Afrikaans
Akan
Albanian
Amharic
Arabic
Armenian
Azerbaijani
Basque
Belarusian
Bemba
Bengali
Bihari
Bosnian
Breton
Bulgarian
Cambodian
Catalan
Cebuano
Cherokee
Chichewa
Chinese (Simplified)
Chinese (Traditional)
Corsican
Croatian
Czech
Danish
Dutch
Esperanto
Estonian
Ewe
Faroese
Filipino
Finnish
Frisian
Ga
Galician
Georgian
German
Greek
Guarani
Gujarati
Haitian Creole
Hausa
Hawaiian
Hebrew
Hindi
Hmong
Icelandic
Igbo
Indonesian
Interlingua
Irish
Italian
Japanese
Javanese
Kannada
Kazakh
Kinyarwanda
Kirundi
Kongo
Korean
Krio (Sierra Leone)
Kurdish
Kurdish (Soranî)
Kyrgyz
Laothian
Latin
Latvian
Lingala
Lithuanian
Lozi
Luganda
Luo
Luxembourgish
Macedonian
Malagasy
Malay
Malayalam
Maltese
Maori
Marathi
Mauritian Creole
Moldavian
Mongolian
Myanmar (Burmese)
Montenegrin
Nepali
Nigerian Pidgin
Northern Sotho
Norwegian
Norwegian (Nynorsk)
Occitan
Oriya
Oromo
Pashto
Persian
Polish
Portuguese (Brazil)
Punjabi
Quechua
Romanian
Romansh
Runyakitara
Samoan
Scots Gaelic
Serbian
Serbo-Croatian
Sesotho
Setswana
Seychellois Creole
Shona
Sindhi
Sinhalese
Slovak
Somali
Spanish
Spanish (Latin American)
Sundanese
Swahili
Swedish
Tajik
Tamil
Tatar
Telugu
Thai
Tigrinya
Tonga
Tshiluba
Tumbuka
Turkish
Turkmen
Twi
Uighur
Ukrainian
Urdu
Uzbek
Welsh
Wolof
Xhosa
Yiddish
Yoruba
Zulu
Margot, Lise Stocker, politie.
Je hebt een date, maar doe niet open. Ik moet je spreken. Bel me terug.
Margot.
Kijk, daar is papa.
Hij is mooi.
Hij lijkt op Simon.
Geef hem aan mij.
Mathilde.
Ik heb nooit een kind pijn gedaan.
Ik heb niemand ooit pijn gedaan.
Jij was er gisternacht.
Bedankt dat je mijn leven gered hebt.
Ik besef nu dat ik toch nog wil leven.
Ik zal Simon nooit vergeten.
Maar als ik jou zie met haar en met Tom...
besef ik dat het toch kan. Opnieuw beginnen.
Alice, raap die stift op. Oprapen.
Fran�oise, ik wist niet dat je zou langskomen.
Is William er niet? -Jawel, in z'n werkplaats.
Altijd maar aan het werk, de stakker.
Nee, ze is niet dood.
Hopelijk kan zij hem identificeren.
En mama?
Verdomme, waar is ze?
Nee, blijf bij Tom. Ik bel William.
Wat ben jij nu aan het doen?
De computer van Christians dochter repareren. Ik vergeet het altijd.
Jij moet altijd alles doen. -Dat heb je met een handige man.
Hou op. -Wat? Het komt jou nooit uit.
M'n moeder zit in de kamer hiernaast. -En dan?
Mogen we elkaar niet kussen? Moet je haar dat vragen?
Hoe oud ben jij eigenlijk?
Ja, Lise? Nee, ik ben thuis. Waarom?
Wacht, ik ga kijken. Ja.
Nee, alles is donker.
Verdomme. Goed, ik zal ze bellen.
Ja, ik regel het wel. Tot zo.
Marianne is al twee uur weg.
Een vrouw, zestiger, 1m60. Grijs haar, rode regenjas.
Kijken jullie naar haar uit? Ik bel de ziekenhuizen. Ja, bedankt.
Ik wist dat het slecht zou aflopen. -We vinden haar wel.
Deze keer niet. En dat is maar goed ook.
Ze is een last voor iedereen.
Als je zo bent, hoef je niks meer te verwachten van het leven.
Als iedereen die een last was zou verdwijnen...
Sorry? -Blijf je eten?
Graag. Ik wil je natuurlijk niet tot last zijn.
Ja, klopt, 1m60, slank. Grijs haar, ja. Dat klopt.
Hier, Lise, kijk.
Met hem had ze een afspraak. Een schilderij van Friedrich.
Kijk, dit is haar agenda.
15 september.
Een week niet buiten geweest. Bang.
10 oktober. Dr. Geller staat erop.
Hij wil dat ik op het internet virtuele relaties aanga.
Ik ben bang, maar wil hem niet teleurstellen.
9 december.
Een man staat erop me te ontmoeten.
Ik heb geen zin. Ik ga ermee ophouden.
Wacht, kom terug. Het lukt wel. -Laat me los.
14 januari. Gelukkig bleef Geller aandringen.
23 januari. Soms vraag ik me af of Geller me beter kent dan ikzelf.
Hij mag me alles vragen.
Wat denk je ervan?
Trek Geller na.
Bel ik Varella? Dan laat ze Clovis met rust.
Laat mij maar. William, heb je haar?
Ik begrijp het niet. Wat deed ze in die kloof?
Hoe is ze in het water kunnen vallen?
Het was geen ongeluk.
Er zaten stenen in haar zakken.
Haar hersenen hebben ruim vijf minuten geen zuurstof gehad. Vier te veel.
Te veel waarvoor?
Om weer een normaal leven te leiden. Of wat voor leven dan ook.
Het spijt me. Uw moeder komt nooit meer terug.
Ze ademt alleen nog maar dankzij de machine.
Ik hoef ze niet meteen uit te zetten. Neem uw tijd.
Ik laat u met rust. U weet me te vinden.
Welterusten, mama. -Welterusten, schat. Slaap zacht.
Je vroeg je altijd af waarom rozen doornen hadden.
Dan zei je: Ik snap het niet. Het zijn heksen...
Ik wil niet dat het zo eindigt. Ik wil dat het eerder ophoudt.
Voor het te lelijk wordt.
Ik kan het alleen aan jou vragen.
Ik beloof het je, mama. Ik beloof het.
Wat gebeurt er toch met me?
Hier zijn we dan. Heb je honger? We gaan eten.
Commissaris Bouvier.
Ik wil u vragen me te volgen. Ik heb enkele vragen voor u.
Waarover?
Ik wil ook graag uw agenda, uw priv�computer en gsm.
Weet u wel wat u doet?
We doen het rustig. Dat is beter voor iedereen.
Wachten we op de oppas of laat ik hem zo achter?
Natuurlijk. Wat een schatje.
Hoe heet hij? -Tom.
Waar heb ik ze gelegd? Heb jij mijn autosleutels gezien?
Ik had ze daar gelegd. -Waar ga je naartoe?
Ik ga naar de kapper. -Het is lunchtijd.
Als jij ziek bent, vang ik het ook op.
Britel heeft een tafel voor twaalf. Bereid je voor. Ze zitten hier om vier uur nog.
Ben je dan niet terug? -Nee. Haar kleuren, manicure.
En mijn pauze dan? -Stop die maar waar de zon niet schijnt.
Ja, met mij. Luister.
Varella neemt me mee. -Wat?
Op basis waarvan? -Een huiszoekingsbevel.
En je moeder? Heb je de dokter gesproken?
Nee, nog niet. Ik haal je eruit. Beloofd.
U bent altijd welkom, maar u mag me die vraag niet stellen.
U leidt het onderzoek niet. -Ze vergist zich.
En dus komt u me vertellen dat ik dom ben geweest door haar te geloven.
Heel erg bedankt. Zeg eens, Stocker, ik heb een vraag.
Wie moet ik geloven: een buitenstaander of iemand die haar man verdedigt?
Varella heeft gelijk. Er is inderdaad een mol.
Wie?
Ik. Ik heb de moordenaar van informatie voorzien.
Het is Alexis Geller. -Uw therapeut?
Dit is onzin en tijdverlies. De moordenaar was bij Margot.
En?
Clovis was toen in het ziekenhuis met z'n zoon.
O ja?
1 uur en 21 minuten.
Hij was 1 uur en 21 minuten weg.
In die tijd werd Margot aangevallen.
Hij heeft genoeg tijd gehad om het te doen.
En z'n telefoon? Hebt u die gecheckt?
'Per ongeluk' vergeten in het ziekenhuis.
Je stelt me teleur. Ik dacht dat je zakelijker was.
Daar moet je aan werken, anders kom je nergens.
Mag ik uw handen zien?
Hoe hebt u dat opgelopen?
Bij een arrestatie. -En het gat in uw broek?
Toen ik het ziekenhuis verliet heb ik door het bos gerend.
En mag ik weten waarom u dat deed?
M'n schoonmoeder was weg. Ik dacht dat ik haar zag en volgde haar.
Hebt u haar gevonden? -Nee.
Ik had me vergist. Ze was het niet. -Tja... Wie was het dan?
Een vrouw. Ik heb haar naam niet gevraagd.
Jammer.
U hebt dus ruim een uur achter die vrouw aan gelopen.
Nee, ik ben de knuffel van mijn zoon gaan halen.
Daarna heb ik nog gedoucht.
Ik ben ook nog naar de wc geweest. Goed zo?
Toen Anne Gauvois, Eva Marciano en Marthe Meunier gedood werden,
had u geen bereik. Waar was u toen?
Bij iemand.
Mathilde Dajoux.
Mathilde Dajoux. -M'n ex-vrouw.
Wat deed u daar?
M'n vrouw is op de hoogte.
Heel goed. In orde. Dat zullen we dan natrekken.
Niet te brutaal. Ze is heel kwetsbaar.
Wees gerust. Ik kan heel voorzichtig zijn als het moet.
Weet je al meer over Geller?
Enig kind, gescheiden, geen kinderen of verdere familie.
Volgens de buren krijgt hij nooit bezoek. Past in het profiel.
Ik heb hem alles verteld. Bel z'n ex en hou Varella tegen.
Wil je hem in je eentje verhoren?
Hij is je therapeut, Lise.
Ga zitten.
Gaat u me zeggen wat ik hier doe?
Waar was u gisteren om 18 uur?
Herkent u haar? -Een pati�nte van me.
Is haar iets overkomen?
En zij?
Ik lees de kranten ook.
Eva Marciano. U ontmoette haar bij het reisbureau.
Marthe Meunier zag u elke week in Beau Rivage.
Niet gewoon de krant, h�? -Wat is het verband met Margot?
Is ze dood?
Is ze vermoord?
Fijn dat u onze vragen wilt beantwoorden.
Kunt u bevestigen dat u deze man kent?
Ja. Jazeker, ik ken hem.
Mr. Bouvier zegt dat hij bij u langskwam op 17 september,
4 en 16 oktober en 7 november.
Kunt u dat bevestigen?
Nee.
Hebt u hem niet ontmoet op die dagen?
Nee, hij is nooit langs geweest. -Wat?
Laat haar uitpraten.
We hebben elkaar al heel lang niet meer gezien.
Hoelang is het nu al uit? Zes jaar?
Ik heb haar naar het ziekenhuis gebracht.
Met uw nummer is er nooit naar haar gebeld. Werkelijk nooit.
Ik gebruikte een ander nummer. -Hebt u nog een telefoon?
Hebt u die voor ons verstopt? -Ik heb hem weggegooid.
Ik weet niet wat hij zegt. -Bel de hulpdiensten.
Ik heb hun verslag. Uw naam staat er niet in.
Ik wou niet dat ze wist dat ik gekomen was.
Clovis en ik hebben een kind verloren.
Het moeilijkste daarna...
is proberen door te gaan.
Voor mij was dat moeilijker dan voor hem. Maar hij had gelijk.
De beste oplossing was elkaar niet meer zien.
Alles achter ons laten.
Ik zie hem voor het eerst terug.
Ik wist niet dat hij hier woonde.
Lise, kijk naar mij. Denk je dat echt?
Denk je echt dat ik de dader ben?
Nog altijd hetzelfde. Je omgeving wantrouwen.
U was toch de eerste? De trouwe vriend die plots moordenaar werd?
Hij, je man. Nu ik. Wie zal de volgende zijn?
Weet je wat ik het ergste vind?
Dat ik een heel slechte therapeut ben.
Dr. Geller, ik zou maar gaan oppassen met wat ik zeg.
O ja? -Ja.
Lise. Ik moet je spreken.
Ze stelt hem in staat van beschuldiging.
Die vrouw was opgenomen, geloof haar niet.
Opgenomen? Waar dan?
Hebt u de naam? Trok u het ook na of geloofde u hem op zijn woord?
Weet u wat het eerste was wat hij zei toen ik hem ontmoette in een bar?
Dat wist u dus niet?
Natuurlijk.
Hij wist niet wie ik was. Ik was een vrouw alleen, ver van huis.
Hij zei alleen dat hij ook nog niet lang in deze streek woonde.
Gek, nietwaar?
We vroegen ons af waarom Belharbi z'n wapen opborg.
Hij stond tegenover z'n baas.
Z'n vriend. Hij koesterde geen wantrouwen.
Gaat het?
En de computer van Geller? -Nog niks.
Maar in z'n agenda staat bij de avonden van de moorden altijd hetzelfde. Kijk.
3 november.
24.
Genius? -Genuss. Dat is Duits voor genot.
Het kan ook de weg naar de dood zijn. Volgens Freud en Lacan.
Voor hen is genot een ondraaglijk plezier dat pijn teweegbrengt, en dus leed.
Het is leed dat opgewekt wordt door doodsdrift. Wacht, ik ben niet klaar.
Het is het verlangen grenzen te overschrijden.
Genot is de weg naar de dood. -Bedankt.
Ik heb boeken van Lacan gelezen. Hij is goed.
Ik kom er zo aan.
We wachten al een halfuur. -Ik heb maar twee handen.
Dat heb ik niet besteld. -Moment.
Het lukt niet. -En C�cile?
Ze is weg. -Waarheen?
Kom je helpen of niet? -Wie denk je dat je bent?
In elk geval je vrouw niet.
Weet je wat? Los het zelf maar op. -Ze is geschift.
Margot is overleden.
Het is een nachtmerrie. -Wat doen we?
Hij mag het niet weten.
Genuss...
Is dat een codenaam voor de moorden? Hun weg naar de dood?
Is het dat waar je rust in vindt?
Weten dat de ander aan je genade overgeleverd is?
Je laat je leiden door je emoties. Ze nemen de controle over.
Dat maakt je gevaarlijk. -Waar was u gisteren om 18 uur?
Ik wil m'n advocaat.
Is dat z'n advocaat? -Nee, z'n ex.
Hoofdinspecteur Stocker.
Hoe zit het daar? Waarom hou je me erbuiten?
Hoe staat het met je twee verdachten? -Twee?
Meester Davant is onderweg. -Je vergist je alweer.
Risico van het vak.
Waarom heb je een foto van m'n vrouw? Wat is er gebeurd?
Het gaat goed met uw ex-vrouw. Ze leek te stralen.
Vooral seksueel. Bij u was er blijkbaar...
Hoe zei ze het ook weer?
'Seks zei hem niks. Hij leek nooit naar me te verlangen.'
Ze haat me. Ze zegt alles om me zwart te maken.
Op een dag gaf ik u het profiel van de moordenaar.
Een impotente man...
die wil vrijen met vrouwen, maar het niet kan.
Is het woede? Is het frustratie?
Of schaamte? Hij doodt ze.
Weet u nog wat u zei? -Daarom ben ik nog geen moordenaar.
We hebben DNA bij Margot gevonden. Beken maar.
Wat moet ik bekennen? Dat je vergeefs blijft doorgaan?
Ik heb die vrouwen niet gedood. Ik heb je niet verraden.
Ik moet dit wel melden. Het gaat tegen alle regels in.
Commissaris, de uitslag van het DNA-monster.
De uitslag is negatief.
Het is Bouvier niet.
En Geller ook niet. -Verdomme.
Ik heb Gellers computer onderzocht. Hij zat op datingsites voor mannen.
Altijd hetzelfde pseudoniem. -Genuss?
Jullie weten het al. Geweldig.
Wat een communicatie. Leuk werken zo.
Ik wil m'n verklaring intrekken.
Die moeite kun je je besparen.
Ik weet niet wat me bezielde. Sorry.
weet je nog, die zin van Paulo Coelho?
je kunt een man pas vertrouwen als je zijn huis ziet
spreken we dan bij jou af?
Rue des Amourettes 26, Sevrier over twee uur?
Kun jij dit aan Clovis geven? -Geen probleem.
Hij is er toch.
Alles in orde? -Geweldig. Wat heb ik gemist?
Een ruzie in Veyrier, een ongeval, een gewone dag dus.
Ik weet meer over Malo, dat skelet. -Zo lang ben ik nog niet weg.
Dat verhuisbedrijf heeft me teruggebeld.
Een oude werknemer herinnerde zich hem wel.
Ik wou er net heen. Ga je mee? -Prima.
Vriend... dat is veel gezegd.
Ik had met hem te doen. Het was winter, dus mocht hij hier logeren.
Was hij niet van hier?
Nee. Hij kwam hier een vrouw zoeken of zo.
Heeft hij haar gevonden?
Geen idee. Op een dag was hij verdwenen.
Zonder iets te zeggen? -Ik ken die lui.
Ze zijn altijd onderweg, werken hier, dan daar.
Hij is niet vertrokken maar vermoord. -Wat?
Dan begrijp ik het beter. -Wat begrijpt u beter?
Dat hij zijn spullen bij mij achterliet. Als je weinig hebt, hou je het meestal.
Hebt u ze nu nog? -Nee.
Alhoewel, ik gooi niks weg. Ik moet bij m'n rommel kijken.
Het stelde ook niks voor. -Mogen we eens kijken?
Wat? Nu meteen? -Nu meteen.
Ik ga uit.
Ik ga uit. -Echt niet.
Waarom niet? -Ik ga uit.
Waar ga je naartoe? Ik vraag je wat. -Dat vraag ik jou toch ook niet?
En wat eten de kinderen? -Zoek het zelf uit.
Heel grappig.
Goed, zullen we vanavond pizza eten? -Ja.
Een groene muis rent door het gras.
Ik pak haar bij de staart en laat haar zien aan iedereen.
Iedereen zegt dan. -Doop haar in de olie.
Doop haar in het water.
Dat wordt een escargot... -Lekker warm.
Goed, papa gaat werken. Wees lief tegen mama, h�?
Morgen maak ik jullie wakker door je voetjes te kietelen.
Kom je mij ook zo wakker maken?
Hoor je dat? Mama is jaloers. -Ik mag toch ook een knuffel vragen?
Tuurlijk. Ik kom jouw voeten ook kietelen.
Fijne dag nog.
Ik wist dat het ergens moest zijn. Ik gooi niks weg.
Maar om het te vinden moet je geluk hebben.
Hij is haast leeg, maar toch. -Bedankt.
Ik ga m'n spullen weer opruimen.
Raar h�, om alles te bewaren? Naar het lab ermee?
Doe maar. Ik kan niet mee. Ik moet naar Lise in het ziekenhuis.
Hallo.
Ik heb er genoeg van.
Wil je me even alleen laten terwijl ik m'n jurk uittrek?
Bedankt.
De slet.
Sorry, Aur�lien, ik ben nogal preuts. Wil je de gordijnen dichtdoen?
Aur�lien?
Is dit een spelletje of zo?
Zal ik m'n koffers pakken? -Heb je geen beter voorstel?
De dood van Margot verzwijgen en doen alsof ze de dader aanwees.
Hem onder druk zetten.
Ik heb een zondebok nodig. -Bruin of blond?
Hier. -Bedankt.
Heb je al een besluit genomen?
Nee.
Ik heb alle tijd om na te denken. Ik ben van het onderzoek gehaald.
Ik ben het.
Zit je niet aan tafel?
Waar zijn de kinderen?
Wat is dat?
Zit je op sites om je te laten neuken?
Je bent single, geen kinderen. Heb jij geen kinderen?
Was hij niet teleurgesteld? Hoe oud ben je op die foto? Twaalf?
Je maakt je belachelijk, arme meid.
Waar ga je naartoe?
Zeg je niks meer? -Wegwezen jij.
Rot op. Ik wil je niet meer zien.
Waar moet ik naartoe? -Naar je serveerster.
Ze heeft geen kinderen. Zeg dat ze ontslagen is.
Ik ga niet. -Rot op.
Rot op of ik vertrek. Dan zit jij met de kinderen en kom ik nooit terug.
Eikel.
Ik kan alleen zeggen dat ons harde werk van de laatste weken loont.
De dader heeft een fout gemaakt. Hij heeft DNA achtergelaten.
We zullen hem snel identificeren.
We kennen z'n lengte, z'n leeftijd, haarkleur en bouw.
Andere elementen kan ik nog niet vrijgeven.
Er komt een robotfoto.
Na Margot Champetiers onthullingen is het nog maar een kwestie van uren.
Ik maak er een persoonlijke zaak van. -Wat zei Margot?
Geen commentaar. -En die robotfoto?
Waarom zegt u niet alles?
Waarom hebt u Margot niet beschermd?
Leidt Stocker het onderzoek nog?
Je hebt echt goed gekozen.
Het is niet waar. Ja, ik ben het. De wasmachine lekt nog.
Hoe bedoel je, 'maar' een afdichting? Nee, goed, ik zal het proberen.
Ja. Ja, ik ben hier.
Een ring.
Ja, er is er ��n. Er is er nog maar ��n.
Ok�.
Goed. Ik bel terug als het niet lukt.
Tot straks. Ja, tot ziens.
Gelukkig hebben ze hier mooie bossen. Ideaal om aan de druk te ontsnappen.
Nee, ik kan wel met vrouwen werken. Zij kunnen niet met mij werken.
Tuurlijk.
Vooral als ik hun man arresteer.
Snel, hoop ik.
Maar wat moet ik in Lyon als m'n zoon me niet wil zien?
Zoeken ze bij jullie niemand?
Geef maar geen antwoord.
Ik heb hem daar gezien.
Kus. Tot snel.
Pierre, toch? Nee, ik ken Annecy niet.
Ik denk dat ik er over een uur kan zijn.
Nee, die van mij is een labrador.
Ik zoek hem al drie uur. De kinderen zullen triest zijn.
Laat ze mee zoeken. -Ze zijn er niet.
Ik ben net verhuisd en overal staan kartonnen dozen.
Ze lieten me alleen met een hond in een streek die ik niet ken.
Kinderen.
Ik ken heel wat leuke restaurantjes. Ik ben een prima gids.
Maar een hond komt altijd terug, h�? -Blijkbaar.
Bent u helemaal alleen? Geen vrouw? Geen kinderen?
Nee, je bent schattig. Je lijkt verlegen.
Echt waar? Heb je me gemist?
Ik vind het niet leuk dat ik jou niet zie. Bel me achteraf terug.
Hotel du Parc, ken je dat?
Je bent zo schattig. Jawel, je bent schattig.
Ik kijk ernaar uit je te zien.
Ik hoop jij ook.
Wat wil je?
Geef antwoord, alsjeblieft. Wat wil je?
Wat weet je?
Wat heeft Margot je gezegd? -Ze heeft niks gezegd. Ik weet niks.
Niet liegen. -Het is waar. Ze heeft niks gezegd.
Ze is dood. -Wat?
Wat? Wat zeg je...
Probeer me niet te bedotten. -Ik zweer dat het waar is.
Ze is dood. We wilden je gewoon...
Nee, doe me geen pijn. Ik heb een zoon.
Ik heb een zoon van veertien.
Hij heeft mij nodig. Hou toch op. Hou op.
Je hebt nooit moeders gekozen.
Zijn moeders belangrijk voor je?
Heb jij kinderen? Meisjes? Jongens?
Twee meisjes.
Denk aan je dochters, aan je vrouw. -Zwijg.
Wat moeten zij nu? -Zwijg over m'n vrouw.
Ik verbied je over m'n vrouw te praten.
Dat kun jij niet begrijpen.
Niemand kan dat.
Je weet niet hoe het is om het niet te begrijpen.
Niet te begrijpen wie je bent.
Waarom doe je het? Waarom wil je ze doden?
Ik moet dat doen.
Ik moet het doen.
Anders...
zouden zij zeggen dat ik het niet kan.
Maar dat is niet waar.
Het ligt niet aan mij.
Het is hun schuld.
Het is hun schuld.
Hou je mond. Stil.
Hou je mond.
Hou je mond.
Can't find what you're looking for?
Get subtitles in any language from opensubtitles.com, and translate them here.