Afrikaans
Akan
Albanian
Amharic
Arabic
Armenian
Azerbaijani
Basque
Belarusian
Bemba
Bengali
Bihari
Bosnian
Breton
Bulgarian
Cambodian
Catalan
Cebuano
Cherokee
Chichewa
Chinese (Simplified)
Chinese (Traditional)
Corsican
Croatian
Czech
Danish
Dutch
Esperanto
Estonian
Ewe
Faroese
Filipino
Finnish
French
Frisian
Ga
Galician
Georgian
German
Greek
Guarani
Gujarati
Haitian Creole
Hausa
Hawaiian
Hebrew
Hindi
Hmong
Hungarian
Icelandic
Igbo
Indonesian
Interlingua
Irish
Italian
Japanese
Javanese
Kannada
Kazakh
Kinyarwanda
Kirundi
Kongo
Korean
Krio (Sierra Leone)
Kurdish
Kurdish (Soranî)
Kyrgyz
Laothian
Latin
Latvian
Lingala
Lithuanian
Lozi
Luganda
Luo
Luxembourgish
Macedonian
Malagasy
Malay
Malayalam
Maltese
Maori
Marathi
Mauritian Creole
Moldavian
Mongolian
Myanmar (Burmese)
Montenegrin
Nepali
Nigerian Pidgin
Northern Sotho
Norwegian
Norwegian (Nynorsk)
Occitan
Oriya
Oromo
Pashto
Persian
Polish
Portuguese (Brazil)
Portuguese (Portugal)
Punjabi
Quechua
Romanian
Romansh
Runyakitara
Russian
Samoan
Scots Gaelic
Serbian
Serbo-Croatian
Sesotho
Setswana
Seychellois Creole
Shona
Sindhi
Sinhalese
Slovak
Slovenian
Somali
Spanish
Spanish (Latin American)
Sundanese
Swahili
Swedish
Tajik
Tamil
Tatar
Telugu
Thai
Tigrinya
Tonga
Tshiluba
Tumbuka
Turkish
Turkmen
Twi
Uighur
Ukrainian
Urdu
Uzbek
Vietnamese
Welsh
Wolof
Xhosa
Yiddish
Yoruba
Zulu
Hij zit te kijken of wij hier zijn. Nee, hij heeft ons al gezien. Op straat in
Lissabon spotten we een oplichter die ons stiekem volgt. Hij komt eraan. Stop
maar, stop maar.
Helemaal gek geworden.
Dan... Adilson, what's the problem?
...dreigt het helemaal mis te gaan. No, don't touch, don't touch.
Hey!
Stop, oké, stop.
Hey!
Hij reed goed. Ik weet je te vinden. Maar ik heb het idee dat hij nu op een
verkeer lijkt. Geef dat man. Hij is hier vlakbij, joh. Je moet nog betalen,
jongen. Nou, ventje.
Vanavond omluisteren we het verhaal van Ronald uit Deventer en zijn dementerende
moeder van 90 die voor drie ton werd opgelicht en die nu ergens in een klein
dorpje midden in Afrika hulpeloos wacht op haar redding.
Maar eerst spreek ik Arlinda in Rotterdam.
Zij verloor haar zoon en zocht steun bij een aardige man die ook zijn kind
verloor. Tenminste, dat zei hij. Om sympathie te wekken. En om haar daarna
keihard te belazeren.
Fabricio. En hoe oud is hij geworden?
Hij is 35 geworden.
35. Hier ligt hij.
Ja. Al tweeënhalf jaar.
Ja.
Kom je hier vaak?
Ja, ik kom vaak.
En hij is 24 uur per dag in mijn gedag.
Welke is het?
Deze.
Deze? Ja.
Ach, gozzi.
De steen is eraf. Ja.
Die is gisteren eraf. Ja.
Omdat er die letters een beetje vazig waren te worden. Ja. En die wordt over
twee weken teruggebracht.
En eigenlijk heeft Adil zo 'n diknes gebruikt, hè? Ja.
Want hier is het eigenlijk mee begonnen. Ja.
Hoe deed hij dat? Hoe flikte hij dat?
Hetzelfde?
Dus hij deed alsof hij een lotgenoot was van jou?
Hoe ben jij Adilson voor het eerst tegengekomen? Hoe ging dat?
En het was vriendschappelijk?
Er was geen liefdesrelatie?
En wat vertelde hij, wat hij allemaal deed?
Hij had een restaurant, hij had een discotheek.
Hij was zelf een muzikant.
En hij had een winkel.
En de laatste was de winkel, hij was verder gegaan.
Was hij rijk?
Nee. Had niet veel geld? Nee.
Maar je vond hem wel leuk?
Hij was wel een leuk iemand om naar zaken te doen. Ja.
En dan gingen we steeds contact houden met elkaar.
We praten bijna dagelijks met elkaar.
Hoe? Telefoning? Ja.
Hij vertelde dat hij aan het werk was. Hij was dag en nacht aan het werken.
Toen en na een tijd kwam het gesprek over zaken.
Hij stelde voor om een restaurant te beginnen. In Portugal? In Portugal.
Omdat het een zoekwoonrestaurant was, begon hij in Portugal.
Toch dacht ik, het is een goede persoon om ons te helpen. Het was geld voor mijn
soort, maar ik was degen.
Die de geld naar hem stuurde.
Oké, en wat wilden we niet hebben?
Nou, de eerste was, daar spraken zevenduizend euro.
En toen die 7 .000 euro op was, begon hij, ja, die gastvoornuis was niet goed.
We moeten een nieuwe kopen.
Dus ging het geld voor een nieuwe gastvoornuis.
Dat ging iedere keer 600, 500, 400.
Toen een keer vroeg hij, 1200 euro voor een draaitafel.
Ik zei tegen hem, je krijgt geen rode cent meer.
Want dat was bij sprake van met hem zo, 7 .000 euro.
Volgens mij ben jij boven de 15 .000 euro.
En dan ging ik dan rekenen, ja.
In alle staten gaat Arlinda nu zelf een maand later ook naar Lissabon.
Wat is er gebeurd met al hun spaargeld? Waar is dat restaurant dat ze samen
zouden gaan exporteren?
Waar is die Adilson toch?
Als een soort dagboek ga ik alles op papier zetten wat toen is gebeurd.
Ik was van roepig.
Hij had me geblokkeerd. Het was mijn geld. Het geld van mijn zussen en van
zoon.
Ik ontdekte toen dat hij een valse van adres had opgegeven aan mij.
Toen wist ik zeker dat ik was opgelicht.
Omdat hij had verteld dat het restaurant aan Zeewijk Almaden moest zijn, ben ik
toen daar gaan zoeken.
Hij had me verteld dat het een mooi restaurant voor toeristen zou worden.
De naam was Anizad, wat vriendschap betekent.
Hij had tijdens de video ook het interieur van het restaurant laten zien.
Ik heb oren door die wijk gelopen zoekend.
Uiteindelijk kwam ik uit bij de zee onderaan een stelen rot.
En nergens was Adilton te bekennen.
Op een gegeven moment kwam ik bij een lift die langs de rot omhoog gaat.
Daar werkte een man en ik vroeg hem of ik zijn telefoon kon lenen. Zodat ik
Adilton met een onbekend Portugese nummer kon bellen.
Tot mijn verrassing nam Adielsen op en riep de naam van wie de telefoon was.
Het bleek dat het elkaar kent.
Adielsen schrok toen hij mijn stem hoort en zei tegen mij dat hij in een
ziekenhuis lag en ik moest wachten.
Ik ben met lege hand terug naar huis gegaan.
Hoe heb je dat ontdekt? Ja, zo heb ik ontdekt.
Arlinda's boze Facebookactie levert meer op. Want ze ontdekt nu ook waar Adilson
werkt. Een hotel...
In het centrum van Lissabon, waar die klusjesman is. Ze leest verder uit haar
aantekeningen.
Eerst reageerde hij boos, maar opeens besloeg hij om. Hij werd vriendelijk.
Hij gaf de oplichting niet toe, maar erkende dat er dingen waren misgegaan.
Hij wilde een schuld bekentenis tekenen. Die ga ik in Nederland door een
advocaat laten opstellen.
Hij heeft getekend en erin beloofd dat hij vanaf april zes maanden lang elke
maand 2600 euro zou vermaken.
Ik ben teruggegaan naar Nederland.
Maar hij heeft nooit iets betaald.
Arlinda maakt zelfs deze foto van Adilson... die op straat de
met terugbetalingsregeling tekent.
Heeft u wel eens vaker mensen opgelicht?
Volgens mijn familie is dat in mijn werk, mensen oplichten.
Hoe belangrijk is het voor jou dat dit wordt opgelost?
Dat is heel belangrijk voor mij, dat hij moet stoppen.
Hij moet niet meer zo licht om te leven.
Voor mij is het heel veel geld.
Ja? Heel belangrijk.
Want mijn familie moet gewoon geld terug hebben.
Ja, die moet jij betalen. Ja.
Anders moet ik hem betalen. Ik heb geen geld.
Wat wil je nu?
Nou, gewoon hem confronteren. Hij moet dat geld terugbetalen.
Ben je boos op hem?
Nee, je geeft verdiende maar boodschapen uit.
Ik wil het restaurant even zien. Ja, ik wil het even zien.
Hoe heet dat?
Ja, dit is.
Hoe weten we zeker dat dat het restaurant van zijn tante is? En hoe heb
ontdekt? Via Facebook.
Via Facebook van zijn tante? Van zijn tante. Oh, je bent gewoon gaan zoeken?
Adilson had destijds vele videocalls met Arlinda... waarin hij al filmend binnen
in hun zogenaamde restaurant liep... en haar aanspoorde om telkens meer te
investeren. Toen Arlinda het gevoel kreeg dat het mis was...
ging ze zoeken in de Facebook -contacten van Adilson en ontdekte daar dat hij
een tante heeft met een restaurant in Lissabon.
Zou hij dat gebruikt hebben?
Hoe ver is het restaurant, Joepie?
Negen minuten nog.
Zeven en een half kilometer.
Wel helemaal een beetje buiten de stad.
Zal ik gewoon naar binnen lopen met Arlinda?
Ik ga gewoon kijken.
Jongens, we zijn er bijna.
Rechtsaf, rechts, dan zijn we er.
Daar rechts voor is het. Ik zie het. Dit naam staat er niet op.
Hoe weet je dan wat het is?
Tiateta, want ik heb gezien waar het adres is.
En hoe weet je hoe dat eruitziet. Het is met het Lipton Ice.
Van midden op de weg parkeren, gek genoeg.
Is dit hem?
Ja, nummer 9.
Zie je?
Ze zijn dicht.
Even door het raam kijken. Wat is dat hier? Een tafeltje.
Dat wordt er ook bij, denk ik.
Even door de ramen kijken hoe het eruit ziet.
Dan kun je misschien iets herkennen.
Herken je dit?
Kijk maar, is dat dit?
Herken je iets of niet?
Hallo.
Kijk maar of dit de naam van het café is.
Is het café dat je hebt, hè?
Ah, oké.
Herken jij dit of niet?
Nee. Nee?
Over de jaren zelf.
Dat is het.
Oh, dat is de plassen?
Ja. Ah, dat is het.
Zie jij het hier rechts?
Dat herken je? Ja.
Wat zie je daar?
De vloer, zwart. Ah, oké.
Zij
zei
van naar de wc beneden. En daar beneden is een zaaltje. En dat herkent ze van de
foto's. Dus het is dit restaurantje.
Ze heeft z 'n geld in dit hok gestoken. Wat eigenlijk een nietzeggend klein hok
is.
Maar dat heeft ze dus gebruikt.
Maar laten we haar maar niet alarmeren, die vrouw. Nee, zou ik ook niet doen.
En ze ging gauw die ruimte dicht schuiven toen zij naar beneden ging.
Ja, hè? Ja, die vloer.
Dat was hierheen. Hier heeft hij de foto gemaakt? Ja.
Hij liet die video zien, ja? Ja.
Ik heb die vloer onthoud.
Dus hij heeft dit gewoon misbruikt om te laten zien. Ik heb een goede alibi
bedacht. Dus nu weet hij zeker dat het allemaal oplichtingen hebben is.
Want het is gewoon...
De tent van zijn nichtje. Die trap wist ik ook. Naar beneden. Want het was ook
een beneden gedeelte. Ja, maar die tent is dus van zijn nichtje. Van zijn tante.
Ja, maar dit is niet de tent. Dat is de dochter van zijn tante. Ja, zijn
nichtje. Ja.
Je liet dus door die wijk, hoe heet die wijk?
Almada.
Almada. En toen kwam je bij dat christusbeeld.
Naar beneden bij de lift.
En wat was de relatie van die man met Adilson?
Hij vertelde dat hij Adilson had ontmoet ergens een paar weken van tevoren.
Dat Adilson had de nummer gegeven en hun nummer, want ze waren op een groep
samen. Ja, maar de kans dat je iemand tegenkomt die hem gewoon kent. Ja,
inderdaad. Ik was ook... Ongeveer nul.
Ik was ook verbaasd. Hier naar beneden, hier naar beneden, hier naar beneden,
hier naar beneden, hier naar beneden, ja.
Waar is het hier?
Allemaal daar.
En waar was die lift?
Daar. Hier? Ja.
Dus je was die hele wijk doorgelopen, uiteindelijk kom je ook hier terecht.
En die man van die lift, dat was?
Ja, die staat beneden. Hij schijnt er wel. Zullen we eens kijken?
Hij is buitendienst.
Dat was je wel echt wanhopig, hè?
Tuurlijk was ik wanhopig.
Er is nooit zoiets gebeurd in mijn leven. Nee hè? En ik had niet verwacht
op mijn leeftijd zoiets gebeurde. Nee hè?
En toevallig kwam ik die persoon tegen.
Zullen we eens bellen?
Ja, ik weet het niet.
Diegene rijk?
Nee.
Hoe heet hij?
Diamantino.
Diamantino? Ja. En hij komt uit São Tomé.
Is hij daar? Is dat hem?
Hallo.
Hi. How are you doing?
Hij kent beter de vader.
Van hem? Ja, en die vader van Adilson.
Ze hebben niks te maken met de karakter van hem.
Want Adilson had beloofd om elke maand geld te betalen vanaf april tot oktober.
Dat heeft hij nooit gedaan.
Adilson heeft een document.
De familie doet hun best om hem te beschermen.
Waarom? Om de gezicht van de familie te redden.
Nog één ding.
Vertel hem dat Adilson bevriend met jou is geworden... omdat hij zei dat ook
zijn zoon was overleden. Of hij dat weet, dat hij een zoon heeft.
Nou.
3 ,5 kilometer.
Oké, voor de duidelijkheid, we gaan nu naar een woonadres toe van hem.
Dat jij toevallig hebt ontdekt omdat hij het verkeerde adres had opgegeven om
geld over te maken.
Dus hier ben jij nog nooit geweest? Nee.
Dus het is 1 nummer 1, 3 hoog.
In deze buitenwijk van Lissabon.
Rotonde links.
Arlinda? Ja?
Je vertelt ook dat hij een nieuwe auto had gekocht. Ja, hij heeft een nieuwe
auto, maar ik weet niet welke auto.
Hij heeft een nieuwe auto gekocht, hoe weet je dat?
Dat vertelt een vrouw.
Van jouw geld misschien wel.
Gaan we die eens even afpakken. Hier links om de hoek is het.
Ja, hier moet het zijn.
Makkelijk, hè?
Het kan die links daarboven zijn, of het kan deze hierboven zijn. Eén van die
twee toch, Alinda?
Je weet, ik ben hier nog nooit geweest. Zit er maar neer. Parkeer hier rechts
maar. Dan kun je hem tussen zetten.
Oké, het is nummer 1 -3 hoog.
Het zijn allemaal flats om ons heen.
Weet je wat ik ga doen? Ik ga eens even een rondje lopen. Hij kent mij toch
niet. Moet ik mee?
Ja, zullen wij samen gaan lopen? Dat is mee.
Oké, blijven jullie lekker zitten?
Ik zat te denken, als we in die auto's kijken.
Ik zie hier nou ook iets van een vlaggetje hangen.
In deze auto.
Zie je dat?
Een soort boompje. Ik zal je zeggen hoe een vlag eruit ziet.
Het is een groot vlak.
Met rood -wit strepen erin.
Over het was. En een beetje de sterren van de Europese Unie een cirkel
Daar lijkt het op.
Je kan er gewoon heen lopen, toch? Maakt geen rekening.
Nee, natuurlijk niet.
Er staat geen naam op zeker?
Nee.
Kijk, drie DTO, drie SQO, drie DTO.
Kijk, dit is natuurlijk allemaal.
Maar op Maps net is wel vrij duidelijk dat het dat blok moet zijn hoor.
We gaan even één plekje opschuiven.
Hij woont hier. Ja.
Tenminste, dat is het nummer.
Deze op de derde verdieping.
Dus die eerste op die tweede linkerkant, weet ik niet.
We gaan hem even één plek verder zetten, dan hebben we iets beter zicht.
Zij woont op links, hè Joepie?
Nou, dit is de derde verdieping boven die deur en dan het linker appartement.
Filmer eventjes.
Ja,
het is hem.
Ik kijk hem gelijk. Zie je hem? Ja.
Oh, dat is hem.
Hij kijkt ons aan ook.
Is dat hem? Ja.
Hij is heel voorzichtig aan het rijden.
Is dat hem? Kijk even.
Ja, dat is hem.
Herken jij hem? Ja.
Ja, dat is hem, dat is hem.
Ga je mee?
Alina, kom maar.
Hi.
Hi. When are you going to pay her?
Adilson.
Hi.
Wanneer ga je haar betalen?
Maar waarom heeft hij het geld gepakt? Wat heeft hij ermee gedaan?
Zijn vrouw zegt dat het een oplichter is.
Heeft hij een auto gekocht van jouw geld?
Beseft hij wat hij al heeft aangedaan?
En hij is hard aan het werken en hij weet wat hij aan het doen is. Maar hij
heeft dat geld van jou gestolen. Dat geeft hij toch toe? Ja, dat geeft hij
Heeft hij het gestolen?
Hij heeft het geld gestolen. Hij heeft het geld gestolen. Hij heeft het geld
gestolen. Hij heeft het
geld
gestolen. Wat zegt hij?
Hij kent jou niet, dus hij is niet verplicht om met jou te praten. Ik ben
journalist, ik ben een... Hij heeft niets met jou te maken. Nee, maar... Zij
heeft mij... Ho, ho, ho.
Zij heeft mij benaderd.
Adilson. She approached me.
No,
no, no.
Adilson.
Adilson. Hij wil niet met jou praten.
Why not?
Adilson.
Adilson, why not?
Adilson.
Adilson, why don't you
want
to talk to me?
Television, hè?
Hij is wel een agressief mannetje, hè?
Wat een naadzendje.
Kom.
We gaan naar het hotel waar hij werkt.
Dat is een hotel op een kwartiertje rijden van ons hotel.
Ik wil hem vragen, waar zijn die dingen die je mij liet zien?
Ja. Wat heeft die café van jou te handen met dat geld?
Nu zouden ze moeten zijn.
Deze zit hier.
Deze zit hierin.
Oh, hij zit daarachter. Ja. En daarachter deelt de werkdier. Wil je
proberen dat je alleen gaat? Ja.
Dat is misschien beter.
Maar ik wil echt dat je goed aan hem vraagt.
Van joh, waarom heb je me dit geflikt? Wat voor foto's waren er? Van welk
restaurant? Je moet zeggen, ik heb recht op de waarheid, want het is mijn geld.
Nou, ik zie het al.
Joep, draai jij mee?
Ik wil
weten
waarom je me deed.
Als ik mijn bedrijf verliep, kan ik je niet betalen. Oké.
Dat is waarom ik hier ben.
Ik wil je maar vragen. Laat me geen vragen. Ik heb al met jou gesproken.
Hoe heb je al die liefde gekregen?
Heb je de idee waarom ik hier ben?
Ik weet de idee. Nee, je hebt geen idee.
Als je een moralist was, waarom had je dat gedaan?
Wat is het slechtste? Lopen van iemand met liefde of naar de televisie? Kijk,
zet mijn gezicht op de televisie.
Wat is het slechtste? Ik hoop dat je je woord moet houden, want het waren
chronische liefdes. Ik was in het periode van de dood van mijn vriend
Die lul blijft me vasthouden enzovoort. Heb je hem gezien? Ja.
Hij blijft me zelf de dingen zeggen.
Waar is hij? Waar?
Daar loopt hij. Ik vind het wel een beetje een poestig mannetje.
Je bent boos, je trilt helemaal.
Ja, ik kan nog wel boos worden. Vooral als er mensen tegen mij liggen.
Dat was een zes maanden lange leeuw. Echt professionele leeuw. Ja.
Wat goed dat je hem zag, Joep.
Waar loopt hij?
Daar loopt hij. Ik zie hem. Hier loopt hij aan de overkant. Een stukje verder.
Hij gaat de hoek om. Hij zit te kijken of wij hier zijn.
Nee, hij heeft ons al gezien.
Hij loopt nu door.
Draai maar het hoekje om.
Ja, daar staat hij.
Hier staat hij na te kijken.
Hier gaat hij weer terug.
Stop eens. Oh, stop eens.
Ja, hij komt eraan. Stop maar. Hij gaat helemaal niemand bedreigen.
Zet hem hier even neer.
Ik ga betalen.
Adilson,
what's the problem?
No, don't touch, don't touch.
What is... No, I'm asking... Hey!
Stop, oké, stop.
Hey!
Kom, we moeten rijden. Zeker, ga maar niet. Rijden, rijden, rijden.
Gewekt.
Hetzelfde gaat steken hier met een chauffe -rij in je bord, hè?
Nou, nu gaan we dit zometeen aangifte doen.
Allebei van oplichting en mishandeling en bedreiging.
Ik denk dat je gewoon heel duidelijk tegen de politie moet vertellen dat jij
bent opgelicht.
Dat hij heeft verzuimd om jou terug te betalen. Dat je ontdekt heeft.
Dat hij smoesjes heeft gebruikt, dat het echt oprichting is.
Dat hij daarna een contract heeft getekend. Dat hij zich daar ook niet aan
gehouden heeft. Dat je toen in Wannoper journalisten benadert. Die is meegegaan
en dat wij op de openbare weg hem hebben willen vragen hoe het zit met dat geld.
En dat hij toen aanviel en dat ik dat filmpje kan laten zien.
De politie heeft de beelden in ontvangst genomen en een aangifte opgemaakt.
Of Adielson daarna is opgepakt.
Wij hebben nooit meer feedback van de politie gehad.
Adilson is boos, je hebt je geld niet.
Het is niet de bedoeling alleen maar je geld terug te krijgen, maar dat Adilson
ook gaat stoppen.
Hij heeft geen recht op mensen te doen.
We moeten de veiligheid van je moeder op één zetten en het oplichtingsverhaal
gewoon maar een keer of twee.
Terwijl ik met Arlinda nog in Portugal was, kreeg ik een mailtje van ene Ronald
Dudoc van Heel uit Deventer.
Het was zo alarmerend dat ik me gelijk maar even belde. En dat belletje zorgde
ervoor dat we meteen tickets hebben geboekt naar Kenia, om de moeder te
Het is allemaal heel snel gegaan, hè? Zeker weten.
Wat is er gebeurd? Vertel eens. Jij hebt mij benaderd, een paar dagen terug.
Een paniekverhaal. Een paniekverhaal. Mijn broer en moeder zitten in Mombasa,
Kenia.
En ik kreeg in een keer een telefoontje van de vrouw van mijn broer.
Hij is met een Keniaanse getrouwd. Hij is met een Keniaanse getrouwd, twee
kinderen en woont al vier jaar permanent hier.
En ze kennen elkaar al negen jaar.
En die vrouw belt me op dat mijn broer overleden is.
Ja, was hij ziek?
Nee, helemaal niet, nee.
Ja, ze zeggen een overdosis drank, een drank, een misbruik noem ik het.
Alleen de politieagent sprak de dag dat ze in het huis waren waar ze mijn broer
aantroffen. Toen kwamen ze allerlei insulinespuiten tegen. Die zeiden in
instantie dat het een overdosis insuline was.
Nog maar een week geleden, toen Ronald op vakantie was in Italië, belde de
Keniaanse politie om het nieuws te bevestigen.
Mijn broer heeft het niet zo makkelijk gehad denk ik in zijn jeugd.
Daarna wilde hij toch bewijzen dat hij iets kan. Hij heeft een vriendinnetje in
Den Haag gehad.
Daarna is hij weer teruggekomen naar Deventer waar we wonen.
En dat ging allemaal niet zo. Hij werkte bij een bouwbedrijfje, deed hier wat
dingetjes. Maar echt werken heeft hij nooit gedaan.
En is na een jaar bij mijn moeder in gaan wonen.
Bij je moeder in gaan wonen? Ja, zeg maar tien jaar geleden.
Zo die zijn geweest, 49.
Ja, dat vond mijn moeder natuurlijk niet zo heel erg leuk. En hij is eigenlijk
vanaf die tijd altijd bij mijn moeder gebleven.
Dit is die broer.
Hij heet Fritsjof en is een jaar ouder dan Ronald.
En dit is hun moeder Geertruida.
De twee broers hebben geen goede verstandhouding.
Steeds minder werd ik van mijn moeder verdreven. Ik mocht niet meer bij mijn
moeder zijn.
Als er een verjaardag was, dan zat hij er altijd bij.
Ook al wilde ik dat soms niet.
Zat hij er altijd bij? Altijd bij, ja. Als ik een telefoongesprek had, zat hij
er altijd bij.
Mijn moeder kon nooit vrijuit praten.
Ze was eigenlijk een beetje gegijzeld, zoals ik dat nu noemde.
Toen leerde hij in die tijd via internet een meisje kennen in
Kenia. Ja.
Daar is hij verliefd op geworden, denk ik.
En nu woont hij dus in Kenia, met een Keniaanse dame. Ja.
Een jaar of vijf, zes jaar geleden, toen zei mijn broer in één keer dat het
slecht bij mama ging.
Dus toen zei hij van ja, mama moet naar een verzorgingstehuis toe, ze kan hier
niet blijven.
Al die trappen, dat is veel te lastig.
En dan ging ze naar een kleinere woning. Een soort zorgingsflat. Dat is echt
heel klein. Op aandrang van je broer. Ja.
En het oude huis hebben ze dus verkocht. En daar zat geen hypotheek op.
Dus die was helemaal hypotheekvrij. Ja.
En toen, na een half jaar of zo, toen kreeg ik wat berichten van een
vertrouwenspersoon in de familie. Die al de boekhouding deed en zo.
En die zegt, die belt mij op. En die zegt, joh, ik moet je wat vertellen.
En toen zei hij van, ik ben al een paar keer met je moeder naar de notaris
geweest om jou te onterven. En dat vond hij maar heel raar. Waarom doe je dat?
Je hebt twee zoons. Een jaar later is dat weer teruggedraaid.
Maar dat huis was verkocht. Dat was vrij.
Wat is er met dat geld gebeurd?
Hij heeft in een week tijd 150 .000 euro naar Kenia overgemaakt. En hij heeft
bijna 18 .000 euro cash van de rekening van mijn moeder gepind. En dat heeft hij
meegenomen naar Kenia.
Waar hij op dat moment al woonde?
Ja. Anderhalf jaar later hebben ze ook de woning...
van dat geld hebben aangeschaft, hebben ze ook verkocht. En daar de overwaarde
van, even uit mijn hoofd, 135 .000 euro, is ook weer naar Kenia gegaan. Maar we
hebben het dus over een don of drie dat die kant op is gegaan. Ja. Hij woonde
daar voor de helft van de tijd, drie maanden op, drie maanden af. Ja. En toen
dit geld erheen is gegaan, een half jaar later ging hij daar permanent wonen.
Oké. En dat was vier jaar geleden en toen heeft hij mijn moeder ook
Naar Kenia? Naar Kenia.
Fritjof doet er alles aan om in zo kort mogelijke tijd zoveel mogelijk geld naar
Kenia te sluizen. En daarvoor heeft hij zijn hoogbejaarde moeder nodig die
immers haar vastgoed moet verkopen. In 2022 breekt de vrouw haar beide
enkels aan boord van een vlucht van Nairobi naar Amsterdam.
Ze wordt direct opgenomen in een verpleeghuis in Nederland waar Alzheimer
haar wordt vastgesteld. Maar dat houdt Fritschof niet tegen.
In een rolstoel rijdt hij dan persoonlijk zijn dementerende moeder
notaris, waar ze moet tekenen voor de verkoop van haar tweede woning.
Terwijl de vrouw nog lang niet is gerevalideerd van haar enkelbreuken,
Fritschof haar kort daarna tegen het advies van haar artsen weer mee terug
Kenia. Want daar wordt gewerkt aan de voorbereiding van de verkoop van het
laatste pand van moeder. Een vakantiehuisje in Holten. Dat goed is
135 .000 euro.
Wat is nu de urgente situatie?
Mijn broer is dus overleden. Mijn moeder zit hier alleen.
Ze is 90.
Dementerend. Ze weet niet meer goed wat er allemaal gebeurd is. Ik heb haar een
aantal keren aan de telefoon gehad.
Ze wil heel graag weg daar.
Maar ik ben wel heel erg bang dat als ik haar gewoon op ga halen, dat dat niet
goed gaat komen.
Ik weet niet wat mijn broer allemaal verteld heeft aan de familie.
Maar ik denk dat de familie nu zoiets heeft.
Als mijn moeder komt te overlijden, dan ligt er nog veel meer geld voor hun.
Er staat nog een anderhalve ton in Nederland in hun woning.
En als die verkocht wordt, gaat dat ook naar hun toe.
En daar ben ik wel een beetje bang voor dat dat gebeurt.
Mijn moeder was bang voor mijn broer.
En iedereen, familieleden, vrienden van onze familie, die zeggen allemaal
hetzelfde. Mijn broer is een enge man en een dictator.
Mijn moeder was ook bang voor hem. Dus ze deed alles wat hij zei.
En nu zit je moeder hier dus alleen.
Ja, en nu heeft ze niemand.
En waar is ze?
Ze zit in Mombasa.
Ze hebben daar vier jaar geleden een huis gehuurd.
En daar zit mijn moeder, mijn broer zat er dus. De vrouw van mijn broer en de
twee kinderen die hij heeft. Zijn ze op dit moment in Mombasa?
Dat weet ik niet.
Vertel. Want heb je contact?
Ja, ik heb bijna dagelijks, in ieder geval om de dag, contact met de vrouw
mijn broer.
Mijn broer was opgehaald door een politieagent. En die zei, we gaan het
onderzoeken wat de doodsoorzaak is.
Dus ik wachtte af.
En drie dagen later kreeg ik bericht dat dat nog wel twee à drie weken kon
duren. Omdat ze toch na de onderzoek gingen doen.
En twee dagen later kreeg ik van de vrouw van mijn broer te horen, het
is klaar.
Het lichaam is vrijgegeven en we gaan hem overmorgen begraven. Dus ik zei, als
je nou een week wacht, dan kan ik erbij zijn.
En toen zei ze, mijn vader heeft alles geregeld al en we draaien het niet
En toen vond ik het heel raar. En toen is hij begraven.
Ja, nog erger. Ik kreeg op een ochtend te horen dat ze van Mombasa naar Nairobi
zijn gegaan met de trein. Wat heel ver is. Dat is 500 kilometer.
Met mijn moeder, die eigenlijk niet eens goed kan lopen.
En het lijk. En het lichaam erheen.
Notabene op de Facebookpagina van Fritshoff zelf moet Ronald dan ontdekken
zijn broer inderdaad wordt begraven.
Het is er door weduwe Sophie opgezet.
Maar waar is dit?
Het ziet er zeker niet uit als een locatie in de miljoenenstad Nairobi.
En hier zien we Ronald's moeder, Geertruida, op de begrafenis van haar
De dementerende vrouw vindt het geluid duidelijk veel te hard.
En dan wordt dit toch wel een pijnlijke moment vastgelegd.
Gaan ze zo met haar om?
Die begrafenis was afgelopen vrijdag en we zijn nu net na het weekend.
Zijn ze nog in Nairobi? Wat weten we daarvan?
Dat is nu een beetje een probleem. Ik heb geprobeerd te ontwutselen van waar
zijn jullie?
En toen kreeg ik weer allerlei tegenstellige verhalen van ze te horen.
zei ja, we willen met de trein maandag of dinsdag weer naar Mombasa rijden.
Maar dat lukt niet, want alle treinen zijn volgeboekt.
Ja, dat vond ik een raar verhaal. Dus ik ga googlen dan en ik zie... Dat er
gewoon nog bij de ene 470 en bij de andere nog 340 plekken vrij zijn. Dus
verhaal klopt niet.
Ik maak me ook hele grote zorgen dat als ze hier nog een week langer blijft, dat
ze ook niet meer leeft.
Ik ben hals over kop met Ronald naar Mombasa in Kenia geplogen.
Omdat hij vreest van het leven van zijn moeder.
De vrouw is 90 en leidt aan Alzheimer.
Ze is slachtoffer geworden van Ronalds broer Fritjof. Die getrouwd is met een
Keniaanse dame. En die zijn redelijk welgestelde moeder heeft berooid. Door
haar geld en bezittingen afhandig te maken.
En nu is Fritjof plotseling een onverwachte overleden. En is die
alleen.
Maar waar is ze?
En waarom doet de Keniaanse familie moeilijk tegen Ronald, die haar wil
Ben je ook bang voor een ander scenario?
Ik ben bang dat zij ook aan haar eind komt hier.
Want dat is voor hun het gunstigste.
Niet natuurlijk.
Niet natuurlijk.
Maar wij weten dus niet of ze daadwerkelijk in Nairobi zitten.
Wat ze zeggen om jou op afstand te houden. Of dat ze echt in een robie
nog binnenkort hiernaartoe terugkomen.
Nou ja, we hebben een valletje gisteravond bedacht op het vliegveld.
En dat valletje, dat gaan we even aanzetten. Dat is gewoon een foto van
waarop je naar je moeder zwaait.
En je moeder klikt daar wel op, want die heeft gewoon haar eigen telefoon
natuurlijk. En ze is dementerend, dus kan misschien moeilijk zeggen waar ze
Maar als ze op jouw foto klikt, zien wij waar ze zit.
En dat zou gaaf zijn.
Stuur me door naar je moeder.
Terwijl we wachten tot Ronald's moeder klikt, gaan we vast kijken bij het adres
dat we hebben van de woning van Fritjof en Sophie hier in Mombasa.
We vermoeden namelijk dat ze wel weer terug zullen zijn, omdat de kinderen
immers gewoon vandaag naar school moeten.
Ja, het valt wel wat van je af nu.
Zeker weten.
Als dit lukt, ons plannetje, dan gaat het heel smooth.
Ik denk ook pas als we jouw moeder in ons bezit hebben, dat we dan misschien
kritische vraag kunnen stellen.
Maar echt niet eerder. Nee, ik ook niet.
Die vader heeft een hoge functie, of gehad of heet.
Bij de politie? Ja, dat weet ik zeker, ja.
In ieder geval heeft hij nog wel die connectie.
Ik heb een...
Een aantal apps waarin ze aangeeft dat ze zich bedreigd voelt. En
dat ze een verkeerde keuze heeft gemaakt.
Zich bedreigd voelt door wie? Ja, ik denk door die vrouw.
Door Sophie?
Ja, dat denk ik. Want dat is het enige waarvoor ik dat kan denken.
En toen zei ze, ik heb een verkeerde keuze gemaakt. Ik moet naar Nederland.
dat was twee jaar geleden.
Kort na aankomst in Kenia in 2021...
Als ze dus net onder regie van Fritjof haar eerste woning heeft verkocht, appt
ze aan Ronald al.
Sorry, ik moet terug, omdat ik een verschrikkelijke fout heb gemaakt.
Ik heb heel veel heimwee en ben heel erg vergeetachtig. Ik kan niet alleen
terug, dus je moet me komen halen.
Maar Fritjof zust de boel en lijkt ervoor te zorgen dat ze niet meer bij
telefoon kan.
Een paar maanden later is er dan toch weer contact.
Het gaat niet goed.
Ik word gegijzeld.
Ronald probeert dan te bellen, maar ze drukt hem weg.
Ze zijn net thuis, niet bellen.
Het lijkt ook of de bejaarde vrouw gestraft wordt.
Ik heb iets verkeerd gedaan.
Ik wil alleen maar naar huis. Ik heb heimwee.
En als Ronald zich beklaagt over het gebrek aan medewerking van Fritschof,
bevestigt ze en benadrukt ze dat ze ook weg kan, omdat ze blijkbaar haar
paspoort gevonden heeft.
Is jouw broer wel eens bang geweest hier?
Ja, toen ik hem laat van dat telefoon had, zei hij dat wel. Toen zei hij, mijn
vrouw is tevreden gegaan.
En dat voelt niet goed.
En ik voel ook dat ik bedreigd word.
Dat zei hij? Dat zei hij echt letterlijk tegen mij. Hoe lang voor zijn dood was
dat?
Tweeënhalf, drie weken. Daarvoor? Nee joh. Ja. En zelfs bewindvoerder en
advocaat zeggen, ik zou er niet alleen heen gaan. Want dat klinkt wel verdacht.
Jij hebt ook ontdekt dat hij in de gevangenis heeft geweest? Ja, dat wist
niet. Daar kwam ik dus ook nog veel later achter.
Want we hebben een zomerhuis. En toen was daar een man bezig om het huis op te
ruimen en leeg te halen. En toen sprak ik hem dus. En toen zei hij, ik ben de
celmaat van je broer.
Celmaat? Ja. En dat was de oplichting.
Oplichting? Ja.
Oké, almost there. It's house here. We zijn er.
Ronald's moeder heeft destijds eens deze foto doorgestuurd van de woning.
Een groot en luxe huurhuis dat in deze wijk achter een van de hoge muren zou
moeten liggen.
Het ziet er allemaal heel anders uit dan op het filmpje, hè? Ja.
Dit zijn hele andere woningen.
Gaan we het risico lopen, dan gaan we een local bevragen of hier een muzungu
woont. Ja, ik denk het wel.
Ja, gaan we dat vragen? Ja.
I have a question.
Somewhere here lives a muzungu.
He was married to a Kenyan lady.
And he died last week.
Kun je deze man vragen welke huis het is?
Ja.
Het was de 6.
Zit er wel goed hier.
6 -7.
Ja, want ik vroeg aan hun, hebben jullie dat adres? Hebben jullie dus niet dat
adres.
En dan was er nieuws.
Lorna's moeder heeft op de foto geklikt.
Ik heb de locatie.
Ja, zit in Nairobi.
Dat is dus wel waar.
Oh man, het is tien uur rijden hier vandaan.
Eén ding weten ze zeker, ze liegen daar niet over.
Het is dus correct dat ze in aerobie zitten.
Dat maakt ze te goed ertrouw, dat is fijn om te weten. Wat weer vervelend is,
dat zij ons nu verdacht gaan vinden als ze ontdekken dat we opeens hier zijn.
Ga maar videobellen en zeg maar gewoon dat je je moeder wil spreken, dat je
ongeduld bent.
En waar zijn jullie nu?
De planning, dat kan ik vragen. Ja, gewoon vragen.
En zeg maar niet waar je zit, maar zeg maar wel dat je ongerust bent en dat je
het ook met je baas hebt gedeeld of zo. Dat ze niet verrast zijn dat je er
opeens toch bent. Ja.
Snap ik. Nee, dat mogen ze echt niet weten.
Hoi.
Hoi. Salama.
Hoi mama.
Hoi. Hoe is het?
Salama.
Hoi mam.
Hoi, ik kom bij je hoor.
Ik ga je halen. Het is allemaal geregeld.
En opeens is ze daar.
Geertrui daar.
Ze is duidelijk sterk vermagerd en dementerend.
Deze foto is amper twee jaar eerder ook in Kenia gemaakt.
Ze lijkt nu op een bed of een bank te liggen.
Waarschijnlijk in het huis van de familie van Sophie.
In een piepklein dorpje.
Op een uur rijden buiten naar Robi.
Heel ver hier vandaan.
Maar nu moet ik alleen weten waar je dan bent. Waar kan ik je ophalen? Weet
Sofie dat, waar jullie heen gaan?
Ja, nou ja.
Sofie,
you don't know where we go?
Nou ja.
Sofie?
I can fly tomorrow, but where are you?
Nairobi klopt niet.
Wij weten inmiddels wat beter.
Maar even later stuurt ze dan toch via de telefoon haar juiste locatie.
Verwarrend allemaal.
Het lijkt wel of de familie in dubio zit.
We voelen in ieder geval aan alles dat we nu snel moeten handelen.
We realiseren ons maar al te goed dat Ronans moeder geld waard is.
Levend omdat haar pensioen zomaar vijf maand salaris hier bedraagt. En dood
omdat haar laatste geld uit de vakantiewoning dan naar de kleinkinderen
We moeten aan onze veiligheid denken.
Er schiet maar iets te binnen.
Ik ken een politieman in Nairobi.
Kijk, dat is een uurtje rijden.
Ik kan hem bellen en gewoon eens vragen.
Hij zei, pas op, je zult me nodig hebben omdat dit soort dingen vaker hier
gebeuren. Het is niet de eerste keer dat er een...
Als een Nederlandse of een Europese man met een Keniaanse dame gaat, opeens
overlijdt. En nu natuurlijk als extra hindernis door je moeder die erbij
betrokken is. Waarom zouden ze jouw moeder dan niet willen afstaan?
Omdat ze weten, denk ik, dat als mijn moeder weer in Nederland komt, dat ik
dat er geen geld meer die kant op gaat als mijn moeder komt te overlijden. Dat
idee hebben.
Oké. We gaan daarnaartoe.
MUZIEK
De politieman wacht ons in Nairobi op.
Jij hebt geprobeerd om haar via de ambassade terug te halen naar Nederland
het verleden. Dat is niet gelukt.
Waarom lukte dat niet?
De ambassade wilde niet meewerken om haar uit huis te halen. Ik heb gevraagd
ze dat konden, dus haar daar weghalen.
En daar de ambassade brengen of naar een veilige plek. En dat ze dan terugkomt.
En waarom deed de ambassade dat niet? Dat weet ik nog steeds niet.
Omdat het niet hun taak was.
Heb jij tegen je broer nooit gezegd, wat doe je nou? Je zit gewoon mijn geld te
jatten. Ik wist dit dus nog niet.
Want dit is allemaal stiekem gegaan.
En je hebt ook nog ontdekt dat hij cash heeft meegenomen.
Ja, hij heeft ook nog 17 .000 cash van de rekening gehaald. En dat heeft hij
meegenomen. Wat zou er gebeurd zijn als hij tussendoor nu nog naar Nederland zou
reizen, je broer?
Als hij in Nederland zelf was geland, dan zou hij aangehouden worden.
Omdat hij natuurlijk ook nog een belastingsschuld heeft. Omdat er zoveel
naar een ander land is gegaan. Maar hij landde bijna altijd in Duitsland. Dus ik
denk dat hij wel wist waarom.
Wat ziet het er hier mooi uit, joh.
Het is de hele andere kant.
Drie minuten geleden.
Nou, spannend joh. Nou, zeker weten.
Nu begint het een beetje. We beginnen wel te kriebelen. Ja, ik had het
al hoor, van gisteravond. Maar nu helemaal.
Ik blijf in de auto. Ja, jij probeert vanuit de auto te filmen.
Het is hier.
Het is hier.
Hij wil zo uit.
Kom maar.
Doe maar die.
Hallo.
Zijn dat de kinderen?
Ja, dat zijn ze. Ja, ik ken ze.
Daar staat de grijze Nissan van Frietjof.
Wie we immers kennen van de foto.
Ze zijn dus helemaal niet met de trein vanuit Mombasa gekomen.
En hiermee is het verhaal over geen treinkaartjes terug kunnen kopen een
Dat moet de vader van Sophie zijn, een gepensioneerd politiechef.
Iedereen is duidelijk overrompeld dat we binnen een dag opeens op de stoep
staan.
Deze overvalstactiek lijkt te werken.
Ronald's moeder ligt blijkbaar nog in bed en we moeten wachten.
Hier woont ze dus.
Ik had echt heel iets anders verwacht.
Veel groter.
De door ons zelf meegenomen politieman heeft inmiddels strategisch positie
gekozen. Alles gebeurt vanaf nu onder zijn toeziend oog.
Het is de eerste keer dat ik je zie, je bent echt!
Ja, ik ben echt.
Het is leuk. Hallo Sophie, ik ben een vriend van de familie.
Welkom, welkom, welkom. Ik ben met je moeder aan het gaan. Ze is net opgegaan,
oké? Oké. En dan breng ik haar hierheen. Hoe doet ze het? Ze is goed, ze is
goed, ja. Gewoon even zitten en dan breng ik haar hierheen. Ja.
Oké, welkom, welkom. Dank je.
Het is een heel ding, geloof ik.
Hallo.
Wat een verrassing.
Hallo. Wat ga je doen?
Met de auto.
Hoe lang heb je daarover gereden? Heel lang.
Wat is er ook blij te zien.
Ronald,
je bent nog precies hetzelfde. Tuurlijk, ik verander niet. En jij ook? Niks
veranderd. Een beetje dunner geworden.
Een beetje dunner, ja.
Iets smaller. Ik ben wat dikker geworden.
Ik moet even... Ik ben Kees.
Kees? En ik kom jullie u meenemen naar Nederland.
Je komt?
Ik kom u meenemen naar Nederland vandaag, morgen.
Morgen gaan we naar huis.
We gaan naar huis.
Ja? Ja.
We gaan naar huis.
Dat is fijn, hè?
Fijn? Ja, met het vliegtuig.
Morgen.
Morgen? Ja.
We gaan u nu meenemen naar een mooi hotel.
Wat? We gaan u nu meenemen naar een mooi hotel in de stad.
En morgenavond vliegen we naar huis.
Oh, wat een onderderming, hè? Nou, hè?
En dat nog op je oude dak.
Ja. Leuk dat jij dat weet.
Zeker weten.
Ja,
hè? Zal ik even omdraaien?
Kom maar.
Heb jij je paspoort hier?
Weet ik niet.
In een dorpje in Kenia heeft Ronald net zijn moeder van 90 in de armen gesloten.
We willen haar zo snel mogelijk mee naar Nederland nemen. Maar de oude vrouw is
dement en heeft geen idee waar haar paspoort is.
En we twijfelen eerlijk gezegd of deze mensen haar zomaar zullen laten gaan.
Ik ga het wel even vragen.
Sophie?
Sophie? Where is Sophie?
Ja, met haar.
Ja, ze gaat naar Holland.
Nee, ze gaat naar Holland.
Je hebt haar paspoort?
Ja. Het is tijd om heen te gaan.
Ze is 90 jaar oud.
Sophie zegt het nu toch te gaan zoeken.
Wil jij het graf even bezoeken?
Ja. Ronalds broer is nog maar vijf dagen geleden begraven.
En gelukkig hebben we onze eigen politieman mee.
Oh dat is het joh. Het leek veel groter.
Wauw.
Dan ligt hij hier, ergens midden in Afrika, onder een hoop zand.
Heel bizar dit.
Ja, hè?
Echt ongelooflijk.
En het is niet iets waar ik zomaar even langs ga, dus ik denk dat ik ook nooit
meer hier kom.
We hebben een gewapende politieman die op dit moment op je moeder leidt. Ja,
gelukkig. En we gaan haar even meenemen.
We hebben de banktransacties.
Alles ging naar Sofie, haar bankaccount. Het eerste concern is de moeder.
Het eerste concern.
En ook Sophie voert er druk op. Maar ik ben haar voor.
Kom, we gaan naar buiten. Ja, is mijn moeder nog daar? Ja, kom, we gaan naar
buiten. Ik moest dus weten hoe blij ik ben. Nou, ik ook.
Ik absoluut. Ik ben heel blij.
Ik wilde je echt niet achterlaten hier.
We gaan je in de auto zetten.
En dan?
Gaan we naar het hotel en morgen vliegen we naar Nederland.
Ga ik mee, hè? Tuurlijk. Ja, je gaat mee. Vanaf nu laat ik jou niet meer los.
Oké. Stop.
Yes.
There you can sit. Is er achter?
Ben je leuk?
Gaat het zo?
Ga je maar achterin zitten, Fernd.
Ik vind het moeilijk.
Die kinderen zou ik zo mee naar Nederland nemen, maar ja... Maar je wil
natuurlijk bij de moeder. Ja, dat kan niet.
Nee, die moeder is ook een aardige vrouw. Ik mis mij. Nee.
Maar wat is er met het geld gebeurd? Iets klopte niet.
Nee.
Wat is er met het geld gebeurd? Wat Ruud je van me mee heeft genomen?
Niks. Want zij vroegen ons om geld.
Omdat ze niks meer hadden.
Al het geld van de huizen is naar haar en naar Fritsjop gegaan.
Heel het geld van jou is hierheen gegaan. Alles? Ja, alles.
Ja.
Dus u weet helemaal niet meer dat u uw huizen verkocht heeft?
ZANG EN MUZIEK Heel erg
bedankt.
would be me, but heroes often fail.
You won't read that book again, because the
ending's just too hard to take.
Can't find what you're looking for?
Get subtitles in any language from opensubtitles.com, and translate them here.