All language subtitles for The Many Adventures of Winnie the Pooh (1977)

af Afrikaans
ak Akan
sq Albanian
am Amharic
ar Arabic Download
hy Armenian
az Azerbaijani
eu Basque
be Belarusian
bem Bemba
bn Bengali Download
bh Bihari
bs Bosnian
br Breton
bg Bulgarian
km Cambodian
ca Catalan
ceb Cebuano
chr Cherokee
ny Chichewa
zh-CN Chinese (Simplified) Download
zh-TW Chinese (Traditional) Download
co Corsican
hr Croatian
da Danish
en English Download
eo Esperanto
et Estonian
ee Ewe
fo Faroese
tl Filipino
fi Finnish
fr French Download
fy Frisian
gaa Ga
gl Galician
ka Georgian
de German
el Greek
gn Guarani
gu Gujarati
ht Haitian Creole
ha Hausa
haw Hawaiian
iw Hebrew Download
hi Hindi
hmn Hmong
hu Hungarian
is Icelandic
ig Igbo
id Indonesian
ia Interlingua
ga Irish
it Italian
ja Japanese
jw Javanese
kn Kannada
kk Kazakh
rw Kinyarwanda
rn Kirundi
kg Kongo
ko Korean
kri Krio (Sierra Leone)
ku Kurdish
ckb Kurdish (Soranî)
ky Kyrgyz
lo Laothian
la Latin
lv Latvian
ln Lingala
lt Lithuanian
loz Lozi
lg Luganda
ach Luo
lb Luxembourgish
mk Macedonian
mg Malagasy
ms Malay
ml Malayalam
mt Maltese
mi Maori
mr Marathi
mfe Mauritian Creole
mo Moldavian
mn Mongolian
my Myanmar (Burmese)
sr-ME Montenegrin
ne Nepali
pcm Nigerian Pidgin
nso Northern Sotho
no Norwegian
nn Norwegian (Nynorsk)
oc Occitan
or Oriya
om Oromo
ps Pashto
fa Persian
pl Polish
pt-BR Portuguese (Brazil)
pt Portuguese (Portugal)
pa Punjabi
qu Quechua
ro Romanian
rm Romansh
nyn Runyakitara
ru Russian
sm Samoan
gd Scots Gaelic
sr Serbian Download
sh Serbo-Croatian
st Sesotho
tn Setswana
crs Seychellois Creole
sn Shona
sd Sindhi
si Sinhalese Download
sk Slovak
sl Slovenian
so Somali
es Spanish
es-419 Spanish (Latin American)
su Sundanese
sw Swahili
sv Swedish
tg Tajik
ta Tamil
tt Tatar
te Telugu
ti Tigrinya
to Tonga
lua Tshiluba
tum Tumbuka
tr Turkish Download
tk Turkmen
tw Twi
ug Uighur
uk Ukrainian
ur Urdu
uz Uzbek
vi Vietnamese
cy Welsh
wo Wolof
xh Xhosa
yi Yiddish
yo Yoruba
zu Zulu

Original subtitles

Het grote verhaal van Winnie de Poeh

Dit is niet zomaar een jongenskamertje...

...maar het kamertje van Janneman Robinson.

Zoals alle jongetjes heeft ook hij speelgoedbeesten.

En ze leven allemaal in een wonderlijke fantasiewereld.

Maar zijn beste vriend is een beer. Winnie de Poeh.

Of gewoon Poeh.

Poeh beleefde altijd hele bijzondere avonturen.

En die speelden zich allemaal af in het Honderd Bunder Bos.

in het Honderd Bunder Bos

waar Janneman Robinson speelt

ligt de verrukkelijke wijk

van Jannemans jeugd

de ezel Iejoor is zijn vriend

en Kanga en kleine Roe

en Konijn en Knorretje

en Uil

maar zijn grootste vriend is Winnie de Poeh

Winnie de Poeh Winnie de Poeh

lekker mollig en gevuld met dons

dat is Winnie de Poeh

malle beer tegen wil en dank

Winnie de Poeh

lekker mollig en gevuld met dons

dat is Winnie de Poeh

malle beer tegen wil en dank

Winnie de Poeh woonde in het bos, onder de naam Sanders.

De naam stond in gouden letters boven de deur...

...en hij woonde eronder.

Toen Poeh zijn Poeh-koeksklok hoorde...

...wist hij dat het tijd was.

Maar hij was niet zo snugger.

Dus als hij nadacht, dacht hij zo bedachtzaam mogelijk.

Heb jij ergens aan gedacht?

Ik ook niet.

Denk... denk... denk...

Oh ja, tijd voor de gymnastiek.

op en neer

op en neer, tik aan de grond breng me in de stemming

op en neer, tik aan de grond breng me in de stemming

om te eten

ik ben rond en gezet en ik heb iets ontdekt

van die gymnastiek krijg ik altijd trek

Donzige deksels.

Dat is beter.

Waar was ik gebleven?

Oh ja, ik rammel van de honger. Tijd voor wat zoets.

ik ben kort en dik maar ik ben er trots op

dus op en neer, op en neer voor de lekkere trek

op en neer, tik aan die grond dan denk ik aan een hap

Zoals honing, melk en chocola.

met een gezonde trek ben ik een gezonde Poeh

met een gezonde trek is hij een gezonde Poeh

Drommels, weer leeg.

Alleen nog dat kleverige spul.

Dat gezoem betekent iets.

En de enige die reden heeft om te zoemen...

...moet een bij zijn.

En de enige reden om een bij te zijn, is om honing te maken.

Honing die ik dan lekker kan opeten.

Winnie de Poeh klom in de honingboom.

Hij klom en hij klom en hij klom.

En terwijl hij klom neuriede hij een liedje.

Dit is mijn rommelende maagje-lied.

Ja, en het ging zo.

mijn maagje rommelt zo

tijd voor een vroege lunch

ik zou nooit gaan klimmen als ik vliegen kon

maar dan zou ik geen beer zijn dus dan hoeft het ook niet

maar beren eten honing en ik ben een beer

dus daarom klim ik omhoog

want mijn maagje rommelt het is tijd voor

iets zoets

om te eten

Had ik maar... Wat ik eigenlijk wilde doen...

En dat komt allemaal omdat ik zoveel van honing hou.

Drommels.

Winnie de Poeh kroop uit het bosje en veegde de doornen van z'n neus.

En toen ging hij nadenken.

En hij dacht meteen aan... - Winnie de Poeh?

Janneman Robinson.

Janneman Robinson woonde in een ander deel van het grote bos.

Op een dag had Iejoor...

...die gevuld was met zaagsel, weer eens zijn staart verloren.

Iejoor, het doet geen pijn. - Dat doet 't nooit.

Zit je staart er weer netjes aan?

Doet er niet toe, hij valt er toch weer af.

Naar mijn smaak moet Iejoor's staart een fractie naar rechts.

Volgens mij zit hij een ietsiepietsie te veel naar 't...

Zuiden. - Nee, naar 't noorden, liefje.

Niet zo somber, Iejoor. Draai hem eens rond.

Hij doet het. - Hoera.

Veel staart is het niet, maar ik ben eraan gehecht.

Goedemorgen, Janneman Robinson. - Goedemorgen, Winnie de Poeh.

Goedemorgen, Poeh. - Als het een goede morgen is.

Wat is er, Poeh? - Ik vroeg mezelf af...

...of jij misschien...

...zoiets als...

...een ballon hebt.

Wat moet je met een ballon?

Honing. - Met een ballon vang je geen honing.

Ik wel. - Hoe dan?

Door te vliegen als een bij, is de honing voor mij.

Wacht 's even. Daar trappen de bijen nooit in.

Wacht maar 's af.

Zou je me nu even naar de modderpoel willen brengen?

Janneman Robinson bracht Winnie de Poeh naar de modderpoel.

En Poeh rolde erin tot hij helemaal zwart was.

Kijk eens.

Is dit geen slimme vermomming? - Wat ben je dan?

Een donkere regenwolk.

Malle ouwe beer.

Wil je me op de bijen richten?

Voorzichtig, Poeh. Hou je goed vast.

Vier... drie...

...twee... ��n...

ik ben een donkere regenwolk

en ik ga naar de honingboom

ik ben een donkere regenwolk

en let maar niet op mij

iedereen weet dat 'n regenwolk

geen honing eet, oh nee

zie je mij in de lucht wees dan maar beducht

want anders val ik neer

Janneman Robinson...

...volgens mij hebben de bijen me D-O-O-R.

Ze denken dat je hun honing wilt stelen.

Met bijen weet je 't nooit.

ik ben een donkere regenwolk

en ik ga naar de honingboom

Janneman Robinson...

...misschien helpt 't als jij een paraplu pakt en roept:

Oh-oh, het dreigt te gaan regenen. - Oh-oh, het dreigt te gaan regenen.

Oh-oh, het dreigt te gaan regenen.

Janneman Robinson, ik heb een conclusie getrokken.

Dit zijn de verkeerde bijen.

Pardon, bijen.

Janneman Robinson.

Drommels.

Ik ga vallen.

Ik vang je wel.

De bijen.

Help! Christopher!

Janneman Robinson, met bijen weet je het nooit.

Maar Poeh gaf het niet snel op.

Als hij aan honing dacht, hield hij daaraan vast.

Konijnen eten geen honing, op eentje na.

Konijn.

Ik mag Konijn graag omdat hij altijd korte zinnetjes zegt.

Zin om te lunchen? Help jezelf, Poeh.

Poeh? Lunch? Oh nee, niet weer.

Hemeltjelief.

Is er iemand thuis?

Ik zei: Is er iemand thuis?

Nee. - Drommels.

Is er helemaal niemand? - Niemand.

Er moet iemand zijn. Want iemand zei niemand.

Konijn, ben jij 't? - Nee.

Was dat niet Konijns stem? - Nee, dat was niet de bedoeling.

Hallo, Konijn. - Hallo, Poeh.

Wat een aangename verrassing. Zin om te lunchen?

Dank je, Konijn. - Help jezelf, Poeh.

Wil je gecondenseerde melk of honing op je brood?

Allebei. Maar ik hoef geen brood, alleen beleg.

Alsjeblieft.

Is er iets?

Ik had een ietsje meer verwacht.

Waarom niet de hele pot?

Dank je, Konijn.

En Poeh at en at...

...en at en at en at en at...

...en at...

...totdat hij ineens met kleverige stem zei:

Ik moet ervandoor. Dag, Konijn.

Weet je zeker dat je niet meer wilt?

Is er dan nog? - Nee.

Dat dacht ik al.

Oh, help. Ik zit klem.

Oh, hemeltjelief.

Dat komt omdat je te veel gegeten hebt.

Nee, dat komt omdat je voordeur te smal is.

Zinloos. Er is maar ��n oplossing. Ik ga Janneman Robinson halen.

Moedertjelief.

Daar hebben we Poeh. - Hallo, Uil.

Echt een dag om je met andermans zaken te bemoeien, he?

Zeg 's, zit je vast?

Nee, ik rust uit...

...ik denk na, ik neurie wat.

Ja, je zit vast.

Een bolle beer in een benarde positie.

Onwrikbaar klem.

Hier moet een expert bij komen.

Heeft iemand een expert nodig?

Ik sta niet in het telefoonboek.

Ik heet Govert en dit is m'n kaartje. Wat is het probleem?

De ingang van Konijns domicilie is versperd.

Hij zit verstopt.

En ik moet 'm uitgraven? - Precies.

Deze kant op, m'n beste.

Eerst moet die beer weg. Hij verspert het project.

Hij is het project.

Dat wordt diep graven.

Gevaar op instorting. Riskant.

Ik heb planken nodig. Da's drie dagen werk.

Drie dagen? En de lunch dan?

Oh, ik lunch altijd thuis. Maar dit wordt wel duur.

Hoeveel?

Prijs per uur, plus materiaal...

...plus overuren, plus tien procent.

Wat schat je? - Ik schat niks. Te riskant.

Wat een klap. - Goed idee. Met dynamiet.

Hoeveel? - Hoeveel? Een staaf of zeven.

Hoe hoog wordt de rekening?

Nee, niet op rekening. Alleen contant.

Ik kan niet blijven kleppen. Ik heb 't druk.

Ik hoor 't wel.

Je hebt mijn kaartje.

Hij is weg. - Hij staat niet in 't telefoonboek.

Daar ben ik al.

We komen eraan, Poeh. We halen je er wel uit.

Misschien.

Malle beer. Geef me je poot.

't Heeft geen zin. Ik zit vast.

Dan moeten we je maar terugduwen, Poeh.

Oh nee, dat niet. Oh, hemeltjelief.

Ik had hem er bijna doorheen. Het moet lukken.

Er is maar ��n oplossing.

Je moet eerst dun worden. - En hoe lang gaat dat duren?

Dagen, weken, maanden. Wie zal het weten?

Hemeltje, ik moet dus maanden tegen dat ding aankijken.

Ik maak er maar 't beste van.

Oh nee, nu zie ik hem weer. Dan draai ik 'm wel om.

Een lijst.

Heel mooi.

Nog wat kleur.

't Heeft alleen nog niet dat rustieke.

Kijk, een jachttrofee.

Ik heb een idee.

Ik word gekieteld.

Poeh, je verpest m'n eland.

Roe heeft iets voor je. - Bloemen.

Honingplantjes.

Die zijn niet om op te eten, maar om aan te ruiken.

Niet slecht. Best wel goed eigenlijk.

Oh nee. Niet doen.

Waarom heb ik die beer uitgenodigd voor de lunch?

Waarom?

Poeh zat met z'n achterste vast op bladzijde 28...

...en met z'n bovenlijf op bladzijde 30.

En beide einden moesten wachten.

Dag na dag.

Nacht na eenzame nacht.

Hoe zou het ontbijt eruitzien?

Ontbijt.

Een broodtrommel. - Nou en of.

Ik heb late dienst.

Tijd voor een late snack.

Ben jij niet die beer die klem zit?

Met dynamiet krijg ik je er wel uit.

Wat zit er in die broodtrommel?

Eens even kijken.

Een zomerpompoen.

Zalmsalade.

Pittige vla.

En honing. - Honing?

Oh nee.

Mag ik een piepklein likseltje?

Je moet 's wat aan dat spraakgebrek laten doen.

Dank je, Govert. - Oh nee.

Nee, je krijgt geen druppel.

Konijn, ik wilde alleen maar even proeven.

Ik proef wel voor je.

Die schavuit heeft mijn honing in beslag genomen.

Geef de beer geen eten.

Ik piep ervandoor. Ik sta niet in het telefoonboek.

En daar ben ik blij om.

Maar op een ochtend...

...toen Konijn dacht dat het nooit zou gebeuren, gebeurde het.

Hij bewoog. Janneman Ribonson. Mannejan Robinson.

Hij bewieg... hij bewoeg... Dit is de grote dag.

hoera voor jou - hoera voor mij

hoera, hoera straks is Poeh weer vrij

we gaan nu zien wat het dieet heeft gedaan voor Poeh

we zouden hem verlossen dus dat gaan we nu doen

met de hele kluit trekken we Poeh eruit

dus verder geen gezeur we openen Konijns deur

met duwen en sjorren

komt Poeh vrij zonder morren

we klaren het met z'n allen

want Poeh is afgevallen

duw... sjor...

duw... sjor...

duw... duw... duw...

Daar gaat ie. - Kolossale kokindjes.

Hij zeilt het boek uit. Sla snel de bladzijde om.

Weer vast. - We komen je helpen, Poeh.

Doe maar rustig aan.

beren houden van honing en ik ben een beer

tijd voor iets zoets

Het volgende hoofdstuk...

Ik ben nog niet klaar.

Poeh, je zit in het nieuwe hoofdstuk.

Wat gebeurt er met me?

Laten we eens gaan kijken.

Op 'n dag ging de oostenwind liggen en kwam de westenwind opzetten.

En dat had z'n gevolgen voor het Honderd Bunder Bos.

Op deze winderige dag ging Poeh naar z'n gedachtenhoek.

En onderweg neuriede ik een nieuw liedje.

En het gaat zo.

de wind waait erop los en de bomen gaan heen en weer

de bladeren ruisen dus we kunnen veilig zeggen

dat het uitdraait op een

het wordt zonder twijfel

een winderige dag vandaag

het draait vast uit

het wordt zonder twijfel

een winderige dag vandaag

Poeh's diepe-gedachten-hoek lag beschut...

...en hij probeerde heel diep na te denken.

Denk... denk... denk...

Denk... denk... denk...

Wat is er, jochie? Heb je hoofdpijn?

Nee, ik zit na te denken. - Oh ja? Waarover?

Drommels, nu weet ik 't niet meer.

Als ik jou was, zou ik ertussenuit piepen.

Waarom? - Omdat het waaibomendag is.

Waaibomendag?

Dan ga ik iedereen een vrolijke waaibomendag wensen.

Te beginnen met mijn grote vriend Knorretje.

Knorretje woonde midden in het bos, in een groot huis in een boom.

En Knorretje hield van dat huis.

Het is al heel lang in de familie. Het was van mijn grootvader.

Hier staat zijn naam nog. Max Doorrijhoog.

Dat staat er. Max Doorrijhoog.

Max Doorrijhoog?

En mijn oma noemde hem MD.

Dat is nog korter.

Op deze waaibomendag had iedereen last van de wind.

Jou ken ik.

Ik hou niet zo van bladeren die steeds komen aanwaaien.

Een vrolijk waaifeest, Knorretje. - Ik vind er niets vrolijks aan.

Waar ga je naartoe? - Dat vraag ik me ook af.

En wat ga je jezelf antwoorden?

Ik rafel uit.

Dat was op het nippertje.

Hou je goed vast. - Hemeltje. Oh, hemeltje.

Kijk, mama. Een vlieger.

Mijn hemel, dat is Knorretje.

Vrolijk waaifeest, Kanga en Roe.

Mag ik straks Knorretje oplaten? - Oh, hemeltje.

Zo, dat is overal tegen bestand.

Help me dan. Red me.

Vrolijk waaifeest, Iejoor. - Ik dank je wel.

Drommels.

Een heerlijke dag om te oogsten.

Vrolijk waaifeest, Konijn. - Stop, Poeh. Ga terug.

Dat mag hij de volgende keer weer doen.

Wie is dat? - Ik ben 't. Mag ik binnenkomen?

Iemand heeft Knorretje tegen mijn raam geplakt.

En Poeh ook. Wat een verrassing.

Kom binnen en maak het je...

...gemakkelijk.

Heb ik 't goed als ik zeg dat het buiten nogal winderig is?

Oh ja, het is buiten zeer winderig.

Oh ja, dat is ook zo. Vrolijk waaifeest, Uil.

M'n beste, ik zou het geen waaifeest willen noemen.

Het is meer een briesje. - Pardon, Uil... maar...

Zit er honing in die pot? - Ja zeker. Help jezelf.

Nee, dit is slechts een briesje, vergeleken met de storm van 1967.

Of was het 1976? Ach, wat doet 't ertoe.

Ik herinner me het nog goed. - Anders ik wel.

Mijn tante Clara ging op bezoek bij haar nicht.

Haar nicht bespeelde niet alleen zeer fraai het klokkenspel...

...maar ze zong ook in de Londense opera.

Van al dat gerepeteer werd tante zo nerveus...

...dat ze een zeemeeuwenei legde.

Oh, hemeltje-hemeltje.

Ik mag wel zeggen dat iemand...

Poeh, heb jij dat gedaan?

Ik geloof het niet.

Janneman Robinson ging meteen naar de plek des onheils.

Wat erg. Uil, ik denk niet dat we 't kunnen herstellen.

Als een huis er zo uitziet...

...moet je iets anders gaan zoeken. - Goed idee, Iejoor.

't Kan een paar dagen duren, maar ik vind iets nieuws.

Mooi, dan kan ik jullie vertellen over mijn oom Clyde, een kerkuil.

Maar wel een progressieve want hij werd verliefd op een kat.

Uil praatte van bladzijde 41 tot bladzijde 62...

...en op bladzijde 62 veranderde de winderige dag...

...in een winderige nacht. Voor Poeh werd het een enge nacht...

...vol met enge geluiden.

En ��n van die geluiden had nog nooit iemand gehoord.

Ben jij dat, Knorretje?

Vertel 't me morgen maar, Iejoor.

Kom binnen, Janneman Robinson.

En omdat Poeh niet al te snugger was...

...besloot hij het nieuwe geluid binnen te laten.

Hallo daar. Ik hoop dat er niemand is.

Hallo, ik ben Teigetje.

Je liet me schrikken.

Natuurlijk. Iedereen is bang voor Teigetjes.

Wie ben jij? - Ik ben Poeh.

Ah, Poeh. Natuurlijk.

Wat is een Poeh? - Daar zit je op.

Oh ja?

Nou, aangenaam. Teigetje is de naam.

T-korte ei-getje.

Teigetje. - Wat is een Teigetje?

Ah, hij vraagt erom.

een Teigetje is een heel mooi dier

een kop van rubber in de staart een veer

lekker stuiteren... altijd pret

maar 't mooiste is dat ik de enige Teigetje ben

En wat is dat dan? - H�, kijk nou eens.

Wat een vreemd schepsel.

Wat een gluiperige oogjes, en wat een centenbak.

En dan die belachelijke streepjespyjama.

Volgens mij is het een Teigetje. - Nee, ik ben de enige Teigetje.

Ik jaag 'm de strepen van z'n lijf.

Is ie weg?

Op zijn staart na. Hij is weg.

Kom maar tevoorschijn, Teigetje.

Hallo, ik ben Teigetje. - Dat heb je net al gezegd.

Ook dat ik honger heb?

Ik geloof het niet. - Ik heb honger.

Je wilt toch geen honing, he?

Honing?

Dat vinden Teigetjes het lekkerst. - Ik was er al bang voor.

Jakkes.

Teigetjes lusten geen honing. - Maar je zei dat...

Dat kleefspul is voor Huffels en Woezels.

Je bedoelt olifanten en wezels. - Ja, Huffels en Woezels.

En wat doen die Huff... Wat doen die?

Honing stelen. - Honing?

Ja zeker. Ik stuiter er maar weer eens vandoor.

Toedeloe.

een Teigetje is een heel mooi dier

een kop van rubber in de staart een veer

lekker stuiteren... altijd pret

maar 't mooiste is dat ik de enige Teigetje ben

Als Teigetje de waarheid spreekt...

...en Huffels en Woezels bestaan echt...

...dan was er maar ��n oplossing.

Maatregelen nemen om je honing zo goed mogelijk te bewaken.

Hallo, ik ben blij dat ik je zie.

Met z'n twee�n is het gezelliger.

Als jij die kant opgaat, ga ik die kant op.

Je hebt zeker niets gezien, he? Ik ook niet.

De winderige nacht veranderde in een regenachtige nacht.

En Poeh hield de wacht, uur na uur...

...na uur.

Maar uiteindelijk viel Poeh in slaap en begon te dromen.

huffels en woezels

huffels en woezels stelen honing

pas op... pas op...

ze hebben alle kleuren ze zijn overal

ver weg en dichtbij snel en slim

pas op, pas op

pas op, pas op, pas op

de huffel en woezel proberen je te verwarren

de huffel en woezel zijn heel erg slim

ze zijn meestal met z'n twee�n maar als ze willen

vermenigvuldigen ze zich waar je bij staat

ze zijn bijzonder dus pas op

want ze komen in alle soorten en maten

en wie van honing houdt krijgt het vast benauwd

want ze pakken het zo van je af

groen, blauw, roze, wit rond en vierkant, griezelig

ze leggen zichzelf in de knoop in strepen en stippen

pas op, pas op, pas op, beer

ze zijn bijzonder dus pas op

want ze komen in alle soorten en maten

wie van honing houdt krijgt het vast benauwd

want ze pakken het zo van je af

ze hebben alle kleuren ze zijn overal

ver weg en dichtbij snel en slim

pas op, pas op, pas op

Regent het bij jou? Hier ook.

Het regende in het hele Honderd Bunder Bos.

Er was onweer op bladzijde 71 ...

...en op bladzijde 73 was sprake van een wolkbreuk.

Het regende en het regende en het regende.

de regen daalde neer in stromende beken

de rivier trad buiten z'n oevers en stroomde bij Knorretje binnen

arme Knorretje, wat was hij bang

en in zijn wanhoop schreef hij toen een brief

Help... Knorretje... Mij...

hij stopte hem in een fles en wierp die toen naar buiten

en de regen daalde neer en Knorretje begon te hozen

hij wist niet dat hij met zijn stoel naar buiten dreef

en de regen daalde neer het werd een overstroming

en Poeh die dacht

Ik moet mijn eten redden.

hij redde tien potten honing

maar terwijl hij zijn eten tot zich nam

nam de rivier Poeh tot zich

en het bruisende en kolkende water nam hem mee in zijn honingpotkano

Het Honderd Bunder Bos stond onder water.

Behalve bij Janneman Robinson. Dus daar ging iedereen naartoe.

Het was een spannende tijd. En in dat noodweer...

...zocht Iejoor nog steeds naar een huis voor Uil.

Dat is wel wat.

Gezellig huisje, leuke lokatie.

Maar wel een beetje vochtig.

Intussen had Roe iets belangrijks gevonden.

Ik heb een fles gered, en er zit wat in.

Een boodschap. Er staat:

Help... Knorretje... Mij.

Uil, vlieg naar Knorretjes huis en zeg dat we hem komen redden.

Redden? Ja, natuurlijk.

Uil vloog over het water en toen zag hij ineens twee stipjes.

Het ene was Knorretje, gevangen in een draaikolk...

...en het andere was Poeh, bezig met de laatste honing.

Uil, ik wil niet klagen, maar ik ben zo vreselijk bang.

Kom op, Knorretje. Hoofd omhoog.

De reddingsploeg is onderweg. Houd moed, Knorretje.

Dat valt niet mee als je zo klein bent.

Om je af te leiden, zal ik je een kostelijke anekdote vertellen.

Het gaat over een verre neef van me die zo bang was...

Pardon, Uil... maar we naderen een vaterwal...

...een waterval. - Wil je me niet onderbreken.

Daar ben je, Poeh. Waar was ik gebleven?

Daar is Poeh. Hierheen, Poeh.

Hallo, Janneman Robinson. - Gelukkig, je bent gered.

Heb je Knorretje gezien? - Pardon, ik wel.

Ik bedoel: Hier ben ik.

Poeh, je hebt Knorretje gered. - Echt?

Ja, en dat was heel dapper van je. - Echt waar?

Je bent een held. - Echt?

Zodra het water gezakt is, geef ik 'n groot feest.

Attentie, allemaal. Dit is een heldenfeest...

...omdat iemand iets gedaan heeft. En die iemand is...

Gevonden. - Wat, Iejoor?

Een huis voor Uil. - Grote klasse, Iejoor.

Wat fantastisch. Waar staat 't?

Volg me maar, dan laat ik 't jullie zien.

Ze volgden Iejoor en tot hun stomme verbazing...

...stopte Iejoor voor... - Het huis van Knorretje?

Waarom stoppen we hier, Iejoor?

Dit is het nieuwe huis voor Uil. - De hemel zij me genadig.

En mij ook. - De naam staat er al op.

U-I-L... Uil.

Dat is nog waar ook. - Wat vind je ervan?

Het is een mooi huis, Iejoor...

Het is een enig huis, Iejoor...

Het beste huis ter wereld.

Zeg nou dat 't jouw huis is. - Nee, Poeh.

Dit is het huis van onze grote vriend...

...Uil.

Maar Knorretje, waar moet jij dan wonen?

Ik ga wel wonen in...

Ik ga wel wonen bij...

Mij. Je komt bij mij wonen, he?

Bij jou?

Dank je wel, Poeh. Natuurlijk.

Knorretje, dat was erg mooi van je. - Je bent een held.

Janneman Robinson, kun je er een heldenfeest voor twee van maken?

Natuurlijk kan dat. Malle ouwe beer.

En zo werd Knorretje ook 'n held...

...omdat hij zijn huis had afgestaan aan Uil.

nimmer vergeten wij onze helden

onze slimme, drijvende Poeh

en Knorretje, die een vriend in nood hielp

zij zijn ware helden en daarom zingen wij

hiep, hiep, hoera voor Knorretje en Poeh

Wat is dat allemaal voor gezang en gestamp?

hiep, hiep, hoera voor Winnie de Poeh

en voor Knorretje

Ik hou wel van stuiteren. Leuk he, Knorretje?

Ja, en helemaal als ze ophouden.

In het volgende hoofdstuk wordt nog meer gestuiterd.

Echt waar?

Er schiet me iets te binnen dat ik gisteren vergeten was...

...en waar ik morgen geen tijd voor heb...

...dus ik ga gauw terug om het nu te doen.

Dag, Poeh.

Dag, Knorretje.

Gaat het volgende hoofdstuk alleen over mij?

Nee, over Teigetje. - Drommels.

Maar jij doet er wel in mee. - Mooi. Wat doe ik dan?

Jij zit in je diepe-gedachten-hoek...

...na te denken.

Denk... denk... denk...

En terwijl hij nadacht...

Ik ben Teigetje. T-korte ei-getje. Teigetje.

Ik weet het.

Je bent al eerder op me gestuiterd. - Oh ja?

Oh ja, nu herken ik je. Jij bent gevuld met dons.

En daar zit je nu op. - Ja, lekker zacht.

Maar ik moet weer verder. Ik moet stuiteren.

TDL... toedeloe.

En daar ging Teigetje. Om plotseling weer tevoorschijn te stuiteren.

Dag, Knorretje. Ik ben Teigetje.

Teigetje, je liet me schrikken. - Vervelend.

Het was maar een klein stuitje.

Echt waar? Dank je, Teigetje.

Mijn hoogste stuit bewaar ik voor dat beest met die lange oren.

Zo, dat is klaar.

Dag, Konijn. Ik ben Teigetje.

T-korte ei... - Nee, niet je naam spellen.

Hemeltje, kijk nou eens naar mijn mooie tuin.

Ja, rommelig, he?

Rommelig? Je hebt 'm verwoest, Teigetje.

Hou toch eens op met stuiteren.

Maar daar zijn Teigetjes goed in.

een Teigetje is een heel mooi dier

een kop van rubber in de staart een veer

lekker stuiteren... altijd pret

maar het mooiste is dat ik de enige Teigetje ben

Stilte in de zaal.

Ik vind dat Teigetje te veel stuitert. We moeten hem een lesje leren.

Hoe aardig we hem ook vinden, hij stuitert gewoon te veel.

Pardon, Konijn. Maar misschien kunnen we hem 'ontstuiteren'.

Dat lijkt me een goed idee.

Inderdaad, mijn idee. Wat vind jij, Poeh?

Heb je niet naar Konijn geluisterd?

Jawel, maar ik had een stukje dons in mijn oor.

Kun je 't nog een keer herhalen? - Vanaf waar?

Vanaf het moment dat ik dat dons in m'n oor kreeg.

Wanneer was dat? - Geen idee, ik verstond je niet.

Poeh, we proberen Teigetje wat minder te laten stuiteren.

Ik heb een goed idee.

We nemen hem mee...

...naar een onbekende plek.

En daar verdwaalt hij. - Verdwalen?

Tot de volgende morgen. En dan is hij een stuk nederiger.

Een klein, zielig Teigetje. En dan omhelst ie ons.

Dan stopt hij wel met stuiteren. Wie voor is steekt z'n hand op.

Heel goed. Motie aangenomen.

Ze zouden het de volgende morgen gaan doen...

...toen het koud en mistig bleek te zijn.

Poeh had zoals gewoonlijk mondvoorraad meegebracht.

En toen Teigetje steeds verder de mist in stuiterde...

...leek Konijn het juiste moment aangebroken.

Dit is onze kans. Vlug, verstoppen.

Is Teigetje nu verdwaald? - Dat is ie zeker, Knorretje.

Tjonge, wat leuk.

Mijn plan is gelukt. Kom, we gaan naar huis.

Tijd om te lunchen.

Verstop je.

Wat vreemd. Ze zijn zeker verdwaald.

H� jongens, waar zijn jullie?

Sssst. - Ik ben sssst.

Waar zitten jullie?

Konijn! Knorretje! Waar zijn jullie?

Hoera. Het is gelukt.

Kom, vlug naar huis.

Konijn wist zeker dat alles volgens zijn plan zou lopen.

Maar een tijdje later, op bladzijde 123...

Vreemd hoor. In de mist lijkt alles op elkaar.

Ja, dat is dezelfde zandkuil. - Volgens mij ook, Poeh.

Gelukkig ken ik 't bos heel goed, anders zouden we verdwalen.

Volg mij maar.

Poeh was 't zat steeds diezelfde zandkuil te zien.

Hij dacht dat de kuil hen volgde.

Want welke kant ze ook opliepen...

...ze eindigden altijd bij de kuil.

Konijn...

Ik heb een idee. Zodra we de zandkuil niet meer zien...

...gaan we ernaar op zoek. - Wat heeft dat voor nut?

Nou, we zijn op zoek naar huis maar komen steeds bij die kuil uit.

Dus als we die kuil gaan zoeken, komen we misschien bij huis uit.

Daar geloof ik niet in. Als ik nu wegloop...

...dan kan ik deze kuil zo weer terugvinden.

Let maar op.

Poeh en Knorretje wachtten in de mist op Konijn.

En ze wachtten en wachtten...

...en wachtten.

En Poeh dacht alsmaar aan zijn potten honing thuis.

Wat was dat, Poeh? - Mijn maag rommelde.

Kom, we gaan naar huis. - Maar weet jij dan de weg?

Nee, maar er staan twaalf potten honing in m'n keukenkastje...

...en die roepen mijn buikje. - Oh ja?

Ik hoorde 't eerst niet omdat Konijn zo kletste...

...maar nu weet ik waar het vandaan komt.

Kom, we volgen mijn maag.

Ze gingen op weg.

Knorretje hield z'n mond want hij wilde de honingpotten niet storen.

En naarmate de mist dunner werd...

...en Knorretje een idee kreeg waar hij was...

Hallo, jongens. Waar waren jullie?

We zochten de weg terug naar huis.

Konijns fantastische idee was geen succes.

Waar is langoor eigenlijk? - Die wordt vermist in de mist.

Oh, die stuiter ik wel weer terug.

TDL... toedeloe.

Intussen dwaalde Konijn nog steeds in de mist.

Hij was hopeloos verdwaald.

Erger nog, hij begon dingen te zien en te horen.

Wat is dat?

Teigetje? Maar jij was toch verdwaald?

Teigetje verdwaalt nooit.

Verdwaalt nooit? - Natuurlijk niet.

Kom, Konijn. We gaan naar huis.

En daar gingen ze. Konijn was een zielig konijn geworden.

Een verloren konijn.

Waarom overkomen die dingen hem altijd?

In het volgende hoofdstuk ligt het bos onder een dik pak sneeuw...

...en leert Teigetje dat te veel stuiteren niet goed is.

Roe zou die dag samen met Teigetje gaan spelen.

Mama, wanneer komt Teigetje nou?

Een beetje geduld, schat. Hij komt zo.

Hier ben ik. Heb ik je verrast?

Ja zeker. En ik hou van verrassingen.

Dag, mevrouw Kanga. - Dag, Teigetjelief.

Ze vindt me lief.

Roe, ga je mee stuiteren? - Ja, wij kunnen goed stuiteren.

Ogenblikje. Blijf staan. Hemeltje, wat ben je stuiterig.

Daar zijn Roetjes het beste in.

Hou je sjaal om. - Niet zo strak.

Is je trui warm genoeg? - Ja, moeder.

Kom, Roe.

Zorg dat Roe op tijd terug is. En wees voorzichtig.

Geen zorgen, mevrouw Kanga. Ik zorg goed voor onze dreumes.

Wat een heerlijke dag. Lekker rustig.

En gelukkig geen Teigetje.

Kijk nou eens, daar hebben we langoor.

Kan Teigetje net zo elegant schaatsen als meneer Konijn?

Of ik kan schaatsen? Dat is mijn specialiteit.

H�, da's een makkie.

Oh nee. - Kijk uit.

Waarom moet hij mij altijd hebben? Waarom toch?

Teigetje, gaat het?

Jakkes. Teigetjes houden niet van schaatsen.

Teigetje en Roe gingen op zoek naar iets waar Teigetjes goed in zijn.

Jij kan vast heel goed bomen klimmen, he?

Bomen klimmen? Dat is onze specialiteit.

Maar Teigetjes klimmen niet, ze stuiteren. Kom mee.

Ik stuiterde bijna het boek uit. Wat een stuit, he?

Waarom is deze boom zo hoog?

Wat gebeurt er? - Schommelen ligt in mijn aard.

En het liefst aan Teigetjes staart.

Hou daarmee op.

Stop nou. Het bos gaat heen en weer.

Wat is er, Teigetje?

Gelukkig, ik werd zeeziek...

...omdat ik te veel dingen zag.

We laten Teigetje even alleen in die boomtop...

...want op de volgende bladzijde...

...heeft Poeh een probleem.

Wat doe je, Poeh?

Ik ben iets op het spoor. - Wat dan?

Dat vroeg ik mezelf ook al af.

En wat is je antwoord?

Dat weet ik pas als ik het gevonden heb.

Poeh, voor een niet zo snuggere beer ben je best wel slim.

Wat nu weer? - Dit is zeer mysterieus.

Nieuwe sporen.

Daar leek 't wel op. De sporen kwamen tezamen...

...en liepen door elkaar heen.

Maar Poeh zag vier soorten sporen.

Dat ding dat deze sporen heeft gemaakt...

...heeft gezelschap gekregen van nog zo'n ding.

Ja, en ze lopen in een groep.

Knorretje, daar ben ik niet op voorbereid.

Ik ook niet.

Ze werden wel een beetje bang...

...want misschien waren het wel boosaardige beesten.

Kijk, Knorretje. Daar zit wat in die boom.

Is het ��n van die enge dieren?

Ja, een jagular.

Wat doen jagulars, Poeh?

Jagulars roepen hallo...

...en als je omhoogkijkt, springen ze op je.

Ik kijk wel naar beneden.

Teigetje, daar heb je Poeh en Knorretje.

Het zijn Teigetje en Roe maar.

Dag, Roe. Wat doen jij en Teigetje in die boom?

Met mij gaat het goed maar Teigetje zit vast.

Help me dan. Haal Janneman Robinson.

En zo hoorde Janneman Robinson dat Teigetje in de problemen zat.

Dag, Poeh. Dag, Knorretje. Wat is er aan de hand?

Teigetje en Roe zitten in de boom. - Hemeltje. Roe, hoe kom je daar?

We zijn erin gestuiterd, mama.

Hemeltje. Wees voorzichtig.

Met mij gaat het best, maar Teigetje zit vast.

Wat naar. Wat vreselijk.

Nee, wat goed. Nu kan hij niet meer op ons stuiteren.

We moeten hem bevrijden.

Bevrijden? Moet dat echt? - Kom op, allemaal.

Hou mijn jas vast. Jij eerst, Roe. Springen.

Niet te hard, liefje.

Gelukkig. - Dat was leuk.

Het doet geen pijn, Teigetje. Springen.

Nu jij, Teigetje. Springen. - Springen?

Teigetjes springen niet, die stuiteren.

Stuiter dan naar beneden. - Teigetjes stuiteren alleen omhoog.

Klim dan naar beneden.

Dat kunnen Teigetjes niet. Hun staart zit in de weg.

Hoera, als hij niet naar beneden kan moet hij voor altijd boven blijven.

Voor altijd? Ik beloof jullie dat ik nooit meer zal stuiteren.

Dat heb ik gehoord. Een belofte. Heb je 't ook gehoord?

Ik heb het gehoord. Jij toch ook?

Dat stuiteren heeft je echt in de problemen gebracht.

Wie ben jij? - De verteller.

In hemelsnaam, vertel me naar beneden.

Goed, hou je vast.

Laat maar los, Teigetje.

Nooit.

Kijk dan, er kan je niets gebeuren.

Wat zei ik je? Kom, naar beneden.

Oh, vaste grond.

Ik kan wel stuiteren van plezier.

Je hebt iets beloofd.

Dat is zo, he? Mag ik nu nooit meer stuiteren?

Nooit meer. - Nooit meer?

Ook niet af en toe een klein stuitje?

Nog geen huppeltje.

De stakker. Wat vreselijk.

Janneman Robinson, ik vond de ouwe Teigetje veel leuker.

Ik ook, Roe.

En ik ook. - Ik ook.

Iedereen toch? Nietwaar, Konijn?

Nou, Konijn?

Ik bedoel...

Ok�, ik zie ook liever de oude Teigetje.

Tjonge. Dus ik mag weer stuiteren?

Kom Konijn, we gaan stuiteren. - Stuiteren? Ik?

Je hebt de voeten ervoor.

Oh ja? - Ja, probeer het eens.

Dan voel je je groots.

Het is waar.

Kom op, mensen. Stuiteren.

een Teigetje is een heel mooi dier

een kop van rubber in de staart een veer

lekker stuiteren... altijd pret

maar het mooiste is dat ik de enige Teigetje ben

Het laatste hoofdstuk. Janneman Robinson en Poeh...

...zijn op het mooiste plekje en wij nemen afscheid.

Nee, kunnen we niet gewoon van voren af aan beginnen?

Sorry, maar alle verhalen hebben een eind.

Drommels.

Ja, de tijd was aangebroken dat Janneman Robinson naar school moest.

Niemand in het bos wist waar hij naartoe zou gaan.

Ze wisten alleen dat het iets te maken had met sommen...

...en het alfabet...

...en waar Brazili� ligt.

Poeh, wat vind jij het allerleukste om te doen?

Dat is als ik bij jou op bezoek kom en jij dan vraagt:

Heb je trek in honing?

Dat vind ik ook leuk. Maar ik doe het liefste niets.

Hoe doe je niets?

Als een volwassene vraagt: Wat ga je vandaag doen?

En dan zeg jij: Niets. En dat ga je dan doen.

Laten we dat altijd gaan doen.

Maar weet je, ik ga niet meer alleen maar niets doen.

Nooit meer? - Nee, dat niet.

Poeh, als ik straks weg ben, kom je dan nog hier?

Alleen? Alleen ik?

Ja, en beloof je dat je me nooit zult vergeten?

Dat beloof ik, Christopher. - Ook als ik honderd ben?

Hoe oud ben ik dan? - 99.

Malle ouwe beer.

Daar gaan ze. En wat er ook met ze gebeurt...

...in hun mooie plek in het bos...

...zal een klein beertje altijd op ze wachten.

EINDE

Gedownload van www.nlondertitels.com

Can't find what you're looking for?
Get subtitles in any language from opensubtitles.com, and translate them here.