All language subtitles for S22E08 - Law.nl

af Afrikaans
ak Akan
sq Albanian
am Amharic
ar Arabic
hy Armenian
az Azerbaijani
eu Basque
be Belarusian
bem Bemba
bn Bengali
bh Bihari
bs Bosnian
br Breton
bg Bulgarian
km Cambodian
ca Catalan
ceb Cebuano
chr Cherokee
ny Chichewa
zh-CN Chinese (Simplified)
zh-TW Chinese (Traditional)
co Corsican
hr Croatian
cs Czech
da Danish
nl Dutch
en English
eo Esperanto
et Estonian
ee Ewe
fo Faroese
tl Filipino
fi Finnish
fr French
fy Frisian
gaa Ga
gl Galician
ka Georgian
de German
gn Guarani
gu Gujarati
ht Haitian Creole
ha Hausa
haw Hawaiian
iw Hebrew
hi Hindi
hmn Hmong
hu Hungarian
is Icelandic
ig Igbo
id Indonesian
ia Interlingua
ga Irish
it Italian
ja Japanese
jw Javanese
kn Kannada
kk Kazakh
rw Kinyarwanda
rn Kirundi
kg Kongo
ko Korean
kri Krio (Sierra Leone)
ku Kurdish
ckb Kurdish (Soranî)
ky Kyrgyz
lo Laothian
la Latin
lv Latvian
ln Lingala
lt Lithuanian
loz Lozi
lg Luganda
ach Luo
lb Luxembourgish
mk Macedonian
mg Malagasy
ms Malay
ml Malayalam
mt Maltese
mi Maori
mr Marathi
mfe Mauritian Creole
mo Moldavian
mn Mongolian
my Myanmar (Burmese)
sr-ME Montenegrin
ne Nepali
pcm Nigerian Pidgin
nso Northern Sotho
no Norwegian
nn Norwegian (Nynorsk)
oc Occitan
or Oriya
om Oromo
ps Pashto
fa Persian
pl Polish
pt-BR Portuguese (Brazil)
pt Portuguese (Portugal)
pa Punjabi
qu Quechua
ro Romanian
rm Romansh
nyn Runyakitara
ru Russian
sm Samoan
gd Scots Gaelic
sr Serbian
sh Serbo-Croatian
st Sesotho
tn Setswana
crs Seychellois Creole
sn Shona
sd Sindhi
si Sinhalese
sk Slovak
sl Slovenian
so Somali
es Spanish
es-419 Spanish (Latin American)
su Sundanese
sw Swahili
sv Swedish
tg Tajik
ta Tamil
tt Tatar
te Telugu
th Thai
ti Tigrinya
to Tonga
lua Tshiluba
tum Tumbuka
tr Turkish
tk Turkmen
tw Twi
ug Uighur
uk Ukrainian
ur Urdu
uz Uzbek
vi Vietnamese
cy Welsh
wo Wolof
xh Xhosa
yi Yiddish
yo Yoruba
zu Zulu

Original subtitles

Hallo?

Is daar iemand?

Wie is daar?

Het lijk is gevonden door een van de kermislui, Elijah Buckland.

Waar is hij? - U kwam langs hem.

Ze lag onder een hoop afval. Er zijn vast geen vingerafdrukken.

Ze is gewurgd. - Haar naam?

Shelley Stein, sinds gisteren vermist.

Ja, ze is tussen de zes en tien uur dood.

Er zijn sporen op haar kleding, alsof ze is versleept.

Ze is elders vermoord en hierheen gebracht.

Die lui halen wel meer uit. - Maar niet zulke ernstige misdrijven.

Denk niet meteen dat zij het waren.

Jullie tweeën brengen de ouders op de hoogte. Stuart.

Ik word behandeld als een verdachte.

Dat is routine, we hebben alleen uw verklaring nodig.

Ik wilde eigenlijk niet bellen. - Goed dat u het hebt gedaan.

Dat valt nog te bezien.

Mr Buckland, hoe laat hebt u het lijk gevonden?

Rond zeven uur. - En wat deed u daar zo vroeg?

Ik ga elke ochtend wandelen. - Kan iemand dat bevestigen?

Vraag het mijn familie, maar die gelooft u vast niet.

Kende u het meisje?

Ik heb haar wel eens gezien. Er komen hier veel tieners.

En u herinnert ze altijd?

Mr Buckland belde ons toen hij het lichaam vond.

Een modelburger.

Mr Buckland, kunt u op het bureau een verklaring afleggen?

Het spijt me, Mr Buckland.

Wat heb jij vandaag? - Niets. Ik denk alleen...

Wat?

Niets.

Nu ben ik het zat. Als ze thuiskomt, krijgt ze een jaar huisarrest.

Als ze thuiskomt. - Ze moet discipline krijgen, Carol.

Dat past wel in jouw straatje. - Wat zei je?

Niets.

Heb je verder nog iets te zeggen?

Mr Stein. - Hebben jullie haar gevonden?

Mogen we binnenkomen?

Waar hebben ze haar gevonden? - Het braakland bij de kermis.

Is dat belangrijk?

Die stomme petitie. Wat had ik je nou gezegd?

Politie. - Dat zie ik.

We willen wat vragen stellen.

Dat handel ik wel af. - Wie bent u?

Noah Buckland. - De zoon van Elijah.

Nou en? - Weet u waarom we hier zijn?

Wij weten niets.

Volgens Elijah hebt u het slachtoffer gezien.

En wat dan nog? - Was ze gisteravond hier?

Samuel? Mijn zoon. Als ze hier was, heeft hij haar gezien.

Dat meisje, was die gisteravond hier?

Ik heb haar niet gezien. - Verder nog iets?

Kende jij Shelley? - Ik zag haar met haar vriendinnen.

Hoe zit het met jullie? Iemand moet iets hebben gezien.

Haal een busje en neem ze allemaal mee.

Sir, ik stel voor dat we de verhoren hier afwikkelen.

Is dat zo?

Kom hier.

Dat was een bevel.

We moeten hun wantrouwen wegnemen. Dat kan niet op het bureau.

Jij geeft je mening niet in het openbaar, begrepen?

Jawel. - Nog één keer en je ligt eruit, oké?

Deze mensen deugen niet. Ze willen van je profiteren.

'Deze mensen'? - Je snapt me wel.

Ik zie alleen mensen. - Bewijs dan maar dat ik fout zit.

Wat hebt u gisteravond gedaan?

Gewerkt in de attractie. - Wie waren er?

Vaste klanten en wat vreemde mensen. Zoals altijd.

Herkende u iemand?

Een paar bekende gezichten. Je kent ook alleen hun gezichten.

Je kent de mensen niet. - Geen Shelley?

Niet dat ik weet. - Wie zei dat ze dood was?

M'n vader, die heeft haar gevonden.

Was dat het?

Kende je Shelley, Gina? - Ze weet niets.

Laat haar zelf praten. - Ze waren met een groep.

Ze stonden vaak bij de carrousel. - Praatte je wel eens met ze?

Dat mag niet. - Waarom niet?

Is dat niet duidelijk?

Gina, alles wat je over Shelley weet, kan nuttig voor ons zijn.

Ik was naar de film. - Welke?

Mijn dochter is geen leugenaar, rechercheur.

Hetzelfde liedje met Samuel. - Je aanpak werkt dus.

Ze vertrouwen de politie niet, en dat is geen wonder.

Wat zielig. Hoe krijgen we ze aan de praat?

We moeten hun vertrouwen verdienen. - Veel succes, jongen.

Harry Stein strijdt al jaren tegen de kermis, ook met petities.

Een moord uit wraak? - Dat zou kunnen.

Waarom nu? - Op deze petitie staan 300 namen.

Praat met ze. Vraag wat ze van die kermis vinden.

Shelley had een sms op haar mobieltje:

'Kom om 2:00 uur naar de kermis.' Ze werd erheen gelokt.

Van wie was die boodschap? - Het was een prepaid-telefoon.

Die telefoon was niet van Shelley, maar van ene Sarah Donnelly.

Ik heb je al zo vaak gezegd dat je niet met die lui moet omgaan.

'Die lui, ' wat weet jij daar nu van? - Ze veroorzaken alleen maar ellende.

Sarah, waarom had Shelley jouw mobieltje?

Haar tegoed was op, ze moest het mijne lenen.

Waarom is dat belangrijk? - Er stond een sms op.

Mogelijk van de dader. - Heb je dat gehoord? Wat voor sms?

Hij wilde om 2 uur's nachts afspreken op de kermis.

Heb jij dat wel eens gedaan? - Ze hangt daar altijd rond.

Wat is er zo leuk daar? - Niets, we gaan er gewoon heen.

Luister, er woont daar een of andere smeerlap.

Wie zijn 'we' Sarah?

Ik, Shelley en wat anderen.

O god, Shelley.

Geen seksueel geweld. - Dus geen duidelijk motief?

Nee, maar dit zijn wat kneuzingen van een tijdje geleden.

Misschien is ze gevallen, of anders afgetuigd.

Sorry voor het ongemak. - Dat zijn we wel gewend.

U hebt vast wel vaker verklaringen ondertekend.

Ik begrijp waarom u rechercheur bent.

Bent u wel eens aangeklaagd?

Jullie hebben toch dossiers? - Die heb ik niet ingezien.

Ik wilde het van uzelf horen.

Eén keer maar. Ik had in de kroeg een radio gekocht.

Hij was gestolen. - Werd u aangeklaagd wegens diefstal?

Dat probeerden ze.

Ik had een alibi voor de diefstal, dus zeiden ze dat ik er wel van wist.

Maar dat was natuurlijk niet zo.

Dat kwam niet in me op.

Een kop thee?

Shelley had veel oude kneuzingen. Leek Harry Stein jullie gewelddadig?

Zou hij zijn eigen dochter slaan? - Sarah was toch het doelwit?

Dat is niet zeker. Misschien wisten andere mensen van dat mobieltje.

Er is geen motief. We hebben alleen Harry Stein.

Vraag hem naar die kneuzingen.

Had u wel eens problemen met Shelley? Met haar gedrag?

Ze was een tiener.

Moest u haar wel eens disciplineren? - Wat bedoelt u?

Er zaten kneuzingen op haar lichaam, Mr Stein. Oude kneuzingen.

Hoe kwam ze daaraan?

Hoor je dat? Wat heb ik je gezegd? - Hoe kwam ze eraan?

Hoe ik mijn dochter opvoedde is mijn zaak, oké?

Sloeg u Shelley, Mr Stein?

Mijn dochter ligt in het mortuarium en u komt hier om me dat te vragen?

Ze had die kneuzingen ergens vandaan. - Luister.

Denk maar wat u wilt.

Ik weet wie dit heeft gedaan, en als u niets doet, doe ik het.

Uw probleem gaat heel ver terug in de tijd.

Het gaat om de verdeling tussen ons en de rest.

Is dat niet uw probleem? - Deels, maar het gaat om onrecht.

Er is een misdrijf, diefstal, vernieling, waar zoekt u het eerst?

Daarom wantrouwen we de lange arm der wet.

Maar de wet is een feit, en daar moet u zich toch ook aan houden?

Ja, maar als je de wetten niet vertrouwt, maak je ze zelf.

Daar is een voorbeeld.

Uw kleinzoon. - Ja. Hij is een goeie knul.

Maar wel koppig. Hij moet met Gina trouwen.

Een van ons, Mitchell's dochter. - Een gearrangeerd huwelijk?

Dat is een traditie, het hoort bij onze wetten.

Ze kennen elkaar hun hele leven, een perfecte start. Wij scheiden niet.

En liefde dan? - Is dat echt zo geweldig?

Voor mij wel. - En hoe heette ze?

Het was een hij.

En is hij nu weg? - Ja.

Zo gaat dat dus met liefde.

Sarah. Sarah.

Sarah. Sarah.

Sarah.

Sarah.

Sarah.

Sarah.

Wat is dat, verdomme? - Waar is ze, waar is ze?

Hij brak een ruit en veroorzaakte overlast.

Overlast?

Ik word maar voor één ding's nachts actief.

Sarah is verdwenen, en ik weet dat die lui er wat mee te maken hebben.

Hebben jullie haar gevonden? - Nog niet.

Hebben jullie de kermis doorzocht? - Ja, maar er is geen spoor.

Wanneer zag u haar voor het laatst?

Ze was thuis toen ik naar de pub ging. Ze zat tv te kijken.

Waar bewaart ze haar kleren? - Haar kleren?

In een ladekast in haar kamer. - Die is leeg.

Zei ze iets over uit huis gaan?

Ze zou me nooit verlaten. - Waarom niet?

Sinds haar moeder twee jaar geleden overleed...

zijn Sarah en ik heel hecht. Ze zou me nooit verlaten.

Waarom hebt u Mr Buckland's woonwagen beschadigd?

Ik heb haar met zijn zoon gezien. - Samuel?

Daarom hangt ze daar altijd rond.

Hij is er altijd, en dan valt hij haar lastig.

Jackie.

Kijk of de jonge Buckland een auto heeft.

Is alles in orde met je? - Ik ben hier, en jij ook.

Heb je enig idee hoeveel ik van je hou?

We redden het wel, hè?

Bukken. - Ja, hoor.

Ik meen het, bukken.

Oké, bedankt.

De auto is gezien. - Waar?

Bij de burgerlijke stand. - Geweldig.

Denk eraan, Mr Donnelly. - Ik weet het, geen ruzie.

Te laat. - Ik wil even met mijn dochter praten.

Ze is nu mijn vrouw. - Sarah?

Hoe heb je haar zover gekregen? - Dat heb ik niet.

Wat heeft hij met je gedaan? - Het is mijn beslissing.

Dit kun je me niet aandoen.

Ik kan niet mijn hele leven voor je zorgen, papa.

Is dat zo? - Ik moet mijn eigen leven hebben.

Jij en ik, Sarah. Wij zijn een team, dat heb je zelf gezegd.

Nu niet. - Kom mee naar huis, dan praten we.

Nee, papa. Nee.

Dat lijkt niet op dwang. - We moeten zeker zijn.

Ik wil dat hij wordt aangeklaagd voor ontvoering.

Luister, als hij haar iets doet... - Ze zijn boven de 16, dit is legaal.

Nee. Hij heeft haar hiertoe gedwongen, wat ze ook zegt.

U moet hier iets aan doen.

Vertel eens, wie heeft het aanzoek gedaan?

Dat was ik. - Volgens mij was ik dat.

Toen ik je een zetje gaf. - Ik ben gedwongen.

Help me, ze is gewelddadig. Schrijf dat maar op.

Wat gaat jullie doen? - Ik schrijf me in voor een woning.

We gaan eerst huren.

Je weet welke problemen er kunnen komen...

tussen jouw mensen, Samuel, en sommige inwoners?

Ik doe niets verkeerds. - Ja, maar we willen iets vragen.

Kunnen jullie nog even wachten tot iedereen gekalmeerd is?

U kunt ons niet gescheiden houden. - Nee, maar je begrijpt ons probleem.

Denk er maar eens over na.

Eerst woonruimte zoeken. Laat iedereen er maar aan wennen.

Het moet maar. - Moet je haar toch zien pruilen.

En trouwens: Gefeliciteerd. - Dank u.

Nu gaat het mis tussen de kermislui en de bevolking.

Of het tegenovergestelde. - En straks hou ik nog van quiche.

Ze waren het al weken van plan. - Geen dwang, echte liefde.

Daar komt oorlog van.

Maar er is een meisje dood, en ik wil weten of dit daarmee te maken heeft.

Hoe gaat je 'aardige jongen'-act? - Vreemd genoeg lijkt die te werken.

Breng Samuel thuis. Let op hem.

Over dat mobieltje: Als Sarah het doelwit was, is ze dat nog steeds.

Als dat is uitgezocht, zal ik kreunen van genot.

Kreunen van genot? - Is het zo lang geleden, Jackie?

Sarah, wees aardig voor je vader. Dit is een zware tijd voor hem.

Ik wou dat Samuel hier was. - Jullie zijn gauw weer bij elkaar.

Ja.

Word jij niet een beetje te romantisch?

Hoe vaak vind je de ware?

Met jou meegerekend zo'n 47 keer. - Maar zij passen bij elkaar.

Blijf je hier in de buurt?

Het heeft geen zin om te vluchten. - Omdat je vader je dan gaat zoeken?

Hij moet zien dat we gelukkig zijn. - En Gina dan?

Ik hou niet van Gina. - Ik dacht dat jullie regels hadden.

Erg ouderwetse regels. - Wat gebeurt er als je ze overtreedt?

Dat weet ik, maar ik zorg dat het niet zover komt.

Shit, shit.

Hallo. - Zijn er gewonden?

Nee, het is onder controle. - Bedankt.

Harry.

Ik zag een brand in de verte, en ben gaan kijken.

De brand is aangestoken. - Wat jammer.

Mr Stein, u koestert een wrok, en u was in de buurt.

Dat bewijst niets. - Nou moet u eens luisteren.

Ik geef u een officiële waarschuwing. Blijf weg bij die kermis, begrepen?

Heel goed.

Ik hoor dat je getrouwd bent.

Dat klopt. - Waarom?

Liefde. - Wil je mij niet?

Niet op die manier, nee. - Oké.

Ja. Is dat oké?

Jawel. Is dat meisje hier doodgegaan?

Ja. - Gaat Sarah ook dood?

Nee, ik zorg dat dat niet gebeurt.

Ga maar naar huis, Gina. - Oké.

Wat doe jij hier?

Nadenken. - Waarover?

Misschien kan ik je helpen, Samuel.

Dat kunt u niet.

Noah, klopt het wat ze zeggen?

Dermott, het lijkt er wel op. - Wat ga je doen?

Ik heb met Samuel gepraat. - En?

Het komt wel goed. - Dat is niet wat hij tegen Gina zei.

Ik zei dat het goed komt. Ik hou me aan mijn woord.

Dat is je geraden. Je weet waar het om gaat.

Maak je geen zorgen, ik kan de bruidsschat terugbetalen.

Ik had het niet over geld.

Sarah?

Ik heb iets voor je. - Wat dan?

Je moeder wilde dat je die kreeg, op je trouwdag.

Een trouwring.

O, papa. - Sarah.

Je weet toch dat ik van je hou? - Ik weet het.

Ik wil alleen maar het beste voor je.

Vooruit, pas hem maar. Ik geloof dat hij aan de andere hand moet.

Daar heb ik de ring van Samuel. - Hij kan er toch nog bij?

Ik weet niet... - Sarah, dit had je moeder zo gewild.

Kijk eens, hij zit perfect.

Als ze ons nu toch eens kon zien.

Zo, een paar biertjes en dan gaan we eten.

Papa. - Een paar maar. Dat beloof ik.

Wat is er mis met Gina?

Niets, maar ze is niets voor mij. - Je kent haar al je hele leven.

Ik heb haar niet gekozen. - Ze is perfect.

Mam, ik wil bij Sarah zijn. - Dat is geen vrouw voor jou.

Dit is mijn besluit. - Nee.

Niet het jouwe, het is mijn besluit, en ik zeg dat het niet goed is.

Je bent te laat. Dit is het bewijs.

Ja.

En wat bewijst het nu? - Dat maakt geen verschil.

Luister, jongen. Het gaat hier om eer.

En een bruidsschat die is betaald. - Kan me niet schelen.

Wil je dat ik mijn enige zoon dood? Wil je dat soms?

Nee.

Doe dan wat ik zeg.

Wat doen die twee nou bij elkaar? Voeren ze iets in hun schild?

Misschien werft Stein Donnelly voor zijn zaak.

Dit kan oorlog worden. We moeten ze inrekenen.

We kunnen ze nergens voor aanklagen.

Nu gaan ze uit elkaar.

Goed, laten we eens kijken waar Donnelly ons naartoe leidt.

Sarah.

Ga niet bij me weg.

Wat doet hij hier nou? - Een slecht geweten.

Hij knielde en was in tranen. - Hij besefte wat hij had gedaan.

Waarom zou Donnelly Shelley doden? - Om de kermislui zwart te maken.

Dan zou Sarah zich tegen ze keren.

Fijn, een grootschalige rel. - Sir, ik heb een idee.

Waarom ben ik hier?

Wat deed u gisteren op de plaats van de moord?

Ik was dronken.

En dat veroorzaakte een schuldgevoel. - Wat?

Als je dronken bent, word je soms overvallen door de realiteit.

U beschuldigt mij. - Wat deed u daar?

Ik was dronken, ik weet niet waarom ik daar was.

Ik stelde me voor hoe het voor haar moest zijn geweest.

Waarover praatte u met Harry Stein?

Niets, dronkenmanspraat. - Over het kermisvolk?

Nee. - Over Samuel en Sarah?

Nee.

Mr Buckland, ga zitten.

Wat doet hij hier?

U zit allebei in een lastig parket. Uw kinderen zijn met elkaar getrouwd.

Niet voor mij. - Mee eens.

Mooi, dan bent u het tenminste ergens over eens.

Wettelijk kunt u niets doen om ze uit elkaar te halen.

Het zou best kunnen dat ze er voorgoed vandoor gaan.

Wilt u dat soms? - Ze kunnen bij mij wonen.

Ik neem dat meisje op.

Denk je dat ik dat toelaat? - Wat bedoel je?

Mijn dochter wordt geen slet. - Let op je woorden.

Ik ga nog liever dood. - Dat kan geregeld worden.

Hou op. - Samuel hoort bij mij.

En Sarah bij mij, niet bij dit stuk tuig.

Je raakt haar kwijt, Rab.

Had Sarah nog meer vriendinnen?

Er hing hier een groepje rond. - Je kon dus kiezen.

Sarah is anders. - Hoe bedoel je, anders?

Het is alsof ik haar altijd al heb gekend.

Ze is zo natuurlijk. Dit voelt goed. - Wat zegt je vader ervan?

Die draait wel bij.

Wisten nog meer mensen dat je ging trouwen?

Wie dan? - Je vader, de Mitchells.

Niemand wist ervan. - Kende jij Sarah's vriendinnen?

Alleen hun gezichten, geen namen. - Heeft ze die nooit genoemd?

Angie, Mary, ik weet het niet. Wat maakt het uit?

Goed werk. Hoe staat het ervoor met het kermisvolk?

Daar werk ik aan. - Geen nieuws?

Het kost tijd. - Met wie heb je gepraat?

Samuel en zijn opa Elijah.

Ze hebben strenge regels over trouwen met hun eigen mensen.

Is er een verband met de moord op Shelley?

Dat gaat wel ver.

Stel dat iemand van dat huwelijk wist en dacht dat Shelley Sarah was.

Sir? - Geluk gehad?

Ze gingen bijna vechten. - Dit is geen sociaal werk.

Is er iets over Harry Stein? - Stuart vond een oud rapport.

Zijn vrouw deed aangifte van geweld. Die trok ze later in.

Misschien is hij te ver gegaan. - Er lag niets bij de brand.

Jackie, ga eens onder vier ogen met zijn vrouw praten.

Komt u verder.

Bedankt.

Harry kan elk moment terug zijn.

Zit u daarover in?

Hij wil vast niet dat ik met u praat. - Hoe gaat hij dan reageren?

Ik weet wat u gaat vragen, over die keer dat ik aangifte tegen hem deed.

Hij had u geslagen.

We hadden ruzie. Ik ging uit mijn dak, en meer was het niet.

Ik ben het eens nagegaan.

U belandde in het ziekenhuis.

We maken altijd ruzie. Ik deel ook veel uit.

Ik heb gezien hoe u naar hem kijkt. U bent bang.

Ik ben niet bang.

En Shelley?

Dat had hij niet gedurfd. - Denkt u nooit dat hij de dader is?

Nee.

Hoe kwam ze aan die kneuzingen? - Dat weet ik niet.

Waarom verdedig je hem, Carol?

Hij is een harde man, soms een verschrikkelijke man. Dat weet ik.

Maar hij had Shelley niet kunnen vermoorden.

Alstublieft, u moet weg.

Wat doet u hier?

Ik heb met uw vrouw gepraat. - Waarover? Wat heb je gezegd?

Ik vroeg naar Shelley's vriendinnen. - Ze wilde wat namen, Harry.

U heeft maar één naam nodig, en dat is Buckland.

Hartelijk dank voor de hulp.

Ondanks het geweld verdedigt ze hem. - Dat is het Stockholmsyndroom.

Of de waarheid. - Ik heb iets.

De sms waarmee Shelley werd gelokt, kwam van haar eigen telefoon.

Ga daar even kijken.

Waar is haar mobiel?

Geen idee. - Hebt u hem ergens gedumpt?

Onze dochter is dood en jullie zeiken alleen maar.

Ik heb zelfs gezegd wie de dader is. - Dat vindt u.

Waar is uw fatsoen? - Ik hou me gewoon aan de wet.

Sorry dat ik uw fijne wet belemmer. Ga weg, ik bel m'n advocaat.

Laat ons rouwen om onze dochter.

Het is hier mooi.

Als baby kwam ik hier met jou, maar dat weet je vast niet meer.

Ik heb Buckland gezegd dat Samuel bij ons kan wonen.

Wat zei hij? - Maakt niet uit. Hij beslist niet.

Papa, wij moeten ons eigen leven leiden.

Je bent nog zo jong, wat weet jij van het leven?

Ik wil bij de man zijn van wie ik hou.

Een man? Hij is geen man.

Snap je niet dat ik een verantwoordelijkheid heb?

Ook voor je moeder, die er niet is.

Jij moet doen wat goed is, Sarah, en dit is echt niet goed.

Dit heeft niets te maken met 'goed'. Het gaat om jou.

Waarom luister je niet? - Ik ben mama niet.

Je hebt haar de dood ingejaagd, dat zal mij niet overkomen.

Je weet dat ik van je moeder hield. - Je hebt haar leven vergald.

Dat kun je niet ontkennen. - Dat kan ik wel. Wat is dit?

Is dit wraak om hoe je denkt dat ik mama heb behandeld?

Nee, het gaat om mij. Ik probeer mijn eigen leven op te bouwen.

Waarom heb je de ring verplaatst?

Het zag er niet goed uit. Ik ben Samuel's vrouw, niet de jouwe.

Wat?

Ik kook voor je, ik maak schoon. Je geeft me een trouwring.

Wat komt er daarna?

Nee, Sarah. Je mag niet denken dat...

Moet je ons nou eens zien, papa.

Nee, Sarah. Niet doen.

Wat gaat er gebeuren met je vader? - Hoe bedoelt u?

Zal hij Sarah ooit accepteren?

Hij zal wel moeten. - En zo niet?

Dat is zijn probleem. - Hoe ver gaat hij dan?

Hij heeft zijn regels, en ik de mijne.

Heeft hij Shelley vermoord omdat hij dacht dat ze Sarah was?

Moet ik mijn vader verraden? - Als je iets weet, zeg het dan.

Dat is uw wet, niet de mijne. - Hij heeft haar vermoord, hè?

Ik weet niet wie de dader is, ik wil alleen maar bij Sarah zijn.

Is dat fout? - Samuel.

Wat is daar mis mee? - Samuel, kom mee.

Nee. Zeg tegen hem dat hij me niet kan dwingen. Zeg het hem.

U moest toch de wet handhaven?

Jackie, Shelley's mobieltje is net gebruikt, vanaf de kermis.

Waarom zou Noah Samuel bij Sarah laten intrekken?

Weet je zeker dat hij dat wil? - Het is een oplossing.

Noah kan erg koppig zijn. - Hij moet een compromis sluiten.

Wij kijken anders naar de wereld. Bij ons bepalen de ouders alles.

Dat is niet zo anders.

De traditie is anders. Jullie hebben ook tradities...

maar ben jij bereid om ervoor te sterven?

Met Reid. Ja, we gaan er naartoe.

Waarheen? - Er is iets met Rab Donnelly. Links.

Wat is er gebeurd? - Ik kwam binnen, en daar was hij.

Het is in orde. Probeer me te vertellen wat er is gebeurd.

Daar links, sir.

Pikken wij dit zomaar?

Wat gaan jullie daaraan doen?

We hebben ruzie gehad.

Ik heb wat dingen gezegd. - Wat voor dingen?

Slechte dingen die ik niet meende. Ik wilde alleen...

En toen ging je weg?

Het ging goed met hem toen ik bij hem wegliep.

Waar ben je naartoe gegaan?

Naar mijn vriendin, Angie.

Hoelang ben je weg geweest? - Dat weet ik niet.

Vijf uur, misschien zes.

Hij belde me bij Angie.

Hij belde iedereen om me te zoeken. Toen kwam ik terug. En hij was...

Er lagen pillen op tafel. Het is mijn schuld.

Sarah, je vader heeft geen zelfmoord gepleegd.

Wat?

Je vader is gewurgd.

En de pillen dan?

Die hebben hem niet gedood. Er is iemand sneller geweest.

Wat is dit voor plek? - Een soort opvangcentrum.

Voor jou, tot we klaar zijn met de flat. Ik ga wel mee naar binnen.

Dat hoeft niet, ik ga zelf wel. Het is in orde.

Weet je het zeker?

Heeft Samuel je die gegeven? - Mijn vader, hij was van mijn moeder.

Wat jammer dat ze er nu niet is. - Ze zou dit niet goedkeuren.

Dat kun je niet weten.

Vindt u dat we er goed aan hebben gedaan?

Dat vraag je aan de verkeerde. - Bent u getrouwd?

Ik ben gescheiden, dus ik ben geen deskundige.

Hield u van hem?

Jawel.

Hoe oud was u toen u trouwde?

Waarschijnlijk te oud.

Uiteindelijk gaat het altijd zo.

Sir, hier.

We hebben dit gevonden.

Het mobieltje van Shelley Stein.

Hoe kwam dat onder uw wagen? - Iemand heeft het daar neergelegd.

Waar was u gisteravond? - Aan het werk, net als anders.

De hele avond? - Ja, met een paar pauzes.

U bent het kamp niet uit geweest?

Wat is er gebeurd?

Hebt u Rab Donnelly nog gesproken?

Die heb ik niets te zeggen. - U hebt hem bedreigd.

Hij heeft een grote bek. Daar krijg hij nog eens last mee.

Hij heeft genoeg last gekregen, en u waarschijnlijk ook.

Rab Donnelly en Shelley Stein zijn met hetzelfde touw vermoord.

Het moet Noah Buckland zijn. - Waarom?

De bruidsschat, dat is het motief.

Hij vermoordt Shelley, en nu pakt hij de Donnelly's.

Is het niet erg riskant om Rab in zijn woning te doden?

Sarah was bang voor iemand.

Buckland. - Waarom Noah?

Omdat zij de volgende kan zijn. - Zo dom is Noah niet.

Stuart, waarom wil jij ze zo graag verdedigen?

Hoe kwam hij aan haar mobieltje? - Toen hij haar doodde.

Dat sms'je is van voor de moord. - Iemand anders verstuurde het.

En Buckland stal het ding.

Maar waarom verstopt hij het onder zijn wagen?

Als dubbele bluf. - Er zijn afdrukken op het mobieltje.

Oké, bedankt.

Van Shelley en van Harry Stein. - Buckland?

Nee, ik ben bang van niet. - Haal Stein hierheen.

Twee doden. Jullie doen niets aan die moordenaars.

Oké, dan vraag ik het nog eens.

Hoe kwam Shelley's mobieltje onder die wagen?

Weet ik veel. - Heb jij het daar gelegd?

Dit is ongelofelijk. - Er zaten afdrukken op het mobieltje.

Niet van Buckland, maar van Shelley en van jou.

Ik vraag het nog een keer, Harry.

Denk na voordat je iets zegt, want het gaat om een dubbele moord.

Heb jij die telefoon onder Buckland's wagen gelegd?

Ik heb Rab niet vermoord.

Goed. Maar heb jij die telefoon daar neergelegd?

Oké, oké.

Ik heb die telefoon daar neergelegd.

Maar ik heb Rab niet vermoord. - En Shelley?

Ik heb nog nooit iemand gedood.

Wat is de aanklacht?

Belemmering van de rechtsgang. Ik regel een straatverbod.

Hij heeft een alibi. - Zijn vrouw weer.

Vertel haar de waarheid. - Ze verdedigt hem.

Probeer haar te overtuigen.

Hij heeft het mobieltje daar neergelegd.

Is dit een of andere truc? - Nee, dat heeft hij bekend.

Wat stom. Wat heeft hij nog meer gezegd?

Hij ontkent de moorden. - Natuurlijk doet hij dat.

Zei hij iets over die mobiel?

Nee. - Sta je nog achter die alibi's?

Ja, nog steeds.

Luister, ik heb schoon genoeg van hem.

Ik ben z'n stompzinnige obsessies beu.

Ik ben al heel lang van plan om weg te gaan.

Ga je hem verlaten?

Ik word gek als dit niet ophoudt. Ik ga naar mijn zus in Edinburgh.

Je hoeft hem niet meer te verdedigen.

Nee, dat klopt, Maar dat doe ik wel, omdat het de waarheid is.

Nee, ik geloof haar. - En wat moeten we nu?

We zijn terug bij Buckland.

Hij zegt dat hij gisteravond heeft gewerkt. Ga na of dat klopt.

Harry Stein heeft het mobieltje neergelegd.

Dat dacht ik al.

Ik wil excuses aanbieden voor de manier waarop u behandeld bent.

Dat zijn we wel gewend. - Dat maakt het niet goed.

Nee.

Wat gaat u met Sarah doen?

Dat hangt van Samuel af. - En uw tradities dan?

Volgens uw vader vindt u die belangrijk.

Dat zijn mijn zaken.

Was hij de hele avond hier? - Ja, we hebben samen gewerkt.

Pauzeerde hij ook? - Dat doen we om beurten.

Hoelang bleef hij weg? - Een uur op, een uur af.

Waar ging hij naartoe? - Geen idee. Misschien zijn wagen.

Oké, bedankt.

Noah kan Rab niet hebben vermoord. Hij was aan het werk.

Hij heeft een uur gepauzeerd. - Dat bewijst niets.

Nee, maar hij is wel een verdachte. Vind je dat erg?

Nee, maar het lijkt alsof dat vanaf het begin al vaststond.

Je kunt niet alles hebben.

Je ziet er bezorgd uit. - Hoe zit het met jou?

Waar moet ik me zorgen over maken? - Je zoon, misschien.

Ik dacht dat dit achter de rug was. - Ik ook.

De telefoon was daar neergelegd. - Stein heeft een alibi.

Denk je dat Noah zo ver zou gaan?

Je kunt niet verwachten dat ik daar antwoord op geef.

Shit. Noah.

Politie. In welke kamer zit dat jonge stel?

205, tweede verdieping. - Bedankt.

Haal hem van me af.

Ik liet hem binnen en hij werd helemaal gek.

Hij trok het mes en schreeuwde dat hij die fout niet nog eens zou maken.

Toen viel hij Sarah aan. - En jij greep in.

Hij mocht Sarah niets doen. - En toen stak jij hem?

Ik weet het niet meer. Ik wilde het mes afpakken.

We vielen en hij kwam op me terecht, en... Sorry.

Ik wist niet eens dat hij dood was, oké?

Sarah, waarom ging je naar een hotel?

Het opvangcentrum is verboden voor mannen. Ik wilde bij mijn man zijn.

En toen kwam Noah de kamer in. Wat zei hij?

Hij zei dat het nu afgelopen was.

Hij zou dezelfde fout niet nog een keer maken. Toen trok hij het mes.

Hij viel je aan?

Samuel ging voor hem staan. Ze begonnen te vechten.

Hij wilde het mes afpakken. Toen struikelden ze en vielen ze.

Toen kwam u binnen.

De verhalen kloppen met elkaar. - Een beetje te goed, toch?

Hou op, Robbie. Ik was erbij.

Wordt het doodslag? - Dat beslist de officier.

Nu moeten we ze vrijlaten.

Ze gaan naar het huis van Sarah's vader.

Mag ik het de Bucklands vertellen? - Dat is goed.

Zorg dat jullie wat slaap krijgen. Het is een lange avond geweest.

Hij is dood, hè? - Ik vind het heel erg, Elijah.

Waar is Noah?

Noah is dood.

Niet Samuel?

Je zoon wilde Sarah doden. Samuel heeft met hem gevochten.

Heeft Samuel hem gedood? - Uit zelfverdediging.

Hij probeerde zijn mes af te pakken.

Wat voor mes? - Pardon?

Met een gekerfd heft? - Ja. Heb je dat wel eens gezien?

Ja.

Ik ga het Vancy maar vertellen.

Is er iets mis? - Mag ik binnenkomen?

Sarah is nog niet aangekleed. - Ik heb haar telefoon.

Bedankt. - Ik moet 'm persoonlijk overhandigen.

Goed.

Jullie hebben een vreselijke tijd gehad, maar je moet verder.

Ja, we hadden het over de begrafenis.

Ik bedoel daarna. Nu kunnen jullie samen zijn. Blijven jullie hier?

We gaan weg.

En jij, Samuel, ga je terug naar de kermis?

Nee, ik zoek een echte baan om voor haar te kunnen zorgen.

Ik kan heel goed voor mezelf zorgen, dank je.

Ziet u waar ik mee ben opgescheept? - Ik ga maar eens.

Ik wens jullie veel geluk.

Mr Stein?

Wat wilt u? - Het is oké. Ik heb uw hulp nodig.

Waarmee?

Shelley's mobieltje. Hoe kwam u daaraan?

Het lag in haar kamer. - Waar dan?

Het lag onder haar bed. - En wanneer vond u het?

Vlak voordat ik het onder Buckland's wagen neerlegde.

Ze hebben die kamer uitgekamd, en ze hebben vast onder het bed gekeken.

Waarom vonden ze het niet? - Slecht werk.

Is er daarna iemand bij u geweest? - Nee, niet dat ik me kan...

Jawel, Sarah kwam even langs.

Ze kwam ons condoleren en een kaartje brengen. Lief van haar.

Is ze in Shelley's kamer geweest?

Inderdaad.

Ze wilde even afscheid nemen en ik liet haar alleen.

Ze zat op het bed.

Ik heb een grote fout gemaakt en die wil ik rechtzetten.

Hallo. - Is er iets?

Dat zou je kunnen zeggen. - Wat is er?

Wat er is? Ik weet de waarheid.

Geen zorgen, ik sta aan jullie kant. - Waar heeft u het over?

Het mobieltje.

Al die tijd zochten we een onbekende die Shelley had ge-sms't.

Maar zo is het niet gegaan, hè Samuel?

Hoe bedoelt u?

Die avond kwam Shelley naar je toe, tijdens je werk.

Ze wilde je na sluitingstijd zien.

Maar jij vermoordt haar, en je sleept haar lichaam weg.

Je neemt het mobieltje mee dat uit haar jas valt.

Dan bedek je haar met vuilnis.

U zit er helemaal naast.

Dan ga je naar Sarah, die totaal ontzet is, maar ook doodsbang.

Want jij weet niet dat haar telefoon bij Shelley is.

Je durft niet terug te gaan naar het lijk.

Daarom verzin je iets. Je stuurt Sarah een sms:

'Kom om 02:00 uur naar de kermis.'

Niet zo slim, want we komen erachter van wie die telefoon is.

Wat ik niet snapte, was hoe Harry Shelley's mobieltje in handen kreeg.

Slim, je brengt een kaartje langs en legt de telefoon onder het bed.

Het is oké, alles is goed.

We begrijpen het niet. - Ik wel.

Jullie zijn verliefd en willen samen zijn. Waren die rotouders maar weg.

Je hebt geen alternatief.

Als je zoiets doet, kun je niet meer terug.

Ik snap niet waarom Shelley dood moest.

Niets zeggen, lieverd. Oké?

Ik ben erachter gekomen. Vroeg of laat doen de anderen dat ook.

Ik wil je helpen.

Ik hoop dat dit geen vergissing is.

Waarom?

Waarom zou u ons willen helpen?

Jij bent heus niet de enige die ooit verliefd is geweest.

Ik had hetzelfde gedaan om dit vast te houden.

Kom op. Het is allemaal in orde.

Wat kunt u doen om ons te helpen? - Ik heb toegang tot documenten.

Ik zorg dat alles geheim blijft, maar dan moet je wel eerlijk zijn.

Waarom heb je Shelley gedood?

Ik had haar per ongeluk verteld dat we gingen trouwen.

Ze zou het mijn vader vertellen.

Samuel wilde alleen maar met haar praten.

Ze vormde een bedreiging.

Ze wilde met me naar bed, anders zou het verkeerd aflopen.

Ik verloor mijn zelfbeheersing. We hadden ruzie, en ik...

Ik wilde haar niet doden.

We hebben ze.

En je vader?

Dat was Noah. - Je moet niet liegen, Sarah.

Rab is met hetzelfde touw vermoord als Shelley.

Sammy?

Sammy, je zei dat dat Noah was.

Ik heb het voor ons gedaan, Sarah. Oké?

Toen je zei wat hij van je wilde, moest ik toch iets doen?

Je wilde zelf dat hij dood was. - Dat meende ik niet.

Anders had hij zichzelf gedood. Daar heb ik je van gered.

Kom hier, alles is in orde.

We hebben elkaar toch?

Dit zint me niks. Stuart zit daar al te lang. Ik ga naar de baas.

Nee, we moesten wachten, Robbie. - Zo terug.

We kunnen de rest van ons leven bij elkaar zijn.

Wat is er, Samuel?

De politie is buiten. Dit is een val. Waarom heb je dat gedaan?

Ik weet niet waar je het over hebt. - Je draagt een zendertje.

Shit.

Die klootzak draagt een zendertje.

Je moest blijven. - Sorry, ik...

Later, kom mee, we gaan naar binnen.

Ik ga hem vermoorden.

Nee. - Kom hier.

Je hebt me belazerd.

Sammy, nee.

Sammy. Kijk me aan.

Het is in orde.

Laat hem met rust.

Hij heeft ons belazerd. - Je weet dat ik van je hou.

Stuart, is alles goed met je?

Stuart. Robbie, trap de deur in.

Hou vol, Stuart. We komen eraan.

Bel een ambulance.

Meldkamer, met Reid. Stuur een ambulance.

Mag ik dat mes?

Niet wegzakken, de ambulance is onderweg.

Kom, dan gaan we.

Ik had dit moeten voorkomen.

Geef jezelf niet de schuld. Dit was onvermijdelijk.

Je kunt niet alles hebben, hè? - In dit geval heeft niemand iets.

Can't find what you're looking for?
Get subtitles in any language from opensubtitles.com, and translate them here.