Afrikaans
Akan
Albanian
Amharic
Arabic
Armenian
Azerbaijani
Basque
Belarusian
Bemba
Bengali
Bihari
Bosnian
Breton
Cambodian
Catalan
Cebuano
Cherokee
Chichewa
Chinese (Simplified)
Chinese (Traditional)
Corsican
Croatian
Danish
Esperanto
Estonian
Ewe
Faroese
Filipino
Finnish
Frisian
Ga
Galician
Georgian
German
Guarani
Gujarati
Haitian Creole
Hausa
Hawaiian
Hebrew
Hindi
Hmong
Hungarian
Icelandic
Igbo
Indonesian
Interlingua
Irish
Italian
Japanese
Javanese
Kannada
Kazakh
Kinyarwanda
Kirundi
Kongo
Korean
Krio (Sierra Leone)
Kurdish
Kurdish (Soranî)
Kyrgyz
Laothian
Latin
Latvian
Lingala
Lithuanian
Lozi
Luganda
Luo
Luxembourgish
Macedonian
Malagasy
Malay
Malayalam
Maltese
Maori
Marathi
Mauritian Creole
Moldavian
Mongolian
Myanmar (Burmese)
Montenegrin
Nepali
Nigerian Pidgin
Northern Sotho
Norwegian
Norwegian (Nynorsk)
Occitan
Oriya
Oromo
Pashto
Persian
Polish
Portuguese (Brazil)
Portuguese (Portugal)
Punjabi
Quechua
Romanian
Romansh
Runyakitara
Russian
Samoan
Scots Gaelic
Serbian
Serbo-Croatian
Sesotho
Setswana
Seychellois Creole
Shona
Sindhi
Sinhalese
Slovak
Slovenian
Somali
Spanish
Spanish (Latin American)
Sundanese
Swahili
Swedish
Tajik
Tamil
Tatar
Telugu
Thai
Tigrinya
Tonga
Tshiluba
Tumbuka
Turkish
Turkmen
Twi
Uighur
Ukrainian
Urdu
Uzbek
Vietnamese
Welsh
Wolof
Xhosa
Yiddish
Yoruba
Zulu
Vertaling: Amsterdam invision Subtitling
Tuck, je vecht net zo erg als je stinkt.
Zullen we gaan eten? - Pak aan.
Ik zal je krijgen, Saks.
Alstublieft heer, geef ons nog één week.
Ik heb heel wat lieden zien kruipen, Hewlitt. Maar dit slaat alles.
Eén week maar, Sire.
Ik sta werkelijk perplex van zo veel acteertalent.
Blijf zo vreten, en je wordt vet, traag en waardeloos voor 'n zwaardgevecht.
Wat vind jij? Geven we hem 'n week? - Dan willen andere Saksen dat ook.
Daar zeg je wat. Alstublieft, graaf De Bourget.
Misschien word ik wel monnik, monniken zijn altijd dik.
Dan moet je de meisjes opgeven. Heb je liever schapen of meisjes?
Er zijn monniken die van twee walletjes eten: Vlees en meisjes.
Die waren nog van m'n overgrootmoeder.
Ze zijn echt.
Beschouw het als 'n boete. Volgende week kom ik voor de belasting.
Graaf, ik kom vertellen dat er twee Saksen over uw land lopen.
Nog geen vijf minuten hiervandaan. Dat wou u vast wel weten.
En nu wil je natuurlijk geld.
Ik zou je wel wat willen geven, maar ik vind het zonde.
Ik hoor paarden. - Ik zie paarden.
Verstop je.
Ik zie er achter elke boom een staan. - Wat?
Jonge madame, het krioelt hier van het tuig.
Mannen die je onteren, je beroven en je de keel doorsnijden.
Engeland is veel beschaafder dan u denkt.
Hij ging deze kant op.
Daar is hij.
Achter hem aan.
Geen beweging.
Kunt u daar wel mee omgaan? Pas op. Waarom?
Straks komt uw jurk onder het bloed. - Ik wist het, we gaan eraan.
Hij heeft vast nog makkers bij zich. - Als er iemand aan gaat, is hij het.
Jongeman, ga het rijtuig uit. - Graag.
Niet bewegen, zei ik. En hou je handen omhoog.
Ik begrijp dat u bang bent. - Ik ben niet bang.
Ik doe echt niks als u me laat gaan. Ik heb geen makkers bij me.
Mag ik het uitleggen? - Snel dan.
Ik val bijna flauw, zo erg stink je. Ik geef je vier seconden.
Milady, de bossen waar u doorheen rijdt, zijn van m'n vader.
Toen koning Richard wegging, zijn ze van ons afgepakt.
Graaf De Bourget zag m'n vriend en mij zonet rijden.
Hij heeft de bossen van ons afgepakt. Hij zat ons achterna en...
Wat bent u mooi.
Vind je dat echt?
Stoppen, koetsier.
Koetsier, heb je iemand gezien? - Nee Sire, helemaal niemand.
Waarom zijn we gestopt?
Niet bang zijn. We zitten achter een paar criminelen aan.
Duenna is bang, ze ziet een boef achter elke boom.
En terecht dat ze bang is. Misschien heeft ze wat gezien.
Heeft u iets gezien, madame?
Gezondheid, madame.
Was dat 't? Als 't hier zo gevaarlijk is, willen we er voor het donker zijn.
Natuurlijk.
Is de kust veilig?
Is hij weg? Hoe kan ik u bedanken? - Ik heb je niet geholpen.
Ik heb een Saks geholpen. En nu eruit.
Toe nou. - Eruit.
Milord, hoe was je reis?
Ik vond het wel een geslaagde reis.
Je kunt niet wachten, hè? - Om Richard kapotte maken? Nee.
Jou moet je niet dwarszitten. Misschien moest ik 't maar niet doen.
Niet met me trouwen? Jij trouwt heus wel met me, je bent te dol op macht.
Je denkt dat het heel simpel is, hè? Je brengt gewoon even 'n koning om.
Als Richard dood is, eist prins John de troon op.
Daarbij vergeleken stellen jouw rechten niets voor.
Een paar jaar met Richard het bed delen is heus niet voldoende.
Zonder al die leugens had ik al lang koningin kunnen zijn.
Liefje toch.
Wil je me soms laten geloven dat je prinses Alice niet hebt vergiftigd?
Richard wilde haar dood hebben. Hij hield van mij.
En toen ineens niet meer. - Richard is laf.
Kom lief, laten we nou geen ruzie maken.
Er is nieuws. Richard is van plan om terug te komen.
Is Tuck al terug? - Is hij niet bij jou?
We zijn elkaar kwijtgeraakt. De Bourget zat achter ons aan.
En waarom was dat?
Als er iets is wat ik moet weten...
Ben jij dat, jongen? Kom onze gast begroeten.
Rowena, m'n zoon Ivanhoe.
Hoe maakt u het?
Ik zei net dat de Normandiërs ons huis hebben toegetakeld.
Wat is er met jou gebeurd?
Ik ben van m'n paard gevallen.
Gelukkig viel ik in een plas.
Ik ga me even omkleden.
Hoeveel zou dit waard zijn? - Hoeveel hebben we nog nodig?
Hiermee kunnen we Richard alleen ontvoeren.
Ik heb geen zin meer om boeren te beroven.
Lieverd toch, je kunt er nu niet mee ophouden, hoor.
Als Richard terug is, moet je van hem al die Saksische grond teruggeven.
Je moet nu wel doorgaan.
Het was helaas geen goede reis. Iemand sprong in ons rijtuig.
Ja, een worm die zich als mens voordeed.
Je bent toch niet... - Nee. Ik kan met een mes omgaan.
Dat schrok hem wel af.
Maar Duenna was geschokt. Daarom ligt ze nu in bed.
Was het een Saks of een Normandiër? - Ik heb z'n bloed niet bekeken.
Het was geen Normandiër. - En geen Saks.
Kent u dat soort zwijnen dan? - Saksen zijn heel aardig.
Ze zijn galant, moedig, intelligent, royaal en...
attent. - Deze man was grof en hij stonk.
Hij was zeker ook niet knap? - Hij was walgelijk.
Wilt u mij excuseren? Het is een lange, angstige dag geweest.
Slaap lekker.
Wat was dat nou allemaal?
Wie is zij?
Ze is van hier. Haar vader kwam bij de opstand om.
Is ze Saksisch? - Ze stamt af van koning Alfred.
Wat komt ze hier doen?
Edward? Wat is er?
Tuck, de kokszoon, is opgepakt. - Waarom in vredesnaam?
Hij was op verboden terrein.
Hoe vaak heb ik het nou gezegd? We moeten ons gedeisd houden.
Wat gaat u nu doen? - Prins John aanspreken.
Wat wou je dan? Weer een oorlog beginnen en Normandiërs afslachten?
Zodat weer duizenden Saksen de dood vinden?
Hij zal echt niet iets doms uithalen.
Ivanhoe doet me aan iemand denken. - Aan wie dan?
Aan jou.
Jij kunt niet tegen je verlies.
Wat doe jij hier? - En jij dan, Saksische overloper?
Normandische waakhond. - Ik maak je af.
Daar is ie. Snel, naar rechts.
Wat doe je? Ben je zat of zo?
Hij zit daarboven.
Wat is er aan de hand? Ga kijken.
Wat is er, lief?
De bewakers zijn zeker aan het knokken.
Hewlitt lost het wel op.
We hebben hem gevonden.
We hebben hem.
Hebbes.
Erachteraan, sukkels.
Het is de zoon van Cedric, Sire. - Hoe is hij binnengekomen?
Hij kent alle ingangen. Als kind speelde hij hier, voor...
Voordat u het kreeg. - Voor ik het had gestolen, bedoel je.
Ik vergeet steeds dat je een Saks bent, Hewlitt.
Heb jij hier als kind ook gespeeld? - Niet echt. Ik moet nu gaan, Sire.
Vanwaar die haast? We weten immers waar hij naartoe gaat.
Bek houden.
Wat voor de duivel... - Stil, Waar zijn de bewakers?
Waar is die dikke jongen?
Eerst ga je mij redden, ik ben het volgende slachtoffer.
Help me omlaag, dan vertel ik waar hij is.
Hij zit in de kooi aan de andere kant. - Stil.
Laat de anderen vrij. Op mijn teken laat je de paarden los.
Hoe kom jij hier? - Wil je dat ik ga?
Nee, niet zonder mij.
De paarden.
Nee, daar is de binnenplaats. Hierheen.
Waarnaartoe? - Naar boven, hè.
Ze zijn de andere kant op gegaan.
Dit was geen goed plan. Weet jij wat beters?
Je kunt geen kant op.
Ik hoop dat je nog een plan hebt. ...Ja, we springen in de rivier.
Springen? Met al die stenen? - Ik kom eraan, knul.
Ik ga niet springen. - Je zult wel moeten.
Dat is Edward. - Springen.
Ik kan het niet. - Doe je ogen dicht.
Nu heb ik je, knul.
Waar zit je nou?
Doe open.
Ik dacht echt dat hij hier was.
Hij zou niets doms uithalen, zei jij.
Ik had het dus mis.
Hij komt niet terug als hij denkt dat u hem oppakt. Wat heeft hij misdaan?
Hij komt wel weer terug.
Hij is u erg toegenegen.
In naam van prins John plaats ik alle bewoners hier onder huisarrest.
Niemand komt of gaat zonder dat ik dat kweet.
Behalve Ivanhoe. Hij breekt graag in in onneembare vestingen.
Hewlitt.
Zet je mannen op wacht.
Wat een verrukkelijk wezentje.
Dit is onze tweede ontmoeting al.
Mag ik me voorstellen?
Graaf Brian De Bourget, tot uw dienst.
Helper van prins John, hoeder van het koninkrijk.
Ga terug naar je kamer, kind. - Ik eis dat u me laat weggaan.
Is het werkelijk, milady?
Eist u dat van me?
Weg met die vent.
Sla hem in de boeien.
Wat gaat u met hem doen? - Ik bedenk wel wat.
Ik zou het hier helemaal plat moeten gooien.
Misschien doe ik dat wel.
Ik dacht dat we je nu wel onder de duim hadden, Cedric.
Maar nu blijkt je zoon ook een verrader te zijn.
Tot ziens, milady.
Ik hoop u volgende keer onder aangenamer omstandigheden te zien.
De graaf zal zich een tijdje met hem vermaken en hem dan doden.
Ik weet nog steeds niet wie hij is. Ik ken hem van het slagveld.
Hij had geen familie en geen naam.
Hij is jarenlang m'n beste vriend geweest.
Waarom doet hij nou zoiets doms?
Hij zal tenminste eervol sterven.
Ivanhoe vroeg me iets waar ik geen antwoord op had. Wat doe je hier?
Ik dacht dat u dat wist.
Je moeder zei dat je je geboorteland wilde zien.
De graaf heeft m'n vader vermoord.
M'n vader is vermoord in z'n bad. Hij is verraden.
Hij is in z'n strijdtenue op het slagveld gezet.
Als de graaf net geen maliënkolder aanhad, had ik hem gedood.
Maar eens zal het me lukken. - Grote god, jij ook al?
Weet dat paard wel de weg? We zijn al tien uur onderweg, volgens mij.
Ik zei toch dat avontuur niks voor mij was.
Is dit het? - Zou kunnen.
En als er Normandiërs zitten? - Dan maken ze gehakt van ons.
Hou op over eten.
Het paard is hier wel thuis, zo te zien.
Zie je nou wel?
Heb je Sir Cedric's pupil ontmoet?
Ja, een alleraardigst meisje. - Ik heb begrepen dat ze erg mooi is.
Ze is een buitenkansje voor ons.
Hoezo dat?
Als jij met lady Rowena zou trouwen...
Met Rowena trouwen? - Ze stamt af van koning Alfred.
Als je haar man bent, is die Saksische grond die je hebt gejat, echt van jou.
Als koning Richard terugkomt, kan hij die niet van je afpakken.
Bovendien palm je zo ook de Saksen in.
En hoe moet het dan met ons?
Onze tijd komt nog wel.
Als je weduwnaar bent. - Nog een moord?
Mon amour, je vergeet hoe je aan je huidige positie bent gekomen.
Door moorden te plegen, lief.
Helaas, m'n lief, je hebt me onrecht aangedaan
je wees me veel te snel af
nu ben ik hier en ben jij weg m'n leven is een grote ramp
Je bent ook zo verdomd zwaar. Blijf nou even stil zitten.
Kijk eens aan. Wat hebben we hier? - Snij ons onmiddellijk los.
Waarom? - Omdat ik je dat beveel.
Dat verandert de zaak. - Weet je niet wie dit is?
Nee, en dat laat me ook koud. Jullie zijn vast tuig.
Hij gaat ons ombrengen. - Ik niet, maar het bos wel.
Even draaien en je bent de weg kwijt. - M'n vader is Sir Cedric.
Natuurlijk, joh. Wat zou z'n zoon hier dan moeten?
Jou zoeken. Jij bent toch de houthakker?
Weetje m'n naam? - Nee, die heeft Edward niet gezegd.
Wie is dat? - De vriend van pa.
Dat paard dat ons hier bracht, is van hem.
Welk paard? - Dat daar in de kraal staat.
Ik zie geen paard. - Het staat achter je.
Mijn naam is Pembroke en ik ben inderdaad houthakker.
Waar ga je heen? - Maak je ons niet los?
Straks. Ik moet m'n paard verzorgen.
Borduren interesseert me niet. Ik moet nadenken.
Milady, de graaf is hier. - Ga weg.
Hoe durft u? - Jij ook, weg hier.
Ik laat milady niet alleen bij u. - Bewakers.
Weg met haar.
We hebben meer mankracht nodig. - Bewakers.
Help ze.
Ze is niet te tillen.
Zijn er nog bewakers die vanmorgen wel hebben ontbeten?
Zet me neer. Zet me onmiddellijk neer.
Stelletje barbaren. Hebben jullie geen manieren?
Ik wil niet worden gestoord.
Als u haar één haar krenkt... - Als zij m'n mannen wat aandoet...
U bent een mooie jongedame. - Dat weet ik. Wat wilt u van me?
Ik kom u om uw hand vragen. - U wilt dat ik met u trouw?
Ik word nog liever als heks verdronken.
Wat een boeiende gedachte.
Op onze verloving.
En onze huwelijksnacht.
Fijn dat u het nieuws zo goed opvat. - Ik trouw nooit en te nimmer met u.
Ik zal er geen doekjes om winden.
Sir Cedric is kerngezond, maar een ongeluk is zo gebeurd.
Laten wij, u en ik, ons best doen om z'n toekomst zeker te stellen.
Als u hem iets aandoet. zal Ivanhoe u vermoorden.
Ivanhoe is nog maar een jongen. Een dwaze, onbesuisde jongen.
Ik heb een val voor hem uitgezet bij het toernooi komende zaterdag.
Prins John zal er ook zijn. Waarom gaat u niet als m'n gast mee?
Wie vreet heeft u zich tegen die tijd bedacht.
De gedachte met een vrouw als u te slapen, doet een man alles vergeten.
Zelfs verraad.
Wacht nou nog een paar minuten.
Hij zou tegen de ochtend terug zijn. Misschien is er iets gebeurd.
Daar zul je hem hebben.
Wat heb je voor nieuws? - Je vader heeft huisarrest.
De graaf wil Edward op het toernooi voor gek zetten.
Ik moet gaan. Waarheen? Wat kun jij nou doen?
Je lijkt m'n vader wel. Ik moet toch iets doen?
Had naar hem geluisterd. - Ik heb Tuck gered.
Je vader en Edward fungeren als aas. De graaf wil juist dat je komt.
Het is een val. - Ik verzin viel 'wat. Toon me de weg.
Nee. Edward wil dat ik op je pas. - Je kunt me hier niet vasthouden.
Dat is zo. Ga dan maar. Je zult verdwalen in het bos.
Maar gepakt worden door de graaf is nog veel erger.
Ik ruik kip. Waar is die kip?
Ik wilde maar een paar hapjes nemen, maar voor ik het wist, was het op.
Edward is pa z'n... Waar ga je heen? - Nog een kip vangen.
Gaat hij Edward ombrengen? - Wie weet.
Ik moet ridder worden.
We moeten vechten. En dat begint met een zwaard.
Het begint met de geest, het eindigt met een zwaard.
Als je wilt winnen, heb je tactiek nodig.
Wat weet jij nou van winnen, ouwe?
Eten is toegestaan.
Ik mankeer niks, milady. - Ik moet Ivanhoe vinden.
Waarom? - De graaf heeft een val uitgezet.
Jij moet als lokaas fungeren, hè Edward?
Ivanhoe zal niet komen.
Hij weet niet hoe hij hier moet komen. - Waar heb je hem heen gestuurd?
Hij gaat het vast proberen. Het zou hem toch kunnen lukken?
Hoe weet ik of u te vertrouwen bent?
Je weet toch dat de graaf m'n vader heeft vermoord?
Daarom heb je hem vanmorgen geslagen, niet?
Ik moet Ivanhoe tegenhouden. Je weet hoe onbesuisd hij is.
Tuck, wakker worden.
Dat is een paard van Edward.
Rowena. Gretchen.
Wat doen jullie hier? Het is midden in de nacht.
Je had wel... - Ik red me wel.
Gretchen, pak m'n mes.
Ik kom met je praten.
Ik moet morgenochtend weer terug zijn.
Hoe kom je dan terug? - Hou zou jij dat doen?
Op een paard van Edward. - Je gaat zaterdag, hè?
Ik moet wel. - De graaf zal je opwachten.
Wat kan jou dat schelen? - Je pa heeft gelijk, je denkt niet na.
En ik ben grof en ik stink. Ik ben lelijk en afstotelijk.
Ben ik nog wat vergeten? - Egoïstisch.
Waarom ben je hier nou naartoe gekomen?
Ik kan Edward redden. Maar als jij het verknalt...
Hoe kun jij hem redden dan?
De graaf wil met me trouwen.
Ik zal hem vragen Edward te sparen.
Wil je met de graaf trouvwen? - Ik wil hem juist vermoorden.
Dus moet ik met hem trouwen.
Je bent gek. Je zullen jou als eerste verdenken.
Je wordt gevierendeeld. Je kent Edward niet eens. Ik moet het doen.
Jij gaat niet met hem trouwen.
Jij kunt dat niet bepalen.
Trouw dan maar met hem, maar mij hou je er niet mee tegen.
Er is nog meer, hè?
Je kunt er toch niks aan veranderen.
Wat kan ik niet veranderen? - Ik moet dit doen.
Blijf nou hier. Hier zal hij je niet vinden.
Dat gaat niet. - Heeft hij je bedreigd?
Ik kan niet blijven. - Waar heeft hij mee gedreigd?
Nergens mee. Gretchen.
Krijg ik vandaag antwoord, milady?
Ik hoop dat de lans van je tegenstander sterk is.
Ik ben nog nooit verslagen. - Dan heb ik iets om op te hopen.
Ik ben geroerd door uw vuur.
Lach eens, lief. Voor prins John.
Wie is dat mooie jonge ding? - U bedoelt lady Rouxena?
De afstammeling van Alfred? Wat doet zij in Engeland?
Pas op haar.
Vanavond kondigt ze haar verloving met de graaf aan.
Ik had geen idee dat hij zo slim was.
Volgens mij zit Edward daar. - Wat ben je nou van plan?
Het is simpel. We sluipen naar binnen en bevrijden hem.
Daar gaat je plan.
Luistert allen. De Saks Edward Cawley...
heeft de graaf in het gezicht geslagen.
Er vloeide bloed. Daarom zal er nu een wapengevecht worden geleverd.
Echter, de Saks Edward Cawley is geen ridder.
Hij kan dus niet in het strijdperk worden toegelaten.
De graaf was daarom zo edelmoedig...
om toe te staan dat de Saks Edward Cawley...
wordt vertegenwoordigd door iedere ridder die maar wil.
Is er geen Saksische ridder die voor hem wil vechten?
Er moet er toch ergens nog eentje zitten.
Er zijn er niet veel meer. Geen moedige, althans.
Als niemand... - Ik zal voor hem vechten.
Als die Saksen niet laf zijn, zijn ze wel dom.
Jongeman, de regels zijn duidelijk: De strijder moet een ridder zijn.
Ik ben Ivanhoe, zoon van Sir Cedric.
U kunt me ter plekke tot ridder slaan. - Dat is inderdaad waar.
Maar waar is je wapenuitrusting?
Misschien kan ik die van iemand lenen.
Genoeg gedold. Wegwezen, knul.
Er is niemand die voor hem wil strijden, milady.
Alleen u kan voor hem opkomen.
Kijk, de zwarte ridder.
Wie is hij? - Dat weet niemand.
Hij kwam altijd als de Saksen in nood zaten.
Hij verdwijnt altijd net zo plotseling als hij verschijnt.
We hebben u al jaren niet meer gezien. Waarom bent u gekomen?
Vroeger sprak u ook al nooit.
De zwarte ridder zal strijden voor de Saks Edward Cawley.
Orde.
Ridders, kom snel.
Moordenaar.
Sta op. Vooruit.
Hou die boeren tegen.
De Saksen hebben ons voor schut gezet.
Zonder mij had je niet meer geleefd.
Ik heb het al zo vaak gezegd.
Je moet het volk onder de duim houden, anders komt het in opstand.
Ik kan u verzekeren dat dit een eenmalig incident is geweest...
dat is veroorzaakt door één opstandig joch.
Dan moet je hem snel oppakken. - Dat zal ik zeker doen.
Maar Sir Cedric en lady Rowena zijn onder onze hoede.
Ivanhoe zal ons niet lastigvallen. - Kon ik daar maar zo zeker van zijn.
Onze broer heeft wat met die Saksen.
Ze gebruiken hem steeds weer als een excuus voor rebellie.
Dat excuus zullen ze niet lang meer hebben, Sire.
Heb je nieuws over m'n broer? Morgenochtend hoor ik het.
Dat onze koning is weggevallen.
Ik kan dus zonder dat ik het weet koning zijn.
De onzekerheid is nog wel het ergst.
Ik doe vannacht geen oog dicht.
Ik ook niet...
milord.
Rustig maar, we zijn er bijna.
Pembroke, opstaan. Je moet me helpen.
Pembroke, waar zit je?
Die vervloekte houthakker is er nooit als je hem nodig hebt.
Jij?
Je bent er niet best aan toe.
We moeten het bloeden stoppen. Geef die stok eens.
Ik moest hem toch hierheen brengen?
Fijn dat alles goed met je is. - Niet praten.
Zorg voor Ivanhoe.
Laat ons alleen.
Ga.
Het is gek dat hij er niet meer is.
Hij was m'n broer.
We moeten z'n dood wreken. - En hoe wou je dat doen?
Er zijn duizenden Saksen die De Bourget willen doden.
Als ze naar jou luisteren, sterven ze in de strijd.
Dat ene relletje maakt je nog geen militair leider, knul.
Leer me dan er een te worden.
Ga hier maar op staan.
Voor ik beslis of ik dit doe, wil ik eerst wat dingen weten.
Neem deze in je ene hand.
En deze in je andere hand.
Til één been op. Waarom?
Geen vragen stellen, doe het nou maar.
En wat zou jij ook alweer doen? - Het paard brengt me het bos uit.
Ik ga naarAhsby. Daar ontmoet ik de hoefsmid op de meent.
Z'n naam is Gurth.
Hoe kom ik dan terug? - Gurth geeft je een paard,
Mag ik ook even naar Gretchen? - Monniken gaan niet met meisjes om.
Waar is je pij?
Doe 'm maar aan. Mag ik ook even naar Gretchen.
Dus je weet wat je te doen staat?
Moe?
Zet je been maar weer neer.
Til nu je andere been op.
Paddestoelen. Ze moeten hier toch ergens zijn.
Paddestoelen. Stop.
Wacht. Blijf staan.
Wacht. Stop.
Kom hier, stuk vlees op poten.
We komen je maten opnemen. Waarvoor?
Voor je trouwjurk, liefje.
Of wil je soms dat de bewakers je maten komen opmeten?
Ben je er klaar voor?
Pak maar een kip.
Moet dat echt?
Pak 'm dan.
Goed zo. Geef maar.
Kom eens. Hou je handen zo voor je.
Probeer de veer maar te pakken. - Een makkie.
Nog een keer.
Kan ie?
Het lukt gewoon niet.
Laat mij maar even.
Hoe deed je dat? - Ik keek naar je ogen.
Ik zag wanneer je 'm losliet. Als ik naar de veer kijk, is het te laat.
In een gevecht gaat het net zo.
Je moet je tegenstander in de gaten houden, niet z'n wapen.
Heer, ik ben het. Tuck.
Ik heb U een tijd niet gesproken, maar ik had het nogal druk.
Ik ben veel beloftes niet nagekomen, maar dat gaat nu veranderen. Echt.
Ik ben verdwaald, en ik moet een belangrijke missie uitvoeren. En...
Wildgebraad. Dank U, Heer.
Hellebaard. Speer.
Knots en strijdbijl.
Je kunt je hiertegen verdedigen als je met je schild weet om te gaan.
Je moet niet de slagen proberen tegen te houden.
Dan wordt je arm moe en gaat je schild eraan. Dat is niet goed.
Regel nummer een.
Je moet je schild licht kantelen, dan buig je de slagen af. Probeer maar.
Kan ie?
Heel goed. Je tegenstander is nu weerloos.
Z'n bovenlichaam is onbeschermd. Nog een keer.
Dat is niet eerlijk. Vertrouw niemand met een wapen.
Dat gebraad ruikt heel sterk, Heer.
Maar dat is De Bourget's kasteel, daar kan ik niet naartoe.
Heer, U heeft me hiernaartoe geleid.
Ik ben hier nu, ik reken op Uw hulp.
Waar gaat dat heen? Monnik.
Ben je suf of zo?
Jij bent suf. Snap je dan niet dat hij een zwijggelofte heeft afgelegd?
Kom maar mee, monnik.
Hij heeft geen hap gegeten. - Sir Cedric ook niet.
Is Sir Cedric hier? - Denk aan uw zwijggelofte.
Ik weet dat jij het bent, Tuck. Ik ben het: Jenny.
Van die keer bij de rivier, weet je nog?
Lady Rowena trouwt met de graaf. - Ze wordt er vast toe gedwongen.
Ja, natuurlijk. Gertrude moet de jurk vrijdag af hebben, zegt ze.
Anders doodt hij Sir Cedric...
Koning Richard is ontvoerd. De graaf laat hem voor veel goud doden.
We moeten ze tegenhouden. - Eerst moeten we een plan maken.
Teken het kasteel voor me. Ik wil elke ingang, gang en kamer weten.
De bruiloft is over vijf dagen.
Wil je ze nou redden of niet?
Ik weet waarom je met de graaf trouwt. Ik kom je hier weghalen.
En je vader dan? - Die komen we over een week halen.
Ik kan niet met je mee. Als ik weg ben, vermoordt de graaf Sir Cedric.
Ik zweer je dat ik dit huwelijk zal tegenhouden, Rowena.
Je moet nu gaan.
Als je wilt dat ik weer ga, zal ik dat doen.
Ik heb iets voor je.
Deze blauwe steen past mooi bij je ogen.
Het zit er zeker niet in dat je een man als ik kunt liefhebben?
Nou ja...
Liefde had ik toch niet verwacht.
Je bent me ongehoorzaam geweest.
Waar is Tuck? - Die is aan het werk, als priester.
Hij is geen priester. - Hij eet als een priester.
Hij stelt een leger samen. Waarom was je me ongehoorzaam?
Als je me nu niet meer wilt helpen, doe ik het wel alleen.
Dacht jij dat je tegen de graaf op kon?
Vind je jezelf nu al de beste? - Ik ben moe van het rijden.
Jammer dan. Je moet nog heel wat Ieren, en daar ga je nu mee beginnen.
Balans. Buigen, die knieën.
Sneller, sneller. De andere kant op nu.
Neem je pose aan. Sneller.
Je gaat vooruit.
Je bent er klaar voor.
Dit heb ik gekregen van de eerste zwarte ridder.
Hij was m'n vader.
Het is nu van jou.
Je moet je gaan aankleden.
Over een uur ga je trouwen.
Dan al? - De graaf heeft het druk vandaag.
Help me hem uit te kleden.
Halt. Kom op.
Ga maar.
We moesten de rechtertunnel nemen.
Hoe gaat het hier?
Wil je dat de bewakers je aankleden?
Laten we gaan.
De graaf staat te wachten.
We komen jullie aflossen.
Doe het niet, kindje. Laat ze me maar doden, ik ben een oude man.
Beste aanwezigen, we zijn hier bijeen in het aangezicht Gods...
om deze twee...
We worden aangevallen. - Sla alarm.
...waarom deze man en deze vrouw' niet...
Neemt u, graaf Brian De Bourget, deze...
Ja. - Zover was ik nog niet, sir.
Schiet dan op, priester.
...en elkaar lief zult hebben in voor en tegenspoed.
Dat heb je al gezegd. Misschien...
Het jawoord, nu.
Neemt u, lady Rowena, deze man...
Ik heb op je gewacht, knul.
Schenk Uw nederige dienaar de overwinning.
We moeten er een eind aan breien. - Juist, verrader.
Wou je daar de dood van Richard mee betalen?
Dit keer laat hij je er niet mee wegkomen.
Pas op.
Ik ben teruggekeerd...
Ik hen teruggekeerd om vrede en rechtvaardigheid te brengen.
En om dit nieuwe begin in te luiden wil ik een Saks tot ridder slaan.
Wilfred, zoon van Sir Cedric, kom naar voren.
Wilfred, zoon van Cedric de Saks...
je hebt bewezen dat je een sterk en zuiver hart hebt.
Kniel neer.
Je wordt nu tot ridder geslagen.
Dit water staat voor de reiniging van je ziel.
De witte tuniek symboliseert zuiverheid.
De rode mantel is een teken van je edelmoedigheid...
en je bereidheid je bloed te laten vloeien voor God...
de kerk en het land.
Voor God, van mijn koning...
neem ik deze eer aan.
Hierbij sla ik je tot ridder.
Op koning Richard. Sta op.
Sir Wilfred van Ivanhoe.
Can't find what you're looking for?
Get subtitles in any language from opensubtitles.com, and translate them here.