All language subtitles for Le pere tranquille

af Afrikaans
ak Akan
sq Albanian
am Amharic
ar Arabic
hy Armenian
az Azerbaijani
eu Basque
be Belarusian
bem Bemba
bn Bengali
bh Bihari
bs Bosnian
br Breton
bg Bulgarian
km Cambodian
ca Catalan
ceb Cebuano
chr Cherokee
ny Chichewa
zh-CN Chinese (Simplified)
zh-TW Chinese (Traditional)
co Corsican
hr Croatian
cs Czech
da Danish
nl Dutch
eo Esperanto
et Estonian
ee Ewe
fo Faroese
tl Filipino
fi Finnish
fr French
fy Frisian
gaa Ga
gl Galician
ka Georgian
de German
gn Guarani
gu Gujarati
ht Haitian Creole
ha Hausa
haw Hawaiian
iw Hebrew
hi Hindi
hmn Hmong
hu Hungarian
is Icelandic
ig Igbo
id Indonesian
ia Interlingua
ga Irish
it Italian
ja Japanese
jw Javanese
kn Kannada
kk Kazakh
rw Kinyarwanda
rn Kirundi
kg Kongo
ko Korean
kri Krio (Sierra Leone)
ku Kurdish
ckb Kurdish (SoranĂ®)
ky Kyrgyz
lo Laothian
la Latin
lv Latvian
ln Lingala
lt Lithuanian
loz Lozi
lg Luganda
ach Luo
lb Luxembourgish
mk Macedonian
mg Malagasy
ms Malay
ml Malayalam
mt Maltese
mi Maori
mr Marathi
mfe Mauritian Creole
mo Moldavian
mn Mongolian
my Myanmar (Burmese)
sr-ME Montenegrin
ne Nepali
pcm Nigerian Pidgin
nso Northern Sotho
no Norwegian
nn Norwegian (Nynorsk)
oc Occitan
or Oriya
om Oromo
ps Pashto
fa Persian
pl Polish
pt-BR Portuguese (Brazil)
pt Portuguese (Portugal)
pa Punjabi
qu Quechua
ro Romanian
rm Romansh
nyn Runyakitara
ru Russian
sm Samoan
gd Scots Gaelic
sr Serbian
sh Serbo-Croatian
st Sesotho
tn Setswana
crs Seychellois Creole
sn Shona
sd Sindhi
si Sinhalese
sk Slovak
sl Slovenian
so Somali
es Spanish
es-419 Spanish (Latin American)
su Sundanese
sw Swahili
sv Swedish
tg Tajik
ta Tamil
tt Tatar
te Telugu
th Thai
ti Tigrinya
to Tonga
lua Tshiluba
tum Tumbuka
tr Turkish
tk Turkmen
tw Twi
ug Uighur
uk Ukrainian
ur Urdu
uz Uzbek
vi Vietnamese
cy Welsh
wo Wolof
xh Xhosa
yi Yiddish
yo Yoruba
zu Zulu

Original subtitles

Kijken jullie naar mijn flesjes?

Mevrouw Renaud heeft lekkere koffie gebracht.

Dat is aardig. -Het is een heel goed recept.

Een mengsel van spliterwten en paardenkastanjes.

Dat lijkt me heerlijk.

Deze stekjes kosten u vast veel tijd. -Hij doet het graag.

Mijn orchideeën zijn mijn passie.

Zijn ze heel kwetsbaar? -De ontkieming is belangrijk.

Geef maar hier.

Kom hier. Raak niks aan.

Was het maar niet zo duur.

Ooit gehoord van een passie die niks kost?

Kijk eens hoe mooi deze is.

Hebt u de fabriek gezien die ze hiernaast bouwen?

Ik vind het eng. -Ja. De Britten zullen hem bombarderen.

Wanneer gaan de moffen weg, meneer Martin?

Is het 11.00 uur? -Ja.

Ik kom te laat.

Waar ga je heen? -Naar een klant voor een contract.

In het café? -Ja.

Mijn vrouw begrijpt niet dat voor mij het café mijn kantoor is.

Ze zal het nooit begrijpen.

Je bent de dapperste man op aarde.

Werk niet te hard. -Oké.

Hij beweert dat zijn enige gebrek het kaartspel is.

Kom niet te laat. -Nee.

Ik heb geen haast als ik zie wat we hier eten.

Je moet op tijd eten.

Dag, buurvrouw. Bedankt voor de erwten… Voor de koffie.

Dag. -Dag, Colette.

Gedraag je niet als een jongeman. Doe je das om.

Ga langs Laprat voor je medicijnen.

Maar ik hoest niet meer. -Door de regen komt het terug.

Vooruit.

Dag. -Hij gaat naar het café.

Mannen. Ze drinken altijd.

Mijn arme man wordt oud. -Denkt u?

Helaas.

Ga zitten, dan drinken we iets.

Alstublieft.

Ja, hij wordt een echte huismus.

Hij heeft een open haard en kaart met zijn vrienden.

Dat is nu genoeg voor hem. Proost.

Ruiten.

Je had mijn kleur moeten spelen. Ik lig eruit.

Hoe laat is het? -12.35 uur.

Ik zit in de problemen.

Tot ziens. -Dag.

Ik wil de baas spreken. -De baas?

En wie bent u? -Meneer Jourdan. Hij kent me niet.

Een ogenblik.

Meneer Charles.

Meneer Charles.

Meneer? -Charles Janvier?

Dat ben ik.

Kan ik u onder vier ogen spreken?

Volg me.

Ik kom meteen ter zake.

U zegt dingen in uw café die u in de problemen kunnen brengen.

Ik? -Ja, u.

Ik heb het uit betrouwbare bron. Geen zorgen. Hier zijn de papieren.

De mijne, die bewijzen dat ik kapitein Jourdan ben…

…die twee keer uit Duitsland is ontsnapt.

Kijk maar.

We kunnen vrijuit spreken.

Komt u uit Londen? -Daar was ik drie dagen geleden.

Zaterdagavond werd ik ten zuiden van Poitiers geparachuteerd.

Uw timing is niet geweldig.

De Gestapo is hier.

Dat weet ik.

Nou…

Wat wilt u? -Niet veel.

Ik weet dat de beste Fransen naar uw café komen.

Wie heeft u dat verteld?

U moet me voorzichtig aan ze voorstellen.

Onder mijn leiding kunnen we met weinig risico veel voor de zaak doen.

Dus u komt hier om onrust te stoken.

U ontgaat niks.

Ik weet niet wat ik moet zeggen. Ik heb hier niet de leiding.

U bent heel voorzichtig.

Je kunt nooit te voorzichtig zijn, maar…

Als u kunt lezen, kijk dan naar deze papieren.

Papieren…

Klootzakken.

De vorige keer gaven ze me vijf ijsbaden in een half uur.

Bij het vijfde bad viel ik flauw. Dat heeft me gered.

Wat een klootzak.

In Moissan staan ze meer aan mijn kant.

Is Beckman hier verdwenen? -Beckman?

Van de Gestapo. -Mogelijk. Dat is één minder.

Wat een stel schurken. -Stil.

Ik kan ze niet uitstaan. -Voorzichtig.

Kom niet te laat. Wacht, je bent hier vies.

VERZEKERINGEN

Met deze kan ik niks meer.

Jammer. Tot ziens. -Dag.

Goedemorgen. -Hoi, meneer Martin.

Goedemorgen.

Hallo, iedereen.

Goedemorgen, meneer Martin. -Het is koud.

Kijk wie er is.

Dat was mijn vierde landing. Altijd 's nachts.

De vorige keer landde ik in iemands tuin, op de wc.

Dat is boffen. -Dat wilde ik ook zeggen.

Luister…

Kunnen de kaartende mannen ons misschien helpen?

Wie? -Daar?

Nee, dat zijn oude opa's.

Degene die zijn neus snuit…

…wordt meneer Orchidee genoemd. Dat zegt genoeg.

Zij kunnen niet helpen.

Wacht maar af, heren.

We zullen zien.

Dus alles is in orde voor morgen?

Jullie twee doen de eerste missie.

En wij? -Waarschijnlijk volgende zaterdag.

Wees voorzichtig. Neem geen risico's.

Ik zie jullie morgen om 16.00 uur bij station AngoulĂŞme.

Neem wapens, papieren en geld mee.

Ben jij Boiron? En jij?

Lemoine. -Lemoine.

Begrijpen jullie je missie?

Het is kinderspel.

Elk van jullie met 20.000 franc.

Om eten te kopen?

Probeer ons niet te slim af te zijn. We hebben goede informatie.

Jullie komen naar AngoulĂŞme met geld en deze terroristenpapieren.

Van een ontsnapte officier die Jourdan heet.

Als u dat gelooft, had u ons niet moeten arresteren.

U had moeten kijken waar we heen gingen.

De kogels. Wat hoort daarbij?

Geen geintjes. En dit?

We hoeven jullie niet te volgen. Jullie praten wel.

Maar, meneer… -Raus.

U hebt ze te pakken. Werkte het?

Ja, maar de mannen die je hebt gestuurd, zijn nicht gut.

Het zijn mannen die willen opvallen.

Die hebben we niet nodig.

We vinden ze wel.

Het duurt te lang.

Nog niks over Beckman? -Nee.

Hij is niet verdwenen in Moissan.

Moissan is een doodnormaal stadje.

Weet je het beter dan onze politie? -Dat zei ik niet.

Blijf zoeken in Moissan. Dat is de bron.

Laten we het daar eens over hebben.

Een doodnormaal stadje…

Ik lach niet. -Dit is geen tijd voor grapjes.

De generaal is woedend.

In het doodnormale Moissan gaat elke avond een bom af.

Nietwaar? -Ja.

Dus…

Ik heb niks gevonden.

Nog een.

Ze blazen deze hele stad op.

Het is de Carnot-garage.

Halt.

Wat is er? -Het is de Carnot-garage.

Gewonden? -Alles staat in brand.

Kom binnen.

Hallo, meneer en mevrouw.

Hallo, Marie. Doe de gordijnen open.

Ja, mevrouw.

Edouard, ontbijt.

Slaapt hij nog?

Zijn meneer Pierre en de juffrouw op tijd vertrokken?

Meneer Pierre komt vast te laat. Hebt u het vannacht gehoord?

Nee.

Dan slaapt u vast heel goed.

Er was een vreselijke ontploffing die me wakker maakte.

De moffengarage is verwoest.

Zeg geen 'moffen'.

Je zegt het nog waar ze bij zijn. Zeg 'Duitsers'.

Ze hebben de Duitse garage met vieze moffen erin verwoest.

Ontbijt. -Goed zo.

Dat is de vijfde bom in Moissan.

Nee, de vierde.

Die terroristen blazen ons nog op.

Heb je het gehoord? -Meen je dat?

Was je thuis? -Ik deed net mijn broek uit.

Toen… Boem. Ik schrok ervan.

Jij bent altijd bang. -Vind je dat vreemd?

Meneer Pelletier wacht in de hal.

Pelletier? -Van de verzekering.

Ik ga wel.

Eet eerst wat. -Ik heb geen honger.

Het wordt koud. -Ik ben zo terug.

Je zorgt niet goed voor jezelf. -Eerst zaken.

Mensen komen alleen met een goede reden.

Ze hebben geen tijd om te wachten.

Hij zei dat hij thuis was, maar dat was niet zo.

Hij was niet thuis toen de bom viel.

Hij kwam kort erna thuis.

Hij wordt nog gearresteerd.

De Duitsers zijn vreselijk.

Als hij kaart, vergeet hij de tijd.

We weten niet veel. Overal politie.

Binnen is alles verwoest.

Ik ga met Simon naar de…

We gaan naar mijn kantoor.

Vindt u het niet erg? -Nooit, voor werk.

Je bent boos omdat ik zei dat je vader met de moffen praat.

Nou en?

Misschien wilden ze zijn papieren zien.

Nee, ze waren aardig tegen elkaar.

Het zijn jouw zaken niet.

Pierre, kom hier. -Ik geef er niks om.

Eet smakelijk. -Het zal wel.

Zie je wat vader veroorzaakt?

Hij was sergeant in '14.

En in 1918 was hij majoor. Hij hoort niet aardig te zijn tegen de moffen.

Hij is nu ouder en kalmer.

Niet kalm genoeg om moffen te mogen.

Ondanks het slechte weer…

Vader, bent u bij de Carnot-garage geweest?

Nee. -Zet de radio zachter.

Doe je het met opzet?

Zet hem af. -U bent altijd bang, vader.

Als iemand het buiten hoort, krijg ik problemen.

Dat is geweldig. -Geweldig.

Ze vergeet altijd het zout.

En? -Ik ging naar de garage.

Bent u niet geweest? -Nee.

Ze hebben uw moffen iets laten zien.

Ik geef je nog een klap.

Waarom zei je 'uw' moffen?

Nu niet.

Als jullie ruzie maken, ga ik in de keuken eten.

We praten gewoon. -Vooruit dan.

Waarom zei je 'uw' moffen?

Omdat… Niks. -Zeg op.

Omdat u aan hun kant staat. U wilt niet naar Londen luisteren.

'Hun kant'… Ik ben zoals iedereen. Ik ben voorzichtig.

Wat wil je van hem? -Dat hij bij het Verzet gaat?

Ik kan ze niet meer uitstaan.

Kleine snotneus. Je bent nerveus.

Dus, de garage?

Ze hadden de moffen goed te pakken.

Is er schade?

Er is niks van over.

De daders hadden hun huiswerk gedaan.

Ik bewonder ze.

Blijkbaar werden twee Duitse kolonels opgeblazen met de auto's.

Dat is vreselijk.

Wie heeft dat gezegd? -De burgemeester.

Weet hij het zeker? -Hij zag de lijken.

Ze wisten wat ze deden.

De daders wisten misschien niet dat ze er waren.

Waarom doet u alsof het niks voorstelt? Ze zijn geweldig.

Ze zijn geweldig.

Luister naar hem. 'Ze zijn geweldig.'

Waarom lach je? -U zei het net zelf.

Onverbeterlijk.

HĂ©. Mijn rem komt niet omhoog.

Het is geen probleem.

Is je concurrent opgeblazen?

Ja, samen met 30 auto's en twee kolonels.

De moffen zijn vast kwaad.

Petje af voor de daders. -Inderdaad.

Ken je patriotten? -Ik heb zo mijn vermoedens.

Ken je er?

Je zag hem onlangs in het café: Lemoine.

Hij vertrok plotseling naar AngoulĂŞme. En niet om scheermesjes te kopen.

Ik snap het.

Blijkbaar zijn alle patriotten jong.

Hebbes.

Klaar.

Flavigny-kruising, Mazère Source, Croix de la Villatte.

Kruising… Mazère… Villatte… Goed.

De eerste is vanavond. Geef het door.

De Flavigny-kruising? -Juist.

Code… Raymond? -Code Raymond. Vooruit.

Edouard.

Luister naar me. -Wat is er?

Wacht. Jean, let op mijn fiets. Ik ben zo terug.

Hallo, Simon. -Hallo, juffrouw.

Let je op de fiets van je geheime liefde?

Hou je mond.

Je staat voor schut.

Ik moet gaan.

Oké. -Tot 12.00 uur.

Daar ben je.

Ik gebruik uw schaar.

Vraag het de volgende keer.

Hebt u geheimen voor uw dochter? -Inderdaad. Daar heb ik recht op.

Flavigny-kruising. -Geef hier.

Mazère Source, la Villatte. Geheimen? -Nee, verzekeringspapieren. Geef hier.

De Flavigny-kruising, Mazère Source, Croix de la Villatte.

Je maakt me nerveus. -Ik ken uw geheimen.

Wegwezen. -Dag, lieve papa.

Christus.

Ik moet beter oppassen.

VIOOL, PIANO

Ik ben hier voor de pianoles.

B mineur. Oké, dat is genoeg.

Dag, meneer. -Dag.

De Flavigny-kruising?

Nabij Pleville, vannacht.

Vannacht? -Ja.

Oké.

150 gram, zonder botten.

Hallo. -Hallo.

Mijn bestelling? -Al geleverd.

Hebben ze je betaald? -Ja.

Heb je vislijn? -Ja.

Mag ik hem zien? -Ja.

Hallo, meneer Gan. -Heb je mijn papieren?

Er is hier niemand. -Voor vannacht.

Parachutelanding? -Vannacht, morgen, overmorgen.

De drie landingszones wisselen elke nacht.

Vannacht is Flavigny. -En morgen?

Dat horen we morgen. Vannacht de Flavigny-kruising om 23.00 uur.

Teken: code Raymond.

Flavigny-kruising, code Raymond. -Ja.

Dag, meneer Gan. -Dag.

Hallo. O, jij bent het. Ik had je niet herkend.

Daar zijn ze weer.

Kom binnen.

Hallo, moeder. -Hoor je de vliegtuigen?

Ja.

De tweede nacht op een rij.

Het is vast voor de fabriek. -Dit is geen goede plek.

Horen jullie dat?

De moffen gaan eraan.

Jammer voor vader, maar ze gaan eraan.

Is vader hier?

Nee. Hij is in zijn kas, bij zijn orchideeën.

Hij heeft zichzelf vast opgesloten. Het is zijn nieuwe obsessie.

Vader is me er eentje. -Inderdaad.

Hebt u ze vannacht gehoord?

Ze verkennen vast de fabriek.

Of parachutisten. -Misschien.

Hopelijk leren we de moffen een lesje.

Inderdaad.

In deze stad zijn ze niet populair.

O, nee.

Is dit niet waar Beckman is verdwenen?

Beckman van de Gestapo? Hij is vast vermoord.

Fijn om te horen.

Hij verhoorde me in AngoulĂŞme.

Hij maakte het me niet makkelijk.

Hij is vorige maand verdwenen. Ik werk in het stadhuis.

Was het de Moissan-bende? -Geen idee.

Als u ze ziet, wil ik ze graag de hand schudden.

Begrepen.

Dag, heren. -Dag. Bedankt.

Wie is hij? -Een uit Duitsland ontsnapte kapitein.

Aardige man.

Wat zat er gisteren in de containers?

Alleen mitrailleurs.

We hebben meer plastic nodig.

We vragen er de volgende keer om.

Wat doen ze met al dat plastic? Opeten?

We hebben sinds januari 70 rollen ontvangen.

Dat betwijfel ik, majoor.

Gelukkig hou ik alles goed bij.

Wacht even.

Kom mee.

Hou de tuin in de gaten, Jean.

Hou deze vast.

Mooie kast. -Ja, inderdaad.

Maar het hout begint krom te trekken.

Met grappenmakers zoals jij heb je orde nodig.

Eens kijken.

Eens kijken.

Hier.

Hier is het.

Kom kijken, Jean.

Pompoenrozen, anjers… De anjers. Zes meter op de vijfde.

Wat zijn de rozen? -Granaten.

Nog zes op de 15e… Kijk, zes en zes, 12.

En nog negen meter op de 25e. Dat is 21.

Eenentwintig rollen plastic. Ik had gelijk.

Dat moeten we verdubbelen. -Ik geef het door.

Waarom lach je?

Ik wist niet dat ik de moffen rozen heb gegeven.

Meneer, papieren.

Hier.

Gut.

Ik wilde net gaan slapen. Kom naar bed.

Slapen de kinderen?

Ja. We zien je nooit meer, met je orchideeën.

Nou…

Goedenacht, pompoen.

Noem me niet zo. Het is lief, maar…

Ik noem je dat al sinds onze verloving. -Precies.

Op een dag noemde je me dat waar de loodgieter bij was.

Nou en? -Ik hoorde hem tegen zijn vriend zeggen:

'Zag je zijn pompoengezicht?'

Je bent nooit tevreden. Goedenacht, knorrepot.

Dat hoor ik liever. Goedenacht.

Vliegtuigen.

Het zijn de Britten, nietwaar? -Ja.

Dat is de derde nacht op een rij.

Misschien verkennen ze de fabriek.

De fabriek is nog niet af.

Ze zijn nog niet geĂŻnteresseerd.

Duidelijk. -Nee, het zijn parachutisten.

Wat weet jij ervan?

Ze hebben het getelegrafeerd.

Heel grappig.

Zeg dat ik de leiding heb over de regio.

Begrepen.

Geef ze je 20.000 franc. Zeg dat de rest volgt.

Ik geef je je papieren in AngoulĂŞme.

Wie is dat? -Geen idee. Hij komt niet uit Moissan.

Hij is hier al acht dagen.

Wat wil hij? -Vraag het aan de baas.

Meneer Charles.

Meneer Jean kent geen meneer Jourdan.

Stil.

Meneer Jean… -Ik ken je. Je hebt een grote mond.

Moet iedereen dat horen?

Hou je mond. -Meneer Jean.

Vooruit.

Het is sluitingstijd.

Hij is een ontsnapte officier. -Uit Duitsland?

Ik zeg het alleen omdat jullie het zijn. Hou het voor je.

Hij heet Jourdan. Kapitein Jourdan.

Hij heeft de leiding over het Verzet in de regio.

Hij is hier uit Londen.

Als je morgen gaat, duurt het minstens vier dagen.

Jullie kameraden zijn nog niet terug.

Ik laat de familie weten dat ik nog niet terugkom.

Goed idee.

Meneer Jourdan? -Ja?

Meneer Jourdan.

Twee vrienden van me willen u ontmoeten.

Aangenaam.

Geweldig. -Ze zijn allemaal hier.

Meneer Pelletier stoort altijd tijdens de lunch.

Hij haalt het wel in, maar goed.

Snel, zijn bronchitispillen.

Als ik er niet was. Hij is net een kind.

Waarom sluit hij zichzelf de hele tijd op?

Weer een obsessie.

Heb je geheimen?

Nou?

Hallo, Simon. -Hallo, mevrouw.

Dag, mevrouw Martin.

Eet dit en neem je pil.

Je komt altijd rond lunchtijd, dus hij eet nooit.

Hoe is je moeder? -Veel beter, bedankt.

En Pierre? -Hij zit op het middelbaar.

Monique ook?

Ja, ze doet examen in juni. Ze studeert veel.

Wat is er met je?

Met mij? Niks. Ik dacht na over dit proces.

We moeten snel handelen.

Volg mijn instructies.

Kom dan terug om het te bespreken.

De twee reizigers mogen je natuurlijk niet zien.

Wat is er?

Niks. Een concurrent wil twee klanten van ons stelen.

Voor de bonus.

Staat hij het toe?

Ik denk het niet.

Nou…

Wat doe je? -Waar is je rantsoenkaart?

Die ligt weer op de kist in de hal.

Kunnen we deze maand jam kopen?

Nee.

Weten jullie het niet? -Nee, ze weten het niet.

Ze maken het huisvrouwen niet makkelijk.

Niemand vertelt ons iets.

Dag.

Als we het bewijs snel hebben, wanneer regelen we het?

Meteen. We zeggen zijn levensverzekering meteen op.

Hij werkt vast in Nerval.

Gevaarlijke klootzak.

Als we er zijn…

Ga je zitten? -Stoor ik?

Nee, maar verzekeringen zijn niet heel interessant.

Ik geniet van de warmte. Marie maakt het bed op.

Hier is het beter. -Nou.

Als we er zijn…

Volgens Marie krijgen we alleen in de derde week jam.

Hou toch eens op over die jam.

Jij eet graag jam.

Ja, maar dit is niet het moment.

Dit is heel belangrijk. Kun je ons met rust laten?

Als het resultaat van het onderzoek bevestigend is…

…regelen we deze levensverzekering…

Herinner je je die recente zaak?

Hoe heette de klant ook alweer?

Ik weet het niet meer.

Zie je? -Ja.

De grote man. -Zijn naam ligt op de punt van mijn tong.

Ik word steeds vergeetachtiger.

Ik geef je fosfor. -Juist.

Goed. Ga door. -Dag, meneer Martin.

Dag, mevrouw Martin.

Blijkbaar is de jam heel lekker.

AngoulĂŞme. We stoppen vijf minuten.

Deze trein stopt in Coudray, Libourne en Bordeaux.

Verbinding voor Limoges, platform drie.

Zie je hem? -Ja.

Zie je de drie mannen?

Rechts? -Ze horen bij hem.

Denk je?

Verlies hem niet uit het oog. -Oké.

Hij zwaait.

Zag je dat? Hij gaf ze papieren.

De drie anderen volgen.

Daar.

De klootzak.

Het gaat goed met onze zaak.

Wanneer mogen we? -Waarschijnlijk zaterdag.

Jullie kameraden zijn er.

Willen jullie het horen? -Ja. Is het gelukt?

Ja, ze hebben het adres van onze… -Jullie correspondenten?

Juist.

Ze komen uiterlijk 's middags aan.

Wij gaan ook naar AngoulĂŞme.

Juist. Kunnen we praten waar hij bij is?

Ja, hij is betrouwbaar.

Vergeef me. Mijn vriend Pelletier stond erop dat ik zou komen…

…maar ik ben hier te oud voor.

Ben je bang? -Bang, nee, maar…

De eerste keer is iedereen een beetje bang.

Inderdaad.

Maak je geen zorgen.

Mijn ervaring kan nuttig voor jullie zijn.

Ik ken de regio goed. Ik ken iedereen…

Ik kan je advies geven, maar voor een samenzwering ben ik te oud.

Oké, maar als je van je land houdt, krijg ik je wel.

Dat betwijfel ik.

Zaterdag?

Ja, maar ik wil morgenavond graag een ontmoeting.

Keer je terug naar je hotel? -Ja, te voet.

En je motor? -Die is kapot.

O, nee. Hoelang al? -Net. De magneetontsteker.

Altijd hetzelfde met die motors.

Ik geef je een lift.

Nog vijf minuten.

Ik geef iedereen wapens en plastic.

De groep heeft meer nodig.

Wat? Plastic?

Een soort explosief gemaakt van nitroglycerine en kaoline.

Wauw.

Simon, kun je de auto starten?

Heb je de sleutel? -Ja.

Sigaret? -Hier.

We zijn alleen. -Vertrouw je hem niet?

Jawel, maar ik vermijd hem voor belangrijke zaken. Hij praat veel.

Nou?

Deze locaties hebben spullen nodig.

Over tien minuten, Bois de Nassau, op de heuvel.

En je motor? -Bij de brug.

Ga maar. -Tot ziens.

Waarom geef je ons wapens? Dat brengt ons in gevaar.

Als je bang bent, moet je niet komen.

Goed. Ik neem het terug.

Klaar? -Helemaal klaar.

Vooruit, dan. -Tot morgen.

Neem de zijuitgang.

Oké. Vooruit.

Dag, meneer Martin.

Stap in. Hebt u een lift nodig, meneer Orchidee?

Het is in orde. Hij heeft haast.

Het is oké. Het is onderweg.

Laten we snel instappen. -Oké dan.

Het past wel. -Schiet op.

We zetten u eerst af.

Sigaret?

Het is de laatste. -Bedankt.

Vooruit.

Wat is er? -Er klopt iets niet.

Ik ga even kijken.

Ik had moeten lopen.

Inderdaad.

Wat is er? -Lekke band.

Hij is nog niet helemaal lek, maar wel bijna.

Nee.

Dus jij bent het hoofd van het Verzet voor de regio?

Inderdaad.

Heeft generaal Koenig je benoemd?

Dat klopt.

Ken je hem persoonlijk? -Ja. Ik heb hem ontmoet in Londen.

Fantastisch.

Ken je kolonel Roulleau ook?

Kolonel Roulleau? -Zijn kabinetshoofd.

O, juist.

Ken je hem? -Hij is een oude vriend.

Hij was vorig jaar nogal ziek. -Nogal.

Gaat het beter met hem? -Ja, hoor.

In tegenstelling tot jou. -Wat?

Leugenaar. Kolonel Roulleau kan niet beter zijn.

Hij was nooit ziek.

En hij bestaat niet.

Dat is pech hebben.

Is dit een val? -Nee.

Je krijgt je verdiende loon. Stap uit.

Kom op.

Kijk uit.

Dit is waanzin.

Ik heb de leiding over de hele regio.

Wil je mijn papieren zien?

Kijk, hoofd van de regio.

Vooruit.

Simon, ga naar zijn hotelkamer.

Haal al zijn papieren op.

Begrepen.

Tot morgen, -Goedenacht, majoor.

Vooruit, Pelletier. Het is laat. Mijn vrouw…

Ik zit in de problemen.

Ben jij het?

Ik vroeg me al af wat er was. -Wat zou er kunnen zijn?

Zeg je geen hallo? -Hallo.

We zijn begonnen met eten. -Goed.

Ik heb Pelletier uitgenodigd.

Sorry. Meneer Martin stond erop. -Natuurlijk.

Wat heb je gedaan? -Niks.

Hij was vast aan het kaarten.

Hij heeft vast geld verloren. Hallo.

Goedenavond.

Geweldig. Vader is in een slechte bui. -Nou…

Goedenavond, Monique. -Hallo.

Ben je gek? -Ik hou niet van stamgasten.

Je zit in de problemen. Kom op.

Heb je verloren?

Nee, ik heb gewonnen.

Alsof mij het iets deert. Kom, etenstijd. Marie.

Noem je deze herrie muziek?

Luister ernaar.

Ken je dit hoornsignaal?

Dit? -O, vader.

Napoleons garde speelde dit bij Marengo.

'De zege is van ons.'

Goede timing.

Ik heb het racket van mijn zus ervoor geruild.

Welk racket? -Je had het aan me gegeven.

Hoe durf je. Je staat bij me in het krijt.

Kom je handen wassen, Pelletier. En jij, zet dat uit.

Neem je druppels. -Oké.

Kom op, Jean.

Kijk naar je schoenen.

Zijn die zo vies door het kaarten?

Monique. Breng een handdoek. -Ja, moeder.

Wat eten we?

Preiensoep met konijn en wortels.

Wortels…

Een beetje aangebrand. -Geweldig.

Het is jouw schuld.

Deze zeep gaat heel lang mee.

Wanneer doet u die trui weg, vader?

Als jij een nieuwe voor me koopt. Is hij niet mooi?

Hij hoort in een museum.

Zijn de andere mannen in het café ook getrouwd?

Ja. -Fijn voor de vrouwen.

De burgemeester is niet meer getrouwd. Popinou ook niet.

En Jourdan ook niet.

Ken je… Pierre. Ken je Jourdan?

Kapitein Jourdan, ja.

Sinds wanneer? -Drie dagen geleden.

Etenstijd. -Eindelijk.

Heb je al gegeten? -Ja, maar ik lust nog meer.

Niet te geloven hoeveel je eet.

Hier, Jean. Ga naast Monique zitten.

Ze is blij. -Idioot.

Ken je Jourdan? -Ja.

Wie heeft je voorgesteld? -Roger.

Je neef. -Ja. Ze doen samen dingen.

Het is heel cool. Ik wil ze helpen.

Hij is gestoord.

Stom kind.

Op jouw leeftijd kunnen foute vrienden heel nare gevolgen hebben.

Omdat hij een gaullist is, is hij slecht?

Luister naar je vader.

Jean, je bent 25 en bent tevreden met kaarten.

Pierre. -Wat is er met je?

Ga naar je kamer. Heb je genoeg gegeten?

Vergeet de oorlog en concentreer je op je studie.

Je bent hier te jong voor.

Wat Jean wel of niet doet, zijn jouw zaken niet. Wat?

Hij blijft. Zijn kamer is koud.

Goed, ga met je schoolboeken ergens anders zitten.

Wacht. Wat is dat?

'De verleiders van de Alarie-eilanden'… Ik zei je schoolboeken.

Hoe hoog sta je deze week? -Op 37.

Goed.

Ben je klaar met eten, Monique? -Ja.

Speel muziek voor ons. Het zal ze opvrolijken.

Ja, Monique. Speel dat Proscrit-stuk waar ik van hou.

Ja, speel muziek voor ons.

En jij neemt je druppels in. -Ja…

Speel. -Er is iemand aan de deur.

Ik zei speel.

Het is meneer Simon. -Simon?

Wat is er?

U hebt dit contract niet getekend.

Dat had vanavond niet gehoeven.

Kom even hier, Pelletier.

Het is dringend.

Zo dringend? -Ja.

Simon kijkt gek.

Denk je?

Wanneer is het gebeurd? -Hij is net gearresteerd.

Hij is mijn contactpersoon. Als hij praat, ben ik de pineut.

Wat doen we? -Is het netwerk gewaarschuwd?

Ja.

We wachten.

Geduld.

Simon, je moet een paar dagen verdwijnen.

Oké.

Ben je in Jourdans kamer geweest?

Ja.

Ik heb dit gevonden.

Een brief in het Duits. Ik begrijp het niet.

Kent u Duits, majoor?

Niks interessants.

Zijn Duits is vreselijk.

Niks interessants.

Dit lijkt op een versleutelde lijst.

Vast een kopie van een versleutelde lijst.

De Duitsers moeten het origineel hebben.

Dat is een probleem.

Volle maan… Wat is dat?

Misschien Lemoine?

Florus, Morganèse, Malaséine…

Oud ding, schoppen aas… -Malaséine? Ben ik dat?

Zo Malaséine, zo Simon. -Kom op.

Rustig.

Deze lijst kan van vorig jaar zijn.

'Oud ding' kan ik zijn.

Kom, we drinken iets. Dat doet je vast goed.

Het voelt alsof ze me op de hielen zitten.

Wat is er?

Niks. Blijf spelen.

En dan bedtijd. Het is laat.

Eet u niet? -Nee, ik heb genoeg gehad.

Je hebt niks gegeten. -Ik heb geen honger.

En jij, Jean? -Nee, bedankt.

Dat is niet goed.

Ik geef je morgen meer histogenol.

Je moet eten. Wat is er? -Niks. Geen zorgen.

Ik ben vast in de groei. -Idioot.

Breng kleine glazen. -Oké.

Ik ben moe. Pardon, meneer Martin.

Je moet gaan. -Ik ga naar bed.

Tot ziens, Monique. -Goedenacht, Simon.

Goedenavond. Heb je iets gehad?

Ja, mevrouw Martin. Bedankt. Goedenacht.

Zeg op. -Wat?

Ik hoorde het toen ik benzine ging tanken.

Er waren drie parachutelandingen.

De vrouw van de politieagent zei het. Ze had het verslag gezien.

Eerst bij de kruising van…

Waar? -Flavigny.

Toen Mazère Source en Croix de la Villatte.

Goed. -Wat zeg je ervan, moeder?

Terwijl de meid de was deed…

Daar ben ik blij om.

Er waren drie parachutelandingen. De Flavigny-kruising…

…Mazère Source en Croix de la Villatte.

Mazère Source, ik wist het.

Flavigny, Mazère Source, Croix de la Villatte.

Het zijn verzekeringspapieren. Geef hier.

Interessant. De Flavigny-kruising, Mazère, Croix de la Villatte.

Ik ken uw geheimen. -Je irriteert me.

Het zijn verzekeringspapieren. Hier.

Mazère Source, Croix de la Villatte.

Het zijn verzekeringspapieren.

Ik ken uw geheimen.

Waarom kijk je me zo aan? -Zomaar.

Werk je met mijn vader?

Ja, waarom?

Zomaar. Dat wist ik niet.

Meneer Martin? -Dat is hier.

We willen hem zien.

Oké, meneer.

De moffen.

De moffen.

De moffen.

Wees stil.

Je mag dat woord niet gebruiken.

Mensen worden om minder gedeporteerd.

Je hebt het over niks anders dan moffen.

Heren. -Mevrouw.

Er zijn twee Duitse officieren en een agent voor meneer Martin.

Wat is er? -Geen idee.

Vader, wat is er? -Rustig.

Ik ben bang. -Blijf kalm. Waar zijn ze?

In de hal. -Laat ze binnen.

Wat doe je? -Ik ontvang ze.

Wat is er? -Jullie moeten gaan.

Luister. -Ga.

Oké. -Ik meen het.

Heren.

Meneer Martin? -Ja.

Spreekt u Duits? -Nee, helaas niet.

Ik ben luitenant Fleischer.

Ik stel u graag voor aan kolonel Muller, hoofd van de regionale politie…

…en Herr Grossweiser, attaché van de propagandadienst.

We willen u even spreken als dat uitkomt?

Ga uw gang.

Ze doen meneer Orchidee vast niks. Ik ga luisteren.

Kom hier. -Ik zal een goede spion zijn.

Blijf hier. -Doe niks als je het niet begrijpt.

Word niet bang. -Dat kind wordt nog mijn dood.

Herr Grossweiser is hovenier in Dresden.

We willen graag uw orchideeën zien.

De hele regio praat erover. Het is blijkbaar een zeldzame collectie.

Graag, heren, maar mijn orchideeën zijn niet zo interessant.

Ze bloeien nog niet. Het is nog te vroeg.

Dat is geen probleem. We willen uw methode zien.

Dan kunt u me volgen.

Dit wordt mijn eerste jaar met bloemen.

U bent begonnen met de ontkieming?

Ja, ik heb het stuifmeel van bepaalde soorten vanbuiten meegenomen.

Deze kant op.

Het was ingewikkeld om het stuifmeel te krijgen…

…en heel duur in…

Pardon. In Londen.

Wanneer was dat? -Geen zorgen. Ruim zeven jaar geleden.

Echt?

Orchideeën bloeien pas na acht jaar.

Acht jaar. -Bitte?

Ze zijn hier voor de orchideeën.

Graag, heren. Deze kant op.

Vader maakt me zo kwaad.

Ik had ze de kelder laten zien.

De trap is glad.

Wees stil.

Geen zorgen. Ze zijn hier voor de bloemen.

Waar is Monique? -Geen idee.

Ik kan er nog lang geen geld mee verdienen.

Acht jaar van zorg, misrekeningen, fouten, emotie…

Dankzij zijn kwetsbaarheid.

Wat zei hij?

Dat u veel geduld hebt.

Geduld. Dat heb je nodig.

Weet u niks van orchideeën?

Nein. -Oké.

Ik zal het uitleggen.

Orchideeën moeten altijd dezelfde kant op staan.

Als je de plant blijft verplaatsen, gaat hij dood.

Dus niemand mag deze planten aanraken.

Zelfs niet om te poetsen. We stoffen alleen af.

Dit rek en deze potten staan al 26 maanden op deze plek.

Wat zei hij? -Hij zei dat deze bloem…

…een levend schilderij is.

Met fijne, gevoelige kleuren.

Ik snap het.

Kom over twee maanden terug. Dan is de grande finale.

Dit was maar een kort bezoek.

We komen zeker terug.

De plicht roept, dus we nemen nu afscheid.

Ga uw gang.

Kom in augustus terug als u nog hier bent.

Als we nog hier zijn?

Misschien moet u naar Polen of…

Hopelijk niet.

Ja… Frankrijk is aangenamer.

U hebt interesse.

Schön.

Sehr schön.

Er is nieuws over de landing in Normandië?

Ha. Mislukt. -Echt?

Meent u dat?

Ze gaan. Ik ga iets voor ze spelen.

Nee, Pierre.

Alles is in orde, maar ik was bang. -Waarom?

Zwijg, uilskuiken. -Uilskuiken?

Als de Fransen niet zo futloos waren…

…zo onverschillig tegenover Europa's problemen…

…zouden ze onze strijd kunnen steunen.

Maar ze snappen niet wat ze ermee kunnen winnen.

Nee, inderdaad.

De Fransen werden altijd al beschouwd als goede soldaten.

Ik snap niet waarom ze nu zo apathisch zijn.

Hoelang bent u al in Frankrijk?

Sinds november 1940. Drieënhalf jaar.

Veroordeel de Fransen niet te snel.

Het duurt even om ze te begrijpen.

Het kan vier of vijf jaar duren, maar u zult ze leren kennen.

Ik hoop het. -Ik ook.

Wie speelt die muziek? -Dat is de fonograaf van mijn zoon.

Houdt hij van militaire muziek? -Ja.

Nou, tot ziens.

Inderdaad. Dag.

Waarom waren ze hier? -Voor mijn orchideeën.

Wat is er? U ziet er vreemd uit.

Mijn dochter is echt hartstikke nieuwsgierig.

Ze valt haar oude vader altijd lastig met zinloze vragen.

En mijn zoon doet me zweten met zijn trompetten.

HĂ©.

O, mijn knorrige oude vader. Ik hou van u.

Ja, oké.

Die fransozen. Het is oorlog, maar zij planten bloemen.

Helaas planten sommigen in Moissan ook bommen.

Ga uw gang, majoor.

Stop.

Alweer?

Ik hoor niks. -Er is een wagen.

Deze locatie is slecht. We moeten een nieuwe plek vinden.

Hij is gek. Het is een ezelwagen.

Ik hoorde dat ze in Tours hun detector in een hooiwagen verborgen.

Een ezel…

Als ze hier zijn, moeten ze zo aanvallen, via de gebouwen naar het noorden.

Het wordt hier een chaos. -Evacueert u uw familie?

Ik weet het niet. -Doe het.

Oké.

Ga uw gang.

'VERDACHTE ACTIVITEIT FABRIEK LAATSTE VIJF DAGEN…

…KRANEN OP LOCATIE… …KRANEN VAN 50 TON…

ELEKTRISCHE APPARATUUR SNEL GEĂŹNSTALLEERD AAN NOORDKANT

Stop.

Ga uw gang.

Kom kijken.

Halt. Papieren. -Ik pak ze.

Ik repareerde mijn motor.

Ik pak ze.

Hier.

Daar is het andere.

Voedsellevering.

Wagen met eten.

Lekker. -Ja, ja. Gut.

Voorlopig vallen ze ons niet meer lastig.

Oké? -Ja.

'VIJAND VERWACHT AANKOMST VAN ZWAAR GESCHUT…

TANKS OF VLIEGTUIGROMPEN.

IK HOU U OP DE HOOGTE. OVER EN UIT.'

Oké. Klaar. Simon kan gaan.

Als er problemen zijn moet uw familie…

Haal iets te drinken voor ons.

Graag.

Bedankt voor je zorgen.

Ik mag u. -Ik jou ook.

Mijn familie mag je ook. -Pardon?

Mijn familie mag je ook.

Mijn vrouw, mijn zoon… Iedereen.

Zet hier maar neer.

En een glas voor Simon? -Vergeten.

Hij komt wel als hij de fles ruikt.

Een mooie foto van Monique, hè?

Ja, hij is mooi. -Hij is mooi.

Monique gaf hem vorige week voor mijn verjaardag.

Van wat ik begrijp… Ik heb een idee.

Weet je wat ik denk? -Nee.

We geven ze een flinke klap.

Laten we het hopen.

Maar…

Als u de aanval beveelt…

…laat u uw familie toch niet in de vuurlinie?

Ik weet het niet. Moissan heeft niks te vrezen.

Er zit een hooiveld tussen.

Wat staat er bij de fabriek? -Vier huizen.

Dat van ons, Renaud, Vimont, Charrat.

Allemaal vrienden.

En ik moet het teken geven.

Soms is dit werk…

Stop daarmee.

Wat is er met jullie?

Jullie vechten als idioten.

Was de volwassenenoorlog niet genoeg?

Hij noemde mijn vader een collaborateur.

Ik ben geen lafaard. Wacht maar af.

Meneer Martin, u bent hier…

U spreekt geen Duits, of wel?

Nee, en zoals ik zei, heb ik daar spijt van.

Ik wil u vragen of u de vermiste Jourdan kent.

Ja, ik ken meneer Jourdan. Ik heb hem al even niet gezien…

…maar ik wist niet dat hij vermist is.

Kende u hem goed?

Nee, maar lang genoeg om te concluderen dat hij een schoft is.

Wat bedoelt u daarmee?

Een echte schoft.

Leg uit. -Hij was een gaullist.

Nee.

Hoezo, nee?

Nee.

Ik kan u in vertrouwen nemen, want u bent een goede Fransman.

Hij was een van onze agenten.

Hij was een…

Kom binnen.

Pardon.

Stoor ik? -Natuurlijk niet.

De commandant van het konvooi van 20 brandstoftrucks van vanavond…

…heeft getelegrafeerd dat hij er pas rond middernacht is.

U hoeft zich geen zorgen te maken.

Hij had een lekke band en is net buiten Poitiers.

Leveren we morgen nog steeds aan de barakken in Marmont?

Wat is er? Bent u gewond? -Het is niks.

Ik struikelde op de terugweg over een vuilnisbak.

Maar de maan schijnt. -Ik denk dat je arme vader gek wordt.

Nee, hoor.

Nee?

Hij doet zelfs heel dappere dingen.

En niemand denkt het behalve zijn nieuwsgierige dochter.

Waar heb je het over?

Laat maar. Ik weet wat er is.

Wat? -Alles.

Kom op.

Hou je gekke gedachten voor je.

Ik ben te trots om uw geheim te willen delen.

Zeg niks tegen je moeder of broer.

Al onze levens staan op het spel.

En nu naar bed.

Luister… -Wat?

Is Jean uw rechterhand?

Het klinkt alsof je dat fijn vindt. -Waarom?

Verberg je iets?

Ik ben trots op u.

Alweer? Naar bed.

Tijd om te slapen. -Als dat lukt.

Ik maak me zorgen om u.

Maak je geen zorgen. Ga naar bed.

Later… Binnenkort…

Wees niet bang. Er komt een grote knal.

Een grote knal? -Ja.

Twintig brandstoftrucks worden opgeblazen bij de barakken.

Dat heb ik tenminste gehoord.

Hebt u dat gehoord? -Ja.

U weet veel, meneer Orchidee.

Ja. Ga nu.

Kom mee. -Waarheen?

Naar de zolder.

Zie je de garage van de barakken?

Het grote zwarte plein links van het gebouw. Daar.

Ik zie hem.

Daar is de explosie.

Hoe hebt u het gedaan? -Ik leg het later uit.

Weet je wat dit betekent?

Er is tijd verstreken sinds…

Pelletier… -Wat?

Wat is er?

Je hebt het koud. -Nee, ik ben nerveus.

Arme meid. Ik betrek je bij dingen waar je niet klaar voor bent.

We gaan naar beneden. Je hebt het ijskoud.

Er is iets mis. -Waar bent u bang voor?

Geen idee. Alles.

Vooruit.

Oorlog is vreselijk.

Ja, inderdaad.

Maar de mannen die omkomen, hadden thuis moeten blijven.

Ze waren niet uitgenodigd.

Wie is deze vrouw?

De schoonmaakster. Ze heeft een flesje inkt gebroken.

Hij zei dat je moet opschieten.

We hebben het kantoor nu nodig.

DUITSE POLITIE MOISSAN-FABRIEK SPECIALE LEVERING ZONDAG 20 JUNI

ZONDAG 20 JUNI

ZONDAG 20 JUNI

ZONDAG 20 JUNI

HĂ©. -HĂ©.

En de landing? -Ik bemoei me niet met de oorlog.

Dat is heel slim. -Je bent vroeg op.

Ik zocht je gisteravond.

Waarom? -Ik wilde gedag zeggen.

ZONDAG 20 JUNI

ZONDAG 20 JUNI

Je informatie was juist. Ze zijn daar iets van plan.

Allemaal voor zondag. -Dat klinkt onmogelijk.

Ja, maar het is waar. Ze bouwen een verhoogd dok.

Zie je? -Ja.

Om voertuigen over te laden? -Je ziet het plan.

Van Duitsland naar hier met de trein en dan met vrachtwagens naar het strand.

Ik heb erover gelezen. Een soort grote torpedo met een cabine.

Een soort Nautilus, met twee mannen erin.

Dat kan problemen veroorzaken voor Normandië.

Ze leggen er honderden in het water.

We moeten iets doen.

Daar hebben ze heel veel trucks voor nodig.

Ja, maar niet zo veel.

Hoe groot is een dwergonderzeeër? -Een stuk of tien… O.

Wat? -Ik zie er een.

Ze hebben er al een.

Het is een dwergonderzeeër. Geweldige tip.

Kijk eens, snel, links. Ze plaatsen hem op een spoor. Zie je?

Goede sigaar.

Je ziet de glazen koepel voor de stuurman tijdens het duiken.

Is het glas? -Een soort plexiglas.

Dus…

Ga terug naar je bron.

Kijk of de sigarendoos echt op zondag vol zal zijn.

Geven we het dan meteen door aan Londen?

Natuurlijk.

Ja?

U wilde me spreken? -Ja, doe de deur dicht.

Ik heb antwoord uit Londen.

En?

Ze bombarderen de fabriek zondag om 22.00 uur.

Jij moet me helpen om de buurt te redden.

We hebben onze hersens gepijnigd en kunnen niks bedenken.

Ik heb een idee. Niet geweldig, maar er is geen keuze.

Kinderen…

…we doen alsof we een familiefeest houden.

We doen alsof jij verloofd bent.

Zondagavond nodigen we al onze buren uit in de Coq Hardi, vijf kilometer verderop.

Geen zorgen.

Als het voorbij is, leggen we het aan iedereen uit.

Maar zullen ze allemaal komen?

Ze houden allemaal van een feest, dus ze komen wel.

U hebt ruzie met Charrat.

Ik haal hem wel over.

Kun je je met iemand verloven? Misschien Simon?

Het is heel plotseling omdat je verloofde moet vertrekken en zo.

Oké? -Wat u wilt, vader.

Geen bezwaren, Simon, Pelletier?

Sommige mensen hier weten dat ik al getrouwd ben.

Mijn vrouw is in Dakar, maar toch… -Juist.

Het doet er niet toe. En jij, Pelletier? Wil jij het doen?

Misschien kan ik die rol beter spelen.

Jij mag je opofferen. -Dat bedoelde ik niet.

HĂ©.

Dus het is geen probleem? -Ik doe wat u wilt.

Ben je nog niet verloofd? -Nee.

Zei je niet dat je twee bastaardkinderen had?

Meneer.

Sorry, ik verwar je vast met iemand anders.

En vind jij het geen probleem?

Nee, niet om onze buren te redden.

Jij offert jezelf ook op.

Dan zeg ik het tegen je moeder.

Wacht. Ze zal zeggen dat we het hier moeten vieren.

Madeleine?

Madeleine.

Houdt hij je voor de gek?

Gefeliciteerd.

Bedankt.

Ze is een goede actrice.

Ik heb goed nieuws.

En ik heb slecht nieuws.

Wat is er? -Moeder, wat is er?

'Beste ouders, ik ga bij het Verzet…'

Lieve hemel, het is Pierre.

'Minstens één familielid moet het doen.'

Dwaze jongen.

Wat wilde je zeggen?

Jean en ik zijn verloofd.

Houden jullie van elkaar?

Houden jullie van elkaar?

Ik weet nooit wat er gebeurt.

Inderdaad.

Nee. Sorry, maar ik weiger.

Charrat, zo kun je mijn dochter niet behandelen.

Ik hou van mijn rust.

Zondag is het daar stiller dan…

Praat geen onzin.

En dat niet alleen. Ben je vergeten dat we ruzie hebben?

Nee, al mijn buren zijn mijn vrienden. Iedereen komt, dus ik nodig jou ook uit.

En ik kom niet.

Je maakt me mijn rechten afhandig en nu…

De landmeter zei dat ik gelijk had.

Dat stuk land is van mij.

Je mag het hebben als je naar Moniques verlovingsfeest komt.

Echt?

Ja.

Iedereen mag komen, zelfs oma.

Ze is net 82 geworden.

Natuurlijk kom ik.

Je leerling ook.

Echt? -Iedereen.

De Vimonts en de Renauds komen. De meid, de opa, iedereen.

De opa? Die oude dwaas?

Ja. Iedereen.

Je bent een goede man, Martin. -Zo erg ben ik niet.

Bedankt voor jullie plichtsgevoel en het uitvoeren van deze missie.

Vader? -Ja?

Ik wil u iets vragen. -Ga je gang.

Kan onze verloving meer zijn dan doen alsof?

Dwaze meid. Voor mij was het nooit een grap.

Waar denk je dat je bent? -Op ons verlovingsfeest.

Inderdaad.

Martin. -Ik kom. Het eten was niet geweldig.

Het is jouw schuld. -Natuurlijk.

Het is ver weg en slecht.

Hij wilde dat we zouden komen.

We hadden onder de kastanjeboom kunnen zitten.

Heb je iets van je zoon gehoord?

Nee, ik denk steeds aan hem. Ik maak me vreselijk zorgen.

Het is vreemd dat Simon er niet is.

Hij is laat. Hij heeft het druk met verzekeringen.

Juist.

Martin en Pelletier lijken het tegenwoordig druk te hebben.

Heel druk.

En Simon? -Daar is hij.

Eindelijk ben je er.

De laatste Duitse trein arriveerde stipt om 21.00 uur.

Hopelijk schieten onze vrienden vanavond op.

Het is tien voor. Hopelijk zijn ze niet te laat.

Er zitten minstens 30 sigaren in die doos.

Ga ervan genieten.

Simon. Een lied.

Dat zijn er ten minste zes.

De moffen gaan eraan.

Mijn god. -Daar is de rest.

Het is angstaanjagend…

Kom, we gaan schuilen.

Snel, kinderen.

O, Edouard.

Simon.

Dat zijn bommen.

Bij de fabriek.

Ik heb Zezette achtergelaten. -Wat?

Mijn kat. -Snel.

Simon, naar beneden. Het wordt menens.

Zorg met Pelletier voor de vrouwen.

Mijn arme orchideeën.

Luister…

Zijn ze op tijd? -Jij bent het.

Kom je? -Ja.

Als ze de fabriek raken, boffen we.

Ja. Maar ik ben in orde.

Ben je in orde?

Ik luister naar mijn intuĂŻtie. Het is hier.

Het is heel gevoelig. Het pikt alles op.

Nou…

En?

Vorige week zei ik dat je een goede man was.

Je bent veel meer dan dat.

Boem.

Het is vreselijk dat ik je stuk land aanvaard.

Als jij het zegt… -Ik wil het niet. Ik geef het terug.

Ik ben je oude vriend.

Het klinkt gek, maar ik ben helder.

Dat is voor later. Na de oorlog.

Wat zeg je ervan? -Bedankt.

Bedankt.

Het is de fabriek, hè?

Raak.

Alle getroffen gebouwen…

Deze zijn licht beschadigd en deze volledig verwoest.

Er zijn weinig Franse huizen geraakt.

Alleen Martins kas… De orchideeën. Kapot.

Daar wil ik wat over zeggen.

Geen slachtoffers onder de bevolking?

Daar wilde ik het over hebben.

De bewoners waren gewaarschuwd, want niemand was thuis.

Ze waren op het verlovingsfeest van juffrouw Martin.

Slag één voor Martin.

Martin was bij Jourdan toen hij verdween.

Slag twee voor Martin.

Slag drie voor Martin.

Hij was in mijn kantoor toen die idioot…

…me kwam zeggen dat de brandstoftrucks vertraagd waren.

Hallo? Ja.

Nu? Hallo?

Hallo?

Ik ga. Ze komen me arresteren. Waarschuw Pelletier.

Morgen zien we elkaar zoals altijd.

Verbrand dit in je kamer.

Gaat u nu? -Ik moet wel.

Vader…

Zeg niks tegen je moeder.

Goedenavond, meneer Martin.

Gaat u wandelen?

Mag ik met u meelopen?

Naar de Kommandantur.

Edouard, waar ben je?

Monique. Edouard. Waar zijn jullie?

Edouard.

HĂ©.

Laat me eruit.

Ik heb de sleutel niet.,

Laat me eruit. -Je hoeft niet zo te schreeuwen.

HĂ©.

De Amerikanen zijn in Maintenon.

Kun je me vrijlaten voor ze in Parijs zijn?

Ik heb geen sleutel. -Wie wel?

De luitenant. Hij is nog in Beaurepaire.

Hier zullen ze voor boeten. -Het is voor je eigen bestwil.

Je kunt niet vechten. -O, nee?

Hou je mond.

Wie blies vorige week de munitietruck op?

En je schakelde de rest van ons ook bijna uit.

Ik ben hier niet gekomen om bij de varkens te zitten.

Kop dicht. Wat doen ze in Beaurepaire?

Ze vallen een konvooi aan om neergeschoten parachutisten te redden.

Ik hoor een auto.

Zijn ze hier?

Snel. We hebben een gewonde.

Hij moet worden verzorgd. -Ik heb een kamer in de buurt.

Neem hem mee.

Dat duurde lang.

Langer dan een half uur.

Heb je de mannen tenminste?

Ja, maar de moffen wilden ze doden.

Eén is dood en twee leven er nog. We hebben iedereen meegenomen.

Eén man is geen parachutist. Hij is 60 jaar oud.

Dus je had de sleutel.

Kop dicht.

Daar…

Kom op.

Kom op.

Sorry. Drie kogels in de maag.

Dood? Dat is twee van de drie.

Laat hem erdoor.

Hij is Brits. Hij is eergisteren geland.

En de andere? -Haalt de oude man het?

We moeten het bloeden stoppen.

Hij werd in zijn benen geraakt.

Zijn hart is zwak.

Haal hem eruit. Zoek een kamer.

Bij de bakker? Vooruit.

De oude man was geen parachutist.

Hij is het hoofd van een cel. -Echt?

Ik ken hem. Hij komt uit Moissan. Hij heet…

Ik kom uit Moissan.

Aan de kant. Geef hem de ruimte.

Aan de kant.

Bescherm hem tegen de zon.

Hoe heette hij?

Dupont, denk ik.

Of Dubois. -Martin?

Ja, dat is het.

Is hij een leider? -Ja.

Blijkbaar over ons allemaal.

Ons allemaal?

Wat is er? Huil je?

Hij is mijn vader.

Geef hem de ruimte.

Vooruit. -Hij is mijn vader.

Vooruit.

Wil je geen burgemeester zijn? -Nee.

Ze hebben Berlijn ingenomen. -Ja. Het is voorbij.

Waarom wil je geen burgemeester zijn? -Ik vocht niet om een gouden ster.

Mijn kameraden en ik vochten om ze eruit te zetten.

Deze vreugde zal de Fransen samenbrengen.

Denk je? -Laten we het hopen.

Tijdens ons laatste kaartspel vielen we elkaar bijna aan.

Nu al? -Er was een scheuring.

Pierre, moeder wil je rantsoenkaart. Ze gaat naar de stad.

Nou en? Over een week gebruiken we die niet meer.

De geallieerden zullen ons voldoende proviand sturen.

Dag.

Hier is de post. -Geef ik haar de kaart of niet?

Doe maar. Soms kan de zee ruw zijn.

Van de belastingdienst. Dat is voor later. Hier heb ik op gewacht.

Pak mijn bril. Ik wil dit meteen lezen.

'Bloemen voor volgend seizoen.'

Edouard. Kom je pil innemen.

EINDE

Ondertiteld door: Maaike van der Heijden

Can't find what you're looking for?
Get subtitles in any language from opensubtitles.com, and translate them here.