Afrikaans
Akan
Albanian
Amharic
Arabic
Armenian
Azerbaijani
Basque
Belarusian
Bemba
Bengali
Bihari
Bosnian
Breton
Bulgarian
Cambodian
Catalan
Cebuano
Cherokee
Chichewa
Chinese (Simplified)
Chinese (Traditional)
Corsican
Croatian
Czech
Danish
English
Esperanto
Estonian
Ewe
Faroese
Filipino
Finnish
French
Frisian
Ga
Galician
Georgian
German
Greek
Guarani
Gujarati
Haitian Creole
Hausa
Hawaiian
Hebrew
Hindi
Hmong
Icelandic
Igbo
Indonesian
Interlingua
Irish
Italian
Japanese
Javanese
Kannada
Kazakh
Kinyarwanda
Kirundi
Kongo
Korean
Krio (Sierra Leone)
Kurdish
Kurdish (Soranî)
Kyrgyz
Laothian
Latin
Latvian
Lingala
Lithuanian
Lozi
Luganda
Luo
Luxembourgish
Macedonian
Malagasy
Malay
Malayalam
Maltese
Maori
Marathi
Mauritian Creole
Moldavian
Mongolian
Myanmar (Burmese)
Montenegrin
Nepali
Nigerian Pidgin
Northern Sotho
Norwegian
Norwegian (Nynorsk)
Occitan
Oriya
Oromo
Pashto
Persian
Polish
Portuguese (Brazil)
Portuguese (Portugal)
Punjabi
Quechua
Romanian
Romansh
Runyakitara
Russian
Samoan
Scots Gaelic
Serbian
Serbo-Croatian
Sesotho
Setswana
Seychellois Creole
Shona
Sindhi
Sinhalese
Slovak
Slovenian
Somali
Spanish (Latin American)
Sundanese
Swahili
Tajik
Tamil
Tatar
Telugu
Thai
Tigrinya
Tonga
Tshiluba
Tumbuka
Turkish
Turkmen
Twi
Uighur
Ukrainian
Urdu
Uzbek
Vietnamese
Welsh
Wolof
Xhosa
Yiddish
Yoruba
Zulu
Geef hier, Michael.
Bedankt.
Rose!
Van jou? - Ja.
M'n vader kocht 'm op de veiling van lady Pawson.
Lady Pawson, niet?
- Mooie kreeft, Michael.
Als je lacht, krijg je 'n schaar.
Michael!
Ik heb je al gezegd dat 't Gods schepsels zijn!
Doe weg!
Ik word er misselijk van.
Hij is geen droom voor 'n jong meisje,
maar dat weet hij zelf wel.
Ik kan hem niet luchten of zien, vader Hugh.
- Hij droeg je vroeger naar school.
Ik kan nu zelf lopen.
- Waar loop je nu naartoe, zo opgekleed?
- Nergens. - Precies ...
Hoe slijt je de dag, zo in je eentje?
Ik lees.
DE MAÎTRESSE VAN DE KONING
- Nou ja, ik las er niet echt in. - Dan doe je dus niets?
- Ik denk het. - Heb je niets te doen?
Precies!
Jammer, juffrouw Precies!
Niks doen is een gevaarlijke bezigheid!
Morgen.
- Winderig vandaag. - Dat klopt. Dat komt door de wind.
Het is die wind.
- Ik wil alleen vriendelijk zijn.
Ga terug naar Londen en schrijf.
- Ik kom niet uit Londen. - Ga toch maar.
Goedemorgen, mr. O'Connor. - Goedemorgen, Korporaal.
Moet je horen.
De politie papt aan met Engelse soldaten.
- Ik hoorde je wel, Moureen Cassidy.
Dat was ook de bedoeling.
Hé, Michael ...
Lieve Michael, laat je vangst eens zien.
Hoeveel weegt ie, Michael?
- Hoe lang is ie?
Ik heb nooit zo'n grote gezien.
- Michael, mag ik 'm aanraken? - Kom hier, laat 'm zien.
Michael.
Wat nu? Wat nu?
Wat moet ik met jullie beginnen?
Het was gewoon voor de grap.
Ben je gek, Maureen Cassidy?
Grap.
De duivel hale me als jullie niet allemaal bezeten en verdoemd zijn.
Ik weet niet wat er hier met de jongelui scheelt.
Ik weet het helemaal niet.
Ze slaan smerige taal uit, begaan voor de lol wreedheden.
De werkeloosheid is de schuldige.
Het doel van het Engelse beleid
is hen te bederven door ijdelheid.
Het werkt.
Ik zag jouw Rosy weer op het strand lanterfanten.
Hoeveel heb je voor die paraplu betaald?
3 pond en 6 pence.
Je verwent haar.
Het wordt tijd dat ze een vriendje krijgt, Tom. Een eigen huis en een vloer om te schrobben.
Jongens interesseren mijn prinses niets.
Ze heeft genoeg jongens in haar hoofd...
en die kunnen gevaarlijker zijn
dan 'n huis vol dronkaards.
Wel...
Als een van dat zootje goed genoeg voor haar is, wijs hem dan aan.
Rose.
Mr. Shaughnessy.
Wel...
Nou, wat leuk je te zien, Rose.
- U bent terug.
Ja, ik ben terug en ...
- Dank u. -Dank u.
Ik kwam u afhalen.
Dat is aardig van je.
We waren met een groepje naar een paar concerten.
Ik heb de programma's bewaard.
- Het Royal Philharmonic. - Berlioz en Tchaikovsky.
- Geen Beethoven? - Geen Beethoven.
De Engelse regering heeft het spelen
van Duitse muziek verboden.
- Stel je voor, wat 'n domheid. - Engels!
Alle regeringen zijn dom.
'n Ierse regering zou net zo zijn.
Misschien.
Dank u wel.
- Was het leuk in Dublin? - Ja en nee.
Een lerarencongres is geen ...
- Bacchanaal? - Bacchanaal, precies.
We voerden interessante gesprekken.
Er was 'n lerares uit Belfast ... 'n Verfrissende vrouw.
Oh.
- Ging ze ook mee naar het concert? - Ze had de partituur.
In welk opzicht was ze verfrissend?
Ze had een goed stel hersens. Een zeer moderne gedachtegang.
Ze zat al 50 jaar in het leraarsvak.
Oude mensen met frisse hersens zijn zeer verfrissend.
En er was een inspecteur van het ministerie die ons een adres gaf...
Het allerbeste was een professor
van de Sorbonne. Wat een brein!
- Wat zei hij? - Ik heb geen idee.
Het was aan ons niet besteed. Leraren zijn armoedige mensen.
Leraars zijn armoezaaiers, zeker!
Als dat zo is, hoe kunnen leerlingen
dan al die rijkdommen leren?
Wat?
Eén jongen zal zich ooit gelukkig kunnen prijzen.
- Rose? - Ik heb 'n vuiltje in mijn oog.
Rose?
Wat naar.
- Zal ik het weghalen?
- Nee, het is de wind maar.
- Bent u onderweg naar school?
- Nee, ik ga door de duinen mijn vrouw bezoeken.
Oh, ja.
- Dag, Rose.
- Dag, mr. Shaughnessy.
Hallo, Michael.
- Shaughnessy ...
- Je bent weer terug, Charles.
"Thuis is de zeeman, behouden terug van zee ..."
Zoals gewoonlijk? - Bedankt.
En...
- Wat heb je in Dublin gezien? - Bedoel je onlusten?
- Wat anders?
- Niets eigenlijk.
En...
- Was je niet in Sackville Street? - Ik kwam erlangs.
- Nou breekt m'n klomp!
- Wat zag je toen je langsliep?
- Een boel puin.
- De regering gebruikte kanonnen. - Dat heb ik niet gezegd.
- Wat heb je gehoord?
Ze gebruiken dezelfde zware kanonnen
als tegen de Duitsers.
En onze jongens worden opgejaagd
terwijl ze vrijwel ongewapend zijn.
De Duitsers zouden ons wapens moeten sturen...
als ze verstand hadden.
- Dat is verraad.
En vrienden die echt naar God luisteren.
en jij haalt de trekker over.
Als je zo praat, kom je in de bak.
Wat zeggen ze dat ze van plan zijn met degenen die gevangenzitten?
Dat ze opgehangen worden.
Leve alle Ieren.
Weg met de Engelsen! Op het succes van de Duitsers!
Een bijzonder goedemorgen, korporaal!
Twee zwarte stouts graag, Ryan.
En wil je er zelf ook een?
Gezien uw rijkdom, korporaal, ja.
- Vader? - Nee.
- Mr. Shaughnessy? - Nou ...
Nee, ik kan maar beter gaan. De school begint morgen.
Het schijnt dat de moffen
aan jullie dappere kerels de handen vol hebben.
Ja.
Moffen zijn lastiger
dan ongewapende Ierse kinderen.
Voor zover ik weet, mr. McCardle, werden er geen kinderen gedood.
Nou ja, goed dan. Wel.
Ze trekken je dit uniform aan -
- en zeggen geven de richting aan.
Dat doen de moffen ook.
En dat zouden jullie ook doen.
Bent u daar geweest, in Passchendaele?
- Nee, niet in Passchendaele.
- Wees blij dat u er weg bent. Ja.
Zo, de plicht roept.
Dag, Charles.
Dag.
Welkom thuis.
Stel je voor, 14 dagen in Dublin.
Doet niks, ziet niks ...
- Dat komt door het werken met de kinderen.
Z'n vrouw sloeg alle lef eruit.
- Ze was een goede, kuise vrouw. - Kuis was ze zeker, ja.
- Is dat niets waard?
- Nee.
Kom je om me te helpen?
Om te beginnen kun je het water opzetten.
Daar kom ik helemaal niet voor.
Ik kom om iets te zeggen.
Ik voel me hier als een kind ...
En ik ben geen kind.
Wist u dat?
Dat weet ik.
Rose, ik heb...
misschien wel een vermoeden wat je wilt zeggen.
U heeft geen idee.
Als het je kan helpen, misschien toch wel.
Ik hou van u.
Kom je mee naar binnen. - Nee.
Wil je dan gaan zitten?
- Waarom? Ik wil met je praten.
Ik weet wat dat betekent.
Rose, het kan gebeuren dat een meisje
verliefd wordt op een leraar.
- Dank u. - Maar het is fantasie.
Je ziet een spiegeltje aan voor de zon.
Zie je dat niet?
Ik zie u. U verlaagt uzelf...
terwijl u trots op 'n voetstuk hoort te staan.
Wel, Rose...
Dat jij hier kwam en zei wat je net zei,
is het enige waar ik trots op kan zijn.
Ik heb je alleen geleerd
over Byron en Beethoven en kapitein Blood. Ik hoor daar zelf niet bij.
- Ik ben niet gek. Maar je bent heel erg jong.
En is dat een halszaak? - Nee.
Nou?
Het is geen halszaak om jong te zijn.
Maar misschien wel dat
'n oudere man een meisje haar jeugd afneemt.
Vooral voor een man als ik en een meisje zoals jij.
Jij bent bestemd voor de wijde wereld, niet voor dit gehucht.
Ik? Ik ben ervoor geboren.
Het zou nooit gaan, Rose.
Dat weet ik gewoon.
Dus u wilt me niet?
Wil ik jou niet?
- Ja. -Oh.
Wilt u een vette fazant? Hij kost u niets.
Ho...
Hij herkende je.
- Hij moet ... - Hou je kop!
Kom met de wagen!
Jezus.
Een fraai stel wapensmokkelaars. - Komaan.
We komen nooit aan de kust, Commandant.
Het is 320 km naar de kust. - We lopen naar Limerick.
Milerick? De jongens wachten daar op ons.
Oh. - En kop op, Pat.
Ze wachten met een vrachtwagen.
Ongeveer 30 man.
Nu...
Het huwelijk is een heilig pact, dat door God bevolen is.
Als 't eenmaal gebeurd is, hebben jij, ik noch Charles zeggenschap.
- Het duurt tot de dood. - Dat begrijp ik.
God beschikte het om drie redenen:
Ten eerste opdat jullie elkaar zouden troosten
- op lange, saaie dagen en lusteloze avonden.
- Begrijp je dat? - Ja.
Ten tweede om kinderen te krijgen en die katholiek op te voeden.
- Wel, begrijp je dat? - Ja.
En ten derde
voor de bevrediging van het vlees. - Ja.
- Ben je daar bang voor?
Ja.
Je hoeft niet bang te zijn. Het is een normale lichaamsfunctie.
- Alle meisjes zijn vast bang.
Jongens ook.
- Ja? - Ja hoor.
Verandert het me als persoon?
Het huwelijk? - Nee, de bevrediging van het vlees?
Daar heb ik geen ervaring mee,
maar ik denk van niet.
- Dat wil ik graag.
Wat verwacht je, kind?
Vleugels?
Probeer maar!
- Zeven boten, allemaal curraghs.
Eén ding tegelijk. Hou de wacht.
- Goedemorgen, vader.
Goedemorgen.
- Morgen, vader. - Morgen, ketellapper.
Er is hier weinig te vinden. Het gaat allemaal naar Killins.
Ah.
- Maar toch succes ermee. - Dank u, vader.
Als dat ketellappers zijn, ben ik de bisschop van Cork.
We zetten één licht op het baken
en één op de klif.
Wat nu? Terug naar Dublin? - Morgen
Ik wil zien hoe Ryan is.
- Bent u klaar, mr. McCardle?
Rustig, Mr. Ryan. Ze beginnen niet zonder haar.
Vrouwen ...
Tim, heb jij de vrijwilligers in Phoenix Park voor de oorlog gezien?
- Ja, waarom? - Wil je dichterbij komen?
Ik zie dat jullie mijn foto bekijken.
Hier.
- Kunnen jullie iemand herkennen?
Dat bent u, kastelein. - Zeker.
En de man die me de hand schudt,
is commandant Tim O'Leary. - Ach
Rode Tim in hoogsteigen persoon.
1000 geheim agenten jagen al 5 jaar op hem.
Hij loopt op dit ogenblik vast en zeker rond in Dublin.
- Hij is een dappere man. - Stalen zenuwen.
- Kent u hem goed?
- Ik krijg af en toe bevelen. - U bent een zielige vent.
- Ik zal je wat vertellen ...
- Kom op, Ryan. - Dadelijk.
- Wens de jongedame geluk.
Geklets.
Dit verdomde land gaat nog eens aan geklets ten onder.
De dorpelingen zijn niks.
We hebben harde jongens uit Dublin nodig...
als de tijd rijp is.
- Wanneer komen die, commandant? - Dat weet ik niet,
- dat hangt van de Duitsers af.
Dat zijn ook kletsmeiers.
Met deze ring trouw ik u.
Met deze ring trouw ik u,
in de naam van de Vader, -
- de Zoon
en de Heilige Geest. Amen.
Ik schenk u dit goud en zilver
als symbool van mijn aardse bezit.
Welterusten, vader Hugh.
Welterusten, Rosy.
Kust niemand de bruid?
Rustig, jongens. Rustig!
Weg ermee!
Genoeg. Nu, gedaan ermee.
Nu,dat volstaat. Komaan jongens.
Dat volstaat.
Nu jongens, dat volstaat.
- Bofkont, en hoe voel je je? - Gelukkig.
- Gaat het, prinses?
- Het was maar voor de lol.
- Welterusten, vader.
- Welterusten, Rosy.
Vooruit, weg jij.
- Vertrekken jullie morgenochtend?
- Ja, mr. Ryan.
Je bent een lief meisje, Rose.
Nee.
Nee, dat ben ik niet.
- Charles! Lukt 't een beetje?
Een fijn gevoel voor humor.
Laat maar.
Charles, neem een beetje van dit.
Nu, kom, weg.
Rose? - Ja?
- Voel je je goed?
Ja.
- Welterusten, Rose. - Welterusten, Charles.
Rose?
Ik heb deze voor je gekocht.
Ze bloeien allemaal, zie je wel?
- Wanneer deed je dat? - Gisteren, net voor de kerkdienst.
Charles, je bent een uitzonderlijke man.
Goed zo.
- Nee ... - Ze zijn niet zwaar.
- Niet te geloven dat je hier bent.
Ik ben er.
Wel, dan.
Beethoven.
I...
Je bent niet zo dol op mijn bloemen, of wel?
- Ik vond ze bloeiend mooier.
Alles is beter als het groeit.
- Je bent te laat voor leeuwenbekken.
Dan plant ik wel wat lelies.
- Wat is er? - Ik wil mijn overhemd.
Je bent zo ook mooi.
Goed dan.
Ik weet het zo niet, Als er nou iemand komt?
Charles ...
- Dat zeg je altijd.
- Netjes! - Het is niet netjes.
Oké dan.
Het spijt me, Charles.
Trek het aan.
Nee, wat maakt het uit?
Nee, je had gelijk. Trek 't alsjeblieft aan.
Ik ga zo weer naar buiten.
Eén keer 6 is 6.
Twee keer 6 is 12.
Drie keer 6 is 18.
Vier keer 6 is 24.
Vijf keer 6 is 30.
Zes keer 6 is 36.
Zeven keer 6 is 42.
Acht keer 6 is 48.
Negen keer 6 is ...
54.
Tien keer 6 is 60.
Elf keer 6 is 66.
Twaalf keer 6 is ...
72.
Jullie werk staat op het bord. Je hebt alle pennen.
Geen geklets, Kathleen, begin er aan.
Aan het werk.
Rose ...?
Rose!
Waar ga jij heen? -Nergens.
Je hebt vreselijke haast.
Stop!
Wat is er mis tussen jou en Charles?
Niets.
- Beweer je dat je gelukkig bent?
- Ik beweer helemaal niks. - Ben je gelukkig?
- Nee.
- Waarom niet?
- Ik weet 't niet.
- Kom, laat me proberen. - Ik weet 't echt niet.
Goed
Omdat ik verwaand en dom ben,
zoals u me altijd verteld heeft!
Ik heb alles wat ik wilde!
Ja, dat heb je.
- Wat wil je nog meer? - Dat weet ik ook niet.
- Je liegt! - Nee.
Hoe moet ik het weten?
Ik weet niet eens wat er nog meer is.
- Je hebt toch een goede man? - De beste.
Dus?
- En hebben jullie genoeg geld?
Ja.
En je bent gezond.
Je bent niet ziek? -Nee.
Dan is er verder niets meer, ondankbaar wicht.
- Wel waar. - Nee!
Ik weet dat er meer is.
Er moet meer zijn, vader Hugh! Waarom moet dat?
God in dee Glorie! Omdat Rosy Ryan het wil?
- Ja!
Heb je warme oude kleren? Patsy Wheelan is erg ziek.
Ik zoek wel wat.
Dank je.
Je kan 't niet helpen dat je dromen
hebt, maar koester ze niet, -
- anders komen ze nog uit.
Majoor Doryan?
Sorry, maar ik moest een wiel verwisselen.
Sir.
Stap in.
Erin.
Komaan kinderen, opzij!
Was u bij de tweede slag aan de Marne, sir?
- Ik ook, sir. - Ja?
Het was me te veel.
Ik denk dat ze me daarom hierheen stuurden.
Het kamp komt eraan, sir.
Afhangende...
armen.
Kapitein Smith, sir.
Hé.
Daar zaten we op te wachten: een kreupele held.
Dus, sir...
Dit is onze communicatielijn met de buitenwereld.
De veldtelefoon is verbonden met het bureau in het dorp.
Archief ...
Hallo? Agent O'Connor hier.
- Hallo? Belde u ons? - Nee, veldwachter. Het was 'n test.
Waar was ik gebleven?
Oh, Ja. Verslagen. Verslagen. Transport.
Ze zenden een...
Wel, ik denk dat u uw kamer wilt zien.
Wel, nu, plicht...
De plichten vallen mee.
Oh, goeie kerel, Jimmy.
Goed zo, Jimmy. Hij zal goed voor u zorgen, majoor.
- Moe?
- Ja.
- Dat been doet vast pijn. - Ja.
- Stuurden ze u om uit te rusten?
- Ja, dat neem ik wel aan.
Dan bent u hier goed. Er is hier niks te doen, behalve lopen.
- O, sorry. Dat mag u zeker niet?
- Ik moet juist 8 km per dag lopen.
Dan bent u aan het goede adres.
U kunt hier mooie wandelingen maken.
Onze plichten zijn eenvoudig.
Het is meer politiewerk.
De kroegbaas is een bron van informatie.
- Een informant? - Ja. 'n Kroegbaas, hij heet Ryan.
Hij heeft niks te vertellen.
De veldwachter betaalt 'm soms wat.
Hij is best goed.
Grote mond, open hand, lege zak ...
Typische cafébaas, maar hij is best goed.
- Jimmy. - Sir?
Zijn m'n koffers ingeladen? - Ja, sir.
Nou, dan vertrek ik meteen.
Ik heb mezelf verlof gegeven. -Oh ja?
Verlof voor inscheping.
Frankrijk ...
Tweede bataljon, Southeast Lancashires.
Ze liggen aan het front.
Vertel me eens eerlijk, hoe is het aan het front?
Hoe is het in werkelijkheid?
De frontlijn?
Nu, ja...
ik kom er gauw genoeg achter.
Ik ben laf, begrijpt u?
Altijd geweest,
sinds ik een jongen was.
Ik kom er niet vanaf.
Misschien heb ik 't nooit echt geprobeerd.
Ik zou 'n moord doen om zoiets als u te krijgen.
Ik haat oorlog.
Van de gedachte alleen krijg ik al de bibbers.
Dat is mijn nachtmerrie, de bibbers.
Doodgaan vind ik niet erg,
als het maar vlug gaat. Een leven is niet veel waard.
Ik zou best 'n mank been willen
hebben, hoewel dat geen pretje is.
Maar de bibbers!
Shellshock.
Dat je trilt en schuifelt als een epileptische baby.
Nee, dan ben ik liever dood.
Ik kan het zien aankomen.
Ik ga mezelf te schande maken.
Je weet niet wat je zult doen.
Niemand weet dat. Je weet niet wat je doet.
Echt?
Ik las over u in de krant.
Dat was geen toeval.
- U zou het vast zo weer doen.
- Daar vergist u zich in.
U heeft uw plicht gedaan.
Nu is er een ander aan de beurt hé?
O jee, u ziet er uitgeput uit.
Hier.
Dit is goed spul ... en goedkoop.
Dat is de generator.
Dat rotding draait de hele nacht maar je raakt er aan gewend.
- Is dat uw huis?
Ja. - Asjemenou.
- Uw vrouw? - Ja.
- Mag ik? - Ga uw gang.
Oh.
- Mooie vrouw.
- Dank u.
- Komt ze over? - Nee, dat denk ik niet.
Hier zijn geen lekkere wijven.
Ze zijn of getrouwd, of maagd.
En die priester heeft ogen in zijn achterhoofd.
Het is hier verrekte eenzaam.
Waarom laat u haar niet komen?
O, sorry.
Bezint eer ge begint.
Het zal wel beter zijn als u even alleen bent.
Excuseer me.
Ik wip nog wel even binnen om afscheid te nemen.
Daar is hij.
Hinkepoot.
Sir?
Excuseer me, ik wist niet dat u serveerde.
- Ik let alleen zolang op, wat wil je?
Een whiskey.
Water?
- Wou u water?
- Graag.
Dank u wel.
Ik moet de deur opendoen.
Ga zitten.
Woon je hier? -Wat?
Woon je hier?
- Ik woon in de school. - De school?
Ik ben getrouwd met de meester. -Oh.
Ze zijn terug.
- Ik ken je naam niet. - Rose Shaughnessy.
Kom mee naar binnen, een rondje van de zaak!
Dat is mijn vader.
- Is je vader de kroegbaas?
- Ja. Waarom niet?
Ik kan niet zeggen dat u erg welkom bent.
Niet in uw officiële functie.
Maar als uzelf bent u welkom.
Een moedig man is moedig in welk uniform dan ook.
Engels khaki, Iers groen, of Duits grijs.
U bent zeer grootmoedig.
Geef me de vijf.
- U heeft m'n dochter al ontmoet?
- Ja.
De majoor is geen aap in de dierentuin ...
Prinses!
Raad 'ns wat je vader voor jou op de markt heeft gekocht.
Raad.
- Ik weet niet. - Kom kijken.
- Vader! Dat is veel te duur.
Oh, het is niets.
- Ach, een merrie van de markt.
- Ze is een Connemara-paard.
U ziet eruit als een kenner. Misschien wilt u uw mening geven.
Nu dan...
- Het is een mooi paard, mr. Ryan.
- Gaat u weg? -Ja.
Goedendag, mr. Ryan ... Mrs. Shaughnessy.
- Snob!
Natuurlijk is hij een snob, daar staan de Engelsen bekend om.
Ja.
Van het huis.
Hallo.
- En? Onze heer en meester gezien?
Ja. Een knappe jongeman. - Blather.
- Zie ik je morgen? - Hoe?
- Waar?
De toren. - Welke toren?
- Vraag de weg.
Hoe laat?
- Drie uur. - Ja.
- Wat is dat, lieveling?
Waarschijnlijk van de lelies.
- Je bent rusteloos.
Ja, een beetje wel.
- Ik ga morgen op Princess rijden.
Doe dat.
Het zal je vader plezier doen.
- Hoelang blijf je hier?
Tot ik om terugplaatsing vraag.
Naar het front?
Naar mijn eenheid.
Die ligt aan het front.
- Dat doe je toch niet?
- Nee.
Nu niet.
O, m'n liefste ...
Liefste.
- Morgen? - Als ik kan.
Goedenacht, liefste.
Goedenacht.
Rosy ...
- Hallo, Charles. - Hallo, Rose.
Waar ben jij geweest?
Wat is er gebeurd?
- Princess struikelde. - Nee toch!
Ik mankeer niets. Ik moet me even omkleden.
Het was mijn eigen schuld.
Ik wilde haar over 'n greppel laten springen,
maar ze viel op mijn been.
- Je been? Laat me eens kijken. - Het is niets.
- Als je 't zeker weet ... - Heel zeker, niets aan de hand.
Maar ze wou niet overeind komen.
Weet je wie me uit de brand hielp?
Die nieuwe Engelse officier.
- Majoor Doryan? - Ja, die.
Hij kwam langs en hielp haar.
Dat was een geluk.
- Wat heb jij gedaan? - Gewacht.
- Wees niet ongerust. Ik kan rijden.
Je kan op Champion rijden maar dit paard is nog niet afgericht.
Rose? Ze is nog niet goed afgericht.
Majoor dinges zei dat hij me zou helpen.
- Met het paard? - Ja.
Maar hij zal het wel niet gemeend hebben.
- Hij lijkt me 'n man van z'n woord. - Ja?
Hij lijkt me helemaal een fijne jonge vent.
Jij ziet altijd het goede in de mens.
Waarom ook niet?
We zullen zien.
Wil je wat eten? - Ik zou wel wat lusten, ja.
Rose?
Ja?
Je zou me nooit ontrouw zijn, toch?
Charles!
Het spijt me, dat had ik niet mogen vragen.
Nee, dat is een gemene vraag van een man aan zijn vrouw.
Meester, wat is dat?
Wat is dat?
Nou, in ieder geval niet de inktvis die jullie moesten zoeken.
Om te beginnen, dat is een isolator.
Het is een isolator,
waarschijnlijk van een Duits oorlogsschip.
- Die komen hier niet.
Dat weet je niet, misschien wel. -Nee, Timmy heeft gelijk.
Nu, zeg eens,
waarom ligt er zoveel rommel in Killins Bay?
Door de stroming om de landtong.
Het getij, goed zo, Tim.
Vooruit, ga door met zoeken.
Het wordt eb. Haast u.
Vooruit, Kathleen, ga zoeken met de rest.
Je weet nooit of je een diamanten tiara vindt.
Meester ...
Ja, dat is een inktvis.
Goed kerel. - Ik ga een grotere zoeken.
- Doe dat, Tim.
Kom mee!
Wat is er, meester?
Niets. Er is niets.
Komaan.
We moeten 'ns gaan lunchen. We eten in Barrow.
- Barrow is heel ver.
Loop dan eens door, daar gaan we eten.
De vloed komt op, meester.
Je hebt gelijk.
Hé, moet je Michael zien.
Michael.
Het is de majoor!
Hé, Tom! Kom eens kijken.
He wordt er erger op, weet je.
Michael, laat me je Victoriakruis eens zien.
Hoeveel Duitsers heb je gedood? -Oké.
Zeer onderhoudend.
Michael, je bent een perfecte gek.
Je bent echt niet goed wijs. Je vraagt om moeilijkheden.
Michael, doe ze af, nu! Komaan.
Michael!
Wat is er met hem?
- Wat is er gebeurd? - Geen idee.
Wij hebben hem niks gedaan.
Nou, Michael? Wat voer je in je schild?
Laat los!
Laat los, Michael, anders sla ik je.
Lieve Michael, laat los.
Majoor, laat me uw kruis aanraken.
Mijn man heeft er geen, ziet u?
Wel?
Wel!
Wat was de bedoeling van die voorstelling?
- Ik weet 't niet.
Waar ben je geweest? -Uit rijden...
Uit rijden, met majoor Doryan. - Je bent echt hondsbrutaal.
Vind je dat gepast voor 'n nette Ierse vrouw?
- Dat bepaalt mijn man.
- Heb je 't hem verteld?
Ja, natuurlijk.
Je man zegt wat je wilt, omdat hij van je houdt.
- Ja, hij houdt van me. - Heb je mij niets te zeggen?
- Wat, bijvoorbeeld? - Dat er niets is tussen jullie.
- Er is niets. - Zeg het dan.
Er is niets tussen majoor Doryan en mij.
- Er is niets. - Zeg het dan.
Er is niets tussen mij en Major Doryan.
Kijk me aan, Rosy.
Wat een gezicht!
Zeg het me nu. -Wat?
Je moet het toch bij de biecht vertellen.
Ik hoef niet...
te gaan biechten. - Kind!
- Kind?
- Vader. - Hallo dan ...
Rosy...
- Was er iets aan de hand?
- Nee, ik ...
Wilt u dan de gebeden doen? -Ja.
"Onze Vader..."
"di in de hemelen zijt, geheiligd zij Uw Naam."
"Uw Rijk kome, Uw Wil geschiede..."
"op Aarde als in de Hemel."
"Geef ons heden ons dagelijks brood. En vergeef ons onze zonden..."
"zoals wij vergeven aan onze schuldenaren."
"En leidt ons niet in bekoring, maar verlos ons van het kwade."
In de Naam van de Vader en de Zoon en de Heilige Geest.
Dat was het, kinderen Ga maar.
- Dank u, vader. Goedemiddag.
Graag gedaan, Charles
- Kan ik verder nog iets doen?
- Nee, ik geloof van niet.
Dan ga ik ook maar 'ns naar huis.
- Je bent laat. - Ik nam ze mee uit wandelen.
- Bij Brandon?
- Langs het strand.
- Om inktvis te zoeken? - Ja, inktvis.
Voor inktvis.
- Bij Brandon hadden we je gezien. - Ben jij naar Brandon geweest?
Waarom?
Ging je naar Brandon? - Ja.
- Ik heb hei geplukt.
- Ja.
- Ben je niet op 't strand geweest?
- Nee.
Nou ja ...
Het is mooi bij Brandon. - Ja, prachtig.
- Is er iets?
- Ik weet 't niet, Rose. Wat denk jij?
Er is niets met mij.
Dan is er dus niets aan de hand.
En de jam ...
De jam...
De jam en de zeep.
Maggie.
Dat is 18 pence.
- Kan 't wachten tot het weekend?
- Ja, maar niet tot sint-juttemis.
Dank je.
- Wat mag 't zijn? - Een theedoek, graag.
- Heb ik niet. -Oh.
- Vijf pond aardappelen dan.
Ik heb ook geen aardappelen.
- Wat is dat dan?
Ja, die?
Die zijn verkocht. Ik heb geen aardappelen.
Ik begrijp het.
Ik zie het zo: er zijn lichte vrouwen, hoeren, -
- en hoeren van Engelse soldaten.
- Het betrekt snel, vader. - Ja.
- Kijk nou toch eens!
Alsof ze de komst van Christus aankondigen.
Vooruit, wegwezen! Oké.
Neerzetten.
Rustig.
Oké dan! Dat is het. Komaan Joe, daar is een goeie kerel.
Komaan, het is laat.
Oké. Komaan, Sean.
Komaan, Tom. Je moet gaan slapen.
Komaan. Welterusten!
Hallo, Tom.
- Jij! Wat doe jij hier? - Komkom, Tom.
Phoenix Park, 1913?
Tim O'Leary.
Kom mee.
Oké, jongens.
Wat doe je gewoonlijk op dit uur, Tom?
- Ik ga naar bed, - Juist.
- Dit is Bernard, Naar boven kerels...
- Paddy. - Paddy.
Sean.
Joseph, Peter...
Mr. O'Keefe.
En Pat ken je. - Welke kamer?
- De achterkamer.
Maar Kommandant, wat gebeurt er?
- Geweren?
- Ja, Tom. Duitse geweren. - Duitse?
Dynamiet, granaten, alles wat de beweging nodig heeft.
We probeerden met boten uit te varen, maar ...
- Je moet erbij zien te komen. - Dat kan niet.
Maar Sean zegt dat een deel misschien kan aanspoelen.
- Aanspoelen? - Je bent er bij..
Alleen weten we niet waar.
Je kan geen hand voor ogen zien.
- Dus we wachten tot dageraad.
- Waanzin! - Wil je zwijgen?
Tom...
als het bij daglicht moet gebeuren, moet het snel gaan.
Dus we hebben een dozijn
goede, sterke mannen nodig. Daar zorg jij voor.
Maar als de wapens niet aanspoelen? - Juist.
Dan wachten we een uur en doen het zonder.
Eén uur, Tom ...
... en 12 sterke mannen... is al wat ik vraag.
- Kun je dat?
- Ik kan wel 'n dozijn optrommelen.
Wil je ze nu hebben? - Nee, nog niet.
Hoe later ze weten dat we hier zijn, hoe beter.
Laat ze slapen.
Heb je wat te eten voor ons? He wordt een lange nacht.
Paddy ... Tom ...
Breng de veldwachter z'n ontbijt.
Jezus Maria! Wat een nacht!
Geen kik, veldwachter.
Jij, dikke,
pak de handboeien.
- Waar zijn ze? - In de kast.
Draai je om.
- Ik doe dit onder dwang ... - Bek dicht! Boei hem.
Doe ze aan.
Mond open, veldwachter.
Is dat een telefoonkabel?
Snij 'm door.
O God,
waarom heeft u me dit aangedaan?
Hallo?
Met Ryan ...
- Heb je de kabel doorgesneden? - Ja.
Goed gedaan, Tom.
- Waar is de veldwachter? - In de kelder.
- Wil je dat we 'm afknallen?
- De veldwachter? Nee!
- Ga je mannen dan halen. - Ja, commandant.
Oké.
Ze zijn weg.
Ze zijn op drift geraakt!
Het lukt niet!
Maak dat je wegkomt nu het nog kan!
Tim!
- Bent u Tim O'Leary? - Ja.
- Vader, waarom heeft u dit gedaan?
- Ik niet, zij deden het!
Wel, weet je wat je aan het doen bent?
Weet u waarvoor we hier zijn?
- Heb je het? - Kijk daar.
Het ligt vast op de platte rotsen! - Waar?
De platte rotsen.
Tim!
Komaan.
Ja, Kathy.
- Komt u niet naar het strand?
- Iedereen is er.
- En waarom is iedereen op het strand? - Een schipbreuk, geloof ik.
- Een schipbreuk?
Genoeg, Tom! Je bent niet jong meer.
Kom nou!
O God!
Trek!
Oké, omhoog. U ook Vader. Up.Blijven gaan.
Goed zo, liefje!
Dat is goed.
Hé!
Dynamiet!
- Wat doe jij hier?
- Waarom zou ik hier niet zijn? - Waarom?
Dank je wel!
We houden toespraken over deze mensen,
maar bij God ...!
Bedankt. Je bent een man!
Kom op!
Eén...
Twee...
Drie!
Sean?
- Ik moet de kans wagen. -Ja.
- Ja. Succes.
Dank u wel. Uitstappen, graag.
Sergeant? -Sir.
Jij, hier. Jij.
Maak geen moeilijkheden, voor jullie eigen bestwil.
O'Leary?
Dat ding kan een boel mensen het leven kosten, majoor.
Sir?
Nee!
Vlug, loop, Tim!
Loop, Tim.
Geraak er, Tim, loop!
- Loop. - O'Leary!
Sir.
- Nee. - Nee.
- Moordenaar! - Niet schieten!
Wat is er met die schoft aan de hand?
Boe!
Schiet die slet van Shaughnessy.
Voorzichtig, man.
Mijn God, ze passen goed samen.
Gaat het, sir?
Heb je een sigaret voor me? - Ja, Sir.
- Wil je iets hebben?
- Een sigaret.
- Verder nog iets? - Ja ...
Donder op uit mijn land!
God zegene je, Tim O'Leary!
Wat gaan ze met die jongens doen?
- Ophangen, lieverd.
Hen ophangen.
Schoft!
Schoft!
Eruit!
- Je bent erg aardig voor me.
- Ja?
Ja ... Waarom?
- Ben ik dat niet meestal?
- Ja, altijd.
Charles, weet je het, of niet?
Ik weet het.
- Sinds wanneer? - Sinds het begin.
Laat je hoofd niet zakken, Rose.
Waarom zei je er niets van?
Ja, dat had ik moeten doen.
Ik weet 't niet.
Het was makkelijker om te zwijgen. Ik wilde het niet weten.
Ik dacht dat je misschien terug
zou komen als ik jullie liet begaan.
Charles?
Charles?
Mr. Shaughnessy is weggeroepen, dus ik neem de klas over.
Wat is de eerste les van vandaag, Danny?
Danny. - Ik mag van m'n vader niet met u praten.
Dus hij is echt niet hier? - Nee.
Ik weet niet waar hij is.
- Is hij weggelopen? -Ja.
Wanneer?
- Gisteravond.
- Hadden jullie ruzie?
- Ik was niet thuis.
Waar was je dan?
O, ik begrijp het al ...
Vanavond kan ik niets meer doen, ik ga hem morgenochtend wel zoeken.
Als hij komt, vertel 't me dan. - Vader ...
U kunt beter zijn kleren meenemen.
Zijn kleren?
- Lag hij in bed?
- Ja.
Jij verliet dus zijn bed en ging ...
Rose.
O, Rose ...
- Kom op, dit is geen uitstapje.
Oké Korporaal maar hier is niks.
Hij heeft iets bij zich. Vader!
Vader.
Goedemorgen, vader.
Neem me niet kwalijk, maar wat heeft u daar?
De kleren van een man!
Zo...
- Waar brengt u ze naartoe? - Naar de man!
Komaan, vader. Ik weet dat je het niet slecht bedoelt maar...
na wat er gebeurde, moeten we voorzichtig zijn. Welke man?
Een man, wiens vrouw 'm smeerde naar haar minnaar!
Een man die ik al sinds de dageraad zoek.
- Een man... Excuseer me, sir.
Een man die, gegrepen door waanzin, er blootsvoets vandoor ging.
Juist! Charles Shaughnessy.
We zijn hier klaar, sir.
Goed.
- Hallo, Charles. - Hallo, vader.
- Ik heb je kleren bij me.
- Ik dacht al: "Hoe kom ik thuis?"
- En wat te drinken. - Dank u.
- Wilt u ook een slok? - Graag.
- Je lijkt 't goed te stellen. - Ja, min of meer.
- Ja. Ik zal me aankleden.
Michael.
Hij zal wel op bot vissen.
- Wat heb je hier zitten doen?
- Nagedacht.
- Over Rosy?
- Voornamelijk over mezelf.
Bedankt voor de kleren. U bent er een uit duizenden.
- Zijn de kinderen niet gekomen?
- Nee.
Rose, ik heb je iets te zeggen. Ga mee naar binnen.
Ga zitten.
Rose, ik dacht dat ik kon wachten tot het uitgewoed was,
maar ik kan 't niet.
Ik had 't vast niet moeten proberen. Hoe het ook zij, ik kan het niet.
Dus ik ga je verlaten.
- Goed. - Blijf even zitten, Rose.
Wat gebeurt er nu tussen jou en hem?
- Niets. - Hoe bedoel je?
Het is voorbij.
- Omdat ik wegliep?
- Nee.
Het is voorbij.
Heb je 't hem verteld? - Nee.
Hij weet het dus niet?
Hij weet het.
- Hoe?
- Hij moet het weten.
Zijn jullie zo intiem?
Dat waren we.
Rose, je moet me de waarheid vertellen.
Zul je hem ooit vergeten?
Nee, natuurlijk niet.
Hij zal hier altijd rondwaren.
- Heb ik gelijk, Rose?
- Ja.
Het is kapot, Charles.
Ik heb het kapotgemaakt.
- Heb je over de toekomst nagedacht?
- Nee. - Ik wel.
Ik denk dat we geen van beiden in dit dorp kunnen blijven.
Nee.
Het wordt tijd dat ik verderga. En jij hebt hier nooit thuisgehoord.
Ik heb mijn geld geteld. Ik heb ongeveer 200 pond.
Alles hier, zonder de grammofoon, levert nog wel £50 op.
We verdelen het in twee.
Dat kan ik niet doen.
We zijn geen vijanden, Rose.
Hou daarmee op!
- Waarom moet het Rosy zijn?
- Ze pleegde ontucht met die vent.
- Dus je bent terug?
- Wat moet dit? Wat willen jullie?
- Niet jou. - Smeer 'm dan. Vooruit, ophoepelen.
- Vooruit, eruit. - Kop dicht, Shaughnessy.
We wachten op haar!
Jij.
Jij bent berecht en schuldig bevonden. Jij bent de verrader.
- Wat? Ze barst bijna van de onschuld.
- Joe, in Godsnaam, doe haar geen pijn, doe haar geen pijn.
- Was ze 'n man, kreeg ze de kogel.
- Wat moet dit betekenen? - Luister, stomkop.
Iemand is die dag naar het kamp gegaan
om Tim O'Leary te verraden.
Wie woont er dichtbij? Wie had genoeg tijd?
Wie zou het doen? Wie deed 't?
Die hoer die jij je vrouw noemt.
Knoop haar op!
Iedereen had 't kunnen doen.
- Het hele dorp was op het strand.
Uitgenomen jij, jij kwam later.
We kwamen samen, spraken met niemand. - Natuurlijk zeg je dat.
De kleine Kathy was bij ons.
De kleine Kathy zegt alles wat jij vertelt.
Iedereen had de mogelijkheid
om te bellen. - Daar vergis je je in.
Dat konden ze niet. Of wel, Tom?
Nee. - Waarom niet?
- Omdat Tom de kabel doorsneed.
Of niet, Tom?
- Je ging toch zelf naar binnen?
- Ja. En je sneed de kabel door, of niet?
Ja.
Nou, wat heb je nu te zeggen?
Niets.
Neem haar mee naar buiten.
- Jullie nemen haar nergens mee.
Stop!
- Een verraadster. - Dat is ze.
Stop him.
Pak hem bij de handen.
Stilte! Achteruit!
Ga opzij!
Doe het.
Prinses ...
Wat is er aan de hand?
Daar is ze.
Dat ze uitgekleed werd, ging per ongeluk.
Rustig, Joe.
- U maakt misbruik van uw gewaad.
Daar dient het voor. Komaan Joe.
Een priester is maar een gewoon mens.
Vooruit.
Vooruit, Michael, wegwezen!
Vooruit, wegwezen!
Hallo.
Hou maar.
Wat?
Ze dachten werkelijk ...
... dat ik degene was die die man verraadde.
Rose...
Ik geloof geen moment dat iemand hem verraden heeft.
Waarom zouden ze? Ze...
Ze wilden alleen dat het zo was. Ze wilden dat jij de schuldige was,
om andere redenen.
Eigenlijk zijn ze jaloers op je. Dat zijn ze altijd geweest.
En ze hebben mij altijd veracht.
Ze mogen niet weten dat ons huwelijk kapot is.
We moeten de schijn ophouden tot ik hier weg ben.
- Wat?
- Ik weet 't niet.
Het leek even grappig, meer niet.
Michael, geef dat aan mij.
Goed, hou het dan maar.
Ik dacht dat we vrienden waren.
Die ook. Geef hier.
Kijk ...
In godsnaam ... Ik zal je geen kwaad doen.
- Dat zullen de soldaten wel zijn. - Soldaten?
Ja.
Het strand lag bezaaid met ... spul. Dat maken ze onschadelijk.
Oh, ja.
- Vooruit,raap ze op!
- Ik heb blaren, Korporaal.
- Die zijn ook niet lang in de rouw. - Nee.
Denkt ze dat hij zelfmoord pleegde?
Ze zegt...
Volgens mij was hij een man die leed.
- Je houdt zielsveel van haar, niet Charles?
- Ja.
- Klaar? - Ja.
Het is niet allemaal jouw schuld. Ik had niet met je moeten trouwen.
Nee.
Je mag vader Hugh wel vertellen dat we gaan scheiden, als je wilt.
Nee.
- Rosy. - Father.
- Het wordt mooi weer voor de reis.
- Ik hoop het wel.
Wel, dan, hoe gaan we het aanpakken?
Margaret.
Kom hier, Margaret. Kom hier.
Binnenkomen, Kathy!
Kathy, moet ik je een pak rammel geven?
Pak mijn arm.
- Een fijn afscheid.
- We zijn binnen vijf minuten weg.
Vader ...
Vaarwel, vader.
Vaarwel, prinses.
Het gaat wel.
- Echt, schat? - Ja.
Ik verheug me best op Dublin en zo.
Echt waar.
Je praat net als je moeder.
Kun je je moeder nog herinneren? - Een beetje.
- Herinner je je
... de ruzies? - Ja.
- Ik heb haar nooit geslagen. - Dat weet ik, vader.
Jij zou nog geen vlieg kwaad doen.
- Ik zal je schrijven. - En ik schrijf jou ook.
Wel, Misschien, ik zweer bij God
dat ik zal schrijven, iedere ... - Best, vader.
We zullen allebei regelmatig schrijven.
Vaarwel.
Wacht even, ik moet nog afscheid nemen van je man.
Weet je, Rose.
toen je met hem trouwde, vond ik dat je iets veel beters verdiend had.
Nu weet ik niet of er wel betere zijn.
Wil je hem dat zeggen?
Mannen zeggen zoiets niet makkelijk tegen elkaar.
Shaughnessy ...
Mike ...
- Vaarwel, Shaughnessy.
- Vaarwel, mr. Ryan.
Hebben jullie wel geld genoeg? Ik heb er wat bij mij.
- Ja, we hebben genoeg. Dank je wel, tot ziens.
Veel geluk!
Donder op en kom niet terug! - Donder op.
De bus komt zo.
Het is opgeklaard, precies zoals ik zei.
Ja.
Mooi weer om te reizen.
Een goed teken.
- Dank je.
- De bus komt eraan.
- Hebben jullie 'n adres in Dublin?
- Nee, vader.
Ik heb hier het adres van 'n nette vrouw, -
- die 6 shilling per week vraagt voor 'n kamer met een schoon bed.
Zes shilling voor jullie twee.
Jullie vinden niets beters. Niet in Dublin.
Nee, dat zal wel niet.
Dank u, vader.
Dag, Michael.
Ik heb een afscheidscadeautje voor je.
'n Stukje van St. Patricks staf.
Maar ik geloof niet dat 't echt is.
God zij met je, m'n kind.
Vooruit, stap in.
Ik help wel met inladen.
Bedankt voor heel veel dingen.
Charles?
Ik neem aan dat je overweegt dat Rosy en jij moeten scheiden.
Dat dacht ik al.
Misschien heb je gelijk, maar ik betwijfel het.
Dat is mijn afscheidscadeau voor jou. Die twijfel.
God zegene je.
Ik weet het niet ...
Ik weet het helemaal niet. Kom, Michael.
Can't find what you're looking for?
Get subtitles in any language from opensubtitles.com, and translate them here.