Afrikaans
Akan
Albanian
Amharic
Arabic
Armenian
Azerbaijani
Basque
Belarusian
Bemba
Bengali
Bihari
Bosnian
Breton
Bulgarian
Cambodian
Catalan
Cebuano
Cherokee
Chichewa
Chinese (Simplified)
Chinese (Traditional)
Corsican
Croatian
Czech
Danish
Dutch
Esperanto
Estonian
Ewe
Faroese
Filipino
Finnish
Frisian
Ga
Galician
Georgian
German
Greek
Guarani
Gujarati
Haitian Creole
Hausa
Hawaiian
Hebrew
Hindi
Hmong
Hungarian
Icelandic
Igbo
Indonesian
Interlingua
Irish
Japanese
Javanese
Kannada
Kazakh
Kinyarwanda
Kirundi
Kongo
Korean
Krio (Sierra Leone)
Kurdish
Kurdish (Soranî)
Kyrgyz
Laothian
Latin
Latvian
Lingala
Lithuanian
Lozi
Luganda
Luo
Luxembourgish
Macedonian
Malagasy
Malay
Malayalam
Maltese
Maori
Marathi
Mauritian Creole
Moldavian
Mongolian
Myanmar (Burmese)
Montenegrin
Nepali
Nigerian Pidgin
Northern Sotho
Norwegian
Norwegian (Nynorsk)
Occitan
Oriya
Oromo
Pashto
Persian
Polish
Portuguese (Brazil)
Punjabi
Quechua
Romanian
Romansh
Runyakitara
Russian
Samoan
Scots Gaelic
Serbian
Serbo-Croatian
Sesotho
Setswana
Seychellois Creole
Shona
Sindhi
Sinhalese
Slovak
Slovenian
Somali
Spanish (Latin American)
Sundanese
Swahili
Swedish
Tajik
Tamil
Tatar
Telugu
Thai
Tigrinya
Tonga
Tshiluba
Tumbuka
Turkish
Turkmen
Twi
Uighur
Ukrainian
Urdu
Uzbek
Vietnamese
Welsh
Wolof
Xhosa
Yiddish
Yoruba
Zulu
Vertaling: slootje
Neem je troep mee. Je moest hem verzorgen, niet bij hem logeren.
Ik heb een probleempje.
Je misbruikt ons vertrouwen.
Hij heeft vijf kamers en slaapt in zijn stoel.
Neem deze ook mee, walgelijk. -Pas op dat beestje.
Schatje, gaat het? -Je hoort nog van ons.
Wat? -Ik zei: hij hoort nog van ons.
'T is niet waar.
ALARM MME. SAGET
Verdorie, dit is klote.
Ik kom eraan.
Mevrouw, seniorenservice. Lekker, dit.
Het gaat niet, ik kom eraan. Ah, shit.
LATEN WE GAAN
Een zakje erwten is ook goed.
Het spijt me, ik heb alleen dit.
Alles goed? -Niet echt, nee.
Ik heb zo een belangrijke doktersafspraak.
Mijn zoon zou me ophalen. Ik weet niet waar hij is.
Niet erg, ik breng u. -Het lukt wel.
Echt, waar is het?
Luister, Rudy, toch?
Ja? -Ik ben Rudy.
Maar Rudy ik zeg: nee, bedankt. Ik moet met mijn zoon gaan.
Geen probleem.
16.000? -Ja.
Euro? -Wat anders?
Dat lijkt me te veel.
We maken zelden fouten over rood staan.
Het is maar een klein tekort.
Met het geld voor mijn app is het zo opgelost.
Het is maar tijdelijk. -U staat al drie jaar tijdelijk rood.
Uw telefoon is erg storend. -Pardon,
Het is mijn moeder. -Er moet snel een oplossing komen.
Wat vindt u snel?
Ik wil u niet verontrusten, maar...
met drie leningen en tien aflossingen...
volgt binnen twee weken in beslagname door de deurwaarder.
Uw ex-vrouw heeft nog steeds een rekening bij ons.
Kan zij u niet helpen?
Ze woont in Brazilië en is moeilijk te bereiken.
We kunnen een mail sturen. -Nee, echt niet.
Ik ga het alleen oplossen. Echt, dat beloof ik.
Wat is die 1.000 euro? -Afblijven...
Van uw dochter. Die doet er niet toe.
Kijk...
Nee, M. Saget... -Ze is 15 jaar.
Wat moet ze met dat geld?
Ze gaat geen 1.000 euro snoep kopen.
Hallo, gaatjes...
Eind van de maand is het geregeld. -Tien dagen.
Kom op, 15 dagen. -Tien dagen.
Kom op, 10 dagen.
Ik weet niet wat hij doet.
Bedankt. -Dit is wel het minste.
Sta je ook op de vlooienmarkt? -Hoezo.
Daar...
Ik ga met mijn vriendin naar een groter huis. We hebben iets tofs gevonden.
Boulevard weet-ik-veel. En dus moeten we inruimen.
Hallo? -Met Mercier.
Hoe is het? Met mij prima. -Dubac heeft me net gebeld.
Dat is een groot misverstand. -Ongelofelijk,
een hulpverlener die het huis van een cliënt kraakt.
Hij wilde dat ik bleef. -Ik wil het niet horen.
Leg het maar uit aan de Tuchtraad. Tot dan ben je geschorst.
Is dat duidelijk? -Ja.
En breng de auto terug. -Goed.
Krijg de klote.
Wat een lastige vriendin.
De volgende links. Daar, tegenover de apotheek.
Ik heb al veel over u gehoord.
Ze heeft goed nagedacht voor ze u dit wil vertellen.
Maar er is een klein... -Luister naar wat de dame te zeggen heeft.
Dit is vaak het moeilijkst. Dierbaren inlichten.
Marie heeft een lange weg afgelegd om deze stap te zetten.
Hoe voelt u zich erbij? -Waarbij?
Hij voelt zich goed, denk ik. -Haar steunen...
bij deze keuze is het mooiste cadeau voor mama.
Ik wilde samen controleren of alles goed ingevuld is.
De geplande datum is nog hetzelfde?
Nou, dat ziet er goed uit.
Ik zie dat uw zoon het ingevuld heeft. Alleen een handtekening daar.
Daar.
Prima, dan is alles in orde.
VERENIGING WAARDIG STERVEN
Je moet daar tekenen,
zei de dame.
Hij heeft echt uw ogen.
Mevrouw, wat is dit? Wat heb ik getekend?
Ik ga niet de cel voor u in. -Welnee, het is niets.
Ik ga zeggen dat ik niet uw zoon ben.
Wacht, alstublieft...
Ga zitten.
Bedankt.
Acht jaar geleden kreeg ik borstkanker.
Ik ben geopereerd, een borst eraf.
De bestraling en chemo waren voorbij.
Maar zes maanden geleden is de kanker teruggekeerd.
Maar nu zit het overal.
Van de behandelingen destijds...
werd ik ziek als een hond.
Toen ze dat opnieuw voorstelden...
vroeg ik de dokter: gaat dit werken?
Hij maakte me vriendelijk duidelijk dat er weinig hoop was.
Ik zei tegen mezelf: Marie, je kan twee dingen doen.
Ofwel je wacht tot het erger wordt met...
pijn, verlies van autonomie, dat alles,
en je eindigt als een oude courgette.
Ofwel je besluit zelf wanneer het stopt...
en je eindigt als een mooie appel.
Ik weet dat je werk is om mensen zoals ik te helpen om zo lang mogelijk te leven,
maar...
ik heb er genoeg van.
Wanneer wilt u het doen? -Volgende week.
Volgende week? -In Zwitserland.
En uw familie is nog niet op de hoogte?
Hoe kan ik u bedanken dat u me gebracht hebt?
De kamer van mijn zoon.
Hoe oud is uw zoon? -Hij is nu groot.
Het is echt maar voor een paar nachten.
En als dat van mijn werk tussen ons kan blijven...
Begrepen.
En ik zou graag willen dat de rat in de kooi blijft.
Maar hij is lief. -Dan is hij lief in zijn kooi.
Doe alsof u thuis bent. Ik ga aardappels schillen.
Wanneer gaat u het uw zoon vertellen?
En dat is het.
Sorry, ma. Ik werd bij de bank opgehouden. Wat kon ik doen?
Het me even laten weten. -Ja, sorry.
Ik heb goed nieuws. Ze willen heel graag mijn app financieren.
Mooi. -Ja.
Het enige is dat je eerst een beetje moet investeren. Dat moet ik doen.
Vertelt Rudy wat je rap is. -Mijn app.
Mijn app. Het is een juridische toepassing.
Je wilt bijvoorbeeld morgen trouwen. Je downloadt de app.
Hop, het huwelijkscontract aangepast aan uw situatie in geval van scheiding.
Hij is gepromoveerd tot teamleider bij de supermarkt.
Dat was de voedselindustrie, tijdelijk.
Muhammad Ali was eerst pizzabezorger.
Is er geen mosterd? -Ja, in de keuken.
Ik ga weg. -Ik moet trouwens met je praten.
Ik ga naar Zwitserland. -Ik ga.
Laat me niet in de steek.
Wat ga je in Zwitserland doen? -Jij bent het.
Kon je niet bellen? -Sinds wanneer moet dat?
Ik ben Rudy. Ik ben...
Je oma wil naar Zwitserland. -Echt?
Wat ga je daar doen? -Dat vroeg ik nou juist.
Wat ga je in Zwitserland doen, mama?
Oma? -Mama?
Wat heeft ze? -Geen idee.
Papa, doe iets. Geef haar water.
Heeft ze een delier? -Mevrouw, knipper met uw ogen. Ja, goed.
We worden rijk.
Ik kreeg een bericht van een notaris in Zwitserland.
Deze middag.
Het ging over opa Jean. Iets over een erfenis.
We moeten blijkbaar iets tekenen om het geld te krijgen.
Maar opa Jean is al lang dood.
Hij was vrachtwagenchauffeur en niet rijk. -Echt waar.
Rudy was erbij.
Maar dat is raar.
Hoeveel is het? -Dat kon hij niet zeggen.
Iemand nog aardappels? -Het is super nieuws.
Kunnen ze de papieren niet opsturen? -Je moet erheen.
Mag ik mee? -Nee, schat.
Waarom niet? Ik heb vakantie.
We kopen hiervoor geen drie treinkaartjes.
Dit is voor volwassenen. -Met papa?
Zo kan het wel weer. -Is de trein te duur? Ga met de camper.
Dat wilde oma altijd nog een keer. -Onzin, de camper.
Het is erg ver. -Ze heeft gelijk. Wat een goed idee.
We zijn gezellig samen.
Op mijn leeftijd kan je beter niet met de trein gaan.
Onzin, je bent de machinist niet.
Als je niet met de trein wilt, ga ik wel alleen. Goed, geregeld.
Ik mag niet rijden, te veel punten. -Je bent gewoon bang.
Hoezo? -Daarom reed mama altijd.
Anna, ik ben het beu.
Nou, Rudy kan rijden.
Ja, wat een goed idee.
Maar ik andere dingen te doen. -Dat heb je niet gezegd.
Eén afspraak, ja, maar naar Zwitserland om zelfmoord te plegen, nee.
Als mijn baas dit hoort, krijg ik de zak. -Precies.
Of je brengt me naar Zürich,
of ik bel je baas en zeg dat je bij mij wil logeren.
Maar dat is chantage.
In feite is het chantage. Zo wordt dat genoemd.
Oké, goed. -Ik heb erover nagedacht.
De camper is goed op één voorwaarde. We gaan morgen.
Dat is fantastisch. Dank je, mijn schat.
Dit is super gaaf.
Ik neem het bovenste bed. -Ja, goed.
Goed, Marie, je moet vandaag met ze praten, hè?
Ik praat vanmorgen met ze.
Wil je langzaam rijden?
Dat ik voldoende tijd heb om me voor te bereiden.
Nou, geef maar. -Bedankt.
Ja, deze morgen, hè?
Hup... -Wat is er?
Gaat het, ma? Hulp nodig? -Het gaat wel, mijn jongen.
Wat is dat? -Het is nagelkunst.
Wat? -Nagelkunst.
Papa, heb je de Pepitos meegenomen? -Shit, vergeten.
Hoe kan dat nou? Je was in de supermarkt. -Ja, maar...
Sinds ik aan de app werk, vergeet ik van alles.
Niet doen, maak je vader niet belachelijk.
Het is de puberteit. -Dat gaat dan lang duren.
Wat is dat? -Ik rij, wat is er?
Dat. -Mijn rat.
Doe weg, dat is vies. -Het is geen ziekte.
Hij moest in de kooi. -Geen zorgen, hij is lief.
Geef me de kooi dan, schreeuwlelijk.
Hij gaat springen... -Hij is geen kangoeroe. Ik hou van je.
Zo, tevreden?
We zijn al drie jaar samen, dus nu ook.
Ooit was ik bij de dierenarts.
Maar ik mocht niet bij hem slapen.
Bij Leon bedoel ik, niet de dierenarts.
Heb jij dieren? -Nee.
Nee? Ben je allergisch?
Ik ben heel erg allergisch. Zelfs voor ratten.
Maar hoe zit het dan bij Lennon?
Waarom geen rode ogen of dikke keel? Bij Leon ben ik niet allergisch.
Hij beschermt me, kent mijn fouten. Hij is een rattenengel.
Nee, Rudy, ik ga je onderbreken. Pardon, maar...
erg aardig dat je wilt rijden, maar ik wil rust.
Kom op, muziek.
Ik zeg net dat ik rustig wil lezen.
Maar oma vindt het leuk.
Boven oude vulkanen...
glijden vleugels op een tapijt van wind.
Voor altijd reizen... -Oma, kijk papa?
Hij danst niet in het ritme.
Van wolken tot moerassen... -Zo? Ja, ja...
Van wind in Spanje tot regen in Ecuador...
Zo dans ik niet. Echt niet... -Ik oordeel niet.
Dansen op grote hoogten... -Ga zitten. Anna, het is gevaarlijk.
Welnee. -Het is gevaarlijk.
Volgende stop: opa Jean.
Te gek, ik ben nooit meer geweest. -Hoe bedoel je, opa Jean?
Ik wil graag je vader zien.
Nu?
Maar dat hebben we niet afgesproken. -Maar papa,
opa geeft ons geld, dan moeten we hem toch bedanken?
Wat is dat?
CONCESSIE VERLOPEN. -Nou, dat is...
Is het wel hier?
Was het niet meer bij die grote eik?
Helemaal niet, het is hier. Altijd al.
Is het daarna misschien herschikt? -Is hij wel dood?
Dat is niet om te lachen. -Is er iets?
Geen grappen meer. -Ja, wat betekent dit?
Jij bent een grap. -Dat bordje.
Dat de concessie verlopen is. We geven de plek vrij.
Hoezo vrijgeven? Waar is mijn man dan?
Op de algemene begraafplaats Bij de niet opgeëiste lichamen.
Het spijt me, dat is de procedure.
Ik begrijp het niet.
Dat zou jij toch doen? -Ja zeker.
Heb je je vaders grafrecht verlengd? -Natuurlijk heb ik het verlengd.
Ja, toch, Anna? -Ik ben maar 15.
Ik praat tegen jou.
Heb je het geregeld of niet? -Natuurlijk.
Lieg niet tegen me.
Ik dacht van wel. Of ik...
Ik dacht dat ik het gedaan had. -Gaat het?
Dit is erg. -Ik dacht dat... En...
Mama?
Mama...
Het wordt een lange reis.
Mama, het spijt me heel erg.
Ik los het op. We kopen een mooi graf. -Het graf is het probleem niet.
Ik heb je één ding gevraagd om me te helpen, slechts één ding.
Met alle papieren, om die uit te zoeken. Dat lukt je niet eens. Wat is je probleem?
Ben je soms blut?
Slechts een organisatorisch probleempje.
Dit meen je niet, er is geen deur.
Nooit geweest. -Ga maar, we kijken niet.
Ik ga hier niet naar de WC. -Oké, pauze.
Hoezo pauze? -We stoppen even.
Normaal om de twee uur. -Maximaal.
We rijden net tien minuten. -Dan kan je naar de WC, lieverd.
Niet langer dan vijf minuten.
Je bent verdrietig, humeurig. Iedereen kan de pot op. Geen paniek.
Ik heb veel tips om je eerste menstruatie te trotseren.
Advies één: zoek iemand die je vertrouwt.
Je moeder bijvoorbeeld. Ze is een vrouw, kent het en kan adviseren.
Fase twee: de kruik.
Door de warmte kan je de pijn verdragen.
Wat een gedoe.
Marie, wat is je plan? Wanneer ga je het vertellen?
Ik zoek het juiste moment.
Je ziet toch dat ze er niet klaar voor zijn.
Bent u ongesteld?
Wat?
Hoe wil je betalen? -Met een kaart.
Daar.
Hij doet het niet.
Hallo, Camille, met Bruno. Ja, het is vroeg in Rio, maar...
ik bel alleen om te zeggen dat ik de bank snel kan betalen.
Ik ga een grote slag slaan. We zijn op weg naar Zwitserse investeerders.
Het klinkt erg goed.
Ik heb gezegd dat de bank jou niet mocht betrekken.
Daar is Anna. Wil je je moeder even?
Je krijgt kusjes. Tot later.
Mijn pasje werkt niet. -Hoezo?
Geen idee, ik heb geld.
Ik heb het twee keer geprobeerd. Irritant. -Ongelooflijk, banken.
Verdomme, banken.
Ze doen wat ze willen.
Heb je tien euro? -Waarom?
Om iets te kopen. -Wat dan?
Geen troep, hè? Let beter op je geld.
Dat kan jij zo goed, hè. -Wat wil je kopen?
Niets... -Tien euro om niets te kopen?
Je bent super irritant.
Rustig aan, hè?
Ze hebben een communicatieprobleem. -En daar ben jij zo goed in, hè?
Hoelang is het nog naar Zürich? -Zes, zeven uur?
Wat doen jullie? Kom, we gaan. -Ja, we gaan.
Doe je best, maar...
neem de tijd.
Het reed goed door. Waarom ga je zo?
's Middags is er file. Dan lopen we vertraging op.
Er zijn geen files en we zijn al later.
Er zijn geen goede wegen. -Er zijn er meer.
Deze.
Hij doet het niet.
Had je je pa niet beloofd om die te maken? -Ja, ga ik doen.
Nu hoeft het niet meer, hij ligt op het kerkhof.
Hoe heet die notaris, dan google ik hem.
Ik weet het niet meer precies.
Ik heb het ergens opgeschreven. -In je tas?
Ja, het is Debetrois.
Wat? -Meester Debetrois.
Er bestaat geen Debetrois.
Dat begint goed.
Wat is er? -Nou, ik zie niet goed.
Hoezo? -Het wordt donker.
Donker?
Het is 18.00 uur en het is juli.
Ik merk het. Ik rij 's nachts niet. -Het is geen nacht.
Kijk, de maan, daar.
Dat is de zon. -In de zomer is dat de maan.
Geen risico's nemen.
Als hij 's nachts niet wil rijden, rijden we 's nachts niet.
Het is helemaal geen nacht.
De trein was sneller geweest. Dan zaten we al bij de notaris.
Hou nu op met klagen, Bruno.
Hoelang geleden zijn we samen met vakantie geweest?
We zitten hier goed.
Je dochter is blij om bij je te zijn.
Geweldig, familie Zwerver.
Bedankt, Rudy. -Graag gedaan.
Wat is dit? -Pizza.
Allemaal ananas? -Ja, hoofd- en nagerecht.
Maar is het ook niet vies? -Je overdrijft.
Zo vies is het vast niet. -Het is dat ik honger heb.
Kom je eten? -Hij kan me niet eens tien piek geven.
Waarom wisten we niet eerder van dit geld? -Staar je daar nou niet zo blind op.
Zo meteen staat er bijna niets op die rekening.
Hoeveel heb je nodig voor je ding? -Weet ik niet, 16.000 euro.
16.000 euro? Dat is heel veel.
Wanneer heb je het nodig? -Binnen tien dagen, dus geen haast.
Kijk wat ik gevonden heb. -Je hebt mijn vest aan.
Hadden we dat nog? -Mooie doos, wat is het?
Hoezo? Het is Monopoly. Ken je Monopoly niet?
Het is een spel met pionnetjes. Zoiets.
Hij kent Monopoly niet.
We zullen het laten zien. Anna, jij bent de bank.
Waarom ben ik de bank niet? -Ik zei zomaar Anna.
Normaal ben ik de bank. -O ja?
Doe niet zo kinderachtig. -De vader is de bank.
Kan een vrouw geen bank zijn? -Dat zei ik niet. Ben je feministe?
Boeien... -Praat niet zo tegen me.
Ook je toon is super onvolwassen. -Ik, onvolwassen?
Hou daarmee op, verdorie, stop ermee.
Verdorie, onvolwassen. Ik zal laten zien wat onvolwassen is, verdorie.
Verdorie, krijg de kolere, klote.
Jullie willen niet gezellig samen zijn.
Jullie zoeken altijd ruzie.
Hij begint altijd. -Hij, jij, hij.
Ik word er moe van.
Eet niemand de korsten? Ik hou van alles.
Wil je vragen of Rudy me komt helpen, alsjeblieft?
Rudy, oma roept je.
Wil je even op Leon letten? -Zet hem gewoon in zijn kooi.
Je sluit geen mensen op. -De rat, niet oma.
Ze moet een luchtje scheppen.
Vraag het mijn vader. Ik ben bezig.
Volgens mij houdt je vader niet zo van dieren.
Ga met hem praten. Grote baby's kunnen lang mokken.
Hou 'm goed vast, het is een boefje.
Niet met je schoenen aan slapen, Marie.
Daarom heb ik je nodig. Ik kan niet bij de veters.
Je moet slippers dragen.
Is het wat, Muhammad Ali?
Hij zegt dat om gelukkig te zijn je je kinderen weg moet doen.
Ben je gespannen vanwege 14 juli? -Ik ben niet gespannen.
Je moet er wat aan doen. Anders wordt het zwaar.
Je bent 48 jaar. Je bent je vader verloren door een vuurwerkongeluk op 14 juli.
Sindsdien flip je bij ieder geknetter.
Ben je ook bang voor je eigen scheten?
Misschien komt het nog goed met je werk.
Ik denk het niet.
Alles wat ik aanraak wordt een puinzooi.
Ik logeer bij oudjes, vergeet medicijnen, verwar patiënten.
Wonderwel heb ik nog niemand vermoord.
Sinds we vertrokken zijn,
doe je het erg goed. -Ja, maar...
bij jou is het niet hetzelfde, Omdat jij wilt...
Sterven. -Ja, dat is het.
Je mag het wel zeggen.
Ik zeg nu tegen mezelf: als er iets mis gaat,
is het niet heel erg.
Ik denk dat je jezelf onderschat, Rudy.
Je ouders zijn vast heel trots op je.
Verzorger zijn in een artsenfamilie is als dik zijn in een sportersfamilie.
Kijk of je oma er aankomt. -Meen je dat? Hoe oud ben jij?
De leeftijd om rijk te worden. -We weten niet hoeveel het is.
Veel, als het uit Zwitserland komt en ze het niet door de telefoon willen zeggen.
Geloof me, ik heb daar een neus voor.
Voor dingen die geld opbrengen? -Precies.
Je hebt vaak een verstopte neus, hé?
Oh, papa, dat stinkt, echt. Walgelijk.
Nee, hou op.
Marie, mag ik iets...
grofs zeggen?
Ga je gang.
Je moet wat meer ballen tonen.
Ik begrijp het niet. -Ik bedoel: je moet met je gezin praten.
Ik weet het.
Morgenochtend praat ik met ze.
Morgenochtend is prima.
Maar doe het.
Is dat een goed boek? -Lezen lukt niet meer, ook niet met bril.
Mijn bril is stuk. -Zal ik het voorlezen?
Wil je dat? Oh, wat lief.
Onder de maskers.
Onbekende handen grijpen me vast.
Gezichtsloze monden fluisteren in mijn oor.
Op mijn meest intieme plekken.
Een avontuur begint. Mijn ogen knipperen. De lichamen golven om me heen.
Jeetje, dit is nogal wat.
Welterusten, iedereen.
Heb jij die luiers echt niet gebruikt?
Zij heeft ze gepakt. -Ik weet niets van meisjes.
Dat moet haar moeder uitleggen. -Die drinkt caipirinha in Brazilië.
Op dit moment ben jij haar moeder.
Praat met haar en koop maandverband.
En als ze met een jongen wil vrijen, koop je condooms.
Alsjeblieft, mam, één ding tegelijk.
Daar zit wat in. -Ik droom, die kerel is gek.
Is er een app die berekent hoeveel we per dag plassen?
Met mijn app kan je de wet vinden die urineren in het openbaar verbiedt.
Ik begrijp het.
Niet slecht.
Mama, wil jij met haar praten?
Het is beter als zij het van jou hoort. Ik kan het niet.
Luister, Bruno, het is jouw dochter. Het is moeilijk, maar je kan het.
Nou, sterkte.
Ik heb gezegd wat ik moest zeggen. Kom op...
Heeft ze je het verteld?
Wist jij het?
Goh, wat een opluchting dat ze het verteld heeft.
Ah, ja, dat zal wel.
Er valt echt een grote last van mijn schouders.
En sorry dat ik niets gezegd heb, maar zij wilde...
dit zelf tegen je zeggen.
Geef je mij niet de schuld?
Ik heb wat tijd nodig om het te verwerken.
Dat is normaal.
In ieder geval super cool hoe je het opneemt.
Hebben jullie Lennon gezien? Hij is niet in zijn kooi.
Hoezo niet in zijn kooi? -Hij is weg.
Waarom zit hij niet in zijn kooi?
Wat is er met de kooi? Die kan hij niet zelf openmaken.
Ik heb 'm niet aangeraakt. Ik weet niet wat er gebeurd is.
Wilde je met de rat spelen? Hij is klein. -Ik heb niets gedaan en weet van niets.
Luister, Rudy, het is een rat. Die vinden we nooit meer.
Ratten hebben negen levens. -Nee, dat zijn katten.
Ratten ook.
In het leven moet je soms loslaten om verder te kunnen.
Ik doe belachelijk vergeleken met wat jij ervaart.
Hoezo?
Wat je moeder verteld heeft.
Goed om de juiste woorden voor je dochter te zoeken.
Ja, welke woorden?
Dat het een ervaring is waar ze sterker uitkomt, dat we dit allemaal meemaken.
Maar geen enge dingen over zelfmoord.
Het is geen zelfmoord niet waard. -Dat zou ik nooit zeggen.
Maar je begrijpt wat ik bedoel.
Je moet positief blijven.
Zo is het leven. Het is een cirkel.
Je bent sterk.
O ja?
Ik weet zeker dat ik zijn kooi dicht gedaan heb.
Trouwens, ik heb je pillen niet gepakt. -Daar zorgt Rudy voor.
Maar heb je ze vandaag genomen? -Kijk,
ik neem ze, dokter.
Alstublieft, mevrouw. -Bedankt.
En hop.
Doorgeslikt.
Gaat het, oma?
Bruno, kom je?
Hé, Rudy? -Wat is er?
Ik heb 'm gevonden. -Echt waar?
Waar zat je, kleine schurk, kleine deugniet?
Waar zat je? Waar was hij?
Hij hield siësta in die struik. -Waarom is hij kleiner?
Dat is normaal. Bij sterke emoties trekt hij samen.
Je kent ratten goed. -Ik heb wat documentaires gezien.
Ik ben blij. Kom, we gaan.
Kijk wie we hebben gevonden.
Nou, ze zijn er niet.
Zijn ze er niet? -Ze zijn er niet.
Ik heb Lennon gevonden.
Wat doe je daar? We gaan. -Oma had het heet.
Gaat het, mam? -Ja, het gaat wel.
Zullen we Monopoly spelen?
Er zijn geen dobbelstenen meer. -Kom op...
Weet je wat we met het geld gaan doen? -Dobbelstenen kopen?
Toch wel.
Maar we gaan nog meer doen.
We gaan samen op vakantie.
Een cruise op een hele grote boot van rijke mensen.
Er is karaoke, schaatsen, restaurant, disco...
Zoals op de Titanic. -Geweldig.
Met papa in de rol van DiCaprio.
Wat doet Rudy nou?
Ik wilde hem uit zijn kooi halen, maar hij deed heel agressief.
Ik heb 'm nog nooit zo gezien.
Gaat het, Rudy?
Gezondheid.
Ik kan niet eens zwemmen.
Wacht, blijf hier.
Wat doet hij daar?
Hij is gek.
Lekker, hè?
Geweldig. Het is heerlijk.
Zullen we walsen?
Dat kan niet. -Geen wals?
Dat is het goede leven.
Het is een fijne vakantie.
Wat ik je wilde zeggen...
Iedereen maakt dit mee.
Wat?
Het is een ervaring,
waar je sterker uitkomt.
Waar heb je het over?
Ik moet even naar ze toe.
Niet te lang, hè.
Je moet komen zwemmen, Bruno. -Kom deze dame vasthouden.
Kom op.
Anna, kom jij ook? -Nee, dank je.
Waarom niet? -Ik heb geen zin.
Lekker, hè?
Heb je haar? -Ja.
Niet doen, nee...
Waarom luister je niet, niet te geloven.
Ik ben ongesteld. Daarom wilde ik niet. Ben je nu blij?
Luisteren jullie niet of zo?
Anna, het spijt me.
Ik haat je, Je doet alles wat zij zeggen. -Anna, kom hier.
Hij probeerde grappig te zijn. -Heel leuk.
Daar zijn we weer. We hebben verschillende merken gekocht.
Citroen, limoen,
appel. -Bedankt, de jongens.
Zeg het...
Van de dame van de drogist moet je de kleine sticker eraf halen.
Daarna leg je... -Het is goed.
Als je iets nodig hebt... -Het is goed, zei ik.
Daarom is ze bij mij in een slecht humeur. -Nee, je bent irritant.
Ik ken er nog één.
Ik heb honger.
Zo... -Bedankt, Rudy.
Ik dacht dat we haast hadden. -Het lot leidt ons naar deze bowling.
Die kans moet je grijpen.
Klaar? Veters goed vastgemaakt?
Rudy, ik leg de regels uit. -Je rolt de bal.
Het is iets ingewikkelder. Meneer?
Ze zitten niet goed. -Alweer?
Hebt u maat 45? -Het is wel goed, je koopt geen huis.
Schoenen zijn 90% van de worp. Net als boksen.
Muhammad Ali koos per gevecht.
45. -Weet je wat ik doe?
Ik neem 44 links en 45 rechts.
Dan moet u twee keer huur betalen.
Echt? -Het is twee paar.
Laat dan maar.
Goed...
We gaan beginnen.
Verdorie...
Makkelijk, hé?
Heb jij weleens op kunststof gespeeld? Het is geen hout.
Goed.
Jouw beurt, Rudy. -Ik schaam me rot voor je.
Hup, Rudy...
Goed gedaan, schat. -Mama, jouw beurt.
Geef me een hand.
Dit is niet voor mijn leeftijd.
Ze heeft nog wel de kracht.
Minder dan vroeger, maar ja.
Heeft ze haar pillen vandaag genomen? -Geen idee. Ze wil het zelf doen.
Mag ik de sleutel van de camper? -Waarom?
Om haar pillen te pakken.
Hier. -Bedankt.
Wie is de beste? -Jij, hè?
Waar is Anna? -Marie's pillen halen.
Heeft ze het gemist? Als ik win, ziet ze het niet.
Echt goed, hoor. Je hebt één keer gewonnen.
Gaat het, mama?
Ja, mijn jongen, het gaat prima.
Ik zal het uitleggen.
Weet hij het?
Nee.
Ik wilde 't hem zeggen.
Ik wachtte op het juiste moment.
Het is dom, er is geen goed moment.
Je vader die niets aankan en jij...
Ik wilde je beschermen.
Begrijp je dat?
Jouw beurt, we kunnen niet verder.
Weet hij het wel?
Je vertelt ons niets en hij weet het? -Dat is anders, dat ben jij niet...
Ga snel Bruno halen.
Waarom rent ze zo zonder reden weg?
Haar vriendje heeft het uitgemaakt.
Sinds wanneer heeft ze een vriendje? -Ik word jullie zat.
Jij kijkt naar rechts, jij naar links, maar we richten ons op Anna, oké?
Is zij dat daar niet?
Dat is zij.
Kom op, kom op, sneller...
Wie is dat?
Waarom deed je dat?
Ik weet dat je verdrietig bent, maar het komt goed.
Heeft ze het verteld? -Maar, ja.
Het komt goed. Hij weet niet wat hij mist. Iedereen wordt een keer gedumpt.
Toen je moeder wegging, was ik erg ongelukkig. Maar nu gaat het beter.
Hebt u hulp nodig? Bent u moe?
Wilt u niet komen zitten? -Het gaat wel, we willen niet storen.
Bedankt, graag.
Geef haar een stoel. -Kom maar mee.
Heel erg bedankt. -Je gaat toch niet zo met haar weg?
Zet je camper daar verderop en kom met ons mee-eten.
Wat aardig, maar we hebben haast. Het zou leuk zijn...
Jij, kom met me mee.
Ik? -Ja, jij.
Kom me helpen met de barbecue.
Ik kan niet goed barbecueën... -Nee, Bruno, blijf hier, zeg ik je.
Ik kom. -Bruno, wat doe je?
Hallo...
Wat is de bedoeling?
Sorry, het is een klein misverstand. -Een klein misverstand?
Een groot misverstand. Wat doe je hier?
Ik dacht dat je het je zoon verteld had. Ik heb je gedekt, maar ben het beu.
Dus ik pak mijn spullen en vertrek, oké? Jullie rijden zelf maar.
Wat betreft de chantage en mijn werk: dat kan me geen moer schelen.
Hoeveel betaalt ze je? Voor de reis en om te zwijgen?
Niets.
Ze wilde gewoon met vakantie. -Vakantie?
Noem je dit vakantie?
De één verzwijgt alles, de ander is ongesteld en de derde weet van niets.
En dat in een stinkende camper, noem je dat vakantie?
Klopt, het is de mooiste vakantie van mijn leven.
Maar als het moeilijk wordt, knijp je er tussenuit.
Maar bedankt voor je hulp.
Voor wie is dit feest?
Voor mijn tante, Janine.
Waar is ze?
Ze is daarboven.
Ze stierf vorige week en morgen gaan we haar caravan verbranden.
Let op het vlees, ik ga hout halen.
Anna, we moeten praten.
Ik denk niet dat je alles kan begrijpen door het dossier te lezen.
Actieve euthanasie is niet moeilijk te begrijpen.
Ik ben ziek, Anna.
Je bent hartstikke gezond.
Ik kan niet meer zelf...
mijn schoenen aandoen, mijn veters strikken.
Ik draag een elektronische ketting.
Luiers.
Binnenkort heb ik iemand nodig om me te wassen en aan te kleden.
Ik heb overal pijn.
De hele tijd.
Het gaat bergafwaarts.
Weet je?
Het leven is geen wedstrijd.
Ik hoef geen 110 te worden.
Wat ik wil, is zelf kiezen als ik nog gezond van geest ben.
Want op een dag zal deze ziekte naar boven stijgen.
En die dag...
wil ik niet meemaken.
De vraag is niet of ik het wel of niet zal doen.
De vraag is...
of jullie me bijstaan.
Ik ga met papa praten.
Ik ga naar goede artsen.
Je wordt weer als iedereen.
Laten we een fijne avond hebben.
Morgen praat ik met hem.
Voor mij wordt dit geen fijne avond.
Je bent helemaal gek geworden.
Laat me nu maar, ik wil alleen zijn.
Hoi...
Ik wil nu niet praten.
Mooie schoenen.
Waarom staan ze daar in de rij?
Voor ze mijn oma's caravan verbranden, pakt iedereen één ding.
Als herinnering.
Zo doen wij dat. Dat is traditie.
Ongelooflijk.
Je hebt geluk, soms is de caravan leeg.
Dat is de grot van Ali Baba.
Mijn oma was verslaafd aan teleshopping. Ze kocht veel troep. Zoals dit.
Wie koopt dit nou? Waarvoor is het? Mijn hypothese: een kattenborstel.
Dat is om aardappels te pureren. -Het ziet eruit als een borstel.
Ik ben geen familie, ik mag niets hebben. -Hoezo mag dat niet?
Bij ons is iedereen familie.
Dit is heel mooi.
Cadeautje van mijn oma. -Bedankt.
Wanneer iemand sterft, moeten we alles verbranden.
Anders keert de manush terug.
Minoes? -Nee, manush.
De ziel. De ziel moet gaan.
Die moet haar snel verlaten.
Ik wil de momenten van verdriet vergeten en die van vreugde behouden.
Dus laten we het glas heffen op Janine. -Op Janine...
Mama, zullen we naar bed gaan? -Dan is het nu tijd om te feesten.
We gaan dus niet naar bed.
Wil je dansen? -Nee, dank je.
Oké, ik ga. Tot later.
Kom, Anna, laten we dansen, kom.
Ben je bang dat er een vuurwerk komt?
Dat heb ik gevraagd. Dat doen ze niet.
Ik denk dat ik weg wil.
Ik ook, maar ze hebben eindelijk een beetje plezier.
Kijk maar.
Hij start niet. -De camper is echt dood.
Alsof alle kabels zijn doorgeknaagd. -'t is niet waar.
Het was Lennon niet. Die eet alleen granen.
Dan moeten we naar huis. -In deze staat komt hij nergens.
Maar mijn familie heeft een busje.
Ik breng jullie. -Te gek.
Dat zou mooi zijn. -Goed? Volg mij dan.
Is dit een grapje? -Ik dacht dat ie blauw was.
Ik ga daar niet in. Ik wil naar huis.
We zijn al zo ver, we gaan niet terug.
Laten we opa's camper zo achter?
Ik stel voor: we repareren hem thuis.
Laten we hand opsteken.
Ik wil naar huis. -De camper gaat het niet meer doen.
We doen 'm weg. -Eerst een second opinion, toch?
Soms beschadigen we dingen meer als we ze proberen te redden.
Soms worden ze gemaakt.
Oma...
M. Saget?
Dag, mevrouw.
Goed...
Ze komt langzaam weer bij zinnen. Ze was flauwgevallen.
Vanwege vermoeidheid en haar gezondheid.
U had haar gisteren moeten zien bowlen. Zoals zij gooide...
M. Sager, ik weet niet wat uw moeder u verteld heeft,
maar de kanker is in ver gevorderd stadium.
Ik begrijp niet waarom ze niet opgenomen is.
Wacht, mijn moeder is de kleine dame met wit haar en een blauw vest.
Acht jaar geleden had ze kanker, maar...
maar die is gestabiliseerd. Ze wordt gecontroleerd.
Verzorgt u uw moeder of niet? -Ja, dat doen wij.
Mijn dochter en ik een beetje.
Oké...
En u weet niet dat uw moeder uitgezaaide kanker stadium vier heeft?
Stadium vier?
Hoeveel stadia zijn er? -Vier.
Vier.
Na zo'n diagnose...
verliezen de zieke mensen vaak hun zelfredzaamheid.
Een klein ongelukje heeft grote impact op fragiele mensen.
Er is weinig kans dat ze helemaal zal herstellen.
Ik adviseer om haar hier te laten. -Ja, maar...
hoelang?
Maar ik weet niet of uw moeder ooit weer uit bed kan.
Mag ik haar medisch dossier zien?
Oma?
Ik wil hier niet blijven. -Kom, Marie.
Alsjeblieft. Kom, we gaan. -Dat gaat niet.
Nu. We vertrekken nu.
Oké, kom op.
We brengen haar ergens anders heen. -Waarom?
We gaan naar huis.
In dit gat kunnen ze niet goed voor haar zorgen.
Alsjeblieft... -Weet je wat ze zeiden?
Dat je doodgaat. Ze hebben niet goed gekeken, hè.
Hij gaat dood, maar jij bent in uitstekende staat.
Je hebt gisteren zelfs een strike gegooid. -Bruno?
Wat is er?
Je bent een beetje moe, maar het komt goed.
Ik ben ziek, Bruno.
Ja.
Maar je gaat medicijnen nemen.
Dit keer is het anders.
Het spijt me, maar...
ik wil dat het ophoudt.
Waar heb je het over? Dat wat ophoudt?
Ik heb mijn besluit al een tijdje genomen.
We moesten samen naar de afspraak om de procedure af te ronden waardoor ik...
in Zwitserland kan sterven zoals ik wil.
Wat is dit voor een onzin?
Wat betekent dat, sterven in Zwitserland?
Een beroep te doen op actieve euthanasie.
Wat zegt ze nou? -Het is de waarheid.
Wie heeft haar dat aangepraat? Jij?
Heb jij dat gedaan?
We mochten van oma niets zeggen.
Het spijt me. -Maar...
ben je nou helemaal gek geworden. Zo'n besluit neem je niet zomaar.
Helemaal alleen.
Waarom heb je niet met me gesproken?
Wie ben ik voor jou?
Ben ik niet je zoon? -Tuurlijk wel.
Jij wist het. -Maar papa, ik zweer...
Hou je mond.
Ik wil het niet horen.
Ik dien een klacht in tegen jou en het bedrijf.
Wegens misbruik van vertrouwen.
Ze beloofde me om het te vertellen.
Waarom heeft ze dat niet gedaan? -Omdat ik denk dat...
hoe belangrijker iemand is, hoe moeilijker het is om de waarheid te vertellen.
Wie kan dat accepteren?
Zo'n besluit is erg egoïstisch. -Niet egoïstisch, ze lijdt.
Ben jij juist niet egoïstisch om haar niet te laten gaan?
Hier.
Jij hebt ze.
Ik wist dat als je verzorger bent, je door kan gaan voor verpleegkundige.
In het begin verklaarde ik je moeder ook voor gek.
Ze was sterk, in goede staat.
Ik zei tegen mezelf dat het voor haar was.
Later begreep ik dat ze deed alsof het goed ging.
Om je niet te verontrusten.
Behalve dat je moeder nu...
niet meer kan doen alsof.
Want in het dossier staat niets goeds.
Wat gaat ze doen, Rudy?
Geeft ze het gevecht op? -Nee, juist niet.
Ze vecht om te doen wat zij wil.
Zij is Muhammad Ali.
Wat doe je?
Ik heb buikpijn.
Dan gaat het over.
Ik kom ernaast liggen.
Is het goed zo? -Ja.
Mme. Sager, ontbijt.
Zal ik rijden?
Nee, ik moet dat doen.
Praat niet te veel tegen me, alsjeblieft.
Hij kan best goed rijden. -Ja, natuurlijk.
Schakel maar z'n twee.
Hoe schakel je dat ding uit?
Alles goed? -Ja, hoor, prima, schat.
Wat is dat? -Wat is er?
Niet op mijn schoot.
Zet 'm in zijn kooi, walgelijk... -Hij is Lennon niet.
Hij is Lennon niet.
Haal die rat weg. -Ik weet dat hij Lennon niet is.
Hij is geplet. -Ik weet dat hij Lennon niet is.
Gaat het? -Wacht, Bruno stopt.
De rat was mooi en prachtig. En bovendien erg lief.
Hij is liever dan wij. -Nee, hij is gemeen.
Hij is helemaal niet gemeen. -Zie je niet dat hij verdrietig is?
Mag ik een sigaret?
Rook je? -Ja, ik rook.
Toen je jong was...
en we met je vader gingen wandelen,
keken we beneden tegen de berg op...
en wedden we hoelang het zou duren om het te beklimmen.
Vaak gokte ik op de kortste tijd.
Als hij merkte dat ik ging winnen...
bedacht hij allerlei vertragingstactieken.
Hij deed alsof hij moe was.
Hij stopte om de vijf minuten om te plassen.
Het was niet erg overtuigend.
Misschien deed hij het niet om te winnen.
Maar om de reis langer te maken.
Zal ik uw bagage aannemen? -Graag.
Volgt u mij maar.
Waar ben je, papa?
Zo...
Doe alsof u thuis bent. Het is uw kamer.
Dank u wel.
Wilt u iets drinken of eten?
Hebt u pizza?
Dat gaan we regelen.
Sorry van je bankpas.
Ik heb je geld opgenomen.
Ik zat aan de grond.
Maar ik zal het teruggeven.
Het maakt niet uit.
Dat komt wel als je financiering rond is.
Er komt geen financiering.
Sorry, het spijt me...
Alles in orde?
Kijk in mijn tas.
In de binnenzak zit een envelop. Wik je die pakken?
Moet ik met mijn grote handen erin? -Ja, ga je gang.
Is het deze? -Ja.
Wat is het?
Voor je goede zorgen. Namens de Seniorenservice.
Het kan nuttig voor je zijn.
Om een brief van een klant te hebben die zeer tevreden is met je werk.
Ik hoop dat het je geluk brengt.
Heel aardig, Marie, maar dat is niet meer nodig.
Hoezo? -Omdat ik niet terug ga.
Ik moet hierna een lange pauze nemen.
Kijk me aan. -Ik kijk.
Je bent de beste doodhulp die je je ooit kan wensen.
Zij komen met de pizza helpen.
Ga maar, Anna. Ga eten, je moet er nog van groeien.
Pizza met ananas is heerlijk.
Wat doe je?
We gaan dit doen. -Ah, Monopoly, Bruno.
Help me dit weghalen.
Er zijn geen dobbelstenen. Wat nu?
Dan heb ik goed nieuws.
Wat is dat?
Ah, Bruno, dobbelstenen. -Wat een schattige dobbelsteentjes.
Het spijt me, ik...
verlies me erin.
Ook als je de bank bent?
Nee, dat ligt anders.
Ook om over gevoelens te praten. -Hoe gaat dit?
Ik zal de regels uitleggen. Je gooit.
Je kan huizen en straten kopen.
Waarom zien die pionnen er zo uit? -Dat zijn geen pionnen, maar huizen.
Je begrijpt het niet. -Laten we beginnen.
Dat komt wel tijdens het spelen. -Ik bepaal wie begint.
Pief, paf poef, de jongste.
6, 7, 13, Avenue de Neuilly. 14.000 frank, alstublieft.
Neem je het? -Ja.
Waar is mijn pion? -Daar, de hoed.
1, 2, 3, 4, 5, 6, 7, 8... Ik koop het. Maar...
Heb je nog geld? -Je hebt vals gespeeld.
Hij heeft geld van mij gestolen.
Nee, je bent me 15.000 verschuldigd, Rudy. -Rudy, kom op...
Hij speelt vanaf het begin vals. -Wie, hij?
Ik heb in het begin vals gespeeld. -3, 2, 1, ah...
Je verdiende loon... Je moet naar de gevangenis.
Wat is dat? Hij speelt weer vals.
Nee, dat kan niet.
Middels deze brief wil ik Rudy Cardi bedanken voor...
zijn zeer bevredigende werk en zijn dierbare steun...
tijdens deze zeer belangrijke reis.
Dankzij hem konden mijn gezin en ik op hun bestemming aankomen.
Om onder de juiste omstandigheden te kunnen reizen,
heeft Rudy geholpen om mijn eigen regels te bepalen.
Er bestond geen twijfel dat ik deze weg moest volgen.
Dankzij hem zijn mijn wensen gerespecteerd.
Ik kan rustig zeggen dat ik geen spijt heb van de gekozen weg.
Het is waar dat om bepaalde obstakels te omzeilen, er ruzies...
leugens, onhandigheden waren.
Ik wil me daarvoor verontschuldigen.
Soms moeten we om ons doel te bereiken de boel een beetje bedriegen.
Maar moeten we juist niet een beetje bedriegen...
om de regels uiteindelijk te veranderen?
Voor mijn oma
Vertaling: slootje
Verder dan de nacht en de dag...
in de ruimte doordrongen van liefde, reizen, reizen...
Can't find what you're looking for?
Get subtitles in any language from opensubtitles.com, and translate them here.