Afrikaans
Akan
Albanian
Amharic
Arabic
Armenian
Azerbaijani
Basque
Belarusian
Bemba
Bengali
Bihari
Bosnian
Breton
Bulgarian
Cambodian
Catalan
Cebuano
Cherokee
Chichewa
Chinese (Simplified)
Chinese (Traditional)
Corsican
Croatian
Czech
Danish
Dutch
English
Esperanto
Estonian
Ewe
Faroese
Filipino
Finnish
French
Frisian
Ga
Galician
Georgian
German
Guarani
Gujarati
Haitian Creole
Hausa
Hawaiian
Hebrew
Hindi
Hmong
Hungarian
Icelandic
Igbo
Indonesian
Interlingua
Irish
Italian
Japanese
Javanese
Kannada
Kazakh
Kinyarwanda
Kirundi
Kongo
Korean
Krio (Sierra Leone)
Kurdish
Kurdish (Soranî)
Kyrgyz
Laothian
Latin
Latvian
Lingala
Lithuanian
Lozi
Luganda
Luo
Luxembourgish
Macedonian
Malagasy
Malay
Malayalam
Maltese
Maori
Marathi
Mauritian Creole
Moldavian
Mongolian
Myanmar (Burmese)
Montenegrin
Nepali
Nigerian Pidgin
Northern Sotho
Norwegian
Norwegian (Nynorsk)
Occitan
Oriya
Oromo
Pashto
Persian
Polish
Portuguese (Brazil)
Portuguese (Portugal)
Punjabi
Quechua
Romanian
Romansh
Runyakitara
Russian
Samoan
Scots Gaelic
Serbian
Serbo-Croatian
Sesotho
Setswana
Seychellois Creole
Shona
Sindhi
Sinhalese
Slovak
Slovenian
Somali
Spanish
Spanish (Latin American)
Sundanese
Swahili
Swedish
Tajik
Tamil
Tatar
Telugu
Thai
Tigrinya
Tonga
Tshiluba
Tumbuka
Turkish
Turkmen
Twi
Uighur
Ukrainian
Urdu
Uzbek
Vietnamese
Welsh
Wolof
Xhosa
Yiddish
Yoruba
Zulu
Pa.
O, nee.
Ga toch naar huis.
Wij regelen alles hier wel.
Ik wacht tot de lijkschouwer er is. - Ik bel u wel als ze hier klaar is.
Hoe lang zat hij daar al zo, denk je? Een week? Twee weken?
Waarom duurt het verdomme zo lang?
Waar is hij, Stuart? - Bij de lijkschouwer.
Had uw vader diabetes? - Voor zover ik weet niet.
Er zat 'n blauwe plek op z'n linkerarm. Van voor z'n dood, denk ik.
Misschien door een injectie?
Was hij onder behandeling van een arts? - Hij had niet veel op met artsen.
Wat was de doodsoorzaak? - Daarvoor moet ik sectie verrichten.
Was het een natuurlijke doodsoorzaak? - Dat kan ik nu nog niet zeggen.
Ik neem contact op.
Zal ik uitzoeken wie z'n huisarts was? - Wat bedoel je?
Niets. Ik wil gewoon helpen.
Bel dan het lab maar. Ik wil dat die flat grondig onderzocht wordt.
We zien het nog niet als een verdacht sterfgeval.
Ik vraag je om 'n gunst. De overledene is de vader van m'n baas, vandaar.
Hoe lang was dr. Vaughn z'n huisarts? - Hoe laat is de uitslag er?
We zijn vooral op zoek naar naalden zoals diabetici die gebruiken.
Weet u of hij diabetes had? - Kan het sneller? Dit heeft prioriteit.
Is er al nieuws?
Er wordt nu sectie verricht. Het onderzoek kan enkele dagen duren.
Zorg dat ze een beetje vaart maken. - Ik bel je nog.
Ga toch naar huis. Ik regel het wel. - Ik wil liever hier zijn.
Maar als er een onderzoek komt, kunt u niet meedoen.
Dat weet ik. Oké, hou me op de hoogte.
Ik kom zelf wel thuis. - Alsof u daarheen gaat.
Waar ga ik dan heen? - Naar het mortuarium, denk ik.
Jij kent me te goed. - Luistert u dan naar me?
Je wilt dat ik naar huis ga. Wil je dat ik ga wachten tot de telefoon gaat?
Er is geen onderzoek. - Nog niet.
Misschien wilt u een onderzoek.
Uit schuldgevoel, bedoel je? - Wat denkt u zelf?
Laat mij dan tenminste rijden.
Uw vader leed aan chronisch leverfalen als gevolg van acuut alcoholisme.
Is hij daaraan overleden? - Waarschijnlijk wel.
Ik heb monsters naar het lab gestuurd en gezegd dat het urgent is.
En die blauwe plek?
Hij is vorige week bij de huisarts geweest. Die heeft bloed afgenomen.
Vandaar die blauwe plek.
Hij kon zelf nog naar de huisarts gaan, maar is toen plotseling overleden.
Misschien greep hij naar de fles. In zijn toestand kon dat fataal zijn.
Het was een natuurlijke doodsoorzaak: Chronisch leverfalen.
Dat is geen verrassing. - We wachten nog op het lab.
Dat zal het wel bevestigen.
De baas krijgt het er moeilijk mee. Hij kan niemand de schuld geven.
Behalve zichzelf, bedoel je. - Dat is nog niet alles.
Gezien die ongeopende post lag z'n vader daar al een week dood.
Hij is vorige week bij u geweest. - Hij kwam vaak voor bloedonderzoek.
Hij wilde volhouden. Hij had al 'n half jaar niet gedronken.
Waarom begon hij dan opeens weer? - Daar wist ik niets van.
Had hij diabetes? - Nee, hoezo?
Hij had een blauwe plek op z'n arm. - Van het bloedonderzoek.
Blauwe plekken worden bij ouderen vaak later zichtbaar.
Hoe kwam hij de laatste keer op u over? - Het leek wel alsof hij zorgen had.
Niets verdachts, dus. - Ik wil weten waar hij mee zat.
Waar gaan we naartoe? - Naar het buurthuis waar hij vaak kwam.
Waarmee kan ik u helpen? - Politie. Het gaat om Andrew Burke.
Ik heb het gehoord. Vreselijk. Hij heeft er dagen gelegen, hè?
Hij kwam hier vaak, hè Angie? - Ja. Hij zat altijd bij de vaste groep.
De vaste groep? - Daar.
Die komen soms langs. Oude vrienden. Soms komen er meer, soms minder.
Soms gaat er iemand dood. - Dat is waar.
Er zijn er nog maar drie. Eerst Ellen, en nu Andrew. Heel triest.
Ellen? - Ellen Phillips. Ze is pas overleden.
Bedankt, Angie.
Goedendag. Mogen we erbij komen? - Ja, hoor.
Politie. We onderzoeken Andrew's dood.
Tom Gardner. Het was een grote schok.
Ook al wisten we dat hij ziek was. - Ik ben z'n zoon.
Wiens zoon? - Van Andrew Burke.
Burke is er nu niet. - Andrew is dood, Billy. Weet je nog?
Hij is wat vergeetachtig. U bent toch inspecteur?
Dat klopt. - Ik ben Theresa Braithwaite.
Komt er een onderzoek? - Nee, het is gewoon routine.
Z'n dokter zei dat hij ergens mee zat. - Ik denk dat hij worstelde met de drank.
Hij had zes maanden niet gedronken, maar hij had het er moeilijk mee.
Angie zei dat er nog 'n sterfgeval was. - Ellen, ja.
Wanneer was dat? - Twee maanden geleden.
Hoe is ze overleden? - Kanker. Ze lag in het ziekenhuis.
Wie? - Ellen. Je herinnert je Ellen toch wel?
Ellen is dood. Ze is twee maanden terug overleden.
Laat ons weten wanneer de uitvaart is. - En condoleer uw broer van ons.
John. - Heb ik iets verkeerds gezegd?
Wanneer? - Ik heb hem vanochtend gevonden.
Jij? - Ik ging op bezoek.
Gelukkig maar. - Hè?
Ik bedoel: Gelukkig dat jij ook eens bij hem langs ging.
Ik wilde eerder komen, maar 't liep uit. - Juist.
Het was onvermijdelijk, maar toch...
Hoe lang lag hij daar al? - Al even.
Een paar dagen. Meer weten we niet.
Ik ben een paar dagen wezen vissen in het noorden.
Ik heb gebeld, maar hij was er niet. Ik ben er vorige week nog geweest.
Zoals ik normaal elke week doe.
Zat hem soms iets dwars? - Hij worstelde met de drank, maar...
Waar is hij nu? - In het mortuarium.
Er wordt sectie verricht. - Waarvoor?
Dat is standaardprocedure, om de doodsoorzaak vast te stellen.
Het is zo ook wel duidelijk dat het door de drank kwam.
Ik moet de uitvaart regelen. - We moeten wachten tot na de sectie.
Juist.
Ik bel je nog wel. - Dus je hebt m'n nummer nog?
Het lab heeft de flat onderzocht. Er zijn geen naalden of zo gevonden.
De lijkschouwer zei dat die blauwe plek door bloedonderzoek kwam.
Hij is er nog.
Je weet hoe hij is.
Fraser. Hoi, Pete.
Het lab aan de lijn. Zeg het maar.
Weet je dat zeker?
Hij had veel diacetylmorfine in z'n lichaam.
Diacetylmorfine? - Het was een overdosis heroïne.
Kom nou, u kent de regels. U moet er buiten blijven.
Hij is vermoord. - Dat is niet zeker.
Er lagen geen naalden in de flat. - Dan heeft hij het elders genomen.
Nee. Zo'n dosis heeft direct effect. - Zie je wel? Hij kon nergens meer heen.
Wat moet dit voorstellen? Waar zijn de foto's, de sectie, de verbanden?
We wilden...
Mij niet kwetsen? Hang ze op. Dit is een moordonderzoek.
U mag niet meedoen met dit onderzoek. - Ik kan wel aan andere zaken werken.
Robbie, kijk eens. 200.000 pond.
Wat is dat? - Papieren uit Andrew Burke's flat.
Een spaarplan met levensverzekering. - Ter waarde van 200.000 pond.
Hij heeft er jarenlang voor betaald. Het komt ten goede aan z'n zoons.
We moeten dit behandelen als motief.
Dat is Ellen Phillips, die aan kanker is overleden.
In het ziekenhuis, hè? - Dat klopt.
De rest is er ook niet meer. Alleen Tom, Billy en ik zijn er nog.
Waar is Billy? - Hij is onze afspraak vast vergeten.
Angie gaat hem straks wel wat te eten brengen.
Waarom staat dr. Vaughn op de foto?
Ze was jarig. We hadden er lucht van gekregen.
We riepen haar op voor 'n spoedgeval. - Ik heb de taart gebakken.
Dus jullie waren bevriend met haar? - Ze is niet zoals die jonge dokters.
Die schrijven een recept en dat is dat. - Maar zij staat echt voor je klaar.
Hoe lang was u in het noorden? - Een paar dagen maar.
Waar was u precies? - In een huisje vlak bij Inverness.
Kan iemand dat bevestigen? - Waar is dat voor nodig?
Het is een verdacht sterfgeval. - Verdacht?
We moeten bepaalde mogelijkheden elimineren.
Word ik verdacht? - Wist u dat hij een spaarplan had?
Hij heeft het er een keer over gehad.
Het was toch een natuurlijke dood?
Hoe heeft u dat huisje gehuurd? - Via een bureau.
Mogen we de gegevens hebben?
Dat is de kwitantie.
Hallo. - Dokter.
Billy, deze mensen zijn van de politie. - Dat weet ik wel.
Ik kom straks nog even langs. - Bedankt, dokter. Kom binnen.
Alles goed, Billy? - Het is m'n hoofd. Ik vergeet dingen.
Vooral de tabletten. Maar de dokter zorgt goed voor me.
Angie heeft dit meegegeven. - Angie...
Het buurtcentrum. Ik had een afspraak met Tom.
Het geeft niet. Ze begrijpen het wel. - Ik vergeet tegenwoordig alles.
Kun je even naar deze foto kijken? - Met foto's heb ik geen probleem.
Dat is je vader. - Je kende hem goed, hè?
Ja. Ik heb hem vermoord. - Heb jij hem vermoord?
Hij had het vaak over je. Het was John voor en na.
Hoe heb je hem vermoord?
Wie? - Andrew Burke.
Is Andrew dood?
Wanneer is dat gebeurd?
Het is al goed, Billy. Laat maar. - Dr. Vaughn zou voor hem zorgen.
Ellen Phillips overleed in 't ziekenhuis. Ze lunchte vaak met m'n vader.
De arts die de overlijdensakte heeft ondertekend was Graham...
Graham Fletcher.
Vraag hem of er iets opvallends was en of dr. Vaughn ook een rol speelde.
Ik zou deze zaak toch leiden? - Ik geef je alleen advies.
Ik zou ook naar die heroïne kijken. Die moet ergens vandaan komen.
Natuurlijk. Maar wist u dat uw vader een spaarplan van 200.000 pond had?
Baas? Uw broer staat bij de receptie. - Wat komt hij doen?
Wat is er allemaal aan de hand? - Hoezo?
Je collega's zijn op m'n werk geweest. Ze vroegen of ik een alibi had.
Ze hebben heroïne gevonden in z'n lichaam.
Een overdosis was de doodsoorzaak.
Ze hadden het over z'n spaargeld. - Ik heb het net gehoord.
Volgens mij denken ze dat ik hem vermoord heb om het geld.
Denk jij dat ook?
Ik hield van hem. Ik heb m'n best gedaan om voor hem te zorgen.
Ik heb gedaan wat ik kon.
Hou het geld maar.
Ik hoef het niet.
Hij heeft het huisje voor vier dagen gehuurd.
Maar is hij er ook geweest?
Waarom beschuldigen jullie m'n broer? - Ik heb uw broer niet beschuldigd.
Jullie zetten hem onder druk. Wat moet hij anders denken?
Hij heeft net z'n vader verloren. - U ook, baas.
Dit bedoel ik nou. Daarom moet u niet aan deze zaak werken.
John heeft hem echt niet vermoord. Wat? Denken jullie van wel?
Ik weet het niet. Daarom doe ik onderzoek.
Moet ik dat soms niet doen?
Als je onderzoek wil doen moet je naar dat ziekenhuis gaan.
Heeft uw broer u hard aangepakt? - Daar had hij het recht toe.
U heeft het nooit over hem gehad.
John en ik hebben nooit veel gemeen gehad.
Hij kon goed overweg met m'n vader. Hij heeft hem dus niet vermoord.
Ellen Phillips had een dochter, Jane. Ik heb haar adres.
We hebben hier veel sterfgevallen. Hier staat het: Ellen Phillips.
Nu weet ik het weer. Ze had longkanker. Complicaties, longontsteking.
Niets vreemds? - Hier staat niets vermeld.
Dat is heel gebruikelijk bij longkanker.
Is er autopsie verricht? - Ik denk het niet. Even kijken.
Het is wel aangeboden. De dochter wilde het niet.
Haar huisarts was Marion Vaughn. - Ja. Die ken ik uit m'n studententijd.
Was zij betrokken bij de behandeling toen Mrs Phillips hier lag?
Nee, dat was mijn verantwoordelijkheid.
Uw moeder is vrij plotseling overleden.
Datzelfde geldt voor mijn vader.
Was er iets vreemds aan het overlijden van uw moeder?
Dat het zo plotseling gebeurde.
Ze hadden gezegd dat ze nog minstens zes maanden had.
Maar ze overleed binnen twee weken.
Tot morgen.
Maar u heeft geen vragen gesteld?
Ik vroeg me af waarom ze geen autopsie hadden verricht.
Ik had graag een verklaring gehad voor haar plotselinge overlijden.
De lijkschouwer? - Die komt eraan. En mensen van het lab.
Wie heeft hem gevonden? - Angie. Van het buurthuis.
Ik kwam hem z'n ontbijt brengen. En toen lag hij daar zo.
Hoe laat was dat?
Rond negen uur. Kwart voor negen. Ik was onderweg naar m'n werk.
Heeft u verder nog iemand gezien? - Niet op gelet.
Familie, misschien? - Niet dat ik weet.
En gisteravond? Bent u toen nog bij hem geweest?
Waarom zou ik? - Op weg naar huis, bedoel ik.
U schijnt hem goed te kennen.
Je raakt aan mensen gehecht als je ze dagelijks ziet. Maar het is geen familie.
Heeft u hem gisteravond niet gezien? - Nee. Dat heb ik al gezegd.
Bedankt, Miss Hamilton. U hoort nog van ons.
Ze leek me wat gespannen. - Ze heeft net een lijk gevonden.
Ja, dat zal het zijn.
Billy had een blauwe plek op z'n arm. - Net als m'n vader.
Dat moet nog bevestigd worden. - Kom op. Het moet dezelfde dader zijn.
Dr. Vaughn zei gisteravond dat ze nog bij Billy langs ging.
Ze heeft in een geriatrisch ziekenhuis drie jaar terminaal zieken behandeld.
Waarom is ze daar weggegaan? - Ze kreeg een burnout.
Mogelijk motief. De recente slachtoffers waren terminaal ziek.
Ellen had kanker. Billy had alzheimer. - Wilde ze hen uit hun lijden verlossen?
Ellen is in het ziekenhuis overleden. - Ze kan er op bezoek gegaan zijn.
Die dr. Fletcher was Vaughn's baas in dat ziekenhuis. En misschien meer.
Misschien beschermt hij haar.
Als ik dit onderzoek leidde, zou ik dr. Vaughn hier verhoren.
Uiteraard. Baas, waar gaat u heen?
Ellen Phillips is overleden aan een overdosis morfine, hè?
Ik heb u de gegevens laten zien. - U heeft die zelf opgeschreven.
Een verpleegster heeft het toegediend. Vraag het zuster Jordan.
Dat doe ik. Hoe zit het met dr. Vaughn? - We waren studiegenoten.
U was haar baas bij het geriatrisch ziekenhuis.
Had u een relatie met haar? - Dit heeft niets met Marion te maken.
Zij is nu de enige verdachte. Ze werkte met terminaal zieken.
Ze is ingestort. Ze ziet zichzelf als een soort doodsengel.
U had een relatie. Daarom beschermt u haar.
Nee, zo was het niet.
Ellen Phillips overleed aan een overdosis. Of niet soms?
Dat vermoedde ik. Het is nooit bewezen.
Omdat u niet om een autopsie vroeg. - Die vrouw ging toch al dood.
Ik dacht aan een fout. Het ging mij om de reputatie van het ziekenhuis.
Er is hier iets in de doofpot gestopt en dat gaan wij onderzoeken.
Wanneer heeft u Billy Watson voor het laatst gezien?
Wat is er aan de hand? - Hij is vanochtend dood gevonden.
Hij is gisteravond tussen negen en twaalf uur overleden. Waar was u toen?
Beschuldigt u me van moord?
Heeft u dat gedaan? - Waarom zou ik dat doen?
Vanwege uw tijd in de geriatrie. Al dat lijden. En u stond machteloos.
Kunt u zich voorstellen hoe het is om dat dag in, dag uit aan te zien?
Ik kan me voorstellen dat je er niet mee kunt omgaan.
Ik heb verlof opgenomen om er even uit te zijn.
Ik heb de balans opgemaakt en besloten me nuttig te maken als huisarts.
Door een snelle uitweg te bieden.
Nee, nooit. Dat is in strijd met m'n principes.
Was u gisteravond bij Billy?
Ja. Ik ging om negen uur langs. Toen ik wegging, was alles goed.
Heeft u een relatie met dr. Fletcher? - Ik zie niet in wat dat ertoe doet.
Wellicht verzwijgt hij daarom dat u Ellen in het ziekenhuis heeft bezocht.
Ik ben daar nooit geweest.
Gaat het wel? - Ja, hoor.
Ik heb al een kist uitgezocht. - Goed gedaan.
Iemand moest de dingen regelen. - En dat was altijd jouw taak.
Wat bedoel je daarmee? - Altijd bellen, altijd op bezoek.
Was dat dan verkeerd? - Nee.
Ik weet wat jouw probleem is. Je bent te laat. Daar gaat het om.
Te laat? - Je zei altijd dat je zou bellen.
Nu zou je wel willen langsgaan, hè? - Ik wil geen ruzie maken. Niet hier.
Het is niet mijn schuld dat jij een waardeloze zoon was.
Klootzak. - Kom maar op, stoere vent.
Wat ben jij een zielig figuur.
Dat was de politie in Inverness.
John Burke kwam pas naar het huisje toen z'n vader al twee dagen dood was.
Wat nu weer?
Wat is hier aan de hand?
Hij heeft gelogen.
Je zei dat je in het noorden was. - Dat klopt.
Dit is de kwitantie voor de huur van het huisje gedurende vier dagen.
Is dit de kwitantie die je ons gaf? - Ja.
Ik begrijp het niet.
Ben je daar echt vier dagen geweest? - Dat heb ik al gezegd.
De beheerder van de huisjes zegt dat je pas op de derde dag bent aangekomen.
Ik werd opgehouden. Wat maakt het uit? - Het maakt uit omdat je loog. Waarom?
Ik was het gewoon vergeten. Het leek me niet belangrijk.
Klopt het dat je vlak voor z'n dood ruzie hebt gehad met je vader?
Ruzie? - In 't buurthuis. Over 't drankgebruik.
O, dat. Dat was het gebruikelijke gedoe.
Ik had in de flat een fles gevonden. Terwijl het zo goed ging.
Ik was gewoon gefrustreerd.
John, heb je je vader vermoord? - Hoe kunnen jullie me dat vragen?
Probeer het eens van onze kant te zien.
Het lijkt alsof je dat huisje hebt gehuurd om een alibi te hebben.
Zo is het niet gegaan. - Vertel maar hoe het wel is gegaan.
Dan kunnen wij je helpen.
Ik heb het huisje gehuurd. Ik was van plan weg te gaan.
Ik had heel lang voor hem gezorgd.
Ik kon het niet aan dat hij weer dronk. Daarom wilde ik weg.
Maar toen kregen we dus ruzie.
Ik vond het vervelend. Ik wilde het bijleggen.
Je bent naar hem toe gegaan. - Dat klopt. Maar hij was...
Ik heb hem daar gevonden. Hij was dood.
Ik raakte in paniek. Ik wist me geen raad.
Ik had het bijna gemeld, maar...
ik ben gewoon naar huis gegaan.
Ik bleef thuis.
In de war. Het zal de schok wel geweest zijn.
Toen dacht ik: Wat maakt het nog uit? Ik ben naar het noorden gegaan.
Je hebt hem daar laten liggen. - Ik wist me geen raad.
Het spijt me dat ik hem onder druk moest zetten.
Denk eens na. Denk je echt dat John al die oudjes vermoord heeft?
Dat is toch niet logisch?
Hij wilde de erfenis en heeft ze vermoord als afleidingsmanoeuvre.
Om één moord te verhullen? - Hij had wel gelogen.
Maar hij heeft alles uitgelegd.
Hij legde uit dat hij het lichaam daar liet liggen en naar het noorden ging.
Hij is een paar dagen weggebleven. Dan is die paniek toch wel over.
Als John zo doortrapt was, had hij ook beseft dat z'n alibi niet deugde.
Die theorie van jou is grote onzin. Zoiets kan John niet bedenken.
Hij raakte in paniek. Vindt u dat een goede verklaring?
Ik weet niet wat hem bezielde, maar het was geen moord.
U had dienst toen Ellen Phillips overleed.
Ja. Dat weet ik nog goed, want haar toestand was niet kritiek.
We waren verbaasd toen ze overleed.
Had ze die dag bezoekers gehad? - Eentje maar. Dat was ongebruikelijk.
Waarom?
Haar vrienden kwamen altijd elke dag. Een groepje oude mensen.
Op die dag kwam er maar één. En hij vertrok vlak voor ze overleed.
Staat die man op deze foto? - Ja, dat is hem.
Weet u dat zeker? - Ja. Ik heb hem nog gesproken.
Gaat het wel?
Dat is m'n vader.
Het kan ermee door. Kom, we gaan.
Hoe bevriend was m'n vader met Ellen? - Net zoals wij allemaal.
Hij bezocht haar die laatste dag. - We hebben haar allemaal bezocht.
Maar hij was haar laatste bezoeker. Hebben ze ooit ruzie gehad?
Niet dat ik weet. - We zijn allemaal goede maatjes.
Vind je het goed als we hem nu gaan begraven?
Drager nummer één, graag.
Drager nummer twee, drager nummer drie.
Drager nummer vier.
We zijn dankbaar dat voor Andrew alle ziekte en pijn voorbij zijn, Heer.
Zelfs de dood is voorbij. Zijn lichaam vertrouwen we toe aan de aarde.
Aarde tot aarde, as tot as, stof tot stof.
De zielen van de rechtschapenen zijn in handen van God.
Zij rusten in vrede.
Gaat het wel?
Ja, hoor. Het gaat best.
Gaan jullie maar terug naar het bureau. Ik kom straks ook.
Bedankt voor je komst. - Geen dank.
Sorry dat ik je zo aanpakte.
Weet je nog, die keer dat je me in m'n gezicht raakte met de bal?
Je had bijna m'n neus gebroken.
Je viel bijna om van het lachen. En hij ook.
Wil je herinneringen ophalen aan onze gelukkige jeugd?
Ik wilde alleen...
Laat ook maar. - Denk je dat ik hem vermoord heb?
Nee. - Ik heb hem wel laten liggen.
Wil je weten waarom?
Je zei dat je in paniek raakte. - Dat was gelogen.
Heb je hem expres laten liggen?
Waarom?
Omdat het jouw beurt was. Al die jaren had ik alles geregeld.
Ik vond dat het voor één keer jouw taak was om de zooi op te ruimen.
Maar jij zorgde altijd voor hem. - Dat kun je wel zeggen.
Altijd m'n plicht doen. Altijd de goede zoon uithangen.
En wat kreeg ik ervoor terug?
Je broer is bij de politie. Je broer is inspecteur.
Het was Matt voor en na. - Maar jij was z'n lievelingszoon.
Denk je dat echt?
Als hij naar mij keek zag hij alleen dat ik jou niet was.
Maar ik kwam nooit bij hem. - Denk je dat dat uitmaakte?
Jij was altijd z'n zoon. Ik was gewoon onzichtbaar.
Altijd aanwezig, maar nooit erkend. Daarom haatte ik hem.
En daarom heb ik hem laten liggen.
Dat heb ik nooit geweten. - Het kon je ook niets schelen.
Het kon me wel schelen. Ik zei het alleen niet tegen hem.
Dat is jouw last. De mijne ben ik nu kwijt.
John, wacht even.
Laten we contact houden.
Waarvoor? Omdat hij dat zou hebben gewild?
Omdat ik het wil.
Dr. Vaughn.
Nog meer beschuldigingen? - Nee, ik heb informatie nodig.
U ging om negen uur bij Billy langs. - Dat klopt.
Heeft u daar iemand anders gezien? - Er was niemand. De straat was leeg.
En u ging meteen naar huis? - Dat klopt.
Ik kwam Tom en Theresa nog tegen.
Waar? - Ik zag ze in de buurt van Billy's huis.
Ze wandelden daar. Ze hielden me een tijd aan de praat.
Zeiden ze waar ze naartoe gingen? - Dat heb ik niet gevraagd. Hoezo?
Is één van hen terminaal ziek? - Dat is vertrouwelijke informatie.
Er kan nog een dode vallen.
Het is te laat. Ze rust nu in vrede.
Laat haar met rust.
Jij hebt ze allemaal vermoord.
Doe niet zo raar. Het was gewoon mijn beurt.
Je hebt mijn vader vermoord. - Ik was erbij.
Ik begrijp het niet.
Ik, Billy Watson, Theresa. We waren er allemaal bij.
Alle drie? - Zo wilde je vader het.
We hadden een overeenkomst.
Het laatste wat we wilden was een lange lijdensweg.
Dus als één van ons waardig wilde sterven...
zou de rest daarbij helpen.
Een zelfmoordpact? - Meer een euthanasiepact.
Die heroïne. - Makkelijk zat, als je contacten hebt.
Het is toch veel beter om zelf te beslissen over je dood?
Je vader vond van wel.
Hij was terminaal ziek.
Binnen afzienbare tijd zou hij alleen in een ziekenhuis liggen...
en in leven worden gehouden om te lijden.
Zou je dat gewild hebben? - Hij koos voor de dood.
Hij stond erop.
Hoe lang duurt het? - Niet lang. Je valt gewoon in slaap.
Andy, dit is de laatste kans om van mening te veranderen.
Waren Mattie en John er maar.
Je weet dat dat niet kan.
Het is goed. Dit is wat ik wil.
Doe het nu maar.
Dus jullie deden het om de beurt? - Dat leek ons het beste.
En m'n vader moest het doen bij Ellen Phillips.
Zijn keuze.
En jij dan?
Degene die als laatste overbleef moest uiteindelijk zelfmoord plegen.
Dat ben ik dus.
Tenzij jij anders beslist.
Die zoon van me gaat waarschijnlijk achter jullie aan.
Zeg hem dan dat ik het zelf zo wilde. Zeg hem dat hij het moet laten gaan.
Robbie, het is voorbij.
Ik leg het later wel uit.
En zeg hem dat ik altijd trots op hem ben geweest.
Can't find what you're looking for?
Get subtitles in any language from opensubtitles.com, and translate them here.