Afrikaans
Akan
Albanian
Amharic
Arabic
Armenian
Azerbaijani
Basque
Belarusian
Bemba
Bengali
Bihari
Bosnian
Breton
Bulgarian
Cambodian
Catalan
Cebuano
Cherokee
Chichewa
Chinese (Simplified)
Chinese (Traditional)
Corsican
Croatian
Czech
Danish
Dutch
English
Esperanto
Estonian
Ewe
Faroese
Filipino
Finnish
French
Frisian
Ga
Galician
Georgian
German
Guarani
Gujarati
Haitian Creole
Hausa
Hawaiian
Hebrew
Hindi
Hmong
Hungarian
Icelandic
Igbo
Indonesian
Interlingua
Irish
Italian
Japanese
Javanese
Kannada
Kazakh
Kinyarwanda
Kirundi
Kongo
Korean
Krio (Sierra Leone)
Kurdish
Kurdish (Soranî)
Kyrgyz
Laothian
Latin
Latvian
Lingala
Lithuanian
Lozi
Luganda
Luo
Luxembourgish
Macedonian
Malagasy
Malay
Malayalam
Maltese
Maori
Marathi
Mauritian Creole
Moldavian
Mongolian
Myanmar (Burmese)
Montenegrin
Nepali
Nigerian Pidgin
Northern Sotho
Norwegian
Norwegian (Nynorsk)
Occitan
Oriya
Oromo
Pashto
Persian
Polish
Portuguese (Brazil)
Portuguese (Portugal)
Punjabi
Quechua
Romanian
Romansh
Runyakitara
Russian
Samoan
Scots Gaelic
Serbian
Serbo-Croatian
Sesotho
Setswana
Seychellois Creole
Shona
Sindhi
Sinhalese
Slovak
Slovenian
Somali
Spanish
Spanish (Latin American)
Sundanese
Swahili
Swedish
Tajik
Tamil
Tatar
Telugu
Thai
Tigrinya
Tonga
Tshiluba
Tumbuka
Turkish
Turkmen
Twi
Uighur
Ukrainian
Urdu
Uzbek
Vietnamese
Welsh
Wolof
Xhosa
Yiddish
Yoruba
Zulu
Coutsie, ga naar huis. - Smeerlappen.
Ga naar huis. - Ik ga al. En ik kom niet meer terug.
Kom, Bess. We gaan naar huis.
Die nieuwkomers. Ze pikken ons land. Ze weten alles beter.
Maar ze zeggen je niks.
In je mand, Bess.
Compensatie.
Oké, wie weet waar Fenmore ligt?
Op 't platteland? - Het is 'n gat.
Dat gat valt onder onze jurisdictie.
Er is 'n man omgekomen bij 'n brand. Die zou aangestoken zijn.
Moord? - Zo wakker vandaag, Robbie.
Je hebt 'n uur om te pakken.
Ruik dat eens.
Ik ruik niks. - Precies. Frisse lucht.
Open velden, bomen. - Koeienvlaaien, netels, muggen.
Puur natuur. Leve de centralisatie. Zo komen we nog eens buiten Glasgow.
Eén spat koeienstront op m'n schoenen en ik stap op.
Nee, die straat weer in, eerste rechts en dan eerste links.
Tot zo. De technische recherche. - Verkeerd gereden?
Gemma zat iets te ver. - U hebt ons gevonden.
Ik ben hoofdinspecteur Burke. En dit is mijn team.
Zijn jullie wel met genoeg? - We gaan even kijken.
De man was Ian Coutes. Een boer.
Hij is zwaar gaan drinken na de mond- en klauwzeerepidemie.
De brandweer kon vermijden dat de brand uitsloeg.
Wie heeft ze opgebeld? - Sorley Crawford. Ook een boer.
Hij was op weg naar huis en zag de rook.
De deur was van de buitenkant op slot gedaan.
Het is dus zeker geen zelfmoord.
Onze briljante wetenschapster. - Begin niet.
Het lijk ligt in 't huis, dat grote gebouw daar.
Wie is er al binnen geweest? - De baas, Jackie en de brandweer.
Allemaal? - Weet ik veel.
Kan ik een lijst krijgen? - Misschien.
Fijne rit gehad? Het lijk ligt in 't huis. - Dat grote gebouw, ik weet 't.
Jij kunt ons al helpen met informatie. - Wat wil je weten?
Wie had 'n reden om Coutes te vermoorden?
Hij maakte wel eens kabaal, maar of dat een motief is?
Had hij vijanden? - Niet dat ik weet.
Is hier een dorpshuis? - Nee. Wel een kroeg.
De mensen moeten naar mij komen.
Laat blaadjes drukken. Morgen vergadering om half zes.
Iedereen moet er zijn. Waar kunnen we overnachten?
Er zijn twee eenpersoonskamers, met badkamer.
Hier en op 't eind van de gang.
Er is 'n tweepersoonskamer met wastafel en wc beneden.
Jackie, jij neemt die, ik deze.
Jullie willen wel 'n kamer delen, hè? - Tuurlijk.
U kent vast iedereen hier. - Vroeger. Er zijn veel nieuwkomers.
In de nieuwe wijk? Die hebben we gezien.
U kende Ian Coutes? - Coutsie kende ik maar al te goed.
Jammer, hij was altijd dronken en begon dan te vechten.
Ik heb hem er twee keer uit gezet.
Was hij hier gisteravond? - Hij was hier altijd.
Hij begon weer een van de klanten uit te schelden.
Ik gooide hem eruit. Hij was straalbezopen.
Hoe heette die klant? - Mark Andrews, uit de wijk.
Er is gisteren 'n man omgekomen in 'n brand.
Ja, Coutes zeker? - Waar hebt u dat gehoord?
In de winkel. Roddels zijn hier sneller dan de telefoon.
U had gisteren ruzie met hem.
Hij was 'n zatlap, altijd aan 't zeuren. Ik negeerde hem.
Hij was tegen de nieuwe wijk.
Het is wij tegen hen.
Je probeert je te integreren. Geven en nemen, weet je wel.
Zij werken niet mee? - Wij geven, zij nemen.
Ze zijn tegen elke verandering. Maar dat kan toch niet?
Wij kiezen geen partij. - Zij zijn 't die problemen maken.
Wij willen ons hier gewoon integreren.
Had u al woorden gehad met Mr Coutes?
Ik heb al met veel inwoners woorden gehad.
Maar dat is beter dan dat ze weigeren met je te praten.
Zij maken problemen, zei u.
De jonge boeren. Echte vandalen. Praat met hen.
Ik zeg u niet wat u moet doen, maar 't loopt echt uit de hand.
Hoe laat verliet u de kroeg? - Toen hij sloot.
Ik kwam terug van de kroeg. Ik zag de rook.
Zag u Mr Coutes de kroeg verlaten? - Ik ging 'n half uur na hem naar huis.
Kende u 'm goed? - Al jaren.
Hij had 'n drankprobleem. - Mond- en klauwzeer.
Iedereen gaat er anders mee om.
Wat deed u? - Gewoon verder werken.
Zag u nog iets anders of iemand anders?
Ik zag de rook, kwam naar huis en belde de brandweer.
Zo was het toch?
U ging niet kijken? - Het is de schuur, dacht ik.
En wat deed u dan? - Ik ging slapen.
Was u niet nieuwsgierig? - Wij moeten er 's morgens vroeg uit.
Wat heb je al? - We hebben dit gevonden in huis.
Geweerkogels? - Normaal toch op een boerderij.
We hebben geen wapen gevonden. Alleen 'n foedraal.
Waarom heeft hij kogels en geen geweer?
Stuart, kijk hier eens naar. - Wat hebben we?
Crawford zag de rook, belde de brandweer en ging slapen.
Slapen? - Hij moest er vroeg uit.
Ging hij niet helpen? - Hij leek niet bezorgd.
Verzwijgt hij iets? - Misschien is hij gewoon zo.
Opvolgen. Nog iets? - Ian Coutes z'n papieren.
Hij verkocht z'n land stuk per stuk aan 'n vastgoedmakelaar.
Zoek uit wie dat is. En vanavond gaan we ons hier integreren.
Je had genoeg, zei je. Wie niet genoeg heeft, speelt niet mee.
Het is afgelopen. We zijn erbij.
Doet u mee, inspecteur? - Spelletjes is mijn ding niet.
Wil je echt niet meekomen?
Dan zie je de meester niet in actie.
Dat is de Italiaan in mij. - Wat?
Ik krijg al medelijden met ze. - Met wie?
Met de vrouwen, Stuart. Met de vrouwen.
Bedankt. Zet maar op de rekening.
Een baksteen op z'n kop? - Straks misschien.
Vergeet het maar.
Is dat 'n dreigement? - Wij zijn te sterk voor je.
Dat wil ik wel eens zien.
Zo is 't wel genoeg. Jij gaat nu zitten.
En jullie, kop dicht. - Dat zijn ze dus.
Is dat nou de sterke arm der wet?
We zijn erbij. - Lachen met voorbedachten rade.
Kop dicht, zei ik. - Een weekendje platteland?
Zijn jullie doof?
Met z'n assistent. Zijn jullie hier voor zaken?
Er is gisteren een man gestorven. Is dit respect tonen?
Heb je een probleem?
Goed gesproken.
We zijn in een lokale oorlog terechtgekomen.
Heb je iets? - Een lege jerrycan.
Die gaat naar 't lab voor onderzoek.
Staat er iets op? - Onduidelijke afdrukken.
Er staan ook nog volle jerrycans.
En de sleutel van de deur? - Geen vingerafdrukken.
Bedankt, Gemma. Hou ons op de hoogte.
Ik ben Crawford. Ik heb jullie al gesproken.
Ja, u had de brandweer gebeld.
Dit zijn Billy Jameson en John Duggan.
Ik ben hoofdinspecteur Burke, brigadier Reid.
Weet u al iets meer?
Het onderzoek is bezig. - Er zou boos opzet zijn.
Wie zegt dat? - Dat doet de ronde.
Wie wou hem vermoorden? - Hoe zou ik dat weten?
Het was gewoon een ongeluk dan?
Ze zouden hier niet zijn als 't een ongeluk was.
Ik moet thuis gaan eten.
Tot morgen, Sorley. - Dag, Sorley.
Goedenavond.
Alles goed? - Twee biertjes.
Dat zal wel. Ik ben weer opgebeld door die makelaar.
Wat zei hij? - Hij komt langs om te praten.
Ik moet de beesten voeren. - We hebben 't geld nodig, Sorley.
Hallo, Agnes.
Goed. Tot dan. Dag.
Sorley, het eten staat op tafel.
Ik wist dat het ooit zou gebeuren.
We leefden in geleende tijd. - Hoe bedoelt u dat?
De boerderij. Het was nooit meer hetzelfde na de mond- en klauwzeer.
Hadden jullie geldproblemen?
Ik wil daar nu echt niet over praten.
Dat begrijp ik wel.
Ik kom later nog eens terug.
Twee boerderijen al. Wie heeft 't op de boeren gemunt?
Hoeveel boerderijen zijn er? - Een stuk of vijf.
De twee die je kent, Robertson... - Jonge verwaande knul?
En dan nog Duggan en Jameson.
Ze waren gisteren in de kroeg.
Cammie Dods en Brian Falls zijn kleine boeren.
Robertsons maten. Oké, we beginnen bij hen.
Jullie gaan Robertson ondervragen. Wij gaan naar Duggan.
De Crawfords hebben ook geldproblemen, denk ik.
Wie heeft baat bij hun dood? De verzekering misschien?
Coutes was al uitbetaald. - En Crawford?
Ik weet 't niet. Ik wou z'n vrouw nog wat ruimte geven.
Ze zei wel dat ze in geleende tijd leefden.
Had ze 't over de schulden? - Misschien.
Ik denk toch dat er meer aan de hand was.
Het is alsof iedereen hier een geheim heeft.
Ik zoek Mr Duggan. - Pa is in de melkschuur. Daar.
Mr Duggan? - Is er wat?
Mr Crawford is gisteren overleden.
U was gisteren met hem in de kroeg?
Hoezo?
U en Mr Jameson zijn samen vertrokken.
Wanneer ging u uit elkaar? - Bij de kroeg. Toen kwam ik hierheen.
Het is hetzelfde als bij Coutes, hè?
Iemand heeft 't op de boeren gemunt.
Geen idee wie?
Iedereen schiet met iedereen op, behalve met de nieuwkomers.
Ik ben Kellie, de zus van Frankie.
Graag gedaan. - Meer dan alleen 'n knap snoetje?
Ik hoop het. Jij bent 'n speurder? - Dat zeggen ze toch.
Leuk om eens een man in een pak te zien.
Heb je de kippen al gedaan? - Dat wou ik net doen.
Tot later. - Ik hoop het.
Heren, kan ik nog iets voor u doen?
Wat kun je ons over Crawford vertellen?
Hij gaat al eeuwen mee. Hij vecht ook om z'n bestaan.
Wou hij ook z'n boerderij verkopen, denk je?
Zou me niks verbazen. - Ga jij verkopen?
Ik heb dit land van m'n pa gekregen. Ik verkoop 't nooit.
Waar ging je naartoe na de kroeg? - Ben ik 'n verdachte?
Ik schopte wat keet met de jongens en kwam naar huis.
Waar was dat?
Een beetje overal. Vraag het aan m'n maten.
Doe ik.
Die vrienden van je broer... - Die hersenloze genieën.
Je mag ze niet?
Ze jutten elkaar op als ze samen zijn.
Dan doen ze zo kinderachtig. Het zijn jeugdvrienden.
We zijn vanavond in de kroeg. Als je nog iets zou weten...
Ik bedenk wel wat.
Neem misschien een vriendin mee.
Bedankt voor de thee.
Wat was dat nou?
Dat van die vriendin?
Wat moest ik vragen? Breng 'n stoere jonge boer mee?
Cammie heet je, hè? - Dat ben ik.
Waar schiet je op? - Konijnen.
Je was gisteren in de kroeg met Frankie Robertson.
Waar was je na de kroeg? - Gaat 't over Crawford?
Waar was je? - Rotzooien met Frankie.
Een beetje overal. Voor de lol.
In de buurt van Crawford z'n boerderij?
Waar dan?
Bij de nieuwe huizen. - Wat deed je daar?
Gewoon wat rotzooien. - Tot hoe laat?
Ik was om drie uur terug. - Heeft iemand je daar gezien?
Ze staan altijd achter hun gordijn te loeren.
Die zijn druk bezig geweest.
U beschuldigt mij toch niet?
We trekken iedereen na. - U zag me weggaan.
Net na Crawford.
Direct hierheen. Maar goed ook. - Waarom?
De vernielingen niet gezien? - Toch wel.
Het begon toen ik thuiskwam. Die jonge boeren weer.
U moet dat aangeven. - Heb ik al geprobeerd.
Hoe voelt u zich bij deze sterfgevallen?
Hoe ik me voel? Het is uiteraard heel triest.
Triest?
Ik kende die mannen niet. Ik kreeg de kans niet ze te leren kennen.
U hebt gezien hoe dat komt.
U hoort nog van ons.
Bedankt voor uw tijd. We komen er zelf wel uit.
Een van de boeren wilde z'n land verkopen. Hoe zit dat?
Het hoofdkantoor van de makelaar is in Glasgow.
Jackie en Stuart, praat met die mensen.
Ga na of Crawford z'n naam valt. - Sorley wou niet verkopen.
En Ian Coutes z'n wapen is vermist. Dat moeten we terugvinden.
Heeft hij vast verkocht. - Weet je niks beters?
Waarom had hij dan nog munitie?
Die oorlog tussen de boeren en de nieuwkomers.
Robertson en z'n maten zijn gisteren naar de woonwijk geweest.
Dat hebben we gezien. Haat kan 'n motief zijn.
Mr Andrews is vast niet de enige.
Ga na wie er nog boos is. Dat zal toch lukken, hè?
Dat is de hele wijk. - Robbie zal helpen.
Er was nog 'n boer in de kroeg. Jameson?
Billy. Hij woont een eind hiervandaan.
U kende beide slachtoffers? - Ja, dat wel.
Maar ik mocht ze daarom niet.
Wie wenste ze dood, denkt u?
Ik ken er genoeg die hadden gejuicht bij hun overlijden..
Maar ze zouden ze nooit vermoorden.
Hebt u die Andrews al ontmoet?
Ik ken 'm wel. Hij is 'n grote druktemaker.
Weet u dat hij zich bedreigd voelt?
Als hij die jongens zou negeren, zouden ze ophouden.
Hoe denkt u over de nieuwe wijk?
Wat is uw voornaam, inspecteur?
Matt, hoe zou jij over de nieuwe wijk denken?
Ik zou ertegen zijn, denk ik.
Die wijk is gewoon een symptoom van wat hier gebeurd is.
En dat is? - Ik zal je iets laten zien.
Hier ligt mijn vee. - Mond- en klauwzeer?
Naar dat vuur moeten kijken was zo hartverscheurend.
Kreeg je compensatie?
Het gaat niet om geld, Matt.
Het is een manier van leven. Je bent trots op wat je doet.
Je kunt toch opnieuw beginnen met nieuw vee?
Hoe dan? Met het vee van iemand anders?
Dit had ik opgebouwd. Ik was trots op mijn beesten.
In hun ogen zag je de geschiedenis van generaties.
In hun ogen zag ik wat mijn vader had gezien.
En zijn vader voor hem.
Is dat wat ze stadshumor noemen, Matt?
Nee, gewoon ik die de ezel uithangt.
Waarom ben ik hier? - We hebben even gebeld...
met de vastgoedmakelaar die hier actief is.
Ze hebben 'n vertegenwoordiger en dat blijkt u te zijn.
En dan?
Waarom zei u niet dat u hier land opkocht?
U vroeg niks. - U had 't zelf kunnen zeggen.
Wat heeft dat ermee te maken?
U kocht land van Coutes? - Tuurlijk, dat is m'n werk.
U kende hem niet, zei u. - In de gewone omgang.
Met wie hebt u nog onderhandeld? - Dat is vertrouwelijk.
Ik eis dat u ons informatie verstrekt.
Over elke verkoop waar u bij betrokken was of bent.
Dat moet ik met m'n baas bespreken.
Zeg hem dat we desnoods een huiszoekingsbevel halen.
Wat deed jouw pa?
M'n pa? Hij was lasser op een scheepswerf.
Scheepsbouw. Ook aan 't uitsterven, net als de landbouw.
Ja, alle oude industrieën.
Heeft hij er z'n hele leven gewerkt?
Er blijft niks meer van over. Ik ben net op tijd vertrokken.
Het was niks voor mij. Hij regelde een leercontract, ik wou niet.
Dus ging je bij de politie?
Dat was meer mijn ding. - Maar je pa keurde 't niet goed.
Hoe weet jij dat?
Ik had een zoon. Ik heb een zoon.
Aan de andere kant van de wereld. Ik heb hem tien jaar niet gesproken.
Het boerenbestaan lag hem niet?
Ik dacht, dat zit in 't bloed. Maar ik had het mis.
Leeft je pa nog?
Heb je nog contact met hem?
Hij is een moeilijk man.
Er is 'n vergadering vanavond. - Ik heb de brief gekregen.
Ik zal er zijn. - Goed.
Kom je naast me staan? - Ik blijf liever hier.
Zoals je wil.
Goedenavond. Bedankt dat u er bent.
We proberen het kort te houden.
In de afgelopen twee dagen zijn twee mannen omgekomen.
Mijn collega's en ik rekenen op jullie medewerking.
Succes. - Dank u, Mr Andrews.
Wie de slachtoffers kende, kan ons helpen.
Erg behulpzaam zijn ze niet. - Gooi hem eruit.
Ik heb 't recht hier te zijn.
Wil je 'n rechtse?
Dat was 'n dreigement. - Ter zake nu.
Pak dat uitschot aan. - Breng Mr Andrews naar buiten.
Ik help wel even.
Je moet sneller zijn dan dat. - Twee mannen zijn dood.
Vergeet jullie geschillen en help ons om de moordenaar te pakken.
Jullie moesten je schamen. - Wij niet alleen.
Mr Duggan, waar loopt u naartoe?
Ik wil de volgende niet zijn. - Waarom zou u?
U zag hem toch daarbinnen? - Wie?
Ik zeg niks.
Hij zei: U zag hem toch daarbinnen? - In de kroeg?
De moordenaar was er misschien. - Hij was doodsbang.
Ik wil 'n lijst van alle aanwezigen. - Baas, je kunt beter even komen.
Ik heb vanmorgen de boerderij verkocht.
Uw man wou niet verkopen? - Nee, maar ons geld raakte op.
Zette Andrews je wel eens onder druk?
Nee. Maar je kreeg wel 't gevoel dat hij gemeen kon worden.
Gewoon in de manier waarop hij dingen zei.
Hij gebruikte geen dreigende woorden, maar je snapte hem wel.
Heeft hij je vanmorgen bedreigd? - Niet direct. Zoals gewoonlijk.
Hij zei dat ik de boerderij niet alleen kon runnen.
Dat het gevaarlijk was voor mij, dat ik 'n makkelijk doelwit was.
Wat wil je nu doen, Ann? Kun je ergens heen?
Ik heb 'n zus in Glasgow.
Je zult het land missen.
Er is te veel bloed over gestroomd.
Ga je naar huis? - Elke avond, zelfde tijd.
Was er iemand in de kroeg die je niet kende?
Ik kende iedereen. - Dan kun je ons helpen met de lijst.
Is dat alles? - En dan jullie nog.
Toewijding, dat zie ik graag.
Indrukwekkend. We doen ze vanavond nog.
Is dat 'n probleem? - Nee, baas.
Fijne baan toch. Ga maar, morgen is ook goed.
Kom mee, jij.
Laat mij 't woord voeren. - Prima.
Ga je undercover vanavond? - Grappig.
Dag, Kellie. - Dag. Dit is Laura.
Dag, Laura. Drinken jullie iets? - Wodka-limonade.
Komt eraan. Twee grote wodka-limonade...
een bruin bier en een halve shandy.
Heb je iets wat ons kan helpen?
Ligt eraan wat voor hulp je nodig hebt.
Even denken.
Mr Duggan?
Mr Duggan, bent u daar?
Geef ons een paar uur. - Optimistisch.
Realistisch, makker.
Wil je nog iets drinken? - Graag.
Duggan zit ook al lang in het vak.
Heeft heel z'n leven geboerd. Hij heeft last van zenuwen.
Heeft hij vijanden? - Iedereen schoot met iedereen op.
Tot de nieuwkomers er waren? - Verandering is moeilijk.
Wat denk jij van Andrews? - Hij is 'n gier.
Hou je vooral niet in. - Daar is die humor weer.
Heeft hij je ooit gevraagd om je land te verkopen?
Ben je nu aan 't werk? - Ik ben nieuwsgierig.
Hij heeft me nog niet gesproken. Dat komt nog.
Wat ga je doen?
Er hangt regen in de lucht. We kunnen beter teruggaan.
Je woont alleen met je pa? - Ma is gestorven.
En jij moet voor hem zorgen? - Hij heeft iemand nodig. Zeker nu.
Hij denkt dat hij de volgende is. - Waarom?
Hij was altijd al nerveus van aard, maar nu is hij gewoon doodsbang.
Kende hij Ian Coutes? - Heel goed.
Ze waren vrienden vóór de epidemie.
Wat gebeurde er toen? - Coutsie ontspoorde.
Hij raakte aan de drank en ze zagen elkaar niet meer.
Bedankt voor de lift.
Mag ik nog vlug even met je vader praten?
Hij zal niet praten. - Ik kan 't toch proberen?
Mr Duggan? - Wie is daar?
Brigadier Fraser. Ik wil u spreken over Ian Coutes.
Ik zeg niks.
U was goed met hem bevriend.
Ik probeer het later nog wel eens.
Je ligt in mijn bed. - Neem jij 't goede bed maar.
Ze was een beetje enthousiast.
Goedemorgen, baas. - Goedemorgen, Jackie.
Alles goed? - Prima.
Ik vond u niet gisteravond.
Ik wilde nog eens met Billy Jameson praten.
Waarover dan? - Over Duggan.
Is er iets wat u niet zegt? - Nee. Het is gewoon...
een gevoel dat ik heb.
Wat denkt u? - Andrews.
U mag hem gewoon niet. - Ik haat die vent.
Ik heb bij hem aangedrongen, maar hij houdt voet bij stuk.
Alle papieren zijn vertrouwelijk. - Hoe heet uw baas?
Wilson. Tony Wilson.
U hebt gisteren grond gekocht? - Wie zei dat?
De verkoopster. - Ze doet maar.
Hebt u haar bedreigd? - Waarom zou ik dat doen?
Het komt wel heel gelegen. - Ik heb maanden onderhandeld.
Crawford sterft en de verkoop wordt gesloten?
Wat bedoelt u daarmee? - Dat u geluk hebt gehad.
Dit pik ik niet meer.
Als u me wilt beschuldigen, wil ik eerst m'n advocaten bellen.
Ik heb je wel door, Mark.
Al die mooipraterij. Ik ken jullie soort.
In de stad of hier, uitschot herken ik overal.
Dit moet m'n advocaat ook weten.
Zeg hem maar dat ik je wel te pakken krijg.
Dit wordt steeds beter. - We moeten nu echt gaan.
Hij lokte u uit uw tent. - Ik weet 't.
Waarom ging u erop in? - Hij is 'n gier.
Wat is hier aan de hand? - Er is niks aan de hand.
Bedankt voor uw hulp.
Daar werkt geen Tony Wilson. Andrews gaf 'n valse naam.
Uitstekend. - Dat zegt nog niks.
Wil je naar Glasgow? - Slaapt Dolly Parton op haar rug?
Jij en Stuart gaan met dat bedrijf praten. Hoor ze uit over Andrews.
En jij? Doe je nog wat anders dan de hengst uithangen?
U kent me beter dan dat. - Maar al te goed.
Deze hebben geen alibi. - Robertson en Cammie wel.
Ze dekken elkaar. Niemand die ze echt gezien heeft.
Jij neemt Robertson. Met je contact daar.
Dat hoort bij m'n plan.
Is er iets? - Nee, hoor.
Waar is je broer? - Hij is binnen.
Hij zegt dat hij in de wijk was toen Crawford werd vermoord.
Dat klopt. - Was je erbij?
Hij heeft 't me gezegd. - Geloof je hem?
Waarom zou hij liegen? - Waarom zei hij iets?
Omdat ik vroeg waar hij was geweest.
Zei hij...
Kom nooit meer in m'n buurt of ik maak je af.
Frankie, ik heb nog wat vragen. - O ja?
Wat deed Andrews hier? - Dat zijn mijn zaken.
Wat is er tussen hem en Andrews?
Het ligt moeilijk. - Wat?
Hij wil de boerderij kopen, hè?
En Frankie wil niet verkopen. - Dat doet hij nooit.
Omdat hij het land van z'n vader kreeg.
Wat is er eigenlijk met je vader gebeurd?
Hij is weggegaan. - Zomaar?
Ik kan er niet over praten.
Kellie, je weet dat ik je graag mag.
Maar toch kan ik je laten ophalen voor ondervraging.
Hij is weggegaan, tijdens de mond- en klauwzeer.
En hij liet ons met de ellende achter.
Waar ging hij naartoe? - Dat weet ik niet.
Liet hij niks meer weten?
Het was alsof hij van ons af wilde.
Jij en Frankie waren in de wijk toen Crawford werd vermoord?
Dat klopt. - Wie was er nog?
Ik, Frankie en Brian.
Heb je 'n vergunning? - Tuurlijk. Ik schiet er konijnen mee.
Mag ik 't even zien?
Een .22.
L.C. Waar staat dat voor?
Geen idee. - L.C. Ian Coutes?
Zeg me nu eens waar je dit vandaan hebt.
Ik heb 't gekocht. - Waar?
In 'n winkel in Glasgow. - Naam en adres?
Stones in Dingwall Street. - Ik ga het zeker na.
Ik heb 't gewonnen bij 'n kaartspel. - En de initialen?
Ian Coutes. Hij gokte graag maar had nooit genoeg geld.
Dus gaf hij je z'n geweer.
Waarom loog je? - Ik wou geen dief lijken.
Waar was je toen Coutes omkwam? - In de kroeg. Vraag maar.
Vraag eens bij z'n maten of ze hetzelfde vertellen.
We moeten eerst met Barr praten.
Over de verdwijning van Frankie Robertsons vader.
Wacht de volgende keer niet zo lang.
Wat weet je over Robertson senior?
Dat is een heel verhaal. - We luisteren.
Op 'n dag ging hij gewoon weg. - Waarnaartoe?
Niemand die 't weet. Hij verdween zomaar.
Hij verdween zomaar?
Dat was niet ongewoon, met de mond- en klauwzeerepidemie.
Er gebeurde van alles. Er waren veel zelfmoorden bij de boeren.
Mensen werden depressief, ze verdwenen.
En je bent hem zeker niet gaan zoeken?
Ik registreerde hem als vermist.
Waar zijn de bewijzen dat je hem opgespoord hebt?
Die zijn er niet, hè?
Wat zit die hier eigenlijk te doen?
Ik moet je iets vragen, Billy.
Geen goed teken als een gesprek zo begint.
Jack Robertson. Hij verdween. - Dat is waar.
Weet jij waarnaartoe? - Ik zal je eens wat over hem vertellen.
Hij was een hatelijke, egoïstische man.
Niemand gaf er echt om dat hij weg was.
Ik wil weten waar hij naartoe ging.
Hoe kan ik dat weten?
Kom op. Je kent me toch. - Dat weet ik zo nog niet.
Je verzwijgt dus iets? - Geheimen zijn er altijd.
Tijd voor de waarheid, Billy.
Het is afgelopen, Mattie. - Wat?
Alles.
Dit allemaal.
Pak vast, nu ik het je nog kan geven.
Kijk eens aan.
Andrews heeft een strafblad.
Een bouwproject in de stad jaren terug.
Veroordeeld wegens intimidatie. Kreeg zes maanden.
Met geweld? - Nee.
Eén oudje was doodsbang.
Waarom kun je niet over Robertson praten?
Jij kunt ook niet over alles praten.
Hoezo ik? - Je pa.
Ik verzwijg niets. - Je hebt hem al jaren niet gezien.
Je kunt daar niet de hele dag blijven.
Ik blijf hier tot ze hem vangen.
De koeien moeten gemolken worden.
Toe nou, pa. Kom naar buiten.
Ik zag in z'n ogen hoe teleurgesteld hij in me was.
Net als ik, toen m'n zoon wegging.
Het duurde wat voor ik besefte dat hij zijn leven moet leiden.
En je hoort niks van hem? - Een beetje zoals jij.
Als ik iets tegen hem zeg, krijg ik gelijk ruzie.
Is het echt zo moeilijk om eens te proberen?
Waar is Jack Robertson? - Waarom denk je dat ik dat weet?
Je zei dat er 'n geheim was. - Ik kan je niet helpen, Matt.
Je doet me denken aan mijn pa.
Dat zal wel geen compliment zijn.
Jij weet altijd alles beter. Je bent net zo erg als hij.
Waag het niet om over mij een oordeel te vellen.
Wat weet je over mij? Over deze streek?
Je bent 'n stadsjongen. Je begrijpt niks van wat hier gebeurt.
Er sterven mensen en jij zit vol zelfbeklag. Kom zeg.
Het is jou dat ik beklaag. - Dat wil ik niet. Ik wil de waarheid.
Alles goed? - Ik heb dit van Andrews z'n baas.
Hij had 'n indrukwekkende cv en ze wisten niks over z'n strafblad.
Andrews liet Coutes z'n land helemaal in kaart brengen.
Verdeeld in percelen. Zoals in de contracten.
Hij heeft 'n bod gedaan op Duggan z'n boerderij.
En Robertson aangesproken. Iemand zal blij zijn.
Dag, Mr Andrews. Mogen we binnenkomen?
Waarom loog u over uw baas?
Ik wou niet dat u hem lastigviel met die onzin.
Over die intimidatie. - Waarvoor u gezeten hebt?
Dat was belachelijk. De jury geloofde zo'n dom oudje.
Ze kon met moeite haar naam onthouden.
Dat stond niet in uw cv. - Ik wilde werk.
Waar was u tijdens de moorden?
Thuis. - Alleen?
Alleen.
Is er krijt? - In de hoek.
Wat staat hierop?
Mond- en klauwzeer. Het ministerie filmde de verbrandingen.
Waar gaan jullie naartoe? - Wat ontspannen.
Nu niet. Zie je Duggans dochter nog? - Straks.
Vraag haar uit over Duggan, waarom hij zo bang is.
Pak jij Brian nog eens aan. Misschien verzwijgt hij iets.
Ik had met Kellie afgesproken. - Doe het nou.
Een Highland, graag.
Dag, Jackie. - Wat is er aan de hand?
Wat drink jij?
Een gin-tonic voor mij.
U trekt zich de zaak zo aan. - Waarom zeg je dat?
Ik weet niet. Gewoon een gevoel.
Het is niet belangrijk.
Goed dan.
Wat is dat? - Van Jameson gekregen.
Wat hebt u toch met Jameson?
Niks. Hij doet me alleen maar aan iemand denken.
Toen Crawford werd vermoord...
waren jij, Frankie Robertson en Cammie in de nieuwe wijk?
Juist. - Niemand anders?
Wat deden jullie daar? - Ik had wat te veel op.
Maar je weet wel nog wie er was. Wat deed Frankie?
Weet ik niet meer. - De drank weer.
Ik herinner me niet veel van die avond.
Brian, je verschaft mogelijke moordverdachten een alibi.
Dat is belangrijk. Je moet zeker zijn van wat je zegt.
We hangen meestal samen uit, ik, Frankie en Cammie. Dus...
Maar je weet niet meer wat jullie deden of wie er nog bij was?
Nee.
Kunnen we nu eens over iets anders praten dan over m'n pa.
Er is niemand thuis?
Hij wil maar niet uit die kamer komen.
Ik snap niet waarom hij denkt dat hij de volgende is.
Weet hij iets meer? - Niet dat ik weet.
Wie is daar?
Wordt er over Frankies pa gepraat? - Alleen dat hij verdwenen is.
Vreemd toch dat niemand daar echt bezorgd over is?
Ik weet dat er iemand is. Ik hoor je. Wat wil je?
Waarom wil niemand erover praten? Hij is verdwenen.
Hier wordt anders toch geroddeld? - Ik weet 't echt niet.
Is er iets met hem gebeurd, Laura?
Mijn God. Nee.
Help me.
Laura, brand.
Pa, hou vol.
Ze gaan me levend verbranden.
Ik breng hem naar een vriendin.
Bedankt.
Wat had uw pa met Andrews besproken?
Andrews wou 'n stuk land kopen. Pa wou niet verkopen.
Kan ik 'm even spreken? - Liever niet vanavond.
Goed. Ga dan maar.
Er is meer aan de hand. Ik weet niet wat.
Laura gaf de indruk dat Duggan iets weet...
en dat hij daarom 'n doelwit is.
Een geheim.
Robbie, ga samen met onze held Andrews ophalen.
Breng al z'n papieren mee. Al z'n dossiers en z'n laptop.
Andrews gaat wild tekeer. - Laat 'm maar zweten.
Die papieren van Andrews, daar klopt niks van.
Dit is 'n kaart van Ian Coutes z'n land uit z'n kantoor.
Maar als je op z'n laptop kijkt, dezelfde kaart,
maar de grens hier is anders. Er ontbreekt 'n veld.
Waarom verandert hij dat? - Hij is anders zo nauwgezet.
Moet ik hem erbij halen? - Ik wil 't eerst zien.
Nu is 't te donker. We gaan morgen kijken.
Ja, dit is het. - Het is gewoon 'n stuk land.
Nee, het is een stuk land dat half omgeploegd is.
Waarom?
Waarom stopte hij hier met ploegen?
Wat is er zo speciaal aan deze plek?
Man, middelbare leeftijd.
Het slachtoffer was duidelijk verbrand.
Er zijn twee kogelgaten achter in de schedel. Dat wijst op moord.
Een executie? - Mogelijk.
Hij werd eerst neergeschoten en dan verbrand?
De kogels zaten er nog in. Het wapen was niet zo krachtig.
Ik ben binnenin gaan zoeken en heb deze twee kogels gevonden.
.22.
Zoals Coutes z'n geweer.
Dat kunnen we nog altijd natrekken.
Hoe oud was Robertson toen hij verdween?
Negenenveertig.
Wie is dat? - Wat?
Dat lichaam? - Hoe zou ik dat weten?
Doe 'n gokje. - Dat kan iedereen zijn.
Het kan Jack Robertson zijn. - Dat kan.
Vertel eens wat over hem. - Wat wil je weten?
Alles.
Er valt niet veel te zeggen. Niemand mocht hem.
En op een dag verdwijnt hij en jij vindt dat niet verdacht?
Uit m'n ogen.
Ik ben in het kadaster gaan kijken.
Ian Coutes gaf onlangs dat stuk aan Frankie Robertson.
Jij, Robertson en Brian waren in de woonwijk toen Crawford stierf.
Je wil daar niet op terugkomen? - Waarom zou ik?
Hierom. Kogels, kaliber .22.
Uit de schedel van 'n lijk dat in 'n veld begraven lag.
Ooit van Ian Coutes, nu van Frankie Robertson.
En dan? - Jij had Coutes z'n geweer.
En als die kogels bij dat wapen passen, ben jij 'n moordverdachte.
Ik heb niemand vermoord. - Wie dan wel?
Ik was alleen met Brian op stap die avond. Frankie was er niet bij.
Hij liegt. - Waarom? Jullie zijn toch maten?
Ik weet niet waarom maar hij weet dat ik erbij was.
Ik liet pa z'n kamer onveranderd. Voor als hij zou terugkomen.
Kan je broer hem vermoord hebben?
Nee. Hij was dol op m'n pa. Ze waren onafscheidelijk.
Hij is veranderd sinds pa weg is.
Hij was een goed man.
Niemand hier in de streek mocht hem.
Alleen ik begreep hem echt.
Het was zijn boerderij. Zijn levenswerk.
Toen hij weg was, moest ik het van hem overnemen.
Weet je hoe hij gestorven is? - Hij is niet dood. Hij is verdwenen.
We hebben je bank gebeld. Ze gaan je boerderij afpakken.
Ze zullen me moeten wegslepen.
Andrews heeft je 'n aanbod gedaan, hè?
Ik verkoop niet. Ik steek nog liever alles in de fik.
Doe je dat wel vaker, vuurtje stoken?
Waarom gaf Coutes jou dat veld?
Hij verloor bij 't kaarten. Een stuk land was zijn inzet.
Hij gaf 't je? - Ik eiste dat stuk.
Hij wou me 'n ander stuk geven, maar dat veld was perfect.
Twintig jerrycans vol.
En z'n vaders horloge hebben we ook.
Het liep brandschade op en is vrij vuil.
Oké, ga Duggan ophalen.
Frankie heeft 't stoffelijk overschot van z'n vader opgegraven.
Help ons toch. - Ik was bijna dood.
Omdat je iets weet. - Ik zeg niks.
Ze zullen 't nog eens proberen. - Ik waag 't erop.
Je werkt tegen, John. We zullen je moeten aanklagen.
Dat wordt brommen. Wat zijn je kansen daar, denk je?
Daar is 't veiliger. - Waarom?
Omdat hij er niet zal zijn. - Wie?
Robertson?
Frankie is de moordenaar, hè? - Ik zeg niks.
Je moet, om hem te stoppen. - Ik kan niet.
Wat weet je over dat veld? - Ik weet niks.
Toe, je hebt niet veel keus. - Ik zeg niks.
Ga hem halen.
Wat doe je? - Ik doe het gewoon op jullie manier.
Wat doet hij hier? Laat me niet alleen met hem.
Vecht het uit. - Hij vermoordt me.
Is dat waar, Frankie?
Jij hebt mijn pa vermoord.
Jullie allemaal. - Dat is niet waar.
Ik heb z'n horloge gevonden. Ik vermoord je.
Ik krijg je wel, Duggan. En de anderen ook.
Hij wordt aangeklaagd voor moord.
Voor de dag ermee, John. Wat is er met Frankies pa gebeurd?
Het was tijdens de epidemie. Iedereen moest z'n vee aangeven.
Maar Jack Robertson zag z'n kans schoon.
Hij besmette z'n eigen kudde voor de compensatie.
Zo raakten onze dieren besmet. Hij moest gestopt worden.
We kwamen samen met 'n paar man en hielden hem tegen.
We doodden hem.
Je doodde hem? - Met Coutes z'n geweer.
En toen heb je 'm verbrand?
En begraven.
Coutes verloor het stuk land aan Frankie.
Frankie moet hem uitgehoord hebben voor hij hem vermoordde.
Wie haalde de trekker over?
We waren met z'n vieren. Hij wil ons nu pakken. Coutes, Crawford, mij...
en Billy Jameson.
Hij heeft toen geschoten.
Wat ben je van plan, Billy? - Laat me met rust.
Dat kan ik niet. - Ik wil 't op mijn manier doen.
Blijf daar. Ik wil niet dat jou iets overkomt.
Jij hebt Robertson gedood. - Dan weet je dat ik dit verdien.
Nee. Dat is niet de manier om het goed te maken. Kom mee met mij.
Om me te laten opsluiten? Geen ruimte om te bewegen of te ademen?
En je zoon? Dit kun je hem niet aandoen.
Ik heb hem opgebeld. Gewoon om eens dag te zeggen.
Hij was blij.
Ik begrijp waarom je zo boos was om dat vee.
Ik zorg ervoor dat je hulp krijgt. Ze zullen naar je luisteren.
Geef me de aansteker en dan kunnen we praten.
Toe, Billy.
Ga je pa opzoeken, jongen.
Dag, Jackie. - Morgen, Robbie.
Ga je hem nu opzoeken?
Can't find what you're looking for?
Get subtitles in any language from opensubtitles.com, and translate them here.