Afrikaans
Akan
Albanian
Amharic
Arabic
Armenian
Azerbaijani
Basque
Belarusian
Bemba
Bengali
Bihari
Bosnian
Breton
Bulgarian
Cambodian
Catalan
Cebuano
Cherokee
Chichewa
Chinese (Simplified)
Chinese (Traditional)
Corsican
Croatian
Czech
Danish
Dutch
Esperanto
Estonian
Ewe
Faroese
Filipino
Finnish
Frisian
Ga
Galician
Georgian
German
Greek
Guarani
Gujarati
Haitian Creole
Hausa
Hawaiian
Hebrew
Hindi
Hmong
Hungarian
Icelandic
Igbo
Indonesian
Interlingua
Irish
Italian
Japanese
Javanese
Kannada
Kazakh
Kinyarwanda
Kirundi
Kongo
Korean
Krio (Sierra Leone)
Kurdish
Kurdish (Soranî)
Kyrgyz
Laothian
Latin
Latvian
Lingala
Lithuanian
Lozi
Luganda
Luo
Luxembourgish
Macedonian
Malagasy
Malay
Malayalam
Maltese
Maori
Marathi
Mauritian Creole
Moldavian
Mongolian
Myanmar (Burmese)
Montenegrin
Nepali
Nigerian Pidgin
Northern Sotho
Norwegian
Norwegian (Nynorsk)
Occitan
Oriya
Oromo
Pashto
Persian
Polish
Portuguese (Portugal)
Punjabi
Quechua
Romanian
Romansh
Runyakitara
Russian
Samoan
Scots Gaelic
Serbian
Serbo-Croatian
Sesotho
Setswana
Seychellois Creole
Shona
Sindhi
Sinhalese
Slovak
Slovenian
Somali
Spanish
Spanish (Latin American)
Sundanese
Swahili
Swedish
Tajik
Tamil
Tatar
Telugu
Thai
Tigrinya
Tonga
Tshiluba
Tumbuka
Turkish
Turkmen
Twi
Uighur
Ukrainian
Urdu
Uzbek
Vietnamese
Welsh
Wolof
Xhosa
Yiddish
Yoruba
Zulu
Weet je, Panocho? Ooit is er hier elke dag een padre. Niet eens per maand.
En misschien een mooie klok voor die lege toren.
Wat zal het fijn zijn om dan voor de kerk te werken.
Ik sta wel te praten, maar we moeten aan het werk. Kom.
Victoria, waarom heb ik me laten overhalen?
Big John zal boos zijn. - We zijn terug voordat hij me mist.
John mag niet weten dat ik Onze Lieve Vrouw van Guadalupe heb bezocht.
Lieve Vrouw van Guadalupe?
Dus er komt een kind in je huis, Victoria?
Voorzichtig. En neem de tijd.
Ik voel me prima. - Neem de tijd.
Ik ben zo klaar.
Ik word misschien wel oom.
Bent u John Cannons vrouw?
Ik ben Finley Carr. - Is er iets met John gebeurd?
Nog niet, mevrouw.
Is dat een dreigement? - Nee, mevrouw. Dat is een zekerheid.
Het spijt me dat ik uw jas heb gescheurd.
Ik ben geen man die vrouwen slecht behandelt.
John Cannon heeft me iets afgepakt. U gaat me helpen het terug te krijgen.
Je broer neemt de tijd. - Je krijgt hiervoor betaald.
Nu weten we waarom hij de tijd nam.
Maak dat paard los en span het andere in.
Je hebt hem gedood. Manolo.
Zet haar in de wagen.
Stacey, help met de paarden. We vertrekken.
Victoria's merrie. - Hoe is die los gekomen?
Geen idee. Die arme merrie heeft hard gerend. We nemen haar mee.
Lopen, meisje.
Vaquero, waar is de slijpsteen? - Daar, senor.
Hoe is het, Vaquero? John, is Victoria thuis? Alles goed?
Zeker. Ze is in huis.
Gelukkig, want we hebben net haar paard gevonden.
Hoe kan dat? - Ze zal geschrokken zijn.
Is Victoria vertrokken, Vaquero? - Si, senor. Met Manolito.
Waar zijn ze heen gereden? - Naar de oude kerk.
Ze wilde bidden tot de maagd van Guadalupe. Om een gunst.
Ik denk dat Manolito weer aan het dollen was. Ze komen vast lopend.
Dan zullen ze wel moe zijn. - Zal ik wat jongens bij elkaar roepen?
Goed idee. Sam en ik rijden naar de kerk.
Mevrouw, u heeft niets gegeten.
Fin...
Ze mogen me zo niet zien.
Het gaat wel over. Zoals altijd.
Ga naar ze toe, Stacey. Hou ze onder de duim.
Volhouden, Fin. Dit vergt te veel van je.
De dokter zei... - Je zou me helpen, zei je.
Morgen gaan we de bergen in, mevrouwtje.
Daar moet je balanceren als een berggeit.
E�n keer uitglijden en je ligt helemaal beneden.
Je kunt beter maar vrienden zijn met Jube.
Je zoekt altijd problemen, Jube.
Het is uw schuld, Mrs Cannon. U moest bij het vuur blijven.
Dat klopt. Daarom ben ik nu gewond.
Ik schiet niet zomaar. En ik weet dat je me niet kunt doden.
Wees daar maar niet zeker van. Op een gegeven moment moet je wel.
Uw man had me bij Petersburg moeten doden.
Ik wou dat hij dat gedaan had.
Dat wou ik soms ook, mevrouw.
Ik ook.
Lap hem op. We gaan.
Het komt goed. Die kogel heeft je geschampt, Mano.
Wat is er gebeurd?
Ik bood ze het geld dat ik voor de klok had gespaard.
Er was een man met een haak bij. Ze hebben de mooie vrouw meegenomen.
Verzorg hem. Laat de jongens het karrenspoor volgen.
Als het spoor ophoudt, geef ik een route aan.
Dit is een goede plek. Rij de wagen naar de rand. Mrs Cannon...
Verplaats u in uw man. Denk zoals hij denkt.
Hij volgt die wagen kilometers lang. Hij komt door de bocht...
en ziet het wrak onder in het ravijn liggen.
Hij denkt maar ��n ding: M'n vrouw ligt daar beneden.
Maak het paard los en duw de wagen over de rand.
Kijk daar eens. Kijk.
Uw man kijkt naar die wagen in de diepte...
en hij stelt zich voor hoe u eruitziet onder al dat wrakhout.
Als hij bij de wagen komt, ziet hij hoe het echt zit.
Maar onder in het ravijn zal iets van hem achterblijven.
Ik ga John Cannon kapotmaken.
Hij is zachtaardig. Wat kan hij u hebben aangedaan?
Dit.
En dit, mevrouw.
Ik heb bijna medelijden met u. - Niet nodig.
Uw man heeft uw medelijden nodig.
Ik ga hem geestelijk kapotmaken. Zo ging het met mij in Petersburg.
Negen dagen later was de oorlog voorbij.
Ik ben gevlucht van m'n post.
Ik ben gevlucht, Mrs Cannon.
Dit was een bloedende stomp.
M'n hand lag op de grond met de sabel er nog in.
U lijdt. - Geen medelijden, mevrouw.
Dan ga ik hem alleen maar meer haten.
Weet u, mevrouw. Ik ga John Cannon op een bijzondere manier doden.
Hank, als Cannon die wagen ziet, zal hij een route willen markeren.
Verander die. En het is beter als hij geen water heeft.
Als hij niet kan slapen. Als hij begint te lopen...
als hij begint in te storten.
Ze zijn maar met z'n vieren.
Het spoor is duidelijk. Waarom overvallen we ze niet?
Er is ��n goede reden, Blue. Als ze ons zien komen...
doden ze Victoria. Ga maar terug, Mano.
Je bent niet in staat om te rijden, Mano. - Amigos, m'n zus is daar.
Ik voel me goed genoeg. Vamonos.
Mijn god, Victoria.
Hij is nog alleen, Mrs Cannon. Hij staat daar bij die wagen.
Hij vraagt zich af wat hij onder dat wrakhout zal vinden.
Ze is hier, Cannon.
Wil je haar dood hebben, Cannon?
Schiet dan, want dan gaat ze eraan.
Victoria.
John.
Ik ben hier. Kom me maar halen.
Zout.
Daar is hij. Kijk maar eens, mevrouw.
Zo maakt hij weinig indruk meer, he?
John, ga terug.
Ik vermoord je, wie je ook bent.
Er klopt iets niet, Blue Boy.
De markeringen van je vader leiden allemaal de berg op.
Deze gaat de andere kant op. - Wat denk je?
Er zijn twee sporen. - In andere richtingen.
Wat denkje, Blue?
Ik weet het niet. - Nou...
Ik volg het spoor dat omhoog gaat. Jullie gaan het andere spoor na.
Sam, we gaan deze kant op. - Goed, Blue.
U houdt het aardig vol. - Het gaat. Waar is m'n vrouw?
Kent u me niet meer, kapitein Cannon?
Ik herinner me u nog prima. Kijk eens goed.
U herinnert zich Petersburg nog wel.
Daar ben ik m'n hand kwijtgeraakt. U heeft hem afgehakt. M'n arm.
U heeft m'n vrouw. Waar is ze?
Het gaat goed met uw vrouw. - Bemoei je er niet mee. Dit is mijn zaak.
Rustig, Fin. - Ik heet geen Fin.
Ik ben kapitein Finley Carr van het leger van North Virginia.
Herinnert u zich me nu weer?
Voor mij eindigde de oorlog in Appomattox.
Voor u. - Voor ons allemaal.
Voor Lee, voor Grant, voor iedereen die aan elke kant vocht.
M'n eigen broer Buck vocht voor de Confederatie.
Het was voor niemand makkelijk. Winnaar, verliezer, Buck, mij.
Met u gaat het goed.
Ik ben hier gekomen om te vergeten wat u zich wilt blijven herinneren.
Ik had een lieve vrouw bij me. Ik heb haar begraven.
Maar ik begraaf er niet nog een, Carr. Waar is ze?
U kunt kiezen uit twee dingen, kapitein. Mij dat wapen geven en meekomen...
of me hier doodschieten.
Daarna kunt u ophalen wat er van uw vrouw over is.
We gaan het nog eens doen, kapitein. Petersburg.
Maar deze keer bent u degene die vlucht.
Wilt u meekomen?
Als je dat nog eens doet, sleep ik je de hele berg over. Duidelijk?
Waar heb je het over? - Jij gaat me wat vertellen.
Waarom stuur je me steeds de verkeerde kant op?
Waar heb je het over?
Van het een komt het ander. Hopelijk verwondt het touw je niet.
Even denken. Hoeveel tellen geef ik je?
Ik denk dat ik je vijf tellen geef en dan stuur ik dit paard op pad.
Vijf tellen.
Fin zegt dat u naar uw vrouw mag. Tien minuten, zegt Fin.
Doe je altijd alles wat Fin zegt, jongen?
Ik heet Stacey en geen Jongen, kapitein Cannon.
Dit staat mij ook niet aan, maar het kan niet anders.
U ziet Fin zoals hij nu is. Ik herinner me hem zoals hij was.
Wilt u naar uw vrouw of niet?
Ik wil naar haar toe.
Laat hem, Jube.
John. - Victoria.
Ze hebben Manolito gedood. - Nee. Hij is gewond, maar hij redt het.
Redt hij het? - Jazeker.
Ik dank God.
Ik zag je wel, maar ik mocht niet naar je roepen.
Heeft Fin privacy verboden?
We gaan buiten gehoorsafstand staan.
Kom mee.
Je hebt nu vast een hekel aan me. - Ik hou meer van je dan ooit.
Ik denk steeds dat dit een nachtmerrie is en dat ik gewoon thuis wakker word.
Op deze berg eindigt alles voor ons. - Hij heeft beloofd dat je niks overkomt.
Maar als jij sterft, sterf ik ook. - Dat mag je niet zeggen of denken.
Ik ben hier niet gekomen om me door die rotzak te laten vermoorden.
Jij.
John. - Carr.
Blijf staan.
Kom binnen, kapitein Cannon.
Laat m'n vrouw gaan. Ik blijf en dan doe je maar wat je wilt.
Dit is mijn commandotent. Ik bepaal wat er gebeurt.
En ik bepaal dat het om Five Forks gaat. De laatste echte slag van de oorlog.
Petersburg, Virginia. April 1865.
Dat heb ik achter me gelaten. Ik heb m'n doden begraven.
En m'n eer. En daarmee m'n leven. En dat wil ik terug.
Ik wil je zien vluchten zoals ik vluchtte.
Ik kan je de stank van de doden niet laten ruiken.
Ik kan je het gegil van de gewonden niet laten horen.
Maar ik kan je wel in de hoek drukken, zoals ik in de hoek zat.
Je kunt weinig ergers met me doen dan nu. Ik heb het niet over iets fysieks.
Ik heb het over de vreselijke onzekerheid over m'n vrouw.
Ik ga je buigen, kapitein. En daarna breek ik je.
Als je niet vlucht, kunnen jij en je vrouw naar huis.
Maar als je wel vlucht, en dat ga je doen...
Een dode heeft geen toekomst.
Ingerukt, kapitein.
De jongens en ik vinden dat stuk touw om je nek wel mooi staan.
Wat je draagt, staat je zo goed.
De jongens vinden dat we er nu wel hadden moeten zijn.
Buck, laat hem praten, hombre.
Ja. Neem me niet kwalijk, meneer.
Spreek. - Het is een heel eind de bergen in.
Senor, de meeste mensen sterven maar ��n keer.
Ik heb iets bijzonders voor je als er verrassingen komen.
Duidelijk? - Ja, luister.
Geef me een paard, zodat ik naar Mexico kan.
Dan laat ik je zien hoe je van achteren in Carrs kamp komt.
Wat is er mis met de voorkant? - Niets, maar via die route...
gaat Mrs Cannon eraan. Of erger.
Had dat meteen gezegd.
Is het afgesproken? - Ja.
Afgesproken.
John, o John.
Hij heeft niets te eten of te drinken. - Niet jammeren.
Dat helpt uw man niet. - Wat helpt hem dan wel?
U kunt hem helpen. Vergeet die oorlog. Die is voorbij.
Niet voor m'n broer. - En voor u dan? Alstublieft.
Ga naar binnen. Het helpt ook niet als u het allemaal ziet.
Het kamp is aan de andere kant. Steeds omhoog.
Dan gaan we omhoog. - Dat redden de paarden nooit.
Maak dat touw los en geef het aan mij. Jij hebt het niet nodig.
Mano, knoop dit om je middel.
De andere jongens maken zich er ook aan vast.
Ho even. Als er dan eentje valt, valt de rest ook.
En jij bent de man in het midden.
We hadden een afspraak.
O ja. Weet je...
Ik lieg wel vaker.
Je bent uitgeput, he kapitein? - Laat me met rust. Laat me.
Je boft. Ik heb drie dagen en drie nachten niet geslapen.
Zo ging het bij Petersburg in de loopgraaf. Morgen zit jij in de loopgraaf.
Waarvan moet je leven als je mij doodt? Op wie reageer je je dan af?
Ik heb je wel door. De meeste mannen leven voor iets waarvan ze houden.
Een vrouw, land, werk, maar jij niet. Jij leeft voor de haat.
Ik weet misschien niet veel, maar dat weet ik wel.
Een mens kan zichzelf niet uitstaan als hij iets zoekt om te haten.
Weet je hoe het is om hiermee te leven?
Ik heb vroeger veel lege mouwen gezien, Carr.
Jij bent de eerste met een stalen haak. Waarom?
Kick je erop? Is het een rol die je speelt?
Ik maak je kapot. Ik zorg dat je me smeekt om je te doden.
Ms Cannon? - Kom binnen. Wat zei uw broer?
Hij zei nee. - Gewoon nee? Meer niet?
U heeft het hem niet gevraagd. - Ik heb het geprobeerd.
Maar hij luistert niet.
Ik wil m'n man heel even zien. Wat kan dat nou voor kwaad?
Alstublieft, laat me hem zien. Alstublieft.
Goed, ik breng hem naar u toe.
Waar ga je heen? - Ze wil hem gewoon even zien.
Met hem praten. Doe dit voor mij.
Laat haar buiten komen.
Mrs Cannon, u kunt uw man nu zien.
Mevrouw, ik zei dat u hem mag zien.
Kapitein Cannon, uw vrouw wil u zien. - Laat me naar hem toe gaan.
Breng haar naar binnen, Stacey. Ze heeft hem gezien.
Ik vermoord je, Carr. Hoor je me?
Kapitein, we worden bespied.
Ik zag een geweer blinken. Cannons mannen zitten vlakbij.
We hoeven niet bang te zijn. Zelfs niet als dit achter de rug is.
Haal Mrs Cannon.
Druk het pistool tegen het hoofd van mevrouw.
Ik weet dat jullie daar zijn. E�n schot, ��n verkeerde beweging...
en John Cannons vrouw behoort tot het verleden.
Horen jullie me?
Ik meen het.
Zet Mrs Cannon naast die boom.
Laat kapitein Cannon eruit.
Dat is m'n vader. Hij heeft geen kans.
Als je hem dood wilt hebben, moet je schieten. Doe niet zo stom, Blue.
John en Victoria. Als je wilt schieten, schiet dan maar.
Het is 1 april '65.
De doden en de stervenden liggen daar.
Je wacht de hele nacht al.
De grond trilt onder je voeten.
Het dreunt van de granaten.
Je kunt geen kant op. De artillerie houdt op.
Het geluid van paardenhoeven.
Ze komen op je af.
Je ziet een sabel en die hakt in je arm.
Pak de sabel, kapitein. Ik had er die dag een in m'n hand.
Opstaan, kapitein Carr. U stond.
Jij bent Carr. Je wilt mij niet doden, je wilt jezelf doden.
Ik vervloek je. Rennen.
Dood ze. Dood ze allebei. Dood ze.
Kom, in de loopgraaf.
Rustig maar.
Can't find what you're looking for?
Get subtitles in any language from opensubtitles.com, and translate them here.