Afrikaans
Akan
Albanian
Amharic
Arabic
Armenian
Azerbaijani
Basque
Belarusian
Bemba
Bengali
Bihari
Bosnian
Breton
Bulgarian
Cambodian
Catalan
Cebuano
Cherokee
Chichewa
Chinese (Simplified)
Chinese (Traditional)
Corsican
Croatian
Czech
Danish
Dutch
English
Esperanto
Estonian
Ewe
Faroese
Filipino
Finnish
Frisian
Ga
Galician
Georgian
German
Greek
Guarani
Gujarati
Haitian Creole
Hausa
Hawaiian
Hebrew
Hindi
Hmong
Hungarian
Icelandic
Igbo
Indonesian
Interlingua
Irish
Italian
Japanese
Javanese
Kannada
Kazakh
Kinyarwanda
Kirundi
Kongo
Krio (Sierra Leone)
Kurdish
Kurdish (Soranรฎ)
Kyrgyz
Laothian
Latin
Latvian
Lingala
Lithuanian
Lozi
Luganda
Luo
Luxembourgish
Macedonian
Malagasy
Malay
Malayalam
Maltese
Maori
Marathi
Mauritian Creole
Moldavian
Mongolian
Myanmar (Burmese)
Montenegrin
Nepali
Nigerian Pidgin
Northern Sotho
Norwegian
Norwegian (Nynorsk)
Occitan
Oriya
Oromo
Pashto
Persian
Polish
Punjabi
Quechua
Romanian
Romansh
Runyakitara
Russian
Samoan
Scots Gaelic
Serbian
Serbo-Croatian
Sesotho
Setswana
Seychellois Creole
Shona
Sindhi
Sinhalese
Slovak
Slovenian
Somali
Spanish (Latin American)
Sundanese
Swahili
Swedish
Tajik
Tamil
Tatar
Telugu
Thai
Tigrinya
Tonga
Tshiluba
Tumbuka
Turkish
Turkmen
Twi
Uighur
Ukrainian
Urdu
Uzbek
Vietnamese
Welsh
Wolof
Xhosa
Yiddish
Yoruba
Zulu
Grijp ze.
We krijgen jullie deze keer.
We vernietigen jullie voor goed en altijd.
Ditmaal ontsnappen jullie niet.
We vermoorden jullie allemaal.
We moeten die monsters ombrengen.
We grijpen jullie deze keer.
We krijgen jullie beiden.
We grijpen ze.
Volg ze.
Vermoord ze. Vermoord ze.
Geen ontsnappen deze keer.
We maken voorgoed komaf met jullie.
Ze kunnen niet verdwenen zijn.
Ze kunnen niet ineens weg zijn.
Neen, ze zijn niet hier.
Het is maar goed voor ze dat ze verdwenen zijn.
Arme schepsels,
de dood van die meisjes moet gewroken worden.
We zullen die monsters kapot maken.
We moeten ze proberen te vinden,
ze mogen niet ontkomen.
Kom op, we gaan.
Zie je iets? -Waar zijn ze?
We moeten ze vinden.
Ze verschuilen zich, we zoeken verder.
Al iets gezien?
Ik zag ze met mijn eigen ogen,
hij vluchtte weg met een vrouw,
toen verdwenen ze.
Als we geluk hebben deze keer,
zullen ze ons vanavond niet ontkomen.
Als ik ze vind,
steek ik ze neer met mijn hooiriek,
let op mijn woorden.
Ik laat hem boeten voor de moord op mijn zuster.
Het is de enige manier
om die monsters voorgoed uit te schakelen.
Daarheen,
ik zag iets bewegen.
Zie je iets? -Neen.
Ze moeten daarginds zijn.
We proberen best om weg te komen,
anders zullen ze ons zeker grijpen.
Al iets?
Breng die toorts hier.
Misschien zitten ze daar binnen.
Kijk, daar zijn ze. Ze willen wegvluchten.
Jij vermoordde mijn kind.
Jij zal nooit meer iemand doden.
Sneller. Geef ze de zweep.
Ik moet de gronden van het kasteel bereiken voor zonsopgang.
Ik riskeer de koets te vernielen
en de paarden af te maken.
Ik zal je goud geven
voor een volledig nieuwe koets
en een vers stel paarden.
Ga harder, mijn leven kan op het spel staan.
Ik zal proberen, maar jij betaald er voor.
We haalden het op tijd.
Zonsopgang is nabij.
Kom op, help me.
Al goed.
Het is dus waar
dat niet alle gekken opgesloten zitten.
Beauty, kom.
Naar huis nu.
Louise.
Ik ben zo verheugd dat je kon komen.
We konden dit niet missen, schat.
Het was een perfect schitterend idee van je
om een tijd naar dit wonderbaarlijk kasteel te komen.
Hoe romantisch dit allemaal is, Louise,
je bent zo fortuinlijk.
Wolfgang.
Romantisch, ja, maar alleen ik weet wat het vergde
om het te maken wat het nu is.
Je had moeten zien in welke staat het was,
het huis was behangen met spinnenwebben en stof.
Ik geef toe dat mijn eerste indruk ontmoedigend was,
maar toen hoorde ik een stem me roepen.
Een vreemde gewaarwording,
de stem zei, blijf hier.
De stem die je hoorde, was de mijne, schat.
Deze plek stond me meteen aan
en ik ben blij dat ze jullie bevalt.
Ja, het is hier wondermooi.
Wel, Louise en ik
zijn vereerd dat je hier bent.
Het is schitterend.
Dank je.
Deze zijn voor jou, Louise.
Dank je, Razie.
Ik hoop dat je ze mooi vind.
Dank je.
En dank u, Corrine.
Jullie kennen mijn gouvernante?
En dit mooi meisje is de dochter van de tuinman.
Je mag blijven als je dat wil.
Dank je.
Excuseer me, ik moet me met zaken bezig houden.
Mijn gouvernante, Corrine,
is ook een goed vriendin.
En nu moet Louise voor ons spelen.
Graag.
Kom, we gaan naar mijn vrouw haar spel luisteren.
Herman, hier alstublieft.
U riep me, heer?
Ik wil een fles van de beste claret
uit de wijnkelder.
Je was werkelijk goed, schat.
Bravo, Louise.
Een compositie een grote meester waard.
Wat gaf je de inspiratie?
Het was dit huis,
de atmosfeer van het park.
Excuseer me, Wolfgang,
Ik voel me duizelig.
Mijn hoofd tolt.
Het is ons feest,
dus moeten we het bal samen openen.
Ze begrijpen het vast, lieve.
Later.
Excuseer ons. -Maar je moet dansen.
Waarom ga je niet even zitten, Louise?
Ik blijf niet lang weg.
Hij is een raar type.
Ken je hem toevallig, Marquesa?
Neen, Wolfgang,
wellicht is hij een vriend van graaf Hellman.
Mag ik deze eer?
Ik ben niet
Ze vormen een prachtig paar, niet?
Wat zei je alweer, Marquesa?
Ben je niet jaloers, Wolfgang?
Natuurlijk niet.
Ik vind hem fascinerend.
Zelf vind ik hem sinister.
Heel erg.
Wat is jouw opinie?
Ik wou dat hij mij verkoos boven Louise.
Jullie kletsen als bakvissen, maar wie is hij?
Ik krijg een flauwte.
Wat scheelt er?
Het is niets.
Laat dit het feest niet verstoren.
Voor mij is dit teveel opwinding.
Ik ga een moment naar mijn slaapkamer,
dans en maak plezier, alstublieft.
Wolfgang zal bij je blijven.
Ik kom met je mee.
Excuseer me.
Vertel, Wolfgang, hoe is het met Louise?
Arm ding.
De afgelopen dagen zat ze zo in met het feest,
ze vermoeide haarzelf teveel.
Komt er misschien een kleine vreemdeling aan binnenkort?
Dat zou iedereen op het feest verheugen.
We willen de waarheid,
zeg het ons.
We zijn vrienden,
we verklappen geen woord.
Nu moet je het ons zeggen.
Ik denk dat ik je geheimpje ken.
Uitstekend, geweldig.
Maar ze had het ons wel mogen vertellen,
dat knappe vrouwtje van je.
Misschien kon ik haar helpen.
Ik was zelf een moeder, weet je.
Neen, Marquesa, ik denk dat het gewoon
te maken heeft met al het werk aan dit huis.
Ze is compleet uitgeput.
Als jullie me willen excuseren,
ik moet naar de overige gasten.
Ik wil mijn vrienden niet schofferen.
Hoe arrogant van hem.
Dat kon niet in mijn jonge dagen.
Ze denken alles over alles te weten en kennen.
Ze zijn naรฏef
en tonen geen respect.
Zien jullie hoe ze zich laat aanklampen
door die vreemdeling bij het dansen?
Zeg,
kon je uitvissen waar hij vandaan komt?
Hij moet van overzee komen,
niemand weet wie hij is.
Wat telt is dat Louise hem intiem kent,
denk ik.
Ik twijfel niet aan mijn vermoedens.
Zag je hoe vlug hij verdween
toen Wolfgang aankwam?
Een strategische terugtrekking.
Wat zou ik graag weten
waar ze zich nu bevindt.
En bij wie.
Ga weg, alstublieft.
Wat doe je hier?
Neen, wat wil je van mij?
Verdwijn meteen.
Ga weg.
Ga weg.
Laat me los.
Je voelt zo koud aan dat ik er van huiver.
Wie ben je?
Waarom kwam je hier?
Verlaat me nooit.
Louise, open de deur.
Is er iets, mijnheer?
Mijn vrouw geeft geen antwoord.
Louise, maak open.
Madam, bent u in orde?
Open de deur voor ons.
Het spijt me, ik was in slaap gevallen.
Ik geef toe dat ik even bezorgd was.
Je bent zo bleek,
weet je zeker dat je je niet onwel voelt?
Neen, ik probeerde gewoon wat te rusten.
Ik ben vermoeid, denk ik.
Morgen ben ik er weer bovenop.
Best is dat je vanavond in bed blijft,
ik voel me schuldig omwille van deze storing.
Maar onze vrienden verwachten ons.
Geen zorg, ik leg het ze wel uit.
Als ik iets kan doen, roep me dan onverwijld.
Goed.
Welterusten.
Je hebt een goede nachtrust nodig.
Het was bij valavond dat de twee reizigers
eindelijk aankwamen bij het meer
en donkere stormwolken vormden zich in de lucht.
De boot die ze zouden nemen lag aangemeerd
en de schipper stond er naast op hen te wachten.
Hij droeg een lange zwarte kapmantel
die zijn gelaat afschermde
en zijn stem dempte,
zodat zijn woorden onbegrijpbaar klonken.
Bertram betaalde en beval de schipper om te gaan.
Nog voor hun reis half was,
brak de storm in alle hevigheid los,
bliksem verlichtte de hemel
en donder weerklonk,
de boot deinde en schokte
en de passagiers slingerden van de ene kant naar de andere.
Bertram maakte zich los van het bange meisje,
liep naar de schipper
en vroeg of het kleine schip niet beter terugvoer.
Plots verlichtte de bliksem diens gelaatstrekken
en hij staarde recht in het gezicht
van zijn ergste vijand.
Dat was voldoende voor vanochtend,
het is tijd voor het middageten.
Kom, Louise,
laat ons gaan eten.
Je bent heel zorgzaam,
maar ik heb geen honger.
Madam, alstublieft.
U moet eten.
Ik wil niet.
Kom,
Louise, je doet er goed aan om toch een beetje te eten, lieve.
Jij hapt wel toe voor mij.
Brave meid.
Ik ben heel trots op je.
Goed, schat,
dat is al beter.
Hoe meer jullie eten,
hoe mooier jullie worden.
Corrine.
Corrine.
De dokter is aangekomen.
Zeg de dokter dat de graaf hier op hem wacht,
in de tuin.
Goed.
Razie, ik wil dat je braaf bent.
Zie je, dat had ze beloofd.
Je bent lief.
Graaf, de dokter is gearriveerd.
Ja, hij is een oude studiegenoot van me, dokter Hant.
Het zal een goede gelegenheid
zijn om over madam's ziekte te spreken.
Ja, dat is een prima idee.
We vragen om zijn raad.
En jij, Razie,
jij bent toch niet bang van de dokter?
Je bent al een grote meid.
Hij is een goede vriend.
Daar is hij.
Ik hoop dat ik niet stoor.
Neen, helemaal niet, dokter.
Neem alstublieft plaats.
Mag ik je wat te drinken aanbieden?
Vraagt u maar.
Niets, dank je.
Zoals u wil.
Was je ziek de laatste tijd?
Neen.
Je bent wat bleek, vind ik.
Mag ik je pols meten?
Dank je.
Je polsslag is zwak, weet je.
Mag ik vragen,
lijd je aan bloedarmoede?
Neen, dokter, niet dat ik weet.
Maar je vertoont geen koorts.
Er mankeert mij niets.
Wel, wat denk je, dokter?
Ik weet niet.
Afgaande op de symptomen
zou ik zeggen bloedarmoede.
Maar ze was altijd al gezond.
In elk geval,
kan ik nu geen diagnose stellen.
Ik kom morgen opnieuw langs en mogelijk
krijg ik dan wat meer inzicht.
Breng haar niet van streek.
Laat haar voldoende rust nemen en vooral,
zorg dat ze goed eet.
Ja, dat spreekt voor zich.
We keren beter terug, ze kan achterdochtig worden.
Ja.
Dokter.
Ik wist dat je naar me toe zou komen.
Ik wist dat je me riep.
Waar ben je?
Ik zie je niet.
Wie ben jij dat je deze mysterieuze kracht op me uitoefent?
Wie kan je zijn
dat je al mijn liefde voor mijn man vergiftigde
en mij tot jouw slaaf maakt?
Toon jezelf aan me.
Waar verberg je jezelf?
Deze zwarte nacht doet me jouw vrezen.
De nacht is mijn element,
en boezemt me geen angst in.
Ook jij zal verlangen naar de nacht
omdat in jou het levenslicht
is veranderd in een wezen van vlees en bloed
en wat de nachtelijke hemel verloren heeft,
zie ik nu voor me staan,
mooier dan duizend sterren samen.
Dit alles zie ik in jou.
Maar ik zie zulk een pracht niet in mezelf.
Jouw spiegel kan het niet tonen,
die verflauwt je beeld alleen maar,
en kan jou onmogelijk recht aandoen.
De weerspiegeling die je ziet,
bezit geen gelijkenis van wat echt is.
Kon je jezelf maar zien zoals je bestaat in mijn hart,
je zou je ware zelf ontdekken.
In mijn hart ben je niet de vrouw die je denkt te zijn,
je bent een deel van een groter mysterie.
Vertel me wie je bent
en wat je verlangt.
Ik kom uit het verleden,
ik besta in het heden en in de toekomst.
Ik ben hier om jouw een leven vol passie te bieden.
Voor eeuwig durend.
Een dimensie die op jou wacht.
Een prachtige wereld vol vreemde kleuren.
Kleuren die jij je nu nog niet kan voorstellen,
maar die ik jou zal leren ontdekken.
Ze zitten verschuild in het duister van ons koninkrijk.
Louise, wat doe je hier? Ik wou frisse lucht.
Breng me nu alstublieft weer naar binnen.
Excuseer me, Louise. Ik laat de dokter uit.
Tot ziens.
Alle medische kennis is hier ontoereikend,
ze heeft geen aanwijsbare ziekte
Maar mogelijk is ze stervende.
Luister naar me, Wolfgang,
er bestaat slechts รฉรฉn kans op redding.
Stap in jullie koets en verdwijn onmiddellijk,
reis naar Wenen,
vraag naar professor Nietzsche,
hij kan haar helpen.
Ik geef toe verslagen te zijn.
Het is een bittere tegenslag
na al die jaren als dokter
te moeten erkennen dat ik verslagen werd.
Ga nu, verlies geen tijd meer.
Vaarwel, Wolfgang.
Hij zei dat je spoedig hersteld zal zijn,
Louise, liefste, ik moet naar Wenen.
Zeg de koetsier zijn rijtuig voor te brengen.
Ik moet gaan om jouw nieuwe medicijnen.
en morgen voel je je beter.
Ik kan zolang niet wachten.
Ik weet het, Wolfgang.
Zie je de zon daar bij het raam?
Mijn vlees verlangt naar de straling van haar warmte.
Wolfgang, help me.
Alstublieft, ik moet zonlicht hebben.
Ik smeek je, Wolfgang.
Ja, natuurlijk, mijn liefste.
Ik moet gaan nu.
Ik keer weder voor de nacht valt.
Dokter Nietzsche?
Hij is niet hier. Wat wil je?
Ik moet de dokter dringend spreken.
neen, hij is op huisbezoek en ik heb mijn werk,
Alstublieft, wacht even.
Kun je me zeggen of hij terugkomt?
Ik zou het niet weten.
Het is mogelijk.
Hij is naar een dorp in de buurt.
Ze beweren dat er hier vreemde wezens rondsluipen,
maar ik geloof dat niet.
Ze zeggen zo een domme dingen tegenwoordig.
Ja, je hebt vast gelijk,
maar mag ik binnen wachten?
Had eerder gezegd dat je bereid bent te wachten.
Natuurlijk mag je binnenkomen.
Dokter Nietzsche zegt steeds tegen me,
als iemand ons wil zien, mogen ze wachten.
Wil je me volgen?
Ik breng je naar zijn praktijk.
Neen, dank je.
Ik wacht liever hier.
Zoals je wil.
Dokter Nietzsche verkiest zelf ook deze plek
wanneer hij even verpoost.
Wil je me excuseren?
Het spijt me dat ik u liet wachten.
Maak het u makkelijk.
Sigaar?
Neen, dank u.
Wat kan ik voor u doen?
Dokter Hant stuurde mij naar u.
Dokter Hant?
Ja, ik weet het weer.
Hij zei dat u mijn laatste hoop bent.
Mijn arme vrouw, ze is stervende.
Hij weet zich geen raad,
hoewel ze lijdt aan een extreme depressie,
kan hij de oorzaak van haar ziekte niet verklaren.
Mijn enige kans haar te redden, ligt bij u.
Ik verricht geen wonderen,
ik kan slechts mijn best doen.
Nu,
zijn er duidelijke symptomen waar te nemen?
Vergeef me,
ik praat liever verder in de koets.
Ze kan verder verzwakt zijn of zelfs
Niet wanhopen,
ik haal mijn tas.
Ik ben zo terug.
Ben je overtuigd van dit alles?
Hoe bedoel je?
Alles wat je me vertelde over je vrouw haar gedrag.
Je liet niets achterwege?
Neen, waarom zou ik zaken verzwijgen?
Gewoon, laat maar.
De symptomen spreken boekdelen, vrees ik.
Ik wil je niet doen schrikken,
maar je vrouw wordt bedreigd door groot gevaar,
er valt geen seconde te verliezen.
Ik ben bang dat je gelijk hebt,
ze leek met de dag te verzwakken.
Daarom zocht ik u op, dokter Nietzsche.
Ik leg mijn lot in uw handen.
Dokter Hant raadde u aan
omdat u de enige bent
die mijn arme vrouw kan genezen.
Ik zal alles doen wat binnen mijn bereik ligt.
Er leeft een kwaad dat ik reeds jaren bekamp,
vele jaren,
en ik zal niet rusten
tot ik het met wortel en tak uitroei.
Zo niet, zullen anderen
mijn werk moeten vervolledigen.
Je zal moed moeten tonen
en vooral mijn instructies moeten opvolgen,
hoe ongebruikelijk ze ook mogen lijken.
Dit is niet enkel een tastbaar kwaad,
onze wetenschap moet gepaard gaan met de kracht van het geloof.
Het meest van belang is
dat we de patiรซnt volledig isoleren,
niemand mag bij haar geraken.
We mogen geen levende ziel vertrouwen.
Is er een middel dat werkt, dokter?
Ja.
En ik wil รฉรฉn ding duidelijk uitleggen.
Het is van vitaal belang om bij het behandelen van deze ziekte,
ook de oorzaak ervan aan te vallen.
In je vrouw haar geval
moet de oorzaak totaal uitgeroeid worden.
Ze zijn erg geslepen
en over de jaren heen hebben ze de kunst
van het misleiden geperfectioneerd.
We moeten op alles voorbereid zijn
willen we een kans tot slagen hebben.
Wie zijn zij?
De vampieren.
De vampieren?
De arme Wolfgang is thuis.
Wie zal de moed tonen om hem de waarheid ze vertellen?
We gaan best naar beneden
om hem het nieuws te melden.
Hoe gaat het met mijn vrouw?
Wat is er gebeurd, zeg het me.
Louise.
We vonden haar, staande voor het raam
met haar ogen gericht op het maanschijnsel.
Ze leek zo vredig.
Neen, Corrine,
we laten hem best even alleen.
We moeten een priester roepen.
Zorg jij ervoor?
En je vrouw wil allicht Razie naar huis brengen,
ik denk dat dat beter is.
Wat een tragedie.
Arme, lieve vrouw.
Wolfgang,
verzamel al je moed.
Ik weet dat het een vreselijke schok is.
Ze is weg, wat is hier gaande?
Snel, volg me.
Waar naartoe?
Het park, ze namen haar mee.
We moeten opschieten.
Ze is verdwenen, Corrine.
Verdwenen?
Maar dat is niet mogelijk.
Ga onmiddellijk naar je kamer,
sluit de vensters af en verroer je niet.
Er bestaat geen twijfel,
dat is precies wat ik vreesde.
We splitsen ons op,
als je wat ziet, roep me dan.
Ik voelde aan dat ik in jouw aanwezigheid was,
ook al hoorde ik je niet aankomen.
Ik weet het.
Ook ik voel me steeds dicht bij jou,
zelfs wanneer je ver weg bent.
Ik voel je ademhaling wanneer je slaapt
en wanneer je wakker bent.
Ik kan het bloed voelen
terwijl het door je aderen stroomt.
Wat maakt dat ik naar je verlang?
Ik vrees jouw macht niet.
Je hebt geen reden om angstig te zijn.
Dat weet ik nu.
Je vreest het duister alleen
als je er niet aan gewend bent.
Maar waarom keerde je terug naar mij?
Het is de nieuwe dag die me bang maakt.
Mijn gedachten proberen vruchteloos mijn interesse vast te houden
in de dingen die me van het leven doen houden,
het plezier van een nieuwe dag.
Dat alles lijkt verdwenen,
heeft geen betekenis meer.
Nog even en al dat zal slechts een herinnering blijken.
Louise.
Louise.
Louise, lieveling.
Houd me vast.
Louise, lieve.
Ik heb je warmte hard nodig.
Je leeft,
ik dacht je nooit meer terug te zien.
God zij dank voor dat.
Ik doorstond zoveel kwellingen de afgelopen uren.
Ik meende dat het leven zelf ons gescheiden had.
Het was ondraaglijk.
Ik geloofde dat dood zijn beter was dan verder te leven zonder jou, Louise,
verlaat me nooit.
Laat ons terugkeren naar het kasteel,
ze zoeken ons.
Wacht nog even, schat.
Louise.
Wat heb je gedaan met mij?
Wat doe je?
Louise.
Kom hier.
Vlug,
je hebt onmiddellijk een bloedtransfusie nodig.
En klaar,
dat moet volstaan.
Houd je arm nog even gebogen.
En jij,
mag een grote biefstuk eten
en er een flink glas bier bij drinken.
Luister, Wolfgang.
Het is noodzakelijk om allereerst
uit te zoeken waar Louise's lichaam is verborgen
en dat moet gebeuren voor dageraad.
Ik zal haar vinden, dokter.
Het is pas dan
dat je jezelf vanonder hun macht kan werken en
Louise eindelijk de rust krijgt
die komt met het definitieve sterven.
Dat is vreselijk.
Ik weet niet langer
of hetgeen waar ik in geloof goed of slecht is.
Ik twijfel niet aan jouw oprechtheid, dokter.
Maar wat je mij vraagt te doen
gaat mijn arme vrouw aan.
Neen, Wolfgang,
Louise is niet langer je vrouw meer,
ze is niet meer de Louise die je kende
en je moet van dit alles afstand nemen.
Het is voor je eigen bestwil, ik verzeker je het.
Deze opoffering is lastig,
je zal moed en vastberadenheid moeten tonen.
Wat moet ik doen, dokter?
Niets, jij blijft hier.
Hetgeen ik moet doen kan te gruwelijk zijn voor jou.
Het is bijna ochtend en niets kwam tevoorschijn
en toch ben ik overtuigd
dat ze zich ergens in deze tunnels verschuilen.
Maar waar?
We zochten in elke uithoek.
Wie kon denken dat een doodskist zo moeilijk te vinden was?
We zoeken opnieuw.
Weldra, onder het deken der duisternis,
zullen de twee vampieren hun eenzame tombes verlaten
op zoek naar het enige voedsel dat ze in leven kan houden,
mensenbloed.
Het is absoluut essentieel voor ze.
We moeten Peter waarschuwen dat hij zijn woonst bewaakt
en gereed is om in te grijpen wanneer ze verschijnen.
Hij weet dat enkel vuur en het kruisbeeld
ze kan vernietigen.
Uitgezonderd deze remedies,
is er geen andere kracht tegen ze opgewassen.
We moeten er naartoe voor het te laat is.
Wolfgang, de gouvernante en het kind
verkeren in levensgevaar.
Ze zijn geslepen en wij moeten al even sluw zijn.
Je denkt wellicht dat ik teveel eis, maar het is noodzakelijk.
Vannacht moet jij mijn val zetten.
Je blijft hier en wacht op ze.
Neen, dokter.
Begrijp dat dit voor mij geen steek houdt,
het is belachelijk en ook pijnlijk voor me.
Ik besef dat het jou niets uitmaakt omdat het enige wat voor jou telt,
is je ambitie te realiseren,
indruk te maken op je vrienden en bewijzen hoe briljant je bent,
maar realiseer je dat ik nu kap met deze komedie.
Stil, luister naar me,
Ik zal het verklaren.
Het gaat er niet om iemand individueel te verdedigen,
maar de mensheid zelf verkeert in groot gevaar,
we kunnen hier niet onverschillig tegenover staan.
Met jouw hulp,
kan ik die monsters uitroeien,
anders zal de dreiging zich onverbiddelijk verspreiden.
Het moment is eindelijk hier
voor vampieren om voorgoed van de wereld te verdwijnen.
Stel je voor,
al de kinderen,
al de vrouwen die we redden
van besmetting door deze monsters.
Ze moeten weg,
vernietigd, zonder medelijden.
Ik vraag je nogmaals om vergeving.
Ze zullen hier snel zijn, zonder twijfel,
en ik zal ze opwachten,
al moet ik de ganse nacht wakker blijven.
Ik wil mijn dankbaarheid uitspreken
voor hetgeen je doet, dokter Nietzsche.
Ik weet niet of al die voorzorgen van jouw
zullen volstaan om die creaturen op afstand te houden, maar
ik heb het gevoel dat dit alles nutteloos is.
Hoewel, mocht mij iets overkomen,
wil ik jouw belofte
dat je me bevrijd van dit weerzinwekkend lot.
Ik kan de gedachte niet verdragen
om voor eeuwig rond te dolen
en andere mensen te besmetten.
Ja, zeker,
maar dat zal niet nodig blijken.
Is het erg dat ik hier blijf gedurende de nacht?
Ik ben bang zo alleen.
Arme, kleine Corrine.
Dit zijn ook voor jou moeilijke dagen.
Natuurlijk kan je blijven.
Ik zal niemand voor de voeten lopen.
Ik blijf in deze stoel zitten.
Goed, goed,
misschien kan je hem helpen.
Ze kwamen nog niet.
Je zal al je moed nodig hebben.
Elk moment nu,
zullen ze hier zijn.
Corrine,
wat is er?
Corrine.
Neen.
Neen.
Het spijt me voor jou,
maar ik heb geen keus.
God zal je ziel genadig zijn.
Alleen een mirakel kan hem redden.
We moeten hem meer bloedtransfusies geven.
Als dat vereist is om hem te redden,
wil ik graag helpen, dokter.
Er zijn enkele volwassen voor nodig die
bloed doneren om hem weer de oude te maken.
Ik vind ze voor u, dokter.
We hebben geen tijd te verliezen, zijn polsslag is zeer zwak.
Schiet op, verspil geen minuut.
Ondertussen, dokter,
kan ik wat van mijn bloed geven.
Ik zal me haasten, mijnheer.
Is hij beter, dokter?
Jij moet wat rusten nu, toch voor een tijd.
Je hebt in dagen niet gegeten of geslapen.
Ik dank je,
maar voorlopig nog niet.
Later,
wanneer ik zeker weet dat we hem konden redden.
Alles hangt af van hoe hij de nacht doorstaat.
Wil je tenminste niet wat drinken?
Ja, goed.
Waar is Razie?
Waarom is ze niet bij jou?
Ik liet haar buiten,
ze was aan het spelen in de tuin.
Is de graaf herstellende?
Hopelijk brengt de ochtend raad.
Neem dit, alstublieft.
Terwijl ik koffie zet, wil je niet wat fruit?
Neen, dank je. Koffie zal volstaan.
Ik heb niets anders nodig nu.
Goed.
Wolfgang.
Waar leerde je die jachtige muziek spelen?
Ik leerde die door Louise ze te horen spelen
de nacht van het feest.
Ik hoorde je spelen terwijl ik in bed lag.
Ik dacht even dat Louise was teruggekeerd.
Weet je waar de dokter is?
Hij liep de tuin in met vader om de boze man te zoeken.
Wat zijn dat voor mannen?
Ik kan ze me niet voorstellen, jij wel?
Ik heb zin om wat te wandelen door het park,
wil je graag meekomen?
Nu meteen?
Mijn vader zei dat we 's nachts niet buiten mogen.
Je hoeft niet bang te zijn,
ik laat je niet alleen.
En ik wil je nieuwe plekjes tonen om je te verstoppen.
Weet je, ik wandel 's nachts graag door het park,
jij ook?
Wolfgang, zeg wat.
Razie, wees stil.
We halen Razie.
Niet nu.
Ze zal niets overkomen.
We mogen hen niet uit het zicht verliezen.
We blijven best niet hier.
Waarom Wolfgang?
Niet vrezen, hier is het veilig, Razie.
Open de deur in de naam van God.
Het is zinloos, we moeten ze forceren.
Kom op, we zijn er bijna.
Snel.
Razie.
Vader.
Vader.
Het is voorbij nu.
Vader.
Hij redde me van de boze man. -Dood hem niet.
Stop dokter. -Hij redde Razie van de vampier.
Ik vermoordde je bijna.
Lieve Razie, je bent erg geschrokken,
maar het is over nu.
Hij komt niet meer terug?
Neen, je moet niet ongerust zijn.
Jouw poppen wachten op je om te spelen,
ga maar pret beleven.
Volgende keer kan ik je veel verhalen vertellen,
als je dat graag wil.
Wil je dat?
Ja.
Tot wederzien. -Dag.
Ik adviseer om goed voor haar te zorgen.
We moeten uitkijken dat hetgeen haar overkwam afgelopen nacht
geen invloed krijgt op de ontwikkeling van
haar gevoelige, jonge geest.
Maar kinderen vergeten snel.
Met de tijd zal dit alles vervagen.
Zoals bij alles in de natuur,
bestaat er goed en kwaad.
Na elke storm, schijnt de zon,
in haar licht zien we het bewijs van God's liefde.
Het leven kent vele vreemde geheimen
maar ik praat teveel.
Daar komt de koets.
Mijn tas, Peter.
Daar is voor gezorgd, heer.
Ik plaatste ze net in de koets. -Dank je.
We nemen afscheid.
Wel, dit het moment van vaarwel.
Vertaling door Gutte.
Can't find what you're looking for?
Get subtitles in any language from opensubtitles.com, and translate them here.