All language subtitles for Professor T s02e02 In vuur en vlam

af Afrikaans
ak Akan
sq Albanian
am Amharic
ar Arabic
hy Armenian
az Azerbaijani
eu Basque
be Belarusian
bem Bemba
bn Bengali
bh Bihari
bs Bosnian
br Breton
bg Bulgarian
km Cambodian
ca Catalan
ceb Cebuano
chr Cherokee
ny Chichewa
zh-CN Chinese (Simplified)
zh-TW Chinese (Traditional)
co Corsican
hr Croatian
cs Czech
da Danish
nl Dutch
en English Download
eo Esperanto
et Estonian
ee Ewe
fo Faroese
tl Filipino
fi Finnish
fr French
fy Frisian
gaa Ga
gl Galician
ka Georgian
de German
el Greek
gn Guarani
gu Gujarati
ht Haitian Creole
ha Hausa
haw Hawaiian
iw Hebrew
hi Hindi
hmn Hmong
hu Hungarian
is Icelandic
ig Igbo
id Indonesian
ia Interlingua
ga Irish
it Italian
ja Japanese
jw Javanese
kn Kannada
kk Kazakh
rw Kinyarwanda
rn Kirundi
kg Kongo
ko Korean
kri Krio (Sierra Leone)
ku Kurdish
ckb Kurdish (Soranî)
ky Kyrgyz
lo Laothian
la Latin
lv Latvian
ln Lingala
lt Lithuanian
loz Lozi
lg Luganda
ach Luo
lb Luxembourgish
mk Macedonian
mg Malagasy
ms Malay
ml Malayalam
mt Maltese
mi Maori
mr Marathi
mfe Mauritian Creole
mo Moldavian
mn Mongolian
my Myanmar (Burmese)
sr-ME Montenegrin
ne Nepali
pcm Nigerian Pidgin
nso Northern Sotho
no Norwegian
nn Norwegian (Nynorsk)
oc Occitan
or Oriya
om Oromo
ps Pashto
fa Persian
pl Polish
pt-BR Portuguese (Brazil)
pt Portuguese (Portugal)
pa Punjabi
qu Quechua
ro Romanian
rm Romansh
nyn Runyakitara
ru Russian
sm Samoan
gd Scots Gaelic
sr Serbian
sh Serbo-Croatian
st Sesotho
tn Setswana
crs Seychellois Creole
sn Shona
sd Sindhi
si Sinhalese
sk Slovak
sl Slovenian
so Somali
es Spanish
es-419 Spanish (Latin American)
su Sundanese
sw Swahili
sv Swedish
tg Tajik
ta Tamil
tt Tatar
te Telugu
th Thai
ti Tigrinya
to Tonga
lua Tshiluba
tum Tumbuka
tr Turkish
tk Turkmen
tw Twi
ug Uighur
uk Ukrainian
ur Urdu
uz Uzbek
vi Vietnamese
cy Welsh
wo Wolof
xh Xhosa
yi Yiddish
yo Yoruba
zu Zulu

Original subtitles

MUZIEK

Wat? Bouten. Is iedereen buiten? Zijn er nog mensen binnen? Bouten!

Bouten zit nog binnen.

Bouten!

Waar is hij? Waar is hij? Op het bed verdiept. Tweede.

Is hij aan het slapen?

Oké.

Gaat het?

Dat was oké.

Waar is Ines?

Ines zit nog binnen.

Een onschuldig en sympathiek ritueeltje, Meren.

Wat zijn de gedachten achter dat ritueel?

De gedachten zijn in deze irrelevant.

Kun je ze beheersen, uw gedachten?

Natuurlijk.

Denk dan eens niet aan een witte beer.

De beer van Wegner, 1987.

Door een gedachte te onderdrukken, wordt ze net onvermijdelijk.

Wat denk je van een manier om je integratie in de wereld te stimuleren?

Mijn laatste poging was in ieder geval een waarslagveld.

Geen groepstherapie deze keer.

Iets simpeler. Iets wat miljoenen mensen alle dagen doen.

Doen alsof ze hun gesprekspartner interessant vinden?

De bus pakken.

Gewoon, telkens als je verplaatst, het openbaar vervoer nemen.

Cognitieve gedragstherapie.

Probeer anders te denken over een situatie door ze bewust te beleven. Het

is toch ongelooflijk dat ik u dat allemaal niet moet uitleggen?

De slaagkans is eerder beperkt. Ik herinner me minder dan 20% zelfs.

Twijfelen is de motor van een mislukking.

Wat denk je?

Je laat je een auto een week staan.

Dat gaat lukken?

Ik denk het wel.

Jasper.

Jij hebt geen auto, hè?

Brandstichting in een studentenkot.

Hoe was mijn mama?

Goed, we zijn een paar dagen naar Oosteinkirchen geweest.

Plazant.

Ik denk dat je het weer hebt.

Zijn we naar het strand geweest?

Nee.

Wielen en strand, dat gaat niet goed samen.

Heb je zeker dat het brandstichting was? Ze hebben op drie plaatsen

brandversnellers gevonden.

Annelies, ik wil gewoon... De kotbaas en haar zoon wachten in de keuken.

Annelies. Annelies, wacht eens even.

Annelies.

Goeiemorgen. Goeiemorgen.

Alsjeblieft. Dank je.

Ik ben echt met alles in orde.

De brandweer is drie maanden geleden nog op controle geweest en er waren geen

opmerkingen. Het kot was helemaal veilig.

Oké. Hoe is het met je arm?

Zeg, ja, toepen.

Hoe is het met je neus? Dat is te vroeg om daar iets over te zeggen.

Zijn we er nu in een kunstmatige coma? Tegen de pijn.

Mevrouw, u bent geen verdachte of zo.

Ik zou u wel graag nog een paar vragen willen stellen.

U woont zelf in de Koningsstraat?

Ja, dat klopt.

U was redelijk snel ter plaatse.

Eén van de buren had gebeld. Walter was daar, dus ik ben direct in een auto

gesproken. Jij zit daar ook op koud?

Nee, ik woon thuis.

Waarom waarde jij dat nog zo laat?

Hij was aan het schilderen. Er was een kamer vrijgekomen.

Ik snap niet zo goed waarom u dat allemaal vraagt.

Die brand is aangestoken. Dat was helemaal geen ongeluk.

Aangestoken? En door wie?

Waarom was er een kamer vrijgekomen?

Omdat er een meisje had opgezegd. Wie?

Hoe heet die?

Valérie.

Petré. Petré, ja. Dat zijn foto's van tijdens de brand.

Staat die Valérie er ergens tussen?

Je had dat niet moeten zeggen.

Oké? Die voelde nog goed genoeg dat er iets niet klopte.

Ik ken die Kees. Ik was daar bij hem. Misschien had ik dat moment wel kunnen

kiezen.

Geef me nu eens de echte reden waarom je zo op mijn kap zit.

Hoeveel keer denk je dat ik je heb gebeld?

Hoeveel sms'en denk je dat ik je heb gestuurd? En jij pakt die op.

Jij belt niet terug. Jij antwoordt niet.

Ik was godverdomme ongerust.

Ik ga naar die persconferentie op de Unif. Is er al nieuws?

Voorlopig niet.

Die eigenares en haar zoon hebben niemand herkend op onze foto's.

We hebben wel sporen van druus gevonden in de groep van het slachtoffer.

Gaat dat?

Dat is waarschijnlijk daarom dat hij niet is wakker geworden van al dat

geroep.

Oké, maar ik ga er nog niks van zeggen.

Als er iets is, ik hoor het.

Ja.

Denise, dat komt toch allemaal goed?

Nee, ik heb haar nog niet gebeld, maar dat lukt nog wel. Is het vandaag niet,

dan is het morgen.

Je hebt gelijk, oké.

Ik had haar moeten bellen of sms'en.

Ik had gewoon wat tijd van mijzelf nodig, dat is alles.

Zeg, Denise, er komt een juiste man binnen. Ik moet echt inleggen.

Dan.

Ja, ja, ja. Tot straks. Ja, ja, ja.

Alice.

Annelies. Goeiemorgen professor, u bent 15 minuten te laat.

Het openbaar vervoer.

Mevrouw Steijers, is hij... Juist aangekomen.

En wij maar werken.

Jasper, wil jij een momentje?

Alles goed met je?

Die blik gecombineerd met die dwaze vraag, dat voorspelt niet veel goed.

Ik heb u verdedigd, Jasper, echt waar. Ik heb u verdedigd. Maar de

faculteitsraad vindt dat er genoeg aanwijzingen zijn dat jij de studenten

hebt aangezet om met nootjes te gooien. Laat me raden.

Een maand schorsing?

Ja. Je hebt de brief nog niet gelezen.

Twee maanden, eigenlijk.

En Van der Weijden blijft lesgeven.

En ondertussen mag je absoluut geen contact hebben met studenten.

Het doet me plezier dat je mij zo goed hebt vertedigd.

Twee maanden is nu ook niet zo lang.

En ondertussen kun je concentreren op uw wetenschappelijk werk.

Valerie Petré? Ja, waarom moest ik naar hier komen?

Jij zei vorige week ineens verhuis naar een ander kot.

Waarom? Omdat ik een studio kon krijgen.

Veel groter en veel minder geld.

Is dat de enige reden?

Ja. Was er een conflict tussen u en Ines Verstraeten?

Hoe bedoel je? Je weet wat we bedoelen. Dus antwoord gewoon op de vraag.

Ik moest haar niet hebben, nee.

Maar zij mij ook niet.

Waarom? Omdat Ines een omhooggevallig geit is.

Iemand die zich beter voelt dan de rest.

En ik had altijd ruzie met haar.

Wist jij dat Ines drugs gebruikt?

Nee.

Herkent jij iemand op deze foto's?

Nee. – Zeker? Kijk nog eens goed. Niemand.

Waar waard jij de nacht van een brand?

Wat is dat hier? Word ik van iets verdacht? Nog eens, antwoord gewoon op

de vraag.

In een oks.

Heel de nacht.

Hoe is dat?

Gewoon de nokste nacht. Snap je?

De lieve meisje niet komen, hè?

Ines is op dit moment aan het vechten voor haar leven, maar u kan het allemaal

precies niet zoveel schelen.

Uw stoelen, papa.

Dank u wel. Dat is voorlopig alles.

Ik kom van de persconferentie over die brand in het Zuntenhuis.

Ik heb het dossier bij.

De brand is aangestoken.

Jasper, ik had... Ik had gehoopt dat je er eens naar wou kijken.

Jasper, ik heb ook met de decaan gesproken en het schijnt dat jij

geschorst bent.

MUZIEK

Jasper, alles in orde?

Ik denk het wel.

Annelies en Daan zijn nu getuigen aan het verhoren tegenmorgen vroeg ze daar

rond moeten zijn.

U zou mij een plezier doen.

Als je het tegen dan bekeken hebt.

Merci.

Eigenlijk, Jasper, ken ik je zo niet.

De Jasper van vroeger, die zou zich niet hebben laten doen. Die zou in beroep

gegaan zijn, tegen de dekaan gezegd hebben dat hij met een boom in kon.

De Jasper van vroeger, die zou gevochten hebben.

Als wij een probleem hebben, dan moeten we dat niet uitwerken op een ander.

Dat komt echt niet in u op. – Dat komt niet in mij op.

Het gaat niet allemaal over u, Daan.

Annelies, vertel dat toch... Daan.

Kom eens even.

Ja, Daan.

Dat is makkelijk. Je moet niet zeggen dat je gaat zitten. Ik zit al.

Ik weet niet dat het een goeie gedachte is om alles weg te lachen.

Dan... Dan... Je moet aan Elise wat sparen.

Ik moet aan Elise wat sparen? Nu gaan we het krijgen.

Wat weet je van haar moeder?

Ze is gestorven. Een ongeluk. Weet je ook hoe?

– Nee.

Haar vader was in slaap gevallen.

En ze zijn te pletten gereden tegen zo'n pijler van een brug.

Zij zat gekneld en de auto vloog in brand.

Hij heeft Annelies nog kunnen redden, maar voor haar moeder kwam het te laat.

Hij heeft zijn vrouw levend zien verbranden. Of hij.

Ze heeft nog een paar dagen geleefd, maar ze heeft nooit een kans gehad.

Dat wist ik niet.

Hoe is het met haar?

Ze is bijna 50 procent verbrand.

Ze zou zo snel mogelijk moeten opereren, maar dat gaat nog niet, want ze is niet

stabiel genoeg.

Dus we moeten afwachten.

Zou ik u een paar vragen mogen stellen?

Is er iets dat je ons nog niet verteld hebt?

– Hoezo?

Iets dat je hebt gezien of gehoord toen?

Ja, ik heb toen wel wat geroep gehoord die avond.

Ruzie. Van waar?

Van boven, ergens.

Ines, haar kamer? Dat zou kunnen.

Ik weet het niet. Ik was naar muziek aan het luisteren.

Rond hoe laat was dat ongeveer?

Half twaalf, denk ik. Zoiets.

Zat Ines aan de brug?

Ines? Nee.

Nee, nee, nee.

Ik heb een paar foto's van de avond van de brand. Ik zou willen dat je er eens

naar kijkt.

Herken jij iemand?

Roeland. – Wie is Roeland?

De ex-lief van Ines.

Het is nog maar juist gedaan.

Stel nu, louter hypothetisch, dat ik die nootjes in de oul heb gezet.

In dat geval zou ik dus eigenlijk geschorst moeten worden.

Of in mijn geval zou dat waarschijnlijk ontslag betekenen.

Je ontslag, mevrouw Snijers, dat zou zoveel betekenen als een aardbeving van

twaalf op de schaal van Richter.

Of zoals de meteoriet van Yucatan, 65 miljoen jaar geleden.

En wellicht de oorzaak van het uitsterven van de dinosauriërs.

Goed, de meteoriet van Sneijers gaat daar een tram halen voordat de

dinosaurussen hier uit hun hol kruipen.

Goedenavond.

Professor, wij weten dat het laat is, maar we hadden een vraag.

Wij zijn in de les bezig met geografisch profileren en... Dat is de cursus van

professor Van der Leijden.

Je moet dat aan hem vragen. We komen net van bij hem en hij heeft het alleen nog

onduidelijker gemaakt.

De Jasper van vroeger, die zou gevochten hebben.

Even tijd.

Waar waren we gebleven?

Ah ja, juist.

Geografische profilering.

Ik ben echt een trut geweest vandaag, papa.

Ik heb alles afgereageerd op Daan.

Daan?

Ja,

Daan.

Ik moet de laatste tijd weer keiveel aan mama denken.

Papa, soms mis ik je zo hard, zeg.

Denk jij nog veel aan mama? – Ja.

Ze heeft net gebeld.

We moeten al beginnen.

Het is even de commisje gaan doen.

Ja.

Ze heeft mij ook gebeld.

Papa, daar is soep.

Hier? Ja.

Soep.

Fuck.

Sorry dat ik te laat ben.

Zet u.

De eerste vraag die we ons moeten stellen is, hebben we te maken met een

brandstichter?

Of met een pyromaan? We zijn niet hetzelfde.

Inspecteur? Een brandstichter heeft een motief dat buiten zichzelf staat.

Zoals verzekeringsfraude of een bepaalde ideologie.

En een pyromaan heeft een innerlijk motief, zoals boosheid of kwaadheid.

Of te weinig aandacht.

Hij handelt vanuit een innerlijke drang.

Het zien branden van iets geeft hem een gevoel van opwinding.

We hebben meestal te maken met een alleenstaande man tussen de 17 en 35

jaar. Een onopvallend type die in zijn jeugd dus een tekort aan aandacht heeft

gekregen. En welke van de twee is het hier?

Geen idee.

Daar heb ik meer informatie voor nodig. Zoals bijvoorbeeld een lijst van de

brandstichtingen van de afgelopen twaalf maanden.

Ja, daar kan ik je wel voor zorgen.

Oh, nog iets?

Ja.

Dit is Roeland Dirks, ex-lief van het slachtoffer en die stond toen ook te

kijken aan de brand.

Je hebt foto's genomen van de omstanders, dat is knap werk.

Ja.

We hebben naaktfoto's van het slachtoffer gevonden op de computer van

Roeland. Zo raar is dat niet.

Ja, ja, maar die foto's zijn verzonden de avond van de brand.

En hoe ligt hem dat uit?

Er is iets dat wij niet goed snappen.

Het kot van uw ex-vriendin brandt af en jij staat erop te kijken.

Hadden jullie nog contact?

Nee. Wat deden jullie dan?

Ik hoorde dat er brand was in de straat van Ines.

Toen zei ik dat haar kot was en dat ze niet meer naar buiten kwam.

Hoe lang zijn jullie samen geweest?

Anderhalf jaar.

Wie heeft het uitgemaakt?

Zij. See, Roeland.

Als ik het uitmaak met iemand, dan stuur ik het daarna.

Zo'n foto is niet meer.

Waarom zouden ze dat gedaan hebben, denk je?

Ik weet het niet.

Wat is er die avond gebeurd, Roeland?

Dat ging tijd worden, hè, gast.

Nee, zo bedoelde ik het.

Jurgen, rustig. Ik wil gewoon even klappen. Heb je een vraag gesteld? Wat

is er die avond gebeurd?

Niks. Het was twaalf uur.

Ik kreeg een e-mail en toen zag ik die foto's.

Had ze nogal wel eens van die foto's gestuurd?

Nee.

Gewoon, dat is geen goeie gedachte. Dat kan je niet handdoen. En wat heb je toen

gedaan? Ik ben naar daar gegaan en ik heb geklopt.

Jurgen, Jurgen.

Verdoe me maar.

Ik heb gehoopt.

Ja, ze deed het niet open, dus ben ik weer vertrokken.

Dacht je dat ze je terugwou?

Nee.

Waarom niet?

Ja, want ik had gehoord dat ze al iemand anders had.

Iemand van haar kot.

Een zekerig Len.

O, uw schoonzoon.

Die zat toch in Indië?

Een paar dagen geleden stond hij ineens voor ons deur.

Een hele zever over hoe hij het licht had gezien en zichzelf had

teruggevonden.

Toen kwam het ineens uit dat hij terug zou gaan en dat hij Catherine zou

meenemen. Dat kan niet. Het is de vader.

En als de moeder er niet meer is?

En nu?

We proberen een paar gedachten te doen veranderen.

Maar als het nodig is, dan trekken we het voor het gerecht.

Dat wil ik gewoon even laten weten.

Dat komt wel goed, Paul.

Ik hoop het.

Kan dat voorlopig onder ons blijven? Ja, natuurlijk.

En wie heeft dat dan gezegd, Valerie?

Dat maakt niet uit.

Waarom heb jij niet verteld dat jij niet in zijn koppel bent?

Luistert, Glenn, als je niks zegt, dan gaat u verdacht maken.

Oké?

Waarom heb je mij dat niet verteld? Omdat ik niet in de problemen wou

geraken met Valerie.

Hoe?

Wij waren een koppel.

En Ines dan?

Ines, dat is één keer gebeurd.

We waren altijd weer een beetje... Beetje wat?

Ja, een beetje... Eén keer. En met die brand heb ik niets te maken. Ik lag toen

in mijn bed, ik zweer het.

Is dat daarom dat Valerie verhuisd is?

Ze was kwaad. Kwaad genoemd brand te stichten?

Dat weet ik niet.

De plaats van de misdaad is met andere woorden nooit toevallig.

De dader verkiest immers een plaats of locatie die hij goed kent.

Een plaats die dichtbij is.

Dit soort van type misdadigers noemen wij een strooper.

Dat is iemand die zijn thuis als uitvalsbasis gebruikt.

Als u mij nu wilt excuseren, dank u.

Maar ik denk dat ik een bus ga nemen.

Oké, we hebben een probleem. Dat kot is daar precies één grote gangbang, want

iedereen poept daar gewoon met iedereen.

Dus iedereen heeft een motief? Ongeveer.

Ines was samen met Roeland.

Valerie is een koppel met Glenn, maar Ines poept eens met Glenn, dus Valerie

is biest op Ines omdat die Glenn heeft afgebakt. Ho, ho, ho, wacht even.

Ik ken hun volgezichten nog eens.

Oké. Ines is een koppel met Roeland.

Ines maakt het uit met Roeland.

Roeland staat hier in het publiek tijdens de brand.

Ik denk niet dat Roeland ineens iets zou willen aandoen, want volgens mij is

Roeland nog altijd verliefd op Ines.

Valerie is een koppel met Glenn.

Maar Ines heeft iets gevreemd met Glenn.

Dus is natuurlijk Valerie kwaad op Ines, omdat hij haar lief heeft afgepakt.

Maar, en nu komt het, Glenn heeft toegegeven dat hij en Valerie soms GHB

gebruikten tijdens de seks.

En dan?

Ja, en dan. Misschien heeft Glenn ook eens wat van dat spul aan Ines gegeven

en is dat verkeerd afgelopen.

Ver gezocht.

En de piste van Epiromaan?

Drie auto's, een trampkot en een tuinhuis.

Ik heb een dossier gemaakt voor de professor.

***

Ik zet mijn geld op Valerie Petré.

Die heeft het sterkste motief en die had een gelegenheid.

Oké. Breng dan wat binnen.

Annelies.

Annelies. Ja? Wacht.

Over deze avond. Oké, Daan.

Kun jij alsjeblieft stoppen met erover door te drammen? Ik ben er toch niet

over door te drammen? Ik wil gewoon babbelen. Ik wil gewoon een zaak

oplossen. Oké?

Jasper, wat is er?

Het openbare vervoer.

Hoe is hij dat te weten gekomen?

Een van de studenten zal zijn mond voorbij gepraat hebben, zeker?

Hij ziet er niet goed gezind uit.

Ik heb misschien wel een oplossing.

Ah ja?

Kijk, technisch gezien heeft hij eigenlijk geen les gegeven.

Hoe?

Volgens het reglement kan dat alleen binnen de vier muren van de faculteit.

En hij zat op dak.

Een kopie van het reglement.

Paragraaf 2.

Professor, u wou mij spreken?

Nog een prettige dag, professor.

Wel, dat viel allemaal nog wel mee, vond ik. Ik heb voor alle zekerheid nog een

plan B.

Van wie? – Het dossier van collega Van der Weijden. Ik heb dat eens grondig

nagekeken.

U zou dat ook eens moeten doen.

Bladzijde twee.

Punt vier.

Jij hebt ons vorige gesprek verklaard dat je de hele nacht in de hoks hebt

staan dansen.

Maar dat klopt niet, hè?

Waarom heb je niet gezegd dat je Roeland Dierks hebt herkend?

Jij kent Roeland Dierks toch?

Hallo? Ja.

Zeg, het is niet gemakkelijk aan het maken, hè?

Ik had constant aan bras met haar meenis.

En toen moest Glenn mij ook nog eens bedriegen met die trut.

Ik ben al daar gegaan, ja, om het haar eens goed te zeggen. En zij had niet

eens de guts om het toe te geven.

Ze had altijd van die zelfgemaakte smoothies in de keuken staan.

En ik heb daar GHB in gedraaid.

En als ze bewustloos was, heb ik haar op bed gelegd.

Heb ik haar kleren uitgetrokken en als ze daar in haar blote lag, heb ik met

haar gsm foto's van haar schoon lijf gemaakt.

En ik heb die rondgestuurd.

Naar al haar vrienden.

En daarna ben ik gaan feesten en met die fucking brand heb ik niks te maken.

Haar verklaring klopt met de feiten.

Glenn heeft ruzie gehoord rond half twaalf en die brand is pas anderhalf uur

later aangestaan. Misschien is hij teruggekomen.

Valerie Petré is onschuldig.

Ze heeft in ieder geval niks met die brandstichting te maken.

Hoe weet je dat?

Omdat het een vrouw is.

En erger nog, een wraakzuchtige vrouw.

Ah ja.

Bij wraak is vernedering efficiënter dan moord.

Die foto's waren genoeg.

Exact. Dus met andere woorden, we hebben niks. Toch wel.

Drie auto's, een tramkot en een tuinhuis.

Dus toch die epiromaan?

Ik heb die zaken grondig bekeken en ik vind geen patroon. Al die vuren zijn op

verschillende manieren aangestoken.

O, maar de methode is niet het patroon.

Wat dan wel?

Ga opnieuw praten met de slachtoffers en de getuigen en vraag naar onbekenden die

plots op het plaatsdelict opdoken.

Oké. Ik heb ook een kaart nodig van Antwerpen.

Nog iets?

Vlaggetjes.

Veel vlaggetjes van die kleintjes.

Ik ben in mijn bureau.

Moet dat van een bepaald land zijn?

Sarcasme. Dat vind ik leuk.

Dat was een drama.

Heb ik mijn auto nodig voor m'n job? Kan ik wel een bus pakken? Dan moet ik drie

keer overstappen.

Is er u verder nog iets opgevallen?

Oh nee, het was dinsdag en mijn auto stond op straat. Dinsdag ben ik altijd

thuis en dan doe ik mijn strijk, want het was nog heel vroeg. En de belga. En

ik denk nog, dat is raar, de belga. Want verwacht ik niemand.

Dus ik kon een keer kopen doen en er staat zo'n mannetje voor de deur. En die

zegt, goeiemorgen mevrouw, uw auto staat in brand.

Ik zeg, nee, dat kan niet. Moet ik hem mee gaan zien? En dat was waar.

Heel die auto werd gebrand. Hoe zag je dat? Ja, het was een goeie mannetje, zo

bruin haar.

Echt een fair mannetje, en zo wel opgevoed. Want ja, u zal dat ook wel

weten.

Hij stond vooraan op de parking.

Ik was pepers aan het verbeteren toen ik de sirenes heb gehoord.

Wie heeft de brandweer gebeld?

Nu een jonge gast die toevallig voorbij liep.

Paul!

Ja, het klopt.

In alle gevallen is er sprake van een onbekende jonge gast die is komen

verwittigen. En heb je een beschrijving?

Niet te groot en niet te klein.

Totaal onopvallend. Dat is het patroon. Wat? Dat het onopvallend is, of wat?

Die gast stelt niks voor.

Die heeft een minderwaardigheidscomplex en daarom gaat hij brandstichten zodat

hij de held kan uithangen.

Exact.

Ja, daar zijn we toch niet zo heel veel mee? Toch wel? We kennen nu zijn adres.

Oh, we kennen nu zijn adres.

Dit is wat wij noemen een mentale kaart. Oftewel de manier waarop iemand zijn

fysieke omgeving waarneemt. We nemen allemaal op onze eigen manier onze

fysieke omgeving waar. Daarom is iedere mentale kaart uniek.

Ik zal een voorbeeld geven.

Iemand die dagelijks het openbaar vervoer gebruikt, heeft een andere

mentale kaart dan zijn medemens die dezelfde weg te voet afloopt. Professor.

Nu goed.

Dit is de mentale kaart van onze pyromaan.

Die is een thuisadres als basis gebruikt.

Wij hoeven dus eigenlijk alleen maar...

...de verschillende brandhaarden... ...met elkaar te verbinden...

...en we weten exact... ...waar die woont.

In de Koningsstraat.

Wouter? Ja, kom.

Ah, hier ben je.

Zou jij voor mij een paar boodschappen kunnen doen?

De koppas woont in de Koningsstraat.

Ja, de zoon is dat type.

Mag ik deze houden?

En wasverzachter?

Als de wasverzachter in promotie staat in zo'n duo-pak, dan mag je er twee mee

brengen.

Dus vier flessen.

Is er nog cornflakes?

Nee, die is op, volgens mij.

Je zit er toch

niet mee in?

Natuurlijk niet.

Pak jij een shotje koffie?

Wouter, wil je even meekomen?

Ik zou je nog een paar vragen willen stellen.

Dat komt eigenlijk niet zo goed. Ik moet naar de winkel.

Ik kan u arresteren.

En dan gaat het nog veel langer duren.

Hoelang gaat dat hier eigenlijk duren?

Dat hangt helemaal van jou af, vrees ik. Zo hangt het helemaal van mij af.

Hoelang duurt het voor een eeuw dat jij gaat bekennen? En wat zou Kik moeten

bekennen? Deze.

Deze.

En dan een koninginnenstuk.

Je denkt toch niet dat Kik dat allemaal... Dat jij dat allemaal heeft

aangestoken? Jep, dat denken wij. Dat is belachelijk. Waarom zou ik in

godsnaam... Zoon van kotbaas Rits... Studenten uit Kopperand.

Zoon van eigenaar voorkomt groter drama.

En hier zo met je arm in die windel.

Dat is knap, hè. Dat is echt een held.

Ik wil mijn reis.

Eerst dachten wij echt iets totaal anders.

Ja, dat iemand Ines wil vermoorden of zo. Een jaloerse ex.

Maar eigenlijk had Ines gewoon pech.

Met je gelijk.

Als je niet bewusteloos op haar kamer had gelegen, had je iedereen uit de kot

kunnen redden.

Dat was pas de krantenkop.

Ik wil naar huis.

Wat is het volgende dat je in brand wil steken?

Ik wil naar huis, ja.

Ik vrees dat dat nog even gaat duren.

Je kunt mij niet zomaar vasthouden, nee, ja?

Ik heb recht op een advocaat. Kalkaars, blijf eens even zitten. Hey, wacht,

wacht. Hey, wacht.

Wat ben ik... Hey, hey, hey, hey, hey, hey, hey, hey, hey, hey, hey, hey, hey,

hey, hey, hey, hey, hey, hey, hey, hey, hey, hey, hey, hey, hey, hey, hey, hey,

hey, hey, hey, hey, hey, hey, hey, hey, hey, hey, hey, hey, hey, hey, hey, hey,

hey, hey, hey, hey, hey, hey, hey, hey, hey, hey, hey, hey, hey, hey, hey, hey,

hey, hey, hey, hey, hey, hey, hey, hey, hey, hey, hey, hey, hey, hey, hey, hey,

hey, hey, hey, hey, hey, hey, hey,

hey,

hey

Hé, ik ga ernaar kijken.

Hoe is het met haar?

De dokter is nu met haar ouders aan het praten.

Ze hadden haar in een kunstmatige coma en dat is tegen de pijn.

Eigenlijk moeten ze opereren, maar dat doen ze niet.

Annelies, moeten wij eens niet dringend praten?

Oké, ik begin.

Vanaf dat jij in uw situatie zit, heb ik er alles aan gedaan om je te helpen.

Op alle mogelijke manieren.

Maar jij blokt alles af. Jij sluit mij buiten.

Jij gaat naar Oostduinkerke of all fucking places. Als er iets is dat ik

verkeerd doe, dan zeg dat dan gewoon.

Ik doe helemaal niks verkeerd, Annelies.

Wat is er dan?

Wat jij een situatie noemt, is wel voor altijd.

Nu denk je dat je dat kan, maar dan is dat niet meer zo.

Dat is niet waar. – Als je in een brand zit, kan ik je niet redden. Maar dan op

brand. – Annelies.

Ik kan je ook nooit kinderen kunnen geven, Annelies.

Ik kan je nooit kunnen geven wat jij verdient.

Ik heb gewoon pech gehad. – Jij hebt geen...

Pech had, oké? Ik had daar moeten bij zijn en dan had dat allemaal niet

gebeurd.

Mevrouw Sneijers heeft nog iets interessants ontdekt.

Blijkt dat collega Van der Weijden een diploma heeft in de rechtspsychologie.

Waarom verbaast me dat niet?

Bij gevolg mag jij dus eigenlijk geen les geven in de afdeling

criminologie.

Is dat zo? Dat is zo.

Dat staat in het reglement.

Nog altijd volgens mevrouw Snijers.

En mevrouw Snijers heeft zelden ongelijk. Zelden.

Dus ben ik nu volop op zoek naar een professor

in de criminologie.

Ik ken misschien wel iemand.

Dat is dan in orde.

De koning van Zwarte ontbreekt.

De koning is terug.

Prima.

Hoe verloopt de therapie?

Goed.

Ik heb vandaag de bus gepakt.

Can't find what you're looking for?
Get subtitles in any language from opensubtitles.com, and translate them here.