Afrikaans
Akan
Albanian
Amharic
Armenian
Azerbaijani
Basque
Belarusian
Bemba
Bengali
Bihari
Bosnian
Breton
Cambodian
Catalan
Cebuano
Cherokee
Chichewa
Chinese (Simplified)
Chinese (Traditional)
Corsican
Croatian
Czech
Danish
Esperanto
Estonian
Ewe
Faroese
Filipino
Finnish
French
Frisian
Ga
Galician
Georgian
Guarani
Gujarati
Haitian Creole
Hausa
Hawaiian
Hebrew
Hindi
Hmong
Hungarian
Icelandic
Igbo
Indonesian
Interlingua
Irish
Italian
Japanese
Javanese
Kannada
Kazakh
Kinyarwanda
Kirundi
Kongo
Korean
Krio (Sierra Leone)
Kurdish
Kurdish (Soranî)
Kyrgyz
Laothian
Latin
Latvian
Lingala
Lithuanian
Lozi
Luganda
Luo
Luxembourgish
Macedonian
Malagasy
Malay
Malayalam
Maltese
Maori
Marathi
Mauritian Creole
Moldavian
Mongolian
Myanmar (Burmese)
Montenegrin
Nepali
Nigerian Pidgin
Northern Sotho
Norwegian
Norwegian (Nynorsk)
Occitan
Oriya
Oromo
Pashto
Persian
Polish
Portuguese (Brazil)
Portuguese (Portugal)
Punjabi
Quechua
Romanian
Romansh
Runyakitara
Russian
Samoan
Scots Gaelic
Serbian
Serbo-Croatian
Sesotho
Setswana
Seychellois Creole
Shona
Sindhi
Sinhalese
Slovak
Slovenian
Somali
Spanish
Spanish (Latin American)
Sundanese
Swahili
Swedish
Tajik
Tamil
Tatar
Telugu
Thai
Tigrinya
Tonga
Tshiluba
Tumbuka
Turkish
Turkmen
Twi
Uighur
Ukrainian
Urdu
Uzbek
Vietnamese
Welsh
Wolof
Xhosa
Yiddish
Yoruba
Zulu
Er was eens een vredig koninkrijk...
geregeerd door een rechtvaardig koningspaar.
Hun allergrootste wens was een kind.
Op een winternacht raasde een storm over hun land...
en die bedolf het koninkrijk onder een laag sneeuw en ijs...
maar gaf hen ook het allermooiste geschenk.
Er werd een prinses geboren.
Ter ere van die nacht noemden ze het meisje Sneeuwwitje.
De koning en de koningin leerden Sneeuwwitje...
dat wat op het land groeit, toebehoort aan hen die ervoor zorgen...
en hoe je regeert met liefde.
Want later zou zij de leider worden.
Kijk eens naar dit land waar wij zijn opgegroeid...
met magie en licht voor jou en mij...
waar we de zaadjes planten en alles groeit en bloeit...
een koninkrijk voor wie eerlijk is en vrij...
diep onder de grond waar de wonderen zijn...
in de velden met vruchten zo zoet...
schatten van edelstenen in de mijn...
en wij delen al die overvloed...
van de hoogste berg tot onder de grond...
een gouden lucht een rijk zo gezond...
wij bewerken het land met gulle hand...
en de beloning groeit...
waar het goede bloeit...
waar het goede bloeit...
doe een wens voor wat je worden wil...
vertel eens wie je eens zal willen zien
Toe maar.
Ik zie alleen maar water...
en een dochter, moeder, vader...
en de zaadjes van een leider...
waardoor het goede bloeit...
een onbevreesd...
een onbevreesd...
en eerlijk mens...
en eerlijk mens...
moedig...
moedig...
en oprecht...
en oprecht...
doe een wens en dan zie je haar nu echt...
van de hoogste berg tot onder de grond...
een gouden lucht een rijk zo gezond...
wat wij doen is geven omdat we hier leven...
het is met ons vergroeid...
waar het goede bloeit...
waar het goede bloeit
Hoi.
Het koningspaar zag vol trots...
hoe Sneeuwwitje opgroeide tot een lieve, eerlijke prinses.
Maar toen sloeg het noodlot toe.
Sneeuwwitjes moeder werd ziek...
en de Goede Koningin stierf.
Sneeuwwitje en de koning waren ontroostbaar.
Totdat...
een betoverende vrouw van ver opdook in het paleis.
Zo beeldschoon dat ze wel over buitengewone krachten moest beschikken.
Ze trouwde met de koning, maar ze bleek anders dan ze leek.
Ze was kwaadaardig.
Ze gaf alleen om haar eigen schoonheid en de macht die haar die gaf.
Om die macht te beschermen...
gebruikte ze een toverspiegel, voor één simpele vraag.
Spiegel, spiegel aan de wand...
wie is de mooiste van het land?
U, mijn koningin...
van alle vrouwen, o zo mooi...
bent u de allermooiste ooit.
De nieuwe koningin greep meteen de macht.
Ze waarschuwde voor een groot gevaar vanuit het zuiden.
De Goede Koning zwoer zijn burgers te verdedigen.
Onbevreesd - Eerlijk - Moedig - Oprecht...
bewaar dit goed tot ik weer terug bij jou ben
Maar de koning kwam niet terug.
Angst heerste in het koninkrijk.
De koningin werd steeds machtiger.
De boeren werden soldaten, trouw alleen aan haar.
En alle rijkdommen eigende zij zich toe.
Sneeuwwitje werd een dienstmeid...
en opgesloten in het kasteel.
Maar zolang de toverspiegel zei dat de koningin de mooiste was...
was Sneeuwwitje veilig voor haar wrede jaloezie.
Van de hoogste berg...
tot onder de grond...
waar is die gouden lucht?
Was dit rijk ooit gezond?
Was 't toen echt zo fijn?
Zal het ooit weer zo zijn?
Ik was er zo mee vergroeid
De jaren verstreken en de mensen vergaten bijna...
dat er ooit een prinses Sneeuwwitje was.
Met het goede dat bloeit
En in alle eerlijkheid...
Sneeuwwitje vergat ook bijna zichzelf.
Hallo?
Pardon, kan ik u misschien helpen?
Nee hoor, ik neus even rond.
Wilt u die terugleggen?
Ach, de koningin heeft meer dan genoeg.
En dat is uw excuus om te stelen?
Wij hebben honger, dat is mijn excuus.
Ik zal 't tegen de koningin zeggen.
Denk je dat zij met ons willen delen? - De prinses wel. Sneeuwwitje.
Die is al jarenlang onzichtbaar. Die gaat niemand helpen.
Ze denkt altijd aan haar volk.
Nou, zeg dan maar dat ze moet stoppen met denken...
en dingen moet doen.
Een indringer, deuren dicht.
Pak ook maar wat.
En deel de rest met je prinses.
Misschien weet ze het niet.
Als de koningin wist van die honger, gaat ze heus wel delen.
Ik ga het proberen.
Al is het maar een wens.
Sneeuwwitje, heb je je taken gedaan?
Jawel, Majesteit. - Iedereen moet z'n deel doen.
Daar wilde ik het over hebben. Delen.
Vertel, wat zei je nou?
Nou...
Majesteit, de mensen lijden...
en mijn ouders en ik plukten vroeger altijd appels.
Dan bakten we taarten voor het dorp. - Taarten?
We gaan ze geen luxe dingen geven, dan raken ze in de war.
Maar soms kan iets kleins, iets liefs...
je het gevoel geven dat er meer is dan alleen bestaan.
Ik kan me niet herinneren dat jij een mening was toegedaan.
Mijn excuses, maar...
Ze willen iets vriendelijks zien.
Onbevreesd, eerlijk, moedig, oprecht.
Hoe ouderwets.
Eens zul je begrijpen hoe zinloos die woorden zijn.
Maar ik zal je nu alvast...
wat laten zien.
Kijk goed.
Prachtig, toch? - Jawel, Majesteit.
De een is zwak, nutteloos, fragiel.
De ander is hard, onverzettelijk...
eeuwigdurend en vlekkeloos...
mooi.
Mijn onderdanen willen geen bloem, maar een diamant.
Hoogheid... - Laat me los.
Deze schurk zat aan de koninklijke voorraden.
Niet waar.
Ben jij een van die bandieten die stelen uit naam van de koning?
Nee, Majesteit. Niet een van die bandieten, maar de baas.
Trouw aan de ware koning.
Ga naar zijn huis en steek het in brand.
Nou, ik heb geen huis.
Breng hem naar de kerker. Dan kan hij daar jammeren.
Majesteit...
Ik geloof in het belang van recht, maar dit is niet eerlijk.
Wat zeg je?
De straf mag niet zwaarder zijn dan het misdrijf...
en mijn vader zou... - Je vader?
Je vader?
Mijn vader zou genade tonen.
Sorry, je hebt gelijk.
Deze dief heeft van mij gestolen, dus dan steel ik iets van hem.
Trek zijn jas en laarzen uit en bind hem aan de poort.
Kan ik nog de kerker in? - Voer hem af.
Dat wordt zijn dood. Majesteit. - Sneeuwwitje.
Hier...
kijk naar jezelf.
Dit is toch wat je wil?
Toe maar, spreek je volk toe.
Ze wachten op je.
Op je taarten en je wijze woorden.
Wat ga je zeggen?
Dat je een toetje voor ze hebt?
Je leeft in een wereld van wensen. Ga terug naar je put, Sneeuwwitje.
Klein meisje bij een eenzame put...
met steeds datzelfde verhaal...
gevangen binnen de muren...
vast in het verhaal dat ze hoorde...
weer een dag dat ze meer vervaagt...
doet alles wat men van haar vraagt...
dromend, heel alleen...
deelt ze geheimen met een steen...
mijn vader vertelde, lang gelee...
ik doorstond een storm van sneeuw...
zal ik dat meisje ooit weer zien?
Wachtend op een wens...
onder de hoogste boomtop...
en als de zilveren lucht stopt...
fluister ik iets tot het water...
wachtend op een wens...
op die ene dag...
dat het dan gebeuren mag...
en dat ik word zoals mijn vader...
ik sluit mijn ogen en dan verschijnt...
het meisje dat ik moet zijn...
is zij een deel van mij dat ik nog moet vinden?
Zal ze ooit verschijnen?
Of blijf ik voor altijd hier?
Wachtend op een wens?
Klein meisje in een duister woud...
ze wil zo graag een goed mens zijn...
maar in dit duistere koninkrijk is het goede reeds vergeten...
staat ze op of buigt ze haar hoofd?
Wordt ze de leider of uitgedoofd...
is zij het meisje dat ze altijd wilde worden?
Ik wacht op een wens...
onder de hoogste boomtop...
en als de zilveren lucht stopt...
ik wil die muren achter me laten...
wachtend op een wens...
op die ene dag...
dat het dan gebeuren mag...
dat een wonder mij zal vinden...
ik sluit mijn ogen en dan verschijnt...
het meisje dat ik moet zijn...
is zij een deel van mij dat ik verbergen moest?
Is zij straks ineens daar?
Of moet ik nog een jaar...
wachten op een wens?
Het enige wat je moet doen...
is je wens uit laten komen...
als een echo, echo, echo...
je stem klinkt door...
en haalt je droom naar voor...
als een echo, echo, echo...
ik hoor de echo duidelijk en luid...
maar ik wacht nog immer hier
Kom op, doorlopen.
Doorlopen.
Hou je mond.
Het is niet veel, maar...
Hoe is het daar?
Kom zelf maar kijken.
Dat kan niet. - Je gaf de koningin wel weerwoord.
Je bent best wel moedig. - Moedig?
Bewaak de omgeving.
Je moet gaan. Snel.
Dank je. - Ga.
Wachtend op een wens...
als ik fluister tot het water...
wachtend op een wens...
is die ene dag nabij?
Dat ik dan...
word zoals mijn vader?
Iemand die durft...
te spreken zonder vrees...
iemand met voldoende moed...
die niet gered worden moet...
dromen kan altijd...
maar dan...
word ik weer wakker als mezelf...
wachtend op een wens...
wachtend op een wens...
wachtend op een wens
Spiegel, spiegel, aan de wand.
Wie is de mooiste van het land?
Befaamd is uw schoonheid, Majesteit.
Maar wacht...
een schone dienstmaagd...
is opgestaan.
Niets kan haar schoonheid verhullen.
Want ik zie nu...
zij is nog veel mooier dan u.
Nee.
Jager. - Majesteit.
Breng Sneeuwwitje naar het bos.
Naar een afgelegen plek waar ze appels kan plukken...
en daar...
mijn trouwe jager...
dood je haar.
Maar, Majesteit...
ze is maar een meisje.
En ik ben jouw koningin.
Zij heeft die bandiet bevrijd, ze heeft iets tegen mij.
Vertel eens...
ben jij ook tegen mij?
Nou? Ja of nee?
Nee, Majesteit.
Breng haar naar het bos. En dood haar.
Snij haar hart eruit, en doe het in dit kistje.
En als je terugkomt, krijg je alles wat je hart begeert.
Wil je er een?
Je bent erg aardig.
Het is al laat.
Waarom?
Waarom?
Vlucht het bos in.
De koningin is woedend. - Ik kan niet weg.
Ze is het kwaad. Een leugenaar.
Je kent 't verhaal van je vader niet.
Ga.
Wat is er met mijn vader? - Ga nou. Voordat ik me bedenk.
Ga.
Hallo?
Is hier iemand?
STOETEL - NIEZEL - GIECHEL
je krijgt 't niet cadeau...
vroeg uit je bed -zo is 't maar net...
die haan kraaide weer zo...
eerst een hap -een bordje pap...
en dan zeggen we -hatsjie
Gezondheid. - Dank je.
Weet je waar ik allergisch voor ben? Van die sukkels achter mij
Grumpy, die sukkel ben jij...
je krijgt 't niet cadeau...
geen gepruts na zo'n nachtje rust...
dus yo, ik ga weer slapen zo
Hallo?
Ik dommel. - Dat weten we.
Al die praatjes vullen geen gaatjes...
en go...
onder de grond, kijken wij goed rond of een steen wel stralen wil...
hou die diamant maar in je hand dat licht verlicht de hele mijn...
daal af naar benee, neem je houweeltje mee zet je beste beentje voor...
kom van je kruk sla die stenen maar stuk...
we hakken maar door en zingen in koor...
zo blij was ik nog nooit...
we zijn zo druk, hakken alles stuk...
en mijn geluk is groot...
ik word rood...
ik giechel -weten we...
wat een gekwijl, mag ik een teil?
En graven, graven, graven maar er wordt echt nooit gestopt...
ja, graven, graven, graven maar we graven alles op...
diamanten zien we telkens weer...
robijnen -en nog meer...
edelstenen gaan we voor dus we graven alsmaar door...
het zit erop, ziezo...
het werk is gedaan...
o ja? - We gaan...
zing luid, fortissimo...
o jee, ik schaam me zo...
en dan ga ik altijd heel erg blo...
blozen -weten we...
zo hard je kan daar gaan we dan...
nu graag geen grap -tijd voor een hap...
en slaap -amen...
en dan weer aan het werk
Rustig met die deur, Doc. - Lekker thuis.
We zijn weer gearriveerd in ons onderkomen.
Is het hier nou zo stoffig? - Dat ligt aan jou.
Ik moet even flossen.
Dat is... Dat is een...
Wat?
Gaat ie weer. - Narcolepsie.
Ik dacht dat ie ergens van schrok.
Waarvoor dan?
Schrikken maar.
Blokkeer de deur.
Waar is Stoetel?
Niet bewegen. Boemannen ruiken angst.
Welnee, het is een geest. - Verstoppen?
Of heel hard brullen? - Hangt van de boeman af.
Het is geen boeman. - Een duivelsgeit.
Niet aankijken.
Als je ectoplasma ziet, niet aanraken. - Zweeft ie?
Voorzichtig, Stoetel.
Wees niet bang.
Het is al goed.
Ik wilde je alleen maar ontmoeten.
Hoe heet je?
Kan je niet praten?
Geef onze vriend terug.
Wacht nou even.
Maar... - Een mens.
Wat dacht je dan?
Niks. - Geest.
Waar kom je vandaan? - Heb je honger?
Kunnen we vrienden zijn? - Hoe heet je?
Doe niet zo aardig. De enige mensen hier in het bos zijn bandieten...
die uit naam van de koning vechten.
Je wordt gezocht, hè?
Ik ga maar weer. - Zie je?
Nee, wacht nou. - Laat haar gaan.
Vertel nou eerst wie je bent. - Ja.
Mijn naam is Sneeuwwitje.
Sneeuwwitje? - De prinses?
Linke soep. - We moeten haar helpen.
Is ze geen geest? - Waar ga je naartoe?
Zo ver mogelijk weg van het kasteel. - Waarom dan?
De koningin wilde me vermoorden.
Meen je dat echt? - Da's verschrikkelijk.
En daarom moet je weg.
Je kan hier blijven tot je weet waar je heen wil.
Wat een geweldig idee. - Ho nou even.
Voor het eerst in 275 jaar zien we hier een mens...
en jij wil dat ze blijft? - Zei hij nou 275 jaar?
274 om precies te zijn. Wij zijn zo oud als de bomen.
Mijn ouders zeiden al dat dit bos magisch is.
En mensen zorgen alleen maar voor narigheid.
Ik weet niet hoe je heet.
Ik stel ze wel voor, in willekeurige volgorde.
Bloosje. Stoetel.
Grumpy. Giechel.
Dommel. Niezel.
En ik heet Doc.
We zouden het nu toch andersom doen? - Dat was de vorige keer.
Dus dan is het Niezel, Dommel, Giechel, Grumpy, Stoetel, Doc en Bloosje.
Ongelofelijk. - Hoe doet ze dat?
Mijn moeder zei altijd dat namen belangrijk zijn.
Je kan ook beginnen met de langste tenen. Die heb ik.
Als dat helpt. - En wat doen jullie in het bos?
Nou, wij mijnen in de mijnen. - Daar vind je van alles.
Van die glinsterende stenen.
Waar magie nog steeds bestaat. - Niet als zij ons niet verlaat.
Het is al laat.
Het gaat erom dat Sneeuwwitje geen gevaar loopt.
Toch, mannen? - Ja.
Absoluut. - Bezwaar.
Oké. Niet op hem letten.
Dan blijf ik wel één nacht. - Eén nacht, en dan wegwezen.
Kom maar. - Welke maat sloffen heb je?
Leuk, een slaapfeestje.
Hier ben je veilig voor de koningin.
Spiegel, spiegel, aan de wand.
Wie is de mooiste van het land?
Ver buiten het kasteel...
ergens in het bos, woont...
Sneeuwwitje...
de allermooiste in het land.
Nee.
Ik spreek slechts de waarheid nu.
De mooiste leeft.
En ik bedoel niet u.
Een klein kinkje in de kabel...
iemands hart werd weer te zwaar...
dus wie kan het weer opknappen?
Raad maar...
hoe pak je een verrader aan?
Die laffe versie van een man?
Geef hem zijn straf...
en maak hem af...
gewoon omdat ik...
dat kan
Dus je hebt niet gedaan wat ik zei?
Ik verdien geen genade...
maar als u maar een greintje heeft...
dan smeek ik u, schenk haar dat dan.
Misschien was ik warrig maar ik heb niks aan jouw advies...
ik vind het ook wel grappig maar aardig zijn dat vind ik niets...
met aardig zijn kom je nergens van aardig zijn krijg ik jeuk...
wie ambities heeft moet gemeen zijn...
dan wordt het pas leuk...
dit wordt leuk...
alles mag als drager van de kroon...
een koningin kan doen wat ze wil...
ik spaar je...
of ik dood je gewoon...
als het moet leg ik de hele wereld stil...
ik vergeef en vergeet laat je leven, als je 't maar weet...
maar 't is hard, ik heb geen hart da's jou welbekend...
dus alles is mooi...
als je de allermooiste bent...
misschien heb je gehoord...
dat schoonheid vooral vanbinnen zit...
wie dat heeft gezegd...
weet niet hoe het zit...
het gaat om goud en glitters en stenen, juwelen...
schoonheid is macht dus ik heers over velen...
alles is mooi...
als drager van de kroon...
dus sta me niet in de weg...
als je niet doet wat ik zeg...
dan ga je de kerker in...
maar als je je klus hebt geklaard dan ga ik weer door...
en dan zeg ik gewoon spiegel aan de wand...
wie is de mooiste?
De mooiste in het land?
En dan noem je mijn naam
Kapitein, doorzoek het bos en vind Sneeuwwitje.
Kom niet terug zonder haar.
Alles is mooi...
als jij de mooiste bent...
in het land
Het is niet eerlijk.
Het is ochtend en ze is er nog steeds.
Ze gaan haar zoeken...
en als ze haar vinden...
Wat zeg je daarop?
Grumpy, je weet dat Stoetel niet praat. - Omdat ie een stoetel is.
Omdat ie Stoetel heet, wil niet zeggen dat ie een stoetel is.
Natuurlijk wel.
Jou noemen ze Giechel, omdat je altijd giechelt.
En ik heet Grumpy omdat ik...
niet begrepen word.
Shish kebab.
Pak aan.
Jongens, wees nou lief voor elkaar.
Stop.
Hé, jippiejajee.
Jij krijgt met de stok.
Kom hier.
Rustig.
Met je lange tenen.
Grumpy, dat kietelt.
Mijn voet.
O nee...
Peper.
Hij gaat niezen.
Stoetel, eten stop je in je mond.
Niet op je hoofd.
Je bent net je pap.
Snappie? Pap.
Gaat het?
Je zou je vast willen verstoppen.
Durf je niet te praten?
Laten we met wat kleins beginnen.
Mijn moeder heeft mij leren fluiten.
Dus als ik niet durf te praten, ga ik fluiten.
Fluiten is je hartje dat zingt.
En die stem, de stem van je hart, horen ze dan.
Zie je? Nu jij.
Alsof je een kaars wil laten flikkeren, niet uitblazen.
Je kan 't.
Ik wist het wel.
Kom mee.
Kom hier.
Geef terug.
Hebbes.
Wat is dat voor goddelijk geluid?
Is dat een zangvogel? - Het is Stoetel.
Net een engel.
Het is een truc. - Nee hoor.
Hoe doe je dat?
Lippen op elkaar, tong achter je tanden en dan fluiten.
Makkie.
Is dit normaal of een vriendending?
We zijn geen vrienden. - 275 jaar is een lange ruzie.
274.
Laat mij erbuiten. Ik ben de enige verstandige.
En daar luisteren ze niet naar? - Correct.
Duidelijk, meneer Grumpy. - Jij... Wacht even.
Wat?
Ik denk dat jullie gewoon wat beter naar elkaar moeten luisteren.
Ik dacht precies hetzelfde.
Hé, weg daar. - Ik zou daar niet in...
Ze voelt zich echt thuis. - Wat was dat ook alweer?
Jij doet de afwas.
Jij ruimt alles op.
Oké. - Kom op.
Jij haalt de spinnenwebben weg.
En jij...
neemt de bezem. - Ik?
Fluit onder 't werk...
en met z'n allen samen ruimen we alles op...
dus neurie maar wat leuks...
het is een fluitje van een cent als je vrolijk bent...
dus laat die bezem gaan ook al vind je er niks aan...
het is nu meer een spel en het is ook zo gedaan...
dus fluit onder 't werk
Komt vanzelf.
Het is net een dans, en alles glanst dus fluit onder 't werk...
fluiten onder 't werk...
het is gewoon een makkie als je 't met z'n allen doet...
dus fluit die melodie
Voor mij.
Als het leuk is, is het gepiept in de helft van de tijd...
ik had die borstel net -had je naam er dan op gezet...
hou je kop, of vreet 'm op...
als ik 'm in je bekkie prop...
fluit onder het werk...
borstelbonje heeft geen zin dus fluit onder het werk...
het is gewoon een makkie als je 't met z'n allen doet
Kijk Stoetel.
Fluit onder het werk...
we hebben alles flink gepoetst alles blinkt, da's wat ik zie...
dus neurie erop los...
dankzij die troep zijn ze nu een groep een echte familie...
het was hier altijd bal was net een zwijnenstal...
maar dankzij dat gefluit is het nu helder als kristal...
dus fluit onder het werk...
als 't leuk is, is het zo gepiept...
zo fijn als we met z'n allen zijn...
het is zo klaar, dus fluiten maar fluit onder het werk
Vrienden zijn is echt leuk. - En we hebben dus een oven.
Toen ik een klein meisje was, was elke dag zo.
Elke dag? - Elke dag.
Toen mijn vader koning was.
De koningin heeft gelogen over mijn vader. Over alles.
Wat als hij nog leeft?
Ik moet hem vinden.
Jullie hadden 't over bandieten in het bos?
Menselijke schurken. Het zijn gewoon dieven.
Eigenlijk zijn het boosdoeners die verdreven zijn...
door de hebzucht van de koningin...
en nu in een soort onduidelijke overgangsfase zitten.
Waar zijn ze? Als zij meer weten over mijn vader, wil ik ze vinden.
O nee, dat moet je niet doen. Te gevaarlijk.
Blijf bij mij.
Bij ons.
Ja, je bent net aan de koningin ontsnapt.
Gezondheid. Maar ik moet dit doen.
En Grumpy heeft gelijk.
Als ik hier blijf, komen jullie in gevaar.
Eindelijk.
De groeten. - Grumpy.
Nee, ik ga me niet langer verstoppen.
Bedankt voor jullie vriendelijkheid. - Wacht nou even.
Zelfs jij, Grumpy.
Goed, kunnen jullie me nu de weg wijzen?
We moeten werken. - Kom op...
Ik maak de hapjes. - Wakker worden, Dommel.
Mondje dicht.
Jij.
Die kant op, daar zijn de anderen.
Ik had niet gezegd dat je de paleiswacht mee kon nemen.
Ik heb ze ook niet gevraagd.
Ik moest vluchten, de koningin wil me dood hebben.
Kom mee.
Ik zoek mijn vader. Misschien kan jij me helpen.
Jij bent trouw aan de ware koning.
Precies.
Absoluut.
We hebben geruchten gehoord.
Ze zeggen dat hij gevangen zit in het zuiden...
Je hebt dus geen idee.
Ik stel blijkbaar teleur. Je zag me zeker als de reddende ridder.
Ik denk dat niemand je zo ziet.
Ik hoopte dat jij iets zou weten. - Natuurlijk.
Prinsessen wachten altijd op een prins.
Alleen mijn vader kan dit koninkrijk weer herstellen.
Een tikje laat, denk ik.
Je bent blijkbaar vergeten hoe 't was, toen de mensen aardig waren.
Ik wou dat ik de tijd had om aardig te zijn.
Het probleem is...
de tijden zijn niet zoet dus prinses, kijk eens goed...
kijk, wie niet pompt, verzuipt...
honger is een straf de gieren wachten af...
de toekomst ziet er somber uit...
voor als je 't niet wist...
en dat mag je nooit vergeten...
een mens moet kiezen...
gaat ie eten of wordt ie gegeten?
Verpest dat je dag? Staan de feiten je niet aan?
Word dan eens wakker of kan je dat niet aan?
Dat klinkt toch echt als prinsessengedrag...
het leven is gewoon gemeen...
maar jij hebt last van prinsessengedrag...
delen is dom, dat weet iedereen...
ik wil best aardig zijn zoals jij dat zegt...
als ik maar niet straks het loodje leg...
ik hou me aan mijn plan pak wat ik pakken kan...
ik leef niet in een fantasie...
want dat prinsessengedrag dat ken ik niet
Zo, geen aardappels meer?
Ik heb vele talenten.
Leuk gesproken, ben je om?
Niemand voor allen en andersom...
wat bied je toch veel hoop...
nou, hoop is dun gezaaid...
proberen kan geen kwaad...
wat vind je dan gewoon van leven?
Dus je geeft eraan toe?
Nee, maar dat je 't niet ziet...
met appeltaart verbeter je de wereld niet...
ja, een klassiek geval van prinsessengedrag...
een warm kasteel maar buiten is het koud...
ja, zie het maar als prinsessengedrag...
en alles voor jezelf vind jij niet fout...
wat hard, maar ik ben trots en jij vindt me te min...
het koninkrijk heeft hulp nodig...
ga dan naar de koningin...
maar ik blijf op de been kijk goed om me heen...
het zij zoals het zij...
want jouw prinsessengedrag slaat niet op mij
Beweeg je niet, dame.
Ik ben de rebel Quigg, meester van de kruisboog.
Handen omhoog.
En ga weg bij onze baas, dan gebeurt er niets.
Je hebt geen kruisboog.
Die is gestolen. - Het is oké. Ze hoort bij mij.
Baas? - En mijn collega's.
Trouw aan de koning? Je bent gewoon een boef.
De naam is Jonathan, prinses.
Niet Jonathan Prinses. Gewoon Jonathan...
prinses.
Kijk.
Je lijkt een lieve meid met je koninklijkheid...
maar in de ware werkelijkheid...
je prinsessengedrag...
slaat...
niet...
op mij...
het slaat niet op...
mij
De paleiswacht. Twee keer zoveel als wij.
We zijn op zoek naar prinses Sneeuwwitje.
Vlucht, prinses. - En jullie dan?
Wij houden ze wel tegen.
Ik doe mee. - Dat hoeft niet.
Dan is het eerlijker. - Ja, maar ik vecht niet eerlijk.
Niet schieten.
We weten waar de prinses is.
Nu.
Ik ga niet weg. Jullie moeten me helpen.
Laatste kans, bandieten. Wat weten jullie van Sneeuwwitje?
Zoek je Sneeuwwitje?
Ik ben hier.
Hierheen.
Nu. - Lopen.
Verspreiden.
Verspreiden. Vind ze. - Jawel, meneer.
Waar is mijn paard?
Wegwezen.
Je bent terug.
Voor als je prinsessengedrag krijgt.
Ik zei dat ik mee wilde doen.
En je meende het. - Ja.
Je blijft indruk maken. - Dank je.
Wat een compliment van zo'n crimineel brein als jij.
Kijk of ze weg zijn.
Het volk is vergeten hoe het was.
Ze haten de koningin, maar ze zijn ook bang.
Daarom vechten wij in je vaders naam.
Je ouders kenden geen angst.
En wij voelden ons moediger.
Ze gaven ons hoop.
We gaan door de vallei. En wis alle sporen uit.
Jonathan? - Wat was dat?
O nee...
We hebben een probleem, prinses. - Hij heeft een dokter nodig.
Doc is meer een bijnaam dan een titel.
Ik heb meer verstand van stollingsachtige, sedimentaire korrels.
Je weet wel, stenen.
Ik ben de rebel Quigg, meester van de kruisboog.
Ik beveel jullie hem te redden.
We moeten ons nog voorstellen. - Doc, nu even niet.
Hij is zwaar gewond. - Het zijn bandieten.
En wat dan nog? - Kom maar op.
Dit is precies wat de koningin wil.
Dat jullie ruziemaken en elkaar wantrouwen. Zo wint zij.
Ze wil iedereen laten geloven dat het ieder voor zich is.
Maar als...
we onze kleine bezittingen opgeven...
krijgen we wat ons allen toekomt.
Da's meer dan we ons kunnen voorstellen.
Dat vereist wel...
dat we in elkaar geloven.
Help hem.
Alsjeblieft.
Breng hem naar binnen.
Warme melk.
Dan slaap ik beter. - Dank je wel.
Ik gebruikte de hoogoven om het steen te snijden.
Daarna tot op de spleet geboord, en wat pap toegevoegd.
Een dosis acetum saturninum...
en zacht zwavelzuur.
Dat was...
Niet prettig. - Ik dacht dat ie dood was.
Dank je, Doc. - Tuurlijk.
Ik doe alles voor Sneeuwwitjes vriend.
Je hebt een vriend.
Nee...
Nee, ik had iedereen hierheen... - Precies.
Gewoon uit vriendelijkheid. - Heeft niks met jou te maken.
Raar. - O, wat mooi.
Weten jullie hoe laat het is?
Nee. - Hoe laat dan?
Tijd om te dansen.
Potje kaarten? - Nee, dank je.
Jij dan?
Jij en Maple kunnen goed dansen.
We zijn gewoon vrienden.
Ja... - Zoals jij en Jonathan.
Jonathan geeft alleen om zichzelf.
Ving ie daarom die pijl voor je op? - Wat?
We zagen het allemaal.
Die zelfzuchtige boef.
Hij redde je leven.
Ik dacht altijd dat de weg door het bos eenzaam was...
voor mij een donker bos met een zwarte nacht erboven...
en de wind waait weer maar nu ben ik niet bang meer...
want waar deze weg ook heen gaat...
ik ben niet meer alleen...
want het is hand in hand...
waar hij in is beland...
en ineens kwam de wereld tot leven...
en nu ben ik verdwaald...
maar ik vind het goed...
ik geef toe aan die gloed...
naïef, wat je zegt maar het gevoel is er echt...
dus geloof me nou...
en het heeft misschien...
iets te maken...
met jou...
ik dacht dat deze wereld voor altijd kapot was...
moordend en wreed het was iedereen voor zich...
maar het is wel een feit...
als wij samen zijn vertraagt de tijd...
en waar deze weg naartoe leidt...
ik loop nu niet langer alleen...
want het is hand in hand...
dat had ik nooit gepland...
en ineens kwam de wereld tot leven...
en wat ik zie staat me aan...
maar ik vind het goed...
ik wil zien wat het doet...
naïef, wat je zegt maar het gevoel is er echt...
dus geloof me nou...
en het heeft misschien...
iets te maken...
met jou...
misschien is het een droom...
maar ik wil dat het zo blijft, dus...
als die wereld bestaat...
waarin jij mij wakker maakt...
maak mij dan wakker...
met een kus...
het is hand in hand...
ik ben er beland...
misschien toch niet naïef...
dus blijf alsjeblieft...
want geloof me nou...
en het heeft misschien...
iets te maken...
het heeft alles te maken...
met jou
Hoi.
Soldaten. - O nee.
We moeten hier weg om de prinses te beschermen.
De wachters mogen dit niet vinden. - Ik ga mee.
Ze zijn op zoek naar jou. Ik ben over twee dagen terug.
Samen gaan we naar het zuiden...
om je vader te vinden.
Hier... Hij gaf me dit.
Het brengt geluk.
Dat kan ik niet aannemen. - Niet om te houden.
Maar zo weet ik dat je terugkomt.
Wie vecht er voor de koning?
Ik.
Kom op dan.
Oké, uit elkaar. We lokken de wachters hier weg.
Fijn dat we hier mochten zijn.
Hier.
Hierheen.
Je gaat 't echt doen, Johnny. Als een van de goeien.
Eerlijk, standvastig, trouw. Je bent een...
Idioot.
Ik ken jou.
O ja, die dame met die goede aardappels.
Waar is Sneeuwwitje? - Sneeuw-wie?
Je beschermt haar. - Geef antwoord.
Waar heb je hem gevonden? - In het bos.
400 meter ten zuiden van de kruiswegen.
U denkt dat u het opgelost hebt, maar echt...
u weet niet wat u te wachten staat. In tegenstelling tot u...
ken ik haar. - Je bedoelt 'kende'.
Ik denk dat Sneeuwwitje en ik...
moeten praten.
Verban ieder spoor van schoonheid...
maak me zo oud als mummiebloed...
doe je duistere heksenplicht...
lief vergif...
het moet...
een stem die kraakt als een deur...
een bochel en gerimpelde huid...
een witte knot...
je schrikt je rot...
voer mijn plan...
maar uit
Giftige appel. De slapende dood.
Antigif.
De ware liefdeskus.
Dat gaat niet werken.
Één hapje, sappig en rood en ze slaapt tot haar dood...
wie wil winnen duldt geen tegenstand...
liefste, alles is mooi...
voor de allermooiste...
in het land
Het bevalt me niets. Die wachters zoeken je.
We kunnen wel meegaan. - Moet je echt gaan?
Ik moet weten of mijn vader nog in leven is...
En als je 'm gevonden hebt, kom je weer terug.
Toch?
Ja. Dat beloof ik.
Oké.
Kom, mannen. We gaan.
Jonathan?
Pardon, liefje.
Laat ik je schrikken? - Nee, ik verwachtte iemand anders.
Kan ik u helpen?
Ik kan jou juist helpen. Ben jij Sneeuwwitje? Die prinses?
Wie bent u ook alweer? - Ik heb een boodschap.
Van Jonathan. - Jonathan?
Hij is gevangen genomen door de koningin.
Gevangen? Nee.
Hij gaf me deze ketting.
Jij zou weten wat het betekent.
Ik moet naar hem toe.
En het gevaar dan?
Je houdt van hem.
Nou, omdat liefde zo kostbaar is...
help ik je.
Hier.
Neem deze appel mee, voor onderweg.
Sneeuwwitje.
Ik weet nog hoe goed je vader voor zijn volk was.
Ik zie het als een eer iets terug te doen voor zijn dochter.
Ik kan niet veel geven...
maar deze appel geeft me het gevoel dat zijn geest hier is.
Kom op.
Dank u.
Voor hem, voor je vader.
Kom op. - Sneller.
Wat gebeurt er?
Dit is niet goed.
Ik heb je vader gekend.
Heel goed.
Wat bedoelt u? - Hij was een dwaas.
Jij. Jij bent 't.
Hem doden was echt zo makkelijk.
Zijn goedheid kostte hem zijn troon.
En het kost jou je leven.
Dus...
vertel eens, Sneeuwwitje...
wie is de mooiste in 't land?
Uw jaloerse hart kan nu rusten.
U, mijn koningin...
bent de mooiste in het land.
Leve de koningin.
De mooiste in het land.
Je doet het elke dag. Het is zinloos.
Vergeet 't maar.
Heb ik gedaan.
Ik was vergeten wat moed betekent, en hoop, maar toen...
ontmoette ik Sneeuwwitje.
Ze vocht voor ons. Met ons.
Toen ze eigenlijk moest vluchten.
Ze liet ons niet in de steek.
Dus ik laat haar...
niet in de steek.
Kom op. - Harder.
De geheime gang van de koningin is een mijl lang...
en daar staan paarden klaar.
Ik let hier wel op. Succes.
Het spijt me zo.
Sneeuwwitje?
Ze leeft.
Ze is er weer. - Een wonder.
Jonathan.
Wat?
Wat is er?
Mijn vader...
is er niet meer.
Vermoord door de koningin.
O jee...
Wat doen we nu?
Mijn vader zei me lang gelee...
ik doorstond een storm van sneeuw...
ik wil weten...
leeft dat meisje nog in mij?
Moeder, vader, komen niet terug...
ze lieten een wens voor me achter...
dit koninkrijk is mijn bestemming...
tijd om op te staan...
om te leiden...
het meisje te zijn dat ik altijd...
worden zou
Het is tijd.
Tijd?
Om ons koninkrijk te herstellen.
Het zal niet meevallen. Ze doet alles om ons tegen te houden.
Laat maar komen.
Zei hij... Was dat... - Stoetel?
Wij zijn niet bang. Niet meer.
Goed gezegd. - Dan ik ook niet.
Volg mij.
Naar de hoofdpoort.
Geen gefluister tot het water...
want jij bent alles...
wat je wenste en waar je op wachtte...
iemand die onbevreesd is...
en eerlijk...
moedig...
en oprecht
U was op zoek naar mij.
Volgens mij...
zocht jij naar mij.
Ga opzij.
Dit is mijn vaders huis.
U hebt hem gedood.
U hebt dit kasteel van ons gestolen.
En we willen het terug.
Mooi...
is ze, hè?
Delicaat, elegant, beeldschoon.
Je denkt dat je een bloem wilt.
Maar bloemen verwelken.
Een bloem houdt je niet veilig.
Die leidt geen leger, of een koninkrijk.
Een bloem geeft je nooit wat ik jullie kan geven.
Perfectie.
Macht.
Schoonheid.
Als je de troon wilt...
Hou vast.
Ze wachten.
Genoeg poppenkast.
Wachters, grijp haar.
Jij...
Het volk moet haar zien sterven.
Paul...
Je was een boer.
In het dal.
Je hebt een vrouw.
Eleanor.
Jullie hadden kersenbomen en het hele dorp kwam altijd kersen plukken.
Om ze te delen.
Matthew.
Jij was een bakker.
Net als je vader.
Mensen met honger waren welkom, ook al hadden ze geen cent.
Arthur. - Genoeg.
William.
Ik ken jullie nog. Jullie allemaal.
Genoeg, zei ik. - Er was een tijd van hoop.
Toen goede dingen gekoesterd werden.
Ik weet dat nog.
U ook?
Ik weet het nog.
Ik ook.
Ik ook.
Ik ook.
Ik ook.
Vertrek.
Nu, en kom nooit meer terug.
Ik ben de rebel Quigg, meester van de kruisboog.
Nee...
Dit kan niet waar zijn. Ik ben nog steeds de mooiste.
Befaamd is uw schoonheid. Maar die gaat niet verder dan de huid.
Bij Sneeuwwitje...
komt de schoonheid van binnenuit.
Mijn koningin, eindelijk ziet u nu...
dat zij altijd...
mooier is dan u.
Leugenaar.
Sneeuwwitje is mooier dan u.
Er was eens een vredig koninkrijk...
geregeerd door een deugdzame koningin...
die geloofde dat de schoonheid van haar land...
niet in stenen of juwelen zat...
maar in haar volk.
Ze regeerde met goedheid en liefde.
Ze was onbevreesd, eerlijk, moedig en oprecht.
En ze heette Sneeuwwitje.
Van de hoogste top...
tot onder de grond...
straalt het koninkrijk...
waar het zoetste fruit groeit...
want we planten het zaad...
zoals ons geleerd is...
en de overvloed groeit...
waar het goede bloeit...
van de hoogste berg...
in een gouden lucht...
waar het goede bloeit...
waar het goede bloeit
Vertaling: Richard Bovelander
Can't find what you're looking for?
Get subtitles in any language from opensubtitles.com, and translate them here.