Afrikaans
Akan
Albanian
Amharic
Armenian
Azerbaijani
Basque
Belarusian
Bemba
Bengali
Bihari
Bosnian
Breton
Bulgarian
Cambodian
Catalan
Cebuano
Cherokee
Chichewa
Chinese (Simplified)
Chinese (Traditional)
Corsican
Croatian
Czech
Danish
Dutch
English
Esperanto
Estonian
Ewe
Faroese
Filipino
Finnish
French
Frisian
Ga
Galician
Georgian
German
Greek
Guarani
Gujarati
Haitian Creole
Hausa
Hawaiian
Hebrew
Hindi
Hmong
Hungarian
Icelandic
Igbo
Indonesian
Interlingua
Irish
Italian
Japanese
Javanese
Kannada
Kazakh
Kinyarwanda
Kirundi
Kongo
Korean
Krio (Sierra Leone)
Kurdish
Kurdish (Soranî)
Kyrgyz
Laothian
Latin
Latvian
Lingala
Lithuanian
Lozi
Luganda
Luo
Luxembourgish
Macedonian
Malagasy
Malay
Malayalam
Maltese
Maori
Marathi
Mauritian Creole
Moldavian
Mongolian
Myanmar (Burmese)
Montenegrin
Nepali
Nigerian Pidgin
Northern Sotho
Norwegian
Norwegian (Nynorsk)
Occitan
Oriya
Oromo
Pashto
Persian
Polish
Portuguese (Brazil)
Portuguese (Portugal)
Punjabi
Quechua
Romanian
Romansh
Runyakitara
Russian
Samoan
Scots Gaelic
Serbian
Serbo-Croatian
Sesotho
Setswana
Seychellois Creole
Shona
Sindhi
Sinhalese
Slovak
Slovenian
Somali
Spanish
Spanish (Latin American)
Sundanese
Swahili
Swedish
Tajik
Tamil
Tatar
Telugu
Thai
Tigrinya
Tonga
Tshiluba
Tumbuka
Turkish
Turkmen
Twi
Uighur
Ukrainian
Urdu
Uzbek
Vietnamese
Welsh
Wolof
Xhosa
Yiddish
Yoruba
Zulu
MUZIEK Dat is soms angstoeven.
Dat kan nu een treden schwen.
Ik vind het zo overkom.
Ik vind het schuis.
Ze houden we onze werkvolle tijd.
Dat is nog niet.
We hebben ze nogal gezegd.
Je moet er nog wel eens stenen.
Ze moeten er nog wel eens schieten.
Ze moeten er nog wel eens stenen.
We hebben ze nog niet gespeeld.
We hebben ze ook nogal gespeeld.
We hebben ze ook niet gespeeld.
We hebben ze nogal gespeeld.
We hebben ze ook niet gespeeld.
En van Ríozo... Wisten er schikker, ze ha samurai zijn op nattoen.
Thou siellä van de rastre.
Ooh, het is best英 hé!
Nou, zo blijven we bij them aan het zenden, dat zijn de tijd van de em demişel!
Hij聯kele display terugk startersen through.
Defilende speelaars, dit is er seraat hetphones he?
Magaflachten blijven meerdels.
Wat hier, kijk hier, kijk hier, kijk hier, kijk
hier, kijk hier, kijk hier, kijk hier, kijk hier.
Oh, de kopen.
Gekijk, oren zou je daadigen, ik wisten.
Ja, het is een kustzaken, we vinden dat.
Onder?
Kom, wunder, kopen!
Dus alles aan de start?
Ja, ik hoef dat.
Ik heb hier ook twee voor.
Helfen, maar ik ben geweld, want ik ben krengen.
Weetjes met moeilijk.
De scheissen was moest nog veel kracht stelen.
Om zoiets te vragen, dat is de scheissen aan het moed.
Ja, ik heb wel veel Spaß, maar we gaan schrozen.
Wat is het best best?
Vook, onder.
Vogi, wertzieten.
Ik heb ook zoveel zetje warm.
Vook, onder.
Was je er?
Ik stijst nouvel uit de handreniën.
Mijn liefde is er ondeseerd.
Mijn liefde is er ondeseerd.
Mijn liefde is er ondeseerd.
Het is wel een probleem aan de löser.
We hebben die löser gewonnen om te lopen.
Dat is nog een eigen löser.
Het is wel een echte zaak.
Gronddaar!
Het is ons vlucht om soms te doen.
Wat wil je te doen?
Ik zie hem.
Ik zie hem.
Ik zie het niet.
Ik zie het niet.
MUZIEK.
Dit is toch moeilijk?
Daar is de eeuwchijn.
Dat is best.
Kun't ze niet zien scherp mee?
Kook, weg.
Er zijn een aantal stukken.
Doe het eens aan het handen.
We hebben een slecht om hier naar vliegen.
Meetal.
Het is nog hier wat mochtbaar, maar dan gaan we niet meer heren.
Het slaat wat voor?
Laten we het boven?
Ja, ik heb nog een beetje ontwikkeld.
Als we wat maken, wanneer?
Ja, schakelen we het ook mee.
En wie is het nou een keer?
De mooiste.
De voetbalen lekker ligt hier.
Blit ze belangrijk.
Hoor, de weg?
LEGTZE HTEROOOOST, LACOVENT, EN LACOVENT.
KULK., MUZIEK.
onlyics, dear, KUNK.
Het is dusel klein, he.
K'n klein.
K'n klein is het mee.
K'n klein is het mee.
LACOVENT, Mijn zomst, LACOVENT, LACOVENT, MijnChroncouw.
K'n met ieder geantwoord, K'n met ieder geantwoord, K'n met ieder geantwoord.
Hoop prachtig.
Kook, ronder!
Kook, ronder, kook, ronder, wat aan de scheise!
Magst dat het eenchein was, de wist?
Mijn handen op rinnen, mauw helpen.
Moet op.
Dat is niet, hè?
Dan ligt het eind.
Schoengen.
Schön fessien, je wist je?
Je lek nog geen schmerzen in zijn ogen.
Schön erummen.
Fessien.
Nein.
Ah, waarschijnlijk.
Hè?
Ah, wat is spazt?
Ja.
Heel smaul.
Het is werkt.
Super.
Ja, het kan rusten om schemplouwen.
Ja, nog eens om dat niet te plouwen.
Dat is een schrijfste, hè?
Hmm... Het is een schmitten.
Dat is heik.
Wat is dat?
Weet je wel.
Weet je wel, dit is een schrijfste.
Weet je wel.
Dat is de stijfste.
Ik weet het wel, ik weet het wel.
Wat is dat?
Ik weet het wel, dat is wat ze lopen.
Nee?
Ja, dat is een weg.
Dan dan was het boven die, maar dat...
Oh.
Einde van het neemt.
Oh, ik moet de handen van het vroeger.
Dat is een liefheers, ik moet het even.
Oh.
Oh.
Ach, speist hij die aia lang.
Oh.
Ik ben die aia lang.
Jij bent bestel me, hoor.
Nou, je bent ons klaar te beheuwen om te doen.
Ho, schijt was.
Wat moet ik nog nog volgen?
Wat moet ik nog nog volgen?
Het had ik was nog volgen.
Wat moet ik nog volgen?
Het is de schlegen met de voldoede.
Oh, 1.
Oh, 2.
Oh, 3.
Oh, 4.
Oh, 4.
1... 2... 3... 4... 4... 4... 5... 6... 7... 8... 9... 10... 20... 21... 21... 21...
21... 24... 21...
22...
22... 20... 28... 21... 28...
21... Waar is de zin?
Waar is de zin?
27.
28.
29.
31.
32.
34.
36.
37.
38.
39.
40.
41.
43.
43.
43.
43.
43.
42.
43.
43.
69.
61.
41.
49.
69.
69.
69.
We hebben ons wel een tijd van phonen.
Dismatisch.
Het is hier het woorden bij 60 jaar niet.
Ze hadden hier.
De wiskers of het klaar te zijn?
Ja, het lijkt wel spijl.
Ik ga hem rondom met eeuwen.
Ik heb ze eruit gelös om te vinden.
Onder!
Onder!
Onder, het is hier!
Ratselig, ik vanaf dan!
We gaan ze een nieuwe vraag schieten.
Onder, ik heb er nog een schroven lassen.
Maar je hebt het gesicht nog ontstrokken.
De schroven toch zijn?
Nee, een verschil in de oude kratsel.
Nee, ik heb het niet zingen.
We gaan naar de maf, ik heb het niet zingen.
Ja, we gaan naar de maf, ik heb het niet zingen.
Dan gaan we naar de maf.
Onder!
Dan gaan we hier wel rondom.
Ik heb het niet zingen.
We gaan naar de maf.
We gaan naar de maf.
We gaan naar de woontje, we gaan naar de maf.
Ik zou het niet meer rauw hoog, als we het met de zin doen.
Ja, ik heb het niet meer in de kratsel.
We gaan naar de maf.
Onder!
Onder!
Is het een feier omheen?
Ja,
ik kom daar zin.
Wat heb je nog gedacht?
Wat heb je gedaan?
Wat heb je gedaan?
Wat moet je dan doen?
Of je te verhalen zo correct met de woord?
Wat moet je doen?
Je moet zo doen.
Voor, kruin naam in ms.
Ace!
Maar zou kronten!
Dag Sloon!
Maar ik wil een andere stier spienen.
Dat is nu een sein.
Ik weet niet waarom.
En werkt.
Zul je nou eens uit?
We laden jaren nog.
Als maal en machet zwaas.
We maakten ons maal.
Maar als u een tier naar.
We maakten ons een schwein, du bisten schwein.
Ja, ja, superp.
Dat is een schreien ogen als je een beetje pijs hadde.
Machen we schweinig, kom.
Dat is geen malin, hè.
Nou,
kom, Belmond, is het niet?
Belle.
Belle!
Ho!
Kom, weiter.
Ja, weiter.
Lauter.
Oh!
En nu?
Nu zijn we een mitje kerst.
Mietje kerst.
Lauter.
Mietje!
Dat is niet sys.
Ik moet zeggen, we nemen het naar ogen.
We moeten hem naar huis klappen, we houden.
Ik weet die.
We hebben er gedacht.
Deel?
Ja.
Deel?
Nee, ik heb het een beetje kerst.
Deel!
Deel.
Komen voor romantieken.
Ja, ja, dat is een zeiden.
Hij
is nog een leuke hulft in de macro.
Magst ons?
Magst ons?
Magst ons?
Mijn bepoel?
Ja.
Laat het her.
Ja.
Schoen met ons, hè?
Ja.
Wat stagen alle men?
Wat is er in je vrouw?
Ik versteel niet zo'n schlecht.
Wat verdiet je te begeten?
Ik moet zo'n mogen liggen.
Het is best een beetje lang.
Wat?
Ik heb nou een momentje.
Ik heb een momentje.
Ik heb een momentje.
Nou, is het romantisch?
Of het romantisch is?
Ja, ja.
Ik heb een geboottext, tot de man.
Het is nog stil.
Ja, dat is nog schwaas.
Ja, dan is het klaar voor ons verreikt.
Oh, oh, oh.
Wat heb je gehoord?
Oh, oh, oh.
MUZIEK.
Het is oké, dit lijde tanden.
Toen is het maar weer, er was, hè?
Op z'n is het z'n moeilijk.
Een trekstje.
Mooi doorkomst.
Moet...
En u heb
u als me een heren aan d'r praten.
Ja, Irene.
Laute.
Ja, Irene.
Ja, dat is... Dat is wat die zullen hangen.
Ja, dat is een zonnehaal, we gaan nu, hè.
Die werden veel spassend.
De prilfung is er eng zo'n bestalten.
Wat zegst duw?
Los, kom.
Wat nou?
Doe op de ogen.
Kom, wuut?
Kom, wuut.
Kom kut.
Kom, wuut.
Kom, wuut.
Deze bevroes?
Nou, de bevroes.
Hoe laat je het woon?
Ja.
Kom me rein, vlieg ze over.
Ja, dat mocht ja schon wel eens goed.
Jezus, maar letten.
Ja, dat was het.
Ik moe het nog gehoon.
Wat moest je me voor meneer je schoog, je moet ze.
Het is een trekkerschmozen, hè?
Dat is afleggen.
Dan kan je het nog nog niet meer in de zongen in de boten wischen hier.
Perfecte zoveel eigenheid.
Ik ben bijna een stutternaam.
Ik zie een geant.
Ik heb een schermelje.
Misschien heb ik zoveel scherm gesproken.
Ik ben bijna een beetje nog een grondje.
Kijk eens wat ook zo in je?
Naartom is het niet.
Wat vind je nou?
Wat vind je nou?
We zijn daar kopen, hè?
We zijn daar niestkant zo in mijn.
Kopen we het aan?
Oh, onderkomen, een חoten van sinds.
Oké, zo volgens de moche gericht, en kom er riech door.
Het is grond.
Wat is dat?
Het
is de eerste zin.
Dat is de eerste zin.
Het is het!
We gingen niet met deze gewormd, zijn bij ons gelemd.
Dat is een probleem voor de scherms.
Dat is een probleem voor de scherms.
Doe dit nou een kruisels?
Kom, zie je stort?
Dit is een partje.
Goed, ik denk het met.
Wat is het met?
Ja, ja.
Moet ik er nog eens knucken?
Kom naar de ogen te nemen.
En naast
de rijkje het zuin...
En
als we er even gaan zijn, dan kun je ze schrikken door schrek...
Kijk, als ze nog eens schrikken, dan moet je de rijkje zin.
Weet niet, ik sober niet.
Ik ben er lang.
Dat is ja heren.
Ja.
Dat is mooi, dat zijn mijn archen bestekken.
Dat kan je nog even naar de arpen?
Ja.
Dat zou ze maar niet aangenen kan.
We zijn hem ons wichtige ring voor aden, nood.
Dat is een mooi dief, zongel in mijn muzen.
Een mooi dief, een beetje omslag.
Hij kreeg ook die luft.
Een stijf van laus.
We kan het maar weer grondelen, wie?
Ja, wauw daar.
Dat is mijn schlag om mijn mojtje uit.
Kom dit in de kutseler, wat?
Is dat een aangekomen?
Het is een mooi liefstum.
Ik moet ons te houden, ik moet je in het dak geleden maken.
Ja, ik ben hier.
Ja, ja.
Er is mooi.
Hij was goed.
Maar intended niet.
Er is mooi.
Ik vind het niet leuk.
Er is de joh.
Ik moet alweer stegen.
Mmm... Ik moet het zeggen.
Voor het mochie leken.
Kan nog wat meer leren.
Ja, dat is genoeg sparsgehaald, hè?
Ah, dat is mochijn.
Kijk eens eens wat lekkers te essen maken, hè?
In deze houd is genoeg te doen... kochen, putzen.
Genoeg arbeit voor grondende schweine.
Wat is verstandend?
Ja, ja.
We moeten het nog refueling maken, ik vind het ook niet.
Die is nu het geluid.
Die is gewoon beam.
Ja, dat ligt.
Ja, dat ligt.
Ja, dat ligt.
Ja, dat ligt.
Ja, dat ligt.
Ja, dat ligt.
Die ligt.
Ja, dat ligt.
Ja, dat ligt.
Ja, dat ligt.
Die ligt dan niet op.
De eerste zin is een drekkere weg.
Ja.
En we müssen nu nog een saustal te speisen.
Het ziet er eigenlijk oud aan.
Nou, dat is de scheffet.
De scheffet?
Dan ga ik het gewoon op zo'n aantal te putten met dit.
Ja, die prachtig schreien.
Zo, duurkijnen is afschlocht.
Dat is ja niet auskent in onze maas, maar ik
heb hier ook nog wel eens een besen geproft.
Wat is dat nou voor ja?
Het is een schmele!
Jo, ongeluifst!
Ja, het is een trekschwein.
Wat is geil van ons?
Hier is ook weg.
Dan
kopen we het eisen uit te brengen.
Ik heb ook nog maar een t-shirt.
Wat maam ik ben nu zeker aan het aangeklaasd aan het.
We zijn niet erz wevrouw.
De slootstik is ervast.
MUZIEK.
Voeg je hem dan aan dat tevrouw?
Wat zijn weνοk?
Oah, doeh, doeh...
De vroeg zijn toch niet.
Die de vrouwen schroeg zijn niet in de schrolon.
Ik heb nog niet verdelen, maar ze zijn nog niet in de schrolon.
Dan is het ook niet he, ik moet niet zijn.
Hier in de kuygemaar is de esend op mama.
Wat wil je essen?
Kijk, wat je te machten door je eerst.
Raus, dat is eindschijn.
Ons?
Wat was vergesend?
Wat is er in?
Ik zal dit schik maken.
Mogen we deze albere schrijven op?
Maar voor deze dumheid, kan ik zo 10 of halen in de resten.
Zijn.
Echt?
Echt.
Ja, alles is sch... Wat zien we?
Ja, het is goed.
Er is een schlertkijger uit de andere, maar de voorrouw.
Ja, redig, kondensomtje.
Er liggen moesten.
Er waren een wat zulabier.
Ja, ja.
Maar stenk het het gingen we heel goed in kruk, met ons onschrein.
Dat is het niet gedacht dat we met die markt.
De spontaren zijn die best in die besten.
Ja, het was eigenlijk de chef van model, maar... Ach, dat komt nog.
Wat is het?
Dat is een gebied in 14th-Hand.
Ja.
Dat is er verder.
Ja, klaar.
Dat is er een kender dood.
En we stijgen ons bij Eier.
Alles een week.
Die enkevete is alle vorms ook grunden.
Zeen spijner hadden.
Maar waarom is het dus echt gespaald?
Ik bedoel, dat wens zei ik.
En doekblik ligt hier ook glöd.
Dat is niet meer zo stressig.
We gaan gewissen.
We zijn ons dorgend.
We hebben het wel geen haus, maar een gode hausklaven.
O,
is het wat mechrichtig als je het naast moet worden?
Wat is het dat je de vende zin hebt?
We moeten nog wat aan de eieren maken.
O ja, die eieren was wel een beetje kwel.
O ja, dat is de schwein, dat is me even kopen.
Schwein?
Weet je het essen?
Weet je het essen?
En schwein kan het.
Ik hoop dat je de schwein is.
Dan ga je einkomen.
Oké.
Dan ga je de rest besogen.
Dat is kalt.
Het is een waarschijnlijke brotje.
Kijk eens eens maar bij de geurige stijn.
Ja, we heren.
Ik stroeg aan het eens op zo'n.
Nu stroo de eigen stijn.
Nu, nu, nu, nu, nu.
Hadst u ongeveer een heerst geslaasd?
Ja.
Heerlijk.
Ja, heerlijk.
Dat zei ik de nieuwe idee.
Ja, dat is een scheiß er dan.
Oh, een schwein.
Die klemmen je trannen.
Ja.
Wat zou je zien?
Wat is dat?
Het is toch trannen?
Het
is helemaal een beetje een schwebken.
Ja.
Dat is heel veel kralte.
Wat doe je?
Is dat wat duwst?
Ja, heren.
Dat is een schwebken.
Kleiner, wonderfoolig.
Ja, sheen schwebken, dit is z'n zak.
Het is nu stief voor ons klaven schwebken.
Schwebken, he?
Schwebken, he?
Ja.
De klemmen.
Oh.
Oh.
Zin, he?
Oh.
Oh.
Si.
Ja.
Echt een schwebken.
He, ik word je een schwebken.
Ja, het is expreselens kan je wel.
Ja, dat heb je wel.
Je moet nu een schwebken, he?
Dat moet je even schwebken.
Ja, die is echt.
Dan moet ik wel een schwebken, he?
We gaan ons nu terug.
Dan moeten we
die klameen weer ab.
De gesloog hier kan nog vrouwen dus lekker ab.
Ah...
Ah.
Ah, die ene stult er moest bij.
En het is heel punstvol, is het gezet?
Ah, ja, ja.
Ah, dat is wel oud.
Soet je een heel korte pauze?
We gaan kijken.
Doe genies niet.
Dus ik moet mijn achet verschwelen.
Ja, ja.
Ik zal alleen weg.
Ik moet mijn gesloten.
Ja, ik moet zijn binnenbehalden.
Ja, ja, ja.
Het mag zo'n broodlucht, het is verstandende.
Ja, ja.
Can't find what you're looking for?
Get subtitles in any language from opensubtitles.com, and translate them here.