All language subtitles for The Fox (NL)

af Afrikaans
ak Akan
sq Albanian
am Amharic
ar Arabic
hy Armenian
az Azerbaijani
eu Basque
be Belarusian
bem Bemba
bn Bengali
bh Bihari
bs Bosnian
br Breton
bg Bulgarian
km Cambodian
ca Catalan
ceb Cebuano
chr Cherokee
ny Chichewa
zh-CN Chinese (Simplified)
zh-TW Chinese (Traditional)
co Corsican
hr Croatian
cs Czech
da Danish
en English Download
eo Esperanto
et Estonian
ee Ewe
fo Faroese
tl Filipino
fi Finnish
fr French
fy Frisian
gaa Ga
gl Galician
ka Georgian
de German Download
el Greek
gn Guarani
gu Gujarati
ht Haitian Creole
ha Hausa
haw Hawaiian
iw Hebrew
hi Hindi
hmn Hmong
hu Hungarian
is Icelandic
ig Igbo
id Indonesian
ia Interlingua
ga Irish
it Italian
ja Japanese
jw Javanese
kn Kannada
kk Kazakh
rw Kinyarwanda
rn Kirundi
kg Kongo
ko Korean
kri Krio (Sierra Leone)
ku Kurdish
ckb Kurdish (Soranî)
ky Kyrgyz
lo Laothian
la Latin
lv Latvian
ln Lingala
lt Lithuanian
loz Lozi
lg Luganda
ach Luo
lb Luxembourgish
mk Macedonian
mg Malagasy
ms Malay
ml Malayalam
mt Maltese
mi Maori
mr Marathi
mfe Mauritian Creole
mo Moldavian
mn Mongolian
my Myanmar (Burmese)
sr-ME Montenegrin
ne Nepali
pcm Nigerian Pidgin
nso Northern Sotho
no Norwegian
nn Norwegian (Nynorsk)
oc Occitan
or Oriya
om Oromo
ps Pashto
fa Persian
pl Polish
pt-BR Portuguese (Brazil)
pt Portuguese (Portugal)
pa Punjabi
qu Quechua
ro Romanian
rm Romansh
nyn Runyakitara
ru Russian
sm Samoan
gd Scots Gaelic
sr Serbian
sh Serbo-Croatian
st Sesotho
tn Setswana
crs Seychellois Creole
sn Shona
sd Sindhi
si Sinhalese
sk Slovak
sl Slovenian
so Somali
es Spanish
es-419 Spanish (Latin American)
su Sundanese
sw Swahili
sv Swedish
tg Tajik
ta Tamil
tt Tatar
te Telugu
th Thai
ti Tigrinya
to Tonga
lua Tshiluba
tum Tumbuka
tr Turkish
tk Turkmen
tw Twi
ug Uighur
uk Ukrainian
ur Urdu
uz Uzbek
vi Vietnamese
cy Welsh
wo Wolof
xh Xhosa
yi Yiddish
yo Yoruba
zu Zulu

Original subtitles

Mijn God, March, zo ontsnapt ie nog! Schiet, schiet nog een keer!

Oh, March. Hij is alweer ontsnapt. Verdomme. Dat verrekte rotbeest.

Vind je dat soms grappig?

Je hebt hem weer niet geraakt. Je wacht steeds te lang.

Het is verschrikkelijk.

Dit is al de derde keer.

Het is al de derde keer deze maand. Wat moeten we er tegen doen?

Ik weet het niet.

Oh mijn God! Edwina!

Oh, daar ben je, Edwina. Daar ben je.

Oh, is alles goed met je? Och, m'n arme vrouwtje.

Ja. Ja, natuurlijk. Oh, March.

Ik kan haar hartje voelen, ik voel hoe het klopt.

Dat is toch een goed teken. - Maar het is te luid.

Ze had wel dood kunnen zijn. Wat moet ik nu?

Laat ze maar een ei leggen. Dat is goed voor haar. En ook voor ons.

Kom op. Maak jezelf nuttig. - Ik haat die akelige vos.

Het hout is bijna op.

We moeten die boom kappen. - Ik bemest de wortels.

Misschien groeit ie wel opnieuw. - Maar hij is al oud.

Bovendien is ie krom en lelijk en van de zomer zaten er amper 10 blaadjes aan.

Maar hij leeft nog.

Ja, nauwelijks. - Dat is toch voldoende.

Oh, mijn God! - Wat is er?

De muffins! Ik ben de muffins totaal vergeten.

March, ik heb ze gered! Nog net op tijd.

Ze zijn een beetje bruin van boven. Maar ik heb er zo m'n best op gedaan.

Ik snap niet wat ik verkeerd doe. Ik hou me aan het recept.

Je moet eens ophouden met dat "Oh mijn God" gedoe.

Misschien als ik volgende keer... - Het gaat op m'n zenuwen werken.

Ik kan er niet tegen dat het steeds mis gaat, March.

Het spijt me, March.

Wat zei je?

Wat zei je nou? - Dat ze lekker ruiken.

Dank je. Maar je hoeft niet te slijmen. Ga van die tafel af.

Heeft je moeder nooit verteld...

...dat het eten van warme dingen slecht is voor je maag...

...en je darmen daarmee van streek raken.

March! March zou je die voeten van tafel willen doen? Alsjeblieft.

Dank je.

Daarmee eindigt onze uitzending van "Meesterwerken uit de muziekwereld".

Dan volgt hier nog het weerbericht. Hevige sneeuwval wordt verwacht...

Weet je, als we die kippen niet waren kwijtgeraakt aan die vos...

...dan zouden we haast... quitte gespeeld hebben.

Jij gelooft toch ook dat het ons zal lukken, h�?

Ik bedoel, niet dat we rijk zullen worden maar het is wel van ons.

En niemand kan ons bevelen wat we moeten doen.

Ik weet heus wel dat jij het meeste werk doet.

Oh, dat maakt me niet uit. - Ja, dat zeg je iedere keer.

Maar ik weet het niet... soms voel ik me... daardoor een beetje schuldig.

Iedereen heeft wel eens een mindere dag.

March... Je bent toch niet ongelukkig? - Nee. Ik ben niet ontevreden.

Zal ik je schouders even masseren?

Ja, dat zou ik fijn vinden.

Mmm, dat voelt goed!

Wat lees je?

"De encyclopedie van het buitenleven."

"De rode vos, vulpes vulpes, is in wezen een nachtdier..."

"...en kan zich erg goed aanpassen aan veranderingen in..."

"...z'n omgeving door de mens."

"Hij is een vraatzuchtige rover van gevogelte."

"Echter, de esthetische waarde van de vos voor onze fauna moet..."

"...niet worden onderschat."

"Deze veelzijdige... vleeseter met zijn legendarische sluwheid..."

"...roept veel emoties op bij liefhebbers van bossen en platteland."

Ben je opgewonden?

Tot aan m'n vingertoppen.

Beter zo?

Stukken beter.

Ik denk dat ik boven eens lekker ga genieten van een warm bad.

Het badzout staat aan mijn kant in het kastje.

"Ik ben gegroeid, ik ben gegroeid. En ik rol m'n broekspijpen omhoog."

Wie schreef dat? - Geen idee, maar niet verraden.

Vooruit, ��n, twee... - T. S. Elliot.

Twee gouden sterren en een rondje in de draaimolen voor de jongedame.

Oh, March, die vloer voelt zo ontzettend koud aan!

Het is echt aangenaam warm hier in bed, March.

Oh, dank je, March. Dank je, dat je het bed al fijn voorverwarmd hebt.

March?

March, wat...

Stel dat m'n geld op is en we de boerderij verliezen...

...wat moeten we dan?

Dan gaan we samen optreden in het circus, lieverd. Kom, ga slapen.

Goed. Ok�.

Welterusten. - Welterusten.

Kom, kom maar eenden, kom maar.

March, wat is er met je? Je hebt bijna niets gegeten.

Ik heb geen honger.

Je was vandaag al vroeg op. Ik heb je niet gehoord.

Ja.

Wel, wat heb je de hele dag gedaan? - Niets. Ik heb een eind rondgelopen.

Ik zag dat het hek kapot is.

Als je volgende keer weer zo ver weggaat, March, zeg het dan...

...want ik ben niet graag alleen.

Het maakt me zenuwachtig. En ik hoor allerlei vreemde geluiden.

Het geweer was weg, weet je. Jij had het meegenomen.

Sorry. - Het geeft niet.

Ik heb vandaag in de catalogus gebladerd, ze hebben mooie gordijnen...

...in het beige, met een blauw bladpatroon.

Als we ze 30 dagen op zicht nemen, moeten we pas volgende maand betalen.

Ze zijn precies goed. Ik laat ze zien. - Jill, wacht.

Wat? - Vandaag heb ik de vos gezien.

Hij stond net zo dichtbij als jij. En toch kon ik hem niet neerschieten.

Waarom niet? - Ik heb geen idee.

Hij staarde me gewoon aan. En ik staarde naar hem.

En hij was niet bang. Hij keek me alleen maar aan.

Wel, dat slaat helemaal nergens op. - Weet ik.

Ik moest er op de terugweg steeds aan denken.

En je had het geweer bij je? - Ja, dat zei ik al.

Ik weet dat je dat zei, maar waarom schoot je hem dan niet neer?

Geen idee. Ik weet het echt niet. Misschien omdat ik totaal perplex was.

Hij bleef me steeds maar aankijken. Alsof... alsof ie door me heen keek.

En ik stond daar maar.

En hij was niet bang? - Nee.

Oh, March. March, dat is toch idioot.

Maar zo is het wel gegaan. - Nou, dat is absurd.

Ja, dat is het ook. Maar vreemd genoeg ging het echt zo.

En het was allemaal heel raar.

March, pas op, Euridice gaat er vandoor!

Euridice, Euridice!

Euridice! - Euridice!

Kom op... - Toe, March. Rennen.

Vooruit Euridice, gekke koe. Ik heb haar, Jill, ik heb haar.

Kom. Goed vasthouden. Hou haar stevig vast, Jill!

Jij gluiperd. Wacht maar...

Jij gluiperd.

Oh, March, nee. - Hier!

Fijn h�? Dat vond je fijn, of niet? Wil je soms meer? Wil je nog meer?

Sta op. Anders raak je onderkoeld. Je haar is helemaal nat.

Kom op, dan doen we wie het eerst thuis is, ok�?

Je moet eerst het hek dicht doen, anders loopt ze weer weg.

H�, dat is niet eerlijk, je speelt vals! H�, wacht op mij!

Ah... wat is dit? - Hete rum.

Rum in de morgen geeft zeelui niets dan zorgen.

En rum in de avond geeft zeelui plezier.

Oh, oh. ik krijg het er meteen al warm van.

March... March, zou die... die vos soms een vrouwtje zijn? Eh...

...wat is het juiste woord ook alweer. - Een moervos?

Ja.

Nee, nee. Het is een mannetje.

Hoe weet je dat?

Gewoon zomaar.

March, ik had toch gelijk over deze boerderij, of niet?

Ik heb me nog nooit zo... hoe zeg je dat nou... thuis gevoeld... en veilig.

De haver is 15 cent duurder geworden. Hebben we nog genoeg voorraad?

Wel, daar gaan we weer. Je luistert niet en staart wezenloos voor je uit.

Iedere keer als ik wat tegen je zeg, is het net of ik je lastig val.

Doe niet zo mal. - Ik kan het niet helpen.

Het lijkt wel of je... - Wat?

Afwezig bent, ergens anders met je gedachten.

Het is net of je het vervelend vindt om te praten.

Alsjeblieft. Toe nou, March. Sluit me niet zo buiten.

Sorry, ik was me er niet van bewust.

Ik kreeg vandaag een brief van m'n broer Robert.

Per expresse. - Oh, ja?

Hoe gaat het met hem? - Oh, geweldig.

Hij schrijft dat hij nu verkering heeft met de zus van Jim Collins.

Herinner jij je Jim Collins nog? Die lange knul met dat blonde haar...

...die met mij uitging.

Ja, die ken ik nog.

De laatste keer... de laatste keer dat ik hem zag was eh...

...bij de picknick aan het meer die zomer voor we afstudeerden.

Jij was ziek. - Ja, klopt. Ik had griep.

En we werden allemaal dronken.

We dronken bier. Ik weet nog dat m'n hoofd helemaal in het rond draaide.

Opeens begon het te regenen. En iedereen ging er vandoor.

Hij pakte m'n hand en samen renden we het bos in.

We renden tussen de bomen door. En ik struikelde en eh...

...hij greep me en hield me vast.

En z'n ogen, die ogen stonden zo... wijd open en keken heel eigenaardig.

En hij pakte me bij de pols en trok me naar beneden op de grond...

...op dat zachte, natte gras.

Oh, het gewicht van zijn grote lichaam dat zo... zo enorm op me drukte...

...zo zwaar op me drukte dat ik... dat ik me nauwelijks kon bewegen.

Het was alsof ik helemaal slap werd...

...en hij een afdruk van z'n lichaam op me achterliet.

Oh, dat is hem!

Oh, mijn God, March, kijk!

De patronen, de patronen.

Wat moet je hier?

Wat is dit? - Blijf daar staan.

Wat is er. Wat is er aan de hand? - Wat moet je hier?

Woont William Grenfield hier niet meer? - Nee.

Nou, ik vroeg je iets, wat moet je hier? - Ik ben z'n kleinzoon. Is hij er niet?

Die ouwe man die hier voorheen woonde heette Grenfield.

Ja, dat is m'n grootvader. - Hij is afgelopen winter gestorven.

Is hij dood?

Waarom weet je dat niet? - Omdat ik lange tijd op zee was...

...en we elkaar geen brieven schreven.

Eh, juffrouw, kunt u misschien...? - Oh, March...

March, kom op. Doe dat geweer weg.

Kijk, van m'n grootvader mocht ik hier ieder jaar de zomer doorbrengen...

...als ik weer van zee kwam.

En aangezien we nu in Port Hope liggen om te bevoorraden...

...besloot ik hem eens op te zoeken.

Weet je... m'n opa heeft dit gemaakt. Hij kon alles, het gaat levenslang mee.

Die bank heeft ie ook hersteld, de voering is helemaal vernieuwd.

Oh, eh... die heb ik erop gezet. - Echt waar?

Dat heb je mooi gedaan. - Dank je.

Vreemd om alles weer terug te zien.

Zie je deze initialen?

P. G., dat ben ik. Paul Grenfield.

Ik was zestien toen m'n grootvader me daarbij betrapte...

...voor straf kreeg ik drie dagen niks te eten.

Ben je komen lopen uit het dorp?

Ja. - Dat is een behoorlijk eind.

Wel, ik heb het vaker gedaan. - Ja, natuurlijk.

Nou, ga gerust even zitten om wat uit te rusten?

Wel, eh... ik weet niet of ik daar wel zo goed aan doe.

Oh, nee. Luister, het is echt geen probleem. Alsjeblieft.

Eh, eh... ik zal thee zetten of heb je soms liever koffie?

Koffie is prima. - Ik zet die wel.

Weet je. Dit oude huis is helemaal veranderd.

En is het erop vooruit gegaan? - Neem je me in de maling?

Het is prachtig. Jullie hebben die muur tussen de woon- en eetkamer afgebroken.

Wiens idee was dat? - Van mij. Het was helemaal mijn idee.

Vind je het mooier zo? - Het is perfect.

En de gordijnen. Ze hangen nu stukken beter.

Wel, eh... we hebben getracht het gezellig te maken.

Het is per slot van rekening ons huis. - Het is mooi geworden.

Zeg, was dat geweer echt geladen? - Tuurlijk. We krijgen niet veel bezoek.

En we... we hebben nogal wat problemen met een vos.

Ach, ja. Die komen aan beide kanten van de heuvel voor.

Maar volgens jou is het er maar ��n.

Het is er ook maar ��n en die rooft al maanden onze kippen.

Waarom vind je dat zo grappig? - Het is vreselijk. Wat doe je eraan?

We proberen hem af te schieten, als ie opduikt.

En soms maken we lawaai en schreeuwen naar hem...

...maar meestal ruimen we de veren op. - Wel, dat is grappig.

Hoe heten jullie eigenlijk? - Jill. Jill Banford en Ellen March.

En jullie twee runnen deze boerderij helemaal alleen?

Ja. We hebben enkel kippen maar zelfs dat is niet bepaald eenvoudig.

Misschien hebben jullie hier een man nodig... om het effici�nter te maken.

Het is geen kwestie van effici�ntie. We wisten niet dat het zoveel werk was.

Waarom ben je er dan aan begonnen?

Oh, eh... vanwege het gezonde leven. Om onafhankelijk te zijn en dergelijke.

Vertel eens, heb je weleens geprobeerd om met ze te praten?

Met wie? - Met de kippen. Nee, serieus.

Mijn opa deed dat altijd. Dan ging hij naar buiten en...

...vertelde hun hoe goed ze het hadden en dat ie veel geld uitgaf aan voer.

En de volgende morgen lagen overal eieren.

Meen je dat echt? - Eerlijk waar. Elke dag wel een dozijn.

En dat niet alleen. Hij kon ook nog kiezen.

Spiegeleieren, gekookte eieren, roereieren, hoe ie ze maar hebben wou.

Wat een lariekoek!

Wel, ik denk dat het weer tijd is om op te stappen.

Eh, waar blijf je overnachten? - Oh, ergens in het dorp, denk ik.

We zouden je graag een lift geven maar de wegen zijn erg slecht.

Oh, de wegen kunnen behoorlijk glad worden.

Weet je... eigenlijk wou ik vragen of je wilt blijven, alleen...

Alleen wat?

Het zou denk ik verkeerd overkomen. Ik bedoel, ons maakt het niets uit...

...maar in het dorp zijn ze minder ruimdenkend.

Oh, March... March, wat vind jij?

Wat de mensen in het dorp denken kan me niet schelen. Het maakt mij niks uit.

Ok�, blijf dan hier.

Weet je zeker dat het goed is? - Ja. March.

Ja, hoe meer zielen, hoe meer vreugde.

Wel, het is een opluchting om niet weer naar buiten te moeten.

Nou, ik ga vast naar boven. Welterusten.

Welterusten, juffrouw March.

Welterusten.

Hier kipjes, kom eten, eten, eten.

Hallo, is ie niet prachtig?

Erg mooi.

Mooi?

Is dat alles wat u te zeggen hebt over die prachtige vogel...

...die beslist meer dan vijf pond weegt.

Ik schoot hem precies in de vleugel. - Ja, het is een prachtige vogel.

U bent behoorlijk handig, Mr. Grenfield.

Zeg maar Paul. - Paul.

Fijn om zo gewaardeerd te worden.

Ik zal hem voor u plukken. - Oh, laat maar. Dat doe ik wel.

Zeg, juffrouw March, hebt u wel eens geprobeerd ze 's nachts te voeren.

Soms werkt het, dan slapen ze langer en zijn overdag aktiever.

U schijnt er veel van af te weten. - Wel, soms helpt het.

Vertel eens, hoelang hebt u al last van die vos?

Sinds we hier vee hebben.

Misschien kan ik er iets aan doen.

Hij is heel erg slim.

Oh, juffrouw Banford, ik moet u feliciteren. Dat ziet er geweldig uit.

Het is echt ongelooflijk. - Dank je.

Dat is nog eens een feestmaal. - Haast te mooi om op te eten.

March, wie complimenteert hij nou, de kok of de jager?

De kok sowieso, de jager complimenteert de kok en bedankt haar...

...voor deze geweldige maaltijd. - Oh, echt, malloot.

Oh, March... nee alsjeblieft, het spijt me.

Aan jou de eer om aan te snijden. - Oh, graag zelfs.

Wat hebt u liever, juffrouw March, een vleugel, het dijbeen of de borst?

Maakt me niet uit.

Sorry.

Ik hoop dat je van saffraan houdt bij de rijst.

Juffrouw Banford, u verwent me te veel. - Na zo'n lange tijd op zee...

...mag een man wel verwend worden.

Oh, dit is onvoorstelbaar. Sorry, geen mens had dit beter klaar kunnen maken.

Het is echt ongelooflijk lekker.

Luister eens, misschien klinkt het een beetje opdringerig, maar...

...het is me opgevallen dat hier veel dingen opgeknapt moeten worden.

Een deel van het hek is kapot en op dak moeten dakspanen vervangen worden.

En er is amper genoeg haardhout voor de winter.

Wel, al die dingen moeten hersteld worden.

Ik moet pas over twee weken weer aan boord en heb toch niets omhanden.

En mocht u er niets op tegen hebben, wil ik die dingen best wel repareren.

En zo niet, dan is het ook prima, ik wou het alleen maar even zeggen.

Ik...

Ik weet het niet. Wat vind jij, March?

Waarom zeg je niets? - Wat moet ik dan zeggen?

Hoe je erover denkt.

Wel, het is mij om het even. - Nou...

Ik vind... ik vind het 'n geweldig idee. Het zou zijn alsof m'n broer hier was.

Vind je ook niet, March?

Het zou juist prettig zijn om eens iemand anders in huis te hebben.

March?

Volgens mij vindt juffrouw March... - Ik heb er geen problemen mee.

Maar overdrijf het niet zo.

Afgesproken dan?

Ja, hoor, het is prima.

Oh, March, dit moeten we vieren, haal eens wat cider.

Dan moet ik een nieuw vat aanslaan. - Oh, dat doe ik wel.

Ik laat je zien waar het is. Ze staan in de kelder, aan de rechterkant.

Kom op, je had beloofd het me te leren. Wat doe ik verkeerd.

Zet je vinger op die snaar.

Welke, bedoel je deze? Oh, ja, ik heb hem al.

Die vinger hier en deze hou je uitgestrekt over die snaar. Zo, ja.

En nu spelen, vooruit spelen.

Oh, wat vreselijk. Ik leer het nooit - Jawel, je doet het heel goed.

Je lacht me uit. - Nee, echt. Het klinkt geweldig.

Nog ��n, Mr. Grenfield? - Nee, March, dat is je vierde al.

Nou, je hoeft ze heus niet te tellen. - Nee, Paul.

Ze heeft genoeg gehad. Ik zei nee.

Ik heb helemaal niet genoeg gehad.

Mr. Grenfield.

Oh, kom nou, jij wou toch vieren. Dan gaan we ook feesten.

Het seizoen was lang en koud. En opa's boerderij is niet echt 'n feesttent, h�?

Oh. kom, geef hier, we gaan fuiven.

Laten we echt feestvieren en al die rotsneeuw vergeten...

...en die rotkippen en die verrekte houtstapel.

Weg met alles... en die verdomde vos. Vergeet die vooral niet.

Weet je, u lijkt wel een beetje op hem, Mr. Grenfield. Dat is opmerkelijk.

Vooral als u fazant eet. - March, wat klets je nou toch.

Zij was een meisje, jong en schoon. Hij was een Don Juan, trots op zichzelf.

Hij kuste haar boezem en vond het fijn en zij fluisterde zacht "Ga door".

Oh, March, dat is ongehoord! Waar heb je dat geleerd?

Ga maar op je rug, ga maar op je rug, ook al heb je het nooit eerder gedaan.

Ga maar op je rug, ga maar op je rug, dan zul je nooit geen maagd meer zijn.

March, weet je wat? Volgens mij ben je aangeschoten.

Echt? Dat is absolutelijke onzin. - Absolutelijke?

Ja. Vraag het maar aan Mr. Grenfield.

U hebt toch op zee gevaren, meneer? Ben ik echt dronken?

Wel, ik, eh...

Nou, zie je wel. Vooruit, schenk het glas nog eens vol.

Hij pleegde z'n daad en merkte dat ze het aangenaam vond.

Hij pleegde z'n daad tot ie er bij neerviel.

Hij pleegde z'n daad en was verrast dat ze van geen ophouden wilde weten.

Ga maar op je rug, ga maar op je rug, ook al heb je het nooit eerder gedaan.

Ga maar op je rug, ga maar op je rug, dan zul je nooit...

...nooit... nooit... nooit... nooit geen maagd meer zijn.

Nou is het mooi genoeg geweest, March.

Kom, sta op. Paul, help me eens.

Je bent echt dwaas.

Sorry. - Vooruit, kom op.

Welterusten. - Ga maar op je rug, ga maar op je rug..

Zoveel hout! Daar hebben we eeuwig genoeg aan.

Wat zei u? - Daar hebben we eeuwig genoeg aan.

Ja, minstens een week. - March, moet je eens kijken.

Dat is een flinke boomstam die u daar hebt.

Ik tracht haar over te halen deze boom te kappen, maar dat wil ze niet.

Ik heb gezegd dat die boom nog leeft en ik wil niet dat je hem kapt.

Ik draag ze wel voor u.

Ik kan het wel alleen. - Maar ze zijn zwaar.

Ik zei dat ik het wel alleen kan, Mr. Grenfield.

Paul, weet u nog?

Juffrouw Banford.

Voor u.

Vind u ze mooi? Weet u wat dit is? - Tuurlijk, waterweegbree.

Ik zag ze in de sneeuw bij het beekje.

Dank je.

Oh, March, kijk eens wat Paul voor me meegebracht heeft. Waterweegbree.

Zijn ze niet prachtig? - Heel mooi. En ook erg zeldzaam.

Waar... waar is die kleine blauwe vaas?

Ben je nu al klaar, March?

Op het fornuis staat hete bouillon. Ik pak wel een kom voor je.

Waar is Paul? - Hoe moet ik dat nou weten.

Weet je, ik zag een geweldig recept...

...voor vruchtenpastei, kunnen we al die appels nemen die we geplukt hebben.

Weet je nog?

Hier, ga zitten. March, ga hier maar zitten.

Dadelijk krijg je het weer warm.

Oh, ik denk dat ik het nooit meer warm krijg. M'n handen zijn haast bevroren.

M'n voeten zijn net ijsklompen.

En jij hebt een recept voor vruchtenpastei gevonden.

Jij met je bakschaal en dienblad vol muffins overwint alle elementen.

Dat is geweldig, Jill. Echt schitterend.

Oh, March. Dat is gemeen. Zo ontzettend gemeen van je.

Naar de hel. Loop toch naar de hel.

Ellen, ik wil je iets vragen.

Hier, Euridice. Kun je weer even vooruit.

Ellen, ik wil met je trouwen.

Vanaf het eerste moment dat ik je zag, wist ik dat ik met je wilde trouwen.

Je... je praat onzin. - Dit gaat niet om verstand...

...maar om gevoel. Ik wil met je trouwen, Ellen.

Ik wil dat je mijn vrouw wordt. En het voelt goed.

Steeds als ik je zie, weet ik dat het goed is.

Je weet niet wat wat je zegt. - Jawel. Ik verlang naar je.

Alsjeblieft, hou op. - Luister naar me.

Zeg het.

Wat? - Dat je met me trouwt.

Dat kan ik niet. - Ja. Dat kun je wel. Dat weet je.

Je weet dat het goed is, Ellen. Dat weet jij ook. Zeg het, zeg het.

Nee, dat kan ik niet. - Zeg het.

Ellen...

...ik wil met je trouwen.

Je gelooft me toch?

Ellen...

...ik verlang naar je.

March, Paul, de thee is klaar.

March, ik dacht dat je misschien...

Ik dacht dat je misschien thee zou lusten.

Juffrouw March vertelde hoe jullie elkaar ontmoet hebben op school.

Ik zie heel slecht vanavond. - Echt waar, Jill?

Een stuiver voor je gedachten.

Wat een geldverspilling.

Oh, ik waag het erop. - Heb je wel eens moeten betalen?

Ja, soms kost het me 25 cent per week. - Je maakt een geintje.

Dat deden we als we niets te doen hadden.

Niets te doen?

Als we ons verveelden.

Soms kan het hier heel erg saai zijn.

Dat is jammer te horen. - Niet als je wat anders verwacht had.

Ik heb genoeg afleiding.

Daar ben ik blij om.

Wanneer moet je weer naar je schip? - Over drie dagen.

Dat zijn vossen.

Welpjes die moeten leren jagen.

Ik heb een hekel aan dat gejank. - Ze zijn zo snel.

Maar het gaat niet alleen om snelheid.

Je kunt niet het bos ingaan en tegen een hert zeggen...

...loop maar in m'n vizier.

Wanneer je uit jagen gaat, moet je je enorm concentreren.

Alsof je jezelf van binnen helemaal op moet laden.

Het gaat er niet om wat je doet...

...maar om wat je voelt.

Alsof jouw wilskracht sterker moet zijn dan die van dat hert...

...vanwege je innerlijke lading.

En dat bepaald het moment waarop je moet schieten.

Het hert probeert te ontsnappen maar is kansloos...

...want jouw wil is sterker.

En je merkt niet eens dat je het geweer aan je schouder zet...

...of dat je de trekker overhaalt.

Want jouw wilskracht leidt de kogel rechtstreeks naar zijn hart.

Jouw wil.

En de vos? - Ja?

Kun je hem ook met behulp van je wilskracht doden?

Tuurlijk, en jij kunt dat ook met jouw wil.

Nee, ik heb het geprobeerd. Ik wou wel maar kon niet op hem schieten.

Dan wou je hem dus ook niet doden. - Ja, ja, dat wou ik wel.

Maar met de kippen erbij is het anders.

Oh, March, hou op. Ik kan dit niet langer aanhoren.

Ik ga naar bed.

Heb je me niet gehoord? - Jawel.

Ga je mee? - Ja, Jill, ik kom er zo aan.

Goed. Maar maak het niet te laat.

Zorg jij dat het vuur uit is?

Wacht.

Je hebt me nog geen antwoord gegeven. - Wat?

Of je met me wilt trouwen. - Daar kan ik geen antwoord op geven.

Oh, jawel.

Ellen, Ellen, zeg dat je wilt.

Jill roept me, ik moet gaan.

Zeg je ja? - Alsjeblieft, Paul, alsjeblieft...

Zeg het dan. Dat je met me trouwt.

Laat me los. - Zeg het dan.

Zeg het. Zeg het. - Ja...

Zeg het. - Ja, ja, wat je wilt.

Beloof je het? - Ja, alles.

Maar laat me nu los. Alsjeblieft, laat me los.

Ja.

Het wordt tijd dat hij hier vertrekt.

Goedemorgen.

Je bent laat. Alles is al koud. - Dat geeft niet. Ik hoef alleen koffie.

Ik heb geslapen als een blok.

Echt waar? Nou, ik niet.

Weet u wat, juffrouw Banford?

Volgens mij zouden jullie twee aparte slaapkamers moeten hebben.

Je houdt elkaar uit de slaap en zo raak je ge�rriteerd.

Ik heb een idee.

Ellen en ik bouwen een extra kamer net naast de keuken.

Een wat?

Een extra kamer. Dat is nu het meest logische.

Zal ik het haar vertellen?

Waar heb je het eigenlijk over? - Ellen.

Wat moet je me vertellen? Waar heb je het over.

Ellen en ik gaan trouwen.

Maar dat is belachelijk! Gewoon absurd. - Nou, het is echt waar.

Ik geloof er niets van. March, hoe kun je zo stom zijn? Hij is een zwerver.

Die trouwen ook. - March, waar heeft ie het over?

Dat gaat u niks aan. - Het is aan mij te verhinderen...

...dat ze haar leven vergooit. - Dat beslist ze zelf.

Klopt, ik hoef aan niemand verantwoording af te leggen!

Daarom kunnen jullie beiden beter je mond houden.

Ellen, waarom vertel je haar niet...? - Ik wil het er nu niet over hebben.

Kalm, jongen. Rustig maar.

Kom, we gaan naar huis.

Nee, March, nee, ik zou nooit met hem in ��n huis kunnen wonen.

Ik wil niet eens in dezelfde kamer zijn. Dat overleef ik niet.

Het was sowieso stom van ons hem te laten blijven.

Het is maar voor een paar dagen.

Mijn God. Hij is zo doortrapt. Zie je dat dan niet in, March.

Het enige waar hij op uit is, dat is de boerderij.

Maar die krijgt ie niet. Net zo min als dat hij ons leven gaat bepalen.

Dat zal hij ook niet. - Maar dat denkt hij wel.

Zijn we daarom hier gaan wonen? Om door een zwerver uitgebuit te worden?

Als ie z'n zin niet krijgt, laat hij je stikken, March.

Ik zweer het je, hij laat je stikken. En hij blijft hier niet wonen. Nooit.

Dan zeggen we dat het niet kan. - Ik doe dat wel.

Ik zeg het wel, maak je niet ongerust. Hij is slecht en wil van je profiteren.

Oh, March, ik ben zo bang. Het spijt me. Ik ben echt bang. Wat gebeurt er toch.

Niemand zal je iets aandoen, Jill. Over een paar dagen is hij weer weg.

Ik voel me zo alleen, March.

Wat is er? - Ik heb de vos geschoten.

Wat? - Ik heb de vos geschoten!

Je liet ons bijna doodschrikken. - Echt waar? Sorry.

Ik had zo'n gevoel dat ie hier rondzwierf.

Is ie niet prachtig? Ellen, kom kijken. - Nee, niet nu. Morgenvroeg misschien.

Kom naar beneden, Ellen. - Nee, morgenvroeg, Paul.

Hij is prachtig. - Ben je blij dat ie dood is?

Ik denk het wel. - Ellen, overmorgen vertrek ik.

Ik ga naar m'n schip, monster af en haal m'n achterstallige loon.

Dan maken we plannen. En zodra ik terug ben, trouwen we.

Alsjeblieft, Paul. - Dat hadden we toch afgesproken.

Ik kan Jill niet zomaar verlaten. Ze is afhankelijk van me.

Het wordt hoog tijd dat Jill op haar eigen benen leert staan.

Wel, ik kan er nu niet over praten. - Wanneer dan?

Ga je met de trein?

Ja, de ochtendtrein.

Overmorgen? - Ja, overmorgen, dat klopt.

Wat zijn je plannen?

Plannen? - Ja, voor jezelf en voor March.

Wanneer gaan jullie trouwen?

Dat weten we nog niet precies.

Hoe bedoel je dat? Je gaat toch niet zomaar weg zonder iets af te spreken?

Ik denk dat we op korte termijn gaan trouwen.

Denk je dat?

Ja, dat leek mij het eenvoudigste. - Kijk, je hebt dus wel plannen gemaakt.

Ja, in zeker opzicht hebben we ook plannen gemaakt.

Ik wil dat namelijk graag weten, als het niet te veel gevraagd is...

...want zodra March weg gaat, moet ik op zoek naar een andere partner.

Kan ze dan niet hier blijven? - Nee.

Hier kan geen echtpaar wonen. Deze boerderij levert te weinig op.

Je kunt onmogelijk hier blijven wonen na de bruiloft. Dat is uitgesloten.

Ook goed, in dat geval gaan we terug naar Vermont.

Heb je dat gehoord, March? Wist je al dat jullie naar Vermont gingen?

Nee. Dat hoor ik voor het eerst.

Echt waar, Paul, zoiets had je March weleens mogen vertellen.

Per slot van rekening heeft zij daar recht op. March, wil je naar Vermont?

Geen idee. Ik moet erover nadenken. - Hoezo moet je erover nadenken?

Ok�. Ik wil je niet onder druk zetten.

March, weet je... ik kom hier niet uit, zou je me even kunnen helpen?

Niet nu, Jill. Ik ga naar bed.

H�, Jill, ik help je. - Ik kan het wel alleen.

Jill, doe niet zo bot. - Ik zei dat ik het wel alleen kan.

Ik voel dat ik toch maar tot last ben.

Nee, dat is niet waar.

Moet je hem daar zien staan, zo zelfvoldaan.

March, ik begrijp niet hoe jij je zo ontzettend goedkoop kunt gedragen.

Jezelf zo laten vernederen.

Hoor eens even, Jill, ik heb me helemaal niet laten vernederen.

Oh, nee, en hoe noem jij het dan wanneer iemand...

...je op die manier voor de gek houdt? Oh, March, wacht maar tot je ziet...

...hoe hij je behandelt als je hem eenmaal z'n gang laat gaan.

Eh... als je dat tenminste nog niet gedaan hebt.

Ik dacht dat je meer zelfrespect had, March. Dat dacht ik echt.

Ik snap niet hoe jij je zo kunt laten vernederen.

Ik laat me door niemand vernederen, ook niet door jou, Jill.

Oh, ja, het is altijd mijn schuld, h�.

Ok�, hou dan op. Morgen vertrekt ie. - Gelukkig maar.

Hoe eerder, hoe liever. Ik walg van hem. - Echt waar? Ik geloof er niets van.

March, wat bedoel je daarmee?

March, ik heb je iets gevraagd.

Paul...

...Paul, heb je even tijd voor me? Alsjeblieft.

Ik wil je iets vragen.

Je wilt toch naar Vermont? Dat is prima. Echt prima.

Maar regel eerst alles daarginds voor je met March trouwt.

Dat is het beste wat je kunt doen. Want anders hebben jullie...

...geen enkele plek om te wonen.

Ik weet dat het ego�stisch van me klinkt om zoiets te zeggen...

...omdat ik liever wil dat ze hier blijft.

Maar ik meen het.

Alsjeblieft, denk er nog eens heel goed over na, geef March iets meer tijd...

...en gun jezelf ook meer bedenktijd. Dat is het enige wat ik vraag.

U doet net alsof het iets zakelijks is.

Ik hou van haar. Dat is alles. En ik neem haar mee.

Zonder je te bekommeren wat er van haar worden zal?

Ik zie niet wat ze hier bij u heeft.

Luister, alsjeblieft.

Ik heb een beetje geld, het is niet veel. Maar als je haar met rust laat...

...kun je het krijgen.

Waarom bent u nooit getrouwd, juffrouw Banford?

U bent niet onaantrekkelijk. U ziet er leuk uit.

En hebt mooie benen. Desondanks...

...hebt u nog nooit een man gehad.

Dat is volgens mij uw probleem.

Dat is wat u echt wilt, of niet?

Daar verlangt u naar.

Ik ben uitgehongerd, wat eten we vanavond?

Nou, waarom zegt niemand iets. Het lijkt wel een begrafenis.

Wil je nog koffie? - Graag.

Jill? - Nee.

Wel, dan neem ik nog wat.

Met welke trein vertrek je morgen? - Die van 11.20 uur.

Ik vroeg me af of je... of je gelijk je spullen meeneemt?

Maak je geen zorgen, ik blijf niet. Ik kom alleen terug voor Ellen.

Hoe laat is het?

Eh... vijf over tien.

Ga je nog niet naar bed? - Ik wacht op jou.

Oh... ik blijf nog even op.

Ik ga even een frisse neus halen.

Heb je zin om mee te gaan? - Nu?

Kom.

March, je gaat toch zo laat op de avond niet meer naar buiten?

Waarom niet? - Vanwege die jurk?

March, je zult sterven van de kou. Doe niet zo idioot, March.

Geen nood, het valt wel mee. - Doe niet zo stom.

Ik ben zo terug. En de afwas doe ik straks wel.

Jill!

Laat haar maar. Ze zal er toch aan moeten wennen.

Paul, hoe kun je er zo zeker van zijn? - Dat ben ik gewoon.

Ik kan me geen leven voorstellen zonder jou.

We horen bij elkaar.

En stel dat het niet zo is? - Oh, jawel. Dat weet ik zeker.

Ik wou dat ik dat kon zeggen.

Het... het lijkt allemaal zo onwerkelijk voor me.

Weet je, alsof... alsof het iemand anders overkomt.

Kom ik onwerkelijk op je over?

Nee.

Niet als je bij me bent. - Ik ben nu ook bij je.

Ja, ja, dat ben je.

Maar toch heb ik... - Ben je bang?

Nee.

Wil je soms liever bij Jill blijven?

Nee, dat wil ik niet.

Je hebt het vast koud. Kom mee naar binnen. Dan maak ik de kachel aan.

Geef me je hand.

Wat is er?

Toe vertel. Wat zit je dwars?

Ik wil het, Paul. Ik verlang naar je.

Oh, Paul, Paul, alsjeblieft, Paul.

Instappen!

Een week, hooguit twee.

Paul... Paul, ik... - Ik heb je nodig.

Instappen!

Ik heb je nodig. Maak je niet ongerust, over een week ben ik weer terug.

Ik kom terug om je te halen. Ik zal er zijn.

Jill, doe niet zo, alsjeblieft. - Ga weg.

Jill, we moeten praten. - We hebben elkaar niets te zeggen.

Moet je jezelf eens zien. Wees toch verstandig. Je kunt zo niet doorgaan.

Je hebt al twee dagen niets gegeten.

Ik zal iets voor je klaarmaken. - Nee, ik...

Nee, alsjeblieft. Ik wil niets eten.

Moet je nou je haar eens zien, het zit helemaal in de war.

March, vertel me, alsjeblieft, is hij de ware voor jou?

Is hij dat echt?

Ik weet het niet, Jill.

Ik wou dat ik daar antwoord op kon geven.

Ik was zo gelukkig hier.

En op mijn manier voel ik me verantwoordelijk voor jou...

...in ons eigen wereldje.

Maar wanneer ik bij hem ben, wil ik hem aanraken.

En als hij me in zijn armen neemt, voel ik...

...een intens verlangen naar hem. Dan ben ik mezelf niet.

Maar als hij er niet is... Dan weet ik het niet meer.

Ik voel me zo verward.

March, je moet... je moet er wel zeker van zijn.

Maar wat heb ik hier dan, Jill? - Je kunt jezelf zijn.

Iets dat hij je nooit af kan nemen.

Jill, ik heb je nooit pijn willen doen. - Ik... ik...

Ik hou al zo lang van je.

Ik heb altijd van je gehouden. - Dat weet ik.

Liefste Paul, het spijt me, maar ik zie geen andere manier dan je te schrijven.

Ik heb talloze keren nagedacht, over ons beiden.

Ik besef nu dat het onmogelijk is. Ik weet dat ik niet van je hou.

En ik kan niet met je trouwen.

Ik weet wat liefde betekent, zelfs nu ik met Jill samenwoon.

Ik ken haar en als we samen zijn, dan herken ik ook mezelf.

We hebben een goed leven. En ook al zal het niet eeuwig duren...

...het betekent iets voor ons. Ik kan niet met je trouwen, Paul.

Het enige dat ik van je vraag, is me vergeven en hopen dat je me begrijpt.

Vergeef me alsjeblieft. Met oprechte groeten, Ellen.

Oh, March, zit niet zo te jagen. Hou toch op.

Oh, March, hij wankelt nog niet eens.

Kom op, het is ijskoud. Ik bevries bijna! Schiet nou op, Jill.

Hier dan! Oh, March, ok�, ok�, doe jij het maar als je het soms beter kunt.

Kom aan, jij bent nou eenmaal geen echte houthakker.

Valt ie echt niet op de schuur?

Nee. Ik denk dat ie het hek raakt. - Dat geeft niet, die repareren we wel.

Je bedoelt dat ik die kan repareren?

Wat ik allemaal niet voor jou moet doen. Ok�, daar gaat ie dan.

Vooruit. Ga aan de kant.

March, oh, March. Kijk.

Oh mijn God. Wat moeten we nu? - Maak je niet druk. Het komt wel goed.

Dus je gaat hem omhakken? - Ja, eindelijk.

We hadden je niet verwacht.

Wat jammer. Hij leeft namelijk nog. Oh, je bent al bezig geweest.

March, ben je soms je tong verloren?

Ja, klopt, elke keer een klein stukje, maar hij staat nog steeds overeind.

Zal ik hem voor je kappen? - Dat bespaart ons een hoop werk.

Jill is bang dat ie op de schuur valt.

Nee, dat denk ik niet.

Wacht.

Vooruit, naar binnen. Ga naar binnen.

Ok�, toe maar.

Ik zou aan de kant gaan.

Doe niet zo flauw, je ziet toch dat ie naar de andere kant helt.

Ja, maar hij zou kunnen draaien. - Doe niet zo mal.

U kunt beter aan de kant gaan.

Als je hem wilt kappen, ga gerust je gang.

Zoals u wilt.

Laat me los, laat me los, Jill!

Ze is dood.

Ongeveer 100 kippen, hoofdzakelijk Leghorns en Rhode Island Reds.

E�n koe, een paard met tuigage, vier buffganzen, 150 kilo veevoeder...

...een korenmolen, acht balen hooi en allerlei tuingereedschap.

Dan nu een lijst met huisraad.

Een grenen eetkamertafel, een staande kastklok...

...een leunstoel, een schommelstoel, twee fauteils en een Victoriaanse sofa.

Ik zag overigens, Mr. Grenfield, dat die nieuw bekleed is.

Dan hebben we zo'n beetje alles. Alleen nog de persoonlijke bezittingen.

Juffrouw March, oh, juffrouw March?

Ellen.

Hoe zit het met de kleren van juffrouw Banford?

Kleren?

Geef ze maar weg. - Die gaan dan naar een goed doel.

Als u nog mee wilt naar het station, moeten we ons haasten.

De wegen zijn glibberig, ik zal voorzichtig moeten rijden.

Ellen.

Kom je.

Er moeten nieuwe dakspanen op. - Ja.

Je komt er wel overheen. Ik weet zeker dat je gelukkig zult worden.

Zal ik dat?

Vertaling & Ondertitels: Gigi-59

Can't find what you're looking for?
Get subtitles in any language from opensubtitles.com, and translate them here.