Afrikaans
Akan
Albanian
Amharic
Arabic
Armenian
Azerbaijani
Basque
Belarusian
Bemba
Bengali
Bihari
Bosnian
Breton
Bulgarian
Cambodian
Catalan
Cebuano
Cherokee
Chichewa
Chinese (Simplified)
Chinese (Traditional)
Corsican
Croatian
Czech
Danish
Dutch
English
Esperanto
Estonian
Ewe
Faroese
Filipino
Finnish
French
Frisian
Ga
Galician
Georgian
German
Greek
Guarani
Gujarati
Haitian Creole
Hausa
Hawaiian
Hebrew
Hindi
Hmong
Hungarian
Icelandic
Igbo
Indonesian
Interlingua
Irish
Italian
Japanese
Javanese
Kannada
Kazakh
Kinyarwanda
Kirundi
Kongo
Korean
Krio (Sierra Leone)
Kurdish
Kurdish (Soranî)
Kyrgyz
Laothian
Latin
Latvian
Lingala
Lithuanian
Lozi
Luganda
Luo
Luxembourgish
Macedonian
Malagasy
Malay
Malayalam
Maltese
Maori
Marathi
Mauritian Creole
Moldavian
Mongolian
Myanmar (Burmese)
Montenegrin
Nepali
Nigerian Pidgin
Northern Sotho
Norwegian
Norwegian (Nynorsk)
Occitan
Oriya
Oromo
Pashto
Persian
Polish
Portuguese (Brazil)
Portuguese (Portugal)
Punjabi
Quechua
Romansh
Runyakitara
Russian
Samoan
Scots Gaelic
Serbian
Serbo-Croatian
Sesotho
Setswana
Seychellois Creole
Shona
Sindhi
Sinhalese
Slovak
Slovenian
Somali
Spanish
Spanish (Latin American)
Sundanese
Swahili
Swedish
Tajik
Tamil
Tatar
Telugu
Thai
Tigrinya
Tonga
Tshiluba
Tumbuka
Turkish
Turkmen
Twi
Uighur
Ukrainian
Urdu
Uzbek
Vietnamese
Welsh
Wolof
Xhosa
Yiddish
Yoruba
Zulu
Weet je wat ik tegen hem zei?
Dat ik er eerlijk gezegd zelf nooit geweest ben.
Dat we tweeënveertig miljoen hectare hebben,
en dat Azië bezaaid is met plantages,
maar dat ik zelf nog geen palmvrucht heb aangeraakt.
Nee serieus, ik maak geen grapje.
Ian, weet je wat hij antwoordde?
"Je hoeft geen auto te kunnen bouwen om hem te kunnen verkopen."
Ja!
Ik zei toch, alles is in orde. Vijftig miljoen.
Nee, ik kan geen conference call houden omdat ik al in het Zwarte Woud ben.
Waar de beroemde Zwarte Woud-ham vandaan komt?
Kom op, Ian. Je investeert in de landbouw,
en je kent Zwarte Woud-ham niet?
Onbeschaafde Ierse lul.
Je krijgt wat je geeft.
Vergeet het maar, ik doe het vandaag niet.
Ik heb het hele jaar geen vrije dag gehad en dit is belangrijk.
Rij er snel omheen.
Ik moet het gesprek beëindigen. Ik spreek je morgen.
Is het mogelijk om langs de spoorboom te rijden? Ik heb haast.
Dat is niet toegestaan.
Dat weet ik toch.
Het is gewoon... weet je, mijn vader is gestorven en...
de begrafenisdienst begint over tien minuten.
Ik ga naar hen die van me houden en wacht op hen die van me houden.
Hoe zit het nu met Christian?
Waar blijft die trein?
Het is altijd anders.
Kan wel een kwartier duren. - Een kwartier?
We kunnen hier geen kwartier blijven staan.
Ongelofelijk.
Ik weet dat het niet mag,
maar geef een rukje aan het stuur en rij er gewoon voorbij.
Dan verlies ik mijn licentie. - Hoe dan? We zijn helemaal alleen.
Ik heb vijftien jaar in het buitenland gewoond. Dit gebeurt alleen hier.
Zou u in uw land voor zo'n spoorboom stoppen? Vast niet.
Waar komt u vandaan? - Uit Villingen-Schwenningen.
Nee, waar bent u geboren? - Nou, in Villingen-Schwenningen.
Vijftig jaar geleden, beste Erich, kwam je als een vreemdeling.
Je bent je grote liefde Johanna gevolgd.
En je vroeg je af,
Wat zijn dat voor mensen, met hun spritsgebak,
nonnenscheetjes en ovenaardappelen?
Twintig minuten. - Ik weet het.
Hoor je dat?
Ja, ik denk dat ik iets hoor.
Dat doet u wel?
Nou, ik dacht, alleen maar omdat u zo'n haast heeft.
Nu hoor ik ook iets.
Het is een geratel. - Ja!
Het is de trein. Snel nu. - Zo snel als het maar kan.
ik doe alles, maar niets waarmee ik mijn licentie verlies.
Amen.
Georg, alsjeblieft.
Ik ben geen grote spreker.
Jullie kenden mijn vader allemaal.
En als ik zo rond kijk, dan...
soms langer dan ik hem kende.
Omdat hij hier al woonde voordat ik ben geboren.
Je bent te laat.
Ik weet het. Het spijt me.
Je bent niet eens op tijd voor de begrafenis.
De spoorwegovergang was dicht.
Dertig jaar en zelfs deze laatste eer kan je hem niet bewijzen.
Sorry.
P-Papa...
Sorry, zo gaat het niet.
Georg!
Georg!
Georg!
Georg, hou op!
Het is de verdomde begrafenis van mijn vader en je belt me elk uur.
Ik weet dat ik je slaaf ben, maar vandaag alsjeblieft niet.
Kan me niet schelen, ik ben zijn oppas niet!
En zeg hem dat hij op moet rotten met zijn stomme geld.
Er is niets veranderd.
Ah, de geur...
Net als vroeger.
Georg, toe nou... Ga je dit de hele avond volhouden?
Wil jij ook jouw "Georg" beker?
"Wil je ook een biertje, Christian?" Oh, heel graag, Georg. Wat attent.
"En een beetje schnaps?" Ja, waarom ook niet.
Nick-nick-nick.
Kijk.
Ja, het was shit.
Ik kan alle redenen noemen waarom ik te laat was,
maar ik laat het zo en zeg gewoon dat het me spijt.
We willen toch niet de hele avond tegen elkaar zwijgen?
Was dat een ja of een nee of een "lik m'n reet?"
Een "lik m'n reet."
Goed. Dat kan ik wel aan.
Waanzin.
Zo laag als het plafond in het echt is.
Heb je hier de hele tijd met papa gewoond?
Nee, alleen de laatste tijd toen het echt klote ging.
Stress?
Ja, altijd stress.
Elke dag. Maar dat is goed.
Iemand wil geld investeren en mijn baas is bang het te verliezen.
Waar woon je nu? - Singapore. Ongeveer een jaar.
En hoe is het in Singapore?
Geen idee. Ik heb het nog niet bekeken.
Toen ik aankwam, had mijn bedrijf een appartement gehuurd,
maar ik kwam alleen om te slapen,
en zag pas na drie maanden dat het een balkon heeft.
Wanneer ga je weer? - In de vroege ochtend. Eerste vlucht.
En met jou?
Zoals altijd.
Hoe gaat het timmerwerk? - Het gaat.
Getrouwd? - Nee.
Kinderen? - Nee.
Homo?
Vriendin?
Ach, Georg! Ja, op het platteland praat men weinig, maar...
Momenteel geen vriendin.
Ik ook niet.
Ongelofelijk, hè?
In mijn herinnering is het zo groot. Nu is het zo klein.
Is de zolder er nog?
Echt waar? - Uiteraard.
Gaaf!
Je bent er waarschijnlijk nog als ik terugkom, toch?
Waanzin.
Het is niet waar.
Het is niet waar!
Er is niks veranderd!
Georg! Kom naar boven!
Het is geweldig!
Dat kan toch niet waar zijn!
Georg, kom hier!
Schornagel was zo dronken dat hij alles achterliet.
Er was nog eten over.
Ik dacht, je hebt nu wel iets anders te doen dan koken.
Dank je wel.
Ik zet het in de koelkast.
Het was een mooie begrafenis.
Op het worstelen na.
Ja, dat was wel een verrassing.
Maar... gaat het weer? - Ja, alles is in orde.
Nee toch, dat is geweldig!
Kom naar boven, lafaard!
Dan scheer ik je benen. - Die is niet veranderd.
Nee. - Kom nou toch eens!
Wees niet zo beledigd en kom in beweging!
Hallo, Christian.
Hallo.
Ik ga weer. Jullie hebben veel te bespreken.
Nee, we hebben niets te bespreken.
Welterusten.
En nogmaals bedankt.
Voor vandaag. - Ja.
Dag, Christian. - Dag.
Kom nou. Ik spijker je aan de muur.
En neem de worstjes mee. Ik heb honger.
Wie was dat ook alweer? - Tanja.
Je hebt bij haar in de klas gezeten. Hier.
"Tännle," dat is waar ook.
Ziet er nog altijd goed uit, Tännle, moet ik zeggen.
Hier. Kom op, Een paar slagenwisselingen.
Wat is er met je vinger gebeurd?
Niets. - Niets?
Ja, zo gaat 'ie goed.
Yes! Nice!
Dus jij en Tännle, ja? - Wat? Nee!
Zo leek het wel. - Ze heeft me bij de begrafenis geholpen.
En bij het eten. - Je hoeft je niet te rechtvaardigen.
Serveren. - Gevoelig onderwerp?
Doe het nou.
Goeie bal.
Nou? Zo moet dat.
Yes!
Yes!
Georg? Kijk nou.
Kom hier. Weet je het nog?
De kaart hangt daar nog steeds.
"Regel nr. 1: de reis begint bij de fontein op het marktplein in Löchingen
en eindigt als de deelnemers aan het Timmendorfer Strand
in de Oostzee pissen.
"Regel nr. 2: De rit moet op de brommer worden gemaakt.
"Regel nr. 3: de deelnemers komen overeen zich tijdens de reis te bezatten,
drugs te gebruiken, seks te hebben,
een bommetje van de tien meter plank te maken,
seks te hebben...
"Om de hele kaart bij de Griek in één keer op te eten."
Was dat jouw idee? - Nee, dat was van jou.
"Om een wheelie van 20 meter bergafwaarts te maken."
"Een slapende koe omduwen." - En die?
Die was van mij. Ik vind hem nog steeds best goed.
Zijn de brommers er eigenlijk nog?
Hij was niet zo goed in opruimen, of wel?
Geweldig.
Fuck!
Ja!
Is dat cool!
Kom op!
Kom op, we gaan langs Tännle.
Kom nou!
Geweldig.
De fontein!
Ja, en?
De reis begint bij de fontein op het marktplein in Löchingen.
Kom op, we gaan nu. Meteen.
We zijn ladderzat.
Ja, ik weet het, maar dat is toch mooi.
Nee, het is gestoord.
Ik weet het. Wacht, stop!
Stop nou toch.
Stop toch!
Nu niet lachen.
We rijden nu gewoon.
En je vlucht morgenochtend? - Ik verzin wel wat.
Zeg dan dat je er geen spijt van hebt.
Zeg dan dat je er geen spijt van hebt dat we toen niet zijn gegaan.
Natuurlijk heb ik daar spijt van. Maar het is nog steeds onzin.
Ik moet deze week een schuur bouwen.
Laten we gaan.
Georg!
Ik heb de garage niet afgesloten. - De garage!
Man, Georg! Wees een beetje avontuurlijk.
Hoe heet de volgende stad ook alweer? - Villingen-Schwenningen.
Villingen-Schwenningen, baby!
Niet stoppen tot Villingen-Schwenningen!
Yeah!
Georg!
Georg!
Gaat het? - Ja.
Ik heb alleen even een tukje gedaan.
Laten we een pauze nemen. - Ja.
Of een koffie.
Op kosten van de zaak.
Mijn kont doet pijn, alsof de reis al gemaakt is.
Ik kan niet meer goed lopen, zoveel pijn doet mijn kont.
Alsof je hard geneukt bent.
Heb je hier een fatsoenlijke wellnessruimte? - Ja.
Met uitzicht over het Zwarte Woud. - Uitstekend.
Kijk nou. Je hebt het gewoon niet meer in je, vriend.
En?
Het begint met...
"Je mobiel staat uit, waarschijnlijk zit je al in het vliegtuig."
Beep.
"Jezus, bel me onmiddellijk als je aankomt, oké?" Beep.
"Christian, zet je verdomde mobiel weer aan." Beep.
"Wie denk je verdomme dat je bent? Wat is er aan de hand, Christian?"
"Zet je verdomde mobiel weer aan!" Beep.
"Wie denk je wel dat je bent, lul?
"Kun je je voorstellen wat hier op kantoor gebeurt? Feisigh leat, bod!"
Dat was oproep #12 van... ongeveer 30.
Heb je al teruggebeld?
Nee, nog niet.
Ik denk dat ik terug moet gaan.
Dat meen je niet. - Het is gewoon heel stressvol.
Ik dacht dat je altijd stress had. - Ja, maar nu is het stress in het kwadraat.
En onze reis dan?
We doen het, dat beloof ik je. Ik ga op vakantie en dan...
halen we het in.
Onzin.
Als we het nu niet doen, dan doen we het nooit meer.
Weet je? Doe wat je wilt. Ik rij verder.
Georg.
Ik heb mijn sleutel nodig. - U verlaat ons alweer? - Ja.
Was u tevreden? - Ja, echt geweldig.
Wacht nou even.
Ik moet een beetje avontuurlijker zijn, en wat doe jij zelf?
Je wist toch dat ze je zouden bellen. - Ja, ik weet het.
Altijd praten, praten en dan gewoon weggaan.
Niet waar. - Natuurlijk wel!
Hou op met salami vreten!
Dit is Zwarte Woud-ham. - Shit!
Oh, man!
Georg!
Wacht nou even!
Kon je niet wachten tot na het ontbijt? Het was ontzettend duur.
Schreeuw niet zo tegen me.
Ah, verdomme.
Nu gaan jullie er allebei even uit. Opschieten!
Alles zit weer vol kruimels.
Hallo.
En jullie?
Waar gaan jullie heen? - Naar de Taunus.
Op vakantie? - Ja.
Wij ook. We hebben onszelf netjes aangekleed,
voor als we onderweg moeten solliciteren.
Waar gaat u heen?
We nemen elke tweede afslag links en laten ons verrassen.
Echt.
Dag. - Kom nu.
En pas nu een beetje op, ja?
Ja, pas op met de kruimels, oké?
Goede reis!
Veel plezier in de Taunus!
Ik was helemaal vergeten dat je elkaar in Duitsland niet groet.
Elke tweede links? - Waarom niet?
Heb je lang over dit plan nagedacht? - We zien wel waar we uitkomen.
Misschien komen we in iets moois terecht. - Ja, in een rondje.
Oh, Georg, je bent zo'n pessimist. Zo'n regenwolk.
Je hebt liever een parachute dan een vliegtuig.
Laat het glas eens halfvol zijn.
We doen het zo.
Vandaag beslis ik hoe we rijden, dan jij.
We wisselen steeds af. Ik zeg, elke tweede afslag links.
Kan ik een compromis voorstellen? - Graag.
Is het glas nog altijd halfvol,
als we elke tweede rechts nemen en dan elke tweede links?
Sarcasme is echt niet jouw ding, Georg.
Links.
Hier rechts.
Hier rechts? - Ja.
En links.
Links! Oké.
Rechts.
Hé, hier niet naar rechts!
Het is de tweede keer.
Hier wordt het drassig.
Rechts? - Nee, links.
Dan de volgende rechts. - Ja, de volgende naar rechts.
Bedankt.
Wat wilt u? - De dame was eerst.
Twee witte, alsjeblieft.
Dat is vriendelijk.
Ik dacht dat dat soort man allang was uitgestorven.
Ik wil er ook twee.
Wat heb je met je hand gedaan? - Werkongeval. Stelt niets voor.
Vijf biertjes voor de mannen van de zagerij?
Die heb ik nog nooit eerder gehoord. Echt grappig.
Proost. - Proost.
Hoe gaat het met je kont? - Ik wen eraan. En jij?
Ik krijg langzaam een laag eelt.
Wat ga je nu doen, met je baas bedoel ik?
Ik laat het los en verzin een excuus.
Misschien heb ik een ongeluk gehad,
en kon me alleen door muziektherapie herinneren wie ik ben.
Misschien ook niet.
Waar kijk je naar? - Niet omdraaien!
Kijkt ze naar jou? - Ik denk het niet.
Jawel! Ze kijkt naar jou.
Ze wil dat je bij haar gaat zitten. - Hoezo?
Het staat in neonletters op haar voorhoofd:
"Bedrijf vannacht de liefde met mij ..
.. vreemdeling uit het Zwarte Woud."
We gaan erheen. - Nee!
Waarom niet? Vind je haar niet leuk?
Ja, maar ik kan het niet. - Waarom niet?
Omdat ik dat niet kan. Ik ben daar niet goed in.
Laat je natuurlijke charme los. - Heb ik niet.
Natuurlijk wel. Je bent een vat vol natuurlijke charme.
Ik kan niet zomaar met een vreemde praten.
Ze is toch getrouwd.
Stop eens met denken dat je nergens recht op hebt.
Het gaat de hele tijd zo.
Wees egoïstisch. De avonturier Georg.
Ga erheen en praat met haar. Kom op!
We gaan! - Christian!
Kom nou.
Is dit de tafel van de wijnkoninginnen?
Eerder de tafel van hun moeders.
Zelfs dat is een gewaagde bewering.
Het laatste exemplaar. Hallo.
Ute, trouwens. - Georg.
Heb ik iets gemist? - Hij is een gentleman.
Willen jullie zitten?
Ja.
Ik ben Christian. - Ingrid.
Hallo. - Ute.
Hallo, Ute. - Nette pakken, waar komen jullie vandaan?
Uit het Zwarte Woud.
Ik kan goed op het laatste moment inchecken.
Ik kan goed, eh... - Niet nadenken!
Jaag me niet op. Ik kan... goed met hout omgaan.
Met hout? - Ja, het is mijn werk.
Volgende! Het moet snel zijn.
Ik kan goed dingen kopen die ik niet nodig heb of niet wil.
Dat kan ik veel beter! - Ute, snel, snel!
Afgelopen weekend... - Ga door!
Oké ...
Ik kan goed inparkeren. - Oké. Ik kan goed masseren.
Daar willen we bewijs van zien. - Later.
Ah!
Georg, wat kan jij goed? - Ik, uh...
Ik kan goed... tafeltennissen. - We waren berucht.
De gebroeders Schneider, legendes in het Zwarte Woud. - Legendes?
Ik kan goed ruziemaken. - Goede vaardigheid. Belangrijk.
Ik kan dingen goed achteruit zeggen.
Wijnfeest. - Tseefnijw.
Ja. - Timmendorfer Strand.
Dnarts refrodnemmit.
Jij bent echt goed, Ute. - Etu, deog thce tneb jij.
Dat kan toch niet!
Fotografisch geheugen. - Oké...
Parterretrap. - Ja, leuk hoor. Haha.
Nelli plaatst op 'n parterretrap ..
..'n pot staalpillen.. Dat is een bekende.
Als vliegen na vliegen vliegen, vliegen vliegen vliegen na.
Ja! Geweldig!
Ik kan goed tapdansen. - Dat klopt.
We waren tapdanslegendes.
In het Zwarte Woud. - Ja.
Wat?
Dat zijn veel legendes tegelijk, tafeltennis en tapdansen.
Waarom kennen we jullie niet? - Omdat jullie in een boerengat wonen,
waar iedereen zich kleedt alsof ze in de film Heidi spelen.
Wat? - Geloof je ons niet? Dan hebben we geen keuze.
Wat doe je? - Oh, God.
Dames en heren, sorry voor de onderbreking.
We zijn er net achter...
dat er vandaag twee tapdanslegendes uit het Zwarte Woud aanwezig zijn.
Georg, kom je? Dames en heren...
Georg "Happy Feet" Schneider!
Eén... twee...
Oké.
Een, twee, drie, vier...
Wow.
Bravo!
Tafel vrij!
Kan hij ook bubbels maken?
Natuurlijk, in verschillende kleuren.
Wow!
Ik zit er bovenop. - Geweldig!
Alsjeblieft! We moeten stil zijn vanwege de buren.
Dat klopt, de buren.
De lieve buren. - Psst!
De lieve buren mogen niet gestoord worden! - Hé!
Laat hem toch.
Het voelt echt goed. Het is echt bevrijdend, Ingrid.
Laat het eruit, Ingrid.
Doe het. - A.
Wat was dat nou?
Laat los. - Aaa!
Heel goed. Heel goed.
Laat het eruit.
Kom op, doe het goed...
Ja, heel goed!
Schijt aan de lieve buren!
Schijt aan de buren! - Schijt aan altijd stil zijn!
Schijt aan altijd stil zijn! - Blijf doorgaan!
Schijt aan je nachtrust na tien uur.
Schijt aan je geknipte heggen en je stomme...
schijt schoonmaakweek! Schijt aan mijn man,
en zijn schijtassistent met haar neptieten!
En schijt op jou, schijtmaan! Je werkt op mijn zenuwen.
Ja, schijt aan jou, schijtmaan!
Je hebt al jaren niks nieuws gedaan!
Je zit ook maar een beetje voor je uit te schijnen. Wat is dat nou?
Wow!
Dat was nog eens een aanklacht.
Nu allemaal!
Ga staan, allemaal!
Ja.
Wacht.
Wacht.
We kunnen seks hebben, maar neuken kan niet.
Dat begrijp je, toch?
Wil jij beginnen of ik?
Eh... jij?
Oké.
Ga liggen.
Op je buik. Draai je om.
Is alles goed? - Ik weet het niet. Ik denk het wel.
Oké.
Wat ben je aan het doen? - Wat?
Wat ben je aan het doen?
Ik rij naar O-Town.
Dat deed me goed.
Moet ik vaker doen.
Woont je man hier?
Hij woont in Darmstadt met zijn assistent.
De slet met de neptieten?
Ja, de slet met de neptieten.
Welterusten.
Hierna ben jij aan de beurt.
Fuck! Dat is mijn man.
Waarom belt hij nu?
Het is nu ochtend in China.
Shit, ik moet nu opnemen.
Blijf je zo liggen? Wacht je op me?
Hallo, schat.
Ik ben nog niet thuis.
Ik ben bij Ingrid.
Ja.
We spitten de tuin om. De bodem is erg hard.
Gaat het? - Ja.
Aan de telefoon met haar man in China.
Papa's favoriete muziek.
Ik weet het.
Dat hele harde en humeurige verdween met de ziekte.
Hij was op het eind ... zo zwak geworden.
Kon me niet meer recht in de ogen kijken,
alsof hij zich schaamde.
Uiteindelijk ging hij zelfs grappen maken. - Dat meen je niet.
Toch wel.
Toen we wisten dat het voorbij was, toen papa niet meer at,
kwam de pastoor om hem te steunen.
Hij zei: "Dus, meneer Schneider,
we gaan nu op een lange reis naar de andere oever."
En papa keek hem zo aan: "Oh, ga je mee dan?"
De pastoor was helemaal van zijn stuk.
"Nee, u gaat eerst, ik kom later."
Papa hield echt van je.
Ik weet dat je dat niet gelooft, maar het is waar.
Het was gewoon teveel voor hem, zonder mama.
Hij heeft aan het eind vaak naar je gevraagd.
"Heb je iets van Christian gehoord? Heeft Christian gebeld?"
"Hoe is het met Christian?"
Je hebt nooit contact gezocht.
Heb je er nooit aan gedacht om weg te gaan?
Natuurlijk wel. - Waarom heb je het niet gedaan?
Iemand moest voor papa zorgen.
Ik bedoel, voordat hij ziek werd.
Ja, dat bedoel ik ook.
Toch heeft papa in het dorp alleen over jou gepraat.
Dat zijn Christian carrière maakt.
De wereld rondreist en veel geld verdient.
Ik kan hem wel vermoorden.
Belt midden in de nacht, of ik zijn manchetknopen op wil sturen.
Wat is hier aan de hand? - Hm? Niks.
Kom, we zijn nog niet klaar.
Dat moet een bijzondere nacht zijn geweest met Ute.
Hoezo?
Je hebt al de hele dag zo'n irritant goed humeur.
Ja, was best goed.
Kom op!
Het werkt niet altijd meer op commando, hè?
De uroloog zei laatst dat dit normaal is op onze leeftijd.
Ben je ooit bij preventie geweest? - Laat mij me concentreren.
Waag het niet! - Ik heb honger.
Georg! - Kom me gewoon achterna.
Georg.
Kom nou!
Kom op! Ja..
Nick-nick-nick.
Ach, kom op. We zijn gewoon consequent.
We hadden seks.
Of... ja, we hadden seks.
We hadden alcohol en nu... Kalimera.
Dus, voor onze hongerige gasten.
Souvlaki en wijnbladeren.
Wat hebben we nog meer? Souvlaki, Tarama, Tzatziki, Moussaka.
Bifteki speciaal, Gyros speciaal,
Rhodos bord, Hercules grill, Poseidon spies.
En de...
Ah, daar komt ze.
En het Venusbord.
Dus hebben we alles?
Eet smakelijk. - Efharisto.
Efharisto - Eet smakelijk.
Ik weet niet of we elk idee dat we toen hadden,
.. moeten uitvoeren. - Ja.
Top.
Proost.
Een klein toetje. Op kosten van het huis.
Oh...
Hé!
Bravo!
Mag ik iets persoonlijks zeggen?
Ja, natuurlijk.
Je brommer is echt lelijk.
Ja, ik weet het.
Maar je zei altijd dat hij niet lelijk was.
De waarheid is dat ik loog.
Hij had zo'n lang zadel ...
en ik had gedacht dat Tanja mee kon rijden.
Je hebt die lelijke brommer voor Tännle gekocht,
en ze heeft nooit meegereden?
Dat is dan behoorlijk mislukt.
Ja, klopt.
Hoe lang gaat het al zo?
Waarom heb je het nooit gevraagd? - Wat?
Nou, of ze mee wil rijden.
Het was nooit het juiste moment.
Vraag het haar nu.
Ze is getrouwd.
Ik weet dat dat voor jou niet telt, maar voor mij wel.
Gelukkig getrouwd? - Nee, integendeel.
Sommige dingen moeten gewoon niet zo zijn.
Met zo'n instelling kom je nergens.
Maar je hebt relaties gehad, toch...?
Met vrouwen, bedoel ik.
Ja, waarschijnlijk niet zoveel als jij, maar ja. - Absoluut niet.
Opschepper.
Kom, we gaan het water in. - Nee.
Jawel! - Nee, dan ga ik kopje onder.
Na de Griek het water in. - Ik wil niet. Nee!
Bommetje!
Opnieuw!
Hé, man!
Wil je meerijden?
Het is beter dan het lijkt. Waar gaan jullie heen?
Naar de Oostzee.
En je wilt naar Paderborn? - Ja, naar Paderborn.
Wat wil je daar doen? - Ik ga naar een rootsfestival.
Naar wat? - Een rootsfestival.
Een festival waar je teruggaat naar je roots, dus.
En wat gaan jullie bij de Oostzee doen? - In de zee pissen.
Ah. Oké, cool.
Adam!
Ik ben Willie. Dit is Adam.
Hallo.
Ik ben Georg. - Hoi, Georg. En jij?
Christian. - Hallo, Christian.
Ja, cool, bedankt. - Kom op.
Gaan wij ook dromenvangers maken?
Je kunt ook dansexpressie doen.
Of bloemen van afval maken. - Precies.
Ik denk dat ik lachyoga doe.
Dat bestaat echt. Ik zag het in Singapore.
En waar gaat dit over? Is er een gemeenschappelijke agenda?
Het belangrijkste is om dingen samen te ervaren.
Dat kunnen simpele dingen zijn, bijvoorbeeld luisteren.
Daar is een luistertent. Of de natuur samen ervaren.
Rituelen doen. En het gewoon samen vieren.
Terug naar de wortels.
We noemen onszelf "de rootsfamilie." - Maar dat heeft niets religieus?
Jawel. Maar meer in spirituele zin.
Iets actiever, dus.
Dus je gelooft in God?
Ik kan niet voor anderen spreken,
er is geen verdrag ofzo, maar ik persoonlijk wel.
Misschien meer als ... een energie die alles verbind.
Ik geloof in het leven na de dood. - Ja? Ik ook.
Echt waar? - Ik denk dat de ziel oneindig is,
en van lichaam naar lichaam reist.
En als ze iets wil leren, zoekt ze andere zielen op.
Jij zocht bijvoorbeeld naar je broer en je ouders.
Mijn geloof in het leven na de dood is egoïstisch.
Een kosten-batenberekening. De jaarlijkse bonus.
Het zou dom zijn om daar geen gebruik van te maken.
Maar je bent een bijzonder mens. Je kan zo bij mij aan de slag.
Honderdduizend netto in het eerste jaar.
Honderdduizend? Zal ik dan alleen zijn in Singapore?
Er zijn vele anderen. - Oké, wat mij betreft.
Alleen met de anderen die eenzaam geld verdienen.
Nee, bedankt.
Misschien beter dat je bij je rootsfamilie blijft.
Ja.
En jij?
Je bent boven de veertig en rijdt op een brommer door Duitsland.
Zeg niet dat dat niets met je leven te maken heeft.
Je hebt gelijk. Ik neem een pauze van mijn leven.
Maar Georg ook, en hij heeft een heel ander leven.
Dat heb ik niet nodig. - Jawel, hij weet het alleen nog niet.
Je neemt toevallig twee lifters mee en krijgt een levensles.
Oké, nu geen domme reacties.
Afgesproken? - Ja.
Ik geloof niet dat je ons toevallig passeerde.
Niet? - Nee.
Dingen gebeuren omdat we ze willen en niet toevallig.
Geloof jij dat ook, Adam? - Natuurlijk, daarom zijn we hier.
We hebben elkaar dus ontmoet omdat jij dat wilde? Of...
omdat er een zekere reden is?
Jij wilde het ook.
En wat is de reden?
We wachten het af.
Hebben jullie familie? Kinderen? - Nee.
En jij? - Geen familie, maar ik heb een kind.
Wat? - Ja, een zoon.
Maar de moeder en ik zijn uit elkaar gegaan voordat hij werd geboren.
Heb je contact?
Ik heb hem eerlijk gezegd nog nooit gezien.
Je hebt hem nog nooit gezien? - Nee.
Waarom heb je er nooit over verteld?
Het is geen roemrijke geschiedenis.
Ervaring met drugs?
Ik gebruik altijd crystal meth voor het timmerwerk.
Dat was een grapje.
Echt, het was een grapje.
Wil je wat?
Je zei dat ik avontuurlijker moest zijn.
Maar ik weet niet of ik MDMA op het rootsfestival bedoelde.
Ah!
Christian?
Christian?
Nou?
Ik gunde het hem echt.
Toen je me schreef dat papa kanker had...
Het eerste wat ik dacht...
Het eerste wat in me opkwam was:
"Hij verdient het."
Het is niet erg.
Gaat het?
Uh-huh.
Je hebt een zoon.
Dat is zo mooi.
Ik zou ook graag een zoon willen.
Of een dochter.
Kan me niet schelen. - Krijg je nog wel.
Ik heb je zo gemist.
Echt.
Zo mooi.
Ik hou van je.
Hou nou op. - Dat wil ik gewoon zeggen.
Ik hou van je.
Georg, het is genoeg zo.
Het is zo goed dat we de reis maken.
Het is zo goed.
Ja.
Shit.
Dat is dan vijftien euro voor rijden zonder helm.
Wat?
U heeft zojuist twee zware misdadigers gevloerd.
Ga zo door, dan zal ik eens naar jullie kentekenplaten kijken.
Die heb ik voor het laatst in het Techniekmuseum gezien.
Vanaf nu zal u uw motorvoertuigen moeten duwen.
Wat? - U hebt het goed gehoord.
U duwt totdat u helmen heeft. - Dat kunt u niet maken.
We zijn hier midden in de pampa. - Toch wel.
En hoe wilt u controleren of we duwen of niet?
Wilt u ons naar de staatsgrens begeleiden of wat?
Krijg de klere, Nedersaksen!
Jij lelijke, waardeloze deelstaat!
Ik hoop dat je bij de volgende herverdeling geen geld krijgt!
Dat was Noordrijn-Westfalen. - Kan me niet schelen.
Het deprimerende is als ik...
Het frustreert me dat niemand vraagt of er iets is gebeurd, een ongeluk ofzo,
Daar denken ze niet aan.
Hoe oud is je zoon?
Vijftien, of misschien zelfs zestien.
Weet je niet zeker hoe oud je zoon is?
En we delen hetzelfde DNA. Schokkend.
Weet je wel hoe hij heet?
Heel grappig.
Konrad.
Konrad.
Lijkt hij op jou?
Weet je niet eens hoe hij eruitziet?
Zoals ik al zei, het is geen heldenepos.
Je hebt geen foto?
Georg, ik wilde geen kind. Ik kreeg een baan in Londen.
Lisa wilde het kind, dus gingen we uit elkaar.
Eerlijk gezegd ben ik gewoon vertrokken.
Heb je er nooit spijt van gehad?
Ik weet het niet.
Ik weet niet hoe ik spijt kan hebben. Zo heb ik het nooit beleefd.
Ik denk dat Willie gelijk heeft.
Je bent niet gelukkig met je leven.
Jij wel dan? Een rekbaar begrip, geluk.
Ik verdien veel geld, jij niet.
Jij krijgt etensmandjes van je buren, ik ken de mijne niet. Wie is gelukkiger?
Heb je ooit willen stoppen? - Natuurlijk, dat wil iedereen.
"Nog vier jaar, dan heb ik genoeg geld en werk ik bij een NGO."
Maar niemand stopt, want... op die leeftijd verander je niet meer.
Ik vind dat we je zoon moeten bezoeken. Waar woont hij?
Berlijn. - Dat ligt bijna op de route.
Dat ligt helemaal niet op de route. - Het is mijn beurt om te beslissen.
Berlijn ligt precies op onze route. - Het is een omweg van 250 km.
Het is totale waanzin.
Oh, dus parachute of vliegtuig geldt alleen voor de anderen?
Luister, Georg, we gaan mijn zoon niet bezoeken.
Christian... - Niet "Christian".
Het is een waardeloos idee, en ik ga het niet doen.
Waarom wil je hem niet leren kennen? - Oh, Georg!
Dus je wilt je zoon niet leren kennen? - Natuurlijk wel.
Maar na een bepaald punt gaat dat niet meer.
Waarom niet? - Snap het dan.
Ik was 15 jaar weg, hij zit echt niet op mij te wachten.
Dat weet je toch niet. - Stoppen, nu!
Met Tännle is het mislukt, je hebt geen kinderen, vreselijk,
maar dwing me niet mijn zoon te ontmoeten.
Jij bent echt een lul.
Hé!
Je hebt bij papa niet thuis gegeven, bij mij niet,
en nu doe je hetzelfde met je zoon.
Nu ophouden! - Nee!
Misschien heb je veel geld en de hele wereld gezien.
Maar je hebt het nog steeds niet begrepen.
Man, je hebt een zoon!
Stop ermee! - Nee!
Zeg dat het je spijt dat je hem niet hebt leren kennen!
Wees eerlijk tegen jezelf. - Ja.
Wat, ja? - Ja, ik heb er spijt van.
Je penis ligt op mijn buik.
Wat?
Je lid ligt op mijn buik.
Ik weet dat we broers zijn, maar het is toch pervers.
Na vijftien jaar doet één nacht er niet toe.
Je wilde dat ik mijn zoon bezoek.
Maar niet dat we midden in de nacht naar Berlijn rijden.
Dat was jouw idee, ik heb er niets mee te maken.
Hier is het.
Wat, hier?
Nee, Georg! - Ja, kom op.
Laten we even wachten.
Wachten?
Ik ben niet de hele nacht doorgereden om te wachten.
Maak nu geen ruzie, Georg.
Laten we hier gaan zitten.
Doe alsjeblieft één keer wat ik zeg.
Dit slaat toch nergens op. Ik ben geen privé-detective.
Ik ga er nu heen. - Hé!
Hij lijkt op jou.
Vind je?
Dat ben jij in het klein.
Ik herken niets, hij is veel te dik.
Misschien omdat hij geen vader heeft.
Nogmaals, ironie is niet jouw ding.
Wil je niet naar hem toe? - Hugo!
Hou op met gamen en kom in actie.
Elke ochtend hetzelfde circus!
Mijn zoon heet Konrad, niet Hugo. En hij lijkt op mij, oké?
Ik zag gelijkenissen. - Mijn reet.
Hoe weet je dat ze hier wonen?
Het is het laatste adres dat ik heb.
Hoe lang is dat geleden?
Zoals ik zei, vijftien, zestien jaar.
Vijftien, zestien jaar en we zitten hier te wachten?
Ik ga er nu heen.
Georg!
Niets "Georg". Ik ga het van dichtbij bekijken.
Schlesisches Tor. Rechts uitstappen.
En?
Niets "en." Hij voetbalt. - Speelt hij goed?
Ja, hij is best goed. - Speelt hij heel goed?
Ja, hij speelt heel goed.
En bij jou? - Ja...
Kunt u de bal terug schieten? - Ja, natuurlijk.
Shit! Wacht.
Ah, dat kan toch niet! - U mag hem ook gooien.
Ja, natuurlijk.
Sorry. Wil je tegen ons spelen?
Ja. - Georg.
Komen jullie van een begrafenis, ofzo? - Ja.
Maar het is al een paar dagen geleden.
Waarom dragen jullie dan nog steeds een pak?
Omdat we dronken op onze brommers zijn gestapt en door Duitsland zijn gereden.
Regels? - Nee. Alleen als je klaagt, moet je weg.
Maar dan niet achteraf gaan janken. We zullen wel zien wie er jankt.
1 : 0
Verdomme!
Georg!
Nee!
Overtreding!
Ik doe het alleen.
Ja-ha-ha!
Cool!
Nee!
Hij kan er niets van!
Het is zinloos, vier tegen twee. Eentje komt bij ons.
Jij speelt bij ons. - Oké.
Hoe heet je? - Konrad.
Konrad. - En jij?
Ik ben Georg, dat is mijn broer Christian. - Hallo.
Doe het!
Yes! Zo gaat 'ie goed.
Nee!
Yes! - Ja!
Yes!
Speel je bij een club? - Ja.
Welke? - Schöneiche.
Jij ook? - Ja, maar niet bij zo'n slechte.
Lul. - En waarom heb je je nagels gelakt?
Ik moest op de kinderen van de buren passen.
Zo gaat dat in Berlijn, hè? - Kijk eens naar die twee.
Ze zijn zo schattig.
Ze zijn hier echt beroemd. - Waarom?
Ze waren meer dan dertig jaar getrouwd.
Toen kreeg hij Alzheimer. Zij zorgde voor hem.
Maar uiteindelijk moest ze hem naar een tehuis brengen.
Een jaar later kreeg zij ook Alzheimer en ging naar hetzelfde tehuis.
Ze kennen elkaar niet meer en het mooie is,
elke ochtend wordt hij weer verliefd op zijn vrouw.
Onzin. - Jawel!
Hij gaat ontbijten en zij wordt ook verliefd op hem.
Als een chemische reactie.
Dan zijn ze hier in het park, hand in hand, totaal verliefd,
maar de volgende ochtend kennen ze elkaar niet meer.
Dat is niet waar. - Jawel.
Dat verzin je. - Het is zo.
Ach, kom op. - Waarom zou ik zoiets verzinnen?
Is het waar? - Ja.
Het is niet waar! - Ja.
Maar echt goed verteld. Ik trapte erin.
Dat kan toch niet.
Oké, we moeten nu gaan, denk ik. Toch?
Jullie hebben echt goed gespeeld.
Ciao.
Doei.
Je kunt jezelf de vaderschapstest besparen.
Stel je voor dat het echt waar zou zijn,
dat je alles vergeet en dat elke dag een nieuw leven begint.
Hoe gaat het nu verder? - Wat bedoel je?
Nou, wat wil je nu doen?
Nu gaan we naar de Oostzee.
Dat was het? Eén keer voetballen is genoeg?
Je bedoelt het goed, maar je werkt op mijn zenuwen.
Als je nu gaat, zul je haar nooit meer zien.
Hou op!
Ik kan het niet, begrijp je dat niet?
Heb je niet gezien dat ze nu gelukkig zijn?
Als ik nu aanbel maak ik het weer kapot, net als vijftien jaar geleden.
Dat is niet waar. - Jawel!
Dit is mijn enige week vrijheid, mijn week NGO.
Maar over een dag of twee ga ik weer naar Singapore,
of waar ze me nog willen hebben.
Ik heb de kracht niet en ben te oud om iets te veranderen.
Je bent zo laf.
Ik een lafaard? Ik zal je zeggen wie een lafaard is. Jij.
We hadden toen samen kunnen gaan. - Je bent gewoon vertrokken!
Ik heb zo vaak gevraagd of je meekomt, je had de kans.
Georg neemt verantwoordelijkheid, Georg zorgt voor papa.
Geweldig, maar niemand heeft je gedwongen,
het was je eigen keuze, dus geef niemand anders de schuld.
Doen alsof je geen keuze had is zoveel laffer.
Vertrek uit je dorp of blijf, maar doe het omdat je het wil
en niet omdat iemand het van je verwacht.
Je kan Tännle niet eens zeggen dat je al dertig jaar van haar houdt,
omdat haar waardeloze man, of wie dan ook in het dorp,
het verkeerd zou kunnen opvatten.
Ik moet bellen? Bel eerst zelf maar eens.
En wijs niet alleen met je vinger naar anderen.
Zo zie jij het. - Zo ziet iedereen het, Georg.
Misschien is het goed dat we elkaar al dertig jaar niet hebben gezien.
Ja, misschien is het goed.
Veel geluk in Singapore of waar ze je nog willen hebben.
Oh, man.
Olli!
Tot morgen. Slaap lekker.
Doei.
Hallo?
Hallo, Lisa... Hallo, het is Christian.
Welke Christian? - Christian Schneider.
Christian.
Ik weet het niet. Stoor ik?
Ik ga eten met vrienden. Het komt nu slecht uit.
Ja? Ik kan nu niet bellen. Het ga je goed.
Lisa? - Ik ga niet eten met vrienden.
Ik weet niet waarom ik dat zei.
Het spijt me.
Hoe gaat het met je?
Mijn vader is gestorven, ik ben nu in Duitsland.
Het spijt me.
Ben je in het Zwarte Woud?
Eh... ja en nee.
Het is ingewikkeld.
Oké.
Hoe gaat het met jou?
Goed.
Heel goed. - En Konrad?
Christian, dat gaat zo niet.
Echt niet. Je kunt niet...
gewoon... hierheen bellen...
Ik weet het.
Zal... Zal ik dan maar ophangen? - Ik weet het niet.
Misschien.
Nee.
Het is zo grappig om je stem te horen.
Vind ik ook. Echt.
Ben je nog dokter geworden?
Hoe kom je daar nu op?
Ik weet het niet, gewoon...
Omdat je toen zo onzeker was.
Ja, ik heb het gehaald.
Het duurde vrij lang,
maar ik heb het gehaald, ja.
Nou, gefeliciteerd.
Ik ben echt blij.
Wat wil je, Christian?
Waarom bel je?
Ik weet het niet.
Ik... ik wilde gewoon contact opnemen.
Je wilde gewoon contact opnemen?
Je belt me na vijftien jaar,
omdat je wilt weten of ik mijn studie toch nog heb afgerond?
Dat meen je toch niet?
Dat kan toch niet, Christian.
Weet je wanneer Konrad voor het laatst naar je vroeg?
Tien jaar geleden.
Er zit hier niemand op te wachten dat je contact opneemt.
Heb je dat begrepen?
Ik hang nu op.
Ja.
Het beste.
Ja! - Heel goed.
Kom op, speel!
Kom op, hij is van jou! - Netjes!
Halter! - Man!
Netjes!
Bal! - "Halter."
Ze noemen hem "Halter." Blijkbaar zijn bijnaam.
Ha? Wie is de man?
Halter!
Het past bij hem.
Alweer. - Ja!
Heb je stront in je ogen?
Ja!
Geleerd van de meester, toch? - Lopen, dikzak.
Wat? - Ja wat wat?
Waar kijk je naar, Wachttoren?
Je speelt waardeloos.
Speel jij beter dan? - Honderd euro beter.
Laat die flappen eens zien dan.
Fuck, ik heb er maar twintig. Ik ga wat geld halen.
Duidelijk. Oprotten!
Twintig en de brommers.
Junior, heb je een brommer nodig? Laten we ze nemen, papa.
Oké.
Batjes!
Jullie zijn klaar, wegwezen.
Ha!
Kom op, meiden. Moeten we de benen nog scheren?
We spelen tot elf.
Na elk punt wisselen van opslag. Verliezer begint.
Kom op.
Halter, speel! - Ja!
Jawel!
Nog een keer. - Hij is van jou, Halter!
Ja! Ja! Ja! Ja!
Zo doorgaan..
Mooi!
Ja! - Zeg je brommers maar gedag.
Ja! - Fuck!
Halter!
Ha!
Gewonnen!
Dat was de vijfde!
Hoe zit het met je hand. - Niets, spelen.
We spelen eigenlijk niet tegen invaliden. Het zijn de paralympics niet.
Man! Wat is er mis met je?
Shit!
Haal de bal!
Fuck! Fuck, man. Wat is dat?
We gaan verder. - Hou je mond!
Yes!
10 - 9. - Wat? Dat was de rand.
Wat? - Ja, 10 : 9 voor ons, de rand.
Dat was de buitenkant. Je maakt een grapje!
100%. Was dat de rand? Zeker!
Wat een grap! - Ga weg.
Hé! - Sorry.
10 : 10, het volgende punt wint.
Eikel!
Verman je. Kom op!
Ja! - Ja! Ja!
Ja, man! Ja! Ja! Ja!
Mooie pot! Geweldig.
Mooi! En nou ..
de sleutels.
Was helemaal niet zo slecht, Stephen Hawking.
Trouwens, je kunt koeien helemaal niet omduwen.
Wie zegt dat? - Ik.
Ik heb het geprobeerd.
Misschien heb je een speciale techniek nodig.
Ja, misschien.
We moeten ze terughalen.
De reis heeft zin, Georg.
Maar alleen als we hem echt afmaken.
En daarom moeten we de brommers terughalen.
Nooit, man! Nooit!
Dat zijn gewoon anabolen. Het zijn maar eiwitten.
Het is vet.
Georg.
Oh, shit.
Oké, wat is het plan?
Het plan is dat jij naar binnen gaat en de sleutels zoekt.
Nee, ik ga.
Ik heb de wedstrijd verloren. Ik vind ze wel.
Christian.
Veel geluk.
Hij heeft alleen massa, maar je hebt explosiviteit nodig.
Natuurlijk.
Kijk nou hoe hij loopt!
Zie die dikzak eens! - Het lukt hem.
Hij is alleen maar dik!
Vijftig meter en hij gaat plat.
Haal nog een biertje.
Die schijtuilen altijd!
Bedankt, jongen.
Ze bakken er niets van!
Er zit niks achter. - Maar die andere?
Daar, die kleine.
Die met het rode shirt. Een moordenaarsblik.
Die? - Ja.
Hij heeft armen als lucifers. - Wacht maar af.
Zie die dikke kerel eens.
Hij is alleen maar dik.
- Pssht!
Fuck!
Kom op!
Kom op! - Gaan!
Krijg de klere, jij kleine klootzak!
Mooi toch, zo'n lang zadel? - Geweldig!
Halter!
Rij sneller! - Ik rij zo snel als ik kan.
Stelletje wijven!
Schudden we hem af?
Nee. - Wat houdt hij vast?
Ik weet het niet.
Geen geweer, toch? - Nee.
Shit! Wat was dat?
Hij is gestoord! Hij wil ons vermoorden!
Shit!
Waar is hij?
Ik weet het niet.
Fuck! Fuck!
Wat is dat voor een man?
Rijden! Rijden!
Shit. - We gaan er aan.
We geven de brommer niet terug. - In geen geval.
Wat doen we nu? - Rijden.
Dan breken we al onze botten. - Ik weet het.
Vliegtuig of parachute? - Fuck, vliegtuig!
Klootzakken!
Stelletje maatpakken! Ik krijg jullie wel!
Shit!
Ik ga nu terug en haal mijn mes.
Georg?
Gaat het?
Ja.
En jij?
Ja.
Telt dat als een twintig meter wheelie van de helling af?
Ja.
Absoluut.
Mooi, toch?
Ja.
Ik denk dat ik maar weer eens naar huis ga.
De schuur?
De schuur, ja.
En jij?
We zien wel.
Als Willie gelijk heeft, zal het juiste gebeuren.
Kijk eens.
Nee, hier.
Oh!
Au revoir! Tot ziens!
Waar kom jij vandaan? - Van de Oostzee.
Met dat ding?
Wil je meerijden?
Nu?
Waarom niet?
Hallo.
Hallo.
Can't find what you're looking for?
Get subtitles in any language from opensubtitles.com, and translate them here.