All language subtitles for Le Gendarme De Saint Tropez (1964).dutch

af Afrikaans
ak Akan
sq Albanian
am Amharic
ar Arabic
hy Armenian
az Azerbaijani
eu Basque
be Belarusian
bem Bemba
bn Bengali
bh Bihari
bs Bosnian
br Breton
bg Bulgarian
km Cambodian
ca Catalan
ceb Cebuano
chr Cherokee
ny Chichewa
zh-CN Chinese (Simplified)
zh-TW Chinese (Traditional)
co Corsican
hr Croatian
cs Czech
da Danish
en English
eo Esperanto
et Estonian
ee Ewe
fo Faroese
tl Filipino
fi Finnish
fr French
fy Frisian
gaa Ga
gl Galician
ka Georgian
de German
gn Guarani
gu Gujarati
ht Haitian Creole
ha Hausa
haw Hawaiian
iw Hebrew
hi Hindi
hmn Hmong
hu Hungarian
is Icelandic
ig Igbo
id Indonesian
ia Interlingua
ga Irish
it Italian
ja Japanese
jw Javanese
kn Kannada
kk Kazakh
rw Kinyarwanda
rn Kirundi
kg Kongo
ko Korean Download
kri Krio (Sierra Leone)
ku Kurdish
ckb Kurdish (Soranî)
ky Kyrgyz
lo Laothian
la Latin
lv Latvian
ln Lingala
lt Lithuanian
loz Lozi
lg Luganda
ach Luo
lb Luxembourgish
mk Macedonian
mg Malagasy
ms Malay
ml Malayalam
mt Maltese
mi Maori
mr Marathi
mfe Mauritian Creole
mo Moldavian
mn Mongolian
my Myanmar (Burmese)
sr-ME Montenegrin
ne Nepali
pcm Nigerian Pidgin
nso Northern Sotho
no Norwegian
nn Norwegian (Nynorsk)
oc Occitan
or Oriya
om Oromo
ps Pashto
fa Persian
pl Polish
pt-BR Portuguese (Brazil)
pt Portuguese (Portugal) Download
pa Punjabi
qu Quechua
ro Romanian
rm Romansh
nyn Runyakitara
ru Russian
sm Samoan
gd Scots Gaelic
sr Serbian
sh Serbo-Croatian
st Sesotho
tn Setswana
crs Seychellois Creole
sn Shona
sd Sindhi
si Sinhalese
sk Slovak
sl Slovenian
so Somali
es Spanish Download
es-419 Spanish (Latin American)
su Sundanese
sw Swahili
sv Swedish
tg Tajik
ta Tamil
tt Tatar
te Telugu
th Thai
ti Tigrinya
to Tonga
lua Tshiluba
tum Tumbuka
tr Turkish
tk Turkmen
tw Twi
ug Uighur
uk Ukrainian
ur Urdu
uz Uzbek
vi Vietnamese
cy Welsh
wo Wolof
xh Xhosa
yi Yiddish
yo Yoruba
zu Zulu

Original subtitles

DE GENDARME VAN SAINT TROPEZ

Herken je het slachtoffer? - Hij sprong in m'n hand.

Wat deed die hand in een priv�-vijver, zonder vergunning?

En dan nog buiten het visseizoen. - Dat is toch geen misdrijf?

Hoeveel staat daar? - Dertien.

Twaalf. - Heel goed.

En wat lees je hier?

Bij het vissen op forellen moet de vis een minimumlengte hebben van...

Lees verder. - 22 centimeter.

Trek de lengte van jouw vis af van 22. Hoeveel krijg je dan?

22 min 12. Nou? - Tien.

Tien dagen de bak in dus. En mond houden.

Papa, de cel is vol. - Klopt.

Ik kom later wel eens langs.

Met zo'n vrouw zou ik wel wat anders gaan doen dan stropen.

Papa, we moeten naar het koor.

Ik ben solist in het koor.

Ik beklaag je dochter met zo'n vader.

Ga maar vast, ik kom.

Niet in het huis van God, mijn zoon.

Kom terug. Je kunt niet zomaar weglopen.

Ludovic, een brief voor je. Per expresse.

Ik krijg hem wel, wacht maar.

Toch niks ergs? - Ik word overgeplaatst naar de Var.

Met een streep meer.

Wachtmeester eerste klasse. De Heer zij geloofd.

Het zal daar gaan stuiven.

Lucien, ik geloof dat ik er een met strepen zie.

Je hebt gelijk, Albert. We zullen eens gaan kijken.

Kijk papa, al die boten. Prachtig. Wat ben ik blij.

Beheers je. M'n mannen.

Dag baas. Alles goed? - Gefeliciteerd met uw dochter.

Wat betekent dit? In de houding.

We zijn meteen dikke maatjes, h�? Samen doen we het, h�?

Maak die knoop vast. En jij daar...

Kijk me altijd hier aan. Altijd zoveel fantasie met die kepie?

Geef acht. Altijd hier, hoor je me?

Stel jullie voor.

Ik versta je niet.

Nog niks begrepen. Hoe heet jij? - Fougasse.

Verbaast me niks. Ik ben jullie chef, Cruchot.

M'n dochter, Nicole. Genoeg. Neem de bagage en ga maar voor.

Zo maak je jezelf niet populair. - Orde is nooit populair. Geef acht.

E�n, twee. E�n, twee. E�n, twee... Sneller.

Toeristen, jongens.

Van zulke kleren komt sneeuw, meisje.

Jullie pastis wacht. - We hebben dienst.

Meestal hebben jullie dan dorst.

Wat doet u die jongens aan? Ze zijn al zo schuw.

Wacht eens even.

Pastis voor u? - Dit is m'n inwijdingsronde.

Waar hangt uw reglement voor de bestrijding van dronkenschap?

We hebben net geschilderd. - Uw naam?

Dit wordt een zware kluif, Lucien.

De vakantie is afgelopen, Albert.

Verse vis... - Je mag hier niet verkopen.

Ga uit de zon, jij.

Ga weg, of je krijgt problemen.

Gaat alles ineens volgens het boekje?

Hier, pak aan. Vanmorgen gevangen. Nu tevreden?

Vis. Vis. Verse...

Weet u hoe zo'n onhandige poging als daarnet heet?

Omkoperij van ambtenaren. Naam? - Toinette.

Halt. Wachtmeester eerste klasse Cruchot.

M'n dochter Nicole.

U kent Merlot en Fougasse al. Dit zijn Tricard en Berlicot.

In de houding.

Ik hoop op een goede samenwerking.

De gendarmerie is voor het land als een herdershond.

Blaf vaak, bijt soms en schrik af.

Jullie zijn de takken, ik de stam. Samen zorgen we voor de oogst.

Dat is alles. Akkoord, adjudant? - Ja hoor.

Ik hoop dat u hier zult wennen.

Adjudant, ik heb een cadeautje voor u bij me.

Dat hoefde niet. - Om m'n aankomst te vieren.

Noem het geloofsbrieven.

Al negen bekeuringen. Je laat er geen gras over groeien.

Tijd is geld. - De auto van de burgemeester.

Midden op het zebrapad. - Hij was verstrooid. Dat regel ik wel.

Geef acht. Je bent blijkbaar heel ijverig. T� zelfs.

Vergeet niet dat ik de baas ben. Geef acht. En hou je rustig.

Kom mee kijken naar je kamers. De dames zijn al bij je dochter.

Geef acht. Je ziet het, wij zijn een groot gezin.

Dames, dit is meneer Cruchot. Mevrouw Merlot, Berlicot en Tricard.

Fougasse is vrijgezel. En dan m'n schoonmoeder en m'n vrouw.

Aangenaam, mevrouw de adjudant. - Nee, mevrouw Gerber.

Of Cecilia, als u dat wilt.

Liever mevrouw Gerber. - Trek eens een ander hemd aan.

Ja hoor, Cecilia, liefje.

Wat hebt u een mooie vrouw.

Een kranige vrouw, hoor ik vaak. - Dat vermoedde ik al.

Cruchot, een man als jij hadden we hier nodig. Je zet door.

Hier is werk aan de winkel. Morgen leg ik je alles uit.

Wacht. Wacht.

O nee. - Dat gaat te ver.

Heel goed, adjudant.

Hou maar op.

Jullie spelen niet meer.

Neem me niet kwalijk, adjudant.

Waar dan?

Genoeg. In de houding. Kijk me aan, allebei.

Ik kan veel hebben, maar dat zet ik jullie betaald. Geef acht.

Bravo, adjudant. Dat is een hele mooie.

Zal ik hem openmaken?

Hier, Merlot. Openmaken.

Niet zo kleinzerig. - Waar blijft hij, Cruchot?

Hij komt er aan. Vlug.

Kijk, adjudant. Dat wordt smullen.

Veel zit er niet in. - Hij heeft hem opengemaakt.

Kijk baas, een zeester.

Moet je dit zien.

Adjudant, kijk eens. Wat een prachtig exemplaar. Kijk eens aan.

Maak open.

Niet te geloven. Weer een zeester. Dat zijn er twee.

Komt er nog wat van?

Was dat de eigenaar van het schip daarnet?

Nee, hij huurt de boot. Een Amerikaan.

Heeft zeker olie gevonden in z'n achtertuin.

Wil je eens aan boord? De matroos is een vriend van me.

Nee, bedankt. Aardig van u.

Geef terug. Wat zijn jullie vervelend. M'n zonnebrandolie.

Geef hier, Eddie, of ik word boos. M'n beha.

Brieven... - Jessica, wat lelijk van je.

Dat is van mij. Van mij. Engerds, dat is van mij.

Waar koop jij je kleren? - Hou op, straks gaat ze huilen.

Laat die trut met rust. - Leuk, maar nog groen.

Komen jullie?

Ach, met leuke kleren aan val je vast wel mee.

Wat is dat? - Een zonnesteek.

Dat kan gewoon niet. Ziet u het ook, adjudant?

Heel duidelijk.

Wat moet dit? Maak dat je wegkomt. Naar binnen, jij.

Wat doe je in die hoerige kleren?

Wat is er mis mee? - Kijk nou. Straks barst je eruit.

Iedereen loopt er zo bij.

Jij hebt je uniform, maar ik word uitgelachen.

Wie durft jou uit te lachen?

Jongens, meisjes, iedereen. Ik ben niet in de mode.

Moet je zulke kleren aan om geaccepteerd te worden?

Ik wil gewoon zijn zoals iedereen.

Jij bent niet zoals iedereen. Jij bent mijn dochter.

Dus dit staat me niet?

Het staat je te goed. Kom, ga iets anders aantrekken.

Hebt u echt niks minder... Begrijpt u me niet?

Ik heb echt alles uitgepakt.

Nee. Hebt u echt niks minder opvallends?

Onder onze zon horen kleuren.

Jullie zon. Alsof die van jullie is. Uit die jurk.

Papa, wat vind je hiervan? - Schattig, h�? Staat heel leuk.

Maar Madame Vachon...

Wat een geweldige jurk, zeg.

Ik ben rijk en knap. Wil je met me trouwen?

Complexen heeft ze niet.

Vast ontsnapt uit een klooster. Ruzie met moeder-overste.

Hou op, ik hou van haar.

Je bent pervers. - Nee, romantisch.

Die Juliette wordt niks. - Ik heet Nicole.

Nou, ze kan ook praten.

Heb je al plannen voor straks, liefje?

Slapen met papa en mama in de tent. - Sociale vakantie.

Ik woon op het jacht van m'n vader, een miljardair.

Sorry, maar ik ga niet om met de eerste de beste.

Pardon, prinses. Wat een blunder. - Hoe heten die papa en dat jacht?

Vertel het ons, vooruit. - M'n jacht is de Olnico, achter je.

M'n vader heet Archibald Ferguson. Bud voor z'n vrienden.

En dit jurkje hier is de laatste mode.

Ja, voor jullie is het hier de thuishaven. Voor mij een tussenstation.

Jullie zien niet veel van de wereld. Ciao.

Kijk mij lopen! Ken jij die Ferguson?

Nee, maar de boot en het meisje hebben mij voor Hawa� gewonnen.

Dat kleintje maakt nog furore.

Als onze oude naaister nog leefde... - Zou ze nu doodgaan.

Adjudant, het is weer zover in Tahiti.

Wat? De drukte? - Nee, de nudisten. Allemaal bloot.

Er is zelfs een klacht van... - Van wie?

We moeten meteen optreden. - Makkelijk is anders.

Zal ik gaan? - Nee, ik krijg ze wel.

Ze tarten me al te lang. Verzamelen.

Oppassen.

Trekken we ons uniform uit? - Dan kun je geen arrestatie verrichten.

Opgelet. Klaar?

Zoekt u iets? - De nudisten.

Heeft hier iemand nudisten gezien? - Dat zou u wel willen.

Cruchot, Fougasse, hier.

We zullen ze krijgen. Dat zweer ik.

Kijk me in de ogen.

Alarm.

Vooruit.

Niet te nat? - Nog altijd aan de wandel?

We krijgen ze wel. - Zeker.

Die kant uit. Ten aanval.

Trek het u niet zo aan, adjudant. We krijgen ze wel.

Hier is een kom bouillon voor u.

De klachten blijven maar komen.

Binnenkort komen ze naakt naar de haven.

Hier, drink wat bouillon.

Ik heb m'n gezicht verloren, Cruchot. Laat me sterven.

Drink dit op. En maak die riem los.

Hier, drink wat. - E�n zou al genoeg zijn.

Zelfs een heel kleintje. Een larve van een nudist, Cruchot.

Ik breng er u een dozijn, adjudant.

Meen je dat, Cruchot? - Als u deze bouillon opdrinkt.

Heren, dit is ons doel. De vijand is geslepen en goed georganiseerd.

Hoe pakken we dat aan, zult u vragen.

Wat is een gendarme? Wat is een nudist?

Een nudist is bloot. - En een gendarme?

Iemand met kleren aan.

Met een uniform.

Een blote gendarme is dus niet meer herkenbaar als gendarme.

En als een nudist een gendarme ziet...

...kleedt hij zich aan en is hij geen nudist meer.

Contradictoire gegevens, noemen wij zoiets.

Wat heb ik net gezegd?

We krijgen ze wel. - Jij hebt twee zondagen wacht.

We omsingelen de vijand van die kant, daar en daar.

We sluiten hem in als in een tang.

Daarvoor zijn we met te weinig. - Alleen de kwaliteit telt.

Daarom krijgen jullie van mij een bliksem opleiding.

Tot zo meteen op het terrein.

Nee, zo niet. Er weer onderdoor, terug naar de start.

Fougasse, niet zo met die sok.

Nee. Fougasse, het zit nog niet goed met die sok. Iedereen terug.

Ik kan niet meer, baas. Heb medelijden.

Mama, kom me halen.

Dat is pas flink. Heel goed, Tricard, heel goed.

Maar het kan nog beter.

Ik ben een nul. Ik gehoorzaam. - Ja baas.

Ik spring in bramen. Ik duik 30 meter.

Je moeders voornaam?

Madeleine. - Antwoord: Ja baas.

Ik ben het recht. Ik haat nudisten.

Ook op zondag. Ik ben de sterkste.

Wij zijn de sterkste. We krijgen ze.

Morgen is de grote dag. Zet jullie horloge gelijk.

16.17 uur.

Ik wil een vrijwilliger...

...die zich naakt onder de nudisten begeeft.

Dan maar een willekeurig iemand.

Onder de piano staat een pint. Al wie daarvan drinkt, die...

Wat zei je? - Niks, baas.

Je zei iets. - Nee hoor.

Al wie daarvan drinkt, die stinkt.

Dat was vals, baas, ik zag het.

Wat zei je? - Niks. Niks.

Vreemd. Jij gaat vannacht al ter plaatse.

En jij komt als eerste met de vijand in contact.

Je kameraden benijden je vast.

Ingerukt. - Baas, alleen een klein slipje...

Een klein wat? - Slipje. Ik bedoel...

Als het moet, moet het, h�.

Dappere jongen. Vooruit.

Pas op, een gendarme. - Aankleden, snel.

We zwemmen weg.

Zoals op de parade. Nu G3 en G4, vooruit.

Naar het strand.

Redde wie zich redden kan.

Uw papieren.

Hoofd rechts.

Weer zo een van honderd.

Koop een brommer. - Hij doet het er gewoon om.

Geef hem een duw, Richard. - Ja, toe.

Zijn jullie gek? Richard, pas op.

Verdomme, politie. - Nu tevreden, ja?

M'n papieren liggen thuis.

Hier krijgen jullie spijt van. - Kalm, je haalt hem niet.

Wat haal ik niet? - De winter.

Meneer Merlot, hij reed met opzet zo langzaam. Hij liet ons niet door.

Weigering zich te laten inhalen. - Dank u wel, meneer Merlot.

Graag gedaan. - Zeg alstublieft niks tegen papa.

Nee maar, u laat ze gaan.

U veroorzaakt dus opstoppingen. Laat uw papieren eens zien.

Hoe bestaat het? Hier.

Zeg, gaan wij eens wandelen met z'n tweetjes?

Waarheen? - Geen idee. Maakt niet uit.

Is het daar beter dan hier? - Ik zei toch met z'n tweetjes.

En dan?

Wat stel jij veel vragen.

Ik voel niet veel voor zulke uitjes. Maar het was te proberen, h�?

Waarom vraag je Jessica niet mee?

Mag ik erbij?

Van zwemmen krijg je brede schouders.

Is er iets met m'n schouders?

Heb je liever die van Nicole? Gelijk heb je. Ze zijn mooi, Nicky.

De rest is ook niet mis. Vertrouw Jean-Luc maar. Hij is een kenner.

Hoepel eens op, jij. - Kom, naar de bowling.

Wat kunnen jullie vervelend doen.

Wat heb je vandaag? Knap en toch zo dom.

Spelen we, ja? Al die meiden toestanden.

Denk aan mij, dan lukt het wel. - Ik ben niet jaloers.

Hou op en laat hem toch spelen.

Niet geweldig. - Meiden deugen alleen 's avonds.

Jouw beurt. Kun je spelen? Vooruit, dan hebben we nog een kans.

Geweldig. - Volgende keer wij twee�n samen.

Dat vieren we op het jacht van je vader.

Allemaal naar Ferguson�s jacht. - Dat kan niet.

Waarom niet? - M'n vader is er niet.

Wat zou het? Ik ben dol op boten. - Weiger hem niet alles.

Genoeg gepraat, jongens. Naar de haven. Chauffeur.

Nee. Wacht. Wacht op mij.

Is je vader zo'n boeman? - Laat me door.

Laat me door, zeg ik.

Nou...

Is vader er niet? Vader.

Kijk niet zo stom, Mathurin. - Geen alcohol, Mathurin.

Ik heet Lucas. - Mathurin past je heel goed.

Wat een pracht boot. Is je vader er nu?

Hij is er niet, want... - Op zondag speelt hij golf.

De baas wil niemand aan boord. Weg.

Ik leg het je uit.

Ik heb papa al zo lang niet meer gezien.

Hij wou niet trouwen met mama.

Hij stuurt wel cheques, maar vervangen cheques een vader?

Natuurlijk niet. Maar kan ik het helpen?

Nee, dat weet ik wel.

Ik ga naar school in Zwitserland.

Toen ik hoorde dat hij hier was, ben ik hier naartoe gelift.

Arm kleintje. Wat een schoft.

Nou ja, hij is zo rijk en druk bezet. Een kind zou hem gehinderd hebben.

Is het niet droevig.

Ik wil me niet opdringen. Ik wou alleen maar eens kijken waar hij woont.

Papa...

Kom mee, we vieren je terugkeer met champagne.

Opgelet. E�n, twee, drie, proost.

En nu driewerf hoera voor Mathurin.

Wat leuk.

En nu trakteert Christophe bij Senequier.

Dat heb ik niet gezegd. - Kom, opkrassen.

Dames, bedank de gastheer.

Ik ben voor de jeugd. - Bedankt, Lucas.

Ik vind Mathurin best leuk.

M'n tas vergeten. Met m'n liefdesbrieven.

Leuk voor Mathurin. - Van die lectuur word je slapeloos.

Ik haal ze wel. Ik zie jullie bij Senequier.

Ik kom zo terug.

Wie laat nu zo'n kind in de steek? Ga niet weg.

Ik maak een kajuit voor je klaar.

Dat is lief, maar zeg liever niks tegen papa.

Daar komt hij. Ik zal hem... - Hij zal woedend zijn.

Ik zal hem eens de waarheid zeggen.

Dag papa. Wees niet boos, ik ga weg.

Heb jij een dochter?

Hier is iets niet pluis, ik voel het. - Kom, ik moet je spreken.

Nou, ik ook, meneer Harpers.

Al de champagne is op. - Tien glazen.

Wie is hier geweest?

Uw dochter is teruggekomen, met haar vrienden.

Wat bedoel je? - U moest zich schamen. Foei.

Ik heb dat kind nog nooit gezien.

Ik weet wanneer een kind eerlijk is. - Ik heb geen dochter.

Vooruit, maak dat je wegkomt. - Foei, zeg ik.

Er is iets niet pluis. - Het gaat door vanavond.

Je glas, Cruchot. - Nee, de dames eerst, adjudant.

Uw taart is heerlijk, Madame. - Neem nog een stukje.

Ik heb er twee gemaakt.

Lekkerbekje. - M'n dochter kookt geweldig.

Geef haar het recept. - Ze gaat liever uit.

Laat ze zich amuseren. Nog een slokje?

Nee, ze heeft al twee glazen op. Naar bed, jij.

Het is pas half tien. - Je mag nog wat lezen.

Nog een spelletje jacquet? - U bent niet te verslaan.

Tot ziens. - Welterusten, kindje.

Ja, ga maar. Zij spelen de hele nacht door.

U hebt gelijk dat u goed op haar let. Jonge meisjes lopen hier gevaar.

Ach, wie de vader kent, vreest niet voor de dochter.

Ik heb gewoon een roeping.

Ik hoor dat ze vrij lawaaierige vrienden heeft.

Dat is waar. - Lawaai hoort bij de tijd.

Als ze stommiteiten begaat, komt uw carri�re in het geding.

Dat zou jammer zijn. Ik vind haar nogal bleek.

Daarom stuur ik haar vroeg naar bed. Die zeelucht ook.

Zo laat al? Ik moet naar huis.

Is je vader zo'n commandant? - Bijna.

Ik breng je wel. - Nee, blijf toch hier.

Ze heeft geen zin. - Wat weet jij ervan?

Een huwelijk of een paar lellen? - Het laatste.

Dat heb je goed. Kom dansen.

De haven is de andere kant uit. - Wat ben jij plakkerig, zeg.

Niet nu. Er zijn wandelaars. Wacht hier.

Waarom ren je zo? - Ik heb haast.

Ik ben er. Goedenavond. - Je bent niet lief.

Als m'n vader ons samen ziet...

Ik mag je graag.

Goedenavond en bedankt.

Blijf je daar staan?

Mooie kar, die Mustang van je vader.

Hier wordt hij gepikt of weggesleept.

Wat zou het? Wat doe je? Ben je gek?

Kom, we gaan hem parkeren. Hiernaast kun je hem kwijt.

Breng me een whisky. Ik word verkouden.

Geen aspirientje? - Schiet op. Ik moet op de auto letten.

H�, houd de dief. Stop.

De auto? - Gejat, terwijl ik een sigaret opstak.

Een man? Een vrouw? - Beide.

Hem zag ik niet. Maar het meisje was uw dochter.

Ik zei meteen al dat er iets niet pluis was.

Wat wilt u doen? - Haar zoeken en haar straffen.

Als ik dan toch haar papa ben, zal ze merken dat ik zo'n dochter niet moet.

Stop, Jean-Luc. Ik haat je.

We gaan zo terug. Maak er geen drama van.

Gaat het te snel voor je? Ik heb al met een Porsche gereden, een Jaguar...

Nu nog alleen een Ferrari... Huil je? Ok�, we gaan terug.

Je bent ongezellig, hoor.

Ik walg van je. - Wat een grote woorden.

Je vader merkt hier niks van.

Als je wilt, zeg ik hem de waarheid.

Ik zal zeggen dat ik z'n dochter graag mag en dat ik haar wou uitleggen...

Dat ik je wou zoenen.

Waarom doe je dat? Ik vind je niet eens meer aardig.

Onhandig van me. Ben je boos?

Breng gauw die auto terug.

Wat is er aan de hand?

O nee, we zitten vast. - Begin je weer te zeuren?

Doe jij ook iets? - Momentje.

Schiet op. Klaar? Vooruit, gas geven.

Leuk. De oudste draait ook overal voor op, h�.

Onderaan vastmaken, zei ik nog. - De auto is niet eens afbetaald.

Laten we gaan slapen. - Ik rij in ieder geval nu weg.

Had meteen een takeldienst gebeld.

Zoveel moeite voor zoiets banaals.

Mevrouw slaapt en papa heeft niks gemerkt.

Ik heb geen bumper meer.

Heb je gezien hoe laat het is?

Dit was de langste nacht van m'n leven.

Pas dus goed op wat je me gaat vertellen. Dit is zeer ernstig.

Papa, het is vreselijk. - Ga zitten.

Heb je iets doms gedaan?

Het is zo ver. - We hebben een auto gestolen.

Niet waar. - Het was mijn schuld niet.

Hoezo? - Een vriend wou er een ritje mee maken.

En hij is in een greppel beland.

En hoe ben jij teruggekomen? - Te voet.

En heeft iemand je gezien? - Ik weet het niet. Misschien.

Ik zie het al, m'n carri�re is naar de maan.

Waar hebben jullie die auto gepikt? - In de haven.

Naar bed, jij. We spreken elkaar later nog.

Waar is die greppel? - Op de weg naar Gassin.

Een rode Mustang cabriolet. - Lekker onopvallend.

Ik kon het echt niet helpen. - Zwijg. En blijf op je kamer.

Een gendarme... - Ik ben op inspectieronde.

U hebt m'n tractor gezien? Nou ja, dat mag u.

Een slokje ros�? Toe, een licht wijntje.

Nu kunt u me geloven of niet, maar die koplamp is pas stuk.

Ze gaan makkelijk kapot.

U kunt me natuurlijk bekeuren. - Dat zou kleingeestig zijn.

Maar het achterlicht... Daar, naast het knipperlicht. Niet daar, hier.

Daar klopt iets niet. - Repareer het dan voor vanavond.

Zal ik helpen? - Hou je met je lamp bezig.

Dit jaar zijn jullie mooi uitgerust in Saint-Tropez.

Hoepel op en laat me met rust.

Ja, commandant. Ja, commandant. Dat doe ik meteen.

Er is een Rembrandt gestolen vannacht.

Allicht voor een Amerikaanse verzamelaar.

Wegversperringen dus en controle op de weg.

Verzamel iedereen. Snel.

Krijg ik geen voorrang? Waar heb jij je rijbewijs gehaald?

Je boft dat er geen gendarmes zijn.

Wil jij wel eens opdonderen. Donder op.

Hou maar. - Dank u.

Dag zuster. Ik heb pech verderop. Zou u zo goed...

Natuurlijk. - Dank u, zuster.

Bid je, mijn zoon?

Om Gods bescherming.

De wegen van de Heer zijn ondoorgrondelijk.

Hij leidt ons. Ik volg Hem met gesloten ogen.

Doe ze open. Er komt een bocht.

Een gendarme is ook een soort pastor.

Soms vergeeft u toch ook andermans fouten?

Niet altijd, maar nu heb ik berouw. Pas op.

De Heer zegt: Bemin uw naaste gelijk uzelf.

Dat is het belangrijkste gebod, weet u dat wel?

Ja, zuster. Grind.

Wat zei je? - Ik zei dat er grind lag.

Ik ben bijziend. Moeder-overste plaagt me er altijd mee.

Mijn Heer en mijn God, het spijt me uit de grond van mijn hart...

Je kent je akte van berouw nog. Mooi.

...dat ik uw goedheid miskend heb...

En dan? - Ik haat en verzaak al mijn zonden...

Let op. En mijn leven te beteren...

Amen. Hebt u nooit een ongeluk?

Ik rijd pas sinds gisteren. Tot ziens, mijn zoon.

Ik kan niet meer.

Een noodgeval voor Saint-Tropez? - Vooral discreet.

We maken de weg vrij. - Discreet, zei ik.

De auto is teruggebracht door een gendarme.

Eerst een valse dochter, nu een valse gendarme.

Ik wil ze absoluut terugvinden...

...om ze eens te vertellen hoe ik over ze denk.

Een beetje fair-play mag er wel zijn.

En toen verdween hij, adjudant.

En jullie lieten hem ontsnappen? Met twee auto's?

Adjudant, het was een heel snelle auto.

De onze kookt al bij tachtig... - Waar was jij?

Ik heb op eigen initiatief een ochtendronde gemaakt.

Hier was je nodig. Er is een Rembrandt gestolen.

Een Rembrandt die miljoenen waard is. - Een aardig bedrag.

En er is een verdacht voertuig kunnen ontkomen.

Wat? Een gestolen auto?

Een rode cabriolet, baas. - Een Mustang.

Jullie kunnen nog geen 404 van een Volvo onderscheiden.

Je hebt niet eens z'n nummer. - Te veel stof.

We hebben gezien wie reed. - Echt gezien?

Niet gezien. - Echt gezien of opgemerkt?

Gezien. - Hij was nogal klein.

Hij begon al te kalen. - Ik had de zon in m'n ogen, maar...

Hij was van het korte, bitse type. - De stijl van jullie wachtmeester?

Ik durfde het niet te zeggen. - Stiekemerd.

Dat was maar een grapje. Vooruit, inrukken.

Ik heb je toch niet gekwetst? Ik zie jou nog geen Rembrandt stelen.

Dank u. Trouwens die auto...

Misschien een diefstal die er niks mee te maken heeft.

Dat doek kunt u misschien beter ergens anders zoeken.

Als we de bestuurder van die Mustang met het doek betrappen...

...is hij allicht ook de dief.

Dat zou me verwonderen. - Waarom?

Mag ik even, adjudant? - Ja hoor.

Wat heb je? - Is de auto terug?

Ja, maar ik ben ternauwernood ontsnapt.

Had jij geen kamerarrest?

En de boodschappen dan? - Die doe ik zelf. Vanavond.

In burger. - Moet ik zo lang binnen blijven?

Vanaf nu kom je alleen nog met mij buiten. Naar je kamer.

Ik moet je iets uitleggen. - De dief van de auto?

Dag Nicole. Je vader? Aangenaam, meneer Ferguson. Christophe Boisselier.

Tot later. We hebben haast.

M'n ouders willen u graag leren kennen. Ik haal ze.

Waarom noemt die fat me Ferguson?

Papa, jij hebt een jacht, we zijn miljardairs...

Speel het spel mee, toe.

Andr�-Hugues Boisselier. M'n vrouw. - Aangenaam.

Archibald Ferguson, m'n vader.

Nu begrijp ik waarom uw dochter zo geliefd is.

Ze is zeer charmant.

Maar ook vrij onstuimig en stiekem.

Onze kinderen kunnen blijkbaar goed met elkaar opschieten.

Dat kunnen wij ook doen.

Bent u morgen vrij? - Dat is m'n rustdag.

Dan rust ik uit van het golfen.

Wij organiseren een kleine party, voor onze intimi.

U komt toch, meneer Ferguson? - Anders zijn wij levenslang boos.

Papa zal graag komen. Ik ook. Nietwaar?

Nee, want ik denk dat m'n smoking...

Z'n laatste uit Honolulu, bedoelt hij. Hij draagt ze maar ��n keer.

Zo officieel hoeft het niet. Het is vakantie.

Be relaxed, be happy. Ik reken dus op u. Morgen, om vijf uur.

U vindt het nooit. Het is erg afgelegen. Alleen zo krijgen we rust.

Papa rijdt niet graag. - Steeds minder.

Kan Christophe ons afhalen? - Graag. Vijf uur.

Wat heeft hij?

Dat is toch een boodschappentas? - Ja, ik doe graag inkopen.

Ik kook ook zelf soms en ik was m'n zes auto's zelf. Zo leuk.

Nou ja. Tot morgen dan.

Wat een imbeciel. Kom, naar huis.

Papa, er steekt geen kwaad in. - Nee hoor.

Je steelt niet alleen auto's, je verloochent ook je vader.

Hier wil iedereen toch iedereen imponeren.

De dochter van een gendarme vindt geen vrienden.

Nee maar, dat is wel het toppunt.

De mensen lachen ons uit...

...maar wij zijn het die de vrede voor hen bewaren.

Wij zijn de slachtoffers van een groot onrecht.

Wind je niet op. Je was geweldig met die auto.

Zo blijf ik niet lang meer gendarme.

Stel je voor dat ze me opsluiten.

M'n vrienden zijn erg aardig. Je hebt het beloofd.

Ik ga daar niet de clown uithangen.

En daarna zien ze me agentje spelen.

In uniform herkennen ze je niet. Toe, papa.

E�n keertje maar.

Wil je m'n vakantie bederven?

Herkent u me? Nou, dit jaar zitten jullie op rozen.

Na die auto zo'n uitgaanstenue.

En dat meisje. Gefeliciteerd. - Wat wil je?

Is dit niet van u? Het lag naast het wiel van de auto die u repareerde.

Maak je hier uit de voeten. - Ik dacht dat u het vergeten had.

Ik wens u een fijne avond.

Wat is er? Wat heb je?

Daar loopt Merlot.

Dit komt je duur te staan.

Niet te geloven.

Meneer Ferguson...

Dag, Christophe. - Een stijve nek, meneer Ferguson?

Nee, een lichte kramp. Jij voorin. En nu rijden. Snel.

Het meisje. Het doek. Daar, een gendarme.

Waarom hebben jullie een gendarme nodig?

Is die man idioot? - Ja. Neemt u hem niet kwalijk.

Tocht het niet, meneer Ferguson? - Papa is dol op wind.

Mag ik u voorstellen, raadslid Fourcade, de hertogin d'Armenti�res...

...generaal Morsaline, Madame Lareine- Leroy, onlangs weduwe geworden.

Een onherstelbaar verlies. - M'n deelneming.

Ik probeer te overleven. - Mag ik uw dochter meenemen?

Kom mee iets drinken.

U houdt van schilderijen, zie ik.

Ikzelf heb een C�zanne, een Degas...

Ik heb me pas een Renoir laten ontglippen. Wat hebt u daar?

Een familieportret. - U bent een gevoelsmens. Mooi.

We zetten het eerst weg in m'n kantoor.

Ik blijf maar even. - Dan nog.

Ik ben blij dat de auto terug is. Ik zag hem in de haven.

Nog boos? - Wat maakt het uit?

Wat een humeur, zeg.

Komt er onweer, ja? - Hou jij je erbuiten.

Hier is het.

Zet maar hier. Ja, hier.

Staat het hier veilig? - Wilt u het achter slot?

Nee, ik wil zo meteen weer weg.

Zoals u wilt. Gaan we iets drinken?

Het staat toch veilig? - Natuurlijk. Kom mee.

Weet je wel wat je wil? - Heel zeker.

Blijf je mokken? - Papa wil niet dat ik je nog zie.

Is hij hier?

Ik wil hem spreken. - Niet nu.

Een jacht als het uwe lijkt me wel heel comfortabel.

Christophe heeft het ons laten zien. We mogen het toch eens bezoeken?

Alstublieft, ik wil het zo graag. - Onmogelijk. Door de verf.

Het is pas geschilderd en de verf droogt slecht. Als het droog is...

Hoe doet u het dan? - Ik kom onder te zitten.

M'n kleermaker stuurt me elke week twaalf pakken uit Glasgow.

M'n dochter kleedt zich in vodden, en ja, we voelen ons nogal naakt.

Houden zo.

Emily, ik zie dat je er al bovenop komt. Bravo.

U woont dus in New Orleans. U handelt zeker in katoen?

Nee, in watten. - Is dat dan geen katoen?

Nou, dat zijn allemaal technische kwesties.

Alles van New Orleans boeit mij. - Zo'n oude stad, houten huizen...

...duistere steegjes, ongure speelholen, uitzinnige trombones...

Zinsverbijstering moet dat zijn. Nietwaar?

Nee. Onbeschrijflijk geniale waanzin.

Wat een onzin.

Bijschoof. Waanzinnig veel talent. Twee filosofische boeken in 13 jaar.

Nooit bekroond. Dat heeft hem lelijk getekend.

Op de onnozele halzen. - Wat is hij toch grappig.

Maak dat je wegkomt, mislukte dichter en geslaagde dronkenlap.

U bent buitengewoon. U bent van niemand bang.

Wat hebt u? Hij heeft zich verslikt. Een glas water, snel.

Ik moeten even weg.

Adjudant, wat aardig dat u er bent.

Ik wist dat u zou komen.

Naar huis. Naar huis. - Vanavond?

Nee, jij gaat niet weg. - Laat je vader alleen gaan.

Laten we dan met de motorboot weggaan. Meteen.

Bedankt, lieve vriendin. - AI moe?

Een belangrijke zaak. - Wij samen, dat is belangrijk.

M'n beleefde groeten.

Ach, dat doet m'n personeel wel. Het is niet erg. Laat dat.

Wie speelt mee blindemannetje? - Ik ga sigaren halen.

Een Rembrandt... De stiekemerd.

Raadslid Fourcade, nietwaar?

Graaf Frevaux dan. - Nee.

Een van die heupwiegers?

Dat is niet eerlijk. Ik geef het op.

Een sigaartje, adjudant? - Graag. Ik ben uitgeput.

Nog nieuws? - Niks. Er is een Rembrandt gestolen.

O ja? Wat een toeval. Ik heb er hier net een.

Van meneer Ferguson, vast niet gestolen.

Wat stelt het voor? - Het Meisje met de Tulp.

Maar dat is interessant.

Wilt u het zien? - Als dat kan, graag.

Komt u maar mee. Kijk, hier staat het.

Hoe kan dat nou? Daarnet stond het er nog.

Het is blijkbaar verdwenen.

Onvoorstelbaar. - De dader heeft een gendarme gezien.

Nee, Ferguson zei dat hij snel terug wilde.

De eigenaar. Een vreselijk rijk man.

Kan best zijn, maar ik wil die man wel eens spreken.

Als hij er nog is. Maar wilt u vooral discreet te werk gaan?

Ik ben uw gast. - In dat geval...

Komt u maar mee.

Een parel, excellentie. Zeventien jaar.

Wat hebben die oosterse vrouwen toch een mysterieuze blik...

Ik zie liever hun gezicht.

Nee, u wilt toch geen diplomatiek incident uitlokken?

Zij is het, excellentie. De verlegenste van allemaal.

Meneer Ferguson, gaat u weg? U bent hier zonder auto?

Ik rijd u wel terug. Stapt u maar in.

Ik bewijs Nicole's vader graag een dienst.

Uw dochter is een schatje.

Hij zou gek zijn als hij nog eens terugkwam.

Dat kereltje wil ons tarten.

Kijk.

Nu hebben we hem. - Misschien wil hij onderhandelen.

Ik vertrouw het niet. Dit is niet pluis.

Kunnen wij even praten, meneer?

Doe mij dat plezier. - Na u.

Z'n dochter is een schatje.

Zelfs als hij een dief is, is zij onschuldig.

Kent u die Ferguson al lang? - Nee.

Ik vraag m'n gasten niet naar hun papieren.

U denkt wel echt als een gendarme.

Daar zijn ze. Stoppen.

Vader met de politie. Wat krijgen we nou?

Bang van gendarmes? - Die kun jij toch wel aan.

Deze niet. Vooruit, geef gas. - Ik gehoorzaam altijd m'n vader.

Wat is er aan de hand? - Waar is Nicole?

Nicole, je wordt geroepen. Sta op.

Is dat juffrouw Ferguson?

Ja, waarom? - Ze is de dochter van Cruchot.

Dat had ik nooit van hem gedacht. Grootheidswaanzin.

Treurig, hoor. - Is Ferguson dan...

Ik heb gezegd wat ik wou zeggen. Hier, jij.

Aan land, en snel. Snel, zei ik.

Je weigert dus te zeggen waar je vader zit.

Ik weet het niet. Hij komt wel terug. - Een dief komt zelden terug.

Papa is geen dief. Die Mustang was mijn schuld.

De Mustang was ook zijn werk? - Zie je wel, baas?

Alles komt door mij: de valse Ferguson, de auto...

Sluit haar thuis op. - Na u, juffrouw Nicole.

Sloof je niet uit, Berlicot.

Ze doet alles om haar vader te redden. - Mooi van haar.

Sentimentele gendarmes vertrouw ik niet, Fougasse.

Het spijt me, bevel is bevel. - Wat doe ik papa toch aan.

Hij wou zeker een mooie bruidsschat voor je.

Maar een Rembrandt stelen, dat kun je niet door de vingers zien.

Meneer Berlicot.

Wij hebben een adder aan onze borst gekoesterd.

We moeten het beest uitschakelen.

Alleen dan kunnen wij er ongeschonden uitkomen.

We moeten hem terugvinden. Dood of levend. En snel.

M'n bevelen zijn eenvoudig: Erop af.

Verspreiden we ons?

Misschien is hij gevaarlijk. Blijf bij elkaar.

Vooruit. Moed, jongens. Ik sta achter jullie.

Stil, of ze sluiten jou ook op.

Waarom verstop je je? Omdat je vader een dief is?

Jij weet dat m'n vader geen auto heeft gestolen.

Hij bracht hem terug. Vandaar die problemen.

Die Rembrandt zat in de kofferbak. Stom dat hij ermee rondliep.

En dat alles door mij. En vooral door jou.

Wat doe je? - Ik wil hier weg.

Naar de eigenaar van het jacht, de echte dief.

Het doek zat in zijn auto.

Ik ga mee. - Ik red me wel alleen.

Eigenlijk is die gendarme best tof. Je vader, bedoel ik.

Maar Richard heeft hem terug naar de haven gebracht, met het doek.

Schiet op. We waarschuwen de anderen.

Kokend heet. Wat willen jullie?

We schakelen hem uit. Hij weet te veel.

Jullie hebben het recht niet.

Ga maar.

Vooruit, loop voor me uit. En hou je koest, of...

Laat me door, je vriendinnetje heeft er alle belang bij.

Halt, schurk.

Cruchot!

Alphons!

Wij zijn schuldig. Cruchot heeft ons gesnapt.

Cruchot wordt nog generaal.

Ik moest die Rembrandt maar eens gaan bedanken.

Can't find what you're looking for?
Get subtitles in any language from opensubtitles.com, and translate them here.