kan ik daarmee een stad beschermen?
Haal de Bosnische rijkspolitie erbij. - Die is gisteren naar huis gestuurd.
Was er dan geen rijkspolitie tijdens het bezoek?
Waar was het leger? - In de kazernes.
Hoeveel agenten waren er? - Alle 36.
Was de hele route met 36 man beveiligd?
Ik zei al dat het te weinig was.
In de hele stad zijn er relletjes. Wees voorzichtig.
Gegroet. En?
De lijken worden morgen met de trein naar de Viribus Unitis gebracht.
Het schip brengt ze naar Triëst. Het is bijna romantisch.
Een bier? - Graag.
Ken je Stojan Jeftanovic? - Jazeker.
Hij leverde voedsel aan het leger, hij werd er steenrijk door.
Maar dat is nu voorbij. - Waarom?
Het leger heeft alle contracten opgezegd omdat hij een Serviër is.
Hoe weet jij dat?
Ik behandel z'n maagzweer. Dit maakt het niet beter.
Ken je ook z'n dochter? - Marija?
Ik begrijp het.
Ze heeft in Paris gestudeerd. Ik waarschuw je, ze is een feministe.
En een Servische bovendien.
Nog een bier, dokter? - Nee, bedankt.
Hij stond in alle kranten. - Wat?
De route. In alle kranten stond de route.
Met erbij wanneer de troonopvolger waar zou zijn.
Die lezen ze ook in Belgrado. Het is bijna een uitnodiging voor een aanslag.
Waarschijnlijk.
Na de eerste aanslag reed Frans Ferdinand nog een keer door de stad.
De eerste auto reed verkeerd, de andere volgden hem.
Daarom moesten ze langzaam achteruit. Ze stopten precies voor Princip.
Heet hij zo? - Gavrilo Princip.
Ze moeten ze de stad uitjagen. Alle Serviërs.
Nu hebben we de kans, dat begrijp je toch?
Oorlog, Leo. Oostenrijk moet Servië direct aanvallen.
Als we afwachten, is de kans weg. - Rusland zal Servië steunen.
En dan gaat Frankrijk ook meedoen.
Als de Russen gemobiliseerd zijn, zitten wij allang in Parijs.
We vegen Frankrijk van de kaart. - Wij?
Duitsland, met hulp van jullie operetteleger.
En dan? - Dan rekenen we met Rusland af.
En misschien met Engeland. Er komt oorlog, mosje.
Noem me niet zo. - Kom, zeg.
Een Jood die een aanslag op een troonopvolger moet oplossen.
Dat kan alleen in jouw Oostenrijk.
Ik ben protestants gedoopt. - Jullie allemaal. Een Jood is een Jood.
Als je succes hebt, kun je in Wenen heel ver komen.
Topambtenaar Pfeffer. Wat dacht je daarvan?
Ik moet gaan. - Zullen we niet wat biljarten?
Ik heb het heel druk.
Ik wilde Fräulein Jeftanovic spreken. - Wacht u hier.
Herr Pfeffer, u verdoet uw tijd niet.
Kan ik nu uw vader spreken?
Heeft u al koffie gedronken? - Nee.
Cornelia, koffie voor de onderzoeksrechter.
Dit is m'n vader.
Is hij de onderzoeksrechter? - Ja.
Dat ben ik. - Waar komt u vandaan?
Uit Esseg. - Gaat u zitten.
Ik ben altijd loyaal geweest aan Oostenrijk. En aan Duitsland.
Nu kopen ze niets meer. Wat moet ik met m'n fruit?
Daar kan hij niets aan doen.
En met m'n tarwe? - Spreek alsjeblieft Duits.
We zijn Bosnische Serviërs. Hij is een Hongaarse Kroaat.
Waarom zouden we Duits spreken? - Omdat het onze taal is.
Werkelijk? Ik vrees dat Oostenrijk- Hongarije m'n vaderland niet meer is.
Het vaderland is waar het je goed gaat. - Gaat het u hier dan goed?
Als je geen ambities hebt misschien, als je wilt dienen.
Veel mensen willen dat niet. Ze vechten terug.
Door onschuldigen om te brengen? Vrouwen, kinderen?
Niemand treurt om de troonopvolger, ook Wenen niet.
Het is een goede reden om Servië aan te vallen, en wie ze verder nog kwijt willen.
Heeft u uw auto terug?
Nee.
In het dossier staat dat u hem ter beschikking had gesteld. Is dat zo?
Met uw chauffeur? - Die hebben we niet, m'n vader rijdt.
Dus u zat achter het stuur?
Een Serviër, in het konvooi van de troonopvolger? Natuurlijk niet.
Wie reed er dan? - Hoezo?
Merizzi's auto was na de eerste aanslag beschadigd, uw autoreed voorop.
Ik wil weten door wie de chauffeur is geïnstrueerd.
Ik weet het niet, iemand van hier. Onze dienaar zal u de naam geven.
Potiorek, die Karintische streber, wil de troepen aanvoeren.
En Fiedler, uw chef, heeft aandelen gekocht in de Turkse spoorwegen.
Ze hebben Servië nodig om het spoor naar Bagdad door te trekken.
Voor de grondstoffen. Voor het grote geld.
Neem 't hem niet kwalijk, hij is verbitterd en heeft enorm last van z'n maag.
Wilt u hier of in de tuin op de naam van de chauffeur wachten?
In de tuin, graag.
Wat bedoelde uw vader met de spoorlijn?
Het spoor van Berlijn naar Bagdad. - Wat is daarmee?
Enkele heren in Berlijn zullen zeerrijk worden: Krupp, Henschel, Holzmann.
En Duitsland beheerst dan met de troepen Klein-Azië.
De lijn loopt door bevriende landen, op één koninkrijk na.
Servië.
Oostenrijk krijgt Servië, Wilhelm z'n spoor, en Fiedler wordt nog rijker.
En het hinderlijke Servië zal niet meer bestaan.
Zullen we gaan zitten?
Hoe oud is Frans Jozef nu? 83? - 84.
Hij zal snel sterven. Frans Ferdinand was dan keizer geworden.
Hij wilde de Slaven meer rechten geven. Ze slaan in één klap twee vliegen dood.
Hun tegenstander is dood, en de moord is tegelijk een reden voor de oorlog.
Zo eenvoudig ligt het niet.
Europa is een stapel zwaarden die als mikado op elkaar liggen.
Trek er een uit, en de rest beweegt. - Dan bewegen ze maar.
Moltke en Von Hötzendorf wachten daar al jaren op.
Rookt u? - Nee.
Dat is waar ook.
U fietst.
Vertrekt u? - We bereiden ons voor.
Op het ergste.
Franz Ofner. Dat is de naam van de chauffeur.
Ik moet gaan. Ze verwachten me.
Ik zal u uitlaten.
Goedemorgen.
Is de vader van Cabrinovic gearresteerd?
Alstublieft.
Kunt u uitzoeken waar deze man woont? - Franz Ofner?
Hij zou een van de auto's in het konvooi hebben gereden.
Princip huurt een etage van Danilo Illic. We hebben een dossier over hem.
23, hij woont hier. Een voormalige leraar en journalist.
Hij heeft revolutionaire geschriften en artikelen tegen Oostenrijk geschreven.
Hij is in de verhoorkamer.
De Zwarte Hand. Hier staat dat men u ervan verdenkt daar lid van te zijn.
Hoe kent u Gavrilo Princip? - Wie?
Uw onderhuurder.
Breng de twee andere arrestanten hier.
Was u te laf om zelf te schieten? - Ik begrijp niet waarover u het heeft.
De Zwarte Hand is een Servische organisatie.
Officieren die moordenaars zoals u inhuren. Denkt u dat we dat niet weten?
We zijn revolutionairen. - Gefeliciteerd.
De tijd van overheersing is voorbij.
De arbeiders zullen regeren, niet de parasieten.
En wat bent u? U laat twee pubers het vuile werk opknappen.
Gavrilo Princip, die op het gymnasium zit.
Nedeljko Cabrinovic, leerling in een drukkerij.
En een werkloze journalist. En jullie kennen elkaar toevallig?
Straatarm, maar jullie hebben het geld om te reizen en bezitten wapens.
Ik wil de andere namen weten.
Wie deed er nog meer mee? Wie gaf jullie de bevelen?
In heel Bosnië zijn tientallen mensen gearresteerd.
Alleen omdat ze worden verdacht.
Willen jullie dat onschuldigen lijden?
Kijk ernaar.
Nu geldt standrecht, voor het geringste worden mensen geëxecuteerd.
Uw vader wordt verdacht van medeplichtigheid.
Dat is niet waar.
Wie deed er nog meer mee?
Trifun Grabez. Ik ken de anderen niet.
Waar kunnen we hem vinden? - Dat weet ik niet.
Hij komt uit Pale, z'n vader is er priester.
Leer je dat in een drukkerij? Bommen maken, schieten?
Heel gewoon?
Gelooft u in God? Als socialist vast niet.
Hoe zal het zijn in het hiernamaals?
Kijk er goed naar.
Bedenk of u werkelijk voor anderen wilt sterven.
De mensen met de ideeën overleven terwijl de stomkoppen creperen.
Laat dokter Sattler naar z'n hand kijken.
Hij mag met z'n vader praten. Een half uur.
Onder toezicht.
Danilo Illic dus. Wanneer komt er een aanklacht?
Hoezo?
Delegatieraad Hoyos gaat naar Berlijn, naar de Duitse keizer.
Om over het onderzoek te berichten. - Wanneer?
Zeer binnenkort. Duitsland staat klaar, Wenen ook.
Hoe eerder het oorlog is, hoe beter. Wat kan Hoyos de majesteit vertellen?
We hebben nog een naam. Trifun Grabez, uit Pale.
Ik laat door het hele land naar hem zoeken.
Er waren maar 36 agenten. Geen rijkspolitie, geen soldaten.
Wie gaf daar opdracht toe? - Ik.
Waarom? - Het leger hield oefeningen.
De rijkspolitie kun je niet vertrouwen, te veel Serviërs.
Het bezoek was gepland op Sint-Vitus, de belangrijkste Servische feestdag.
In een land dat net is geannexeerd. En niemand beschermt de troonopvolger?
U brengt de daders voor de rechter, Fiedler en ik besturen het land.
De keizer wil resultaten, Pfeffer.
Ik wil eerst het huis van Illic zien, dan weet ik meer.
Ga uw gang.
En snel wat, er wordt op u gewacht.
Neem alles mee.
Herbert Sattler, arts
Herr Pfeffer, de bekentenis.
Cabrinovic geeft alles toe. Illic en Princip bevestigen het.
Tien namen. De wapens en instructies kwamen uit Belgrado.
Aan wie heeft hij bekend? - Raadsheer Fiedler.
Wat heeft u gevonden? - Wapens.
En geld. - De bekentenis moet naar Potiorek.
Uit uw naam, uiteraard. Hij zal zeertevreden zijn.
Strametz heeft met z'n vader gesproken. Als u begrijpt wat ik bedoel.
Ik heb hem morfine gegeven.
Waar ken je Illic van? Danilo Illic.
Dit recept kwam van jou. Dus hij was een patiënt van je.
Het recept is voor laudanum. Opium, hij is verslaafd.
Ik geef hem z'n gif. Hem en vele anderen.
Waarom? - Omdat ik geld nodig heb.
Ik ben jammer genoeg geen goede arts, Leo.
Denk je dat ik van Berlijn naar Sarajevo ben gegaan omdat het hier zo leuk is?
Ik ben uit m'n beroep gezet. Nu lap ik de mensen op die jullie in elkaar slaan.
Ik zal dat niet noteren.
Het adres van de chauffeur. Dat wilde u toch?
En?
Is hij blij? - Pardon?
Gouverneur Potiorek. - Zeker.
Hij wil graag zo snel mogelijk een verslag voor Wenen.
Deze zijn in het huis van Illic gevonden. Net gedrukt door de Oostenrijkse bank.
Ga aan de hand van de nummers na wanneer en aan wie ze zijn uitgegeven.
Daarna kunt u naar huis gaan, om het te vieren.
De geweldige bekentenis.
Ik wil Franz Ofner graag spreken. - Waarom?
Ik ben van het openbaar ministerie.
Ik heb die ander al gezegd dat hij pas morgen terug is.
De onderzoeksrechter. Pfeffer of zoiets.
Ik ben Leo Pfeffer.
Heeft u een ID? - Nee, dat ligt op kantoor.
Tot ziens.
Neem me niet kwalijk, de deur was niet op slot.
Ja, dat weet ik.
Bij mij valt weinig te halen.
Potiorek heeft onze rekeningen laten blokkeren.
Hij is bang dat we met ons geld de Serviërs steunen.
We kunnen onze werknemers niet eens betalen.
Ik ben hier om u vaarwel te zeggen.
Vader en ik gaan terug naar Parijs.
Wanneer? - Over twee dagen.
Als ik nou meega?
Naar Parijs?
Wat wil je in Parijs doen?
Kinderen.
Vier van hen.
Met jou.
Het geslacht maakt me niet uit.
En als ik nou geen kinderen wil?
Dat zou ik heel jammer vinden.
Ik ben getrouwd.
Nog wel.
Met een Fransman.
Hou je van hem?
Niet meer. Jammer genoeg.
De aanslagplegers hebben bekend.
Het waren er tien. Ze waren bewapend en stonden langs de hele route.
Serviërs? - Bosnische Serviërs.
Het merendeel was nog niet volwassen.
Ze kregen waarschijnlijk hulp van anderen.
Er komt oorlog, en jij wilt kinderen maken met een Servische. Waarom?
Je bent slim, knap en heel rijk.
Zo'n kans krijg ik nooit meer.
Het was leuk met je, Leo Pfeffer.
Ik ben vereerd, directeur-generaal.
Directeur-generaal Wesner uit Wenen.
Hij komt zelf hierheen om uw verslag voor de keizer op te halen.
Ik breng de groeten over van de minister van Buitenlandse Zaken Berchtold.
Wanneer begint het proces? - Als het verslag af is.
Alstublieft.
Dörrer heeft hun bekentenissen laten uittikken. U hoeft alleen te tekenen.
Ik kan dit niet tekenen.
Te veel vragen zijn onbeantwoord.
Maar we hebben alle samenzweerders, ze hebben bekend.
Wat voor vragen? - Waarom was de route niet beveiligd?
Waarom stond hij in de kranten?
Waarom nam het konvooi een verkeerde afslag zodat het een doelwit werd?
Goed, onderzoek dat grondig.
De aanklacht tegen Servië moet de wereld overtuigen.
Hoelang heeft u nodig?
Een maand. - U krijgt 24 uur.
Heren.
Helemaal uit Wenen, en u laat hem wachten?
Het kon niet anders.
Bent u vannacht ineens een vriend van de Serviërs geworden?
Is het dat waard?
Trifun Grabez is vannacht opgepakt. Een van de samenzweerders, in Pale.
Hoe kon u dit laten opstellen? - Ik wilde u helpen.
Ik wil Illic en Princip nu in de verhoorkamer spreken.
Hoe wisten jullie van het bezoek van de troonopvolger?
Door de krant.
Ik heb Cabrinovic en Grabez verteld dat ik Frans Ferdinand wilde ombrengen.
Maar we wisten niet hoe.
Daarom vroeg ik Milan Ciganovic om hulp.
Wie? - Een Servische volksheld.
Waarom hij?
Hij woonde bij me in huis in Belgrado.
Hij leerde ons schieten. Hij gaf ons de pistolen, en zes bommen.
Hij gaf ons de cyaankali en bracht ons over de grens.
En daar hebben jullie de andere drie opgewacht?
Wie zijn de anderen?
Vaso Cubrilovic en z'n broer.
Kranjcevic, Popovic, Jovanovic en Mehmedbasic.
Wie heeft jullie over de bergen naar Sarajevo gebracht?
We beschikken over meldingen uit Priboj.
Wat voor meldingen? - Ik zal ze laten zien.
Herkent u ze?
Het zijn boeren uit Priboj.
Ze gaven toe dat ze jullie hebben geholpen, ze worden opgehangen.
Vuile smeerlappen.
Het standrecht geldt, ik kan u en uw vrienden niet helpen.
Maar ik kan voorkomen dat er nog meer mensen sterven, onschuldige mensen.
Hoeis het echt gegaan?
Voer de gevangenen weg.
Wilt u uw carrière ruïneren, of alleen de mijne?
Waar is hij zo bang voor? - De galg, waaraan hij eindigt.
De keizer wil dat z'n neef wordt gewroken. En u houdt dat tegen?
Morgen om tien uur ligt het rapport op m'n bureau. Of u bestaat niet meer.
Plunderaars, Pfeffer.
Servische plunderaars.
Waar is Franz Ofner?
Weg. - En z'n familie?
Wie gaf het bevel?
Wat?
Houd u niet van den domme, Strametz. Wie heeft opdracht gegeven?
Wees blij dat we uw handtekening nodig hebben, vuile Jood.
Wat is er met jou gebeurd?
Kijk, de pers is ervan overtuigd dat Belgrado achter de moord zit.
Er klopt niets van. - Waarvan?
Ze willen dat het Serviërs waren. - Dat waren het ook.
Princip, Cabrinovic, Illic, allemaal 'ic'.
Wie dan wel? - Weet ik niet.
Het maakt niet meer uit. Servië moet sterven, er komt oorlog.
Ik kan het tegenhouden. - In je eentje?
Duitsland geeft Oostenrijk een blanco cheque, broederlijke steun.
De Pruisen staan te popelen om toe te slaan.
De zwakken worden als onkruid weggevaagd.
Dat is nodig voor de volksgezondheid. - Geloof je in rassenzuivering?
Jij niet, neem ik aan. Dat begrijp ik wel.
Interesseert de waarheid je niet? - Jawel.
Maar alles op z'n tijd. Ik mag je heel graag, Leo.
Daarom geef ik je deze raad: laat het los.
Geniet van je bevordering. En van je leuke Servische.
Hoe weet je dat van Marija?
Puur deductie.
Je bent slim. En uitgerekend nu interesseer je je voor Servië?
Je denkt even niet met het orgaan tussen je oren.
Pas goed op jezelf.
Pardon.
Alstublieft. - Wat is het?
Een telegram van de bank. Over de bankbiljetten bij Illic.
Ze zijn hier vorige maand uitgegeven. - Aan wie?
Het leger, voor dringende medische voorraden.
Wie is daarvoor verantwoordelijk? - De gezondheidsofficier.
Laat hem hier komen.
Franz Ofner, de chauffeur, is overvallen. Door Serviërs, schijnt.
Dan moet er een proces-verbaal van zijn.
Dalibor Nikolic, bediende van Jeftanovic. - Wat is er met hem?
Hij is gisteren gearresteerd. Hij was aan het plunderen.
Heeft hij dat bekend? - Nee, maar ooggetuigen zagen het.
Voor het huis van Franz Ofner.
Waar is hij? - Hij is geëxecuteerd.
De familie Jeftanovic staat onder huisarrest.
Wie gaf daarvoor opdracht? - Fiedler.
Wilt u me chanteren?
Draait de oorlog tegen Servië om de spoorlijn?
U heeft enorm in Turkse aandelen geïnvesteerd, hè?
Wie in Duitsland of Oostenrijk investeert zo veel in de Turkse spoorwegen...
zonder een aansluiting naar Berlijn? - Ik begrijp het, de spoorlijn.
Eersteklas naar Bagdad? En ik word stinkend rijk?
Leuk idee. Gelooft u dat echt?
Een oorlog verstoort de economie altijd, en is heel schadelijk.
Daarom moet hij kort en succesvol zijn.
En dan is Europa van ons. - En dan?
Frankrijk en Rusland grenzen aan ons. In het zuiden heb je de Serviërs.
Dat moet ophouden, dan hebben we weerruimte.
Om te ademen en te handelen.
En wie houdt dan de Duitse daadkracht nog tegen? U misschien?
Marija Jeftanovic. Haar huisarrest wordt nu opgeheven.
En dat van haar vader.
Dat zal niet gaan, ze zouden kunnen vluchten.
Ze hebben connecties in Parijs. - Waarvoor worden ze aangeklaagd?
Ze zijn Servisch, en ze werken vermoedelijk met de vijand samen.
Ze worden verdacht van hoogverraad. Daar staat helaas de doodstraf op.
U heeft mijn handtekening nodig. Zonder verslag staat niemand een invasie toe.
Oostenrijk kan niet op een verdenking afgaan.
U overschat uzelf enorm.
Tekent u het dan?
Ik begrijp het.
Als een van de aangeklaagden tijdens het proces gaat praten...
en de waarheid vertelt, wordt uw reputatie bezoedeld, niet de mijne.
Uw reputatie kan niet worden bezoedeld. Die is sinds uw geboorte al vuil.
Laat Marija Jeftanovic gaan, dan teken ik de aanklacht.
Dus het gaat om liefde?
Als het jouw soort raakt, valt er vast veelte halen.
Uw culturele erfenis.
De familie Jeftanovic vertrekt vandaag nog.
Fijn dat u eindelijk verstandig wordt, Pfeffer.
Ik laat de papieren vandaag nog in orde maken.
Iedereen zal blij zijn als de Servische zwijnen ophoepelen.
En dit brengt u nu naar Wesner. Persoonlijk.
En met een glimlach.
Ze hebben je familie opgepakt, hè.
Daarom wilde je niet praten.
Leven ze nog?
Jullie komen voor de rechter.
Jij wordt geëxecuteerd.
Wil je me nog iets vertellen?
Hij wilde het voorkomen. - Wie?
Pasic. De aanslag.
Nicola Pasic?
De premier van Servië?
Dus de Servische regering was tegen de aanslag?
Wie deed er nog meer mee?
Buiten Strametz, Fiedler en jullie. Wie gaf de instructies?
Ik kan de namen niet noemen.
Ik zou toch wel sterven.
Net als al m'n geliefden.
Het is goed dat Frans Ferdinand dood is.
Belgrado zal vallen.
En met Belgrado die rijke schoften.
Net als bij u, net als overal.
En dan? - Dan zullen de arbeiders regeren.
Jij niet, want jij bent er dan niet meer.
Pfeffer wil u spreken.
Wat is dat? - De aanklacht, voor Wenen.
Eindelijk.
Heel goed. Dus uw twijfels zijn weggenomen?
De aanslagplegers zijn schuldig, een aanklacht is juridisch verdedigbaar.
Maar ik zal nog een verslag opstellen. Over de achtergronden.
Ja, doe dat.
Het vijfde leger trekt over de bergen op naar Sabac.
Er komt dus oorlog?
Zeer zeker. Ons ultimatum aan de Serviërs wordt zo geformuleerd...
dat Belgrado het onmogelijk kan accepteren.
Dan gebeurt het eindelijk.
En de processen tegen de aanslagplegers?
Die komen wel een keer. Nu zijn er belangrijkere zaken.
Ik zocht u al. Alstublieft.
Wat is dat? - De naam van de gezondheidsofficier.
Hij is al gedagvaard door de politie.
Geef me het bijbehorende dossier.
Hij is gezondheidsofficier, er moet een persoonlijk dossier zijn.
Deze kaartjes zijn geldig tot Triëst.
Daar moeten jullie nieuwe kaartjes kopen.
Jullie paspoorten.
Niemand zal jullie tegenhouden.
En jij dan? Ga je met ons mee?
De Oostenrijkers willen ons allemaal vernietigen. En jou ook.
Het is maar één groep.
Oorlogszuchtigen, gekken.
Ze denken dat ze boven de wet staan.
We moeten gaan.
Heb je er nog over nagedacht?
Waarover? - Kinderen.
Ik weet het niet.
In deze tijd?
Er komen betere tijden.
Wanneer? - Op een dag.
Hoop ik.
Het Sattler-dossier.
Wie heeft dit zwart gemaakt? - Dat staat op de laatste bladzijde.
De militaire inlichtingendienst.
Zullen we een potje spelen?
Zijn ze vertrokken?
Heel goed.
Sinds wanneer ben jij gezondheidsofficier?
Sinds drie weken.
De auto's zijn niet verkeerd gereden.
Franz Ofner had opdracht gekregen om bij de Latijnse Brug te stoppen.
Waar Princip hem opwachtte.
Jij hebt Illic het geld gegeven om alles te organiseren.
Er stonden een paar mensen langs de route, allemaal Serviërs.
Maar ze deden het zoals altijd in hun broek.
Jonge fanatiekelingen plannen iets, en het wordt ze snel te veel.
Wie ben je echt?
Herbert Sattler, arts.
En verder?
Wat wil je weten? Details?
Beter van niet.
Ik schrijf de hele waarheid op.
De waarheid waar je over praat, bestaat niet.
Die wordt gefabriceerd.
Door een paar mensen. - Door jou?
Onder anderen.
Hij had de oorlog voorkomen.
Frans Ferdinand. Daarom moest hij weg.
Je overschat hem. En plannen in het algemeen.
Je vindt altijd een reden om oorlog te voeren als je dat wilt.
Wees blij, binnenkort zie je je Marija weer terug.
In Parijs...
in Duitsland.
Gouverneur, directeur-generaal. - Wat is dat?
Het verslag over de aanslag. Het zat allemaal anders.
Werkelijk?
Leest u het.
Dat zal ik doen.
Ik heb laten optekenen dat ik het u persoonlijk heb overhandigd.
Heel goed, dank u.
De Serviërs zullen geen echte weerstand bieden, hè?
De Serviërs zijn al verslagen. - Dan maken een paar dagen ook niet uit.
Mobilisatie
op 28 juli 1914 begon de Eerste Wereldoorlog
40 landen waren betrokken bij de grootste oorlog aller tijden
17 miljoen mensen kwamen om
het proces vond plaats van 12 tot 23 oktober1914
alle 25 aangeklaagden ontkenden banden te hebben met Servië
Can't find what you're looking for?
Get subtitles in any language from opensubtitles.com, and translate them here.